Categorie : religie
PASEN IS HERBOREN WORDEN.
preview en aankoop boek “De Openbaring “:
http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget
Pasteltekening van John Astria
De Openbaring is het laatste boek van het Nieuwe Testament en de Bijbel. Het werd geschreven door de apostel Johannes op het eiland Patmos, een eiland in de Egeïsche Zee vlakbij Turkije. Het boek is gedateerd in 96 NC, alhoewel er ook argumenten zijn voor een vroegere datum. Omdat de teksten in het Grieks geschreven zijn, noemt men het boek ook de Apocalyps. Hedendaags gebruikt men dit woord wanneer men de klemtoon wil leggen op een grote ramp. Het is een profetisch boek en bevat 22 hoofdstukken. God openbaart Johannes via een visioen geheimen over de eindtijden, gebeurtenissen die de mens zijn verstand te boven gaan.
Dit zijn citaten uit de Bijbel waarin God de mens aanmaant kennis in zich op te nemen over zichzelf en Jezus Christus. Wie God zoekt zal hem vinden. Het is aan de mens om de eerste stap te zetten. Wanneer we God om inzichten vragen zal de Heilige Geest ons geestelijk denken verlichten. Het onbegrijpelijke wordt plots of op het gepaste moment verstaanbaar. In het eerste en het laatste hoofdstuk van de Openbaring zegt Christus tot twee maal toe dat het lezen ervan een zegening geeft.
Het woord van God, de Bijbel, is meer dan de traditionele preken en parabels die we al jaren kennen. Kennis opnemen van God is niet alleen bestemd voor theologen, maar voor iedereen. Door die opname van kennis krijgen we inzichten in het verleden en heden waardoor we met een gerust hart en vertrouwen de toekomst tegemoet kunnen gaan.
-zijn doel met deze wereld
-de toekomst van Israël en de wereld
-het mysterie van het goede en het kwade
-de bestraffing van het goede en de bestraffing van het kwade
-de toekomstige natuurrampen en oorlogen
-de wederkomst van de Messias
-de dag des oordeel
-het uitzicht in de hemel en zijn troon
-de nieuwe hemel en de nieuwe aarde
De Openbaring is moeilijk te begrijpen door de vele mystieke symbolen in de teksten en de verwijzingen naar het Oude Testament. De geschiedenis van Israël is een leidraad doorheen de 22 hoofdstukken. Jeruzalem wordt het centrum van Goddelijke theocratie voor gans de wereld.
.
.
.
.
.
.
De Openbaring is het laatste boek van het Nieuwe Testament en de Bijbel. Het werd geschreven door de apostel Johannes op het eiland Patmos, een eiland in de Egeïsche Zee vlakbij Turkije. Het boek is gedateerd in 96 NC, alhoewel er ook argumenten zijn voor een vroegere datum. Omdat de teksten in het Grieks geschreven zijn, noemt men het boek ook de Apocalyps. Het is een profetisch boek en bevat 22 hoofdstukken. God openbaart Johannes via een visioen geheimen over de eindtijden.
.
.
.
zijn doel met deze wereld.
de toekomst van Israël en de wereld.
het mysterie van het goede en het kwade.
de bestraffing van het goede en de bestraffing van het kwade.
de toekomstige natuurrampen en oorlogen.
de wederkomst van de Messias.
de dag des oordeel
het uitzicht in de hemel en zijn troon.
de nieuwe hemel en de nieuwe aarde.
.
De Openbaring is moeilijk te begrijpen door de vele mystieke symbolen in de teksten en de verwijzingen naar het Oude Testament. De geschiedenis van Israël is een leidraad doorheen de 22 hoofdstukken. Jeruzalem wordt het centrum van goddelijke theocratie voor gans de wereld.
.
.
.
Dit zijn enkele citaten uit de Bijbel waarin God de mens aanmaant kennis in zich op te nemen over zichzelf en Jezus Christus. Wie God zoekt zal hem vinden. Het is aan de mens om de eerste stap te zetten. Wanneer we God om inzichten vragen zal de Heilige Geest ons geestelijk denken verlichten. Het onbegrijpelijke wordt plots ver-staanbaar.
In het eerste en het laatste hoofdstuk van de Openbaring zegt Christus dat het lezen ervan een zegening geeft. Het woord van God, de Bijbel, is meer dan de traditionele preken en parabels die we al jaren kennen. Kennis opnemen van God is niet alleen bestemd voor theologen, maar voor iedereen. Daardoor krijgen we inzichten in het verleden en heden waardoor we met een gerust hart en vertrouwen de toekomst tegemoet kunnen gaan.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus.‘’
Openbaring 1 : 3 > ‘’gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij.‘’
Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt: ‘’ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt.‘’
Pasteltekening van John Astria
.
Met de tweeëntwintig letters van het alfabet heeft God de wereld gecreëerd. Elke combinatie van letters is een formule. Zoals chemische symbolen de samenstelling van een stof uitdrukken. Of het nu om concrete voorwerpen of onbenoembare krachten gaat.
– uit: De Kabbalist
.
.
Volgens de legende begint de geschiedenis van de Kabbala bij Adam. God zou Adam alle geheimen van de Schepping en het universum onthuld hebben. Deze onthullingen gingen verloren door de zondeval van Adam en Eva.
De tweede keer dat God zijn geheimen onthulde was aan Abraham die ze mondeling doorgaf aan zijn zoon Isaac. Isaac gaf ze door aan zijn zoon Jacob en die gaf ze weer door aan zijn zoon Jozef. Maar Jozef verzuimde de kennis door te geven en nam de geheimen mee in zijn graf.
God onthulde voor een derde keer zijn geheimen aan Mozes op de berg Sinaai. Behalve de geschreven wet (de Thora, waaronder ook de tien geboden) gaf God ook de mondelinge onthullingen aan Mozes, uitsluitend bestemd voor ingewijden.
De kabbalistische kennis is gebaseerd op de geheime leer die Mozes mondeling ontving. Mozes wordt dan ook als de eerste kabbalist beschouwd.
.
.
Tussen de derde en zesde eeuw voor Christus circuleert er een manuscript, Sefer Yetzirah (Het boek van de Creatie), waarvan de auteur onbekend is. Het is slechts enkele bladzijden lang maar wordt als één van de oudste en belangwekkendste kabbala teksten beschouwd. De auteur onthult de diepere lagen van het Bijbelboek Genesis. Hij stelt dat de schepping op twee verschillende niveaus heeft plaatsgevonden.
Op het niveau van ‘een concept’ en het niveau van ‘de fysieke manifestatie van dat concept’. God had een idee en toen maakte hij dat idee tot realiteit. Het proces om van idee tot realiteit te komen onthult alle basisprincipes zoals die in het hele universum in elk leven werken.
Dit manuscript beschrijft voor het eerst de kabbala basisbegrippen zoals Sefirot (de tien eigenschappen of krachten van God) en de diepere betekenis van het Hebreeuwse alfabet. In de interactie tussen die tien eigenschappen en de tweeëntwintig letters werd alles in het universum gecreëerd. Het zijn de bouwstenen van het heelal. Het boek legt uit dat wie deze 32 elementen werkelijk kent en hun proces begrijpt, de formules kan creëren om te scheppen zoals God.
.
.
.
Deze theorie is nauw verwant met de ideeën van de filosoof en wiskundige Pythagoras. Niet zo verwonderlijk; van Pythagoras is bekend dat hij tijdens zijn jeugdige rondreizen in Babylon les kreeg van de Joodse profeten Daniël en Ezechiël.
Pythagoras ging er van uit dat het universum kon terug gebracht worden tot wiskundige formules. De genetische code en de nummering van de chemische elementen zijn verwant aan de numerologische opvattingen die de Kabbala bestudeert.
.
.
Rond het jaar 40 staat een nieuwe grote kabbalist op. Akiva, een extreem nederige man, die tot zijn 30ste niet schrijven kon en daarom les ging volgen te midden van schooljongetjes. Hij studeerde twaalf jaar lang en vond de code die in de Bijbel verborgen zat. Elk woord, elke letter, zelfs de vorm van de letters verborg een geheime, diepere betekenis, ontdekte hij.
In de eeuwen die volgden leefde de kabbala een sluimerend bestaan. De nieuwe ontdekte geheimen werden van generatie op generatie mondeling doorgegeven door de aller wijste rabbijnen. Het duurde tot de Middeleeuwen voor de Kabbala tot volledige bloei kwam.
.
Rond 1150 dook er in Frankrijk een manuscript op, Sefer Ha Bahir (Het boek der Glans), dat beschouwd wordt als de eerste officiële kabbalistische tekst. Het boek geeft een mystieke interpretatie van de Bijbel. Dit boek werd nauwgezet bestudeerd door Isaac de blinde, de eerste man die de naam ‘kabbala’ verbond aan de mystieke leer.
Hij ontwikkelde een theorie, gebaseerd op het boek Genesis, hoe de tien eigenschappen van God het universum creëerden. Het is verbazingwekkend hoe deze theorie bijna als een blauwdruk geldt voor de huidige, wetenschappelijke big bang theorie.
Isaac de Blinde toont ook aan hoe de mens een manifestatie is van goddelijke energie in de fysieke wereld. De Thora, stelde hij, was de sleutel tot de ontraadseling van deze geheimen. In de Thora had God een boodschap voor de mens verborgen over de aard en het wezen van het leven en het universum. De ideeën van Isaac de Blinde verspreidden zich over Europa en vooral in Spanje.
.
.
.
In 1280 wordt uiteindelijk de Bijbel van de kabbalisten gepubliceerd, de Zohar, Het boek der Schittering. Daar waar de Bijbel een fysiek beeld schetst van hoe de wereld gecreëerd werd, gluurt de Zohar tussen de kieren van het theatergordijn om ‘de grote tovenaar’ in actie te zien.
“Het boek der schittering” of ‘Pracht’. Het is een commentaar op de Thora geschreven in Aramees en Hebreeuws. Het beschrijft de wandeltochten van vier rabbijnen (waarvan Sjimon bar Jochaj de belangrijkste is) die onderweg inzichten aan elkaar onthullen over de geheimen van de Thora.
Het boek bevat mystieke discussies over de schepping van de mens, de aard van goed en kwaad en hoe onze daden de bestemming van onze ziel beïnvloeden. Andere onderwerpen zijn de natuur van God, het ontstaan en de structuur van het universum, de eigenschappen van zielen, zonde, berouw, verlossing enzovoort.
Het eerste deel van het boek bestaat uit allegorieën over de natuur en het zielenleven. Het tweede deel onderzoekt de eigenschappen van God, de wereld en de ziel. In het laatste deel heeft bar Jochaj een conversatie met Mozes over de geheimen van de tien geboden.
De basisgedachte is dat alles met alles verband houdt. Niets gebeurt toevallig. Alles is oorzaak en gevolg en er is voortdurend een immense interactie tussen alle onderdelen van het universum. De schepping is een ononderbroken proces in plaats van een eenmalige gebeurtenis in het verleden.
.
.
Zoals bij vele kabbalistische werken is ook van de Zohar het auteurschap omstreden. De persoon die men als auteur beschouwde, Moshe de Leon, ontkende dat hij het boek geschreven had. De Leon beweerde dat het boek in de 2de eeuw na Christus geschreven werd door het hoofdpersonage van de Zohar, Sjimon bar Jochaj.
De Leon beweerde dat het manuscript eeuwenlang verborgen was in een grot in de buurt van Tsfat waar het uiteindelijk door een kabbalist gevonden werd en zo na omzwervingen bij De Leon in Spanje was terecht gekomen. Maar de man van wie De Leon het manuscript gekregen zou hebben, was dood, en kon dus niet om bevestiging worden gevraagd.
Een leerling van deze kabbalist ontkende dat zijn meester dit manuscript ooit in zijn bezit had. De Leon inviteerde de leerling om bij hem thuis naar het manuscript te komen kijken. Maar nog voor ze zijn huis bereikten, stierf De Leon. De weduwe van De Leon ontkende dat haar man een dergelijk oud manuscript in huis zou hebben gehad. Ze zei dat hij het zélf geschreven had, jarenlang, nacht na nacht. Volgens haar had hij het verhaal van Sjimon bar Jochaj verzonnen om zijn werk meer gezag te geven.
Tot op heden is dit raadsel niet opgelost al gaan de meeste geleerden ervan uit dat De Leon de vermoedelijke auteur en samensteller is van de Zohar. Diverse kabbala centra werken aan een integrale vertaling van dit omvangrijke werk.
.
.
Deze generatie was uitverkoren om de schijnbaar mystieke Kabbala te vertalen, begrijpbaar en concreet te maken. Daarna zou dit krachtige extract nog enkele honderden jaren rijpen vooraleer het grote massa’s in vervoering zou brengen. Pas in de eenentwintigste eeuw van hun jaartelling had Sjimon Bar Jochaj geschreven, zou de Kabbala de zielen van miljoenen mensen in vuur en vlam zetten.
Rond de helft van de 16de eeuw kwam de Kabbala tot grote bloei. Het brandpunt van alle ontwikkeling was een onooglijk bergstadje in Noord Galilea, vlakbij het meer van Tiberias; Tsfat.
Tsfat werd bevolkt door kabbalisten die gevlucht waren uit alle streken van Europa waar Joden vervolgd werden, vooral uit Spanje. Al snel ontstonden er maar liefst 21 synagogen en 18 kabbalascholen in Tsfat.
Algemeen werd Cordovero erkend als de grootste kabbalist van Tsfat. Cordovero had zich omringd met een kring van mannen die de hoogste morele eisen aan zichzelf stelden. Ze brachten hun dagen door in contemplatie en het interpreteren van kabbalistische teksten, vooral de Zohar. Cordovero had een feilloos instinct om uit alle kabbalistische geschriften die bestonden het kaf van het koren te scheiden.
Daaruit distilleerde hij de zuivere grondbeginselen van de kabbala. Hij stierf op 48 jarige leeftijd en de legende wil dat bij zijn begrafenis een zuil van vuur van zijn graf naar de hemel steeg. Cordovero werd opgevolgd door Itschak Luria. Luria verdiepte de inzichten van Cordovero, verklaarde ze en had een kennis die, naar men zei, het goddelijke benaderde.
Hij was de eerste die de kabbala praktisch toepasbaar maakte in het leven van alledag. Luria zelf schreef bijna niets gedurende zijn leven. Hij gaf de exclusieve toestemming aan Chaim Vital om zijn geheime leer op te schrijven.
.
.
.
Honderd jaar na de dood van Itschak Luria kwamen de geschriften van Chaim Vital in het bezit van Knorr van Rosenroth en Francis van Helmont. Zij besloten deze teksten, alsook grote gedeeltes van de Zohar, te vertalen.
De Vlaming Francis van Helmont, een arts, werd door de Engelse gravin Anne Finch uitgenodigd op haar landgoed om haar te genezen van migraine. Van Helmont zou vijftien jaar lang op haar kasteel, Ragley Hall, blijven wonen.
De gravin was immers de spil van het Onzichtbare College, een netwerk van Europese kabbalisten en alchemisten, die elkaar ontmoetten op het landgoed. In Ragley Hall werkte Van Helmont verder aan de vertaling van wat het boek “Kabbala Denudata” zou worden; “De Kabbala Ontsluierd”. Het zou een werk van groot gezag worden dat een brug probeerde te slaan tussen de Joodse mystiek en het christendom.
Isaac Newton, ook lid van het Onzichtbare College en regelmatige bezoeker van Ragley Hall, kwam op deze manier in contact met de kabbala. Isaac Newton was een groot bewonderaar van het boek en had uiteraard een exemplaar in zijn bibliotheek.
Zijn exemplaar is bewaard gebleven in de bibliotheek van de universiteit van Cambridge. Dr Seth Pancoast schreef: “Newton ontdekte de wet van de aantrekking en afstoting dankzij zijn studie van de kabbala”.
Van Helmont bleef tot Finch’s dood op haar landgoed Ragley Hall wonen. Hij schreef verder onder meer het boek The Alphabet of Nature waarin hij aantoonde dat het Hebreeuws de oertaal van de mensheid was omdat de letters precies correspondeerden met de natuurlijke positie van de spreekorganen.
.
De theorieën van Luria, opgeschreven door Chaim Vital, vormen de basis en inspiratie van de kabbala zoals die vandaag bestudeerd wordt. Maar de Kabbala ontwikkelt zich nog elke dag. De Kabbala onthult zichzelf iedere keer weer opnieuw met nieuwe inzichten in elk tijdperk.
Zo onthulde het boek “De Bijbelcode” uit 1997 de code die de Joodse hoogleraar in de wiskunde, Eliyahu Rips, ontdekt had. Hij plaatste de 5 boeken van de Thora in een computerprogramma en ontdekte dat alle grote gebeurtenissen uit de menselijke geschiedenis als in een cryptogram verborgen zaten in de code. Van de moord op Rabin, tot de aanslagen van 11 september, tot en met alle belangrijke personen die ooit geleefd hebben met hun belangrijkste werken.
Ook Isaac Newton onderzocht trouwens op zijn manier deze code die de wereldgeschiedenis voorspelde. Hij deed dit aan de hand van het bouwplan in het Bijbelboek Ezechiel van de Tempel van Salomo.
De voorspelling dat de kabbala in deze tijd grote groepen mensen zou raken, is in elk geval uitgekomen. Pionierswerk is hierin verricht door het Amerikaanse Kabbalah Center die een manier ontwikkelden om de hermetische kabbala toegankelijk en begrijpelijk te maken voor iedereen.
Maar werkelijk bekend werd de kabbala pas toen Madonna deze eeuwenoude mystieke leer ging bestuderen. Miljoenen mensen over de hele wereld bestuderen inmiddels de kabbala. Op Madonna’s vorige CD Confessions on a dancefloor, zong zij het lied Isaac.
.
pasteltekening van John Astria
.
.
.
.
.
.
1 – toeval
2 – kerk en wetenschap
3 – energiegericht denken
4 – de strijd om energie
5 – ontvankelijk worden voor de universele energie
6 – karakterstructuren
7 – transformatie
8 – intuïtie
9 – de toekomst
10 – het reïncarnatieproces
11 – alles is energie
.
Alle inzichten moet je begrijpen, maar ook voelen en ervaren. Het is geen theoretisch aanneembaar stuk, het moet echt gevoelsmatig binnenkomen. De verdere inzichten kan je pas ten volle begrijpen als je de voorgaande inzichten begrijpt, voelt en ervaart. Het eerste inzicht gaat over het ontdekken van de betekenis van het toeval.
.
.
Toeval is een intuïtie welk we niet begrijpen of niet willen begrijpen. Deze intuïtie komt binnen bij ons Derde Oog Chakra en vaak doen we er niets mee. Als we na lange tijd dezelfde persoon 2 keer achter elkaar tegenkomen spreken we snel van toeval. Gaan we deze ontmoetingen nader bekijken dan kan het zijn dat deze ontmoeting een diepere betekenis heeft.
Pas als je daadwerkelijk met deze persoon gaat praten kom je daar achter. Diegene kan iets belangrijks voor jou hebben, of jij voor hem, of beiden. Wat we ook vaak doen is de toeval rationaliseren. De intuïtie, binnengekomen middels het Derde Oog Chakra gaan we rationeel benaderen met de schaduwzijde van ons Kruin Chakra. Op het moment dat je de intuïtie gaat rationaliseren is het weg.
We kennen het allemaal: je loopt een kamer binnen en je voelt dat er een onaangename spanning hangt, alsof er ruzie is geweest. Toch is er niemand. Intuïtie zijn die signalen die wij ontvangen buiten de 5 zintuigen om. We voelen de spanning. Als we deze spanning voelen, waarom dan deze intuïtie benaderen vanuit de ratio en niet vanuit het gevoel ?
Pas als we de Intuïtie (Derde Oog Chakra) laten afdalen langs het Keel Chakra, Hart Chakra en Zonnevlecht naar ons gevoel (Sacraal Chakra) kunnen we de diepere lessen uit de intuïtie halen.
.
.
.
Als we de intuïtie toelaten en deze vanuit ons gevoel benaderen dan opent dat de weg naar meer intuïtie, we leren de lessen eruit te halen en deze te begrijpen en in te zien. We gaan op ons intuïtie vertrouwen en zodoende zullen we intuïtiever gaan leven en steeds meer intuïties ontvangen. Dit is het begin om ons werkelijk menselijke bestaan te kennen.
.
Hoe meer mensen leren te vertrouwen op hun intuïtie, des te intuïtiever ze om zullen gaan met andere mensen wat voor weer andere mensen een uitnodiging is om ook op hun intuïtie te gaan vertrouwen.
De mens zal dan gaan ontdekken dat ze een talent hebben die eeuwen is verzwegen en dat dit talent een enorme waarde heeft. Het is als het ware de sleutel tot het ontdekken wie we werkelijk zijn.
Dit ontdekken wordt gevoed door een gevoel van teleurstelling die we ervaren in onze maatschappij. We beseffen steeds meer dat de maatschappij niet maakbaar is, dat middels alle technische vernieuwingen het geluk niet toeneemt. Langzaam aan beseffen we dat ere meer moet zijn dan auto’s, geld, werk en macht. Het toeval omzetten tot intuïtie is die sleutel.
.
.
De Zwitserse psycholoog Carl Jung noemde dit talent ‘het archetype van het magische effect’. Hij heeft veel onderzoek gedaan naar ‘veelbetekenende toevalligheden’. Hij noemde deze toevalligheden ‘synchroniteit’ het fenomeen dat je aan iemand denkt die dan toevallig opbelt.
Belangrijke vragen in deze die je je kan stellen zijn:
• wanneer heb je voor het laatst iets niet normaals meegemaakt ?
• wanneer vond er iets toevalligs plaats, wat deed je vlak daarvoor, wat deed je vlak daarna?
• welke uitwerking heeft deze toevallige gebeurtenis gehad?
• hoe heb je je partner ontmoet, hoe je huis, je werk ?
• hoe ervoer je de eerste werkweek, de eerste week samenwonen, de eerste week na de bevalling ?
•wat was er ongewoons aan, had toeval of intuïtie hier een rol in ?
Een handige tip om het 1e inzicht inzichtelijk te maken voor je is de Gassho Meiso overdenking.
.
.
De Gassho Meiso is bekend in Usui-Reiki II, maar kan door iedereen toegepast worden, het sluit mooi aan op het dagboek. Eer de dag begint overdenk je elke zekerheid en elke daaraan gekoppelde gevoelswaarde van de komende dag. Wat ga ik vandaag doen, wat is zeker, wat ga ik zeker doen ? Maar een verwachting voor die dag en doe dat zo gedetailleerd mogelijk.
In de avond, als de dag erop zit, doe je de meditatie opnieuw. Nu overzie de de ochtendmeditatie en bekijk je wat er vandaag is gebeurd. Waren de zekerheden van vanochtend inderdaad zekerheden, wanneer vond mijn eerste ergernis plaats, waardoor ontstond die ergernis en was deze terecht ?
Door heel bewust de dag door te nemen leer je van je eigen fouten.
Door de volgende dag weer de meditatie te doen, dwing je jezelf bewust naar jezelf te kijken en naar je handelen. Hierdoor veranderd je handelen in een meer instructievere manier van handelen. Probeer het maar.
.
.
• besef dat je leven een doel heeft en niets zomaar gebeurt
• ga achter elke gebeurtenis in je leven een betekenis zoeken
• luister naar je lichaam. Rusteloze momenten is een teken van verandering. Sta daar open voor.
• overal waar je energie in stopt groeit, of dat nu positief of negatief is.
• wat heb je vandaag opgemerkt, wat was verrassend, wat liep anders dan verwacht ?
• laat je eens leiden en vertrouw dat het goed komt.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
Wij zien hier Jezus Christus genoemd als de Auteur van de Openbaring. Deze openbaring is door God gegeven “om zijn dienstknechten te tonen”.
Daarom is er ook geen excuus, geen verontschuldiging ten aanzien van enig verzuim onzerzijds, ons wordt hier van Godswege getoond ” de dingen, die haast geschieden moeten”.
Wanneer wij hierover in vers 1 lezen, dan merken wij op, dat dit betrekking heeft op de tijdbedeling, waarin wij thans leven, dus op die van de Gemeente. Het betreft in het bijzonder die gebeurtenissen, die in zo nauw en onverbrekelijk verband staan met:
· de tweede (zichtbare) komst van Jezus Christus in heerlijkheid (zie Openb. 1:7),
.
.
Wanneer wij vers 3 in nadere beschouwing nemen, dan ontdekken wij met welk een ernst de Heilige Geest de inhoud van de Openbaring ons allen toevertrouwt. Hoezeer worden wij aangemoedigd om ” de woorden van deze profetie ” ijverig en nauwkeurig te onderzoeken “. Wij worden tevoren gewaarschuwd tegen de nalatigheid in het lezen en onderzoeken.
Laten wij in dit opzicht eerlijkheid betrachten; de Gemeente heeft zich – helaas! – eeuwenlang schuldig gemaakt aan dit feit, en velen in onze dagen veronachtzamen nòg steeds de kostelijke inhoud van deze profetie. Voor dezulken blijft de Openbaring een gesloten Boek. De woorden van dit vers weerspreken absoluut elke tegenspraak en hiervan elke overweging, ieder argument, welke opkomende gedachte ook. Het is de duivel, die er op uit is om onze blik af te wenden van de toekomende gebeurtenissen, wel wetende, dat zoiets noodwendig leiden moet tot een algehele verslapping in de geestelijke toestand van de kinderen Gods.
Het is dan ook in het bijzonder met de toekomende tijd voor ogen,dat een ieder, die gelooft zoals de schrift zegt, doet wat er geschreven staat in 1 Johannes 3: 3: ” en ieder die deze hoop op Hem heeft, reinigt zich zoals hij rein is.” Immers, is Hij de hoop van hun ziel. Maar dan is ook het tegendeel waar: wie deze hoop uit het oog verliest, vergeet zichzelf te reinigen. En, daar is geen andere reiniging dan die in en door het badwater van het woord. ( zie Efeze 5 : 26 ).
De Openbaring is het enige Boek in de Bijbel, dat een bijzondere zegen bevat voor de gehoorzame hoorder en lezer. Deze zegen, die wij hier in dit vers, dus in het begin van de Openbaring lezen, vinden wij eveneens uitgesproken aan het slot; en ook dáár bevestigen deze woorden in allen dele ons opnieuw de belangrijkheid en de heerlijkheid van alle profetische waarheden : ” en zie, ik kom spoedig. Zalig is hij die de profetie van dit boek in acht neemt.” ( Openbaring 22 : 7 ).
Het spreekt vanzelf, dat waar de Here Jezus Christus zulke woorden tot ons richt, en verder ook nog heeft bevolen: ” verzegel de woorden van de profetie van dit boek niet, want de tijd is nabij” (Openbaring :22 : 10 ), dat de inhoud van dit Boek door ons moet kunnen worden verstaan. Daar is overvloedige genade om de profetische woorden van dit Boek te horen, te lezen, en ook te verstaan en te bewaren – halleluja! – echter niet met het alledaags, menselijk verstand, en niet in eigen kracht; maar in de kracht van de Heilige Geest, van Wie Jezus zei, dat “Hij (d.i. Gods Heilige Geest) Zijn discipelen in alle waarheid zou leiden en hun de toekomende dingen verkondigen zou” (zie Joh. 16:13). Laat ons daarom bidden om ook te ontvangen; laat ons zoeken om te vinden, laat ons volhardend kloppen om te worden opengedaan!
“Het profetische Woord is als een lamp die schijnt in een duistere plaats” (zie 2 Petr. 1:19 ). En deze lamp is hard nodig, want de tijd is nabij. Met andere woorden : het beslissende ogenblik nadert metv rasse schreden, al heeft ook onze trouwe God eeuwen lang de ‘vaten van zijn toorn’ ( zie Rom. 9:22 ), die tot het verderf zijn toebereid, met barmhartigheid en schier onuitputtelijk geduld verdragen.
“De tijd is nabij…” géén nieuwe, géén andere Openbaring zal er meer gegeven worden. Laten wij ervan verzekerd zijn: God heeft ten aanzien van Zijn verlossingsplan Zijn laatste woord gesproken, en de tijd van de volvoering ervan is dicht nabij. “Want: nog een hele korte tijd en Hij die komt, zal komen en niet uitblijven” ( Hebr. 10:37 ).
Glorie voor God!
Dit derde vers ( van Openbaring 1 ) stelt daarenboven voor altijd vast dat de gehele Openbaring één profetie is.
.
.
Pasteltekening van John Astria