Tagarchief: filosofie

Aristoteles, een briljante wetenschapper

Standaard

categorie : beroemde mensen

 

 

 

In de 4e eeuw voor Christus ontpopte de jonge Aristoteles (384-322 voor Christus) zich als de meest getalenteerde student aan de Academie van Plato. Hij liet zich inspireren door de denkbeelden van Plato, maar zag diens filosofie vooral als een uitdaging. Aristoteles was de laatste van de drie grote Griekse denkers, en legde met zijn uitvoerige filosofische overdenkingen een belangrijke basis voor de westerse filosofische traditie.

 

 

aristotlereliefbust

 

 

Aristoteles wordt gezien als een homo universalis. Hij hield zich namelijk bezig met vrijwel alle wetenschappen die destijds beoefend konden worden, van filosofie tot wiskunde en van natuurwetenschappen tot letterkunde. In tegenstelling tot zijn leermeester Plato, die gefascineerd was door abstracte, ‘eeuwige vormen’, had Aristoteles vooral belangstelling voor de concrete, levende natuur. Waar Plato redeneerde vanuit het menselijk verstand, gebruikte Aristoteles de empirische waarneming als uitgangspunt van zijn filosofische project.

 

 

 

Plato versus Aristoteles

 

Plato maakte onderscheid tussen een zintuiglijke werkelijkheid, de wereld zoals wij die ervaren, en een verheven, abstracte wereld van de ‘eeuwige ideeën’. Iedere concrete waarneming vormde volgens hem een afspiegeling van dat wat ‘echt’ bestaat in die ideeënwereld. Volgens Aristoteles bleef Plato daarmee teveel in een mythisch wereldbeeld hangen. Aristoteles was iets nuchterder: voor hem vormde de waarneembare wereld om hem heen gewoon de ‘echte’ werkelijkheid, en werden abstracte ideeën juist op basis van deze wereld gevormd.

 

 

 

Belang van zintuiglijke waarneming

 

Toch maakte hij dankbaar gebruik van Plato’s overpeinzingen. Aristoteles was net als Plato van mening dat bijvoorbeeld de ‘paardheid’ van een paard eeuwig en onveranderlijk is. Maar, zo beweerde hij, zo’n idee kan pas in ons hoofd ontstaan nadat we een aantal paarden hebben gezien. Er bestaan geen aangeboren ideeën: alles wat de mens denkt is gebaseerd op waarneming. Wel bezitten individuen volgens Aristoteles het aangeboren vermogen om te categoriseren. Met het verstand worden zintuiglijke indrukken ondergebracht in groepen en een veelheid aan subgroepen, zoals ‘levend’ en ‘levenloos’, ‘dier’ en ‘mens’, en ‘hond’ en ‘kat’.

 

 

 

Materie en vorm

 

Het belangrijkste onderscheid dat Aristoteles maakte in zijn analyse van natuurverschijnselen is dat tussen materie en vorm. Materie betreft het ‘materiaal’ van een verschijnsel, terwijl de vorm bestaat uit ‘eigenschappen’ ervan. Volgens Aristoteles kon een ding niet worden geïdentificeerd op basis van de materie. Er is altijd sprake van geordende materie: materie, plus nog iets anders: de vorm. Zo verwijst de vorm van bijvoorbeeld een paard naar de verzameling van dingen die een paard kenmerken, zoals hinniken en galopperen. Dat wat voor alle paarden gelijk is, valt onder de vorm, de categorie of soort ‘paard’. Maar natuurlijk is niet ieder paard exact hetzelfde. Onderlinge verschillen en afwijkingen tussen paarden onderling vallen onder de materie. Materie en vorm zijn in onlosmakelijk met elkaar verbonden, zoals lichaam en ziel samen een mens definiëren.

 

 

Geschriften van Aristoteles

 

 

Aristoteles als systeemfilosoof

 

Aristoteles kan worden aangemerkt als een ‘systeemfilosoof’, door de wijze waarop hij alles in termen van categorieën probeerde te beschrijven. Bij zijn indeling van natuurverschijnselen in groepen (bijvoorbeeld levend en levenloos) ging hij uit van wat dingen ‘kunnen’. Zo onderscheidt de mens zich bijvoorbeeld door het vermogen om rationeel te denken. Daarnaast beweerde hij dat alle dingen en verschijnselen een ‘doeloorzaak’ bevatten. Zo regent het bijvoorbeeld niet omdat afgekoelde waterdamp door de zwaartekracht in regendruppels naar beneden valt, maar omdat gewassen water nodig hebben. Alles in de natuur heeft op die manier een ‘levensdoel’. Tegenwoordig wordt dit idee veelal verworpen. Zo wordt niet per se gedacht dat appels aan de boom groeien om door mensen geplukt en opgegeten te worden, zoals Aristoteles wel zou beweren.

 

 

 

Aristoteles’ deugdenethiek

 

De filosofie van Aristoteles kende ook een ethische dimensie. Volgens hem kon de mens alleen een gelukkig leven leiden als alle menselijke vermogens goed worden benut. Volgens zijn deugdenethiek zou ieder mens moeten streven naar eudaimonia: gelukzaligheid. De ‘gulden middenweg’ vormt hierbij de sleutel. Een goed mens is hij die bijvoorbeeld niet laf of roekeloos is, maar moedig. Dit ‘gulden middenweg’-idee is op alles van toepassing. Van evenwicht en matigheid wordt de mens gelukkig en bereikt hij eudaimonia, aldus Aristoteles.

 

 

 

Weerlegging van Herakleitos

 

Reflecterend op Aristoteles filosofische voorgangers, heeft zijn gedachtegoed enkele implicaties. Neem het voorbeeld van de presocraat Herakleitos, die van mening was dat het onmogelijk is om tweemaal in dezelfde rivier te stappen. Omdat een rivier ‘stroomt’ en continu in beweging is, is het immers nog geen twee seconden dezelfde rivier, zo argumenteerde Herakleitos. Aristoteles vond dit onzin. De rivier bestaat immers niet slechts bij de gratie van haar materie, het water. Ondanks dat het water stroomt en de materie dus continu verandert, behoudt de rivier als geheel namelijk zijn vorm. En door het voortbestaan van deze vorm, behoudt de rivier ook zijn ‘identiteit’ als rivier. Daarom is een rivier niet op twee momenten verschillend, en is het prima mogelijk om vaker in dezelfde rivier te stappen.

 

 

Aristoteles’ vrouwbeeld

 

Het onderscheid dat Aristoteles maakte tussen vorm en materie had overigens nogal kwalijke gevolgen voor zijn ‘vrouwbeeld’. Vrouwen zag hij als onvolledige mannen, ze misten iets. Volgens Aristoteles erfden kinderen bovendien alleen mannelijke eigenschappen. In zijn bewoordingen verschaft de ‘passieve en ontvangende’ vrouw die een kind baart slechts de materie, terwijl de ‘actieve en vormende’ man de essentiële vorm voor zijn rekening neemt. In de middeleeuwen droeg dit idee onder meer bij aan de visie op de ‘ondergeschikte’ vrouw. Niettemin bood Aristoteles’ filosofie inzicht in natuurverschijnselen die tot op de dag van vandaag hun waarde bewijzen, en waar de westerse filosofie nog eeuwen op voort kon borduren.

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Thomas van Aquino, de Christelijke Aristoteles

Standaard

categorie : beroemde mensen

.

.

De pogingen van onder meer Augustinus en Anselmus om filosofie en religie nader tot elkaar te brengen, vond vanaf de 12e eeuw navolging in de zogeheten Scholastiek (circa 1200-1350). In deze periode ontstond bovendien een hernieuwde interesse in het werk van Aristoteles. Zo beweerde de 13e-eeuwse theoloog en filosoof Thomas van Aquino dat hij met behulp van Aristoteles het bestaan van God kon aantonen.

.

.

thomas-aquinas

   Thomas van Aquino

.

.

aristoteles

   Aristoteles

.

.

Vanaf het einde van de 12e eeuw werden de eerste Europese universiteiten opgericht. De wetenschapsbeoefening aan deze middeleeuwse onderwijsinstituten wordt wel de ‘scholastische methode’ genoemd. In de 13e eeuw werd deze universitaire leermethode sterk beïnvloed door de filosofie van Aristoteles.

Thomas van Aquino (1225-1274), afkomstig uit het Italiaanse Aquino, was halverwege deze eeuw als docent werkzaam aan de universiteit van Parijs. Hij was degene die er het beste in slaagde een synthese tussen Aristoteles en het christelijke geloof tot stand te brengen.

.

.

Natuurlijke theologische waarheden

.

Aquino was van mening dat er geen tegenstelling bestond tussen de verhalen van de religie en die van de filosofie. Hij was er van overtuigd dat er nu eenmaal sprake was van ‘natuurlijke theologische waarheden’, die met behulp van zowel de Bijbelse openbaring als met het verstand verklaard konden worden.

Eén van deze natuurlijke theologische waarheden was voor hem het bestaan van God. Hoe zag hij voor zich dat we niet alleen in God konden geloven, maar God ook konden ‘verklaren’?

.

.

Aristoteles en de waarneming

.

Thomas van Aquino ontwikkelde allereerst een visie op de mens en wereld die radicaal anders was dan het idee dat Augustinus er in navolging van Plato op na had gehouden. Aquino baseerde zich namelijk op het gedachtegoed van Aristoteles, in wiens filosofie de zintuiglijke waarneming een belangrijke rol vervulde.

Op dit idee bouwde Aquino voort. Hij legde niet de nadruk op introspectie, maar was juist naar buiten gericht: kennis ligt niet ergens opgeslagen in ons hoofd maar halen we uit de dingen die we zien.

.

.

Vergaren van kennis

.

Vervolgens stelde Aquino vast dat de wereld zoals hij die waarnam, puur bestond uit individuele dingen. Hij kon wel een vrouw zien lopen en kolibries zien vliegen, maar het was simpelweg niet zo dat hij ergens de algemene begrippen mens of vogel zag zweven. Op basis van zijn waarneming kon hij echter in zijn hoofd die algemene begrippen construeren en categorisch ordenen.

Dit betrof een proces van abstractie: hij was in staat het algemene begrip ‘dier’ af te leiden uit individuele verschijnselen van schapen, paarden en honden. Ook de menselijke ziel, die volgens Aquino in principe leeg was, werd als het ware gevuld met behulp van de zintuiglijke waarneming.

.

.

Belang van het geloof

.

Aquino was van mening dat we met de wisselwerking tussen waarneming en verstand slechts een deel van de werkelijkheid konden bevatten. Een essentiële aanvulling hierop was het geloof. In religie vond hij de bevestiging en zekerheid van veel dingen die hij grotendeels ook met zijn verstand kon beredeneren.

Filosofie en religie waren als twee ‘indrukken’ die elkaar aanvulden: zoals een dove aan de hand van bliksem kan zien dat het onweert, komt een blinde door het horen van de donder tot dezelfde conclusie. De twee indrukken sluiten elkaar niet uit; de vereniging van beide, zien én horen, maakt de ‘kennis’ juist tot een krachtiger geheel. Zo werkte het volgens Aquino ook met geloof en rede.

.

.

Verklaring voor God’s bestaan

.

Aristoteles beschreef God dan wel niet letterlijk, maar het idee van God kon volgens Aquino gemakkelijk op diens filosofie worden geprojecteerd. Om Gods creatie te zien hoefde Aquino alleen maar om zich heen te kijken: Gods schepping was waarneembaar, maar directe kennis over God was slechts uit de bijbel te halen. Hij verwierp hiermee het ‘ontologisch godsbewijs’ van Anselmus: God is immaterieel, niet waarneembaar, en dus kunnen we geen directe kennis over hem krijgen.

Toch dacht Aquino het bestaan van God op een ‘logisch-empirische’ manier te kunnen verklaren, alleen al aan de hand van verandering: we zien immers dat alles continu verandert. Deze verandering moet wel ergens in gang zijn gezet, en wel door de Onbewogen Beweger, oftewel God. Hetzelfde geldt voor oorzakelijkheid: alles wordt veroorzaakt door iets. Er moet dus ook een ‘Eerste Oorzaak’ zijn.

.

.

.

.

Kritiek op Thomas van Aquino

.

Kortom: als we naar de wereld om ons heen kijken en alle verschijnselen proberen te verklaren, komen we volgens Aquino uiteindelijk onvermijdelijk uit bij die ene conclusie: God bestaat. Op dergelijke gedachtegangen van Aquino is in latere eeuwen wel de nodige kritiek gekomen.

Hoe weten we bijvoorbeeld zo zeker dat veranderingen niet oneindig zijn? Waarom bevinden oorzaken zich niet in een circulaire, herhalende keten? De fout die Aquino maakte in zijn theorie, net als Anselmus dat deed, is dat hij in zijn argumentatie al veronderstelde wat hij wilde bewijzen, namelijk het bestaan van God.

.

.

Spanning geloof en rede

.

In de loop van de 13e eeuw kwam er tegelijkertijd toenemende kritiek op de vele verzoeningspogingen die tussen geloof en rede plaatsvonden. De spanning tussen de heidense leer van Aristoteles en de christelijke leer leidde in 1277 zelfs tot een veroordeling van het werk van Aquino door de bisschop van Parijs. Er gingen veel stemmen op dat beide denktradities simpelweg hun eigen domein moesten hebben. Deze kritiek zou geloof en rede langzaam maar zeker weer uit elkaar drijven.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek de openbaring: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

Thomas van Aquino, de Christelijke Aristoteles

Standaard

categorie : beroemde mensen

.

.

De pogingen van onder meer Augustinus en Anselmus om filosofie en religie nader tot elkaar te brengen, vond vanaf de 12e eeuw navolging in de zogeheten Scholastiek (circa 1200-1350). In deze periode ontstond bovendien een hernieuwde interesse in het werk van Aristoteles. Zo beweerde de 13e-eeuwse theoloog en filosoof Thomas van Aquino dat hij met behulp van Aristoteles het bestaan van God kon aantonen.

.

.

thomas-aquinas

   Thomas van Aquino

.

.

aristoteles

   Aristoteles

.

.

Vanaf het einde van de 12e eeuw werden de eerste Europese universiteiten opgericht. De wetenschapsbeoefening aan deze middeleeuwse onderwijsinstituten wordt wel de ‘scholastische methode’ genoemd. In de 13e eeuw werd deze universitaire leermethode sterk beïnvloed door de filosofie van Aristoteles.

Thomas van Aquino (1225-1274), afkomstig uit het Italiaanse Aquino, was halverwege deze eeuw als docent werkzaam aan de universiteit van Parijs. Hij was degene die er het beste in slaagde een synthese tussen Aristoteles en het christelijke geloof tot stand te brengen.

.

.

Natuurlijke theologische waarheden

.

Aquino was van mening dat er geen tegenstelling bestond tussen de verhalen van de religie en die van de filosofie. Hij was er van overtuigd dat er nu eenmaal sprake was van ‘natuurlijke theologische waarheden’, die met behulp van zowel de Bijbelse openbaring als met het verstand verklaard konden worden.

Eén van deze natuurlijke theologische waarheden was voor hem het bestaan van God. Hoe zag hij voor zich dat we niet alleen in God konden geloven, maar God ook konden ‘verklaren’?

.

.

Aristoteles en de waarneming

.

Thomas van Aquino ontwikkelde allereerst een visie op de mens en wereld die radicaal anders was dan het idee dat Augustinus er in navolging van Plato op na had gehouden. Aquino baseerde zich namelijk op het gedachtegoed van Aristoteles, in wiens filosofie de zintuiglijke waarneming een belangrijke rol vervulde.

Op dit idee bouwde Aquino voort. Hij legde niet de nadruk op introspectie, maar was juist naar buiten gericht: kennis ligt niet ergens opgeslagen in ons hoofd maar halen we uit de dingen die we zien.

.

.

Vergaren van kennis

.

Vervolgens stelde Aquino vast dat de wereld zoals hij die waarnam, puur bestond uit individuele dingen. Hij kon wel een vrouw zien lopen en kolibries zien vliegen, maar het was simpelweg niet zo dat hij ergens de algemene begrippen mens of vogel zag zweven. Op basis van zijn waarneming kon hij echter in zijn hoofd die algemene begrippen construeren en categorisch ordenen.

Dit betrof een proces van abstractie: hij was in staat het algemene begrip ‘dier’ af te leiden uit individuele verschijnselen van schapen, paarden en honden. Ook de menselijke ziel, die volgens Aquino in principe leeg was, werd als het ware gevuld met behulp van de zintuiglijke waarneming.

.

.

Belang van het geloof

.

Aquino was van mening dat we met de wisselwerking tussen waarneming en verstand slechts een deel van de werkelijkheid konden bevatten. Een essentiële aanvulling hierop was het geloof. In religie vond hij de bevestiging en zekerheid van veel dingen die hij grotendeels ook met zijn verstand kon beredeneren.

Filosofie en religie waren als twee ‘indrukken’ die elkaar aanvulden: zoals een dove aan de hand van bliksem kan zien dat het onweert, komt een blinde door het horen van de donder tot dezelfde conclusie. De twee indrukken sluiten elkaar niet uit; de vereniging van beide, zien én horen, maakt de ‘kennis’ juist tot een krachtiger geheel. Zo werkte het volgens Aquino ook met geloof en rede.

.

.

Verklaring voor God’s bestaan

.

Aristoteles beschreef God dan wel niet letterlijk, maar het idee van God kon volgens Aquino gemakkelijk op diens filosofie worden geprojecteerd. Om Gods creatie te zien hoefde Aquino alleen maar om zich heen te kijken: Gods schepping was waarneembaar, maar directe kennis over God was slechts uit de bijbel te halen. Hij verwierp hiermee het ‘ontologisch godsbewijs’ van Anselmus: God is immaterieel, niet waarneembaar, en dus kunnen we geen directe kennis over hem krijgen.

Toch dacht Aquino het bestaan van God op een ‘logisch-empirische’ manier te kunnen verklaren, alleen al aan de hand van verandering: we zien immers dat alles continu verandert. Deze verandering moet wel ergens in gang zijn gezet, en wel door de Onbewogen Beweger, oftewel God. Hetzelfde geldt voor oorzakelijkheid: alles wordt veroorzaakt door iets. Er moet dus ook een ‘Eerste Oorzaak’ zijn.

.

.

.

.

Kritiek op Thomas van Aquino

.

Kortom: als we naar de wereld om ons heen kijken en alle verschijnselen proberen te verklaren, komen we volgens Aquino uiteindelijk onvermijdelijk uit bij die ene conclusie: God bestaat. Op dergelijke gedachtegangen van Aquino is in latere eeuwen wel de nodige kritiek gekomen.

Hoe weten we bijvoorbeeld zo zeker dat veranderingen niet oneindig zijn? Waarom bevinden oorzaken zich niet in een circulaire, herhalende keten? De fout die Aquino maakte in zijn theorie, net als Anselmus dat deed, is dat hij in zijn argumentatie al veronderstelde wat hij wilde bewijzen, namelijk het bestaan van God.

.

.

Spanning geloof en rede

.

In de loop van de 13e eeuw kwam er tegelijkertijd toenemende kritiek op de vele verzoeningspogingen die tussen geloof en rede plaatsvonden. De spanning tussen de heidense leer van Aristoteles en de christelijke leer leidde in 1277 zelfs tot een veroordeling van het werk van Aquino door de bisschop van Parijs. Er gingen veel stemmen op dat beide denktradities simpelweg hun eigen domein moesten hebben. Deze kritiek zou geloof en rede langzaam maar zeker weer uit elkaar drijven.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek de openbaring: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

De vier yoga paden

Standaard

categorie : yoga en meditatie

.

.

Voor de integrale ontwikkeling van lichaam, geest en ziel, wordt een combinatie van de volgende vier belangrijkste praktijken aangeraden:

.

Karma Yoga

.

Is het pad van actief handelen en past bij mensen met een actief temperament. Het uitvoeren van onzelfzuchtige handelingen – zonder te denken aan het succes of beloning – zuivert het hart en vermindert het ego. Karma Yoga is de beste manier om jezelf voor te bereiden op stille meditatie.

.

.

Learn2

.

.

Bhakti Yoga

.

Is de yoga van toewijding en is perfect voor mensen die emotioneel van aard zijn. Door middel van gebed, aanbidding en ritueel, komt men tot inzicht dat het Goddelijke de belichaming is van liefde. Het zingen van mantra’s is een essentieel onderdeel van Bhakti Yoga.

.

.

Bhakti-Yoga

.

.

.Jnana Yoga

.

.De yoga van de wijsheid of kennis is het meest geschikt is voor intellectuele mensen. De filosofie van Vedanta leert analytisch zelfonderzoek in de eigen ware aard, met als doel de erkenning van Het Allerhoogste Zelf in zichzelf en in alle wezens.

.

.

Jnana-Yoga

.

.

Raja Yoga

.

Is de wetenschap van het beheersen van lichaam en geest. De asana’s (lichaamshoudingen) en pranayama (ademhalingsoefeningen) uit Hatha Yoga zijn een integraal onderdeel van dit yoga pad. De belangrijkste beoefening van Raja Yoga is stille meditatie, waarbij lichamelijke en geestelijke energie geleidelijk omgezet worden in spirituele energie.

.

.

rajayoga1_409

.

.

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

.

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

De titels van Satan

Standaard

categorie : religie

.

.

DE WARE- EN DE VALSE DRIEVULDIGHEID

Pasteltekening van  John Astria

.

Titel 1 : Overste / heerser van deze wereld

.

Satans 1e titel is heerser van deze wereld. Het Griekse woord voor overste is ‘archon’. De Grieken wisten hun mening precies uit te drukken en waar zij het woord ‘archon’ gebruiken, ligt de nadruk op het feit dat satan de wereld in een ijzeren greep houdt. Letterlijk betekent het een politieke leider en zo wijst het er met een kracht op dat satan grote invloed heeft op de politieke systemen op onze aarde.


De Here Jezus noemt satan ook de heerser van deze wereld: ‘…nu wordt de heerser van deze wereld van zijn troon gestoten’…’want de h
eerser van deze wereld is op komst’…’het oordeel luidt dat de heerser van deze wereld is veroordeeld.’ (Johannes 12: 31, 14: 30 en 16: 11).

.

.

666 en de reïncarnatie van satan in de antichrist

Pasteltekening van John Astria

.

Titel 2 : Overste van de macht der lucht / hoofd van onzichtbare machten

.

Satans 2e titel is hoofd van onzichtbare machten. ‘Ook u was dood door dwalingen en zonden. U richtte u naar deze slechte wereld en liet u verleiden door het hoofd van de onzichtbare machten, door de geest die nu werkt in hen die zich tegen God verzetten.’ (Efeziërs 2: 1 en 2). Wanneer je aan onzichtbare machten denkt of aan macht der lucht, dan denk je aan dynamische krachten, die de gedachten van mensen en het handelen van mensen beïnvloeden en vorm geven.


De ouderwetse macht der lucht is niets anders dan gedachtensfeer of atmosfeer. Ik zeg wel eens: “de atmosfeer in de kamer is drukkend.” Ik bedoel ermee te zeggen dat de kamer niet alleen gevuld is met mensen, de kamer is gevuld naast mensen, door machten.


Als de vorst der lucht beheerst satan de gedachten van het wereldsysteem. Hij heeft het begrip hersenspoeling bedacht ver voor dat de mens dat bij zijn krijgsgevangene toepaste. Satan smokkelt zijn bedrog binnen via bijvoorbeeld de massamedia en filosofie. Hij gebruikt veel waarheden om zijn leugens te maskeren.

.

.

De antichrist of de valse profeet

Pasteltekening van John Astria

.

Titel 3 : De God van deze eeuw

.

Satans 3e titel is god van deze eeuw. Ik meldde al dat de overleden hogepriester en oprichter van de satanskerk, Anton LaVey, zei dat dit de satanische eeuw is! 

In het Grieks is eeuw ‘aion’ en dat betekent vaak de gedachte die in een bepaalde tijdperk voorop staat. Satan verandert telkens de zaken die ‘in’ zijn. Wie dan gelooft dat hij iets bereikt heeft, merkt dat het alweer tot het verleden behoort. Satan voert het tempo zo hoog op dat de wereld het wereldsysteem niet meer kan bijhouden.

.

Het gevolg is dan ook dat mensen in psychische nood verkeren

.

Zeg nou zelf: sinds 1844 (de Industriële Revolutie) tot heden is slechts 154 jaar overheen gegaan. Kijk nou naar de automatisering; het is niet meer bij te houden. Wanneer mijn man ‘bij wil blijven’ moet hij minimaal 1 keer per jaar zijn computer inruilen voor een nog geavanceerdere uitvoering. Je ziet toch dat steeds meer mensen een burn-out-syndroom hebben, wat in de vorige eeuw nog niet eens bestond.

De “god van deze eeuw” houdt van religie en verblindt de geest van de mens zodat wij de waarheid niet meer eigen zijn. Hij is de god voor degenen die Jezus Christus niet volgen. Wie een ‘eredienst’ houdt wat niet voor Jezus Christus bedoeld is, wordt uiteindelijk door Satan bedrogen. Ook mensen die God zoeken, kunnen door hem bedrogen worden.


Misleide mensen zullen zich uiteindelijk van God bewust worden, want Romeinen 1: 18- 20 zegt: “we zien duidelijk, dat God vanuit de Hemel alle goddeloze en slechte mensen straft die door hun slechte leven de waarheid over Hem in de weg staan. Ze kunnen weten wat er over Hem te weten valt; Hij heeft het hun Zelf duidelijk gemaakt. Want sinds Hij de wereld heeft geschapen, kunnen ze met hun verstand Zijn onzichtbare eigenschappen uit de schepping opmaken; zijn eeuwige macht en Zijn God-zijn.”

Wanneer je met heel je hart God wilt kennen, dan zal God Hemel en aarde bewegen om je het licht te geven, zodat jij de kennis krijgt die je in staat stelt om je aan Gods genade over te geven. God heeft gezegd: “wie Mij met hart en ziel zoekt, zal Mij vinden. Ik beloof, dat Ik me zal laten vinden.” (Jeremia 29: 13). Satan kan zulke mensen niet verblinden, maar wel hen die het licht van God kregen hebben, maar het verwerpen. Wie Christus niet volgt, volgt bewust of onbewust de Satan.


2 Korintiërs 4: 3 en 4 zegt: “Als er dan toch nog een sluier ligt over het evangelie dat we verkondigen, is dat alleen het geval voor hen, die verloren gaan. Zij geloven niet omdat de god van deze wereld hun geest heeft verblind. Daardoor kunnen zij de lichtstralen niet opvangen van het evangelie dat handelt over de glorie van Christus, het beeld van God.”

.

.

Michaël verslaat Satan

Pasteltekening van John Astria

.

.

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

Wat is Hatha Yoga?

Standaard

categorie : yoga en meditatie

.

.

Het woord Yoga is afgeleid van het woord Yog, dat in het Sanskriet verenigen/verbinden betekent. Het vertegenwoordigt ‘het verenigen van de de lagere menselijke natuur met de hogere’, of het ‘verbond met het Zelf’

.

‘Wie zijn bewustzijn, intellect en ego beheerst en één is met de geest die in hem schuilt vindt voldoening en innerlijke zaligheid die verder gaat dan de zintuigen en beredenering kunnen verklaren : ’ Bhagavad Gita ‘.

.

hatha-yoga-art-expression

.

Het doel van het leven moet gezocht worden in het diepste van de ziel, door middel van ervaringen, hoop, geloof, een vredevolle geest en spirituele wijsheid. De grote wijsheden hebben vele methodes ontwikkeld, zodat elk mens de mogelijkheid heeft om de betekenis van het leven te vinden en begrijpen door zijn eigen fysieke en mentale capaciteiten.  Op alle wegen van Yoga leren de mens discipline en zelfcontrole. Ook al lijken de verschillende Yogawegen anders, de essentie blijft hetzelfde: Zelfrealisatie.

.

Er zijn vier soorten mensen op deze wereld: de intellectuele, de actieve, de emotionele en de bezinnende.

.

Degenen die intellectueel zijn volgen de weg van Jnana Yoga, de weg van wijsheid en scherpzinnigheid.

Degenen die actief zijn volgen de weg van Karma Yoga, de weg van actie en onbaatzuchtige dienstbaarheid.

Degenen die emotioneel zijn volgen het pad van Bhakti Yoga, de weg van devotie en liefde, waar de persoonlijkheid opgelost en het individu één wordt met het Hogere.

Degene die de meeste waarde hechten aan bezinning zullen de weg van Raja Yoga( “de Koninklijke weg”) volgen, de manier die is ontworpen om de geest de controleren en te overmeesteren door mentale concentratie.

.

.

Een tak van Raja Yoga is Hatha Yoga dat de Yogi voorbereidt op de hogere niveaus van Raja Yoga.

.

.

20 Hatha Yoga oefeningen

.

De Arhanta Yoga volgt de rijke traditie en filosofie van Swami Sivananda en Sri Vivekananda en vereist een samenvoeging van de verschillende wegen van Yoga. Swami Sivananda herkende dat ieder mens beschikt over intellect, hart, lichaam en geest en adviseert daarom dat iedereen bepaalde technieken uit elke weg moet beoefenen. Rekening houdend met de individuele aard en voorkeur kan iemand een bepaalde weg van Yoga benadrukken.

.

Hatha yoga

.

Hatha-yoga (हठ haṭha, योग yoga) is een tak van yoga die bestaat uit een systeem van oefeningen om beheersing te verkrijgen over de geest en vooral het lichaam. In het Westen is het vooral deze vorm van yoga die bekendheid heeft gekregen, waardoor men vaak hatha-yoga bedoelt, wanneer men van yoga spreekt.

Hatha-yoga is een fysieke yogavariant die voor het grootste deel bestaat uit de beoefening van lichaamshoudingen (asana’s) en ademhalingstechnieken (pranayama). Hatha-yoga bestaat voornamelijk uit niet-bewegende asana’s. Meditatie is voor veel yogi’s een belangrijke afronding om de eenheid van lichaam en geest te voelen.

In andere fysieke vormen van yoga worden de asana’s niet statisch maar juist bewegend uitgevoerd, vaak door verschillende asana’s in series  achter elkaar uit te voeren. Hatha-yoga kent eveneens enkele series, waarvan de Zonnegroet de bekendste is.

.

.

de zonnegroet

.

In het Westen is hatha-yoga vooral een populair middel om te onthaasten of stress te verminderen. Daarnaast wordt aan de technieken ook een gunstig effect toegeschreven op het zenuwstelsel, de klieren en andere belangrijke organen en treedt er in het algemeen een versoepeling van het lichaam op. Het doel van hatha-yoga is in het Westen is daarom vooral het bevorderen van de gezondheid en het welbevinden.

.

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Kan een gelovige zondigen?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

907pic

 

 

 

 

Is de gelovige in staat te zondigen?

 

Om Johannes te kunnen begrijpen, moeten we weten wat hij met zijn brief wil zeggen. Hij heeft het over een opvatting die uit de Griekse filosofie dreigt in te sluipen. Volgens die opvatting zijn lichaam en geest volledig gescheiden; alleen de geest heeft dan waarde, en alleen de dingen van de geest kunnen daarom goed of slecht zijn. Wat je met je lichaam doet, zou geen ‘zonde’ zijn, want het lichaam is, volgens die opvatting, voor onze goddelijke bestemming van geen enkel belang.

Zonde bestaat dan alleen maar in de geest, en met het lichaam zouden we kunnen doen wat we maar willen. Johannes verzet zich fel tegen deze onbijbelse opvatting. De moeilijkheid zit voor ons in het feit dat hij met zondigen twee verschillende dingen bedoelt.

Aan de ene kant de zonde die de ware volgeling van Christus probeert na te laten, maar waarin hij toch telkens weer vervalt, omdat hij nu eenmaal nog niet de volmaaktheid heeft bereikt. Geen enkele gelovige is volledig vrij van zulke zonde.

Aan de andere kant zijn er de daden van deze dwaalleraars, duidelijk in strijd met de leer van Christus, waarvan zij echter betogen dat je die zonder bezwaar kunt doen, omdat dat toch geen zonde is. De ware christen onthoudt zich volledig van zulke daden (zulke zonde). Wie bewust zulke zonde doet (ook al ziet hij die zelf niet als zonde), is geen volgeling van Christus.

 

 

Gevolg van de keuze tussen goed en kwaad

Gevolg van de keuze tussen goed en kwaad

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

Over die eerste vorm van zonde, die uit zwakheid, zegt Paulus:

 

“Wat ik doe, doorzie ik niet, want ik doe niet wat ik wil, ik doe juist wat ik haat. Ik wil het goede wel, maar het goede doen kan ik niet. Wat ik verlang te doen, het goede, laat ik na; wat ik wil vermijden, het kwade, dat doe ik.” (Romeinen 7:15-19)

Met zijn geest (verstand) weet hij wat hij als christen zou moeten doen, maar zijn natuurlijke neiging is anders, en dat brengt hem er toch telkens weer toe dingen te doen die verkeerd zijn. Weliswaar wil hij dat eigenlijk niet, maar – zoals Jezus zelf zei – ‘de geest is wel gewillig, maar het lichaam is zwak’ (Matteüs 26:41).

Let op dat hij dat niet verontschuldigt, als iets dat alleen maar van het lichaam is en dat daarom dus geen zonde zou zijn. Integendeel, Paulus wijst dit volledig aan als zonde, en roept vol wanhoop uit:

Ik, ellendig mens! Wie zal mij verlossen uit dit lichaam van de dood?”

 

Maar in de volgende zin geeft hij zelf de oplossing:

“God zij gedankt: door Jezus Christus, onze Heer!” (vs 24-25).

 

Over deze zonde, begaan uit zwakheid, zegt ook Johannes:

“Als we zeggen dat we de zonde niet hebben, misleiden we onszelf en is de waarheid niet in ons. Belijden we zulke zonden, dan zal hij, die trouw en rechtvaardig is, ons die zonden vergeven en ons reinigen van alle kwaad.” (1 Johannes 1:8-9)

 

 

 

Maar over die andere gedachte, dat wij geen zonde hebben, omdat wij met ons lichaam niet zouden kunnen zondigen, zegt hij:

 

“Als we zeggen dat we nooit gezondigd hebben, maken we Hem [God] tot een leugenaar en is zijn woord niet in ons.” (vs 10)

En hij gaat nog een stap verder. Wie dingen doet die God heeft verboden, en die de Schrift zonde noemt, is een goddeloze. Het begrip dat hij in feite gebruikt is wetteloos. Maar met wetteloos bedoelt de Schift alles wat tegen Gods Wet in gaat, en het woord is dus synoniem met goddeloos:

“Ieder die bewust zondigt overtreedt Gods wet, want zondigen is Gods wet overtreden.” (1 Johannes 3:4)

 

Hij vat dat samen met:

“Ieder die in hem blijft, zondigt niet (= niet bewust)”, maar “ieder die (bewust) zondigt, heeft hem nooit gezien en kent hem niet.” (vs 6).

 

En vervolgens trekt hij dan de conclusie: Het kan niet zo zijn dat wie uit God is geboren, tegelijkertijd willens en wetens bezig is dingen te doen die God heeft verboden. Dat is logisch gesproken onmogelijk! Vrij vertaald schrijft hij:

“Wie werkelijk uit God is wedergeboren, doet niet willens en wetens dingen die de Schrift aanduidt als zonde; want hij heeft het zaad van het evangelie (dat in zijn hart is gezaaid) blijvend in zich en hij kan dus onmogelijk tegelijkertijd bezig zijn met zulke dingen, want hij is wedergeboren.” (vs 9)

 

Hij heeft het dus niet over een fysieke onmogelijkheid om zonde te doen, maar over de logische onmogelijkheid om willens en wetens dingen te doen waarvan hij kan weten dat ze zonde zijn. Wie dat toch doet is niet werkelijk wedergeboren.

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

mijne kop a4

Simon de Beauvoir, een wereldberoemde schrijfster

Standaard

categorie : beroemde mensen 

 

 

 

De meest middelmatige mannen voelen zich halfgoden in vergelijking met vrouwen’ , aldus Simone de Beauvoir. Toen ze veertien jaar oud was stond ze bekend als atheïst in haar gelovige, bourgeoisie familie. Niemand kon toen vermoeden dat Simone de Beauvoir een wereldberoemd schrijfster zou worden, wiens werk de basis werd voor de tweede feministische golf. De Beauvoir werd geboren op 9 januari 1908 in Parijs.

 

 

 

 

De familie van Simone de Beauvoir was afkomstig uit de bourgeoisie, maar raakte tijdens de Eerste Wereldoorlog bijna al hun geld kwijt. Om toch de schone schijn van welvarendheid op te houden stond Francoise de Beauvoir erop dat haar dochters Simone en Hélène naar een privéschool gingen. In haar vroege jeugd was De Beauvoir een vroom meisje en wilde ze zelfs non worden. Naar eigen zeggen maakte ze op 14-jarige leeftijd echter een geloofscrisis mee, waarna ze atheïst werd.

 

 

Sorbonne en Jean-Paul Sartre

 

Op de privéschool werd duidelijk dat De Beauvoir erg intelligent was. Haar vader stimuleerde haar intellectuele capaciteiten en ze ging na de middelbare school wiskunde, literatuurwetenschap en filosofie studeren aan de prestigieuze Sorbonne universiteit in Parijs.

Dit was ook een noodzaak, omdat het gezin De Beauvoir inmiddels nog sterker verarmd was. De Beauvoir moest dus doorleren, om later in haar eigen onderhoud te kunnen voorzien.  Ze studeerde af in 1928 en begon aan een lerarenopleiding. Hier ontmoette ze de man die haar levensgezel zou worden, Jean-Paul Sartre.

Sartre vroeg De Beauvoir in 1929 ten huwelijk. Ze had echter geen bruidsschat en het stel besloot een andere verbintenis te sluiten, een pact, waarbij ze allebei hun zelfstandigheid zouden bewaren en ook seksuele relaties zouden mogen aangaan met anderen.

 

 

Jean Paul Sartre

 

 

 

Marseille, WO II en eerste publicatie

 

In 1929, op 21-jarige leeftijd, rondde De Beauvoir de lerarenopleiding af, waarna ze een aanstelling als docent op een school in Marseille aannam. Hier ontwikkelde ze haar schrijfkunst, mede omdat ze zo ver verwijderd was van haar grote liefde Sartre. Volgens De Beauvoir ontstond literatuur namelijk uit een staat van ongelukkig zijn. In 1938 rondde ze haar eerste boek, L’Invitée af. Het werd echter pas in 1943 uitgegeven.

De Beauvoir, inmiddels diep ongelukkig omdat Sartre naar het front was gestuurd, werd in dat jaar ontslagen omdat ze een 17-jarige leerling verleid zou hebben. De oorlog, haar ontslag en de vermeende affaires van Sartre leidden ertoe dat De Beauvoir in de oorlogsjaren meerdere boeken schreef. Haar bekendste werk kwam echter pas uit in 1949.

 

 

 

De Tweede Sekse

 

Le deuxième sexe uit 1949 was het eerste echt feministische boek van De Beauvoir. Hierin legde ze uit dat in haar ogen de wereld gedomineerd wordt door mannen, die vrouwen domineren wanneer ze hun mannelijkheid bedreigd zien. Vrouwen zouden passieve objecten zijn terwijl mannen handelende subjecten zijn. De belangrijkste uitspraak uit het boek was dat iemand volgens De Beauvoir niet als vrouw geboren wordt, maar er één wordt.

Dit maakte haar een existentialistisch schrijfster, want de existentialistische stroming stelt de individuele vrijheid en verantwoordelijkheid voorop. Zoals Sartre het verwoorde, ‘bestaan gaat vooraf aan zijn’. Hij behoorde dan ook tot de existentialisten.

Le deuxième sexe sloeg in als een bom en werd door voorvechters van vrouwenrechten van de tweede feministische golf bijna als Bijbel vereerd. In de jaren ’70 werd de Beauvoir zelf ook actief in deze beweging in Frankrijk omdat het volgens haar een schande was dat sinds de invoering van het kiesrecht er niets wezenlijks meer was verbeterd in de positie van vrouwen.

 

 

 

Latere leven

 

Simone de Beauvoir schreef behalve De Tweede Sekse nog vele andere boeken, zoals Les Belles images (1966), La Femme rompue (1967), Quand prime le spirituel (1979) en een vierdelige biografie waarin ze zich afzette tegen het middenstandsleven van haar ouders. Na de dood van Sartre in 1980 ging het, ondanks de problemen die hun relatie had gekend, echter bergafwaarts met De Beauvoir. Haar reputatie werd echter steeds beter en groter en ze werd als dé feministe van de 20e eeuw gezien. Simone de Beauvoir stierf op 14 april 1986 in Parijs.

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Socrates ; grondlegger van de filosofie

Standaard

categorie : beroemde mensen

 

 

 

“Ik weet maar één ding en dat is dat ik niets weet.” Hij wordt gezien als één van de grondleggers van de westerse filosofie. Hij denkt veel na over ethische kwesties en uit felle kritiek op de Atheense maatschappij. De Atheense leiders zien hem als een gevaar en dwingen hem om zelfmoord te plegen. Socrates werd vermoedelijk geboren op 4 juni 470 voor Christus.

 

 

Portrait Herm of

 

 

Er zijn weinig details over Socrates beschreven. In de meeste werken over hem ontbreken jaartallen. Het leven van Socrates is dus deels een mysterie, en alles wat over hem is geschreven komt van zijn vrienden en volgelingen. Socrates werd geboren in Athene als de zoon van steenhouwer Sophroniscus en zijn vrouw Phaenarete. Hij trouwde op late leeftijd met Xanthippe, een meisje naar verluidt 40 jaar jonger was dan hij. Samen kregen ze drie zoons, Lamprocles, Sophroniscus en Menexenus.

Aanvankelijk nam Socrates het beroep van zijn vader over, maar hij ging al snel in het Atheense leger dienen waarin hij vocht tijdens de Peloponnesische oorlogen (431 v.C.-404 v.C.). Socrates filosofeerde over het leven maar vooral over goedheid en gerechtigheid. Hij probeerde probleemstellingen te beantwoorden door ze af te breken tot een reeks vragen. Het was zijn gewoonte om alles in twijfel te trekken.

Toen een andere filosoof tegen Socrates zei dat hij twijfelde aan een theorie van hem, antwoordde Socrates: “Ik weet dat je me niet gelooft, maar het beste dat een mens kan doen is te twijfelen aan zichzelf en anderen.” De bekendste filosofische uitspraak van Socrates was dan ook: “Ik weet maar één ding en dat is dat ik niets weet.” Hij had een grote schare aan leerlingen en volgelingen. Onder hen was ook Plato, die zelf eveneens een belangrijk filosoof zou worden.

Socrates onderwees zijn leerlingen over zijn filosofische visie en haalde zich daarbij de woede van de Atheense bovenklasse op de hals. Socrates was een uitgesproken atheïst en hij deelde zijn denkbeelden met veel van de Atheense jongeren. Al snel was de maat vol voor veel Atheners. Socrates werd aangeklaagd voor het corrumperen van de Atheense jeugd en voor ongelovigheid. Hij werd veroordeeld tot de dood. Socrates dronk een mengsel van de giftige plant conium, waaraan hij in 399 voor Christus overleed.

 

 

Conium maculatum - Köhler–s Medizinal-Pflanzen-191.jpg       conium ; gevlekte scheerling

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

  Waarom de Openbaring lezen ?

 

Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus.‘’

Openbaring 1 : 3 > ‘’gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij.‘’

Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt: ‘’ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt.‘’

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA