Category, categorie: The Bible explained/De Bijbel uitgelegd: video
.
.
Hosea 1-14 – Skip Heitzig
.
.






.
.
.
.
.
.
.
.
In het Bijbelboek Genesis wordt het lot van dieren meerdere malen gekoppeld aan dat van mensen en dragen dieren mede de gevolgen van de relatie tussen God en de mens. Namelijk bij de zondeval, tijdens de zondvloed en op het moment dat God het Noachitisch verbond sluit met Noach. Het zou vreemd zijn als de dieren op aarde de gevolgen merken van deze zaken, maar in de hemel ineens niet meer.
.
.
Met de zondeval, beschreven in Genesis 3, kwamen dood en vervloeking de wereld in. Voor de mensen hield dit in dat zij vanaf dat moment onvermijdelijk zouden sterven, dat het leven veel zwaarder zou worden en dat alle mensen in zonde geboren zouden worden (Ps. 51:7). Voor de dieren betekende dit echter ook een einde aan het goede leven. Dieren zouden jagers en prooien worden, ook van de mens. Dit alles was het gevolg van de zonde van de mens.
.
.
Wanneer God vanwege de slechtheid van de mensen besloot tot de zondvloed had dit vanzelfsprekend niet alleen impact op de mens, maar ook op de dieren. God besloot echter dat Noach, zijn gezin en zijn schoondochters een uitzondering moesten vormen (Gen. 6:18). Naast deze uitzondering zouden er echter ook onder de dieren uitzonderingen zijn.
Van elke diersoort een mannetje en een vrouwtje, van de reine dieren zeven paar (Gen. 7:2). Door de zonde van de mens werden de dieren ook hier het slachtoffer, maar door de rechtvaardigheid van Noach waren er ook dieren die gespaard werden.
.
.
In Genesis 9:8-17 sluit God een verbond met Noach, waarin Hij, onder andere, belooft dat er nooit meer een zondvloed zal zijn. In dit verbond wordt echter niet alleen de mens als verbondspartner genoemd, maar ook de dieren. God sluit het verbond met Noach en met “alle levende wezens die bij u zijn: het gevogelte, het vee en het wild gedierte” (Gen. 9:10).
Het bijzondere aan het verbond is dat er veel nadruk op de dieren wordt gelegd. Tot vijf maal toe spreekt God over Noach én al wat op aarde leeft (Gen. 9:10; 12; 15; 16; 17). Het verbond dat God met de mens sloot gold dus ook voor de dieren.
.
.
.
.
Onder christenen is het algemeen bekend dat de Bijbel verlossing voorzegt voor mensen, maar het lijkt erop dat niet alleen mensen verlost zullen worden. Als het gaat over de vraag wie er verlost en vernieuwd zullen worden wordt er namelijk gesproken over ‘alle vlees’, ‘de hele schepping’ en ‘alle dingen’.
.
.
In Lucas 3:4-6 citeert Jezus een profetie van Jesaja (Jes. 40:3-5) waarin hij voorzegde dat alle vlees het heil van God zou zien. Dit roept de vraag op wat Jesaja, en later Jezus, bedoelde met ‘alle vlees’. Doorgaans wordt dit geïnterpreteerd als ‘alle mensen’, maar het is niet duidelijk waarom het zo wordt geïnterpreteerd, omdat theologen doorgaans niet aangeven waarom zij het zo interpreteren.
Als het alleen over mensen had moeten gaan dan had er ook kunnen staan ‘alle mensen’, maar zowel in Jesaja als in Lucas wordt gesproken over ‘alle vlees’. Daardoor lijkt het ook dieren te omvatten, omdat die ook van vlees gemaakt zijn.
.
.
Volgens de apostel Paulus zouden niet alleen de mensen bevrijd worden, maar zou de schepping worden bevrijd van de dienstbaarheid aan de vergankelijkheid (Rom. 8:21-23). Als dieren ook bevrijd worden van vergankelijkheid dan moet er een link zijn tussen dieren in het hiernamaals en dieren in dit leven. Is die link er niet (als dieren hier sterven en als er in de hemel andere dieren zullen zijn, of geen dieren), dan zijn de dieren (en daarmee een deel van de schepping) niet bevrijd.
.
.
In Openbaringen 21:5 zegt Jezus dat Hij alle dingen nieuw zal maken. Ook hier lijken dieren deel te zijn van de vernieuwde schepping, omdat het vreemd zou zijn als dieren niet onder ‘alle dingen’ zouden vallen.
.
.
.
.
.
Onder christenen leeft het idee dat dieren geen ziel hebben. Een reden hiervoor is dat dieren in de Bijbel redeloos genoemd worden (Ps. 32:9; 73:22 – bron 2). De vraag is echter of ‘redeloos’ ook zielloos betekent. Dit lijkt niet het geval.
In het Genesis 1 en 2 staat dat niet alleen de mens levensadem ingeblazen kreeg en een levend wezen (nephesh) werd (Gen. 2:7), maar dat ook dieren de ‘adem van de levensgeest’ in hun neus hadden en daardoor levend (nephesh) zijn (Gen. 1:20; 30; 7:22).
Als mensen die nephesh zijn dus een ziel hebben, dan hebben dieren er ook één.
.
.
De Hebreeuwse term ‘nephesh’ kan worden vertaald als ‘adem’ of ‘leven’, maar ook als ‘ziel’. Daardoor wordt het inblazen van de levensadem in de neus van Adam door christenen gezien als het moment dat hij een ziel kreeg. Als dit zo is dan moet men stellen dat ook dieren een ziel hebben.
Men zou kunnen stellen dat ‘nephesh’ zijn betekent dat je daadwerkelijk leeft, omdat je adem haalt en dat het in het scheppingsverhaal niets zegt over het al of niet hebben van een ziel. Het lastige hieraan is dat toen de mens nephesh was geworden hij volledig af was. Hij moet op dat moment dus een ziel gehad hebben, want nadat de mens nephesh werd zien we niet meer dat God hem verder vormde.
.
.
Er staan in de Bijbel in ieder geval twee teksten over de manier waarop dieren in de hemel zich gedragen. Volgens die teksten zullen ze vredig zijn en zullen ze God aanbidden.
.
.
“Dan zal de wolf bij het schaap verkeren en de panter zich neder leggen bij het bokje; het kalf, de jonge leeuw en het mestvee zullen tezamen zijn, en een kleine jongen zal ze hoeden; de koe en de berin zullen samen weiden, haar jongen zullen zich tezamen neder leggen, en de leeuw zal stro eten als het rund; dan zal een zuigeling bij het hol van een adder spelen en naar het nest van een giftige slang zal een gespeend kind zijn hand uitstrekken.” (Jesaja 11:6-8 )
In de hemel zullen dieren die voorheen elkaar aanvielen en zelfs opaten vredig naast elkaar leven. Ook mensen zullen volledig veilig zijn en hoeven zich geen zorgen te maken over hoe dieren zich gedragen. Een wonderlijke situatie, helemaal omdat die dieren in hun vorige leven elkaars vijand waren.
.
.
“En alle schepsel in de hemel en op de aarde en onder de aarde en op de zee en alles wat daarin is hoorde ik zeggen: Hem, die op de troon gezeten is, en het Lam zij de lof en de eer en de heerlijkheid en de kracht tot in alle eeuwigheden.” (Openbaring 5:13 )
In een deel van zijn Openbaring hoort Johannes dat alle schepselen, inclusief dieren, de Vader (die op de troon zit) en de Zoon (het Lam) aanbidden. Het meest bijzondere in deze openbaring is niet eens dat de dieren God aanbidden, maar dat Johannes hen kan verstaan. De vraag die dit oproept luidt of mensen en verschillende soorten dieren in de hemel met elkaar kunnen praten.
.
.
Pasteltekening van John Astria
.
.
Wij houden van onze huisdieren en we willen weten wat er met hen zal gebeuren. Wat Gods Woord zegt over de dood van de dieren is te vinden in Prediker 3 vers 1:
“Wie bemerkt, dat de adem der mensenkinderen opstijgt naar boven en dat de adem der dieren neerdaalt naar beneden in de aarde ?”
Bemerk, dat dit werd geschreven door Salomo, de wijste mens die ooit had geleefd, maar die deze uitspraak afsloot met een vraagteken. Zelfs Salomo wist het antwoord op deze vraag niet. Daarom is het fout te concluderen uit deze tekst dat de dieren na hun dood geen bestemming zullen krijgen, ze hebben een ziel. Het vraagteken is uitermate belangrijk.
Laten we daarom eens kijken naar een heel andere tekst:
“Wat geen oog heeft gezien, geen oor heeft gehoord, wat in geen mensenhart is opgekomen, dat heeft God bereid voor wie Hem liefhebben.” 1 Korintiërs 2 vers 9
en
“Hij heeft ons samen met Hem laten opstaan en laten zetelen in de hemelse regionen, in Christus Jezus, om in de toekomstige eeuwen de overgrote rijkdom van zijn genade te tonen, door zijn goedheid jegens ons in Christus Jezus.” Efeziërs 2 vers 7
.
.
De Here God houdt van ons. Hij wil ons zegenen. “verlustig u in de Here; dan zal Hij u geven de wensen van uw hart.” Psalm 37 vers 4 Hoe veel betekent de Here voor jou? Verlustig jij jezelf in de Here? Is Hij de ‘nummer Een’ van jouw leven? Houdt met je hele hart van de Heer; Hij houdt van jou. Hij kent de wensen van ons hart. Misschien dat de wens van jouw hart, dat je je geliefde dier zult terugzien, ook door Hem wordt gezien?
.
.
Een meisje van ongeveer drie jaar werd ernstig ziek en naar het ziekenhuis gebracht, waar haar hart stopte. Gedurende zeven minuten werd zij gereanimeerd voordat haar hart weer ging kloppen. Gelukkig herstelde zij. Enkele maanden daarna zat het kind aan tafel, toen het plotseling tegen haar moeder zei: ‘ik wilde dat ik de Heer Jezus weer kon zien’.
De moeder’s adem stokte, ‘wanneer heb jij de Heer Jezus dan gezien?’ vroeg ze. ‘Toen ik zo ziek was, in het ziekenhuis’ antwoordde het meisje. De moeder vroeg door en vroeg wat ze dan gedaan had. ‘We hebben gewandeld en ik hield Zijn hand vast’ zei het meisje. ‘en we hebben gespeeld met de jonge hondjes. Daarna zei de Heer Jezus dat ik terug moest gaan en toen werd ik wakker in het ziekenhuisbed’.
.
.
Ik geloof voor geen moment dat de Here God Zijn kinderen de simpele en blijde genoegens zal onthouden (zoals liefde voor en van onze dieren) die tijdens ons leven zo’n zegen waren. Maar trek je eigen conclusies. Hoe dan ook: een ieder die de Heer Jezus niet kent als zijn/haar Verlosser, en die sterft in de zonden, zal de onuitsprekelijke zegeningen missen die God aan Zijn kinderen heeft beloofd! De tijd, waarin verlorenen alsnog gered kunnen worden, loopt ten einde. Maak er ernst mee!
.
.
.
.
.
.
.
.
Wie zal op deze vragen het beslissende antwoord geven? Wel, dat doet de Bijbel zelf. Nu, en niet eerder, komt de zelfgetuigenis van de Bijbel aan de orde. Als we door de boodschap van de Bijbel tot bekering en geloof in Jezus Christus zijn gekomen, zal de getuigenis dat de Bijbel over zichzelf geeft, voor ons beslissend moeten zijn. We zullen dit getuigenis nu gaan onderzoeken.
01. Het heeft geen zin met ongelovigen te spreken over het gezag van de Bijbel. Men moet eerst de kracht van de Schrift hebben ervaren om over zijn gezag te kunnen praten. Iets anders wordt het, wanneer met belijdt dat de Bijbel een Goddelijk boek is. Dan is er namelijk een basis om van uit te gaan. Hier valt een vergelijking te trekken met het optreden van Paulus. In Handelingen 17:16-31 vinden we een verslag van zijn toespraak tot de heidenen te Athene. Hij haalt hij in deze rede geen Schriftplaatsen aan.
02. Vergelijken we daarmee nu eens de wijze waarop hij in de synagoge te Antiochië de Joden toespreekt, die het Goddelijke karakter van de Schrift erkenden (Handelingen 13:16-41). Er komen 5 aanhalingen uit het Oude Testament in die toespraak voor. In dit geval was het dus op zijn plaats om de bewijskracht van de Schrift te laten voelen. Zo kunnen wij ieder uit de Schrift bewijzen dat de Bijbel het onfeilbaar, onaantastbare Woord van God is. Of men dit getuigenis wil aanvaarden is natuurlijk een andere zaak.
03. Welnu, wat zegt de Bijbel over zichzelf? We beginnen met het getuigenis van het Oude Testament. Zo vinden we in Psalm 119 uitspraken over de wet of Thora, de vijf boeken van Mozes.
Dit doet de psalmist niet één keer, maar vele malen.
04. Vaak ook getuigt iemand in de Bijbel van zijn eigen mondelinge of schriftelijke mededelingen dat het Gods Woord is.
David in 2 Samuël 23: ‘De Geest des Heren spreekt door mij, zijn woord is op mijn tong’
Amos 1: 3: ‘zo zegt de Heer’
Haggaï 1: 3: ‘en eht Woord des Heren kwam door de dienst van de profeet Haggaï
Zacharia 9:1: ‘Godsspraak, het Woord des Heren’.
Hier zouden talloze voorbeelden aan toe te voegen zijn.
05. De Heer Jezus zei over het Oude Testament in het slot van Johannes 5 :
Hier stelt de Heer het gezag van de geschriften van Mozes even hoog als dat van de woorden die Hij zelf spreekt. Zo Sprak de Heer Jezus de woorden van God. (zie Johannes 7:16; 12: 49). Welnu, dan zijn de boeken van Mozes ook Gods Woord.
06. De volkomen betrouwbaarheid van Mozes en de profeten blijkt ook uit Lukas 16. Wat antwoordt Abraham aan de rijke man? ‘Indien zij niet naar Mozes en de profeten luisteren, zullen zij ook indien iemand uit de doden opstaat, zich niet laten gezeggen’. De boeken van het Oude Testament hebben dus, volgens dit woord van de Heer, een nog groter gezag dan een boodschap, die rechtstreeks door een persoon, die uit de doden zou zijn opgestaan, zou worden gebracht.
07. Dat de geschriften van de profeten het absolute Woord van God zijn, volgt ook uit het verwijt dat de Heer de Emmaüsgangers maakt: ‘O, onverstandigen en tragen van hart, dat gij niet gelooft alles wat de profeten gesproken hebben'(Lukas 24).
08. Er zijn twee heel sterk sprekende uitdrukkingen uit de mond van de Heer Jezus, die laten zien hoe onfeilbaar de Schrift is. In Johannes 10: 35 lezen we: ‘De Schrift kan niet gebroken worden’. Zelfs de kleinste lettertekens, de ‘jota’ en de ‘tittel’ staan er niet tevergeefs. Dit blijkt uit de tweede uitspraak, vermeld in Mattheüs 5 vers 18.
09. In al Zijn gesprekken met de Joden heeft de Heiland nooit het gezag van de Schriften aangetast. Integendeel, voor Hem had de Schrift het laatste woord. Regelmatig komen we tegen, dat Hij zegt: ‘Hebt gij nooit of niet gelezen ‘(zie: Mattheüs 21:16; 22:31) en dan citeert hij een tekst uit de Schrift.
10. Zelfs bij de verzoeking in de woestijn verslaat de Heer de satan niet met Zijn eigen woorden. Hij beroept zich tot driemaal toe op de Schriften met: ‘er staat immers geschreven’ (Mattheüs 4). En de satan moet daarvoor wijken.
Laten ook wij, ondanks alles wat er tegenwoordig geleerd wordt, dit voorbeeld van onze Heiland volgen, opdat we bewaard blijven voor een dwaalweg die tot oneer is van Zijn Naam en waarop we ‘schipbreuk lijden aangaande het geloof'(1 Timotheüs 1:19).
.
.
.
Kimberliet is een stollingsgesteente van magma die van grote diepte en met grote snelheid naar boven is geko-men. Hierdoor vormt het zich in karakteristieke buizen. Het gesteente is bekend vanwege het feit dat er soms na-tuurlijke diamanten in voorkomen. Kimberliet is samengesteld uit een groot aantal verschillende mineralen, waar-onder olivijn, ilmeniet, flogopiet, granaat en spinel in een matrix van o.a. serpentijn, magnetiet, calciet en apatiet. Kimberliet heeft een donkergrijze tot zwarte kleur.
.
.
.
.
.
.
.
.
Kimberliet is vernoemd naar de Kimberley-mijn in Zuid-Afrika.
.
.
.
.
.
Kimberliet komt voor in Zuid-Afrika, Australië, Brazilië, India, Noord-Amerika en Siberië.
.
.
.
.
.
samenstelling: varieert
dichtheid: 3,3 – 5,7
.
.
.
.
.
.
.
Goed te herkennen aan
de bolvormige bloeiwijze van lichtpaarse bloemetjes aan het einde van de stengel
.
.
Algemeen
Watermunt is een overblijvende plant van 30 tot 90 cm hoog, die zeer algemeen voorkomt op natte, voedselrijke tot brakke grond aan waterkanten en sloten, moerassen, riet- en blauwgrasland, duinvalleien en lichte loofbossen.

Bloem
Ze bloeit van juli tot in de herfst met lichtpaarse bloemetjes, die in bolvormige bloeiwijze (schijnkransen vervormd tot bundel) aan de top van de stengel staan. Meestal staan daar onder nog 1 of 2 schijnkransen of bloeiende zijtakjes in de bladoksels. De meeldraden steken buiten de bloemen.
Blad en stengel
De stengel en bladeren zijn soms bruinrood gekleurd. Als je over het blad wrijft, ruik je de heerlijke muntgeur.

Toepassingen
Watermunt is zowel vers als gedroogd te gebruiken. Ze is goed te gebruiken bij spijsverteringsproblemen, ver-koudheid en zwangerschapsmisselijkheid. Je kunt er een heerlijke thee maken.

Vergelijkbare soorten
| akkermunt : heeft geen bloeiwijze aan de stengeltop.
polei : nauwelijks behaard, geen bloeiwijze aan de top, staat op de rode lijst. kransmunt : (kruising akkermunt-watermunt, lijkt het meest op watermunt) de meeldraden steken niet buiten de bloem |
.
.
.
Algemeen
– lipbloemenfamilie (Lamiaceae)
– overblijvend
– zeer algemeen voorkomend
– 30 tot 90 hoog
– tolerant voor brak/zout water
Bloem
– lichtpaars
– vanaf juli tot in de herfst
– schijnkrans of bundel
– lipbloem
– 4 tot 7 mm
– 4 meeldraden
– 1 stijl
Blad
– kruisgewijs tegenoverstaand
– enkelvoudig
– eirond tot langwerpig
– top spits
– rand gezaagd tot gekarteld
– voet afgerond of wigvormig
– veernervig
– behaard
– muntgeur bij kneuzen
Stengel
– rechtop of stijgend
– behaard
– scherp vierkant
zie wilde bloemen
.
.
.
.
.
.
.
.
Als je niet overdrijft, zou het je libido ten goede kunnen komen. Maar als je tien gram saffraan in een keer naar binnen kiepert, is het voor goed gedaan met de liefde. Saffraan bezit een giftige stof die op het centrale zenuwstelsel inwerkt. Je nieren kunnen daardoor behoorlijk in de knoop geraken.
.
.
.
.
.
Salie reinigt het lichaam van slijm en vergif. Maar salie stopt ook de melkvorming, dus hou daar rekening mee als je borstvoeding wil geven.
.
.
.
.
.
Scharlei staat vooral bekend als een plant die je prikkelbaarheid, nerveuze spanning en slapeloosheid door oververmoeidheid, in goede banen probeert te leiden. Vooral de etherische olie staat bekend als een echt ontspanningsmiddel en schenkt een gevoel van welbehagen.
.
.
.
.
.
Sedum werkt uitstekend tegen aften en geneest ontstoken schrammetjes.
.
.
.
.
.
Selderij versterkt de zenuwen, dus een uitstekende groente voor mensen die intellectueel, zenuwslopend werk doen. Selderij stilt ook de honger en drijft het vocht in je lichaam makkelijker af. Selderij is ook een echte ingewandenreiniger.
.
.
.
.
.
Sleutelbloem is goed tegen hoofdpijn veroorzaakt door nerveuze spanningen en slapeloosheid. Zowel de bloemen als de wortels hebben een slijmoplossende werking.
.
.
.
.
.
Smeerwortel staat bekend voor zijn helende werking bij kneuzingen, verstuikingen en breuken. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat de stof allantoïne het weefsel rond de wonde aanzet tot nieuwe groei.
.
.
.
.
.
Soja zou de de zenuwen versterken.
.
.
.
.
.
Spelt vormt bij zijn eter “goed vlees en goed bloed, blije zin en een opgewekt menselijk denken”.
.
.
.
.
.
Sporkehout zet je darmen aan om voort te maken, en is daarom vaak terug te vinden in middeltjes tegen zwaarlijvigheid.
.
.
.
.
.
.

