Tagarchief: gebed

† 1253 Clara van Assisi

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Clara (ook Chiara, Clare of Klara) van Assisi, Italië; abdis; † 1253

 

 

SaintClare

 

.

 

 

Feest 11 (& 12) augustus

 

Volgens de jongste onderzoekingen werd zij geboren in 1195 en was afkomstig uit een adellijke familie te Assisi. Ze was een jaar of achttien op het moment dat Franciscus daar met zijn aanstekelijke beweging begon. Naar diens voorbeeld brak ze met thuis, wist aan de greep van haar familie te ontsnappen, huwde net als Franciscus met Vrouwe Armoede en liet zich door hem het kloosterhabijt aantrekken.

Spoedig voegden zich andere vrouwen bij haar, onder wie haar zus Agnes die zij op spectakulaire wijze had helpen ontsnappen uit het ouderlijk huis. Veertig jaar lang stond zij aan het hoofd van het kloostertje van San Damiano, even buiten Assisi. Intussen groeide er tussen Franciscus en haar een hechte en diepe geestelijke vriendschap. Als hij niet zeker was van een bepaalde beslissing of niet wist hoe te handelen, liet hij zuster Clara om raad vragen, ook in zaken van gebed, boete, geestelijke leiding en apostolaat.

Franciscus stierf al in 1226 op 42-jarige leeftijd, luid beweend door zuster Clara en haar medezusters. Zij ging voort in de geest van Broeder Franciscus. Zo wist zij rond 1240 door het innige gebed dat ze deed geknield voor een monstrans met de Heilige Hostie erin, een dreigende inval van de Saracenen in Assisi te verhinderen. Vanaf dat moment wordt zij beschouwd als de redster van Assisi en van San Damiano.

Latere legendes weten zelfs te vertellen, dat zij bij die gelegenheid met de monstrans in de hand, onverschrokken de Saracenen tegemoet gegaan zou zijn, waarop dezen onverwijld de vlucht zouden hebben genomen. Zij stierf op 59-jarige leeftijd.

 

.

 

Legende

 

Dit alles vinden wij als volgt terug in een middeleeuws legendeboek Passional, uitgegeven te Augsburg in 1471-1472.

In de stad Assisi woonde een rijke edelman met een zalige, vrome vrouw; zij heette Torculana. Zij werd zwanger van het heilige kind Clara. Toen de tijd van baren nabij was, stapte zij een kerk binnen en ging voor een kruisbeeld staan en bad in grote ernst tot God dat Hij haar zou helpen bij de komende geboorte. Toen klonk er een stem: “Vrouwe, u zult een heilzaam licht baren dat de wereld verlichten zal.”

Daar was die vrouw heel blij over. En toen het kind eenmaal geboren was, wilde zij dat het Clara zou heten, want zij leefde in de hoop dat het de wereld zou verlichten, zoals de stem in de kerk haar beloofd had. Toen het kind de volwassen leeftijd had bereikt, leidde het een deugdzaam leven; ze nam een minimum aan voedsel tot zich.

De kleren die zij droeg, waren aan de buitenkant heel elegant en sierlijk, maar op het lijf droeg zij een ruw haren hemd. Haar hart was zuiver en haar lichaam kuis. Ze leidde kortom een goed leven. Toen kwam de tijd dat haar vrienden voor haar een geschikte huwelijkspartner gingen uitzoeken, maar zij deed er niet aan mee.

Sint Clara hoorde van de heilige levenswandel van Sint Franciscus. Ze verlangde ernaar hem eens te zien. Op zijn beurt hoorde Sint Franciscus van haar heilige levenswandel. Ook hij verlangde ernaar haar eens te zien en met haar te kunnen spreken. Hij zocht haar dus op.

Zij was daar blij mee. Sint Franciscus sprak heel vriendelijk met haar. Hij maakte haar duidelijk dat zij de wereld de rug moest toekeren en God tot echtgenoot moest kiezen. Zij hield ijverig vast aan dit woord. Ze zocht hem regelmatig op om nog meer van hem te leren. Aldus begon ze ernaar te verlangen alleen God te dienen; voor de wereld had ze geen oog.

Zo was Clara eens bij Franciscus in het bos bij de Onze-Lieve-Vrouwekerk, die Portiuncula heet. Ze spraken met elkaar over het zielenheil. Bij die gelegenheid zagen de mensen dat vurige stralen uit de hemel op hen neerdaalden. Het was toen vlak voor Palmzondag. Hij zei tot haar: “Op Palmzondag moet je in je mooiste kleren naar de kerk gaan, maar diezelfde avond moet je je vaders huis verlaten en je aan God toewijden.”

Clara deed wat hij zei: zij ging in haar mooiste kleren naar de kerk. Terwijl iedereen naar voren liep om een palmtakje in ontvangst te nemen, bleef zij heel devoot op haar plaats zitten. Dat zag de bisschop. Hij kwam het altaar af en gaf haar het palmtakje persoonlijk in de hand.

Diezelfde avond ontglipte zij uit het huis van haar vader. Zij liet al haar vrienden achter en kwam bij het Onze-Lieve-Vrouwekerkje van Portiuncula. Daar werd zij opgewacht door de broeders, die haar vol vreugde ontvingen.

Ze schoren haar de haren af. Vervolgens geleidde hij haar naar de Pauluskerk en beval haar daar voorlopig te blijven. Maar toen dit alles tot haar vrienden begon door te dringen, werden zij heel kwaad. Ze zochten haar daar op en zeiden: “Je moet de schande die je op je geladen hebt, onmiddellijk opheffen, want zoiets past niet bij een familie van adel!”

Daarop zei Sint Clara: “Niemand kan mij afbrengen van de dienst aan de almachtige God.” Ze liet hun zelfs haar afgeschoren haren zien. Kortom, ze voegde zich niet naar de woorden van haar vrienden. Hoopvol richtte zij haar hart op God en bad dat de woede bij haar vrienden zou wegebben.

Toen verhuisde zij op aanraden van Franciscus naar het kerkje van San Damiano. Daar bracht zij een groep tezamen en zette een orde op van veel vrouwen. Van toen af prees ieder haar zalig; haar roep drong overal door, zodat hertoginnen en gravinnen door haar heiligheid werden bewogen en intraden in haar orde.

Sint Clara was een nederige vrouw. Zij was vol lof over Franciscus en gehoorzaamde hem altijd. Zij droeg hem in haar hart, maar niet op de wereldse manier. Ze stond klaar voor al haar zusters, ze droeg eenvoudige kleren, ze waste haar zusters de voeten en bediende ze aan tafel. Ook vroeg ze aan de paus, Innocentius, of hij haar orde officieel wilde goedkeuren. Die was daar heel blij mee. Hij schreef haar eigenhandig de gevraagde brief.

Eens op een vastenavond had Sint Clara heel graag haar medezusters iets lekkers voorgezet. Zij riep dus de kelderzuster en vroeg of ze nog iets hadden. Maar zij zei: “Ik heb niets.” Toen dekte Sint Clara toch de tafel en knielde erbij neer; vervolgens vroeg zij God in haar gebed of Hij iemand de gedachte in wilde geven een brood en twee vissen naar het kloostertje te brengen.

Op datzelfde moment verscheen er inderdaad een vrouw; haar aangezicht straalde als de zon. Ze ging goed gekleed en ze droeg een mandje op haar hoofd. Dat mandje overhandigde zij aan de portierster met de woorden: “Geef dit maar aan Sint Clara.” De zuster vroeg haar toen: “Wie heeft u hierheen gestuurd?” Waarop die vrouw antwoordde: “Clara weet wel wie dit naar jullie gestuurd heeft.”

Toen verdween de mooie vrouw. De portierster bracht nu het mandje naar Sint Clara, en vertelde haar wat de mooie vrouw erbij gezegd had. Toen Sint Clara het mandje openmaakte, vond zij er twee gebraden vissen in en wat brood. Ze was heel blij en dankte God om zijn goede gaven. Vervolgens deelde zij het onder haar zusters uit; ze hadden meer dan genoeg.

De lieve maagd Sint Clara at alleen maar water en brood, terwijl ze op maandag, woensdag en vrijdag nooit schoenen droeg. Ze sliep ook niet in een bed met zachte veren, maar gewoon op de grond. In plaats van een hoofdkussen had ze een stuk hout.

Dat deed ze zo gedurende de lange vasten. Na Sint Maarten vastte ze elke dag door alleen water en brood te eten, terwijl ze drie dagen in het geheel niets at. Ze tuchtigde haar lichaam dermate dat ze er doodziek van werd.  Daarop schreef de bisschop van Assisi haar voor, tezamen met Franciscus, dat ze geen enkele dag meer geheel in vasten door mocht brengen.

De heilige maagd besteedde veel tijd aan de lof van God; ze bad heel vurig en langdurig, waarbij ze vaak huilde. Toen ze eens ’s nachts zo aan het bidden was, verscheen haar de duivel in de gedaante van een zwart kindje met de woorden: “Je moet niet zoveel huilen, anders word je nog blind.” Waarop zij antwoordde: “Wie God wil zien, is niet blind.” Toen verdween de boze geest.

In die tijd had je een graaf, die Vitalis heette en heel flink was in het vechten. Hij had het op de stad Assisi gemunt. Hij had gezworen dat hij haar zou veroveren, en nu trok hij tegen haar op. De burgers waren doodsbenauwd. Toen Sint Clara ervan hoorde, sprak zij tot al haar dochters: “Wij hebben veel aan de stad te danken; we moeten dus vurig tot God bidden dat Hij haar spaart.”

Ze strooide as op haar hoofd; dat deden de anderen ook. “Nu bidden we allemaal vurig tot God, dat Hij de stad spaart voor haar vijanden.” Zij baden vurig. En God verhoorde hun gebed. Hij kwam te hulp, zodat de vijanden meteen al de dag erop ertussenuit gingen.

Sint Clara had een zus die rijk was en van wie ze veel hield. Zij bad nu vurig voor die zus bij Onze Lieve Heer dat Hij haar zou weten te bewegen tot een geestelijk leven. Dat deed Onze Lieve Heer. Op de zestiende dag koos zij voor het klooster. Die zus, Agnes, werd door de Heilige Geest geroepen en ze meldde zich bij haar zus met de woorden: “Mijn allerliefst zusje, ik wil van nu af Onze Lieve Heer dienen.” Daar verheugde Sint Clara zich over. Zo kwam Agnes bij haar in het klooster.

Toen dat doordrong tot haar vrienden, kwamen er twaalf van hen naar het klooster. Ze spraken haar heel vriendelijk aan: “Waarom ben je hier naar toe gegaan? Kom vlug weer met ons mee, terug naar huis!” Daarop zei Agnes: “Ik wil niet meer weg bij mijn lief zusje. Daarop werd één van de ridders zo kwaad dat hij handtastelijk werd en haar een vuistslag toediende.

Desnoods zou hij haar het klooster uitslepen, waarop hij haar aan haar haren vastpakte. Doodsbenauwd smeekte zei: “Toe lief zusje, help mij!” Sint Clara riep nu vurig de hulp in van Onze Heer. Nu bleek Sint Agnes ineens zo zwaar te zijn geworden, dat een hele mensenmenigte haar nog niet over het kleinste beekje zou hebben kunnen dragen.

Toen ze dat bemerkten, begonnen ze de spot met haar te drijven: “Ze heeft natuurlijk lood gegeten; daarom is ze zo zwaar.” Een neef hief al de vuist om haar desnoods een doodklap te verkopen. Toen vloeide er een ontzettende pijn in zijn arm. En dat bleef zo. Daarop smeekte Sint Clara dat ze zouden verdwijnen en haar zusje Agnes rustig bij haar zouden laten.

Die lag intussen voor lijk op de grond. Grommend gingen haar vrienden inderdaad weg. Toen stond ze vrolijk op. En Sint Franciscus gaf ook haar zijn zegen om in de orde te treden. Eens was Sint Clara ziek. Ze liet zich rechtop zetten met een steuntje in de rug. Ze vouwde een doek uit, waaruit men vijftig corporales moest maken ter ere Gods.

In de kerstnacht gingen alle vrouwen naar de metten, maar Sint Clare was er te ziek voor en bleef alleen achter. Toen bracht zij zich voor ogen hoe het kleine kind, onze Heer Jezus Christus, geboren werd. Ze had ook dolgraag de metten bijgewoond om God lof te brengen. Op datzelfde moment klonk het gezang dat de broeders van Franciscus ten gehore brachten, haar in de oren.

En ook het orgel hoorde ze, terwijl de kerk toch ver weg was. De volgende ochtend vertelde zij het haar dochters. En ze weende veel tranen, toen ze dat vertelde. Sint Clara had veertig jaar in het klooster doorgebracht, toen God besloot haar uit de wereld weg te nemen. Een maagd uit het Sint-Paulusklooster ontving er een visioen over: het was haar alsof zij zich in het klooster van Sint Clara bevond en ze zag hoe al haar dochters om haar huilden.

Toen verscheen er een bijzonder mooie vrouw aan het hoofdeinde van Sint Clara’s ziekbed met de woorden: “Je hoeft niet te huilen om Sint Clara, want zij zal niet sterven, totdat God zelf komt met zijn leerlingen.” Daarop verscheen de paus die haar het Lichaam van Christus uitreikte. Nu vroeg Sint Clara aan hem of hij zich persoonlijk het lot van de zusters zou willen aantrekken. Dat beloofde hij, en hij heeft zijn belofte ook gehouden. Zo lag zij daar doodziek achterover. Haar dochters zeiden haar dat ze iets moest eten.

Daarop antwoordde zij: “Als er wat kersen waren, zou ik het proberen.” Maar het was kerstmis. Dus die hadden ze niet. De broeder had een kersenboom, en hij zag er een tak aan vol met rijpe kersen. Die brak hij af en bracht hem haar. Zij at ervan, en liet er ook van brengen aan andere zieken. Hoewel zij alles bijeen zeventig dagen zo ziek gelegen had zonder te eten, wist zij toch haar zusters te bemoedigen en haar broeders te bevestigen in de dienst aan God en ze gaf ze allen haar zegen.

Spoedig daarna verschenen er vele maagden in witte gewaden aan haar bed met gouden kruisjes op. Onder hen bevond zich Onze Lieve Vrouw; ze droeg een kroon; er ging een zachte lichtglans van haar uit, met het gevolg dat het kloostertje midden in de nacht hel verlicht was. Toen boog Onze Lieve Vrouwe zich tot Clara voorover. Op dat moment gaf zij de geest; deze werd opgevoerd naar de eeuwige vreugde.

Haar dochters waren zeer verdrietig, ja alle mensen in de stad die ervan hoorden. Er kwamen veel mensen toelopen. Zes dagen daarna kwam de paus met zijn kardinalen; ze bezongen Sint Clara met grote devotie, en droegen haar naar de Sint-Joriskerk. Dan hadden de burgers van de stad haar dichter bij zich. Daar werd ze met grote plechtigheid begraven.

Later hoorde paus Alexander de Vierde van alle wondertekenen die Sint Clara bewerkstelligde. Hij kwam dus met het kollege van kardinalen, bisschoppen en priesters en verhief haar plechtig tot de eer der altaren. Dat gebeurde twee jaar na haar dood. Er werd vastgelegd dat men haar elk jaar zou vieren op de derde dag na Sint Laurentius.

 

.

 

Verering & Cultuur

 

Haar lichaam is nog steeds te zien in een glazen schrijn in haar basiliek te Assisi. Zij is medepatrones van Assisi (Italië) en van Santa-Clara op Cuba; in Nederland is er een St-Claraziekenhuis in Rotterdam; in Gorkum zijn een tehuis en een school naar haar genoemd. In Californië zijn er een plaats, een gebergte (‘sierra’) en een rivier naar haar genoemd; Bahia kent een stadje Santa Clara; Ecuador een eiland Isla Santa Clara en Utah een rivier.

 

 

08-11-1253-clara_6

 

 

Zij wordt afgebeeld als claris (met bruin- of zwartwollen habijt, dat om het middel enigszins is opgebonden), met de staf van de abdis, met een kruis, een lelie (symbool van maagdelijkheid), regelboek, en zeer vaak met een monstrans en soms met een brandende lamp (verwijzing naar haar naam en naar Jezus’ verhaal van de wijze maagden).

Zij is patrones van de wasvrouwen, naaisters en borduursters, en van de vergulders. Zij wordt ook aangeroepen tegen oogkwalen en koorts (zelf had zij daar 27 jaar last van). In 1958 werd zij door Paus Pius XII uitgeroepen tot patrones van de televisie: in het jaar voor haar dood was zij al zo verzwakt dat zij zelfs met kerstmis haar cel niet kon verlaten om in Assisi, drie kilometer verderop, de nachtmis bij te wonen.

Het verhaal vertelt dat zij vanaf het ziekbed in haar cel voor haar ogen de kerstplechtigheden in de kerk van Assisi zag gebeuren. Mede op grond van deze legende wordt haar voorspraak ingeroepen tegen oogkwalen; daar wordt ook de betekenis van haar naam (‘klaar’, ‘helder’) mee in verband gebracht. Zij helpt ook koortslijders; dat komt omdat het water uit haar bron, de ‘Fontaine de Sainte Claire’ in het Franse plaatsje Guéret geneeskrachtige werking bleek te hebben vooral voor koortspatiënten.

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

                                                          

mijne kop a4 JOHN ASTRIA

 

 

Advertenties

De onzichtbare wereld bestaat.

Standaard

categorie : religie

 

 

Door het geloof weten wij dat het heelal

door een woord van God gemaakt is; dat het

zichtbare uit het onzichtbare is voortgekomen (Hebreeën 11:3 ).

.

Door het geloof verstaan wij, dat de wereld door het Woord Gods tot stand gebracht is, zodat het zichtbare niet ontstaan is uit het waarneembare.

De zichtbare wereld is ontstaan of voortgekomen uit de onzichtbare wereld. Alles om u heen heeft zijn oorsprong in de onzichtbare wereld. Alles wat u kunt waarnemen met uw zintuigen, is ontstaan uit de onzichtbare wereld. De onzichtbare wereld was er eerst en daarna pas de zichtbare wereld.

Eerst komen dingen tot stand in de geestelijke wereld, alvorens ze zichtbaar zijn in de natuurlijke wereld. De onzichtbare wereld is reëler, meer werkelijkheid dan de zichtbare wereld. Als de zichtbare wereld voortgekomen is uit de onzichtbare wereld, dan is de onzichtbare wereld belangrijker en van een hogere orde dan de zichtbare wereld. 

Wat we vandaag in de natuurlijke of zichtbare wereld zien, is een reflectie van wat er zich afspeelt in de geestelijke of onzichtbare wereld. De dingen die men ziet, zijn oorspronkelijk voortgekomen uit de onzichtbare wereld. Het wil niet zeggen omdat we dingen niet kunnen zien of waarnemen met onze zintuigen, dat ze niet bestaan.

Radiogolven kunnen niet met onze zintuigen waargenomen worden, alhoewel we omringd zijn met radiogolven. Met de juiste instrumenten kan men deze onzichtbare golven wel zichtbaar en hoorbaar maken. Zo zijn er in de onzichtbare wereld dingen aanwezig, die alhoewel ze er zijn, niet zichtbaar of waarneembaar zijn met onze natuurlijke zintuigen.

.

 

invisible_world_by_montiljo-d6yqkga

 

 

.

Hoe weten wij en kunnen wij zien wat er zich

in de onzichtbare wereld bevindt?

 

In de eerste plaats spreekt de Bijbel erover, zodat we er weet van hebben. Daarnaast hebben we de openbaring van Gods Geest. Door uw geestelijke wedergeboorte, ontvangt u het geloof waardoor u de dingen, die zich in Gods hemels, onzichtbare rijk bevinden, kunt zien.

U zou geloof het zesde zintuig kunnen noemen waarmee u in de geestelijke wereld dingen of personen, kunt bemerken, bespeuren, voorstellen of geestelijk inzicht krijgt.

.

Jezus antwoordde en zei tot hem: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij iemand wederom geboren wordt, kan hij het Koninkrijk Gods niet zien. Jezus antwoordde: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, tenzij iemand geboren wordt uit water en Geest, kan hij het Koninkrijk Gods niet binnengaan. (Johannes 3:3,5 )

.

Iemand die niet wedergeboren is kan de dingen van Gods Koninkrijk niet zien noch binnengaan. Jezus spreekt hier ook over Gods Koninkrijk Ingaan. In het Grieks betekent dit ook in bezit nemen. Eerst moeten we het Koninkrijk en al Zijn zegeningen zien en dan pas kunnen we ze in bezit nemen. Daarom is het ook zo belangrijk kennis te hebben van Gods wil. Gods wil vinden in Zijn Woord, de Bijbel. Maak dit gebed van Paulus voor de Kolossenzen tot een persoonlijk gebed.

Hemelse Vader ik bid dat ik vervuld mag worden met de juiste en nauwkeurige kennis van Uw wil, in alle wijsheid en geestelijk inzicht, zodat ik waardig mag wandelen en U in alles mag behagen, in elk goed werk vrucht draag en groei in de juiste en nauwkeurige kennis van U, terwijl ik met alle kracht bekrachtigd wordt, overeenkomstig de sterkte van Uw heerlijkheid, om met blijdschap in alles te volharden en geduld te oefenen.

Daarbij dank ik U Vader, U heeft mij bekwaam gemaakt om deel te hebben aan de erfenis van de heiligen in het licht. U heeft mij getrokken uit de macht van de duisternis en overgezet in het Koninkrijk van de Zoon Uwer liefde. (naar Kolossenzen 1:9-13 )

Zoals in de Bijbel staat geschreven is genezing Gods wil voor u. Krijg hierover de juiste en nauwkeurige kennis, zodat u hiervan doordrongen bent. In het licht van Gods Woord ontdekt u uw erfenis, wat Jezus voor u gedaan heeft. God heeft u bekwaam gemaakt om er deel aan hebben. Denk niet dat het niet voor u weggelegd is. God heeft u bekwaam gemaakt!

.

Gezegend zij de God en Vader van onze Heere Jezus Christus, DIE ONS GEZEGEND HEEFT MET ALLE GEESTELIJKE ZEGEN IN DE HEMELSE GEWESTEN IN CHRISTUS. (Efeziers 1:3 )

.

God heeft u gezegend met alle geestelijke zegen in de hemelse gewesten in Christus. In uw geest, waar Christus woont, bent u gezegend met alle geestelijke zegen. Het Goede Nieuws is dat God ook Zijn geloof aan u heeft gegeven, om al Zijn zegeningen, inclusief uw genezing, in bezit te kunnen nemen en Hij openbaart u in Zijn Woord, hoe u dat kunt doen. Hoe u de genezing die in uw geest reeds aanwezig is, kunt laten manifesteren in uw lichaam.

.

.

.

.

 

De noodzaak van wedergeboorte

 

De ongeestelijke, niet wedergeboren mens of de natuurlijke mens, gaat alleen maar af en leeft alleen naar wat zijn 5 zintuigen hem vertellen. Daardoor is hij geestelijk gehandicapt, schiet hij tekort en begrijpt hij niets van de geestelijke wereld. Hij kan dat ook niet omdat hij geestelijk blind en dood is(Efeziërs 2:1).

Iemand die geloof heeft, heeft geen uitleg nodig.
Voor iemand die geen geloof heeft, is geen uitleg mogelijk.
St. Thomas Aquinas

Een natuurlijk denkend, ongeestelijk mens, begrijpt niets van de geestelijke waarheden, het is dwaasheid voor hem (1 Korintiërs 2:14). Een niet geestelijk wedergeboren mens kan Gods Koninkrijk niet zien. Sommige dingen lijken hem dwaas. Geestelijke dingen kunnen niet door het natuurlijke verstand gevat worden.

Voor iemand die wedergeboren is, is dit compleet anders. In zijn geest is iets gebeurd. Zijn geest die voorheen geestelijk dood was, afgesneden was van God, is wedergeboren door de inwoning van Gods Geest. Hij is geestelijk, een totaal nieuwe schepping. God plaatste hem geestelijk in Christus.

.

.

 

 

 Zo is dan wie in Christus is een nieuwe schepping;

het oude is voorbijgegaan.

Zie, het nieuwe is gekomen (2 Korintiërs 5:17 ).

.

In Christus bent u een nieuwe schepping! Geestelijk bent u opnieuw geschapen. In het Grieks worden hier woorden gebruikt die ernaar verwijzen dat u de eigendom bent geworden van uw Maker. Toen God uw geest herschiep, bent u Zijn eigendom geworden, u bent deel geworden van Hem! Klaargemaakt voor de nieuwe hemel en de nieuwe aarde en voor Zijn Koninkrijk!

Zie, het nieuwe is gekomen ! Het woord “zie” staat hier in de gebiedende wijze, er op duidend dat we het extra aandacht moeten geven. En alhoewel Jezus zei dat het Koninkrijk van God niet waarneembaar is met de natuurlijke zintuigen, is het wel waarneembaar met onze geestelijke zintuigen. Het nieuwe IS gekomen, uw genezing inclusief !

Nu hebben we niet de geest die tot de wereld hoort ontvangen, maar de Heilige Geest die uit God is , opdat wij zouden realiseren en bevatten en waarderen de gaven van Gods gunst en zegen die God zo vrij en rijkelijk aan ons geschonken heeft. (1 Korintiërs 2:12 )

Gods Geest openbaart wat God in genade rijkelijk aan u geschonken heeft. Gods Geest verbergt geen dingen voor u, maar toont Gods gaven van gunst en zegen aan u. Het is aan elk wedergeboren christen om zich dit te realiseren (te beseffen wat er in zijn geest gebeurd is), te bevatten (geestelijk te pakken) en te waarderen (God er voor te danken).

Het is goed om hier even bij stil te staan en tijd te maken, te mediteren over de geweldige dingen die God voor u en in u gedaan heeft. Toen u geestelijk wedergeboren werd, is er iets groots in u gebeurd, iets wat niet met woorden te omschrijven is, maar geestelijk moet gepakt worden.

.

.

slide_3

.

.

Bidt dit gebed:

 

“Hemelse Vader, help mij te beseffen wat er bij mijn geestelijke wedergeboorte in mijn geest gebeurd is. Help mij dit te vatten en te waarderen. Open mijn geestelijke ogen en oren voor Uw Koninkrijk, zodat ik het kan binnengaan en kan genieten van het overvloedige leven in Christus”.

Wij realiseren ons eerst wat er in de geestelijke wereld gebeurd is, om het later realiteit zien te worden in de natuurlijke wereld! Hoeveel wedergeboren christenen nemen de zegeningen en gunsten van Gods Koninkrijk in bezit? Hoeveel christenen zijn zich geestelijk bewust dat ze tot een ander Koninkrijk behoren en zijn dit Koninkrijk binnengegaan om te genieten van al Gods gaven van gunst en zegen?

.

.

.

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria

Mirre olie

Standaard

Categorie: Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

Eigenschappen Mirre

 

 

  • Mirre is een goede hulp bij meditatie. Bevordert en versterkt spiritualiteit.
  • Gebruik mirre bij ontstekingen van de luchtwegen. Het is eveneens zeer desinfecterend, goed voor mondwaters.
  • Mirre is ook een hele goede olie bij ontstoken huid.
    In de huidverzorging wordt het speciaal bij de droge en oudere huid gebruikt.
    Helpt bij om een oudere huid jeugdig te houden.
    Bevordert de genezing van wondjes en huidontstekingen.
  • Is een goede slijmoplosser bij bronchitis en griep.
    Kalmeert angst en onzekerheid omtrent de toekomst. Doet verhitte emoties afkoelen. Geeft kracht en moed in moeilijke tijden.

 

 

Werkingsgebied:

 

Aambeien   –   abortief  –  adstringerend   –   anticatharraal   –   antihistaminisch  –  antimicrobisch – antiontsteking – antipyretisch –  antiseptisch, urinewegen, wonden, zweren –  antispasmodisch –  artritis   –  asthenia – bloedcirculatie stimulerend  – bronchitis, chronisch  –  cardiac, tonisch – carminatief, aerofagie, flatulentie – wonden, huidaandoeningen, mondzweertjes  –  digestief  –  eczeem  –   emmenagoog  –  expectorant, bronchitis, laryngitis, griep  –    fungicide   –   gingivitis   –   hoest, vastzittende  –  huidverzorging, kloven  –  koude huid – infectieziekten – luchtwegenaandoeningen – menstruatie, onregelmatige – microbedodend  –  mond/keel ontsteking  –  mondzweren   –   ringworm  –  rimpels  – sedatief  –  slijmoplossend  –  spruw  –  stimulans  – slijmvliezen en longgebied   –   stomachisch   –   tonisch  –  verkoudheid  –  voetschimmel  –   witte vloed  –  wonden.

 

 

 

 

Toepassingen

 

Verdampen: bij luchtweginfecties, zere keel, stemverlies, bronchitis, verkoudheid, hoest, meditatie, gebed.

Huidverzorging: bij kloven, bevordert epitheelvorming, is huidherstellend, wondjes, zweertjes, ontstoken huid, samentrekkend, wondhelend. Schimmeldodende werking bij candida, zwemmerseczeem.

Gorgelen bij tandvleesontstekingen, aften.

Stimulant voor het zenuwstelsel.

Tonische eigenschappen.

Bevordert de hartactie en ademhaling.

Geestelijk: net als wierook voor gebed en meditatie. Het geeft helderheid, inzicht en innerlijke rust. Bevordert en versterkt de spiritualiteit. Verwarmend en stimulerend. De olie is van grote waarde voor mensen die het gevoel hebben dat ze emotioneel zijn vastgelopen en die weer verder willen met hun leven. Brengt je terug bij je wortels. Heeft zoals wierook een licht kalmerend effect op het zenuwstelsel en brengt de geest tot rust.
Gebruiken in tijden van ziektes en problemen.

 

 

Waarschuwing

 

De meeste etherische oliën kunnen niet zonder risico ingenomen worden. Gebruik etherische oliën uitsluitend inwendig als u voldoende kennis heeft of raadpleeg een arts. Over het algemeen is echter de werking bij uitwendig gebruik sterker dan bij inwendig gebruik.

 

 

Contra-indicatie

etherische oliën niet gebruiken tijdens zwangerschap (enkel in overleg met een arts), etherische oliën kunnen huidirritaties veroorzaken bij de gevoelige huid. De oliën altijd goed verdunnen met een plantaardige olie bij gebruik op de huid. Buiten bereik van kinderen bewaren.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.

Gebed voor een mens op sterven.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Angst voor de dood

 

 

 

 

 De angst overwinnen

 

Ben jij bang om te bidden voor iemand die op sterven ligt? De dood is nabij en je bent er om te troosten. Maar ben je in staat om dit te doen? Weet je wel hoe je dit kunt doen? De angst die je hebt en het verdriet dat je voelt bevinden zich ook in het hart en het verstand van diegene die stervende is. Vecht er niet tegen, maar omarm dit gevoel en deel het met hem of haar.

Jezus zei in de Bergrede in Matteüs 5:4:

“Gelukkig die verdriet hebben, want zij zullen getroost worden.”

Nu jij verdriet hebt, samen met iemand die stervende is of samen met iemand die een naaste heeft verloren, kun je hen troosten. Je bent gezegend, omdat je iemand anders kunt zegenen. Hierdoor zul je ook zelf troost vinden.

 

 

 

 

 Vastklampen aan het leven

 

Wanneer je gebeden voor stervende mensen aan de Heer aanbiedt, kun je in hun geest een strijd om te overleven ontwaren. De gezondheid van onze geest is verbonden aan de strijd om ons aan het leven vast te klampen. Zieke en zwakke mensen zullen toch proberen om hun leven te behouden als hun geest sterk is. Ze vechten een strijd die al verloren lijkt te zijn, een stervend mens zal elke mogelijke leefkwaliteit aanvaarden wanneer dit wordt aangeboden.

 

 

 

Waar klampen zij zich eigenlijk aan vast?

Waar vechten ze voor? Wat is het leven?

 

Jezus zei dat Hij het leven is (Johannes 14:6);

Hij geeft het leven in overvloed, in al zijn volheid (Johannes 10:10);

Hij zei dat Zijn woorden geest en leven zijn en dat het vlees (het lichaam) ons niet kan helpen (Johannes 6:63);

Hij belooft dat iedereen die in Hem gelooft eeuwig leven zal hebben (Johannes 6:47).

Het leven waaraan we ons vastklampen en waar we voor vechten kan nu meteen in Jezus gevonden worden en zal aan de andere kant van de gruwelen des doods worden verwezenlijkt.

De dood vindt plaats wanneer de strijd om het lichaam te behouden is verloren. De stervende zal de reis aanvaarden die de geest zal moeten maken. En Jezus kent die reis. Hij heeft die reis zelf gemaakt. Hij maakte deze voor jou en voor mij beschikbaar (Johannes 11:25). Alleen Jezus is de rechter over wie het eeuwige leven zal erven. Verlaat dit leven daarom in Zijn liefdevolle, rechtvaardige, genadige en waardige handen.

 

 

jezus-christus-lam-gods

 

 

 

 

 Hoop bieden

 

Er is hoop en goed nieuws dat jij in je gebeden voor een stervend mens kan bieden. Het goede nieuws is dat de dood nu is verslonden in de overwinning (1 Korintiërs 15:54-57). Dankzij Jezus hebben we hoop! Onze hoop is de terugkeer van Jezus om Zijn mensen tot Zich te roepen en de belofte van het eeuwige leven.

De Bijbel herinnert ons er vaak aan dat we naar zijn terugkeer zouden moeten verlangen en ons aan Zijn belofte moeten vasthouden, zodat we toch verder kunnen gaan. Voor de gelovige is de dood de poort naar de belofte van het eeuwige leven: we zullen dan onze aardse lichamen van ons afwerpen en in de aanwezigheid van God binnentreden (1 Korintiërs 15:50-53).

 

 

 

1 petrus 1 : 3-9

 

“Gezegend is God, de Vader van onze Heer Jezus Christus, die ons in zijn grote barmhartigheid herboren liet worden tot een leven van hoop door de opstanding van Jezus Christus uit de dood, tot een onvergankelijke, onbederfelijke en onaantastbare erfenis, die voor u is weggelegd in de hemel. In Gods kracht geborgen door het geloof, wacht u op de redding die al gereed ligt om op het einde van de tijd geopenbaard te worden.

Daarom bent u vol vreugde, ook al hebt u nu, als het zo moet zijn, voor een korte tijd te lijden onder allerlei beproevingen. Die dienen om de deugdelijkheid van uw geloof te bewijzen, dat zoveel kostbaarder is dan vergankelijk goud, dat toch ook door het vuur gelouterd wordt. Dan zullen, wanneer Jezus Christus zich openbaart, lof, heerlijkheid en eer uw deel zijn.

Hem hebt u lief zonder Hem ooit gezien te hebben. U gelooft in Hem, hoewel u Hem ook nu niet ziet, en u zult vervuld zijn van een onuitsprekelijke en hemelse vreugde, wanneer u het einddoel van uw geloof, uw redding, bereikt.”

 

Geef deze hoop aan de stervenden, zodat zij vrede kunnen vinden. Jezus zal hen op het moment van hun dood tegemoet treden, net zoals Hij dat voor de dief aan het kruis deed, in Lucas 23:39-43. Ons geloof maakt zich sterk tegen de angst voor de dood en brengt ons niet alleen troost, maar zelfs vreugde.

“Moge de God die onze hoop is, u vervullen met alle vreugde en vrede in het geloven, zodat u overvloeit van hoop, door de kracht van de heilige Geest.” (Romeinen 15:13)

 

 

 

 

 

 

Een gebed

 

Lieve Hemelse Vader, Met een verzwaard hart komen wij tot U. U bent de Almachtige Schepper God, heilig en vol genade en liefde. Onze harten zijn verzwaard omdat een leven ons zal verlaten. De dood overspoelt ons, Heer. De angst probeert ons te overweldigen.

Wij danken U Vader, omdat U dankzij Jezus onze pijn en ons verdriet op een heel persoonlijke manier kent. Ik dank U, omdat Jezus de weg weet door deze duistere schaduw. Neem de hand van onze dierbare broeder/zuster en toon Uzelf aan hem/haar. Bescherm onze harten en onze gedachten, bewaar deze in Jezus Christus. Neem wat van U is terug en breng het in de eeuwigheid om bij U te zijn.

In Jezus is de dood slechts een schaduw. Jezus heeft het verdriet en de pijn ervan verslonden. Dank U Jezus voor het kruis. Dank U Jezus voor de opstanding. Heer, wij staan nu voor U en wij erkennen dat U de Heer over alles bent, de poortwachter van het eeuwige leven. Uw genade en Uw liefde zijn bestendig, ook al lijken onze zonden alsmaar toe te nemen.

Neem onze handen, Heer, en leid ons hier doorheen. Wij leggen onze angsten aan Uw voeten. Uw belofte is dat U – en U alleen – zal komen om ons mee naar ons eeuwige thuis te nemen.

Psalm 23:4 : “Al moet ik door dalen van duisternis en dood, ik ben voor geen onheil bang, want U bent bij mij: uw knots en uw staf geven mij nieuwe moed.”

Dank U voor de troost die wij in Uw aanwezigheid vinden. Door de Heilige Geest weten we dat U bij ons bent. Zend ons Uw vrede, Heer; de vrede die alle begrip te boven gaat. Laat ons niet aarzelen en twijfelen. Geef ons een geloof dat altijddurend is. Wij laten onze levens los en leggen deze in Uw handen.

Heer, terwijl we wachten en vooruitkijken weten we dat niemand van ons aan deze reis door de dood zal ontsnappen. Leer ons hoe we deze reis in geloof kunnen omarmen. Geef ons de kracht om de mensen te bemoedigen, die dichter bij het moment komen waarop ze U zullen ontmoeten.

Neem de vrees uit het hart van onze naaste, die U spoedig zal zien. Laat hem/haar vrede vinden in Uw barmhartigheid, troost in Uw liefde en kracht in Uw macht over de dood. Troost ons alstublieft, nu ons verdriet ons lijkt te overspoelen.

U bent een goede, een rechtvaardige en een liefdevolle Vader. Laat ons in deze schaduw van de dood alstublieft niet bitter worden. Maar doorsteek onze harten met een vreugde die we niet kunnen peilen of begrijpen. Een vreugde die boven alle verdorven dingen hier op aarde uitsteekt. Jezus, U huilde vanwege de dood en wij doen dat ook.

Maar het is een verdriet en een rouw die de vreugde aan de andere kant herkent. U bent de overwinnaar over alle dingen en dus vertrouwen we op U. Wij vertrouwen erop dat U zult doen wat juist is, wat uit liefde wordt gedaan. Zowel in de dood als in onze levens wordt Uw wil volbracht. U bent oppermachtig. Mogen we Uw aanwezigheid kennen, Heer. Maak ons altijd bewust van Uw liefdevolle hand, die ons door alle omstandigheden heen leidt. In de naam van Jezus bidden wij dit. Amen.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

De hoekstenen van de Islam

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Wat zijn de pijlers van de islam?

 

 

De islam is gebaseerd op volgende pijlers welke in dit artikel besproken worden:

1. Imaan (geloof)
2. Salaat (bidden)
3. Ramadan (vasten)
4. Zakaat (liefdadigheid)
5. Hajj (bedevaart)

 

 

MasJid-kubah-Emas-islam-34673287-750-724

 

 

 

 1.  Imaan (Geloof)

 

1.1. Shahada (Geloofsverklaring)

De islamitische geloofsverklaring  luidt als volgt:

Ik belijd dat  er geen andere  god is dan God, en ik belijd dat Mohammed zijn Profeet is.

Deze eenvoudige formule, bestaat uit volgende delen:

  • ik beleid dat – dit houdt een geloofsverklaring in, een belijden van het geloof
  • er geen god is dan…: dit is de “ontkenning” (Nafi): men ontkent het bestaan van om het even welke andere god(en) – (en dat betekent alles wat men in de plaats zou kunnen stellen van God, zoals het eigen ik, weelde, macht, enz.)
  • …God : dit is de “aanvaarding” (Asbaat) van God, bron van de gehele Schepping
  • en dat Mohamed boodschapper is van God”: men erkent dat God een leidraad openbaarde aan een mens zoals wij. Dit onderdeel bevat meteen ook een onderscheidende stelling, namelijk dat de mens verschillend is van God (God is uniek), en niet (één met) God kan worden.

1.2. Geloofsartikelen

De islam bestaat uit volgende zes geloofsartikelen

  • geloof in één God
  • geloof in de Engelen
  • geloof in de boodschap van God (heilige boeken)
  • geloof in de boodschappers van God (profeten)
  • geloof in het leven na de dood en in het laatste oordeel
  • geloof in de predestinatie

 

 

 

2. (Gebed)

 

Salah is een Arabisch woord en betekent rechtstreekse spirituele relatie en communicatie tussen het schepsel en zijn Schepper. Rechtstreeks, want in de islam is er geen hiërarchische structuur, zijn er geen priesters (een imam is iemand die door de gemeenschap van gelovigen verkozen  wordt om het gebed te leiden).

De speciale communicatie (Salah) neemt vijf keer per dag plaats, na het zich hebben gereinigd (“wudu”) om tot God te komen, bescherming te vragen tegen het kwade en in deemoed vergiffenis te vragen, en wel zo vroeg mogelijk bij het aanvatten van volgende periodes:

  • Fajr (vroege ochtend): na aanbreken van dag en voor zonsopgang
  • Zuhr (middag): Nadat de zon van het zenit begint te dalen tot wanneer ze ongeveer halverwege is op haar traject naar zonsondergang
  • ‘Asr (midden van de namiddag): Nadat de tijd verstreken is, tot zonsondergang
  • Magrib (zonsondergang):Direct na zonsondergang tot de rode gloed aan de westelijke horizon verdwijnt
  • ‘Isha (late nacht): Na het vestrijken van de vorige periode tot het aanbreken van de dag

 

Het ritme van de gebeden bepaalt dan ook het ritme van de gehele dag. Het gebed schenkt aan het individu de herleving en een nieuwe bevestiging van het geloof die gebaseerd is op innerlijke stilte en rust. Men kan bijna overal bidden (op kantoor, universiteit, op het veld,… ).

Het gebed wordt bij voorkeur in groep gebeden. De sociale implicatie van het gebed is de gelijkheid van alle mensen wanneer zij voor het aangezicht van hun Schepper staan; rijk of arm, machtig of bescheiden, ongeacht afkomst of ras.

Het gebed, dat een vorm is van innerlijke reiniging, maant de moslim en de gemeenschap vijf maal per dag aan tot nederigheid, innerlijke rust, dankbaarheid en tevredenheid.

 

 

img_pod_ramadan-strasbourg-mosque-muslim-religion-pod-1007

 

 

 

3. Ramadan (Vasten)

 

Ramadan is de naam van de negende maand van de islamitische (Hijri) kalender. Gedurende deze maand houden moslims overal ter wereld vasten. Van ochtendschemering tot zonsondergang gedurende de hele negende maand (Ramadan) van het maanjaar, is voor alle volwassen mannelijke en vrouwelijke moslims over de hele wereld het vasten verplicht.

In deze maand onthoudt de moslim zich van ochtendschemering tot zonsondergang niet enkel van eten, drinken en seks, hij/zij vermijdt ook onzinnig taalgebruik en slechte daden en wijdt zichzelf aan gebed, recitaties van de koran en goede daden.

Er zijn uitzonderingen voor zieken, zwangere vrouwen enz die later hun vasten kunnen inhalen. Als dat fysisch niet mogelijk is, moet men een behoeftige persoon voeden voor elke gemiste vastendag.

Vasten leert de mensen hoop, devotie, geduld, belangeloosheid, matiging, wilskracht, flexibiliteit, gezond overleven, discipline, een sociaal gevoel van samenhorigheid, eenheid en broederschap.

Eén van de nachten van de Ramadan is erg bijzonder, en beter dan duizend maanden (“De nacht van de beslissing is beter dan duizend maanden” (Koran 97:3)). Goede daden die gedurende deze ene nacht worden beoefend zijn gelijk aan deze beoefend over duizend maanden. Dit is de nacht van Laylatul Qadr, wanneer de Koran geopenbaard werd.

Het is een heel bijzondere nacht, een viering om de komst van de laatste leidraad van God aan de mensheid te vieren (de meeste moslims beschouwen Mohamed als laatste boodschapper, en de Koran als laatste Boodschap van God aan de gehele mensheid).

Deze nacht is een eerbetoon aan het begin van die Boodschap die door de Schepper werd geopenbaard, een Boodschap waarin God de mensen toont hoe men het geluk, vrede en rechtvaardigheid in beide werelden (hier en in het hiernamaals) kan verwerven.

Ramadan is een periode van geestelijke opleving. Niet alleen werd de Koran gedurende die maand neergezonden, volgens een hadiths werden ook de andere heilige Boeken gedurende deze maand neergezonden. Door zich  te onthouden van wereldlijke genoegens, ervaart men meer begrip en medeleven met diegenen die niet door keuze, maar door armoede in honger verkeren.

Dit verstevigt de broederschapsbanden. Deze samenhorigheid wordt verstevigd door de verplichte liefdadigheidsbijdrage die op het einde van de Ramadan wordt betaald.

Aan het einde van de vastenmaand vieren moslims over de gehele wereld feest met gebeden en feestelijkheden. Dit feest noemt ‘Eid ul Fitr’ en  betekent letterlijk een zich herhalende gebeurtenis. In de islam wordt dit woord gebruikt voor de islamitische feesten. Eid ul Fitr huldigt het einde van de maand Ramadan. Fitr betekent het breken van de vastentijd.

Men viert het geluk bij het bereiken van een geestelijke opleving na een maand van vasten. Eid ul Fitr begint als de nieuwe maan te zien is en duurt drie dagen. Men trekt nieuwe kleren aan, veel meisjes en vrouwen kleuren hun handen met henna. ’s Morgens gaat men eerst naar de moskee om God te danken.

Er worden veel bezoeken afgelegd bij familie en vrienden en er worden zoetigheden meegenomen. Moslims die elkaar op straat tegenkomen feliciteren elkaar. Het is een feest waarbij iedereen heel blij is.

 

 

 

4.  Zakah (Liefdadigheid)

 

Een belangrijk principe van de islam is dat alles toebehoort aan God. ‘Bezit’ is dus niet echt van de mensen, die de weelde slechts in bewaring hebben. Het delen van deze weelde, is een belangrijk sociaal aspect van het geloof, dat zorgt voor een soort herverdeling van de welvaar van rijken naar armen toe.

Het woord Zakah betekent zowel purificatie als groei. De bezittingen worden dus als het ware gereinigd door een deel ervan te schenken aan de armen en andere sociaal zwakkere groepen en voor de gemeenschap in het algemeen. Dit reinigt niet alleen het bezit van de schenker, maar reinigt ook zijn/haar hart van zelfzucht of hebzucht. Deze liefdadigheid reinigt ook het hart van de ontvanger van afgunst, jaloersheid of haat voor de schenkers.

Zakah heeft voor moslims een diepe humanitaire en sociaal-politieke waarde. De islam verhindert privé onderneming niet, en veroordeelt evenmin het privé-bezit, maar het staat ook geen zelfzucht en hebzucht toe. Zoals in alles, bewandelt de islam een middenweg tussen de noden van het individu en de samenleving, tussen materialisme en spiritualisme, tussen kapitalisme en socialisme enz.

Zakag is een vorm van ‘armenbelasting’. 2,5% van de spaargelden  van één jaar  gaan naar de armen , de afrekening vindt plaats  in de maand  van de Ramadan. Gedurende de Ramadan krijgt men door het vasten een dieper medeleven met de behoeftigen. De Zakah verstevigt deze band nog. Elke Moslim berekent zelf het bedrag, dat bij voorkeur anoniem gegeven wordt.

 

 

 

5. Hajj (bedevaart)

 

De bedevaart naar Makkah (Mekka) – de Hajj genoemd – is enkel verplichtend voor diegenen voor wie dit fysisch en financieel mogelijk is. Toch maken elk jaar ongeveer 2 miljoen mensen van overal ter wereld, van alle etniciteiten en naties, de bedevaart naar Makkah. Het overheersende thema hier is dat van de vrede.

Vrede met God, vrede met zichzelf, vrede met elkaar en met alle levende wezens. De vrede van elkaar of van om het even welk levend wezen verstoren is er strikt verboden. Moslims gaan naar Mekka om God te verheerlijken, niet om een persoon te aanbidden. Het bezoeken van het graf van de profeet Mohammed is hoog aanbevolen, maar niet essentieel om de Hajj geldig en volledig te maken.

De jaarlijkse Hajj begint de twaalfde maand van het islamitisch jaar (volgens de Hijri kalender). Bedevaarders dragen eenvoudige kledij zodat alle onderscheid volgens afkomst van afkomst of cultuur wegvalt, en iedereen als gelijke voor God staat.

De rites van de Hajj gaan terug tot aan de Profeet Abraham. De moslim  wandelt 7 maal rond de Ka’ba  en 7 maal tussen de bergen van Safa en Marwa , zoals de vrouw van de Profeet Abraham, deed in haar zoektocht naar water. Vervolgens komen de bedevaarders samen op de open vlakte van Arafat en vervoegen zij elkaar in gebeden tot God en smeken voor vergiffenis.

Aan het einde van de Hajj of bedevaart viert men het offerfeest of Eid ul Adha,  zowel door de bedevaarders in Mekka als door alle moslims ter wereld. Het feest is een instelling van liefdadigheid waarbij diegenen die zich een offerdier kunnen veroorloven voorgeschreven worden dit te delen met de behoeftigen zodat ook zij kunnen deelnemen aan dit feest. Men hoeft echter niet per se een dier te offeren, men kan ook geld geven aan de behoeftigen die zich daar dan eten kunnen mee aanschaffen.

 

 

mekka

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Gebed om verlossing.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

bidden-tongentaal

 

 

 

Ons eerste echte gesprek met God

 

Het “gebed om verlossing” is het belangrijkste gebed dat we ooit zullen bidden. Wanneer we er klaar voor zijn om een christen te worden, zijn we er ook klaar voor om ons eerste echte gesprek met God te hebben, met de volgende componenten:

 

 

 

Het begint met geloof in God

 

Wanneer we het gebed om verlossing bidden, dan laten we God weten dat we geloven dat Zijn woord waar is. Door het geloof dat Hij ons heeft gegeven kunnen we er voor kiezen om in Hem te geloven. De Bijbel vertelt ons:

 

“Zonder geloof is het onmogelijk God vreugde te geven; wie hem wil naderen moet immers geloven dat hij bestaat, en wie hem zoekt zal door hem worden beloond.” (Hebreeën 11:6)

 

Wanneer we bidden, vragen we God dus om het geschenk van onze verlossing. We gebruiken onze vrije wil om te erkennen dat we in Hem geloven. Deze uiting van geloof behaagt God, omdat we er in alle vrijheid voor gekozen hebben om Hem te leren kennen.

 

 

 

Onze zonden belijden

 

Wanneer we het gebed om verlossing bidden, moeten we toegeven dat we gezondigd hebben. Zoals de Bijbel over iedereen, behalve Christus, zegt:

 

Iedereen heeft gezondigd en ontbeert de nabijheid van God.” (Romeinen 3:23)

 

Zondigen is niets anders dan tekort schieten, als een pijl die de roos maar niet kan raken. Wij schieten tekort tegenover de heerlijkheid van God, die alleen in Jezus Christus kan worden gevonden:

 

De God die heeft gezegd: ‘Uit de duisternis zal licht schijnen,’ heeft in ons hart het licht doen schijnen om ons te verlichten met de kennis van zijn luister, die afstraalt van het gezicht van Jezus Christus. (2 Korintiërs 4:6)

 

Het verlossingsgebed erkent dus dat Jezus Christus de enige mens is die ooit zonder zonde heeft geleefd:

 

 God heeft hem die de zonde niet kende voor ons één gemaakt met de zonde, zodat wij door hem rechtvaardig voor God konden worden. (2 Korintiërs 5:21)

 

 

Bevrijding van de zonden

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 Geloof in Jezus Christus als Heer en Redder belijden

 

Met Christus als onze standaard voor perfectie, erkennen we nu ons geloof in Hem als God, in overeenstemming met wat de woorden van de Apostel Johannes:

 

In het begin was het Woord [Christus], het Woord was bij God en het Woord was God. Het was in het begin bij God. Alles is erdoor ontstaan en zonder dit is niets ontstaan van wat bestaat (Johannes 1:1-3)

 

Omdat God alleen een perfect, zondeloos offer kon aanvaarden en omdat Hij wist dat wij dat doel onmogelijk zouden kunnen bereiken, stuurde Hij Zijn Zoon om voor ons te sterven en de eeuwige prijs te betalen.

 

Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.” (Johannes 3:16)

 

 

Alleen Christus redt

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 Bid het en meen het nu!

 

Ben jij het eens met alles wat je hierboven hebt gelezen? Als dat zo is, begin je nieuwe leven in Jezus Christus dan nu meteen. Bid het volgende met ons:

 

“Vader, ik weet dat ik Uw wetten heb overtreden en dat mijn zonden mij van U hebben weggehouden. Het spijt me echt en ik wil nu van mijn vroegere zondige leven tegenover U weglopen. Vergeef mij alstublieft en help me om niet meer te zondigen. Ik geloof dat Uw zoon, Jezus Christus, voor mijn zonden stierf, dat Hij uit de dood is opgestaan, leeft en mijn gebeden hoort. Ik nodig Jezus uit om de Heer van mijn leven te worden, om vanaf vandaag in mijn hart te heersen. Stuur alstublieft Uw Heilige Geest om mij te helpen U te gehoorzamen en voor de rest van mijn leven Uw wil te volbrengen. Ik bid hiervoor in de naam van Jezus. Amen.”

 

 

 

 Ik heb het gebeden, wat nu?

 

Als je dit gebed om verlossing met ware overtuiging en met heel je hart hebt gebeden, dan ben je nu een volgeling van Jezus. Dit is een feit, zelfs als jij je nu niet anders voelt dan voorheen. Godsdiensten hebben jou misschien ooit doen geloven dat je nu iets zou moeten voelen; een warme gloed, een rilling of een soort mystieke ervaring. De werkelijkheid is dat je zoiets zou kunnen voelen… of niet.

Als je het verlossingsgebed hebt gebeden, en je meende het echt, dan ben je nu een volgeling van Jezus. De Bijbel vertelt ons dat je eeuwige redding nu veilig gesteld is!

 

Als uw mond belijdt dat Jezus de Heer is en uw hart gelooft dat God hem uit de dood heeft opgewekt, zult u worden gered.” (Romeinen 10:9)

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

De Bergrede van Christus en deze van Mahatma Gandhi

Standaard

categorie : religie

 

 

 

De Bergrede is te vinden in de hoofdstukken 5, 6 en 7

van Mattheüs en in Lukas 6.

 

 

Lees de Bijbel

 

 

 

De historische achtergrond

 

Mattheüs vertelt hoe Jezus rondtrok door heel Galilea en in de synagogen leerde. Hij verkondigde het goede nieuws van het Koninkrijk der hemelen en genas zieken onder het volk. Al snel stroomden van alle kanten de mensen toe om de wonderen te zien.

Lukas 6:12-19 vertelt overigens dat Jezus de nacht tussen de aankomst bij de berg en de grote rede, wakend heeft doorgebracht. Het is de enige keer dat wij lezen over een hele nacht vol gebed. Jezus begon niet te spreken voordat hij urenlang voor het volk geknield had liggen smeken bij de Vader.

Om te begrijpen wat Jezus de menigte leerde, is het goed om te kijken naar de omstandigheden waarin Jezus sprak. Politieke, godsdienstige omstandigheden werden nogal eens gebruikt om Zijn boodschap duidelijk te maken.

 

 

1.Politieke, godsdienstige omstandigheden

 

In de tijd waarin Jezus opgroeide, werd het godsdienstige klimaat gekleurd door vier belangrijke groeperingen: Sadduceeën, Farizeeën, Essenen en Zeloten. Van deze groeperingen konden de Farizeeën, de Zeloten en de Essenen niet leven met de bestaande toestand. Zij waren op zoek naar herstel van het door God uitverkoren volk.

De Farizeeën vormden de stroming waar Jezus het meest mee te maken gehad heeft. Zij zagen het als hun opdracht het Joodse volk te bewaren bij de Thora. Het zijn vaak moedige mannen geweest, die met inzet van hun leven geprobeerd hebben het Joodse erfgoed te behoeden voor invloeden van buitenaf. Om er zeker van te zijn dat men niet per ongeluk de voorschriften van de Thora zou overtreden, werd er door hen een soort beschermde omheining aangebracht.

Zo werd bijvoorbeeld gesteld dat de sabbat een uur eerder moest beginnen om te voorkomen dat men per ongeluk te laat zou beginnen. Men ging hierin echter steeds eerder verder en men werd gedetailleerder in de voorschriften. Als drijfveer kunnen we veronderstellen dat het hen ging om het behoud van de eigenheid van Israël en de godsdienst. Kortom: in het algemeen waren de Farizeeën felle strijders voor het joodse geloof, vervuld met een oprechte afkeer van de heidense Romeinse bezetter.

Toch bemerken we bij Jezus een zekere felheid ten opzichte van de Farizeeën. Het betreft dan het feit ze anderen zware lasten opleggen. Op dertien jarige leeftijd treedt Jezus in de openbaarheid en begint met Zijn evangelieverkondiging. Letterlijk genomen betekent evangelie ‘goed bericht’. Een goed bericht in geval van overwinningen aan het front of berichten van belangrijke gebeurtenissen rondom de keizer die goddelijke eer genoot.

Het evangelie van het koninkrijk betekent: de goede en verblijdende tijding dat Gods koninkrijk gekomen is en steeds meer zichtbaar wordt. Het hemel rijk is daarbij niet hetzelfde als de hemel. Met het Koninkrijk der hemelen wordt bedoeld dat de hemel en het gezag van God de toon aangeven. Nu Jezus aantreedt, is deze toekomst nabij. Een blijde boodschap.

Deze heilsboodschap vormt de kern van de leer en het werk van de Messias Jezus. Later is de betekenis van het woord evangelie verbreed, maar de oorspronkelijke betekenis ten tijde van Jezus openbaring was de aankondiging van een nieuw tijdperk van Gods heerschappij op aarde. Een belangrijk gegeven met het oog op de Bergrede.

 

 

2. Wat staat in de Bergrede?

 

De Bergrede, zoals beschreven in Mattheüs 5 tot 7, kan op diverse manieren worden ingedeeld. Ze kan gezien worden als richtlijn voor het leven van een christen, die weet dat God hem elk moment van de dag ziet. Velen in de wereld om hem heen leven anders en houden geen rekening met God. In de Bergrede is dat terug te vinden in allerlei situaties, die op twee manieren worden bekeken. Het gaat dan om twee manieren van handelen, die tegengesteld zijn.

Je kunt aalmoezen geven en bidden als een geveinsde, huichelaar, maar dat kan anders. Je kunt schatten verzamelen en zorgen dat je rijk wordt, maar dat kan ook anders. Je kunt bezorgd zijn over allerlei dagelijkse dingen, maar dat kan anders. Je kunt peuteren aan de splinter in het oog van je naaste, maar dat kan ook anders. je kunt ingaan door de brede poort, maar dat kan ook zeker anders.

In het dagelijks leven gebeuren dingen vaak op de ene manier, maar als christen wordt er juist wat anders van je verwacht. Opvallend is dus het denken in tegenstellingen. De Bergrede laat zien dat het besef van Gods aanwezigheid gevolgen heeft voor de keuzes die je maakt. Gevolgen voor de verhouding die de christen heeft tot zijn naaste, die vaak dingen anders aanpakt.

 

 

 

3. De Bergrede, wat nu?

 

De Bergrede is de grondwet van het koninkrijk van God, dat nergens op aarde te vinden is in de zin van een gebied van landsgrenzen. Christus richt dit op de harten van Zijn onderdanen. In de Bijbel is het voor iedere hoorder een uitnodiging om burger van dit Koninkrijk te worden.

Citaat van Jezus: Gaat in door de enge poort; want wijd is de poort en breed is de weg, die tot het verderf leidt, en velen zijn er, die door dezelve ingaan; want de poort is eng en de weg is nauw, die tot het leven leidt, en weinigen zijn er die dezelve vinden.

De weg om burger te worden is wedergeboorte en bekering. God heeft een volk voor zichzelf gewild dat hem toebehoort en dient. Daarvoor is de Heer Jezus op aarde gekomen om zichzelf te geven voor de zonden van de mens. Daardoor werd de tegenstrever van God, de satan, voor goed verslagen. Wie in het zoenoffer van het kruis gelooft ( zie Johannes 11: 24-26) krijgt de belofte van Jezus dat hij gered is.

 

 

 

 

 

De Bergrede in Mattheüs 5

 

Toen hij de mensenmassa zag, ging hij de berg op. Daar ging hij zitten met zijn leerlingen om zich heen.

Hij nam het woord en onderrichtte hen:

  • Gelukkig wie nederig van hart zijn, want voor hen is het koninkrijk van de hemel.
  • Gelukkig de treurenden, want zij zullen getroost worden.
  • Gelukkig de zachtmoedigen, want zij zullen het land bezitten.
  • Gelukkig wie hongeren en dorsten naar gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden.
  • Gelukkig de barmhartigen, want zij zullen barmhartigheid ondervinden. Gelukkig wie zuiver van hart zijn, want zij zullen God zien.
  • Gelukkig de vredestichters, want zij zullen kinderen van God genoemd worden.
  • Gelukkig wie vanwege de gerechtigheid vervolgd worden, want voor hen is het koninkrijk van de hemel.
  • Gelukkig zijn jullie wanneer ze je omwille van mij uitschelden, vervolgen en van allerlei kwaad betichten.

 

 

.

Matteüs 5: 39 – 39

 

38 Jullie hebben gehoord dat gezegd werd: “Een oog voor een oog en een tand voor een tand.” 39 En ik zeg jullie je niet te verzetten tegen wie kwaad doet,  maar wie je op de rechterwang slaat, ook de linkerwang toe te keren.

 

 

.

Mattheüs 6

 

7 Bij het bidden moeten jullie niet eindeloos voort prevelen zoals de heidenen, die denken dat ze door hun overvloed aan woorden verhoord zullen worden.

8 Doe hen niet na! Jullie Vader weet immers wat jullie nodig hebben, nog vóór jullie het hem vragen.

9 Bid daarom als volgt: Onze Vader in de hemel, laat uw naam geheiligd worden,

10 laat uw koninkrijk komen en uw wil gedaan worden op aarde zoals in de hemel.

11 Geef ons vandaag het brood dat wij nodig hebben.

12 Vergeef ons onze schulden, zoals ook wij hebben vergeven wie ons iets schuldig was.

13 En breng ons niet in beproeving, maar red ons uit de greep van het kwaad.

14 Want als jullie anderen hun misstappen vergeven, zal jullie hemelse Vader ook jullie vergeven.

15 Maar als je anderen niet vergeeft, zal jullie Vader jullie je misstappen evenmin vergeven.

 

 

 

In 2018 is het precies zeventig jaar geleden dat Mahatma Gandhi (1869-1948) werd doodgeschoten. Geïnspireerd door de Bergrede van Christus, preekte hij als hindoe en als politicus consequent geweldloosheid, onder andere via de beroemde ‘Zoutmars’ van 1930.

 

 

 

 

Mohandas Karamchand Gandhi (2/10/1869 – 30/01/1948), vaak Mahatma Gandhi genoemd, was een Indiaas politicus. Na een rechtenstudie in Engeland vertrok Gandhi naar Zuid-Afrika, waar hij zich voor de Indiase bevolkingsgroep inzette. Na terugkeer in India werd hij leider in de Indiase onafhankelijkheidsstrijd.

Mahatma Gandhi was een van de grondleggers van de moderne staat India en voorstander van geweldloosheid als middel voor revolutie. Gandhi spande zich ook in voor verzoening tussen hindoes en moslims  in India. Hij werd in 1948 in New Delhi vermoord door een extremistische hindoe. 

Gandhi is in het Westen vooral bekend om zijn levensfilosofie van vreedzaam verzet, oftewel ‘satyagraha’. Het is dus wrang dat hij uitgerekend door geweld om het leven is gekomen door een radicale hindoe.

 

 

 

10 citaten, als Bergrede, van deze scherpzinnige denker

 

1. “Het verschil tussen wat we doen en wat we kunnen doen zou voldoende zijn om het grootste deel van de problemen van de wereld op te lossen.”

2. “Alleen christenen begrijpen niet dat Christus geweldloos was.”

3. “De liefde eist nooit rechten op, zij geeft ze altijd. De liefde lijdt steeds, koestert nooit wrok, wreekt zichzelf nooit.”

4. “Stilte verlicht je levenspad. Door niet te spreken, zie je duidelijker.”

5. “Alleen de waarheid zal standhouden; al het andere wordt door de vloed van tijd weggeveegd.”

6. “Gebed is de sleutel van de ochtend en de grendel van de avond.”

7. “Iemand kan je alleen je zelfrespect afnemen als je het hem geeft.”

8. “Het gebed is geen ijdel pleziertje van oude vrouwen. Als men het juist begrijpt en benut is het het machtigste middel tot de actie.”

9. “De aarde biedt voldoende om ieders behoefte te bevredigen maar niet ieders hebzucht.”

10. “De geest wordt onzuiver als het hart niet gewassen wordt door gebed.”

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Helpt bidden echt?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

csm_gp_bidden_02_5964c5bcfc

 

 

 

Helpt bidden eigenlijk wel ?

 

Bidden is iets vragen aan God. Je moet dan natuurlijk wel geloven dat er een God en dat Hij bestaat. En je moet ook geloven, dat God naar je wil luisteren en al evenzeer geloven, dat Hij ook kan doen, wat je vraagt.

Bidden kun je leren. De discipelen, die in hun joodse opvoeding toch echt wel hadden leren bidden, zagen in de omgang van de Here Jezus met Zijn Hemelse Vader iets wat ze niet kenden. Dat bracht hen tot de vraag: “Here, leer ons bidden”. En Jezus leerde hun een gebed.

Ook wij mogen bidden leren. God wil gebeden zijn. Dus laten we werk maken van het gebed. In ons persoonlijk leven en in ons gemeenteleven mag gebed een centrale plaats innemen. Om met elkaar te ontdekken wat bidden nu eigenlijk is en hoe we dit vorm kunnen geven is deze studie van de Bijbel een geweldig middel.

 

 

 

 Wat is bidden eigenlijk ?

 

Veel mensen zeggen dat bidden onzin is. Bidden is ook onzin als je niet gelooft dat God bestaat. Bidden is ook onzin als je wel gelooft dat er een wezen bestaat dat God genoemd wordt, maar niet wilt aannemen dat Hij zich nog met ons bemoeit.

Geloven in God en geloven dat Hij naar je luistert is niet vanzelfsprekend. Het is moeilijk te begrijpen als je be-denkt dat er op hetzelfde ogenblik talloze mensen bidden en in vele talen. Eén ieder met zijn eigen problemen, moeiten en vragen.

Als je aanvaardt dat God al die gebeden kan horen, moet je geloven in een God die dat allemaal kan en die alles weet. Je moet dus geloven dat Hij almachtig en alwetend is. En als je wilt aannemen dat Hij naar je wil luisteren, moet je geloven dat Hij van je houdt en je liefheeft.

Bidden is erkennen dat je hulp nodig hebt. Je kunt het zelf niet meer. Je kunt niet meer op eigen benen staan, je eigen boontjes doppen. Je bent niet meer eigen baas. Bidden is jezelf afhankelijk erkennen. Veel mensen bidden niet meer. Wie niet gelooft dat God wil horen, wil helpen, kan helpen, kan ook niet bidden.

 

 

 

Kan God de mens, jou en mij dus, helpen?

 

In de Bijbel wordt veel over het bidden gesproken en over mensen die bidden. De Bijbel spreekt over bidders die krijgen, waar zo om vroegen, die verhoord worden en over bidders die wel bidden, maar niet ontvangen waar ze om vroegen, die niet verhoord worden. Mag je daaruit concluderen, dat bidden soms wel, soms niet helpt? Lees eens mee wat er staat in Lucas 11 : 5-13. Jezus Christus zelf spreekt over het bidden. Hij doet heel merkwaardige uitspraken :

‘Bidt en u zal gegeven worden’.

 

Ieder die bidt, ontvangt. Wat je vraagt, dat krijg je. Dat lijkt nogal in tegenspraak met de feiten. Meestal lijkt bid-den niet veel uit te halen. Je kunt bidden om beterschap. Gebeurt het dan ook altijd? Je kunt bidden om werk. Heb je dat dan meteen de volgende dag? En als je geen verhoring kreeg op je gebed, heeft God je dan niet ge-hoord? En stel dat je wel werk kreeg, was dat dan het gevolg van je gebed?

 

 

 

Een hemelse aanrader is niet twijfelen

 

Jacobus, waarschijnlijk een broer van Jezus en leider van de christelijke gemeente in Jeruzalem, schrijft daarover in het boek Jacobus 1 : 5-8.

Als u wilt weten wat God van u verwacht, vraag het Hem en Hij zal het u graag vertellen. Want Hij staat altijd klaar om ieder die Hem daarom vraagt, voldoende wijsheid te geven; Hij zal het u niet kwalijk nemen.

Maar als u Hem erom vraagt, moet u ook verwachten dat Hij het zal geven. Iemand die twijfelt, lijkt op een golf van de zee, die door de wind heen en weer gejaagd wordt.

Zo iemand moet niet denken dat de Here hem iets zal geven,

als hij twijfelachtig is en onzeker in zijn optreden.

 

In de eerste plaats is het belangrijk om niet te twijfelen aan God zelf.

‘Want wie tot God komt moet geloven dat Hij bestaat en een beloner is voor wie Hem ernstig zoeken’. (Hebr. 11 : 6).

 

In de tweede plaats ook niet twijfelen aan het horen van God. God wil altijd luisteren ook al vind je jezelf nog zo’n slecht mens. Bidden met de gedachte van “Baat het niet, het schaadt ook niet” is niet echt bidden. We moeten vast geloven dat God luistert, dat Hij elk gebed hoort. Er niet aan twijfelen dat Hij helpen kan en wil.

 

 

 

Het is een zaak van volhouden

 

De Bijbel zegt dat we niet te gauw moedeloos moeten worden. We moeten blijven bidden en blijven zoeken. Je-zus vergelijkt (Matth. 7 : 7-12; zie ook Luc. 11 : 1-13) het bidden met zoeken en met het kloppen op een deur tot je wordt opengedaan en ontvangt. Jezus vertelt daarover een verhaal, een gelijkenis zoals dat in de Bijbel heet. (Luc. 18 : 1-8). Hij zegt dat als zelfs een onrechtvaardig, een slecht mens tenslotte toch luistert, dan zal God toch zeker horen, als we erg veel van Hem verwachten.

 

 

 

Het moeilijke van onverhoorde gebeden

 

De Bijbel vertelt ook over gebeden die niet verhoord worden, hoewel God de gebeden wel gehoord heeft. Paulus, een gezondene door Jezus Christus om het evangelie te verkondigen (een apostel genoemd) schrijft over een ge-bed van hem dat niet werd verhoord in 2 Cor. 12 : 7-9.

Hij heeft een geweldige ervaring gehad, hij is in het hemelse paradijs geweest. Zelf weet hij niet of dat nu werke-lijk of in een soort visionaire toestand gebeurde. Hij hoorde woorden die hij niet verder vertellen mag. Iets om behoorlijk trots op te zijn. Maar om hem klein te houden krijgt hij een doorn in het vlees.

Hij zegt niet wat dat nou precies is, maar misschien was het iets als een ooglijden. Paulus bidt driemaal of God die doorn weg wil nemen. Het gebeurt niet. God zegt tegen hem: ‘Mijn genade is genoeg voor u’. Dat betekent: Mijn liefde, waarmee God de schuld van de zonde vergeeft, moet genoeg zijn.

Mozes, de leider uit het Oude Testament, heeft iets dergelijks ervaren (Deut. 3 : 23-28 en Num. 20 : 7-13). Omdat Mozes ongehoorzaam was geweest, mag hij van God het land dat de Israëlieten beloofd was niet binnengaan. Hij vindt dat heel erg. Daarom vraagt hij of hij niet toch het beloofde land mag binnentrekken. Maar God zegt: ‘spreek Mij over deze zaak niet meer’ .

Het gebed van Mozes is door God wel gehoord, maar Hij doet niet wat van Hem gevraagd wordt. Soms zegt God al van te voren dat een gebed niet verhoord zal worden. Hij verbiedt dan zelfs het bidden ( zie Jer. 14 : 7-12 en 15: 1).

 

 

 

Gebeden in de Bijbel

 

Als je het gebed ziet als een middel om over God naar je eigen inzichten te kunnen beschikken, zal er zeker geen verhoring komen op je gebed. En bidden helpt ook niet als je het beschouwt als een middel dat ook wel eens te proberen zou zijn.

In de Bijbel staan veel gebeden. Als je die gebeden eens aandachtig leest, zijn er een paar dingen die telkens sterk opvallen. Dikwijls bidt men om vergiffenis en verlossing. In de Psalmen 25 bidt de dichter om verlossing, maar hij begint daar niet mee.

  • Allereerst spreekt hij zijn vertrouwen uit in de God tot wie hij bidt.
  • Daarna vraagt hij of hij God goed mag leren kennen.
  • Dan belijdt hij zijn schuld en bidt hij om vergeving, terwijl hij zegt er vast van overtuigd te zijn, dat God hem ook vergeven zal.
  • En pas nadat hij God om zijn trouw geprezen heeft begint de dichter van Psalm 25 te vragen om hulp.

 

Blijkbaar is er iets dat de dichter nog meer beangstigt dan de haat van zijn vijanden. Zijn eigen schuld, zijn eigen zonde benauwt hem veel meer . Zonde, dat is niet doen wat God zegt en juist wel doen wat God verbiedt.

Daarom gaat zijn gebed om vergeving van de zonde voorop. Hoewel hij er vast van overtuigd is, dat God zijn ge-bed verhoren wil, vindt hij dat kennelijk toch niet zo’n vanzelfsprekende zaak.

 

 

Bidden is bekommerd zijn om de kwaliteit van het leven.

 

Bidden is wikken en wegen. Ook overwegen en afwegen welke de juiste dosis is van de barmhartigheid en de rechtvaardigheid in de wereld en in ons eigen leven. Bidden is bekommerd zijn dat de naam van God zou gehei-ligd worden en dat zijn wil zou geschieden op de aarde als in de hemel.

Als wij niet bidden zal het verkeerd lopen met de schepping, met de wereld en met ons eigen leven. Sommige mensen hebben een zeer eenzijdige en oppervlakkige opvatting van bidden. Voor hen is bidden enkel vragen. Zij vragen dan meestal dingen in hun eigen belang en voordeel.

Tot in het bidden toe zijn ze nog met zichzelf bezig. Bidden is meeleven met God die de Schepper is en dus mee-leven met heel zijn schepping en mee bezorgd zijn opdat het goed zou zijn in de wereld.

Het gebed is er om ons los te maken van onszelf, om ons open te maken voor God en de wereld, voor Christus en de mensen. Mensen die niet bidden riskeren eng en enggeestig, klein en kleinzielig te worden. Bidden verruimt onze horizon en leert ons leven op de maat van God.

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria