categorie : video
Dat zou je God kunnen noemen

preview en aankoop boek “De Openbaring “:
http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget




Geisha kimono
Volgens de oude Chinese annalen uit de 3e eeuw n.C. droegen de Japanners slechts grote stukken stof waarin een gat voor het hoofd was gemaakt. Daarna moet men er iets geciviliseerder uit hebben gezien want er zijn kleifiguren gevonden uit de 3e tot 7e eeuw en die tonen kledingstukken bestaande uit 2 delen, zowel bij de mannen (een broek en een soort hes) als bij de vrouwen (rok met een hes). Beiden hadden ook een band om als een riem.
Met de komst van het boeddhisme en met het aanhalen van de contacten met China, zien we ook dat men in Japan kleding van de Chinese Tang (dynastie) gaat dragen. In de Heiantijd (ong. 800-1200) als het hofleven een zeer kunstzinnige vorm gaat aannemen, dragen de vrouwen verschillende zijden (kimono-achtige) kleden over elkaar heen, men noemt dit ‘junihitoë’.
In de Kamakura-periode (ong. 1200-1300) gingen de mensen thuis ‘kosode’ dragen, aanvankelijk als een soort onderkleding maar dit ontwikkelde zich in de Muromachi-periode (ong. 1100-1573) tot formele buitenkleding. Deze kleding werd, met enige veranderingen in de loop van de tijd, de huidige kimono.
De kimono werd standaardkleding in de Azuchi-Momoyama-periode (1574-1600) en de ‘obi’, de huidige brede ceintuur, deed zijn intrede vanuit Korea, maar de ‘obi’ begon als een soort koord, die een aantal keren rond het lichaam werd gewikkeld. Er waren ook al verschillende patronen op de kimono’s.
In de Edo-periode (1602-1867) verdwenen de patronen van de kimono’s en werden de ‘obi’ breder. Dan volgt de Meiji-periode waarin de kimono standaardkleding wordt en ook als formele kleding geaccepteerd wordt. De daarop volgende Taisho-periode (begin 20ste eeuw), als de invloed van het Westen, na de openstelling van Japan, groter wordt, raakt men ook geïnteresseerd in de Westerse kleding, maar tot de Tweede Wereldoorlog blijft de kimono de standaarddracht.
Na de Tweede Wereldoorlog verdwijnt de kimono meer en meer. Nu ziet men oudere vrouwen nog kimono’s dragen op straat en de jonge vrouwen soms tijdens speciale dagen, zoals bij het trouwen, Nieuwjaarsdag, Meerderjarigheidsdag e.d. maar dit wordt wel steeds minder. De echte zijden kimono’s zijn erg duur (duizenden euro’s) en om die reden worden ze wel gehuurd als er een nodig is voor een speciale gelegenheid.
Tegenwoordig ziet men veel de kunststof kimono’s (veelal polyester) voor bijv. dagelijks gebruik, die veel goedkoper zijn (vanaf 50 euro). Hier hoeft geen grote obi bij gebruikt te worden maar volstaat een smal ceintuur. Bij het aantrekken van een dergelijke kimono gaat eerst de rechterkant over het lichaam en daarna wordt de linkerkant over de rechterkant getrokken.
De ceintuur wordt dubbelgeknoopt en zodanig gedraaid dat de knoop op de rug komt te zitten. Dit geldt voor vrouwen en voor mannen. Ook mannen droegen vroeger kimono’s, die vrijwel gelijk waren aan die van de vrouwen, behoudens de kleurstelling en motief. Mannen droegen meestal donkere kimono’s waarbij de ceremoniële kimono’s vaak versierd waren met het familiewapen.
De vrouwen in Japan dragen de veelal kleurrijke kimono. Tegenwoordig gebeurt dit overigens bijna uitsluitend nog bij speciale, min of meer formele gelegenheden. Men kent verschillende typen kimono’s. Zo onderscheidt men de furisode, een formele kimono met lange zakachtige mouwen, gedragen door ongetrouwde vrouwen, zodra zij volwassen zijn geworden (na viering van seijin no hi, de volwassenheidsdag).
Tijdens de huwelijksceremonie draagt een bruid veelal een uchikake, een witte bruidskimono en is zij eenmaal getrouwd dan draagt de vrouw bij formele gelegenheden een hômongi of een tomesode. Ook dit zijn formele kimono’s, maar de tomesode is veelal zwart en wordt gedragen bij een huwelijksceremonie van een familielid.
Als sokken onder de kimono draagt men de ‘tabi’, een witte sok met een aparte ruimte voor de grote teen, waardoor men als schoeisel de ‘geta’ kan dragen, een soort houten sandalen, of de ‘zori’, sandaalachtige schoenen van stro of tegenwoordig van kunststof.
furisode

uchikake

tomesode

Onder de kimono, maar over het gewone ondergoed, wordt een speciaal onderkleed gedragen, ‘nagajuban’ genoemd. Daarover heen komt dus de kimono, die door de obi wordt dichtgehouden. De obi is dus een brede ceintuur, die om het lichaam gewikkeld en vervolgens op de rug geknoopt wordt.
Men kent verschillende soorten knopen. Om deze obi op zijn plaats te houden, komt er weer een soort koord om de obi heen, de obijime. Ook dit koord wordt geknoopt, maar dan aan de voorkant. De uiteinden van dit koord kunnen, als de knoop is gelegd, op verschillende manieren achter de obijime worden gestopt.
nagajuban

obijime

Om de kimono dicht te houden, wordt als eerste een smalle ceintuur, een soort ‘hulp-obi’ omgedaan, de ‘date-jime’, met daar weer een klein riempje omheen om de date-jime dicht te houden. Dit riempje heet ‘koshihimo’. Dan komt de obi, een paar meter lange en ong. 30 cm brede ceintuur.
Om de obi aan de achterkant goed op zijn plaats te houden en het knopen te vergemakkelijken worden nog een paar hulp-ceinturen gebruikt, zoals de ‘arijimo’ (die ziet men niet) en de ‘obi age’. Deze wordt aan de voorzijde mooi geknoopt en zit direct boven de obi.
Om de obi stijf te houden wordt er nog een hulpstuk tussen geschoven, de ‘obi ita’. Dan wordt om de obi een smal koord geknoopt, de ‘obijime’. Deze kan rond of plat zijn, verschillende kleuren hebben en verschillend geknoopt zijn. De hier getoonde is de ‘fuji musubi’. De uiteinden hiervan (met de pluimpjes) wijzen normaal gesproken omhoog. Bij droevige gebeurtenissen, zoals begrafenissen, wijzen de uiteinden omlaag.
koshihimo

fuju musubi

Ook mannen droegen vroeger kimonoachtige kleding en tegenwoordig zijn de mannenkimono’s half hoge kimono’s, donker van kleur en soms met het familiewapen erop, de ‘montsuki’ of ‘haori’. Daaronder wordt een soort rok gedragen, de ‘hakama’. Ook de man heeft een obi, maar deze is smaller en eenvoudiger. De ‘tabi’ en ‘geta’ horen hier, net als bij de vrouwen, ook bij.
montsuki

hakama

tabi

.
.
.
.

Lazarus van Bethanië is te onderscheiden van de door de Heer Jezus verhaalde geschiedenis van de rijke man en de arme Lazarus (Luc. 16:19-31). In de Middeleeuwen werden de beide Lazarussen vaak verward. De naam Lazarus betekent ‘God heeft geholpen’.
Jezus hield van Martha, Maria en Lazarus (Joh. 11:5).
Joh 11:3 De zusters dan zonden tot Hem de boodschap: Heer, zie, hij die U liefhebt is ziek. Joh 11:5 Jezus nu had Martha en haar zuster en Lazarus lief.
De Heer sprak van Lazarus als ‘onze vriend’. Er is zeer weinig opgetekend van Lazarus, behalve het opvallende feit dat hij uit de doden is opgewekt door de Heer Jezus, een gebeurtenis die de heerlijkheid van God openbaarde en de Zoon van God verheerlijkte. Toen voor Jezus, enige tijd na dat wonderwerk, een maaltijd was bereid, was Lazarus een van degenen die daar in Bethanië met Hem aanlagen (Joh. 12:2).
Hij was een levende getuige van de kracht van de Zoon van God over de dood. Als zodanig liep Lazarus evenwel gevaar gedood te worden door de Joden die Jezus afwezen.
Joh 12:9 De grote menigte van de Joden dan wist dat Hij daar was; en zij kwamen, niet alleen om Jezus, maar ook opdat zij Lazarus zagen die Hij uit de doden had opgewekt. Joh 12:10 De overpriesters nu beraadslaagden om ook Lazarus te doden, Joh 12:11 omdat velen van de Joden om hem heengingen en in Jezus geloofden.
Het wonderwerk wordt alleen vermeld in het Johannes-evangelie, dat de Heer Jezus in het bijzonder voorstelt als de Zoon van God. Deze is machtig de doden op te wekken en eeuwig leven te schenken.
.
.
Pasteltekening van John Astria
.
.
.
Lazarus schijnt een type van het volk Israël te zijn. Nadat de Heer Jezus op het feest van de tempelwijding te Jeruzalem was verworpen en gevaar liep gegrepen te worden, ging Hij weg, over de rivier de Jordaan, buiten Judea. Daar werd hem van de zusters bericht dat Lazarus ziek was. “Heer, zie, die U liefhebt is ziek”. Terwijl de Heer elders is, is Israël ziek, ja, in een doodsslaap.
De Heer bleef “nog twee dagen in de plaats waar Hij was” (Joh. 11:6), in Bethanïe aan de overzijde van de Jordaan. Intussen was Lazarus gestorven. Een dag is voor de Heer als duizend jaar (2 Petr. 3:8). De Heer wacht nog tweeduizend jaar voordat Hij terugkomt en Israël opwekt. Jezus zei tot zijn leerlingen: “Onze vriend Lazarus slaapt, maar Ik ga heen om hem uit de slaap te wekken.” (Joh. 11:11).
‘Na twee dagen,’ zei de profeet Hosea, ‘zal Hij ons levend maken’.
Hos 6:2 Hij zal ons na twee dagen levend maken; op den derden dag zal Hij ons doen verrijzen, en wij zullen voor Zijn aangezicht leven.
Er zijn twee situaties opgetekend waarin Jezus weende.
Misschien heeft de Heer al in het geval van Lazarus aan Israël gedacht. Lazarus lag vier dagen in het graf. Dit wordt in elk geval gezegd om te onderstrepen dat Lazarus echt dood was. Heeft dit aantal een symbolische betekenis? Als deze vier dagen vierduizend jaren voorstellen, denken we aan de periode van 2000 jaar vóór tot 2000 jaar ná Christus, dus van Abraham tot aan de wederopstanding van Israël.
Het getal 4 in de Bijbel verwijst naar wereldwijde bekendmaking van gebeurtenissen.
In de buurt van Bethanië aan de Olijfberg riep de Heer Jezus: “Lazarus, kom naar buiten! De gestorvene kwam naar buiten…” (Joh. 11:43). Wanneer Jezus voor Israël terugkomt en Zijn voeten op de Olijfberg zullen staan, zullen zij zien “Hem die zij doorstoken hebben” (Opb. 1:7; Zach. 12:10). En het volk zal een geestelijke opwekking meemaken.
Ro 11:15 … wat zal hun aanneming anders zijn dan leven uit de doden?
Nadat Lazarus met de windsels uit de grafspelonk was gekomen, beval Jezus: “Maakt hem los en laat hem gaan.” (Luc. 11:44). De Heiland van Israël zal de banden van het volk, dat thans nog in benarde verhoudingen met de naburige volken is en zich afschermt (tegen aanslagen), doen losmaken en in vrijheid doen gaan.Velen geloofden in de Heer Jezus om het teken aan Lazarus gedaan. Ze kwamen om Jezus en Lazarus, de gestorvene en weer opgewekte, te zien. Kort daarna, bij de intocht van Jezus in Jeruzalem, wanneer het teken aan Lazarus nog een onderwerp van gesprek is (Joh. 12:17-18), zien we Grieken, die Jezus wensen te zien.
Om het toekomstige wonderwerk aan Isräel zullen velen, van heinde en ver, naar Israël komen. En van jaar tot jaar zullen de volken zich in Israël presenteren om de Heer te aanbidden en om het loofhuttenfeest te vieren.
Zac 14:16 En het zal geschieden, dat al de overgeblevenen van alle heidenen, die tegen Jeruzalem zullen gekomen zijn, die zullen van jaar tot jaar optrekken om aan te bidden den Koning, den Here der heirscharen, en om te vieren het feest der loofhutten.
.
.
.
.
Met de lelie kun je alle kanten op. Ze biedt je volop keus qua kleur, vorm en grootte.
De steel met meerdere bloemen is een opvallende verschijning. De kleuren gaan van sereen wit of roze tot stralend rood, geel, paars en oranje. Je hebt er ook met strepen, randjes of stippen. De bloemen kunnen een doorsnee hebben van 7 tot wel 25 cm. Sommige lelies hebben ook heel langgerekte kelken. Een dubbele lelie heeft geen meeldraden.
De lelie zit echt boordevol symboliek. De belangrijkste symbolische betekenissen zijn:
Hoe geniet je zo lang mogelijk van je boeket? Dit zijn enkele tips:
Extra tip: Ligt er ergens stuifmeel van je lelies? Veeg het niet weg met je hand, maar ga er zachtjes met een kurkdroog sponsje over.






.
.
.
Ben je op zoek naar een extra dimensie in je interieur? Het verrassende karakter van hangplanten is hiervoor ideaal! Met groene en bloeiende hangplanten kan je heel gemakkelijk effecten in perspectief creëren in een ruimte. Het groen biedt rust en laat tegelijk licht door. Ook bij hangplanten heb je heel wat keuze: van grillige vormen over spannende sprieten tot welvende bladeren.
.
.
.
De materialen bij je hangplanten mogen gerust tot de verbeelding spreken. Denk aan opvallend glanzende poten of hangers gemaakt van koorden of metaal dat in het licht steeds van kleur verandert. Voor het meest indrukwekkende en onwerkelijke effect hang je verschillende bloeiende hangplanten bij elkaar, op diverse hoogtes.
.
.
.
Rhipsalis is eigenlijk een cactus, maar dan zonder de stekels. Het is een snelle groeier die in lange ranken naar beneden hangt. Diepgroen van boven, wat ijler aan de uiteinden. Hij hangt graag op een lichte plek en kan zelfs volle zon verdragen, maar gedijt ook bij wat minder licht. De kluit mag tussen de gietbeurten een beetje uitdrogen. Hangt Rhipsalis in de zon dan heeft hij wat meer water nodig. Groeien de ranken te lang, dan kan je ze simpelweg terug in model knippen.
.
.
.
.
.
.
.
.
Het eerste wat opvalt is de grillige, uniek gelaagde bladweelde die royaal aan alle kanten naar beneden valt. Alsof dat niet al indrukwekkend genoeg is, bloeit Aeschynanthus ook nog eens met dieprode bloemen die verstopt zit-ten in paarse kokertjes: apart en een beetje geheimzinnig. Aeschynanthus heeft graag een lichte plek, maar hangt liever niet in direct zonlicht. In de winter is eenmaal per week water geven voldoende, in de zomer tweemaal per week. In het algemeen geldt: liever iets te weinig dan veel te veel water.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
De schitterende grijze sluier van Tillandsia usneoides laat licht door, maar dempt tegelijk alle felheid van buiten. Zeer decoratief, perfect voor gedeeltelijke verhullingen en spelen met dimensies. Deze plant hangt graag licht, maar niet in vol zonlicht. Deze Tillandsia heeft geen wortels en absorbeert vocht en voeding via speciale schub ben op de gekrulde, smalle bladeren. Twee keer per week benevelen met kalkarm water, liefst regenwater. Als de plant niet binnen vier uur weer droog is, gebruik je de volgende nevelronde best wat minder water.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
Kronkelende stengels, bloemen met een bizarre vorm: Ceropegia woodii geeft al snel het gevoel dat je naar een buitenaards wezen kijkt. De stengels zijn dun als draad, de hartvormige blaadjes zitten er als bedeltjes aan en de bloemen doen aan een opengewerkte lantaarn denken, vandaar zijn bijnaam: lantaarnplant. Het blad is prachtig grijsgroen gepatroneerd met spatvlekken en waterachtige patronen. Deze hangplant houdt van een lichte plek, maar kan ook in half schaduw hangen. Geef matig water, de kluit mag tussen de gietbeurten een beetje uitdrogen.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
Deze seventies-ster maakt een enorme comeback als groen gordijntje met ontelbare fijne blaadjes die iets van naaldjes weghebben. Asparagus oogt licht en luchtig en tegelijk zacht en sierlijk. Het is een van de weinige hangplanten die eerst omhoog groeit en daarna pas in hoge bogen gaat hangen. Door de lichte structuur van de stengels en bladeren lijken ze door de lucht te zweven. Asparagus wil geen volle zon, maar wel een lichte hangplaats. Geef regelmatig water, maar voorkom een voetbad en benevel eens per maand.
.
.
.
.
.
.