Category / categorie : video
What Romans said about crusifixion
De kruisiging volgens de Romeinen

preview en aankoop boek “De Openbaring “:
http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget



.
Ontstaan
Ontstaan in het nabije-oosten, op een woelig trefpunt van culturen. De eerste aartsvader, Abraham, kwam uit Ur (het huidige Iran). Een deel van de stammen verbleef lange tijd in Egypte. Rond 1300 voor Chr. volgde onder het leiderschap van Mozes de terugtocht naar Palestina. De Israëlieten werden ter plaatse steeds machtiger, getuige de instelling van het koningschap onder Saul. David en Salomon waren zijn opvolgers. Het rijk splitste zich later in een noordelijk deel (Israël) en een zuidelijk deel (Juda). .
. In 722 voor Chr. wordt Israël bezet door de Assyriërs en in 586 voor Chr. valt Juda voor de Babyloniërs. De tempel bestaat niet meer. Een dramatische maar betekenisvolle tijd breekt aan, de Babylonische gevangenschap, waarin het volk geestelijk op de been wordt gehouden door de profeten (Jesaja). Na de Babyloniërs komen de Perzen. De Joden keren (gedeeltelijk) terug naar Palestina en de tempel wordt herbouwd. Na de Grieken komen de Romeinen als nieuwe overheersers. Jeruzalem wordt in 70 na Chr. belegerd en de tempel verwoest. De Joden raken verspreid over het Romeinse rijk (de diaspora) waar, in later tijden, nieuwe verbanningen (Spanje, Portugal) voor diepe treurnis zorgen. De synagoge wordt voortaan de plaats van samenkomst en beleving van de godsdienst. .
.
God en goden
Het is opmerkelijk dat het Joodse volk, omgeven door zoveel volkeren die meer goden kenden, toch altijd heeft vastgehouden aan de ene God, in medeklinkers JHWH, aanvankelijk zonder daarmee andere (mindere) goden voor andere volkeren uit te sluiten. Pas na de ballingschap is er consequent sprake van één God. In de religieuze wereld van de oudheid staat het Joodse volk geheel alleen in z’n beleving van de ene en persoonlijke Macht die enerzijds ver boven het menselijke is verheven maar anderzijds toch met de mensen en hun geschiedenis bezig is. .
Heilige boeken
De bijbel (van biblia=boeken), van de joden, de Tenach, kwam tot stand gedurende een lange periode en kent een grote verscheidenheid in literaire vorm (geschiedschrijving, lofzang, spreuken). De Thora (de “Wet”) bevat de vijf oudste boeken (Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium), waarvan de oudste gedeelten nog op Mozes terug gaan. Van later datum zijn de boeken van de Profeten en de Psalmen. Rond 100 na Chr. groeide de behoefte om de boeken van de bijbel goed vast te leggen, ook als reactie tegen de nieuwe sekte van de christenen die er immers ook gebruik van maakten. De grens werd gelegd bij de boeken die er al voor 500 voor Chr. geschreven waren (waarmee er een kloof ontstond met de christengemeenten die ook later ontstane Joodse boeken erkenden). De historische commentaren op de Joodse bijbel zijn verzameld in de Talmoed. .
.
.
Leer
Er is één God die aan het begin en het einde staat van de schepping. De mens wordt op zijn daden aangesproken, God beloont het goede en straft het kwade. De Thora bevat de openbaring en leefregels voor het volk. Eens zal er een Messias komen die het Joodse volk terugvoert naar het beloofde land (wat hier letterlijk opgevat moet worden). Onreine zaken dienen vermeden te worden (bloed, menstruerende vrouw, sperma, varkens).
Leefregels
De leefregels zijn samengevat in de ‘Tien geboden’ zoals deze aan Mozes zijn gegeven en door hem op de twee stenen tafelen zijn vastgelegd (te vinden in Exodus, Leviticus en Deuteronomium). Daarnaast staan er met name in Leviticus een groot aantal, vaak zeer precieze voorschriften voor de sociale omgang, de voedsel-bereiding, de hygiëne, enz. waaraan de wettische Jood zich heeft te houden. .
pasteltekening van John Astria .
Richtingen
Door alle tijden heen heeft het Jodendom bepaalde stromingen gekend. Rond het begin van onze jaartelling waren er bv. de bekende Farizeeën (de chassidische of vrome sekte binnen het Jodendom), de Sadduceeën (een groep rond de priesters van hogere rang), de Essenen (chassidisch en in afzondering levend) en de Samaritanen (een verwant volk dat zich niet geheel aan de Wet hield). Na de verwoesting van de tempel door de Romeinen en de tweede verstrooiing leefden de Joden verspreid in de diaspora (= verspreide gebieden). In het huidige Jodendom zijn zeer vrijzinnige groepen te vinden (met name in de USA), naast zeer orthodoxe groeperingen als de Chassidiem (de in zwart geklede mannen met ongeknipte haren). Het Chassidisme (ontstaan in de Oekraïne in de 18e eeuw) is een volkse en mystieke richting die de verwachting van de Messias ziet als actieve heiliging van het leven hier en nu. In het oosten ontwikkelde zich begin deze eeuw een nieuwe nationalistische richting die leidde tot het Zionisme, dit is het streven om alle Joden te verenigen op historische grond, Palestina. In het huidige Israël leven de Chassidiem, de vrijzinnige Joden en een grote groep volledig geseculariseerde (= ‘ontkerkelijkte’) Joden onder de nodige spanningen tezamen.
.
De klaagmuur
De westmuur is traditioneel de westelijke muur van de Joodse tempel, die op de tempelberg in Jeruzalem was gebouwd. Strikt genomen is de Westmuur niet een oorspronkelijke muur van het eigenlijke tempelgebouw maar is het een gedeelte van de muur dat het plateau omringt en ondersteunt waarop de eigenlijke Tempel eens stond en waar nu de rotskoepel en de Al- Aqsa moskee staan. Het is de enige zichtbare muur, die na de voor de rest zeer grondige vernietiging van de tweede tempel door de Romeinse bezetters bezetters in 70 van de gangbare jaartelling nog is overgebleven. Doordat vele joden aan de muur klaagden vanwege de verwoesting van de tempel en de diaspora, vooral tijdens de rouw- en vastendag, wordt de muur door niet-joden vaak ook de klaagmuur genoemd. .
.
Organisatie
Er is geen overkoepelende organisatie. Men spreekt wel van opperrabbijnen maar deze zijn toch slechts het hoofd van een landelijke of plaatselijke groep joden. .
Feestdagen en eredienst
De joodse kalender gaat terug op die van de Babyloniërs en kent twaalf maanden. De grote feestdagen zijn: – Jom Kipoer, de Grote verzoendag De eredienst (in de Hebreeuwse taal) speelt zich af in de synagoge en is een dienst van het woord.
.
Enkele teksten uit de Joodse bijbel
.
preview en aankoop boek “De Openbaring “:http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget
|
.
Ontstaan. Het christendom is ontstaan binnen de Joodse geloofsgemeenschap als een opwekkingsbeweging die zich verzette tegen het al te wettische karakter van het toenmalige Jodendom. De Essenen zochten het eerder in de afzondering, zoals ook Johannes de Doper dit deed. Het is waarschijnlijk dat er bepaalde lijnen liepen van de Essenen via Johannes de Doper naar de eerste Christengemeenschap. De bezetting door de Romeinen was een andere reden dat het erg gistte in de toenmalige Joodse gemeenschap en de roep om de komst van de Messias sterk gevoeld werd.
. Stichter. Jezus werd geboren uit betrekkelijk arme ouders, bleef ongehuwd en zocht op zijn dertigste levensjaar de openbaarheid op om zijn opvattingen over de Joodse leer duidelijk te maken. Reeds na drie jaar kwam er een einde aan zijn actieve leven en werd hij bewust vernederend ter dood gebracht. Met Jezus van Nazareth treedt een man naar voren die zich enerzijds zeer aan de Joodse gebruiken wilde houden maar anderzijds nadrukkelijk en soms zelfs provocerend de vrijheid nam daar ter wille van de naaste van af te wijken.
Pasteltekening van John Astria
.
Pasteltekening van John Astria
Zijn volgelingen (waarvan hij er een twaalftal tot apostel had benoemd) meldden na zijn dood de verschijning van hun Heer en kwamen daarbij tot het besef dat Hij met hen voortleefde. Na een enerverende bijeenkomst (Pinksteren) waarbij ook zijn moeder Maria aanwezig was, trad de groep voor het eerst zelfbewust naar buiten. Vanaf dat moment is er sprake van Jezus als de Christus (= de Messias in het Hebreeuws). .
God en goden. Er is één God, sinds het voorbeeldgebed van Jezus (het ‘Onze Vader’) ook ‘de Vader’ genoemd. God de Vader, Gods Zoon (Jezus) en de Heilige Geest vormen theologisch gesproken een Drie-eenheid. De Zoon wordt ook aangesproken als ‘de Messias’ en ‘de Heer’. Jezus kan worden opgevat als de incarnatie van God (de Vader), vandaar de ‘mensgeworden Zoon’. .
De schriften. Het christendom erkent dezelfde boeken als het Jodendom als geopenbaard (het Oude testament) maar heeft daarnaast een eigen deel (het Nieuwe Testament), bestaande uit de vier Evangeliën, de Handelingen der Apostelen, de Brieven en de Apocalyps (of het Boek der Openbaring). De Handelingen en de brieven zijn de oudste delen van het Nieuwe testament en werden ca 60 jaar na de dood van Jezus geschreven. Drie van de vier evangeliën (Markus, Matheus en Lukas) gaan terug op eenzelfde bron, het evangelie van Johannus is wat later ontstaan en staat wat apart.
. .
De door de kerk erkende boeken staan bekend als de ‘Canon’. Vooral in de begintijd is er veel discussie geweest over welke boeken er nu wel en niet bij hoorden en zijn er grote kerkvergaderingen (concilies) aan te pas moeten komen om knopen door te hakken. Mede naar aanleiding van de ontdekking van de Dode Zee rollen is er vrij recent is er een nieuwe belangstelling ontstaan voor de niet-canonieke boeken (als het Thomas-evangelie).
Leer. Terwijl de gelovige Jood nog uitziet naar de Messias is Hij voor de christen al gekomen in de persoon van Jezus van Nazareth. De (vele) voorschriften van de Joodse wet zoals de reinheidsvoorschriften en de besnijdenis zijn niet overgenomen. De leer wijkt op hoofdpunten verder niet sterk af van de Joodse leer. Er ligt minder nadruk op beloning en straf (zeker in de Reformatorische richtingen waar het ‘Alléén uit genade’ geldt) en er is meer aandacht voor de Wederopstanding dan in het Jodendom.
Leefregels. Net als in het Jodendom vormen de Tien Geboden de basisregels maar ligt er een groter accent op het principe ‘Bemin God en je naaste zoals je zelf’. Het ‘Oog om oog, tand om tand’ heeft niet het laatste woord. De actieve naastenliefde krijgt een grotere plaats. De Bergrede van Jezus met de twaalf zaligsprekingen (Zalig zij die …) plaatst het ideaal op een hoger niveau. .
Pasteltekening van John Astria .
Richtingen. Reeds vanaf het eerste begin kende de christenen bepaalde stromingen. Zo was er al direct het verschil van mening of de uit de heidenen afkomstige christenen zich nu wel of niet aan de joodse wet dienden te houden. Toen de groep zich eenmaal als kerk gevormd had, deden zich allerlei nieuwe geschilpunten voor (Gnostici, Katharen, Arianen waren ooit belangrijke minderheidsgroepen binnen het christendom maar deze namen hebben nu nog slechts een historische betekenis). De scheuring van de Kerk in 1051 in een westers Katholiek en een oosters Orthodox gedeelte was eerder politiek dan leerstellig van aard. Hetzelfde geldt voor de afscheiding van de Anglicaanse kerk in 1538 (een gevolg van een huwelijkskwestie van de al getrouwde koning Hendrik VIII). Heel anders lag de situatie rond de Reformatie, die in eerste instantie een reactie was op de mistoestanden in de r.k.kerk maar die tevens op aantal punten een duidelijk breuk betekende met de moederkerk (afwijzing van een aantal sacramenten als biecht en priesterschap, afwijzing van de éénhoofdige leiding). De oecumenische beweging tracht de kerken en groeperingen weer dichter bij elkaar te brengen. De nationale en niet-r.k.kerken hebben zich sinds 1948 verenigd in de Wereldraad van Kerken.
Feesten en eredienst. – Pasen, het centrale feest van de Christenheid, de opstanding van de Heer. Aangezien Jezus aan de vooravond van het Joodse Paasfeest (Pesach) werd gekruisigd, zijn beide feesten historisch met elkaar verbonden. In de eredienst van de orthodoxe en katholieke kerken ligt de nadruk veelal op de eucharistie (viering laatste avondmaal, vroeger ook ‘de Mis’ geheten). In de protestantse kerken ligt de nadruk op de woorddienst en is een avondmaalsviering eerder uitzondering dan regel.
.
Enkele teksten uit het Nieuwe testament.
.
preview en aankoop boek “De Openbaring “:http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget
|
.
.
.
.
.
.
Spartacus werd geboren rond 109 voor Christus. Als krijgsgevangen kwam hij terecht in de gladiatorenschool van Lentulus Batiatus. Daar wist hij met een leger van gladiatoren rond 73 voor Christus met veel moeite te ontsnappen. In de historische roman van Ben Kane is te lezen hoe Spartacus versteld staat van zijn overwinning:
“De aanblik van de achtergelaten kostbare voorwerpen doordrong Spartacus ervan wat een idiote prestatie ze hadden geleverd. Terwijl de zegevierende gladiatoren zich aan plunderingen overgaven stond hij alleen en verwonderd in Glabers weelderige paviljoen. ‘Als mijn droom niet mijn dood aankondigt, wat betekent hij dan in godsnaam?’
.
.
Na de ontsnapping uit de gladiatorenschool van Batiatus zou Spartacus zich hebben voorbereid op een enorme slavenopstand tegen het Romeinse leger. Hij trok naar de Vesuvius om daar een leger om te bouwen van zo’n 70.000 ontsnapte gladiatoren en slaven, die hij aan zware trainingen onderwierp. Spartacus leerde zijn mannen vechten zoals de Romeinen deden, omdat ze anders niet opgewassen zouden zijn tegen de Romeinse legioenen:
“Elke dag, met schild en zwaard, tot ze als legioensoldaten in een linie kunnen staan en bevelen opvolgen in plaats van als maniakken in de aanval te gaan”, zegt Spartacus in de roman van Kane. Historici zijn er erover eens dat Spartacus een talentvolle en strijdlustige legeraanvoerder moet zijn geweest.
.
.
De slavenopstand onder leiding van Spartacus zou uiteindelijk duren tot 71 voor Christus. Tijdens deze opstand versloeg Spartacus verschillende Romeinse legioenen, waaronder een aantal onder leiding van Marcus Licinius Crassus, een beruchte en rijke Romeinse politicus die zijn geld onder andere verdiende met de slavenhandel.
Ondanks de vele overwinningen maakte Spartacus’ leger tijdens de slagvelden ontelbare slachtoffers. In het werk van Kane wordt Spartacus’ strijdlust er echter niet minder om: “Ik zal die hufters in Rome eens duidelijk maken dat wij slaven kunnen doen wat we willen. Dat we in elk opzicht hun gelijken zijn.”
Nadat het leger van Spartacus, onderweg naar Sicilië, vanuit verschillende kanten werd aangevallen door Romeinse legioenen, vluchtte hij naar Brundisium. Daar haalde het leger van Crassus hem in, waarbij Spartacus in de slag die volgde rond 71 voor Christus uiteindelijk werd gedood.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus ‘’.
Openbaring 1 : 3 > ‘’ gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij ‘’.
Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt: ‘’ ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt ‘’.
.
.
.
.









