Tagarchief: Rijn

De visionaire ervaring van Hildegard van Bingen

Standaard

categorie : Hildegard van Bingen

 

 

 

 

.

 

ac18a38cac095545fd0bb6dfb19413f3

 

.

 

 

De beste samenvatting van de betekenis der miniaturen van SCIVIAS is:

Visionaire ervaring van het christen zijn.

 

.

 

 

De ervaring van Hildegard

 

 “De kracht en het mysterie van verborgen en wonderbare gezichten ondervind ik in mijn binnenste, reeds vanaf mijn kinderjaren, om precies te zijn vanaf mijn vijfde levensjaar, en ik ondervind ze nu nog (Hildegardis was, toen ze dit schreef, ongeveer 45 jaar). Hier sprak ik met niemand over, tot de tijd dat mij werd opgedragen dit alles te openbaren.

Deze gezichten die ik schouw, ontvang ik niet in droomtoestanden tijdens de slaap of in geestesgestoordheid, niet met de ogen van mijn lichaam of mijn uitwendige oren. Ik krijg ze ook niet op afgelegen plaatsen, maar wakend, heel bewust en met heldere geest, met ogen en oren van de innerlijke mens, en op voor iedereen toegankelijke plaatsen, al naar gelang God het wil.

Hoe dit allemaal gebeurt, is voor een aan het lichaam gebonden mens moeilijk te vatten. Toen ik drie en veertig jaar was zag ik een hemels gezicht. Ik zag een groot licht en een hemelse stem klonk daaruit en gaf mij deze boodschap: Maak de wonderen bekend welke ge ervaart. Schrijf ze op en spreek.”

 

Bij deze visioenbeschrijvingen kan men twee aspecten ontdekken:

de persoonlijke ervaring van de ziener en de poging om deze persoonlijke

ervaring aan anderen duidelijk te maken.

 

Alle teksten over ware visioenen zowel in de Bijbel als in de mystieke litteratuur vertonen gelijkenissen: kortheid, oproep, een omschrijving van het goddelijke en een gesprek. Maar men ontdekt bij iedere ziener individuele bijzonderheden.

In de visioenen van Hildegardis wordt op de eerste plaats gesproken van een hemels gezicht, dat onverwachts als een vurige bliksemstraal bezit neemt van haar hoofd, hart en zinnen, waardoor zij zich niet gekwetst weet, maar in haar totaliteit verwarmd voelt:

“Toen ontsloot zich voor mij plotseling de diepste zin van de H. Schrift, die van de psalmen zowel als die van het evangelie en ook die van de overige Katholieke Boeken van het Oude en Nieuwe Verbond.”

Zij noemt eerst de psalmen noemt waarin zij heel het Oude Testament samengevat weet en deze als voorbereiding ziet op de boodschap van het evangelie. “Maar,” voegt zij er toch heel nuchter aan toe,

“de tekst van die Bijbel, de taalregels en het schrijven zelf, daarvan leerde ik in dat hemelse gezicht niets.”

Hier maakt Hildegardis zelf een heel scherp onderscheid tussen de eigenlijke mystieke ervaring met God en de moeite welke zij zich daarna moet geven, om die ervaring onder woorden te brengen. Bij de visioenen is er sprake van een onmiddellijk kennen en een kennen waaruit de zieneres nadenken moet om ons die kennis proberen mede te delen.

De grote geopenbaarde geloofswaarheden zijn voor haar geloofswijsheid geworden, een weten tot in de diepste grond van haar bewustzijn. Maar wil zij ons die wijsheid meedelen, dan is zij gedwongen te putten uit haar geheugen, fantasie, onderbewustzijn en haar parapsychologisch vermogen.

Ieder van deze termen is bij Hildegardis’ werk verantwoord. Eerst roept zij haar geheugen te hulp: alles wat zij in haar jeugd tot haar vijfde jaar heeft meegemaakt in het ouderlijk huis, waarschijnlijk een ridderburcht. Dan wat zij beleefd heeft in de kluis van Zuster Jutta, haar tante. Vervolgens wat Hildegard meemaakte in de kluizenaressengemeenschap, waar zij tenslotte op 36 jarige leeftijd tot magistra gekozen werd. Zij put verder uit haar fantasie, waarin zij haar creatieve persoonlijkheid uitleefde, wat op latere leeftijd vruchten opleverde van poëtische en muzikale aard. Zeker werd haar verbeelding ook gevoed door haar onderbewustzijn. De erfenis van eeuwenoude verhalen en bijgelovige verklaringen van de raadsels der natuur.

 

.

 

Museum - Hildegard von Bingen

Museum – Hildegard von Bingen

 

 

Tenslotte is het bekend dat Hildegardis zeer merkwaardige parapsychologische vermogens bezat. Daarmee was zijzelf zozeer vertrouwd, dat zij er geen erg in had dat anderen die vermogens niet bezaten. De 35 miniaturen van Scivias zijn gemaakt naast de tekst van zesentwintig visioenen. Tekst en miniatuur steunen elkaar om de boodschap over te brengen die Hildegardis aan de mensen van haar tijd wilde mededelen. Onder de mensen van haar tijd dienen we vooral te denken aan clerici.

Al haar geschriften staan vol van verwijten en vermaningen gericht tot de hogere en lagere geestelijkheid en vervolgens tot hen die de wereldlijke bestuursmacht uitoefenen. In feite richt zij zich op de manier van de profeten van het Oude Verbond tot allen die een verantwoordelijkheid dragen. Zij denkt sterk hiërarchisch, maar niet zo, alsof de hiërarchie de kerk zou uitmaken.

We zullen dat duidelijk zien in het derde boek van Scivias, waar de opbouw van de kerk in de loop der geschiedenis wordt uitgelegd in beelden van een stadsbouw. De hiërarchie van het Oude- en Nieuwe Testament vormt daarvan wel de muren en de torens, maar het gaat voornamelijk om de grote massa van gelovigen, die samen de bouwstenen van het uiteindelijke kerkgebouw uitmaken.

Tijdens haar leven heeft zij enorme indruk gemaakt en werd zij ‘het orakel’ en de ‘profetes’ genoemd. Zuster Adelgundis Führkotter zegt in haar inleiding van Scivias:

“Van verre togen mensen van alle rangen en standen, leken en geestelijken, bisschoppen en monniken, zieken, gezonden of noodlijdenden naar het klooster op de Rupertusberg bij Bingen aan de Rijn, om haar raad in te winnen en hulp en troost te vinden. De briefwisseling die zij met de groten van de Kerk en het Rijk voerde, verspreidde zich over een gebied dat zich over vrijwel het gehele avondland uitstrekte: van Denemarken over Engeland en de Nederlanden naar Frankrijk en ltalië en tot in Griekenland.”

Dit was allemaal het gevolg van het boek Scivias in het jaar 1151, waaraan zij in latere jaren nog twee theologisch-wijsgerige werken toevoegde. Verder bestaan er van haar hand natuur- en geneeskundige verhandelingen en zij componeerde bovendien melodieën bij zelf-gedichte teksten. Al deze geschriften en brieven zijn tot op onze dagen bewaard gebleven in enkele manuscripten, die kort na haar dood door haar geestelijke dochters in enkele grote codices zijn bijeengebracht in het scriptorium van de Rupertusberg.

Van het boek Scivias bleven tot op heden negen manuscripten uit de 12e en 13e eeuw bewaard. De miniaturen behoren bij de tekst van Scivias. Deze miniaturen staan in de zogenaamde prachtcodex van Rupertusberg en zij zijn onder toezicht van Hildegardis zelf vervaardigd.

Volgens de monialen van Eibingen zouden de miniaturen door wel zeven verschillende monniken-kunstenaars ontworpen en geschilderd zijn. Toch is er, dank zij de regie van de heilige Hildegardis, een gesloten eenheid tot stand gekomen. Waarop nu de overtuiging steunt, dat deze verluchtingen door mannelijke miniaturisten tot stand zou zijn gekomen, is mij niet bekend. Men denkt aan monniken uit de abdij van H.H. Eucharius en Matthias te Trier. Het programma van het beeldhouwwerk en de ramen der kathedralen was volkomen afgestemd op de traditionele verkondiging van de Bijbel.

Iedereen kende de symbolen waarmede God, zijn heilswerk en de overbekende heiligen van het Oude en Nieuwe Testament werden afgebeeld. Een eenvoudige gelovige van die tijd kon de ramen van onder naar boven lezen als was het een boek. Zulke ramen kregen dan ook de naam van Biblia Pauperum. Maar de miniaturen bij Scivias bezitten naast de traditionele symbolen en beeldvormen ook verschillende volkomen nieuwe motieven.

Deze motieven zijn ingegeven door Hildegardis zelf en ze zijn belangrijk zijn om de oorspronkelijkheid en eigenheid van Hildegardis’ visioenen en boodschap te ontdekken.

De samenvattende zin van deze boodschap is :

 

‘het verleden, heden en toekomst van het Verlossingswerk’.  

“een eeuwigheidsdrama dat bij God begint en bij Hem eindigt en

waarbij Christus volledig in het middelpunt staat”.

 

 

Scivias bestaat uit drie boeken, wij zouden zeggen drie delen of drie hoofdstukken.

Eerste boek: Val van de mens en de gevolgen daarvan.

Tweede boek: De sacramentenleer.

Derde boek: Het bovennatuurlijke leven van de Kerk met als slot de uiteindelijke voltooiing na de Antichrist en de scheiding in hemel en hel.

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

 

Advertenties

De Agaat

Standaard

categorie : sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Agaat is een grotendeels fijnkristallijne doorzichtige, maar soms ook opake variëteit van kwarts en een subva-riëteit van chalcedoon. De chemische structuur van agaat is identiek aan jaspis, vuursteen, hoornkiezel en agaat wordt vaak samen met opaal gevonden. Agaat bestaat vooral uit vervlochten kristallen kwarts en moganiet (beide kwarts, maar met een andere kristalstructuur, respectievelijk trigonaal en monoklien). Een agaat heeft vaak een parallelle bandering (of concentrische dunne lijnen).

In het algemeen zijn agaten samengesteld uit chalcedoon (een zeer fijnvezelige vorm van kwarts), soms in com-binatie met één of meer grofkristallijne varianten van kwarts, zoals amethist, rookkwarts, gecombineerd met car-neool en/of jaspis. Ook komen de mineralen calciet (calciumcarbonaat) en celadoniet (een bleekgroen mineraal behorend tot de chlorietgroep) voor.

Karakteristiek voor agaten is de groene buitenkant, ook wel huid genoemd, rond de binnenste blaas. Die minerale huid bestaat uit één of meer silicaatmineralen, zoals celadoniet, chloriet en saponiet. Agaten worden gevormd in gesteente waarin zich blazen, scheuren of spleten bevinden, zoals in het vulkanisch gesteente andesiet en in ba-salt. De in scheuren of spleten gevormde agaat wordt aderagaat of nerf-agaat genoemd. Agaten komen ook voor in sedimentgesteenten of afzettingsgesteenten en – eenmaal losgemaakt uit de matrix – als zwerfsteen.

Sommige agaten tonen een structuur alsof materiaal naar buiten is geperst, via een kanaal of een ontsnappings-tuit. Hoe exact agaten worden gevormd is nog steeds een raadsel. Mogelijk ontstaan agaten uit zeer dicht gelei-achtig silicaat in een afgesloten kleine ruimte, onder hoge druk. De kleurrijke, gestreepte exemplaren worden ge-bruikt als halfedelsteen. De naam agaat komt van het Griekse Ἀχάτης, Achatès, de naam van de huidige rivier de Dirillo in het zuiden van Sicilië, waar agaten en andere chalcedonen gevonden werden. Agaat wordt wel gebruikt om bladgoud bij boekversiering te polijsten.

 

 

 

 

agaat-1

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vindplaatsen

 

Agaatverbindingen vormen zich als oplossing van kiezelzuur in holten in oudere rotsen. De stenen kunnen kunst-matig worden bevlekt om kleurcombinaties te verkrijgen die levendiger zijn dan die gevonden worden in de na-tuur. De belangrijke bronnen van agaat zijn Brazilië, Uruguay en de Verenigde Staten (Oregon, Washington en rond het Bovenmeer). Dichter bij Nederland en België wordt ook agaat gevonden in de Hunsrück in Duitsland, en in Auvernge in Frankrijk. In het grind dat door de Rijn is meegevoerd, komt ook een enkele keer agaat voor.

 

 

 

 

.

.

.

Chemische samenstelling

 

Agaat is kwarts met ingesloten ijzer, aluminium, mangaan en soms andere elementen. Zuivere kwarts is helder wit of kleurloos transparant. Agaat vertoont vooral aardkleuren, zoals rood, bruin, oranje en geel. Deze worden ver-oorzaakt door ijzer en soms mangaan. Groene en blauwe kleuren worden veroorzaakt door koper of nikkel en soms aluminium. Zwart komt door ingesloten koolstof. De agaat die uit Zuid-Amerika wordt geïmporteerd, heeft minder levendige kleuren dan de Duitse agaat. Om die reden wordt deze agaat vaak kunstmatig gekleurd. Van-wege het ingesloten water behoort agaat ook tot de chalcedoonfamilie. Agaat bevat soms andere leden van de kwartsfamilie, zoals bergkristal, opaal of carneool.

 

 

 

Samenstelling: SiO2 + Al, C, Ca, Cu, Fe, Mg, Mn + (MnO2, nH2O)
Hardheid: 6 – 7
Glans: glasglans
Transparantie: doorzichtig, doorschijnend
Breuk: ruw, schelpvormig
Splijtbaarheid: geen
Dichtheid: 2,58 – 2,65
Kristalstelsel: trigonaal

 

 

 

 

agaat

Mineraal
Chemische formule SiO2 + Al, Ca, Fe, Mn
Kleur agaten zijn altijd meerkleurig met overwegend grijze, grijsblauwe en witte tinten, witgrijs, groen, rood en zwart
Streepkleur geen
Hardheid 6-7 Mohs
Gemiddelde dichtheid 2,6 kg/dm3
Glans glasglans, mat, zijdeglans
Opaciteit Doorzichtig tot doorschijnend
Breuk ruw, schelpvormig
Splijting geen
Kristaloptiek
Brekingsindices Ne 1,539-1,544, No 1,526-1,535
Dubbele breking 0,004 – 0,009
Luminescentie soms zwak tot felgeel, groenachtig, lichtblauw, wit
Overige eigenschappen
Veredeling kleuren, verhitten
Bijzondere kenmerken iriseren

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

typen agaat 

 

 

 

boomagaat

 

 

 

 

 

 

 

Botswana agaat

 

 

 

 

 

 

vuuragaat

 

 

 

 

 

 

 

witte agaat

 

 

 

 

 

 

 

 

fire crackle agaat

 

 

 

 

 

Door de eeuwen heen

 

De agaat wordt al meer dan 8000 jaar gebruikt. De naam agaat is gegeven door Theophrastus (371-287 v.Chr.), een Griekse filosoof en schrijver. In zijn tijd werden kleurrijke agaten gevonden langs de rivier Achates op Sicilië. Tegenwoordig heet deze rivier Dirillo en worden er weinig agaten meer gevonden. De Oude Egyptenaren heb-ben rolzegels, scarabeeën en kralen van agaat gemaakt.

Op Kreta zijn rolzegels van agaat uit het Minoïsche tijdperk (ca 2200 v.Chr.- 1700 v.Chr.) gevonden, met teksten in lineair A, het oudste Europese alfabet. De Oude Grieken maakten prachtige cameeën en intaglio’s, waarbij be-wust gebruik werd gemaakt van de verschillende kleurlagen van de agaat. Bij de camee werd de achtergrond om een onderwerp weggeslepen tot de onderliggende laag, zodat het onderwerp er fraai uitsprong. Bij de intaglio werd het onderwerp diep in de steen uitgekrast, zodat de onderliggende kleurlaag bloot kwam te liggen.

Uit de Romeinse tijd stammen prachtige zegelringen, cameeën en andere sier- en gebruiksvoorwerpen van a-gaat. De Romeinen gebruikten agaat als talisman tegen vergiftigingen door slangenbeten en (moedwillige) voed-selvergiftiging. Men onthulde vergiftiging door een hanger of ring van agaat in een beker drinken te dopen; bij contact met gifstoffen zou de steen verkleuren. De Romeinen dachten dat het dragen van agaat oogklachten kon verminderen en voorkomen. Ook dachten ze dat onweer en blikseminslag voorkomen kon worden door sieraden van agaat in huis te hebben. Romeinse en Griekse lijders aan epilepsie gebruikten agaat ter voorkoming van epileptische aanvallen.

Toen het Romeinse Rijk aan het eind van de vijfde eeuw ten einde liep, werd Perzië het middelpunt van hoog-ontwikkelde edelsteen-snijkunst. De Perzen gebruikten veelvuldig agaten. Men ontdekte hoe de kleur van agaten en andere stenen veranderd kon worden door ze te verhitten, al dan niet in combinatie met andere stoffen. In de Middeleeuwen dacht men dat je door agaat te dragen het weer gunstig kon beïnvloeden; regen en onweer zou-den afgewend worden, en een overvloedige oogst zou zo gewaarborgd zijn. Ook meende men dat mannen met sieraden van agaat seksueel zeer aantrekkelijk zouden zijn voor dames.

Men meende in de banden van de agaat heiligen en andere figuren te herkennen. Hieraan werd allerlei betekenis toegeschreven. In de vroegchristelijke tekst Physiologus (onderdeel van een manuscript uit de 9e eeuw) staat dat parelvissers een agaat aan een touw over boord gooien. De agaat trekt naar de parel en zo zouden ze meer pa-rels kunnen vinden. De parel wordt vergeleken met Jezus Christus, en de agaat met de Heilige Johannes. Jezus Christus en Johannes waren vrienden. De Duitse mystica Hildegard von Bingen (1098-1179) beval agaat aan als middel tegen geestesziektes, oogklachten, angina pectoris, miltsteken, maagklachten, koortsaanvallen en runder-pest.

Vanaf de 16e eeuw werd in Duitsland, en met name in Idar-Oberstein, agaat van edelsteenkwaliteit gevonden. De agaatmijnen in Duitsland zijn inmiddels uitgeput, maar Idar-Oberstein heeft nog steeds een reputatie op het gebied van de verwerking van agaat. Alleen wordt de agaat sinds de 18e eeuw geïmporteerd uit Zuid-Amerika, met name uit Brazilië. Je kunt nog steeds bij Idar-Oberstein langs de zogenaamde ‘Edelsteinstrasse’ agaatmijnen, stenenslijperijen en edelstenenwinkels bezoeken. De natuuronderzoeker en arts Adam Lonitzer (1528-1586) uit Marburg (Duitsland) beschrijft hoe de bont geaderde agaat zeer gevarieerde dromen kan schenken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Spiritueel

 

* Agaat maakt rationeel, minder emotioneel. Het helpt bij het verwerken van verdriet. Agaat bevordert de innerlijke groei en de ontwikkeling van spiritualiteit.
* Agaat maakt gefocust en geeft welsprekendheid.
* Agaat geeft een gevoel van geborgenheid, harmonie en ingetogenheid. Het versterkt het contact met Moeder Aarde
* Agaat reinigt de aura van negatieve energieën.
* Het dragen van een witte agaat versterkt de intuïtie.
* Agaat beschermt. Angsten en fobieën worden minder met het dragen van agaat. Vooral roze agaat helpt. Let op de tekening van je agaat: stenen met regelmatige bandpatronen werken kalmerend. Agaten met grillige lijnen kunnen helpen vastgeroeste patronen te doorbreken. Agaten met bergkristal in hun kern geven fantasie en kunnen helpen bij concentratieproblemen.
* Chaos en wanorde worden te overzien en beheersbaar met mosagaat.

 

 

 

 

200px-Agate1_hg

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Agaat-roze

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

266px-Agate

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

review en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

 

Hoornblende

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Het mineraal hoornblende is een calcium- magnesium- ijzer- aluminium inosilicaat met de chemische formule Ca2(Mg,Fe,Al)5(Al,Si)8O22(OH)2. Het is de meest voorkomende van de amfibolen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Eigenschappen

 

Het zwarte, groene of bruin tot groenbruine hoornblende heeft een glas- tot parelglans en een witte streepkleur. Het kristalstelsel is monoklien. De gemiddelde dichtheid is 3,23 en de hardheid is 5 tot 6.

 

 

 

 

 

 

Naam

 

De naam van het mineraal hoornblende komt uit het Duits, en is een samenstelling van het Duitse “Horn”, en het werkwoord voor “verblinden” of “bedriegen”.

 

 

 

 

 

 

 

 

Voorkomen

 

Zoals andere amfibolen, komt hoornblende voor in stollings- en metamorfe gesteenten, zoals graniet. Hoorn-blende komt voor in de zandfractie van Nederlandse rivier sedimenten onder andere van de Rijn. In de zware mineraalalalyse wordt het mineraal ingedeeld bij de zogenoemde instabiele groep. Er worden diverse variëteiten onderscheiden.

 

 

Hoornblende
Amphibole.jpg
Mineraal
Chemische formule Ca2(Mg,Fe,Al)5(Al,Si)8O22(OH)2
Kleur Zwart, groen of bruin tot groenbruin
Streepkleur Bruin of grijs
Hardheid 5 – 6
Gemiddelde dichtheid 3,23 kg/dm3
Opaciteit Opaak

 

 

 

 

collectie van diverse hoornblende mineralen