Tagarchief: bloemetjes

 Gewone engelwortel : Angelica sylvestris

Standaard

categorie : Kamerplanten en bloemen

 

.

 

 

 

Goed te herkennen aan 
– de witte of enigszins roze schermen bestaande 15 tot 40 bolvormige deelschermen
– de bedauwde roze tot paars-bruine, rolronde, gegroefde stengels
– en de gootvormige bladstelen van de onderste bladeren

.

 

.

 

 

Algemeen

 

Gewone engelwortel is een zeer algemeen voorkomende, overblijvende, donkergroene, niet sterk ruikende plant van natte, voedselrijke grond aan waterkanten, in graslanden en lichte loofbossen. Ze wordt 90 tot 180 cm hoog. Vaak staan er vele planten bij elkaar.

 

 

 

 

Bloem

 

De bloeiperiode is vanaf juli tot in de herfst, soms tot het begin van de winter. De bloeiwijze is een scherm van 3 tot 15 cm breed, bestaande uit 15 tot 40 ronde deelschermen met kleine witte of rozeachtige bloemetjes. De bloemetjes hebben 5 even grote kroonbladen. Onder het samengestelde scherm zitten 3 omwindselbladen, die snel afvallen. Onder elk deelscherm zitten talrijke omwindselblaadjes. De schermstralen zijn zacht behaard.

.

 

 

 

 

Blad

 

De grote bladeren zijn 2- tot 3-voudig geveerd. De deelblaadjes zijn langwerpig, scherp gezaagd. De bovenste bladeren zijn vergroeid tot een bolvormige schede rond de jonge bloeiwijze. De wortelbladeren hebben een gootvormige steel, 1 van de verschillen met grote engelwortel.

 

 

 

 

Toepassingen

 

Gewone engelwortel werd vroeger gebruikt voor het maken van een slijmoplossend middel. Ook werden de jonge stengels en bladeren gekookt in zout water en als groente gegeten.

.

 

 

 

Vergelijkbare soorten  

 

gewone engelwortel

– scherm 3 tot 15 cm breed, 15 tot 40 stralen
– bloemen zijn 2 mm, wit of roze
– plant donkergroen, nauwelijks ruikend
– eindblaadjes ongedeeld, voet niet aflopend
– tot 1,8 meter hoog
– wortelbladeren met gootvormige stengel 

 

 grote engelwortel

– scherm tot 20 cm breed, 20 tot 40 stralen
– bloemen zijn 3 tot 4 mm, groenachtig wit
– plant lichtgroen, bij kneuzing sterk ruikend
– eindblaadjes vaak 3-delig met aflopende voet
– tot 2,5 meter hoog
– wortelbladeren met rolronde stengel

 

 

 

grote engelwortel

 

Naast de twee bovengenoemde soorten zijn er nog een aantal (zeer) algemeen voorkomende planten met witte schermbloemen, zoals fluitenkruid en gewone berenklauw.

.

 

fluitenkruid

 

 

 

Gewone berenklauw

.

 

 

Algemeen

– schermbloemenfamilie (Apiaceae)
– overblijvend
– zeer algemeen
– 90 tot 180 cm

Bloem
– wit of roze
– vanaf juli tot in de herfst
– meervoudig scherm
– 2 mm
– stervormig
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 5 meeldraden
– stijlen

Blad
– verspreid
– samengesteld
– 2- of 3-voudig oneven veervormig
– deelblaadjes eirond tot langwerpig
– top spits
– rand gezaagd
– voet afgerond
– veernervig

Stengel
– rechtop
– kaal
– bedauwd roze tot paarsbruin
– rond en gegroefd

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Pastinaak : Pastinaca sativa

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de gele platte schermen, bestaande uit kleine bloemetjes met naar binnen gerolde blaadjes en
– de geveerde bladeren

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Pastinaak is behaarde, rechtop groeiende, tweejarige plant met een kantig gegroefde stengel, die groeit op vochtige, voedselrijke, grazige grond langs wegen, op dijken en in de uiterwaarden, ook op omgewerkte grond in de duinen. Ze wordt 40 tot 100 cm hoog. Ze is algemeen voorkomend in de Lage Landen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit vanaf juli tot en met september met geurende gele bloemschermen, die bestaan uit 9 tot 20 ongelijke stralen. Het hoofdscherm is meestal groter dan de zijschermen. De bloemetjes zijn erg klein en hebben 5 naar binnen gerolde kelkblaadjes. De vruchtjes zijn plat en ovaal.

 

 

 

 

 

Bijzonderheden

 

De wortel heeft een crème-witte kleur en een anijsachtige smaak. De wortel was voor de introductie van de aardappel een belangrijk voedsel. Net als van een aantal andere schermbloemigen, zoals bv reuzenberenklauw, kan het sap van de plant tot huidverbranding leiden.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Vergelijkbare andere gele schermbloemigen zijn venkel en dille. Beiden zijn niet inheemse planten en worden gekweekt als keukenkruid. Zeer zelden kun je een verwilderd exemplaar treffen. Het verschil met pastinaak is gelijk te zien aan de bladeren. De bladeren van zowel venkel als dille zijn 3- tot 4-vouwdig geveerd met draadvormige slippen.

 

 

venkel

 

 

wortel venkel

 

 

 

dille

 

 

 

 

dille

 

 

 

 

Algemeen

 

– schermbloemenfamilie (Apiaceae)
– tweejarig
– algemeen tot zeldzaam voorkomend
– tot 100 cm hoog

Bloem
– geel
– vanaf juli t/m september
– scherm, 5 tot 20 stralen
– 1,5 mm
– stervormig
– 5 naar binnen gerolde kroonbladen
– 0 tot 2 omwindselblaadjes, die afvallen
– 5 meeldraden
– 2 stijlen

Blad
– verspreid
– samengesteld
– enkel, soms dubbel, geveerd
– eirond tot langwerpig
– top spits
– rand ongelijk gekarteld/gezaagd
– veernervig
– bovenkant vaak glanzend
– onderkant behaard tot kaal

Stengel
– rechtop
– behaard
– kantig, diep gegroefd

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Lange ereprijs : Veronica longifolia

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de rijk-bloemige trossen blauwe ereprijs bloemetjes aan het einde van de stengel én in de bovenste bladoksels

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Lange ereprijs is een beschermde, overblijvende plant van 60 tot 120 cm hoog, die groeit op natte, matig voedselrijke, zandige grond aan oevers en langs spoorwegen. Ze is plaatselijk vrij algemeen voor komend. Ze heeft ondergrondse uitlopers en groeit daardoor in pollen.

 

 

 

 

 

 

Bloem

 

Lange ereprijs bloeit in juli en augustus. De bloeiwijze is een rijk-bloemige, aarvormige tros aan het einde van de hoofdstengel en in de oksels van de bovenste bladeren. De bloemetjes zijn blauw, in de zon wat paarser.

 

 

 

 

 

 

Blad

 

De bladeren staan tegenover elkaar of in kransen van 3 of 4. Ze zijn onderaan het breedst, duidelijk gesteeld, met onregelmatig gezaagde, aan de voet dubbel gezaagde rand en aan beide zijden kaal of zeer kort behaard.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– weegbreefamilie (Plantaginaceae)
– overblijvend
– plaatselijk vrij algemeen
– ook verwilderd vanuit tuinen
– 60 tot 120 cm

Bloem
– blauw
– juli en augustus
– aarvormige tros
– stervormig
– 6 tot 8 mm
– 4 kroonbladen, vergroeid
– 4 kelkbladen
– 2 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– kruisgewijs tegenoverstaand
– enkelvoudig
– lancetvormig tot langwerpig
– top spits
– rand (dubbel) gezaagd
– voet afgerond of wigvormig
– veernervig

Stengel
– rechtop
– kort behaard
– rolron

zie wildebloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Trachycaprus, de Hennep palm

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

De Trachycarpus is een winterharde palm, die zelfs de Nederlandse winters buiten overleeft. Van nature groeit deze palm in het Himalaya gebergte op grote hoogte. De Nederlandse naam is Hennep palm. De plantenfamilie is Arecaceae (palmenfamilie)

 

 

320px-Trachycarpus_Fortunei

 

 

 

Trachycarpus onderhoud:

 

Water geven

 

Gedurende de zomer dient de Trachycaprus in een vochtige grond te staan. Vooral bij warme dagen, als de palm buiten staat, is dagelijks een flinke scheut water nodig. De grond mag niet uitdrogen in de zomer. Gedurende de winter is het juist beter om de grond droog te houden. Dit voorkomt vorstschade. Bij een standplaats binnen is het beter om gedurende de winter de grond licht vochtig te houden.

De hoeveelheid water is afhankelijk van verschillende factoren, zoals luchtvochtigheid en hoeveelheid licht, daarom is het verstandig om te beginnen met kleinere hoeveelheden water per gietbeurt. Is de grond binnen 2 dagen droog, geef dan iets meer water. Is de grond na 5 dagen nog steeds erg nat, geef dan minder water per keer. Indien de palm buiten staat en de plantenbak is voorzien van drainage gaten zal het overtollige water wegstromen.

 

 

 

Sproeien

 

Het is raadzaam maar niet noodzakelijk om wekelijks de Trachycaprus te sproeien. Vooral bij een standplaats binnen is regelmatig sproeien gewenst.

 

 

trachycarpus fortenei

 

 

 

Standplaats

 

De Trachycarpus wenst veel licht. Buiten kan de palm in de volle zon staan. Plaats deze palm niet in de volle wind, blad zal daardoor sneller afsterven. Een standplaats naast een schutting of muur is ideaal. Wanneer de Trachycarpus binnen staat, dan is minimaal 5 uur direct zonlicht per dag gewenst. Dit betekent dat de Trachycarpus tot 2 meter voor een raam op het zuiden mag staan, of voor een raam op het westen, oosten of noorden.

 

 

 

Minimale temperatuur

 

Overdag: – 12 °C
‘S nachts: – 18 °C

Bescherm de palm bij nachttemperaturen onder de 15 graden. Dit kan met een lichtslang of speciale winter- hoezen voor palmen.

 

 

 

Verpotten

 

Vooral buiten is het belangrijk een zo groot mogelijke pot te nemen voor de Trachycarpus. Hoe groter de wortelkluit wordt, hoe beter de palm bestand is tegen lage temperaturen. Daarnaast is er meer grond aanwezig wat vocht zal vasthouden. Hiermee is de kans op uitdroging kleiner. Gebruik een plantenbak welke 2x zo groot is als de wortelkluit. Bij potten met drainage gaten voeg je eerst een laag hydrokorrels op de bodem.

Vervolgens een laag palmengrond of universele potgrond. Daarop plaats je de wortelkluit en vervolgens kun je de bak vullen met grond tot dezelfde hoogte als de grond voorheen was. Verpot bij voorkeur in de lente. Gedurende die periode herstellen de wortels het snelst. Het is aangeraden om deze palm eens per 3 jaar te verpotten.

Ook is het raadzaam om de bovenste grondlaag elk jaar te vervangen. Trachycarpussen kunnen ook in de volle grond worden geplaatst. Graaf een diep gat, vul deze eerst met een zak hydrokorrels, vervolgens een laag verse aarde en plaats daarop de palm. Vul de grond aan met verse grond.

 

 

 

 

 

Voeding

 

Geef de Trachycarpus vaste voeding. Doseer nooit meer dan de verpakking aangeeft. Voeding in de herfst of winter is overbodig en kan zelfs schadelijk zijn.

 

 

 

Verkleurende bladeren

 

De onderste bladeren zullen op den duur verkleuren en lelijk worden. Dit is een natuurlijk proces en is helaas niet te voorkomen. Wanneer de palm zwarte bladpunten heeft, is dat waarschijnlijk een teken van overmatige watergift. Bruine of gele bladeren zijn eerder een teken van te weinig water. Ook kan de overgang van een schaduwrijke standplaats naar een zonnige locatie tijdelijk zorgen voor gele bladeren. De nieuwe bladeren zijn beter bestand tegen het directe licht.

 

 

 

Snoeien

 

De onderste bladeren van deze palmen worden op den duur minder mooi. Door deze naar beneden te buigen zijn de bladeren eenvoudig met en snoeischaar te verwijderen. Bruine punten mogen met een schaar geknipt worden. Kort de stam niet in, hierdoor zal de palm sterven.

 

 

trachycarpus fortenei groei

 

 

 

Vermeerderen

 

Trachycarpus palmen zijn alleen doormiddel van zaad te vermeerderen.

 

 

 

Bloemen

 

De Trachycarpus kan buiten tot bloei komen. Gele trossen met bloemetjes zullen onderaan de kruin verschijnen.

 

 

 

Giftig?

.

De Trachycarpus is niet giftig.

 

 

Ziektes

 

Dopluis kan voorkomen bij een Trachycarpus. Verwijder besmette bladeren en behandel de palm eventueel met een bestrijdingsmiddel

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “:

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

Kleine veldkers ; Cardamine hirsuta

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de kleine witte bloemetjes met 4 (soms 5) meeldraden en
– de 15 tot 25 mm lange vruchten, die ruim boven de bloemetjes  uitsteken

 

 

 

 

Kleine veldkers is een overblijvend, zeer algemeen voorkomend, eenjarig plantje, dat groeit op open, vochtige tot droge grond aan wegen en dijken, in tuinen, plantsoenen en in de duinen.

Ze wordt 5 tot 35 cm hoog en bloeit vanaf maart tot en met juni met kleine witte bloemetjes, die aan het einde van de stengel in een trosje bij elkaar staan.

Vanuit het rozet, gevormd door de onderste bladeren, komen één of meerdere stengels. De stengels en de bladeren zijn min of meer behaard. Hoger aan de stengel zitten meestal 2 tot 4 oneven geveerde bladeren met 5 tot 9 lijnvormige of langwerpige deelblaadjes. De deelblaadjes van de rozetbladeren zijn ronder.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

kruisbloemenfamilie (Brassicaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen
– 5 tot 35 cm

Bloem
– wit
– vanaf maart t/m juni
– tros
– stervormig
– 3 tot 4 mm
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 4 kelkbladen
– 4 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– bovenste verspreid
– onderste rozet
– samengesteld
– oneven veervormig
– top stomp
– rand gaaf
– veernervig
– verspreid behaard

Stengel
– rechtop
– niet of weinig vertakt
– kaal of weinig behaard
– meerkantig

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

Herderstasje ; Capsella bursa-pastoris

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

capsella-bursa-pastoris09-gewoon_herderstasje11-wl

 

 

 

Goed te herkennen aan

de kleine, 4-tallige, witte bloemetjes en de hartvormige vruchtjes

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Herderstasje is zeer algemeen voorkomende eenjarige plant, die bloeit van maart tot en met december met onopvallende losse trosjes witte bloemetjes. Ze wordt 5 tot 60 cm hoog. Herderstasje is een echte pioniersplant en groeit overal en nergens, als het maar zonnig is. Ze verdwijnt zodra de grond in cultuur is gebracht.

 

 

 

 

 

Bijzonderheden

 

De naam heeft de plant gekregen dankzij de vorm van de vruchten, hartvormige hauwtjes die lijken een ouderwets leren tasje, dat herders vroeger bij zich droegen.

 

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

Vanuit een bladrozet groeien 1 of meerdere stevige, licht behaarde stengels. Tijdens de bloei groeit de stengel door. Net als de stengel zijn ook de stengel- en rozetbladeren behaard. Je hebt er wel een loep voor nodig om ze te zien.

 

 

 

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

In de volksgeneeskunde heeft herderstasje een goede reputatie. Ook in de traditionele Chinese geneeskunde en de Ayurveda wordt herderstasje gebruikt. Het heeft onder andere een regulerende werking op de bloeddruk en is bloedstelpend.

 

 

herderstasje

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

herderstasje : driehoekige vruchten.

vroegeling : gespleten kroonbladen en brede, platte vruchten, rozetbladeren gaaf of getand.

 

 

 

 

 

 

zandraket : lange, smalle, schuin afstaande vruchten, rozetbladeren gaaf of getand.

 

 

 

 

 

 

kleine veldkers : lange, smalle, rechtop staande vruchten, die boven de bloemen uitkomen, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

 

 

bosveldkers : lange, smalle, rechtop staande vruchten, die niet of nauwelijks boven de bloemen uitkomen, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

 

klein tasjeskruid : ongelijke kroonbladen, eironde, platte, haaks afstaande vruchten, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

Algemeen

 

– kruisbloemenfamilie (Brassicaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen voorkomend
– 5 tot 60 cm hoog

Bloem
– wit
– vanaf maart t/m december
– tros
– stervormig
– circa 5 mm
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 4 kelkbladen, vaak wat rood   aangelopen
– 6 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– rozet en verspreid aan de stengel
– enkelvoudig
– gaafrandig tot veerdelig
– rozetbladeren lancetvormig
– stengelbladeren langwerpig,   stengelomvattend
– top spits
– voet stengelblad pijlvormig
– veernervig
– behaard

Stengel
– rechtop
– licht behaard
– nauwelijks vertakt
– rond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

 

 

 

Vroegeling : Erophila verna

Standaard

Vroegeling : Erophila vernacategorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

IMG_2906-m.vroegeling

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de vroege bloei en
– het kleine bladrozet en
– de tere kleine witte bloemetjes met 4 gespleten kroonbladen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Vroegeling is een tenger eenjarige plantje van 3 tot 15 cm hoog. Ze komt zeer algemeen voor op open, droge zandgrond, zoals in plantsoenen, bermen, open grasland en tussen bestrating. In de kustprovincies is ze wat minder algemeen.  Vroegeling kiemt in het najaar en gaat als rozet de winter door. In het vroege voorjaar verschijnen de bloemetjes en voor de zomer zijn de zaden al gevormd. Dan sterft het plantje af en zullen in het najaar de zaden ontkiemen.

 

 

 

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit vanaf februari tot en met mei met witte bloemetjes, die op onbebladerde, gladde stelen staan. De bloemetjes hebben vier diep gespleten kroonblaadjes. Vaak komt de plant massaal voor op haar groeiplaats. Deze krijgt dan vroeg in het jaar een witte waas van al die kleine bloemetjes. Voor sommige mensen is dit een teken dat het voorjaar eraan komt. Als de vruchtjes opengaan geven de witte tussenschotten weer een opvallend witte waas over de plantjes.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Naast vroegeling zijn er nog 5 andere (zeer) algemeen voorkomende, vroege voorjaarsbloeiers met 4-tallige, kleine witte bloemetjes en een bladrozet.

 

 

 

herderstasje : driehoekige vruchten.

 

 

 

 

 

 

 

vroegeling : gespleten kroonbladen en brede, platte vruchten, rozetbladeren gaaf of getand.

 

 

 

 

 

 

 

zandraket : lange, smalle, schuin afstaande vruchten, rozetbladeren gaaf of getand.

 

 

 

 

 

kleine veldkers : lange, smalle, rechtop staande vruchten, die boven de bloemen uitkomen, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

 

 

bosveldkers : lange, smalle, rechtop staande vruchten, die niet of nauwelijks boven de bloemen uitkomen, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

 

 

 

klein tasjeskruid : ongelijke kroonbladen, eironde, platte, haaks afstaande vruchten, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– kruisbloemenfamilie (Brassicaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen voorkomend
– 3 tot 15 cm

Bloem
– wit
– vanaf februari t/m mei
– tros
– stervormig
– 3 tot 5 mm
– 4 diep ingesneden kroonbladen
– kroon niet vergroeid
– 4 kelkbladen, behaard
– 6 meeldraden

Blad
– rozet
– enkelvoudig
– lancetvormig
– top spits
– rand gaaf of getand
– voet gevleugeld
– veernervig
– zacht behaard

Stengel
– rechtop
– glad en kaal of verspreid behaard
– rolrond
– onbebladerd

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria