categorie : Boodschappen uit de kosmos
.
.
.
EEN MENS WEET PAS HOE BELANGRIJK IEMAND IN ZIJN LEVEN IS,
.
ALS HIJ DIE PERSOON VERLIEST
.
.
A MAN ONLY KNOWS HOW IMPORTANT SOMEONE IN HIS LIFE IS,
.
WHEN HE LOSES THAT PERSON
.
.
.
.
.
.
.
In het begin was er alleen maar stilte en rust. Niets bewoog, niets gaf geluid. Er waren nog geen mensen, geen dieren, geen vogels of vissen, geen bomen, geen stenen, geen grotten of ravijnen, geen struiken en geen bossen. Er was alleen de hemel, de aarde was nog niet zichtbaar. Al wat bestond was de kalme zee en de uitgestrekte hemel.
In de stilte van de donkere nacht bevond de Schepper en Vormgever zich in het water, omgeven door licht en bedekt met groene en blauwe veren. ‘Hart van de Hemel’ is zijn naam.
Daarop sprak de Schepper en Vormgever: “Laat de ruimte zich vullen, laat het water terugtreden, zodat de aarde verschijnt. Laat het licht worden, laat de dag aanbreken in de hemel en op aarde. Onze schepping mist luister en glans zolang er geen mensen zijn.”
Zo werd de aarde geschapen. Gehuld in nevels en wolken rezen de bergen op uit het water. Als door een wonder werden de bergen en dalen gevormd, en terstond schoten cipressen en pijnbomen op.
De Schepper en Vormgever was verrukt over zijn werk en sprak: “Nu zal ons werk tot voltooiing worden gebracht.” Zo werden eerst de aarde, de bergen en de dalen gevormd. Het water werd gescheiden en vrij stroomden de rivieren tussen de bergen door.
Aldus vond de schepping van de aarde plaats. Zij werd gevormd door Hart van de Hemel, Hart van de Aarde, toen de hemel nog leeg was en de aarde gedompeld was in water. Een schitterend werk was het, waar diep over was nagedacht.
.
Vervolgens werden de dieren geschapen, herten, vogels, leeuwen, tijgers en allerlei soorten slangen. Ieder kreeg zijn eigen plaats toegewezen, de herten langs de rivieren en in de dalen, de vogels in de bomen en de struiken.
Toen de schepping van de vogels en de viervoeters was voltooid, sprak de Schepper en Vormgever: “Laat alle dieren spreken, roepen en fluiten, ieder op zijn eigen manier en naar best vermogen. Roep onze naam, prijs ons die jullie vader en moeder zijn, aanbid Hart van de Hemel, Hart van de Aarde.” Maar de dieren konden niet spreken zoals de mensen. Ze krijsten, krasten en kakelden, ieder op zijn eigen wijze, maar spreken was er niet bij.
Toen sprak de Schepper en Vormgever: “Jullie hebben onze naam niet kunnen uitspreken. Daarom zullen wij menselijke wezens scheppen die ons kunnen aanbidden. Jullie woonplaats zal voorgoed in de bossen en dalen zijn, en jullie vlees zal worden opgegeten.”
“Laten wij een nieuwe poging doen”, sprak de Schepper en Vormgever. “Het wordt al licht, de dageraad is al nabij. Laten we wezens maken die ons gehoorzamen, ons onderhouden en voeden, die ons aanroepen en onze herinnering op aarde levend houden. Want onze eerste poging is jammerlijk mislukt.”
.
.
.
Daarop werd de mens gevormd en geschapen. Uit aarde, uit slijk werd het vlees van de mens gemaakt. Maar de Schepper en Vormgever zag dat het niet goed was. De mens van aarde was zacht en viel uit elkaar. Hij kon niet bewegen en had geen kracht. Zijn hoofd zakte naar opzij, zijn ogen waren zwak en hij kon niet omkijken. Aanvankelijk praatte hij wel, maar hij begreep zijn eigen woorden niet. Al gauw werd de mens van aarde nat en toen was het snel met hem gedaan.
De Schepper en Vormgever zei: “De mens die we hadden gemaakt, kon niet lopen of zichzelf voortplanten. We moeten ons werk verbeteren om goede schepsels te maken die ons aanbidden en aanroepen, die ons onderhouden en voeden en de herinnering aan ons levend houden.”
Daarop riep de Schepper en Vormgever de hulp in van de grootvader en grootmoeder. Die wierpen het lot met de maïskorrels en zeiden: “Er komen goede schepsels als ze gesneden worden uit hout.” Aldus geschiedde. Met zorg sneed de Schepper en Vormgever beeldjes uit hout. Het leken echte mensen en ze bevolkten de aarde. Ze kregen zonen en dochters, maar ze hadden geen ziel en geen verstand. Op handen en voeten liepen ze doelloos rond.
Omdat zij zich hun Schepper en Vormgever niet herinnerden, vielen de mensen van hout in ongenade. Zij waren slechts een proef, een poging om mensen te maken. In het begin spraken zij wel, maar hun gezicht was dor en droog. Hun handen en voeten waren krachteloos. Zij hadden geen bloed en hun lijf was mager en vormloos. Ze hadden ingevallen wangen en hun vlees was geel van kleur. Daarom waren zij niet in staat aan hun Schepper en Vormgever te denken, die hun het leven had geschonken en over hen waakte. Zo waren de eerste mensen en zij waren zeer talrijk.
Daarop veroorzaakte Hart van de Hemel een overstroming die alle mensen van hout verzwolg. Duisternis daalde over de aarde neer en overdag en ’s nachts viel er een zwarte regen. Dat was de straf omdat de mensen van hout zich hun vader en moeder, Hart van de Hemel, niet herinnerden.
.
.
.
Toen kwamen de grote en kleine dieren in opstand tegen de mensen van hout en ook de potten en pannen, heel de huisraad, het pluimvee en de honden. Zij sloegen de mensen van hout in het gezicht. “Jullie hebben ons schandalig behandeld, jullie hebben ons opgegeten en nu is het onze beurt de tanden in jullie te zetten”, zeiden de honden en het pluimvee.
“Jullie hebben ons pijn gedaan”, zeiden de maalstenen. “Dag na dag, bij nacht en ontij hebben jullie al malend ons gezicht bekrast, en wat konden wij er tegen doen? Maar nu jullie geen mensen meer zijn, is het onze beurt. Jullie vlees zullen we tot poeder fijn malen.”
En de honden spraken: “Waarom hebben jullie ons geen eten gegeven? We hoefden maar jullie kant uit te kijken of we werden al weggejaagd. En wie ons wilde slaan, vond altijd wel een stok. Slecht hebben jullie ons behandeld, en wij konden niet praten. Hebben jullie er nooit aan gedacht dat zoiets ook jullie zou kunnen overkomen? Nu zijn wij aan de beurt, nu zullen jullie onze tanden voelen.” En meteen beten de honden de mensen van hout in het gezicht.
En de potten en pannen zeiden: “Jullie hebben ons veel pijn en ellende veroorzaakt. Onze mond en ons gezicht zitten vol roet. Wij werden op het vuur geplaatst alsof we geen gevoel hadden. Maar nu gaan wij jullie verbranden.” Daarop wierpen de gloeiende potten en pannen zich op hun slachtoffers.
De mensen van hout renden wanhopig alle kanten uit. Ze probeerden op de daken te klimmen, maar de huizen zakten in. Ze zochten hun toevlucht in bomen, maar die schudden hen van zich af. Ze vluchtten grotten in, maar die sloten zich als vanzelf.
Dat was de ondergang van de mensen die waren geschapen en gevormd. Ze werden verwoest en vernietigd, hun mond en gezicht werden vermorzeld. Er wordt beweerd dat de apen afstammen van de mensen die werden gesneden uit hout. Daarom lijken apen op mensen.
.
Dit is het begin van de schepping van de mens, toen werd besloten hoe het vlees van de mens moest worden gemaakt. De Schepper en Vormgever sprak: “De tijd van de dageraad is aangebroken, ons werk moet worden voltooid. De mens moet verschijnen die ons onderhoudt en voedt, de verlichte mens, de beschaafde dienaar op deze aarde.” Het moment was nabij waarop de zon, de maan en de sterren zouden verschijnen boven het hoofd van de Schepper en Vormgever.
Toen kwamen er vier dieren, die gele en witte maïskolven brachten. Uit het deeg van de gele en witte maïs werden vlees en bloed gemaakt. Uit maïs schiep de Schepper en Vormgever de eerste mensen.
De aarde was prachtig toen de eerste mensen werden gemaakt, vol gele en witte maïskolven, cacao, allerlei vruchten en honing. Er was een overvloed aan de lekkerste spijzen, overal stonden grote en kleine planten. De dieren wezen de weg naar de witte en gele maïskolven. Die werden gemalen en uit de krachtige drank van de maïs werden de spieren gemaakt, die het lichaam stevig en sterk maken.
Uit gele en witte maïs werd het vlees van de eerste mensen gemaakt, uit het deeg van de maïs hun armen en benen. Alleen uit maïs bestond het vlees van onze vaders, van de vier mannen die als eersten werden geschapen.
De eerste mensen die werden gevormd en geschapen, hadden geen vader of moeder. Zij werden niet uit een vrouw geboren, noch verwekt door de Schepper en Vormgever. Door een wonder, door toverkracht werden zij geschapen en gevormd. Zij leken op mensen en het waren mensen. Zij spraken, zagen, hoorden, liepen en pakten al het geschapene vast. Het waren goede en prachtige mensen, mannen waren het.
.
.
De eerste mensen waren begiftigd met verstand en hun blik was zo scherp dat ze alles zagen wat er op aarde was. Alles wat zij bekeken, was meteen dichtbij. Met hun scherpe blik aanschouwden zij het gewelf van de hemel en de wijde omtrek van de aarde. Er bestond voor hen geen afstand, en er waren geen geheimen. Groot was hun wijsheid. Hun blik reikte tot aan de bossen, de rotsen, de meren de zeeën, de bergen en de dalen. Het was werkelijk een wonder.
Daarop vroeg de Schepper en Vormgever aan de eerste mensen: “Wat vinden jullie ervan? Zien jullie, horen jullie? Zijn jullie spraak en tred goed? Kijk naar de wereld, naar de bergen en dalen, probeer goed te kijken!”
Toen de eerste mensen alles zagen wat er op de wereld was dankten zij de Schepper en Vormgever. “Wij danken u uit heel ons hart. Wij zijn geschapen, wij hebben een mond en een gezicht ontvangen. Wij spreken, wij horen, wij denken en wij lopen. Wij zien en kennen alles wat veraf en wat dichtbij is, de grote en de kleine dingen. Wij danken u, Schepper en Vormgever, omdat u ons hebt geschapen en ons het zijn hebt gegeven.”
Maar de Schepper en Vormgever maakte zich zorgen. “Het is niet goed dat onze schepsels alles weten, al het grote en het kleine. Wat moeten wij doen? Het is beter dat zij alleen maar aanschouwen wat dichtbij is, dat ze alleen maar een stukje van de aarde zien. Het zijn immers maar eenvoudige schepsels. Moeten zij ook nog goden zijn? Misschien willen zij zich niet voortplanten wanneer de dageraad aanbreekt. Laten wij hun verlangens een beetje beteugelen, want het is niet goed dat zij alles zien. Misschien willen zij wel gelijk worden aan ons, die hun Schepper zijn, wij die grote afstanden kunnen overbruggen en alles weten en zien.”
Zo sprak Hart van de Hemel, de Schepper en Vormgever. Daarop legde hij een waas over hun ogen, zoals wanneer je over een spiegel ademt. Hun ogen raakten verduisterd en zij konden alleen nog helder zien wat dichtbij was. Zo werden de wijsheid en kennis van de vier eerste mensen vernietigd. Zo werden onze grootouders geschapen en gevormd door Hart van de Hemel, Hart van de Aarde.
Vervolgens werden ook de vier echtgenoten gemaakt. God zelf vormde ze met grote zorg. Terwijl de mannen sliepen, naderden de vrouwen en zij waren werkelijk heel mooi. Toen de mannen wakker werden en de vrouwen zagen, waren zij zeer verheugd.
De eerste mensen plantten zich voort. Uit hen werden grote en kleine stammen geboren. Ook wij stammen van hen af. Veel priesters en offeraars brachten zij voort.
.
.
Veel mensen werden geboren en in de duisternis plantten zij zich voort. De zon was nog niet opgegaan en er was nog geen licht. Zij waren talrijk en trokken rond in het oosten. Maar God vereerden zij niet. Zij richtten enkel hun gelaat naar de hemel en wisten niet wat zij zo ver waren gaan zoeken.
Zij spraken met elkaar en vol ongeduld wachtten zij op de komst van de dageraad. Met hun gelaat naar de hemel gekeerd richtten zij hun smeekbeden tot God:
“Zie ons, hoor ons,
laat ons niet alleen, vergeet ons niet.
God, die in de hemel en op aarde bent,
Hart van de Hemel, Hart van de Aarde.
Geef ons kinderen,
geef ons nakomelingen,
zolang de zon haar baan aflegt en het licht is.
Laat het licht worden,
laat de dageraad aanbreken.
Geef ons goede, vlakke wegen.
Dat de volken vrede kennen, veel vrede en geluk.
Geef ons een goed en nuttig leven”.
Zo spraken zij, terwijl zij baden om de opgang van de zon en de komst van de dageraad. En tegelijk met de opkomende zon aanschouwden zij de morgenster, die aan de komst van de zon voorafgaat, die de hemel en de aarde beschijnt en de voetstappen verlicht van de mensen die gevormd zijn en geschapen.
.
.
.
.
Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,
.
voel Mijn armen om u allen heen. Voel Mijn liefde, voel wie Ik Ben. Want voelen en ervaren is belangrijker dan denken en overdenken. Wanneer Ik u vraag: “Wat is liefde?”, proberen velen dit vanuit hun verstand te omschrijven of te benaderen. Maar liefde kunt u niet met uw verstand benaderen. Liefde kunt u zelfs niet met uw verstand omschrijven. Liefde is een gevoel. Alles, totaal, onvoorwaardelijk, een gevoel. En ware liefde is zelfs, wat u noemt, een hoger gevoel.
Want liefde is onvoorwaardelijk. Liefde is vrede. Liefde is vreugde. Liefde is respect. Liefde is harmonie. Liefde is evenwicht. Liefde is mannelijk. Liefde is vrouwelijk. Liefde is alles wat is. Het universum is één en al liefde. Maar veel mensen ervaren deze liefde niet omdat ze juist met hun eigen emoties, hun gedachten en gevoelens overhoop liggen. Omdat ze de ware kracht van liefde dikwijls niet durven ervaren. Want ze is zo hemels mooi dat men op aarde dikwijls bang is dat het te mooi is om waar te zijn. Dat het niet zo kan zijn.
Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,
.
Ik vraag u allen om even terug te gaan naar het moment dat u uw grootste liefde in uw leven voor het eerst in uw armen hield. Voor sommigen is dit een partner, een vriend(in), ouders… Maar velen krijgen dit gevoel vooral wanneer ze hun kind in hun armen houden. Het gevoel dat ouders op dat moment voor dit kindje hebben, is onvoorwaardelijk. Het is zelfs overheersend, als het ware. Het mooiste wat er is. Het is pure liefde van ziel tot ziel.
Het is pure liefde van mens tot mens. Maar dit gevoel blijft dikwijls niet duren. Waarom? Omdat angst komt binnensluipen. Op aarde en vanuit het mens-zijn is men dikwijls zo bang om te lijden, bang om te verliezen, bang voor verdriet, bang voor teleurstelling… En geloof Mij, Mijn geliefde zusters en broeders, angst is de grootste sluipende emotie die er is want ze tast zelfs deze prachtige onvoorwaardelijke liefde van ziel tot ziel, van meester-zijn tot meester-zijn in het mensenleven aan.
Want de ouders worden bang dat hun kindje iets zal overkomen. Ouders worden bang dat hun kind niet gelukkig zal zijn, dat ze het niet goed genoeg doen en zo verder. En zo bouwt men om iets wat zo mooi en onvoorwaardelijk is een web dat zoveel lijden teweegbrengt.
Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,
.
om het lijden te stoppen, is het belangrijk dat men oorzaak en gevolg durft zien. Dat men de eigen angst dus onder ogen durft zien. Want het is dikwijls de angst die een raadgever speelt in het leven maar u juist de grootste illusies voor ogen houdt. Het is dikwijls de angst om te leven, de angst om te verliezen die mensen enorm tegenhoudt in het mooiste geschenk wat er op aarde aanwezig is, namelijk liefde. Dit gevoel, dit allesoverheersende gevoel van liefde. Toch zijn er zeer vele mensen die zichzelf dit gevoel ontzeggen. Het niet kunnen vasthouden, juist omwille van de angst en de emoties en gedachten die angst voortbrengt.
Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,
.
al zolang de mensheid en de aarde bestaan, al zolang andere planeten en leven bestaan, bestaat het uit de zoektocht terug naar huis. De zoektocht naar het meester-zijn. De zoektocht naar het eigen licht. De zoektocht naar de eigen tweelingziel. En deze zoektocht is belangrijk. En om deze zoektocht te helpen voltooien, schenk Ik u allen de volgende energieën. Want het is belangrijk dat u in uzelf op zoek durft te gaan. Maar ook dat u liefdevol bent naar uzelf toe want hier ontbreekt het dikwijls aan. Aan voldoende zelfliefde. Er is egoïsme, er is zelfzucht.
Maar zelfliefde komt slechts weinig in een evenwichtige vorm voor. Toch is dit belangrijk. Ik ga u vragen om uw schuld- en schaamtegevoelens los te laten want ze brengen u zoveel verdriet. Ze maken dat u werkelijk lijdt in het leven. Ze maken dat er zoveel op aarde bestaat dat er niet hoeft te bestaan. Want wanneer u beseft dat u allen als het ware een onrustige heen-en-weer springende geest hebt, wordt het voor u eenvoudiger om te begrijpen dat u dikwijls in het leven van de ene tak naar de andere zult springen.
Dat u werkelijk van de hak op de tak springt. Dat er zoveel aanwezig is in het leven. Het is belangrijk om dit alles tot rust te brengen. Want wanneer u in de oase van rust komt, krijgt u een objectief overzicht. Want in de oase van rust in uw leven komt u in een sterk intuïtief contact met uw eigen ziel. En hoe sterker dit intuïtief contact, hoe sterker ook de verbinding met uw eigen Hoger-Zijn, het meester-zijn dat u allen werkelijk bent.
Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,
.
veel van de angsten die de mensheid belemmeren, komen voort uit zaken die men zelf niet in de hand denkt te hebben. Maar eigenlijk komt het ook vooral voort uit het feit dat men bepaalde zaken zo moeilijk kan aanvaarden. Ziekte, ouderdom, dood. Het zijn dikwijls zaken die men vanuit het mens-zijn moeilijk kan begrijpen of kan aanvaarden. En het is dit niet aanvaarden van bepaalde zaken die de lijdensweg nog groter maken. Want in het universum vanuit het leven van de Meester en het bewustzijn van de Meester is alles in evenwicht, is alles perfect.
Maar het Meesterlijk Zijn durft ook aanvaarden dat bepaalde zaken zich zullen voordoen in het leven. Dit om juist een nieuwe weg te tonen, dit om nieuwe kansen te creëren. Want een mens wiens leven goed gaat, heeft geen behoefte aan verandering. Zelfs niet als het een verbetering zou zijn. Men heeft dan de neiging om stil te blijven zitten en als het ware ter plaatse te blijven staan of in slaap te vallen. Maar dit is niet de bedoeling van de evolutie. Vandaar dan ook dat men regelmatig eens wakker wordt geschud.
Maar u gaat merken dat wanneer u bepaalde zaken durft aanvaarden in uw leven dat u vandaar uit weer kunt opbouwen. Er zijn vele ziektes die genezen kunnen worden. Sommigen niet. Maar in deze tijd zijn er werkelijk zeer veel mogelijkheden. Wanneer men durft zien en aanvaarden dat dood enkel intreedt wanneer de ziel ervoor kiest, is het verdriet omwille van het gemis nog aanwezig maar niet meer zozeer de strijd met het leven zelf. Want het hoort bij elkaar. Wanneer men vecht tegen ouderdom, zal men des te meer lijden onder ouderdom.
Want het hoort bij het leven. Maar wanneer men dit aanvaardt, wanneer men de mooie herinneringen koestert, wanneer men trots is op de eerste lijntjes en rimpels omdat het juist levensvreugde en levenservaring uitstraalt, zult u merken dat het lichaam en de geest hier anders op reageren. Wanneer u hierin een andere visie durft aannemen, wanneer u bepaalde zaken durft loslaten en anders durft te bekijken, zult u merken dat het eenvoudiger wordt. Want weet dat wat op aarde aanwezig is, is aanwezig om iedereen naar een staat van meesterlijk bewustzijn te brengen.
Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,
.
het jaar, het legendarische jaar 2012 is het einde van een cyclus en tezelfdertijd een nieuw begin. Wees hierover in vreugde want velen voelen in deze tijd een groot verdriet. Maar dit verdriet is niet nodig. Ik vraag u om het lijden voor uzelf te beëindigen. En Ik zal een sluier oplichten zodanig dat het voor u makkelijker wordt om de energieën in deze tijd te begrijpen. U kent Mij dikwijls in Mijn eigenheid en in Mijn Zijn als Maria Magdalena. Wij waren een grote familie. Wij waren werkelijk een grote gemeenschap met vele leraren, met vele leerlingen maar vooral met vele zielen die elkaar werkelijk liefhebben.
Vele zielen die deze staat van vrede, vreugde, harmonie en het meesterlijk bewustzijn konden voelen en konden ervaren. Door de tijd heen zijn er nog vele gemeenschappen in kleinere vorm bijeen geweest, hebben samengeleefd, samen opgebouwd. Maar in deze tijd waarin vele zielen aan het ontwaken zijn, voelen ook velen het verlangen. Het verlangen dat soms pijn doet. Het verlangen dat het gemis aan die oude tijd, aan die oude vrienden, aan die oude gemeenschappen weer naar boven laat komen. U zou het kunnen ervaren als een gemis en een verdriet van de ziel, hoewel dit niet helemaal waar is.
Maar zo ervaren zeer vele zielen en mensen dit. Maar weet, Mijn geliefde broeders en zusters, dit verdriet, dit gemis maakt deze mensen die dit sterk voelen ook juist bijzonder sterk. Want zij gaan op zoek. Zij gaan op zoek naar hun zielenbroeders, zielenzusters. Ze gaan op zoek naar hun zielsverwanten, maar ook, ze gaan op zoek naar Ons. Ze leren Ons weer kennen in de hoedanigheid van Ascended Masters, als Lichtwezens. Ze leren Ons kennen in de hoedanigheid van Broeders en Zusters. Ze leren Ons kennen in de hoedanigheid van wie Wij zijn.
Maar weet dan ook dat het belangrijk is, zeker naar de toekomst toe, dat men terug beseft dat gemeenschappen weer samen kunnen komen. Dat Onze dimensie niet veraf is. Dat Wij geen buitenaardse dimensie zijn. Wij zijn zeer, zeer dichtbij. Dicht bij u allemaal. En hoe meer u allen ontwaakt in dit verlangen, hoe meer u allemaal bewust wordt van dit verlangen dat bij sommigen werkelijk verdriet of gemis kan veroorzaken. Weet dat het gemis en het verdriet zal verdwijnen op de dag dat u zich werkelijk overgeeft aan Onze energieën.
Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,
.
deze uitnodiging richten Wij naar u allen en Wij weten dat u Ons ook uitnodigt op de aarde en dit is belangrijk want deze uitnodigingen worden aanvaard, ze worden geaccepteerd. En Ik vraag u om niet in een onrealistisch sprookje te stappen maar blijf goed in uw eigen leven aanwezig. Want weet dat velen bepaalde verwachtingen hebben die de eerstkomende jaren nog niet ingevuld zullen worden. Er dient nog zeer veel te gebeuren op aarde en er staan nog zeer turbulente tijden voor de deur.
Want de aarde gaat werkelijk zeer snel in haar trilling, de energie wordt enorm snel verhoogd en bepaalde zaken dienen werkelijk eerst terug te worden afgebroken alvorens ze weer volledig opnieuw worden opgebouwd. Maar Mijn geliefde broeders en zusters, de deur naar het eigen meesterschap staat in deze tijd werkelijk wagenwijd open. In de energieën die er nu zijn, is het veel eenvoudiger om uw eigen meester te ontmoeten.
Niet enkel de Meester die u begeleidt, niet enkel de gids die u begeleidt maar wel wie u bent. Wie u bent in werkelijkheid, in uw waarheid. U mag het verlangen, het gemis gaan invullen en op die manier deel uitmaken van Onze wereld. Werelden die samen horen, samen zullen zijn omdat zij altijd samen hebben bestaan.
Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,
.
de mensheid komt uit een tijd van individualisatie en mag nu terug groeien naar een tijd van eenheid. Maar het terug op aarde brengen van de eenheid vraagt soms werkelijk barensweeën. Maar denk aan de moeder die haar kind baart. Denk aan de vader die voor het kind zorgt. Zij hebben dit kind werkelijk onvoorwaardelijk lief. Het is een nieuw leven, het is een nieuw geluk. Het zijn nieuwe kansen. Het is de hoop voor de toekomst. Het is de hoop van het heden.
Ook in uw wereld is dit op dit moment aan het gebeuren. De aarde raakt zwanger, ze baart als het ware nieuw leven, nieuw leven in eenheid en het is belangrijk om in vertrouwen te zijn, niet in de angst dat de liefde of het liefdevolle gevoel niet blijft duren. Maar ga juist in het vertrouwen. Ontvang dit nieuwe leven, het nieuwe leven in eenheid.
Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,
.
een van de grootste uitdagingen voor de mensheid in deze tijd vraagt juist flexibiliteit. Velen zijn als het ware vastgeroest in gewoonten. Maar hier en nu zal gevraagd worden dat gewoonten worden veranderd. Want bepaalde gewoonten waren goed tot op heden maar mogen naar de toekomst toe werkelijk veranderen. Het zal van de mensheid als geheel en als individu zeer veel flexibiliteit vragen. Maar wanneer u klaar bent om zoals eerder vermeld bepaalde angsten los te laten, om voor uzelf de lijdensweg te stoppen en om te zeggen: “Ik aanvaard de dingen zoals ze zijn, het is goed”, dan kunt u van hieruit opnieuw opbouwen.
Dan kunt u zelf uw leven gaan sturen en creëren en zult u merken dat zeer vele energieën juist in balans komen. Want zij die flexibel in het leven staan, zij die durven loslaten wat losgelaten mag worden, zij die durven vasthouden wat belangrijk is om voor te vechten, zullen ook langer in de vorm flexibeler kunnen zijn. Het één hangt samen met het andere. Maar weet, het is juist een boeiende en een zeer mooie tijd. Verheug u in deze tijd. Kijk voor uzelf, wanneer u uw blik naar het verleden richt en u zegt: “Dat zou ik nooit meer doen, daar zou ik nooit meer aan willen beginnen”, kijk dan hier en nu waarom u het hier en nu toch nog zo dikwijls doet.
Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,
.
u zult merken dat de energieën van zowel de herfst- als de lente-equinox zeer bijzondere energieën zijn. Het zijn energieën die u de kans geven om oude gewoonten werkelijk achter u te laten. Maak voor uzelf de keuze. Kom in uw daadkracht.
Mijn geliefde zusters, Mijn geliefde broeders,
.
u gaat zich meer en meer realiseren waartoe de mensheid in staat is. Hierover zal steeds meer geschreven worden. Hierover zal steeds meer naar voor worden gebracht. Niet als sprookjes. Niet als sciencefiction verhalen, hoewel het voor sommigen soms moeilijk te begrijpen is. De verhalen over Mijn geliefde tweelingbroeder, over Mijn geliefde tweelingziel Jesus zijn in de Bijbel opgetekend. Vele van deze verhalen zijn werkelijk waar, dit met name de handelingen waartoe Hij in staat was. Maar deze handelingen waren niet enkel voor Mijn geliefde tweelingbroeder bestemd.
Velen van Ons konden deze handelingen stellen. Velen van ons konden de geest zodanig beheersen dat zij in staat waren tot grootse dingen. Dat wat vanuit mensenogen groots wordt genoemd. Het helen, bepaalde zaken tot stand brengen, het manifesteren en het precipiteren: het zijn allemaal zaken die tot de eigenheid van de mensheid behoren en dit vanuit eigen meesterschap. Men zal hier meer en meer naartoe gaan groeien. Maar u begrijpt dat vooraleer de mensheid deze sleutel krijgt men eerst in het eigen meester-zijn dient te komen.
Dat men in het eigen leven de emoties en gedachten leert controleren, dat men de geest leert beheersen en dat men de eigen geesteskracht leert manifesteren. Zo begint men met kleine stukjes het eigen leven te manifesteren. Verander uw gevoelens en gedachten. Verander uw visie en u zult merken dat u in een opener bewustzijn komt, een bewustzijn waarin alles mogelijk is maar vooral een bewustzijn dat uit liefde bestaat.
Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,
.
liefde uitdrukken in woorden Is onmogelijk. Liefde uitdrukken met het verstand is onmogelijk. Liefde uitdrukken vanuit kennis is onmogelijk. Liefde kunt u enkel laten zien, voelen en ervaren vanuit uw hart. Liefde ervaart men vanuit het eigen Hoger-Zijn in de vorm. Liefde ervaart men, liefde is wat men is. Liefde is werkelijk zijn. Het is een meesterlijke staat van zijn en liefde is onvoorwaardelijk.
Mijn geliefde zusters, Mijn geliefde broeders,
.
voel Mijn armen om u allen heen. Voel Mijn liefde voor u allen. Weet dat velen van u zullen ontwaken vanuit hun ziel. Dat ze Mij weer zullen herkennen in de hoedanigheid van wie Ik Ben, in de hoedanigheid van wie Ik was want velen van u kennen Mij werkelijk. Velen van u kennen Mijn eigenheid maar vooral ook velen van u verlangen naar Mij, missen Onze liefde. Maar weet dat dit verlangen en dit gemis opgelost mag worden want u komt dichter en dichter bij uw eigen kern van zijn en in uw eigen kern van zijn bestaan wij allemaal in eenheid.
Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,
.
voel Mij werkelijk naast u staan als uw aller Zuster in onvoorwaardelijke liefde Maria Magdalena.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
Pasteltekening van John
Hoe ethisch of moreel hoogstaand een leer ook mag zijn, hoe liefdevol, mooi en aantrekkelijk deze mag lijken, hoe vredevol, logisch, vol van goede bedoelingen hij overkomt: als ze Jezus Christus niet brengt als dé goddelijke Zoon van de Vader die als mens op aarde kwam, voor onze zonden aan het kruis stierf en zo Zijn heilige bloed vergoot voor de vergeving van onze zonden en lichamelijk uit de doden is opgestaan en ten hemel is gevaren, kun je er zeker van zijn dat je te maken hebt met een valse leer.
Waarom de Openbaring lezen ?
Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus ‘’.
Openbaring 1 : 3 > ‘’ gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij ‘’.
Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt : ‘’ ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt ‘’.
Dit zijn enkele citaten uit de Bijbel waarin God de mens aanmaant kennis in zich op te nemen over zichzelf en Jezus Christus. Wie God zoekt zal hem vinden. Het is aan de mens om de eerste stap te zetten. Wanneer we God om inzichten vragen zal de Heilige Geest ons geestelijk denken verlichten. Het onbegrijpelijke wordt plots of op het gepaste moment verstaanbaar. In het eerste en het laatste hoofdstuk van de Openbaring zegt Christus tot twee maal toe dat het lezen ervan een zegening geeft. Het woord van God, de Bijbel, is meer dan de traditionele preken en parabels die we al jaren kennen. Kennis opnemen van God is niet alleen bestemd voor theologen, maar voor iedereen. Door die opname van kennis krijgen we inzichten in het verleden en heden waardoor we met een gerust hart en vertrouwen de toekomst tegemoet kunnen gaan.
.
.
.
.
.
.In de Koran Notities “”Dierenrechten in de Islam” wordt een uitgebreide analyse gemaakt van de dierenrechten op grond van de Koran en de Sunna. Daaruit citeren we volgende besluiten :
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
Genesis 1:1 zegt: “In het begin schiep God de hemel en de aarde.” Verderop in Genesis 2:4 lijkt er een tweede, afwijkend verhaal over de schepping verteld te worden. Het idee dat er twee verschillende scheppingsverhalen zijn is een veelgehoorde foutieve interpretatie van deze twee passages die in werkelijkheid dezelfde schepping beschrijven. Ze zijn het niet met elkaar oneens wat betreft de volgorde waarin dingen geschapen werden en spreken elkaar niet tegen.
Genesis 1 beschrijft “zes scheppingsdagen” (en een zevende rustdag) terwijl Genesis 2 slechts één dag van die scheppingsweek beslaat — de zesde dag— en er is geen tegenstrijdigheid.
In Genesis 2 grijpt de schrijver terug op de temporele volgorde van de zesde dag, toen God de mens schiep. In het eerste hoofdstuk zet de schrijver van Genesis de schepping van de mens op de zesde dag neer als het hoogtepunt van de schepping. Daarna geeft de schrijver in het tweede hoofdstuk meer details over de schepping van de mens.
In hoofdlijnen zijn er twee zienswijzen die tegenstrijdigheid veronderstellen tussen Genesis 1 en 2. De eerste betreft het plantenleven. In Genesis 1:11 staat opgetekend dat God het groen op de derde dag schiep. Volgens Genesis 2:5 groeide er vóór de schepping van de mens “op de aarde nog geen enkele struik en was er geen enkele plant opgeschoten, want God, de HEER, had het nog niet laten regenen op de aarde, en er waren geen mensen om het land te bewerken.” Dus, hoe zit het nu? Schiep God de flora op de derde dag voordat Hij de mens schiep (Genesis 1) of nadat Hij de mens schiep (Genesis 2)?
De Hebreeuwse woorden voor “vegetatie” verschillen in de beide tekstdelen. Genesis 1:11 gebruikt een term die slaat op vegetatie in het algemeen. Genesis 2:5 gebruikt een meer specifieke term die refereert aan vegetatie ten behoeve waarvan landbouwactiviteiten uitgevoerd moeten worden, dat wil zeggen er is iemand die er voor zorgt, een tuinman. De passages spreken elkaar niet tegen. Genesis 1:11 heeft het er over dat God vegetatie maakt, en Genesis 2:5 zegt dat God pas “agrarische” vegetatie liet groeien nadat Hij de mens gemaakt had.
De tweede veronderstelde tegenstrijdigheid betreft het dierlijke leven. In Genesis 1:24-25 staat opgetekend dat God de fauna op de zesde dag creëerde, voordat Hij de mens maakte. In sommige vertalingen lijkt Genesis 2:19 te zeggen dat God de dieren maakte nadat hij de mens geschapen had. Een goede en aannemelijke vertaling van Genesis 2:19-20 luidt echter:
“Uit aarde vormde Hij alle dieren op het land en alle vogels in de lucht. Hij bracht ze bij de mens om te zien hoe die ze zou noemen; elk dier zou de naam krijgen die de mens hem gaf. Toen gaf de mens namen aan alle tamme dieren, alle vogels en alle wilde dieren.”
Deze tekst uit de Groot Nieuws Bijbel zegt niet dat God eerst de mens schiep, daarna de dieren schiep en deze vervolgens bij de mens bracht, maar dat de Heer “uit aarde alle dieren op het land en alle vogels in de lucht” (al) gevormd had. Er is geen tegenstrijdigheid. Op de zesde dag schiep God de dieren, daarna de mens en daarna bracht hij de dieren bij de mens zodat de mens ze kon benoemen.
Door de twee scheppingsverhalen individueel te beoordelen en ze daarna met elkaar in overeenstemming te brengen, zien we dat God de volgorde van de schepping in Genesis 1 beschrijft, en dan de belangrijkste details, in het bijzonder die van de zesde dag, nader toelicht in Genesis 2. Er is geen sprake van een tegenstrijdigheid, maar van een vaak gebruikte literaire wijze om een gebeurtenis eerst in zijn algemeenheid en dan specifiek te beschrijven.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
“De aarde nu was woest en leeg, en duisternis lag over de watervloed…” (Genesis 1:2)
God heeft in zes dagen deze mistroostig uitziende aarde van Genesis 1:2 tot een prachtige, volmaakte schepping gemaakt.
“God keek naar alles wat hij had gemaakt en zag dat het zeer goed was.” (Genesis 1:31)
De zes scheppingsdagen, zoals beschreven in Genesis 1, vertonen een bepaalde structuur.
.
.
| voorbereiding | vervulling | ||
|---|---|---|---|
| 1 | licht | 4 | zon (+ maan + sterren) |
| 2a | atmosfeer | 5a | vogels |
| 2b | zeeën | 5b | vissen |
| 3a | vasteland | 6a | landdieren |
| 3b | eerste leven: planten | 6b | hoogste leven: mens |
.
.
De manier waarop God de puinhoop aarde van Genesis 1:2 in zes dagen tot iets moois heeft geschapen of herschapen, is een afbeelding van de manier waarop God een ontluisterd mensenleven wil herscheppen tot een nieuwe schepping.
1 : De voorbereidingfase (scheppingsdagen 1-3) kan worden vergeleken met de beginfase van het christenleven: wedergeboorte, de eerste leerperiode en een begin van geloofsgroei en vruchtdragen.
2 : De vervullingfase (scheppingsdagen 4-6) kan worden vergeleken met groeiende geestelijke volwassenheid. In de geestelijke betekenis van de begrippen is er natuurlijk een geleidelijke overgang van de eerste naar de tweede fase.
.
.
.
.
.
Het licht van scheppingsdag 1 wijst op de komst van Jezus, die zichzelf terecht het licht voor de wereld noemde.
“Ik ben het licht van de wereld. Wie Mij volgt, gaat zijn weg niet in de duisternis, maar zal het ware levenslicht hebben.” (Johannes 8:12)
Evenals licht de belangrijkste energiebron is voor de aarde en de belangrijkste voorwaarde voor leven, zo heeft het licht in geestelijke zin alles te maken met het nieuwe leven. God wil dit leven geven aan ieder mens die het van Hem wil ontvangen. Zodoende is de doorbraak van het licht op de eerste scheppingsdag een beeld van bekering en wedergeboorte, het begin van de wandel in het licht:
“Dezelfde God die gesproken heeft: Uit de duisternis zal het licht schijnen, heeft zijn licht doen schijnen in ons hart…” (2 Korintiërs 4:6)
Daarna gaat God verder met zijn herscheppingswerk in de mens. Onder invloed van het licht van de eerste scheppingsdag volgt een levenslang proces van geloofsgroei en vernieuwing. Door de zegenrijke werk van Gods Geest in het hart van de gelovige dringt dit licht steeds verder door tot in alle aspecten van het leven.
.
.
Het geschikt maken van de atmosfeer is een illustratie van het verstandsaspect van geloofsgroei of kort gezegd: groei in geloofszekerheid. De nadruk ligt daarbij op de nieuwe inzichten die je als gelovige krijgt door de werking van de Heilige Geest in je verstand.
Gezonde lucht is de eerste levensbehoefte van de mens. Zo heeft de gelovige het nodig dat hij zich dagelijks laat inspireren door de Bijbel om een krachtig fundament van waarheid te ontwikkelen en een gezonde manier van denken. Hoe meer de gelovige zijn verstand laat verlichten door de ‘adem van Gods Geest’, hoe beter zicht hij heeft op God en zijn bedoelingen met zijn leven.
De wind zorgt voor zuivering van de atmosfeer, doordat schadelijke dampen en gassen worden weggevoerd en verspreid. De Heilige Geest wil ons helpen de leugens van de wereld te ontmaskeren en af te wijzen, zodat onze gedachten er niet door vergiftigd worden. Zodoende is de atmosfeer ook een beeld van ons geweten dat ons bovendien helpt om rein te leven volgens Gods leefregels.
.
.
Het scheiden van het water is een illustratie van het gevoelsaspect van geloofsgroei of kort gezegd: groei in geloofsvertrouwen. De nadruk ligt daarbij op de geloofsbeleving die je als gelovige krijgt door de werking van de Heilige Geest in je gevoelsleven. Behalve lucht is ook water noodzakelijk voor leven op aarde. Water is het beeld van het beweeglijke element in de mens, zijn gevoelsleven.
Op scheppingsdag 2 ontstaat er een evenwicht tussen de atmosfeer (boven) en de watermassa’s (beneden). Evenzo moet je verstand in evenwicht komen met het gevoel, waarvan water een beeld is. Hoe meer je verstand zich laat verlichten door het Woord van God, hoe beter je als gelovige leert om te gaan met beproevingen en verleidingen. Hierdoor en door je persoonlijke omgang met God en wat je leert door omgang met medegelovigen leer je steeds meer op God te vertrouwen. Zo leer je te genieten van een gelukkig leven vanuit de verbondenheid met God, ook onder moeilijke omstandigheden.
Het leerproces van scheppingsdag 2 gaat vaak gepaard met veel innerlijke strijd en dat wordt eigenlijk pas op scheppingsdag 3 afgerond, als het vasteland tevoorschijn komt, ofwel als de overwinning in die innerlijke strijd zich begint af te tekenen. Dit heeft ook te maken met het feit dat het verslag van scheppingsdag 2 niet wordt afgesloten met de gebruikelijke woorden: “God zag dat het goed was”. Aan het einde van scheppingsdag 2 is er immers nog geen ‘eindproduct’. De strijd is nog niet geheel gestreden…
.
.
Het ontstaan van het vasteland is een illustratie van het wilsaspect van geloofsgroei of kort gezegd: groei in geloofskracht. Daarbij gaat het vooral om je toewijding aan Jezus en de nieuwe kracht die je als gelovige krijgt door de werking van de Heilige Geest ten opzichte van je wil. Het oprijzen van vaste grond boven het wateroppervlak, doet denken aan de opstanding van Jezus. Zoals het vasteland het heeft gewonnen van de zee, zo heeft Jezus aan het kruis de grootste overwinning van alle tijden behaald. Het leven heeft eens en voorgoed gewonnen van de dood.
“… Jezus zei: ‘Ik ben de opstanding en het leven …” (Johannes 11:25)
Het ontstaan van het vasteland symboliseert ook de overwinning in de innerlijke strijd van scheppingsdag 2, tegen leugens, overweldigende levensomstandigheden, zondige verlangens, enzovoort. Die overwinning komt tot stand doordat je met je wil kiest om te doen wat God in zijn woord zegt (geloofsgehoorzaamheid). Dan krijg je in geestelijke zin vaste grond onder je voeten. Je leert bouwen op God, de Rots, waardoor je niet meer zo snel wankelt. Telkens wanneer je gedurende de innerlijke strijd tot overwinning komt, ontstaat er geestelijk gezien een stuk vasteland.
“En dit is de overwinning, die de wereld overwonnen heeft: ons geloof.” (1 Johannes 5:4)
Tijdens scheppingsdag 2 PROBEER je uit geloof te leven; op scheppingsdag 3a LEEF je uit geloof.
.
.
Het ontstaan van plantengroei is een illustratie van het gedragsaspect van geloofsgroei of kort gezegd: groei in geloofspraktijk. De nadruk ligt daarbij op de nieuwe levensstijl die je als gelovige ontwikkelt door de werking van de Heilige Geest ten opzichte van je gedrag.
Plantengroei is de eerste geschapen levensvorm op aarde. Een levend geloof is een vruchtdragend geloof ofwel een geloof dat zich uit in de praktijk van het dagelijks leven. Geestelijke vrucht is wat God wil doen in en door elke wedergeboren gelovige. Evenals vruchten aan een boom groeien door het sap dat via wortels en takken wordt aangevoerd, zo groeien geestelijke vruchten in de gelovige door het levende water. Dat is de Heilige Geest die door en uit de gelovige stroomt.
“De Schrift zegt over wie in mij gelooft: Zijn hart zal een bron zijn waaruit stromen levend water vloeien.” (Johannes 7:38)
De meeste planten groeien op de vaste grond. Eerst ontwikkelt zich het gedeelte ONDER de grond en vervolgens het bovengrondse deel. Het wortelgestel zorgt onder meer voor de stabiliteit van de plant en de opname van voedingsstoffen uit de grond. Het zorgt ervoor dat de boom onder alle weersomstandigheden kan overleven en vrucht dragen. Dat voorbeeld wordt uitgewerkt in Psalm 1, waarin een gehoorzame gelovige wordt vergeleken met een boom die bij het water geplant is. Daardoor is die boom in staat om vrucht te dragen, terwijl zelfs de bladeren bij droogte niet verpieteren.
.
.
Met scheppingsdag 4 begint de vervullingsfase van de schepping en die staat symbool voor het volwassen stadium van de gelovige. Het gaat daarbij om een verdere, diepere uitwerking van wat er tijdens het jeugdstadium is geleerd. In de normale betekenis van het woord betekent volwassen worden dat je leven niet meer alleen om jezelf draait, maar dat je ook verantwoordelijkheid neemt voor anderen. Geestelijke volwassenheid betekent in de eerste plaats: niet zozeer eigen welzijn en zegeningen nastreven, maar gericht zijn op Jezus (de zon) en op het zegenen van je medemensen.
De zon kunnen we zien als een beeld van Jezus, die op de aarde is gekomen om het licht van God te laten schijnen in de harten van de mensen als het ‘licht van de wereld’. De maan kan gezien worden als het beeld van zijn Gemeente, terwijl individuele gelovigen kunnen worden vergeleken met sterren.
“opdat u zuiver en smetteloos bent, onberispelijke kinderen van God te midden van een verdorven en ontaarde generatie, waartussen u schittert als sterren aan de hemel.” (Filippenzen 2:15)
Zon en maan hebben beide als taak licht te geven op aarde. De maan en de sterren verrichten hun taak wanneer de zon onzichtbaar is, ofwel in de nacht, in afwachting van de wederkomst van de Heer. Daarom heeft de Gemeente als geheel en afzonderlijk de opdracht om licht in de wereld te verspreiden. Jezus zei:Ik ben het licht der wereld (Johannes 8:12) maar ook: jullie zijn het licht der wereld (Johannes 5:13) om Jezus te laten zien.
.
.
Op scheppingsdag 5a, 5b en 6a heeft God de dieren geschapen die een beeld zijn van een verdere vervulling van je verstand, gevoel en wil: verdieping van inzicht, geloofsbeleving en geloofskracht.
Op scheppingsdag 6b heeft God de mens geschapen als de hoogste scheppingsvorm en het meest op God gelijkende evenbeeld. Deze scheppingsdag is een overduidelijk beeld van wat er gebeurt als iemand met God wandelt: er groeit een levensstijl van zegenen , echte liefde en offerbereidheid in navolging van Jezus. Als een gevolg van het proces van geloofsgroei gaat het karakter van de gelovige steeds meer op dat van Jezus lijken. En dat is het hoogste doel voor de mens tijdens zijn leven op aarde.
.
.
De diepere bedoeling van deze dag is dat mensen de rust ontdekken die bij Jezus te vinden is: rust om je geestelijke bestemming te vinden bij de wedergeboorte, rust om tijdens het leven te blijven vertrouwen op Gods hulp, en de rust in het hiernamaals als je aardse taak als gelovige is afgelopen en je Jezus op een nieuwe manier zal mogen dienen in het hiernamaals.
.
.
.
.
.
.
De Bijbel is geen wetenschappelijk boek, maar een boek over God en over mensen. De Bijbel bestaat uit 66 boeken met geschiedenis, liederen, gedichten, spreuken, profetieën en brieven. Hij is geschreven door meer dan 40 mensen, gedurende een periode van ongeveer 1600 jaar.
De boeken zijn geschreven in het Hebreeuws, Grieks en Aramees. Ze zijn geschreven op de continenten Azië, Afrika en Europa. Er zit een periode van 400 jaar tussen het ‘Oude’ en het ‘Nieuwe Testament’. Toch is de Bijbel een eenheid en alle belangrijke details kloppen. Er zijn tienduizenden manuscripten en fragmenten gevonden. Geen enkel boek uit de oudheid kan daaraan tippen. Daarom kunnen we de Bijbelse geschriften gebruiken om een beeld te vormen van de geschiedenis van de aarde. Dat houdt in dat we uitgaan van een recente schepping (6000 – 8000 jaar geleden)en een grote overstroming die ongeveer jaar 1500 jaar later gebeurde. Deze overstroming werd overleefd door 8 mensen die onze voorouders zijn.
De Bijbel kan zonder problemen als een betrouwbare beschrijving van de geschiedenis gezien kan worden. God wil zichzelf ook bewijzen aan mensen die Hem daarom vragen (dit blijkt uit verschillende delen van de Bijbel, zoals de geschiedenis van de ‘ongelovige Thomas’). Een wetenschapper kan zonder problemen de Bijbel met het volste vertrouwen omarmen, zonder zijn of haar wetenschappelijke integriteit te verliezen. Het is in een Bijbels denkkader geoorloofd om kritische vragen te stellen en ook een antwoord te verwachten!
Er staan ook dingen in de Bijbel die niet wetenschappelijk kunnen verklaard worden. Deze ‘wonderen’ of ‘tekenen’ zijn juist het mooie van de Bijbel omdat ze waargenomen zijn te midden van de alledaagse werkelijkheid.

Nederlandse Bijbelcompagnie – Statenvertaling 1865
Het Oude Testament is door de Masoreten (overleveraars, Joodse geleerden) in een periode van 500 tot 900 na Christus letter voor letter overgeschreven. Elke foute kopie werd vernietigd. De Dode Zee rollen, die dateren uit de periode ca. 250 vóór Christus tot ca. 50 na Christus, werden gevonden in 1947 in grotten bij Qumran. Hoewel deze manuscripten 1000 jaar ouder zijn dan die van de Masoreten, bleken ze daar toch zeer nauwkeurig op aan te sluiten.
Er wordt vanuit een evolutionistisch denkkader vaak aangenomen dat mensen eerst geleidelijk aan gingen praten en later pas gingen schrijven. Maar in de Bijbel staat dat God de mens helemaal perfect schiep. Adam was zo gemaakt dat hij gelijk kon praten, want hij sprak met God en zijn vrouw (zie Genesis). Daaruit kun je afleiden dat hij waarschijnlijk ook kon schrijven. En zelfs al schreef hij niet; hij was Gods eerste mens en moet dus een perfect geheugen gehad hebben.
Hij heeft 930 jaar geleefd en kreeg veel kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen, die onder andere al metaal bewerkten en instrumenten bespeelden. Het is heel waarschijnlijk dat er toen ook al geschreven werd en dat uiteindelijk een aantal van die geschriften meegingen met Noach in de ark. Onze kennis van de vroegste culturen kan alleen maar bevestigen dat taal altijd een hoge mate van complexiteit gehad heeft. Oude talen zijn eerder ingewikkelder dan eenvoudiger.
De betrouwbaarheid van de Nieuwe Testamentische geschriften is nog groter dan die van het Oude Testament. Er zijn 24000 manuscripten gevonden en vergeleken. Veel meer dan enig ander werk uit de oudheid. (De Ilias van Homerus komt op de tweede plaats met 643 manuscripten).
Er zijn geen belangrijke verschillen tussen de manuscripten, alleen wat namen en onbelangrijke spelling.
Over de betrouwbaarheid van het Nieuwe Testament wordt door taal- en geschiedkundigen nog minder getwijfeld dan over het Oude Testament. Dat vrijwel alle gevonden oude kopieën identiek zijn is een sterk bewijs dat de geschriften accuraat zijn overgeleverd.
Een ander sterk argument voor de betrouwbaarheid van de inhoud is dat de mensen die het geschreven hebben (behalve Johannes) allemaal een gruwelijke dood gestorven zijn, omdat ze vast bleven houden aan wat ze geschreven hadden over Jezus.
Wetenschap gaat over het vergaren van kennis en inzicht. Feiten geven inzicht in de dingen die we willen weten. De Bijbel geeft ons bepaalde feiten. Veel van die feiten zijn in de loop der jaren door de wetenschap bevestigd. Dit maakt het waarschijnlijk dat de schrijvers van de Bijbel kennis van zaken hadden en niet puur schreven vanuit de behoefte een religie te stichten. Ze schreven de dingen waarheidsgetrouw op zoals zij ze zagen.
De Bijbel is een boek over geestelijke dingen, met symboliek, leefregels en moraal. Er staan ook dingen in die geschiedkundig kloppen en bevestigd kunnen worden door onze huidige kennis van biologie, natuurkunde, sterrenkunde, archeologie, paleontologie en dergelijke.
.
1.
“Hij hangt de aarde op aan niets.” Dit staat in Job 26:7
2.
Hebreeën 11:3 zegt dat alles wat we zien gemaakt is van dingen die we niet kunnen zien. Dat klopt. We kunnen atomen niet met het blote oog zien. De elementen waaruit atomen bestaan, kunnen helemaal niet gezien worden.
3.
Genesis 1:1 en Hebreeën 1:10-12 gaan over een ‘begin’ en een ‘einde’ van hemelen en aarde. Tijd en ruimte hebben een begin, maar ook een einde. Dat wordt nu ook door wetenschappers erkend, hoewel dat niet altijd zo was.
4.
Genesis 6:15 geeft de perfecte afmetingen voor een stabiel vrachtschip waarmee Noach (met zijn gezin en van elk basistype landdier een paar of een groep) de zondvloed kon overleven.
5.
Leviticus 15:13 geeft instructies voor het wassen met water. Dit moest stromend water zijn, geen stilstaand water. Eeuwenlang hebben mensen zich met stilstaand water gewassen, met alle gevolgen van dien. Vandaag de dag weten we hoe belangrijk het is om zich met stromend water te wassen.
6.
In Deuteronomium 23:12-13 krijgt het volk Israël in de woestijn de opdracht om hun uitwerpselen buiten het kamp te begraven. Ze hadden daarvoor zelfs een schepje in hun standaard uitrusting. Hoeveel mensen zijn er in de middeleeuwen niet gestorven aan ziektes, die voorkomen hadden kunnen worden als ze zich aan deze instructies hadden gehouden?
7.
Job 38:16 spreekt over de ‘fonteinen van de zee (oceaan)’. Deze onderwater fonteinen zijn in de zeventiger jaren van de vorige eeuw ontdekt. Er zijn inderdaad fonteinen op grote diepte. De fonteinen waarover in Genesis 7:11,12 wordt gesproken waren catastrofaal; misschien veroorzaakt door het scheuren van de aardkorst en magma of gesmolten zout dat de zee instroomde. Mogelijk zijn de huidige fonteinen restanten van die catastrofale gebeurtenis.
8.
Volgens Jona 2:5-6 zijn er bergen in de zee. Ook dit is in de afgelopen eeuw ontdekt.
9.
Leviticus 17:11,14 zegt dat het leven in het bloed zit. Aderlating bij zieke mensen heeft veel slachtoffers geëist . Nu weten we dat essentiële voedingsstoffen en zuurstof door het bloed naar alle delen van het lichaam worden getransporteerd.
10.
Volgens Genesis 1:24 schiep God alle dieren naar hun ‘aard’ of ‘soort’. Dit stemt overeen met wat wetenschappers waarnemen. Honden brengen honden voort. Katten brengen katten voort. Rozen brengen rozen voort. Verschillende soorten kunnen niet gekruist worden. Belangrijker is dat het nog nooit is waargenomen dat een bepaalde soort in een nieuwe is overgegaan. Er zijn bijvoorbeeld wel meerdere ‘soorten’ honden, kippen of paarden, maar daarvan weten we dat ze uit één grondsoort komen.
11.
Volgens Genesis 2:7 en 3:19 is de mens gemaakt van het stof van de aarde. Wetenschappers hebben ontdekt dat het menselijk lichaam bestaat uit ongeveer 28 basis- en sporenelementen, die ook allemaal in de aarde gevonden worden.
12.
In de eerste drie verzen van Genesis wordt de schepping van alle bekende aspecten van onze zichtbare wereld beschreven: tijd, ruimte, materie en energie. Genesis 1:1-3 zegt: “In het begin (tijd) schiep God de hemelen (ruimte) en de aarde (materie). En God zei, laat [er] licht (energie) zijn.” God schiep dus hemel en aarde door eerst licht te maken. We weten dat de materie bestaat uit deeltjes die zo ‘groot’ zijn als een lichtstraal.
13.
In Jesaja 40:22 staat niet dat de aarde plat is, zoals velen hebben beweerd, maar het beschrijft de aarde als een cirkel en de hemel als een tent die ‘uitgestrekt’ is. Deze Goddelijke handeling van ‘uitrekken’ of ‘uitspreiden’ kan worden gebruikt om te verklaren waarom wij sterrenlicht zien van miljarden lichtjaren ver, terwijl de aarde volgens de Bijbel slechts duizenden jaren oud is.
14.
Psalm 8:8 beschrijft de ‘paden’ van de zee die door de vissen worden genomen. Er zijn inderdaad paden in de oceanen, wij noemen ze ‘zeestromen’,
15.
In een tijd dat er minder dan 5000 sterren zichtbaar waren schreef Jeremia (33:22) dat het aantal sterren ontelbaar was. We weten nu dat het aantal sterren alleen te schatten is.
16.
Petrus voorspelde (in 2 Petrus 3:5-6) dat de zondvloed zou worden ontkend en dat ermee zou worden gespot. En dat gebeurd inderdaad nog steeds, ondanks de vele bewijzen voor een wereldwijde overstroming.
17.
Veel geologen zijn het erover eens dat de continenten aan elkaar hebben gezeten. Genesis 1:9-10 zegt dat het water naar één plek samenvloeide, wat inhoudt dat het land uit één stuk bestond.
18.
God ‘weeft’ of ‘borduurt’ ons in de baarmoeder. (Psalm 139:13-15). Het is inderdaad zo dat onze ‘weefsels’ als een soort ‘borduurwerk’ in elkaar zitten.
19.
Wetenschappers zijn er nu achter dat we allemaal van één set genen afstammen. Handelingen 17:26 en Genesis 5 geven al aan dat we allemaal van één man afstammen.
20.
Genesis 11 verklaart de verschillende taalgroepen en rassen die we nu kennen. De evolutietheorie biedt daar geen goede verklaring voor.
21.
Wetenschap heeft bevestigd dat bladen van bomen als medicijn kunnen dienen (Ezechiël 47:12 en Openbaringen 22:2).
22.
De Bijbel beschrijft de kringloop van het water in o.a. Prediker 1:7 en Job 36:27,28. Het opstijgen van damp uit de zeeën, de regen en de rivieren.
23.
De besnijdenis van jongetjes op de achtste dag is ideaal omdat alleen op die dag de bloedstollingswaarde 110% is.
24.
Het licht volgt een pad volgens Job 38:19. Tot de zeventiende eeuw werd geloofd dat het licht overal direct is. Nu weten we dat het licht inderdaad een weg aflegt.
25.
Archeologie heeft bevestigd dat onze voorouders niet primitief waren, maar dat ze gebruik maakten van legeringen (sommige legeringen kan men niet eens namaken), ze hadden luchtgekoelde gebouwen, maakten instrumenten, bestudeerden de sterren en nog veel meer (Gen. 4:20-22, Job 8:8-10 en 12:12).
26.
Brute holbewoners worden beschreven in de Bijbel (Job 30:1-8). Het waren geen primitieve voorouders, maar verwilderde mensen uit de turbulente periode na de zondvloed. Job is één van de oudste boeken van de Bijbel en is mogelijk niet zo lang na de zondvloed geschreven.
27.
De sterrengroepen Pleiaden en Orion worden beschreven in Job 38:31. De Pleiaden zijn gebonden en Orion is los volgens deze tekst. Dit is inderdaad het geval. De Pleiaden zijn gebonden door gravitatiekrachten en de sterren van Orion bewegen van elkaar af.
28.
Alleen de Bijbel kan verklaren waar het menselijk gevoel voor moraal, schoonheid en muziek vandaan komt. Als het niet door God is ingegeven, waar komt het dan vandaan? Waar komt liefde en altruïsme vandaan? Wat voor nut heeft het? De evolutietheorie heeft daar geen bevredigende verklaring voor.