Tagarchief: water

Blauwe waterereprijs

Standaard

categorie : Kamerplanten en bloemen

 

 

 

img_2184-gr-blauwe-waterereprijs

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de lila tot bleekblauwe “ereprijs” bloemetjes in trossen en
– de plaats waar de plant groeit (in ondiep water)

 

 

img_2273-gr-blauwe-waterereprijs

 

 

 

Algemeen

 

Blauwe waterereprijs is een eenjarig of overblijvende plant van 15 tot 60 cm. Ze groeit in ondiep, stromend water en open, natte, voedselrijke grond aan waterkanten. In het rivierengebied is ze plaatselijk vrij algemeen. Elders is ze zeldzaam.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit vanaf mei tot in de herfst. De bloemen vormen lang gesteelde trossen in de bladoksels en zijn lila tot bleekblauw met paarse lijntjes. Na de bloei maken de bloemstelen een scherpe hoek met de as van de bloeiwijze. Dat onderscheidt blauwe waterereprijs van rode waterereprijs, waarvan de bloemstelen een rechte hoek maken na de bloei.

 

 

 

 

img_2294-gr-blauwe-waterereprijs

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De al of niet vertakte, kale stengels zijn groen, soms rood aangelopen en vierkantig. De bladeren zijn licht groen, de bovenste langwerpig en half stengelomvattend, de onderste ei-rond en gesteeld.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

weegbreefamilie (Plantaginaceae)
– eenjarig of overblijvend
– vrij algemeen in het rivierengebied,   elders zeldzaam
– 15 tot 60 cm hoog

Bloem
– lila tot bleekblauw
– vanaf mei tot in de herfst
– tros
– stervormig
– 5 tot 10 mm
– 4 kroonbladen, vergroeid
– 4 kelkbladen
– 2 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– (kruisgewijs) tegenoverstaand
– enkelvoudig
– lancetvormig
– top spits
– rand gezaagd tot bijna gaaf
– voet (half) stengelomvattend
– veernervig
– zittend (soms kort gesteeld)
– beide kanten zacht behaard

Stengel
– rechtop of opstijgend
– vierkantig

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

De Alocasia

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

De Alocasia komt van oorsprong uit de tropen van Azië, voornamelijk India. Alocasia soorten behoren tot de familie Araceae. Deze kamerplanten worden ook wel Taro, Reuzentaro of Olifantsoor genoemd. Deze laatste naam is gemakkelijk af te leiden aan de enorme bladeren.

 

 

Alocasia-c-1

 

 

Water geven

 

Vochtig houdenVochtig houden

 

 

Alocasia’s gedijen het best wanneer de grond constant licht vochtig is. Controleer daarom regelmatig met een vinger in de grond of deze nog vochtig is. In de winter verbruikt deze kamerplant minder water, maar laat de Alocasia niet helemaal uitdrogen. Bij voorkeur niet te grote hoeveelheden water per keer geven, dan gaat blad namelijk druppelen.

De hoeveelheid water is afhankelijk van verschillende factoren zoals luchtvochtigheid en hoeveelheid licht, daarom is het verstandig om te beginnen met kleine hoeveelheden water per gietbeurt. Is de grond binnen 2 dagen droog, geef dan iets meer. Is de grond na 5 dagen nog steeds erg nat, geef dan minder water per keer.

 

 

 

 

 

 

Sproeien

 

Het is noodzakelijk om een Alocasia meerdere keren per week te sproeien. Hoe vaker hoe beter. Hiermee neemt de kans op spint sterk af.

 

 

 

Standplaats

 

zonnig

Zonnig

 

 

De Alocasia wenst veel licht. Bij gebrek aan zonlicht kan de woonkamerplant snel naar het licht toe gaan groeien. Dit heeft als nadeel dat de plant scheef gaat groeit. Plaats de Alocasia een meter dichterbij het raam wanneer deze scheef groeit. Daarnaast is het raadzaam om de plant regelmatig een kwartslag te draaien. Minimaal 5 uur direct zonlicht. Dit betekent dat de Alocasia 2-3 meter voor een raam op het zuiden mag of voor een raam op het westen of oosten.

 

 

 

 

 

 

Minimale temperatuur

 

Overdag:  +/- 20 °C
‘S nachts: +/- 15 °C

 

 

 

Verpotten

 

De Alocasia elke 2 á 3 jaar verpotten, bij voorkeur in de lente. Dit zorgt voor nieuwe voedingsstoffen, luchterige grond en ruimte voor wortelgroei. Na aanschaf kan de kamerplant direct worden verpot. Gebruik een plantenbak met een diameter van minimaal 20% meer als de vorige. Gebruik gewone universele potgrond en probeer zo min mogelijk wortels te beschadigen. Gebruik een inzethoes bij hoge potten. Dit voorkomt rottend water buiten bereik van de wotels.

 

 

 

 

 

 

Voeding

 

De Alocasia eens per 2 weken vloeibare voeding geven. Wanneer de plant nauwelijks groeit (herfst, winter) is bemesten niet nodig. Gebruik nooit een overdosis, ook niet ter compensatie. Beter teweinig dan teveel.

 

 

 

 

 

 

Verkleurende bladeren

 

Alocasia’s kunnen gevoelig zijn voor koud water, koude lucht of tocht. Dit kan een oorzaak zijn voor bruine vlekken op het blad.

 

 

 

Snoeien

 

Het onderste blad van deze binnenplanten wordt op den duur minder mooi. Door deze 4cm van de basis af te snijden zal de plant geen energie meer in het lelijke blad stoppen. Dit bevordert de groei van nieuw blad. Het laatste gedeelte zal afsterven en is later eenvoudig van de basis te trekken. Het vocht dat de plant verliest door de snede is geen probleem.

 

 

 

Vermeerderen

 

Alocasia’s zijn te kweken door middel van zaad of door wortelstokken met blad van de moederplant af te snijden.

 

 

 

 

 

Bloemen

 

De bloem van een Alocasia wordt niet vaak aangetroffen. Een bloeiende Alocasia is vaak een teken dat het niet goed gaat met de plant. Om energie bij de kamerplant te besparen is het beter de bloem af te snijden.

 

 

alocasiacupreaplant2

 

 

 

Giftig?

 

Het sap van een Alocasia is irriterend voor huid en slijmvliezen. De wortelstokken worden in Azië gegeten. Hiervoor is het noodzakelijk dat de wortelstokken eerst worden gekookt. Uit voorzorg raden wij dit af.
(123kamerplanten bepaalt of een plant giftig is door het raadplegen van verschillende bronnen)

 

 

Ziektes

 

De Alocasia kan last hebben van spint indien de lucht te droog is. Regelmatig sproeien werkt preventief. Plaats de plant buiten wanneer spint is waargenomen. Wind en vocht zal de spint snel verdrijven. Dit is alleen mogelijk indien de temperaturen het toelaten. Daarnaast moet de plant buiten in de schaduw staan.

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Philodendron, een kamerplant uit het regenwoud

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

Philodendron soorten komen van oorsprong voornamelijk uit het regenwoud van Zuid Amerika. De plantenfamilie is Araceae.

 

 

Philodendron01

 

 

Philodendron onderhoud:

 

 

Water geven

 

vochtig houdenVochtig houden

 

De grond van een Philodendron moet altijd vochtig blijven. Echter gebruikt de plant niet veel water. Een Philodendron is gevoelig voor teveel water. Geef daarom niet te grote hoeveelheden water per gietbeurt. Je kunt de kamerplant opnieuw water geven zodra de grond begint op te dromen, maar laat deze niet geheel uitdrogen.

De watergift hoeveelheid is afhankelijk van verschillende factoren, zoals de standplaats en grootte van de kamerplant. Begin daarom met kleine hoeveelheden water per gietbeurt. Is de grond na 4 dagen nog steeds erg nat, geef dan minder per gietbeurt.

Steek een vinger in de grond om te controleren of de grond vochtig aanvoelt. Bij een nieuwe huiskamerplant is het verstandig dit regelmatig te doen. Na enkele keren water geven leer je vanzelf hoeveel en hoe vaak jouw Philodendron nodig heeft.

 

 

 

Sproeien

 

Hoe meer hoe beter. Vooral klimmende exemplaren met hun luchtwortels worden graag gesproeid. Raadzaam is om minimaal 1x per week te sproeien.

 

 

 

Standplaats

 

Schaduw

 

Philodendron soorten gedijen prima met minder licht. Vermijd direct zonlicht, vooral het middag licht. Plaats deze kamerplanten 3-4 meter voor een raam op het noorden, of 4 meter op het oosten/westen, of 5-6 meter voor een raam op het zuiden. Deze afstanden zorgen ervoor dat de kamerplant maximaal 3 uur direct zonlicht ontvangt.

 

 

philodendron huisplant

 

 

 

Minimale temperatuur

 

Overdag:  +/- 20 °C
‘S nachts: +/- 16 °C

 

 

 

Verpotten

 

Een Philodendron verpotten kan direct na aanschaf, maar bij voorkeur in het voorjaar. Gebruik universele potgrond of Anthurium grond. Gebruik een sierpot waarbij de diameter minimaal 20% breder is als de vorige. Gebruik bij hoge plantenbakken een inzethoes.

Dit voorkomt dat er onderin de pot water gaat rotten, omdat het water buiten het bereik van de wortels is. Oudere exemplaren hoeven niet verpot te worden. Hier kan kan ook de losse bovenlaag vervangen worden met verse grond. Uiteraard is het verpotten in een sierpot een stuk mooier.

 

 

monstera

 

 

Voeding

 

Geef eens per week vloeibare voeding voor groene planten in de groei periode. Geef nooit een overdosis, ook niet na een periode dat de binnenplant geen voeding heeft gehad. Bemesten is niet nodig in de rustperiode (winter) en niet noodzakelijk in de herfst. Lees de gebruiksaanwijzing voor de juiste dosering.

 

 

 

Verkleurende bladeren

 

Gele bladeren bij een Philodendron zijn vaak het gevolg van teveel water. Pas de watergift hierop aan.

 

 

 

Snoeien

 

Klimmende Philodendrons zijn gemakkelijk te leiden langs een mosstok of gaasrek. Een uitloper kan het beste terug geleid worden. Het kan geen kwaad om gewoon met een schaar te lange uitlopers af te knippen.

 

 

 

Vermeerderen

 

Niet-klimmende soorten zijn alleen te vermeerderen door middel van zaad. Klimmende exemplaren zijn te vermeerderen door kopstekken in een vochtig mengsel van turf en zand te steken bij een temperatuur van rond de 23 graden.

 

 

 

 

 

Bloemen

 

Het komt zelden voor dat een Philodendron bloeit in de huiskamer. Indien de binnenplant toch bloeit kan je de bloemen het beste afknippen. De geur van deze bloemen is namelijk niet altijd aangenaam. Bovendien onttrekt het de plant energie.

 

 

 

Giftig?

 

De meeste Philodendron soorten zijn giftig bij inname. Vooral katten hebben de neiging om op de bladeren te kauwen. Dit kan de nieren aantasten. Raadpleeg een dierenarts.

 

 

 

Ziektes

 

Philodendron soorten zijn niet gevoelig voor ongedierte.

 

 

 

Philodendron soorten

 

Deze familie omvat honderden soorten. Zowel klimplanten,struiken als kleine bomen. Enkele soorten: Atom, Congo, Grand Brasil, Fun Bun, Imperial Red/Green, Lemon Mandjari, Medisa, Pertusem (Monstera Deliciosa, Gatenplant), Scandens, Selloum, Red Emerald, Xantal en Xanadu.

 

 

 

philodendron selloum

 

 

 

philodendron xanadu

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Beekpunge : Veronica beccabunga

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

 

goed te herkennen aan

– hemelsblauwe “ereprijs” bloemetjes in trossen in de bladoksels en
– de ovale, iets vlezige, gesteelde, glanzende bladeren en
– de groeiplaats; ondiep, stromend water of open, natte grond aan waterkanten

 

 

beekpunge_1

 

 

 

Algemeen

 

Beekpunge is een overblijvende, kale oeverplant van 15 tot 60 cm hoog. Ze groeit in ondiep, stromend water van kleine beken en sloten en op open, natte voedselrijke grond aan waterkanten.

Het verspreidingsgebied bestaat uit vrijwel geheel Europa, het westen en noorden van Azië en ook in Noord-Afrika wordt de plant aangetroffen. De soort is in de Lage Landen vrij algemeen, maar zeldzaam in voedselarme zandstreken en in zeeklei- en brakwatergebieden.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Beekpunge bloeit vanaf mei tot en met september met hemelsblauwe, donker geaderde, kleine bloemetjes, die in rijkbloemige, tot 10 cm lange trossen in de oksels van de bladeren staan. Vooral in snel stromend water kan de plant onder water blijven en komt dan niet tot bloei.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De bladeren zijn glanzend, ovaal, iets vlezig en allemaal kort gesteeld. De stengel is vrij fors, kaal, bleekgroen en vaak enigszins rood gekleurd. In niet te strenge winters behoudt ze haar blad.

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

De wat scherp en ietwat bitter smakende bladeren werden vroeger wel gegeten, net als waterkers. Ook werden ze aangewend tegen scheurbuik en opgeblazenheid. In het noorden van Europa verwerkt men het blad nog steeds in salades. Overdaad schaadt echter: de bladeren en jonge scheuten bevatten diuretisch werkende stoffen.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

weegbreefamilie (Plantaginaceae)
– overblijvend
– algemeen tot zeldzaam
– 15 tot 60 cm

Bloem
– hemelsblauw, soms roze
– vanaf mei t/m september
– tros
– stervormig
– 5 tot 8 mm
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 4 kelkbladen
– 2 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– tegenoverstaand
– enkelvoudig
– kort gesteeld
– ovaal
– top stomp
– rand gekarteld tot gezaagd
– voet afgerond
– veernervig
– iets vlezig
– glanzend

Stengel
– opstijgend
– kaal
– rolrond

zie wildebloemen

 

 

botanische-tekening-extragr-beekpunge

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

De Spathiphyllum of de Lepeltjesplant

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

Spathiphyllum zijn geliefd vanwege hun bloemetjes. Deze witte bloemen lijken op een lepeltje. Vandaar de Nederlandse naam: Lepelplant. De Spathiphyllum komt van oorsprong uit Brazilië. De plantenfamilie is Araceae.

 

 

Spathiphyllum 'Sweet Lauretta' PAT#14004

 

 

 

Spathiphyllum onderhoud

 

 

Water geven

 

De Spathiphyllum verbruikt redelijk veel water. Bij een water tekort geeft deze bloeiende kamerplant dat aan door te gaan hangen. Geen zorgen want de Spathiphyllum staat al snel weer overeind van een flinke scheut water. Deze kamerplanten groeien van oorsprong in de omgeving van de Amazone. Wanneer deze rivier buiten zijn oevers treedt, kan de Spathiphyllum zelfs onderwater overleven. Je kunt deze plant het beste tweemaal per week water geven. Probeer de hoeveelheid zo aan te passen dat de Spathiphyllum een beetje slap gaat hangen voordat de plant opnieuw water krijgt.

 

 

 

Sproeien

 

De Spathiphyllum vraagt om een hoge luchtvochtigheid. Sproeien zal de gezondheid daarom versterken, vooral in de winter wanneer de kachel zorgt voor een lage luchtvochtigheid in de woonkamer. Sproeien maakt de kans op nieuwe bloemetjes groter.

 

 

 

 

 

Standplaats

 

De Spathiphyllum verdraagt teveel direct zonlicht slecht. Vermijd daarom de middag zon. 3-5 uur direct zonlicht is ruim voldoende. Teveel zonlicht zal leiden tot bruine bladeren. Te weinig zonlicht leidt tot groene bloemen. De meest ideale standplaats is voor een raam op het noorden. Voor een raam op het westen of oosten kan je het beste een afstand van 2 tot 3 meter behouden. Voor een raam op het zuiden is een afstand van 3-4 meter aangeraden.

 

 

Minimale temperatuur

 

Overdag:  +/- 16 °C
‘S nachts: +/- 14 °C

 

 

 

 

Verpotten

 

Het verpot een Spathiphyllum eens per 3 jaar of wanneer de pot te klein wordt. Doe dit bij voorkeur in de lente omdat in deze periode eventuele beschadigde wortels sneller herstellen. Je kunt de plant ook direct na aanschaf verpotten. Gebruik een plantenbak waarbij de diameter minimaal 20% breder is dan de vorige. Gebruik hiervoor universele potgrond of anthurium aarde. Voeg alleen hydrokorrels toe indien er een drainage gat aanwezig is.

 

 

Voeding

 

Na 6-8 weken zijn de voedingsstoffen in de aarde verbruikt. Het is dan raadzaam de Spathiphyllum te bemesten. Gebruik hiervoor vloeibare voeding voor bloeiende kamerplanten. Kijk voor de juiste dosering op de verpakking. Gebruik nooit meer voeding dan aangegeven op de verpakking, liever iets minder. Bemesten in de herfst en winter is overbodig en kan zelfs schadelijk zijn.

 

 

Spathiphyllum_cochlearispathum_RTBG

 

 

 

Verkleurende bladeren

 

Bruine bladeren zijn vaak het gevolg van een te droge lucht. Geel blad is het gevolg van te veel zonlicht. Groene bloemen zijn weer het gevolg van te weinig licht.

 

 

Snoeien

 

Knip uitgebloeide bloemen zo laag mogelijk weg. Ook oude lelijke blaadjes kan je eenvoudig laag bij de grond afknippen.

 

 

Vermeerderen

 

Het vermeerderen kan door scheuren. Deel de pol in het voorjaar en plaats de plantjes in stekgrond.

 

 

 

 

 

Bloemen

 

Spathiphyllums zijn geliefd vanwege hun witte bloemetjes. Alhoewel deze kamerplant continue in bloei kan staan zal de bloei periode meestal zo’n 2 maanden zijn. 3 maanden later verschijnen er weer nieuwe bloemen. Bloei kan je stimuleren door plotselinge verwaarlozing of door opzettelijk de wortels te beschadigen.

 

 

Giftig?

 

Spathiphyllum’s zijn licht giftig. Het blad is schadelijk na inname door dieren of kinderen.

 

 

Ziektes

 

De Spathiphyllum krijgt soms last van spint onder droge omstandigheden. Sproei daarom regelmatig ter preventie.

 

 

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

        JOHN ASTRIA

 

 

De Bamboe of Bambusa en de Chamaerops Humilis

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

De Bamboe of Bambusa behoort tot de grassenfamilie Poaceae. Deze soorten zijn vrijwel altijd grotere varianten van de Bamboe. Oorspronkelijk komt deze plantenfamilie uit de tropische en sub-tropishe gebieden in Azië

 

 

 

Bonsai-plants-bonsai-flower-indoor-ornamental-bamboo-bambusa-shape-bamboo-buddha

 

 

 

Water geven

 

De bamboe verbruikt veel water. Deze kamerplant staat dan ook graag met zijn wortels in vochtige grond, voorkom echter een laagje water onderop in de pot. Vooral in de zomer verbruikt de Bambusa veel water.

 

 

 

 

 

Watersysteem

 

Indien je de kamerplant opmaakt met vulcastrat en een watermeter veranderd de watergift. Hierbij geef je eenmaal per week water, totdat de watermeter begint te bewegen. Des te kleiner de uitslag, des te beter. De watermeter geeft namelijk aan dat er te veel water in de pot staat. Je kunt dan ook het beste de watergift stoppen vlak voordat de watermeter uitslaat. In de winter kun je eenmaal per twee weken water geven.

 

 

 

 

 

Sproeien

 

Het sproeien van de bamboe plant is niet noodzakelijk. Echter kan een sproeibeurt nooit kwaad en werkt het preventief tegen ziektes en ongedierte.

 

 

 

 

 

 

De Europese dwergpalm of de Chamaerops Humilis is een palm uit het Middellandse Zeegebied. De dwerg-waaierpalmen komen van nature voor in alle landen die langs de Middellandse Zee gelegen zijn, en worden daar ook aangeplant als sierplant.

 

 

 

 

 

Licht en Warmte

 

De Chamaerops Humilis heeft minimaal 5 uur direct zonlicht nodig. Wanneer de Chamaerops Humilis naar buiten wordt verplaatst, waarbij de palm voorheen binnen wat verder van het raam stond, is het noodzakelijk hem geleidelijk aan direct zonlicht te laten wennen.

Wanneer de palm zonder gewenning in direct zonlicht komt te staan kan het blad verbranden. Maar geen zorgen, de palm zal snel nieuw blad aanmaken wat prima bestand is tegen direct zonlicht.

 

 

Minimale temperatuur

 

Overdag:-10

‘S nachts:-13

 

 

 

 

 

Verpotten

 

Plaats de Chamaerops buiten in een pot met drainage gaten, waarbij de bodem is voorzien van hydrokorrels. Binnen is het overbodig om hydrokorrels te gebruiken, omdat er dan stilstaand water onderin de pot verzamelt zonder dat de wortels dit kunnen opnemen.

Het verpotten van de plant stimuleert de groei. Daarnaast voorkomt meer aarde dat de grond te snel uitdroogt. Verpot de Chamaerops in een plantenbak die minimaal 20% groter is. Het verpotten kan na de aankoop of in de lente. In deze periode herstellen wortels namelijk het snelst.

 

 

 

 

 

Voeding

 

Bemest de Chamaerops in de lente en in de zomer. Het is ten zeerste afgeraden om dit in de winter te doen. In de winter zit de palm namelijk in een rustperiode. Raadpleeg de verpakking voor de juiste dosering. Zowel vloeibare als vaste voeding is geschikt. Geef nooit een overdosis, dit leidt al snel tot verbranding van de wortels. De plant kan hierdoor doodgaan.

 

 

 

 

Onderhoud

 

Verkleurde bladeren

 

Deze palm heeft niet snel last van verkleurende bladeren. Mochten de bladeren vergelen, dan heeft de Chamaerops waarschijnlijk een tekort aan stikstof. Bijmesten is in dit geval raadzaam (geen overdosis geven). Bruine bladeren zijn vaak aan het afsterven van ouderdom. Geen zorgen; gewoon afknippen. De palm maakt in de kern weer vers blad. Indien de palm in de winter buiten heeft gestaan kunnen verkleurende bladeren duiden op vorstschade.

 

 

Snoeien

 

De stam van de Chamaerops Humilis is niet te snoeien. De bladeren mogen wel gesnoeid worden. Knip deze dichtbij de stam af. Pas hierbij op voor de stekels. Vooral de onderste bladeren worden op den duur minder mooi. Dit is een natuurlijk proces, waar helaas weinig aan te doen is. Het is dan ook raadzaam om deze te verwijderen.

 

 

Vermeerderen

 

Deze palm is te kweken door middel van zaad. Dit is redelijk eenvoudig ten opzichte van andere palmen. Temperatuur: vanaf 13 graden, verhoog de luchtvochtigheid voor meer succes.

 

 

 

 

 

Bloemen

 

De Chamaerops kan bloeien in de Lage Landen, waarbij de bloemen van het mannelijke geslacht heerlijk ruiken.

 

 

 

Giftig

 

De Chamaerops Humilis is niet giftig, maar heeft wel stekels.

 

 

Ziektes

 

De Chamaerops heeft harde stugge bladeren waaraan ongedierte zich niet gemakkelijk kan hechten. Een harde waterstraal verwijderd hierdoor eenvoudig verschillende soorten luis en spint. Indien een besmette Chamaerops binnen staat is het raadzaam om hem buiten te plaatsen, maar niet direct in de volle zon. Zo wordt besmetting van andere kamerplanten voorkomen en zal de regen helpen met het bestrijden van het ongedierte.

 

 

Chamaerops humilis in bloei

 

 

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

De Dahlia

Standaard

categorie : Kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Dahlia

 

Een verzameling kleine blaadjes die samen een prachtig geheel vormen: dat is de dahlia. Deze veelzijdige seizoensbloem biedt in kleur, vorm en grootte heel wat keuze.

 

 

 

 

 

 

 

 

Waar komt de dahlia vandaan?

 

De dahlia is een van oorsprong Mexicaans knolgewas dat rond 1800 meegenomen werd van Amerika naar Europa. Hier werd de blaadjesbol vernoemd naar de Zweedse botanicus Andreas Dahl. Sinds 1813 wordt de dahlia door professionele kwekers geproduceerd.

 

 

 

 

 

 

 

 

Kleuren en vormen van de dahlia

 

Het meest opvallend aan de dahlia zijn de bloemblaadjes: soms effen van kleur, maar vaak opvallend fel met spikkels of streepjes. Sommige bloemen hebben één rij met blaadjes, andere bestaan uit tientallen blaadjes. De prachtige bloem heeft echt veel kleur- en vormvariaties. De blaadjes zijn bijvoorbeeld rond, sprietig of opgerold. Er zijn dahlia’s die wel 1,5 meter lang zijn en een bloemdiameter hebben van meer dan 20 cm.

 

 

 

 

 

 

 

 

Hoe dahlia’s verzorgen?

 

Met deze tips geniet je optimaal van je dahlia’s:

 

Vul een schone vaas met kraanwater op kamertemperatuur.

Voeg snijbloemenvoedsel aan het water toe voor een langere houdbaarheid.

Snijd de bloemstelen 3-5 cm schuin af met een scherp en schoon mesje.

Zorg ervoor dat er geen bladeren in het water hangt.

Zet dahlia’s niet in de tocht, in de volle zon, bij de verwarming of dicht bij een fruitschaal.

Vul de vaas regelmatig bij met kraanwater, want dahlia’s drinken bijzonder veel.

 

 

 

 

 

 

 

 

Zo maak je een boeket met dahlia’s

 

De Viburnum, Leucospermum nutans en Senecio cineraria combineren perfect met de stralende kronen van de dahlia. De prachtige felle kleuren komen nog beter uit tussen het warme groen. Zo creëer je een Mexicaans feestje in je vaas.

 

 

 

 

 

 

 

 

Symboliek van de dahlia

 

Dahlia’s staan symbool voor weelde, kracht en voor de boodschap ‘voor altijd de jouwe’. Met de vele bloemkleuren en -vormen kan je met de dahlia je attentie nog persoonlijker maken.

 

 

dahlia en clematis

 

 

bruidsboeket

 

 

 

 

 

 

 

De Ark van Noach

Standaard

categorie : religie

 

 

 

De Arc van Noach

 

 

 

 

 

Een wereldwijde overstroming die overleefd wordt door acht mensen en een heleboel dieren in een boot.In die boot zitten een man met zijn vrouw, drie zoons met hun vrouwen en een vertegenwoordiging van alle landdieren en vogels. Is dat een realistisch verhaal, of een sprookje? Stonden echt alle bergen onder water? Is daar wel genoeg water voor? Was er wel genoeg ruimte in die boot voor alle beesten? Allemaal goede vragen.

Dat er ooit een hele grote overstroming geweest is, kunnen we afleiden uit het feit dat er wel 270 verschillende legenden van bekend zijn onder vele volken, die overeenkomsten vertonen met de geschiedenis van Noach in de Bijbel. De Bijbel bevat echter het enige verslag dat goed wetenschappelijk te onderbouwen is. Het is een zeer gedetailleerd verslag, waarin precies beschreven wordt wanneer elke gebeurtenis plaatsvond en wie er bij betrokken waren. Van de overlevenden is zelfs gedurende vele generaties het geslachtsregister bijgehouden.

 

 

Afmetingen

 

De verhoudingen van de Ark waren ideaal voor een containerschip op zee. Als hij langer was geweest, was hij comfortabeler voor de opvarenden, maar dan kon hij makkelijker breken. Als hij hoger was geweest, was hij sterker, maar minder stabiel. En als hij breder was geweest, was hij stabieler, maar minder comfortabel. De ark had de perfecte afmetingen voor een juiste balans tussen stabiliteit en comfort en was zeevaardig voor een zeereis van ruim een jaar.

 

 

Inhoud

 

Noach had voldoende tijd om zijn boot te maken, aangezien hij 600 jaar oud was toen de overstroming kwam en hij 120 jaar van tevoren door God gewaarschuwd werd. Omdat Noach dichter bij de oorspronkelijke schepping zat werd hij ouder en was hij waarschijnlijk ook slimmer en sterker dan wij. Misschien zelfs wel groter, zodat ook zijn ‘el’ (de gebruikte lengtemaat in de Bijbel, van vingertoppen tot elleboog) groter was. Het moet een vaartuig geweest zijn van ongeveer 150-200 meter lang.

Dat Noach mogelijk groter was dan wij is geen goedkoop verzinsel om zijn el en daarmee de Ark groter te maken. Zelfs als Noach iets kleiner was dan wij, dan was de Ark nog groot genoeg geweest voor alle beesten die mee moesten. Het aantal beesten dat in de Ark ging, volgens het Bijbelse verslag, moet rond de 16000 gelegen hebben. In een boot met de afmetingen die worden beschreven in Genesis 6 zou nog ruimte over geweest zijn. Bedenk dat Noach de vissen en insecten niet mee hoefde te nemen, die vallen niet onder beschrijving in Gen. 6,7. Alleen de landdieren en de vogels hoefden mee.

 

 

Zondvloedmodel

 

Wanneer we kijken naar de mogelijkheden die een zondvloedmodel biedt, zullen we zien dat een heleboel feiten  beter verklaard kunnen worden. Wetenschap wordt het beste bedreven vanuit het wereldbeeld dat de Bijbel ons biedt. Het is dus niet zo dat gelovigen alles wat in de Bijbel staat zonder kritische beschouwing accepteren en de feiten negeren.

Er is geen enkele meting of waarneming die de betrouwbaarheid van de Bijbel tegenspreekt. Dat wil niet zeggen dat daarmee alles verklaard is, maar geloven hoeft geen blind proces te zijn. Geloven in de God van de Bijbel is niet het zoeken naar een verklaring in het bovennatuurlijke als hier op aarde iets niet begrepen wordt. Het is een zekerheid van een universele waarheid, die ondersteund wordt door onze waarnemingen.

 

 

 

 

Dino’s te groot?

 

Een veel gehoord bezwaar is dat die gigantische dinosauriërs nooit op die ark konden. Men vergeet dan dat jonge dieren kleiner zijn dan de oude. Ze waren niet altijd groot. Elk beest begint klein. Overigens had gemiddeld een volwassen dino de grootte van een schaap. Een dinosaurusei was ongeveer zo groot als een struisvogelei. Jonge dino’s hoefden niet groter te zijn dan een hond of een koe. Jonge beesten wegen minder, eten minder, slapen meer en hebben een betere weerstand. Na de zondvloed zouden ze ook langer leven om de aarde opnieuw te bevolken.

 

 

Een jaar op zee

 

Veel beesten houden een winterslaap of worden heel rustig tijdens vervoer op zee. Daarnaast was het voeren van de beesten en schoonhouden van de hokken geen onmogelijke taak. Zelfs met eenvoudige middelen is dit goed te automatiseren. De Ark had aan de bovenkant rondom een opening voor ventilatie, dus grote stankoverlast en explosiegevaar was er niet.

 

 

Alle soorten mee?

 

Sommigen vragen zich af hoe alle soorten die we kennen in de Ark konden. Maar er staat in de Bijbel niet dat alle ‘soorten’ mee gingen.
In de scheppingsgeschiedenis lezen we dit:

Gen 1:24 “En God zeide: De aarde brenge levende zielen voort, naar haar aard, vee, en kruipend, en wild gedierte der aarde, naar zijn aard! En het was alzo.”

In het zondvloed verhaal lezen we dit:

Gen 6:18-21 “Maar met u zal Ik Mijn verbond oprichten; en gij zult in de Ark gaan, gij, en uw zonen, en uw huisvrouw, en de vrouwen uwer zonen met u. En gij zult van al wat leeft, van alle vlees, twee van elk, doen in de Ark komen, om met u in het leven te behouden: mannetje en wijfje zullen zij zijn; Van het gevogelte naar zijn aard, en van het vee naar zijn aard, van al het kruipend gedierte des aardbodems naar zijn aard, twee van elk zullen tot u komen, om die in het leven te behouden. En gij, neem voor u van alle spijze, die gegeten wordt, en verzamel ze tot u, opdat zij u en hun tot spijze zij.”

Gen 7:14-15 “Zij, en al het gedierte naar zijn aard, en al het vee naar zijn aard, en al het kruipend gedierte, dat op de aarde kruipt, naar zijn aard, en al het gevogelte naar zijn aard, alle vogeltjes van allerlei vleugel. En van alle vlees, waarin een geest (de adem) des levens was, kwamen er twee en twee tot Noach in de Ark.”

 

 

“Naar zijn aard”

 

Een logische conclusie is dus dat Noach de oorspronkelijk geschapen soorten mee moest nemen. Dat waren er veel minder dan het aantal verschillende soorten die ondertussen uit die grondsoorten waren voortgekomen of gefokt. Dat houdt in dat bijvoorbeeld van de hondachtigen alleen een paar meeging dat het meeste van de oorspronkelijke informatie in zich had,waarschijnlijk een wolfachtige. We zien dat ze “kwamen” en dat houdt in dat Noach niet zelf hoefde uit te zoeken welke dieren mee moesten om de soortenrijkdom te laten ontstaan die we nu zien. De beesten waren toen toch nog vrij dicht bij de oorspronkelijke schepping en er was nog niet veel mutatie opgetreden.

– “…En waarin een geest (adem) des levens was”: Hier vallen de insecten niet onder omdat die niet ademen zoals andere wezens. Insecten kunnen ook makkelijk een overstroming overleven op stukken wrakhout en als larven of poppen in de grond en in het water. Verder moeten we gewoon aannemen dat God de beesten liet komen die moesten overleven. Daarvoor hoefde alleen de basissoort te komen. Daaruit zijn na de zondvloed alle huidige soorten ontstaan.

 

 

Zaden

 

Noach moest volgens de beschrijving ook zaaddragend gewas meenemen. Hoeveel zaden hij bij zich had om later uit te zaaien wordt niet vermeld, maar we kunnen aannemen dat God er wel voor heeft gezorgd dat de meest kwetsbare zaden in de Ark bewaard bleven. De meeste zaden kunnen trouwens prima overleven in een grote overstroming. Dit gebeurt normaal gesproken op grote losgeslagen matten met vegetatie die door overstromingen worden meegesleurd. Ze overleven vaak ook in de grond en in het geval van de zondvloed mogelijk zelfs in het ijs dat ontstond vanwege de verduistering van de zon door vulkanisch as en een dik wolkendek.

 

 

Vleeseters

 

Hoe zit het met de wilde en vleesetende beesten? Een veel gemist feit is dat de Bijbel pas na de zondvloed melding maakt van het eten van vlees. In Gen. 9:3,4 zegt God tegen Noach dat hij nu naast gewassen ook beesten mag eten. Het is heel goed mogelijk dat de beesten zich voor de zondvloed ook nog hielden aan het dieet dat God had ingesteld bij de schepping. Als dat inderdaad het geval was, dan waren er dus nog geen roofdieren en zou dat in de Ark geen problemen gegeven hebben. En zelfs als er wel roofdieren waren, dan is God zeker bij machte geweest om ze een poosje rustig te houden en ze tijdelijk op het oude voedselpatroon te laten leven.

 

 

 

Bergen onder water

 

 

 Petrus  in 2Petrus 3:3-7 :

“Dit moeten jullie eerst weten, dat er in de laatste dagen spotters zullen komen, die alleen maar hun eigen zin willen doen, en zeggen: “Waar is de belofte van Zijn komst? Want vanaf de dag, dat de vaderen gestorven zijn, blijven alle dingen hetzelfde van het begin van de schepping”. Want ze willen bewust niet zien dat door het Woord van God hemelen van oudsher waren, en aarde werd gevestigd uit water en in water, waardoor de wereld die er toen was werd vernietigd, omdat ze overstroomd werd met water.”

Veel mensen willen het bewust niet weten, ze negeren de bewijzen voor een zondvloed. Er is een God die oordeelt over de goddelozen en actief betrokken is bij het leven hier op aarde. De makkelijkste manier om je betrokkenheid te ontkennen of verantwoordelijkheid te ontlopen is door datgene wat je hieraan herinnert belachelijk te maken.

 

 

Alle bergen onder water?  Waar kwam al dat water dan vandaan?”

 

 

 

 

Als je naar de reliëfkaart van het huidige aardoppervlak kijkt, zie je richels door de grote oceanen lopen. Het is alsof de aarde ergens in het Midden-Oosten is gaan scheuren. Zo’n ‘scheur’ wordt een mid-oceanische rug genoemd. Op dit moment komt er op die plekken vloeibaar materiaal uit het binnenste van de aarde omhoog, dat langzaam van de ‘scheur’ afbeweegt. Dit lidteken kan heel goed het gevolg zijn van de grote overstroming.

 

Gen.7:11 – “Alle fonteinen van de grote diepte (oceaan) scheurden open en sluizen van de hemel werden geopend.”

 

Geologen weten nog niet zo lang van deze richel in de oceanen. Het is bekend dat er langs deze richel veel vulkanische activiteit is. Vandaag de dag is wel 70% van wat er bij vulkaanuitbarstingen omhoog komt stoom, je kunt je voorstellen wat er gebeurt als er in één keer over de hele aarde “fonteinen” openbreken. Water spoot als super hete stoom omhoog, veroorzaakte enorme slagregens, verduisterde de zon en bedekte het hele aardoppervlak. De verduistering van de zon was de oorzaak van een snelle bevriezing van de polen. De snelle beweging van de aardplaten veroorzaakte grote valleien, diepe geulen en bergruggen, waardoor het water weer weg kon stromen in wat nu de oceanen zijn.

 

Stel dat we alle hoge bergen in de grote gaten van de zee zouden gooien en het hele aardoppervlak vlak zou zijn, dan zou de hele aarde bedekt zijn met een laag water van ongeveer 3 kilometer. Als de hele aarde licht glooiend was en bergen niet hoger dan een paar kilometer, dan is het dus helemaal niet zo’n vreemd idee dat de hele aarde onder water heeft kunnen staan. Volgens Genesis 7:19,20 zou het water zo een 7 meter boven de hoogste heuvel gestaan hebben van voor de zondvloed, wat precies de diepgang van de Ark was.

De Bijbel spreekt ook over de tektoniek na de zondvloed: in Psalm 104:5-8 lezen we over het “fundament van de aarde” die bedekt waren met de “diepten” (zeeën/oceanen). “De wateren stonden boven de bergen”. De wateren verwenen weer, “de bergen rezen op en de dalen daalden.

De bovenste kilometer van de Mt. Everest bevat lagen sediment vol met zeeschelpen en dieren uit oceanen. Sedimenten worden gevormd door water, dus dat materiaal moet onder water gelegen hebben en vervolgens negen kilometer omhoog gestuwd zijn. Versteende mosselen die nog dicht zitten worden daar en over de hele wereld gevonden. Een mossel die sterft gaat open, dus moeten deze mosselen snel begraven zijn.

 

 

IJstijd

 

Over de hele wereld vinden we bewijs van afzettingen door water en ijs. Tijdens en na de zondvloed veranderde het klimaat zo dramatisch, dat de ijskappen op de polen tot ver over de continenten optrokken, waarvan we nu nog vele tekenen zien op het noordelijk halfrond. Dit fenomeen wordt ook wel ijstijd genoemd. Onder invloed van het  uniformitarianisme denkt men vaak dat er meerdere ijstijden geweest zijn die heel lang geduurd hebben en plaatsvonden gedurende de miljoenen jaren die de aarde volgens dat wereldbeeld oud is.

Als we uitgaan van een Bijbelse geologie, dan zien we een aarde die door God tussen de zes- en tienduizend jaar geleden gemaakt is, waar mensen de keuze kregen om zich onder Zijn autoriteit te stellen, of hun eigen zin te doen en de aarde zelf te ‘runnen’, zonder God. Ze kozen het laatste en dat ging van kwaad tot erger, totdat uiteindelijk bijna iedereen volkomen slecht was en helemaal niet meer naar God luisterde.

Alleen Noach vond nog genade in de ogen van God, waarop God hem uitkoos om met zijn gezin en speciale selectie van alle landdieren, in een grote boot een wereldwijde overstroming te overleven. Over de hele aarde vinden we daar bewijzen van. Volgens de Bijbel vond dit slechts enkele duizenden jaren voor Christus plaats.

 

 

Lang geleden

 

Argumenten tegen een jonge aarde en een zondvloed gaan vaak uit van processen die nu langzaam gaan. Men veronderstelt dan dat ze altijd langzaam gegaan zijn. Het gaat bijvoorbeeld om ijsafzettingen, vorming van grotten, aardlagen en jaarringen enz. Veel van die processen kunnen echter ook heel snel gaan, als er in een recent verleden maar veel water of heftige schommelingen in het klimaat zijn geweest. En dat is precies wat je in een zondvloedmodel verwacht.

Mensen die in evolutie geloven hebben  veel tijd nodig om van molecuul naar mens te komen. Maar als ze de aanwijzingen dat de aarde eigenlijk heel jong is zouden accepteren, dan vervliegt elke hoop op een mogelijk langdurig, geleidelijk proces. Er zijn veel lastige factoren waar men rekening mee moet houden zoals het feit dat wij er geen van allen bij waren toen het gebeurde en dat de geschreven geschiedenis niet zover terug gaat.

Dat de geschreven geschiedenis maar heel kort is, is juist een sterk bewijs voor een jonge aarde met een kort bestaan. Ouderdomsbepalingen met radioactieve elementen zijn ook alleen maar betrouwbaar als je weet hoeveel van de gemeten stof oorspronkelijk aanwezig was, of er in het verleden geen radioactiviteit verloren is gegaan, of dat het proces van radioactief verval in het verleden niet sneller is gegaan dan nu.

Al met al is het wetenschappelijk bepalen van een ouderdom een lastig proces, dat in de meeste gevallen niet eens absolute zekerheid kan geven over een ouderdom van meer dan 2000 jaar. Er zijn nog voorbeelden van processen die juist een jonge aarde suggereren. Bijvoorbeeld de hoeveelheid zout in de zee, de hoeveelheid slib aan riviermonden, de hoeveelheid helium in de atmosfeer en ga zo maar door.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

Exodus 17-18 / Water uit rots, Jethro bij Mozes

Standaard

Category, categorie: The Bible explained/De Bijbel uitgelegd: video

 

Exodus 17: 1-7 > water uit rots

                  8-16 > Israël verslaat de Amalekieten

Exodus 18: 1-12 > Jethro bij Mozes

                  13-27 > oversten over het volk

Exodus 17-18  > Skip Heitzig