Tagarchief: bladeren

Knikkende distel : Carduus nutans

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de grote, helder roze, knikkende distelhoofdjes met fors, stekelig omwindsel

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Knikkende distel een overblijvende of tweejarige distel van 0,3 tot 2 meter hoog, die groeit op droge tot matig vochtige, kalkrijke, vaak omgewerkte grond. Ze brengt minstens één winter door als rozet en zodra ze vruchtjes gevormd heeft, sterft ze af. Ze is vrij algemeen voor komend in de Lage Landen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

De bloemhoofdjes van knikkende distel zijn tamelijk groot. Onder het hoofdje met buisbloemen zit het omwindsel, dat gelijk een spinnenweb behaard is en vaak rood-bruine kleur heeft. De omwindselbladen zijn voorzien van scherpe stekels, in het midden iets ingesnoerd en dan naar buiten gebogen.

 

 

 

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De smalle, glanzende, donkergroene, stekelige bladeren zijn veervormig ingesneden en lopen in gestekelde vleugels af langs de stengel. De onderkant van de bladeren is behaard, de bovenkant is kaal. De lange stengels zijn gelijk een spinnenweb behaard, onderaan gevleugeld, bovenaan kaal en gebogen.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– composietenfamilie (Asteraceae)
– overblijvend
– vrij algemeen tot ontbrekend
– 0,3 tot 2 m hoog

Bloem
– helder roze  buisbloemen
– juli en augustus
– hoofdje
– alleenstaand
– 2 tot 8 cm
– omwindselbladen stekelig, afstaand
en licht spinnenwebachtig behaard

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– veervormig ingesneden
– top stekelpuntig
– rand gestekeld
– voet aflopend
– veernervig

Stengel
– rechtop
– wit spinnenwebachtig behaard
– rolrond en onderaan gevleugeld

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

Kleine ooievaarsbek : Geranium pusillum

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de bleek lila of blauw-paarse, in paren staande bloemetjes met
– de van binnen gelige stempels en
– de in omtrek ronde, tot over de helft gespleten bladeren en
– stengels met alleen korte haren

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Kleine ooievaarsbek is een eenjarige, vaak breed uitgroeiende plant van 5 tot 40 cm hoog. Ze is zeer algemeen voorkomend in de Lage Landen. Ze groeit op open plaatsen met vochtige, voedselrijke, vaak omgewerkte grond.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Kleine ooievaarsbek bloeit vanaf mei tot de herfst met bleek lila of blauw-paarse bloemen, die paarsgewijs bij elkaar staan. De bloemen hebben 5 hartvormig ingesneden kroonblaadjes. De stempels zijn aan de binnenkant gelig van kleur. De stempels van zachte ooievaarsbek hebben de kleur van de kroonbladen.

 

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De stengels, blad- en bloemstelen zijn uitsluitend behaard met korte haren en naar boven toe ook met zeer kleine klierhaartjes. De bladeren zijn in omtrek rond en tot voorbij het midden gedeeld. De onderste bladeren staan in een rozet en verdorren gedurende de bloei.

 

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten met kleine (tot 10 mm) roze tot licht paarse bloemen
glanzige ooievaarsbek

gewone reigersbek
duinreigersbek
kleverige reigersbek

robertskruid
klein robertskruid

slipbladige ooievaarsbek
fijne ooievaarsbek

zachte ooievaarsbek
kleine ooievaarsbek
ronde ooievaarsbek

zeer zeldzaam in stedelijke gebieden en langs de binnenduinrand

2 van de 5 kroonbladen zijn iets kleiner met vlek
2 van de 5 kroonbladen zijn iets kleiner zonder vlek
5 gelijke kroonbladen zonder vlek, kleverige plant

donkergeel tot oranje stuifmeel
geel stuifmeel, stadsplant en daar zeldzaam

afstaand behaard, bovenste deel ook met klierharen
aangedrukt behaard zonder klierharen

helder roze stempels, stengels behaard met lange en korte haren
gele stempels, stengels behaard met alleen korte haren
kroonbladen zonder top-insnijding

 

 

 

glanzige ooievaarsbek

 

 

 

gewone ooievaarsbek

 

 

 

duin ooievaarsbek

 

 

 

robertskruid

 

 

 

klein robertskruid

 

 

 

slipbladige ooievaarsbek

 

 

 

fijne ooievaarsbek

 

 

 

zachte ooievaarsbek

 

 

 

ronde ooievaarsbek

 

 

 

Algemeen

 

– ooievaarsbekfamilie (Geraniaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen tot algemeen
– 5 tot 40 cm
– verspreiding

Bloem
– bleek lila of blauw-paars
– vanaf mei tot de herfst
– gesteeld, met 2 bij elkaar
– stervormig
– 2 tot 5 mm
– 5 ingesneden kroonbladen
– kroon niet vergroeid
– 5 kelkbladen, behaard
– 10 meeldraden
– 1 stijl met 5 stempels

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– handvormig gedeeld
– 5- tot 9-delig
– in omtrek rond
– top stomp
– rand getand
– handnervig
– behaard

Stengel
– liggend of opstijgend
– kort behaard, bovenaan ook met klierharen
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Medinilla : een prachtige huiskamerplant

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

.

.

Medinilla: een zeer decoratieve plant in de huiskamer

.
.
.

.

.

De Medinilla (ook wel Medinella genoemd) wordt gedurende het hele jaar opgekweekt in de kassen, maar deze mooie kamerplant wordt meestal in het najaar te koop aangeboden bij tuincentra. Waar moet je opletten bij de aanschaf en hoe verzorg je een Medinilla? Hoe kun je de plant vermeerderen?

.

.

Medinilla

 

In een tuincentrum zal deze plant zeker de aandacht trekken door de prachtige bloemen (deels verborgen tussen schutbladen) en de mooie bladeren. De Medinilla komt van de Filippijnen, Java en Oost-Afrika. Daar groeit de plant op takken van bomen, het is een epiphyt. Dat is een plant die op andere planten groeit zonder schade aan te brengen aan deze plant en geen voeding wegneemt. In Nederland wordt de plant (Medinilla magnifica) opgekweekt in kassen. Schaf je de plant aan dan is het best een uitdaging om de plant net zo mooi te houden als op het moment van aankoop. Het is handig als je een kasje of een zonnige serre bezit.

.

.

.

.

Aanschaf en plaats Medinilla

 

  • Let er bij aankoop op dat de wortels niet kletsnat zijn en de plant mag niet te koud hebben gestaan.
  • Pak de plant in voordat je deze gaat vervoeren (de Medinilla kan niet tegen kou).
  • Geef de plant een lichte plaats, maar niet in de volle zon.
  • Zet de plant niet in de buurt van de centrale verwarming, de Medinilla houdt van een hoge luchtvochtigheid.
  • De Medinilla heeft bloemen en bladeren die wat ruimte nodig hebben dus zet de plant niet te dicht bij andere planten

.

.

Temperatuur, water en voeding Medinilla

 

Laat de temperatuur tijdens de bloei niet onder de 18 graden Celcius komen en vernevel de plant van tijd tot tijd. Tijdens de bloei geef je de Medinilla matig water en eens in de twee weken voeding. Na de bloei geen voeding geven, wel moet je de plant wat vochtig houden. Als er uit het hart van de bladeren stengels gaan groeien, dan iets meer water geven en om de week voeding. Zijn de stengels en bladeren uitgegroeid dan weer geen voeding maar de plant wel vochtig houden. Als er een bloemknop ontspringt in het hart van de nieuwe bladeren dan kun je weer wat meer water geven en ook de voeding weer geven om de week. Maar nooit teveel water, dat is funest voor de Medinilla.

.

.

.
.
.

Wanneer bloeit de Medinilla?

 

Koop je de plant in het najaar dan kan de bloei duren tot in februari, maart. Met een goede verzorging zal de volgende bloeiperiode in november zijn. Maar omdat de planten het hele jaar door opgekweekt worden kun je ook een plant in huis hebben die bloeit in een andere periode.

.

.

De overgang van kas, tuincentrum naar de huiskamer

 

De Medinilla is best een uitdaging. Je moet niet schrikken als de plant er thuis al snel niet zo mooi meer uitziet als in het tuincentrum of de kas. De wisselingen van temperatuur kunnen de plant flink van slag doen raken. De Medinilla kan dit ‘uiten’ door een deel van de bloemen te laten vallen. Maar met een goede verzorging zal de plant het redden. Geef de Medinilla nooit teveel water, dit kan leiden tot wortelrot en bladval.

.

.

.

.

Snoeien Medinilla

 

Als de Medinilla teveel ruimte in gaat nemen, kun je de plant eventueel snoeien. Het is belangrijk om op de vorm van de Medinilla te letten. Haal je stengels weg, knip ze dan af aan het begin van de aangroei.

.

.

Vermeerderen Medinilla

 

Je kunt de Medinilla vermeerderen door een jonge loot van de plant af te halen (bij het punt waar deze ontspringt). Deze loot kun je in stekpoeder dopen en onder glas of onder een plastic hoes neerzetten. Bij 30 graden Celcius en een hoge vochtigheid van de lucht zal de stek wortels krijgen in zo’n vier, vijf weken.

.

.

Ziektes Medinilla

 

Geef je te veel water aan de plant dan kunnen bladval en wortelrot ontstaan. Soms heeft een Medinilla last van schildluizen.

.

.

 

.

.

 

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

Onkruid soorten in ons land – letter C

Standaard

Categorie : Kamerplanten en bloemen

Soorten onkruid – letter C

 

Hieronder vindt u alle soorten onkruid die ons land kent. Een enorm groot overzicht maar netjes op alfabetische volgorde en met omschrijving. Veel succes met het herkennen en bestrijden van deze vaak hardnekkige planten.

 

Chrysanthemums (Compositae)

 

Veel mensen zijn verbaasd wanneer ze horen dat behalve de bekende Chrysanten ook nog andere soorten tot dit geslacht behoren:

 

MARGRIET (CXhrysanthemum leucanthemum)

 

De officiële naam van deze soort doet wel wat eigenaardig aan als we weten dat Chrysanthemum ‘gouden bloem’ betekent en leucanthemum ‘witte bloem’.

Margriet is een overblijvende plant die 30 tot 60 cm hoog wordt en bloeit in de periode mei-augustus. De bloemhoofdjes bestaan uit witte straalbloemen met een hart van gele buisbloempjes en zijn 3-6 cm in doorsnee. De bladeren zijn donkergroen en staan afwisselend langs de stengel. De laagste zijn omgekeerd eirond tot langwerpig, getand en langgesteeld; de bovenste bladeren aan de stengel zijn langwerpig-lancetvormig tot bijna spatelvormig, stomp, getand of dieper ingesneden en stengelomvattend.

 

De plant komt voor in geheel Europa, West-Azië en Noord-Amerika. In ons land algemeen langs wegen en dijken en in grasland.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

BOERENWORMKRUID (Chrysanthemum vulgare )

 

Boerenwormkruid is een sterk geurende, overblijvende plant met kruipende ondergrondse stengels (stolonen) waaruit nieuwe scheuten ontspringen. De fraaie rechtopstaande, bebladerde stengels worden 60-120 cm lang en zijn hoekig en meestal roodachtig aan de basis. De donkergroene, geveerde bladeren hebben tot 12 paar scherp getande blaadjes. Hierdoor en door de goudgele knopvormige bloemhoofdjes, die verschijnen van juli tot in de herfst, onderscheidt de plant zich van de overige Chrysanthemums.

Tegenwoordig wordt Boerenwormkruid meestal Tanacetum vulgare genoemd, ofschoon ook de naam Chrysanthemum vulgare nog wel gebruikt wordt. Boerenwormkruid werd vroeger gekweekt als geneeskrachtige plant en als groente. Ze komt voor in geheel Europa en in Siberië. In ons land algemeen, vooral op zandgronden.

 

Gebruik

Uitwendig kan het gebruikt worden als lotion bij schurft. Wat boerenwormkruid in de schoenen geplaatst zou helpen tegen chronische koorts. In de fytotherapie wordt het gebruikt tegen onder andere artritis en verkoudheid. In de plant komt het giftige thujon voor dat wormafdrijvend, vooral van spoel- en lintwormen, is. Ook was het kruid veelvuldig in gebruik om een abortus op te wekken. Hoge doses veroorzaken duizeligheid, krampen, buikpijn en kunnen dodelijk zijn.

 

Verdelgingsmiddel

De etherische oliën uit de plant, zoals triticineirisine en graminine, worden gebruikt in de receptuur voor insectenverdrijvende middelen. Om het huis vlo- en motvrij te houden werd het veel in huis gestrooid.

 

Voedsel

In kleine hoeveelheden wordt boerenwormkruid vermengd in groenkoeken of ovenkoeken en gebruikt om de smaak van eieren te verbeteren.

 

Afweerkruid

De plant wordt gerekend tot de zogenaamde afweerkruiden. Het zou afweer bieden tegen hekserij, spoken en onweer.

 

 

 

 

 

 

 

 

MOEDERKRUID ((Chrysanthemum parthenium)

 

De officiële naam van het laatste onkruid uit deze groep is Moederkruid. Dit kruid werd gebruikt als middel ‘om de koude koorts te verdrijven’. Het is een overblijvende plant met vezelige wortels die een sterke kamillegeur verspreidt. Hij wordt 25-60 cm hoog, met rechtopstaande en enigszins donzig behaarde stengels, die van boven zijn vertakt tot schermen, zodat de bloemhoofdjes allemaal op dezelfde hoogte staan.

De bloemhoofdjes verschijnen van juni tot september; ze hebben korte brede straalbloemen en gele buisbloemen in het midden. De bladeren zijn 2,5-8 cm lang, geelachtig groen en staan afwisselend langs de stengel. De onderste zijn langgesteeld en verdeeld in getande of gelobde blaadjes; de omtrek van het geheel is enigszins hartvormig. De bovenste bladeren zijn korter gesteeld en minder diep ingesneden.

Moederkruid is oorspronkelijk afkomstig uit Zuid-oost-Europa en Klein-Azië en komt zowel in Europa als in Amerika plaatselijk verwilderd voor. Er is een variëteit met goudkleurige bladeren (var. Aureum); deze wordt nogal eens gebruikt als bladplant in kleurperken, maar kan net zo lastig worden als de gewone uitvoering.

 

Gebruik

De plant vond al in de Oudheid heelkundige toepassingen. Ze werd gebruikt om weeën op te wekken en tegen kraamvrouwenkoorts. In kruidentuinen wordt ze nog gekweekt als koortswerend middel en als middel tegen migraine.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

De Strelitzia of de paradijsvogelbloem

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

Bird of Paradise, Paradijsvogelbloem, Paradijsvogelplant, Vogelkopbloem of Strelitzia. Een van de meest exclusieve bloeiende kamerplanten. Deze prachtige planten komen van oorsprong uit Zuid-Afrika. De plantenfamilie is Musaceae.

 

 

strelitzia0

 

 

 

Strelitzia onderhoud:

 

Water geven

 

In de zomer heeft de Strelitzia redelijk veel water nodig, ongeveer zoveel dat de grond na een week nog net vochtig is. Voorkom echter dat de wortels in het water staan. In de winter mag de grond verder opdrogen. Geef de plant nog steeds 1x per week water, maar verminder de hoeveelheid. Dit zal de bloei in de lente stimuleren. Indien de Strelitzia in de lente en zomer buiten staat, zal de plant vele malen meer water nodig hebben.

 

 

 

Sproeien

 

Een Strelitzia sproeien is niet noodzakelijk. Het helpt wel stof van de plant te verwijderen zodat meer licht het blad kan bereiken.

 

 

 

 

 

Standplaats

 

Een Strelitzia wenst zoveel mogelijk licht. Plaats deze kamerplanten altijd voor een raam. Het liefst een raam op het zuiden. Dit is een van de weinige kamerplanten die onder direct zonlicht wordt gekweekt. De Paradijs- vogelbloem hoeft daarom niet te wennen aan direct zonlicht. Te weinig licht zal de bloei verminderen en veroorzaakt vaak lelijk blad.

 

 

 

Minimale temperatuur

 

Overdag:  +/- 14 °C
‘S nachts: +/- 6 °C

Plaats de Strelitzia in de winter in een koelere ruimte (zoals de slaapkamer). Dit zal de gezondheid van de plant ten goede komen.

 

 

Strelitzia

 

 

Verpotten

 

Verpot een Strelitzia wanneer deze letterijk uit zijn pot groeit. Natuurlijk is het mooier om direct na de aanschaf de plant te voorzien van een mooie sierpot, dit is dan ook geen probleem. Gebruik een plantenbak waarbij de diameter minimaal 20% breder is dan de vorige. Gebruik universele potgrond gemengd met brekerzand (50/50). Voeg alleen hydrokorrels toe indien er een drainage gat aanwezig is.

 

 

 

Voeding

 

Na 6-8 weken zijn de voedingsstoffen in de aarde verbruikt. Het is dan raadzaam de Strelitzia te bemesten. Gebruik hiervoor vloeibare voeding voor bloeiende kamerplanten. Kijk voor de juiste dosering op de verpakking. Gebruik nooit meer dan aangegeven staat op de verpakking, liever iets minder. Bemesten in de herfst en winter is overbodig en kan zelfs schadelijk zijn.

 

 

 

Verkleurende bladeren

 

De buitenste bladeren zullen na verloop van tijd bruin worden. Dit is een natuurlijk proces waar helaas niks aan te doen is. Je kunt bruine punten verwijderen of het bladstengel 2cm boven de kern afsnijden.

 

 

 

 

 

 

Snoeien

 

Knip eventuele bruine punten. Of snij de bladstengels 2cm boven de kern af. Ook uitgebloeide bloemen 2cm van de basis verwijderen.

 

 

 

Vermeerderen

 

Het vermeerderen kan door middel van zaad. Of Scheuren.

 

 

 

Bloemen

 

Een Strelitzia kan gaan bloeien bij een leeftijd van 4 jaar. Meestal bloeit de Strelitzia vanaf de lente. Niet alle Strelitzia’s komen succesvol tot bloei. Hoe meer bloemen een Strelitzia heeft bij de aanschaf, hoe groter de kans dat de plant het volgende jaar nieuwe bloemen maakt. Een Strelitziakweker die zich richt op de snijbloemen verkoopt daarom vaak zijn planten die niet meer tot bloei komen.

De kans is daarom groot dat een bloemloos exemplaar in de handel niet snel nieuwe bloemen maakt. De bloei van een Strelitzia bevorderd in een koele winter periode, met tempraturen rond de 10 graden. Laat de wortelkluit meerdere malen geheel opdrogen in de winter. Geef de plant veel voeding, warmte en licht in de lente.

 

 

strelitzia-reginae-daniel-mosquin

 

 

Giftig?

 

Strellitzia’s zijn licht giftig. Het blad is schadelijk na inname door dieren of kinderen.

 

 

 

Ziektes

 

De Strelitzia krijgt soms last van schildluis. Het harde blad maakt het eenvoudig om de luis eraf te wrijven.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “:

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

mijne kop a4                                                                               JOHN ASTRIA

 

 

 

 

Onkruid soorten in ons land – letter A

Standaard

Categorie:  Kamerplanten en bloemen

 

Onkruid soorten

 

Hieronder vindt u alle soorten onkruid die ons land kent. Een enorm groot overzicht maar netjes op alfabetische volgorde en met omschrijving. Veel succes met het herkennen en bestrijden van deze vaak hardnekkige planten.

 

 

Akkerklokje (Campanulaceae)

 

Deze plant komt in ons land niet alleen in het wild voor maar ook als sierplant. Ondanks zijn charmante uiterlijk kan het Akkerklokje toch een onkruid worden in de tuin en het is dan moeilijk er van te scheiden – in meer dan één betekenis. Het is een plant van een betoverende schoonheid met zijn lange ranke bloemstengels, bezet met hangende lavendelblauwe klokjes, die naar boven toe overgaan in bleekgroene knoppen.

Maar als u de plant met liefde behandelt komt u in de problemen: hij is bijna onuitroeibaar. Ondergrondse uitlopers kruipen alle kanten uit en produceren nieuwe planten. Bovendien kan een enkele bloeiwijze voor wel zo’n 400 nakomelingen zorgen. De zaden worden verspreid door de wind. Daar de plant praktisch ongevoelig is voor de in aanmerking komende onkruidbestrijdingsmiddelen is er maar één manier om hem uit de tuin te verbannen (als u dat tenminste over uw hart kunt verkrijgen). Trek de wortels uit en blijf steeds opmerkzaam op nieuwe groei. Bij dit alles moet u wel bedenken dat alle soorten van het geslacht Campanula in ons land bij de wet beschermd zijn.

Akkerklokje wordt in bloei tot 1,20 m hoog. De ijle bloemtrossen komen tevoorschijn uit rozetten van hartvormige bladeren. De kortgesteelde bladeren op de bloemstengels zijn ovaal tot lancetvormig. De bloeitijd is van juni tot en met augustus. De officiële naam van Akkerklokje is Campanula rapunculoides.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Akkerkool (Compositae)

 

Akkerkool (Lapsana communis) is te herkennen aan de ijle groeiwijze en de compacte groene knoppen die ovaal van vorm zijn. Het is een eenjarige plant die in hoogte varieert van 0,30 tot 1,20 m. De gele bloemhoofdjes lijken op die van de Paardenbloem maar zijn aanzienlijk kleiner. Op een heldere ochtend openen ze zich omstreeks 7 uur en als het licht en de temperatuur gunstig blijven sluiten ze zich weer tussen 3 en 4 uur ’s middags.

De hoofdjes zijn opgebouwd uit slechts weinig bloemetjes (8-15) en ze staan met 15-20 op slanke steeltjes bijeen in een losse pluim. Ze verschijnen van juni tot augustus, soms tot in de herfst. De onderste bladeren zijn lang gesteeld en liervormig veerdelig; de bovenste bladeren zijn eirond tot langwerpig-lancetvormig, kort gesteeld en met een spitse punt. De bladeren zijn dun en gewoonlijk behaard; ze staan afwisselend.

Een plant van gemiddelde afmetingen kan bijna 1000 zaden voortbrengen. Akkerkool komt voor in Europa en Azië en in het oosten van Noord-Amerika. Bij ons algemeen langs ween en dijken, op ruigten en beschaduwde plaatsen. Ofschoon het melksap dat de plant bevat nogal bitter is, werd Akkerkool vroeger gegeten als salade.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 

De Phoenix Canariensis of de Canarische Dadelpalm

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

Phoenix Canariensis is afkomstig van de Canarische eilanden.

Vandaar ook de naam Canarische Dadelpalm.

De plantenfamilie is Araceae.

 

 

1130

 

 

Phoenix Canariensis onderhoud

 

Water geven

 

vochtig houdenVochtig houden

 

Phoenix Canariensis palmen zijn planten die veel water verbruiken. De grond mag nooit uitdrogen. Maar pas op dat de palm niet met zijn wortels in het water staat. Controleer geregeld met een vinger in de grond of deze nog vochtig is. Wanneer de grond droger wordt kan je de Phoenix Canariensis opnieuw water geven.

De hoeveelheid is afhankelijk van verschillende factoren zoals de standplaats en grootte van de kamerplant. Begin daarom met kleine hoeveelheden water per gietbeurt. Is de grond na 5 dagen nog steeds erg nat, geef dan minder per gietbeurt.

Wanneer de Phoenix Canariensis buiten staat zal de palm nog meer water verbruiken. Vooral op warme dagen is dagelijks water noodzakelijk.

 

 

Sproeien

 

De Phoenix Canariensis is gevoelig voor spint wanneer de palm binnen staat. Vooral op kantoren waar de lucht droger is. Het is daarom raadzaam om deze palm 2x per week te sproeien. Dit werkt preventief tegen spint. De palm geregeld verwennen met een zomers regenbuitje is nog beter.

 

 

 

 

 

Standplaats

 

zonnig

 

Zonnig

 

Plaats de Phoenix Canariensis op een zonnige standplaats. Het blad verdraagt direct zonlicht. Ook buiten kan de palm in de volle zon staan. Ouder blad kan verbranden in het directe zonlicht, maar het nieuwe blad is hier prima tegen bestand. Wanneer de Phoenix Canariensis te donker staat, zal de palm geen nieuw blad aanmaken.

Plaats deze kamerplanten 1 tot 2 meter voor het raam. Zodat de palm minimaal 5 uur direct zonlicht ontvangt.

 

 

Minimale temperatuur

 

Overdag:  +/- 6 °C

‘S nachts: +/- 1 °C

 

Het komt de palm ten goede wanneer deze in de winter koeler staat dan de normale kamer temperatuur

 

 

 

 

 

Verpotten

 

Je kunt de Phoenix Canariensis verpotten direct na aanschaf, maar doe dit bij voorkeur in het voorjaar. Gebruik universele potgrond of palm grond. Gebruik een sierpot waarbij de diameter minimaal 20% breder is dan de vorige. Geef na het verpotten iets minder water zodat de wortels opzoek gaan naar water. Dit zal het herstel van eventuele beschadigde wortels versnellen. Bij hogere temperaturen groeien wortels sneller, dit is de reden dat de lente het ideale moment is om te verpotten. Een grotere wortelkluit komt de gezondheid ten goede, verpot daarom eens per 3 jaar.

 

 

phoenix_p_40_met_hoogte_1

.

.

Voeding

 

Geef eens per week vloeibare voeding voor palmen in de groei periode. Geef nooit een overdosis, ook niet na een periode dat de palm geen voeding heeft gehad. Het is aan te raden om de plant in zomer en het voorjaar te bemesten. Dit is niet nodig in de rustperiode (winter) en de herfst. Gedurende deze perioden groeit de plant namelijk niet. Lees de gebruiksaanwijzing voor de juiste dosering mest.

 

 

 

Verkleurende bladeren

 

Bruine of gele bladeren (of bladpunten) zijn vaak de onderste bladeren van een palm. Meestal is er niets mis met de gezondheid van de palm, maar is dit het natuurlijke proces. Bovenin vormen zich weer mooie verse groene bladeren.

Indien veel bladeren, en niet alleen de onderste krans, bruin of geel worden. Kan dit het gevolg zijn van teveel of te weinig water. Ook kan een plotseling overgang naar teveel direct zonlicht de oorzaak zijn.

Dichtgeknepen blad is een teken van een lage luchtvochtigheid of een tekort aan water in de grond. De V-vorm van het blad staat onder gunstige omstandigheden open. Gaat de kachel aan, dan is de kans groot dat het blad zich samen vouwt.

 

 

 

 

 

Snoeien

 

Bruine bladpuntjes kun je simpelweg wegknippen met een gewone schaar. Verwijder de onderste laag bladeren indien deze lelijk worden. Dit gaat het gemakkelijkst indien je de veren naar beneden buigt en vervolgens zo dicht mogelijk bij de stam het blad afsnijd. Je kunt hier ook een sterke snoeischaar voor gebruiken. Pas hierbij wel op voor de doorns. De stam kan niet afgezaagd worden bij een palm, hierdoor zal de palm sterven.

 

 

Vermeerderen

 

Het vermeerderen van palmen kan alleen door middel van zaaien. Dit is een langdurig proces. Wil je dit toch doen, verhoog dan de temperatuur tot rond de 25 graden.

 

 

 

 

 

Bloemen

 

Het is zeldzaam dat de Phoenix Canariensis in de woonkamer bloeit. Alleen volwassen exemplaren bloeien, maar dit stadium is lastig haalbaar binnenshuis.

 

 

Giftig?

 

De Phoenix Canariensis is niet giftig. Maar pas wel op voor de doorns.

 

 

Ziektes

 

Phoenix Canariensis palmen zijn gevoelig voor spint. Dit kun je voorkomen door veelvuldig te sproeien (2x per week). Indien er toch spinsel aanwezig is, kan je het beste de palmen buiten plaatsen. Wind en regen zullen snel de spint(mijt) verdrijven.

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

De Phoenix Roebelenii of de dwergdadelplant

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

Phoenix Roebelenii komt van oorsprong uit Zuid-Oost-Azië. Deze palm blijft in vergelijking tot zijn soortgenoten vrij klein, vandaar de Nederlandse naam: Dwergdadelpalm. De plantenfamilie is Araceae.

 

 

Phoenix-roebelenii

 

 

 

Phoenix Roebelenii onderhoud:

 

Water geven

 

vochtig houdenVochtig houden

 

Phoenix Roebelenii palmen zijn echte groot verbruikers wat betreft water. De grond mag nooit uitdrogen. Indien de grond meer dan 2x droog staat, daalt de palm sterk in sierwaarde. Van nature groeien deze palmen dichtbij rivieren en schieten met hun wortels diep in de bodem opzoek naar water.

Geef gemiddeld 2 tot 3x per week water en tijdens warme zomer dagen zelfs elke dag. Pas echter wel op dat de palm niet met zijn wortels in het water staat. Controleer geregeld met een vinger in de grond of deze nog vochtig is. Wanneer de grond droger wordt kan je de Phoenix Roebelenii opnieuw water geven. De hoeveelheid water is afhankelijk van de maat pot. Hoe groter de pot, hoe meer water erin kan.

Het is daarom verstandig om de Phoenix Roebelenii een ruime pot te geven. Is de grond de volgende dag alweer droog, geef dan meer water per gietbeurt. Wanneer de Phoenix Roebelenii buiten staat zal de palm nog meer water verbruiken. Vooral op warme dagen is dagelijks water geven noodzakelijk.

 

 

 

Sproeien

 

De Phoenix Roebelenii verbruikt veel water. Door regelmatig te sproeien verliest de palm minder vocht door verdamping. Dit komt de gezondheid ten goede.

 

 

 

Standplaats

 

zonnig

 

Zonnig

 

Plaats de Phoenix Roebelenii op een zonnige standplaats. Het blad verdraagt direct zonlicht na gewenning. Ook buiten kan de palm in de volle zon staan. De middagzon kan echter beter worden vermeden. Ouder blad kan verbranden in het directe zonlicht, maar het nieuwe blad is hier prima tegen bestand. Wanneer de Phoenix Roebelenii te donker staat, zal de palm geen nieuw blad aanmaken. Plaats deze binnenplanten 1 tot 2 meter van het raam, zodat de palm minimaal 5 uur direct zonlicht ontvangt.

 

 

 

 

 

 

 

Minimale temperatuur

 

Overdag:  +/- 7 °C

‘S nachts: +/- 3 °C

 

 

 

Verpotten

 

Je kunt de Phoenix Roebelenii het beste verpotten direct na de aankoop. Omdat de Dwerg Dadelpalm veel water verbruikt is een grotere pot noodzakelijk. De kweekpot kan namelijk onvoldoende water absorberen. Gebruik een sierpot waarbij de diameter minimaal 20% breder is ten opzichte van de vorige. Hoe groter hoe beter, omdat meer grond ook meer water kan vasthouden. Daarnaast komt een grotere wortelkluit komt de gezondheid ten goede. Gebruik universele potgrond of palmgrond. Voeg alleen hydrokorrels toe indien er een drainage gat aanwezig is.

 

 

 

 

 

Voeding

 

Geef deze kamerpalm eens per week vloeibare voeding voor palmen in de groei periode. Geef nooit een overdosis, ook niet na een periode dat de palm geen voeding heeft gehad. Bemesten is niet nodig in de rustperiode (winter) en niet noodzakelijk in de herfst. Lees de gebruiksaanwijzing van de kamerplantenvoeding voor de juiste dosering.

 

 

 

Verkleurende bladeren

 

Bruine of gele bladeren (of bladpunten) komen vaak voor op de onderste bladeren van deze kamerpalm. Meestal is er niets mis met de gezondheid van de palm, maar is dit het natuurlijke proces. Bovenin vormen zich weer mooie verse groene bladeren. Indien veel bladeren, en niet alleen de onderste krans, bruin of geel worden kan dit het gevolg zijn van teveel of te weinig water.

Ook kan een plotseling overgang naar teveel direct zonlicht de oorzaak zijn. Dichtgeknepen blad is een teken van een lage luchtvochtigheid, of een tekort aan water in de grond. De V-vorm van het blad staat onder gunstige omstandigheden open. Gaat de kachel aan, dan is de kans groot dat het blad zich samen vouwt.

 

 

Phoenix_roebelenii

 

 

 

Snoeien

 

Je kunt de bruine bladpuntjes gewoon weg knippen met een schaar. Verwijder de onderste laag bladeren indien deze lelijk worden. Dit gaat het gemakkelijkst indien je de veren naar beneden buigt en vervolgens zo dicht mogelijk bij de stam het blad afsnijd. Je kunt ook een sterke snoeischaar gebruiken. Pas wel op voor de doorns. De stam kan niet afgezaagd worden bij een palm, hierdoor zal de palm sterven.

 

 

 

Vermeerderen

 

Het vermeerderen van palmen kan alleen door middel van zaaien. Dit kan lang duren, verhoog hierbij de temperatuur tot rond de 25 graden.

 

 

 

 

 

 

Bloemen

 

Het is zeldzaam dat de Phoenix Roebelenii in de woonkamer bloeit, maar het is wel mogelijk. Een palm bloeit alleen in een volwassen stadium. De Phoenix Roebelenii is een van de weinige palmen die dit kan bereiken vanwege zijn beperkte hoogte.

 

 

 

Giftig?

 

De Phoenix Roebelenii is niet giftig. Maar pas wel op voor de doorns. Deze stekels maken de plant minder geschikt wanneer er kleine kinderen bij kunnen komen.

 

 

 

Ziektes

 

Phoenix Roebelenii kan last krijgen van schild of dopluis. Verwijder aangetaste bladeren zo snel mogelijk om verspreiding te voorkomen. Vermijd besmetting met andere planten door de palm buiten te plaatsen.

 

 

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

Gewone raket: Sisymbrium officinale

Standaard

Categorie: kamerplanten en bloemen

.

.

.

.

Gewone raket: Sisymbrium officinale

De gewone raket (Sisymbrium officinale) is een plant uit de kruisbloemenfamilie (Brassicaceae) die voorkomt op braakliggend terrein, langs wegen en dijken. De wetenschappelijke naam Sisymbrium komt uit het Latijn en betekent ‘waterkers’. Dit omdat tijdens de periode dat Linnaeus het plantenrijk indeelde, deze soort samen met de witte waterkers (Sisymbrium) werd ondergebracht. Later is bij een herverdeling deze soort alleen overgebleven maar heette nog steeds Sisymbrium. Dit is nooit veranderd.

.
De soortaanduiding officinalis geeft aan dat aan de plant geneeskundige werking werd toegeschreven. De Nederlandse naam zou afgeleid zijn van het Franse Roquette, een wilde koolsoort. Het is een 30-60 cm hoge, kruidachtige plant. Door de vertakkingen doet de raket aan een kandelaar denken. Het onderste gedeelte van het blad heeft een spiesvormige eindslip. De bovenste bladeren zijn ongedeeld.
.
De plant bloeit met dichte trossen die later langer worden, van mei tot september. De bloem is bleekgeel en klein (2 – 4 mm). De gewone raket draagt kortgesteelde, priemvormige, 8 – 20 mm lange hauwen die tegen de stengel zijn gedrukt. De bruine tot donkerbruine zaden zijn 1 – 1,3 lang en 0,5 – 0,6 mm breed. De soortaanduiding officinalis duidt erop dat aan de plant geneeskundige werking werd toegeschreven.
.
Zij wordt nog wel in anti-hoestmiddelen en keelpastilles verwerkt en staat vermeld in de Franse farmacopee. Verder vindt het geneeskundig gebruik geen toepassing meer. Als slijmoplossend middel kan men een aftreksel van twee theelepels per kop water gebruiken tegen hoest en slijm. De gewone raket wordt ook wel heeskruid genoemd, wegens zijn smerende werking op de stembanden.
.
.
.
.
.

Standplaats

.

Matig vochtige tot droge, voedselrijke bodem in halfschaduw of zon. Gedijt op alle grondsoorten. Plant van ruigten.

.

.

.

.

Eigenschappen

.

2-slachtig

tredplant

medicinaal

ingeburgerd

.

.

.

.

.

Taxonomische indeling
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade: Bedektzadigen
Clade: ‘nieuwe’ Tweezaadlobbigen
Clade: Malviden
Orde: Brassicales
Familie: Brassicaceae (Kruisbloemen)
Geslacht: Sisymbrium (Raket)

 

.

.

.

.

.

.

.

De Judaspenning

Standaard

Categorie: kamerplanten en bloemen

.

.

.

.

De Judaspenning

.

De judaspenning (Lunaria annua) is een tweejarige, 50-80 cm (soms tot 100 cm) hoge plant uit de kruisbloemenfamilie (Brassicaceae). De vaste judaspenning (Lunaria rediviva) lijkt op de judaspenning, maar heeft langwerpige in plaats van ronde zaaddozen.

.

.

.

.

Botanische beschrijving

.

De bovenste bladeren zijn zittend of zeer kort gesteeld, de onderste zijn gesteeld. De bladeren zijn grof gekarteld, en ei- tot hartvormig.
De bloemen zijn reukloos en 2,5-3 cm groot. De kleur van de bloemen wordt omschreven als paars, mauve of wit. De bloemen zijn gegroepeerd aan de top van de rechtopstaande stengel. De bloeitijd loopt van april tot in juni.
De hauwtjes zijn bijna rond. De vruchten zijn plat en 3-6 cm groot.
De plant is aantrekkelijk voor vlinders. De plant ontsnapt vaak uit tuinen en groeit dan langs bosranden, bij heggen, en in wegbermen. De plant heeft een voorkeur voor zonnige tot licht beschaduwde standplaatsen.

.

.

zaaddozen

.

.

Verspreiding

.

De plant is afkomstig uit Zuidoost-Europa. In zowel België als Nederland is de soort algemeen vanuit tuinen verwilderd aanwezig, iets wat ook voor andere delen van Midden- en West-Europa geldt.

Er zijn verschillende cultivars ontwikkeld:
Lunaria annua ‘Alba Variegata’
Lunaria annua ‘Albiflora’
Lunaria annua ‘Atrococcinea’
Lunaria annua ‘Munstead Purple’
Lunaria annua ‘Sissinghurst White’
Lunaria annua ‘Variegata’

  • Hoogte: 50 tot 100 cm.
  • Standplaats: volle zon.
  • Zaaien: V t/m begin VII. Kiemtijd 14 – 21 dagen. Lichtkiemer. Zaden dus nauwelijks bedekken. Verplanten in de zomer en uitplanten op 30 cm in oktober of voorjaar.
  • Bloei: vanaf half IX t/m X.
  • Kenmerken: Trekt vlinders aan. Een tweejarige plant die zijn naam dankt aan de zaaddozen die op penningen lijken.

 

.

.

zaden

.

.

EIGENSCHAPPEN

.

Hoogte: 50 – 100 cm
Kleur: wit tot donker paars
Winterhard: Ja
PH: Neutraal
Vochtigheid: Normaal
Licht: Zon halfschaduw
Evergreen: Bladverliezend
.
.

witte Judaspenning

.

.

.

.