Tagarchief: aanbidding

Het nut van menselijke inspanningen in Prediker

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Het boek prediker is onderdeel van de Tenach en het Oude Testament. Prediker behoort tot de wijsheidsliteratuur. Andere Bijbelboeken van dat genre zijn Spreuken, Job en een handvol van de Psalmen. De traditionele opvatting schrijft het boek aan Salomo (Heb.: Shlomo) toe die koning was van Israël van 972 tot 932 voor Christus.

 

 

de-i-van-ijdelheid-22-728

.

.

Pred. 1:12-18 >DE LEDIGHEID VAN MENSELIJKE WIJSHEID.

.

Ik, Prediker, was koning van Israël en regeerde vanuit Jeruzalem. Ik nam mij voor de zin van alles wat onder de hemel gebeurde, te willen begrijpen. Ik ontdekte dat het bestaan dat God de mens heeft toegedacht, geen vrolijke zaak is. Alle arbeid is een opeenvolging van zinloosheid, het bouwen van luchtkastelen.

Wat verkeerd is, kan niet worden goedgepraat en wat niet bestaat, kan niet worden onderzocht; het heeft geen enkel nut na te denken over wat had kunnen gebeuren.

Ik zei tegen mijzelf: “Kijk, ik heb meer nagevorst dan welke andere koning ook, die voor mij in Jeruzalem regeerde. Ik ben wijzer en heb meer inzicht.” Daarom deed ik mijn uiterste best wijs te zijn in plaats van dwaas, maar nu realiseer ik mij dat zelfs dát een luchtkasteel was.

Want hoe wijzer ik werd, des te verdrietiger werd ik; hoe meer iemand weet, hoe meer hij teleurgesteld wordt.

 

 

Pred. 2:1-3 >DE LEDIGHEID VAN GENOT.

 

Ik zei tegen mijzelf: “Vooruit, schep vreugde in het leven en vermaak je zo goed mogelijk.” Maar ik merkte dat ook dat niets te betekenen had. Want het is dwaas om de hele tijd te lachen. Plezier maken heeft immers geen enkel nut. Daarom besloot ik (na lang nadenken) voldoening te zoeken in het drinken van veel wijn. Ondertussen bleef ik mijn doel (het zoeken naar wijsheid) scherp voor ogen houden. Ik probeerde het met die dwaasheid om er zo achter te komen wat voor de meeste mensen het enige geluk in hun leven betekent.

 

 

Pred. 2:4-11 >DE LEDIGHEID VAN PRESTATIES.

 

Daarna trachtte ik bevrediging te vinden in het uitvoeren van grootse dingen, zoals het bouwen van huizen en aanleggen van wijngaarden, tuinen, parken en boomgaarden voor mijzelf en de waterreservoirs, die nodig waren om alle aangeplante gewassen van water te voorzien. Daarna kocht ik slaven en slavinnen en andere slaven werden in mijn huishouding geboren.

Ik fokte grote kuddes vee, meer dan een koning vóór mij ooit had bezeten. Ik verzamelde zilver en goud door belastingen te heffen van vele koningen en gebieden. Ik liet zangers en zangeressen optreden en genoot van alles wat mooi en goed was. Ik werd machtiger en rijker dan enige andere koning vóór mij in Jeruzalem, maar bij dat alles hield ik mijn ogen open, zodat ik overal goed over kon nadenken.

Ik nam alles wat ik wilde en ontzegde mijzelf geen enkel plezier. Ik merkte zelfs dat hard werken mij goed deed.
Het plezier dat ik daarin had, was dan ook de enige beloning die ik voor al mijn inspanningen kreeg. Toen ik terugkeek op alles wat ik had geprobeerd, leek het mij echter allemaal nutteloos. Het was weer een najagen van dromen en nergens was iets werkelijk waardevols te vinden.

 

 

Pred. 2:17-26> DE LEDIGHEID VAN ARBEID.

 

Daarom heb ik een hekel gekregen aan het leven. Al het werk op aarde stond mij tegen. Alles schijnt nutteloos, dwaas en het najagen van dromen te zijn. Ik kreeg een gevoel van afkeer toen ik bedacht dat ik alle vruchten van mijn harde werken aan anderen moest nalaten. Want wie kan mij vertellen of mijn zoon een wijs man of een dwaas zal zijn?

En toch zal alles aan hem worden gegeven; het lijkt zinloos. Daarom liet ik mijn harde werken (als mogelijke oplossing voor mijn behoefte aan bevrediging) in de steek. Want ook al zou ik mijn hele leven besteden aan het zoeken naar wijsheid, kennis en vaardigheden, ik moet het toch allemaal nalaten aan iemand die nog nooit een vinger heeft uitgestoken; hij ontvangt alle vruchten van mijn inspanningen, zonder er ook maar iets voor te hoeven doen.

Dat is niet alleen dwaas, maar ook nogal onrechtvaardig. Wat krijgt een mens dus als beloning voor al zijn werk? Dagen, gevuld met zorgen en verdriet en rusteloze, doorwaakte nachten. Een ontmoedigend idee.

Daarom besloot ik dat een mens niets beters kan doen dan genieten van eten en drinken, bij al het werk dat hij doet. Toen realiseerde ik mij dat ook dat genoegen afkomstig is uit de hand van God. Wie kan zonder Hem eten of vrolijk zijn?

Want God geeft een mens die Hem bevalt wijsheid, kennis en vreugde; maar van iemand die Hem niet bevalt, neemt God zijn rijkdom af en geeft het aan hen, die Hij graag mag. En ook dit is weer een voorbeeld van de zinloosheid van luchtkastelen bouwen.

 

 

prediker-3-1

 

 

Pred. 4:1-3> DE LEDIGHEID VAN MENSELIJKE TOESTAND.

 

Daarna keek ik naar alle verdrukking en verdriet op aarde; de tranen van de onderdrukten, die niemand hebben om hen te helpen, terwijl hun onderdrukkers machtige bondgenoten hebben. Ik kwam tot de slotsom dat de doden beter af zijn dan de levenden. En het beste af zijn zij, die nooit werden geboren en al het kwaad en onrecht op aarde niet zullen zien.

 

 

Pred. 4:4-6> De LEDIGHEID VAN SUCCES.

 

Vervolgens ontdekte ik dat succes meestal voortkomt uit afgunst en jaloezie. Maar ook dat is dwaasheid. De dwaas weigert te werken en verhongert daardoor bijna. Beter nu en dan een weinig rust, dan steeds maar hard werken en zinloos gejaag.

 

 

Pred. 4:7-12>DE LEDIGHEID VAN GEïSOLEERDE LEVENS.

 

Ik constateerde nog een zinloze zaak op aarde. Daarbij gaat het om de mens die helemaal alleen is, zonder zoon of broer, maar die toch keihard werkt om meer rijkdom te krijgen. Maar aan wie moet hij dat alles nalaten? En waarom ontzegt hij zich nu zoveel? Het is allemaal nutteloos en ontmoedigend. Twee mensen kunnen door samenwerking meer bereiken dan één. Als er één valt, helpt de ander hem overeind.

Maar als er één valt en hij is alleen, zit hij in moeilijkheden. In een koude nacht kunnen twee mensen onder één deken elkaar verwarmen, maar hoe zou iemand in zijn eentje warm moeten worden? Iemand die alleen staat, kan worden aangevallen en verslagen, maar twee mensen kunnen elkaar te hulp komen en zo de overwinning behalen; drie is zelfs nog beter, want een drievoudig koord is niet gemakkelijk te breken.

 

 

Pred. 4:13-16>DE LEDIGHEID VAN POLITIEK.

 

Het is beter een arme, maar wijze jongere te zijn dan een oude en dwaze koning, die alle goede raad van de hand wijst. Want zo’n jongere zou uit de gevangenis kunnen komen om koning te worden, ook al werd hij arm geboren. Iedereen wil zo’n jongere graag helpen, al is het maar om een greep naar de macht te doen. Hij kan de leider van miljoenen mensen worden en een goede heerser voor zijn onderdanen zijn. Maar dan groeit rond hem een nieuwe generatie op, die hem weer aan de kant wil zetten. Dus ook streven naar macht in de politiek leidt naar dwaasheid en zinloosheid.

 

 

Pred. 4:17-5:6>DE LEDIGHEID VAN VALSE AANBIDDING.

 

Neem uzelf in acht als u naar de tempel, Gods huis, gaat. Het is beter om rustig te luisteren dan ondoordacht te offeren, zoals een dwaas wel doet, die zich niet bewust is dat dat verkeerd is. Denk eerst na voor u iets zegt
en doe God geen overhaaste beloften. Want Hij is in de hemel en wij slechts hier op aarde. Zeg daarom alleen het hoognodige. Net zoals teveel drukte u nachtmerries bezorgt, zo gaat u door teveel gepraat verkeerde dingen zeggen.

Als u met God spreekt en Hem zweert dat u iets voor Hem zult doen, stel dat dan niet uit; want God heeft een hekel aan ondoordachte beloften. Kom uw belofte aan Hem na. Het is veel beter niet te zeggen dat u iets zult doen, dan het wel te zeggen en het daarna toch niet te doen. In dat geval zondigt u met uw mond.

Probeer u niet te verdedigen door de boodschapper van God te vertellen dat het allemaal een misverstand was. Dat zou God boos maken. Hij zou dan wel eens een eind kunnen maken aan uw voorspoed in het leven. Dromen in plaats van doen, is dwaas en een veelheid van woorden levert niets op. Heb liever ontzag voor God.

 

 

slide_1

 

 

Pred. 5:7-19>DE LEDIGHEID VAN RIJKDOM.

 

Als u ziet dat een arme door rijken wordt onderdrukt en dat overal in het land het recht geweld wordt aangedaan, wees dan niet verbaasd. Want iedere beambte houdt rekening met zijn chef en de hogere beambten luisteren ook weer naar hun superieuren. En boven al die mensen staat de koning. En als die koning nu maar toegewijd is aan zijn land! Iemand die van geld houdt, heeft nooit genoeg. Wat een dwaasheid om te denken dat geld gelukkig maakt.

Hoe meer u hebt, des te meer moet u uitgeven aan personeel en anderen, net zoveel als uw inkomen toelaat.
Dus wat is het voordeel van rijkdom, behalve dan toekijken hoe het geld u door de vingers glipt? Een man die hard werkt, slaapt goed, of hij nu veel of weinig eet; maar de rijken maken zich zorgen en lijden aan slapeloosheid.

Er is nog een groot kwaad, dat ik gezien heb en dat veel leed met zich meebrengt; als een rijke verandert in een vrek. Als die rijkdom door een ongeluk verloren gaat, is er niets om aan de zoon na te laten. Zo iemand sterft net zo arm als hij op de wereld gekomen is. Hij heeft alles voor niets gedaan en laat niets na. Die gebeurtenis overschaduwt de rest van zijn leven en hij blijft ontmoedigd en ontgoocheld achter. Zelfs zijn eten smaakt hem niet meer.

Maar er is tenminste nog één goed ding voor een mens. Hij mag genieten van lekker eten en drinken en andere prettige dingen bij al het harde werken, dat hij doet in de korte tijd die God hem laat leven. En natuurlijk is het ook goed als een mens rijkdom heeft gekregen van God en bovendien de gezondheid bezit om ervan te kunnen genieten. Houden van je werk en je plaats in het leven te aanvaarden, dat is werkelijk een geschenk van God. Iemand die dat doet, denkt er niet vaak aan dat hij maar kort leeft, want God geeft hem vreugde.

 

 

Pred. 6:1-9>DE LEDIGHEID VAN MATERIALISME.

 

Er is nog een groot kwaad dat ik op vele plaatsen heb gezien. God heeft sommige mensen grote rijkdom en veel aanzien gegeven, zodat zij alles kunnen krijgen wat zij wensen, maar zij kunnen er niet (in goede gezondheid) van genieten en alles komt bij andere mensen terecht. Dat is zinloos en betekent een bitter lijden.

Als een man honderd kinderen heeft en heel oud wordt, maar bij zijn dood zo weinig nalaat dat zijn kinderen hem niet eens een fatsoenlijke begrafenis kunnen bezorgen, dan vind ik dat hij beter af was geweest als hij dood was geboren.

Want al was zijn geboorte dan zinloos geweest en was hij naamloos in duisternis geëindigd, zonder ooit de zon te hebben gezien of van haar bestaan te hebben geweten, dan was dat toch beter dan een heel oude, maar ongelukkige man te zijn. Al leeft een man 2000 jaar, maar zonder van het goede in dit leven te genieten, wat heeft hij daar dan aan?

Zowel wijzen als dwazen besteden hun leven aan het bijeenschrapen van voedsel, zonder dat zij ooit genoeg schijnen te krijgen. Beiden hebben dezelfde moeite, maar de arme man die wijs is, heeft een veel beter leven.
Eén vogel in de hand is beter dan tien in de lucht; dromen over heerlijke dingen is dwaas en heeft geen enkel nut.

 

slide_10

 

 

 

Pred. 7:13,14>DE LEDIGHEID VAN WELVAART.

 

Kijk eens hoe God te werk gaat en hoe de gebeurtenissen dan precies in elkaar grijpen. Probeer daarom Zijn werk niet te veranderen. Geniet van de voorspoed zoveel u kunt en als er moeilijker tijden aanbreken, bedenk dan dat God zowel het een als het ander geeft. Wij weten niet hoe de toekomst zal zijn.

 

 

Pred. 8:2-6>DE LEDIGHEID VAN TROTS.

 

Gehoorzaam de koning zoals u hebt gezworen te doen. Probeer niet onder uw plichten uit te komen en verzet u niet tegen hem. Want de koning straft degenen die ongehoorzaam zijn. Achter het bevel van de koning staat een grote macht, waaraan niemand kan twijfelen en waartegen niemand is opgewassen.

Zij die hem gehoorzamen, zullen niet worden gestraft. De wijze man zal een tijd en een manier kunnen vinden om te doen wat hij zegt. Ja, voor alles is een tijd en een manier, ook al drukken de problemen van een mens zwaar op hem.

 

 

Pred. 8:7-13>DE LEDIGHEID VAN BOOSAARDIGHEID.

 

Want hoe kan hij dát voorkomen, waarvan hij niet weet of het in aantocht is? Niemand kan zijn geest ervan weerhouden hem te verlaten; geen enkel mens heeft de mogelijkheid zijn sterfdag te verzetten, want aan die duistere strijd ontkomt niemand. Het zal duidelijk zijn dat de goddeloosheid van een mens hem bij die gelegenheid niet te hulp komt.

Ik heb diep nagedacht over alles wat plaatsvindt op deze aarde, waar de mensen de mogelijkheid hebben elkaar pijn te doen. Ik heb gezien hoe goddeloze mensen eervol werden begraven en zij, die keurig leefden, de heilige stad Jeruzalem moesten verlaten en in de stad vergeten werden. Een onmogelijke zaak!

Omdat God zondaars niet onmiddellijk straft, denken vele mensen dat zij rustig kwaad kunnen doen. Maar ook al blijft een mens, na honderd keer te hebben gezondigd, gewoon leven, toch weet ik heel goed dat zij die God vrezen beter af zijn; in tegenstelling tot de goddelozen, die geen lang en gelukkig leven zullen leiden; hun levensdagen zullen als schaduwen voorbijschieten, omdat zij geen ontzag voor God hebben.

 

 

Pred. 8:14,15>DE LEDIGHEID VAN ONRECHTVAARDIGHEID.

 

Er gebeurt iets vreemds hier op aarde; het schijnt dat sommige goede mensen behandeld worden alsof zij goddeloos zijn en sommige goddeloze mensen alsof zij goed zijn. Een verwarrende zaak, die mij niet juist lijkt. Ik besloot toen mijn tijd op een plezierige manier te gaan besteden, want ik voelde dat op aarde niets beter was dan dat een man genoot van eten en drinken. Dat hij gelukkig was, met daarbij de hoop dat zijn geluk bij hem bleef in al het harde werk, dat God de mens overal geeft.

 

 

Pred. 9:13-18>DE LEDIGHEID VAN KRACHT.

 

Bij het observeren van het menselijke doen en laten, maakte ook het volgende een diepe indruk op mij: Een klein stadje met slechts enkele inwoners werd belegerd door een koning met zijn leger. In dat stadje woonde een wijze, arme man, die wist wat er moest gebeuren om de stad te redden en op die manier kon de stad de dans ontspringen. Maar niemand dacht eraan hem om raad te vragen.

Toen besefte ik dat (ook al is wijsheid beter dan kracht) de wijze man als hij arm is, veracht wordt en de mensen zijn woorden niet op prijs zullen stellen. Maar toch zijn de rustige woorden van een wijze man beter dan de kreten van een koning van dwazen. Wijsheid is beter dan oorlogstuig, maar één dwaas bederft veel goeds.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

Het beeld van het beest.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Het Beeld van het Beest is het toekomstige beeld dat op bevel van het Beest uit de Aarde (= de valse profeet, de antichrist) door de mensen gemaakt wordt voor het Beest uit de Zee, een grote politieke leider. Als het beeld klaar is, krijgt het Aardebeest van hogerhand de macht om het beeld adem te geven, leven in te blazen. Het beeld moet aanbeden worden. Het zorgt ervoor dat iedereen die het beeld niet aanbidt, gedood wordt.

.

 

Openbaring 13 : de komst van de antichrist en de valse profeet

Openbaring 13 : de komst van de antichrist en de valse profeet

pasteltekening van John Astria

 

 

.

Openbaring 13:14. En het misleidt hen die op de aarde wonen, door de tekenen die hem gegeven zijn te doen in tegenwoordigheid van het beest, en het zegt tot hen die op de aarde wonen, dat zij voor het beest dat de wond van het zwaard had en weer leefde, een beeld moesten maken.


Openbaring 13:15. En het werd hem gegeven aan het beeld van het beest adem te geven, opdat het beeld van het beest ook zou spreken en maken dat allen die het beeld van het beest niet aanbaden, gedood zouden worden.

Het Beeld van het Beest wordt massaal aanbeden (vgl. Opb. 14:9; 14:11; 16:2; 19:20). Opvallend is dat het Beest uit de Zee deze beeldverering kennelijk goedvindt, hoewel hij zich verzet en zich verheft tegen al wat een voorwerp van verering is (2 Thess. 2:4). Een dergelijke tegenstrijdigheid betreft ook zijn afwijzing van al wat God heet, hoewel hijzelf “in de tempel van God gaat zitten en zichzelf vertoont dat hij God is” (2 Thess. 2:4). Vergelijk de voorzegging door de engel aan Daniël over een toekomstige koning:

Da 11:36.  Die koning zal handelen naar eigen goeddunken. Hij zal zich verheffen en zich groot maken boven elke god. Hij zal tegen de God der goden wonderlijke dingen spreken. Hij zal voorspoedig zijn tot de gramschap voltrokken is. Want wat vast besloten is, zal gebeuren.


Da 11:37.  En hij zal niet letten op de goden van zijn vaderen, [en] ook niet op het verlangen van de vrouwen. Hij zal op geen enkele god letten, maar zichzelf boven alles groot maken.


Da 11:38.  En hij zal de god van de vestingen in zijn standplaats eren. Hij zal namelijk de god die zijn vaderen niet gekend hebben, eren met goud, met zilver, met edelgesteente en met kostbaarheden.

Da 11:39.  Hij zal versterkte vestingen maken samen met een vreemde God. Voor hen die hij zal kennen, zal hij de eer laten toenemen en hen laten heersen over velen en hij zal het land uitdelen als beloning.

Aanbidding van het Zeebeest en zijn beeld is je reinste afgodendienst. Er zullen echter mensen zijn die er niet aan mee doen. Zij weten dat God een na-ijverig God is en geen aanbidding van mensen of beelden kan verdragen.

Exodus 20:2.  Ik ben de Heere, uw God, Die u uit het land Egypte, uit het slavenhuis, geleid heeft.


Exodus 20:3.  U zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben.


Exodus 20:4.  U zult voor uzelf geen beeld maken, geen enkele afbeelding van wat boven in de hemel, of beneden op de aarde of in het water onder de aarde is.


Exodus 20:5.  U zult zich daarvoor niet neerbuigen, en die niet dienen, want Ik, de Heere, uw God, ben een na-ijverig God, Die de misdaad van de vaderen vergeldt aan de kinderen, aan het derde en vierde geslacht van hen die Mij haten,


Exodus 20:6. Maar Die barmhartigheid doet aan duizenden van hen die Mij liefhebben en Mijn geboden in acht nemen.

Degenen die weigeren mee te doen aan de aanbidding van het Beeld en van het Beest en ook het merkteken van het Beest weigeren, al kost het ook hun leven, zijn overwinnaars en zullen opgewekt worden en met Christus in het duizendjarig Vrederijk regeren.

Openbaring 15:2.  En ik zag als een glazen zee met vuur gemengd, en hen die de overwinning behaald hadden over het beest en over zijn beeld en over het getal van zijn naam, op de glazen zee staan met harpen van God.

Openbaring 20:4.  En ik zag tronen, en zij gingen daarop zitten, en het oordeel werd hun gegeven; en ik zag de zielen van hen die om het getuigenis van Jezus en om het woord van God onthoofd waren, en die het beest of zijn beeld niet hadden aangebeden en niet het merkteken aan hun voorhoofd en aan hun hand ontvangen hadden; en zij werden levend en regeerden met Christus duizend jaren.

 

 

Openbaring 20 : de eerste opstanding en de tweede dood

Openbaring 20 : de eerste opstanding en de tweede dood

 

pasteltekening van John Astria

 

 

.

Het Beeld van het beest dan wel het Beest zelf is waarschijnlijk gelijk aan de gruwel der verwoesting‘ waarvan door de profeet Daniël gesproken is. De Heer Jezus verwijst naar deze de gruwel, die in ‘de heilige plaats’ , de tempel in Jeruzalem, zal staan.

Mattheüs 24:14.  En dit evangelie van het Koninkrijk zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken, en dan zal het einde gekomen zijn.


Mattheüs 24:15.  Wanneer gij dan de gruwel der verwoesting, waarvan door de profeet Daniel gesproken is, op de heilige plaats ziet staan (wie het leest, geve er acht op)


Mattheüs 24:16.  laten dan wie in Judea zijn, vluchten naar de bergen.

 

.

 

Voorafschaduwing

.

Een historische voorafschaduwing van het Beeld is het gouden beeld dat de beroemde Babylonische koning Nebukadnezar liet oprichten en waarvoor iedereen moest buigen. Het was ongeveer 30 meter (60 el) hoog en 3 meter (6 el) breed. Wie weigerde te buigen, moest in een brandende oven geworpen worden.

Daniël 3:1.  Koning Nebukadnezar maakte een gouden beeld, waarvan de hoogte zestig el was, en zijn breedte zes el. Hij richtte het op in het dal Dura, in het gewest Babel.

Daniël 3:5.  Op het moment dat u het geluid hoort van de hoorn, fluit, citer, luit, lier, panfluit, en allerlei muziekinstrumenten, moet u neervallen en het gouden beeld aanbidden dat koning Nebukadnezar heeft opgericht.

Daniël 3:6. Wie niet neervalt en aanbidt, zal op hetzelfde ogenblik midden in de brandende vuuroven worden geworpen.

Daniël 3:7.  Daarom, zodra al de volken het geluid hoorden van de hoorn, fluit, citer, luit, lier, en allerlei muziekinstrumenten, vielen op datzelfde tijdstip alle volken, natiën en talen neer, [en] aanbaden het gouden beeld dat koning Nebukadnezar had opgericht.

.

 

Beeld van Nebukadnezar.jpg
Afbeelding: gedwongen verering van het beeld van Nebukadnezar.
Het 30 meter hoge beeld is naar verhouding nog te klein getekend.

.

.

.

Drie Joodse mannen, namelijk Sadrach, Mesach en Abed-Nego, die Nebukadnezar over het bestuur van het gewest Babel had aangesteld, weigerden het gouden beeld te aanbidden. Zij werden er dan ook van beschuldigd dat zij Nebukadnezars goden niet vereren en het gouden beeld niet aanbidden (Dan. 3:12). Zij antwoordden de koning:

Daniël 3:17.  Als het moet, kan onze God, Die wij vereren, ons verlossen uit de brandende vuuroven, en Hij zal ons, o koning, uit uw hand verlossen.


Daniël 3:18.  En zo niet, het zij u bekend, o koning, dat wij uw goden niet zullen vereren en het gouden beeld dat u hebt opgericht, niet zullen aanbidden.

Daarop werden ze in de brandende oven geworpen. In de oven verscheen een vierde persoon, een engel, en deze was bij de mannen en zij werden gespaard. Nebukadnezar zag hun wonderlijke bewaring en riep de Joden uit de oven terug. Hij noemde ze “dienaren van de allerhoogste God” (Dan. 3:26). Er was aan de mannen helemaal niet te merken dat ze in de oven waren geweest.

Daniël 3:27. Toen kwamen de stadhouders, de machthebbers, de landvoogden en de raadslieden van de koning bijeen. Zij zagen aan deze mannen dat het vuur geen vat had gekregen op hun lichaam: het haar van hun hoofd was niet geschroeid, en hun mantels waren niet verteerd, ja, er hing [zelfs] geen brandlucht aan hen.


Daniël 3:28.  Nebukadnezar nam het woord en zei: Geloofd zij de God van Sadrach, Mesach en Abed-Nego, Die Zijn engel heeft gezonden en Zijn dienaren heeft verlost, die op Hem hebben vertrouwd, het bevel van de koning hebben weerstaan en hun lichaam hebben overgegeven, omdat zij geen enkele god wilden vereren of aanbidden dan hún God.


Daniël 3:29.  Daarom wordt door mij een bevel uitgevaardigd dat elk volk, [elke] natie of taal die lasterlijke dingen zegt over de God van Sadrach, Mesach en Abed-Nego, in stukken zal worden gehouwen en dat zijn huis tot een mesthoop zal worden gemaakt, want er is geen andere god die zo redden kan.


Daniël 3:30.  Toen maakte de koning Sadrach, Mesach en Abed-Nego voorspoedig in het gewest Babel.

 

.

.

In meerdere opzichten schaduwt Nebukadnezars beeld het beeld van het Beest vooraf

.

  1. het beeld is een beeld van de grote Leider
  2. de gedwongen aanbiddig
  3. de massaliteit van de aanbidding
  4. de doodstraf bij weigering

Een eigentijdse voorloper van de verering van een mansbeeld is de eer die burgers in Noord-Korea dagelijks moeten bewijzen aan Kim Il-Sung, bij diens immense standbeeld in de hoofdstad van het land. Wie dat niet doet, riskeert het strafkamp.

 

 

Standbeeld-Kim_Il_Sung-John_Pavelka.jpg

Foto: eerbetoon bij het 23 meter hoge standbeeld van Kim Il-Sung.
Het beeld van Nebukadnezar was zo’n 7 meter hoger.

 

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria

John Astria

Wie is de mammon?

Standaard

categorie : religie 

 

 

De gelddemon

De gelddemon

 

Mammon is een Aramees woord dat ‘rijkdom’ betekent en staat voor geld, winst, rijkdom, vermogen. De rijkdom (Mammon) wordt door de Heer Jezus verpersoonlijkt als een ‘heer’  in Mt. 6:24 en Luc. 16:13. “U kunt niet God dienen en de Mammon.”

Mt 6:24 Niemand kan twee heren dienen, want hij zal of de een haten en de ander liefhebben, of zich aan de een hechten en de ander verachten. U kunt niet God dienen en Mammon.


Mt 6:25 Daarom zeg Ik u: weest niet bezorgd voor uw leven, wat u eten of wat u drinken zult, ook niet voor uw lichaam, waarmee u zich zult kleden. Is het leven niet meer dan het voedsel en het lichaam dan de kleding?

In Luc. 16:9,11 is sprake van het ‘onrechtvaardige Mammon’, de macht van de zucht naar rijkdom die de mens onrechtvaardig doet handelen, wat we in deze wereld zien, waarin de rechten van God worden genegeerd.

De heer Mammon wordt tegenover de Here God gesteld, de dienst van Mammon tegenover de dienst van God. “U kunt niet God dienen en de Mammon.” De ware rijkdom is bij God en in Christus te vinden.

Het Hebreeuwse woord ‘Matmon’ betekent ‘schat, rijkdom’. Het is afgeleid van een woord dat ‘verbergen’ betekent. ‘Matmon’ komt vijf keer voor in het Oude Testament, bijvoorbeeld in Gen. 43:23

Ge 43:23 Hij zei: Vrede zij u, wees niet bevreesd. Uw God en de God van uw vader heeft u een schat in uw zakken gegeven; uw geld heeft mij bereikt. Toen [liet] hij Simeon naar buiten brengen, naar hen toe.

Het Babylonisch heeft ‘Mamona’, schat. Het komt voor in #Mt 6:24 en #Lu 16:9,13 als aanduiding van geld of rijkdom, als de verpersoonlijking van aardse bezittingen, en staat hier tegenover God.

In het Rabbijns-Talmoedisch spraakgebruik wordt het woord ‘Mammon’ gebruikt voor rijkdom en gehechtheid daaraan.

 

 

VERNIETIGING VAN DE MAMMON DOOR DE VOETEN VAN MARIA

VERNIETIGING VAN DE MAMMON DOOR DE VOETEN VAN MARIA

 

spirituele tekening van John Astria

 

 

 

AANBIDDING VAN DE MAMMON

 

Pasteltekening van John Astria

 

.

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 John Astria

John Astria

Het Boeddhisme.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

symbool boeddhisme

symbool boeddhisme

.

 

 

Ontstaan

 

Ontstaan als reactie op en hervorming van het hindoeïsme. Het boeddhisme wijst het hele hindoeïstische goden-pantheon af en is daarmee geen godsdienst in de strikte zin van het woord. Het kastensysteem en priesterbemiddeling worden afgewezen. Heilige boeken worden niet erkend en dus is er ook geen taak meer voor het Sanskriet. De kringloop der wedergeboorten kan op eigen kracht worden doorbroken waarmee het Nirwana binnen het bereik komt.

 

 

toestand van Nirwana

toestand van Nirwana

 

.

 

De stichter

 

Anders dan het hindoeïsme gaat het boeddhisme terug op een historische stichter, Sidharta Goutama. Hij werd geboren 560 v.C., als zoon van een rijk stamhoofd, huwde een weduwe en had bij haar een zoon. Op 29-jarige leeftijd kwam hij in een ernstige religieuze crisis, verliet huis en haard en probeerde eerst door een strenge ascese en zelfkastijding een oplossing te bereiken.

Na zes jaar aldus geleefd te hebben en na een periode van 49 dagen van eenzame meditatie kwam de verlossing in de vorm van de verlichting. Gautama werd tot Boeddha (= dé Verlichte) en daarmee tot het centrum van de mensheid en zijn geschiedenis. Boeddha verzamelde een groep monniken om zich heen aan wie hij zijn (mondeling) leer doorgaf.

.

 

Gautama Buddha

Gautama Buddha

 

 

 

De leer

 

Boeddha leerde aan zijn volgelingen de volgende vier waarheden:

(1) Leven is lijden

(2) De oorzaak van het lijden is het verlangen of de begeerte.

(3) Het verlangen moet worden overwonnen.

(4) Het geëigende middel daartoe is het achtvoudige pad.

Het achtvoudige pad geeft, in een opklimmende reeks, een leidraad voor het leven:

(1) het juiste pad,

(2) de juiste doelstelling,

(3) het juiste woord,

(4.) het juiste gedrag (niet stelen, niet doden),

(5) het juiste middel voor het levensonderhoud,

(6) de juiste inspanning (wilskracht, training),

(7) het juiste bewustzijn (kennen van de drijfveren) en tenslotte

(8) de juiste meditatie.

 

.
Wie de uiteindelijke verlichting bereikt, geniet het Nirwana, enerzijds beschreven als een staat van grootste volheid maar anderzijds ook als een staat van volledige leegte. De centrale levensfilosofie is dat het bestaan eigenlijk een illusie is (wanneer de materiële vorm zich voegt bij het gevoel ontstaat er een idee dat zich verdiept tot het bewust zijn van iets en dat laatste brengt voor een ogenblik de illusie van het bestaan voort).

In zijn zuiverste vorm laat het geen ruimte voor aanbidding aangezien er geen wezen is tot wie de aanbidding kan worden gericht. In latere ontwikkelingen is hierop toch ten dele teruggekomen.
Anders dan het hindoeïsme is het boeddhisme overtuigd het ‘goede nieuws’ voor de gehele mensheid te zijn. Het is dan ook zeker in de beginperiode sterk missionair geweest.

 

 

Ontwikkeling

 

Nadat Boeddha zijn monniken zijn lering had bijgebracht, volgde een voorspoedige start van het boeddhisme. Na enige tijd ontstond de behoefte toch de leer in geschriften te formuleren. Er werden concilies gehouden. In 300 jaar bereikte het boeddhisme heel India (de onderlaag blijf het hindoeïsme trouw).

Honderd jaar later breidde het zich uit over Sri Lanka, later over China waar het de cultuur diepgaand beïnvloed heeft. Rond het begin van onze jaartelling bereikte het boeddhisme Japan en Korea waar het zich mengde met de plaatselijke shinto. In Tibet kreeg het boeddhisme een geheel eigen vorm (het tantrisme).

Rond 900 na Chr. volgde een teruggang en won het hindoeïsme althans in India weer vrijwel alle terrein terug (pas in deze eeuw is er weer sprake van een kleine opleving van het boeddhisme in India).
Recent is vooral het zen-boeddhisme in het westen bekend geworden. Van de meditatievormen is met name de Yoga buiten het boeddhisme populair (en in sommige katholieke kloosters gepraktiseerd).

 

 

Heilige boeken

 

Het boeddhisme is een ‘godsdienst’ zonder heilige geopenbaarde boeken. Wel zijn de leringen van de Boeddha in later tijd vastgelegd. In de loop van de tijd is aan de overlevering over het leven en de leer van Boeddha veel toegevoegd. De teksten werden alleen in de kloosters bewaard en zijn in de meeste gevallen met de invallen van de islam verloren gegaan. Een reconstructie van de leer in zijn meest oorspronkelijke vorm is daarom echter niet goed mogelijk.

 

 

De leefregels

 

De leefregels volgen uit de opgaven van het achtvoudige pad. In de oorspronkelijke vorm van het boeddhisme is de mens sterk op zichzelf betrokken. Maar men mag de naaste geen schade berokkenen. De boeddhist zal overdaad mijden. Het is aan te bevelen een kortere of langere tijd als monnik te leven.

 

 

monniken

monniken

 

 

Richtingen

 

Rond 100 na Chr. splitste het boeddhisme zich in twee scholen: Hinayana (‘kleine voertuig’), de meest oor-spronkelijke en zuivere richting, tegenwoordig beter bekend onder de naam Theravada, en Mahayana (‘grote voertuig’).

Het Hinayana leert dat de verlossing maar voor weinigen is weggelegd (= kleine voertuig). Het is een verdraagzame groep die met name Sri Lanka, Thailand, Birma, Cambodja en Laos te vinden is.
Het Mahayana leert daarentegen dat de verlossing voor velen is weggelegd. God keert terug in de vorm van de Oer-Boeddha.

Er komen helpers voor de mens, de Bodhisatva’s (heiligen). Hemel en hel worden aanvaard. Er wordt een plaats ingeruimd voor toekomstige Boeddha’s. De eredienst krijgt de trekken van een kerk. Plaatselijk vermengt deze vorm van boeddhisme zich gemakkelijk andere religies zoals dat in Japan (Shinto) en in Tibet het geval is geweest.

Het zen-boeddhisme ( vajrayana of tantrisch boeddhisme)  is rond 500 v.C. in China tot ontwikkeling gekomen vorm van het boeddhisme welke nadien ook in Japan vaste voet aan de grond heeft gekregen. Het zen-boeddhisme is nogal afkerig van theorie, is meer betrokken op de dienst aan de naaste en legt sterk de nadruk op geestelijke en lichamelijke discipline en op training.

Na de Tweede Wereldoorlog is deze vorm van het boeddhisme ook in het Westen bekend en populair geworden. Yoga is een ander in het Westen bekend geworden boeddhistisch fenomeen dat dateert uit de vijfde eeuw n.Chr. Het is een methode om door ascese en geestelijke concentratie een hogere bewustzijnstoestand te bereiken.

.

slide_10

.

 

 

.

mapbuddh (1)

.

 

 

Feesten en kalender

 

De Boeddhistische kalender is (met uitzondering van Japan) een maankalender. Het jaar is 11 dagen korter en de feestdagen verschuiven derhalve ten opzichte van onze op de zon gebaseerde kalender. Veel feesten zijn sterk regionaal bepaald. Om er enkele te noemen:

Geboortefeest van Boeddha (d.w.z. zijn verlichting en eerste preek)

– Feest van de Boeddha’s (Japan)

– Dodenfeest (soort Allerzielen, alleen Japan)

– Boeddha’s Hemelvaart (alleen Tibet).

 

 

 

Enkele teksten uit de boeken

 

  • Er zijn twee doelen die een rondtrekkende niet dient na te streven… Het vervullen van begeerten en de vreugden die uit deze begeerten voortkomen. Dit is laag bij de gronds, ordinair en leidt tot wedergeboorte, hetgeen schandelijk en bovendien onvoordelig is . . .”
  • En dit is de edele waarheid van het leed: geboorte is leed, ouderdom is leed, ziekte is leed, niet vervuld zien van wensen is leed …”
  • En dit is de edele waarheid van het opheffen van het leed: het is het opheffen van de begeerte, zodat er geen hartstocht meer is. En dit is de edele waarheid van de weg die leidt naar het opheffen van het leed. Het is het edele achtvoudige pad.” (uit de Theravada, Boeddha’s preek te Benares).

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 John Astria

John Astria

 

Afgoden en afgoderij

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

d05f87d8e7630436993817a2ffe60c40

 

.

.

Een afgod is een voorwerp van goddelijke verering

dat niet de ware God is

 

Jes 48:5 daarom heb Ik het u van oudsher verkondigd; voordat het kwam, heb Ik het u doen horen, anders zou u zeggen: Mijn afgod heeft die dingen gedaan, mijn gesneden beeld of mijn gegoten beeld heeft ze geboden.

1Co 8:4 wat dan het eten van de afgodenoffers betreft, wij weten dat een afgod niets is in de wereld, en dat er geen God is dan Een.

1Co 10:19 Wat wil ik hiermee dan zeggen? Dat een afgodenoffer iets is of dat een afgod iets is?

Er is enig verschil in betekenis tussen afgod en valse godheid. Het woord afgod zegt dat het voorwerp van goddelijke verering niet God is. Het woord valse godheid zegt dat het ten onrechte voor God gehouden wordt. Bij valse godheid komt het denkbeeld naar voren dat zij de ware godheid niet is, bij afgod meer bijzonder dat hij als God vereerd wordt.

 

Beide afgod en valse godheid drukken het denkbeeld van

onrechtmatig bewezen goddelijke eer uit

 

Wanneer men dit denkbeeld niet opzettelijk wil uitdrukken gebruikt men geen van beide woorden, maar god. Zo waren Jupiter, Apollo en Mars goden der oude Heidenen, Wodan en Thor goden der Noormannen. Niet-christenen kunnen zo ook schrijven over ‘de god der christenen’, waarmee zij blijk geven van hun ongeloof aan onze God.

Het woord afgod – met zijn denkbeeld van goddelijke verering van een voorwerp of persoon dat niet de ware God is – wordt figuurlijk gebruikt voor alles waaraan een te grote en uitsluitende eer bewezen wordt. “Het goud is zijn afgod.” “Zij maakt haar huis tot een afgod.” “Het is eigen aan de tirannen om te verlangen dat zij als afgoden vereerd worden.”

Een afgodsbeeld is de beeltenis van een afgod. De Israëlieten maakten zich in de woestijn een afgodsbeeld.

Hnd 7:41 En zij maakten een kalf in die dagen en brachten offerande aan de afgod en verheugden zich in de werken van hun handen.

 

 

goudkalf

 

.

.

Als afgoden vereerden Israëlieten onder meer de zon

en de koningin van de hemel (de maangodin)

 

De zon kan voorwerp van afgodendienst worden.

Deut. 4:19 Dat gij ook uw ogen niet opheft naar den hemel, en aanziet de zon, en de maan, en de sterren, des hemels ganse heir; en wordt aangedreven, dat gij u voor die buigt, en hen dient; dewelke de Heere, uw God, aan alle volken onder den gansen hemel heeft uitgedeeld.

 

Job 31:26 Heb ik, bij het zien van de stralende zon en de prachtig voortschrijdende maan,
Job 31:27 mij ooit heimelijk laten verleiden om hen met handkussen te vereren?

Job 31:28 Zoiets zou een misdrijf zijn dat voor de rechter dient; dan zou ik God in de hemel hebben verloochend!

 

Eze 8:16 En Hij bracht mij tot het binnenste voorhof van het huis des Heeren; en ziet, aan de deur van den tempel des Heeren, tussen het voorhuis en tussen het altaar, waren omtrent vijf en twintig mannen; hun achterste leden waren naar den tempel des Heeren, en hun aangezichten naar het oosten, en deze bogen zich neder naar het oosten voor de zon.

 

Een van de afgodische gruwelen die God in dit hoofdstuk van Ezechiel toont is de aanbidding van de zon.

In onze tijd aanbidden de aanhangers van Wicca de zon en maan.

 

 

 

Bekering

 

Wij mensen moeten ons van de afgoden bekeren om de levende en waarachtige God te dienen. Paulus schreef aan de Thessalonicenzen:

1Th 1:8 Want van u uit heeft het woord van de Heer weerklonken, niet alleen in Macedonië en in Achaje, maar in elke plaats is uw geloof jegens God uitgegaan, zodat wij daarvan niets hoeven te zeggen;
1Th 1:9 want zelf vertellen zij van ons welke ingang wij bij u hadden, en hoe u zich van de afgoden tot God hebt bekeerd om de levende en waarachtige God te dienen 

Eenmaal een kind van God geworden, moet een mens zich wachten voor de afgoden. De apostel Johannes schreef:

1Jo 5:21 Kinderen, wacht u voor de afgoden. 

 

 

 

Geloof-en-Bekering

 

 

 

 

Afgoderij, of het neerbuigen voor en het dienen van afgoden,

is een groot kwaad in de ogen van God

 

Afgoderij is iemand of iets in plaats van of naast God vertrouwen, vrezen of liefhebben. Al bestaan er in wezen geen andere goden, die net als God werkelijk God zijn, toch zijn er vele duivelse machten die als God geëerd willen worden. Afgoderij is buiten God om ons toevlucht nemen tot en ons vertrouwen stellen in instanties of mensen. Wanneer wij iemand of iets belangrijker achten dan God en Zijn dienst plegen we al afgoderij (zie Handelingen 4 vers 19 en 5 vers 29). Daarom kon Jezus zeggen: wie vader of moeder lief heeft meer dan Mij, past niet bij Mij.

Afgoderij begint met de verleiding van het hart. Vervolgens wendt het hart zich af van God en wendt zich tot de afgoden. Men kan zelfs gedreven worden om de afgoden te dienen.

De 11:16 Wacht uzelven, dat ulieder hart niet verleid worde, dat gij afwijkt, en andere goden dient, en u voor die buigt;
De 11:17 Dat de toorn des Heeren tegen ulieden ontsteke, en Hij den hemel toesluite, dat er geen regen zij, en het aardrijk zijn gewas niet geve; en gij haastelijk omkomt van het goede land, dat u de Heere geeft.

 

De 30:16 Want ik gebiede u heden, den Heere, uw God, lief te hebben, in Zijn wegen te wandelen, en te houden Zijn geboden, en Zijn inzettingen, en Zijn rechten, opdat gij levet en vermenigvuldiget, en de Heere, uw God, u zegene in het land, waar gij naar toe gaat, om dat te erven.
De 30:17 Maar indien uw hart zich zal afwenden, en gij niet horen zult, en gij gedreven zult worden, dat gij u voor andere goden buigt, en dezelve dient;
De 30:18 Zo verkondig ik ulieden heden, dat gij voorzeker zult omkomen; gij zult de dagen niet verlengen op het land, naar hetwelk gij over de Jordaan zijt heengaande, om daarin te komen, dat gij het erfelijk bezit.

 

Wat er bij de Israëlitische afgoderij gebeurde, blijkt uit de volgende passage, die meedeelt waar de afgoden geplaatst werden en welke offers gebracht werden.

Eze 20:28 Als Ik hen in het land gebracht had, over hetwelk Ik Mijn hand opgeheven had, om hetzelve hun te geven, zo zagen zij naar allen hogen heuvel en alle dicht geboomte, en offerden daar hun offeren, en zij gaven daar hun tergende offeranden, en daar zetten zij hun liefelijken reuk, en daar offerden zij hun drankofferen.

De plaats waar de afgoden gesteld werden was hoger gelegen. Men sprak van ‘hoogte’ (Ezech. 20:29).

Eze 20:29 Daarop zei Ik tegen hen: Wat is dat voor hoogte waar u telkens naartoe gaat? Tot op deze dag draagt die dan ook de naam Hoogte.

Voor Gods volk heeft afgoderij zeer kwade gevolgenIn het oude Israël kwamen afgodendienaars om het leven. Vreeswekkend zijn de oorlogen en ballingschappen van Israël, waardoor velen stierven of uit hun land werden weggevoerd. Bij het tegenwoordige geestelijke volk van God (de gemeente) kunnen afgodendienaars geestelijk omkomen, het praktisch genot van hun erfdeel verliezen.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

 

 

De aard van God

Standaard

categorie : religie

 

 

 

dolfijnen

De Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Gods aanwezigheid ontdekken

 

Terwijl ik zit in het groene gras in de schaduw van de boombladeren, en omhoog tuur naar die grote blauwe hemel, glimlacht mijn hart en voel ik de vreugde die voortkomt uit het voelen van de aanwezigheid van een ontzagwekkende God. Ik weet dat God ontzagwekkend is, wanneer ik de manier overpeins waarop Hij alle dingen heeft gemaakt, zichtbaar en onzichtbaar, en vooral de manier waarop Hij ons mensen gemaakt heeft.

 

God schiep ons naar Zijn eigen evenbeeld en gelijkenis (Genesis 1:26) en we zijn ontzagwekkend wonderlijk gemaakt (Psalm 139:14).

 

 

 

Gods naam prijzen

 

In de natuur voel ik de aard van God. Door het zingen van de vogels voel ik een neiging om zelf voor de Heer te zingen om Hem te prijzen en te aanbidden. Wanneer ik God vereer, dan raakt Hij mijn hart aan en openbaart Hij Zichzelf aan mij op een erg speciale manier in de natuur, onze omgeving. Er zijn de bossen en de stranden, de zon die elke dag opkomt en weer ondergaat, de stralende maan en de schitterende sterren in de nacht, de regen en nog veel meer.

Ik realiseer me nu waarom ik, elke keer als ik over zulke dingen uitkijk, een ander soort intensiteit voel. Daarnaast word ik ook in mijn eigen leven herinnerd aan Gods goedheid en trouwhartigheid. “God is goed, de hele tijd. Hij stopt een lied voor verering in dit hart van mij. God is de hele tijd goed!” Heb je dat liedje ooit gehoord?

 

 

 

Gods liefde begrijpen

 

Dat is de kern van de aard van God. Hij is zo goed dat Hij voor ons zorgt en onvoorwaardelijk van ons houdt.

“Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft” (Johannes 3:16).

Dit is één van de meest bekende Bijbel verzen, maar begrijpen we werkelijk wat dit voor ons eigen leven betekent? Stel je eens voor dat je zelf maar één zoon zou hebben, een zoon waar je voor zou zorgen en ontzettend veel van zou houden. Zou jij bereid zijn om het leven van je zoon op te offeren om iemand anders te redden? Zou jij je kunnen veroorloven om zijn leven op het spel te zetten voor het belang van anderen? God deed dit. Dat is waarom we Jezus Christus hebben. Het boek van Johannes zegt, in vers 6 van hoofdstuk 16, dat Jezus de weg, de Waarheid en het Leven is. Niemand kan bij de Vader komen dan door Hem.

Het enige dat wij hoeven te doen om een eeuwig leven te hebben is Jezus Christus aanvaarden als onze Heer en Verlosser, berouw hebben van onze zonden en om vergeving te vragen. Het is onze keuze. Het is de aard van God!

 

 

 

God prijzen en aanbidden

 

 

Een natuurlijk verlangen

 

Het prijzen en aanbidden van God lijkt universeel te zijn. Heb jij ooit van een ontdekkingsreiziger gehoord die een nieuwe stam of cultuur ontdekte die niets vereerde? Aanbidding is voor elk mens een natuurlijk instinct en een primaire behoefte. Een eenvoudige definitie van aanbidding is een grote toewijding aan of het eren van een Goddelijk wezen. Neem even de tijd om na denken over datgene waar jij in dit leven het meest aan toegewijd bent. Stel jezelf dan de volgende vraag: “Is dit mijn toewijding waardig? Aanbid ik wel een Goddelijk wezen?”

We aanbidden niet allemaal dezelfde God, maar iedereen aanbidt iets of iemand. Omdat we allemaal aanbidden, zouden we de reden voor dit verlangen nader moeten bekijken. De meest logische conclusie is dat we door een hoger wezen zijn geschapen met het doel om te aanbidden.

De mens is onophoudelijk op zoek naar de antwoorden op de fundamentele vragen over de menselijke oorsprong, de aard van de mens en de uiteindelijke bestemming van de mens. Er is een boek dat de antwoorden op al deze vragen heeft, waaronder onze vragen over aanbidding. De Bijbel is een wonderbaarlijk en mysterieus boek; God heeft de Bijbel gekozen als de wijze waarop Hij met ons communiceert.

God is in zowel het Oude Testament als het Nieuwe Testament het brandpunt van onze toewijding.

In Exodus 20:2-3 zegt God: “Ik ben de Heer, uw God … Vereer naast mij geen andere goden”.

In Matteüs 4:10 zegt Jezus: “Daarop zei Jezus tegen hem: ‘Ga weg, Satan! Want er staat geschreven: Aanbid de Heer, uw God, vereer alleen hem.”

Aanbidding is dus niet slechts een natuurlijk instinct, het is een gebod van God.

 

 

Waarom Prijzen en aanbidden 

 

Alleen God is onze toewijding, onze lof en onze aanbidding waardig. Hij is God, onze Schepper. Wij worden geboden om Hem te prijzen en te aanbidden.

Psalm 96:9 zegt: “Buig u voor de Heer in zijn heilige glorie, huiver, heel de aarde, als hij verschijnt.” Psalm 29:2 zegt: “Erken de Heer, de majesteit van zijn naam, buig u voor de Heer in zijn heilige glorie.”

Zonder aanbidding zouden we miserabel ronddolen. God wil niet dat we ons miserabel voelen; Hij heeft een perfect plan voor onze levens. Hij heeft zo veel dingen gedaan om te laten zien dat Hij van ons houdt en hij wil dus niet dat wij ons miserabel of ellendig voelen. Hij wil dat we hoop hebben op een toekomst met Hem. Hij wil dat we een eeuwig leven met Hem in de hemel hebben.

Een leven gevuld met lof en aanbidding bevredigt onze diepste behoeften en wonderbaarlijk genoeg geeft dit ook God een immense vreugde.

Sefanja 3:17 stelt: “De Heer, je God, zal in je midden zijn, hij is de held die je bevrijdt. Hij zal vol blijdschap zijn, verheugd over jou, in zijn liefde zal hij zwijgen, in zijn vreugde zal hij over je jubelen.”

 

 

 

 Hoe doen we prijzen en aanbidden?

 

God vertelt ons in Zijn Woord hoe we Hem kunnen prijzen en aanbidden.

Johannes 4:23 zegt: “Maar er komt een tijd, en die tijd is nu gekomen, dat wie de Vader echt aanbidt, hem aanbidt in Geest en in waarheid. De Vader zoekt mensen die hem zo aanbidden”.

Om God oprecht te kunnen aanbidden, moeten we weten dat Jezus zei: “Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand kan bij de Vader komen dan door mij”.

Voordat je kunt aanbidden op de manier zoals God dat wil, moet je dus eerst een relatie met Hem zijn begonnen door in Jezus, Zijn Zoon, te geloven.

De beste manier waarop we God kunnen prijzen en aanbidden is met elke gedachte en met elke daad. Romeinen 12:1-2 stelt: “Broeders en zusters, met een beroep op Gods barmhartigheid vraag ik u om uzelf als een levend, heilig en God welgevallig offer in zijn dienst te stellen, want dat is de ware eredienst voor u. U moet uzelf niet aanpassen aan deze wereld, maar veranderen door uw gezindheid te vernieuwen, om zo te ontdekken wat God van u wil en wat goed, volmaakt en hem welgevallig is”.

 

 

 

Liefde uit het hart

 

Veel mensen denken dat lofprijzing en aanbidding niets meer is dan liedjes zingen, maar het is zo veel meer! Het is ook een toestand van je hart; een bereidheid om God te verheffen en je aan Zijn wil over te geven. Aanbidding is een uitdrukking van liefde en ontzag voor de God die ons meer geeft dan we verdienen. Of jij je aanbidding nu vorm geeft door middel van zingen, muziek, dansen of op een andere manier, vergeet niet dat je er toe geroepen bent om God met elke handeling te aanbidden, elke dag van je leven. God is heilig, liefdevol en onze aanbidding en toewijding waardig.

“Heb daarom de HEER lief met hart en ziel en met inzet van al uw krachten.” (Deuteronomium 6:5)

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

De gevolgen van de aanbidding van Satan

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Trouw en onderscheidingsvermogen in onze aanbidding

 

 

Het getal 666 staat voor de mens die wil zijn als God. Satan voert zijn demonische strijd tegen de christenen via deze mens, die nu eens bruut geweld gebruikt dan weer massieve verleiding. Uithoudingsvermogen en onderscheidingsvermogen zijn nodig om trouw te blijven in de aanbidding van God.

 

 

 

Openbaring 13

 

Het getal 666 is voor veel mensen het getal van de duivel. Een beladen getal. Een getal waar iets mis mee is. En net zoals sommige hotels geen kamernummer 13 hebben, zo heeft de opwekkingsbundel geen nummer 666. Volgens sommige mensen zit het getal ook verstopt in het embleem van 999-games. Op zijn kop, maar dat zou ook weer met de duivel te maken hebben.

Nu is in Openbaring 13 666 niet het getal van de duivel maar van het beest uit de zee. Door middel van dit beest strijdt satan tegen de christenen. Maar wie of wat op aarde is dan dit beest? Zijn getal -666- duidt volgens vers 18 op een mens. Dus satan zet bij zijn demonische strijd tegen de christenen een mens in.

Er is door de geschiedenis heen een stroom aan namen genoemd op wie dat dan wel slaat. Hitler was het beest van de 20 ste eeuw zegt men dan.

In de eerste eeuw was er ook zo’n menselijk beest: keizer Nero. Ook zijn naam kun je uit het getal 666 halen. De eerste lezers van het boek Openbaring kenden deze naam goed. Nero was een wrede tiran die de christenen vreselijk vervolgd heeft. Waarschijnlijk zijn de apostelen Paulus en Petrus door zijn toedoen gedood. Het kan goed zijn dat de 1e hoorders van het boek Openbaring aan deze keizer Nero gedacht hebben bij het getal 666.

Andere uitleggers wijzen erop dat het getal symbolisch moet worden opgevat. Het getal van de volheid, van Gods volkomenheid is 7. En 6 is dan net één minder. Oftewel, het is het bijna-goddelijke. Het is de mens geschapen naar het beeld van God. ‘U hebt hem bijna een god gemaakt’, zingt Psalm 8. Maar de mens neemt daar geen genoegen mee, hij wil zijn als God. Dat was de kern van de zondeval.

 

 

 

 

 

Het beest uit de zee

 

Het beest dat uit de zee komt is een mens, de antichrist. De zee staat symbool voor de naties, de volkeren. Het is iemand die uit een politiek stelsel komt, groeit, macht krijgt en bezeten wordt door de geest van Satan. Er komt een politiek leider die de autoriteit zal verwerven over de hele wereld gedurende 42 maanden of 3.5 jaar.

Hij zal de gave van het spreken hebben, de mogelijkheid om politieke leugens te verspreiden en in het bezit komen van demonische mogelijkheden. Deze persoon zal zwaar gewond worden en door een mirakel overleven waardoor iedereen hem zal volgen, behalve zij die in het boek des levens staan. De wereld verlangt naar de komst van die persoon omdat men een oplossing wil voor elk probleem.

Dit willen zijn als God kleurt Openbaring 13. Het beest uit de zee heeft een dodelijke wond aan één van zijn koppen, vers 3. Het zag eruit alsof het was geslacht. Dus net als het Lam, net als Christus. Johannes ziet Christus -in Openbaring 5- als een Lam dat geslacht is, maar het staat recht overeind. Het leeft. Dit beest kan dat ook. Zijn dodelijke wond geneest. Het beest imiteert Christus om de mens te verleiden en op het verkeerde been te zetten.

 

 

hoofdstuk 13 ; de komst van de antichrist en de valse profeet

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Eigenschappen van de antichrist

 

de grootste wereldleider ooit geweest

een satanisch bezetter ( Daniël 7: 8  ; een superintelligent iemand )

een groot spreker ( Openbaring 13: 2 )

een politiek genie ( Openbaring 17: 17 )

een commercieel genie ( Openbaring 13: 17 – Daniël 8: 25 )

een militair genie ( Openbaring 13: 4 – Daniël 8: 24 )

 

 

666 en de antichrist

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Het beest uit de aarde

 

Het beest dat uit de aarde komt is een mens, de valse profeet. Het krijgt grote macht, is gelijk een lam en communiceert als een draak. De valse profeet wil dat men de antichrist, het beest uit de zee, aanbidt. Door grote, indrukwekkende wonderen te doen volgt men de valse profeet. Velen denken dat, door toedoen van de valse profeet, de antichrist de Messias is. De valse profeet laat een groot beeld maken van de antichrist en laat het zelfs spreken, in tegenstelling tot God die het afbeelden van zichzelf ten strengste verbiedt.

 

 

De doelstelling van Satan

 

De doelstelling van Satan is om een perfecte imitatie te maken van de Drievuldigheid en om aanbeden te worden door de mens.

 

 

Satan 

 

De Valse Drievuldigheid

Satan de draak ( Openbaring 12 )

Satan de antichrist ( Openbaring 13 )

satan de valse profeet ( openbaring 13 )

 

 

God 

 

De Heilige Drievuldigheid

God de Vader

God de Zoon

God de Heilige Geest

 

 

de Ware- en de Valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Satan zoekt bewondering en dat lukt hem geweldig goed. Openbaring 13:4 zegt dat iedereen de draak aanbad. En ook het beest wordt aanbeden. Oftewel: machtige mensen worden vereerd als goden. Mensen gaan vol bewondering achter hen aan. En als het niet goedschiks gaat, dan maar kwaadschiks: het beest dat eruit ziet als een lam dwingt de mensheid om het beest te aanbidden, vers 12.

Hierbij zullen de eerste lezers van het boek Openbaring ongetwijfeld gedacht hebben aan de dwang om de keizer in Rome te vereren. Wie niet meedeed aan deze mensverering werd uitgesloten uit de samenleving. Zij konden niet meer kopen of verkopen, zegt vers 17. Zoals het goddelijk zegel van Openbaring 7 duidt op een door geloof gestempeld leven, zo laat het merkteken van Openbaring 13:16 zien dat het leven wordt gestempeld door mensverering. En alleen die mensen worden geaccepteerd.

Dus dit is de manier waarop de verslagen, maar woedende satan zich tegen de christenen keert. Door middel van de mens die zichzelf aanbidt. Deze mens gebruikt de ene keer bruut geweld, dat zit in de tekening van het eerste beest, een andere keer gebruikt hij verwarrende en indrukwekkende verleiding, daarop duidt het tweede beest. Voor dat brute geweld gebruikte satan de Romeinse keizers. En eerder al zette hij de Farao op tegen Gods volk.

Door dit brute geweld hebben vele christenen hun leven al verloren. En wat kun je dan schrikken van vers 7 van Openbaring 13: ‘Het beest mocht de strijd met de heiligen aanbinden en hen overwinnen.’ Het geweld van mensen tegen christenen laat God dus toe. Als christen ben je je leven niet zeker in deze wereld.

 

Dan die tweede manier waarop satan zijn venijnige strijd tegen de christenen voert. En dat is die van de verleiding. Ook daarvoor zet hij mensen in. Mensen die mooie woorden spreken. Mensen die grote dingen doen. En wat is dat verwarrend. Wonderen lijken de waarheid van hun woorden te onderstrepen. En ook achter deze tweede strategie zit satans streven om de aanbidding van God de nek om te draaien. Daarvoor ging hij lang geleden naar de hof van Eden. Daarom verleidde hij Adam en Eva. Zij waren geschapen om God te eren en te aanbidden. Om God te bewonderen en achter Hem aan te gaan, om dichtbij Hem te willen zijn. Dat is toch aanbidding? Maar satan wil God zijn aanbidding afnemen.

 

 

 

Het aanbidden van zichzelf

 

Er zijn heel veel mensen die zichzelf aanbidden. En daarmee heeft de satan net zo goed bereikt wat hij wil, want deze mensen aanbidden God niet meer. En wij leven te midden van deze mensen. Je aanbidt jezelf als je kiest voor jezelf. En wat zit dat diep in ons. En wat wordt ons dat ook nog eens verleidelijk aangepraat. Door de reclame: het gaat om jou. Dat jij er mooi uitziet. Dat het jou aan niks ontbreekt. Dat jij doet waar je zin in hebt.

Dat jij leeft als een god in Frankrijk, of waar dan ook. Dat is die verleidelijke, valse profetie. Het kenmerk van valse profetie is dat het ons ertoe beweegt te zijn als God. Ware profetie brengt altijd tot het aanbidden van God. Maar wanneer ik mee ga met die valse profetie, en mezelf in het middelpunt zet, vereer ik een beeld. De mens, geschapen naar Gods beeld. Zelfverering, aanbidding van ons eigen ik, is een grote verleiding voor ons.

Tegelijk voelen wij ook steeds meer die boycot van Openbaring 13. De uitsluiting uit de samenleving. Christelijke standpunten worden niet langer gedoogd. Die moeten weg uit het publieke leven. Bijbelse standpunten over het huwelijk, over homoseksualiteit, over zondagsrust, de afwijzing van menselijke zelfbeschikking, die standpunten worden steeds minder getolereerd.

Omdat de aanbidding van God mensen steekt. Wie niet meedoet aan de verering van de mens is immers een spelbreker. Die is afwijkend. De wereld is te verdelen in mensen die zichzelf aanbidden en mensen die God aanbidden. Dat gaat terug op de zondeval. Toen draaide het ook om die keus. En God aanbidden betekent mezelf verloochenen. Mijn eigen plannen, mijn eigen geluk, mijn eigen eer, willen opgeven voor God. Maar heel veel mensen vinden dit bizar. Zelfverloochening is hoogverraad tegen de aanbidding van de mens.

 

 

Satan wordt aanbeden in de sport

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De boodschap van Openbaring 13

 

De boodschap van Openbaring 13 is dat het aankomt op uithoudingsvermogen. Op uithoudingsvermogen en onderscheidingsvermogen om trouw te blijven aan God. Om trouw te blijven in het aanbidden van Hem. Ook als Hij een weg met mij gaat die ik niet begrijp. Het zijn de verzen 9 en 10 en vers 18 die deze boodschap laten horen.

Vers 10: ‘Hier komt het aan op de standvastigheid en trouw van de heiligen.’ En vers 18: ‘Hier komt het aan op wijsheid.’ Christus spoort zijn kerk, en u en mij vandaag, aan tot uithoudingsvermogen en onderscheidingsvermogen om trouw te blijven aan Hem.

Hiermee bereidt Christus ons voor op wat er op ons af kan komen, aan bruut geweld. En Hij leert ons doorzien wat er al op ons afkomt, aan verwarrende en vaak massieve verleiding. Christus wil ons ook bemoedigen. Kijk eens in vers 8. We schrokken van vers 7: het beest uit de zee -oftewel, de mens die wil zijn als God- krijgt de ruimte om de strijd met ons aan te binden en ons te overwinnen.

Maar vers 8 laat zien dat zij zullen standhouden van wie de naam vanaf het begin van de wereld in het boek van het leven staat. Dat wijst op de uitverkiezing. Hier wordt de volharding van de heiligen beschreven. Dat troost. Satan kan door middel van zijn menselijke handlangers wel ons lichaam doden, maar niet onze ziel (Matteüs 10:28). En in hoofdstuk 15:2 zullen we lezen over hen die ‘het beest, zijn beeld en het getal van zijn naam’ hebben overwonnen. Zij zijn trouw gebleven aan de verering van Christus, hun Heer.

 

 

Slotgebed

 

Laten wij bidden om uithoudingsvermogen en onderscheidingsvermogen. Laten we ons bewust zijn van het grote verschil tussen aanbidding van onszelf en aanbidding van God. Ik denk dat het goed zou zijn wanneer wij de aanbidding van God een grotere plaats geven in ons leven. Elke dag ruimschoots de tijd nemen om God te aanbidden in gebed, in bijbel lezen en daarover nadenken. Daardoor groei je in volhardende trouw. Amen.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget