categorie : Boodschappen uit de kosmos
.
.
Pasteltekening van John Astria
.
.
ZONDER EEN TIJD VAN GENADE HADDEN ER NOOIT
.
HEILIGEN KUNNEN BESTAAN
.
.
WITHOUT A TIME OF GRACE THERE COULD NEVER HAVE BEEN SAINTS
.
.
.
.
De onrust neemt nog meer toe wanneer we ons realiseren hoeveel geweld we zelfs in de Bijbel ontmoeten. Druipt Israëls geschiedenis vaak niet van bloed? En staat het Oude Testament niet vol met oordeelsaankondigingen die ons met huiver vervullen? In dit artikel staan we stil bij wat professor Eric Peels, de oudtestamenticus van de TU Apeldoorn, over God en geweld schrijft.
Peels wijst er terecht op dat niet alle geweld hetzelfde is. Er is geweld dat door en door slecht is, dat uitsluitend het eigenbelang zoekt en de ander minacht. Maar er is ook antigeweld dat er juist op uit is het kwaad te keren en de ander tot zijn recht te laten komen. Het geweld dat terroristen hanteren, is iets anders dan wanneer de ME met harde hand de openbare orde herstelt.
De hele wereld van geweld kom je ook in de Bijbel tegen. Daarin is de Bijbel zeer actueel: hij gaat niet voorbij aan de rauwe werkelijkheid. En voor alle slachtoffers van kwaadaardig geweld mag het troostvol zijn dat de God van de Bijbel ook met het geweld van doen heeft. De beulen zullen het uiteindelijk niet winnen.
Zeker als je de ‘geweldteksten’ in het Oude Testament op zich bekijkt. Men kan zich de vraag stellen of dat wat
er bijvoorbeeld met Sodom en de inwoners van Jericho gebeurt, te rijmen is met een God van liefde. Maar dan vergeet je – wat Peels noemt – de grondlijn en doe je geen recht aan heel het Oude Testament. Deze grondlijn is die van recht en vrede. God laat zijn door de zonde verworden wereld niet los, maar werkt dwars tegen het kwaad in naar zijn wereld van recht en vrede.
Om tot die wereld te komen moet Hij soms onvermijdelijk ook gebruik maken van geweld. Antigeweld om het kwaad in te dammen, af te straffen en weg te doen. Sodom wordt omgekeerd. Jawel, maar Gods geweld is hier duidelijk antigeweld: de klachten over de praktijken van Sodom riepen om zijn ingrijpen (vgl. Gen. 18:20). En bij de inwoners van Kanaän was het niet anders (vgl. Gen. 15:16).
Wie denkt dat het Oude Testament geweld verheerlijkt, gaat eraan voorbij dat het een verstrekkende antigeweldboodschap bevat. Juist in tegenstelling met religieuze teksten uit de oude wereld rondom Israël. In een cultuur van grenzeloze wedervergelding (Lamech, 77 keer, Gen. 4) zegt God: slechts één oog voor een oog, slechts één tand om één tand (Lev. 24:20).
Frappant is hoezeer de profeten Israëls koningen om hun geweld ter verantwoording roepen. David mag Gods huis niet bouwen, nota bene omdat hij ‘een man van bloed’ is.
Maar wat het Oude Testament zegt over Gods antigeweld en zijn afkeer van onrechtmatige agressie, brengt ons vragend hart niet tot rust. Integendeel, het roept extra spanning op. Want hoe is dat alles dan te rijmen met een voor ons gevoel buitensporig goddelijk geweld bij de omkering van Sodom, de zondvloed, de uitroeiing van Amalek en in schrikbarende oordeelsprofetieën als Amos 4? Als de Here een God van liefde is, kan dit toch niet.
Is het ook niet in strijd met die grondlijn die we ontdekten in het Oude Testament? Peels wijst erop dat er
zich in het denken van moderne mensen over God een ingrijpende verandering heeft voltrokken. Je kunt spreken van een metamorfose in het godsbeeld. Het is van kleur verschoten, zachter en lichter geworden. God is niet meer de Koning, de Rechter, de Wreker.
Het accent komt te liggen op zijn barmhartigheid, liefde en genade. Deze metamorfose past goed in een cultuur die voorrang geeft aan de mondige mens met zijn keuzevrijheid en zelfontplooiing. Geloof moet passen bij de mens en aansluiten bij de eigen ervaring. Waar vorige generaties bijbellezers weinig problemen hadden met al het geweld in de Schrift, roept dit thans problemen op doordat het beeld dat men van God heeft, veranderd
is.
Diep in het Oude Testament is de verkondiging verankerd van de barmhartige God die liefde is en die daarom ook zo ontzagwekkend kan toornen. Hij, die het recht en de gerechtigheid liefheeft, blijft niet onbewogen bij de schending daarvan. In een eerdere studie wees Peels op Gods heilige naijver (vgl. Ex. 34:14; Deut. 5:9; Nah. 1:2), die niet duldt dat Hem tekort wordt gedaan.
Wat de Schrift daarover zegt, dient ook ons beeld van God te bepalen, want het gaat hier om iets wat zeer wezenlijk voor onze God is. Wanneer wij denken: dit is voor ons gevoel buitensporig, moeten we bescheiden zijn. Daarvoor is de demonische werkelijkheid van het kwaad te groot en de ondoorgrondelijkheid van de God van de Bijbel te groot.
De geweldteksten in het Oude Testament openen onze ogen voor wie de God van liefde ook is, en wie wij mensen zijn. Hij is de totaal Andere, de Heilige die geen geweld uitoefent om het geweld, maar bij wie geweld op de een of andere manier steeds weer heeft te maken met zijn afschuw van het kwaad. Zijn geweld staat in het brede kader van zijn gerechtigheid, en dient het herstel van vrede en recht.
De kerk heeft altijd ook het Oude Testament als Gods gezaghebbend Woord vastgehouden. Vanzelfsprekend is dit niet. Juist de geweldteksten gaven aanleiding voor de roep om het Oude Testament af te schaffen. De ketter Marcion maakte in de tweede eeuw reeds korte metten met het Oude Testament. De God van toorn en geweld is niet de Vader van Jezus Christus.
Het Nieuwe Testament verkondigt ons een andere God, de God van liefde en vrede. Nog altijd spookt de geest van deze ketter rond wanneer het gaat om het beeld van God waaraan moderne mensen (soms ook christenen) de voorkeur geven. Peels wijst erop dat er geen tegenstelling is tussen de beide testamenten op dit punt. De
nieuwtestamentische auteurs hebben helemaal geen kritiek op het Oude Testament.
Integendeel, zij citeren het en halen zelfs woorden uit de vloekpsalmen aan. Jezus gebruikt soms in zijn waarschuwingen voor de hel de taal van het geweld. Het Lam blijkt ook een Leeuw te zijn. De gemeente wordt op het hart gebonden dat onze God ‘een verterend vuur’ is (Heb. 12:29). In het Nieuwe Testament wordt pas goed duidelijk hoezeer Gods toorn over afkerige mensen gaat (Joh. 3:36; Rom. 1:18).
Gods toorn is duidelijk te lezen in de Openbaring, een boek dat vol is van het geweld dat de toorn van God en van het Lam over onze wereld brengt. Er is geen tegenstelling tussen het Oude en het Nieuwe Testament, wel een verschil, zo schrijft Peels. Het verschil is niet een ánder godsbeeld. Wel is het zo dat vrede en verzoening
in het Nieuwe Testament meer nadruk krijgen.
In Hem is de wereld van vrede definitief doorgebroken en reikt God met het evangelie de hand aan alle volken. De kerk behoeft niet meer met geweld haar erfenis te bevechten, maar strijdt nu met het Woord, terwijl ze biddend uitziet naar de dag waarop God aan al het geweld van mensen een einde maakt en zijn vrede voorgoed aanbreekt.
De bijdrage van professor Peels laat de lezer zien hoe actueel deze bijdrage is. Hier wordt echt een ‘heet hangijzer’ aangepakt en worden we verder geholpen als het gaat om de vraag wat we aanmoeten met de ‘geweldteksten’ in het Oude Testament, en hoe een God van liefde ook ‘verwoesting’ op aarde kan aanrichten (vgl. Ps. 46:9).
Peels’ bijdrage komt in de prediking te weinig aan bod, terwijl een kerkganger er best mee zit en in de
theologie van vandaag is het thema ‘God en het geweld’ volop aan de orde. Peels’ bijdrage is beperkt. Dat kon ook niet anders. Het recht doen van God aan verdrukten, dat ook in het Oude Testament zo sterk naar voren komt, blijft onderbelicht.
De beulen zullen het uiteindelijk niet winnen omdat God recht zal doen. Wat Peels schrijft, vormt een belangrijke aanzet om af te rekenen met het kwellende idee dat in het Oude Testament de bron van veel geweld en
agressie ligt.
Het is moeilijk om te groeien in het geloof zonder de juiste antwoorden. Je moet er doelgericht moeite voor doen om Gods karakter te leren kennen en begrip te ontwikkelen voor wie Hij is. Het vergt toewijding om de antwoorden te vinden op de belangrijkste vragen over God.
Een van de bekendste Bijbelteksten is Johannes 3:16:
“Want God had de wereld zo lief dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.”
Dit vers geeft veel inzicht in het karakter van God. Zijn karakter bestaat niet uit haat of boosheid, maar uit liefhebbende opoffering. Hij wil zegenen in plaats van vervloeken. Hij heeft dit laten zien toen Hij Zijn Zoon gaf om als offer te sterven voor de zonden van de mens, zodat de mensen niet zelf de prijs hoefden te betalen. Dat is liefde. God Zelf is alles waar liefde voor staat.
“Wie niet liefheeft kent God niet, want God is liefde” (1 Johannes 4:8).
Om Gods karakter te kennen moeten mensen Hem willen kennen, Hem zoeken middels gebed, Hem aanbidden en de Bijbel bestuderen. Ze moeten godvruchtig onderricht en mentorschap opvolgen en rustig luisteren naar Zijn stem wanneer Zijn geest tot hun geest spreekt. Je zou moeten ontevreden zijn totdat je God kent, hoe Hij is, wat Hij graag wil, wat Hij niet wil, wat Hij gezegd heeft en wat Hij niet gezegd heeft.
Wanneer je Gods persoonlijkheid kent, weet je ook dat God heilig is. Als je weet en begrijpt wat het betekent om heilig te zijn, begrijp je dat God hoge maatstaven hanteert.
Matteüs 5:17-19 : “Denk niet dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen. Ik ben niet gekomen om ze af te schaffen, maar om ze tot vervulling te brengen. Want voorwaar, Ik zeg u: eerder nog zullen hemel en aarde vergaan, dan dat één jota of haaltje vergaat uit de Wet, voordat alles geschied is. Wie dus een van die voorschriften, zelfs het geringste, opheft en zo de mensen leert, zal de geringste geacht worden in het Rijk der hemelen. Maar wie ze onderhoudt en leert, zal groot geacht worden in het Rijk der hemelen.”
Jezus vertelt ons dat Hij ons grootste probleem opgelost heeft, namelijk de vervulling van de vereisten van Gods wet. Wat voor mensen onmogelijk is, heeft Jezus gedaan. Maar, Hij zegt ons ook dat we een gezonde geestelijke leefwijze moeten hebben als we Hem willen volgen. Hebben we die niet, dan onteren wij God. Als we echter in overeenstemming leven met Gods plan, dan eren wij Hem en plaatsen wij Hem op de troon van ons hart.
“Wees dus volmaakt, zoals jullie hemelse Vader volmaakt is.” (Matteüs 5:48).
Ook dat is een onmogelijkheid. Maar God is bereid om ons ons hele leven lang te onderwijzen zodat we Hem steeds naderbij komen. Het gaat er om dat we er naar streven om meer zoals Hem te zijn, en als we dat proberen, leidt Hij ons verder vooruit.
Hebreeën 12: 5-7 vertelt ons dat God onze Vader is en dat wij Zijn kinderen zijn. De tekst leert ons dat zoals wij onze kinderen terechtwijzen, onze Vader ook ons terechtwijst:
“‘Mijn zoon, je mag een vermaning van de Heer nooit terzijde schuiven en nooit opgeven als je door hem terechtgewezen wordt, want de Heer berispt wie hij liefheeft, straft elke zoon van wie hij houdt.’ Houd vol, het betreft hier immers een leerschool, God behandelt u als Zijn kinderen.”
Kinderen van God hoeven niet bang te zijn voor de Heer. Hij is er niet op uit om hen val te brengen, en Hij zit ook niet te wachten op een gelegenheid om hen te veroordelen. God is een goede Vader die het beste wil voor Zijn kinderen (Psalm 100).
Hij weet dat er in deze wereld dingen zijn die Zijn volk zullen schaden wanneer ze zich daarmee bezig houden. Die dingen vinden we aantrekkelijk en worden verleidingen die de vijand (Satan) gebruikt om mensen weg te lokken van God (1 Korintiërs 10:13).
Daarom berispt God ons voor onze eigen bestwil en waarschuwt ons om te leren van Zijn terechtwijzing om ons te laten delen in Zijn heiligheid (Hebreeën 12:10).
Een begrip van het doel van Gods berispingen openbaart Zijn liefdevolle karakter en brengt kracht en rust in het leven van een gelovige. (Hebreeën 12: 11):
“Een vermaning lijkt op het moment zelf geen vreugde te brengen, slechts verdriet, maar op den duur plukt wie erdoor gevormd is er de vruchten van: een leven in vrede en gerechtigheid.”
“De Heer berispt wie hij liefheeft” (Hebreeën 12:6).
Gods tucht is een realiteit. Maar Zijn liefde is dat ook. Gods terechtwijzingen zijn genade. Door Zijn terechtwijzingen leren we om schade te voorkomen op geestelijk, emotioneel, relationeel en zelfs lichamelijk gebied. Titus 2:11-13 :
“Gods genade is openbaar geworden tot redding van alle mensen. Ze leert ons dat we goddeloze en wereldse begeerten moeten afwijzen en bezonnen, rechtvaardig en vroom in deze wereld moeten leven, in afwachting van het geluk waarop wij hopen: de verschijning van de majesteit van de grote God en van onze redder Jezus Christus.”
Jezus heeft onze zonden bedekt en de boete voor die zonden betaald middels Zijn dood en opstanding. Hij heeft ons gered. Daarom passen de berispingen die wij krijgen niet bij de misdrijven die we plegen. Wie dat beseft valt op zijn knieën in nederigheid.
Door Zijn genade gaan we nog meer van Hem houden en valt onze liefde voor de wereld en al haar verlokkingen weg. Het resultaat daarvan is dat we een leven gaan leiden dat beter aansluit op Gods roeping en plan.
Gods genade is Zijn gunst op onze levens. Hij is vóór ons, en daarom kan niets tegen ons zijn (Romeinen 8:31). Hij loopt op elk moment van elke dag met ons mee. Hij is liefde. Zijn boosheid is rechtvaardig en komt als terechtwijzing in onze levens tot uiting.
Hij zal alle mensen op hun daden beoordelen, maar dat gebeurt pas na dit leven. Daarom leven wij tot dat moment in Zijn liefde en genade en leren van Zijn tucht, zodat wij op de dag van het oordeel Zijn liefdevolle stem zullen horen zeggen:
“Voortreffelijk, je bent een goede en betrouwbare dienaar” (Matteüs 25).
Zo leert Jezus in de bergrede:
Bidt en u zal gegeven worden; zoekt en u zult vinden; klopt en u zal opengedaan worden (Matteüs 7:7).
We moeten bidden, zoeken en kloppen hier opvatten als een continue actie, niet als een eenmalige handeling. Jezus vertelt hier niet dat een eenmalig gebed voldoende is om te krijgen wat je wil hebben, maar dat wie verhoord wil worden, voortdurend tot God moet smeken.
Niet dat God anders niet zou luisteren, of niet de moeite zou willen nemen op zo’n verzoek in te gaan. Maar door voortdurend op de zaak terug te komen, toon je dat het je inderdaad ter harte gaat, en je leert je ook af te vragen of je zelf de zaak echt wel zo belangrijk vindt.
Dat is ook de betekenis van zijn gelijkenis over de ‘onrechtvaardige rechter’ (Lucas 18:1-8). Ook daar gaat het om blijven volharden en dag en nacht tot God roepen. Evenzo is zoeken niet even rondkijken maar net zolang blijven zoeken, tot je het gevonden hebt, zoals de herder in de gelijkenis van het verloren schaap (Lucas 15).
En dat kloppen is ook niet maar een bescheiden klopje op de deur, maar er net zolang op blijven bonzen tot er eindelijk iemand open doet: zoals Petrus toen hij voor de deur stond en de slavin Rhode hem vergat binnen te laten (Handelingen 12:16).
Paulus betoogt dat de Wet niet kan redden, en daar ook nooit voor bedoeld was. De Wet liet de Israëlieten zien dat ze tekortschoten. Redding is er alleen door het verlossingswerk van Christus. Maar de apostel is kennelijk voor de voeten geworpen dat zo’n standpunt er op neer komt dat het dan helemaal niet meer uit zou maken hoe we leven; wanneer we eenmaal verlost zijn, zouden we die hele Wet dan aan onze laars kunnen lappen, en alles doen wat God verboden heeft.
Dat is uiteraard een drogreden, maar wel een verleidelijke, omdat de aard van de denkfout niet onmiddellijk duidelijk is. Paulus geeft het antwoord in twee ‘etappen’. Het argument van zijn tegenstanders was in feite dat je dan, door te zondigen, God de kans zou geven des te meer genade te tonen. Dat formuleert hij als volgt:
Betekent dit nu dat we moeten doorgaan met zondigen om de genade te laten toenemen? Dat in geen geval. Hoe zouden wij, die dood zijn voor de zonde, nog in zonde kunnen leven? (vs 1-2).
Hij legt dan uit dat de doop een symbolisch sterven met Christus is, waar je als een volkomen nieuwe mens weer uit op dient te staan. Wie dan maar doorgaat met zijn oude leven, is geen nieuwe mens, en dus niet in Christus. En die oude mens was en is niet verlost.
We kunnen niet doorgaan met ons oude leven, zelfs niet met als argument dat we daarmee God de gelegenheid zouden geven meer genade te betonen. Maar we zouden toch in elk geval niet zo verschrikkelijk ons best hoeven te doen, want onze fouten worden ons toch wel vergeven omdat we nu recht hebben op Gods genade:
Betekent dit nu dat we zonder bezwaar kunnen zondigen omdat we toch niet onder de wet staan, maar onder de genade leven? Absoluut niet (vs 15).
Dat argument bestrijdt hij door erop te wijzen dat wij zijn als slaven die uit het eigendom van de ene meester (de zonde) zijn losgekocht, en zijn overgegaan in eigendom van een andere meester (gehoorzaamheid). En een slaaf is nu eenmaal verplicht zijn huidige heer met alle loyaliteit te dienen. Hij kan zich niet permitteren af en toe nog wat bij te klussen voor zijn vroegere meester: het is alles of niets! In hoofdstuk 8 zal hij dan uitleggen dat aankomt op onze mentaliteit, die hij aanduidt als de geest of de gezindheid van Christus.
We moeten ons er goed van bewust zijn dat het hier gaat om hetwillens en wetens zondigen. Paulus zegt niet dat Gods genade begrensd is, maar dat wij van onze kant wel de plicht hebben ons best te doen. Wij kunnen niet maar onze gang gaan en vervolgens een beroep doen op Gods genade.
Dat was nu juist het argument van zijn tegenstanders in die zin dat zij hem die opvatting in de schoenen schoven, om er dan vervolgens op te wijzen dat een dergelijke opvatting te zot voor woorden is, en dat Paulus dus onzin verkondigde. Wat Paulus in werkelijkheid bestreed, was de opvatting dat je alleen behouden kon worden door het stipt in acht nemen van de Wet, dus precies het tegenovergestelde.
Zijn tegenstanders proberen zijn leer tot in het belachelijke door te trekken, om die dan als absurd ter zijde te kunnen schuiven. Paulus probeert hier niet de omvang van Gods genade in te perken, maar bestrijdt het valse argument dat je er dan zonder bezwaar op los zou kunnen leven.
Na zijn uitspraak over bidden, vinden en kloppen in de bergrede vermaant Jezus zijn gehoor:
Gaat in door de enge poort, want wijd is de poort en breed de weg, die tot het verderf leidt, en velen zijn er, die daardoor ingaan; want eng is de poort, en smal de weg, die ten leven leidt, en weinigen zijn er, die hem vinden (Matteüs 7:13-14)
Wanneer we, met bovenstaande taalles in ons achterhoofd, eens naar de werkwoordsvormen kijken, constateren we het volgende:
Jezus zegt, ‘zoekt en u zult vinden’ waarmee hij bedoelt dat men daar continu, zijn hele leven lang, mee bezig moet zijn om dan aan het eind voor de goede poort te staan. Maak niet de fout achter de grote massa aan te lopen, want die gaan met zijn allen juist door de verkeerde poort naar binnen.
De groep die bereid is serieus op zoek te gaan, zal maar uit weinigen bestaan, dus wees je daar van bewust. Het argument dat ‘zoveel miljoenen die zich gelovigen noemen kunnen het toch niet allemaal mis hebben’ is letterlijk levensgevaarlijk. Het kan niet alleen, het zal zelfs met zekerheid zo zijn, want Jezus vertelt ons dat hier. Wij moeten voortdurend blijven zoeken en dan zullen we ook vinden. Want ook dat heeft Hij ons met nadruk verzekerd.
Genesis zegt herhaaldelijk dat wij geschapen zijn naar Gods eigen beeld (Genesis 1:27). Het Hebreeuwse woord voor evenbeeld (“tselem”) laat zich vertalen als een schets of weergave van een origineel, omdat een schaduw de schets van het origineel is.
Alleen mensen zijn geschapen naar de gelijkenis van God. Hoewel God niet beperkt is tot een menselijke vorm, deelt de onvolmaakte en eindige mens in Gods natuur, met overdraagbare eigenschappen zoals leven, waarheid, wijsheid, liefde, heiligheid, persoonlijkheid en rechtvaardigheid. Wij hebben het vermogen om een geweldige geestelijke relatie met Hem te hebben, en daardoor krijgen wij inzicht.
Pasteltekening van John Astria
In Genesis 32:25-30 bleef Jakob, de vader van de twaalf stamvaders van Israël, kreupel achter na een worsteling met God. Jakob noemde die plaats Peniël, want, zei hij :
‘ik heb oog in oog gestaan met God en ben toch in leven gebleven’ (Genesis 32:31).
God kwam zo dicht bij Jakob als mogelijk was, de handen van de Schepper rustten letterlijk op hem.
Toen Mozes God ontmoette als een brandende struik, durfde hij niet naar God te kijken (Exodus 3:6). Zelfs de innige relatie tussen Mozes en God waarin de Heer “van aangezicht tot aangezicht” sprak (Deuteronomium 34:10) kende beperkingen.
Op het moment dat hij Gods heerlijke aanwezigheid zocht, werd Mozes er aan herinnerd :
“Mijn gezicht zul je niet kunnen zien, want geen mens kan Mij zien en in leven blijven” (Exodus 33:11).
Van aangezicht tot aangezicht duidt op intieme gesprekken tussen twee goede vrienden. Dit wederzijdse vertrouwen maakte het hen mogelijk om eerlijk en open met elkaar te praten (Deuteronomium 12:6-8).
De voorbeelden uit het Oude Testament ten aanzien van Gods uiterlijk richtten zich op Zijn heerlijkheid en hemelse aanwezigheid, die verblijft in door Hem verkozen objecten:
de Tabernakel (Numeri 12:5; 16:19, 17:7),
een wolkkolom
en een vuurzuil (Numeri 14:14).
In het Nieuwe Testament openbaart God Zichzelf door aan ons te verschijnen middels Zijn vleesgeworden Zoon, Jezus Christus.
In antwoord op de vraag hoe dat God er uit ziet zond Hij een kind naar deze wereld :
“Beeld van God, de Onzichtbare, is Hij (Christus), in Hem heeft heel de Volheid willen wonen” (Kolossenzen 1:15, 1:19).
Er worden nergens specifieke uiterlijke kenmerken van dit Kind genoemd, alleen specifieke omstandigheden. Het lag in een kribbe, gewikkeld in lappen met een ster boven een huis. Maar de herders en wijzen herkenden Jezus onmiddellijk toen zij de Levende God verheerlijkten, prezen en aanbidden:
“In Hem schittert Gods luister, Hij is Zijn evenbeeld.” (Hebreeën 1:3).
Met onvoorwaardelijke liefde en genade schiep God ons naar Zijn eigen evenbeeld terwijl Hij ons een glimp van Zichzelf deed opvangen in Jezus Christus.
“Niemand heeft God ooit gezien, maar de enige Zoon, die Zelf God is, die aan het hart van de Vader rust, heeft Hem doen kennen” (Johannes 1:18).
In de Bergrede vertelt Jezus ons:
“Gelukkig wie zuiver van hart zijn, want zij zullen God zien” (Matteüs 5:8).
Misschien kunnen we Gods gezicht dan nu nog niet helemaal zien, maar Hij beziet ons in alle volheid met onuitputtelijke liefde.
.
.
.
Bescherming, begeleiding, zuivering, loslaten van het verleden, voor kracht, bij hulpeloosheid en wanhoop, bij zelftwijfel, voor groei van het zelfvertrouwen, tegen nachtmerries, voor overwinnen angsten, voor rechtvaardigheid, voor hulp bij problemen, bij stervensbegeleiding, …
.
.
.
.
.
Heer, ontferm U over ons. Christus, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons. Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons. God,
Hemelse Vader, ontferm U over ons.
God Zoon, Verlosser van de wereld, ontferm U over ons.
God Heilige Geest, ontferm U over ons.
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons.
Heilige Maria, Koningin der Engelen, bid voor ons,
Heilige Aartsengel Michaël,
Heilige Michaël, zeer verheven opperhoofd der hemelse heerscharen,
Heilige Michaël, verdediger van de heilige Stad,
Heilige Michaël, sterk en machtig in de strijd,
Heilige Michaël, beschermer van de H. Kerk,
Heilige Michaël, prins van de uitverkorenen,
Heilige Michaël, schrik van de hel,
Heilige Michaël, die de duivels verjaagt,
Heilige Michaël, door God uitverkoren om onze beschermer te zijn,
Heilige Michaël, die aan de storm gebiedt,
Heilige Michaël, hulp der christenen,
Heilige Michaël, brandend van ijver voor de glorie Gods,
Heilige Michaël, die de zielen uit het vagevuur vertroost,
Heilige Michaël, die tegenwoordig zijt bij ons oordeel,
Heilige Michaël, die ons steeds en overal beschermt,
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U over ons.
Bid voor ons, Heilige Aartsengel Michaël. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.
Laat ons bidden,
Almachtige en eeuwige God, die de Heilige Michaël hebt aangesteld als bewaker van de Heilige Kerk en opperhoofd van het paradijs, verleen genadig door zijn voorspraak: aan de Heilige Kerk voorspoed en vrede, aan ons Uw genade in dit leven en de glorie in de eeuwigheid.
Door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.
.
.
.
Heer, ontferm U over ons, Christus, ontferm U over ons,
Heer, ontferm U over ons, Christus, hoor ons,
Christus, verhoor ons,
God, Hemelse Vader, ontferm U over ons,
God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U over ons,
God, Heilige Geest, ontferm U over ons,
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons,
Heilige Maria, Koningin der Engelen, bid voor ons,
Heilige Michaël, bid voor ons.
Heilige Michaël, vervuld met de wijsheid van God, bid voor ons.
Heilige Michaël, volmaakte aanbidder van het mensgeworden Woord, bid voor ons.
Heilige Michaël, gekroond met eer en heerlijkheid, bid voor ons.
Heilige Michaël, de machtigste vorst van de legers des Here, bid voor ons.
Heilige Michaël, vaandeldrager van de Heilige Drievuldigheid, bid voor ons.
Heilige Michaël, behoeder van het paradijs, bid voor ons.
Heilige Michaël, gids en trooster van het volk van Israël, bid voor ons.
Heilige Michaël, glorieuze vesting van de strijdende Kerk, bid voor ons.
Heilige Michaël, eer en vreugde van de triomferende Kerk, bid voor ons.
Heilige Michaël, licht van Engelen, bid voor ons
Heilige Michaël, bescherming van de orthodoxe gelovigen, bid voor ons.
Heilige Michaël, kracht voor hen die strijden in de naam van het Heilige Kruis, bid voor ons.
Heilige Michaël, licht en het vertrouwen van de zielen in het uur van de dood, bid voor ons.
Heilige Michaël, onze voortdurende helper, bid voor ons.
Heilige Michaël, onze hulp in alle tegenspoed, bid voor ons.
Heilige Michaël, heraut van de eeuwige straf, bid voor ons.
Heilige Michaël, trooster der zielen in de vlammen van het vagevuur, bid voor ons.
Heilige Michaël, die door de Heer bevolen werd om de zielen te ontvangen na de dood, bid voor ons.
Heilige Michaël, onze prins, bid voor ons.
Heilige Michaël, onze advocaat, bid voor ons.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld , verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, ontferm U over ons.
Christus hoor ons, Christus verhoor ons
Bid voor ons Heilige Aartsengel Michaël, opdat wij de belofte van Christus waardig worden.
Laat ons bidden,
Almachtige en eeuwige God, die de Heilige Michaël hebt aangesteld als Bewaker van de Heilige Kerk en Opperhoofd van het Paradijs. Verleen genadig door zijn voorspraak: aan de H. Kerk voorspoed en vrede, aan ons Uw genade in dit leven en de glorie in de eeuwigheid.
Door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.
.
.
.
Inspiratie, spiritualiteit, dromen, tegen depressie, hulp bij tegenspoed, positieve gedachten, meer vrolijkheid, voor creativiteit, voor als men vastgelopen is in situaties of patronen, vervulling van wensen, voor motivatie, tegen destructieve neigingen, troost, voor positieve veranderingen of om veranderingen te kunnen doen of om veranderingen aan te kunnen, bij het nemen van beslissingen en knopen door te hakken, dansen, helen innerlijke kind, visioenen, meditatie, zwangerschap,…
.
.
.
Heer, ontferm U over ons, Christus, ontferm U over ons,
Heer, ontferm U over ons,
Christus, hoor ons, Christus, verhoor ons,
God, Hemelse Vader, ontferm U over ons,
God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U over ons,
God, Heilige Geest, ontferm U over ons,
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons,
Heilige Maria, Koningin der Engelen, bid voor ons,
Heilige Aartsengel Gabriël,
Heilige Gabriël, die zijt afgedaald tot de drie jongelingen in de vuur oven om de brandende vlammen van hen verwijderd te houden,
Heilige Gabriël, die aan Zacharias zijt verschenen en hem de geboorte en glorierijke bediening van zijn zoon Johannes hebt verkondigd,
Heilige Gabriël, die door God aan de Maagd Maria te Nazareth gezonden werd om Haar de Menswording van het eeuwige woord aan te kondigen,
Heilige Gabriël, die aan de aarde de naam “Jezus” hebt gebracht,
Heilige Gabriël, die aan het mensdom het eerst de verheven groet “Wees gegroet, Maria,” hebt geleerd,
Heilige Gabriël, wiens naam betekent : Kracht Gods,
Heilige Gabriël, die aan de Allerhoogste onze gebeden overbrengt,
Heilige Gabriël, patroon der reine zielen,
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, spaar ons Heer!
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, verhoor ons, Heer!
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U over ons !
Christus, hoor ons,
Christus, verhoor ons,
Bid voor ons, glorierijke aartsengel Gabriël, nu en in het uur van onze dood.
Laat ons bidden,
Almachtige en eeuwige God, die de Heilige Michaël hebt aangesteld als Bewaker van de Heilige Kerk en Opperhoofd van het Paradijs. Verleen genadig door zijn voorspraak: aan de Heilige Kerk voorspoed en vrede, aan ons Uw genade in dit leven ende glorie in de eeuwigheid.
Door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.
.
.
.
Heer, ontferm U over ons, Christus, ontferm U over ons,
Heer, ontferm U over ons,
Christus, hoor ons, Christus, verhoor ons,
God, Hemelse Vader, ontferm U over ons,
God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U over ons,
God, Heilige Geest, ontferm U over ons,
Heilige Drievuldigheid,één God, ontferm U over ons,
Heilige Maria, Koningin der Engelen, bid voor ons,
Heilige Gabriël, glorieuze aartsengel, bid voor ons.
Heilige Gabriël, kracht van God, bid voor ons.
Heilige Gabriël, die voor de troon van God staat, bid voor ons.
Heilige Gabriël, toonbeeld in gebed, bid voor ons.
Heilige Gabriël, heraut van de incarnatie, bid voor ons.
Heilige Gabriël, die de glorie van de Heilige Maagd geopenbaard hebt, bid voor ons.
Heilige Gabriël, Prins van de hemel, bid voor ons.
Heilige Gabriël, ambassadeur van de allerhoogste, bid voor ons
Heilige Gabriël, behoeder van de Onbevlekte Maagd, bid voor ons
Heilige Gabriël, die de grootsheid van Jezus voorspelde, bid voor ons.
Heilige Gabriël, vrede en licht van de zielen, bid voor ons.
Heilige Gabriël, plaag van de ongelovigen, bid voor ons.
Heilige Gabriël, bewonderenswaardige leraar, bid voor ons.
Heilige Gabriël, kracht van de rechtvaardigen, bid voor ons.
Heilige Gabriël, beschermer van de gelovigen, bid voor ons.
Heilige Gabriël, verkondiger van het Woord van God, bid voor ons.
Heilige Gabriël, verdediger van het geloof, bid voor ons.
Heilige Gabriël, onvermoeibaar lof betuigend aan onze Heer Jezus Christus, bid voor ons.
Heilige Gabriël, die geprezen wordt door de Schrift als de engel die door God aan de maagd Maria gezonden werd, bid voor ons.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld , verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, ontferm U over ons.
Christus hoor ons, Christus verhoor ons
Bid voor ons Heilige Aartsengel Gabriël, opdat wij de belofte van Christus waardig worden.
Laat ons bidden,
O gezegend Heilige Aartsengel Gabriël, wij smeken u, bemiddel voor ons voor Gods troon om genade te bekomen en om ons te helpen in onze noden. Gij die de menswording van onze Heer Jezus Christus aan de Maagd Maria hebt verkondigd, door uw voorspraak en bescherming, verleen ons de genade om de Goddelijk hulp te mogen ontvangen opdat we onze Heer eeuwig mogen loven, beminnen en danken.
Amen.
.
.
.
Alles wat met genezing te maken heeft zowel fysiek als mentaal als het genezen van situaties of doorbreken van slechte gewoonten en patronen, voor innerlijke rust, voor als men zich in de steek gelaten voelt of eenzaam is, bij liefdesverdriet en het helen van een gebroken hart, tegen verbittering, als men niet tevreden is met zichzelf en voor hulp om zichzelf te aanvaarden, tegen moedeloosheid, bij gekwetste gevoelens, voor hulp in medische en psychische kwesties, stervensbegeleiding, bij uitputting en voor nieuwe krachten, voor vrouwen in de overgang, spirituele heling,…
.
.
.
.
.
Heer, ontferm U over ons, Christus, ontferm U over ons,
Heer, ontferm U over ons, Christus, hoor ons,
Christus, verhoor ons,
God, Hemelse Vader, ontferm U over ons,
God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U over ons,
God, Heilige Geest, ontferm U over ons,
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons,
Heilige Maria, Koningin der Engelen, bid voor ons,
Heilige Rafaël, bid voor ons.
Heilige Rafaël, vervuld met de genade van God, bid voor ons.
Heilige Rafaël, perfecte bewonderaar van het Goddelijke woord, bid voor ons.
Heilige Rafaël, terreur van de demonen, bid voor ons.
Heilige Rafaël, verdelger van de ondeugden, bid voor ons.
Heilige Rafaël, gezondheid voor de zieken, bid voor ons.
Heilige Rafaël, onze toevlucht tijdens al onze beproevingen, bid voor ons.
Heilige Rafaël, gids van de reizigers, bid voor ons.
Heilige Rafaël, troost van de gevangenen, bid voor ons.
Heilige Rafaël, vreugde voor de bedroefden, bid voor ons.
Heilige Rafaël, vol ijver voor het behoud van onze zielen, bid voor ons.
Heilige Rafaël, wiens naam betekent “God geneest”, bid voor ons.
Heilige Rafaël, liefhebber van de kuisheid, bid voor ons.
Heilige Rafaël, schrik van de duivels, bid voor ons
Heilige Rafaël, in ziekte, honger en oorlog, bid voor ons.
Heilige Rafaël, engel van vrede en welvaart, bid voor ons
Heilige Rafaël, begunstigd met de genade van de genezing, bid voor ons.
Heilige Rafaël, begeleider op de paden naar deugd en heiliging, bid voor ons.
Heilige Rafaël, helper van al diegenen die uw hulp afsmeken, bid voor ons.
Heilige Rafaël, die de gids en troost van Tobias was op zijn reis, bid voor ons.
Heilige Rafaël, die door de schriften geprezen wordt als: “Rafael, de heilige engel van de heer, die gestuurd werd om te genezen,” bid voor ons.
Heilige Rafaël, onze verdediger, bid voor ons.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld , verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, ontferm U over ons.
Christus hoor ons, Christus verhoor ons
Bid voor ons Heilige Aartsengel Rafaël, opdat wij de belofte van Christus waardig worden.
Laat ons bidden,
Onze heer, Jezus Christus, door het gebed van de Aartsengel Rafaël, geef ons de genade alle zonden te vermijden en te volharden in onze goede werken opdat wij ooit onze hemelse bestemming mogen bereiken, gij die leeft en heerst in de eeuwen der eeuwigheid.
Amen.
.
.
.
Heer, ontferm U over ons, Christus, ontferm U over ons,
Heer, ontferm U over ons, Christus, hoor ons,
Christus, verhoor ons,
God, Hemelse Vader, ontferm U over ons,
God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U over ons,
God, Heilige Geest, ontferm U over ons,
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons,
Heilige Maria, Koningin der Engelen, bid voor ons,
Heilige Aartsengel Rafaël
Heilige Rafaël, Hemelse Geneesheer
Heilige Rafaël, sterke bondgenoot op al onze wegen
Heilige Rafaël, trouwe vriend in nood
Heilige Rafaël, lieve trooster bij grote smart
Heilige Rafaël, ware gids die ons de juiste paden helpt bewandelen
Heilige Rafaël, leidsman van de jonge en deugdzame Tobias,
Heilige Rafaël, wiens naam betekent ‘God geneest’.
Heilige Rafaël, bron van wijsheid
Heilige Rafaël, vurige bestrijder van het kwade
Heilige Rafaël, engel van de Goddelijke liefde
Heilige Rafaël, engel van de smart en genezing
Heilige Rafaël, patroon van de artsen, de zwervers en de reizigers
Heilige Rafaël, brenger van oplossingen voor problemen
Heilige Rafaël, bedwinger van de boze vijand
Heilige Rafaël, vol medelijden voor allen die lijden
Heilige Rafaël, die onze gebeden liefdevol aanhoort
Heilige Rafaël, steeds bereid ons te helpen
Heilige Rafaël, bekom genezing voor ons lichaam en onze ziel
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, spaar ons Heer!
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, verhoor ons, Heer!
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U over ons !
Christus, hoor ons, Christus, verhoor ons,
Bid voor ons, glorierijke aartsengel Rafaël, nu en in het uur van onze dood.
Laat ons bidden,
Almachtige en eeuwige God, die de Heilige Michaël hebt aangesteld als Bewaker van de Heilige Kerk en Opperhoofd van het Paradijs. Verleen genadig door zijn voorspraak: aan de Heilige Kerk voorspoed en vrede, aan ons Uw genade in dit leven en de glorie in de eeuwigheid.
Door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.
.
.
.
Heilige Aartsengel Rafaël
Hemelse geneesheer en allertrouwste leidsman, Heilige Rafaël, die de oude Tobias het gezicht hebt terug gegeven en de jonge Tobias op al de wegen van zijn reis geleid en in gezondheid bewaard hebt, wees de geneesheer van mijn ziel en lichaam, verdrijf de schaduwen van mijn onwetendheid en sta mij voortdurend bij in alle gevaren van de pelgrimstocht van deze wereld, totdat gij mij gebracht hebt tot het Hemels vaderland, waar ik met U gelukkig in eeuwigheid het Goddelijke aanschijn moge aanschouwen, Amen.
.
.
.
.
God wordt op vele manieren beschreven: van een onpersoonlijke levenskracht tot een welwillende, persoonlijke, almachtige Schepper. Hij is ook al bij vele namen genoemd, zoals “Zeus”, “Jupiter”, “Brahma”, “Allah”, “Ra”, “Odin”, “Ashur”, “Izanagi”, “Viracocha”, “Ahura Mazda” en “de Grote Geest”. Hij wordt door sommigen gezien als “Moeder Natuur”, door anderen als “Vader God”. Maar wie beweert Hij zelf te zijn?
Wat heeft God over Zichzelf aan ons geopenbaard? Allereerst noemt Hij zichzelf “Vader”, nooit “Moeder”, wanneer Hij over Zichzelf spreekt in de context van ouderschap. Hij noemt Zichzelf “een Vader voor Israël” en in één geval, toen zijn “kinderen” bijzonder oneerbiedig tegen Hem waren, zei Hij tegen hen:
“Een zoon eert zijn vader, een dienaar zijn heer. Als ik jullie vader ben, waar is dan je eerbied voor mij; als ik jullie heer ben – zegt de Heer van de hemelse machten –, waar is dan je ontzag voor mij?”
Zijn profeten erkenden Hem als Vader door te zeggen: “Toch, Heer, bent u onze vader, wij zijn de klei, door u gevormd, wij zijn het werk van uw handen.”
En: “Hebben wij niet allemaal dezelfde vader, heeft niet een en dezelfde God ons geschapen?” Nooit noemt God Zichzelf “Moeder” en nooit wordt Hij zo door de profeten beschouwd. God “Moeder Natuur” noemen is vergelijkbaar met je aardse vader “mama” noemen.
Pasteltekening van John Astria
Wie is God wat betreft Zijn morele eigenschappen? Hij zegt dat Hij geniet van rechtvaardigheid en oprechtheid:
“… De wijze moet zich niet beroemen op zijn wijsheid, de sterke niet op zijn kracht, de rijke niet op zijn rijkdom. Wil iemand zich op iets beroemen, laat hij zich erop beroemen dat hij mij kent, inziet dat ik, de Heer, dit land liefde schenk, rechtvaardigheid en recht, want daar schep ik behagen in.”
“Want ik, de Heer, heb het recht lief, ik haat offers van roofgoed…”
Rechtvaardigheid en onpartijdigheid zijn erg belangrijk voor God. Maar net zozeer erbarmen en genade. Dus terwijl God iedereen verantwoordelijk houdt, ieder voor zijn eigen leven, reikt Hij met Zijn genade uit naar de berouwvolle zondaar. Hij belooft:
“Wie goddeloos leeft, maar zich afkeert van de zonden die hij heeft begaan, zich houdt aan al mijn geboden, mij trouw is en het goede doet, zal zeker in leven blijven en niet sterven. De misdaden die hij heeft begaan zullen hem niet worden aangerekend; door zijn rechtvaardige daden zal hij in leven blijven. Denken jullie dat ik het toejuich als een slecht mens sterven moet? Nee, ik wil dat hij tot inkeer komt en in leven blijft. Want de dood van een mens geeft me geen vreugde. Kom tot inkeer en leef!”
Met dood bedoelt God niet echt de lichamelijke dood, waar wij meteen aan zouden denken. In plaats daarvan verwijst God naar een gebeurtenis in de eeuwigheid, na onze lichamelijke dood. De Schriftteksten verwijzen naar deze gebeurtenis als de “tweede dood”.
De eerste dood scheidt ons van onze lichamen en verwijdert ons uit deze wereld. De tweede dood is anders. Deze is ook een scheiding, maar in dit geval de scheiding van de éne groep mensen van de andere: mensen die gerechtvaardigd en vergeven zijn aan de ene kant, en mensen die boosaardig en zonder berouw zijn aan de andere kant. Over deze twee groepen zal afzonderlijk worden geoordeeld.
De ene groep zal beloond worden op basis van de goede dingen die zij gedaan hebben. Hun slechte daden zullen hierin niet in beschouwing worden genomen, maar door God vergeven worden. De andere groep zal beoordeeld worden op basis van het kwaad dat zij hebben gedaan, en hun goede daden zullen hen niet redden van hun straf.
God zegt:
“Iemand die rechtvaardig was maar dat niet langer is en onrecht begaat, sterft omdat hij onrecht heeft begaan. Iemand die goddeloos leefde maar dat niet langer doet, mij trouw is en het goede doet, zal in leven blijven. Als hij tot inzicht en inkeer is gekomen en niet langer misdaden begaat, zal hij zeker blijven leven en niet hoeven sterven. Kom tot inkeer en leef!”
Op deze manier ziet God er op toe dat gerechtigheid uiteindelijk zegeviert, maar dat genade wordt verleend aan mensen die nederig en berouwvol zijn.
God heeft een voorziening gemaakt voor mensen die berouw willen tonen. Het is een voorziening die mensen redt van hun zonden, als zij op goede voet met Hem willen staan. Hij stuurde een Messias, een Dienaar die vrijwillig leed en een plaatsvervangende dood stierf om de prijs te betalen voor de zonden van de mensen die tot inkeer willen komen en op Hem willen vertrouwen.
De Bijbel zegt:
“Wie kan geloven wat wij hebben gehoord? Aan wie is de macht van de Heer geopenbaard? Maar Hij was het die onze ziekten droeg, die ons lijden op zich nam. Om onze zonden werd Hij doorboord, om onze wandaden gebroken. Voor ons welzijn werd Hij getuchtigd, Zijn striemen brachten ons genezing. Wij dwaalden rond als schapen, ieder zocht zijn eigen weg; maar de wandaden van ons allen liet de Heer op zich neerkomen.
.
.
.
De Heilige Rita en de Heilige Theresia van Lisieux hebben een aantal dingen gemeen. Ze hebben allebei een grote devotie voor Jezus en Maria en ze worden allebei afgebeeld met een kruisbeeld en rozen.
.
.
.
.
De Heilige Rita werd de heilige van de rozen door de legende van de roos die bloeide in haar tuintje van haar huis in Roccaporena, ondanks de dikke laag sneeuw in januari.
De Heilige Theresia, ook wel de kleine Theresia van het kindje Jezus genoemd, beloofde om het te laten rozen regenen na haar dood. En inderdaad, de gunsten die ze reeds verleent heeft, regenden als rozen over de mensen die hun toevlucht tot haar zochten.
.
Nog iets dat de Heilige Rita en de kleine Theresia van het kindje Jezus gemeen hebben, was hun vurige wens om naar het klooster te gaan.
De Heilige Rita bleef ijveren tot ze aanvaard werd en dit duurde vijf jaar. De Heilige Theresia van Lisieux was veertien toen ze de beslissing nam om in te treden. Ze was echter nog te jong en de bisschop wilde haar niet toelaten. De Heilige Theresia legde zich hier niet bij neer en richtte zich tot de paus. Ze trad in het klooster in op vijftienjarige leeftijd, waar ze overleed aan tuberculose op vierentwintig jarige leeftijd. Er wordt gezegd dat de Heilige Theresia best wel koppig was, maar ook een heerlijk gevoel voor humor had.
Haar ouders, Louis en Zélie Martin, zijn heilig verklaard op 18 oktober 2015 door paus Franciscus. Haar geboorte-
huis staat er nog in Lisieux, niet zo ver van de basiliek die er ter ere van haar gebouwd werd. Zowel de Heilige Rita als de Heilige Theresia worden vereerd op een donderdag. Hier is een noveen dat kan gebeden worden voor de Heilige Theresia negen donderdagen achter elkaar. Daarna volgt nog een litanie voor haar.
.
Deze noveen is zeer krachtig. Wie geestelijke of tijdelijke gunsten wil bekomen: volbreng de Noveen op de negen Donderdagen in voorbereiding tot haar feest (1 oktober), of in de loop van het jaar.
.
.
Men mag deze Noveen ook op negen opeenvolgende dagen doen
.
Hemelse Vader, die de Kleine Theresia aan de wereld hebt geschonken om de kinderlijke eenvoud van het Evangelie overal te verkondigen, geef ons de genade, dat wij, door haar voorbeeld voorgelicht, ons in alles met kinderlijk vertrouwen aan uw vaderlijke goedheid overgeven. Wees gegroet …
Minnelijke Jezus, die in de Kleine Theresia de wijsheid van uw Evangelie hebt doen uitschijnen om de dwaasheid van de geest van de wereld te veroordelen, geef ons de genade, dat wij, door uw goddelijk licht bestraald, mogen inzien dat alles ijdelheid is op aarde, behalve God te beminnen en Hem alleen te dienen. Wees gegroet …
Heilige Geest, die in de Kleine Theresia een ware bruid hebt gevonden aan uw barmhartige liefde gans overgeleverd, geef ons de genade, dat wij, door uw goddelijke liefde bezield, aan uw geheime inspraken gewillig geloof geven en uw heiligende werking getrouw volgen. Wees gegroet… Bid voor ons, Heilige Kleine Theresia, opdat we de beloften van Christus waardig worden.
Laten wij bidden, Heilige Kleine Theresia van het kind Jezus in wier hart Maria zulk een grote plaats innam, leer ons de Hemelse Moeder met een kinderlijke en betrouwvolle liefde beminnen. Onderwijs ons uw kleine weg der geestelijke kindsheid. Schenk ons uw geest van gebed en uw deugden: kinderlijke eenvoud, volle overgave aan Gods Wil, grenzeloos betrouwen. Gewaardig door de overvloed van uw verdiensten onze gebeden welgevallig te doen verhoren, door Christus Onze Heer.
Amen.
Heilige. Kleine Theresia, bid voor ons !
.
.
LITANIE VAN DE HEILIGE THERESIA VAN HET KINDJE JEZUS
.
Heer, ontferm U over ons. Christus, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons. Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelse Vader, ontferm U over ons.
God Zoon, Verlosser van de wereld, ontferm U over ons.
God, heilige Geest, ontferm U over ons.
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons.
Heilige Maria onbevlekt in uw ontvangenis, bid voor ons.
Heilige Maria, Moeder van Jezus,
Heilige Theresia, van uw eerste jeugd af door God met genade begunstigd,
Heilige Theresia, engel van onschuld,
Heilige Theresia, uitgelezen bruid van de Heer,
Heilige Theresia, nieuwe bloem van de Carmelus‘ Orde,
Heilige Theresia, onthecht aan alle aardse goederen en genoegens,
Heilige Theresia, kuis en rein als de engelen Gods,
Heilige Theresia, volmaakt voorbeeld van gehoorzaamheid,
Heilige Theresia, zeer duurbaar aan het allerheiligste Hart van Jezus,
Heilige Theresia, nederige dienares van de Heer,
Heilige Theresia, slachtoffer van de goddelijke liefde,
Heilige Theresia, onwrikbaar vertrouwend op God,
Heilige Theresia, brandend van zielenijver,
Heilige Theresia, waardige dochter van uw heilige geestelijke moeder Theresia,
Heilige Theresia, kleine bloem van onze Heer Jezus, voor eeuwig nu bloeiend in zijn hemels lusthof,
Heilige Theresia, die een overvloed van hemelse gunsten als rozen doet neerdalen over de wereld,
Heilige Theresia, zeer machtige beschermster van allen die u aanroepen,
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U over ons.
Bid voor ons, Heilige Theresia van het Kindje Jezus. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.
Laat ons bidden,
O God, die Uw dienares de Heilige Theresia door de gave van de wonderen verheerlijkt hebt, vergun ons, smeken wij U, op haar voorbede, dat wij naar haar voorbeeld, U steeds mogen dienen in onbeperkt vertrouwen en nederigheid. Door Jezus Christus, onze Heer, die met U leeft en heerst in alle eeuwen der eeuwen. Amen.
.
.

Heilige Rita
.
Heilige Theresia
.
Het gebeurt wel eens dat mensen bij het zien van een afbeelding of het zien van een beeldje van de Heilige Rita of van de Heilige Theresia van Lisieux niet goed weten wie het is. Ze worden beiden getoond in klooster habijt, met een kruisbeeld en rozen. Dit zorgt soms voor wat verwarring maar toch is het niet moeilijk om het verschil te zien. De Heilige Rita wordt meestal afgebeeld met de wonde op haar voorhoofd. Zij draagt het habijt van de Augustinessen waarin zwart de hoofdkleur is. Slechts rond de kap en rond de hals is er een beetje wit, verder is het habijt helemaal zwart.
De Heilige Theresia draagt het habijt van de Karmelietessen waarbij de kap ook zwart is maar verder is de hoofdkleur van het kleed bruin en wordt er een lichte mantel over gedragen. Heel soms zie je bij een afbeelding van de Heilige Rita bijen op haar habijt. De Heilige Theresia is één van de weinige heiligen waar foto’s van bestaan. Ze had een heel levendige, warme en vrolijke persoonlijkheid. Ze was gedreven, vastberaden en koppig maar ze bezat ook een heel fijn gevoel voor humor.
.
Heilige Theresia, kleine bloem, alsjeblief pluk voor mij een roos uit de Hemelse tuin en stuur ze naar mij met een boodschap van liefde. Vraag God om mij de gunst te verlenen die ik vraag en zeg Hem dat ik elke dag meer en meer van Hem zal houden.
Sainte Thérèse, petite Fleur, s’il te plait cueille une rose des jardins du ciel et envoie-la moi avec un message d’amour. Demande à Dieu de m’accorder la faveur que je te demande et dis lui que je l’aimerai chaque jour de plus en plus.
Theresia,
Je hebt beloofd
Je Hemel door te brengen met goed te doen op Aarde.
Bid met ons opdat in ons hart de rozen bloeien van een wakker geloof,
Een volhardend vertrouwen en een vurige wederliefde
Voor God en alle mensen
In de kleine dingen van elke dag.
Verhoor dit gebed, o Vader,
In de Geest van Jezus,
Die liefde en barmhartigheid is
Tot in de eeuwigheid
Amen
.
NOVEEN TOT DE HEILIGE THERESIA VAN HET KINDJE JEZUS
.
Eerste dag: ONS DOEL
.
“Wij blijven maar in vrede als we ons keren naar de hemel.
God, kom mij ter hulp. Heer haast u mij te helpen.
Eer aan de Vader en de Zoon en de H. Geest. Zoals het was in den beginne, zoals het nu is, zoals het altijd zal zijn in de eeuwen der eeuwen. Amen.
Heer, Laat in het op en neer van mijn leven mijn geest verankerd zijn in U. Naar u ben ik op weg, samen met velen die mijn broers en zussen zijn. Al het aards gaat voorbij maar Gij blijft! Ook de zorgen die mij nu bedrukken, eens zullen ze er niet meer zijn. Help mij zolang mijn kruis te dragen. Help mij te vertrouwen als een kind. Gij zijt mij nabij. Gij laat mij nooit alleen!
Stille overweging wat onze zorgen of problemen zijn.
Onze Vader… Slotgebed.
SLOTGEBED voor elke dag.
God, hemelse Vader, Gij hebt de H. Theresia uitgekozen om ons nabij te zijn op de weg van grenzeloos vertrouwen. Zij is ons voorgegaan, zij ging diezelfde kleine weg van kind te worden, zodat ze kon zeggen: “Gebrek aan vertrouwen, dat alleen beledig t de Heer “ en “Mijn hoop werd nooit ontgoocheld”. Op voorspraak van deze heilige bid ik U, sta mij bij in mijn nood – noem hem- en sterk mij wanneer ik vertrouw op uw Goedheid alleen. Amen.
.
.
Tweede dag: ONZE VADER
.
“Ik overweeg het Onze Vader. Een wonder dat wij de goede God ‘Vader’ mogen noemen”. (Theresia)
God, kom mij ter hulp, Heer haast U mij te helpen. Eer aan de Vader…
Heer Jezus, Gijzelf hebt ons geleerd God ‘Onze Vader’ te noemen en zelf zijt Gij de weg naar die Vader. Vermeerder in mij de liefde van een kind, en sterk die ervaring die mij vreugde geeft: Hij, de Vader, ziet wat mij nu bedrukt en angstig maakt. Leer mij, met U, uit heel mijn hart te zeggen: “Vader, neem alstublieft deze beker van mij weg: toch, laat niet mijn wil gebeuren, maar die van U”.
Stille overweging Onze Vader… Slotgebed.
.
.
Derde dag: ONZE BROEDER
.
“Jezus is een verborgen schat, een verborgen weldaad”. (Theresia)
God, kom mij ter hulp. Heer haast u mij te helpen. Eer aan de Vader ….
Jezus, mijn Broer! Gij werd geheel aan ons gelijk om voor ons de Weg, de Waarheid en het Leven te zijn. Volg ik U na, dan dwaal ik niet in duisternis. Op de weg van het kruis ben ik zeker U te ontmoeten. Help mij om het verdriet dat op mij drukt met U te doorleven. Geef mij kracht om de last te dragen tot Gij die van mij af zult nemen.
Stille overweging, Onze Vader… Slotgebed.
.
.
Vierde dag: EUCHARISTIE
.
“Als ik voor het tabernakel kniel, heb ik Hem maar één ding te zeggen: Mijn God, Gij weet dat ik U bemin!”. (Theresia)
God, kom mij ter hulp. Heer haast u mij te helpen. Eer aan de Vader ….
Jezus, Mijn Heer en Meester, inde Eucharistie maakt Gij U voor ons tot voedsel Als ik één word met U, groeit in mij uw kracht en zie ik met nieuwe ogen hoe Gij mij nabij zijt. Wees voor mij de bron, Heer, Waaruit ik putten mag: moed, geduld en sterkte. Blijf mij geleiden, Heer, op de weg van het volle vertrouwen, op de smalle weg van de totale overgave aan Gods wil.
Stille overweging, Onze Vader… Slotgebed.
.
.
Vijfde dag: MARIA
.
“Ik begreep dat zij over mij waakte, dat ik Haar kind was”. (Theresia)
God, kom mij ter hulp, Heer haast U mij te helpen. Eer aan de Vader…
Jezus, mijn Verlosser, aan het kruis hebt Gij mij Maria tot Moeder gegeven. Nu weet ik dat Zij ook mij nabij is op mijn lijdensweg. Zij vraagt voor mij de genade in alle omstandigheden stil en vol vertrouwen te bidden: “Ik bied mij aan als diena(a)r(es) van de Heer; laat met mij gebeuren wat U zegt”, Aan Haar hand geleid wil ik mijn weg gaan, onder Haar bescherming weet ik mij geborgen.
Stille overweging, Wees gegroet Maria … Onze Vader… Slotgebed.
.
.
Zesde dag: ONZE BROEDER
.
“Ik voelde in mij een groot verlangen, mij in te zetten voor de bekering van de zondaars”. (Theresia)
God, kom mij ter hulp. Heer haast u mij te helpen. Eer aan de Vader ….
Heer, de H. Teresia hand niet de kans grote werken voor U te doen. Maar wat ze deed, deed ze met grote liefde, uit vreugde voor U, en tot redding voor U, en tot redding van de mensen. Ik heb dezelfde kans om wat zwaar en onaangenaam is op mijn weg in liefde aan te nemen en het U vol vol liefde aan te bieden. Help mij, te groeien in genegenheid en maak de liefde die ik U biedt vruchtbaar als Gij mensen tot de Vader keert.
Stille overweging, Onze Vader… Slotgebed.
.
.
Zevende dag: EUCHARISTIE
.
“Je moet altijd maar herhalen: Ja, arm en klein, zo wil ik blijven”. (Theresia)
God, kom mij ter hulp. Heer haast u mij te helpen. Eer aan de Vader ….
Jezus, Mijn Heer en Meester, inde Eucharistie maakt Gij U voor ons tot voedsel Als ik één word met U, groeit in mij uw kracht en zie ik met nieuwe ogen hoe Gij mij nabij zijt. Wees voor mij de bron, Heer, Waaruit ik putten mag: moed, geduld en sterkte. Blijf mij geleiden, Heer, op de weg van het volle vertrouwen, op de smalle weg van de totale overgave aan Gods wil.
Stille overweging, Onze Vader… Slotgebed.
.
.
Achtste dag: KERK ZIJN
.
“Ik hou van de Kerk, want zij is mijn moeder”. (Theresia)
God, kom mij ter hulp, Heer haast U mij te helpen. Eer aan de Vader…
Heer, ik dank U dat de kerk ook mijn moeder mag zijn. Van haar wil ik houden en zó wil ik leven dat ik steeds met haar op weg mag zijn, tot over de grenzen van de dood. Zolang wil ik mij steeds voor ogen houden: Wie U navolgt door zijn kruis te dragen die zal delen in de vreugde die geen einde heeft.
Stille overweging … Onze Vader… Slotgebed.
.
.
Negende dag: VERTROUWEN
.
“De enige juiste weg, is die van eenvoudig en liefdevol vertrouwen”. (Theresia)
God, kom mij ter hulp, Heer haast U mij te helpen. Eer aan de Vader…
Jezus, mijn Heer en mijn Verlosser, ben ik ten einde raad, angstig en teneergeslagen, dan is het omdat ik niet vertrouwen kan. Hoe meer ik mij geef aan U, des te méér kom ik open voor uw hulp. Gij zegt het toch zelf: “Komt tot Mij, gij allen en zie hoe Ik u verkwikken zal”. Dát van U te horen, dat maakt mij blij, dat schenkt mij weer levensmoed. Dank U, Heer! Heer Jezus, ik vertrouw op, laat uw genade spoedig blijken.
Stille overweging. Onze Vader… Slotgebed.
.
.
.
.
Pasteltekening van John Astria
Gods liefde voor ons, Zijn schepselen die van Hem vervreemd zijn, wordt levendig voorgesteld in het offer dat Hij voor ons bracht.
Jezus Christus is Gods unieke en eeuwige Zoon.
Hij is de Alfa en Omega, de grote “IK BEN”, de “Heer van de hemelse machten” door wie alle dingen werden geschapen en in wie alle dingen bestaan.
Jezus, die aan het hoofd staat van alle dingen, vernederde Zich op een manier die het menselijke verstand niet kan bevatten.
Hij kwam naar onze vervloekte wereld en nam actief deel aan ons erbarmelijke bestaan.
Zelfs al bestaan wij uit vlees en bloed, toch deelde Hij ook dit met ons.
Hij werd een mens en Hij mengde zich onder ons.
Hij deelde in het leed dat wij over onszelf hadden afgeroepen door Zijn Heilige wetten af te wijzen.
En alsof dat nog niet genoeg zou zijn om ons te overtuigen van Zijn liefde en zorg voor ons, gaf Jezus Zijn eigen leven aan het kruis.
Dat was de grootste liefdesdaad die de wereld ooit heeft gekend! Zo nam Hij onze zonden weg, ze werden met Hem aan het kruis geslagen. Dus werd Degene die geen zonde kende Zelf de zonde voor ons en proefde Degene die ons allen het leven gaf Zelf de dood in plaats van de mensen die hiertoe veroordeeld waren.
“Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft. God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gestuurd om een oordeel over haar te vellen, maar om de wereld door hem te redden” (Johannes 3:16-17).
Jezus Christus hield zo veel van de wereld dat Hij er alles voor opgaf; Zijn rechten en voorrechten als de unieke eeuwige Zoon van God, en zelfs Zijn eigen leven! Als je de liefde van God wil zien, kijk dan op naar het kruis.
“En hierin is Gods liefde ons geopenbaard: God heeft zijn enige Zoon in de wereld gezonden, opdat we door hem zouden leven. Het wezenlijke van de liefde is niet dat wij God hebben liefgehad, maar dat hij ons heeft liefgehad en zijn Zoon heeft gezonden om verzoening te brengen voor onze zonden” (1 Johannes 4:9-10).
“Het loon van de zonde is de dood, maar het geschenk van God is het eeuwige leven in Christus Jezus, onze Heer” (Romeinen 6:23).
Gods liefde is aan ons geopenbaard. Nu staat Hij voor de deur en klopt aan. Het is de verantwoordelijkheid van elk mens om op zoek te gaan naar een persoonlijke relatie met God, of om Hem ronduit af te wijzen. De enige barrière tussen ons en Gods liefde is onze vrije wil, en Jezus Christus is de deur.
“Jezus zei: ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven. Niemand kan bij de Vader komen dan door mij'” (Johannes 14:6).
Verlossing is een gratis geschenk dat gekocht en betaald is met het bloed van Christus. Er bestaat geen andere manier.
“Verwerp Gods genade niet; als we door de wet rechtvaardig zouden kunnen worden, zou Christus voor niets gestorven zijn!” (Galaten 2:21).
Je kunt Gods vergeving niet verdienen met je eigen goede werken. Hoe kunnen goede daden die je altijd al had moeten doen ooit je ontelbare fouten ongedaan maken? God is geen gek.
“Ook al was je je kleren met zeep, en met een overvloed aan loog, je schandvlek blijf ik zien – spreekt God, de Heer” (Jeremia 2:22).
Een man viel ooit op zijn knieën voor Christus en smeekte: “Als u wilt, kunt u mij rein maken.” Jezus had medelijden en antwoordde: “Ik wil het, word rein” (Marcus 1:40-41). Wij kunnen ook op onze knieën vallen en Gods enige voorziening voor onze zonden erkennen. Ook wij kunnen dit antwoord krijgen: “Ik wil het, word rein.”
Christus was bereid om Gods rechtvaardige toorn op Zich te nemen, zodat wij dat niet meer hoeven te doen; ieder die Zijn dood aan het kruis aanvaardt als betaling voor zijn zonden zal verzoend worden met de God die we zo zeer hebben gekrenkt.
“Dit alles is het werk van God. Hij heeft ons door Christus met zich verzoend en ons de verkondiging daarover toevertrouwd. Het is God die door Christus de wereld met zich heeft verzoend: hij heeft de wereld haar overtredingen niet aangerekend. God heeft hem die de zonde niet kende voor ons één gemaakt met de zonde, zodat wij door hem rechtvaardig voor God konden worden” (2 Korintiërs 5:18-19, 21).