Maandelijks archief: oktober 2024

Boodschap 219 van ” Boodschappen uit de kosmos “

Standaard

categorie : Boodschappen uit de kosmos 

.

.

De antichrist of de valse profeet

De antichrist of de valse profeet

 

Pasteltekening van John Astria

.

.

WANNEER IEMAND DE NAAM VAN GOD

.

CITEERT VOOR POLITIEKE DOELEINDEN,

.

DAN IS DAT DE TONG VAN

.

SATAN DIE SPREEKT

.

.

WHEN SOMEONE QUOTES THE NAME OF GOD FOR POLITICAL PURPOSES,

.

THEN THAT IS THE TONGUE OF SATAN SPEAKING

.

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

JOHN ASTRIA

Het verhaal van Lucifer

Standaard

categorie : religie

 

 

 

.

.

Het verhaal van Lucifer – Zijn oorsprong

 

Om de oorsprong van Lucifer te kunnen vinden, richten we ons tot het Oude Testament. De naam Lucifer is vertaald uit het Hebreeuwse woord “helel”, wat “helderheid” betekent. Deze aanduiding, die dus op Lucifer betrekking heeft, is de uitlegging van de “morgenster” of “zoon des dageraads” die in Jesaja wordt voorgesteld.

Jesaja 14:12-14 :

“O morgenster, zoon van de dageraad, hoe diep ben je uit de hemel gevallen. Overwinnaar van alle volken, hoe smadelijk lig je daar geveld. Je zei bij jezelf: Ik stijg op naar de hemel, boven Gods sterren plaats ik mijn troon. Ik zetel op de toppen van de Safon, de berg waar de goden bijeenkomen. Ik stijg op tot boven de wolken, ik evenaar de Allerhoogste” 

De context van deze passage slaat op de koning van Babylon zoals hij in zijn trots, zijn pracht en zijn val wordt voorgesteld. Maar de tekst is feitelijk gericht aan de macht die achter de boosaardige Babylonische koning steekt. Geen enkele sterfelijke koning zou beweren dat zijn troon zich boven die van God bevindt of dat hij de Allerhoogste evenaart. De boze macht achter de Babylonische koning is Lucifer, de “zoon des dageraads”.

 

 

LUCIFER-BOOK-FOUR-Cv_534f20ce29ac55.68373294 (1)

 

 

 

Het verhaal van Lucifer – Zijn geschiedenis

 

Lucifer is gewoon een andere naam voor Satan, die als hoofd van het boosaardige wereldbestel de werkelijke, maar onzichtbare macht is achter de opeenvolgende heersers van Tyrus, Babylon, Perzië, Griekenland, Rome en alle andere kwaadaardige heersers die we in de geschiedenis van de wereld hebben zien komen en gaan. Deze passage gaat verder dan de menselijke geschiedenis en markeert het begin van de zonde in het universum en de val van Satan in het reine, zondeloze firmament vóór de schepping van de mens.

We zien ditzelfde thema in : Ezechiël 28:11-19

“De HEER richtte zich tot mij: ‘Mensenkind, hef over de koning van Tyrus een dodenklacht aan: “Dit zegt God, de HEER: Eens was jij een toonbeeld van perfectie, vervuld van wijsheid en volmaakt van schoonheid. Je leefde in Eden, in de tuin van God, en je was bekleed met een keur van edelstenen: met robijn, topaas en aquamarijn, met turkoois, onyx en jaspis, met saffier, granaat en smaragd, gevat in gouden zettingen. Op de dag dat je geschapen werd lagen ze klaar. Je was een cherub, je vleugels beschermend uitgespreid, je was door mij neergezet op de heilige berg van God, waar je wandelde tussen vurige stenen. Je was onberispelijk in alles wat je deed, vanaf de dag dat je was geschapen tot het moment dat het kwaad vat op je kreeg. Door al het handeldrijven raakte je verstrikt in onrecht en geweld, en je zondigde; daarom, beschermende cherub, verbande ik je van de berg van God en verdreef ik je van je plaats tussen de vurige stenen. Je schoonheid had je hoogmoedig gemaakt, je had je wijsheid en luister verkwanseld. Daarom heb ik je op de aarde neergeworpen, als een schouwspel voor andere koningen. Door je grote schuld, door je oneerlijke handel, waren je heiligdommen ontwijd. Daarom liet ik een vuur in je oplaaien dat je heeft verteerd, ik maakte van jou een hoop as op de grond, voor ieder die het wil zien. Alle volken die je kenden staan verbijsterd; je bent een schrikbeeld geworden, tot in eeuwigheid zul je er niet meer zijn.”

Deze passage lijkt gericht tot de “koning van Tyrus”. In werkelijk is het echter gericht aan degene die achter de boosaardige koning van Tyrus schuilgaat. Deze passage bevat tevens profetieën – op zowel de korte als de lange termijn – over Lucifer/Satan, omdat zijn laatste einde nog niet heeft plaatsgevonden en pas na het laatste oordeel zal plaatsvinden ( zie Openbaring 20), ook al is het zeker dat dit einde op deze manier zal plaatsvinden. Deze passages in Jesaja en Ezechiël hebben beide niet zozeer betrekking op Lucifer/Satan zelf, maar op zijn werk en zijn planning via aardse koningen en heersers die zichzelf een goddelijke eer toekennen. Zij heersen, bewust of onbewust, feitelijk in de geest van Satan en voor de doelen van Satan.  Satan is de vorst achter de machten van dit bedorven wereldbestel.

Efeziërs 6:12 :

“Onze strijd is niet gericht tegen mensen maar tegen hemelse vorsten, de heersers en de machthebbers van de duisternis, tegen de kwade geesten in de hemelsferen” . Satan is de vorst achter de machten van dit bedorven wereldbestel ”.

Let vooral eens op de volgende uitspraak in de passage uit Ezechiël: “de gezalfde cherub”. Een dergelijke uitspraak zou nooit van toepassing kunnen zijn op een menselijke koning. Nee, deze heeft betrekking op Lucifer/Satan die achter de menselijke koning zit. Deze engel is het hoogste wezen dat de Heer ooit heeft geschapen.

De Heer zegt over hem:

“Eens was jij een toonbeeld van perfectie, vervuld van wijsheid en volmaakt van schoonheid”.

Satan was het meest wijze schepsel dat God ooit had geschapen. Geen enkele andere engel en geen enkel ander wezen werd geschapen met de intelligentie die God aan dit schepsel had gegeven. God zegt dat dit schepsel “volmaakt van schoonheid” is. Na de Heilige Drie-eenheid – de Vader, de Zoon en de Heilige Geest – is dit wezen tegenwoordig het hoogste wezen.

Ezechiël 28:14 :

“Gij waart een gezalfde, overdekkende cherub”.

Dit vertelt ons dat we het niet over een menselijke koning hebben. Het woord cherub is enkelvoud voor cherubim. De cherubim zijn een symboliek voor Gods Heilige aanwezigheid en Zijn onbereikbare grootheid. Deze cherubim nemen een unieke positie in. De “gezalfde, overdekkende cherub” is het beeld dat in de Hof van Eden voor ons geschetst wordt, nadat Adam en Eva waren weggestuurd en God de cherubim had opgesteld om de weg naar de levensboom te bewaken.

Ook toen Mozes de verzoeningsplaat ( de Arc van het Verbond ) maakte en deze in het Allerheiligste van de tabernakel plaatste, kwam Gods heerlijkheid er naartoe en ontmoette Hij Mozes tussen de cherubim. Zij “overdekten” de verzoeningsplaat met hun vleugels. We zien dus dat Satan een cherub was en dat zijn taak bestond uit het bewaken van de troon van God Zelf. Zijn taak was de bescherming van Gods heiligheid. Satan nam de hoogste van alle posities in, een positie die hij verachtte en verloor.

We zien hier in Ezechiël een beschrijving van de hoogste van Gods schepsels, een musicus met perfecte wijsheid en onbeschrijflijke schoonheid, en bovendien met een verheven functie. Maar, dit schepsel met al zijn prachtige eigenschappen had ook een vrije wil. Op een dag zei God tegen dit schepsel: “Er is ongerechtigheid in jou gevonden”.

 

 

lucifer_embrace_by_jdelnido-d6d1en8

 

 

 

Het verhaal van Lucifer – Zijn status

 

Wat voor ongerechtigheid werd er in hem gevonden? In het boek Ezechiël laat God ons in het prille begin als het ware over Zijn schouder meekijken, zodat we de oorsprong en de schepping van Satan kunnen zien. Maar waarom zegt God dit? Wat is deze ongerechtigheid?

Jesaja 14:13-14 :

“Ik stijg op naar de hemel, boven Gods sterren plaats ik mijn troon. Ik zetel op de toppen van de Safon, de berg waar de goden bijeenkomen. Ik stijg op tot boven de wolken, ik evenaar de Allerhoogste.”

Heb je gemerkt hoe vaak Satan in deze passage eigenlijk “ik zal” zegt? Hij zegt dat hij zijn troon boven Gods sterren zal plaatsen. Het woord “sterren” verwijst hier niet naar de sterren die we ’s nachts kunnen waarnemen. Hiermee worden de engelen van God bedoeld. Met andere woorden: “Ik zal de hemel overnemen, ik zal God zijn”. Dat is de zonde van Lucifer/Satan en dat is de ongerechtigheid die er in hem werd gevonden. Hij wil geen dienaar van God zijn. Hij wil de dingen niet doen waar hij voor geschapen werd. Hij wil zelf gediend worden en er zijn miljoenen mensen die ervoor gekozen hebben om juist dat te doen: hem dienen. Zij hebben naar zijn leugens geluisterd en ervoor gekozen om hem te volgen. Eva geloofde de leugen dat zij net als God zou zijn. De reden dat Lucifer/Satan haar met die leugen verleidde was dat dit precies datgene is wat hij zelf wil: God zijn.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

Mookaiet

Standaard

categorie :  Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

Algemene informatie

 

Mookaiet , ook Australische jaspis genoemd,  is een variëteit jaspis en is geel, bruin of roodachtig van kleur.

 

 

ruw

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: SiO2

hardheid: 6-7

dichtheid: 2,64

 

 

ruw

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Blaartrekkende boterbloem : Ranunculus sceleratus

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

266px-ranunculussceleratus-bloem-hr

 

 

 

Goed te herkennen aan
– plant aan de waterkant met
– kleine gele bloemetjes met in het midden een groen vruchthoofdje  met talrijke vruchtjes

 

 

 

bloem4-g

 

 

 

Algemeen

 

Blaartrekkende boterbloem is een zeer algemeen voorkomende, eenjarige plant met kleine gele bloemetjes. Ze kan 70 cm hoog worden. Ze groeit op open, natte, stikstofrijke grond aan sloten, op drooggevallen plaatsen, soms in het water, maar dan met grote drijvende bladeren en niet bloeiend. Van alle boterbloemen is de blaartrekkende boterbloem het meest giftig. Het sap geeft bij contact rode vlekken, blaren en zweren op de huid.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Blaartrekkende boterbloem bloeit vanaf mei tot ver in de herfst. De bloemen hebben 5 kroonbladen en 5 teruggeslagen kelkbladen. Beiden zijn geel. De kroonbladen zijn nauwelijks langer dan de kelkbladen. Terwijl kroon- en kelkbladen nog niet afgevallen zijn groeit in het midden van de bloem het groene vruchthoofdje met talrijke vruchtjes.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De onderste bladeren zijn gesteeld en getand of diep ingesneden, de bovenste ongesteeld en 3-slippig. Alle bladeren zijn glanzend. De stengels zijn dik, vlezig en hol.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

ranonkelfamilie (Ranunculaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen voorkomend
– 5 tot 70 cm

Bloem
– bleekgeel
– vanaf mei t/m oktober
– gesteeld alleenstaand
– 5 tot 10 mm
– stervormig
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 teruggeslagen kelkbladen
– kroon even lang als kelk of iets langer
– meer dan 20 meeldraden
– meer dan 60 stijlen

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– vlezig, van boven glanzend
– verdeeld in 3 lobben
– bovenste bladeren niet gesteeld
– top stomp
– rand getand of diep ingesneden
– voet hartvormig
– handnervig

Stengel
– rechtop
– vrijwel kaal
– gegroefd

zie wilde bloemen

 

 

botanische-tekening-extragr-blaartrekkende-boterbloem

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

Aristoteles, een briljante wetenschapper

Standaard

categorie : beroemde mensen

 

 

 

In de 4e eeuw voor Christus ontpopte de jonge Aristoteles (384-322 voor Christus) zich als de meest getalenteerde student aan de Academie van Plato. Hij liet zich inspireren door de denkbeelden van Plato, maar zag diens filosofie vooral als een uitdaging. Aristoteles was de laatste van de drie grote Griekse denkers, en legde met zijn uitvoerige filosofische overdenkingen een belangrijke basis voor de westerse filosofische traditie.

 

 

aristotlereliefbust

 

 

Aristoteles wordt gezien als een homo universalis. Hij hield zich namelijk bezig met vrijwel alle wetenschappen die destijds beoefend konden worden, van filosofie tot wiskunde en van natuurwetenschappen tot letterkunde. In tegenstelling tot zijn leermeester Plato, die gefascineerd was door abstracte, ‘eeuwige vormen’, had Aristoteles vooral belangstelling voor de concrete, levende natuur. Waar Plato redeneerde vanuit het menselijk verstand, gebruikte Aristoteles de empirische waarneming als uitgangspunt van zijn filosofische project.

 

 

 

Plato versus Aristoteles

 

Plato maakte onderscheid tussen een zintuiglijke werkelijkheid, de wereld zoals wij die ervaren, en een verheven, abstracte wereld van de ‘eeuwige ideeën’. Iedere concrete waarneming vormde volgens hem een afspiegeling van dat wat ‘echt’ bestaat in die ideeënwereld. Volgens Aristoteles bleef Plato daarmee teveel in een mythisch wereldbeeld hangen. Aristoteles was iets nuchterder: voor hem vormde de waarneembare wereld om hem heen gewoon de ‘echte’ werkelijkheid, en werden abstracte ideeën juist op basis van deze wereld gevormd.

 

 

 

Belang van zintuiglijke waarneming

 

Toch maakte hij dankbaar gebruik van Plato’s overpeinzingen. Aristoteles was net als Plato van mening dat bijvoorbeeld de ‘paardheid’ van een paard eeuwig en onveranderlijk is. Maar, zo beweerde hij, zo’n idee kan pas in ons hoofd ontstaan nadat we een aantal paarden hebben gezien. Er bestaan geen aangeboren ideeën: alles wat de mens denkt is gebaseerd op waarneming. Wel bezitten individuen volgens Aristoteles het aangeboren vermogen om te categoriseren. Met het verstand worden zintuiglijke indrukken ondergebracht in groepen en een veelheid aan subgroepen, zoals ‘levend’ en ‘levenloos’, ‘dier’ en ‘mens’, en ‘hond’ en ‘kat’.

 

 

 

Materie en vorm

 

Het belangrijkste onderscheid dat Aristoteles maakte in zijn analyse van natuurverschijnselen is dat tussen materie en vorm. Materie betreft het ‘materiaal’ van een verschijnsel, terwijl de vorm bestaat uit ‘eigenschappen’ ervan. Volgens Aristoteles kon een ding niet worden geïdentificeerd op basis van de materie. Er is altijd sprake van geordende materie: materie, plus nog iets anders: de vorm. Zo verwijst de vorm van bijvoorbeeld een paard naar de verzameling van dingen die een paard kenmerken, zoals hinniken en galopperen. Dat wat voor alle paarden gelijk is, valt onder de vorm, de categorie of soort ‘paard’. Maar natuurlijk is niet ieder paard exact hetzelfde. Onderlinge verschillen en afwijkingen tussen paarden onderling vallen onder de materie. Materie en vorm zijn in onlosmakelijk met elkaar verbonden, zoals lichaam en ziel samen een mens definiëren.

 

 

Geschriften van Aristoteles

 

 

Aristoteles als systeemfilosoof

 

Aristoteles kan worden aangemerkt als een ‘systeemfilosoof’, door de wijze waarop hij alles in termen van categorieën probeerde te beschrijven. Bij zijn indeling van natuurverschijnselen in groepen (bijvoorbeeld levend en levenloos) ging hij uit van wat dingen ‘kunnen’. Zo onderscheidt de mens zich bijvoorbeeld door het vermogen om rationeel te denken. Daarnaast beweerde hij dat alle dingen en verschijnselen een ‘doeloorzaak’ bevatten. Zo regent het bijvoorbeeld niet omdat afgekoelde waterdamp door de zwaartekracht in regendruppels naar beneden valt, maar omdat gewassen water nodig hebben. Alles in de natuur heeft op die manier een ‘levensdoel’. Tegenwoordig wordt dit idee veelal verworpen. Zo wordt niet per se gedacht dat appels aan de boom groeien om door mensen geplukt en opgegeten te worden, zoals Aristoteles wel zou beweren.

 

 

 

Aristoteles’ deugdenethiek

 

De filosofie van Aristoteles kende ook een ethische dimensie. Volgens hem kon de mens alleen een gelukkig leven leiden als alle menselijke vermogens goed worden benut. Volgens zijn deugdenethiek zou ieder mens moeten streven naar eudaimonia: gelukzaligheid. De ‘gulden middenweg’ vormt hierbij de sleutel. Een goed mens is hij die bijvoorbeeld niet laf of roekeloos is, maar moedig. Dit ‘gulden middenweg’-idee is op alles van toepassing. Van evenwicht en matigheid wordt de mens gelukkig en bereikt hij eudaimonia, aldus Aristoteles.

 

 

 

Weerlegging van Herakleitos

 

Reflecterend op Aristoteles filosofische voorgangers, heeft zijn gedachtegoed enkele implicaties. Neem het voorbeeld van de presocraat Herakleitos, die van mening was dat het onmogelijk is om tweemaal in dezelfde rivier te stappen. Omdat een rivier ‘stroomt’ en continu in beweging is, is het immers nog geen twee seconden dezelfde rivier, zo argumenteerde Herakleitos. Aristoteles vond dit onzin. De rivier bestaat immers niet slechts bij de gratie van haar materie, het water. Ondanks dat het water stroomt en de materie dus continu verandert, behoudt de rivier als geheel namelijk zijn vorm. En door het voortbestaan van deze vorm, behoudt de rivier ook zijn ‘identiteit’ als rivier. Daarom is een rivier niet op twee momenten verschillend, en is het prima mogelijk om vaker in dezelfde rivier te stappen.

 

 

Aristoteles’ vrouwbeeld

 

Het onderscheid dat Aristoteles maakte tussen vorm en materie had overigens nogal kwalijke gevolgen voor zijn ‘vrouwbeeld’. Vrouwen zag hij als onvolledige mannen, ze misten iets. Volgens Aristoteles erfden kinderen bovendien alleen mannelijke eigenschappen. In zijn bewoordingen verschaft de ‘passieve en ontvangende’ vrouw die een kind baart slechts de materie, terwijl de ‘actieve en vormende’ man de essentiële vorm voor zijn rekening neemt. In de middeleeuwen droeg dit idee onder meer bij aan de visie op de ‘ondergeschikte’ vrouw. Niettemin bood Aristoteles’ filosofie inzicht in natuurverschijnselen die tot op de dag van vandaag hun waarde bewijzen, en waar de westerse filosofie nog eeuwen op voort kon borduren.

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

1 Samuel 19-20 / David and (en) Jonathan

Standaard

Category, categorie: The Bible explained/De Bijbel uitgelegd: video

 

.

1 Samuel 19

1 – 11

Saul wil David doden

12 – 24

Davids vlucht

1 Samuel 20

1 – 42

Verbond tussen David en Jónathan

 

 

1 Samuel 19-20; Skip Heitzig

 

 

 

 

 

 

De opvoeding van een nieuwetijdskind

Standaard

categorie : religie

 

 

Nieuwetijdskind

 

 

 

 Basis gegevens

 

 

1. Allereerst is het volgens mij belangrijk om te weten

 

dat de nieuwetijdskinderen

 

van nu hun ouders hebben uitgekozen

 

Specifiek omdat ze van jou kunnen meekrijgen wat ze nodig hebben om zich in deze wereld als mens te manifesteren. Grote kans dat je zelf een indigo bent, en/of in ieder geval zelf zeer gevoelig bent. Je hebt daardoor veel instrumenten in huis om met je kind te communiceren, en je kunt veel van je levenservaring meegeven aan je kind. Ik vertel je dit zo specifiek omdat veel ouders zich afvragen of ze het wel aankunnen, of ze er wel klaar voor zijn. Nu, dat ben je. Simpelweg omdat je het kind NU hebt. Anders was het wel later gekomen icon smile Wat vraagt je (Nieuwetijds)kind van je? praktische tips voor de opvoeding.

 

 

 

2. Je wist het waarschijnlijk al maar je nieuwetijdskind

 

is buitengewoon gevoelig

 

“De kristalkinderen die tegenwoordig geboren worden zijn extreem gevoelig voor alles in hun omgeving – geluid, kleuren, negatieve emoties in anderen, geuren, voedsel, chemicaliën, vervuilers, het “gevoel” van kleding, geweld en pijn van anderen, groepsbewustzijn, elektromagnetische frequenties, zonne-explosies. Ze zijn dusdanig empathisch dat ze weten wat een vreemde in de straat voelt”

 

 

 

3. Voor je nieuwetijdskind is de geestelijke wereld dichtbij

 

Maar wat is “de geestelijke wereld” ?

In één woord zou ik zelf de geestelijke wereld als God omschrijven, maar ik begrijp dat dat niet voor iedereen even duidelijk is. Je zou ook kunnen zeggen dat de geestelijke wereld bestaat uit totale verbondenheid in en met  alles, met liefde op een niveau dat we als mensen niet of nauwelijks kunnen bevatten. Een wereld gebonden aan Goddelijke en Universele wetten. Een wereld waarin Engelen en Lichtwezens onophoudelijk en als één werken om zich binnen die liefde verder te ontwikkelen, en ons mensen hierin bijstaan omdat wij diezelfde ontwikkeling, maar op een ander niveau, doormaken.

De geestelijke wereld is de wereld van onze ziel. Onze ziel kan enorme afstanden afleggen zonder grenzen, gewoon door het te willen, het te denken zouden wij zeggen. Er is daar geen “tijd” en er is geen “ruimte”, geen “goed” of “slecht”, alleen maar liefde.  De geestelijke wereld kan je misschien niet heel goed zien, ze is niet direct wetenschappelijk bewijsbaar (al is het wél wetenschappelijk aangetoond dat we een ziel hebben), maar dat wil niet zeggen dat ze er niet is…

 

 

 

4. Je nieuwetijdskind voelt altijd de connectie met de

 

geestelijke wereld

 

Het is het “gevoel van koninklijkheid” dat sommige nieuwetijdskinderen hebben dat hier vandaan komt, het bewustzijn dat we goddelijke schepsels zijn, en zelfs als zodanig vereerd dienen te worden. Je kind weet dat we allemaal verbonden zijn met elkaar en dat we allemaal liefde zijn.

Het is de wereld waar ze vandaan komen, die nemen ze gedeeltelijk “mee” naar de aarde  en dat merk je ook aan hun zintuigen en mate van gevoeligheid, d.w.z. het is heldervoelend, voelt en/of ziet aura’s , denkt in beelden en niet in woorden, heeft een rijke droomwereld, en heeft dikwijls contact met engelen en gidsen. Je nieuwetijdskind kan intuïtief dingen voorvoelen en opvallende uitspraken doen over zaken die nog kunnen gaan gebeuren. Een hoop nieuwetijdskinderen zien ook Engelen, Gidsen en Deva’s, zeker in de eerste jaren van hun leven.

Je kunt je kind zien “spelen” met iemand die jij niet ziet, en denken dat je kind een verzonnen vriendje heeft, of je ziet je kind kijken naar “iets” wat jij niet ziet; soms is je kind dan aan het praten met een Gids of Engel. Je kind beschikt over een enorme wijsheid als ziel en weet op datzelfde niveau precies waar het vandaan komt en wat het komt brengen, namelijk vrede, harmonie, compassie en verbondenheid. Dat wil overigens niet zeggen dat het niet “gewoon een kind is” die van jou moet leren hoe het is om als mens te leven, maar daarover straks meer.

 

 

 

5. Gevoel komt eerst bij je nieuwetijdskind,

 

dan denken, dan doen.

 

In die volgorde en niet anders!

 

Waarom vertel ik je dat? Omdat de meeste volwassen mensen geleerd hebben éérst te denken-vanuit het mentale leven, het ego zo je wilt- en je nu geconfronteerd word met een kind dat het andersom doet>dit vereist als je je kind wilt snappen van jou een andere manier van kijken, namelijk met je gevoel. Niet toevallig is dit één van de zaken die nieuwetijdskinderen komen veranderen, leven van uit het hart en niet vanuit het hoofd.

Nieuwetijdskinderen leggen om te voelen hun aura als het ware om jou heen en krijgen daarmee informatie over jou. Hoe je je voelt, of je boos bent, of verdrietig, of blij.  Ze voelen daarmee ook veel dingen die misschien voor jou onbewust zijn, blokkades of oude onverwerkte emoties, soms weten ze ook waar dat door komt en wat je er aan zou kunnen doen. Dit komt vanuit een weten dat direct in contact staat met de bron. We noemen dat laatste ook wel helderwetendheid. Daarmee komen we meteen bij het eerste punt van wat je kind van je vraagt.

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Contradicties in de bijbel : deel 7

Standaard

categorie : religie

 

 

bible_480

.

.

.

 Matteüs 28:1 vs. Marcus 16:1 & Lucas 24:1 vs. Johannes 19:39

 

 

Matteüs 28:1
1 Laat na de sabbat, tegen het aanbreken van de eerste dag der week, ging Maria van Magdala en de andere Maria het graf bezien.

 

Marcus 16:1
1 En toen de sabbat voorbij was, kochten Maria van Magdala en Maria, (de moeder) van Jakobus, en Salome specerijen om Hem te gaan zalven.

 

Lucas 24:1
1 Maar op de eerste dag van de week gingen ze bij het ochtendgloren naar het graf met de geurige olie die ze bereid hadden.

 

Johannes 19:39
39 En ook kwam Nikodemus, die de eerste maal des nachts tot Hem gekomen was, en hij bracht een mengsel mede van mirre en aloë, ongeveer honderd pond.

 

Waarom gingen de vrouwen naar het graf? Volgens Matteüs gingen ze om het graf te bekijken. Volgens Markus en Lucas hadden ze het graf al gezien (Markus 15:47 en Lucas 23:55) en gingen ze naar het graf om Jezus’ lichaam te balsemen. Volgens Johannes was het lichaam al gebalsemd door Nikodemus.

Uiteraard is hier weer geen sprake van een tegenstrijdigheid. Stel dat je het graf van een overleden familielid bezoekt en bloemen meeneemt. Je zou kunnen zeggen dat je naar het kerkhof gaat om het graf te zien (wat natuurlijk niet in strijd is met dat je het graf al vaker gezien hebt; misschien kom je zelfs wel jaarlijks langs). Maar je zou ook kunnen zeggen dat je komt om bloemen te brengen. Het één sluit het ander niet uit.

Dat ze zijn lichaam wilden balsemen is niet in tegenspraak met het gegeven dat Jozef dit reeds gedaan had. Misschien had Jozef het haastig gedaan, omdat het bijna sabbat was. Of misschien wilden ze het gewoon nog een keer doen om dezelfde reden als dat wij meer dan eens bloemen komen brengen.

Kochten ze kruiden (naar Marcus), of bereidden ze die zelf (naar Lucas)? Opnieuw is hier geen contradictie. Afgelopen week kocht ik eten en bereidde ik het. Of ik kocht een gedeelte (bijvoorbeeld het dessert) en bereidde een ander gedeelte (bijvoorbeeld het hoofdgerecht) met spullen die ik reeds in huis had.

 

 

 

Matteüs 28:2 vs. Markus 16:5 vs. Lucas 24:4 vs. Johannes 20:12

 

 

Matteüs 28:2
2 En zie, er kwam een grote aardbeving, want een engel des Heren daalde uit de hemel neder en kwam nader, en hij wentelde de steen weg en zette zich daarop.

 

Markus 16:5
5 En toen zij in het graf gegaan waren, zagen zij een jongeling zitten aan de rechterzijde, bekleed met een wit gewaad, en ontsteltenis beving haar.

 

Lucas 24:4
4 En het geschiedde, terwijl zij daarover in verlegenheid waren, dat, zie, twee mannen in een blinkend gewaad bij haar stonden.

 

Johannes 20:12
12 en zij zag twee engelen zitten, in witte klederen, een aan het hoofdeinde en een aan het voeteneinde, waar het lichaam van Jezus gelegen had.

 

 

 

 

 

Hoeveel engelen waren er, en waar zat(en) deze?

 

Dit is een kwestie van onvolledige rapportage, maar geen onjuiste rapportage. Matteüs vermeldt als enige de engel die buiten het graf op de steen zat, en laat de gebeurtenissen in het graf onbesproken. In zijn bespreking van wat er in het graf gebeurde, vermeldt Marcus slechts één van de twee engelen, namelijk degene die het woord voerde. Dat is geen enkel probleem; het is niet onjuist om niet uitputtend alle details te bespreken.

(Even een zijstraatje in: spreekt Markus de andere Evangeliën niet tegen door het over een ‘jongeman’ te hebben? Nee. Het woord ‘jongeman’ wordt wel vaker gebruikt om een engel mee aan te duiden. Dat het hier om een engel gaat is ook duidelijk vanwege het witte gewaad.)

Wat dan nog rest is de vraag of de engelen zaten (naar Johannes) of stonden (naar Lucas). Dat kan natuurlijk allebei waar zijn. Als er iemand binnenkomt die ik iets belangrijks te vertellen heb, is het goed mogelijk dat ik opsta. Geen contradictie.

 

 

 

Matteüs 28:8 & Lucas 24:9 & Johannes 20:18 vs. Markus 16:8

 

 

Matteüs 28:8
8 En zij gingen terstond weg van het graf, met vrees en grote blijdschap, en liepen haastig voort om het zijn discipelen te berichten.

 

Markus 16:8
8 En zij gingen naar buiten en vluchtten van het graf, want siddering en ontzetting hadden haar bevangen. En zij zeiden niemand iets, want zij waren bevreesd.

 

Lucas 24:9
9 en teruggekeerd van het graf, boodschapten zij dit alles aan de elven en aan al de anderen.

 

Johannes 20:18
18 Maria van Magdala ging heen en boodschapte de discipelen, dat zij de Here had gezien en dat Hij haar dit gezegd had.

 

Volgens Matteüs, Lucas en Johannes vertelden de vrouwen het aan de discipelen, maar volgens Marcus zwegen ze als het graf (oké, opzettelijke woordspeling). Maar deze discretie was natuurlijk slechts tijdelijk (ze moeten het uiteindelijk aan iemand verteld hebben, anders wisten we het nu niet). De uitspraak in Marcus zou kunnen betekenen dat ze onderweg naar de discipelen niemand iets vertelden.

(Een voetnoot in de NBV ’04 vermeldt overigens dat er enige variatie aan handschriften is na Markus 16 vers 8. Dit is wat in sommige handschriften tussen vers 8 en 9 te lezen is: “Alles wat hun opgedragen was, meldden zij in het kort aan de kring rond Petrus. Daarna stuurde Jezus zelf zijn leerlingen eropuit om van het oosten tot het westen de heilige en onvergankelijke boodschap van de eeuwige verlossing te verkondigen. Amen.”)

 

 

 

Matteüs 28:16 & Marcus 16:14 & Lucas 24:36 vs. Johannes 20:24 vs. 1 Korintiërs 15:5

 

 

Matteüs 28:16
16 En de elf discipelen vertrokken naar Galilea, naar de berg, waar Jezus hen bescheiden had.

 

Marcus 16:14
14 Daarna verscheen Hij aan de elven zelf, terwijl zij aanlagen, en Hij verweet hun hun ongeloof en hardheid van hart, omdat zij hen niet geloofden, die Hem aanschouwd hadden, nadat Hij opgewekt was.

 

Lucas 24:33
33 En zij stonden op en keerden terzelfder tijd terug naar Jeruzalem en zij vonden de elven en die bij hen waren, vergaderd.

 

Johannes 20:24
24 En Tomas, een der twaalven, genaamd Didymus, was niet met hen, toen Jezus daar kwam.

 

1 Korintiërs 15:5
5 en Hij is verschenen aan Kefas, daarna aan de twaalven.

 

Aan hoeveel discipelen verscheen Jezus? Waren het 11 discipelen (zoals in Matteüs, Markus en Lucas), 10 discipelen (zoals in Johannes: 12 minus Judas en Thomas) of 12 discipelen, zoals in de eerste brief aan de Korintiërs?

Het is niet onjuist om van ‘de elf’ of ‘de twaalf’ te spreken, ook al zijn er minder discipelen aanwezig. Deze termen worden hier gebruikt als titels van de groep discipelen van Jezus, niet als telwoorden. Op dezelfde wijze zouden wij kunnen zeggen dat ‘het Nederlands elftal’ afgelopen woensdag heeft gewonnen van Amerika, terwijl er in feite 17 spelers voor Nederland op het veld hebben gestaan.

 

 

 

 

 

 

Matteüs 28:18 vs. Markus 6:5

 

 

Matteüs 28:18
18 En Jezus trad naderbij en sprak tot hen, zeggende: Mij is gegeven alle macht in de hemel en op [de] aarde.

 

Marcus 6:5
5 En Hij kon daar geen enkele kracht doen; alleen genas Hij enige zieken door handoplegging.

 

Het woordje dat in Markus 6:5 vertaald is met ‘kon’ is het Griekse woordje ‘dunamai’ (doo’-nam-ahee). Strongs Concordantie geeft de volgende betekenissen:

1) to be able, have power whether by virtue of one’s own ability and resources, or of a state of mind, or through favourable circumstances, or by permission of law or custom
2) to be able to do something
3) to be capable, strong and powerful

Het dikgedrukte gedeelte geeft aan dat het geen absolute onkunde hoeft te impliceren. Jezus kon, als Hij wilde, wel grote tekenen laten zien, maar het lag niet in zijn mandaat om dat te doen, omdat de mensen in die streek geen geloof hadden.

Overigens gaat de tekst in Markus over iets wat vóór Jezus’ kruisiging en opstanding gebeurde, terwijl de uitspraak in Matteüs gedaan werd ná de opstanding.

 

 

 

Markus 15:39 vs. Lucas 23:47

 

 

Markus 15:39
39 Toen de hoofdman, die tegenover Hem stond, zag, dat Hij zó de geest gegeven had, zeide hij: Waarlijk, deze mens was een Zoon Gods.

 

Lucas 23:47
47 Toen de hoofdman zag, wat er geschiedde, verheerlijkte hij God, zeggende: Inderdaad, deze mens was rechtvaardig!

 

Ja…? Waar is de contradictie? Iemand die verbaast is mompelt van alles en nog wat. De hoofdman heeft dit allebei gezegd.

 

 

 

Lucas 14:26 vs. 1 Johannes 3:15

 

 

Lucas 14:26
26 Indien iemand tot Mij komt, en niet haat zijn vader en moeder en vrouw en kinderen en broeders en zusters, ja zelfs zijn eigen leven, die kan mijn discipel niet zijn.

 

1 Johannes 3:15
15 Een ieder, die zijn broeder haat, is een mensenmoorder en gij weet, dat geen mensenmoorder eeuwig leven blijvend in zich heeft.

 

Het enige wat dit demonstreert, is de scepticus’ neiging zonder nuances alles letterlijk en absoluut te nemen, om maar weer een tegenstrijdigheid aan te kunnen wijzen. Zelfs iemand die in een totale onwetendheid verkeert over de culturele context, zou moeten begrijpen dat Jezus niet letterlijk bedoelt je familie en jezelf te haten. Zelfs wij Westerlingen kennen het begrip ‘bij wijze van spreken.’

Maar een dergelijke absolute, zwart-wit (of houden van, of haten) manier om dingen te zeggen, is typisch voor het Oude Midden Oosten, waar extreem taalgebruik normaal was. Een ander voorbeeld:

Lucas 16:13
13 Geen slaaf kan twee heren dienen, want hij zal òf de ene haten en de andere liefhebben, òf zich aan de ene hechten en de andere minachten; gij kunt niet God dienen èn Mammon.

 

Het punt is dat de slaaf aan de ene heer meer is toegewijd dan aan de andere, maar het wordt weergegeven alsof er twee extremen zouden zijn.

Zo ook in Lucas 14:26: onze familie, of zelfs ons eigen vege lijf, moet ons niet meer waard zijn dan Jezus Christus, anders zullen we Hem niet optimaal kunnen dienen.

 

 

 

 

 

 

Marcus 16:12-13 vs. Lucas 24:34

 

 

Marcus 16:12-13
12 Daarna verscheen Hij in een andere gedaante aan twee van hen op de weg, terwijl zij zich naar het land begaven. 13 En ook die gingen heen om het aan de anderen te berichten. En ook die geloofden zij niet.

 

Lucas 24:33-34
33 En zij stonden op en keerden terzelfder tijd terug naar Jeruzalem en zij vonden de elven en die bij hen waren, vergaderd, 34 en dezen zeiden: De Here is waarlijk opgewekt en is aan Simon verschenen.

 

Het verhaal in Lucas 24:13-35 vader,handelingen gaat over de welbekende Emmaüsgangers. De veronderstelde contradictie is dat Marcus 16 over deze zelfde Emmaüsgangers spreekt, en dat de discipelen hen volgens Lucas wel geloven, maar volgens Marcus niet.

Maar het hoeft hier niet over dezelfde gebeurtenis te gaan. Er zijn overeenkomsten tussen de twee verhalen (ze waren met z’n tweeën buiten de stad aan het wandelen, en Jezus verscheen in een andere gedaante). Maar er zijn ook verschillen. Volgens Marcus 16:12 waren ze op weg naar ‘het land’ (niet naar Emmaüs); volgens de Naardense vertaling waren ze op weg naar ‘de akker’. En ze werden niet geloofd, terwijl de Emmaüsgangers wel werden geloofd.

Je kunt niet op basis van de overeenkomsten zeggen dat deze verhalen dezelfde gebeurtenis betreffen, en tegelijkertijd op grond van de verschillen concluderen dat de verhalen tegenstrijdig zijn.

Verder moet er nog opgemerkt worden dat het einde van Marcus 16 (vanaf vers 9) in veel documenten mist, en mogelijkerwijs geen onderdeel uitmaakte van het oorspronkelijke Evangelie van Marcus. Fouten in deze passage zijn dus niet per se problematisch voor de goddelijke inspiratie van de oorspronkelijke geschriften.

 

 

 

Johannes 5:37 vs. Johannes 14:9

 

 

Johannes 5:37
37 En de Vader, die Mij gezonden heeft, die heeft van Mij getuigenis gegeven. Gij hebt nooit zijn stem gehoord of zijn gedaante gezien.

 

Johannes 14:9
9 Jezus zeide tot hem: Ben Ik zolang bij u, Filippus, en kent gij Mij niet? Wie Mij gezien heeft, heeft de Vader gezien; hoe zegt gij dan: Toon ons de Vader?

 

Beide Schriftgedeelten in de context geplaatst:

Johannes 5:30-38
30 Ik kan van Mijzelf niets doen; gelijk Ik hoor, oordeel Ik, en mijn oordeel is rechtvaardig, want Ik zoek niet mijn wil, doch de wil van Hem, die Mij gezonden heeft. 31 Indien Ik getuig van Mijzelf, is mijn getuigenis niet waar; 32 een ander is het, die van Mij getuigt, en Ik weet, dat het getuigenis, dat Hij van Mij aflegt, waar is. 33 Gij hebt tot Johannes gezonden en hij heeft van de waarheid getuigd; 34 maar Ik behoef het getuigenis van een mens niet, doch Ik zeg dit, opdat gij behouden wordt. 35 Hij was de brandende en schijnende lamp en gij hebt u een tijdlang in zijn licht willen verheugen. 36 Maar Ik heb een getuigenis, gewichtiger dan dat van Johannes; want de werken, die Mij de Vader gegeven heeft om te volbrengen, juist die werken, die Ik doe, getuigen van Mij, dat de Vader Mij gezonden heeft. 37 En de Vader, die Mij gezonden heeft, die heeft van Mij getuigenis gegeven. Gij hebt nooit zijn stem gehoord of zijn gedaante gezien, 38 en zijn woord hebt gij niet blijvend in u, want die Hij gezonden heeft, gelooft gij niet.

 

Johannes 14:7-10 (NBV 2004)
7 Als jullie mij kennen zullen jullie ook mijn Vader kennen, en vanaf nu kennen jullie hem, want jullie hebben hem zelf gezien.’ 8 Daarop zei Filippus: ‘Laat ons de Vader zien, Heer, meer verlangen we niet.’ 9 Jezus zei: ‘Ik ben nu al zo lang bij jullie, en nog ken je me niet, Filippus? Wie mij gezien heeft, heeft de Vader gezien. Waarom vraag je dan om de Vader te mogen zien? 10 Geloof je niet dat ik in de Vader ben en dat de Vader in mij is? Ik spreek niet namens mezelf als ik tegen jullie spreek, maar de Vader die in mij blijft, doet zijn werk door mij.

 

 

En in nog een andere passage zegt Jezus:

 

Johannes 6:44-47
44 Niemand kan tot Mij komen, tenzij de Vader, die Mij gezonden heeft, hem trekke, en Ik zal hem opwekken ten jongsten dage. 45 Er is geschreven in de profeten: En zij zullen allen door God geleerd zijn. Een ieder, die het van de Vader gehoord en geleerd heeft, komt tot Mij. 46 Niet, dat iemand de Vader gezien heeft; alleen die van God komt, die heeft de Vader gezien. 47 Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Wie gelooft, heeft eeuwig leven.

 

Omdat de Vader in de Zoon is, hebben degenen die Jezus’ werken hebben gezien, ook de Vader gezien, die door Jezus heen werkt. Zij hebben de Vader niet in gedaante gezien, maar ze hebben iets van Zijn persoonlijkheid kunnen zien, door Jezus’ daden. Daarom: wie Jezus kent, kent ook de Vader.

 

 

 

 

 

Handelingen 9:7 vs. Handelingen 22:9

 

 

Handelingen 9:7
7 En de mannen, die met hem reisden, stonden sprakeloos, daar zij wel de stem hoorden, maar niemand zagen.

 

Handelingen 22:9
9 En zij, die met mij waren, zagen wèl het licht, maar de stem van Hem, die tot mij sprak, hoorden zij niet.

 

Dat ze het licht zagen is niet in tegenspraak met dat ze ‘niemand’ zagen. Het gaat dus om de vraag of ze de stem hoorden of niet.

Paulus kan zich vergist hebben in Handelingen 22:9. Ten eerste was het vele jaren later, ten tweede kunnen zijn medereizigers (ook christenvervolgers) ontkent hebben iets gehoord te hebben. Dit is dus geen contradictie in de goddelijk geïnspireerde tekst, want Lucas (de schrijver van Handelingen) citeert Paulus slechts, hij zegt niet dat Paulus gelijk had.

Een andere mogelijke oplossing zit in het Griekse woordje voor ‘hoorden’. In beide verzen is dat ‘akouo’ (ak-oo’-o), maar in andere vervoegingen. Strongs Concordantie geeft voor dit woord:

1) to be endowed with the faculty of hearing, not deaf
2) to hear
– 2b) to attend to, consider what is or has been said
– 2c) to understand, perceive the sense of what is said
3) to hear something
– 3a) to perceive by the ear what is announced in one’s presence
– 3b) to get by hearing learn
– 3c) a thing comes to one’s ears, to find out, learn
– 3d) to give ear to a teaching or a teacher
– 3e) to comprehend, to understand

Het is goed mogelijk dat ‘akouo’ in Handelingen 9:7 vertaald moet worden met ‘hoorden’, maar in 22:9 met ‘begrijpen’. In dat geval hoorden Paulus’ reisgenoten de stem wel, maar verstonden ze het niet. De NIV vertaalt het daarom als volgt:

 

Handelingen 22:9 (New International Version)
9 ‘I am Jesus of Nazareth, whom you are persecuting,’ he replied. My companions saw the light, but they did not understand the voice of him who was speaking to me.

 

 

Conclusie

 

De Bijbel is Gods Woord en God is in alles te vertrouwen. Mensen zullen altijd wel ergens mee komen om het geloof in de dood en opstanding van Christus te ondermijnen, dan weer met lijsten Bijbelse tegenstrijdigheden, dan weer met alternatieve theorieën over het ontstaan van de wereld. Maar christenen moeten zich niet laten ‘medeslepen door allerlei leringen’ (Hebreeën 13:9) die strijdig zijn met het Evangelie.

Maar tegelijk beveelt de Bijbel ons alles te onderzoeken (1 Tessalonicenzen 5:21) en te weten hoe we iedereen het juiste antwoord kunnen geven (Kolossenzen 4:6).

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Amegreen

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Amegreen is een steen gecombineerd van Amethist,

prasioliet en witte kwarts

 

 

az-amegreen-gr

 

 

 

 

 

 

 

Kleur


Gemeleerd grijs, violet, bruin, groen, paars

 

 

 

 

 

 

 

 

Vindplaats

 

Amegreen wordt in Afrika gevonden

 

 

ruw

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: SiO2

hardheid: 7

dichtheid: 2,6

 

 

amegreen-cropped

 

 

 

amegreen

 

 

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

mijne kop a4