Tagarchief: hemel

Waarom de Openbaring lezen?

Standaard

categorie : religie

 

Wat is het boek der Openbaring?

 

De Openbaring is het laatste boek  van het Nieuwe Testament en de Bijbel. Het werd geschreven door de apostel Johannes op het eiland Patmos, een eiland in de Egeïsche Zee vlakbij Turkije. Het boek is gedateerd in 96 NC, alhoewel er ook argumenten zijn voor een vroegere datum. Omdat de teksten in het Grieks geschreven zijn, noemt men het boek ook de Apocalyps. Hedendaags gebruikt men dit woord wanneer men de klemtoon wil leggen op een grote ramp. Het is een profetisch boek en bevat 22 hoofdstukken. God openbaart Johannes via een visioen geheimen over de eindtijden, gebeurtenissen die de mens zijn verstand te boven gaan.

 

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

God geeft kennis over

 

-zijn doel met deze wereld

-de toekomst van Israël en de wereld

-het mysterie van het goede en het kwade

-de bestraffing van het goede en de bestraffing van het  kwade

-de toekomstige natuurrampen en oorlogen

-de wederkomst van de Messias

-de dag des oordeel

-het uitzicht in de hemel en zijn troon

-de nieuwe  hemel en de nieuwe aarde

 

De Openbaring is moeilijk te begrijpen door de vele mystieke symbolen in de teksten en de verwijzingen naar het Oude Testament. De geschiedenis van Israël is een leidraad doorheen de 22 hoofdstukken. Jeruzalem wordt het centrum van Goddelijke theocratie voor gans  de wereld.

 

 

   Waarom de Openbaring lezen?

 

  • Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus.‘’
  • Openbaring 1 : 3 > ‘’gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij.‘’
  • Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt : ‘’ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt.‘’

 

Dit zijn citaten uit de Bijbel waarin God de mens aanmaant kennis in zich op te nemen over zichzelf en Jezus Christus. Wie God zoekt zal hem vinden. Het is aan de mens om de eerste stap te zetten. Wanneer we God om inzichten vragen zal de Heilige Geest ons geestelijk denken verlichten. Het onbegrijpelijke wordt plots of op het gepaste moment verstaanbaar. In het eerste en het laatste hoofdstuk van de Openbaring zegt Christus tot twee maal toe dat het lezen ervan een zegening geeft. Het woord van God, de Bijbel, is meer dan de traditionele preken en parabels die we al jaren kennen. Kennis opnemen van God is niet alleen bestemd voor theologen, maar voor iedereen. Door die opname van kennis krijgen we inzichten in het verleden en heden waardoor we met een gerust hart en vertrouwen de toekomst tegemoet kunnen gaan.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 JOHN ASTRIA
JOHN ASTRIA

 

 

 

De Bijbel

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Afbeelding-Wegwijs---Hoe-zit-de-Bijbel-in-elkaar---IBB

 

 

 

Het tweede deel van het Oude Testament

 

Het tweede deel van het Oude Testament staat bekend als de historische boeken van de Bijbel. Nadat zij veertig jaar door de woestijn gezworven hadden en Mozes gestorven was, begon God de Israëlieten over de rivier de Jordaan te verhuizen. Onder leiding van Jozua en Kaleb trokken zij het Beloofde Land binnen. Deze boeken vertellen over hun reis naar en hun leven in het land van Kanaän. Dat leven was niet eenvoudig, want ze woonden omringd door vijandige landen met bijgelovige, godslasterlijke gebruiken en wrede gewoontes. De Israëlieten werden in een leven van geestelijk verval gezogen.

 

Er zijn twaalf historische boeken:

  • Jozua, Rechters en Ruth vertellen over de vroegste geschiedenis van de Joden.
  • 1 en 2 Samuël, 1 en 2 Koningen en 1 en 2 Kronieken beslaan ongeveer 500 jaar en beschrijven hoe Juda aan Babylon ten prooi viel.
  • Ezra, Nehemia en Ester gaan over hun leven in ballingschap, hun bevrijding en het herstel van Jeruzalem.

 

 

 

 Hun boodschappen

 

Josua

De boodschap van Jozua is zijn enorme Godsvertrouwen dat hem de moed en kracht gaf om het Hebreeuwse volk het Beloofde Land binnen te leiden. De eerste helft van zijn boek vertelt over de voortdurende strijd en moeilijkheden om het land te bereiken en te bewonen. De tweede helft van het boek verhaalt over de landsdelen die God toewees aan de verschillende stammen van Juda.

 

Rechters

Het boek Rechters beslaat 325 jaar en laat zien dat het oordeel van God over onrecht ten uitvoer gebracht zal worden, maar dat Zijn vergeving en de mogelijkheid tot verzoening beschikbaar zijn voor wie tot inkeer komt. Kanaän was bewoond geweest door diverse godslasterende en slechte volken die vele valse goden en afgoden vereerden. De Israëlieten deden concessies en stonden toe dat invloeden van die praktijken hun intrede deden in hun manier van leven, en hen aantastten.

 

Ruth

Het onderwerp van het boek Ruth bevestigt dat mensen zelfs in donkere tijden Gods liefde en bescherming zullen ervaren, als zij ernaar streven om God te dienen en niet zichzelf.

 

 

De volgende zes boeken, 1 Samuël tot en met 2 Kronieken, beslaan een 500-jarige periode.

 

  • 1 Samuël brengt de overgang van priesters en rechters als heersers naar koningen. Nadat de leiders van Israël Gods Wet verlaten hadden, gaf God toestemming voor een nieuwe vorm van leiderschap. Saul werd geïnstalleerd als de eerste door God aangewezen koning van Israël. Nadat Saul de grenzen van zijn koningschap had overschreden werd David tot koning gezalfd en een verslag van zijn koningschap is te lezen in 2 Samuël.
  • De twee boeken van Koningen vergelijken de levens van degenen die voor God leven, en degenen die zich tegen Hem verzetten. Deze boeken vertellen de verhalen van Salomo, Elia, Elisa, Achab en de slechte Izebel.
  • De boeken 1 en 2 Kronieken gaan over de geschiedenis van Israël, Salomo, bijzonderheden over de bouw van de tempel, de tweedeling van Israël en de verbanning van Juda naar slavernij in Babylon.

Deze negen boeken besluiten met de gevangenschap van Gods volk, de gestolen tempelschatten en de verwoesting van Salomo’s tempel.

 

 

Vrijlating en herstel

 

Ezra, Nehemia en Ester ronden het historische deel in het Oude Testament af. Oorspronkelijk werden Ezra en Nehemia beschouwd als één boek. Nadat zij als slaven naar Babylon zijn gevoerd ziet het er niet best voor hen uit, maar het boek van Ezra begint met een gunst die verleend wordt.

Cyrus, de koning van Perzië, verklaarde dat de Heer hem opgedragen had om sommigen van de Hebreeuwse gevangenen vrij te laten en terug te laten keren naar het land van Juda. De anderen volgden snel. Ezra en Nehemia beschrijven de terugkeer en de wederopbouw en de opleving van Gods volk.

Hoewel de Bijbel Ester na het boek van Nehemia plaatst, zouden de gebeurtenissen in Ester ongeveer dertig jaar eerder hebben plaatsvonden dan die in het boek van Nehemia. Het verhaal bevat intrige, romantiek en een vertoon van Gods machtige soevereiniteit.

De historische boeken illustreren de pieken en dalen van de zonde, herstel, wonderen, afwijzing en oordeel. Door de eeuwen heen zien we dat het Joodse volk veel lessen verschaft waar ook wij vandaag de dag wat aan hebben. God verkoos het Joodse volk om getuige te zijn en verlossing te brengen aan alle andere volken op aarde.

Voordat de Messias, Jezus Christus van Nazareth, geopenbaard werd en het christendom begon, toonden deze boeken de principes van christelijke liefde voor de vijand, vergeving en Gods genade en barmhartigheid.

Hoewel het Joodse volk in geestelijk verval raakte, was en is de mogelijkheid voor herstel bij God door inkeer altijd beschikbaar. Velen van hen hadden er moeite mee om waarachtig en trouw te blijven. Hun voortbestaan en toewijding dienen als uitstekende voorbeelden.

 

 

 

Dit zijn enkele noemenswaardige verzen uit deze boeken:

 

1 Samuël 15:22-23 zegt: “Gehoorzaamheid is beter dan offers, volgzaamheid is beter dan het vet van rammen. Weerspannigheid is even erg als toverij, en eigenzinnigheid is even slecht als afgodendienst. U hebt de opdracht van de Heer verworpen; daarom verwerpt Hij u als koning!”

In 2 Kronieken 7:14 staat: “…en wanneer dan Mijn volk, het volk dat Mij toebehoort, het hoofd buigt, al biddend Mijn aanwezigheid zoekt en terugkeert van zijn dwaalwegen, dan zal Ik het aanhoren vanuit de hemel, zijn zonden vergeven en het land genezen.”

2 Kronieken 30:9 zegt: “Want als u terugkeert tot de Heer, zullen uw verwanten en uw kinderen genadig behandeld worden door degenen die hen hebben weggevoerd, en zullen ze weer naar dit land mogen terugkeren. De Heer, uw God, is immers genadig en liefdevol; als u naar Hem terugkeert, zal Hij zich niet van u afwenden.”

 

 

SADH_poster_bijbel

 

 

 

 

Overzicht van het Oude Testament

 

Een inleiding

 

De bestudering van het Oude Testament verschaft een waardevolle en noodzakelijke ondergrond voor begrip van het Nieuwe Testament en hoe we dat op ons leven moeten toepassen. In het Oude Testament ontdekken we hoe alle geschiedenis tot stand gekomen is en lezen we over Gods relatie met de mensheid.

Het Oude Testament is oorspronkelijk geschreven in het Hebreeuws. Enkele kleine tekstdelen zijn in het Aramees geschreven. Het omvat 39 boeken en net als het Nieuwe Testament kan het opgedeeld worden in vijf delen:

De Pentateuch (bestaande uit de eerste vijf boeken) bevat de wetten en instructies die aan Mozes en het volk van Israël gegeven zijn. Mozes heeft de boeken Genesis tot en met Deuteronomium geschreven.

De historische boeken (Jozua tot en met Ester) worden toegeschreven aan Jozua.

De poëtische boeken zijn geschreven door verschillende auteurs (Job tot en met Hooglied). Het meest gelezen boek van deze vijf is wellicht het boek Psalmen; liederen die hoofdzakelijk door David geschreven zijn.

Er zijn vier grote profeten — Jesaja, Jeremia, Ezechiël en Daniël. Heel toepasselijk worden deze mannen boodschappers van God genoemd, omdat hun geschriften samengesteld zijn vanuit een profetisch oogpunt.

De kleine profeten zijn Hosea tot en met Maleachi. Zij worden “klein” genoemd vanwege het feit dat hun geschriften korter zijn dan de boeken van de grote profeten.

 

 

 

De leer

 

Een overzicht van het Oude Testament toont onze basis van het begin van het leven tot het nieuwe leven dat geboden wordt in het Nieuwe Testament. Alle Bijbelboeken zijn geschreven door mannen van God die door God geïnspireerd waren. Daarom is elk woord gegeven om te leren, onderwijzen, corrigeren en als richtlijn voor het dagelijks leven.

 

(2 Timoteüs 3:16-17). “Elke Schrifttekst is door God geïnspireerd en kan gebruikt worden om onderricht te geven, om dwalingen en fouten te weerleggen, en om op te voeden tot een deugdzaam leven, zodat een dienaar van God voor zijn taak berekend is en voor elk goed doel volledig is toegerust” .

 

Uiteindelijk gaat Gods Woord over Zijn doel en relatie met de mensheid:

(1 Tessalonicenzen 2:13 ) “Wij danken God dan ook onophoudelijk dat u Zijn Woord, dat u van ons ontvangen hebt, niet hebt aangenomen als een boodschap van mensen, maar als wat het werkelijk is: als het Woord van God dat ook werkzaam is in u, die gelooft.”

 

 

 Het volbrachte doel

 

Een overzicht van het Oude Testament bevat vele profetieën over Jezus Christus, de Messias, Gods reddende plan en Zijn beloftes, die vervuld worden in het Nieuwe Testament. Jezus Christus  is de hoop en het onderliggende thema van alle Bijbelboeken, inclusief het Oude Testament.

In Lucas 24:27 legde Jezus Zijn apostelen de Bijbel uit: “Daarna verklaarde Hij hun wat er in al de Schriften over Hem geschreven stond, en Hij begon bij Mozes en de profeten.”

Het Nieuwe Testament geeft meerdere malen aan dat Jezus niet gekomen was om de Wet uit het Oude Testament af te schaffen. In Matteüs 5:17-18 zei Jezus:

“Denk niet dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen. Ik ben niet gekomen om ze af te schaffen, maar om ze tot vervulling te brengen. Ik verzeker jullie: zolang de hemel en de aarde bestaan, blijft elke jota, elke tittel in de wet van kracht, totdat alles gebeurd zal zijn”.

 

Een begrip van het Oude Testament is essentieel om een volledig beeld te krijgen van Gods karakter en Zijn reddende werk door de geschiedenis heen. Gods karakter, Zijn eigenschappen en daden, Zijn lange lijden, Zijn liefde, barmhartigheid en vergeving ontvouwen zich vanaf het begin van de schepping tot aan de beloofde wederkomst van Christus.

 

 

 

Overzicht van het Nieuwe Testament

 

Wat is een goed overzicht van het Nieuwe Testament?

 

In een overzicht van het Nieuwe Testament zul je een inleiding, geschiedenis en genealogie vinden, en daarnaast de verklaring of uitleg van teksten en hun toepassingen op het leven. Het Nieuwe Testament werd oorspronkelijk geschreven in alledaags Grieks in de periode tussen 45 en 95 na Christus. De Griekse taal en godsdienstige overtuigingen hebben veel invloed gehad op de Joodse en heidense bewoners van de regio, en blijken duidelijk in de boeken van het Nieuwe Testament.

Over het algemeen wordt het Nieuwe Testament in vijf gedeeltes opgedeeld:

 

 

De Evangeliën zijn geschreven vanuit vier verschillende perspectieven ( Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes) maar horen wel bij elkaar.

Handelingen heeft betrekking op historische gebeurtenissen; ook wel “Handelingen der Apostelen” genoemd.

De Epistels (zendbrieven) zijn geschreven door Paulus en te vinden in de boeken Romeinen tot en met Filemon.

De Algemene Epistels zijn door diverse schrijvers geschreven en zijn te lezen in Hebreeën tot en met Judas.

Het boek Openbaring (dat hoofdzakelijk uit profetieën bestaat)is geschreven door Johannes tijdens zijn gevangenschap op het eiland Patmos. Net als de rest van de Bijbel wordt van al deze Schriftteksten gesteld dat zij ingegeven zijn door God Zelf en dat de schrijvers door de Heilige Geest geleid werden.

 

 

 

voorpagina openbaring a4

Door John Astria

 

 

 

Wat kunnen wij leren van het overzicht van het Nieuwe Testament?

 

Een overzicht van het Nieuwe Testament laat in de vier Evangeliën zien dat we kunnen leren over de geboorte, bediening, kruisiging en opstanding van Jezus. Evangelie betekent het Goede Nieuws van Jezus Christus. De Israëlieten wachtten op de komst van de beloofde Messias. God zond Jezus als vleesgeworden God, om die Messias te zijn.

  • Matteüs 1:1 begint met de genealogie van Jezus die bewijst dat de profetieën uit het Oude Testament over Zijn afkomst en geboorte zijn uitgekomen zoals ze voorzegd waren. Helaas moet Matteüs ons laten zien dat Jezus niet herkend werd door sommige Joden. Maar Hij bleef onderrichten en prediken tot Hij daarvoor gekruisigd werd door hun leiders.

 

  • Marcus zijn verhaal is meestal chronologisch. Veel van de gebeurtenissen die hij beschrijft draaien om de bediening van Jezus in Galilea en vertellingen over genezingen. Dit boek vermeldt ook dat Jezus Zijn leerlingen waarschuwde over Zijn kruisiging en opstanding.

 

  • Lucas 2 bevat een van de mooiste vertellingen over de geboorte van Christus Jezus, en vervolgt met het onderricht dat Jezus geeft in de Tempel wanneer Hij twaalf jaar oud is. Dan slaat Lucas een stukje over om uit te komen bij de doop van Jezus door Johannes de Doper. Dit boek besluit met het vreugdevolle en spannende relaas over de opstanding van de Heer. Lucas staat bekend als een van de mooiste en meeste accurate beschrijvingen van het leven van Jezus.

 

  • Johannes was een apostel en besteedde meer aandacht aan het feit dat Jezus inderdaad de Zoon van God was dan aan Zijn leven. Dit boekt maakt duidelijk dat Jezus niet slechts een gewone man was. Hij schonk het Goddelijke geschenk van vergeving van de zonde en beloofde eeuwig leven voor iedereen die in Hem geloofde.

 

Het boek Handelingen begint na de opstanding van Christus. Het gaat voornamelijk over de kracht die aan de apostelen en volgelingen van Christus gegeven werd door de uitstorting van de Heilige Geest. Zij kregen de opdracht om er op uit te trekken en anderen over Hem te onderrichten, en genezende en verlossende wonderen te verrichten in verre landen. Het was het begin van de stichting van de Kerk.

Paulus heeft brieven geschreven aan specifieke kerken die hij had gesticht of bezocht. De brieven werden geschreven om officiële leer en handelwijzen door te geven, alsmede veel bemoediging.

De Algemene Epistels, die aanvullende scholing en lessen bieden, kunnen op ons dagelijks leven toegepast worden.

 

De Openbaring is het laatste boek van het Nieuwe Testament. Het is een profetisch boek dat de aangewezen tijd beschrijft waarop Jezus zal terugkeren naar de aarde voor al diegenen die trouw geloofd hebben en Hem volgen. Het is vooral een boek van hoop voor allen die Jezus aanvaard hebben. Zij (Zijn Kerk) worden Zijn Bruid genoemd.

 

 

 

Wat is het doel van een overzicht van het Nieuwe Testament?

 

Een overzicht van het Nieuwe Testament laat zien hoe de beloftes, het oordeel en de beloningen van het Oude Testament vervuld zijn. God zond Jezus in menselijke gedaante om een manier tot verzoening met Hemzelf te verschaffen. Christus nam de zonden van de wereld op Zich zodat de schuld voor jouw en mijn zonden volledig door Hem betaald is.

Iedereen heeft gezondigd (God getrotseerd of verworpen) en heeft behoefte aan inkeer en vergeving. Het Nieuwe Testament geeft een bouwtekening voor het leiden van een rechtvaardig leven dat God welgevallig is, en de voorziening die Hij ons geboden heeft om dat te bereiken. Alleen door Jezus Christus krijgen wij de kans om de weg naar hereniging met God  voor eeuwig te aanvaarden.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria
John Astria

Openbaring les 4: Wat is een nieuwe hemel en nieuwe aarde?

Standaard

Categorie: religie

 

 

ACHTERGROND

 

Gelovigen zijn “allen die Zijn verschijning hebben liefgehad” (2 Tim.4:8). Het is niet logisch dat iemand zou beweren Jezus lief te hebben en daarbij niet zou verlangen naar Zijn terugkeer. Daarom is het eind van het boek Openbaring net zo bemoedigend. Gelovigen zijn, zowel in de tijd van Johannes als vandaag de dag, voorbestemd om voor eeuwig met Hem te leven en de verwachting van die gemeenschap met Hem zou hun grootste vreugde moeten zijn. De Gemeente zal nooit bevredigd zijn totdat ze “zonder smet of rimpel of iets dergelijks, heilig en smetteloos” voor God zal staan (Ef.5:27). Tegelijkertijd staat er een andere realiteit te wachten voor degenen die niet verlost zijn. Hun komende eeuwige toestand is net zo echt als die van de verloste mensen. Om die reden geeft Jezus nog een laatste uitnodiging tot berouw in inkeer voor Hij Zijn openbaring doorheen de apostel Johannes afsluit.

 

 

Openbaring hoofdstuk 21: een nieuwe hemel en een nieuwe aarde

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

De nieuwe hemel en de nieuwe aarde (Openbaring 21:1-8)

 

Bij het openen van het 21ste hoofdstuk zijn alle zondaren uit alle tijden, en satan en zijn demonen, veroordeeld tot de poel van vuur (20:10-15). Nadat God alle goddeloze mensen en engelen verbannen heeft en het huidige universum vernietigd is (20:11), zal God een nieuwe plaats scheppen waar de verlosten en de heilige engelen voor eeuwig kunnen wonen. De openbaring van Christus aan de apostel Johannes is een beschrijving van deze woonplaats. Dat op een dag alles nieuw zal worden gemaakt is om verschillende redenen een bemoedigende boodschap van zekerheid aan de gelovigen, zowel uit de tijd van Johannes als die van vandaag de dag.

Ten eerste zullen gelovigen geroepen worden om met Christus in een glorieuze plaats te wonen. Dit zal een gloednieuwe, nooit eerder geziene weergave zijn van Gods kracht. God schiep de aarde oorspronkelijk als een geschikte woonplaats voor de mensheid. De ingang van de zonde besmette echter de aarde en het universum waardoor God deze uiteindelijk zal vernietigen (20:11). Omdat door dit oordeel de eerste hemel en de eerste aarde heen zullen gaan, moet God een nieuwe hemel en een nieuwe aarde scheppen. Binnen in deze nieuwe schepping zal er een centrale plaats of hoofdstad zijn.

Deze zal het nieuwe Jeruzalem genoemd worden en zal heel anders zijn dan het Jeruzalem dat Johannes of wijzelf kennen. Het oude Jeruzalem, dat toen Johannes dit visioen kreeg al 25 jaar in puin lag, is ook bevlekt met zonde en maakt daardoor deel uit van de oude schepping. De nieuwe plaats zal een heilige stad zijn voor God, omdat iedereen die er zal wonen heilig zal zijn (20:6). Wanneer God deze nieuwe hemel en nieuwe aarde zal maken zal het nieuwe Jeruzalem uit het heilig universum neerdalen (21:10) en dienen als de eeuwige woonplaats voor alle verlosten. Dat zulk een plaats zal dienen als een huis voor de verlosten, blijkt uit de beschrijving die Johannes geeft over het nieuwe Jeruzalem als zijnde “een bruid die voor haar man sierlijk gemaakt is” (21:2).

Johannes zag een bruid die voor haar man sierlijk is gemaakt, omdat het tijd was voor de voltooiing van alle dingen. Tegen deze tijd zal de Gemeente bewaard zijn in een waar geloof en zij die God vrezen, zich bekeerd hebben van hun zonden en hem in dit leven trouw hebben gevolgd, zullen het voorrecht genieten om voor eeuwig met Hem te mogen leven in het komend leven. Wanneer er een einde zal zijn gekomen aan alle aardse dingen, zal de inleiding van de hemel verwelkomd worden met Gods Gemeente die voor Hem gepresenteerd wordt als een mooie bruid die gereserveerd is voor haar echtgenoot.

In deze nieuwe schepping zal de “de tent (tabernakel) van God” bij de mensen zijn “en Hij zal bij hen wonen, en zij zullen Zijn volk zijn, en God Zelf zal bij hen zijn en hun God zijn” (21:3). Dit zal in de verlossingsgeschiedenis een nooit eerder geziene demonstratie zijn van Gods glorieuze aanwezigheid bij Zijn volk. God zal letterlijk Zijn tent opzetten onder het volk. Hij zal niet langer transcendent, op verre afstand van hun wonen. Hier zal de gelovige genieten van volmaakte gemeenschap met God. De onvolmaakte, door zonde gehinderde gemeenschap die gelovigen nu in dit leven hebben met God (1 Joh.1:3) zal dan volkomen, volledig en onbegrensd zijn in de hemel. Daar zullen ze de majesteit van Gods buitengewone bestaan zien en kennen, terwijl ze hun Schepper volmaakt zullen aanbidden.

Gelovigen zouden ook bemoedigd moeten zijn omdat dat de hemel (de nieuwe schepping) dramatisch anders zal zijn dan deze huidige wereld. Dit wordt duidelijk in de omschrijvingen van Johannes. Daar in de hemel zullen de gelovigen ervaren dat God “alle tranen van hun ogen” zal afwissen (21:4). Omdat er “geen verdoemenis” is “voor hen die in Christus Jezus zijn” (Rom.8:1) zal er niets zijn om spijt van te hebben – geen rouw, geen jammerklacht en geen moeite. Hierom zullen zij die bij God wonen niet één traan meer laten in de hemel. De dood zal er niet meer zijn; ook geen rouw, jammerklacht of moeite zal er meer zijn” (21:4). De grootste vloek in het menselijk bestaan zal er niet meer zijn! “De dood is verslonden” beloofde Paulus (1 Kor.15:54).

Zowel satan, die de macht had over de dood (Heb.2:14) als de dood zelf, zullen in de poel van vuur geworpen worden (20:10, 14). Deze volmaakte heiligheid en afwezigheid van zonde die de hemel zullen kenmerken, vertalen zich in een wereld die vrij is van alle pijn, verdriet en gejammer. Al deze veranderingen die de nieuwe hemel en nieuwe aarde zullen kenmerken, geven aan dat “de eerste dingen zijn voorbijgegaan” (21:4). De oude menselijke ervaring die betrekking heeft op de gevallen schepping is voor eeuwig voorbij samen met alle rouw, leed, verdriet, ziekte, pijn en dood die de zondeval kenmerkte. Christus zal in die dagen wonderbaarlijk “alle dingen nieuw” maken (21:5).

 

 

De inwoners van de nieuwe hemel

en de nieuwe aarde (Openbaring 21:6-8; 22-27)

 

De gehele geschiedenis is gegroeid naar dat goddelijk moment waarin alles nieuw wordt gemaakt. Bij haar voltooiing zal alles volbracht zijn. Daarom zei de majestueuze stem van Degene die op de troon in de hemel zit tegen Johannes: “Het is geschied” (21:6). God begon de geschiedenis en Hij zal die voleindigen en alles ervan verloopt volgens Zijn plan. Zij die zullen wonen in de nieuwe hemel en nieuwe aarde worden met twee zinnen hier in hoofdstuk 21 beschreven. Als eerste wordt een inwoner van de hemel omschreven als iemand die “dorst heeft” (21:6). Zij zullen “hongeren en dorsten naar de gerechtigheid” (Matt.5:6).

De belofte aan de oprechte zoeker is dat zijn dorst bevredigd zal worden. God zal “voor niets te drinken geven uit de bron van het water des levens” (21:6). Doorheen de Bijbel symboliseert dit water het eeuwige leven (Joh.4:34-14; 7:37-38; Op.22:17). Zij die dorsten en oprecht zoeken naar verlossing zijn degenen die het zullen ontvangen en de eeuwige hemelse gelukzaligheid zullen genieten.

Ten tweede behoort de hemel ook aan “wie overwint” (21:7). Deze overwinnaars zullen zij zijn die gedurende dit leven trouw hun reddend geloof in de Here Jezus Christus hebben versterkt. Overwinnend en volhard in het geloof zullen deze personen “alles beërven” (21:7). Zij zullen “een onvergankelijke, onbevlekte en onverwelkbare erfenis, die in de hemelen bewaard wordt” ontvangen (1 Pet.1:4).

Ze zullen in de gelukzaligheid van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde voor altijd genieten van een volmaakte ziel (Heb.12:23) en volmaakt lichaam (20:6; Rom.8:23; 1 Kor.15:34-44; 2 Kor.5:2; Fil.3:21). Maar het meest geweldige voor degene die overwinnen en dorsten naar rechtvaardigheid is Gods belofte: “Ik zal voor hem een God zijn en hij zal voor Mij een zoon zijn” (21:7). Ondanks dat de gelovige in dit leven al het voorrecht geniet om geadopteerd te zijn als Gods zoon, zal het pas bij het binnengaan van de hemel de volledige werkelijkheid van deze adoptie ervaren (Joh.1:12; Rom.8:14-17; 2 Kor.6:18; Gal.4:5; Ef.1:5).

Zij die het eeuwig geluk zal ontzegd worden, worden omschreven als “de lafhartigen, ongelovigen, verfoeilijken, moordenaars, ontuchtplegers, tovenaars, afgodendienaars en alle leugenaars” (21:8). Degenen wiens leven gekenmerkt wordt door zulke dingen geven blijk dat zij niet gered zijn en nooit de hemelse stad zullen betreden. ”Hun deel is in de poel die van vuur en zwavel brandt. Dit is de tweede dood” (21:8). In contrast met de eeuwige gelukzaligheid van de rechtvaardigen in de hemel zullen de zondaars voor eeuwig gekweld worden in de hel. De nieuwe hemel en de nieuwe aarde staan enkel gelovigen te wachten, terwijl de uiteindelijke hel al de verrezen ongelovigen te wachten staat. Daarom bepalen de tegenwoordige keuzes van mannen en vrouwen in welke plaats ze voor eeuwig zullen leven.

 

 

De glorie van het nieuwe Jeruzalem (Openbaring 21:22-27)

 

Eenmaal in de nieuwe hemel en aarde zullen de verlosten onmiddellijk met glorieus ontzag staan in de nieuwe stad Jeruzalem. Daarbinnen in de stad zal er “geen tempel” zijn, want “de Heere, de almachtige God, is haar tempel, en het Lam” (21:22). De goddelijke aanwezigheid zal de gehele nieuwe hemel doordringen en nergens begrensd zijn tot één plaats. Daarom zullen gelovigen nooit naar een ander huis moeten gaan om te bidden. Tot in de eeuwigheid zullen gelovigen voortdurend in de aanwezigheid van God zijn. Nooit zal er een moment zijn dat ze niet in de volmaakte heilige aanwezigheid van “de almachtige God en het Lam” leven (21:22). Het leven van de gelovigen zal louter bestaan uit aanbidding van God.

Al deze aanbidding zal in Gods glorie gebeuren. Anders dan deze aarde, die volledig afhankelijk is van de zon en de maan, zal de nieuwe hemel en nieuwe aarde niet afhankelijk zijn van zulk licht. De zon en de maan zullen niet nodig zijn om licht te voorzien, “want de heerlijkheid van God verlicht haar, en het Lam is haar lamp” (21:23). Onder zulk licht zullen alle gelovigen uit elke taal, stam en natie samengebracht worden – zowel Joden als heidenen (21:24). Al de verlosten zullen verenigd worden als Gods volk waarbij eenieder gelijkwaardig is in de eeuwige hoofdstad.

Zulk een gelijkwaardigheid onder de verlosten zal ook ervaren worden in complete veiligheid. Er zal in de eeuwigheid geen nacht meer zijn en de poorten van Jeruzalem zullen nooit meer gesloten moeten worden (21:25). Het zal een plaats van rust, veiligheid en verfrissing zijn waar Gods volk zal “rusten van hun inspanningen” (14:13). Ook zal alles in de hemel heilig zijn. Er zal in het nieuwe Jeruzalem dus niets onrein zijn en “ook niemand die zich bezighoudt met gruwelen en leugens” (21:27). De enigen die daar zullen verblijven zijn degenen wiens naam in het boek des levens geschreven staan.

 

 

Openbaring hoofdstuk 22: de Alfa en de Omega

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De laatste uitnodiging (Openbaring 22:12-17)

 

De hemel zal slechts een selecte groep mensen huisvesten. Enkel de verlosten zullen dit beërven en voor eeuwig met God regeren. En omdat Christus geduldig is en niet wil dat er niemand verloren gaat (2 Pet.3:9) verlangt Hij ernaar om de ongelovigen hier in de verzen 12-17 nog een laatste oproep tot berouw en inkeer te geven. De volledige canon van de Bijbel eindigt daarom op dit punt met een dringende oproep voor zondaren om tot Jezus Christus te komen en voor het te laat is de vrije gift van eeuwig leven te ontvangen. Want Christus komt spoedig (22:12) en wanneer Hij komt zal het zijn als een dief in de nacht (2Pet. 3:10). Voor de verlosten is dit een grote bemoediging. “De Alfa, en de Omega, het Begin en het Einde” zal komen met beloningen in Zijn hand “om aan ieder te vergelden zoals zijn werk zal zijn” (22:12-13).

Iedere gelovige zal door trouw aan Christus eeuwige beloningen ontvangen. De beloningen waar de gelovigen van zullen mogen genieten in de hemel, bestaan uit de mogelijkheden om God te dienen. Dus hoe groter hun trouw is geweest in dit leven, hoe meer mogelijkheden ze zullen krijgen om God in de hemel te dienen (cf. Matt.25:14-30). Wat een vreugdevolle gelegenheid zal dat zijn. De verlosten zullen voor eeuwig gezegend worden en een volledige en voor altijddurende toegang hebben tot God. Wanneer ze door de poorten van het nieuwe Jeruzalem willen gaan, zullen ze dat eender wanneer kunnen doen en wanneer ze van de boom des levens willen nemen zullen ze dat dus kunnen doen wanneer ze maar willen (22:14).

Al deze personen zullen op zulk een wijze gezegend worden, omdat God hun gehoorzaam tot aan het eind heeft bevonden, gewassen en gereinigd door het bloed van Christus (1:5; 5:9; 7:14). Dat zulk een glorieuze toestand staat te wachten op de terugkeer van Christus is de reden waarom de Geest en de bruid (de Gemeente) zeggen, “Kom!” (22:17). Beiden zien ze uit naar de terugkeer van Christus om de verlosten te verzamelen. De Gemeente wordt vermoeid door de strijd tegen zonde en verlangt er, samen met de Geest, naar om Jezus Christus verheerlijkt, verhoogd en geëerd te zien worden. Zoals men kan zien is de hemel erg exclusief en huisvest ze enkel degenen die gereinigd zijn van hun zonden door geloof in Jezus Christus. Daarentegen zullen alle anderen buiten het nieuwe Jeruzalem in de poel van vuur verblijven (20:15; 21:8). Omdat “wat onrein is” niet de mogelijkheid zal hebben om in te komen zullen “alleen zij die geschreven zijn in het boek des levens van het Lam” het voorrecht gegeven worden om het nieuwe Jeruzalem toe te treden (21:27).

De personen die buitengesloten zullen worden beschrijft Christus als honden en worden verder omschreven als “de tovenaars, de ontuchtplegers, de moordenaars, de afgodendienaars en ieder die de leugen liefheeft en doet” (22:15). Iemand die een van deze zonden liefheeft en herhaaldelijk een van deze zonden doet, koppig eraan vastklampt en Christus’ uitnodiging tot verlossing afslaat, zal in de poel van vuur geworpen worden. Toch laat Christus Zijn schepping niet los. De zin: “Laat hij die het hoort, zeggen: Kom!” nodigt al degenen die de Geest en de bruid horen uit om hen te vergezellen in hun verlangen naar Christus’ terugkeer. Degene die met geloof hoort en vertrouwd is degene die gered zal worden.

Door hun gehoorzaamheid aan het Evangelie zullen zij die zich bekeren samen met de Geest en de bruid, omdat ze verlangen naar Zijn glorie – en hun eigen verlossing van zonden – in een volmaakte heilige omgeving, uitzien naar Christus’ terugkeer. Aan degenen die de oproep van Christus gehoorzamen, dorsten naar vergeving en zich bekeren van hun zonden biedt Christus “voor niets” “het water des levens” aan (22:17). Dit eeuwig leven wordt vrij aangeboden aan al degenen die horen en geloven dat Jezus de prijs voor hun zonden betaalde door Zijn opofferende dood aan het kruis (Rom.3:24).

 

Conclusie

 

Dat Christus spoedig zal terugkeren, is een uiterst zekere waarheid. Ondanks dat “de hemel en de aarde zullen voorbijgaan” zal Gods Woord “beslist niet voorbijgaan” (Luk.21:33). Of de mensen nu wel of niet deze komende realiteit begrijpen en geloven, toch zal ze gaan gebeuren omdat deze woorden “betrouwbaar en waarachtig” zijn (22:6). Voor degenen die Gods geboden bewaren, overwinnen en trouw blijven tot aan het eind ligt er een eeuwige onbeschrijflijke beloning te wachten in de hemel. Anderzijds zullen zij die geen aandacht geven aan Christus’ uitnodiging tot berouw en inkeer buitengesloten worden van het nieuwe Jeruzalem en daardoor dus ook voor eeuwig de aanwezigheid van God missen. Daarom zou iedere gelovige ernaar moeten streven om iedere dag godvruchtig te leven en voortdurend bemoedigd te zijn door Christus’ belofte: “zie, Ik kom spoedig” (22:12).

 

 

BEGELEIDENDE VRAGEN

 

 Wat moest Christus nog doen met betrekking tot de eindtijd?

 

Als de les begint, zullen alle zondaren van alle tijden, als wel satan en zijn demonen, veroordeelt zijn naar de poel van vuur (20:10-15). Na alle goddeloze mensen en engelen verwijderd te hebben en het huidige universum vernietigd (20:11), is alles wat nog gedaan moet worden door God, het maken van een nieuwe plaats voor Zijn kinderen en de heilige engelen om voor eeuwig te wonen. Christus’ openbaring aan de apostel Johannes is een beschrijving van zulk een woonplaats. Deze plaats zal gekend worden als de nieuwe hemel en de nieuwe aarde.

 

 

 Waarom wordt het nieuwe Jeruzalem de heilige stad genoemd?

 

Wanneer God deze nieuwe hemel en de nieuwe aarde maakt, zal een nieuw Jeruzalem in het midden van dat heilige universum neerdalen (21:10) en dienen als een woonplaats voor degene die in alle eeuwigheid verlost zijn. Niet als het oude Jeruzalem van vandaag, die besmet is door zonde als de rest van de wereld, zal die nieuwe Jeruzalem een heilige stad voor God zijn, omdat iedereen die er in leeft heilig zal zijn (20:6). Alles wat schoongewassen is of nieuw gemaakt is, zal toegestaan worden in de nieuwe schepping te blijven. Aangezien niets dat onrein is toegestaan zal worden om binnen te gaan, zal de gehele hemel volmaakt heilig zijn.

 

 

 Wie zal er in de nieuwe hemel en nieuwe aarde mogen wonen?

 

Als God de nieuwe schepping maakt en de huidige schepping tot een einde brengt, zullen alleen degene die trouw op het evangelie gereageerd hebben binnen mogen gaan. Aan het einde van Openbaring verwijst Christus naar deze individuen als degene die dorst hadden en overwonnen hebben. Degene die hun hopeloosheid en verloren toestand apart van Christus realiseren, hongeren naar de rechtvaardigheid die alleen door Hem voorzien wordt, zullen met eeuwig leven gezegend worden. God zal hen vinden met berouw over hun zonden, God vrezende en trouw Hem tijdens dit leven volgende. Omdat ze vol passie verlossing zoeken en bewijzen loyaal aan Gods Zoon te zijn, zullen ze de eeuwige zegen van de hemel ontvangen.

 

 

 Hoe zal de relatie van de gelovige met God in de nieuwe schepping zijn?

 

Het zal een zegen zijn om in de hemel te mogen zijn, omdat gelovigen steeds in de aanwezigheid van God zullen zijn. Er zal geen moment zijn dat ze niet in een volmaakt heilige relatie staan met de “de Heere, de almachtige God, en het Lam” (21:22). De “tent van God” zal “bij de mensen” zijn, “en zij zullen Zijn volk zijn” en Hij zal “hun God zijn” (21:3). God zal letterlijk Zijn tent onder Zijn mensen opzetten; Hij zal niet langer ver weg zijn. Hier zal de gelovige in staat zijn van om volmaakte gemeenschap met God te genieten.

 

 

 Hoe zal de nieuwe hemel en de nieuwe aarde anders zijn van deze huidige aarde?

 

Gelovigen zouden ook bemoedigd moeten zijn door het feit dat de hemel enorm zal verschillen met de huidige wereld. Christus zal in die dagen “alle dingen nieuw” maken (21:5). Hij zal alle tranen afwissen, omdat er niets is waarvoor we bang moeten zijn of spijt van zullen hebben. Alles zal volmaakt gemaakt worden en de wereld zal volledig vrij van zonde zijn. Omdat satan en de dood in de poel van vuur geworpen waren (20:10, 14), zal de wereld vrij van alle pijn, leed en huilen zijn.

 

 

 Wie zal er niet de nieuwe hemel en de nieuwe aarde binnen mogen gaan?

 

Degene die afgewezen worden om van dit heelal van eeuwige blijdschap te genieten, worden hier beschreven als de “lafhartigen, ongelovigen, verfoeilijken, moordenaars, ontuchtplegers, tovenaars, afgodendienaars en alle leugenaars” (21:8). Hun levens die zo gekenmerkt werden met zulk een herhaaldelijke zonde, geeft bewijs dat ze niet verlost zijn en nooit de hemelse stad zullen binnengaan. Integendeel, “hun deel is in de poel die van vuur en zwavel brandt. Dit is de tweede dood” (21:8). In tegenstelling tot de eeuwige zaligheid van de gerechtigheid in de hemel, zullen de goddelozen eeuwige kwelling in de hel te verdragen hebben.

 

 

 Hoe zal aanbidding zijn in de nieuwe hemel en de nieuwe aarde?

 

Omdat ze in Gods aanwezigheid blijven, zal alle aanbidding ook voortdurend gedaan worden in het stralende licht van Gods heerlijkheid. Niet zoals de huidige aarde, zal de nieuwe hemel en de nieuwe aarde geen nood hebben aan licht van de zon en de maan. Zulk een licht zal niet nodig zijn, omdat de heerlijkheid van God het nieuwe Jeruzalem zal verlichten en zijn lamp zal het Lam zijn (21:23). Onder dat licht zullen alle verlosten verenigd zijn als Gods kinderen, waarbij iedereen volledig gelijk is en van volledige rust en veiligheid kan genieten. Daar zullen zij de grote majesteit van Gods wonderlijk wezen zien en kennen, terwijl zij volmaakt aanbidden en hun Maker dienen.

 

 

 Waarom is de komst van Christus bemoedigend voor de gelovige?

 

Voor degene die ware gelovigen zijn is dit bemoedigend. “De Alfa, en de Omega, het Begin en het Einde,” komt met een beloning in de hand, gereed om “aan ieder te vergelden zoals zijn werk zal zijn” (22:12-13). Iedere gelovige zal eeuwige beloningen gegeven worden, gebaseerd op hun trouw in het dienen van Christus in hun leven. Zulke individuen zullen op deze manier gezegend worden, omdat God hen gehoorzaam achtte tot het einde, schoongewassen door het bloed van Christus (1:5; 5:9; 7:14).

 

 

 Waarom wilden de Geest en de Bruid Christus verlangend uitnodigen om te komen?

 

Dat zo een glorieuze staat wacht op de komst van Christus, is waarom de Geest als de Bruid (welke de kerk is) roepen, “Kom!” (22:17). Beide verwelkomen de gedachte van Christus’ terugkomst om degene te verzamelen die hun vertrouwen op Hem gesteld hebben. De gemeente wordt moe van de strijd tegen de zonde en verlangd, met de Geest, om Christus verhoogt, verheerlijkt en geëerd te zien.

 

 

 Wat biedt Christus aan degene die zich aansluiten bij de

Geest en de Bruid en wachten op Zijn komst?

 

Aan degene die gehoorzaam zijn aan Christus roeping, dorsten naar vergeving en bekeren van hun zonden, biedt Christus het “het water des levens” aan (22:17). Doorheen de hele Schrift symboliseert het water eeuwig leven (Joh.4:14-34; 7:37-38; Op.22:17). Daarom is degene die in geloof hoort en gelooft, degene die verlost zal zijn. Dit eeuwig leven wordt vrij aangeboden aan degene die hoort en gelooft, omdat Jezus de prijst betaald heeft door Zijn offerdood aan het kruis (Rom. 3:24).

 

 

SAMENVATTING

 

Eens zal onze wereld er niet meer zijn, en de sterren die we ’s nachts zien zullen niet langer aan de hemel staan. Ook de maan niet. Vanwege de zonde zal God deze wereld vernietigen, samen met de hemelen. In plaats daarvan zal God nieuwe hemelen en een nieuwe aarde scheppen. God zal een stad scheppen die het nieuwe Jeruzalem zal heten. God is deze stad voor alle gelovigen aan het voorbereiden, om op een dag er in te leven en er van te genieten. Omdat er niet langer zonde zal zijn, zal er geen gevolgen van zonde meer zijn. Op deze nieuwe aarde zal er geen geween meer zijn, noch dood of pijn. We zullen ons niet langer zorgen hoeven maken dat mensen onze dingen willen stelen of onze familie pijn willen doen. God zal de volmaakte leider zijn van Zijn kinderen. En Gods kinderen zullen volmaakte volgelingen zijn. Maar een ieder die niet voor zijn sterven zijn vertrouwen op Christus stelde, zullen niet de nieuwe hemel en de nieuwe aarde binnengaan, noch het nieuwe Jeruzalem. In plaats daarvan zullen ze voor eeuwig in de poel van vuur gedaan worden.

Er zijn gevolgen voor zonde. Er zijn ook beloningen voor gehoorzaamheid en geloof waarvan gelovigen eens zullen genieten. Vanwege de zonde van Adam, heeft de mensheid geleefd met de gevolgen van Adams zonde. De straf voor die zonde is de dood en eeuwige scheiding van God. Degene die zich niet aan God heeft onderworpen en zijn vertrouwen op Christus gesteld heeft, zullen nooit een kans hebben om hun gedachten te veranderen. Zij zullen voor eeuwig in de hel zijn. Terwijl degene die in het werk van Christus vertrouwd hebben en hun leven aan Hem hebben onderworpen, de wonderbaarlijke zegen zullen hebben van eeuwig bij God in de hemel te zijn. Wanneer gelovigen op een dag het nieuwe Jeruzalem zullen binnengaan om eeuwig bij God te zijn, zal Gods volmaakte plan van verlossing volbracht zijn.

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

De Drievuldigheid van God

Standaard

categorie : religie

 

 

 

De enige ware God

 

De bijbel is het oudste boek dat er bestaat en bevat het woord van God. Hij openbaart zichzelf via profeten en geschriften, die zelf door Hem zijn geïnspireerd. Elk woord in de bijbel is beschermd door God. Hij zal niet toelaten dat er één woord of letter wordt veranderd.

 

-Heer, voor eeuwig staat uw woord in de hemel vast ( Ps119: 89).

-Het levende en blijvende woord van God blijft eeuwig bestaan ( 1Pe1: 23 ).

 

 

 

Er is maar één God

 

Volgens het Oude Testament

 

-Wees u ervan bewust en laat goed tot u doordringen dat de Heer de enige God is, boven in de hemel en hier beneden op aarde. Een andere is er niet ( Deuteronium 4: 39 ).

-Ik ben de Heer, er is geen ander, buiten mij is er geen God ( Jesaja 45: 5 ).

-Hebben wij niet allemaal dezelfde Vader, heeft niet één en dezelfde God ons geschapen ( Maleachi 2 : 10 ).

 

Volgens het Nieuwe Testament

-Aanbid de Heer uw God, en vereer alleen Hem ( Mat 4 : 10 ).

-Wat u zegt is waar: hij alleen is God en er is geen andere God dan Hij ( marc12: 32 ).

-U gelooft dat God de enige is? Daar doet u goed aan ( Jacob2: 19 ).

-Want er is maar één God, en maar één bemiddelaar tussen God en de mensen, Jezus Christus ( 1Ti2: 5 ).

 

God is de Almachtige en heeft alles geschapen. Hij heeft geen beperkingen zoals de mens. In zijn eenheid kan hij tegelijk op zijn troon zitten in de hemel en op aarde aanwezig zijn. Voor Hem is dat niet moeilijk. Het menselijk verstand kan dat niet begrijpen. God weet dat de mens zijn geest beperkt is om Hem te doorgronden. De mens probeert de meetbare en zichtbare dingen te doorgronden maar heeft het moeilijk te aanvaarden dat er veel meer geschapen is.

 

 

God is in de hemel en schiep Jezus als eerste.

 

-We hebben iemand als hoge priester (Jezus) die zit aan de rechterhand van de troon van de Goddelijke majesteit in de hemel ( Heb8: 1 ).

-God kende Hem al voor het bestaan van de wereld, maar heeft Hem pas in deze laatste tijd ter wille van ons bekendgemaakt (1Pe1: 20-21).

-De Heer heeft mij als eerste geschapen, lang geleden, voor al het andere. 23  Ik ben gemaakt in het begin van de tijd, ik was er al voor de aarde bestond. 24  Toen er nog geen oceanen waren, geen bronnen met een overvloed aan water, toen was ik al geboren.
25  Voor de bergen een plaats hadden gevonden, voor er heuvels waren, was ik er al;
26  voordat de Heer de wijde wereld had gemaakt, voordat hij een zandkorreltje had geschapen. 27  Ik was erbij, toen Hij de hemel zijn plaats gaf, om de oceaan een horizon trok. 28  Toen Hij de wolken aan de hemel zette en de bronnen van de oceaan liet stromen, 29  toen Hij het water de wet stelde, de zeeën hun grenzen gaf, toen Hij de fundamenten voor de aarde legde, 30  was ik aan Zijn Zijde, ik was zijn  vertrouweling. Ik was verrukt, elke dag opnieuw, steeds verheugd in Zijn Aanwezigheid,
31  ik schiep vreugde in de aarde, ik was blij met de mensen. ( Sp8: 22-31 ).

 

 

 

 

God schiep alles door Jezus

 

-Voor ons is er toch slecht één God, de Vader, uit wie alles komt, en wij zijn geschapen tot zijn gemeenschap; en slechts één Heer, Jezus Christus, door wie alles is geworden, en wij zijn door Hem ( 1Kor8: 6 ).

-Want God heeft door Hem alles geschapen in de hemel en op aarde, het zichtbare en het onzichtbare, zoals tronen en heerschappijen, overheden en machten. Alles is door Hem en voor Hem geschapen (kol1: 16 ).

 

 

De Vader, de Zoon en de Heilige Geest zijn één en dezelfde God

 

God is een geest en staat boven de natuurwetten. Christus zei tegen zijn discipelen voordat hij naar de hemel ging; “Mij is alle macht gegeven in de hemel en op de aarde. Ga dus op weg een maak alle volken tot mijn leerlingen door hen te dopen in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.” ( Mat28: 18-19 ). Hij zei ‘in de naam’ en niet ‘ in de namen’. Alle drie zijn dus één en dezelfde God.

 

-De Vader en ik zijn één ( joh10: 30 ).

-Geloof je niet dat in de Vader ben en dat de Vader in mij is? Maar de Vader die in mij blijft doet zijn werk door mij ( Joh14: 10 ).

-Jezus zei tot hen: “maar als ik door de geest van God demonen uitdrijf, dan is het koninkrijk van God bij jullie gekomen: dit wil zeggen dat de Zoon in de Vader is, de Vader in de Zoon en dat de Heilige Geest de geest is van God en Christus” ( Mat12: 28 ).

Door deze voorbeelden zien we dat zowel de Vader als de Zoon en de Heilige Geest God zijn. Men noemt dit het mysterie van de Heilige Drievuldigheid van God.

 

 

De Heilige Drievuldigheid

Pasteltekening van John Astria

 

 

De Vader en de Zoon

 

God werd vlees op aarde. Hij liet zijn Zoon geboren worden zonder het resultaat van voortplanting. Deze Goddelijke verbondenheid gaat het menselijk verstand te boven. De geboorte van Christus in een sterfelijk lichaam was nodig om ons te verlossen van de zonde. Christus werd de Messias voor alle volkeren op aarde.

 

-Hij zal een groot man worden en  Zoon van de Allerhoogste worden genoemd ( Luc1: 32 ).

-Jij bent mijn geliefde Zoon, in jou vind ik vreugde ( Mat3: 17 / Luc3: 22 / Marc1: 11 ).

-En dat heb ik ,Johannes de Doper, gezien en ik getuig dat hij de Zoon van God is ( Joh1: 34 ).

 

 

De verlossing van de mens door Christus

 

Door een groot geestelijk wezen ( Lucifer) werd de eerste mens om de tuin geleid. De zonde kwam in de wereld door de leugen. De goede band met God werd doorbroken. Gods oneindige rechtvaardigheid en grootsheid kan geen zonden dulden; niet in woorden ,daden en gedachten. Het gevolg was dat iedereen zou sterven en veroordeeld worden tot de hel. Maar God bedacht een oplossing voor de mens door zijn wijsheid en macht. Hij stuurde zijn zoon Jezus om ons te verlossen van de straf door zonden. Christus zou voor ons sterven.

-Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft (Joh3: 16 ).

Geloven in Christus’ dood als zoenoffer is wat God wenst. Goede daden wissen de overtredingen niet uit. Wie deze denkfout maakt is voor eeuwig verloren.

 

 

 

De twee redenen waarom alleen Christus ons zou kunnen redden

 

  • De verlosser moest iemand zijn die nog nooit zondigde. Christus was God trouw en bleef zondeloos tot zijn kruisdood. Hij werd het geslachte lam of de losprijs voor ons allen.

 

-Christus is heilig en zuiver, van de zonden afgescheiden en ver boven de hemel verheven (Heb7: 26 ).

-Die (Christus) geen enkele  zonden beging en over wiens lippen geen leugen kwam (1Pe2: 22 ).

 

  • Jezus is verschenen om de zonden weg te nemen, er is in Hem geen zonde (2Kor5: 21 ).Christus is God zelf. Hij is de Zoon van God en de Zoon des mensen. Door zijn lijden en opstand uit de dood overwon hij alles enwerd een brug tussen God en de mens. Satan, de vader van de leugen, werd zo definitief verslagen.

 

De bijbel vertelt ons in Joh3: 16 dat God de wereld zo heeft lief gehad dat Hij zijn enige Zoon heeft gegeven opdat iedereen die in Hem gelooft nooit verloren zou gaan,maar eeuwig leven krijgt. God heeft de mens gered zonder zijn heiligheid en rechtvaardigheid aan te tasten. Wie niet in het zoenoffer van Christus gelooft is voor eeuwig verloren door die rechtvaardigheid.

 

God is een geest en werkt via zijn geest. Hij is samen met Christus in de hemel die aan zijn rechterhand zit. Christus is in de hemel onze Hogepriester en bemiddelaar voor onze zonden. Maar omdat God ons niet alleen wil laten heeft Hij ons zijn geest gezonden. De geest is de persoonlijkheid van God op aarde die staat voor Zijn wil, macht, zegen, kracht en glorie. Wie door de doop Jezus heeft aangenomen is in verbinding met de Heilige Geest wanneer  hij er beroep wil op doen.

 

-Wie weet wat er in een mens omgaat? Dat weet alleen zijn eigen Geest. Zo weet er ook niemand wat er in God omgaat dan alleen Gods eigen geest (1Kor2: 11 ).

-De Heilige Geest zal over u komen, de kracht van de Allerhoogste zal u als een schaduw bedekken (Luc1: 35 ).

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Bestaat de hel?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

De hemel of de hel

De hemel of de hel

 

pasteltekening van John Astria

 

Wat zegt het Oude Testament?

 

Het is interessant om te ontdekken dat er meer Bijbelverzen over de hel gaan dan over de hemel. Hier zijn een paar verzen uit het Oude Testament die over de hel gaan.

Daniël 12:2 : “Velen van hen die slapen in de aarde, in het stof, zullen ontwaken, sommigen om eeuwig te leven, anderen om voor eeuwig te worden veracht en verafschuwd.”

De hel wordt hier als eeuwig beschreven.

Jesaja 66:24 : “Bij het verlaten van de stad zien ze de lijken van hen die tegen mij in opstand kwamen: de worm die aan hen knaagt zal niet sterven, en het vuur waarin ze branden zal niet doven; ze worden verafschuwd door alles wat leeft.”

In deze passage wordt de hel beschreven als een plaats waar het vuur niet zal worden gedoofd.

Deuteronomium 32:22: “Als het vuur van mijn toorn is ontstoken zal het branden tot in het diepste dodenrijk; het zal de aarde verschroeien en alles wat daar groeit, het zal de grondvesten van de bergen verteren.”

Hier is de hel een plaats waar God zijn toorn zal uitgieten

Psalmen 55:16 : “Laat de dood hen onverhoeds treffen, laat hen levend neerdalen in het dodenrijk, want bij hen huist het kwaad, het heerst in hun hart.”

De hel is het rijk van de zondaars

 

 

Wat zegt het Nieuwe Testament?

 

Bestaat de hel? Als de duidelijke taal van het Oude Testament nog niet genoeg is, dan heeft ook het Nieuwe Testament hier genoeg over te zeggen.

2 Tessalonicenzen 1:9 : “Ze zullen voor eeuwig worden verstoten, ver van de Heer en van zijn kracht en majesteit.”

Openbaring 14:11 :De rook van die pijniging zal opstijgen tot in eeuwigheid. Wie het beest en zijn beeld aanbidden, of wie het merkteken van zijn naam draagt, ze krijgen geen rust, overdag niet en ’s nachts niet.

Openbaring 20:14-15 : “Toen werden de dood en het dodenrijk in de vuurpoel gegooid. Dit is de tweede dood: de vuurpoel. Wie niet in het boek van het leven bleek te staan werd in de vuurpoel gegooid.”

 

 

De Openbaring: de eerste opstanding en de tweede dood na het oordeel

De Openbaring: de eerste opstanding en de tweede dood na het oordeel

 

pasteltekening van John Astria

 

 

 

 Wat zei Jezus erover?

 

Sommige mensen die beweren dat de hel niet bestaat, doen dit op basis van hun geloof dat Jezus liefde, vrede, en vergeving predikte en dat Hij ons niet onderwees over een eeuwige, vurige plaats waar ongelovigen gestraft zouden worden. Het tegenovergestelde is juist waar. In Gods Woord onderwees niemand méér over de hel dan Jezus.

Hij beschreef de hel als een plaats van

eeuwig vuur, (Matteüs 25:41)

eeuwige bestraffing (Matteüs 25:46)

en een plaats van kwelling, vlammen, en lijden (Lucas 16:23-24).

Jezus onderwees tijdens Zijn leven vele malen uitdrukkelijk over de hel (Matteüs 5:22, 29-30; 10:28; 18:9; 23:15,33; Marcus 9:43-47; Lucas 12:6; 16:23).

 

 

 

 Hoe kan een eeuwigheid in de hel rechtvaardig zijn?

 

Als de hel bestaat, hoe kan die dan rechtvaardig zijn? Waarom zou een liefdevolle God een mens eeuwig straffen, als zijn zonde slechts over een periode van zo’n 70-80 jaar plaatsvond? Het antwoord is dat uiteindelijk alle zonden tegen God zijn gekeerd. God is oneindig (Psalmen 51:4). Omdat God een eeuwig en oneindig Wezen is, is dus elke zonde een oneindige bestraffing waard.

God houdt van ons (Johannes 3:16) en Hij wil dat alle mensen gered worden (2 Petrus 3:9). Maar God is ook rechtvaardig en oprecht; Hij zal niet toestaan dat zonde onbestraft wordt gelaten. Dit is de reden dat God Jezus stuurde om de prijs voor onze zonden te betalen. De dood van Jezus Christus was een eeuwige dood. Het was de betaling van onze schuld die het gevolg was van onze oneindige zonde, zodat wij hier niet tot in de eeuwigheid in de hel voor zouden hoeven te boeten (2 Korintiërs 5:21).

Het enige dat wij hoeven te doen is ons vertrouwen op Hem te stellen. Onze zonden zijn daarmee vergeven en ons wordt daarvoor een eeuwig thuis in de hemel beloofd. God hield zo veel van ons dat Hij voorzag in onze redding.

 

Als we Zijn geschenk van eeuwig leven door de Heer Jezus Christus afwijzen, dan zullen we de eeuwige gevolgen van die beslissing onder ogen moeten zien: een eeuwigheid in een brandende hel.

 

Als jij vandaag zou sterven, zou je dan met 100% zekerheid weten dat je naar de hemel gaat? Zorg er vandaag voor dat je het zeker weet!

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

Het plan van Maria voor deze wereld.

Standaard

categorie : religie

.

.

.

Hoe het begon

.

 

Laat ik mezelf aan u voorstellen. Ik ben mgr. John Esseff, priester uit het bisdom Scranton, Pensylvania, gewijd in het jaar 1953. In 1959 werd pater Pio mijn geestelijk leidsman. Ik ben bevoorrecht om geestelijk leider te mogen zijn van honderden zielen op alle niveaus van het geestelijk leven. Sommigen zijn beginnelingen, anderen zijn gevorderden en sommigen zijn mystici. Al vele jaren ben ik geestelijk leider van een bijzondere ziel. Deze zienster noemt zichzelf Maria de Notre Dame.

Vijf jaren geleden begonnen Jezus en Maria tot haar te spreken door de gave van inspraken.  Ze heeft nu meer dan 800 inspraken gehad. Ik heb de betrouwbaarheid van deze inspraken getoetst. Tot nu toe waren de inspraken een persoonlijk onderricht, bedoeld voor de kleine gebedsgroep. Op 10 december 2010 begon een nieuwe fase namelijk dat sommige inspraken aan de wereld bekend gemaakt moesten worden. De eerste inspraken waren speciaal gericht op het geheim van Fatima”.

.
.
.
.

Msgr John Esseff

.
.
.
.

Het plan van Maria om de wereld te redden 

.

.

.

Van John Astria

 

Pasteltekening van John Astria

.

.

.

Maria

.

Grotere geheimen liggen zelfs nog dieper in mijn hart en met blijdschap stort ik ze uit voor degenen, die mijn woorden koesteren. De tijd is zeer kort. Vele kwade machten zijn in stelling gebracht, terwijl de goede mensen vast slapen. Geen stem maakte hen wakker en weinigen begrijpen.

Nu gaat mijn stem voort naar de hele wereld. Ik zal deze stem verheffen tot een steeds hoger niveau. De woorden zullen groot gezag hebben. Niemand in de wereld of in de Kerk zal er doof voor zijn. Ze zullen overal weerklinken en op nieuwe manieren.

Hoort u geen oorlogsgeroffel? Ziet u niet de ineenstorting, die de wereld omringt? Is er ooit een moment geweest als het huidige? Is de mensheid ooit zo in gevaar gebracht? Toch slapen er nog velen, comfortabel in hun bed.

Ik keer mij af van de wereldleiders. Ze zijn gevuld met oude wijsheid en oudbakken oplossingen. Wat zij bieden leidt de wereld slechts verder op de weg van de duisternis.

Nieuw licht moet verschijnen, lichten die vanuit het geloof komen, de lichten van het Evangelie, die helder branden in de harten van miljoenen mensen, die samenkomen. Dit is mijn plan. Spot er niet mee of denk niet, dat ik dit niet tot stand kan brengen. Ik heb hier, in algemene termen, eerder over gesproken. Nu zal ik het met de grootste helderheid naar voren brengen.

Alleen de hemel kan de wereld redden en de hemel is bereid om te handelen. Alles begint in de persoon, een diepe oproep van geloof dat zuivert en opwekt. Dan volgt een samenkomen, een eenheid, die tot stand kan worden gebracht door de sociale media. Dan uiterlijke samenkomsten, groot en open. Mensen van geloof beginnen te zien, dat mijn woorden zich verwezenlijken. Tenslotte zullen er tekenen van de hemel zijn, die bevestigen en richting bieden. Dit is de enige manier waarop de hele wereld zal worden bewogen.

Gelooft u? Begin dan nu mijn plan te volgen. Ik zal elke stap van de weg met u zijn. Alle obstakels zullen vallen onder mijn macht. Alle deuren zullen worden geopend. Het licht zal schitterend zijn, zoals de zon op het middaguur. Niets anders zal voldoende zijn om de dreigende duisternis buiten te werpen. Wat een agenda! Geen tijd om uit te stellen. Terwijl u dit leest, werkte ik in uw hart. Handel volgens uw goede verlangens. Het zijn mijn innerlijke lichten.

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109
.
.
.
.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

.

John Astria

John Astria

 

Openbaring les 3: Gods oordeel aan de witte troon!

Standaard

Categorie: religie

 

Achtergrond

 

Beeld je een wereld in die geregeerd wordt door een volmaakte Heerser die onmiddellijk en vastberaden afrekent met zonden. Wanneer de vloek van de zonde verwijderd is en alles terug naar haar oorspronkelijke zuiverheid als in de tuin van Eden wordt gebracht, zou de wereld gedomineerd worden door rechtvaardigheid en goedheid. Zo een aarde is nog ver te zoeken, maar het is  toch de juiste beschrijving van hoe de aarde er zal uitzien tijdens het komende aardse rijk van Jezus Christus. Gods volk heeft naarstig uitgezien naar deze tijd wanneer Christus zou terugkeren en Zijn vijanden zal verslaan om een aards koninkrijk op te zetten.

Deze verwachting blijft aanhouden omdat Christus’ aardse koninkrijk het hoogtepunt is van Gods verlossingsplan en de verwezenlijking van de hoop die de gelovigen doorheen de eeuwen hebben gekoesterd. De Gemeente wordt opgenomen en naar de hemel geleid, een grote verdrukking van zeven jaar zal de aarde overkomen en alles wat er nog overblijft, is weggelegd om afgehandeld te worden bij het oordeel. In hoofdstuk 20 schrijft Johannes zijn visioen over dit oordeel. Christus, het waardige Lam van God en de Heerser van de aarde, zal Zijn duizendjarig rijk oprichten en rechtvaardig afrekenen met al degenen die zich tegen Hem verzetten.

 

 

Openbaring hoofdstuk 20 ; de eerste opstanding en de tweede dood

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Het binden van de dienaren van satan in het aardse

koninkrijk van Christus (Openbaring 20:1-6)

 

Het eerste waar de Koning aandacht aan zal schenken wanneer hij Zijn koninkrijk opzet is de opsluiting van de verzetsleider. Tegen deze tijd zal God alle menselijke tegenstanders hebben vernietigd (Op.19:11-21) en het beest (antichrist) en de valse profeet zullen in de poel van vuur geworpen worden (19:20). De laatste stap, in de voorbereiding van het koninkrijk, zal het wegnemen van satan en zijn demonische garde zijn zodat Christus kan regeren zonder de tegenstand van bovennatuurlijke vijanden.

God kiest ervoor om satan door een van Zijn engelen te verwijderen van de aarde. Ondanks dat we niet weten wie deze engel zal zijn, kunnen we wel zeggen dat hij grote krachten zal bezitten; “met de sleutel van de afgrond en een grote ketting in zijn hand” (20:1). Doordat hij de sleutel bezit, is hij alleen degene die de macht heeft om deze geschapen plaats van straf te openen en te sluiten. Terwijl hij nederdaalt uit de hemel merkt Johannes op dat hij slechts met één agendapunt is gestuurd: om satan (ook wel de draak, oude slang en de duivel genoemd) te grijpen, te binden en weg te werpen in de afgrond (bodemloze put) voor een periode van duizend jaar. Omwille van zijn verzet tegen Gods Zoon, dat wordt afgebeeld door de verschillende benamingen die hem hier worden gegeven, zou satan gedurende de duizend jaar dat Christus Zijn aardse rijk zal regeren worden gebannen. Gedurende deze tijd zal satan niet in staat zijn om volkeren te misleiden (20:3), wat wil zeggen dat hij op geen enkele manier invloed zal hebben op de wereld.

Met satan, zijn demonische garde en alle God verwerpende zondaren uit de weg geruimd, zal het duizendjarig koninkrijk opgericht worden. De Here Jezus zal in dit koninkrijk natuurlijk de voornaamste Heerser zijn (Luk.1:32; Op.19:16). Toch heeft Jezus beloofd dat Zijn heiligen met Hem zullen regeren (Dan.7:27; Matt.19:28;1 Kor.6:2; 2 Tim.2:12; Op.2:26; 3:21; 5:10). Dat deze belofte vervuld zal worden is duidelijk in de rest van Johannes’ visioen. Johannes ziet Gods volk verheerlijkt worden en beloond en heersend met Christus. Hij “zag tronen”, wat duidt op gezag en Gods uitverkorenen “gingen daarop zitten, en het oordeel werd hun gegeven” (Op.20:4). Genietend van een ondergeschikte heerschappij onder leiding van Christus zullen de heiligen Gods wil volledig tot stand doen komen in ieder aspect van het koninkrijk.

Daarna ziet Johannes de laatste groep gelovigen die samen met Christus zullen regeren in Zijn koninkrijk. In dit visioen ziet Johannes “tronen, en zij gingen daarop zitten, en het oordeel werd hun gegeven. En ik zag de zielen van hen die onthoofd waren om het getuigenis van Jezus en om het Woord van God, die het beest en zijn beeld niet hadden aangebeden, die het merkteken niet ontvangen hadden op hun voorhoofd en  hand” (Op.20:4). Dit zijn de gemartelde gelovigen uit de grote verdrukking (6:9; 7:9-17; 12:11). Tijdens dit rijk zal de antichrist gelovigen tijdens de jaren van verdrukking omwille van verschillende redenen uitroeien:

(1) hun getuigenis van Jezus (19:10)

(2) ze zullen trouw Gods Woord verkondigen (6:9)

(3) ze zullen het beeld en zijn beeld niet vereren en ze zullen het teken niet op hun voorhand of hand dragen (19:20).

Net als koning Nebukadnessar in de dagen van Daniël zal de antichrist anderen door bevel oproepen om hem te vereren. Zij die zullen weigeren om het beeld van de antichrist te aanbidden zullen de doodstraf krijgen (13:15). In feite zijn van de vele martelaars die eerder in Openbaring genoemd worden mensen die in deze tijd van verdrukking zijn omgekomen.

Als deel van zijn plan om aanbidding van de antichrist af te dwingen, zal de valse profeet vereisen dat iedereen een teken op zijn voorhoofd of rechterhand zal dragen (13:16). Dit teken zal de personen die dit dragen kenmerken als aanbidders en trouwe volgelingen van de antichrist. Zij die weigeren om zulk een teken te dragen zullen geëxecuteerd worden. Omdat deze gelovigen tijdens deze jaren van verdrukking trouw zullen blijven tot aan de dood, en hiermee getuigen van hun ware verlossing, zullen ook zij terug tot leven komen en samen met Christus gedurende duizend jaar regeren.

Deze opstanding van de gelovigen noemt Johannes de eerste opstanding en degenen die er deel van uitmaken worden gezegend en heilig beschouwd (20:5). Zij die zullen horen bij de tweede opstanding zijn de dode ongelovigen uit de geschiedenis, waarvan de opstanding tot oordeel en verdoemenis in de volgende verzen 11-15 beschreven worden. Zij die deel uitmaken van de eerste opstanding zijn eerst en vooral gezegend omdat “de tweede dood geen macht” heeft over hen (20:6). Deze tweede dood die in vers 14 beschreven wordt als “de poel van vuur” is de eeuwige hel. De geruststellende waarheid is dat geen enkel kind van God ooit Gods toorn zal ondergaan (Rom.5:9; 1Thess.1:10; 5:9). Zij die deel hebben aan de eerste opstanding zijn ook gezegend omdat ze “priesters van God en van Christus zijn” (1:6; 5:10; 20:6). De gelovigen dienen nu als priesters door het aanbidden van God en het leiden van anderen in het kennen van Hem (1 Pet.2:9) en zullen op gelijkaardige wijze gaan dienen in het duizendjarig rijk.

 

 

De bevrijding en het einde van satan (Openbaring 20:7-10)

 

Zoals eerder werd aangehaald zullen satan en zijn demonen tijdens het duizendjarig rijk gevangen worden gehouden in de afgrond (of bodemloze put), zodat Jezus Christus soeverein zonder verzet zal kunnen regeren. Hen zal niet toegelaten worden om zich op een of andere manier te moeien met zaken die betrekking hebben op het duizendjarig rijk. Maar de opsluiting van satan zal ongedaan worden gemaakt “wanneer die duizend jaar tot een einde gekomen zijn” en hij “uit zijn gevangenis (zal) worden losgelaten” om een laatste opstand van zondaars te leiden. Ondanks de persoonlijke heerschappij van Christus op aarde en ondanks de hoge moraal die de aarde zal kennen zullen vele nakomelingen van hen die het duizendjarig rijk met hun fysieke lichamen zijn binnengetreden hun zonden toch gaan liefhebben en Christus verwerpen (cf. Rom.8:7). Zelfs de geweldige omgeving van het duizendjarig rijk zal de trieste realiteit van de menselijke verdorvenheid niet veranderen. Het loslaten en terugkeren naar de aarde van satan zal het bovennatuurlijke leiderschap voorzien dat nodig is om alle rebellie die er nog steeds leeft op aarde naar de oppervlakte te brengen (20:8).

Verwonderlijk ziet Johannes dat het aantal van deze rebellerende mensen “als het zand van de zee” is – een beeldspraak die in de Bijbel gebruikt wordt om een massale ontelbare groep aan te geven (Gen.22:17; Joz.11:4; Heb.11:12). Deze rebellen zullen de gelovigen omsingelen, die op dat moment allen in “de geliefde stad” Jeruzalem zullen verblijven (cf. Ps.78:68; 87:2). Alle gelovigen zullen daar zijn samengekomen, omdat het de plaats zal zijn waar de troon van de Messias zal staan en dit het centrum ts van het duizendjarig rijk (cf. Jes.24:23; Ezech.38:12; 43:7; Zach.14:9-11).

Omdat de rebellen zullen vergaderen om zich te verzetten tegen Christus, zal de oorlog eerder een terechtstelling worden. Volgens het visioen van Johannes komt er, wanneer de rebellen ten strijde willen trekken, “vuur van God neer uit de hemel en dat verslindt hen” (20:9). Ze worden snel, onmiddellijk en volledig uitgeroeid, een manier die God dikwijls gebruikt om zondaren te oordelen (cf. Gen.19:24; Lev.10:2; Luk.9:54). Satans strijdmachten worden fysisch gedood en hun zielen zullen naar het dodenrijk keren waar ze wachten op hun straf, de eeuwige hel, die gauw zal voltrokken worden (20:11-15). Johannes geeft ook weer hoe hun kwaadaardige leider zijn lot niet zal kunnen ontlopen. “De duivel, die hen misleidde, wordt in de poel van vuur en zwavel geworpen” (20:10). Daar zal hij het beest en de valse profeet vergezellen die tegen die tijd al duizend jaren hebben doorgebracht in deze plaats van tuchtiging (19:20). Eenmaal in deze verschrikkelijke plek zullen ze “dag en nacht gepijnigd worden” (20:10). Er zal “in alle eeuwigheid” geen moment van opluchting zijn (20:10) in de hel als een blijvende plaats (Matt.25:46; 2 Thess.1:9; Op.14:10-11) van onuitblusbaar vuur (Mark.9:43).

 

 

666 en de antichrist

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De grote witte troon van het oordeel (Openbaring 20:11-15)

 

Na getuige te zijn van het eeuwige einde van satan samen met de inluiding van het duizendjarig rijk van Christus krijgt Johannes een visioen over een grote witte troon. Het is op deze plaats dat de berouwloze zondaren die Gods genade en barmhartigheid tijdens hun leven hebben verworpen onvermijdbaar Gods rechtvaardigheid tegen zullen komen. Daarom is dit gedeelte de meest ernstige, ontnuchterende en tragische passage van heel de Bijbel. Hierna zal rechtspraak nooit meer nodig zijn en zal God niet meer als Rechter moeten optreden.

De apostel krijgt de Rechter gezeten op Zijn rechterstoel en al de beschuldigden voor Hem te zien. Deze Rechter is niemand anders dan de verheven Here Jezus Christus. Het hele Nieuwe Testament onderwijst dat het God in de persoon van Zijn verheerlijkte Zoon zal zijn, die zal uiteindelijk over alle ongelovigen zal oordelen (Joh.5:22, 26-27; Hand.10:42; 17:31;Rom.2:16; 2 Tim.4:1). Johannes vermeldt ook de opzienbarende realiteit dat “voor Zijn aangezicht” de aarde en de hemel wegvluchtten, “zodat er geen plaats meer voor hen te vinden was” (20:11).

Dit is niets anders dan het plotse stormachtige einde van het universum (cf. Ps.102:25-26; Jes.51:6; Matt.5:18; 24:35; Heb.1:11-12; 12:26-27). Ondanks dat de aarde hersteld wordt tijdens Christus’ heerschappij in het duizendjarig rijk, zal hij toch nog steeds met zonden besmeurd en onderworpen zijn aan de gevolgen van de zondeval – verval en dood. Daarom moet de aarde uiteindelijk vernietigd worden, omdat niets dat besmet is met zonde voor eeuwig kan bestaan (2 Pet.3:13). Dit is ook de reden waarom God een nieuwe hemel en nieuwe aarde zal scheppen.

De doden die hier voor de witte troon staan zijn niet enkel die uit het duizendjarig rijk, maar alle ongelovigen die ooit hebben geleefd. Na hun dood zijn hun zielen in een plaats van pijn en marteling geweest die Hades wordt genoemd. Nu is voor hen de tijd gekomen om voor eeuwig veroordeeld te worden tot de hel. De alomvattende natuur van dit oordeel vereist dat de zee, de dood en Hades (het dodenrijk) “de doden die in hen waren” gaven. Op deze dag zullen al degenen die in ongeloof zijn gestorven voor Christus komen te staan – de Grote Rechter. Het oordeel over deze goddelozen zal niet aanvangen zonder goddelijke maatstaf.

De boeken die geopend werden voor de grote witte troon bevatten iedere gedachte, ieder woord en ieder daad van iedere ongelovige die ooit had geleefd. God heeft ieders leven volmaakt, precies en uitgebreid bijgehouden. Omdat Gods rechtvaardigheid vereist dat ieder zonde beboet wordt, zal iemand  die niet voldoet aan Gods volmaakte en heilige maatstaf “overeenkomstig wat in de boeken geschreven stond, naar hun werken” geoordeeld worden (20:12-13). Terwijl Christus de straf voor de gelovigen droeg (en hen dus dit oordeel deed ontkomen) zullen de ongelovigen Christus’ rechtvaardigheid niet toegerekend krijgen (Fil.3:9). Zij zullen zelf de straf voor het overtreden van Gods wet moeten dragen– eeuwige ondergang in de hel (2 Thess.1:9).

Nadat de boeken met de slechte daden van mensen werden geopend werd “nog een ander boek geopend, namelijk het boek des levens”(Op.20:12). Dit boek bevat de namen van allen wiens “burgerschap… in de hemelen” is (Fil.3:20). Het boek des levens is dus een register van al degenen die in geloof Jezus Christus hebben gevolgd en zich van hun zonden hebben bekeerd. Zij die hier op aarde weigerden om hun zondeschuld te erkennen, weigerden zich te bekeren en God om vergeving te vragen op basis van het plaatsvervangend offer van Jezus zullen niet in het boek des levens gevonden worden. Zulke personen zullen schuldig bevonden worden op de dag van het oordeel en voor eeuwig moeten lijden om willen van hun zonden.

Dat zulk een einde voor ongelovigen bestaat, wordt duidelijk aan het eind van Johannes’ visioen aan de grote witte troon. Volgens zijn verslag zal, eenmaal het oordeel is voltrokken, het heel gauw ten uitvoer worden gebracht. Terwijl de gezegende en heilige deelhebbers aan de eerste opstanding de tweede dood niet zullen meemaken (20:6), zal de rest van de doden die geen deelhebben aan de eerste opstanding (20:5) de tweede dood of hel tegemoet treden – hier omschreven als de poel van vuur (20:15). Hoe vreselijk en pijnlijk deze plaats ook zal zijn, toch zullen zij die in hun zonden sterven hier op deze wereld nogmaals een tweede dood ondergaan, veroordeling tot een eeuwigheid in de poel van het vuur.

 

 

Rechtvaardig oordeel

Pasteltekening van John Astria

 

 

Conclusie

 

Er is slechts één manier om de schrikwekkende werkelijkheid van de hel te ontkomen. Zij die hun zonden belijden en God vragen om hen te vergeven op basis van Christus’ plaatsvervangende dood voor hen zullen Gods eeuwige toorn ontkomen (Rom.5:9; 1 Thess.1:10; 5:9). Terwijl dit Bijbelgedeelte geschreven is als een waarschuwing voor de ongelovige wereld, moedigt het eveneens de gelovige aan om zorgzaam, opmerkzaam en godsvruchtig te leven en daarbij te evangeliseren naar een hopeloze verloren wereld die op weg is naar verwoesting. Gelovigen moeten daarom trouw het reddende Evangelie van de Here Jezus verkondigen en daardoor de zielen van de mannen en vrouwen redden van het onheil dat hun te wachten staat.

 

 

BEGELEIDENDE VRAGEN

 

 Wat wordt er aan het begin van de tekst voorbereidt?

 

Het boek Openbaring bevat hetgeen wat er in de toekomst plaats zal vinden. Voor gelovigen wordt dit zeer verwelkomd als we uitzien om bij Christus in de hemel te zijn. Voor dit gebeurt komt Christus naar de aarde en vestigt er Zijn koninkrijk. Dit zal gekend zijn als het duizendjarig rijk, want het voor duizend jaren zal duren.

 

 

 Welke rol speelt de engel in de voorbereiding voor dit koninkrijk?

 

De laatste fase in de voorbereiding van het koninkrijk zal een verwijdering van satan en zijn demonen zijn, zodat Christus zonder tegenstand kan regeren. Dit is het moment dat de engel komt. In zijn visioen ziet Johannes de engel nederdalen uit de hemel naar de aarde, de sleutel van de afgrond en een grote ketting in zijn handen houdende. Hij is voor een reden gekomen: om satan te grijpen, te binden en hem voor duizend jaar in de afgrond te werpen. Vanwege zijn positie tot Gods Zoon, zal satan worden weg verzegeld voor de gehele duizend jaar dat Christus heersen zal in Zijn aards koninkrijk. Gedurende deze periode zal satan niet in staat zijn om de volken te misleiden (Op.20:3); wat betekend dat hij de wereld op geen enkele wijze meer kan beïnvloeden. Christus zal kunnen regeren in Zijn aardse rijk, zonder enige tegenstand of opstand. Wanneer de duizend jaar voorbij zijn wordt satan bevrijdt en toegestaan om terug te keren op aarde voor een hele korte tijd.

 

 

 Wie zal nog met Christus regeren zoals we in Johannes’ visioen kunnen zien?

 

Nu satan, zijn demonen en alle zondaren die God afgewezen hebben, weg zijn, zal het duizendjarig rij van vrede en rechtvaardigheid gevestigd worden. De soevereine Heerser in dat koninkrijk is natuurlijk de Here Jezus Christus. Maar Christus had ook Zijn heiligen beloofd om met Hem te regeren. (Dan.7:27;Matt.19:28; 1 Kor.6:2; 2 Tim.2:12; Op.2:26; 3:21; 5:10). Deze belofte wordt duidelijk gezien in de rest van Johannes’ visioen. Johannes ziet Gods kinderen (i.e. gelovigen) als herrezen, beloonde en regerende met Christus.

 

 

 Wie zal deel hebben aan de eerste opstanding?

 

Degenen die deel hebben aan de eerste opstanding, zullen degene zijn die geloofd hebben en ware verlossing hebben ontvangen door Jezus Christus. Deze individuen zijn getrouw gebleven, sommigen zelfs tot de dood. Omdat ze bewijs van ware verlossing hebben gegeven, zullen ze ook tot leven komen en met Christus voor duizend jaar regeren. Ze worden als gezegend beschouwd, omdat de “tweede dood geen macht” over hen heeft (20:6). Deze tweede dood is “de poel van vuur”, welke de hel is. Omdat ze Gods kinderen zijn, zullen ze nooit Gods eeuwige toorn onder ogen zien.

 

 

 Wie zal deel hebben aan de tweede opstanding?

 

Degene die deel hebben aan de tweede opstanding, zullen degene zijn die gefaald hebben om in hun leven te geloven in en zich te onderwerpen aan Christus. Deze individuen zullen uit de dood voortgebracht worden om niets anders dan oordeel en veroordeling te treffen. Hun einde zal hetzelfde zijn als die van satan en de rest van Gods vijanden.

 

 

 Wat zal er aan het einde van Christus’ duizendjarige regering op aarde plaatsvinden?

 

Als de duizend jaar om zijn, zal satan vrijgelaten worden uit de afgrond, om de laatste rebellie van de zondaren te leiden. Degene die op aarde zijn en hun zonden blijven liefhebben en Christus afwijzen tijdens Zijn duizendjarig heersen (wat een groot aantal zal zijn), zullen verleid en gelokt worden om satan te volgen in zijn laatste en definitieve rebellie tegen God.

 

 

 Op welke manier zullen de vijanden van God plannen om tegen Hem rebelleren?

 

Als alle opstandelingen zich rond de hoofdvijand satan verzamelen, zal hij hen in een strijd tegen God en Zijn volk leiden. Alle goddelozen zullen de heiligen insluiten, die dan verzameld zijn in de “geliefde stad” van Jeruzalem. Alle heiligen zullen hier verzameld zijn, omdat het een plaats van de Messias’ troon zal zijn en het middelpunt van het duizendjarig rijk.

 

 

 Hoe zal God de rebellie eindigen?

 

Volgens Johannes’ visioen zal er, als de opstandelingen zich verplaatsen voor de aanval, vuur uit de hemel neerdalen en hen verslinden (20:9). Ze zullen snel, direct en volledig uitgeroeid worden, wat vaak de manier is waarop God zondaren oordeelt. Alle strijdkrachten van satan zullen fysiek gedood worden.

 

 

 Hoe zal God tenslotte op het einde met satan afrekenen?

 

Johannes vermeldt ook dat hun slechte leider zijn lot niet zal kunnen ontlopen. “En de duivel, die hen misleidde” zal “in de poel van vuur en zwavel geworpen” worden (20:11). Daar zal hij zich bij de rest van Gods vijanden voegen. Eenmaal naar die vreselijke plaats geleid te zijn, zullen ze “dag en nacht gepijnigd worden” (20:10). Daar zal geen moment van verlichting zijn “in alle eeuwigheid” (20:10); want de hel is een eeuwige plaats van onuitblusbaar vuur.

 

 

 Nadat God de rebellie beëindigt, waar worden de opstandigen onmiddellijk heengebracht?

 

Na getuige geweest te zijn van het eeuwige einde van satan, samen met het inluiden van Christus’ duizendjarig rijk, ontvangt Johannes een visioen van een grote witte troon. De apostel krijgt de Rechter te zien die op Zijn troon van oordeel zit en alle beschuldigden staan voor Hem. Deze Rechter is niemand minder dan de verhoogde Here Jezus Christus. Op deze dag zal elke ongelovige die ooit geleefd heeft, voor Christus moeten staan – de Grote Rechter.

 

 

 Wat zal er in de laatste dagen met de aarde gebeuren?

 

Johannes schrijft dat van de Rechters’ “aangezicht vluchtten de aarde en de hemel weg” en dat “er geen plaats meer voor hen te vinden was” (20:11). Dit is niets anders dan de plotselinge, hevige beëindiging van het universum. Hoewel de aarde herstelt zal zijn tijdens Christus’ duizendjarig rijk, zal hij nog steeds besmet zijn met zonde en daarom onderworpen aan de gevolgen van verval en dood. Vandaar dat hij vernietigd moet worden, aangezien er niets wat bedorven is door zonde toegestaan kan worden om in de eeuwige staat te blijven bestaan. Dit is waarom God een nieuwe hemel en een nieuwe aarde zal maken.

 

 

 Waardoor zullen ongelovigen veroordeeld worden?

 

De boeken die geopend voor de grote witte troon liggen, bevatten de vermelding van iedere gedachte, woord en daad van iedere niet verloste persoon die ooit geleefd heeft. God heeft een perfecte en nauwkeurige vermelding van het leven van iedere persoon. Aangezien Gods rechtvaardigheid een betaling vereist voor elke zonde van iedereen, zal elke persoon die Gods volmaakte heilige standaard niet haalt, geoordeeld worden “overeenkomstig wat in de boeken geschreven stond, naar hun werken” (20:12-13). Terwijl Christus de straf voor gelovigen betaald heeft (en daarmee hen van oordeel bevrijd heeft), zullen ongelovigen, die Christus’ gerechtigheid niet hebben, zelf de straf moeten betalen voor het schenden van Gods wet. Deze straf is eeuwige vernietiging in de hel.

 

 

 Wat zal er uiteindelijk gebeuren met degene wiens naam

niet in het boek des levens geschreven staan?

 

Nadat het boek met de slechte daden van de gevangenen geopend was, werd “nog een ander boek geopend, namelijk het boek des levens” (20:12). Dit boek bevat de namen van al degene die hun “burgerschap … in de hemelen” hebben (Fil.3:20). Zo is het boek des levens een verslag van degene die geloof in Christus hebben  en berouw getoond hebben van hun zonden en zich hebben bekeerd. Degene die weigeren om in deze wereld van hun zonden schuld te bekennen, berouw tonen en God om vergeving te vragen, zullen niet in het boek des levens gevonden worden. Deze individuen zullen schuldig verklaard worden op de dag van het oordeel en zullen in alle eeuwigheid lijden voor hun zonden. Deze straf zal snel uitgevoerd worden, want alle ongelovigen zullen onmiddellijk in de poel van het vuur geworpen worden (i.e., de hel).

 

 

SAMENVATTING

 

In Johannes’ visioen zag hij een engel vanuit de hemel komen die een sleutel en een grote ketting in zijn hand vasthield. De engel nam satan en bond hem vast en wierp hem in de afgrond en deed het op slot. Satan werd daar voor duizend jaar gebonden, zodat hij niemand meer kon misleiden. Johannes zag ook tronen en de zielen van mensen die voor hun geloof onthoofd waren. Deze mannen en vrouwen zullen voor duizend jaar met Christus regeren. Na de duizend jaar zal satan voor een korte tijd bevrijdt worden. Gedurende deze tijd zal satan een opstand tegen God en Gods volk houden. God zal deze opstandelingen verslinden en zal satan in de poel van het vuur werpen. Daarna zag Johannes een grote witte troon waar God met grote, geopende boeken
zat. De doden die voor God stonden, werden vanwege hun daden veroordeeld en als hun namen niet in het boek des levens stonden, werden ze in de poel van het vuur geworpen.

Dit tekstgedeelte dient als een grote waarschuwing voor een ieder die blijft rebelleren tegen God. Degene die falen om hun zonden te belijden, om God om vergeving te vragen en aan Christus te onderwerpen, zullen een hevige straf ondervinden. Daarom zou iedere gelovige bezorgd moeten zijn om te zien of zijn of haar leven blijk geeft van ware verlossing. Terwijl we nog op deze aarde zijn, zouden we een groot verlangen moeten hebben om de reddende genade te brengen aan degene die in ongeloof wandelen en tegen God in opstand komen.

 

 

Chronologie Johannes’ visioen

 

Johannes zit nog steeds op het eiland Patmos. God wil hem daar meer vertellen over wat er in de toekomst gaat gebeuren. Hij geeft Johannes een droom waarin Hij hem meeneemt naar die tijd die nog moet komen. In deze droom ziet Johannes een hele sterke engel uit de hemel neerdalen. Hij heeft een sleutel en een ketting vast. De engel komt om satan gevangen te nemen. Hij neemt satan beet en maakt hem met de ketting vast. Daarna gooit hij satan in een put waar hij zelf niet uit kan. Duizend jaar zal hij in die put moeten blijven. Maar wat ziet Johannes nu? Op de troon in Jeruzalem zit een man die hij heel goed kent. Het is Jezus! Hij zit op een troon. Ziet hij dat goed? Er staan nog heel veel tronen met mensen erop. Het lijken wel allemaal koningen. Dit zijn alle mensen die in Jezus hebben geloofd. Zij mogen nu samen met Hem als koningen regeren over de aarde voor wel duizend jaar.

Tijdens die duizend jaar is bijna iedereen gelukkig want Jezus is de grote Koning. Na de duizend jaar wordt satan weer losgelaten. Hij vlucht vliegensvlug naar de aarde. Heel veel mensen kiezen om met hem te gaan vechten tegen Jezus en Zijn leger. Maar God laat dit niet gebeuren. Wanneer de troepen van satan bijeen komen laat God vuur uit de hemel komen om hen allemaal te doden. Satan wordt nu voorgoed in de hel geworpen. Johannes zijn droom gaat verder. Nu ziet hij een grote witte troon staan met een hele strenge Rechter erop. Voor de troon staan een heleboel mensen. Het zijn alle mensen die niet hebben geloofd in God en niet vertrouwden op Jezus. Ze dachten: “Ik heb Jezus niet nodig, ik zorg wel voor mezelf!” Hier staan ze nu, niemand om hun te helpen. De Grote Rechter, die eigenlijk Jezus is, doet een heel dik boek open.

In dit boek staat alles wat iedereen heeft gedacht, gezegd en gedaan. Een heleboel dingen. De Rechter kijkt naar het boek en wanneer hij één zonde vindt, spreekt Hij daarover de straf uit. Alle mensen voor de troon blijken schuldig te zijn. Niemand staat er zonder zonden. Ze hebben allemaal gezondigd en gedaan wat God slecht vindt. De Rechter schudt met Zijn hoofd en zegt tegen elk van hen: “Je hebt niet gedaan wat Ik wilde, je verdient
straf. Je zult voor eeuwig in de hel blijven en daar gestraft worden omwille van je zonden.” Dit is de meest triestige dag van de geschiedenis, want die dag zullen er heel veel mensen zijn die voorgoed in de hel zullen blijven. Jezus, de Rechter, doet dit niet graag. Maar Hij moet het doen, want bij zonde hoort straf. Daarom geeft Jezus nu nog iedereen de kans om op Hem te vertrouwen. Vraag God vergeving van je zonden en vertrouw erop dat Jezus de straf voor jouw zonden droeg aan het kruis! Haat zonden en vecht ertegen! En vertel ander mensen over Jezus die van hen houdt en voor zonden stierf aan het kruis.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

De Hemelvaartsdag van Jezus

Standaard

categorie : religie

.

.

hemelvaart

.

.

Wat lezen we in de Bijbel over Jezus’ hemelvaart?

.

Lees mee wat Jezus zegt in Johannes 14:2 en 20:17:

In het huis van mijn Vader zijn vele woningen; Ik ga heen om voor u plaats te bereiden… Ik vaar op tot Mijn Vader en tot uw Vader.

en in Mattheus 28:20

En zie, Ik ben met u al de dagen tot de voleinding van de wereld.

Jezus Christus is na zijn opstanding naar de hemel gegaan. Zijn leerlingen hebben er bij gestaan, en het ons verteld in de Bijbel. Maar dat Jezus naar de hemel ging, betekent niet dat wij Hem kwijt zijn. In de hemel blijft Hij aan de aarde denken en van daaruit bestuurt Hij ook de aarde, zelfs als u daar misschien niets van ziet. Alle macht in de hemel en op de aarde is nu aan Hem gegeven. En speciaal blijft Hij nu zorgen voor al Gods kinderen.

Jezus bidt voor mij in de hemel. Als ik struikel in mijn geloof, houdt Hij mij vast. Hij is altijd bij mij. Door zijn Woord, de Bijbel, en door Zijn Geest leidt Hij mij. Tegelijk maakt Hij voor mij een eeuwige plaats in de hemel, waar ik straks mag wonen.

Hij zorgt voor de kerk. Zelfs als zijn volgelingen bespot en vervolgd worden. Ze blijven van Hem getuigen. Hij wil dat er steeds meer mensen komen die in Hem geloven. Dat zijn zondaren net als de anderen. Maar Christus laat ze hun zonden zien en Hij biedt zichzelf aan als Verlosser. Hij nodigt ze tot zich. Hij vergeeft ze hun zonden en helpt ze te strijden tegen het kwade. Dat doet Hij in zijn liefde. Zijn bidden voor ons wordt verhoord door de Vader.

.

Jezus gaat naar de hemel 

.

Veertig dagen waren voorbij gegaan nadat Jezus was opgestaan uit de dood. Zijn vrienden, de discipelen en de vrouwen hadden hem allemaal gezien daarna. En vandaag, 40 dagen na Zijn opstanding, was Jezus weer in Jeruzalem bij de discipelen. Maar ze bleven niet in de stad, ze gingen buiten Jeruzalem, naar de Olijfberg. De discipelen luisterden goed naar Jezus want Hij vertelde hen onderweg weer zoveel mooie dingen. Ze begrepen dat Jezus niet op deze aarde zou blijven, maar weer terug zou gaan naar de hemel.

“Maar”, zei de Here Jezus, “Ik laat jullie niet alleen achter hoor, want ik zal jullie iemand zenden, die altijd bij jullie zal blijven. Hij zal jullie alles duidelijk maken, wat ik je heb verteld. Hij zal altijd bij jullie zijn en jullie leiden en alles leren over God de Vader en Mij. Dat zal De Heilige Geest, de Trooster doen. Jullie zullen nooit alleen zijn, want de Heilige Geest is een deel van God. Zijn Heilige Geest zal in jullie komen wonen”.

Jezus zei dat de apostelen terug moesten gaan naar Jeruzalem en daar moesten wachten op de Heilige Geest, die Jezus hen had beloofd.

“En als de Heilige Geest is gekomen moeten jullie aan iedereen in de hele wereld gaan vertellen dat Ik, Jezus, de Zoon van God ben. Dat ik ben gestorven aan het kruis voor de zonden van alle mensen en dat Ik ben opgestaan en leef! Als de mensen in Mij geloven mag je hen dopen in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest”.


Dat was een opdracht, die Jezus hen gaf

.

Zo kwamen ze op de Olijfberg. De discipelen wisten dat Jezus van hen heen zou gaan, ze wisten dat Hij weer terug zou gaan naar Zijn Vader in de Hemel. Maar ze waren niet verdrietig, want Jezus ging daar in de Hemel een plaats klaar maken voor alle mensen, die in Hem geloven, zodat ook zij later bij Hem mochten komen wonen in de Hemel.

Jezus keek Zijn discipelen nog eenmaal vol liefde aan. Hij strekte Zijn Handen uit en zegende hen. Toen raakten Zijn voeten los van de grond. De discipelen keken vol ontzag toe en zagen hoe een wolk Jezus aan het gezicht onttrok. Zij konden Hem niet meer zien. De wolk droeg Jezus omhoog, steeds hoger tot in de Hemel, waar Hij nu nog steeds woont bij Zijn Vader.

.

.

.

.

Was hij nu voor altijd weg?

.

Plotseling stonden daar twee engelen in blinkend witte kleren bij de discipelen. “Wat staan jullie daar?” spraken de engelen. “Jezus, die jullie zojuist op hebben zien varen naar de Hemel, zal ook weer terug komen. Eens zal Hij terug komen op de wolken en dan zal iedereen Hem mogen zien”.

.

Dat was een blijde boodschap, Jezus zou terugkomen, dat had Hij beloofd.

.

En nog steeds wachten wij op de terugkomst van Jezus. Die dag komt, dat is zeker en dan zal het pas echt feest zijn. Dan komt Jezus ook ons halen en dan mogen we altijd bij Hem zijn. Er zal geen verdriet of pijn meer zijn, niemand zal nog honger hebben en er zal geen oorlog meer worden gevoerd.

.

De hemelvaart van Jezus

.

Na Zijn opstanding uit de dood ontmoet Jezus Zijn discipelen verschillende keren.Na enige tijd (40 dagen) verliet Hij hen. Hij ging niet naar een andere plaats op de aarde maar naar Zijn Vader in de hemel. We lezen in de Bijbel dat Hij van een berg opsteeg naar de hemel. Zijn discipelen waren hier getuige van. Ze bleven net zolang kijken tot Jezus door de wolken voor hun zicht verdwenen was. Waarom ging Jezus eigenlijk weg? Had Hij niet beter kunnen blijven? Als Hij nog op aarde was dan zou Hij zich aan iedereen kunnen laten zien. Toch deed Jezus het op deze manier en dat had alles te maken met de komst van de Heilige Geest.

.

.

de gevolgen van de keuze tussen goed en kwaad

de gevolgen van de keuze tussen goed en kwaad

pasteltekening van John Astria

.

Jezus definitief naar zijn Vader

.

En dan komt het moment dat Jezus definitief naar Zijn Vader in de Hemel gaat. Niet langer verschijnt Hij aan zijn leerlingen. “Terwijl de leerlingen naar boven kijken wordt Hij aan hun zicht onttrokken door een wolk”, staat in het Evangelie.

De hemel, het bij God zijn, is het uiteindelijke doel ook van ons leven. Niet in deze ‘aardse’ tijd, maar na onze dood. Jezus, door de dood heengegaan, heeft een plekje bij God de Vader voor ons bereid. Wij zijn uitgenodigd om daar te komen.

Nu Hij naar de hemel is gegaan heeft Hij voor dit aardse leven de leerlingen destijds, en daarmee ook ons, een Trooster en Helper gegeven. De Heilige Geest, uitgegaan van de Vader en de Zoon, wordt met Pinksteren, de 50ste dag na Pasen, gegeven aan hen die in God geloven en Jezus willen volgen.

.

De betekenis van hemelvaartsdag 

.

De eerste betekenis van de hemelvaart van Christus is, dat zij, voor Christus, maar ook voor ons, een soort beloning is

.

De eerste betekenis: De hemelvaart van Christus, is voor Christus, maar ook voor ons, een soort beloning. Met hemelvaart wordt Christus verhoogd! Christus wordt verhoogd omdat Hij het in zijn leven hier op aarde nooit erg gevonden heeft om klein te worden en zijn eigen leven helemaal op te geven voor God. Hij heeft zich vernederd en is gehoorzaam geworden tot de dood aan het kruis.

Daarom heeft God Hem ook uitermate verhoogd en Hem de naam boven alle naam geschonken. Christus heeft zijn leven helemaal in de dienst van God gestel en een leven geleid, dat precies tegenovergesteld was dan het leven van die mensen, die toentertijd de toren van Babel gingen bouwen. Zo staan wij vaak in het leven, als bouwers van de toren van Babel, om onszelf te verhogen en onszelf aan God gelijk te maken.

Christus bouwde geen eigen toren van aanzien en eer. Het leven van Christus bestond uit het verwijzen naar God de Vader. Zijn leven stelde hij beschikbaar aan God. 

De Schrift zegt op Hemelvaartsdag tegen al deze mensen: “Jullie loon zal groot zijn in het koninkrijk der hemelen!” Jullie hebben niet voor niets geleefd! Er komt een tijd dat ook jullie ooit eens zullen worden verhoogd en geëerd evenals en met Christus. 

.

De tweede betekenis van de hemelvaart van Christus is, dat er iemand bij is die, bij God voor ons pleit

.

De tweede betekenis van de hemelvaart van Christus is dat er iemand is die bij God voor ons pleit.  Je mag Hem dan wel wat vergelijken met een advocaat, die voor ons de verdediging op zich neemt. Paulus zegt dat onder ons mensen niet één rechtvaardig is. Iedereen van ons breekt, met z’n voornemens.

De hemelvaart van Christus wil zeggen dat er iemand bij God is die voor ons pleit. Iemand, die tegen God zegt:  Reken hem niet af, of zijn daden. Accepteert u Hem ook zonder werken der wet. Veroordeelt u Hem niet langer. Maar spreekt u Hem vrij van de situatie waarin hij beland is! Neemt u hem de last van zijn leven af! En geeft u hem weer een nieuwe kans.

Christus staat, als wij dat willen, aan onze kant en neemt het voor ons op. Uiteindelijk zullen we ooit merken dat Christus voor ons instaat.

.

De derde betekenis van de hemelvaart van Christus is, dat de wereld waarin we vandaag leven goed bestuurd wordt

.

De derde en laatste betekenis van hemelvaart ligt in de woorden van Paulus besloten, wanneer hij ergens zegt: “God heeft Christus Jezus uitermate verhoogd, opdat in zijn naam zich alle knie zou buigen van hen, die in de hemel en die op de aarde en die onder de aarde zijn, en alle tong zou belijden: Jezus Christus is Heer!” Het mooiste is nog dat Christus naast God mag plaatsnemen om samen met Hem te regeren over onze aarde.

Dat er geregeerd wordt wil niet zeggen dat wij niets meer zouden hoeven te doen. Wij mensen zijn geroepen om van het Koninkrijk van Christus bewust deel uit te maken. Christus roept een ieder van ons op om zijn bedoelingen en bevelen op te volgen.Christus regeert door zijn Geest die onze harten aanraakt.

Zo zijn wij geroepen deel te nemen aan Christus regering over deze wereld om beelddrager van Hem te zijn en Hem na te volgen. Het leven is meer dan alleen maar chaos, het leven is geborgen in Christus.
.

Met welke titel wordt Jezus aangeduid in de volgende verzen?

.

Mt 2:2 De koning is geboren
Mt 5 :35 Jeruzalem is de stad van de grote Koning
Mt 21:5 Zie uw Koning komt op een ezelsveulen
Mt 27:11 Bent u de Koning der Joden?
Mt 27:37 Deze is Jezus de koning der Joden.
Luc 1:33 Hij zal koning zijn over het huis van Jakob tot in eeuwigheid.
Joh 18:37 Jezus zei: .. Ik ben een koning.

.

Wanneer is het koninkrijk der hemelen gekomen?

.

Mt 3:2 het koninkrijk der hemelen is nabij gekomen
Mt 4:17 Van toen af begon Jezus te prediken: Het koninkrijk der hemelen is nabij
gekomen

.

Waaruit bestond de prediking van Jezus en waarmee ging dat gepaard?

.

Mt 4:23 …. predikte het evangelie van het koninkrijk en genas elke ziekte en elke kwaal
onder het volk.
1 Kor 4:20 Want het koninkrijk van God bestaat niet in woord, maar in kracht.

.

Welke opdrachten gaf Jerzus zijn discipelen? Wat is het verband tussen die opdrachten?

.

Mt 10:7 Als u nu heengaat, predikt aldus: Het koninkrijk der hemelen is nabij gekomen. 8 Geneest zieken, wekt doden op, reinigt melaatsen, drijft demonen uit; u hebt het voor niets ontvangen, geeft het voor niets.
Lukas 9:1 Hij nu riep de twaalf samen en gaf hun kracht en macht over alle demonen en om ziekten te genezen. 2 En Hij zond hen uit om het koninkrijk van God te prediken en de zieken gezond te maken.

.

.

De Heilige Drievuldigheid

Pasteltekening van John Astria

.

Het koninkrijk der hemelen was nabij gekomen. Maar is dat voor iedereen zichtbaar?

.

Mt 13:10 En de discipelen kwamen naar Hem toe en zeiden tot Hem: Waarom spreekt U in gelijkenissen tot hen? 11 Hij nu antwoordde en zei tot hen: Omdat het u is gegeven de verborgenheden van het koninkrijk der hemelen te kennen, maar hun is het niet gegeven.


Markus 9 : 1 En Hij zei tot hen: Voorwaar, Ik zeg u, dat er sommigen zijn van hen die hier staan, die de dood geenszins zullen smaken voordat zij hebben gezien dat het koninkrijk van God is gekomen met kracht.

Lucas 17:20 Toen Hem nu gevraagd werd door de farizeeen: Wanneer komt het
koninkrijk van God? antwoordde Hij hun en zei: Het koninkrijk van God komt niet op waarneembare wijze; 21 en men zal ook niet zeggen: Zie, hier, of: daar. Want zie, het koninkrijk van God is midden onder u.

Lucas 19:11 Toen zij nu dit hoorden, sprak Hij bovendien een gelijkenis uit, omdat Hij dicht bij Jeruzalem was en zij meenden dat het koninkrijk van God onmiddellijk openbaar zou worden.

.

Voor wie is het koninkrijk wel zichtbaar en toegankelijk?

.

Joh 3 : 3 Jezus antwoordde en zei tot hem: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: tenzij iemand opnieuw geboren wordt, kan hij het koninkrijk van God niet zien.

Joh 3 : 5 Jezus antwoordde: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: tenzij iemand geboren wordt uit water en Geest, kan hij het koninkrijk van God niet binnengaan. 6 Wat uit het vlees geboren is, is vlees; en wat uit de Geest geboren is, is geest.

.

Wat kunnen de gelovigen nu al?

.

Heb 6:4  Want wie ooit door het licht beschenen is, geproefd heeft van de hemelse gave en deel gekregen heeft aan de heilige Geest, 5 wie het weldadige woord van God en de kracht van de komende wereld ervaren heeft.

.

Wat zien we nu echter nog niet?

.

Heb 3:8 Doordat hij alles aan hem onderworpen heeft, rest er niets dat niet onder zijn gezag is gesteld. Dat alles aan hem onderworpen is, zien wij echter nu nog niet.

.

Wat is er nodig om ook lichamelijk het koninkrijk te kunnen beërven?

.

1 Kor 15:50  Maar dit zeg ik, broeders, dat vlees en bloed Gods koninkrijk niet kunnen beërven, en de vergankelijkheid beërft de onvergankelijkheid niet.


Rom 14:17  Want het koninkrijk van God is niet eten en drinken, maar rechtvaardigheid, vrede en blijdschap in de Heilige Geest.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

John Astria