Tagarchief: Australië

Smithsoniet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

.

.

Algemene informatie

.

Het mineraal smithsoniet of zinkspaat is een zink-carbonaat met de chemische formule ZnCO3. Het is ook bekend onder de benamingen galmei en kalamijn. De Franstalige naam voor het plaatsje Kelmis La Calamine verwijst naar laatstgenoemde benaming.

.

.

.

.

.

.

Eigenschappen

.

Smithsoniet kan wit, grijs, groen, roze of blauw zijn, met een witte streepkleur. Het heeft een soortelijk gewicht van 4,4 en een hardheid van 4,5 op de Hardheidsschaal van Mohs. De glans is glas- tot parelachtig en het materiaal is doorzichtig tot doorschijnend.

.

.

.

.

.

.

Etymologie

.

Smithsoniet is vernoemd naar de oprichter van het Smithsonian Institute.

.

.

.

.

.

.

Vindplaats

.

Het normaal voorkomend smithsoniet, supergenetisch ontstaan door oxidatie van zinkertsen, wordt geassocieerd met andere super genetische loodmineralen. De belangrijkste vindplaatsen zijn Broken Hill in Australië, Tsumeb  in Namibië en de Kelly-mijn te Magdalena in de Verenigde Staten. Ook in Monte Poni op Sardinië zijn mooie aggregaten en stalactieten gevonden.

In België wordt smithsoniet aangetroffen in de omgeving van Kelmis en Moresnet, alwaar het vroeger op grote schaal werd ontgonnen, vooral voor de productie van messing. De aanwezigheid van zink in de ondergrond heeft hier gezorgd voor een bijzondere flora met onder andere het beschermde zinkviooltje.

.

.

.

.

.

.

Chemische eigenschappen

.

Chemische samenstelling: ZnCO3

hardheid: 4 – 4,5

.

.

.

.

.

Smithsoniet
Smithsonite - USGS Mineral Specimens 016.jpg
Mineraal
Chemische formule ZnCO3
Kleur Wit, grijs, groen, roze of blauw
Streepkleur Wit
Hardheid 4 tot 4,5
Gemiddelde dichtheid 4,43 kg/dm3
Glans Glas- tot parelachtig
Opaciteit Zelden doorzichtig, doorschijnend
Breuk Conchoïdaal tot oneffen
Splijting [1011] Perfect
Kristaloptiek
Brekingsindices N1,621, N1,848-1,849
Dubbele breking 0,027
Bijzondere kenmerken Geen

 

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

De acacia in de Bijbel

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Bomen komen niet veelvuldig voor in de woestijn, maar in de Sinaï is de acacia een bekend verschijnsel; het is zelfs de meest voorkomende boom in dat gebied. De acacia behoort tot een van de talrijkste bomenfamilies ter wereld en groeit tot in Australië toe. En wie kent ook niet de beelden van Afrikaanse savanne’s met hun paraplu-vormige acacia’s, als karakteristiek element in het landschap?

 

 

 

.

Wanneer wij dan in het boek Exodus lezen dat de tabernakel grotendeels uit acaciahout gemaakt moest worden, is dat te begrijpen. De Israëlieten legerden zich toen aan de voet van de berg Sinaï, en God riep hen op acaciahout te brengen, wat zij deden (Exodus 25:5; 35:24). De door God aangestelde vaklieden, Besaleël en Oholiab, hebben daarmee de ark van het Verbond, de tafel voor de toonbroden, het reukofferaltaar en het brandofferaltaar, alle met hun draagstokken, gemaakt (Exodus 25-27:30).

Het hout moest duurzaam maar niet te zwaar zijn. Daarom denkt men dat de wanden van de tabernakel niet van massieve planken werden gemaakt, zoals in de NBV staat, maar van een soort raamwerk, waar slanke staanders door dwarslatten met elkaar verbonden werden. Het Hebreeuwse woord in Exodus 26:15 qeresh is anders dan b.v. in Exodus 27:8, waar het woord luach iets massiefs beschrijft.

.

 

De Arc van het Verbond met de 10 geboden

 

Pasteltekening van John Astria

.

 

De tabernakel was de ontmoetingsplaats tussen God en Zijn volk. Van tussen de cherubs op het verzoendeksel van de ark sprak Hij met Mozes (Exodus 25:21-22). Het woord tabernakel betekent tent of woonplaats en in de tabernakel zou God onder Zijn volk wonen. In de proloog van zijn evangelie schreef Johannes: “Het Woord is mens geworden en heeft bij ons gewoond (lett. getabernakeld)” – Johannes 1:14. God heeft met ons gesproken door Zijn Zoon, zodat wij met Hem verzoend mogen worden.

Een tweede beeld van de Here Jezus zien wij in de acaciaboom zelf, want Jesaja schreef over Hem: “Als een loot schoot Hij op onder Gods ogen, als een wortel die uitloopt in dorre grond” (Jesaja 53:2). Jezus groeide op als een levende, en levengevende, boom in een geestelijke woestenij. Doordat Hij diep geworteld was in Gods Woord, kon Hij de hitte van vijandschap en nijd weerstaan. De schaduwrijke acacia is dus een passend symbool van onze Verlosser.

.

 

 

.

.

.

 

.

.

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

.

Sarder

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

Algemene informatie

 

Sarder is een chalcedoon variant en kan oranje, rood en bruin van kleur zijn. De steen is doorschijnend met een matte tot zijdeglans. Het is wat betreft chemische samenstelling en werking vrijwel gelijk aan carneool maar vaak iets harder en wat donkerder van kleur.

Het behoort tot de kwartsen. Het element dat de rode kleur veroorzaakt, is ijzer dat in kleine onzuiverheden in het mineraal zit. Door verhitting kan de kleur verdiepen. Carneool is genoemd naar het Latijnse caro, dat “vlees” betekent. De oude Nederlandse naam is kornalijn.

 

 

ruw

 

 

 

 

 

Geschiedenis

 

Carneool werd al voor het begin van onze tijdrekening gebruikt voor de vervaardiging van zegelstenen en sieraden. Men beweerde dat carneool bescherming bood tegen ruzie, kiespijn en zenuwaandoeningen, bloedingen stopt, koorts verlaagt, toorn vermindert en geluk brengt.

 

 

 

 

 

 

 

 

Voorkomen

 

Carneool ontstaat in vulkanische verweringszones en is onder meer bekend uit India, Saoedi-Arabië en Egypte; belangrijke vindplaatsen bevinden zich verder in Brazilië, de Verenigde Staten, Australie, Rusland, Tsjechië,  Staten,  Duitsland en Roemenië.

 

 

 

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

Samenstelling: SiO2

hardheid: 7

dichtheid: 2,6

 

 

 

 

 

 

 

Carneool
Carneool.jpg
Mineraal
Chemische formule SiO2
Kleur Donkerrood, oranjerood, bruinrood
Streepkleur Wit
Hardheid 6-7
Gemiddelde dichtheid 2,60
Glans Glasglans, mat
Breuk Ruw, schelpvormig
Splijting Geen
Kristaloptiek
Kristalstelsel Trigonaal
Brekingsindices N1,539-1,544, N1,526-1,535
Dubbele breking 0,004-0,009
Dispersie Geen
Luminescentie Geen
Pleochroïsme Geen
Overige eigenschappen
Veredeling Niet bekend
Bijzondere kenmerken Insluitsels van hematiet en andere mineralen

 

 

sarder

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Beril

Standaard

categorie :  Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Algemeen

 

Beril is een mineraal. Het is een kleurloos, wit, gelig wit, geelgroen tot groen, roze, blauwig tot groenblauw, rood of goudgeel aluminium-beryllium silicaat. De chemische formule is Al2Be3Si6O18. Het behoort tot de cyclosilicaten.

 

 

 

 

 

Eigenschappen

 

De hardheid van het mineraal is 7,5 tot 8 (bros) op de schaal van Mohs en de streepkleur is wit. Het mineraal, dat in kristallen, korrelige, compacte of radiale aggregaten of keitjes voorkomt, is doorzichtig tot doorschijnend en heeft een glasachtige, matte glans. De dichtheid van beril is 2,63-2,80 en het heeft hexagonale kristalstructuur.

 

 

 

 

 

Naamgeving

 

Plinius vernoemde beril naar het Griekse woord berullos (= “edelsteen met zeegroene kleur”).

 

 

 

 

 

Voorkomen

 

Beril komt voor in pegmatieten en in hydrothermaalpneumatolische en metamorfe gesteenten en is vrij zeldzaam. De typelocatie is niet nader gedefinieerd, maar per variëteit verschillend. Het mineraal wordt onder andere gevonden in de Verenigde Staten (South Dakota, Connecticut), Brazilië, Duitsland en Australië. Het grootste berilkristal had een lengte van 18 meter en was 3,5 meter breed.

 

 

 

 

 

Variëteiten

 

Beril wordt naar kleur en chemische samenstelling onderscheiden in een aantal variëteiten:

 

Gewoon beril – meest verbreide variëteit

Smaragd – groene edelsteen

Aquamarijn – groenblauwe tot lichtblauwe edelsteen

Morganiet – roze edelsteen

Goudberil – goudgele edelsteen

Heliodoor – gele tot geelgroene edelsteen

Gosheniet – kleurloze edelsteen

Bixbiet – rode edelsteen

 

 

 

 

 

Mineraal
Chemische formule Al2Be3Si6O18
Kleur Kleurloos, wit, gelig wit, geelgroen tot groen, roze, blauwig tot groenblauw, rood of goudgeel
Streepkleur Wit
Hardheid 7,5 – 8
dichtheid  2,76 kg/dm3
Opaciteit Doorzichtig tot doorschijnend
Splijting Imperfect, [0001]
Kristaloptiek
Kristalstelsel Hexagonaal

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Rosasiet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

.

.

 

Algemene informatie

 

Rosasiet is blauw, groenblauw of groen van kleur en is vernoemd naar de Rosasmijn op Sicilië waar het voor het eerst ontdekt werd.

 

 

 

 

 

 

 

 

Vindplaats

 

Rosasiet wordt o.a. gevonden in Italië, Oostenrijk, Spanje, Engeland, Duitsland, Mexico, Australië en de VS.

 

 

Rosasiet
Rosasite-291101.jpg
Mineraal
Chemische formule (Cu,Zn)2(CO3)(OH)2
Kleur blauwgroen, hemelsblauw
Streepkleur lichtblauw
Hardheid 4
Gemiddelde dichtheid 4,09 kg/dm3
Glans glas- tot zijdeglans
Opaciteit doorzichtig tot doorschijnend
Breuk splinterig
Splijting [100], [010] perfect
Kristaloptiek
Kristalstelsel Monoklien
Overige eigenschappen
Radioactiviteit niet radioactief
Magnetisme niet magnetisch

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Azuriet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

Algemene informatie

 

Azuriet is een donkerblauwe doorzichtig tot doorschijnende steen en heeft een glasachtige glans. Azuriet in graniet wordt ook wel K2 jaspis genoemd. Het doorzichtig tot doorschijnende typisch azuurblauwe azuriet heeft een lichtblauwe streepkleur, een glasglans en het kristalstelsel is monoklien. De gemiddelde dichtheid is 3,83 en de hardheid is 3,5 tot 4. Azuriet is niet radioactief en helderblauw tot donkerpaars pleochroïsch.

 

 

 

 

 

 

 

 

Naam

 

De naam azuriet is afgeleid van het Perzische lazhward, dat “blauw” betekent. Dit werd in het Latijn lazurium en uiteindelijk azurium of azurium citramarinum. De kleurtermen voor blauw in veel Romaanse talen zijn hieruit afgeleid. Een andere Latijnse term, die we bij Plinius de Oudere aantreffen, is lapis armenius.

 

 

 

 

 

 

 

Voorkomen

 

Het zeer algemene azuriet komt voornamelijk voor in de geoxideerde delen van koperafzettingen of als secundair mineraal in carbonaat-rijk water. Het wordt ook gevormd als koperhoudende oplossingen reageren met kalksteen. De typelocatie van azuriet is Chessy-les-Mines, Rhône-Alpes, Frankrijk. Men vindt ook azuriet in de Verenigde Staten, Australië en Namibië.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: Cu3(CO3)2(OH)2

hardheid: 3,5-4

dichtheid: 3,8

 

 

 

 

 

 

 

 

Mineraal
Chemische formule Cu3(CO3)2(OH)2
Kleur Azuurblauw, lichtblauw en donkerblauw
Streepkleur Lichtblauw
Hardheid 3,5 – 4
Gemiddelde dichtheid 3,83 kg/dm3
Glans Glasglans
Opaciteit Doorzichtig tot doorschijnend
Breuk Ruw
Splijting Perfect, [011] ; Matig, [100]
Kristaloptiek
Kristalstelsel monoklien, Prismatisch
Brekingsindices Np 1,730, Nm 1,758, Ng 1,838
Dubbele breking 0,1080
Pleochroïsme Helderblauw tot donkerpaars
Overige eigenschappen
Veredeling Impregneren met paraffine of epoxyhars
Vergelijkbare mineralen Linariet

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Purpuriet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

.

.

Algemene informatie

.

Purpuriet is een mangaan fosfaat met een paarse kleur

.

.

.

Etymologie

.

Purpuriet komt van het Griekse woord voor purper

.

.

.

vindplaats

.

Purpuriet wordt o.a. gevonden in de Verenigde Staten, Frankrijk, Australië en Namibië

.

.

.

Chemische eigenschappen

.

samenstelling: Mn3+PO4

hardheid: 4 – 4,5

dichtheid: 3,4

.

.

Purpuriet
Purpurite - Sandanab, Namibia.jpg
Mineraal
Chemische formule Mn3+PO4
Kleur Donkerrood, zwart, maar typisch purpurpaars
Streepkleur Rood
Hardheid 4 tot 5
Gemiddelde dichtheid 3,4 kg/dm3
Glans Dof
Splijting [100] en [001] Perfect
Kristaloptiek
Kristalstelsel Orthorombisch

 

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.