Category, categorie: The Bible explained/De Bijbel uitgelegd: video
.
.
Psalm 110 • A priest forever in the order of Melchizedek
.
Psalmen 110 . Een priester voor altijd in de orde van Melchizedek
.
Paul LeBoutillier
.








.
Degenen die erg streng zijn in hun manier van leven. Ze ontzeggen zichzelf veel vreugde en plezier in het leven omdat ze zich voorstellen dat het hun werk kan belemmeren.
Deze remedie brengt grote rust en begrip, vergroot het inzicht dat alle mensen op hun eigen manier vervol-making vinden, en zorgt voor het besef van “zijn” niet “doen”. Dat we op zichzelf een weerspiegeling zijn van grootse zaken, zonder te proberen om onze eigen opvattingen uit te dragen.
.
.
Iedere wel of bron die bekend staat als een centrum van heling en die nog met rust gelaten is in de natuurlijke toestand, onaangetast door de mensen, kan gebruikt worden. Plaatsen waar het water gekanaliseerd is of gere-geld wordt, moeten vermeden worden. De bron dient beschermd te worden door natuurlijke krachten maar niet belemmerd door de mens.
Deze mensen zijn mensen met idealen. Ze hebben zeer vaste overtuigingen over religie of politiek, of het zijn verbeteraars. Met alle goede bedoelingen en met de wens de wereld anders en beter te maken, hebben ze de neiging om hun inspanningen om te helpen te beperken tot kritiek in plaats van voorbeeld. Ze laten hun gedach-ten en een groot deel van hun leven beheersen door hun theorieën. Als het hen niet lukt om anderen hun over-tuiging te laten volgen maakt ze dat heel ongelukkig. Ze willen de wereld graag plannen volgens hun eigen opvattingen, in plaats van rustig en zachtjes een beetje te doen in het grote plan.
.
Degenen die de bedoeling hebben om iets opvallends in hun leven te doen, die veel ervaringen willen opdoen en genieten van alles wat voor hen mogelijk is, die het leven ten volle willen leven.
Laten we één ding vinden in het leven dat ons het meest aantrekt en dat dan doen. Laat dat ene ding dan zo deel van onszelf worden dat het net zo natuurlijk is als ademhalen. Laat het zo natuurlijk zijn als het voor de bij is om honing te halen, en voor de boom om zijn oude bladeren in de herfst af te schudden en nieuwe voort te brengen in de lente. Als we de natuur bestuderen zien we dat ieder schepsel, vogel, boom en bloem zijn specifieke rol te spelen heeft. Alles heeft zijn eigen specifieke en bijzondere werk, en daarmee wordt het hele Universum geholpen en verrijkt.
Wilde Dravik houdt van een vochtige bodem en heeft liefst een beetje schaduw. Zoek het op plaatsen waar maai-ers en grazende dieren niet bij kunnen komen, op steile hellingen en tussen de bomen.
.
Het is een remedie die iedereen nodig kan hebben en voor gevallen die niet reageren op andere kruiden. Zelfs wanneer het moeilijk lijkt om te beslissen welke te geven, probeer dan deze minstens een week. Als de patiënt er goed op reageert, ga er dan mee door zo lang als er verbetering optreedt, alvorens naar een andere remedie over te stappen.
.
.
.
.
.
.
.
In de Dhammapada is de leer van het Theravada Boeddhisme samengevat. De Dhammapada is een samenstelling van 423 verzen van de Boeddha, verdeeld over 26 hoofdstukken. Hierin worden de wijsheden van Boeddha beschreven, in de vorm van korte spreuken. Zo zegt het dat je in de wereld moet zijn en niet van de wereld. Het leert ons dat haat niet overwonnen kan worden met haat.
Haat wordt overwonnen met liefde. Dat is een eeuwige wet. Overwin boosheid door niet-boosheid, overwin kwaad door het goede. Overwin de vrek door gul te zijn, overwin de leugenaar met de waarheid. De Dhammapada laat zien dat geloof niet zo gecompliceerd hoeft te zijn dat het slechts door theologen na een lange studie begrepen kan worden.
.
.
.
.
De weg van de bevrijding is het achtvoudige pad. Het bestaat uit het juiste begrip, de juiste gedachten, het juiste spreken, het juiste handelen, het juiste levensonderhoud, de juiste inspanning, juiste bewustzijn en concentratie. Hierbij worden begrip en gedachten gezien als wijsheidselementen.
Spreken, handelen en levensonderhoud zijn deugdzaamheids elementen. De laatste drie inspanning , bewustzijn en concentratie hebben te maken met het een zijn met wat we doen ofwel meditatie. Er zijn nagenoeg geen fundamentalistische boeddhisten, het boeddhisme heeft hier tegen een ingebouwde weerstand.
.
.
Boeddha heeft in zijn tijd de individuele mens weer de verantwoording terug gegeven voor zijn persoonlijke spirituele ontwikkeling. Het is nu aan ons om deze te gebruiken.
.
.
1. Lijden Bestaat.
2. De oorzaak van ons lijden is niet bewust zijn.
3. De remedie voor niet bewust zijn is meditatie.
4. Het beoefenen van meditatie is juist leven.
.
.
1. Het juiste inzicht: De wetten van karma leren.
2. De juiste gedachte: gedachten van medeleven koesteren.
3. De juiste spraak: De waarheid vertellen in plaats van leugens.
4. De juiste handelswijze: Zich behulpzaam gedragen.
5. Het juiste levensonderhoud: De kost verdienen op een manier die geluk bevordert.
6. De juiste inzet: Zorgen voor een gezonde gemoedstoestand.
7. De juiste geesteshouding: Zich meer bewust worden van gedachten en handelingen
8. De juiste meditatie: De oefening van het aanwezig zijn verdiepen.
Compassie of het zorgen voor elkaar is een van de essenties van het boeddhisme. Veel boeddhisten leven sober. Ze drinken en roken niet en zijn vegetarisch. Ze hebben respect voor alles dat leeft.
.
.
.
.
.
.
.
.
















































.

.
Anne-Frank, die eigenlijk Anneliese Maria Frank heette, was een Joods meisje dat op 12 juni 1929 in Duistland werd geboren. Haar ouders waren Otto Frank en Edith Frank-Hollander. Ze had een drie jaar oudere zus Margot. Op 13 maart 1933 zijn er verkiezingen in Duitsland die de Nazi’s winnen. Hitler komt aan de macht.
Uit schrik voor hun toekomst vluchten de ouders van Anne naar Nederland. Vanaf 1940 moeten alle Nederlandse Joden zich laten registreren bij de overheid. Op 29 juni beslist de Duitse bezetter om de Joden over te brengen naar werkkampen in Duitsland.
.
Omdat Margot de eerste is die naar een werkkamp moet, beslist haar vader Otto Frank om te gaan onderduiken achter het bedrijfsgebouw aan de Prinsengracht 263. Het heet het Achterhuis en is het achterste deel van het bedrijf Opekta waarvan Otto Frank directeur is.
Op zes juli 1942 verstoppen zij zich in dat huis samen met Hermann van Pels, Auguust van Pels, Peter van Pels en Frits Feffer, hun tandarts, die er later bij kwam. Meneer Koegler die samen met Otto-Frank op kantoor werkte, zorgde voor de bevoorrading van de huisgenoten. Wegens de kleine oppervlakte van het huis deelde Anne haar kamer met die van Frits Feffer. Verder zijn er nog Miep Gies, Bep Voskuijlen en de heer Kleiman die op de hoogte waren van de verborgen woonplek.
Uit verveling in het Achterhuis schrijft Anne een dagboek. Het wordt haar beste vriendin die ze kitty noemt. Tijdens de twee jaar dat Anne ondergedoken zit mag ze niet naar buiten. De onderduikers zitten met angst dat ze worden opgepakt. Via Gies, Voskuijlen en Kleiman horen de onderduikers verhalen over wat er buiten gebeurt.
.

.
Voordat je het Achterhuis in kwam, moest je door een grijze deur waarnaast een boekenkast stond. Meneer Koegler vond het veiliger om die kast voor de deur te zetten zodat je het huis niet kon zien. Anne schreef daarover in haar dagboek:
‘Onze schuilplaats is nu een echte schuilplaats geworden. Mijnheer Koegler vond het namelijk beter om voor onze toegangsdeur een kast te plaatsen, maar dan natuurlijk een kast die draaibaar is’
Iedereen moest zeer stil zijn uit schrik om verraden te worden. Anne was verliefd op haar huisgenoot Peter. Ze ging vaak naar hem toe, ook al mocht het niet van haar ouders. De favoriete plek van Anne was de zolder omdat ze daar rustig kon nadenken.
.

.
Op 4 augustus 1944 stormden 5 mannen het Achterhuis van Anne binnen. Eén van hen droeg een Duits uniform, de anderen gewone burgerkleding. Waarschijnlijk waren het de Nederlandse Nazi’s. Ze openden de kast en gingen naar binnen. Alle onderduikers werden ontdekt, op een vrachtauto gezet en naar de Duitse politie gebracht.
De bewoners van het Achterhuis worden naar een concentratiekamp gestuurd. Anne leeft nog een half jaar en sterft In 1945 sterft aan vlektyfus. Ook Edith en Margot overleven het kamp niet. Otto Frank is de enige van de onderduikers uit het Achterhuis die het kamp heeft overleefd.
.
Tijdens de afwezigheid van de familie Frank bewaart Miep het dagboek van Anne. Ze geeft het aan Otto-Frank bij zijn terugkomst die niet wist dat Anne al die belevenissen in het Achterhuis had bijgehouden. Otto typt stukken uit het dagboek in het Duits en stuurt dat naar zijn moeder in Zwitserland. Hij wil het dagboek uitgeven maar vindt geen uitgever. Uiteindelijk plaatst men een stukje van haar dagboek in ‘het parool.’ In 1947 komt het dagboek uit met als titel ‘Het Achterhuis’ in een oplage van 1500 exemplaren. Nu is het dagboek wereldwijd bekend en in 55 talen uitgebracht.

.
Het Anne Frank Huis is een monument ter gedachtenis aan Anne Frank en haar familie. Het huis staat in Amsterdam aan de Prinsengracht 263-267. Op 3 mei 1960 werd het Anne Frank Huis als museum geopend. Het museum trekt bijna 1 miljoen bezoekers per jaar waarvan de meesten uit het buitenland.
.

.
.
.

Op 13 mei 1917 verschijnt in Fátima, Portugal, een hemelse vrouw aan drie herderskinderen: Francisco Marto, zijn zusje Jacinta, respectievelijk negen en zeven jaar en hun tienjarige nichtje Lucia dos Santos. Ze staat met de voeten op een wolk in de kruin van een eikenboompje, omstraald door een aureool van licht. Dan zegt de vrouw: ‘Wees niet bang. Ik doe je geen kwaad.” Lucia waagt het erop: “Waar komt u vandaan, mevrouw?”
“Ik kom uit de hemel en Ik zal elke maand op de 13e terugkomen. In oktober zal ik zeggen wie ik ben en wat ik verlang.” Een stukje verder in het gesprek vraagt de verschijning:
“Wil je pijn verdragen voor de bekering van de zondaars om goed te maken wat Onze Lieve Heer en het onbevlekt Hart van Maria allemaal wordt aangedaan?”
De kinderen zeggen dat ze daartoe bereid zijn. “Dan zul je nog heel wat pijn te doorstaan hebben,” zegt de verschijning.
Bij het afscheid zegt zij: “Bid elke dag een rozenhoedje voor de vrede op de wereld en de bekering van de zondaars.”
De kleine Francisco Marto zal reeds sterven op 4 april 1919; zijn jongere zusje niet lang daarna: 20 februari 1920. Lucia trad in 1921 in bij de zusters karmelietessen van St-Dorothea als zuster Lúcia de Jesus Santos en in 1948 bij de Karmel van St-Theresia in Coimbra. Zij was in 1982 en 1997 gids van paus Johannes Paulus II bij zijn bezoek aan Fátima.

Pasteltekening van John Astria
De Heer Jezus stierf als een Martelaar
Jezus’ dood betekent veel meer dan dat. Het woord ‘martelaar’ betekent ‘getuige’ en wordt normaal gesproken gebruikt voor een trouwe getuige die sterft om zijn of haar getuigenis. Dit geldt zeker voor Christus. Hij was de ‘getrouwe en waarachtige Getuige’ (Openb. 3:14) en was ‘gehoorzaam geworden, tot de dood van het kruis’ (Fil. 2:8). Zijn dood had ook een fundamentele betekenis voor anderen, en was veel meer dan alleen de dood van een trouwe Martelaar.
Werd Hij ter dood gebracht of legde Hij Zijn leven af?
Beide zijn waar. De mensen deden al het nodige om Hem ter dood te brengen; ze kruisigden Hem, wat hen tot Zijn moordenaars maakte (Hand. 2:23). Dit is de kant van de verantwoordelijkheid van de mens. Tegelijkertijd echter legde Christus Zijn leven vrijwillig af (Joh. 10:11, 15, 17, 18). We lezen ook: ‘Toen Jezus dan de zure wijn genomen had, zei Hij: Het is volbracht! En Hij boog het hoofd en gaf de geest’ (of: gaf de geest over; Joh. 19:30). Dit is de kant van Zijn goddelijke macht en liefde.
Waarom is de Heer Jezus gestorven?
Dit thema is zo wonderbaarlijk dat een kort antwoord bijna onmogelijk is. Christus stierf om Zijn uiterste gehoorzaamheid aan God te laten zien, om God te verheerlijken met betrekking tot de zonde, om de Vader te verheerlijken door Zijn liefde bekend te maken, om de mensheid te redden van de erfzonde, om Satan definitief te verslaan en om God in staat te stellen de goddelozen te rechtvaardigen na bekering. Hij stierf om redding en geluk te brengen aan de mensheid, die van God was weggelopen.
Heeft de Heer Jezus mijn zonden gedragen?
Dat hangt ervan af. Als u in Hem gelooft, als u met uw zonden bij Hem bent gekomen en als u Hem als uw persoonlijke Verlosser heeft aangenomen, dan is het antwoord ‘ja’. Anders ie het neen! Er is geen tussenoplossing! De Heer Jezus heeft ‘onze’ zonden gedragen; dat wil zeggen, de zonden van allen die in Hem geloven (1 Petr. 2:24). Er staat nergens in de Bijbel dat Hij de zonden ‘van iedereen’ heeft gedragen, maar dat Hij de zonden ‘van velen’ heeft gedragen (Jes. 53:12).
Is de dood van Jezus Christus voldoende voor iedereen om vergeving te ontvangen?
Ja. De dood van Christus is voldoende voor iedereen om bij Hem te komen, maar alleen degenen die dat ook daadwerkelijk doen zullen daar baat bij hebben (zie vraag 2.6). Het aanbod geldt voor iedereen:
‘…God, onze Heiland, Die wil dat alle mensen behouden worden en tot kennis van de
waarheid komen’ (1 Tim. 2:3-4)
‘Als iemand dorst heeft, laat hij tot Mij komen en drinken!’ (Joh. 7:37)
‘…en laat hij die wil, het water van het leven nemen om niet’ (Op. 22:17).
Krijgt iedereen vergeving?
Vergeving is voor iedereen beschikbaar, maar niet iedereen zal vergeven worden. De voorwaarde voor vergeving is persoonlijk geloven in Christus. In de Bijbel staat:
‘… opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft’ (Joh. 3:16)
‘Wie in de Zoon gelooft, heeft eeuwig leven, maar wie de Zoon ongehoorzaam is, zal het leven niet zien, maar de toorn van God blijft op hem’ (Joh. 3:36).
Wat is verzoening?
Het woord ‘verzoening’ of ‘zoenoffer’ komt voor in 1 Johannes 2:2: ‘En Hij is het Zoenoffer voor onze zonden; en niet voor onze zonden alleen, maar ook voor de hele wereld’. Nu, Zijn offer is zo groot en is zo waardevol in de ogen van God, dat Hij op basis hiervan aan iedereen redding kan aanbieden, hoewel niet iedereen dit offer aanneemt.
Onthoud dat God heilig en rechtvaardig is. Om die reden zou elke zondaar geoordeeld en schuldig verklaard worden door Hem. Zonder het werk van Christus aan het kruis zou dit de enig mogelijke uitkomst zijn. Maar dank aan God! Christus is gestorven en werd het Zoenoffer, zodat God in staat is om onbeperkt redding aan te bieden aan iedereen. In dit opzicht heeft Christus Zichzelf gegeven ‘voor allen’ (1 Tim. 2:6). Dat wil zeggen: Zijn genadeaanbod strekt zich uit tot allen die dat wensen!
In Romeinen 3:25 staat een woord dat hieraan gerelateerd is; in deze tekst staat dat God Christus heeft voorgesteld als een ‘middel tot verzoening’ door het geloof in Zijn bloed. Deze term zinspeelt op het deksel van de ark, dat ‘het verzoendeksel’ werd genoemd (Ex. 25-27). De ark stond in de tabernakel, in het heilige der heiligen, en werd een keer per jaar besprenkeld met bloed (Lev. 16:14). Dit illustreert het feit dat de dood van Christus heeft voldaan aan de heilige eisen van God.
In het kort: het verzoenende offer van Christus stelt God in staat om onbeperkt redding te
bieden aan alle mensen. Maar het wordt alleen van kracht voor degenen die het in geloof
aannemen.
Wat betekent plaatsvervanging?
Een plaatsvervanger is iemand die uw plaats inneemt. Aan het kruis heeft Christus de plaats ingenomen van degenen die in Hem geloven. De Rechtvaardige heeft geleden voor de onrechtvaardigen (1 Petr. 3:18). Hij heeft ‘onze’ zonden gedragen (Jes. 53:12 en 1 Petr. 2:24). Door Zijn striemen zijn wij genezen (1 Petr. 2:24).

Enkel wie gelooft in het zoenoffer van Christus, de Zoon van God, op het kruis te Golgotha en wie daarbij aan Hem vergiffenis vraagt van zijn zonden is gered. Door te bidden voor de zonden van anderen kan een persoon nooit gered worden van de hel. Een mens kan enkel zichzelf redden door te geloven in het vergoten bloed van Jezus Christus, niemand kan dat in zijn plaats doen. Geen mens kan door bidden iemand anders eeuwig leven geven. Toch Vraagt Maria aan de kinderen en aan ons om te bidden voor de bekeringen van zondaars.
In Lucas 17: 19 zei Jezus:
UW GELOOF HEEFT U GERED
De reden dat Maria opofferingen vraagt aan de kinderen en ons is dat God niet wil dat zielen verloren gaan. Het is een gave die God aan Maria gaf om de maximale redding van de zielen te bekomen. Door het bidden voor zondaars krijgt de Heilige Geest de kans om hun bezoedelde harten binnen te dringen, waardoor er licht voor hen komt in de duisternis. Onschuldige kinderen van hart, die bidden voor de zielen van zondaars, zijn een marteling voor Satan de duivel. Des te meer wij bidden voor de zielen voor schijnbaar verloren zondaars, des te meer kracht de heilige Geest mag aanwenden om Satan en zijn demonen in iemands hart af te blokken. Ten slotte moet die persoon de voorwaarden om eeuwig te verwerven aanvaarden. Wie het niet doet is onherroepelijk verdoemd tot de eeuwige vuurpoel.

