Tagarchief: bladeren

Wegdistel : Onopordum acanthium

Standaard

categorie : Kamerplanten en bloemen

 

 

 

.

 

Goed te herkennen aan
– het indrukwekkende formaat tot 2,5 meter hoog en
– het grijze uiterlijk door de witte spinnenwebachtige beharing

.

 

.

.

 

 

Algemeen

 

Wegdistel is een forse, grijsgroene, stekelige, wit spinnenwebachtig behaarde plant van 0,6 tot 2,5 meter hoog. Ze groeit op open, droge, kalkrijke, stikstofrijke, omgewerkte grond. Ze is 2-, 3- of meerjarig, waarvan minstens één winter als rozet. Op warmere plekken houdt ze langer stand. Ze is vrij zeldzaam en meestal verwilderd vanuit tuinen of uitgezaaid.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit van juli tot en met september met helder roze, lang gesteelde, grote bloemhoofdjes. Onder de helder roze bloemetjes zit een behaard, bolvormig omwindsel, dat bestaat uit priemvormige omwindselbladen met stekelige gele punten. De onderste staan recht af. Tussen de omwindels en bloemetjes zijn de hoofdjes sterk ingesnoerd.

 

 

 

 

 

.

Blad en stengel

 

De bladeren zijn langwerpig tot elliptisch en aan beide kanten wollig behaard. Ze worden later kaal. De bladrand is bochtig en fors stekelig getand. De stengel is boven het midden vertakt, wit spinnenwebachtig behaard en breed stekelig gevleugeld door de aflopende bladeren.

 

 

.

 

 

Toepassingen

 

Verschillende delen van wegdistel zijn te gebruiken; uit de zaden is distelolie te persen, dat vroeger gebruikt werd voor lampen. Het vruchtpluis en zelfs het spinrag op de bladeren en stengel kan verwerkt worden tot textiel of werd gebruikt als opvulmateriaal voor kussens. Sap van wegdistel was medicinaal in gebruik tegen aandoeningen van de gal, in hoestdrank en in preparaten tegen slecht helende wonden. En tot slot: de wortels, jonge scheuten en de bodem van nog niet bloeiende hoofdjes zijn als groente eetbaar.

 

.

.

 

 

Vergelijkbare soorten

 

De enige distel waarmee wegdistel te verwarren zou zijn is wollige distel. Beide distels hebben een opvallend behaard, groot, rond omwindsel. Het duidelijkste verschil tussen beide planten is de kleur; wegdistel is grijzig en wollige distel is groen. Daarnaast is ook de vorm van de bladeren totaal verschillend. Wegdistel heeft bladeren met een bochtige stekelige rand, terwijl wollige distel veervormig ingesneden bladeren heeft.

 

 

wollige distel

 

 

 

Algemeen

 

– composietenfamilie (Asteraceae)
– overblijvend
– vrij zeldzaam tot zeldzaam
– ook verwilderd en uitgezaaid
– 0,6 tot 2,5 meter hoog

Bloem
– helder roze
– vanaf juli t/m september
– alleenstaand hoofdje
– 3 tot 5 cm
– bolvormig, behaard omwindsel

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– langwerpig tot elliptisch
– top stekelpuntig
– rand bochtig stekelig getand
– voet aflopend
– veernervig
– zacht behaard

Stengel
– rechtop
– behaard

zie wildebloemen

 

 

.

 

.

 

 

 

 

 

Schermhavikskruid : Hieracium umbellatum

Standaard

categorie : Kamerplanten en bloemen

 

 

 

.

 

Goed te herkennen aan
– de paardenbloem-achtige bloemenhoofdjes, die
– vaak schermvormig gegroepeerd staan en
– de stengels met veel, zeer smalle, weinig getande bladeren en
– de aan de top naar buiten gebogen omwindselblaadjes

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Schermhavikskruid is overblijvende plant van 10 tot 120 cm hoog, die groeit op min of meer voedselrijke zandgrond in lichte bossen, (licht beschaduwde) bermen en in de duinen. Ze komt algemeen voor in de Lage Landen en in de duinen langs de gehele kust. Elders is ze aangevoerd met duinzand.

 

 

 

 

Bloem

 

Schermhavikskruid bloeit vanaf juli tot in de herfst. Ze bloeit met paardenbloem-achtige bloemhoofdjes, die vaak schermvormig of in 2 boven elkaar staande kransen aan het einde van de stengel gegroepeerd staan. Ken- merkend voor schermhavikskruid zijn de naar buiten omgebogen toppen van de onderste en middelste omwindselblaadjes.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De kort behaarde stengels zijn rijk bebladerd met zeer smalle, weinig getande, kort behaarde bladeren. De rozetbladeren zijn in de bloeitijd verdord.

 

 

 

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Er zijn een aantal havikskruiden, die je op het eerste gezicht zou kunnen verwarren met schermhavikskruid. De uitstaande top van de onderste en middelste omwindselblaadjes is kenmerkend voor schermhavikskruid.

Schermhavikskruid behoort tot de gele composieten met uitsluitend lintbloemen; de groep met grote of kleine paardenbloem-achtige bloemhoofdjes.

 

.

In totaal bestaat de groep uit 39 soorten. Ze zijn te verdelen in twee groepen :

 

– de groep met minimaal 2 volwaardige bladeren aan de bloeistengel; hiertoe behoort schermhavikskruid.
Zie de pagina “Sleutel gele composieten met blad“.

– de groep met een kale bloeistengel of met hooguit 1 blad of een aantal schubvormige bladeren.
Zie de pagina “Sleutel gele composieten zonder blad“.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– composietenfamilie (Asteraceae)
– overblijvend
– algemeen tot vrij zeldzaam
– 10 tot 120 cm

Bloem
– geel
– vanaf juli tot in de herfst
– hoofdje
– alleen lintbloemen
– 2 tot 3 cm
– schermvormige pluim of 2 kransen
– stijlen geel

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– lijnlancetvormig
– top spits
– rand gaaf of verwijderd getand
– voet wigvormig
– veernervig
– zacht behaard

Stengel
– rechtop
– kort, zacht behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

.

 

 

 

 

 

Etherische oliën : deel 4

Standaard

categorie : meditatie en yoga

 

 

 

Roos – Rosa damascena

 

 

 

 

 

Op het lichaam: Is heel heilzaam voor de spijsvertering en eczeem. Regelt de bloedsomloop en is goed tegen bloedarmoede. Is heel nuttig bij de behandeling van impotentie en geeft verlichting bij pms.
Is fantastisch voor de droge en gevoelige huid. Verjongt en herstelt de huid.

Emotionele & psyche behandelingen: De roos brengt rust voor mensen die geestelijk overspannen zijn door stress en/of depressie. De roos is ook erotisch en sensueel, als je ze hier voor wil gebruiken. Roos pept het zelfvertrouwen op en brengt het gevoel van geluk en vrede.

Ook schept de roos een harmonieuze en vredige sfeer. De geur van roos ondersteunt het loslaten en opent je voor de liefde naar de wereld en de liefde naar jezelf. Roos werkt verzachtend bij emotionele irritaties en verdriet.

Spiritueel – Energetisch: Roos brengt genezing voor de hartchakra en helpt deze chakra zich te openen als ze zich door verdriet en pijn heeft gesloten. Maar als de hartchakra al open is, versterkt deze olie de energie ervan en laat ze de liefdesenergie naar buiten uitstralen.  Dit is een heel liefdevolle olie.

Maar je kan roos ook inzetten voor de heiligbeenchakra, het centrum van scheppingsdrang, seksualiteit en conceptie. De roos is een mild afrodisiacum.. De hoogste trillingen van de roos komen overeen met die van de kruinchakra, de zetel van de innerlijke meester

 

 

 

Salie – Salvia Officinalis

 

 

 

 

Op het lichaam: Helpt tegen diarree, verkoudheid, griep, hoest en keelpijn. Ontspant spieren en is goed tegen vermoeidheid. Menstruatieopwekkend en helpt bij pms.

Emotionele & psyche behandelingen: Uitstekend middel bij depressie en verdriet.  Salie geeft weerstand en wilskracht. Deze olie heeft een stimulerende, opwekkende, versterkende en verwarmende invloed. De olie is nuttig om te verdampen bij lusteloze mensen die hun zelfvertrouwen kwijt zijn of geestelijk overspannen zijn.

Spiritueel – Energetisch: Vroeger dacht men dat salie wijsheid schonk. Ook ging men er van uit dat salie de verlosser van lichamelijke kwalen was. Je kan salie in combinatie met meditatie of visualisaties toepassen om inzicht en wijsheid te ontwikkelen. Salie werkt zeer goed bij mensen die veel onderdrukte woede in zich voelen. Ook voor mensen die “last” hebben met autoriteit en geen gelegenheid laten voorbij gaan om daar tegen in opstand te komen.

Deze houding vindt zijn oorsprong in de angst om afgewezen te worden door de omgeving of de maatschappij.
Deze gevoelens en gedachten werden in de jeugd vaak onderdrukt. Daarom is het nu moeilijk om deze ideeën op een neutrale, duidelijke manier te formuleren.

Salie is goed om gevoelens van onmacht te verwerken. Zeker als de omgeving kritiek geeft. Salie geeft de kracht om mensen die niet meer kunnen communiceren te leren hun gevoelens voor zichzelf te analyseren en ze dan op een evenwichtige manier naar buiten te laten komen.

 

 

 

Scharlei – Salvia Sclarea

 

 

 

 

Op het lichaam: Is heel nuttig bij menstruatiepijn en bij de behandeling van PMS. Kan ook heilzaam zijn bij de behandeling van onvruchtbaarheid.

Emotionele & psyche behandelingen: Kalmeert paranoia en stimuleert seksualiteit.

Spiritueel – Energetisch: Scharlei brengt je in contact met de wereld van de dromen, waaruit men zoveel spirituele lessen kan halen. Scharlei zorgt ervoor dat we ons onze dromen beter kunnen herinneren. Ze kan gebruikt worden in een bad voor het naar bed gaan of in een aromaverstuiver. Een druppel op het kussen is ook mogelijk.

Hou bij je bed een boekje zodat je je dromen kunt opschrijven als je wakker bent. Schenk ook zeer veel aandacht aan dromen die opkomen zonder dat je daarom gevraagd hebt, want die dromen kunnen misschien wel licht werpen op zaken die je op bewust niveau niet in de gaten hebt. Op fijnstoffelijk niveau is scharlei een olie die ons innerlijke gezichtsvermogen versterkt en die ons helpt duidelijker te ‘zien’.

 

 

 

Zoete Sinaasappel – Citrus Sinensis

 

 

 

 

Op het lichaam: Geeft verlichting bij verstopping en is goed tegen hartkloppingen. Gebruik zoete sinaasappel bij hoofdpijn, koorts, spanningen, angst, maagklachten, reisziekte, vertraagd hartritme, hartkloppingen, gebrek aan eetlust, koorts, nervositeit, spijsverteringsproblemen, slecht slapen, nervositeit, sterke transpiratie, hartbeklemming en eczeem.

Emotionele & psyche behandelingen: Maakt vrolijk en verdrijft neerslachtigheid, verdriet en angsten. Brengt de positieve dingen van het leven naar voor.

Spiritueel – Energetisch:  Zoete sinaasappel vormt samen met neroli (uit de bloesem) en petitgrain (uit de bladeren) het trio van oliën die de sinaasappelboom ons levert. Geen andere boom of plant schenkt ons drie verschillende oliën. Zoals de vrucht het lichaam voedt, zo voedt de olie de ziel en geeft ze haar een gevoel van vreugde.

Zoete sinaasappel kan je het best gebruiken als je je blij en gelukkig voelt en ervaar hoe ze overeenkomt met je eigen geluk. Maar als je ze gebruikt als je je ongelukkig voelt, dan zal ze je verwarmen en opvrolijken.

 

 

Sandelhout – Santalum Spicatum

 

 

 

Op het lichaam: Goed voor de huid en verhoogt de weerstand. Is heel nuttig bij keelpijn en bronchitis. Heeft een antiseptische werking. Werkt goed bij blaasontstekingen. Ondersteunt de circulatie in de benen. Samentrekkend en versterkend voor de huid, verzacht en zuivert een droge en geïrriteerde huid.

Emotionele & psyche behandelingen: Helpt om het verleden los te laten en is zeer ontspannend. Werkt als een afrodisiacum, verdrijft neerslachtigheid en angst. Ontspannend en rustgevend. Sandelhout draagt bij tot een serene en positieve instelling.

Spiritueel – Energetisch: Sandelhout is een grote steun bij meditatie. De zeer speciale waarde ontleent de olie aan de eigenschap dat ze het ‘mentale gebabbel’ tot zwijgen brengt. Doordat het bewuste denkproces tot stilstand wordt gebracht, krijgt het denken de kans een diepere meditatieve staat te bereiken. Dit is natuurlijk ook van grote waarde bij de voorbereiding van genezings- en zelfgenezingssessies.

Ook visualisatie wordt gemakkelijker als het bewuste denken een tijdje opzij gezet kan worden. Sandelhout heeft een affiniteit met de wortelchakra. Maar de olie werkt ook op het niveau van de kruinchakra, waar ze de spirituele ontwikkeling bevordert. Sandelhout heeft ook bindingen met de hart- en de keelchakra.

De afrodisiacale eigenschappen van de olie, die zeer uitgesproken aanwezig zijn, wijzen op een werking op het niveau van de heiligbeencakra. Sandelhout beïnvloedt heel de chakra-energie en heeft veel verschillende effecten op subtiel niveau. Een van de belangrijkste eigenschappen van de olie is dat ze een verbinding tot stand brengt tussen de wortel- en de kruinchakra en alle chakra’s onderling harmoniseert.

 

 

 

Tea Tree – Melaleuca Alternifolia

 

 

 

 

Op het lichaam: Is goed voor het immuunsysteem, werkt uitstekend bij schimmels, tegen bacteriën en virussen. Verhelpt wratten en luizen. Werkt uitstekend tegen alle soorten vaginale infectie en jeuk aan de genitaliën of anus.

Emotionele & psyche behandelingen: Verheldert de geest en maakt de geest vrij van negatieve gedachten.

Spiritueel – Energetisch: Goed bij blokkade op de wortelchakra en wanneer de emoties te snel de overhand nemen.

 

 

 

Tijm – Thymus Vulgaris

 

 

Op het lichaam: Helpt bij een trage spijsvertering en verhoogt een te lage bloeddruk. Werkt goed tegen keelinfecties.

Emotionele & psyche behandelingen: Geeft moed en voorkomt nachtmerries. Helpt om te concentreren. Verdrijft angst en depressies.

Spiritueel – Energetisch: Helpt mensen die wispelturig zijn en een onvermogen voelen zich te “herpakken”. Ook zeer nuttig bij conflicten met zichzelf en/of de omgeving.

 

 

 

 

Venkel – Foeniculum Vulgare var. Dulce

 

 

 

 

Op het lichaam: Helpt zeer goed bij kneuzingen, etterende wonden, vette huid, cellulitis, oedeem, reuma, astma, bronchitis, anorexia, misselijkheid, problemen met menopauze, vastzittende hoest, verkoudheid, buikpijn, blauwe plekken, maag- en darmkrampen en gal koliek.

Emoties & psyche behandelen: Venkel geeft evenwicht en vriendelijkheid in de atmosfeer.

Spiritueel – Energetisch: Helpt het “negatieve” te weren. Als je je ooit bedreigd voelt op spiritueel gebied, doe dan enkele druppels in je handen (met een beetje basisolie) en ga ermee door de aura (op korte afstand van je lichaam).

 

 

 

Wierook – Boswellia Carterii

 

 

 

Op het lichaam: Verjongt de huid en werkt heel goed tegen rimpels. Helpt bij astma.

Emotionele & psyche behandelingen:  Vermindert spanning en stress. Verbetert de stemming. Deze olie is ideaal om voor het mediteren te verdampen.

Spiritueel – Energetisch: Wierook olie wordt geassocieerd met onze hoogste spirituele idealen. Deze etherische olie doet ons dieper en langzamer ademen, waardoor lichaam en geest in een meditatieve staat worden gebracht. Dit is, samen met concentratie op de ademhaling, van grote waarde bij alle vormen van meditatie.

Wierook helpt ons banden met het verleden te breken, speciaal als die onze persoonlijke groei in de weg staan.
Gebruik de olie in een bad met de bewuste bedoeling alle oude banden die een belemmering vormen als het ware weg te wassen (samen met visualisatie).

 

 

 

Ylang-Ylang – Cananga Odorata

 

 

 

 

Op het lichaam: Verlaagt bloeddruk en hartslag. Brengt de hormonen in evenwicht. Goed tegen stress. Is een uitstekend middel voor de huid, reguleert de talgafscheiding.

Emotionele & psyche behandelingen: Geeft rust en verdrijft koppigheid. Werkt uitstekend bij depressie en kwaadheid. Brengt zelfvertrouwen terug.

Spiritueel – Energetisch: De zoete geur van deze olie roept gevoelens van vrede op en verdrijft kwaadheid. Kwaadheid vormt een obstakel voor meditatie, healing, genezing en andere spirituele activiteiten. Ylang-ylang kan slaapverwekkend zijn, dus niet aan te raden vlak voor het begin van een meditatiesessie.

De zoetheid van de geur kan voor sommige mensen een beetje zwaar zijn, het is dus beter de olie te mengen met bergamot of melisse. Dit zal de kalmerende eigenschappen versterken maar ook de geur minder zwaar maken.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Onkruid soorten in ons land – letter H

Standaard

Categorie: Kamerplanten en bloemen

 

 

Onkruid soorten

 

Hieronder vindt u alle soorten onkruid die ons land kent. Een enorm groot overzicht maar netjes op alfabetische volgorde en met omschrijving. Veel succes met het herkennen en bestrijden van deze vaak hardnekkige planten.

 

 

Heermoes (Equisetaceae)

 

HEERMOES (Equisetum arvense) maakt twee soorten stengels. In het voorjaar ontwikkelen zich bruinachtig-gele stengels waarbij de top steeds is omsloten door een schede; de resten hiervan blijven op regelmatige afstanden langs de stengels zitten. Tenslotte eindigt de stengel in een soort kegel die sporen bevat. Wanneer de sporen verspreid zijn verdorren de vruchtbare stengels en verschijnen de groene onvruchtbare stengels. Deze dragen kransen van zijtakken op de plaats waar de leden van de stengels in elkaar sluiten.

De plant heeft geen bladeren. Het is een overblijfsel uit oeroude tijden, waardoor het geslacht Equisetum een soort brug vormt tussen de moderne planten en de oudste vormen van plantaardig leven. Onze steenkool is voornamelijk gevormd door de resten van reusachtige wouden van geweldige grote, houtachtige, met Equisetum verwante planten die eens de aarde bedekten. De plant bevat kiezel en werd vroeger gebruikt om tinnen voorwerpen mee te schuren. Zo nu en dan worden de stengels benut om meubels mee te doen glanzen.

De vruchtbare stengels bereiken een hoogte van 10-30 cm en zijn onvertakt; de onvruchtbare stengels worden meestal 10 tot 40 cm hoog. Dank zij de ondergrondse wortelstokken is het een sterk woekerend onkruid, dat door velen als praktisch onuitroeibaar wordt beschouwd. Er schijnt echter één middel tegen deze kwaal te bestaan en dat is het uitzaaien van Oostindische kers op het betreffende stuk grond. Deze planten verstikken het Heermoes, dat namelijk niet tegen beschaduwing kan.

Heermoes is giftig voor het vee, vooral voor paarden en koeien. De plant komt voor in Europa, West-Azië, Noord-Amerika en Noord- en Zuid-Afrika. In ons land algemeen langs wegen en tussen gras. Op zandige akkers vaak een heel lastig onkruid, getuige de naam akkerpest. Equisetum palustre (Lidrus) lijkt veel op Heermoes, maar wordt vooral gevonden op vochtige plaatsen en op kleiakkers. Een andere naam voor heermoes is paardenstaart.

 

 

 

 

 

 

 

Hoornbloemen en Vogelmuur (Caryophyllaceae)

 

Deze vertegenwoordigers van de Anjerfamilie vormen een interessante groep. Ongeveer 100 soorten ervan zijn kosmopolieten, dat wil zeggen dat ze over de hele wereld voorkomen. Al zien ze er teer uit en ook al dringen de wortels maar een paar centimeter in de grond, toch kunnen ze lage temperaturen doorstaan en hebben ze weinig voedsel nodig. Het zijn zodevormende planten en vele zijn zelfbestuivers, wat inhoudt dat ze geen droog weer en bezoek van insecten nodig hebben om zaad te kunnen vormen. Geen tuin ontsnapt aan deze planten. Hoewel ze als lastig beschouwd worden zijn ze gemakkelijk met de hand te verwijderen.

 

 

Vogelmuur

 

VOGELMUUR (Stellaria media) is een van de wereldburgers, bekend over de hele aardbol. In het kielzog van de blanken is dit plantje overal naartoe gereisd en het voelt zich net zo thuis binnen de poolcirkel als in Zuid-Amerika.

Sommige onkruiden hebben een ongezond uiterlijk. Dat gaat niet op voor de Vogelmuur met zijn frisgroene, puntig-ovale blaadjes die twee aan twee langs de stengels staan. De kegelvormige knoppen staan in groepjes bijeen op lange steeltjes die uit de bladoksels ontspringen. De kleine witte bloempjes die eruit tevoorschijn komen hebben vijf bloemblaadjes, die zo diep zijn ingesneden dat het lijkt alsof het er tien zijn. Gewoonlijk blijven ze maar een dag goed. Ze hebben 3-8 roodpaarse meeldraden, waarbij het aantal het grootst is als de plant in het volle licht groeit.

Vogelmuur is een eenjarige plant en kan verscheidene maanden oud worden; 5-7 weken na het ontkiemen kan de plant al rijp zaad hebben. Behalve bij heel slecht weer bloeit Vogelmuur het hele jaar door en ieder exemplaar brengt 2500-15.000 zaden voort. Aangezien er drie generaties in een jaar kunnen zijn zou het nakomelingschap over twaalf maanden gerekend in principe tot meer dan 15 miljard kunnen oplopen.

Vogelmuur is niet alleen zeer vruchtbaar, het zaad kan ook heel wat verdragen. Zelfs na het passeren van de maag van vogels of andere dieren is het zaad nog kiemkrachtig en proeven hebben aangetoond dat het ook na 90 dagen in zeewater gelegen te hebben nog in staat is te ontkiemen. Geen wonder dat Vogelmuur zich via land en zee over de hele aarde heeft verspreid.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Gewone Hoornbloem

 

In ons land komen negen soorten Hoornbloem voor, deels oorspronkelijk wild, deels verwilderd. De meest algemene soort is GEWONE HOORNBLOEM (Cerastium fontanum), een overblijvende plant die bloeit van april tot in de herfst. Hij vormt een groot aantal op de grond liggende stengels, waarbij alleen de bloeiende zich oprichten. De vijf bloemblaadjes zijn diep ingesneden. De blaadjes op de gewone stengels staan tegenover elkaar, zijn donker grijsachtig groen en bedekt met een dichte laag van witte haren. De bladeren op de bloemstengels zijn ellipsvormig tot ovaal, zonder bladsteel; op de niet-bloeiende stengels zijn ze stomper. Een kosmopoliet, die bij ons vooral langs dijken en wegen voorkomt.

 

 

 

 

 

 

 

Kluwenhoornbloem

 

Vrij algemeen in ons land is de KLUWENHOORNBLOEM (Cerastium glomeratumO evenals de twee voorgaande soorten een kosmopoliet. De plant is geelgroen van kleur, met breed-ovale bladeren. Zoals de naam al aangeeft staan de bloemen dicht opeen; er zijn tien meeldraden en vijf stijlen; de bloemsteeltjes zijn behaard en heel kort. De witte bloemen hebben 5 bloemblaadjes, die enigszins ingesneden zijn; ze verschijnen van mei tot oktober. Gewoonlijk ontkiemt het zaad in de nazomer of herfst. De plant is één- of tweejarig en wordt maximaal 45 cm hoog.

 

 

 

 

 

 

 

Akkerhoornbloem

 

De AKKERHOORNBLOEM (Cerastium arvense) is weer een overblijvende plant. Ook dit is een vertakt, kruipend onkruid, maar onderscheidt zich van de reeds genoemde soorten doordat vaak in de oksels van de onderste bladeren groepjes blaadjes ontspringen. Alle bladeren zijn smal en donzig, met een lengte van 6-18 mm. De bloemen zijn naar verhouding groot (12-18 mm). Deze soort heeft de gewoonte wortels te vormen aan de knopen van de stengels die op de grond liggen, hetgeen resulteert in een zich steeds verder uitbreidende mat, wat in het gazon heel lastig kan zijn.

 

 

 

 

 

 

 

Viltige hoornbloem

 

Tenslotte hebben we dan nog de VILTIGE HOORNBLOEM (Cerastium tomentosum) die in onze tuinen verscheen als sierplant voor de rotstuin. Overal waar hij opduikt wordt het echter een onkruid dat met handenvol moet worden uitgetrokken om te voorkomen dat het door zijn uitbundige groei zijn buren verstikt. De plant heeft smalle, wit-viltige blaadjes en is in mei-juli overdekt met stervormige witte bloemen die 18-25 mm in doorsnee zijn en de gebruikelijk vijf ingesneden bloemblaadjes hebben. Hij wordt vanwege zijn rijke bloei in Engeland Sneeuw-in-de-zomer (Snow-in-summer) genoemd. Oorspronkelijk afkomstig uit Zuid-Europa en de Kaukasus.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Ruig klokje : Campanula trachelium

Standaard

categorie :  Kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de grote, lichtpaarse klokjes met lange, witte, stijve haren aan de binnenkant van de bloemkroon

 

 

 

.

 

Algemeen

 

Ruig klokje is een overblijvende, ruw behaarde plant van 60 tot 90 cm hoog. Ze groeit op vochtige, vaak kalk- houdende grond in lichte loofbossen, tussen hakhout en op beschaduwde beekoevers. Ze komt plaatselijk vrij algemeen voor in de Lage Landen. Ze wordt ook aangeboden als tuinplant. Ruig klokje is wettelijk beschermd.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ruig klokje bloeit in juli en augustus met grote lichtpaarse, zelden witte, klokvormige bloemen. De binnenkant van de bloemkroon is behaard met lange, witte, stijve haren. De bloemen staan in de bladoksels, alleen of met 2 of 3. Ze staan eerst rechtop, later gaan ze recht afstaan of iets hangen. Samen vormen ze bebladerde, rijk-bloemige trossen.

 

 

ruig klokje : wit

 

 

 

Blad en stengel

 

De stevige, niet of weinig vertakte stengels staan rechtop, zijn scherpkantig, vaak rood aangelopen, ruw behaard en rijk bebladerd. De onderste bladeren zijn eivormig en gesteeld, de bovenste zijn langwerpig en kort gesteeld of zittend. Alle bladeren zijn aan de onderkant lichter van kleur, ruw behaard, hebben een spitse top en een onregelmatig gezaagde/getande rand.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

In de Lage Landen  komen 12 klokjes (Campanula) voor. Veel daarvan zijn ook als tuinplant te koop. Ruig klokje heeft samen met prachtklokje en breed klokje de grootste bloemen. Om de verschillende klokjes van elkaar te kunnen onderscheiden zie de pagina “Sleutel klokjes“.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– klokjesfamilie (Campanulaceae)
– overblijvend
– vrij algemeen tot ontbrekend
– beschermd
– ook als tuinplant
– 60 tot 90 cm

Bloem
– lichtpaars, zelden wit
– juli en augustus
– tros
– klokvormig
– (2,5) 3 tot 5 cm lang
– 5 kroonbladen, vergroeid en aan de
binnenkant lange, witte, stijve haren
– 5 kelkbladen, vergroeid
– 5 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– onderste :
– eivormig
– lang gesteeld
– hartvormige voet
– bovenste :
– langwerpig
– kortgesteeld tot zittend
– aflopende voet
– top spits
– rand onregelmatg gezaagd/getand
– netnervig
– onderkant lichter van kleur
– stijf behaard

Stengel
– rechtop
– stijf behaard
– vaak rood aangelopen
– scherpkantig

zie wilde bloemen

.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Carayota Mitis of de vissenstaartpalm

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

De Caryota Mitis is ook wel bekend als vissenstaartpalm of vinnetjespalm. Deze namen zijn te danken aan de afwijkende bladeren die op de staart van een vis lijken. De palmen komen uit Azië, waaronder Indonesië. Caryota Mitis is een palm uit de familie Arecaceae of Palmea. Omdat deze palm prima gedijt op donkere locatie’s is het een prima plant voor kantoren.

 

 

 

 

 

Water geven

 

vochtig houdenVochtig houden

 

De Caryota Mitis moet net zoals andere palmen in een constant vochtige grond staan. Let er hierbij op dat de wortels niet in de natte grond staan. Geef daarom regelmatig kleine beetjes water, bijvoorbeeld eens per 5 dagen in de zomer en eens per week in de winter. De hoeveelheid water is afhankelijk van de grootte van de palm en de hoeveelheid licht die de plant bereikt.

Begin daarom met kleine hoeveelheden water per gietbeurt. Is de grond na 4 dagen nog steeds nat, verminder dan de watergift. Controleer dit door een vinger in de aarde te steken. Het is verstandig om dit bij een nieuwe kamerplant regelmatig te doen. Op den duur wordt het dan eenvoudiger om te bepalen hoeveel en hoe vaak de Caryota Mitis nodig heeft.

 

 

 

Sproeien

 

Het sproeien van de Caryota Mitis is niet noodzakelijk. Het is wel aan te raden wanneer de radiator een te droge lucht veroorzaakt. Daarnaast voorkomt sproeien spint en het blad blijft langer mooi.

 

 

 

Standplaats

 

Donker tot schaduw

 

De Caryota Mitis gedijt prima op donkere of schaduwrijke locaties in de huiskamer. Maar net zoals alle andere kamerplanten heeft ook de Caryota zonlicht nodig. Stagneert de groei, of maakt de kamerplant weinig vers blad aan? Plaats de palm dan een meter dichterbij het raam. Worden de bladeren geel of wordt de plant lichter van kleur? Plaats de palm dan een meter verder van het raam. Zorg voor maximaal 3 uur direct zonlicht. Zo behoudt de Caryota Mitis zijn diep donker groene kleur.

 

.

Fish Tail Palm, host plant for Tawny Palmfly

 

 

 

Minimale temperatuur

 

Overdag: +/- 18 °C
‘S nachts: +/- 15 °C

 

 

Verpotten

 

Verpot de Caryota Mitis ongeveer eens per twee jaar om de groei- en gezondheid te bevorderen. Verpotten kan direct na de aankoop, of anders bij voorkeur in de lente. Wortels herstellen namelijk in deze periode het snelst. Een ruimere pot creëert een grotere waterbuffer voor de Caryota Mitis omdat de grond meer water kan opnemen. Hiermee is de kans op uitdroging kleiner. Neem een sierpot met een diameter die minimaal 20% groter is dan de bestaande pot. Gebruik gewone universele potgrond of speciale palm grond.

 

 

 

 

 

Voeding

 

Bemest de Caryota Mitis van april tot september wekelijks. Je kunt hierbij het beste vloeibare voeding voor palmen gebruiken. Pas op dat je geen overdosis geeft. Ook niet na een periode dat de binnenplant geen voeding heeft gehad. Dit is erg slecht voor de plant. Een palm kan zonder voeding overleven, maar het zal de groei en gezondheid stagneren.

 

 

Verkleurende bladeren

 

Er is een grote kans dat er bruine randen zullen ontstaan bij de onderste bladeren, dit zijn de oudste bladeren. Dit is een natuurlijk verschijnsel en is helaas niet te voorkomen. Op den duur gaan deze blaadjes dood. Wanneer je merkt dat je Caryota gele bladeren krijgt, dan is dat meestal het gevolg van een te lichte staanplaats. Verplaats de plant dan wat verder van het raam af.

 

 

 

 

Snoeien

 

Lelijk blad kan je niet voorkomen. Dit is een natuurlijk proces, waar je niks aan kunt doen. Gelukkig maakt de palm bovenin nieuw blad om het onderste blad te vervangen. Dit onderste blad kun je dan het beste weg knippen, om te voorkomen dat het lelijk wordt. Bruine randjes mogen ook weggeknipt worden. Het is echter niet mogelijk om de stam te snoeien.

 

 

 

 

 

Vermeerderen

 

Caryota’s zijn net zoals alle palmen alleen te kweken door middel van zaad. Dit is echter niet eenvoudig bij de Caryota Mitis.

 

 

Bloemen

 

Alleen volgroeide palmen bloeien. Dit wordt niet bereikt in de woonkamer.

 

 

Giftig?

 

De Caryota Mitis is niet giftig.

 

 

Ziektes

 

De Caryota Mitis is niet vatbaar voor een specifieke ziekte. Het blijft echter wel raadzaam om de palm regelmatig te controleren op luis. Hoe eerder deze worden bestreden hoe groter de kans op succes.

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

Onkruid soorten in ons land – letter H

Standaard

Categorie: Kamerplanten en bloemen

 

 

Onkruid soorten

 

Hieronder vindt u alle soorten onkruid die ons land kent. Een enorm groot overzicht maar netjes op alfabetische volgorde en met omschrijving. Veel succes met het herkennen en bestrijden van deze vaak hardnekkige planten.

 

 

Heermoes (Equisetaceae)

 

HEERMOES (Equisetum arvense) maakt twee soorten stengels. In het voorjaar ontwikkelen zich bruinachtig-gele stengels waarbij de top steeds is omsloten door een schede; de resten hiervan blijven op regelmatige afstanden langs de stengels zitten. Tenslotte eindigt de stengel in een soort kegel die sporen bevat. Wanneer de sporen verspreid zijn verdorren de vruchtbare stengels en verschijnen de groene onvruchtbare stengels. Deze dragen kransen van zijtakken op de plaats waar de leden van de stengels in elkaar sluiten.

De plant heeft geen bladeren. Het is een overblijfsel uit oeroude tijden, waardoor het geslacht Equisetum een soort brug vormt tussen de moderne planten en de oudste vormen van plantaardig leven. Onze steenkool is voornamelijk gevormd door de resten van reusachtige wouden van geweldige grote, houtachtige, met Equisetum verwante planten die eens de aarde bedekten. De plant bevat kiezel en werd vroeger gebruikt om tinnen voorwerpen mee te schuren. Zo nu en dan worden de stengels benut om meubels mee te doen glanzen.

De vruchtbare stengels bereiken een hoogte van 10-30 cm en zijn onvertakt; de onvruchtbare stengels worden meestal 10 tot 40 cm hoog. Dank zij de ondergrondse wortelstokken is het een sterk woekerend onkruid, dat door velen als praktisch onuitroeibaar wordt beschouwd. Er schijnt echter één middel tegen deze kwaal te bestaan en dat is het uitzaaien van Oostindische kers op het betreffende stuk grond. Deze planten verstikken het Heermoes, dat namelijk niet tegen beschaduwing kan.

Heermoes is giftig voor het vee, vooral voor paarden en koeien. De plant komt voor in Europa, West-Azië, Noord-Amerika en Noord- en Zuid-Afrika. In ons land algemeen langs wegen en tussen gras. Op zandige akkers vaak een heel lastig onkruid, getuige de naam akkerpest. Equisetum palustre (Lidrus) lijkt veel op Heermoes, maar wordt vooral gevonden op vochtige plaatsen en op kleiakkers. Een andere naam voor heermoes is paardenstaart.

 

 

 

 

 

 

 

Hoornbloemen en Vogelmuur (Caryophyllaceae)

 

Deze vertegenwoordigers van de Anjerfamilie vormen een interessante groep. Ongeveer 100 soorten ervan zijn kosmopolieten, dat wil zeggen dat ze over de hele wereld voorkomen. Al zien ze er teer uit en ook al dringen de wortels maar een paar centimeter in de grond, toch kunnen ze lage temperaturen doorstaan en hebben ze weinig voedsel nodig. Het zijn zodevormende planten en vele zijn zelfbestuivers, wat inhoudt dat ze geen droog weer en bezoek van insecten nodig hebben om zaad te kunnen vormen. Geen tuin ontsnapt aan deze planten. Hoewel ze als lastig beschouwd worden zijn ze gemakkelijk met de hand te verwijderen.

 

 

Vogelmuur

 

VOGELMUUR (Stellaria media) is een van de wereldburgers, bekend over de hele aardbol. In het kielzog van de blanken is dit plantje overal naartoe gereisd en het voelt zich net zo thuis binnen de poolcirkel als in Zuid-Amerika.

Sommige onkruiden hebben een ongezond uiterlijk. Dat gaat niet op voor de Vogelmuur met zijn frisgroene, puntig-ovale blaadjes die twee aan twee langs de stengels staan. De kegelvormige knoppen staan in groepjes bijeen op lange steeltjes die uit de bladoksels ontspringen. De kleine witte bloempjes die eruit tevoorschijn komen hebben vijf bloemblaadjes, die zo diep zijn ingesneden dat het lijkt alsof het er tien zijn. Gewoonlijk blijven ze maar een dag goed. Ze hebben 3-8 roodpaarse meeldraden, waarbij het aantal het grootst is als de plant in het volle licht groeit.

Vogelmuur is een eenjarige plant en kan verscheidene maanden oud worden; 5-7 weken na het ontkiemen kan de plant al rijp zaad hebben. Behalve bij heel slecht weer bloeit Vogelmuur het hele jaar door en ieder exemplaar brengt 2500-15.000 zaden voort. Aangezien er drie generaties in een jaar kunnen zijn zou het nakomelingschap over twaalf maanden gerekend in principe tot meer dan 15 miljard kunnen oplopen.

Vogelmuur is niet alleen zeer vruchtbaar, het zaad kan ook heel wat verdragen. Zelfs na het passeren van de maag van vogels of andere dieren is het zaad nog kiemkrachtig en proeven hebben aangetoond dat het ook na 90 dagen in zeewater gelegen te hebben nog in staat is te ontkiemen. Geen wonder dat Vogelmuur zich via land en zee over de hele aarde heeft verspreid.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Gewone Hoornbloem

 

In ons land komen negen soorten Hoornbloem voor, deels oorspronkelijk wild, deels verwilderd. De meest algemene soort is GEWONE HOORNBLOEM (Cerastium fontanum), een overblijvende plant die bloeit van april tot in de herfst. Hij vormt een groot aantal op de grond liggende stengels, waarbij alleen de bloeiende zich oprichten. De vijf bloemblaadjes zijn diep ingesneden. De blaadjes op de gewone stengels staan tegenover elkaar, zijn donker grijsachtig groen en bedekt met een dichte laag van witte haren. De bladeren op de bloemstengels zijn ellipsvormig tot ovaal, zonder bladsteel; op de niet-bloeiende stengels zijn ze stomper. Een kosmopoliet, die bij ons vooral langs dijken en wegen voorkomt.

 

 

 

 

 

 

 

Kluwenhoornbloem

 

Vrij algemeen in ons land is de KLUWENHOORNBLOEM (Cerastium glomeratumO evenals de twee voorgaande soorten een kosmopoliet. De plant is geelgroen van kleur, met breed-ovale bladeren. Zoals de naam al aangeeft staan de bloemen dicht opeen; er zijn tien meeldraden en vijf stijlen; de bloemsteeltjes zijn behaard en heel kort. De witte bloemen hebben 5 bloemblaadjes, die enigszins ingesneden zijn; ze verschijnen van mei tot oktober. Gewoonlijk ontkiemt het zaad in de nazomer of herfst. De plant is één- of tweejarig en wordt maximaal 45 cm hoog.

 

 

 

 

 

 

 

Akkerhoornbloem

 

De AKKERHOORNBLOEM (Cerastium arvense) is weer een overblijvende plant. Ook dit is een vertakt, kruipend onkruid, maar onderscheidt zich van de reeds genoemde soorten doordat vaak in de oksels van de onderste bladeren groepjes blaadjes ontspringen. Alle bladeren zijn smal en donzig, met een lengte van 6-18 mm. De bloemen zijn naar verhouding groot (12-18 mm). Deze soort heeft de gewoonte wortels te vormen aan de knopen van de stengels die op de grond liggen, hetgeen resulteert in een zich steeds verder uitbreidende mat, wat in het gazon heel lastig kan zijn.

 

 

 

 

 

 

 

Viltige hoornbloem

 

Tenslotte hebben we dan nog de VILTIGE HOORNBLOEM (Cerastium tomentosum) die in onze tuinen verscheen als sierplant voor de rotstuin. Overal waar hij opduikt wordt het echter een onkruid dat met handenvol moet worden uitgetrokken om te voorkomen dat het door zijn uitbundige groei zijn buren verstikt. De plant heeft smalle, wit-viltige blaadjes en is in mei-juli overdekt met stervormige witte bloemen die 18-25 mm in doorsnee zijn en de gebruikelijk vijf ingesneden bloemblaadjes hebben. Hij wordt vanwege zijn rijke bloei in Engeland Sneeuw-in-de-zomer (Snow-in-summer) genoemd. Oorspronkelijk afkomstig uit Zuid-Europa en de Kaukasus.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Lange ereprijs : Veronica longifolia

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de rijk-bloemige trossen blauwe ereprijs bloemetjes aan het einde van de stengel én in de bovenste bladoksels

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Lange ereprijs is een beschermde, overblijvende plant van 60 tot 120 cm hoog, die groeit op natte, matig voedselrijke, zandige grond aan oevers en langs spoorwegen. Ze is plaatselijk vrij algemeen voor komend. Ze heeft ondergrondse uitlopers en groeit daardoor in pollen.

 

 

 

 

 

 

Bloem

 

Lange ereprijs bloeit in juli en augustus. De bloeiwijze is een rijk-bloemige, aarvormige tros aan het einde van de hoofdstengel en in de oksels van de bovenste bladeren. De bloemetjes zijn blauw, in de zon wat paarser.

 

 

 

 

 

 

Blad

 

De bladeren staan tegenover elkaar of in kransen van 3 of 4. Ze zijn onderaan het breedst, duidelijk gesteeld, met onregelmatig gezaagde, aan de voet dubbel gezaagde rand en aan beide zijden kaal of zeer kort behaard.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– weegbreefamilie (Plantaginaceae)
– overblijvend
– plaatselijk vrij algemeen
– ook verwilderd vanuit tuinen
– 60 tot 120 cm

Bloem
– blauw
– juli en augustus
– aarvormige tros
– stervormig
– 6 tot 8 mm
– 4 kroonbladen, vergroeid
– 4 kelkbladen
– 2 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– kruisgewijs tegenoverstaand
– enkelvoudig
– lancetvormig tot langwerpig
– top spits
– rand (dubbel) gezaagd
– voet afgerond of wigvormig
– veernervig

Stengel
– rechtop
– kort behaard
– rolron

zie wildebloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Knikkende distel : Carduus nutans

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de grote, helder roze, knikkende distelhoofdjes met fors, stekelig omwindsel

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Knikkende distel een overblijvende of tweejarige distel van 0,3 tot 2 meter hoog, die groeit op droge tot matig vochtige, kalkrijke, vaak omgewerkte grond. Ze brengt minstens één winter door als rozet en zodra ze vruchtjes gevormd heeft, sterft ze af. Ze is vrij algemeen voor komend in de Lage Landen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

De bloemhoofdjes van knikkende distel zijn tamelijk groot. Onder het hoofdje met buisbloemen zit het omwindsel, dat gelijk een spinnenweb behaard is en vaak rood-bruine kleur heeft. De omwindselbladen zijn voorzien van scherpe stekels, in het midden iets ingesnoerd en dan naar buiten gebogen.

 

 

 

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De smalle, glanzende, donkergroene, stekelige bladeren zijn veervormig ingesneden en lopen in gestekelde vleugels af langs de stengel. De onderkant van de bladeren is behaard, de bovenkant is kaal. De lange stengels zijn gelijk een spinnenweb behaard, onderaan gevleugeld, bovenaan kaal en gebogen.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– composietenfamilie (Asteraceae)
– overblijvend
– vrij algemeen tot ontbrekend
– 0,3 tot 2 m hoog

Bloem
– helder roze  buisbloemen
– juli en augustus
– hoofdje
– alleenstaand
– 2 tot 8 cm
– omwindselbladen stekelig, afstaand
en licht spinnenwebachtig behaard

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– veervormig ingesneden
– top stekelpuntig
– rand gestekeld
– voet aflopend
– veernervig

Stengel
– rechtop
– wit spinnenwebachtig behaard
– rolrond en onderaan gevleugeld

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

Kleine ooievaarsbek : Geranium pusillum

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de bleek lila of blauw-paarse, in paren staande bloemetjes met
– de van binnen gelige stempels en
– de in omtrek ronde, tot over de helft gespleten bladeren en
– stengels met alleen korte haren

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Kleine ooievaarsbek is een eenjarige, vaak breed uitgroeiende plant van 5 tot 40 cm hoog. Ze is zeer algemeen voorkomend in de Lage Landen. Ze groeit op open plaatsen met vochtige, voedselrijke, vaak omgewerkte grond.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Kleine ooievaarsbek bloeit vanaf mei tot de herfst met bleek lila of blauw-paarse bloemen, die paarsgewijs bij elkaar staan. De bloemen hebben 5 hartvormig ingesneden kroonblaadjes. De stempels zijn aan de binnenkant gelig van kleur. De stempels van zachte ooievaarsbek hebben de kleur van de kroonbladen.

 

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De stengels, blad- en bloemstelen zijn uitsluitend behaard met korte haren en naar boven toe ook met zeer kleine klierhaartjes. De bladeren zijn in omtrek rond en tot voorbij het midden gedeeld. De onderste bladeren staan in een rozet en verdorren gedurende de bloei.

 

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten met kleine (tot 10 mm) roze tot licht paarse bloemen
glanzige ooievaarsbek

gewone reigersbek
duinreigersbek
kleverige reigersbek

robertskruid
klein robertskruid

slipbladige ooievaarsbek
fijne ooievaarsbek

zachte ooievaarsbek
kleine ooievaarsbek
ronde ooievaarsbek

zeer zeldzaam in stedelijke gebieden en langs de binnenduinrand

2 van de 5 kroonbladen zijn iets kleiner met vlek
2 van de 5 kroonbladen zijn iets kleiner zonder vlek
5 gelijke kroonbladen zonder vlek, kleverige plant

donkergeel tot oranje stuifmeel
geel stuifmeel, stadsplant en daar zeldzaam

afstaand behaard, bovenste deel ook met klierharen
aangedrukt behaard zonder klierharen

helder roze stempels, stengels behaard met lange en korte haren
gele stempels, stengels behaard met alleen korte haren
kroonbladen zonder top-insnijding

 

 

 

glanzige ooievaarsbek

 

 

 

gewone ooievaarsbek

 

 

 

duin ooievaarsbek

 

 

 

robertskruid

 

 

 

klein robertskruid

 

 

 

slipbladige ooievaarsbek

 

 

 

fijne ooievaarsbek

 

 

 

zachte ooievaarsbek

 

 

 

ronde ooievaarsbek

 

 

 

Algemeen

 

– ooievaarsbekfamilie (Geraniaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen tot algemeen
– 5 tot 40 cm
– verspreiding

Bloem
– bleek lila of blauw-paars
– vanaf mei tot de herfst
– gesteeld, met 2 bij elkaar
– stervormig
– 2 tot 5 mm
– 5 ingesneden kroonbladen
– kroon niet vergroeid
– 5 kelkbladen, behaard
– 10 meeldraden
– 1 stijl met 5 stempels

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– handvormig gedeeld
– 5- tot 9-delig
– in omtrek rond
– top stomp
– rand getand
– handnervig
– behaard

Stengel
– liggend of opstijgend
– kort behaard, bovenaan ook met klierharen
– rolrond

zie wilde bloemen