Tagarchief: priester

Pator has visions of the end times / Priester heeft visioenen over de eindtijden

Standaard

Category / categorie: video

 

 

 

Pator has visions of the end times 

Priester heeft visioenen over de eindtijden

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Advertenties

De heilige Charbel Makhlouf 

Standaard

categorie : religie

.

.

.

† 1898  Charbel Makhlouf

 

Charbel (ook Sjarbel; gedoopt JoessefMakhloef, Annaya, Libanon;

monnik; † 1898. Feest 24 juli & 24 & 25december.

 

.

 

 

.

.

Geografie

 

Ten noorden van Beyrouth, op 1600 m hoogte, bevindt zich Beqaa Kafra, het hoogstgelegen dorp van Libanon. Daar is het centrum van de Maronieten. Het zijn fiere, moedige en gastvrije mensen die sterk gehecht zijn aan hun christelijke overtuiging.

Sedert vele eeuwen vereren zij de H.Maagd Maria; ze bidden de Rozenkrans waar ze ook zijn: thuis, op het werk, op het veld. Ze hebben grote eerbied voor hun priesters. Als een Maroniet een priester ontmoet, kust hij zijn hand als uitdrukking van eerbied voor hem.

 

 

.

Youssef Anton Makhlouf

 

Youssef Anton Makhlouf is op 8 mei 1828 geboren, als vijfde kind van een arm gezin. Zijn ouders waren zeer vroom en godvrezend, inzonderheid zijn moeder, Brigitta. Zij vastte dikwijls. Vol genegenheid leerde zij haar kinderen de geloofswaarheden kennen en bracht ze elke avond samen voor het gezinsgebed. Ze ontbrak nooit in de dagelijkse H.Mis. Voor haar was dit het steunpunt van de dag. Ze ging ernaar toe met haar jongstgeborene in de armen.

Toen hij amper drie jaar was verloor Youssef zijn vader. Tanios, een oom aan moeders kant, deed zijn best om zijn zuster en de weeskinderen te helpen. Enkele jaren later besloot Brigitta opnieuw te huwen. Lahoud, de tweede man van Brigitta was zeer vroom. Hij nam het welzijn van het gezin ter harte. Hij droomde ervan priester te worden. Hij sprak erover met zijn vrouw. Zij stemde in. Na zijn studies werd hij priester gewijd. De orthodoxe godsdienst laat immers toe dat gehuwde mannen priester worden.

De jonge Youssef koesterde onmiddellijk genegenheid voor zijn stiefvader Lahoud. Toen deze priester werd kreeg hij de naam pater Dominicus. Hij nam het kind met zich mee overal waar hij ging om de mensen te helpen.

Als hij oud genoeg was werd hij zijn koorknaap en diende hem als hij de H.Mis opdroeg. Naast de dorpskerk werd er een school opgericht waar de jongens leerden lezen en schrijven, de H.Mis dienen en ze leerden er ook de H.Mis helemaal te zingen.

Naast zijn studies, moest de jonge Youssef de dieren hoeden en hij werkte op het veld. Zijn moeder leerde hem te bidden met het hart, maar ook bidden in de eenzaamheid. Hij nam de gewoonte zich terug te trekken in een grot, waar hij alleen was en waar hij bad voor een beeldje van O.L.Vrouw dat hij daar verborgen had. Aan de H.Maagd sprak hij zijn verlangen uit om in het voetspoor te treden van zijn twee ooms van moeders zijde, Augustin en Daniël die monniken en asceten waren. Vaak bracht hij hun een bezoek in het klooster en bad er met hen. Hij bewonderde hun leven van onthechting en volkomen overgave aan God.

Mariam, een jong meisje uit de buurt en zelfs een verre verwante van Youssef, werd verliefd op hem. Soms volgde ze hem ongemerkt tot aan de grot en sloeg hem gade terwijl hij in gebed verzonken was. In stilte leed ze eronder dat hij zo onthecht was aan het wereldse. Ze begreep dat hij zijn liefde enkel aan God zou geven. Het jonge meisje had de echte betrachting van Youssef begrepen.

Op de leeftijd van 23 jaar verliet Youssef zijn huis,’s nachts in het geheim, zich bewust dat zijn omgeving niet opgetogen zou zijn met zijn keuze. Zijn stiefvader en zijn oom rekenden op hem voor het werk op het veld en zijn moeder had twijfels in verband met zijn roeping. Mariam hield van hem en zijn broers en zussen verkozen dat hij bij hen bleef.

Om die reden nam Youssef afscheid van hen in de stilte van zijn gemoed. Zonder dat iemand het wist, ondernam hij een verre tocht naar het heiligdom van O.L.Vrouw van Mayfoug. Hij had besloten daar zijn eerste jaren noviciaat te doen.

Na enige ontreddering wegens het plotse vertrek van Youssef, gingen zijn oom Tanios en zijn moeder naar het klooster van Mayfoug om hem te overreden naar huis terug te keren. Maar dit bleek vergeefse moeite. Hij wilde monnik worden. Tenslotte zei zijn moeder:” Als je een slechte monnik wil worden, kom dan direct naar huis! Maar als je roeping van God komt, word dan een heilige.”

De jonge man was echter meer dan ooit overtuigd van zijn levenskeuze. Hij bleef in het klooster en kreeg de naam Charbel. Die naam verwijst naar een martelaar uit de tweede eeuw. Om God nog beter te dienen en Zijn Wil te doen, wijdde hij zich nog meer aan gebed en vasten, aan gehoorzaamheid en versterving.

Na dit eerste jaar noviciaat begaf de jonge Charbel zich naar het klooster van de heilige Maron (behoeder van de katholieke orthodoxie). Hij deed er zijn eeuwige geloften. Hij begon toen uitsluitend binnen de kloostermuren te leven. Het was aan vrouwen niet toegelaten er binnen te komen, zelfs niet aan familieleden. Zo kwam Brigitta, zijn moeder op zekere dag naar het klooster op bezoek bij haar zoon.

Maar ze kreeg hem niet te zien. Ze kon enkel zijn stem van achter de tralies horen en zei hem:

”Mijn jongen, wat doe je? Steek je je weg voor mij?”

“ Moeder, antwoordde Charbel, als God het wil, zullen we mekaar ontmoeten in de eeuwigheid en we zullen voor altijd verenigd zijn.”

 

 

 

.

Zijn leven als kluizenaar

 

Na zijn theologiestudies in het klooster van St Kobrianous en St Justin te Kfifan( Batroun), werd Charbel op 23 juli 1859 te Bkerkg priester gewijd.

Toen hij naar de stad Annaga werd gestuurd, kwamen alle familieleden en veel mensen uit zijn dorp daarheen.

Zij ontvingen er zijn zegen. Zo kwamen ook zijn oom Tanios en zijn oude moeder daar naartoe. Ook Mariam die intussen gehuwd was en vele anderen. Ze kusten zijn hand vol eerbied en vroegen hem naar het dorp te komen en er de H.Mis op te dragen. Maar hij weigerde. Hij was er zich van bewust dat de monnik die zijn klooster verlaat, het risico loopt de onthechting aan de voormalige levenswijze te schaden.

Onder leiding van zijn geestelijke leidsman, pater Hardini, wijdde hij zich aan de studie van de Heilige Schrift om zo te groeien in heiligheid. Hoe meer hij afstand nam van het leven, hoe meer zijn innerlijk leven groeide in eenheid met God.

Dit alles ging niet vanzelf. De duivel, de eeuwige vijand van de mens, kwelde hem voortdurend. Maar hij doorstond de pijnen, zuchtend en op de tanden bijtend. Wanneer de aanval van Satan voorbij was, herwon hij ogenblikkelijk zijn serene, onthechte ingesteldheid.

Charbel leidde een steeds ascetischer leven. Hij werd een voorbeeld van armoede, droeg de meest versleten kledij, altijd dezelfde en at geen vlees.

Op het veld deed hij het lastigste werk. Wanneer hij geld ontving om H.Missen op te dragen, gaf hij het onmiddellijk af aan zijn oversten, zonder zelfs te weten wat hij gekregen had. Hoewel hij voortdurend in de stilte leefde, in onthechting aan de wereld, kende men hem als een iemand die vol respect en liefde voor de medemens was.

Wanneer hij biecht hoorde, bleek dat hij de gave had om in de harten van de mensen te zien. Hij gaf strenge penitenties voor het herstel van de zonden, terwijl hij de biechteling met respect en liefde hielp om zijn levensstijl tegenover God en de naaste te verbeteren.

Op een zekere dag werd Charbel opgeroepen bij een zieke knaap. Hij begreep onmiddellijk dat het levenseinde van de jongen nabij was. Hij nam zijn biecht af en bereidde hem voor om sereen in Gods barmhartige Liefde te sterven. Naar verluidt heeft Charbel een andere jongeman genezen van typhus.

Bij een brutale aanval van de Turken werden 14.000 christenen samen met hun priesters gemarteld en gedood. Urenlang bleef hij geknield voor het tabernakel, bewegingloos, om God te bidden om hulp voor zijn volk. Hij smeekte de H.Maagd Maria om voorspraak bij haar Zoon om Libanon te redden.

 

.

Zijn toewijding aan de Moeder Gods was bekend.

Vaak zei hij : “ Als je wil dat je ziel gered wordt, bid dan tot de H.Maagd Maria opdat Zij voor jou ten beste spreekt. Zij zal je heil waarborgen.”

 

Na zestien jaar kloosterleven met de andere monniken, vroeg Pater Charbel de toelating om afgezonderd als kluizenaar te leven. Gedurende 23 jaar leefde hij in onthechting, strijdend tegen de zonde en tegen elke gedachte die niet op God was gericht. Hij at slechts éénmaal per dag en at slechts één soort voedsel tegelijk. Hij gebruikte geen vlees noch fruit.

Hij sliep ongeveer drie à vier uren per nacht op een schamele strozak op de grond; een houtblok diende als hoofdkussen. Hij kreeg toelating om in zijn cel slechts over een kan met water te beschikken. Tijdens zijn kluizenaarschap ging hij door met  eenvoudige en lastige handenarbeid. Hij bad veel. Om 11u , elke dag, droeg hij de Heilige Mis op. Die duurde drie uren. Daarna gebruikte hij zijn armoedige maaltijd. Als hij iets moest zeggen aan zijn confraters, sprak hij op gedempte toon en met weinig woorden. Hij stapte in stilte, met neergeslagen blik, terwijl hij de Rozenkrans of andere gebeden bad.

 

 

 

 

Anekdotes van zijn levensstijl

 

Op zekere dag kwam zijn broer op bezoek. Pater Charbel liet zijn broer binnenkomen, na toestemming van de overste, en stelde hem twee korte vragen: “ Hoe gaat het met de ganse familie? En beleven jullie de geboden van God?” Hiermede was het onderhoud afgelopen.

De kluizenaar gebruikte ook niet veel woorden als andere monniken hem kwamen bezoeken. Hij ontving hen met een glimlach die hun welkom betekende en zonder verder omhaal stak hij hun de biografie van een heilige in handen. Daarna wees hij hun een passage aan die ze moesten lezen als spirituele aansporing.

Verscheidene mensen kunnen getuigen dat Pater Charbel nooit een dier heeft gedood, zelfs niet als het om gevaarlijke dieren ging. In de wijngaard van het klooster vonden de monniken eens een grote giftige slang. Vol schrik riepen zij de kluizenaar te hulp. Hij kwam, stond recht tegenover de slang en terwijl hij zijn wijsvinger vooruit richtte, zei hij op kalme toon: “ Verdwijn van hier!” de slang kronkelde even en kroop weg in de richting die hij had aangewezen! Dit gebeurde volgens de manier van denken van de heilige. “Het behoort mij niet toe, maar alleen God, de Schepper, om al dan niet een slang van het leven te beroven.”

De overste van de kluizenarij, die vaststelde dat de lucht verduisterde door miljoenen dreigende sprinkhanen, vroeg aan Pater Charbel onmiddellijk water te wijden. Hij wijdde het en overal waar dit wijwater werd gebruikt waren de velden gered. Later hebben de bewoners van de nabij gelegen dorpen de gewoonte aangenomen wijwater van de Kluizenarij te gebruiken om ongedierte ( ratten, vossen) en ook muggen en andere schadelijke insecten te verdrijven.

 

Bij de christenen en de moslims was het vertrouwen in de macht van de wonderdoener, pater Charbel, zeer groot.

De genezing van een gevaarlijke mentaal zieke toont dit aan. Met veel moeite en met de hulp van verscheidene sterke mannen werd de zieke man tot aan de ingang van het klooster gebracht. Toen ze daar aankwamen was hij woest, hij beet, hij sloeg en schreeuwde en wou niet naar binnen. Maar toen de rijzige gestalte van de Kluizenaar aan de deur verscheen, knarsetandde de gekke man en hij snakte naar adem. Daarna werd hij rustig en liet zich naar de kapel leiden waar pater Charbel het Evangelieboek op zijn hoofd legde. Hij las er een bladzijde uit voor en de man was volkomen genezen.

 

 

.

De dood van de Kluizenaar

 

De laatste week van zijn leven lag hij vol pijn op een strozak op de grond. Ondanks het lijden en met de dood voor ogen, bad hij zonder ophouden. Hij weigerde versterkend voedsel en wilde trouw blijven aan zijn vroegere gelofte. In de heilige nacht even voor Kerstmis, na het sacrament van de zieken te hebben ontvangen, is hij gestorven om voor eeuwig in Gods Liefde opgenomen te worden.

Wenend droegen zijn medebroeders zijn lichaam op hun schouders. Stappend doorheen de tuin die met een laagje verse sneeuw was bedekt, brachten  ze hem binnen in de ijskoude kapel. Ze legden hem vóór het altaar en staken vier kaarsen aan. Bevend van de koude en helemaal verkleumd, hielden ze de hele nacht de wake bij de afgestorvene.

’s Anderendaags wikkelden zij het lichaam in een laken en begroeven het, zonder kist, in de grond van het kerkhof van Annaga, dat aan de kluizenarij paalt. Vijf maanden later werd een schitterende lichtstraal gezien tussen de begraafplaats van Pater Charbel en de kapel. De overste was hierover niet verbaasd. Hij wist dat pater Charbel reeds tijdens zijn leven een heilige was. Hij gaf opdracht het lichaam te ontgraven. Tot ieders verbazing bleek het lichaam ongeschonden.

Het laken was doordrenkt met een rooskleurig vocht dat op bloed geleek. Het leek alsof pater Charbel niet dood was, maar ingeslapen. Het lichaam was niet stijf maar soepel en beweeglijk alsof hij levend was. Ze trokken hem verse kleren aan. Kort daarna waren die kleren ook doordrenkt met hetzelfde eigenaardige vocht. Deze feiten konden niet onopgemerkt of onbesproken blijven. Weldra kwamen de mensen van overal toegelopen.

Er volgden toen tal van genezingen en duizenden bekeringen, en dit niet alleen bij de christenen.

Teneinde het lichaam te onttrekken aan de soms opdringerige mensen, legde men het in een stenen graf. Kort daarop begonnen de wanden van het graf bloederig zweet af te scheiden.

In 1927 werd een nieuwe opgraving bevolen. Opnieuw vond men een ongeschonden lichaam, soepel, dat hetzelfde mysterieus vocht afscheidde. Vanuit het klooster zond men een brief aan Paus Pius XI met verzoek tot zaligverklaring van Pater Charbel. Toen werd hij een derde maal begraven in een nieuwe graftombe.

 

 

 

.

Talrijke genezingen

 

Er werden talrijke genezingen door toedoen van de heilige uit Libanon vastgesteld. We staan even stil bij twee gevallen die met het oog op de zaligverklaring door de geneesheren nauwgezet onderzocht werden.

Het eerste geval betreft de plotse genezing van zuster Marie Abel Kamani. Door een landurige ziekte kon ze zich enkel in een rolstoel verplaatsen. Nadat ze het “ vocht” dat door de stenen wand van het graf naar buiten drong, had aangeraakt, was zij in staat uit haar rolstoel op te staan. Al 14 jaar leed zij aan de maag. Haar pancreas, blaas en nier waren aaneengekleefd en werkten bijna niet.

Ze moest dikwijls overgeven en ze was graatmager. Haar rechter arm was verlamd. Ondanks twee operaties voelde ze dat ze weldra zou sterven. Maar nadat ze het “ vocht” op de wand van het graf van Pater Charbel had aangeraakt, was ze ineens helemaal genezen. Toen de klokken luidden om dit heugelijk feit te verkondigen, was er ook een moslim naar de kerk gekomen; hij verklaarde meteen dat hij christen wilde worden. Hij zei tegen de genezen zuster:”uw genezing heeft me teruggebracht tot het christendom. Eigenlijk was ik naar hier gekomen om te genezen van mijn doofheid, maar God heeft mij geestelijk licht gegeven.”

De andere genezing betreft de heer Iskander Obeide die opnieuw kon zien nadat hij het graf van de heilige had bezocht. Nadat hij uit één oog blind was geworden, had hij vaak tot de heilige Charbel gebeden. Deze verscheen hem ‘s nachts in een droom en zegde hem zich naar zijn graf te begeven. Hij zou pijn voelen maar ook genezen. Toen hij daar aankwam, voelde die man een brandende pijn in zijn oog en toen hij zijn oog opende kon hij opnieuw zien.

Het nieuws over de buitengewone genezingen en bekeringen van vele mensen die het graf van Pater Charbel bezochten, ging tot ver over de grenzen van Libanon. Steeds meer mensen gingen er op bedevaart om meer van zijn leven te weten te komen en om zijn voorspraak te bekomen. Een jong meisje, Hosn Mohair had van toen ze nog klein was een been dat 5 à 6 centimeter korter was dan het andere. Hierdoor liep ze erg mank. Ze begaf zich naar Annaga en bracht wijwater en wat aarde, die ze nabij het graf van de heilige had genomen, mee naar huis. Met dit water en die aarde begon ze haar gebrekkig been te masseren. Haar verwanten probeerden haar daar vanaf te brengen omdat ze na verloop van enkele dagen geen enkel resultaat bespeurden. Maar het meisje was zo gedreven door een vast vertrouwen dat ze doorzette…. en stilaan werd het gebrekkige been langer tot het even lang was als het andere. De overheidspersonen van het dorp die tot de Druzen behoorden, kende haar persoonlijk. In 1950 verstrekten zij beëdigde verklaringen om dit wonderbare feit te bevestigen.

In de jaren 1950 werd het graf meerdere malen geopend. Eminente specialisten onderzochten het lichaam. Na meer dan een halve eeuw bleek het nog onaangetast. Er was geen enkel spoor van ontbinding en het was bedekt met een rooskleurig vocht, wat medisch onverklaarbaar was. Veel mensen die naar het graf kwamen werden genezen, niet alleen fysisch maar ook spiritueel.

Het nieuws over de talrijke mirakelen verspreidde zich als een lopend vuurtje. Er bestaat ook een miraculeuze foto. Deze kwam er tijdens één van de verschijningen van de heilige Charbel. Op die wijze kregen de komende generaties een duurzaam portret van de heilige.

 

 

 

Scapulier

 

 

 

Het scapulier van Sint Charbel (heeft de macht duivels te verdrijven).

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 

Antonius van Padua

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Antonius van Padua

.

Kerkleraar
Antoniuspadua.jpg
Geboren ca. 1195 te Lissabon
Gestorven 13 juni 1231 te Padua
Heiligverklaring 30 mei1232 te Spoleto(Italië) door Paus Gregorius IX
Schrijn St-Anthoniusbasiliek in Padua, Italië
Naamdag 13 juni
Attributen Evangelieboek, brood, baby, Jezuslelie, knielende ezel (in combinatie met monstrans)
Beschermheilige voor Franciscanen, verloren voorwerpen, (alleenstaande) vrouwen en kinderen, armen, bakkers, mijnwerkers, het huwelijk, reizigers, pelgrims en verliefden
Patroon tegen schipbreuk, de pest en koorts

 

Antonius van Padua, geboren als Fernando Martins de Bulhões in een rijke, adellijke familie, was een minder- broeder die theoloog en kerkleraar was. Hij wordt als een belangrijke heilige beschouwd.

 

 

 

Religieuze leven

 

Hij sloot zich in 1210 aan bij de augustijnen in Lissabon. In 1212 verhuisde hij naar Coimbra om niet langer door familieaangelegenheden gestoord te worden in zijn geestelijke ontwikkeling. Onder de indruk gekomen van de eerste martelaren van de minderbroeders sloot hij zich in 1220 bij hen aan.

Hij trok naar Noord-Afrika om aldaar het christelijke  geloof te verspreiden onder de moslims. Later was zijn werkterrein Frankrijk en Italië. Waarschijnlijk werd hij in 1222 te Forlì tot priester gewijd. Veel mensen vonden door zijn toedoen de weg naar het katholieke geloof. Op last van Franciscus van Assisi doceerde hij theologie aan zijn medebroeders.

In 1227 werd Antonius tot provinciale overste van de Romagna in Italië benoemd, waar hij van 1222 tot 1224 reeds predikend had rondgetrokken. In 1230 vroeg en kreeg hij zijn ontslag als provinciale overste omdat zijn gezondheidstoestand verslechterde.

Hij stierf in 1231 en werd nog geen jaar later door heilig verklaard. In 1946 werd hij als ‘leraar van het evangelie’ tot kerkleraar uitgeroepen.

Hij is de patroonheilige van de franciscanen, verloren voorwerpen, vrouwen en kinderen, armen, bakkers, mijnwerkers, het huwelijk, reizigers en verliefden en patroon tegen schipbreuk, de pest en koorts.

Rond zijn graf in Padua is de basiliek Basilica di Sant’Antonio gebouwd.

In Lissabon zou het kerkje Santo António à Sé gebouwd zijn op de plaats waar Antonius werd geboren. Hij is een zeer geliefde heilige in de Portugese hoofdstad. Sinds 1934 is Antonius een beschermheilige van Portugal en 13 juni is er een officiële feestdag.

 

 

 

 

 

Wetenswaardigheden

 

  • In katholieke kringen wordt Antonius aangeroepen om zoekgeraakte zaken terug te vinden met de volgende woorden: “Heilige Antonius, beste vrind, maak dat ik m’n … vind”. Als het voorwerp is teruggevonden moet men de Heilige Antonius bedanken.
  • De teunisbloem is naar hem vernoemd omdat die rond zijn feestdag (13 juni) bloeit.
  • In Achel (België) wordt Sint Antonius van Padua vereerd sedert 1493. Tijdens de Franse Revolutie werd de plaats van verering, het klooster van de Franciscanessen in het Catharinadal, vernield. Het beeld van de heilige werd gered en overgebracht naar de parochiekerk. Elk jaar op de zondag na de dertiende juni (naamfeest) wordt het beeld even teruggebracht naar het Catharinadal.
  • De gemeente Sint Anthonis in Noord-Brabant is genoemd naar een naamgenoot: Antonius van Egypte, of Antonius met het varken.
  • Een van Gustav Mahlers liederen uit Des Knaben WunderhornDes Antonius von Padua Fischpredigt, is een komische verhandeling over Antonius die tot de vissen preekt als de kerk leeg is. De dieren luisteren aandachtig, maar na afloop doen ze nog steeds wat ze altijd deden.

 

 

 

medaille

 

 

voorzijde

 

 

 

achterzijde

 

Religieuze draagmedaille in de vorm van een Maltees kruis

.

op voorzijde:

centraal een afbeelding van Sint Antonius van Padua met lelie en Christuskind en het randschrift ‘S.ANTONI . ORA PRO NOBIS’. ( St Antonius, bid voor ons ).

 

op keerzijde :

centraal een kruis met omlopende tekst ‘VICIT LEO DE TRIBU JUDA’ ( De leeuw van Juda ),

op de vier kruisarmen met wijzers van de klok mee:  ‘ECCE CRUCEM DOMINI’ ( zoek de Heer ),

‘RADIX DAVID ALLELUIA, ‘ALLELUIA’  (uit de stam van David, alleluja ),

100 DIES INDULG. LEO XIII 21 MAI 1892’ ,

‘FUGITE PARTES ADVERSAE’ ( vlucht van de tegenstrever ).

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Hemelse raad.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

WIJWATER, WIJDINGEN EN GEWIJDE VOORWERPEN

 

Medailles, scapulieren en de Rozenkrans

 

De Spreekbuis van Mexico, 8 juni 1971 :

1. Schaf u een Rozenkrans, medailles, scapuliermedailles en scapulieren aan. Deze laatste komen in talrijke soorten voor. Ze zijn gewoonlijk verkrijgbaar in bedevaartsoorden, bij kloosters, bij instellingen en stichtingen.

Onmisbaar: De medaille van Sint Benedictus en de Rozenkrans. Zeer aanbevolen: Het Bruine Scapulier van de berg Karmel, of de overeenkomstige scapuliermedaille, de Wonderdadige Medaille, en de Ave Crux medaille.

2. Ga na bij aanschaf of de medailles en scapulieren zijn gewijd. Zo niet, laat alle medailles, scapulieren en scapuliermedailles dan wijden door een priester. Let er op, dat deze voor de wijding het goede gebedsformulier gebruikt. Dat staat in het oude Latijnse Rituále.

3. Draag twee of drie medailles bij voorkeur aan een ketting om de hals. In een portefeuille of geldbeursje, aan een sleutelring, of gespeld op (onder)kleding gaat ook. Draag ook scapulieren of scapuliermedailles. Zorg er vooral voor, dat kinderen medailles en scapulieren dragen.

Bij voorkeur dragen: het Bruine Scapulier, de Wonderdadige Medaille, de medaille van Sint Benedictus en de Ave Crux medaille.

4. Schaf u een Rozenkrans aan. Ga na of deze is gewijd. Laat ze anders wijden door een priester. Draag deze altijd bij u, indien gewenst om de hals, anders in broek-, jas- of mantelzak, of in een handtas , of in een speciaal halstasje. Zorg dat ook uw huisgenoten over een Rozenkrans kunnen beschikken. Leer vooral de kinderen er een bij zich te dragen, en leer hen er aan te bidden.

Bidt hem dagelijks in de familiekring of met buren en vrienden. Met de hand in de zak met Rozenkrans kan men hem zelfs in vreemd gezelschap, in bus of trein, of in een wachtkamer, stil voor zich bidden. De Rozenkrans is onmisbaar voor het geestelijk en lichamelijk welzijn, en als bescherming in zware tijden.

5. Onze Heer: Door de duivels in bezit genomen zielen komen heden veelvuldig voor op de aarde, en zij geven zich er geen rekenschap van. Andere wapens zijn de gewijde religieuze voorwerpen, die worden gedragen, in het bijzonder die, welke Mijn Zeer Heilige Moeder zo dikwijls heeft aangeduid, en die zij zelfs aan allen als geschenk heeft aangeboden: Rozenkrans en Scapulieren, welke het habijt van de heiligheid kunnen worden genoemd.

 

 

 

rozenkrans

 

 

 

Little Pebble van Nowra in Australië :

6. Onze Lieve Vrouw: De wapens, die Wij u gegeven hebben, lieve kinderen, zijn de Heilige Rozenkrans, het Bruine Scapulier, de medaille van Sint Benedictus, het Scapulier van Sint Charbel, en de vele andere sacramentaliën, die Wij Onze kinderen hebben aangeboden voor hun bescherming.

 

Een Amerikaanse huisvrouw, 20 november 1976 :

7. Onze Lieve Vrouw: Houdt een ononderbroken gebedswake, lieve kinderen. Veronachtzaamt de sacramentaliën niet. Luistert niet naar hen, die de spot ermede drijven en evenmin naar hen, die u uw bescherming willen afnemen. Zij [de sacramentaliën] werden u niet zonder reden gegeven. Talrijke sacramentaliën zijn aan u voor deze bijzondere tijden gegeven geworden.

Gij moet de medaille van de Heilige Benedictus dragen. Gij moet het Bruine Scapulier, of de overeenkomende scapuliermedaille, dragen. Houdt uw Rozenkrans steeds binnen handbereik. Hoe groot zal de ellende van velen zijn, wanneer zij moeten vluchten met slechts datgene, wat zij aan hun lichaam dragen. Zonder de troost van de sacramentaliën zullen zij de komende dagen niet kunnen doorstaan.

 

Little Pebble van Nowra in Australië, 4 september 1984 :

8. Onze Lieve Vrouw: Draagt Mijn bruine scapulier, lieve kinderen, draagt Mijn Wonderdadige Medaille, draagt de krachtige Medaille van Sint Benedictus. Deze waardevolle sacramentaliën zullen Lucifer in de diepten der hel drijven. Vreest hem niet, kinderkens, hij is bang voor Onze kinderen, die deze wapenuitrusting dragen, vooral is hij bang voor de Heilige Rozenkrans. Bidt de Rozenkrans, lieve kinderen, om uw gezinnen en uw familie te redden, en uw land en volk ”

 

Little Pebble van Nowra in  Australië, 7 januari 1989 :

9. Sint Benedictus: De gezegende Koningin van Hemel en Aarde heeft mij gevraagd de kinderen van het licht te bemoedigen om vaak en veel te bidden, en om de medaille, die in mijn naam is geslagen, te gebruiken. Draagt mijn medaille, beminde kinderen, want deze medaille heeft grote kracht. Deze sacramentalie, die aan de Kerk is gegeven om u te verdedigen, is tegen de duivels die uw zielen aanvallen.

 

Little Pebble van Nowra in Australië, 7 januari 1989 :

10. Mij werd door de Koningin gevraagd u nogmaals te bemoedigen opdat gij allen de sacramentaliën zoudt dragen, vooral het Bruine Scapulier van Onze Heilige Moeder, en ook de medaille van Sint Benedictus. Deze sacramentaliën zullen u, beminde kinderen, verdedigen tegen alle vijanden, die heden in de wereld aanwezig zijn. Zij zullen u ook beschermen tegen vergif in voedsel en water en in de lucht. Jazeker, beminde kinderen, deze sacramentaliën zijn een grote hulp voor alle mensen van de ganse wereld.

 

 

medaille van St Benedictus

 

 

Een begenadigd priester, (Nowra 301 Australië), 26 juli 1990 :

11. Onze Lieve Vrouw: Verwijdert vanaf vandaag de medailles niet meer van uw lichaam. Hoe u ze ook draagt, groot of klein, mooi en kostbaar, eenvoudig en onogelijk, indien zij goed zijn gezegend, is er geen enkel verschil. Ik zal ze hier nog eens opnoemen:

de Wonderdadige (Wonderbare) Medaille van Mijn Onbevlekte Ontvangenis,

de Scapuliermedaille van het Bruine Scapulier [van de berg Carmel],

de medaille van Sint Benedictus,

de medaille van de Rosa Mystica,

de medaille van Sint Jozef,

de medaille van Sint Michaël,

de medaille van het Kind Jezus, zoals het Kindje Jezus van Praag,

de medaille van uw patroonheilige,

het Scapulier van de Ark van Onze Lieve Vrouw te Nowra, Australië,

het Scapulier van de orde van Sint Charbel,

een kruisbeeld met corpus, bijvoorbeeld dat van uw Rozen-krans,

de Ave Crux medaille.

Draagt ook de Heilige Rozenkrans om uw hals als wapen. Bedenkt, dat de medailles en de Rozenkrans uw wapenen zijn, en een soldaat, die vrijwillig zijn wapens laat vallen, of ergens opbergt in een buidel of kast, zal de strijd verliezen.

 

Heggeroosje, Duitsland, 26 juli 1990 en Nowra 301 – 8 september 1990 :

12. Gerekend vanaf vandaag, neem alstublieft uw medailles niet van uw lichaam weg. Gedurende zwaar werk, of als men een bad neemt, of een douche, kunnen de stoffen scapulieren worden afgelegd, en nabij u worden neergelegd, maar houdt de medailles aan, vooral die van Sint Benedictus.

Na de 1ste juli (jaar 2002 ) dient men een Ave Crux medaille onder het bord met voedsel te leggen, of deze in te dopen in de dranken. Andere medailles kunnen ook dienen. Denk er aan te danken voor de maaltijden, daar dit het voedsel zegent. Hoe u een medaille draagt, of deze groot of klein is, mooi en waardevol, of eenvoudig en gewoontjes, als ze goed gezegend zijn, is er geen verschil, want deze medailles kunnen uw leven voor de eeuwigheid redden, en als het God blieft, ook het tijdelijke leven van het lichaam redden.

 

13. Bedenk wel, de medailles en de Rozenkrans zijn uw wapens, en een soldaat, die vrijwillig zijn wapens laat vallen, en ze opbergt in tassen en kasten, zal alle veldslagen verliezen. Degene, die pas naar de wapens grijpt als de vijand binnenvalt, zou deze wel eens niet meer kunnen vastnemen. En degene, die pas dan besluit om zichzelf met God te verzoenen, zou daartoe wel eens niet meer in staat kunnen zijn. Zorg er dus altijd voor om een reine ziel te hebben, een liefdevol hart, en wees bereid om welk offer dan ook te brengen, en God’s wil te doen. Als de toestand dan ernstig wordt, zullen de genaden, die gij hebt verdiend, u staande houden, en u voor veel onheil en schade bewaren. Niemand zal zonder enig letsel of schade blijven, gij moet allen door deze tijd heen. Bereidt u nu voor, want er is niet veel tijd meer over. Hoe meer geestelijke wapens gij bezit, des te minder letsel en schade gij zult lijden.

 

Little Pebble van Nowra in Australië, 11 februari 1992 :

14. Een brief van Little Pebble over het dragen van medailles:

Beste mede-gelovigen. Reeds enige tijd was ik van plan enige uitleg neer te schrijven van een gedeelte van de boodschap 301, die op 26 juli 1990 werd gegeven aan Heggeroosje in Duitsland, waarin Onze Lieve Vrouw zich richtte tot een priester met betrekking tot het dragen van sacramentaliën, bedoeld zijnde medailles.

15. Ik wil er op wijzen, dat, ofschoon Onze Gezegende Moeder de noodzaak, dat wij medailles moeten dragen, heeft benadrukt, dit niet inhoudt dat al degene, die werden genoemd, moeten worden gedragen. Die hieronder als aanbevolen worden opgegeven, zijn inderdaad slechts aanbevolen. U moogt daaruit kiezen zoals het u belieft. Vanzelfsprekend wordt u meer en beter beschermd tegen alle soorten zonde, tegen bekoringen, tegen ziekte, als u meerdere medailles draagt. Zoudt gij er echter slechts één of twee dragen, dan geniet gij nog steeds de bescherming van de hemel. Aan u is de keus, beste mensen.

16. De hemel heeft de navolgende sacramentaliën genoemd als noodzakelijke medailles en scapulieren

Het bruine scapulier bij voorkeur, of de scapuliermedaille (als het scapulier niet verkrijgbaar is).

De medaille van Sint Michiel.

Een kruisje met corpus, of de Ave Crux medaille.

De Heilige Rozenkrans (rond de hals, of in een zak).

De medaille van Sint Benedictus.

N.B.: Deze moeten allemaal rond de hals worden gedragen.

 

 

bruine scapulier van Karmel

 

 

Aanbevolen medailles en scapulieren

De Wonderdadige Medaille (van de Onbevlekte Ontvangenis)

De medaille van Sint Benedictus.

De medaille van de Rosa Mystica.

De medaille van Sint Antonius.

De medaille van uw patroonheilige.

De medaille van Sint Jozef.

De medaille van de Heilige Geest.

Het scapulier van de Ark (een boete-scapulier).

Het scapulier van Sint Charbel (heeft de macht duivels te verdrijven).

De medaille van het Kindje Jezus van Praag.

N.B.: Het is goed om de medaille van welke Heilige dan ook te dragen.

N.B.: Deze en nog veel meer medailles zijn beschikbaar.

 

17. Gij behoort tenminste altijd bij u te dragen:

a. Het Bruine scapulier.

b. De medaille van Sint Benedictus.

c. De medaille van Sint Michiel.

d. Het scapulier van Sint Charbel.

e. De Ave Crux medaille.

f. Een kruisje met corpus.

g. Een Rozenkrans.

Wat de andere sacramentaliën betreft, door Onze Lieve Vrouw aanbevolen, deze behoeven niet om de hals te worden gehangen, maar kunnen op andere wijze worden mede gedragen.

 

 

wonderbare medaille

 

 

 

Huis, erf, winkel en bedrijf

 

De Heilige Petrus Fourier :

18. Laat uw huis, uw bedrijf, alle bijgebouwen en de onmiddellijke omgeving door een goede priester met wijwater zegenen. Laat uw winkel, werkplaats, schuren, stallen, loodsen, e.d. inzegenen. Let er op dat de priester het goede wijdingsformulier gebruikt, en overal wijwater sprenkelt.

19. Hang in uw woning, werkplaats, winkel, schuur, stallen, enz. gewijde kruisbeelden aan de muur in alle vertrekken en ruimtes. Ook op de binnenzijde van alle toegangsdeuren, vooral de voor- en de achterdeur, kleine kruisjes hangen. Hang overal gewijde godsdienstige schilderijen en afbeeldingen, religieuze voorstellingen, platen, iconen, medailles, e.d., vooral die van de Heilige Maria. Verder van het Heilig Hart, en van Sint Jozef, en van uw favoriete heiligen. Plaats gewijde beelden van het Heilige Hart, van Onze Lieve Vrouw, en van de Heiligen. Vergeet de kamers van de kinderen, de kelder, de garage, schuren en stallen, en de zolders niet.

20. De Heilige Petrus Fourier vroeg zijn parochianen in moeilijke tijden op hun voordeur de woorden aan te brengen: Maria is zonder zonden ontvangen.

Het gevolg was, dat zijn parochie werd beschermd tegen allerlei rampen, plunderingen, epidemieën, moorden, en wat niet al, hetgeen niet het geval was met omringende parochies.

 

 

medaille van St Charbel

 

 

Père Jean-Marie, Fréchou, Zuid-Frankrijk, 7 december 1979 :

21. Dit werd als het ware bevestigd door Onze Lieve Vrouw tijdens de visioenen van Père Jean-Marie: Als gij voor de mensen getuigt van mijn Onbevlekte Ontvangenis, dan zal Ik voor u getuigen voor de Rechterstoel van mijn Goddelijke Zoon en gedurende de komende gebeurtenissen zal Ik u beschermen. Ik zal u beschutten met mijn onbevlekte mantel.

 

Père Jean-Marie, Fréchou, Zuid-Frankrijk, 27 november 1980 :

22. Onze Lieve Heer: Ik bemin bij voorkeur hen, die de Onbevlekte Ontvangenis van mijn Heilige Moeder verdedigen.

 

23. Een ander bekende sacramentalie is die verbonden met de Heilige Driekoningen Caspar, Melchior en Balthazar. Het betreft de spreukChristus mansiónem benedícat, (dat is: “Christus zegene dit huis” ), geschreven op een strook papier, of geschreven met wit krijt op de muur van het huis, liefst boven de voordeur, met daaronder de tekst, of op papier, of met krijt op de muur geschreven: 20 + C + M + B+ 02, waarbij de 20 en de 02 staan voor het jaar 2002. Er bestaat ook een speciaal gebed bij het aanbrengen van dit teken van geloof. Dit aanbrengen geschiedt gewoonlijk op Driekoningen, 6 januari, maar op een andere datum is ook goed.

 

 

medaille van Rosa Mystica

 

 

 

Beschermd door het kruis en de medailles

 

Een begenadigde ziel, New York, 14 april 1984 :

24. Jezus: Bidt, en draagt uw Sacramentaliën. En ook vraag Ik u, kinderkens, om een Kruisbeeld op uw deur te bevestigen. Beide deuren, de voordeur en de achterdeur, moeten een Kruisbeeld krijgen. Ik zeg dit tegen jullie, want er zal een vreselijke slachting zijn in uw wijk, en deze zal bij u voorbij gaan als gij het Kruisbeeld op uw deuren houdt bevestigd.

 

Een ware zienares (Nowra Australië)

De Moeder Gods: Dan is er het bestrijken van de kozijnen van ramen en deuren met Heilige Olie of Was. U kunt beide doen. U moet een Sint Benedictusmedaille, en een klein kruis, op ieder venster leggen, of ertegen bevestigen, beter nog, lijm of nagel het ergens vast, waar het niet zo opvalt.

 

Angel Munoz, op de berg Murta bij Alcira, Valencia, Spanje, 15 augustus 1989 :

25. Onze Lieve Vrouw: In heb het klagen van mijn kinderen gehoord. Ik zegen nogmaals de medailles van de Heilige Aartsengel Michaël en van de Heilige Benedictus, kinderkens, daar ik weet, dat velen van u er nog geen hebben. Het is echter belangrijk, dat deze in uw huizen aanwezig zullen zijn, opdat het water niet zal bederven, en opdat de vensters beschermd zullen blijven tijdens de straffen, welke op de aarde, en op Spanje, zullen neerkomen.

 

26. De hemel heeft ons opdracht gegeven om altijd het gewone kruisteken te maken over alles wat wij eten, of drinken, of bereiden om te eten, of te drinken. Dit geldt zelfs voor het nemen van een slok water, of een snoepje, en het eten van een appel. Bid men de gewone liturgische tafelgebeden voor en na elke maaltijd, dan maakt men al vier kruistekens. Dat volstaat dus zeker.

27. Men kan voor en na elke maaltijd, als onderdeel van het gewone liturgische tafelgebed, ja, zelfs voor en na elke hap eten of slok drinken, bidden:

“Door Uw almacht, Heer-God, bevrijd al ons voedsel en onze dranken, en ook de lucht, die wij inademen, van elke bezoedeling, die ons zou kunnen schaden”.

Amen.

Dank u, Heer !

 

 

medaille van St Jozef

 

 

 

De auto

 

28. Laat uw particuliere auto, en uw bedrijfsauto, door een priester zegenen. Let er op dat de priester het goede wijdingsformulier gebruikt. Hang in uw auto medailles, bijv. die van Sint Benedictus en de Wonderdadige Medaille. En natuurlijk medailles van Sint Jozef, van Sint Christophorus en van de Heilige Aartsengel Raphaël, de patronen van de reizigers.

 

 

Gewijde olie en zout

 

André, Brussel, 30 mei 1985 :

29. Zorg voor gewijde olie. Bedoeld wordt spijsolie, zoals olijfolie, maisolie, zonnebloemolie, druivenpitolie, tarwekiemolie, e.d. in flessen of vaatjes. De olie kan in de flessen of vaatjes blijven tijdens de wijding, mits ze worden geopend door de sluiting er tijdelijk af te nemen. Laat de priester deze wijden met het goede formulier. Sluit daarna de flessen en vaten weer goed af.

30. Er bestaan ook enkele speciale oliën, zoals die, welke wordt uitgezweten door de stenen sarcofaag van de Heilige Monnik Sint Charbel in de Libanon. De hemel heeft hem aangewezen als de Heilige voor de Vrede van de Laatste Dagen. Wij moeten tot Sint Charbel bidden om vrede – Heilige Charbel, geef ons de vrede en hem eer bewijzen. Wij moeten onszelf en anderen met deze olie zegenen, bijvoorbeeld door een kruisje met de ingeöliede duim op het voorhoofd te tekenen. Doe dit vooral bij de kinderen.

31. Deze genade-oliën, vooral die van Sint Charbel, bezitten gewoonlijk genezende en beschermende werking. Als de voedselvoorraden van de wereld radio-actief besmet zullen zijn, moeten wij bij elke bereiding van voedsel een beetje van de olie van Sint Charbel in de te gebruiken spijsolie, of in de olie voor de salades, doen om de etenswaren te zuiveren. Drie druppels van de gewijde olie is voldoende. Echter, Olie van Sint Charbel is moeilijk te verkrijgen.

32. Al het andere voedsel, dat gegeten wordt zonder olie, moet worden gewassen in water, dat wat genadewater of wijwater bevat, ook hier zijn drie druppels voldoende, en ook al dat voedsel zal dan worden gezuiverd van de besmetting. Eventueel druppele men drie drupples op vaste spijzen, zoals een harde korst brood, of een appel. Maar bedenk wel, men moet geloven, wil dit echt werken, zo zegt de hemel het .

33. Het Heilige Hart: Wijwater zal uw lijden kunnen verzachten, de olie zal uw pijnen verlichten, de medailles en de beelden van de Heilige Benedictus zullen de plagen doen verdwijnen.

 

 

medaille van St Michaël

 

 

 

Little Pebble van Nowra in Australië, 3 maart 1990 :

34. Onze Lieve Vrouw: Om deze reden zei Ik u, lieve kinderen, de olie van Sint Charbel en wijwater te gebruiken om u te beschermen. De instructies, die Ik u, al gedurende vele jaren heb gegeven, moeten worden opgevolgd. De Boze vervuilt het water, vergiftigt het voedsel, en bezoedelt de lucht, niet slechts met zijn stank, lieve kinderen, maar ook door gebruik te maken van de gevallen menselijke natuur, waardoor velen zijn werktuigen zijn om de mensheid te vernietigen.

 

35. Nu volgen de instructies van Onze Lieve Vrouw teneinde elke soort Heilige Olie te vermeerderen: Verwerf u een hoeveelheid zuivere spijsolie. Steek een kaars aan. Spreek de Geloofsbelijdenis van de Apostelen, dan één Onze Vader, drie Weesgegroeten, en éénmaal Eer aan de Vader. Voeg drie druppels van de gewijde olie of Sint Charbel olie, toe aan de te wijden massa olie onder voortdurend gebed. Men kan bijvoorbeeld achtereenvolgens telkens de drie druppels reeds gewijde olie toevoegen aan een reeks geopende flessen met te wijden olie, welke flessen naast elkaar staan opgesteld.

36. Als er in de toekomst radio-actieve besmetting optreedt, moeten aan al het met olie te bereiden en te eten voedsel drie druppels van de gewijde olie worden toegevoegd. Drie druppels zijn voldoende om de besmetting weg te nemen. Iedereen wordt aangeraden om een flinke voorraad gewijde olie in huis te hebben.

 

 

 

medaille van het kind Jezus

 

 

 

Genadewater en wijwater

 

37. Zorg voor wijwater. Wijwater is normalerwijs niet bedoeld om te drinken. In parochies voorradig wijwater is dikwijls al oud. Laat dus een priester vers en zuiver water nieuw wijden. Dit water kan zuiver leidingwater (zonder chloor), of zuiver bronwater (zonder prik), of mineraalwater zijn. Bijv. Spa Reine, of dergelijk bronwater. Gechloreerd leidingwater moet men slechts in noodgevallen gebruiken. Zorg voor zuivere flessen met stop. Bijvoorbeeld lege glazen (of plastiek) flessen van bronwater met stevige draaidop zijn zeer geschikt om weer opnieuw te vullen.

38. Stort de aangekochte flessen, of het andere zuivere water, leeg in een proper vat. Dit water wordt dan gewijd. Let er op dat de goede gebedsformule wordt gebruikt. Laat de priester gewijd zout toevoegen, zoals het hoort. Dit zout verhoogt ook de houdbaarheid. Na de wijding het water met een schone trechter in de flessen teruggieten. Flessen goed afsluiten. Straks moet u ook anderen kunnen helpen. Leg dus een flinke voorraad aan. In noodgevallen kan het wijden ook geschieden door het water in de flessen te laten zitten, en de doppen er vanaf te draaien, zodat de fles open is. Dan kan de priester ook telkens een snufje gewijd zout in de flessen doen.

39. Zorg voor genadewater, dat is bronwater uit een genade-oord, zoals Lourdes, Fatima, Kerizinen, Montichiari, San Damiano, enz. Dit water is even goed als, of zelfs beter dan, het gewone wijwater. Het water van San Damiano is speciaal geschonken en gezegend voor het strafgericht, de Grote Waarschuwing.

Het dichtste bij gelegen is de bron van Banneux ten Zuid-Oosten van Luik. Dan Marpingen in het Saarland, ten Zuiden van Trier. Zorg voor goed afsluitbare plastiek vaten, kannen, jerrycans, e.d. van 5 tot 10 of meer liter inhoud, welke speciaal voor drinkwater zijn bestemd. Denk aan het soort vaten bestemd voor kampeeruitrusting. Men nemen eventueel ledige en goed gereinigde melkflessen of melkvaatjes. Gebruik niet de soort vaten bestemd voor benzine om gewijd of drinkwater in op te slaan. Bewaar de vaten thuis goed afgesloten, liefst op een koele en donkere plaats.

40. Men kan dagelijks, gewoonlijk ’s avonds voor het donker wordt, huis, erf, stallen, bijgebouwen, e.d. rondgaan, en met een gewijd palmtakje wijwater, of water uit een genade-oord, overal sprenkelen. Men kan dit ook doen, als er zich onaangename voorvallen in huis of op het erf hebben voorgedaan, na inbraken, of na vechtpartijen, na hevige ruzies, na losbandigheid, e.d. Het wijwater of het genadewater verdrijft de duivels, die mensen negatief beïnvloeden.

 

 

medaille van St Raphaël

 

 

 

 

Sint-Jozef-water

 

 

André, Brussel, 8 mei 1985 :

41. Een zeer bijzondere soort genadewater is dat van de Sint Jozefbron op het heiligdom van Nowra, Nieuw-Zuid-Wales, Australië. Onze Heilige en Gezegende Moeder heeft gezegd, dat de bron zo genoemd moest worden ter ere van Sint Jozef. Het water ziet er uit alsof het uit de harde rotsen komt. Hoe meer mensen er zijn bij het heiligdom, des te meer water geeft de bron. Hoe minder mensen, des te minder water wordt er gegeven door de bron.

42. Men moet dit Sint-Jozef-water gebruiken zoals elk ander genadewater of wijwater: Om mede te zegenen, om te drinken, om in het eten te gebruiken, en men moet het in zijn voorraad water doen om bevriezen te beletten. Maar bedenk, dat elke zegening met genade- of wijwater, of met gewijde olie, afhangt van ons geloof daarin.

43. Nu volgen de instructies van Onze Lieve Vrouw teneinde het Sint-Jozef-water van Nowra te vermeerderen: Verwerf u een hoeveelheid zuiver water. Steek een kaars aan. Spreek de Geloofsbelijdenis van de Apostelen, dan één Onze Vader, drie Weesgegroeten, en éénmaal Eer aan de Vader. Voeg drie druppels van het Sint-Jozef- water toe aan de te wijden massa water onder voortdurend gebed.

44. Van dit water kan men kleine teugjes drinken, en iedereen kan zich zegenend met dit water besprenkelen. Als er in de toekomst radio-actieve besmetting optreedt, moeten drie druppels van dit water (of van gewoon wijwater, of van gewijde olie) aan al het water, waarmede het voedsel voorafgaand wordt gewassen, en aan het kooknat, worden toegevoegd. Drie druppels zijn voldoende om het voedsel te reinigen van alle radio-actieve bezoedeling. Iedereen wordt aangeraden om een voorraad wijwater en genadewater in huis te hebben.

45. Het Heilige Hart: Hebt steeds wijwater bij de hand. Draagt Mijn beeltenis en Mijn medaille met liefde, met vertrouwen, en met geloof. Bidt veel.

 

 

medaille van St Antonius

 

 

San Damiano, 18 november 1966 :

46. De Heilige Maagd Maria: Komt aan de bron dit genadewater drinken. Wast u er mee. Drinkt er vol vertrouwen van. Velen zullen van hun lichamelijke kwalen worden genezen, velen zullen heilig worden.

 

San Damiano, 26 mei 1967 :

47. De Heilige Michaël, sprekend in naam van God de Vader: Ik verkondig, dat allen grote jerrycans moeten aanschaffen om hier veel water te halen. Houdt ook kleine schalen gereed. Wanneer de verschrikkelijke strijd van de vertwijfeling aanbreekt, zult u vele afschuwelijke dingen zien. Giet dit water dan in de schalen, dompel uw gelaat er in, en u zult gered worden. 

 

 

 

Angst en vrees verjagen

 

 

Marie-Julie de Jahenny, Blain, West-Frankrijk, 19e en 20e eeuw :

48. Onze Lieve Heer: Om alle angst en vrees te verjagen, moet gij uw voorhoofd aanraken met een afbeelding van Maria de Onbevlekte, of met haar zoete Wonderdadige Medaille. Uw geest zal kalm blijven. Uw verstand zal niet bevreesd worden door het naderbij komen van het schrikbewind van de mensen.

 

 

 

Vuur uit de hemel weerstaan

 

Marie-Julie de Jahenny, Blain, 23 februari 1928 :

49. Het Heilig Hart van Jezus over vuur uit de aarde en uit de hemel: De hitte zal verschrikkelijk zijn. Een kruisteken, gemaakt met wijwater, zal de warmte doen verminderen en de vonken terugdrijven. Gij moet vijf kussen geven aan de kruisjes, waaraan een aflaat is verbonden. Kruisjes [met vinger of duim] getekend op de vijf wonden van een afbeelding van de gekruisigde Jezus, zullen hetzelfde gevolg hebben.

 

 

 

Zalf van rozenblaadjes

 

50. De zalf van het ‘Goddelijk Wezen’ wordt te Nowra in Australië vervaardigd op instructies van Onze Lieve Vrouw. De zalf wordt gemaakt van Rozenblaadjes, die worden geplaatst onder een metalen Kruisbeeld, dat van tijd tot tijd bloed en zweet afgeeft. Dit Kruisbeeld bevindt zich in de Kapel van Alle Verschijningen op de heilige gronden van de verschijningsplaats te Nowra. Onze Lieve Vrouw zegde Little Pebble de zalf te bereiden van de gekneusde rozenblaadjes, met de bedoeling deze te gebruiken om lichaam en ziel te helen in de Laatste Dagen. Deze zalf kan echter ook nu al worden gebruikt.

51. Gebruiksaanwijzing: Breng de zalf aan op de aangetaste of op de gekwetste plaats. Maak daarna het Kruisteken, bid één Weesgegroet, en roep het Kostbaar Bloed van Jezus aan. Onze Lieve Vrouw zeide op 19 mei 1994 dat er vele manieren zijn waarop wij deze zalf kunnen toepassen. Het bovenstaande is slechts een suggestie.

52. Op 13 juni 1995 zegende Onze Heilige Moeder alle rozenblaadjes in de Kapel van Alle Verschijningen, en vroeg, dat er een zalf of crème zou worden gemaakt, speciaal bestemd om rheuma te genezen. Deze wordt op dezelfde wijze aangebracht als de helende zalf van het Goddelijk Wezen, en deze crème wordt gemaakt met zuivere stoffen, zoals oliën en lotions, en wordt lichtjes geparfumeerd.

Men bestelle deze zalven in Australië (brief in het Engels; bankbiljetten, Australische dollars of Euros, voor de kosten van het opsturen, bij de brief insluiten). Adres: Little Pebble, P.O. Box 815, Nowra, N.S.W. 2541, Australia.

 

 

medaille van de Heilige Geest

 

 

 

De gezegende zakdoekjes met de afbeelding van de Drie Harten

 

Doornstruikje, L’Avenir, Québec, Canada, octber 1994 :

53. Boodschap van de Heilige Maagd aan Doornstruikje in october 1994: Ik ben tevreden, dat gij aan mijn wens gehoor hebt gegeven, lief kind.

Dit betrof het doen vervaardigen van een zakdoekje met aan de ene zijde een kruis en de spreuk: “O, Maria, zonder zonde ontvangen, bid voor ons, die onze toevlucht tot u nemen.”

Aan de andere zijde de drie verenigde harten: het Allerheiligste Hart van Jezus, het Onbevlekt Hart van Maria en het Zeer Zuivere Hart van Sint Jozef, met de spreuk: “Jezus, Maria, Jozef, ik bemin u. door uw Verenigde en Ondeelbare Harten, redt de zielen.”

Boven de drie harten drie vurige vlammen, die naar boven toe één vlam worden, welke de goddelijke liefde en barmhartigheid voorstelt.

54. Aan deze zakdoekjes zijn de navolgende genaden, beloftes en zegeningen verbonden:

Lief kind, ik wens, dat gij zult weten, dat elk van die zakdoekjes mijn moederlijke mantilla vertegenwoordigt. Al mijn kinderkens, die mijn mantilla dragen, ontvangen deze bijzondere genade. Deze bijzondere genade zal een troost zijn voor de stervenden, mits zij [de zakdoekjes] zijn gezegend door een van mijn priester-zonen, en Ik zal bij hen aanwezig zijn tijdens hun sterven als een schild tegen de bekoring. Zij [de doekjes] zullen vertroosting bieden aan de zieken.

55. Tijdens de duistere dagen zullen zij een speciaal schild zijn en een bescherming tegen de demonen. En zij zullen moeten worden gebruikt om het goede van het kwade te onderscheiden gedurende de dagen van duisternis, wanneer zij sluiers van waarheid zullen worden.

Al mijn lieve kinderen, die deze zakdoekjes dragen, of die ze bewaren in hun woningen, zullen in Onze Verenigde en Ongedeelde Harten blijven, en Onze Ongedeelde en Verenigde Harten zullen voortdurend over hen waken.

Bijzondere genaden van genezing zullen worden verleend en bekeringen tot het ware geloof, volgens de wil van mijn Zoon. Deze sacramentaliën hebben een bijzondere zegen ontvangen van Onze Verenigde en Ongedeelde Harten.

Zij moeten worden gegeven aan allen, die zij wensen [te ontvangen], tesamen met mijn gezegende rozenblaadjes, tegen een kleine gift, opdat er weer andere zouden kunnen worden gemaakt.

 

 

 

Gewijde druiven

 

56. De wonderbaarlijke, kracht gevende druiven werden door Onze Lieve Vrouw geschonken aan Mama Rosa Quatrini, in San Damiano, Italië. Deze druiven zullen het gelovige volk kracht geven, en in leven houden gedurende de tijd van de Antichrist, tijdens oorlogen, hongersnoden, droogtes, rampen, plagen, en ziektes.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De vogels in de Bijbel.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

In de Bijbel worden op talloze plekken verwezen naar vogels, de ene keer in het algemeen en de andere keer zeer specifiek naar een bepaalde vogel, zoals een mus, een arend, een duif of een kraanvogel. 

 

 

Vogels in de bijbel - algemeen: rein/onrein en Gods zorg

 

.

.

 schepping en algemene aanduiding

 

In de Nieuwe Bijbel Vertaling heeft men het vaak over ‘de vogels aan de hemel’. (Psalm 8:9)

In het Bijbelboek Genesis kunnen we lezen dat God op de vijfde dag de vogels maakt:

  • God zei: ‘Het water moet wemelen van levende wezens, en boven de aarde, langs het hemelgewelf, moeten vogels vliegen.’ En hij schiep de grote zeemonsters en alle soorten levende wezens waarvan het water wemelt en krioelt, en ook alles wat vleugels heeft. En God zag dat het goed was. God zegende ze met de woorden: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk en vul het water van de zee. En ook de vogels moeten talrijk worden, overal op aarde.’ Het werd avond en het werd morgen. De vijfde dag. (1:20-23)

 

 

 

Reine en onreine vogels in de Thora

 

De Thora maakt een onderscheid tussen reine en onreine vogels. Alle vogelsoorten die rein zijn, mogen de Israëlieten eten. De volgende vogels mogen niet gegeten worden:

 

de vale gier;

de lammergier;

de zwarte gier;

de rode wouw;

de verschillende soorten buizerds;

alle soorten kraaien en raven;

de struisvogel;

de velduil;

de bosuil;

alle soorten valken

de steenuil;

de ransuil;

de katuil;

de dwergooruil;

de visarend;

de visuil;

de ooievaar;

de verschillende soorten reigers;

de hop; en

de vleermuis. (Deuteronomium 14:12-18; vgl. Leviticus 11:13-19)

 

 

De visarend / Bron: MinoZig / Wikimedia Commons

 

 

Volgens drs. Ben Hobrink in ‘Moderne wetenschap in de bijbel’, zijn de beschermde vogels vooral belangrijk voor het biologische evenwicht in de natuur. God gaf niet zomaar een willekeurig lijstje met vogels op. Hobrink legt uit dat de beschermde vogels grofweg zijn in te delen in zes groepen of clusters:

  1. Kraaiachtigen – zijn echte alleseters, die hetgeen grote aaseters laten liggen oppeuzelen.
  2. Gieren en wouwen – deze dieren ruimen kadavers op, ze houden het milieu schoon.
  3. Roofvogels en uilen – Pas sinds enkele tientallen jaren weten we hoe belangrijk de bescherming van deze dieren is. Ze voeden zich met schadelijke dieren (ratten en muizen), ze ruimen kadavers op en doen zich te goed aan zwakke dieren.
  4. Ooievaars, reigers, ibissen en roerdompen – naast vis – vooral dode en zieke exemplaren – staan er muizen en sprinkhanen op hun menu.
  5. Bijeneters en hoppen – doen zich onder andere te goed aan sprinkhanen en andere insecten.
  6. Struisvogels – Volgens Hobrink is van deze vogel nog niet bekend waarom de struisvogel beschermd werd, waarschijnlijk omdat het een alleseter is.

 

 

Deze beschermde vogels zijn dus belangrijk voor het biologische evenwicht. Vogels die rein zijn volgens de voorschriften in de Thora, zijn niet belangrijk voor het in stand houden van dit evenwicht; zij eten vis, insecten, waterplanten, kevers, zaden, enz. Het zijn geen opruimers.

 

 

 

Gods zorg voor vogels (dieren) en de mens

 

Jezus wees naar de vogels in de lucht om te laten zien dat God voor deze schepselen zorg draagt:

Kijk naar de vogels in de lucht: ze zaaien niet en oogsten niet en vullen geen voorraadschuren, het is jullie hemelse Vader die ze voedt. Zijn jullie niet meer waard dan zij? (Matteüs 6:26)

Maar de boodschap reikt verder dan dat. Als onze Vader die in de hemel woont voor de vogels zorgt, dan zal Hij toch zeker Zijn kinderen geven wat ze nodig hebben?

Dat de mens van het dier en vogels kan leren, komt ook in het Oude Testament voor:

Vraag het vee hiernaar, het zal je onderrichten, vraag de vogels in de lucht, ze zullen het verkondigen. (Job 12:7)

 

 

Bescherming tegen een demon

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De Mensenzoon heeft geen tehuis

 

Zelfs vogels die een rusteloos bestaan leiden hebben een veilige nest, een thuis, terwijl de Zoon des Mensen geen tehuis heeft:

Jezus zei tegen hem: ‘De vossen hebben holen en de vogels hebben nesten, maar de Mensenzoon kan zijn hoofd nergens te ruste leggen.’ (Lucas 9:58)

De man aan wie Jezus dit zei, had tegen Jezus gezegd: “Ik zal u volgen waarheen u ook gaat.” Hij realiseerde zich niet dat al wie Jezus wil navolgen, moet delen in zijn rusteloos bestaan.

 

 

 

Vogelvallen en de vluchtende mens

 

De vogel wordt belaagd door vogelvangers: “… zoals een vogel in het net vliegt en niet merkt dat het hem zijn leven kost.” (Spreuken 7:23)

Of, zoals Prediker het uitdrukt:

“Nooit weet de mens wanneer zijn tijd gekomen is: zoals de vissen verraderlijk worden gevangen door de fuik en de vogels door de val, zo wordt de mens verrast door de verraderlijke tijd, wanneer die als een klapnet op hem valt.” (9:12)

De mens die in het nauw wordt gebracht of vluchtende en opgejaagd is, wordt in de Bijbel diverse keren vergeleken met een vogel:

 

Psalm 11:1

Psalm 124:7

Spreuken 6:5

Spreuken 27:8

Jesaja 16:2

 

 

 

Bloed van vogels, reinigingsritueel en Jezus

 

In het Bijbelboek Leviticus kunnen we lezen dat het bloed van vogels een rol speelt in het reinigingsritueel.

De HEER zei tegen Mozes: ‘Dit zijn de voorschriften die van toepassing zijn wanneer iemand die door huidvraat getroffen is, weer rein kan worden verklaard. Zo iemand moet naar de priester worden gebracht, en de priester moet buiten het kamp onderzoeken of hij van zijn huidvraat genezen is. Als dat zo is, moet de priester opdracht geven om voor degene aan wie de reiniging moet worden voltrokken twee levende, reine vogels te halen, en cederhout, karmozijn en majoraan.

De ene vogel laat hij slachten boven een met bronwater gevulde aarden schaal. De andere, levende vogel moet hij, net als het cederhout, het karmozijn en de majoraan, in het bloed van de boven het bronwater geslachte vogel dopen, en met dat bloed moet hij degene die na zijn huidvraat moet worden gereinigd zevenmaal besprenkelen.

Daarna verklaart hij hem rein. De levende vogel moet hij vrijlaten in het open veld. Degene aan wie de reiniging wordt voltrokken, moet zijn kleren wassen, al zijn haar afscheren en zich met water wassen. Dan is hij weer rein. Daarna mag hij in het kamp terugkeren, maar hij moet zeven dagen buiten zijn tent blijven. Op de zevende dag moet hij opnieuw al zijn haar afscheren, zijn hoofdhaar, zijn baard en zijn wenkbrauwen. Al zijn haar moet hij afscheren en zijn kleren en zijn lichaam moet hij met water wassen; dan is hij weer rein…’ (14:1-9)

In Marcus 1:40-45 lezen we dat Jezus in Galilea een man van huidvraat (lepra) geneest. Jezus stuurde hem naar de priester om te laten zien dat hij genezen was en het reinigingsoffer dat Mozes heeft voorgeschreven te brengen, als getuigenis voor de mensen. Jezus had de man gereinigd en de priester moest hem rein verklaren. Dit stuk laat zien dat Jezus zich aan de wet van God hield. Hij houdt zich aan de voorschriften zoals beschreven staan in Leviticus. Het zegt dat het hier gaat om een echte genezing, want priesters moeten vaststellen en bevestigen. Dit is dan tevens een getuigenis van Jezus’ liefde en goddelijke macht.

 

 

 

 

 

Diep symbolische betekenis

 

Er schuilt een diep symbolische betekenis in het Bijbelgedeelte. De vogel die geslacht wordt en de besprenkeling die daarop zevenmaal volgt:

zeven is het getal van de compleetheid en totaliteit en wijst op de offerdood van Jezus, het bloed van Jezus reinigt ons van alle zonde. (1 Johannes 1:7) Jezus’ offerdood reinigt ons totale wezen.

En dan is daar nog de levende vogel die vrijlaten wordt in het open veld. Die verwijst naar de heilige Geest die in de gedaante van een duif op Jezus neerdaalde, nadat Hij zich had laten dopen. (Lucas 3:22) Na overgave aan Jezus en reiniging van zonde, komt de Heilige Geest over ons met al het goede dat daarbij hoort: “Allen die door de Geest van God worden geleid, zijn kinderen van God.” (Lees: Romeinen 8:14-17)

 

 

 

 

 

 

Leviticus 14: 1 – 7

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

 

Leviticus 14: twee vogels-wet op de melaatsheid, huidvraat

 

 In de reinigingswet voor de melaatse zoals beschreven in het Bijbelboek Leviticus, zien we een type of verwijzing naar de dood en de opstanding van Christus. De twee vogels verwijzen naar de dood en de opstanding van de Heer Jezus Christus, gelijk er staat geschreven in Romeinen 4:25: “Hij heeft Jezus voor onze zonden laten sterven en Hem uit de dood laten terugkomen om ons rechtvaardig te verklaren.”

 

 

Leviticus 14: twee vogels - wet op de melaatsheid, huidvraat

 

 

Zoals beschreven in de Tenach, het Oude Testament, is de wet op de melaatsheid een verwijzing naar de dood en de opstanding van Christus

.

 

Leviticus 14:1-7

 

De Here gaf Mozes de volgende voorschriften voor iemand die van zijn melaatsheid genezen is verklaard: “De priester zal het kamp verlaten om hem te onderzoeken. Als hij ziet dat de melaatsheid is verdwenen, zal hij vragen om twee levende vogels die mogen worden gegeten, cederhout, scharlaken en hysop om die te gebruiken bij de reinigingsceremonie van de genezene.

De priester zal dan opdracht geven één van de vogels te slachten boven een raderwerken pot waarin zich fris bronwater bevindt. De andere vogel zal, samen met het cederhout, scharlaken en hysop in het bloed van de gedode vogel worden gedoopt. Vervolgens zal de priester zevenmaal bloed sprenkelen over de man die is genezen. Daarna zal hij hem rein verklaren. De levende vogel zal hij in het open veld laten vliegen.

 

In deze wet schuilt een metaforische verwijzing naar de opstanding en verheerlijking van Christus. Juist dit specifieke element,in het zoenoffer van Christus, is minder duidelijk aanwezig in de offerdienst van het Oude Testament, die zoals we weten vooruitwijst naar het ultieme offer dat Christus bracht aan het kruis. Dat maakt deze verwijzing zo bijzonder. Door het zoenoffer van Christus worden de zonden verzoend en worden mensen verzoend met God.

 

Het ritueel

 

Voor het reinigingsritueel zijn twee levende vogels nodig. Water heeft een helende, genezende en reinigende kracht. Cederhout staat voor duurzaamheid. Hysop die in scheuren van een muur groeit (1 Koningen 4 :33), is een soort huislook waarvan men een kwast kan maken en kan sprenkelen (Exodus 12:12). Met scharlaken wordt de hysop gebundeld, en herinnert aan het bloed (Numeri 19:6).

De ene vogel wordt geslacht boven een pot met levend water, waar vervolgens het bloed invalt. Hiermee verkrijgt men reinigingswater, waarin de andere vogel gedoopt wordt die daarna de onreinheid weg zal dragen. De vogel laat men in het open veld wegvliegen als symbool van de ontkoming aan de dood.

 

Melaatsheid staat voor zonde

 

Melaatsheid is in de Bijbel een type voor zonde, zoals tot uitdrukking komt in het reinigingsritueel door de priester en doordat er een schuldoffer gebracht moet worden (Leviticus 14:12,21). Zonde is het kwaad dat in de mens aanwezig is en zich uit door middel van boze daden. Het afschuwelijke van melaatsheid of huidvraat, beeldde aan Gods volk de door Hem gehate, verfoeilijke zonde uit. De melaatse wordt door het bloed van het offerdier als het ware gereinigd, net zoals de zondaar wordt gereinigd door het bloed van Christus (1 Johannes 1:7).

 

 

Helend bloed aan het kruis

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

De twee vogels

 

Net zoals de twee bokken op Grote Verzoendag tezamen wijzen op twee aspecten van het ene offer van Christus, zo wijzen de twee vogels in de wet op de melaatsheid ook op het ene offer van Christus, maar op een geheel andere wijze. De twee vogels verwijzen naar de dood en de opstanding van de Heer Jezus Christus, gelijk er staat geschreven in Romeinen 4:25: “Hij heeft Jezus voor onze zonden laten sterven en Hem uit de dood laten terugkomen om ons rechtvaardig te verklaren.”

De vogel die geslacht wordt verwijst naar de plaatsvervangende dood van Christus die voor onze zonden stierf. De tweede vogel die is bedekt met het bloed van de eerste vogel, mag vervolgens in het open veld wegvliegen. Dit verwijst naar de Heer die is opgestaan uit de doden.

 De zondige mens is gereinigd door het bloed van Christus, die plaatsvervangend voor ons aan het kruis stierf en opstond uit de dood. Als Jezus niet zou zijn gestorven, dan zou zijn werk niet volbracht zijn en als Hij niet zou zijn opgestaan uit de doden, dan zou het geloof geen betekenis hebben en zouden onze zonden niet vergeven zijn (1 Korintiërs 15:17).
.
.
.

Het volkomen offer van Christus

 

In Leviticus 14 vers 7 kunnen we lezen dat de priester zevenmaal bloed sprenkelt over de man die is genezen. Zeven is het getal van de volheid. Het wijst daarmee vooruit op het volkomen offer dat Christus bracht. Het bloed van Christus reinigt ons en heeft de weg tot God de Vader die door de zonde was versperd, weer vrijgemaakt.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

De mens en kledij

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

 

 

 

 

Kledij is belangrijk

 

De mens wordt naakt geboren, maar krijgt meteen een dekentje rond gewikkeld en tegenwoordig krijgt een pasgeboren baby dadelijk de eerste kleedjes aangetrokken die door de ouders werden meegebracht. Kledij heeft hier een dubbele functie: het biedt het pasgeboren kindje bescherming tegen de koude en het kan gezien worden als een verwelkomingsritueel.

Kledij beschermt de mens niet alleen tegen de kou of tegen schaamtegevoelens, maar onderscheidt mensen ook van elkaar. Kleding biedt groepsonderscheid wat men ziet bij sportteams, schooluniformen en jeugdverenigingen. Er is ook aparte kleding voor rechters, advocaten, soldaten, verpleegkundigen, bouwvakkers, etc.

Bovendien bestaat er ook gelegenheidskleding voor bruiloften, begrafenissen en vakantie. In de kerk is er ook liturgische kleding en hebben verschillende kleuren een eigen betekenis. Kleren maken de man. Kleding is heel belangrijk als je alleen al nagaat hoeveel spreekwoorden en gezegden er bestaan in verband met een hoed, pet, das, hemd, jas, broek, sokken of schoenen.

Kledij heeft doorheen de geschiedenis een functionele evolutie doorgemaakt waarbij het niet langer de beschermende factor tegen koude en andere weersomstandigheden is die primeert. Kledij is in de huidige westerse samenleving een uithangbord van de persoon geworden. In de straten en op school worden we geconfronteerd met de meest uiteenlopende klederdrachten.

We bemerken onmiddellijk een diversiteit aan stijlen. Mensen experimenteren met kledij, schoenen, juwelen en de gekste gadgets die ze vinden in modebladen, affiches langs de weg, etalages van de meest hippe of exclusieve winkels. Achter elke stijl kan een bepaalde levenswijze schuilgaan waarmee de persoon zich vereenzelvigt, al hoeft dat niet altijd zo te zijn.

 

 

 

 

 

Jongeren en kledij

 

Met kleding die bij je past, kun je jezelf zijn. Dat besef begint al op jonge leeftijd. Nadenken over het uiterlijk doet iedereen.  Op school wordt men dikwijls op zijn uiterlijk beoordeeld. Het zijn meestal de kinderen die mooie kleren aan hebben die de groep leiden. Zij zijn ‘stoer’ en ‘cool’.

Jongens proberen heel erg op te vallen. Dat doen ze voor de meiden. De meiden proberen ook heel erg op te vallen. Jongeren zijn vaak sterk met hun kledij begaan. Opmerkelijk is dat binnen de vriendenkring dezelfde kledingstijl voorkomt. Om als adolescent geaccepteerd te worden binnen een bepaalde subcultuur moet er aangesloten worden bij het achterliggende van die groep.

De identiteit van de jongeren wordt grotendeels bepaald door de groep waarbinnen ze zich profileren. Er wordt van hen verwacht dat ze zich vereenzelvigen met de gangbare opinies van de groep. Jongeren bevinden zich constant in de spanning van het uniek zijn., Zich bewegen in een groep is vaak een ‘heen en weer’ tussen het eigen denken en dat van de groep. Dergelijk proces van meegaan en verzet is spanningsvol en belangrijk om zichzelf te leren kennen.

Een identiteit vormen zonder daarbij rekening te houden met de ander en het beeld dat de ander over ons heeft, is onmogelijk. Het uiterlijk van de ander zet (on)bewust aan tot het vormen van vooroordelen tegenover die persoon. Zo zie je bij jongeren dat de ene subcultuur de leden van een andere subcultuur vaak beschouwt als helemaal anders en zelfs als onverstaanbaar, tegenstrijdig en minderwaardig. Identiteitsbepaling door middel van kledij bevat een dubbel proces: een positieve identificatie met de ene subcultuur en een negatieve identificatie met de andere subcultuur, waarvan men zich absoluut wil onderscheiden.

 

 

 

 

 

 

 

Religie en kledij

 

Ook tussen religie en kledij is er een nauwe band. Denken we maar aan de burka’s of de hoofddoek, het traditionele kleed dat moslimmannen ook hier in Vlaanderen vaak dragen, aan het zwarte pak met boordje waaraan het meisje in de Coca-Cola-reclame in de aantrekkelijke surfer meteen een priester herkende. Door middel van kledij gaat men zich hier identificeren met de religieuze gemeenschap waartoe men behoort en zich onderscheiden van de anderen.

Dit zorgt al eens voor problemen. Denken we maar aan de hoofddoekenkwestie die in verschillende westerse landen op dit moment met pieken en dalen aan de orde van de dag is. Maar ook binnen religieuze gemeenschappen kan kledij gebruikt worden om zich te onderscheiden. Bijvoorbeeld de verschillende klederdracht van broeder- en zustergemeenschappen, de kledij waardoor de priester zich tijdens de liturgische dienst onderscheidt van het volk, etc.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De mode-industrie en kledij

 

Een aantal modefabrikanten doen meer dan kleding maken. Achter sommige kledingmerken zit een bepaalde filosofie. Het bekendste merk met een duidelijke boodschap is ongetwijfeld Benetton, dat op tijd en stond de wereld opschrikt met choquerende reclamecampagnes, zoals de copulerende paarden, de kussende priester en non en het met bloed doordrenkte pak van een Servische soldaat.

Maar ook de Nederlandse ontwerpster Cora Kemperman wil meer doen dan enkel en alleen kleding ontwerpen. Zij heeft de stichting Amma opgericht, een goede doelen stichting waarmee financiële hulp gegeven wordt aan de ontwikkelingslanden waar hun kledij ook voor een stuk geproduceerd wordt.

 

 

 

 

 

ECO meisjes – Amma stichting

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De vier dieren uit de Openbaring van hoofdstuk 4

Standaard

categorie : religie

 

De vier dieren

 

“En het eerste dier leek op een leeuw, het tweede dier leek op een kalf, het derde dier had het gezicht als van een mens, en het vierde dier leek op een vliegende arend. En de vier dieren hadden elk voor zich zes vleugels rondom, en van binnen waren die vol ogen. Ze hadden geen rust en zeiden dag en nacht: Heilig, heilig, heilig is de Heere God, de Almachtige, Die was, Die is, en Die komt!” (Op 4:7,8)

 

 

 

 

Deze vier dieren zijn vier cherubs. Koning Salomo vervaardigde twee cherubs die hij vervolgens in de tempel van God plaatste. Dit kan je lezen in 1 Koningen hoofdstuk 6.  Maar deze cherubs komen ook voor in Ezechiël 1 en in 10. In Ezechiël hoofdstuk 1 krijgt Ezechiël het visioen van de levende wezens. Deze wezens vertonen veel gelijkenissen met die van Openbaringen.

“Hun gezicht leek op het gezicht van een mens, bij alle vier van rechts op de kop van een leeuw, bij alle vier van links op de kop van een rund, en alle vier hadden zij de kop van een arend.” (Ez 1:10)

 

 

Openbaring hoofdstuk 4 ; de troonsheerlijkheid van God

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De Cherubs hebben allemaal een symbolische betekenis en wijzen ons naar Christus zelf

 

De eerste was als een leeuw, wat zijn koningschap symboliseert. Christus wordt ook vergeleken met een leeuw. Hij is een brullende leeuw (Amos 1:2), (Jl 3:16).

De tweede was als een kalf wat zijn priesterschap symboliseert. In Leviticus 9 kunnen we lezen dat Aaron een kalf moest offeren als zonde-offer toen hij als priester ging dienen. Dat kalf wat geslacht moest worden als zonde-offer staat ook weer symbool voor het offer die Christus heeft gegeven voor de zonde van de mens aan het kruis.

De derde was als een mens. Wat Christus als mens symboliseert toen hij hier was als onze zaligmaker, dienaar, herder, onze leermeester, De zoon des mensen, Het vlees geworden woord.

En het vierde was als een arend, wat bescherming symboliseert. In Openbaringen 12:14 lezen we de vrouw die vleugels als van een arend krijgt en de woestijn in vliegt om buiten het bereik van de slang te blijven.

“En aan de vrouw werden twee vleugels van een grote arend gegeven, opdat zij naar de woestijn zou vliegen, naar haar plaats, waar zij gevoed wordt, een tijd en tijden en een halve tijd, buiten het gezicht van de slang.” (Op 12:14)

Deze vrouw symboliseert de kerk die beschermt wordt tegen de duivel.
Deze vier Cherubs vertonen karakter eigenschappen van Christus. Namelijk Koning, Priester, Zaligmaker en Beschermer.

 

 

 

De 4 cherubs en de 4 evangelisten

 

Er zit zelfs parallellisme tussen deze vier karakter eigenschappen en de vier evangelies.

Mattheüs schrijft vooral over zijn koningschap en het koninkrijk der hemelen,

Markus legt de nadruk meer op zijn priesterlijke kant. Als dienaar van de mens. De taak van de aardse priesters was om het volk te dienen als ze hadden gezondigd.

Lukas beschreef vooral zijn menselijke kant. De zoon des mensen.

En Johannes beschrijft vooral zijn Goddelijke kant. God als beschermer.

In de laatste drie verzen uit Openbaringen 4 lezen we hoe deze vier dieren en de 24 ouderlingen God aanbidden, hun kronen voor zijn troon neergooien, en Christus vereren als schepper van alle dingen.

“U bent het waard, Heere, te ontvangen de heerlijkheid, de eer en de kracht, want U hebt alle dingen geschapen, en door Uw wil bestaan zij en zijn zij geschapen.” (Op 4:11)

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Het grote wonder van Garabandal

Standaard

categorie : religie

 

 

 

De Mariaverschijningen in Garabandal bleven niet bij eenvoudige gesprekjes en liefkozingen tussen Maria en de kinderen. Maria was gekomen om een twee kernboodschappen door te geven,namelijk van 18 okt. 1961 en 18 juni 1965

.
.
.
.

De 1e Boodschap van 18 oktober 1961

.

.

“Breng vele offers,
Doe veel boete,
We moeten vaak het H. Sacrament bezoeken,
Maar vooral moeten we zeer goed zijn,
Als men dat niet doet,
Dan zal een straf ons treffen,
De beker vult zich reeds,
Als wij niet veranderen zullen wij gestraft worden.”

 

.

 

De 2e Boodschap van 18 juni 1965.

 

“Omdat men mijn Boodschap van 18 oktober 1961 niet vervuld heeft, en men er geen grote bekendheid aan heeft gegeven in de wereld, wil ik U zeggen dat de nu volgende de laatste Boodschap is. Eerder vulde de beker zich. Nu loopt hij over (red.: de beker van Gods toorn). Vele kardinalen, bisschoppen en priesters gaan het pad van het verloren gaan op en nemen vele zielen met zich mede.

Aan de Eucharistie wordt steeds minder waarde gehecht. Wij moeten alle nodige pogingen in het werk stellen om Gods toorn, die zwaar op ons drukt, te ontwijken. Als gij Hem vergiffenis vraagt, met een oprecht gemoed, dan zal Hij U vergeven. Ik, uw moeder, wil U zeggen, door de bemiddeling van de H. Michaël, dat ge U moet bekeren.

Gij zijt al in de tijd der laatste waarschuwingen. Ik hou veel van U en ik wil uw veroordeling niet. Vraag ons oprecht en Wij zullen het U geven. (red.: ons/wij is God en Maria). Gij zult U opofferen. Mediteer het Lijden van Jezus.”

 

 

 

Interviews met de kinderen

 

 

Jacinta-15jaar

 

 

Loli-16-jaar

 

 

Conchita

 

 

 

Zieneres Jacinta

 

Februari 1977

 

De H. Maagd had Jacinta nooit over het Wonder verteld. Jacinta zei, dat wanneer zij Onze Lieve Vrouw ook vragen stelde over het Wonder, de H. Maagd eenvoudig antwoordde: “Iedereen zal geloven”.

 

.

 

Mari-Loli

 

Februari 1977

 

Vraag: Heeft u over het Wonder gehoord tijdens een verschijning en zo ja, door wie?

Antwoord: De Allerheiligste Maagd heeft het mij verteld

 

Vraag: Wat weet u over het Wonder?

Antwoord: Alles wat ik weet is dat het zal plaatsvinden binnen een jaar na de Waarschuwing.

 

 

 

Conchita

 

1973

 

Vraag: Wat gaat er gebeuren op die dag [van het Wonder]?

Antwoord: Ik zal u alles vertellen wat ik kan zeggen, precies zoals de H. Maagd het mij gezegd heeft. Zij vertelde mij dat God een groot Wonder zou verrichten en dat er geen twijfel zou bestaan over het feit dat het een wonder was. Het zal rechtstreeks van God komen zonder menselijke tussenkomst. Die dag zal komen en zij vertelde mij welke dag, de maand en het jaar; dus ik weet de exacte datum.

 

Vraag: Wanneer is die dag?

Antwoord: Het komt spoedig, maar ik kan het pas acht dagen vóór de datum bekendmaken.

 

Vraag: Wat gaat er die dag precies gebeuren?

Antwoord: Het is mij niet toegestaan om precies zeggen wat er gaat gebeuren. Wat ik wel mag zeggen is dat de H. Maagd zei, dat iedereen die daar aanwezig zal zijn [in Garabandal] het zal zien. De zieken die daar zijn zullen genezen worden, wat hun ziekte of hun godsdienst ook is. Zij moeten er echter aanwezig zijn.

 

Vraag: Heeft u gezegd dat degenen die op de dag van het Wonder aanwezig zijn, bekeerd zouden worden?

Antwoord: De H. Maagd heeft gezegd dat iedereen, die aanwezig is, zou geloven. Zij zouden zien dat dit rechtstreeks van God kwam. Alle aanwezige zondaars zouden bekeerd worden. Zij heeft ook gezegd dat men er foto’s van kon maken en het via de televisie zou kunnen uitzenden. Verder heeft zij gezegd, dat er van dat ogenblik af bij de pijnbomen een blijvend teken zou zijn, dat iedereen zal kunnen zien en aanraken, maar niet kunnen voelen. Ik kan het niet uitleggen.

 

Vraag: Zal er op de dag van het Wonder een uitzonderlijk teken zijn, dat niet door mensenhanden is gemaakt?

Antwoord: Ja. En dit teken zal daar blijven tot het einde der tijden.

 

Vraag: Wat betreft de zieke mensen, de H. Maagd heeft in het bijzonder iemand genoemd, een blinde man, Joey Lomangino. Wat zei zij over hem?

Antwoord: Zij zei dat Joey op het ogenblik van het Wonder nieuwe ogen zal hebben en dat hij vervolgens blijvend zal kunnen zien. Zij sprak ook over een jongen die verlamd is, wiens ouders uit mijn dorp komen [Garabandal]. Deze jongen zal ook genezen worden. Dit zijn de enige twee mensen die zij heeft genoemd.

 

Vraag: Kunt u ons iets vertellen over Pater Luis Andreu?

Antwoord: Ja. Deze priester kwam vaak naar ons dorp om te zien of de verschijningen echt waren of niet. Na enige tijd geloofde hij erin. Op zekere dag, terwijl wij in extase waren bij de pijnbomen, begon hij te schreeuwen: ‘Een wonder, een wonder, een wonder.’ Toen dit gebeurde zei de H. Maagd: ‘Op dit ogenblik ziet de priester mij en het Wonder dat zal gebeuren.’

 

Vraag: Zag Pater Luis werkelijk het Wonder?

Antwoord: Ja. Diezelfde dag, op de terugweg naar huis zei hij tot zijn vrienden: ‘Dit is de gelukkigste dag van mijn leven. Wat een geweldige moeder hebben wij in de hemel. De verschijningen zijn echt.’ Terwijl hij deze woorden sprak stierf hij.

 

Vraag: Zei de H. Maagd niet iets betreffende Pater Andreu, dat zou gebeuren op de dag van het Wonder?

Antwoord: Ja, zij zei dat op de dag van het Wonder zijn lichaam ongeschonden zou worden gevonden (Conchita verduidelijkte, dat het graf de dag na het Wonder zou worden geopend).

 

 

 

7 februari 1974

 

Vraag: U heeft gezegd dat het Wonder in Garabandal zou samenvallen met een grote gebeurtenis binnen de Kerk. Heeft Onze Lieve Vrouw u verteld wat die gebeurtenis zal zijn en kunt u iets toevoegen aan wat u reeds heeft gezegd over deze zaak?

Antwoord: Ja. Ik weet wat de gebeurtenis is. Het is een unieke gebeurtenis in de Kerk, die zeer zelden voorkomt en tijdens mijn leven niet is voorgekomen. Het is niet nieuw of ontzagwekkend, alleen zeldzaam, zoiets als de verklaring van een dogma, iets wat de hele Kerk aangaat. Het zal gebeuren op dezelfde dag als het Wonder, maar niet als gevolg van het Wonder, slechts bij toeval.

 

Vraag: Hoe zult u het Wonder aankondigen?

Antwoord: Dat weet ik niet precies. Ik zal zeer zeker om middernacht (acht dagen voor het Wonder) Joey [Lomangino] opbellen, maar ook de radio, de televisie en iedereen in de wereld die ik in staat acht te helpen om het nieuws snel te verspreiden. Ik maak me daar geen zorgen over. Ik weet dat als de H. Maagd wil dat u daar bent, u er dan zult zijn.

 

Vraag: Joey heeft gezegd dat hij onmiddellijk na de Waarschuwing naar Garabandal zal gaan. Weet u hoeveel tijd er zal verlopen tussen de Waarschuwing en het Wonder?

Antwoord: Het is een goed idee dat Joey na de Waarschuwing naar Garabandal gaat, maar ik weet niet hoeveel tijd er zal verlopen tussen de Waarschuwing en het Wonder.

 

Vraag: Denkt u vaak aan de dag van het Wonder en kijkt uit met spanning uit naar de komst van de Waarschuwing en het Wonder?

Antwoord: Soms denk ik dat het heel dichtbij is, soms ver weg. Wanneer ik eraan denk, dat de mensen de Boodschap niet naleven lijkt het zo dichtbij, omdat na het Wonder misschien de straf komt. Ik kijk er met spanning naar uit, ja. Ik wacht. De H. Maagd liegt nooit. De Waarschuwing en het Wonder moeten gebeuren, opdat de woorden van de H. Maagd in vervulling gaan. Het is alles tezamen één boodschap.

 

 

 

Februari 1977

 

Vraag: Heeft u het Wonder gezien of werd het u verteld?

Antwoord: De H. Maagd heeft me erover gesproken en heeft mij precies doen begrijpen hoe het zal zijn.

 

Vraag: Was u alleen of met de andere meisjes toen Onze Lieve Vrouw u over het Wonder vertelde?

Antwoord: Ik kan het mij niet meer herinneren.

 

Vraag: Hoe zal het Wonder eruitzien?

Antwoord: Zelfs al zou ik het proberen uit te leggen, ik zou niet in staat zijn om het goed te doen. Het is beter dat u het afwacht.

 

Vraag: Zou u nog eens kunnen zeggen tijdens welke maanden wij het Wonder zouden kunnen verwachten?

Antwoord: Van maart tot mei.

 

Vraag: Sommige mensen zeggen, dat de manier waarop u het Wonder zult aankondigen op zichzelf al een ‘wonder’ zal zijn. Kunt u dit uitleggen?

Antwoord: Ik geloof dat de manier waarop het gezegd zal worden ook een wonder zal zijn, omdat het voor mij een zeer grote verantwoordelijkheid is en ik een wonder nodig heb om het te zeggen.

 

Commentaar van Wim Langeveld: In 1977 kon niemand bevroeden wat voor een vlucht het Internet zou nemen. Dit wereldwijde informatie net brengt razendsnel alle gebeurtenissen uit diverse landen en plaatsen in de huiskamer. Per email wordt vanuit New-York de dag van het Grote wonder aangekondigd. Alle Garabandal sites en centra zullen deze aankondiging van Conchita bekendmaken. Daarin heeft Conchita gelijk dat het Internet een soort wetenschappelijk wonder is om op de meest snelle wijze de datum van het Grote Wonder bekend te maken.

 

Vraag: Als ik ver van het dorp in de bergen ben, maar ik kan wel de pijnbomen zien, zal ik dan het Wonder duidelijk kunnen zien? Als ik ziek ben, zal ik vanaf die afstand genezen worden?

Antwoord: U zult het Wonder duidelijk kunnen waarnemen, en als God het wil zult u worden genezen.

 

Vraag: Sommige mensen hebben gezegd dat op andere plaatsen in de Verenigde Staten en Europa mensen Maria heiligdommen zouden kunnen bezoeken en op die dag genezen kunnen worden. Wat weet u hierover?

Antwoord: De H. Maagd heeft mij hierover niets verteld.

 

Vraag: Zullen degenen, die sterk geloven in het komende Wonder, maar niet in staat zijn om het bij te wonen, vanwege hun levensstaat, bijvoorbeeld kloosterlingen, die dag speciale genaden ontvangen?

Antwoord: Dat weet ik persoonlijk niet. Het hangt af van deze mensen, van hun wensen, van hun geloof, van hun opoffering of hun gehoorzaamheid.

 

Vraag: Heeft Onze Lieve Vrouw ooit iets gezegd over de grote menigte mensen, die van plan is om enige dagen tevoren in Garabandal te zijn? Velen vragen zich bezorgd af hoe zij het zullen klaarspelen wat betreft het eten en de sanitaire voorzieningen. Kunt u daarover iets zeggen?

Antwoord: Laat dat in handen van God. Doe wat u kunt en wat het overige betreft, denk eraan: ‘God doet wonderen.’

 

Meer informatie van Conchita over het Wonder:

  • Het zal plaatsvinden bij de Pijnbomen in Garabandal op een donderdag om half negen ’s avonds.
  • Het zal gebeuren tussen de 8e en de 16e van de maanden maart, april of mei.
  • Het zal vallen op de feestdag van een jonge martelaar.
  • Het zal ongeveer 15 minuten duren.
  • De Paus zal het zien van waar hij zich ook bevindt, en Pater Pio zal het ook zien.*

In oktober 1968 in Lourdes vertelde Pater Bernardino Cennamo O.F.M. aan Conchita in Lourdes, dat Pater Pio het Wonder had gezien, voordat hij op 23 september 1968 stierf. Hij zei, dat Pater Pio hem dat zelf had verteld.

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Het Heilig Paterke van Hasselt

Standaard

categorie : religie

 

 

 


De heilige Valentinus

 

 

 

Heilig Paterke

 

Het “Heilig Paterke van Hasselt”, Jan Louis Paquay werd op 17 november 1828 in Tongeren geboren als vijfde kind van Hendrik Paquay en Anna Neven. Zowel de Paquay’s als de Nevens waren diep christelijke families met een eerlijke liefde voor God en de mensen. Arbeid, gebed en inzet voor elkaar was het stramien waarop hun familieleven was geweven. Jan Louis liep lagere en middelbare school in Tongeren, ging dan naar het Klein Seminarie te St.-Truiden, maar veranderde dan plots van richting en trad in bij de minderbroeders in Tielt.

Hij wilde volgeling worden van de H. Franciscus van Assisi. De minderbroeders waren door de Franse Revolutie uit hun kloosters in België verjaagd. De storm van de vervolging was gaan liggen en het kloosterleven bloeide weer op. In 1849 werd Jan Louis Paquay door de eerst provinciaal, Louis Bourgeois, aangenomen in de nieuw opgerichte Belgische Provincie. Hij kreeg de kloosternaam Valentinus.

Op het einde van zijn noviciaat had novicemeester, P. Vleminck als bezwaren om hem toe te laten tot zijn enkelvoudige geloften dat hij te veel bad en vastte. Deze overdreven praktijken wekten het vermoeden van een zekere hysterie, een ongezonde manier om de aandacht op zich te willen vestigen. Een tweede bezwaar was dat een minderbroeder niet slechts een contemplatief leven moest leiden, maar zich ook wijden aan het apostolaat.

De kandidaat hield aan dit verdict een huiduitslag over. Maar tenslotte werd in de raadsvergadering het roepingsprobleem van frater Valentinus anders bekeken en werd hij tot de geloften toegelaten.
In 1854 op 10 juni werd hij priester gewijd en benoemd bij de communiteit Hasselt, die sinds 1846, op verzoek van de deken Spaas, de dienst in de Onze Lieve-Vrouwekerk verzekerde.

Pater Valentinus wijdde zich aanvankelijk aan de missiepredikatie, maar spande zich zodanig in dat hij er in 1864 door een bloedspuwing mee op moest houden. Van dan af werden hem rustigere taken zoals klooster- en priesterretraites toegewezen. Van dan af werd zijn biechtstoel zijn groot apostolaat. Frequent werd hij geroepen om zieken en stervenden bij te staan. Altijd stond hij paraat. De laatste jaren van zijn leven kreeg hij staar op zijn beide ogen en begonnen zijn hartklachten toe te nemen. Tot drie weken voor zijn dood bleef hij zijn taak behartigen.

 

 

Graf van het Heilig paterke van Hasselt

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget