Tagarchief: bekering

Waarover gaat Psalm 78?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Psalm 78

 

 

Inleiding

 

Net als psalm 105 en psalm 106 is psalm 78 een historische psalm. De dichter spreekt over de wonderen in Egypte en in de woestijn tot aan Israëls verlossing. Doel van de psalm is op te wekken tot vertrouwen op God en het bewaren van zijn geboden. De dichter wil met zijn lied niet alleen een onderwijzing meegeven, maar ook hoop geven voor de toekomst, op grond van het nieuwe begin, waarmee de psalm eindigt.

 

 

 

 

 

 

 

Literaire kenmerken

 

De psalmdichter maakt gebruik van oude tradities binnen het volk Israël die met name in verhalende vorm bekend zijn. In de weergave van deze oude tradities lijkt de dichter de werkwoordsvormen van het proza toe te passen. Tegelijk voorziet hij deze tradities van zijn eigen commentaar, waarbij hij meer dichterlijke vormen gebruikt. Niet altijd is duidelijk wanneer de dichter tradities doorgeeft en wanneer hij zijn eigen commentaar naar voren brengt.

De psalm bestaat uit een korte inleiding ( deel 1) gevolgd door zes delen, waarvan er drie ( deel 2,3 en 7) inzetten met een ‘positief’ handelen van de Here God ten opzichte van Israël en drie met een ‘ negatieve’ reactie van de mensen die daarbij betrokken zijn (deel 4, 5 en 6). Vanwege de lengte van deze psalm zal hij per deel worden besproken in plaats van per vers.

 

 

 

Datering

 

De psalm kan worden gedateerd na de bouw van de tempel, op grond van vers 69. Over de precieze datering van deze psalm wordt verschillend gedacht. Sommige uitleggers gaan ervan uit dat de psalm inderdaad door Asaf is geschreven. In dat geval is de psalm kort na de tempelbouw ontstaan. Anderen menen dat de psalm van later datum is, uit de tijd na de ballingschap.

 

 

 

Commentaar

 

[1-4] 

De dichter richt zich tot een breed publiek, hij spreekt tot het hele volk. Men moet de berichten over het handelen van de Here God doorgeven aan het nageslacht, zodat de kennis daarover blijft bestaan. Dit doet denken aan de opdracht die God geeft in Exodus 10:2 en Exodus 13:14. De dichter noemt zijn psalm een ‘spreuk’, een ‘leerdicht’. Het belangrijkste onderwerp zijn de wonderen die de Heer verricht heeft. De dichter bezingt zijn grootheid.

 

 

 

[ 5-11]

De dichter verwijst naar het initiatief van God om een relatie aan te gaan met het volk waaraan de namen ‘Jakob’ en ‘Israël’ verbonden zijn. Het is belangrijk dat Gods betrokkenheid met het volk wordt doorgegeven aan de volgende generatie, zodat zij niet worden zoals hun vaders: opstandig, weerspannig, onbetrouwbaar. In vers 9-11 noemt de dichter hier een voorbeeld van: de Efraïmieten bleven in gebreke ten dage van de strijd. Dit is ontrouw jegens de Here en Zijn verbond. De verwerping van Efraïm komt later in deze psalm nog ter sprake (vs. 60,67).

 

 

 

[12-29]

De dichter onderstreept dat de ‘ vaderen’ Gods wonderen wel moesten zien, het kon ze niet ontgaan. De plaats Soan ligt in Egypte, in het uiterste Noordoosten van de delta van de Nijl. Opvallend is dat de Here God enerzijds het water in bedwang hield (vers 13) en anderzijds het water juist deed stromen, in de woestijn. (vers 15-16). Vervolgens beschrijft de dichter de reactie van de Israëlieten: ze vragen om nog meer voedsel: brood en vlees. Ze vertrouwen God niet en stellen Hem op de proef. Ze vragen zich af of God wel in staat zou zijn om hen ‘brood en vlees te kunnen geven’. (vs. 20) Deze vragen roepen Gods boosheid op. Eerst komt Hij aan hun wensen tegemoet, maar daarna straft Hij hen. Duidelijk is dat de dichter zich in deze psalm niet houdt aan de chronologische volgorde. Het zenden van de kwakkels en het manna (Exodus 16) gaat vooraf aan het waterwonder van Exodus 17. Het manna wordt ‘engelenbrood’ genoemd. Met deze uitdrukking wil de dichter het wonderlijke karakter van het manna accentueren. Het is brood dat bedoeld is voor hemelbewoners.

 

 

 

[30-41]

In dit deel van de psalm staat de relatie tussen God en Zijn volk centraal. In vers 30 en 31 wordt verteld dat de Here een slachting onder het volk aanrichtte. De meeste uitleggers denken dat de dichter hier verwijst naar Numeri 11:33-35. Het volk bekeert zich, maar valt opnieuw in zonde. Hun bekering is niet echt: hun hart was niet aan God gehecht. (vs. 37) Tegenover de ontrouw van het volk, staat de barmhartigheid en vergevingsgezindheid van God.

 

 

 

[42-55]

De dichter geeft een opsomming van de tekenen die God in Egypte deed. In tegenstelling tot wat in vers 38 staat, brengt God nu Zijn toorn tot uitdrukking, wat leidt tot dood en vernietiging. Zijn volk blijft Hij echter leiden en brengt hen tot Zijn ‘heilig gebied’, het land rondom de tempel te Jeruzalem. De dichter veroorlooft zich een grote mate van vrijheid: van de tien plagen uit Egypte laat hij er vier weg. Bij de door hem genoemde zes volgt hij een eigen orde. Met de ‘tenten van Cham’ worden de Egyptenaren bedoeld, die van Cham afstammen. (zie Gen. 10:6)

 

 

 

[56-64]

Het volk volhardt echter in de ontrouw van hun vaders. Ze dienen andere goden en vergeten de Here God. De ‘hoogten’ zijn de in het land verspreide offerplaatsen, vaak van Kanäanitische oorsprong. Daarom straft God hen, het heiligdom te Silo gaat ten onder. In 1 Samuel 5 wordt dit heiligdom uitgebreid beschreven. Het lijkt erop dat er een einde is gekomen aan de relatie tussen God en Zijn volk. (vs. 62 e.v.) Over de verwerping van Silo wordt ook gesproken in Jeremia 7: 12, 14.

 

 

 

 

[65-72]

In dit laatste deel beschrijft de dichter dat dit niet het geval is. God komt opnieuw in actie en verslaat zijn tegenstanders. God verwerpt de stammen Jozef en Efraïm. Waarschijnlijk speelt hier op de achtergrond de spanning tussen het Zuiden (Juda) en het Noorden van Israël (waarvan de stam Efraïm de belangrijkste is) een rol.
De dichter beschouwt het optreden van David als een nieuw initiatief van de kant van de Here God, dat perspectieven opent voor de toekomst van heel het volk Israël.

 

 

 

 

 

 

Psalm 78

1 Een lied van Asaf, om iets van te leren.

Luister, mijn volk, naar wat ik jullie leer.
Luister naar mijn woorden.
2 Ik wil jullie vertellen over het verleden.
Ik wil jullie laten weten welke wijsheid daarin verborgen is.
3 We hebben de verhalen gehoord van onze vaders.
Zij hebben ons alles verteld.
4 Nu moeten wij het ook aan onze kinderen vertellen.
We moeten hun laten weten
welke geweldige dingen de Heer heeft gedaan.
We zullen hun vertellen over zijn kracht en zijn wonderen.

5 Hij sloot een verbond met het volk van Jakob.
Hij gaf het volk Israël een wet.
Onze voorvaders moesten die wet aan hun kinderen leren
en hun vertellen wat God had gedaan.
6 Zo zouden ook zij zijn wet kennen
en weten wat Hij heeft gedaan.
En ook zij moesten het weer vertellen aan hún kinderen.
7 Zo zouden ze leren om op de Heer te vertrouwen.
Zo zouden ze niet vergeten wat God had gedaan
en ze zouden zich aan zijn wetten houden.
8 Zo zouden ze niet hetzelfde doen als hun voorouders,
die aldoor koppig en ongehoorzaam waren.
Zij waren nooit lang trouw aan God.
9 Want toen er oorlog kwam,
kwam Israël niet opdagen,
ook al waren ze goed bewapend.
10 Ze hielden zich niet aan Gods verbond.
Ze weigerden zich aan zijn wetten te houden.
11 Ze vergaten wat Hij had gedaan,
vergaten de wonderen die Hij hun had laten zien.

12 Want Hij had wonderen gedaan
voor hun voorouders in Egypte.
13 Hij spleet de zee in tweeën en leidde hen er doorheen.
Hij hield het water tegen zodat het als een muur bleef staan.
14 Overdag leidde Hij hen met een wolk,
’s nachts met grote vuurvlam.
15 Hij spleet rotsen in de woestijn
zodat er water uit stroomde en ze konden drinken.
16 Hij liet een beek ontstaan uit de rots:
water stroomde als een rivier.

17 Toch werden ze Hem weer ongehoorzaam.
Daar in de woestijn waren ze koppig tegen de Allerhoogste God.
Ze maakten Hem boos.
18 Ze daagden Hem uit
door om eten te vragen.
19 Ze zeiden:
“Kan God soms eten geven in de woestijn?
20 Toen Hij op de rots sloeg, stroomde er water uit.
Maar kan Hij ook zorgen voor brood en vlees voor zijn volk?”
21 Toen de Heer dat hoorde, werd Hij vreselijk boos.
Hij werd woedend op het volk van Jakob.
22 Want ze geloofden Hem niet.
Ze vertrouwden er niet op dat Hij hen wilde redden.
23 Toch gaf Hij de wolken een bevel.
Hij opende de deuren van de hemel.
24 Toen regende het manna! ‘Manna’ betekent: ‘Wat is dat nou toch?’ Lees Exodus 16.
Hij gaf hun hemels graan.
25 Zo aten ze engelenbrood.
Ze konden eten zoveel als ze wilden.
26 Hij zorgde ervoor dat er een oostenwind ging waaien.
Ook zorgde Hij voor een sterke zuidenwind.
27 De wind bracht vogels mee,
zo ontelbaar als het zand langs de zee.
28 Het regende vogels in het kamp,
rondom hun tenten.
29 Ze aten zoveel ze wilden.
Hij gaf hun waar ze om hadden gevraagd.
30 Nog tijdens het eten
– ze hadden het eten nog in hun mond –
31 werd God vreselijke boos op hen
omdat ze zich vol zaten te schrokken.
Hij doodde veel van de jonge mannen.

32 Toch bleven ze Hem ongehoorzaam.
Ze vertrouwden niet op zijn wonderen.
33 Toen maakte Hij hun leven zinloos.
Hun leven werd één en al ellende, jarenlang.
34 Steeds als Hij een aantal van hen doodde,
kwam het volk weer bij Hem terug
en wilden ze God weer dienen.
35 Dan wisten ze weer
dat God de rots onder hun voeten was,
dat Hij de Allerhoogste God was,
de enige die hen kon redden.
36 Maar ze bedrogen Hem.
Ze beloofden Hem dingen die ze niet meenden.
37 Ze hielden niet echt van Hem.
Ze waren niet trouw aan zijn verbond.
38 Maar omdat Hij medelijden met hen had,
vergaf Hij hun steeds hun ongehoorzaamheid
en vernietigde Hij hen niet.
Elke keer hield Hij zich in.
39 Hij dacht er aan dat ze maar mensen waren,
een zuchtje wind dat langswaait en nooit meer terugkomt.

40 Wat waren ze Hem toch vaak ongehoorzaam!
Steeds weer deden ze Hem verdriet daar in de woestijn.
41 Steeds weer daagden ze God uit.
Steeds weer dachten ze dat Hij hen niet zou kunnen redden.
42 Ze vergaten zijn macht.
Ze vergaten hoe Hij hen had gered van hun vijand Egypte.
43 Ze vergaten de wonderen
die Hij in Egypte had gedaan.
44 Daar had Hij het Nijlwater veranderd in bloed.
En niet alleen de Nijl, maar ook de andere rivieren.
Niemand kon het water nog drinken.
45 Hij had allerlei ongedierte laten komen dat hen verslond.
Daarna kikkers die hun het leven onmogelijk maakten.
46 Hij liet sprinkhanen komen
die de planten en de oogst op-aten.
47 Met hagel en ijzel
vernielde Hij de wijnstruiken en vijgenbomen.
48 Hij doodde hun vee door de hagel,
hun kudden door de bliksem.
49 Woedend was Hij.
Hij strafte Egypte met een leger doods-engelen.
50 Hij strafte hen zwaar. Hij ontzag niets en niemand.
Hij liet hun dieren door de pest doden.
51 Ook doodde Hij alle oudste zonen in Egypte,
alle eerstgeboren mannen in de huizen van Cham. Cham was één van de zonen van Noach. Hij was de voorvader van het volk van Egypte.
52 Maar zijn eigen volk nam Hij mee,
zoals een herder zijn schapen meeneemt.
Hij leidde zijn kudde door de woestijn.
53 Bij Hem waren ze veilig.
Ze hoefden nergens bang voor te zijn.
Want hun vijanden waren verdronken in de zee.
54 Hij bracht hen naar zijn eigen gebied,
naar de berg die zijn eigendom was.
55 Hij joeg de volken voor hen weg.
Hij gaf het gebied van die volken aan zijn eigen volk.
Het werd hun eigendom, hun eigen land.

56 Maar ze daagden God weer uit.
Ze waren koppig tegen de Allerhoogste God.
Ze hielden zich niet aan zijn bevelen.
57 Net als hun voorouders waren ze ontrouw aan Hem.
Ze gingen de verkeerde kant op,
zoals kromme pijlen uit een slechte boog.
58 Ze maakten Hem kwaad met hun altaren voor de afgoden.
Ze maakten Hem jaloers met hun godenbeelden.
59 God zag hoe ontrouw ze waren.
In zijn woede liet Hij Israël in de steek.
60 Hij verliet zijn heiligdom in Silo, De kist van het verbond van God was als buit meegenomen door de Filistijnen. Lees 1 Samuel 4.
de plaats waar Hij bij de mensen woonde.
61 Hij liet de kist van zijn verbond
– de plaats waar Hij woonde –
door de vijanden meenemen als buit.
62 Hij liet zijn volk door de vijand doden,
omdat Hij vreselijk boos op hen was.
63 De jonge mannen werden gedood.
De meisjes hadden niemand meer om mee te trouwen.
64 De priesters werden vermoord.
De weduwen hadden geen tranen meer over.

65 Toen werd de Heer wakker,
zoals iemand die diep heeft geslapen,
zoals een held die overmoedig roept door de wijn.
66 En Hij doodde zijn vijanden terwijl ze vluchtten.
Hij versloeg hen volkomen.

67 Hij koos niet voor de stam van Jozef.
Hij wilde niet meer wonen bij de stam van Efraïm. Vóórdat de kist van het verbond door de Filistijnen werd veroverd, stond hij in Silo, in het gebied van de stam van Efraïm.
68 Maar Hij koos de berg Sion uit
in het gebied van de stam van Juda,
de berg Sion waar Hij zoveel van houdt.
69 Daar bouwde Hij zijn heiligdom,
indrukwekkend als de hoogste bergen,
stevig en vast als de aarde.
70 En Hij koos zijn dienaar David uit.
Hij haalde hem weg bij de schapen.
71 David zou niet langer voor de schapen zorgen,
maar voor Gods eigen volk, het volk van Jakob.
72 David was een goede herder.
Hij leidde het volk rechtvaardig en wijs.

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 

 

Advertenties

Afgoden en afgoderij

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

d05f87d8e7630436993817a2ffe60c40

 

.

.

Een afgod is een voorwerp van goddelijke verering

dat niet de ware God is

 

Jes 48:5 daarom heb Ik het u van oudsher verkondigd; voordat het kwam, heb Ik het u doen horen, anders zou u zeggen: Mijn afgod heeft die dingen gedaan, mijn gesneden beeld of mijn gegoten beeld heeft ze geboden.

1Co 8:4 wat dan het eten van de afgodenoffers betreft, wij weten dat een afgod niets is in de wereld, en dat er geen God is dan Een.

1Co 10:19 Wat wil ik hiermee dan zeggen? Dat een afgodenoffer iets is of dat een afgod iets is?

Er is enig verschil in betekenis tussen afgod en valse godheid. Het woord afgod zegt dat het voorwerp van goddelijke verering niet God is. Het woord valse godheid zegt dat het ten onrechte voor God gehouden wordt. Bij valse godheid komt het denkbeeld naar voren dat zij de ware godheid niet is, bij afgod meer bijzonder dat hij als God vereerd wordt.

 

Beide afgod en valse godheid drukken het denkbeeld van

onrechtmatig bewezen goddelijke eer uit

 

Wanneer men dit denkbeeld niet opzettelijk wil uitdrukken gebruikt men geen van beide woorden, maar god. Zo waren Jupiter, Apollo en Mars goden der oude Heidenen, Wodan en Thor goden der Noormannen. Niet-christenen kunnen zo ook schrijven over ‘de god der christenen’, waarmee zij blijk geven van hun ongeloof aan onze God.

Het woord afgod – met zijn denkbeeld van goddelijke verering van een voorwerp of persoon dat niet de ware God is – wordt figuurlijk gebruikt voor alles waaraan een te grote en uitsluitende eer bewezen wordt. “Het goud is zijn afgod.” “Zij maakt haar huis tot een afgod.” “Het is eigen aan de tirannen om te verlangen dat zij als afgoden vereerd worden.”

Een afgodsbeeld is de beeltenis van een afgod. De Israëlieten maakten zich in de woestijn een afgodsbeeld.

Hnd 7:41 En zij maakten een kalf in die dagen en brachten offerande aan de afgod en verheugden zich in de werken van hun handen.

 

 

goudkalf

 

.

.

Als afgoden vereerden Israëlieten onder meer de zon

en de koningin van de hemel (de maangodin)

 

De zon kan voorwerp van afgodendienst worden.

Deut. 4:19 Dat gij ook uw ogen niet opheft naar den hemel, en aanziet de zon, en de maan, en de sterren, des hemels ganse heir; en wordt aangedreven, dat gij u voor die buigt, en hen dient; dewelke de Heere, uw God, aan alle volken onder den gansen hemel heeft uitgedeeld.

 

Job 31:26 Heb ik, bij het zien van de stralende zon en de prachtig voortschrijdende maan,
Job 31:27 mij ooit heimelijk laten verleiden om hen met handkussen te vereren?

Job 31:28 Zoiets zou een misdrijf zijn dat voor de rechter dient; dan zou ik God in de hemel hebben verloochend!

 

Eze 8:16 En Hij bracht mij tot het binnenste voorhof van het huis des Heeren; en ziet, aan de deur van den tempel des Heeren, tussen het voorhuis en tussen het altaar, waren omtrent vijf en twintig mannen; hun achterste leden waren naar den tempel des Heeren, en hun aangezichten naar het oosten, en deze bogen zich neder naar het oosten voor de zon.

 

Een van de afgodische gruwelen die God in dit hoofdstuk van Ezechiel toont is de aanbidding van de zon.

In onze tijd aanbidden de aanhangers van Wicca de zon en maan.

 

 

 

Bekering

 

Wij mensen moeten ons van de afgoden bekeren om de levende en waarachtige God te dienen. Paulus schreef aan de Thessalonicenzen:

1Th 1:8 Want van u uit heeft het woord van de Heer weerklonken, niet alleen in Macedonië en in Achaje, maar in elke plaats is uw geloof jegens God uitgegaan, zodat wij daarvan niets hoeven te zeggen;
1Th 1:9 want zelf vertellen zij van ons welke ingang wij bij u hadden, en hoe u zich van de afgoden tot God hebt bekeerd om de levende en waarachtige God te dienen 

Eenmaal een kind van God geworden, moet een mens zich wachten voor de afgoden. De apostel Johannes schreef:

1Jo 5:21 Kinderen, wacht u voor de afgoden. 

 

 

 

Geloof-en-Bekering

 

 

 

 

Afgoderij, of het neerbuigen voor en het dienen van afgoden,

is een groot kwaad in de ogen van God

 

Afgoderij is iemand of iets in plaats van of naast God vertrouwen, vrezen of liefhebben. Al bestaan er in wezen geen andere goden, die net als God werkelijk God zijn, toch zijn er vele duivelse machten die als God geëerd willen worden. Afgoderij is buiten God om ons toevlucht nemen tot en ons vertrouwen stellen in instanties of mensen. Wanneer wij iemand of iets belangrijker achten dan God en Zijn dienst plegen we al afgoderij (zie Handelingen 4 vers 19 en 5 vers 29). Daarom kon Jezus zeggen: wie vader of moeder lief heeft meer dan Mij, past niet bij Mij.

Afgoderij begint met de verleiding van het hart. Vervolgens wendt het hart zich af van God en wendt zich tot de afgoden. Men kan zelfs gedreven worden om de afgoden te dienen.

De 11:16 Wacht uzelven, dat ulieder hart niet verleid worde, dat gij afwijkt, en andere goden dient, en u voor die buigt;
De 11:17 Dat de toorn des Heeren tegen ulieden ontsteke, en Hij den hemel toesluite, dat er geen regen zij, en het aardrijk zijn gewas niet geve; en gij haastelijk omkomt van het goede land, dat u de Heere geeft.

 

De 30:16 Want ik gebiede u heden, den Heere, uw God, lief te hebben, in Zijn wegen te wandelen, en te houden Zijn geboden, en Zijn inzettingen, en Zijn rechten, opdat gij levet en vermenigvuldiget, en de Heere, uw God, u zegene in het land, waar gij naar toe gaat, om dat te erven.
De 30:17 Maar indien uw hart zich zal afwenden, en gij niet horen zult, en gij gedreven zult worden, dat gij u voor andere goden buigt, en dezelve dient;
De 30:18 Zo verkondig ik ulieden heden, dat gij voorzeker zult omkomen; gij zult de dagen niet verlengen op het land, naar hetwelk gij over de Jordaan zijt heengaande, om daarin te komen, dat gij het erfelijk bezit.

 

Wat er bij de Israëlitische afgoderij gebeurde, blijkt uit de volgende passage, die meedeelt waar de afgoden geplaatst werden en welke offers gebracht werden.

Eze 20:28 Als Ik hen in het land gebracht had, over hetwelk Ik Mijn hand opgeheven had, om hetzelve hun te geven, zo zagen zij naar allen hogen heuvel en alle dicht geboomte, en offerden daar hun offeren, en zij gaven daar hun tergende offeranden, en daar zetten zij hun liefelijken reuk, en daar offerden zij hun drankofferen.

De plaats waar de afgoden gesteld werden was hoger gelegen. Men sprak van ‘hoogte’ (Ezech. 20:29).

Eze 20:29 Daarop zei Ik tegen hen: Wat is dat voor hoogte waar u telkens naartoe gaat? Tot op deze dag draagt die dan ook de naam Hoogte.

Voor Gods volk heeft afgoderij zeer kwade gevolgenIn het oude Israël kwamen afgodendienaars om het leven. Vreeswekkend zijn de oorlogen en ballingschappen van Israël, waardoor velen stierven of uit hun land werden weggevoerd. Bij het tegenwoordige geestelijke volk van God (de gemeente) kunnen afgodendienaars geestelijk omkomen, het praktisch genot van hun erfdeel verliezen.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

 

 

De wonderbaarlijke bekering van de communist Bruno Cornacchiola

Standaard

Categorie : Religie

 

 

De wonderbaarlijke bekering van de communist Bruno Cornacchiola

 

 

”Ik haatte de kerk tot Maria mij riep”

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Akiane Kramarik maakt schilderijen van haar visioenen

Standaard

categorie: religie

 

 

 

Akiane Kramarik maakt schilderijen van haar visioenen

 

‘Door mijn kunst wil ik laten zien dat er hoop is’

 

 

.

.

Sinds haar kleutertijd krijgt de Amerikaanse Akiane Kramarik indrukwekkende visioenen, die ze vastlegt op het schildersdoek. Haar schilderijen hebben grote invloed op haar leven en op dat van anderen.

 

Akiane Kramarik is 4, als ze indrukwekkende visioenen krijgt van de hemel. Deze blijven komen, wekenlang. Om niet te vergeten wat ze gezien heeft, maakt Akiane er, zo jong als ze is, tekeningen van. Ze tekent onder andere ‘haar’ engel en Jezus. Ze vertelt haar moeder, die atheïst is, ook over haar visioenen. Akianes moeder is er erg in geïnteresseerd, het leidt zelfs tot haar bekering.

.

 

.

God is mijn leraar

 

Op haar 5e begint Akiane veelkleurige pasteltekeningen te maken. ’s Nachts als ze wakker wordt, werkt ze verder aan haar tekeningen, die ze zo nu en dan ook op kunstbeurzen exposeert. Als haar visioenen stoppen, verliest ze inspiratie om met kunst bezig te zijn. Dit duurt tot haar 8e. Dan begint Akiane zichzelf in het schilderen te bekwamen, hoewel ze er geen les in krijgt. “God is mijn leraar,” zegt ze later over deze tijd. Met de inspiratie om te schilderen, komen ook haar visioenen weer terug en schildert ze doeken met namen als The Prince of Peace en Vader, vergeef hen.

 

 

prince of peace

 

 

 

father forgive them

 

 

.

Media-aandacht

 

Haar schilderkunst blijft niet onopgemerkt. Als 9-jarige krijgt Akiane een uitnodiging van Oprah Winfrey. Ze mag in de Oprah Winfrey-show over haar schilderkunst komen vertellen en neemt daarvoor een aantal doeken mee. De aandacht die Akiane krijgt, zorgt voor een geweldige boost van haar carrière. Talloze schilderijen gaan voor meer dan 40.000 dollar per stuk over de toonbank. Ook andere televisiestations nodigen haar uit.

 

 

 

Ambities van Akiane Kramarik

 

Hoe jong ze ook is, Akiane weet wat ze wil. “Toen ik 3 was, had ik een visioen om de hele wereld te helpen,” zegt ze. “Ik wil arme en dakloze kinderen in de wereld helpen.”

Inmiddels is Akiane 24 en nog steeds heeft ze grote ambities. “Door mijn kunst wil ik laten zien dat er hoop is. Ik hoop dat ik door mijn werk mensen kan verenigen en eenheid kan bereiken,” vertelt ze op internet. Ook wil ze een kunst- en wetenschapsacademie starten en is ze op zoek naar nog onbekende artiesten die bekend willen worden. “Ik hoop hen door mijn kunstgalerij handvatten te kunnen geven. Ik wil hen helpen hun doel te bereiken.”

 

 

 

Geloof

 

Hoewel Akiane in een atheïstisch gezin is opgegroeid en niet naar een kerk gaat, weet ze dat Jezus haar hoogste autoriteit is. “Hij is de enige weg naar God, de enige weg naar de hemel en naar vreugde. Alleen Liefde kan ons dichter bij Gods almachtige waarheid, wijsheid en geluk brengen,” schrijft ze. Mijn persoonlijke opvattingen over Jezus zijn sinds mijn 4e jaar volwassen geworden en verdiept. Naarmate ik groei, zie ik hoe enorm en onbegrensd Zijn liefde is.”

 

 

Werken van Akiane Kramarik

 

 

art, fantasy, and galaxy afbeelding
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
water life dance akiane afbeelding
jesus, painting, and akiane afbeelding
dolphin, fish, and painting afbeelding
animals, painting, and sky afbeelding
dress, girls, and painting afbeelding
akiane kramarik afbeelding
girl and akiane kramarik afbeelding
akiane kramarik afbeelding
painting and akiane kramarik afbeelding
akiane kramarik afbeelding
heaven and akiane kramarik afbeelding
bible, pretty, and christian afbeelding
jesus, god, and heaven is for real afbeelding

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Heiligen die stierven op 33 jaar

Standaard

categorie : religie

 

.

Verenigd met Christus: Heilige zielen die stierven op de leeftijd van 33

 

Voor eeuwen is het nu een algemeen traditioneel geloof binnen de Kerk geworden dat Jezus Christus stierf op de leeftijd van 33 jaar. Het getal drie verwijst uiteraard naar de Heilige Drievuldigheid: de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Bij twee achtereenvolgende getallen drie [33], verwijst de tweede drie naar de tweede persoon van de Heilige Drievuldigheid en dit is, zoals we allen weten, de Zoon, Jezus Christus. Zulke feiten geven een diepere betekenis voor het begrijpen van de nu reeds heel lange traditie van de dood en de verrijzenis van Jezus Christus op de leeftijd van 33 jaar.

Men komt herhaaldelijk heiligenlevens tegen die, zoals Jezus Christus, stierven op de leeftijd van 33 jaar. Nu zijn mensen die leven als heiligen al een relatief klein aantal mensen binnen de Kerk. Velen zijn onderverdeeld in heiligen, zaligen en dienaars van God. Gaan we de groep nog verkleinen, dan vinden slachtofferzielen. Dit zijn zielen die speciaal door God zijn geroepen om te lijden in éénheid met Christus voor de bekering en de verlossing der zielen. Vijf van deze zielen droegen de stigmata.

Slachtofferzielen lijden niet alleen, maar zij zijn ook symbolisch verbonden en verenigd met Jezus Christus en Zijn lijden en dragen hun leven op in eenheid met Jezus voor de bekering van de zielen. Maar is het echt zo verbazingwekkend dat deze mystieke-slachtofferzielen precies overleden op de leeftijd van 33 jaar, juist dezelfde leeftijd als de dood van Jezus, met wie ze zich in eenheid offeren? Leefden ze tenslotte allemaal niet naar het beeld van Jezus’ leven van boete, opofferingen en vooral Zijn lijden?

Zo blijkt dat, voor een aantal slachtofferzielen, hun lijden in éénheid met Jezus werd bekroond door te sterven zoals Hij, op de leeftijd van 33 jaar. Achter dergelijke feiten dient een teken te worden gezocht van de authenticiteit van hun roeping en opdracht en het is een hemelse bevestiging dat hun leven er één was van een heroïsche opoffering in éénheid met Jezus voor de bekering van de zielen.

 

 

Acht mystieke die, zoals Christus, stierven op de leeftijd van 33 jaar

 

Heilige Catharina van Siena [1347-1380], mystica, gestigmatiseerde, slachtofferziel

 

 

Catharina von Siena

 

 

 

 

Heilige Faustina Kowalska [1905-1938], mystica, slachtofferziel

 

 

Faustina

 

 

 

Zr. Josepha Menendez [1890 -1923], mystica, slachtofferziel

 

 

Josefa Menendez

 

 

 

 

Heilige Michael Argemir [Heilige Michaël van de Heiligen] [1591-1625],

priester, mysticus, slachtofferziel

 

 

Michaël Argemir

 

 

 

 

Zalige Mariam Baouardy [1846-1978], mystica, gestigmatiseerde, slachtofferziel

 

 

Mariam Baourdy

 

 

 

 

Marie Rose Ferron [1902-1936], mystica, gestigmatiseerde, slachtofferziel

 

 

Marie Rose Ferron

 

 

 

 

Dienares van God, Domenica  Lazzeri [1815-1848], mystica, gestigmatiseerde, slachtofferziel

 

 

Domenica Lazzeri

 

 

 

 

Dienares van God, Louise Lateau [1850-1883], mystica, gestigmatiseerde, slachtofferziel

 

 

Louise Lateau

 

 

 

Er zullen nog meerdere zijn, vooral tijdens de vroegere eeuwen, omdat men van vele heiligenlevens, zo ver in het verleden, de geboortedatum niet kent.

 

 

 

Van links naar rechts:


De Amerikaanse Marie Rose Feron, de Belgische Louise Lateau en de Spaanse Jozefa Menendez
 

 

 

Een andere slachtofferziel en mystica is Maria von Mörl [1812-1868], die de genade van de stigmata ontving gedurende precies 33 jaar. Interessante weetje over deze mystica is dat ze een tijdgenote was van de Dienares van God, Domenica Lazzeri. Op een dag vond men Domenica, die totaal bedlegerig was, afwezig uit haar bed. Na langdurig zoeken kon men haar maar niet vinden.

Tot ieders verrassing echter, bevond ze zich enkele uren later opnieuw in bed. Onmiddellijk werd haar de vraag gesteld hoe ze haar bed kon hebben verlaten en ook waar ze geweest was, waarop ze antwoordde: “Ik werd bij mijn lijdende zuster gebracht, Maria von Mörl, en samen hebben we tot Jezus gebeden.”

 

 

Maria von Mörl

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Grote leiders en hun dwalingen

Standaard

categorie : religie

 

 

1 Toenemende dwalingen door grote leiders

van Prof. Johan Malan

 

Gerespecteerde geestelijke leiders in Amerika, b.v. dr. Robert Schuller, dr. Billy Graham en Norman Vincent Peale, wijzen de weg naar de misleiding. Er is in onze tijd een toenemend aantal valse profeten in de christelijke wereld. Sommigen van hen verkondigen van aanvang af hun valsheden om het mensdom te misleiden. Anderen zijn voormalige christenleiders die geestelijk vervallen zijn en in een staat zijn beland waarbij zij dwalingen verkondigen.

 

 

 

 

 

Vier van deze dwalingen, die velen van hen gemeen hebben, zijn de volgende:

1. Ontkennen of verzwijgen van de geestelijke en morele verdorvenheid van de mens

 

Het zonde-probleem van de mens wordt niet meer duidelijk geïdentificeerd, namelijk dat hij een gevallen, zondige natuur heeft en dus een verloren zondaar is, die in opstand tegen God leeft. In plaats hiervan worden zijn problemen psychologisch verklaard. Enkele voorbeelden zijn dat mensen een zwak zelfbeeld hebben, dat ze onderhevig zijn aan omgevingsfactoren of onkunde of dat ze onder invloed staan van demonen in de samenleving. Alles behalve de eigen verdorven natuur van de mens en de inherente toestand van zondigheid.

 

 

2. Verwateren of verzwijgen van de centrale evangelieboodschap

 

De duidelijke eis van wedergeboorte, gebaseerd op de kruisdood van de Heer Jezus die verzoening voor onze zonden heeft gedaan, wordt niet meer zuiver en uitdrukkelijk verkondigd. Het gevolg is dat er ruimte geschapen wordt voor doopzaligheid, goede werken en andere valse fundamenten voor bekering. De Heer moet slechts aangenomen worden zonder zondebelijdenis en de daaropvolgende reiniging door Jezus Christus, die zijn bloed gestort heeft voor de redding van alle verloren, helverdienende, zondaars.

 

 

3. Het scheppen en uitbreiding van oecumenische banden

 

De verwatering van de Bijbelse verlossingsleer leidt ertoe dat er oecumenische banden kunnen gesmeed worden tussen alle christelijke kerken, inclusief de Rooms-Katholieke Kerk. Zij kunnen allemaal elkaar de hand geven omdat er haast geen leerstellige basis meer is die hun broederschap in de weg staat – zij moeten Christus slechts met hun lippen belijden, ongeacht de toestand van hun hart (Mt 15:8-9). Deze valse oecumene is zo zwak op Bijbelse waarheden gefundeerd, dat zij spoedig de deur zullen openmaken voor niet-christelijke geloven, zodat dit in een multi-godsdienstige, oecumene ontaardt. Een totaal anti-christelijk broederschap krijgt dan zijn beslag.

 

 

 

4. De menselijke manifestatie van het koninkrijk Gods op aarde

 

De oecumenische banden tussen alle geloven leidt tot een internationale inspanning om de eindtijdse toren van Babel, zoals in Openbaring 17 en 18 is beschreven, te helpen bouwen. Zodoende krijgt een wereldbroederschap, eenheid, vrede en gelijkheid zijn beslag. Aan het hoofd van deze nieuwe wereldorde zal de Satan, de Antichrist en de valse profeet staan  (Op 13), met verscheidene andere valse profeten en apostelen die in lagere rangorden zullen functioneren.

Onder deze valse leiders zal veel geld in omloop zijn en zij zullen het aanzien genieten van massa’ s misleide mensen. De satanische drie-eenheid zal voltooid worden zoals beschreven in de Openbaring van het Nieuwe Testament. We zien de draak of Satan (Op 12), het zevenkoppig beest of leider van het herstelde Romeinse rijk (Op 13:1-10) en het beest uit de aarde of valse profeet (Op 13:11-18; 16:13).

 

 

Openbaring hoofdstuk 12 ; de vrouw en de draak, strijd in de hemel

 

 

 

Openbaring hoofdstuk 13 ; de komst van de antichrist en de valse profeet

 

Pasteltekeningen van John Astria

 

.

.

2 Leiders moeten onderworpen worden aan een strenge Schrift-toets

 

Het is van het uiterste belang dat christenen zouden leren om het toenemend aantal geestelijke leiders aan een strenge Schrift-toets te onderwerpen, anders worden zij spoedig zelf misleid. Wij hebben de Bijbelse opdracht om alles te onderzoeken (1Th 5:21) en de dwaalleringen aan het licht te brengen. De Heer neemt het ons kwalijk als wij misleid worden nadat wij lange tijd geestelijk recht gewandeld hebben:

Gij liept wel; wie heeft u verhinderd de waarheid gehoorzaam te zijn? Dit gevoelen is niet uit Hem, Die u roept. Een weinig zuurdesem verzuurt het gehele deeg (Gl 5:7-9).

 

Paulus zegt dat een opziener iemand moet zijn Die vasthoudt aan het getrouwe woord, dat naar de leer is, opdat hij machtig zij, beide om te vermanen door de gezonde leer, en om de tegensprekers te weerleggen (Tt 1:9). Het Woord van de Heer is dus de vaste norm. In het licht hiervan kan elke dwaling beoordeeld en weerlegd worden. Geen enkel evangelie en geen enkele leerstelling als datgene wat in de Bijbel geopenbaard is, mag door ons aanvaard worden – ongeacht wie het verkondigd:

Doch al ware het ook, dat wij, of een engel uit de hemel u een Evangelie verkondigde, buiten hetgeen wij u verkondigd hebben, die zij vervloekt. Gelijk wij te voren gezegd hebben, [zo] zeg ik ook nu weer: Indien u iemand een Evangelie verkondigt, buiten hetgeen gij ontvangen hebt, die zij vervloekt (Gl 1:8-9).

 

Als een voorbeeld bij de waarschuwingen die we hierboven gegeven hebben, om te waken voor misleiding, bespreken we nu enkele van de geestelijke dwalingen van Robert Schuller, Billy Graham en Norman Vincent Peale. Het is belangrijk dat een persoon niet beoordeeld zal worden op wat hij in zijn vroegere jaren gedaan en gezegd heeft, maar wel op grond van zijn huidige positie.

Door zekere leiders wordt soms de integriteit en het aanzien, dat over de jaren heen is opgebouwd, naar één kant geschoven terwijl zij anderzijds willens en wetens een dwaalweg inslaan. Hun ondersteuners en volgelingen moeten dan des te meer waken om niet samen met hen op een dwaalweg meegesleurd te worden. De geestelijke ondergang van Amerika wordt door ettelijke van zijn grote leiders verhaast, omdat zij het openlijke compromis met het multigodsdienstige denken bevorderen.

Dr. Robert Schuller  is de schrijver van het boek Self-Esteem: The New Reformation, en heeft een bekend TV-programma: The Hour of Power, dat zo n 20 miljoen huizen bereikt. Oud-president Clinton heeft in een toespraak naar dr. Schuller verwezen als een van Amerika’ s bekendste predikers. Schuller heeft een erg grote invloed op het christendom, vooral op de volgende twee terreinen:

(1) het gebruik van psychologische methoden bij geestelijke ontwikkelingen, en

(2) de bevordering van oecumenisch denken. Zijn mentor en leermeester is Norman Vincent Peale, de vader van het positief denken en zelf-achting

 

 

 

3 Het centraal stellen van de mens

 

 

Robert Schuller

 

De kerngedachte van Schullers theologie is self-esteem (zelfachting of zelfingenomenheid). Bij alle mensen die tot het christendom toetreden moet een positief zelfbeeld geschapen worden, want hierdoor zal God verheerlijkt worden. Hij verkondigt dus een homocentrische (de mens staat centraal) theologie. Volgens hem zijn kerken tot mislukken gedoemd als zij de ongeredde wereld met een theocentrische (God staat centraal) houding benaderen, waarin mensen die in rebellie tegenover God staan als zondaars worden gebrandmerkt.

Schuller gebruikt wel de goede Bijbelse terminologie maar geeft er een totaal andere betekenis aan, zoals uit de volgende definities en beschouwingen van hem blijkt: Zonde is een daad of gedachte die de mensen van hun zelfachting berooft. Voor Schuller is zonde dus niet een wanverhouding met God als gevolg van daden van rebellie en de overtreding van Zijn wetten. In 1 Johannes 3:4 echter zegt de Bijbel duidelijk dat zonde wetteloosheid is.

De erfzonde is de toestand waarin wij allemaal geboren worden, namelijk een gebrek aan vertrouwen, m.a.w. een negatief zelfbeeld en een minderwaardigheidscomplex. De hel is niet een bepaalde plaats, maar een toestand van verlies aan trots wat met een scheiding van God gepaard gaat. Wedergeboorte betekent dat wij van een negatief naar een positief zelfbeeld veranderd worden; van minderwaardigheidsgevoel tot zelfachting, van vrees naar liefde, van twijfel naar vertrouwen.

Wedergeboorte is voor hem dus niet de verlossing van de zonde en de dood. Het koninkrijk van God bestaat uit mensen die op een niet-veroordelende manier door Jezus aangenomen zijn, en van zelfschande tot zelfachting veranderd zijn. Vele kerken hebben deze valse leer van Schuller aanvaard. Het is echter op een psychologische wanopvatting gebaseerd. Volgens de Bijbel is het probleem van de mens niet een gebrek aan zelfachting en zelfliefde. De gevallen mens bezit eerder een overmaat daarvan, en het leidt tot hoogmoed.

Paulus zegt dat de moreel en geestelijk vervallen mensen liefhebbers zijn van zichzelf, grootsprekers en hoogmoedig:

Want de mensen zullen zijn liefhebbers van zichzelf, geldgierig, laatdunkend, hovaardig, lasteraars, de ouderen ongehoorzaam, ondankbaar, onheilig (2Tm 3:2). In Efeziërs 5:29 zegt hij ook dat niemand ooit zijn eigen vlees gehaat heeft.

 

Schuller zoekt dus het probleem van de mens op een verkeerd terrein, terwijl hij de zondigheid van de oude, verdorven natuur, en de daarmee gepaard gaande verlorenheid en rebellie tegenover God, negeert alsof die niet bestaat. Oecumene Schullers nieuwe reformatie houdt ook de bereidwilligheid in om leerstellige verschillen ter wille van de eenheid opzij te schuiven. Hij zegt dat verdeeldheid en verdachtmakerij tussen christelijke kerken niet geduld mag worden.

Denominaties moeten hun verschillen laten staan en elkaar de handen vatten om een krachtige eenheid te demonstreren. Deze benadering is ook de drijfkracht achter bewegingen zoals de Promise Keepers en het Katholiek-Evangelisch verbond. Belangrijke leerstellige beginselen worden overboord gegooid omdat ze een grotere eenheid in de weg staan. Koninkrijk-nu Schuller is ook ten prooi gevallen van de koninkrijk-nu theologie.

De eeuwige heerlijkheid en eeuwige straf, die in de Bijbel beschreven zijn, worden weggeredeneerd en vervangen door een koninkrijk-nu visie. Volgens Schuller zetten de mensen zich af tegen de klassieke beschouwingen over de hemel en de hel. Volgens hem moeten de mensen eerder voor de uitdaging gesteld worden om vrede, broederschap en economische eenheid te scheppen.

Wij moeten dus een mensgemaakt koninkrijk op aarde scheppen, want dat is de toekomst waarheen wij allemaal op pad zijn. Zodoende wordt godsdienst dienstig gemaakt aan de seculiere doelwitten van de mens zijn eigenbelang. Hij wordt zijn eigen god en werkt zijn eigen toekomst uit.

 

 

 

4 Een koninkrijk op aarde gemaakt door de mens

 

 

Billy Graham

 

Billy Graham is een man die in zijn vroegere jaren een groot werk heeft gedaan als evangelist. Hij heeft het evangelie van de verlossing aan miljoenen mensen verkondigd. De vraag is echter: waar staat hij vandaag? Is hij niet het slachtoffer geworden van een geest van hoogmoed, aanzien, rijkdom en oecumenische compromissen, iets wat hij al lang meedraagt? In het licht van het geestelijke vervalproces wat in het begin van dit artikel genoemd is, kunnen wij ook zekere van zijn uitspraken en standpunten evalueren.

De feiten zullen voor zichzelf spreken. In het boek van Dave Hunt, Occult Invasion the Subtle Seduction of the World and the Church, worden schokkende aanhalingen gegeven van interviews met dr. Billy Graham. Het volgende is een uittreksel uit het programma Larry King Live. We laten het staan in de voertaal (Engels) om niets te ontnemen van de inhoud:

King:

What do you think of other churches like Mormonism, Catholicism and other faiths within the Christian concept?

Graham:

Oh, I think I have a wonderful fellowship with all of them. I am very comfortable with the Vatican. I have been to see the pope several times. In fact, the day that he was inaugurated as Pope, I was preaching in his cathedral in Krakow. I was his guest, I like him very much. He and I agree on almost everything.

 

King:

Are you comfortable with Judaism?

Graham:

Very comfortable. Yitzhak Rabin was a great friend. In New York, they have had me to the Rabbinical Council to meet with them and to talk with them and Rabbi Tannenbaum, who was a great friend of all of us, who died, he gave me more advice and more counsel, and I depended on him constantly, theologically and spiritually and in every way.

 

Verder haalt Dave Hunt ook gedeelten aan uit een onderhoud wat Robert Schuller met Billy Graham gevoerd heeft. John MacArthur bericht echter in zijn nieuwsbrief van 15 februari 2001 meer volledig over dit onderhoud. Het volgende is een uittreksel hieruit:

Schuller:

Tell me, what do you think is the future of Christianity?

Graham:

I think everybody that loves Christ, or knows Christ, whether they’ re conscious of it or not, they ‘re members of the Body of Christ. God is calling people out of the world for His name, whether they come from the Muslim world, or the Buddhist world, or the Christian world or the non-believing world. They are members of the Body of Christ because they’ ve been called by God. They may not even know the name of Jesus but they know in their hearts that they need something that they don ’t have, and they turn to the only light they have, and I think that they are saved, and that they ‘re going to be with us in heaven. There is a wideness in God s mercy Harvest House. 

 

In een exclusief onderhoud met Parade, een bijvoegsel van een zondagskrant, heeft Billy Graham gezegd:

I fully adhere to the fundamental tenets of the Christian faith for myself and my ministry. But, as an American, I respect other paths to God and, as a Christian, I am called to love them.

Dave Hunt  zijn commentaar hierop is als volgt:

Unless Jesus was mistaken when He said, I am the way no man cometh unto the Father but by Me (John 14:6), there are no other paths to God.

 

De vraag is: Gaat Billy Graham-de-christen voor de rechterstoel van Christus rekenschap afleggen van zijn leven en beschouwingen, of is het Billy Graham-de-Amerikaan? Deze twee personen zijn klaarblijkelijk niet dezelfde. De Bijbel zegt dat wij in onze hele levenswandel heilig moeten worden (1 Pt 1:15), en dit betekent dat wij ons afgescheiden moeten houden van de wereld en de valse geloven.

 

 

 

5 De mens is zijn eigen God

 

 

Norman Vincent Peale

 

Norman Vincent Peale  heeft verscheidene Bijbelse stellingen duidelijk in vraag gesteld. Hij heeft b.v. gezegd dat de opvatting over Jezus maagdelijke geboorte een theologisch idee is. Het grote werk in de bediening van Peale was het vermengen van theologie en psychologie om zodoende de grondslag te leggen voor een vorm van christelijke psychologie die mystiek en occult is. Dave Hunt (Occult Invasion, blz. 460) zegt:

Peale was worse than a liberal. He openly acknowledged that many of his ideas came from two leading occultists, Religious Science founder Ernest Holmes and Unity cult cofounder Charles Fillmore.

 

Peale zegt dat de wereld geestelijk is en niet fysisch. God is een energiebron die door de mens ingeademd en gebruikt kan worden. Hij kan dus zijn eigen god worden. Gebed is een wetenschappelijke methode waardoor u de goddelijke energie in termen van zekere wetten kunt vrijmaken. Door uw gedachten kan u alles veranderen. Uw onderbewustzijn kan zelfs uw wensen tot werkelijkheid omscheppen indien die wensen maar sterk genoeg zijn.

Door middel van positieve belijdenis ( positive confession ) worden deze gedachten hardop uitgesproken en ze worden dan verwerkelijkt. Voor hem is dit hetzelfde als geloof. Volgens Dave Hunt (ibid, blz. 117) is Peale een 33 ste graad Vrijmetselaar. Zijn foto is verschenen op de voorpagina van het vrijmetselaarstijdschrift, New Age, en hangt ook in de vrijmetselaarstempel in Washington DC.

De universalistische en occultische achtergrond van die beweging heeft een duidelijke stempel gedrukt op zijn leerstellingen. De god van alle geloven is voor hem een energiebron die door alle godsdiensten kan gemanipuleerd worden en door hun eigen namen voor god aangesproken worden. Dave Hunt (ibid, blz. 587) zegt het volgende over het multigodsdienstige denken van Norman Vincent Peale:

It is perhaps even more tragic when Christian leaders betray that faith while continuing to profess it. On the Phil Donahue program in 1984, Norman Vincent Peale said: It s not necessary to be born again. You have your way to God; I have mine. I found eternal peace in a Shinto shrine. I ve been to Shinto shrines, and God is everywhere.

Shocked, Phil Donahue responded:

But you re a Christian minister; you ‘re supposed to tell me that Christ is the way and the truth and the life, aren ’t you?

Peale replied:

Christ is one of the ways. God is everywhere.

Van zijn bekend boek The Power of Positive Thinking werden 20 miljoen stuks verkocht, in 41 talen.

 

 

 

6 New Age, een werkelijkheid door positief denken

 

John Templeton heeft in 1994 een boek geschreven met een sterk occultische en multigodsdienstige inslag, getiteld: Discovering the Laws of Life. Hierin zegt hij:

Behind this book is my belief that the basic principles for leading a sublime life may be derived from any religious tradition Jewish, Muslim, Hindu, Buddhist and others, as well as Christian. We have the power to create whatever we need in our life and this power which lies within us is the power of the mind.

 

Norman Vincent Peale, die gelooft dat een mens door positief denken zijn eigen werkelijkheid schept, heeft het voorwoord voor dit boek geschreven. Verder wordt het boek van Templeton op zijn omslag ook aanbevolen door Robert Schuller, Billy Graham en twee Rooms-katholieke New Age-priesters.

 

 

Het einddoel van misleiding

 

 

De ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

De wereld is nu gereed om de valse profeet te ontvangen. Hij zal door zijn godsdienstig bedrog de reeds dwalende wereldgemeenschap nog verder op de weg van de misleiding meevoeren. Zij zullen met weinig moeite overtuigd worden om de Antichrist als de universele messias van alle geloven te aanvaarden.

De grootschalige verwatering van de christelijke verlossingsleer, alsook de grote input van het multigodsdienstig denken in voormalig evangelische kringen, is de finale aanduiding dat de tijd voor de grote aanslag op wereldleiderschap door de Antichrist en de valse profeet erg nabij is gekomen.

Wanneer de tegenhouder, de ware Kerk, door de opname weggenomen zal zijn, zullen de twee belangrijke agenten van Satan plots met hun valse vredes- en eenheidsboodschap op het toneel verschijnen en universeel aanvaard worden. Zij zullen op het werk van hun wegbereiders voortbouwen en de aanhangers van alle geloven ervan overtuigen dat zij allemaal op dezelfde Messias hebben gewacht, en ook dat God behagen schept in hun oecumenische eenheid.

Deze misleiding zal overal inslag vinden en naar de schepping leiden van een alliantie van wereldgodsdiensten. Deze misleide mensen zullen allen de Antichrist en de valse profeet aanhangen. Degenen die weigeren om samen te werken, zullen zich aan verdrukking en vervolging blootstellen. De huidige populaire bewegingen onder liberale godsdienstleiders, die op macht en rijkdom ingesteld zijn, banen niet de weg voor de komst van de ware Christus, maar voor de Antichrist.

Zij misleiden miljoenen christenen om Bijbelse beginselen prijs te geven en compromissen te maken, opdat er vrede en eenheid op aarde kan heersen. Wanneer de vredevorst van alle geloven komt, zal hij deze mannen veel lof toezwaaien. Na 3,5 jaar zal de Antichrist zichzelf echter tot God verklaren en op ieders aanbidding aandringen.

Zoals reeds gezegd krijgen we in de toekomst te maken met de Antichrist en de valse profeet. De Antichrist  zal een soort minister van religieuze propaganda zijn voor het beest van Op 13:1-10. Dat beest is de politieke werelddictator. De draak, is de geestelijke inspirator in deze satanische drie-eenheid.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

De schrift is onbreekbaar

Standaard

categorie : religie

 

 

Hoe moeten we opvatten dat de Bijbel het Woord van God is? Is de hele Bijbel het Woord van God en zijn dus alle mededelingen volkomen betrouwbaar, of zijn alleen bepaalde gedeelten van de Bijbel Goddelijk? Of is slechts de boodschap, die uit de Bijbel tot ons komt, Gods Woord?

 

 

libros-de-la-biblia

 

 

 

De zelfgetuigenis van de Bijbel

 

Wie zal op deze vragen het beslissende antwoord geven? Wel, dat doet de Bijbel zelf. Nu, en niet eerder, komt de zelfgetuigenis van de Bijbel aan de orde. Als we door de boodschap van de Bijbel tot bekering en geloof in Jezus Christus zijn gekomen, zal de getuigenis dat de Bijbel over zichzelf geeft, voor ons beslissend moeten zijn. We zullen dit getuigenis nu gaan onderzoeken.

01. Het heeft geen zin met ongelovigen te spreken over het gezag van de Bijbel. Men moet eerst de kracht van de Schrift hebben ervaren om over zijn gezag te kunnen praten. Iets anders wordt het, wanneer met belijdt dat de Bijbel een Goddelijk boek is. Dan is er namelijk een basis om van uit te gaan. Hier valt een vergelijking te trekken met het optreden van Paulus. In Handelingen 17:16-31 vinden we een verslag van zijn toespraak tot de heidenen te Athene. Hij haalt hij in deze rede geen Schriftplaatsen aan.

 

02. Vergelijken we daarmee nu eens de wijze waarop hij in de synagoge te Antiochië de Joden toespreekt, die het Goddelijke karakter van de Schrift erkenden (Handelingen 13:16-41). Er komen 5 aanhalingen uit het Oude Testament in die toespraak voor. In dit geval was het dus op zijn plaats om de bewijskracht van de Schrift te laten voelen. Zo kunnen wij ieder uit de Schrift bewijzen dat de Bijbel het onfeilbaar, onaantastbare Woord van God is. Of men dit getuigenis wil aanvaarden is natuurlijk een andere zaak.

 

03. Welnu, wat zegt de Bijbel over zichzelf? We beginnen met het getuigenis van het Oude Testament. Zo vinden we in Psalm 119 uitspraken over de wet of Thora, de vijf boeken van Mozes.

  • in vers 2 heeft hij het over het bewaren van zijn getuigenissen,
  • In vers 1 spreekt de dichter over de wet des Heren,
  • in vers 3 over wandelen in zijn wegen,
  • in vers 4 over uw bevelen,
  • in vers 5 over het onderhouden van uw inzettingen,
  • in vers 6 gebruikt hij de term uw geboden,
  • in vers 7 heeft hij het over rechtvaardige verordeningen, 
  • in vers 8 over uw inzettingen,
  • in vers 9 duidt hij diezelfde wet, die inzettingen, die geboden, enz., aan als woord, dat de jongeling op het rechte pad houdt.

Dit doet de psalmist niet één keer, maar vele malen.

 

04. Vaak ook getuigt iemand in de Bijbel van zijn eigen mondelinge of schriftelijke mededelingen dat het Gods Woord is.

David in 2 Samuël 23: ‘De Geest des Heren spreekt door mij, zijn woord is op mijn tong’

Amos 1: 3: ‘zo zegt de Heer’

Haggaï 1: 3: ‘en eht Woord des Heren kwam door de dienst van de profeet Haggaï

Zacharia 9:1: ‘Godsspraak, het Woord des Heren’.

Hier zouden talloze voorbeelden aan toe te voegen zijn.

 

05. De Heer Jezus zei over het Oude Testament in het slot van Johannes 5 :

  • ‘Want indien gij Mozes geloofde zoudt gij ook Mij geloven’, en
  • ‘Maar indien gij zijn geschriften niet gelooft, hoe zult gij dan mijn Woorden geloven?’

Hier stelt de Heer het gezag van de geschriften van Mozes even hoog als dat van de woorden die Hij zelf spreekt. Zo Sprak de Heer Jezus de woorden van God. (zie Johannes 7:16; 12: 49). Welnu, dan zijn de boeken van Mozes ook Gods Woord.

 

06. De volkomen betrouwbaarheid van Mozes en de profeten blijkt ook uit Lukas 16. Wat antwoordt Abraham aan de rijke man? ‘Indien zij niet naar Mozes en de profeten luisteren, zullen zij ook indien iemand uit de doden opstaat, zich niet laten gezeggen’. De boeken van het Oude Testament hebben dus, volgens dit woord van de Heer, een nog groter gezag dan een boodschap, die rechtstreeks door een persoon, die uit de doden zou zijn opgestaan, zou worden gebracht.

 

07. Dat de geschriften van de profeten het absolute Woord van God zijn, volgt ook uit het verwijt dat de Heer de Emmaüsgangers maakt: ‘O, onverstandigen en tragen van hart, dat gij niet gelooft alles wat de profeten gesproken hebben'(Lukas 24).

 

08. Er zijn twee heel sterk sprekende uitdrukkingen uit de mond van de Heer Jezus, die laten zien hoe onfeilbaar de Schrift is. In Johannes 10: 35 lezen we: ‘De Schrift kan niet gebroken worden’. Zelfs de kleinste lettertekens, de ‘jota’ en de ‘tittel’ staan er niet tevergeefs. Dit blijkt uit de tweede uitspraak, vermeld in Mattheüs 5 vers 18.

 

09. In al Zijn gesprekken met de Joden heeft de Heiland nooit het gezag van de Schriften aangetast. Integendeel, voor Hem had de Schrift het laatste woord. Regelmatig komen we tegen, dat Hij zegt: ‘Hebt gij nooit of niet gelezen ‘(zie: Mattheüs 21:16; 22:31) en dan citeert hij een tekst uit de Schrift.

 

10. Zelfs bij de verzoeking in de woestijn verslaat de Heer de satan niet met Zijn eigen woorden. Hij beroept zich tot driemaal toe op de Schriften met: ‘er staat immers geschreven’ (Mattheüs 4). En de satan moet daarvoor wijken.

Laten ook wij, ondanks alles wat er tegenwoordig geleerd wordt, dit voorbeeld van onze Heiland volgen, opdat we bewaard blijven voor een dwaalweg die tot oneer is van Zijn Naam en waarop we ‘schipbreuk lijden aangaande het geloof'(1 Timotheüs 1:19).

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria

 

 

 

Bijbelverzen over het doel van de doop

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 Bijbelverzen over het doel van de doop

 

 

113

 

 

 

Markus 16:15-16 – Hij die gelooft en zich laat dopen

zal behouden worden

 

In welke verhouding staat de doop hier met de redding?

 

Komt de redding voor de doop of als een resultaat ervan? We kunnen niet meer gered worden voor de doop als dat redding mogelijk is voordat we geloven. Het is zoals 1 + 1 = 2. Als je eender welke wegneemt dan krijg je niet langer meer 2. Gelijkerwijs is het als je ofwel de doop ofwel het geloof wegneemt, dat je geen redding meer hebt.

Sommigen zullen antwoorden dat je zal veroordeeld worden als je niet gelooft, maar niet dat je veroordeeld wordt als je niet bent gedoopt. De Bijbel zegt niet altijd woord voor woord wat we moeten doen om verloren te gaan. De Bijbel zegt ons wat we moeten doen om gered te worden en er wordt verwacht van ons om dit te doen. Als we het niet doen dan gaan we verloren.

Hier wordt gezegd dat we 2 dingen moeten doen om gered te worden. Om verloren te gaan, moet je slechts één ervan weglaten. Als je geen geloof hebt, zal je waarschijnlijk ook niet worden gedoopt, en ook al zou je het dan doen, dan zou het geen zin hebben. Om verloren te gaan is gemakkelijk – gewoon niet geloven.

Om gered te worden is moeilijker – je moet geloven en gedoopt worden. Verder zal de persoon, die een waar geloof heeft, geloven dat de doop nodig is. Jezus zei om het evangelie te geloven (vs 15-16), wat zegt dat het hij die gelooft en zich laat dopen zal behouden worden. Wat niet gelooft, gelooft ook het evangelie niet!

 

 

Merk het verschil op tussen wat mensen zeggen en wat de bijbel zegt:

 

Mensen zeggen: Hij die gelooft is behouden en mag worden gedoopt. Het evangelie zegt: Hij die gelooft en zich laat dopen zal behouden worden. Beiden geloof en doop zijn noodzakelijk om gered te worden. Herinner u dat het volgen van leringen van mensen die verschillen van het evangelie leidt tot veroordeling (Galaten 1:8; Matteus 15:9; enz).

 

 

 

Handelingen 2:38 – Bekeer u en laat u dopen

tot vergeving van zonden

 

 

In welke verhouding staat de doop hier met de redding?

 

Zijn de zonden vergeven voor de doop of als het gevolg ervan? Merk op dat de bedoeling van de doop duidelijk wordt weergegeven, dat het is tot de vergeving van zonden.

 

 

Wat betekent “tot vergeving van zonden”?

 

Sommige zeggen dat “tot” betekent “omwille van”, zoals ‘hij kreeg een bekeuring omwille van zijn hardrijden” – Hij kreeg de bekeuring omdat hij hard had gereden, niet omdat hij zou gaan hardrijden. ‘Tot’ kan deze betekenis hebben, maar in Handelingen 2:38 kan het dit niet betekenen.

Denk eens na tegen wie Petrus aan het spreken was. Als “tot” betekent “ze hadden al vergeving ontvangen”, dan moet Petrus tegen mensen spreken die gered waren. Is dat zo? Hij had hen juist veroordeeld omdat ze Jezus hadden gedood (vs 36), en ze waren diep in hun hart getroffen en vroegen wat ze moesten doen (vs 37).

Ze hadden nog geen vergeving ontvangen, maar stonden er juist op om dit te krijgen. Petrus zei hun dat ze zich moesten “bekeren”. Als ze al vergeven waren, waarom moesten ze zich dan nog bekeren? Het bevel om zich te bekeren bewijst dat deze mensen nog niet waren gered, maar dat ze nog steeds zondaars waren die vergeven moesten worden.

Na vs 38 zegt Petrus hen “laat u behouden uit dit boze geslacht” (vs 40). Als ze al gered waren, waarom zeggen dat ze zich moesten laten behouden? Het is duidelijk dat deze mensen niet waren gered en dat ze werden gezegd wat ze moesten doen omdat ze nog niet vergeven waren. Ze waren verloren zondaars die werden verteld wat ze moesten doen om vergeven te worden. Daarom dat “tot vergeving van zonden” betekent “om vergeving van zonden te krijgen”.

 

 

 

Overdenk deze woorden volgens Matteüs 26:28

 

Handelingen 2:38 zegt “Bekeer u en laat u dopen tot vergeving van zonden” Matteüs 26:28 zegt dat Jezus’ bloed zou worden vergoten “tot vergeving van zonden”. Heeft Jezus zijn bloed vergoten omdat de mensen reeds vergeving van zonden hebben gekregen? Helemaal niet. Hij deed het zodat mensen die nog niet waren vergeven, konden worden vergeven.

Gelijkerwijs wordt men niet gedoopt omdat men al vergeving van zonden heeft ontvangen, maar opdat de mensen die het nog niet zijn, het kunnen ontvangen. Veronderstel dat iemand is gedoopt zonder te weten dat dit het doel is waarvoor hij wordt gedoopt. Veronderstel dat hij was gered voor de doop. Is hij dan gedoopt om vergeving van zonden te ontvangen? Hoe kan dat dan, als hij geloofde dat hij het al had ontvangen? Hoe zou dan zijn doop volgens de wil van God zijn gebeurd?

 

 

 

1 Petrus 3: 21 – de doop redt u

 

Noach laat zien hoe wij worden gered. Vs 20 zegt dat hij en zijn familie werden gered “door het water heen”. Het water van de vloed vernietigde de bozen, maar het redde ook Noah, omdat de boot erop dreef, en zo Noach redde van de dood. Dit geeft weer dat het de doop is dat ons redt. Dit betekent niet dat we fysiek het vuil van onze lichamen wassen. De kracht is niet in het water, maar in de dood en opstanding van Christus. We komen in contact met het bloed door de doop.

 

 

Redding door het bloed van Christus

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Galaten 3:27 – We worden gedoopt in Christus

 

Hoeveel mensen zijn in Christus? Net zoveel als er in Hem zijn gedoopt. Wat als iemand niet is gedoopt in Christus? Dan is die persoon niet in Hem. Waarom is het belangrijk om in Christus te zijn?

 

Efeziërs 1:7 – vergeving van zonden is in Christus.

2 Timoteus 2:10 – Het heil is in Hem.

1 Johannes 5:11-12 – Het eeuwige leven is in de Zoon.

Efeziërs 1:3 – Alle geestelijke zegeningen zijn in Christus. (vgl Romeinen 8:1; 2 Korintiërs 5:17; Filippenzen 4:7)

 

 

Als iemand buiten Christus is, dan heeft hij geen vergeving, geen redding, geen eeuwig leven of geestelijke zegeningen. Maar hoe komt iemand in Christus? Hij moet worden gedoopt in Christus. Wat is dan de toestand van iemand die niet is gedoopt of die niet gelooft dat de bedoeling van de doop is om gered te worden?

Horen, geloven, bekering en belijden zijn noodzakelijke stappen richting Christus, maar de doop is de stap die iemand in Christus plaatst. Voor de doop is men nog steeds buiten Christus, nog steeds zonder vergeving en alle andere zegeningen die in Christus zijn. Als hij deze zegeningen wil dan moet hij worden gedoopt met de bedoeling om in Christus te komen.

 

 

 

Romeinen 6:3 – We worden gedoopt in Jezus’ dood.

 

Dit vers zegt weeral (zoals Galaten 3:27) dat we worden gedoopt in Jezus. Maar we worden ook in Jezus’ dood gedoopt. Waarom is de dood van Jezus belangrijk voor ons? Het was in Zijn dood dat hij Zijn bloed voor ons vergoot dat ons redt van de zonde! Hoe komen we ermee in contact? We worden er in gedoopt!

De mensen die de noodzaak van de doop leren worden er vaak van beschuldigd van het niet geloven in de redding door Jezus’ bloed. De waarheid is het tegenovergestelde. We leren dat de doop noodzakelijk is omdat bij de doop de zondaar in contact komt met Jezus’ bloed!

Zij die je zeggen dat je gered bent voor de doop zeggen (onbedoeld) dat je gered kan worden zonder het bloed, omdat ze leren dat de zondaar gered is nog voor hij in contact komt met het bloed! In de doop verkrijgen we de voordelen van Jezus’ dood! Wat is dan de toestand van hen die zeggen dat je gered bent voor de doop of dat de doop niet nodig is om vergeving te krijgen?

 

 

Christus alleen kan u redden van de klauwen van Satan

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Handelingen 22:16 – Laat u dopen en uw zonden afwassen

 

Waar is het afwassen van de zonden in deze tekst; voor de doop of als een gevolg van de doop?

 

De zondaar in dit verhaal (Saul) had al alles gedaan voor zijn doop wat de meeste kerken leren dat men moet doen om gered te worden.  Hij had Jezus gezien onderweg, geloofde duidelijk in Hem en was bereid om Hem te gehoorzamen (22:5-10; 9:3-6). Hij had zelfs gebeden (9:9-11). Als iemand kon gered worden voor de doop, dan zou het Saul wel zijn. Maar was hij gered?

Jezus had gezegd dat Saul naar de stad moest gaan en daar zou men hem zeggen wat hij moest doen (9:6). Ananias kwam en vertelde hem om zich te laten dopen en zijn zonden te laten afwassen. Als zonden worden vergeven voor de doop, dan zou Saul geen zonden meer hebben om af te wassen.

Maar hij had nog steeds zonden tot hij werd gedoopt. Dus iemand kan vandaag de dag in Jezus geloven en zich bekeren, maar hij is schuldig voor al zijn zonden totdat hij wordt gedoopt.

 

 

Dat is waarom in de voorbeelden van bekering in de bijbel, de mensen de doop nooit uitstelden

 

Altijd als de zondaar het evangelie geloofde en zich bekeerde, werd hij onmiddellijk gedoopt.

Handelingen 2:41 – Die dag werden 3000 mensen gedoopt.

Handelingen 8:36 – Wat is ertegen dat ik wordt gedoopt?

Handelingen 9:18 – Terstond stond hij op en werd gedoopt.

Handelingen 16:33 – in hetzelfde uur van de nacht werden terstond hij en zijn familie gedoopt.

Handelingen 22:16 – Wat aarzelt gij nog? Sta op, laat u dopen en uw zonden afwassen.

 

Wanneer hedendaagse denominaties de doop van overtuigde gelovigen uitstellen, dan volgen ze het plan van de Bijbel niet die wijst op de dringendheid van de doop. Ze geloven dat de persoon al is gered, waarom moeten ze zich haasten? Wanneer we begrijpen dat de persoon nog steeds in zonde leeft, dan begrijpen we ook waarom de mensen in de Bijbel de doop niet uitstelden.

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Niet iedereen wordt behouden!

Standaard

categorie : religie

 

 

 

2-petrus-3-9

 

 

 

Wordt iedereen behouden?

 

 

2 Petrus 3 : 3-9

 

3 Onthoud vooral goed dat er aan het eind van de tijd mensen zullen komen die er maar op los leven. 4 Ze zullen spottend tegen jullie zeggen: “Waar blijft Hij nou? Hij zou toch komen? Maar er is nog nooit iets veranderd. Alles blijft zoals het altijd is geweest.” 5 Want ze willen er expres niet aan denken dat er door het woord van God al eerder een hemel en aarde zijn geweest. 6 En dat die aarde, die uit het water ontstond en door het water bestond, ook weer door het water is vernietigd. 7 Maar de hemel en de aarde van nu worden door datzelfde woord van God als een schat bewaard. Nu niet voor het water, maar voor het vuur. Dat is het vuur van de dag dat God over de mensen zal rechtspreken. Op die dag zullen de mensen die zich niets van God aantrekken, vernietigd worden.

8 Maar vergeet niet, lieve broeders en zusters, dat één dag bij de Heer is als duizend jaar, en dat duizend jaar is als één dag. 9 Sommigen van jullie denken dat de Heer vergeet te doen wat Hij heeft beloofd. Maar dat is niet zo. Nee, Hij wacht en stelt het uit omdat Hij geduld heeft met ons. Want Hij wil niet dat er mensen verloren zullen gaan. Hij wil dat alle mensen in Hem zullen gaan geloven en zullen gaan leven zoals Hij het wil.

10 Maar de dag van de Heer zal net zo onverwachts komen als een dief in de nacht. Op die dag zal de hemel dreunend verdwijnen. Alles waaruit de aarde bestaat en alles wat op aarde is gedaan, zal verbranden.

 

Wat Petrus hier uitlegt is, dat God iedereen de gelegenheid geeft tot bekering te komen, d.w.z. dat Hij iedereen daarvoor voldoende tijd gunt. Want dat is het onderwerp hier. Hij waarschuwt zijn lezers dat er mensen zullen komen die zullen zeggen:

‘Waar blijft Jezus nu? Hij had toch beloofd te komen? De generatie vóór ons is al gestorven, maar alles is nog steeds zoals het sinds het begin van de schepping geweest is’ (vs 4).

 

Het is in dat verband dat Hij uitlegt dat we het uitblijven van de wederkomst moeten zien als een vorm van genade, omdat God op deze manier meer mensen de gelegenheid geeft tot bekering te komen:

De Heer is niet traag met het nakomen van zijn belofte, zoals sommigen menen; hij heeft alleen maar geduld met u, omdat hij wil dat iedereen tot inkeer komt en niemand verloren gaat (vs 9).

 

Hij geeft zo iedereen de gelegenheid zich te bekeren, maar dat moeten ze dan wel doen, anders gaan ze toch verloren. Weliswaar kunnen we onze eigen behoudenis niet zelf bewerken, maar we moeten wel tot bekering komen en voortdurend ijverig bezig zijn met zoeken naar de enge poort, waar de meesten echter toch niet zullen binnengaan. Want dat beeld gebruikte Jezus juist in zijn antwoord op een vraag of er maar weinigen zouden worden gered. En bij Lucas laat Hij daar op volgen:

Als de heer des huizes eenmaal is opgestaan en de deur heeft gesloten, en jullie staan buiten op de deur te kloppen en roepen: “Heer, doe open voor ons!”, dan zal hij antwoorden: “Ik ken jullie niet, waar komen jullie vandaan? (vs 25).

 

We moeten dus constateren dat Petrus er met bovenstaande woorden juist eerder op wijst dat niet iedereen wordt behouden.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

Het boek “Handelingen van de apostelen”

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 Het geschiedenisboek van het Nieuwe Testament

 

Het boek Handelingen, of de “Handelingen van de apostelen”, wordt doorgaans gezien als het enige geschiedenisboek in het Nieuwe Testament, hoewel sommige mensen de Evangeliën ook als geschiedenis beschouwen.

 

 

handel01

 

 

Het is het vijfde boek van de 27 boeken van het Nieuwe Testament en is geschreven door Lucas (de arts) aan Theofilus in ca. 63-70 na Christus. Handelingen wordt gezien als de verbinding tussen het korte historische verslag over de Hemelvaart van Jezus en de vestiging en groei van de kerk enerzijds, en anderzijds de Evangeliën en de Epistels (zendbrieven) van Paulus tijdens zijn zendingsreizen.

Sommigen beschouwen dit boek als een voortzetting van het boek van Lucas, omdat beide door dezelfde persoon geschreven zijn. Lucas was een ooggetuige en beschrijft een nauwkeurige en grondige historie van de komst van de Heilige Geest en de geboorte van het christendom. Binnen ongeveer tien jaar na die bewuste Pinksterdag werden de leerlingen christenen genoemd (Handelingen 11:26).

De kerkgeschiedenis begint met de stichting, organisatie en opbouw van het christendom in slechts 30 jaar na de Hemelvaart van de verrezen Christus. Het eerste hoofdstuk van Handelingen gaat over de verrijzenis van Jezus uit het graf en de 40 dagen die Hij doorbracht met de apostelen. Hij besteedde deze tijd aan verder onderricht over het Koninkrijk van God en het werk van Zijn leerlingen na Zijn Hemelvaart.

Jezus instrueerde Zijn volgelingen dat zij eerst de kracht van de Heilige Geest zouden ontvangen en vervolgens het Evangelie moesten brengen naar de uiteinden van de aarde (Handelingen 1:8). Petrus werd een leidinggevende figuur binnen de groep na Pinksteren. Pinksteren wordt gezien als een belangrijk omslagpunt in de door God gegeven kracht en wijding aan de kerk.

De leerlingen en apostelen reisden door heel Judea, Galilea, Samaria, Ethiopië, Macedonië en uiteindelijk naar Rome en door de hele wereld zoals wij die nu kennen. Ondanks tegenstand, gevangenschap, mishandeling en de dood die erop volgde, begon de kerk uit te groeien. De apostelen kregen steeds meer toehorend publiek. De toehoorders ontvingen middels de Heilige Geest genezingswonderen, verlossing van demonen (onreine geesten) en wonderbaarlijke bescherming tegen vervolging.

In deze periode schrijft Lucas over de wonderlijke bekering van een wetsgetrouwe Jood genaamd Saulus. Later werd hij een volgeling van Christus en door God de apostel Paulus genoemd. De groei van het christendom is misschien wel het meest aan Paulus te danken. Lucas schrijft ook over Stefanus, de eerste martelaar voor het christendom, en de executie van Jakobus (de broer van Johannes). Beiden hoorden tot de mensen die het dichtst bij Jezus stonden.

Hoewel zij te maken hadden met extreme vijandigheid en vervolging, bleven de leerlingen en volgelingen van Christus vastberaden trouw. Daarom is het “goede nieuws” over Jezus en het christendom één van de drie grootste en meest verkondigde levensbeschouwingen in de hedendaagse wereld geworden.

 

 

 

Pinksteren

 

De Handelingen van de apostelen vertellen over de wonderlijke Pinksterdag, die de apostelen, de Kerk en de wereld veranderde. Kerken werden niet gevestigd omdat groepjes gelovigen dat toevallig zo bedacht hadden. Zij werden geleid door de uitstorting van Gods Geest en ontvingen kracht om zich te vermenigvuldigen door heel Klein-Azië, Griekenland, Syrië, Rome en nog verder weg.

De Heilige Geest was vanaf dat moment beschikbaar voor jonge mensen, ouderen, mannen, vrouwen, Joden en heidenen. Vóór Zijn Hemelvaart had Jezus tegen Zijn toegewijde apostelen gezegd dat ze moesten terugkeren naar Jeruzalem om daar het beloofde geschenk van de Vader af te wachten. Zij waren bijeen op die Pinksterdag toen plotseling “uit de hemel een geluid klonk als van een hevige windvlaag, dat het huis waar ze zich bevonden geheel vulde.

(Handelingen 2:2-4)  ” Op dat moment zag de groep “een soort vlammen, die zich als vuurtongen verspreidden en zich op ieder van hen neerzetten, en allen werden vervuld van de Heilige Geest en begonnen op luide toon te spreken in vreemde talen, zoals hun door de Geest werd ingegeven” 

Toen beneden in de drukke straat Joden (afkomstig uit allerlei landen) dit hoorden, verzamelden zij zich en “raakten geheel in verwarring omdat ieder de apostelen en de andere leerlingen in zijn eigen taal hoorde spreken” (vers 6). De menigte stond verbaasd; sommigen spotten en anderen dachten dat deze 120 mensen dronken waren doordat ze teveel wijn hadden gehad.

 

 

image002

 

 

 

De Heilige Geest

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 De reizen van de apostelen

 

Het grootste deel van het boek Handelingen beschrijft de zendingsreizen van Paulus met zijn metgezellen. Petrus was een groot voorbeeld van de aanvaarding door Jezus van mensen ondanks hun soms zwakke en betreurenswaardige fouten. Petrus werd veranderd door liefde en werd “de Rots” genoemd, vanwege zijn solide en standvastige geloof. Deze eenvoudige visser was niet foutloos en struikelde af en toe, maar schoot niet tekort in het volgen van Jezus.

 

 

Paulus reis

Paulus reis

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria