Tagarchief: wetenschap

De Bijbelse Oudheidkunde

Standaard

categorie : religie

 

 

.

De Bijbelse Oudheidkunde is de wetenschap die een beschrijving geeft van het leven op het terrein van de bijzondere Godsopenbaring (zoals overgeleverd in de Bijbel) , met zijn verschillende toestanden, instellingen, zeden en gewoonten.

 

 

oude Bijbelse geschriften, de dode zee-rollen

oude Bijbelse geschriften, de dode zee-rollen

 

.

 

Inleiding

.

Nut

 

Voor een goed begrip van de Bijbel, in het bijzonder van de Bijbelse Geschiedenis, is het nodig om enigszins bekend te zijn met de Bijbelse Oudheidkunde.

.

 

Stof

 

De naam Israëlitische Oudheidkunde moet als te beperkt worden verworpen. Pas na de uitleiding uit Egypte treden de nakomelingen van Abraham, Izaäk en Jakob in de geschiedenis op als het volk Israël. Bij de Sinaï heeft God hen geformeerd tot een volk, en aangenomen tot Zijn volk, dat tot op Christus’ komst drager van Zijn bijzondere openbaring zijn zou. Aangezien echter de bijzondere openbaring niet eerst toen, maar al direct na de zondeval begonnen is, moet de Oudheidkunde ook van hen, die van Adam af met deze openbaring werden bedeeld, het leven en de leefvormen beschrijven, althans voor zover dit mogelijk is.

.

 

Gegevens

 

Wat de tijden vóór Mozes aangaat, staan ons niet veel gegevens ter beschikking. Aan het tijdperk van Adam tot Abraham worden in de Schrift slechts enkele bladzijden gewijd. Wel valt er meer te beschrijven over het tijdperk van Abraham tot Mozes, maar kan er zeker geen volledige beschrijving van de Oudheidkunde in dit tijdvak gege-ven worden. En het weinige, dat meegedeeld word, geeft wel enig inzicht in het godsdienstig leven, maar biedt heel weinig gegevens over het burgerlijk-maatschappelijk leven.

.

 

Indeling

 

Wat de indeling van de voorhanden stof betreft, verdient het de voorkeur, om eerst het godsdienstig leven, en vervolgens het persoonlijk en huiselijk, het maatschappelijk en staatkundig leven te beschrijven. Als bezwaar wordt hiertegen ingebracht, dat het natuurlijke eerst is, daarna het geestelijke, en dat de bijzondere openbaring altijd begint met in het natuurlijk leven in te gaan. Dit bezwaar is niet helemaal ongegrond. Het kan niet worden ontkend, dat de goddelijke instellingen en gebruiken het natuurlijk leven veronderstellen en zich daarbij aansluiten.

Anderzijds mag echter niet worden voorbijgezien, dat juist op het terrein van de bijzondere openbaring heel het leven door de dienst van God wordt beheerst en gedragen. Het is, om een voorbeeld te noemen, de roeping van en de belofte aan Abraham, die de levensgang van de aartsvaders bepaalt. Met name bij Israël is het burgerlijk-maatschappelijk leven niet los te denken van het godsdienstige leven. Heel de nationale ontwikkeling van Israël hangt ten nauwste samen met zijn verkiezing en bestemming tot volk van God.

.

 

oude gebouwen uit de tijd van koning David

oude gebouwen uit de tijd van koning David

 

.

 

Het godsdienstig leven vóór Mozes

.

Terstond na de geschiedenis van de zondeval (Gen. 3 : 1) lezen we van het offer, door Kaïn en Abel gebracht (Gen. 4 : 1). In het algemeen heeft het offer ten doel, de gemeenschap met God te zoeken, door Hem een stoffelijke ga-ve aan te bieden. Vóór de val wijdde de mens zichzelf met al het zijne de Heere toe. Maar door de zonde werd de gemeenschap met God verbroken. Toen heeft God Zelf de gevallen mens opgezocht, hem de belofte geschonken van het vrouwenzaad, (Gen. 3 : 15).

Kaïn en Abel zijn de eersten, van wie wij lezen, dat zij hebben geofferd, kennelijk met het doel, Gods gemeen-schap te zoeken, een blijk van Zijn gunst te ontvangen, door Hem met welgevallen te worden aangezien. Een andere onderscheiding dan die tussen bloedige en onbloedige offers, (Gen. 4 : 3 en 4) werd blijkbaar nog niet gemaakt.

Uit het feit, dat er vóór Abraham alleen van brandoffers sprake is, niet van zonde- en schuldoffers, mag niet wor-den afgeleid, dat de behoefte aan verzoening niet werd gekend. Pas bij Noach lezen we van een altaar, (Gen. 8 : 20) waaruit echter niet volgt, dat er vóór de zondvloed niet op een altaar zou zijn geofferd. In de dagen van Seth, na de geboorte van Enos (Gen. 4 : 26) “begon men de Naam van de Heere aan te roepen”, d.w.z. er werd een begin gemaakt met de openbare godsdienstoefening. Op geregelde tijden kwam men samen tot gemeenschap-pelijke verering en offerande.

.

 

Altaren

 

Van de aartsvaders Abraham, Izaäk en Jakob, weten wij, dat zij op de plaats waar de Heere hun verscheen, of waar zij zich voor enige tijd dachten te vestigen, altaren bouwden, om God hun offers te brengen en daar in het gebed tot Hem te naderen, (Gen. 12 : 7 – 13 : 4 – 21 : 33 – 26 : 25). Deze altaren waren hoogten, gebouwd van ongehou-wen stenen of van graszoden, en stonden in de open lucht of onder de schaduw van een boom. Het offer werd gebracht door de huisvader. Een speciaal ingesteld priesterschap kent de patriarchale tijd niet.

 

.

Besnijdenis

 

Aan Abraham werd reeds als een blijvende instelling de besnijdenis bevolen. Op zijn 99 ste jaar sprak de Heere tot hem: Dit is Mijn verbond, dat gijlieden houden zult tussen Mij en tussen u, en tussen uw zaad na u: dat al wat mannelijk is, u besneden worde” (Gen. 17 : 10). Deze besnijdenis, die op de achtste dag moest plaatshebben, was dus een teken en een zegel van het verbond, dat tot inhoud had: “u te zijn tot een God en uw zaad na u” (Rom. 4 : 11). De wegsnijding van de voorhuid, dat in de regel door de huisvader met een stenen en later met een stalen mes gedaan werd, was een zegel van de wegneming van “de voorhuid des harten” en van “de besnijdenis des harten”, dat is van het zondige hart, de vleselijke natuur, waaruit de zonden voortkomen.

Ook ingeborene en gekochte slaven, alsook inwonende vreemdelingen, waren aan het bevel van de besnijdenis onderworpen (Gen. 17 : 12 en 13). Lang vóór Abraham werd al bij de Egyptenaren en andere volken uit de oud-heid de besnijdenis toegepast als een soort van gezondheidsmaatregel, en dan niet voor elke man uit het volk, maar alleen voor de priesters, terwijl van een besnijdenis van kinderen nooit sprake was. De moslims voltrekken ze, ook nu nog, pas op hun 13e jaar (Gen. 17 : 25).

Zoals God niet pas tijdens Noach de regenboog in het aanzijn riep, maar die voortaan stelde tot een teken van Zijn verbond, zo sloot Hij, toen Hij aan Abraham de besnijdenis gaf, Zich aan bij een reeds onder andere volken bestaand gebruik, maar bepaalde daarvoor wel een geheel nieuwe manier van bediening, en gaf daaraan ook een geheel nieuwe, geestelijke betekenis.

.

 

Eed zweren

 

Bij de aartsvaders lezen we voor het eerst van het eed zweren. Toen God aan Abraham de belofte van het verbond gaf, zwoer Hij bij Zichzelf, dat Hij bij niemand die meerder was, had te zweren (Gen. 22 : 16 tot 26) en (Hebr. 6 : 13). Abraham liet zijn knecht zweren bij de Heere, de God des hemels en der aarde (Gen. 24 : 2 en 3). Jakob zwoer bij de vreze van zijn vader Izaäk: (Gen. 31 : 53)  “dat is, bij God, Die zijn vader Izaäk met grote eerbied en godvruchtigheid diende”. Bij het zweren werd de hand opgeheven tot de hemel (Gen. 14 : 22) of gelegd onder de heup van hem, die de eed vroeg (Gen. 24 : 2 tot 9 – 47 : 29)  (Gen. 21 : 23 – 24 : 31 – 25 : 33 – 26 : 31 – 47 : 31 – 50 : 25).

.

 

Zegening

 

Ook de patriarchale zegening was een godsdienstige handeling. Hierbij traden de aartsvaders op als profeten, wat onder meer hieruit blijkt, dat zij de zegening niet gaven aan de kinderen, voor wie zij een zekere voorliefde had-den (Gen. 27 : 27 en 39 en 49 – 48 : 14). Abraham heeft Izaäk niet gezegend; dat Izaäk de erfgenaam van de be-lofte zou zijn, was boven alle twijfel verheven. De zegening van Izaäk moest echter het onderscheid tussen Jakob en Ezau, de zegening van Jakob het onderscheid tussen Juda en zijn andere zonen openbaren en in de historie vaststellen.

.

 

Afgoderij

 

Hoewel de aartsvaders zich zelf vrij hielden van alle afgoderij, sloop deze nochtans hun tenten binnen. Rachel stal de terafim van haar vader (Gen. 31 : 19) en Jakob moest, vóór hij zijn gelofte te Bethel kon vervullen, de vreemde goden en de (waarschijnlijk als amuletten gedragen) oorsierselen van zijn huisgenoten wegdoen (Gen. 35 : 2).

 

 

Aanbidding van de Mammon, de geldgod

 

Pasteltekening van John astria

.

 

Egyptische invloed

 

Van het godsdienstig leven van de kinderen Israëls tijdens hun verblijf in Egypte wordt in de Schrift weinig mee-gedeeld. De godvruchtigen hebben stellig geleefd bij de beloften, aan de vaderen gedaan, en de hoop vastge-houden op het toekomstig bezit van Kanaän (Ex. 4 : 29 tot 31). Dat de sabbat in ere werd gehouden, kan als zeker worden aangenomen; uit het feit, dat er op de sabbat geen manna viel, blijkt dat hij door Israël vóór de wetge-ving al werd gevierd (Ex. 16 : 23 tot 30). In Egypte werden de afgoden door velen gediend (Lev.17 : 7) (Ez. 20 : 7 tot 9). In de latere geschiedenis komt telkens uit, hoezeer de zeden en gewoonten van de Egyptenaren invloed op de Israëlieten hebben uitgeoefend. Zeer waarschijnlijk heeft de herinnering aan de stierdienst in Egypte geleid tot het maken van het gouden kalf bij de Sinaï  (Ex : 32).

 

 

Byzantijnse kerk met mogelijk het graf van Zacharia

Byzantijnse kerk met mogelijk het graf van Zacharia

 

.

 

Het godsdienstig leven bij het volk Israël

.

Uit kracht van het verbond met Abraham waren de kinderen Israëls ten allen tijde een afgezonderd geslacht. Daarom noemt de Heere hen, in opdracht aan Mozes, “Mijn volk”(Ex. 3 : 7 en 10). Voor het eerst bij de Sinaï echter worden ze daadwerkelijk geformeerd tot een volk, en gaat de belofte in vervulling: “Ik zal ulieden tot Mijn volk aannemen en Ik zal u tot een God zijn”(Ex. 6 : 6). Uit kracht van de genadige betrekking, waarin God Zich tot Israël stelt, in onderscheiding van andere volken, geeft Hij het volk Zijn wetten en inzettingen, die alle rusten op de Wet, nl. de Wet van de tien geboden (Ex 20 en Deut 5).

God, Die heilig is, had Israël verkoren om een heilig volk te zijn en zich Hem geheel en al toe te wijden. Israël was dat, wanneer het in- en uitwendig, in geloof en levenswandel, zich gedroeg overeenkomstig de wetten, welke God bij de Sinaï gaf. Deze heiligheid, waartoe Israël geroepen was, sloot niet alleen de zedelijke heiligheid in, die in de wet van de tien geboden, maar ook de ceremoniële heiligheid, die in de schaduwachtige wetten wordt ge-vraagd. Deze laatste, die in Christus en Zijn gemeente hun vervulling verkrijgen, bevatten wat door God was bepaald omtrent:

  • plaatsen van de offerdienst (tabernakel, tempel),
  • voor de dienst van God uitverkoren personen (levieten, priesters),
  • bepaalde godsdienstige handelingen (offeren, reinigen, besnijden, geloften doen, bidden en zegenen, verbannen, wijden eerstgeborenen, eerstelingen en tienden, zalven, gewijde zang en muziek) en
  • bijzondere tijden (dagelijks offers, sabbat, maandsabbat, sabbatsjaar, jubeljaar, feesttijden, verzoendag).

 

.

Israël, het volk van God

Israël, het volk van God

 

 

.

3d-gouden-pijl-5271528

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

.

 

John Astria

John Astria

Advertenties

De celestijnse belofte ; 2de inzicht

Standaard

categorie : reiki en de aura

 

 

.

De celestijnse belofte is een boek  van James Redfield. Op een eenvoudige manier en in een pakkende verhaallijn weet hij de basis van energiewerk zoals reiki uit te leggen. Als je het verhaal eraf haalt blijft een zeer overzichtelijke opbouw over hoe energie zich laat opbouwen en hoe je hiermee kunt werken. Het geheel beslaat 11 inzichten.

 

.

slide_29

 

 

1 – toeval
2 – kerk en wetenschap
3 – energiegericht denken
4 – de strijd om energie
5 – ontvankelijk worden voor de universele energie
6 – karakterstructuren
7 – transformatie
8 – intuïtie
9 – de toekomst
10 – het reïncarnatieproces
11 – alles is energie

 

Alle inzichten moet je begrijpen, maar ook voelen en ervaren. Het is geen theoretisch aanneembaar stuk, het moet echt gevoelsmatig binnenkomen. De verdere inzichten kan je pas ten volle begrijpen als je de voorgaande inzichten begrijpt, voelt en ervaart.

 

.

 

2e inzicht – kerk en wetenschap

.

Als we kijken naar deze geschiedenis, dan moeten we terug naar de middeleeuwse kerk. Deze kerk was de samenvoeging van spiritualiteit, macht, wetenschap en de rechtelijke macht. Dit gaf de mens duidelijkheid. Er werd verteld dat er een opperwezen was die voor iedereen zorgde en dat was genoeg wetenschap voor de burger.

Maar de combinatie spiritualiteit en wetenschap werd hoe langer hoe meer een onhoudbare combinatie. De Kerk had namelijk statements over de aarde als middelpunt van het heelal die wetenschappelijk onhoudbaar waren.

Aan het begin van de renaissance ontstond er een langzame splitsing tussen kerk en wetenschap met dien verstande dat deze wetenschap geen onderzoek zou doen naar de relatie tussen mens en God, engelen, wonderen, paranormale verschijnselen en andere aspecten die als domein van de godsdienst en dus de kerk golden.

De vroege wetenschap ging zich zodoende toeleggen op de materiële wereld. De ontdekkingen kwamen snel en werden toegelegd op natuurkunde, scheikunde, wiskunde en andere abstracte deelgebieden. Nieuwe technologieën werden gevonden en energiebronnen ontdekt. De industriële revolutie kwam op gang en de mens werd in kaart gebracht en kon beter gemaakt worden door medicijnen.

De kerk moest geleidelijk inboeten en de oude afspraak tussen kerk en wetenschap begon scheuren te vertonen. Vooral de medische wetenschap had hier een sterke invloed op. De mens raakte zijn zekerheid in zijn herkomst en zijn ware aard kwijt en kreeg daar een wetenschappelijke zekerheid voor terug. De spiritualiteit van de kerk is teruggebracht tot een eenmalig zondagse bijeenkomst wat binnen de christelijke kringen meer een moeten dan een willen is.

 

 

wetenschappelijke (on)zekerheid

.

Deze wetenschappelijke zekerheid werd geleidelijk obsessief. Het weten werd, en is nu nog steeds, belangrijker dan het voelen. Alles moet bewijsbaar en meetbaar en herhaalbaar zijn. Dezelfde wetenschap, die eerst voor een nieuwe zekerheid zorgde, was midden de  20e eeuw tevens de bron van een grote onzekerheid.

De natuurkunde (Einstein) kwam terug op eerdere uitspraken dat  het universum materialistisch is. Er waren bewijzen en ideeën van ingewikkelde energievelden en -patronen, tijd en ruimte waren niet meer lineair, en eenzelfde elementair deeltje kon op 2 plaatsen tegelijk zijn.

Tegelijkertijd werden atoomwapens uitgevonden en begon de wapenwedloop. Ook kwamen de eerste berichten dat de industriële revolutie ook zijn nadelen had op mens en milieu. De zekerheid die de mens eerst bij de kerk had en later bij de wetenschap bleek een schijnwerkelijkheid.

 

 

.

terugkeer naar het spirituele

.

Deze schijnwerkelijkheid resulteerde dat de mens opnieuw op zoek ging naar een nieuwe werkelijkheid. De ervaring leerde dat deze niet gevonden kon worden in de dogmatische kerk en ook niet in de wetenschap. En zo ontstond er in de jaren ’60 en ’70 van de 20e eeuw een variatie van stromingen welke ‘new-age’ en ‘alternatief’ genoemd werd.

Het accent dat bij het 1e inzicht genoemd werd “kritische massa” is ook hier van belang. Pas als een bepaalde groepsgrootte met spiritualiteit bezig is zal het kunnen evalueren. Het 2e inzicht legt dus de nadruk op de terugkeer naar het spirituele. Dat kunnen we nu ook plaatsen omdat de toevalligheden uit het 1e inzicht geen toevalligheden meer zijn maar intuïties die lessen herbergen.

Nu we ons open stellen voor deze intuïtie en ook kennis hebben dat we ons niet kunnen vertrouwen op datgene  wat anderen beweren (kerk, dogma’s en wetenschap) moeten we wel in onszelf gaan zoeken naar de antwoorden.

Dit klinkt logisch, maar is moeilijk. We zijn enorm gebonden aan fundamentele overtuigingen, verwachtingspatronen, structuren, rationele argumentatie, weten in plaats van voelen, regels en orde. Vanuit dat besef leven en handelen we voornamelijk en dit blokkeert de intuïtie. Het loslaten van deze blokkades is het werkterrein van het 2e inzicht.

 

 

aandachtspunten bij het 2e inzicht

.

wat ik graag wil veranderen is…
ik zou graag meer…
ik blijf maar denken aan…
over een jaar zou ik graag…
ik zou het heerlijk vinden als ik…
waarom zie ik het dan niet ?

 

 

.

 

voorpagina openbaring a4

 

.

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

God en de wetenschap.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

Bewijst de wetenschap dat God bestaat?

Of toont ze aan dat God een illusie is?

 

De seculiere media en het onderwijs zetten alle zeilen bij om de massa te laten geloven dat er geen bewijs is voor het bestaan van God. Ze projecteren het denkbeeld in onze gedachten dat wetenschap en God haaks op elkaar staan. Niets is echter minder waar. De wetenschap levert heel wat overtuigende bewijzen voor het bestaan van God. Het is zelfs zo dat wetenschap en geloof in God nauw met elkaar verweven zijn.

Diverse grondleggers van de moderne wetenschap verrichtten hun onderzoekingen vanuit een liefde voor God en een verlangen om zijn grootheid te onderscheiden in hetgeen Hij gemaakt heeft. Ook vandaag zijn duizenden wetenschappers overtuigde gelovigen, die ervaren dat God hen stimuleert om betere wetenschap te bedrijven. Zoals Albert Einstein zei:

.

‘Wetenschap zonder religie is lam. Religie zonder wetenschap is blind.’

.

Kan de wetenschappelijke methode God bewijzen?

.

Is het mogelijk om op louter wetenschappelijke wijze aan te tonen dat God bestaat? Wetenschappelijke bewijzen worden verkregen door de zogenaamde ‘wetenschappelijke methode’ te hanteren. Volgens de Oxford English Dictionary bestaat de wetenschappelijke methode uit systematische waarneming, meting en experiment, en het formulerentoetsen en aanpassen van hypothesen.’

 

 

De wetenschappelijke methode zet dus de volgende stappen:

.

1) WAARNEMING

2) METING

3) EXPERIMENT

4) FORMULERING

5) TOETSEN

6) AANPASSING

.

 

Kan deze wetenschappelijke methode ook toegepast

worden om na te gaan

of God bestaat of niet?

.

De logica vertelt ons dat, indien God bestaat, Hij de krachtigste realiteit moet zijn die er is. God is dan immers degene die het hele universum geschapen heeft. Het spreekt voor zich dat het niet moeilijk zou moeten zijn om bewijzen te vinden voor de krachtigste realiteit die er is.

 

 

Complexe systemen vereisen externe intelligentie

.

Het hoofdkenmerk van God is dat hij de schepper is van het onzichtbare, het universum en van alle levende organismen. Wat we moeten begrijpen, is dat elk levend organisme bestaat uit vele complexe systemen. Bijvoorbeeld onze ogen, ons brein, verteringssysteem, zenuwstelsel, bloedsomloop, huid, longen, nieren, enzovoort.

Het menselijk lichaam bestaat uit duizenden complexe systemen die perfect functioneren. En niet alleen werken ze individueel, ze vormen tevens een verbijsterend complexe en volmaakte samenhang met elkaar.

 

 

wetenschappelijk bewijs God natuur systemen

 

 

Om te weten of er wel of niet een schepper bestaat, moeten we wetenschappelijk antwoord krijgen op deze vraag: kunnen complexe, functionerende systemen ontstaan ZONDER de invloed van externe intelligentie? Of bewijst de wetenschap dat een complex functionerend systeem altijd een externe intelligentie VEREIST? Om hierop antwoord te krijgen, zullen we de wetenschappelijke methode toepassen.

.

WAARNEMING toont ons dat een complex functionerend systeem nooit ontstaat zonder de hulp van externe intelligentie. Bij elk nieuw systeem dat de mens wil ontwikkelen, is er een grote dosis intelligentie nodig om dat systeem te ontwikkelen. Nooit zal een perfect werkend, complex systeem door toevallige factoren tot stand komen. Duizenden jaren van waarneming door het menselijk ras, bevestigen deze onweerlegbare realiteit.

.

METING brengt aan het licht dat deze externe intelligentie vereist is bij elke fase van het bouwproces van een complex functionerend systeem. Zonder de voortdurende sturing van de externe intelligentie wordt de opbouw van een functionerend systeem onderbroken en teniet gedaan.

.

EXPERIMENTEN hebben alle hetzelfde resultaat: geen enkel complex functionerend systeem komt ooit tot stand zonder de voortdurende sturing van externe intelligentie.

.

We FORMULEREN daarom de hypothese dat geen enkel complex functionerend systeem ooit tot stand komt zonder de ononderbroken sturing, van begin tot einde, van externe intelligentie. De externe intelligentie moet zich het systeem inbeelden, de verschillende elementen verzamelen om het systeem op te bouwen; deze elementen moeten precies de juiste afmetingen en het juiste gewicht hebben en van het juiste materiaal zijn, en dan moeten ze in elkaar worden gepast om het systeem te doen functioneren.

.

We kunnen onze experimenten zo vaak AANPASSEN als we willen om te zien of het resultaat anders is. Maar duizenden jaren ervaring tonen ons dat voor het creëren van complex functionerende systemen er steeds een externe intelligentie vereist is. Nooit heeft een experiment, hoe het ook werd aangepast, aangetoond dat complexe en goed functionerende systemen door toeval en zonder intelligentie tot stand kunnen komen.

 

 

We nemen ook waar dat, hoe complexer een systeem is,

des te meer externe intelligentie

er vereist is om het tot stand te brengen.

 

 

wetenschappelijk bewijs God bestaat intelligentie

 

 

Een klein kind heeft voldoende intelligentie om een speelgoedwagen te bouwen dat voorwaarts beweegt wanneer hij het duwt. Maar het kan geen echte wagen bouwen met een motor en elektronische circuits. Daarvoor is er meer intelligentie nodig. Dus waarneming, meting, experiment en testen tonen aan dat een hoger niveau van complexiteit in een functionerend systeem meer intelligentie vereist om het te bouwen.

Mensen hebben voldoende intelligentie om levenloze machines te maken, zoals horloges, computers, auto’s enzovoort. Deze machines voeren verschillende taken uit. Maar ze zijn beperkt. Ze kunnen zichzelf bijvoorbeeld niet reproduceren, ze kunnen niet groeien, zichzelf niet herstellen, enzovoort. Zulke functies hebben systemen nodig met een complexiteit die een intelligentie vereist die de menselijke capaciteit overstijgt.

De natuur bestaat uit miljoenen complex functionerende systemen die niet alleen kunnen zien, horen, communiceren, rennen, vliegen of zwemmen – ze kunnen zich ook herstellen in geval van beschadiging, ze kunnen groeien, zich vermenigvuldigen, enzovoort. Wederom: deze functies vereisen meer intelligentie dan de menselijke geest bezit.

.

 

Het toepassen van de wetenschappelijke methode

om het bestaan van God te bewijzen,

levert twee onmiskenbare feiten op:

.

– Omdat we waarnemen dat geen complex functionerend systeem ooit tot stand komt zonder de voortdurende sturing van externe intelligentie, moet er een externe intelligentie zijn die de schepping heeft veroorzaakt van de ontelbare complexe functionerende systemen in de natuur.

– Omdat het niveau van complexiteit van de functionerende systemen in de natuur de vermogens van de mens om ze te creëren overstijgt, is de vereiste externe intelligentie voor de schepping van de natuur van een veel hogere orde.

 

.

Is er wetenschappelijk bewijs voor evolutie?

 

Kan de wetenschappelijke methode worden toegepast om evolutie te bewijzen? Evolutie is de hartslag van atheïsme. Het is het ultieme wapen van diegenen die het bestaan van God ontkennen: de wetenschap bewijst evolutie, dus is er geen God nodig.‘ Is het waar dat wetenschap evolutie bewijst? Om dit te ontdekken is het belangrijk het volgende te begrijpen:

.

De kern van evolutie is een welbepaald soort mutaties 

die nieuwe, functionele genetische informatie toevoegen.

.

Eenvoudige organismen met erg weinig genetische informatie evolueerden zogezegd tot een menigte van complexe organismen met extreem grote hoeveelheden genetische informatie.Deze gigantische transformatie gebeurde, volgens de evolutietheorie, via een welbepaald soort mutaties: mutaties die splinternieuwe functionele informatie toevoegen aan de genetische code van de organismen.

Dat is evolutie. Het toevoegen van verbluffende hoeveelheden totaal nieuwe en bruikbare informatie. Dankzij dit soort mutaties zijn alle levende organismen tot stand gekomen uit één oorspronkelijke levende cel. Hou de draad even vast en lees dit:

.

 Dit soort mutaties werden nog nooit, waar dan ook

op onze planeet, waargenomen. 

 

 

wetenschappelijk bewijs God mutaties evolutie

 

 

Er zijn vele soorten mutaties, maar allemaal zullen ze ofwel de genetische informatie wijzigen ofwel informatie verwijderen. Mutaties die splinternieuwe bruikbare genetische informatie toevoegen en zo een organisme doen transformeren in een volledig ander organisme, werden nooit waargenomen in onze wereld.

.

 Honderden jaren van wetenschappelijk onderzoek hebben

nooit één enkele mutatie getoond die nieuwe,

bruikbare genetische informatie toevoegt. 

.

Volgens de evolutietheorie echter zouden dat soort mutaties het meest prominente fenomeen moeten zijn op deze planeet, omdat de honderden miljoenen verscheiden soorten planten, dieren, insecten enz. zogezegd gecreëerd werden door dat soort mutaties.

Alhoewel veel wetenschappers verklaren dat de wetenschap evolutie heeft bewezen, toont de waarheid het tegenovergestelde. Ware wetenschap bewijst dat evolutie een illusie is. Evolutie wetenschappers kunnen komen met zo gezegde bewijzen voor evolutie, maar al wat ze hebben is materiaal dat ze hebben geïnterpreteerd volgens een onbewezen theorie die in sterk contrast staat tegenover de werkelijkheid. Wanner het fundament verkeerd is, is alles wat erop werd gebouwd verkeerd.

.

.

Conclusie: wetenschap bewijst God en ontkracht evolutie.

.

Dit zal voor velen die dit lezen een behoorlijke schok zijn, maar het is de werkelijkheid die wij allen moeten erkennen:

.

1) De wetenschap bewijst het bestaan van God

2) De wetenschap toont aan dat de evolutietheorie fout is

 

Nochtans geloven de meeste mensen dat geloof in God onwetenschappelijk is en geloof in evolutie wetenschappelijk. Hoe is dat mogelijk? Door manipulatie, indoctrinatie en intimidatie van de massa. Niet alles wat we op school en door de media leren is waarheid… Veel van wat er in het brein van de massa wordt gepompt, wordt achter de schermen bestuurd, gedreven door een agenda die de wereld seculier wil maken.

Vele atheïsten beweren dat ze promotors zijn van het vrije denken, maar in werkelijkheid sluiten ze de geest van de mensen voor het vrije denken. Ze creëren de illusie dat wetenschap God overbodig maakt, terwijl het omgekeerde waar is: wetenschap maakt God onvermijdelijk.

 

.

Meer wetenschappelijk bewijs voor God

 

 

wetenschappelijk bewijs God meer bewijsmateriaal-

 

 

Een andere definitie van de wetenschappelijke methode is ‘een verzameling van technieken voor het onderzoeken van fenomenen, het verschaffen van nieuwe kennis, of het corrigeren en de integratie van vorige kennis.’ Eenvoudig gezegd: wetenschap is het waarnemen van realiteiten en trachten die te begrijpen.

.

Wanneer we deze definitie van wetenschap toepassen

om onderzoek te doen naar het bestaan van God,

vinden we nog meer wetenschappelijk bewijs voor God.

.

De wereld en het universum zijn vervuld met waarneembare realiteiten die wetenschappers leiden tot de conclusie dat hun oorsprong zich buiten de natuurlijke wereld bevindt. Dat is de reden waarom wetenschappers als Albert Einstein en Isaac Newton met overtuiging geloofden dat wetenschap naar God wijst (lees verder in dit artikel meer over hun geloof).

 

 

Wetenschap bevestigt wonderen

.

Wanneer we deze wetenschappelijke methode toepassen op bijvoorbeeld het fenomeen van genezingswonderen die over de hele wereld plaatsvinden, en we deze onderzoeken, verkrijgen we nieuwe informatie, namelijk dat er een bovennatuurlijke kracht bestaat die meer genezingsmogelijkheden heeft dan de geneeskundige artsen. Daarom is het geen verassing dat veel artsen met overtuiging geloven in God die de zieken geneest.

Genezingswonderen zijn een reëel fenomeen over de hele wereld. Eerlijke wetenschap zal haar ogen niet sluiten voor deze werkelijkheid, maar haar onderzoeken en zich nieuwe kennis verschaffen, wat leidt tot het corrigeren van voorgaande kennis. Dat is wat dit netwerk van christelijke artsen doet. De uitkomst van hun wetenschappelijk onderzoek is dat er inderdaad een bovennatuurlijke kracht is die actief is wanneer christenen bidden voor de zieken, met de volledige genezing van de fysieke gesteldheid als gevolg.

.

Atheïstische artsen ontkennen deze werkelijkheden gewoonweg,

wat natuurlijk geen wetenschappelijke benadering is.

.

Wetenschap is immers niet je ogen sluiten voor fenomenen, maar ze onderzoeken om zo nieuwe kennis te verkrijgen, die je vervolgens kan integreren in je huidige kennis. Dus, wanneer een wetenschapper gewillig is te kijken naar verschillende genezingswonderen, en daarbij waarneemt dat die genezingen het gevolg zijn van een bovennatuurlijke kracht, dan is dit ook een wetenschappelijk bewijs voor God.

Genezingswonderen kunnen over de hele wereld worden waargenomen. Ze kunnen gemeten worden om te zien of er inderdaad een genezing plaatsvond zonder natuurlijke middelen. En dit kan steeds opnieuw worden herhaald.

Het resultaat van dit wetenschappelijk onderzoek is dat genezingswonderen echt zijn, wat bewijst dat wanneer christenen tot God bidden voor een genezing en die genezing gebeurt, we kunnen besluiten dat wetenschap het bestaan van God bewijst. Dat is een eerlijke toepassing van wetenschap.

.

Wanneer wetenschappers daarentegen de ogen sluiten

voor realiteiten die vanzelfsprekend zijn,

zijn ze niet waardig nog langer wetenschappers te worden genoemd.

.

Want dan doen ze het tegenovergestelde van wetenschap: in plaats van gewillig te zijn onderzoek te doen naar fenomenen en kennis te verschaffen, ontkennen ze die en weigeren ze iets nieuws te leren.

 

.

Beroemde wetenschappers die geloofden dat

er wetenschappelijk bewijs is voor God

 

Veel van de meest briljante pioniers van de moderne wetenschap geloofden in God. Hier vind je een kleine selectie uit de duizenden wetenschappers doorheen de geschiedenis, die overtuigd waren dat er meer bewijs is dat naar het bestaan van God verwijst, dan er is om atheïsme te onderschrijven.

 

 

wetenschappelijk bewijs God isaac newton

 

 

Sir Isaac Newton (1642-1727) bijvoorbeeld, wordt wereldwijd erkend als één van de meest invloedrijke wetenschappers van alle tijden. Hij ontdekte de zwaartekracht en de wetten van de bewegingsleer die het fundament vormen van het merendeel van de moderne fysica. Newton was sterk overtuigd dat de natuur ons overweldigend veel bewijs verschaft voor het bestaan van God.

‘Dit allermooiste systeem van zon, planeten en kometen kan alleen voortkomen uit de raad en heerschappij van een intelligent wezen. En als de vaste sterren het centrum zijn van andere soortgelijke systemen, dat moeten deze, gevormd als ze zijn naar dezelfde raad, alle onderworpen zijn aan de heerschappij van Eén. Dit Wezen bestuurt alle dingen, niet als de ziel van de wereld, maar als Heer over alles.’

Referentie: The General Scholium online, trans. Andrew Motte, 1729

.

 

wetenschappelijk bewijs God albert einstein

 

 

Albert Einstein (1879–1955) wordt beschouwd als de meest invloedrijke wetenschapper van de twintigste eeuw. Einstein heeft revoluties veroorzaakt in het wetenschappelijke begrip van tijd, zwaartekracht en het omzetten van materie in energie. In 1921 won hij de Nobelprijs voor Natuurkunde. Hij was zo intelligent, dat het woord ‘Einstein’ synoniem werd met ‘genie’.

 

Einstein was ervan overtuigd dat er wetenschappelijk bewijs is voor God. Hij zei dat ‘God zichzelf openbaart in de harmonie van wat bestaat.’

 

In een persoonlijke brief aan zesdejaars studente Phyllis Wright, schreef Einstein:

‘Iedereen die op een ernstige manier betrokken is in het nastreven van wetenschap wordt ervan overtuigd dat er een geest is achter de wetten van het universum – een geest die heel erg superieur is ten opzicht van de mens, en in wiens aangezicht wij ons, met onze kleine vermogens nederig moeten voelen.’

Referentie: ‘Dear Professor Einstein: Albert Einstein’s Letters to and from Children’, Uitgegeven door Alice Calaprice, pagina 127-129, Prometheus Books, Amherst, New York, 2002.

Alhoewel Einstein zich nooit verbond tot een bepaalde religie en geen persoonlijke relatie met God zocht, verlangde hij ernaar te weten te komen hoe God het universum schiep, zoals hij schreef in een brief:

‘Ik wil weten hoe God deze wereld schiep. Ik ben niet geïnteresseerd in dit of dat fenomeen, in het spectrum van dit of dat element. Ik wil Zijn gedachten kennen; de rest zijn details.’

Referentie: ‘The life and Times of Einstein’, Ronald W Clarck, pagina 18-19, The World Publishing Company, New York, 1971.

.

wetenschappelijk bewijs God max planck

 

 

Max Planck (1858-1947) was één van de belangrijkste Duitse natuurkundigen van de late 19de en vroege 20ste eeuw. Hij ontwikkelde de quantum theorie, die een revolutie veroorzaakte in het wetenschappelijke begrip van de atomische en sub-atomische werelden. Hij won de Nobelprijs Natuurkunde in 1918. Hij maakte vele andere bijdragen aan de natuurkunde. In 1937 hield Planck een lezing met de titel “Religion and Naturwissenschaft” waarin hij zei dat God alomtegenwoordig is. Hij sprak vaak over God, en zei:

‘Religie en wetenschap hebben beide een geloof in God nodig. Voor gelovigen staat God aan het begin, en voor de natuurkundigen staat God aan het einde van alle beschouwingen… Voor de eerste groep is Hij het fundament, voor de laatste groep, de bekroning van het bouwwerk van elke algemene wereldbeschouwing.’

Referentie: Scientific Autobiography and Other Papers as translated by F. Gaynor (1949), p. 184

 

 

Doorbreek de indoctrinatie

 

We leven in zogenaamde vrije landen, waar iedereen ervan overtuigd is dat we geloven wat we willen geloven. De realiteit is echter dat de meesten slechts geloven wat het seculiere onderwijs en de media hen hebben opgedrongen.

 

scientific proof of god indoctrination

 

 

Zonder het te beseffen zijn we geïndoctrineerd door seculier onderwijs en media.

Bekende atheïsten zoals Richard Dawkins houden ervan om te verklaren dat elk mens ‘zelf moet nadenken’. Maar als je aandachtig luistert, dan is de boodschap van Dawkins in feite:

‘Je wordt slechts beschouwd als een intelligent mens, als je het bestaan van God ontkent. Als je het waagt het bestaan van God te overwegen, zal ik je het stempel geven van achterlijk, onwetenschappelijk en religieus.’

Dat is uiteraard geen vrijheid van denken, maar intimidatie die het denken van vele miljoenen sluit voor ware wetenschap en gezond, eerlijk en nuchter nadenken. Dat soort indoctrinatie is momenteel dominant in de westerse beschaving. De grote massa wordt gemanipuleerd om te geloven wat een kleine groep machthebbers wil dat men gelooft.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 John Astria

John Astria

Is de Koolstofdatering een feit of fictie?

Standaard

categorie : religie

 

Is de Koolstofdatering een feit of fictie?

 

 

Koolstofdatering: Feit of fictie?

 

De koolstofdatering datering wordt al tientallen jaren gebruikt om de leeftijd van allerlei materialen en organismen vast te stellen. De methode staat echter ter discussie. Waarom is dat zo en is dat terecht?

 

 

Aannames

 

De koolstofdatering is controversieel. Dat is niet onterecht want er worden vele aannames gedaan in de theorie. Hoewel de theorie in de basis aannemelijk is, is de uitwerking daarvan dat niet. Er worden te veel aannames gedaan. Welke aannames zijn dat?

 

 

1. De aarde is miljarden jaren oud

 

Dit is vastgesteld door radiometrische dateringsmethoden (zoals de koolstofdatering dat ook is). Zoals verderop te lezen is, is de koolstofdatering verre van betrouwbaar. De vraag is of andere dateringsmethoden dat wel zijn. Radiometrische datering is namelijk niet uitvoerbaar zonder de geologische kolom. De geologische kolom is gebaseerd op het feit dat de aarde miljarden jaren oud is. De gebruikte dateringsmethode kan dus alleen een uitkomst geven die past binnen de theorie. De uitkomst is daarmee niet wetenschappelijk en niet objectief. De methode is aangepast op de uitkomst die men wilde zien. Wetenschap wordt hier omgekeerd. In plaats van de uitkomst van een meting als basis te nemen voor een theorie wordt het andersom gedaan. Dat de aarde miljarden jaren oud is, is dan ook geen wetenschappelijk feit, maar een aanname.

 

 

2. Het evenwichtsprobleem kan genegeerd worden

 

Het evenwichtsprobleem luidt als volgt: Het radioactieve koolstof C 14, dat gemeten wordt bij koolstofdatering, ontstaat in de atmosfeer, maar vervalt ook. Op een bepaald moment moet dit met elkaar in evenwicht komen. Dan ontstaat er net zo veel C14 als er vervalt en blijft de hoeveelheid C14 gelijk. De vraag is wanneer dit moment is voor C14. Dit is noodzakelijk om te weten omdat zonder dit evenwicht de start hoeveelheid van C14 niet bekend is bij een meting. Dan kan er geen datering worden gedaan.
Wetenschappers hebben bepaald dat dit 30.000 jaar zou duren. Vervolgens hebben zij gezegd dat het evenwichtsprobleem genegeerd kan worden. Dit komt voort uit de aanname dat de aarde miljarden jaren oud is. De aarde is in dat geval ouder dan 30.000 jaar en C14 is al lang in evenwicht.

Het probleem is echter dat er later is ontdekt dat er nog steeds geen stadium van evenwicht is bereikt voor C14! C14 wordt op dit moment 28 tot 37 procent sneller gevormd dan het vervalt. Dat betekent dat de hoeveelheid C14 in de atmosfeer nog steeds verandert.

 

 

Conclusie hier uit is dat:

 

1: De aarde minder dan 30.000 jaar oud is. Dit moet bellen doen rinkelen bij de wetenschappers. In de wetenschap is het normaal dat er een aanname wordt gedaan. Als echter ergens uit blijkt dat een aanname niet klopt, moet deze opnieuw worden onderzocht en bijgesteld worden. Dit is helaas niet gedaan bij de methode van de koolstofdatering. De onderzoeksresultaten werden aangepast op de aanname dat de aarde miljarden jaren oud is in plaats van dat aannames werden aangepast aan de onderzoeksresultaten. Zo handelen heeft niets met wetenschap te maken, maar meer met de religie van een miljarden jaren oude aarde.

 

2: Er nergens koolstofdatering op toe kan worden gepast. Er moet namelijk bekend zijn hoeveel C14 het onderzochte organisme opnam toen het leefde. Dit is echter niet mogelijk want de hoeveelheid C14 in de atmosfeer verandert nog steeds. Aangezien we niet weten wanneer een fossiel of plant geleefd heeft, kunnen we ook niet vaststellen hoeveel C14 er in die tijd was. Daardoor is het onmogelijk om vast te stellen wat het verval in het materiaal van het dateringsobject voor leeftijd aangeeft. Er zijn te veel variabelen om een betrouwbare, wetenschappelijke berekening te kunnen doen.

 

 

 

 

 

Een dateringsvoorbeeld

 

Laten we de feiten en onzekerheden van de koolstofdatering nu eens toepassen op een voorbeeld.

Stel, we vinden een fossiel. We bepalen de hoeveelheid C14 in het fossiel en we hebben de vervalsnelheid van C14. Daarmee hebben we twee feiten. Aan de hand van deze feiten kunnen we nog niet bepalen hoe oud het fossiel is. Er blijven namelijk veel vragen open:

  • Hoeveel C14 zat erin de fossiel toen het leefde?
  • Verviel de C14 altijd met dezelfde snelheid?
  • Is het besmet met nog meer C14 toen het al die jaren in de grond zat?

Al deze dingen weten we niet en we kunnen er ook niet achter komen. Ze zijn echter zeer bepalend voor de uitkomst van de datering.

 

 

 

Cijfers en feiten vanuit koolstofdatering

 

De uitkomsten die koolstofdatering geven, zijn niet hoopgevend voor het voortbestaan van deze dateringsmethode getuige onderstaande cijfers:

  1. In 1949 ontdekt men koolstofdatering. Men ging meteen testen. De poot van en mammoet bleek 15.000 jaar oud te zijn. De huid bleek echter 21.000 jaar oud. Hoe kunnen twee delen van één dier van verschillende leeftijd zijn? Dat kan niet dus er is in ieder geval één uitkomst verkeerd. Maar hoe weten we of één van beide wel klopt? En als er één klopt, hoe weten ze dan welke dat is? Er is geen manier om dat te bepalen.
  2. 1963: Er werd een levende mossel getest. Hij bleek 2300 jaar oud te zijn. Levend en wel!
  3. 1971:Een pas gedode zeehond werd koolstofgedateerd op 1300 jaar oud.
  4. 1977: Eén lichaamsdeel van Dima, een beroemde baby-mammoet die in dit jaar werd ontdekt, bleek 40.000 jaren oud te zijn na koolstofdatering. Een ander lichaamsdeel was echter 26.000 jaren oud. Hout dat in de onmiddellijke omgeving van het karkas werd gevonden bleek 9000 tot 10.000 jaar oud.
  5. 1984: Levende slakken worden koolstofgedateerd op 27.000 jaar oud.
  6. 1992: Van twee naast elkaar gevonden mammoeten is de één 22.000 jaar oud en de ander 16.000 jaar oud. Welke is juist? Of zijn ze allebei juist of allebei fout? Dit is onmogelijk te zeggen.
  7. Een lijst van koolstofdateringen uit Alaska bevat enkele interessante details. Monster nummer SI454 werd gedateerd als 17.210 jaar oud. Monster SI455 werd gedateerd als 24.410 jaar. Wanneer we de lijst goed bekijken dan zien we dat het hier om dezelfde monsters gaat!
  8. Levende pinguïns werden koolstofgedateerd op 8000 jaar oud.
  9. Koolstofdateringen van aardlagen waarin Dinobotten zijn gevonden zeggen 34.000 jaar. Maar dinosaurussen worden volgens de theorie geacht 70 miljoen jaren oud te zijn. Iemand liet een bot koolstofdateren en de uitkomst was 20.000 jaar oud. Toen vertelde hij dat het om een dinobot ging. De onderzoeker zei: Dan kan het geen 20.000 zijn want dinosaurussen zijn 70 miljoen jaar oud. Als u dat verteld had aan ons hadden we het bot niet gedateerd….. dat is geen wetenschappelijke aanpak.
  10. Een archeoloog groef in een put en vond daar verbrand hout. Hij nam er twee monsters van op verschillende diepte, deed ze in een zakje en liet ze koolstofdateren. Zakje A werd gedateerd op 3000 jaar en zakje B op 4000. Daarna wachtte hij een half jaar, verwisselde de labels van de zakje en liet opnieuw een koolstofdatering doen bij hetzelfde laboratorium. Hij kreeg dezelfde resultaten terug. Zakje A was nog steeds 3000 jaar oud alleen zat het andere monster erin! Met zakje B idem.
  11. Stenen van de maan werden vele malen onderzocht. Ze vonden in één steen een stuk van 10.000 jaar oud en van miljarden jaren oud. Hoe kan één steen twee leeftijden hebben? Hoe kan bovendien vastgesteld worden dat iets ouder is dan 60.000 jaar met koolstofdatering? Dat is onmogelijk want na miljarden jaren is de C14 al lang vervallen.
  12. Volgens het theorieboek werd kool 250 miljoen jaar geleden gevormd in de Carboon periode. Wanneer zij kool testen, heeft dit toch C14. Hoe kan dat? Als alle C14 verdwijnt in 50.000 jaar, waarom bevat kool dan nog C14? Dat toont aan dat de aarde niet miljarden jaren oud is.
  13. Ook diamanten zouden miljoenen jaren geleden gevormd zijn. Zij bevatten echter ook C14. Het is niet mogelijk om een diamant te besmetten met C14 want het is de hardste substantie die we kennen. Dat is een sterk bewijs dat de aarde geen miljoenen jaren oud is, maar duizenden.
  14. Na 60.000 jaar kan C14 niet meer gemeten worden. Toch is bewezen dat men onmogelijk natuurlijke bronnen van koolstof onder de ijstijdlagen kan vinden zonder een flinke hoeveelheid C14. Hoewel zulke lagen worden verondersteld miljarden jaren oud te zijn, zijn conventionele C14 laboratoria op de hoogte van deze onregelmatigheid sinds begin jaren 80. Ze hebben geprobeerd het te elimineren, maar kunnen het niet verklaren. Dit bewijst wederom dat de aarde niet miljarden jaren oud is.

En zo zijn er nog veel meer feiten te noemen. Hieruit blijkt dat problemen met de koolstofdatering niet te ontkennen zijn. Het is een methode die verre van exact is. De cijfers vanaf het ontdekken van de methode tot nu toe laten geen enkele vooruitgang zien. Dat geeft de methode geen recht van bestaan.

 

 

 

 

 

Cijfers aanpassen aan de theorie

 

In 1970 zei men op het Nobel Symposium: Als het resultaat van een koolstofdatering onze theorie ondersteunt dan komt het in de hoofdtekst. Als het niet geheel tegenstrijdig is dan zetten we het in een voetnoot. Als het volledig tegenstrijdig is, dan laten we het weg.

Deze uitspraak weerspiegelt de manier waarop er in het algemeen met koolstofdatering wordt om gegaan. Er blijkt uit dat men zomaar getallen kan kiezen die aan de verwachting voldoen. Getallen die niet aan de verwachtingen voldoen kan men weg laten. Dit is geen wetenschap.

In de praktijk betekent dit dat ongeveer de helft van alle resultaten wordt weg gelaten omdat deze niet passen in de theorie! Iedereen zal het er mee eens zijn dat een methode waarvan de helft van de uitkomsten niet klopt, niet betrouwbaar is. Toch worden cijfers van koolstofdatering als volledig wetenschappelijk en betrouwbaar gepresenteerd.

Wanneer cijfers echter iets anders aangeven dan de theorie, moet de theorie aangepast worden. De cijfers moeten niet aangepast worden aan de theorie. Als een testresultaat van koolstofdatering echter niet past bij de theorie, wordt er nogmaals getest totdat er een bevredigend getal uitkomt. Hieruit blijkt dat de theorie belangrijk is, maar de feiten niet.

Bovendien roept dit enorm veel vragen op.

  • Welke resultaten worden weggelaten?
  • Hoe weet men dat die niet goed zijn?
  • Hoe weet men eigenlijk dat de andere resultaten wel goed zijn?
  • Waarom zijn ze niet beiden fout of beiden goed?
  • Op welke basis wordt een keus gemaakt voor goed of fout?

Zo kunnen we wel vragen blijven bedenken bij deze dubieuze handelswijze.

 

 

 

 

 

Aanpassingen van de theorie

 

Inmiddels is de wetenschap er wel achter dat een aantal zaken niet houdbaar zijn. Zo erkent men nu dat koolstofdatering niet nauwkeurig is indien het organisme in water heeft geleefd of in water bewaard is gebleven (een aantal van bovengenoemde voorbeelden zou dus niet meer gelden).

De wetenschap is begonnen met de brede aanname dat koolstofdatering werkt omdat het past binnen andere bestaande aannames. Gaandeweg komen er bewijzen die het ontkrachten. Die worden eerst weggemoffeld totdat dit niet meer houdbaar blijkt. Dan wordt gezegd dat er nieuwe onderzoeken zijn gedaan en nieuwe bewijzen zijn gevonden waarmee de aangenomen theorie wordt beperkt. Zo wil de wetenschap zichzelf en hun theorieën groot houden en mensen aan het lijntje houden. Terwijl hieruit blijkt dat zij zelf niet nauwkeurig weten hoe één en ander werkt. Hieruit blijkt dus juist hun onkunde en beperkte kennis. Deze aanpassingen zijn er namelijk telkens weer!

Desondanks wordt er vastgehouden aan de originele theorie (met talloze aanpassingen) en wordt de theorie niet verworpen, wat wel de logische conclusie zou moeten zijn.

 

 

 

Kalibratie

 

Koolstofdatering is geen exacte wetenschap. Vaak kloppen uitkomsten niet. Dit wordt voor zover mogelijk recht gebreid door besmetting en kalibratie toe te staan. Kalibratie is het vergelijken van de methode met een standaard. Deze standaard bestaat in dit geval uit het vergelijken met kalibratiecurves. Deze zijn echter opgesteld aan de hand van metingen met andere dateringsmethoden waarvan de meesten net zo min nauwkeurig zijn als de koolstofdatering en waarbij ook wordt uit gegaan van verkeerde aannames. Dit maakt koolstofdatering niet betrouwbaarder.

 

 

 

Geen wetenschap

 

Op deze manier datering toepassen heeft niets meer met wetenschap te maken. Het nare is dat het wel als wetenschap wordt gepresenteerd. Ook worden er allerlei theorieën aan opgehangen die gepresenteerd worden als waar. Wanneer we echter onderzoeken hoe het echt zit, komen we er al gauw achter dat de koolstofdatering en bijbehorende theorieën als een miljarden jaren oude aarde op losse schroeven staan. Nog even en het stort als een kaartenhuis in elkaar.

Neem een monster waarvan bekend is hoe oud het is. Dan blijkt koolstofdatering niet te werken. Neem een monster waarvan de leeftijd niet bekend is en dan wordt ineens aangenomen dat het wel werkt. Dat is geen wetenschap maar een sprookje!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Boodschap 127 van ” Boodschappen uit de kosmos ”

Standaard

categorie : Boodschappen uit de kosmos 

 

 

.

 

sluiten-wetenschap-en-geloof-elkaar-uit-6-728

.

 

.

DE PLANNEN EN GEDACHTEN VAN GOD

 

KUNNEN WETENSCHAP,

 

 GESCHIEDENIS EN FILOSOFIE 

 

NIET MEDEDELEN

 

 

.

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

John Astria

Hilarion, chohan van de 5de straal

Standaard

categorie : reiki en de aura

 

 

 

 

 

 

Hilarion, Chohan van de 5de straal

.

Hilarion is de Heer van de 5e, groene straal die de Goddelijke waarheid, wetenschap, genezing, Goddelijke visie en welvaart vertegenwoordigt.

 

Deze straal correspondeert met het derde oog chakra, die een Goddelijk instrument voor innerlijke visie en concentratie op het Goddelijke plan is. Op het pad van de 5de straal leert de ziel de Goddelijke visie en het onbevlekte concept van haar Goddelijke zelf voor het derde oog te houden. De kracht van de reiniging en de genezing van de ziel samen met de mystieke kennis van muziek wordt aan de adept van de 5de straal gegeven.

De meest bekende reïncarnatie van Hilarion is zijn reïncarnatie als apostel Paulus. In zijn laatste leven was hij Heilige Hilarion, de 4e eeuwse kluizenaar en genezer die destijds ontelbare wonderen verrichte.

De opgevaren meester Hilarion sponsort religieuze leiders, missionarissen, genezers, muzikanten, en wetenschappers die gespecialiseerd zijn in de computer- en ruimtevaart technologie. Hij streeft ernaar de kracht van de Goddelijke Waarheid te verspreiden zodat iedereen de juiste visie over zijn Goddelijke natuur mag ontvangen en het spirituele pad mag bewandelen op weg naar zijn persoonlijke Christusschap. Ook is deze meester bezig de zielen te helpen die geen bewuste kennis hebben van het pad van het individuele meesterschap.

“The release of Truth is not just a series of words, concepts or ideas. It is a vibratory action that reaches up to the Godhead and brings the crystal flowing stream of that action into human affairs.”

 “The Truth all mankind seek is based on the irrefutable law that Spirit and Matter are not opposites: they are the twofold nature of God’s being which remain forever as the Divine Polarity.

 

 Zijn etherisch retraite verblijf is de Tempel van de Waarheid en is gelegen op het eiland Kreta in Griekenland.

Als de chohan ofwel de Heer van de 5e straal heeft Hilarion ontelbare legioenen engelen van genezing tot zijn beschikking. De aartsengel van de 5e straal die de leiding heeft over de engelen van de groene straal is aartsengel Rafael.

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Dierenrechten volgens de Islam

Standaard

 categorie : religie

 

 

 

Volgens de wetenschap en de evolutietheorie is de mens niet superieur aan de andere soorten, maar is de mens slechts een soort tussen de soorten. Ook de Koran is deze mening toegedaan en beklemtoont de absurditeit en onwenselijkheid van het antropocentrisme:

“De schepping van de hemel en van de aarde is groter dan de schepping van de mens, maar de meeste mensen weten het niet.” (Koran 40:57)

 

.

hond

 

.

In de Koran Notities “”Dierenrechten in de Islam” wordt  een uitgebreide analyse gemaakt van de dierenrechten op grond van de Koran en de Sunna. Daaruit citeren we volgende besluiten :

 

.

Islam over de plaats van de dieren en hun rechten

 

  • Dieren aanbidden en verheerlijken God.
  • Zoals de mensen een gemeenschap vormen, vormen ook dieren gemeenschappen op zich, en hebben zij dus alle daarmee geassocieerde rechten (recht op gezonde voeding, op beschutting tegen slecht weer, op sociaal leven, op recreatiemogelijkheden, op het zelf grootbrengen van de eigen kinderen, enz).
  • Dieren hebben een bewustzijn (geest en verstand), handelen intelligent en doelgericht en hebben gevoelens; hun gevoelens mogen niet gekwetst worden.
  • Dieren hebben een waardigheid en een schoonheidsgevoel. Zij moeten daarin gerespecteerd worden.
  • Dieren hebben een geboorterecht op hun deel van de natuurlijke rijkdommen, zelfs als er onder de mensen schaarste heerst aan voedsel en water.
  • Dieren hebben recht op waardig fysisch, psychisch en sociaal leven.
  • Dieren hebben recht op aandacht en op een zorgzame behandeling.
  • Goede daden tegenover een dier worden beloond, voor slechte daden tegenover een dier zal men op Oordeelsdag verantwoording moeten afleggen en mogelijks gestraft worden, mogelijks zelfs met eeuwige verbanning naar de hel.

 

.

Islam staat volgende zaken NIET toe

 

  • het slaan van een dier in het aangezicht;
  • het brandmerken van een dier op gevoelige plaatsen zoals het gezicht;
  • het overbelasten van een lastdier;
  • het doden van een dier in het bijzijn van een ander dier (om de gevoelens van het ander dier niet te kwetsen);
  • het doden van een dier op een wrede manier of voor het plezier;
  • het doodmartelen of nodeloos doen lijden van dieren (zelfs al gaat het om de meest schadelijk geachte soorten, zoals schorpioenen enz);
  • het klaarmaken van slachtgerief (scherpen van mes) in bijzijn van het te slachten dier;
  • een dier laten wachten om gedood te worden;
  • een dier vastbinden en dan doden;
  • het versnijden van een voor voedsel gedood dier alvorens lijkstijfheid is ingetreden (door de verplichting zolang te wachten, verzekert Islam dat een dier dat dood lijkt maar waar nog een sprankeltje leven in zit, zeker geen pijn zou toegebracht worden);
  • het tegen elkaar opzetten van dieren en dierengevechten (hanengevechten, stieren- gevechten, …);
  • jachtsporten (vossenjacht,…);
  • het verminken van dieren en verwijderen van een deel van een dier terwijl het in leven is (met als uitzondering wanneer het nodig is om het leven van een dier in nood te redden – vb amputatie is toegestaan en is zelfs een goede daad wanneer dit het leven van een dier in nood kan redden);
  • het vangen van vogels en hen in kooien stoppen zonder enig speciaal doel (dit wordt aanzien als abominabel);
  • het opsluiten van dieren zonder voedsel;
  • het toebrengen van lichamelijke of emotionele schade aan een dier tijdens leven of gedurende de slacht;
  • het begaan van lichamelijke of geestelijke wreedheden tegenover dieren;
  • factory farming (dwz het grootschalig kweken van dieren volgens industriëe veehouderijmethodes)
  • experimenten op dieren;
  • afmaken van dieren voor hun vacht (Islam laat enkel gebruik toe van huiden of pels van gedomesticeerde dieren die een natuurlijke dood stierven of van dieren die gedood werden voor voedsel);
  • het doden van een dier zonder rechtvaardigbare reden (dit is zelfs één van de hoofdzonden);
  • verspilling in het algemeen, en in het bijzonder van producten waarvoor dieren gedood werden;
  • het doden van dieren tijdens oorlog behalve wanneer dit nodig is voor voedsel;
  • het doden van dieren voor voedsel zonder “In de Naam van God” te zeggen (en dit om de mens er nogmaals aan te herinneren dat het leven heilig is en men geen andere reden  mag hebben om het leven van het dier te beëindigen, dan de nood om voedsel;
  • het consumeren van producten van dieren die niet correct geslacht  of tijdens het leven mishandeld werden, vermits die producten daardoor onwettig werden voor consumptie. Dit laatste zou men kunnen aanzien als een preventieve maatregel die er voor zorgt dat muslimboeren hun dieren goed behandelen.

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Boodschap 112 van ” Boodschappen uit de kosmos ”

Standaard

categorie : Boodschappen uit de kosmos

 

 

.

 

Cosmodrome_Genk_Kind_brein_opt

.

.

 

WETENSCHAP IS METEN EN WETEN

 

EN KOMT UIT BOEKEN,

 

WIJSHEID OVERSTIJGT DIMENSIES

 

EN KOMT UIT DE KOSMOS

 

 

 

 

wijze-uil

 

 

 

 

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria

John Astria