Auteursarchief: tornado1961

Onbekend's avatar

Over tornado1961

Ik ben reikimaster en heb interesse voor religie, spiritualiteit, dieren, planten, techniek enz. Ik ben auteur van het boek " De Openbaring" waarin ik op een begrijpelijke manier de eindtijden uitleg.

Maria von Mörl

Standaard

categorie : religie

.

.

Maria von Mörl , volledige naam Maria Theresia van Mörl zu Falzes en Sichelburg (geboren op 16 oktober 1812 in Caldaro , † 11 januari 1868), was een gestigmatiseerde mysticus. 

.

.

.

.

Herkomst en jeugd 

.

Ze werd in 1812 in Caldaro geboren als de oudste dochter van tien kinderen. Haar ouders waren de landeigenaar Joseph Ignaz von Mörl zu Phalzen en Sichelburg (een van de oudste Zuid-Tiroolse adellijke families) en zijn vrouw Maria Katharina Sölva. Vanaf haar vijfde jaar was ze ziekelijk. Toen ze zeven werd hielp ze met vaardigheid in het huishouden van haar religieuze moeder, terwijl de vader het landgoed verwoestte door achteloosheid. Verschillende biografen melden dat wanneer haar vader ’s avonds in een dronken toestand thuiskwam, hij haar zonder reden uit bed gooide en sloeg.

Op de leeftijd van 9 sloeg haar vader Maria zo hard dat ze bloed begon over te geven en werd ze geplaagd door stekende pijn. Na herstel werd ze op 14-jarige leeftijd naar Cles op de Nonsberg gestuurd om Italiaans te leren. Een jaar later werd ze naar Caldaro teruggeroepen omdat haar moeder was gestorven en haar jongste broer slechts 3 maanden oud was.

Maria een onopvallend meisje, ze wijdde haar vrije tijd aan het gebed terwijl ze erg bleef rouwen om haar overleden moeder. Op 17-jarige leeftijd werd ze ongeneeslijk ziek. Op advies van de geestelijkheid bleef ze in het huis van haar vader wonen. Haar levensonderhoud werd betaald op aanbeveling van haar biechtvader van de zogenaamde Haller- garnaal.

.

.

.

Maria von Mörl, aquarel door Luigi Gonzaga Giuditti naar Louis Gaston de Ségur, 1846

.

.

Het leven als een gestigmatiseerde mysticus 

.

Maria von Mörl koos de docent P. Johannes Kapistran Soyer, die in het Franciscaner klooster van Caldero werkte, als biechtvader. Zij vertrouwde zichzelf  tot het einde van haar leven aan hem toe. Hij hield een dagboek bij van haar leven, dat de basis werd van haar eerste biografie. Met zijn steun werd ze in het geheim toegelaten tot de Derde Franciscaanse Orde.

Na de leeftijd van 19 ervoer ze steeds extatischere toestanden. Na het ontvangen van de Heilige Communie bleef ze uren in stille extase zitten, knielend of zwevend in haar bed, zoals op vele foto’s te zien is. Ze leed vaak aan pijnlijke, van nature onverklaarde fysieke en emotionele aanvallen.

Maria leed meermaals aan een vorm van exorcisme. Het gebeurde dat ze paardenhaar, nagels en naalden at die ze later dan uitspuwde. Ook probeerde ze zichzelf uit het raam te gooien. Hier zien we dat de duivel functioneert als onderdeel van het heilsplan: hij zet mensen aan tot zware beproevingen, maar als ze het volhouden zijn ze zoveel dichter bij hun redding. Soms kreeg ze na de inname van de Heilige Communie vreselijke kwellingen te wijten aan demonen die haar lichaam innamen.

Pater Johannes Kapistran Soyer was de enige die haar uit haar extatische toestand kon verlossen. Hij geselde haar tot haar bloed tegen de muren spatte. Omdat haar toestand leek te worden veroorzaakt door demonische martelingen, was zo’n straf logisch, gezien de context van hoe men in die tijd dacht over mystiek.

Volgens theoloog Nicole Priesching waren geseling en zelfmarteling niet alleen een poging om één te worden met het lijden van Christus, maar ook een manier om boete te doen voor haar vader en voor de wandaden van anderen in het algemeen. In 1834 ontving ze de tekens van Christus op handen en voeten. Elke vrijdag leek ze getuige te zijn van de passie van Christus. Ondanks alles werd Maria beschreven als een aanhankelijke, eenvoudige en gelukkige vrouw.

Hoewel ze lid was geweest van de Franciscaanse Derde Orde, een seculiere orde, trok Maria von Mörl jaren na de dood van haar vader naar het klooster van de tertiaire zusters in Kaltern. Eenmaal daar, verliet ze het bijna nooit, en ze sprak nooit met de occasionele bezoekers die nu slechts selectief werden toegelaten. Ze stierf op 11 januari 1868, in haar 56e jaar en in het 36e jaar ‘van haar extatische contemplatie’ – zoals wordt vermeld in de kroniek van de tertiaire zusters.

Maria had altijd gebeden dat haar stigmata niet langer zichtbaar zou zijn na de dood: op 8 januari, drie dagen voor haar dood, bleven alleen littekens achter op haar zachte huid. Na de dood waren ook deze verdwenen.

.

.

Franciscaans klooster in Caldaro

.

.

Effect op tijdgenoten

.

Vanwege de buitengewone gebeurtenissen werd Maria von Mörl zeer bekend. Duizenden pelgrims kwamen naar Maria von Mörl vanuit heel Europa, inclusief bisschoppen, politici en beroemdheden zoals de dichter Clemens Brantano. Tegen het einde van 1833 alleen al werd het aantal bezoekers geschat op ongeveer 40.000. De mensen waren arm en het eten en onderdak voor de pelgrims was mager, maar ze wilden allemaal zien hoe de jonge vrouw, met ogen naar de hemel gekeerd en met gevouwen handen, boven haar bed zweefde.

In een tijd dat protestantisme en modernisme het heilige land Tirol dreigden te verontrusten, was ze een graag gezien boegbeeld ter verdediging van de traditionele katholieke waarden. In een tijd die volgde op de verstoringen van oorlog en verlichting, waren mensen maar al te graag onder de indruk van de extatische maagd.

Omdat dit onverdraaglijk was voor de mysticus en haar familie, zorgde de Prinsbisschop Luzhin von Trento ervoor dat alleen nog selectieve bezoekers  haar kamer mochten binnenkomen. In haar kamer stond een altaar waar ze de sacramenten vaak kon ontvangen.

De gezegende was stil bij de sensationele gebeurtenissen. Johan Nepomuk von Tschider, een verre verwant van Maria, en haar biechtvader zorgden er voor dat Maria von Mörl gespaard bleef van de negatieve effecten van haar roem. Zij maakten een getuigenverklaring om laster en geruchten van bedrog de kop in te drukken.

.

.

.

.

Amiant / Actinoliet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

Steen of bergvlas; draadof vezelsteen, welke zich laat spinnen en door vuur niet verteert. Wanneer de steen zwaar is en harde, onbuigzame draden heeft, dan wordt die asbest genoemd

 

 

 

Algemene informatie

 

Actinoliet is grijs, groen of zwart van kleur en heeft een glasachtige glans. De steen kan een naald-achtige vezelstructuur hebben. Actinoliet mag in Nederland niet verkocht worden omdat het een te hoog gehalte asbest bevat. Er kan alleen gezondheidsgevaar ontstaan als er in de steen geboord of gezaagd wordt en er vezels vrijkomen.

 

 

amiant5

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Etymologie

 

De naam actinoliet is afgeleid van het Griekse aktinos = straal. Dit vanwege de vezelige structuur die actinoliet kan aannemen.

 

 

amiant3

 

 

 

 

 

 

 

Vindplaats

 

Actinoliet wordt o.a. gevonden in Oostenrijk (Knappenwand en Zillertal), Italië (Val Malenco), Brazilië (Bahia) en Tsjechië (Sobotín).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: Ca2(Mg,Fe)5Si8O22(OH)2

hardheid: 5,5-6

dichtheid: 3,04

 

 

 

asbestos2usgov

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

JOHN ASTRIA

 

 

Merliniet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

.

.

Algemene informatie

.

De naam merliniet, ook wel dendriet opaal genoemd, is gegeven aan een uniek gesteente, ontdekt in Madagaskar. Het is een combinatie van kwarts en veldspaat en andere nog onbekende mineralen  Merliniet is wit met zwart en grijs en soms geel van kleur. De steen kan ondoorzichtig en doorschijnend zijn.
.
.
.

ruw

.

.

.

.

.

.

.

Etymologie

.

Merliniet is vernoemd naar de tovenaar Merlijn uit de legenden van Koning Arthur vanwege zijn sterke connectie met magie.

.

.

ruw

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

Kleine maagdenpalm : Vinca minor

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan 
– de grote, lichtblauwe of blauw-paarse, 5-tallige bloemen aan
– een bodem bedekkende plant en
– de in de winter groen blijvende, glanzende bladeren met kale rand

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Kleine maagdenpalm is een wintergroene, overblijvende, bodem bedekkende plant op vochtige, voedselrijke grond in loofbossen en tuinen. Ze is vrij algemeen voor komend in de Lage Landen en is ook te koop als tuin-plant. In Limburg vind je nog oorspronkelijk wilde exemplaren. De plant is wettelijk beschermd.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Kleine maagdenpalm bloeit vanaf half april tot begin mei,  in zachte winters eerder. Ook in de overige maanden kun je haar bloeiend aantreffen, maar dan minder enthousiast. De bloemen van oorspronkelijk wilde exemplaren zijn lichtblauw, die van de tuinversie blauw-paars. Ze zijn groot en hebben 5 asymmetrische kroonbladen, waar-van de bovenste gedeelte wijd uitstaat en het onderste gedeelte buisvormig is vergroeid. Het hart van de bloem is wit. De bloemen staan op korte stelen. Per bladpaar groeit er 1 bloem in één van de twee bladoksels.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De bladeren zijn glanzend groen en blijven in de winter aan de plant zitten. De niet bloeiende stengels liggen op de grond, wortelen op de knopen en kunnen meters lang worden. De bloeiende stengels staan rechtop en wor-den tot 30 cm hoog.

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

De bloemen van kleine maagdenpalm zijn te eten en kunnen gebruikt worden ter versiering van taarten en sala-des. In de fytotherapie kent kleine maagdenpalm vele toepassingen.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soort

 

Grote maagdenpalm lijkt veel op kleine maagdenpalm, maar ze is in alles groter en de rand van de bladeren is gewimperd. De bladrand van kleine maagdenpalm is kaal. Grote maagdenpalm komt niet voor in Nederland.

 

 

grote maagdenpalm

 

 

 

Algemeen

 

maagdenpalmfamilie (Apocynaceae)
– overblijvend
– vrij algemeen tot zeer zeldzaam
– ook als tuinplant
– bloeistengel 15 tot 30 cm

Bloem
– lichtblauwe, blauw-paars, zelden wit
– april en mei
– gesteeld alleenstaand
– stervormig
– 2 tot 3 cm
– 5 kroonbladen, vergroeid
– 5 kelkbladen, vergroeid
– 5 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– tegenoverstaand
– enkelvoudig
– elliptisch tot lancetvormig
– top spits
– rand gaaf en kaal
– voet afgerond of wigvormig
– veernervig
– glanzend

Stengel
– rechtop of liggend
– glad en kaal
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

Grote sneeuwroem : Chionodoxa siehei

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan 
de grote blauwe (soms roze of witte), niet knikkende, 6-tallige bloemen met een groot wit hart én de vroege bloei

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Grote sneeuwroem is een bolgewas, oorspronkelijk afkomstig uit Klein-Azië en in de 19de eeuw bij ons inge-voerd. Ze is op buitenplaatsen als stinsenplant aangeplant en vandaar langzaam verwilderd. Ze is ook te koop als tuinplant.

 

 

 

 

Bloem

 

Grote sneeuwroem bloeit in maart en april. De bloeiwijze is een tros van 1 tot 6 bloemen. Meestal zijn ze helder blauw, soms ook roze of wit. Ze hebben 6 bloemdekbladen (geen aparte kroon- en kelkbladen), die aan de basis ongeveer een halve centimeter met elkaar vergroeid zijn. Ze zijn tot bijna halverwege wit, waardoor de bloem een groot wit hart heeft. De bloemdekbladen hebben de neiging om te krullen.

 

 

 

 

 

Blad

 

Per bol zijn er 2 of 3 gootvormige bladeren, die 5 tot 15 mm breed zijn en een kapvormige top hebben.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Er zijn meer vroeg bloeiende bolgewassen met blauwe, stervormige bloemen, zoals kleine sneeuwroem en vroege en oosterse sterhyacint.

 

 

oosterse sterhyacint : bloemdek niet vergroeid, knikkende bloemen en bloemstelen korter dan de doorsnede van de bloem.

 

 

 

 

 

 

 

vroege sterhyacint : bloemdek niet vergroeid, rechtopstaande bloemen en bloemstelen langer dan de doorsnede vd bloem.

 

 

 

 

 

 

grote sneeuwroem : bloemdek vergroeid, doorsnede van de bloemen 20-35 mm, groot wit hart.

 

 

kleine sneeuwroem : bloemdek vergroeid, doorsnede van de bloemen tot 12 mm, klein bleekblauw of wit hart.

 

 

 

 

 

Algemeen

– aspergefamilie (Asparagaceae)
– overblijvend
– zeldzaam
– 10 tot 25 cm
– stinsenplant
– ook te koop als tuinplant

Bloem
– blauw, soms roze of wit
– maart en april
– tros
– stervormig
– 20 tot 35 mm
– 6 bloemdekbladen, vergroeid
– 6 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– bolstandig
– enkelvoudig
– breed lijnvormig
– top gekapt, spits
– rand gaaf
– parallelnervig

Stengel
– rechtop
– glad en kaal

-rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Making of the Christian Dior autumn/winter – herfst/winter 2023/2024 – Haute Couture show

Standaard

Category, categorie :  Mode en kledij + collecties Christian Dior 2000-2024

.

.

Making of the Christian Dior autumn/winter – herfst/winter 2023/2024 – Haute Couture show

.

.

 

 

 

Matthew, Mattheüs 8 (Part 3) :23-27 – Jesus calms the storm / Jezus kalmeert de storm

Standaard

Category, categorie:  The Bible explained/De Bijbel uitgelegd: video

.

.

Matthew 8 (Part 3) :23-27 – Jesus calms the storm

.

Mattheüs 8 (Deel3) : 23-27 – Jezus kalmeert de storm

.

Paul LeBoutillier

.

.

 

 

 

 

Jeneverbes: etherische olie.

Standaard

categorie :  Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

 

Jeneverbes etherische olie

 

Jeneverbes etherische olie komt van de Jeneverbes struik, Juniperus communis, een groenblijvende struik of boom met naaldvormige bladeren behoort tot de Cypressenfamilie.

Omdat de bessen 2-3 jaar nodig hebben om te rijpen komen aan één boom zowel donkerblauwe, rijpe bessen als groene, onrijpe bessen.

De boom stamt oorspronkelijk uit noordelijke streken, Noord-Azië en Noord-Amerika maar komt nu ook veel voor in de Zuid-Europese landen. Italië, Kroatië en Albanië zijn grote bessenleveranciers.

 

 

 

 

Jeneverbes bezit een uitgesproken aromatische geur, die uit alle delen van de plant opstijgt. Het hout werd gebruikt om vlees te roken en de bessen worden traditioneel gebruikt om `Gin` te parfumeren. Onze `jenever` heeft zijn oorsprong in deze plantennaam.

 

 

De etherische olie wordt verkregen door destillatie met waterdamp van vers geoogste takken met bessen.

De olie heeft een lichtgele kleur met een houtige geur die op die van dennenaalden lijkt en werkt sterk reinigend op lichaam en geest.

 

 

 

 

Jeneverbes ondersteunt het lichaam bij de ontgifting, het kan de afscheiding stimuleren van vloeibare en vaste giftige stoffen.

Jeneverbes etherische olie is zeer heilzaam bij gewrichtspijn,  reumatische klachten, jicht, zenuwpijnen en spierpijn.

Maar wordt in de aromatherapie ook gebruikt voor: opkomende verkoudheid, jeuk, jeugdpuistjes en onzuivere huid, verminderde eetlust, brandend maagzuur, cellulite, menstruatiepijnen, witte vloed, blaasontsteking, angst, nervositeit, stress.

 

 

Psychisch/spiritueel gebruik van jeneverbes etherische olie

 

Jeneverbesolie heeft een kalmerende, rustgevende en verfrissende werking. Vooral mensen die lijden aan stress of angsttoestanden, vermoeidheid of overspannen zijn, kunnen de olie een tijdje in de verdamper gebruiken.

 

 

Jeneverbesolie is een ontgiftende olie die helpt bij het opruimen van opgehoopte negatieve energieën. De olie kan ook gebruikt worden om kamers en gebouwen te zuiveren van ongewenste energie.

Zoiets is heel nuttig als er een nieuw huis wordt betrokken of als er iets onprettigs in het eigen huis is gebeurd. Doe de olie in een aromalampje of verstuiver en laat het hele gebied dat gezuiverd moet worden zich met de geur vullen.

 

contra-indicatie: niet gebruiken tijdens zwangerschap omdat de olie de baarmoederspier stimuleert. Niet bij nieraandoeningen en niet langer dan 6 weken achtereen gebruiken.

Jeneverbes kan goed gecombineerd worden met lavendel, cypres, den, rozemarijn, geranium, elemi, vetiver, ceder en citrusoliën.

 

 

Gebruik van jeneverbes etherische olie

 

Bij slappe spieren: 10 druppels Jeneverbes mengen in een eetlepel plantaardige olie en met dit mengsel de spieren masseren.

Bij psoriasis kan je de olie onverdund gebruiken om de huid schoon te maken. (gebruik wel een goede kwaliteit etherische olie)

Massageolie voor gespannen/verharde spieren:  meng 4 druppels jeneverbes, 4 druppels citroen, 2 druppels lavendel, 2 druppels rozemarijn en 2 druppels wintergreen met 50 ml. amandel olie en masseer de gevoelige plekken.

Eczeem, onzuivere huid, jeugdpuistjes:  Maak een gezichtstonic van 20 druppels jeneverbes in een glas gekookt, afgekoeld water en hiermee iedere avond de huid deppen of afspoelen.