Tagarchief: wit

Duinreigersbek : Erodium cicutarium

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

49195191.050830001b

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de helder roze of witte bloemen met 5 kroonbladen,
– waarvan er 2 zijn kleiner en
– die hebben bij reigersbek een grijswitte vlek,
– bij duinreigersbek niet en
– het samengestelde, oneven, dubbel veervormige blad

 

 

 

1343977693-650670529

 

 

 

Algemeen

 

In sommige flora’s wordt reigersbek verdeeld in 2 ondersoorten : gewone reigersbek (subsp. cicutarium) en duinreigersbek (subsp. dunense Andreas) Reigersbek is een eenjarige plant van 5 tot 60 cm hoog. Ze groeit op open, droge, matig voedselrijke zandgrond in akkers, bermen en duinen. Duinreigersbek is vrij algemeen in de duinen, elders aangevoerd met duinzand.

 

 

 

 

 

Bloemen

 

Reigersbek bloeit vanaf april tot en met oktober met 5-tallige, licht helder roze of witte bloemen, die met 3 tot 7 een enkelvoudig scherm vormen. De kroonbladen zijn niet alle 5 even groot; 2 zijn kleiner. Bij gewone reigersbek hebben de kleinere kroonbladen een grijswitte vlek aan de basis. Bij duinreigersbek ontbreken die vlekjes.

 

.

 

Erodium cicutarium ssp dunense 8, Duinreigersbek, Saxifraga-Willem van Kruijsbergen

 

 

 

gewone reigersbek

 

 

 

Algemeen

 

ooievaarsbekfamilie (Geraniaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen tot vrij zeldzaam
– 5 tot 60 cm hoog

Bloem
– helder roze, zelden wit
– vanaf april t/m oktober
– enkelvoudig scherm
– 8 tot 17 mm
– stervormig
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 10 meeldraden, waarvan 5 met   helmknoppen
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– samengesteld
– oneven dubbel veervormig
– top spits
– rand gaaf
– voet afgerond
– veernervig
– zacht behaard

Stengel
– rechtop of opstijgend
– behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

Alexandriet

Standaard

categorie :  Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

Alexandriet is genoemd naar de Russische tsaar Alexander ll

 en is een variëteit van chrysoberil.

 

 

Geschiedenis

 

Alexandriet werd in 1832 ontdekt in de Oeral. Het is de meest gewaardeerde variëteit van chrysoberil en is altijd omgeven geweest met sage, overdag ziet alexandriet eruit als smaragd en ’s nachts als een robijn of een amethist. Dit verschijnsel noemt men het alexandriet-effect. De steen werd symbool van het leven en van positieve veranderingen.

 

 

alexandriet-681x504

 

 

 

Rond gefacetteerde alexandriet. De afmetingen zijn 2 x 2 mm . Afkomstig uit Sri Lanka. ¤ 20,-

Rond gefacetteerde alexandriet. De afmetingen zijn 2 x 2 mm . Afkomstig uit Sri Lanka. ¤ 20,-

 

 

 

Voorkomen

 

De belangrijkste afzettingen bevinden zich sinds 1832 in het rivierdal van de Tokowaya in de Oeral in Rusland. Lange tijd was dit de enige vindplaats van alexandriet. Er zijn kristallen gevonden met een grootte van 4 cm. In het Fersman-museum in Moskou bevindt zich een groep alexandrietkristallen van 5,38 kg en met een grootte van 25 x 15 cm.

Hier komen de alexandrieten samen voor met smaragden en fenakieten  in glimmerleisteen. Vaak vertonen ze het kattenoogeffect . Later vond men ook alexandrieten in Brazilië, op Sri lanka en Madagaskar. Op Madagaskar samen met cymofaan, Alexandrieten komen voor met smaragden in de edelsteenafzettingen van de Somabul in Zimbabwe. Recentelijk zijn er ook nog gevonden in India, Zuid-Afrika, en Tanzania, er zijn ook enkele vondsten bekend uit Australië.

 

 

big-alexandrite-61

 

 

 

Bewerking

 

Facetslijbsel, cabochons.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare mineralen

 

andalusiet, granaat met alexandriet-effect.

 

 

 

 

 

 

 

Imitaties

 

Synthetische robijn, doubletten, synthetische alexandriet, korund, spinel met alexandriet-effect.

 

 

az-alexandriet-gr

 

 

Aanbeveling

 

Schoonmaken zonder problemen, door verhitting kan de kleur verloren gaan.

 

 

 

 

 

Verzorging

 

Als bij chrysoberil.

 

 

 

 

Chemische formule A1B2O4
Kleur donker- tot smaragdgroen bij daglicht, violet tot purper bij kunstlicht
Streepkleur wit
Hardheid 8,5
Glans glasglans, vetglans
Breuk schelpvormig
Splijting zeer goed
Kristaloptiek
Brekingsindices Np 1,745, Nm 1,748, Ng 1,755
Dubbele breking 0,008-0,010
Dispersie 0,015
Luminescentie zwak rood, meestal geen
Pleochroïsme dichroitisch

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

ruwe hangers

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

JOHN ASTRIA

 

Albiet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

Het mineraal albiet is een natrium-aluminium-tectosilicaat 

met de chemische formule NaAlSi3O8.

Het is een plaglioklaas en behoort tot de veldspaten.

 

 

 

Eigenschappen

 

Het witte, grijze of lichtblauwgroene albiet heeft een glasglans, een witte streepkleur, een perfecte splijting volgens kristalvlak [001] en een goede volgens [010]. De gemiddelde dichtheid is 2,62 en de hardheid is 7. Het kristalstelsel is triklien en het mineraal is noch radioactief, noch magnetisch.

 

 

184b7cb84d7b456c96a0bdfbbeaa5f14_xl

 

 

 

 

 

 

 

 

Naam

 

De naam van het mineraal albiet is afgeleid van het Latijn albus, dat “wit” betekent.

 

 

lepidolietopalbietruw123gramgroot

 

 

 

Voorkomen

 

Albiet is een zeer veel voorkomende veldspaat in metamorfe-en stollingsgesteenten. Het komt met name voor in pegmatieten. Het is het natrium-eindlid van de plagioklaas-reeks (albiet-anorthiet) en van de kaliveldspaat-reeks (albiet-orthoklaas). De typelocaties voor albiet zijn aangewezen als Amelia in Virginia, VS en de Bourg D’oisans en Isère in Frankrijk.

 

 

tourmalijn in albiet

tourmalijn in albiet

 

Chemische formule NaAlSi3O8
Kleur Wit, grijs of lichtblauwgroen
Streepkleur Wit
Hardheid 7
Gemiddelde dichtheid 2,62 kg/dm3
Glans glas
Opaciteit Doorzichtig tot subdoorschijnend
Breuk Oneffen
Splijting Perfect, [001] & goed, [010]
Kristaloptiek
Kristalstelsel triklien
Brekingsindices 1,528 – 1,542
Dubbele breking 0,0090 – 0,0100

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

rookkwarts met albiet

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

 

mijne kop a4

Magnesiet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Algemene informatie

 

Magnesiet is kleurloos, wit, geel, groen tot bruin. De steen is doorschijnend tot doorzichtig met een glasachtige glans. De steen kan, gepolijst, makkelijk verward worden met howliet. Magnesiet wordt soms turquoise geverfd als goedkope imitatie van turkoois. Het verschil tussen magnesiet en howliet is met het blote oog bijna niet te zien. De mineralen kunnen alleen betrouwbaar onderscheiden worden met behulp van een zuurtest waarbij mineraalpoeder voorzichtig in een verwarmde oplossing van 10% zoutzuur wordt gestrooid.

Magnesietpoeder ontwikkelt hierbij gasbelletjes en howliet veranderd in een gel-achtige massa. Uiterlijk is het enige verschil dat de aders in howliet eerder grijs zijn en in magnesiet meer bruin of zwart. Het verven van magnesiet maakt zijn energie of werking minder krachtig.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: MgCO3

hardheid: 3,7-4,3

dichtheid: 3

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zegekruid : Nicandra physalodes

Standaard

categorie :  Kamerplanten en bloemen

.

.

.

.

Goed te herkennen aan

.
– de grote, klokvormige, blauw-paarse bloemen (2 tot 4 cm) en
– de prachtig gevormde kelk, later als ballonnetje om de vrucht

.

.

.

.

Algemeen

.

Zegekruid hoort van nature niet thuis in ons land. Ze is oorspronkelijk afkomstig uit Peru en zal waarschijnlijk per abuis met andere zaden in Europa ingevoerd zijn. Ze is een eenjarige, sterk vertakte plant, kan tot 1,20 meter hoog worden en groeit op open, vrij droge, voedselrijke, omgewerkte grond in bermen, op braakliggende terreinen, aardappelakkers en moestuinen. Ze is op veel plaatsen ingeburgerd met name in stedelijke gebieden.

.

.

.

.

Bloem

.

Zegekruid bloeit vanaf juli tot en met oktober met opvallende, klokvormige, iets knikkende, blauw-paarse bloemen. De bloemen hebben een wit hart soms met 5 donkere blauw-paarse vlekken. De plant staat maanden in bloei, maar elke bloem bloeit meestal 1 dag en verwelkt snel.

.

.

.

.

Blad

.

De gesteelde bladeren zijn vrij groot (tot 15 cm lang), onregelmatig getand en hebben verspreid zwarte bultjes met haren. De voet is wigvormig en loopt assymmetisch af langs de bladsteel.

.

.

.

.

Vrucht

.

Na de bloei vormen de netvormig geaderde kelkbladen een hangend, eerst groen, later lichtbruin ballonnetje, waarin de vrucht zich ontwikkelt. Het ballonnetje blijft open; de kelkbladen sluiten zich wel, maar vergroeien niet. De vrucht is een giftige bes vol met kleine bruine zaden, die jarenlang hun kiemkracht behouden. Heb je zegekruid eenmaal in je tuin, dan heb je er lang plezier van. De plant zaait zich vanzelf uit.

.

.

.

.

Toepassingen

.

De decoratieve waarde van takken met verdroogde ballonnetjes is hoog; ze zijn zeer geschikt voor droogbloem boeketten. Zegekruid wordt in de tuinbouw toegepast als biologisch bestrijdingsmiddel tegen de schadelijke witte vliegen. Haar geur schijnt de vliegen te verjagen.

.

.

.

.

Vergelijkbare soorten

.

Door de mooie bloemen, het formaat van de plant en de prachtige vruchten is zegekruid niet te verwarren met een andere plant.

.

.

.

.

Algemeen

– nachtschadefamilie (Solanaceae)
– eenjarig
– ingeburgerd, stadsplant
– 0,3 tot 1,20 meter

Bloem
– blauwpaars met wit hart
– vanaf juli t/m oktober
– gesteeld alleenstaand
– 2 tot 4 cm
– klokvormig
– 5 kroonbladen, vergroeid
– 5 kelkbladen, vergroeid
– 5 bijkelkbladen
– 5 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– eirond tot langwerpig
– top spits
– rand onregelmatig gerand
– voet wigvormig
– veernervig

Stengel
– rechtop
– vaak zwart
– stomp vier-of meerkantig

zie wilde bloemen

.

.

.

.

.

.

.

Daslook : Allium ursinum

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de reeds op afstand herkenbare sterke knoflookgeur en
– de (half) bolvormige witte bloeiwijze met 6-tallige bloemen

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Daslook is een vrij zeldzaam, teer bolgewas van bij voorkeur schaduwrijke, vochtige, vrij voedselrijke, kalk-houdende grond in loofbossen in de Lage Landen en als stinsenplant op landgoederen. In Nederland is ze wettelijk beschermd.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Daslook bloeit vanaf april tot en met juni met prachtige zuiver witte bloemen, die aan het eind van een bladerloze stengel in een groot (half) bolvormig scherm bijeen staan. De bloemen zijn stervormig en hebben 6 bloemdek-bladen met spitse, iets toegeknepen top.

 

 

 

.

 

Blad

 

Daslook wordt 20 tot 40 cm hoog en heeft duidelijk gesteelde, parallelnervige, grondstandige bladeren.

.

 

 

.

 

Toepassingen

 

Voor de bloei kunnen jonge bladeren verwerkt worden in salades en soepen. Na de bloei zijn ze giftig. Verwar de bladeren niet met die van het giftige lelietje-van-dalen, de herfsttijloos of de gevlekte aronskelk. Alleen die van daslook ruiken naar knoflook!

Daslook wordt al eeuwenlang gewaardeerd als sterk werkend geneeskrachtig kruid. Ze heeft nagenoeg dezelfde werking als knoflook, maar is nog geneeskrachtiger. Ze bevordert de spijsvertering, heeft een preventieve werking bij aderverkalking en hoge bloeddruk en wordt bij huidziekten toegepast.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

lookfamilie (Alliaceae)
– overblijvend
– vrij zeldzaam, ook als stinsenplant
– 20 tot 40 cm

Bloem
– wit
– vanaf april t/m juni
– enkelvoudig scherm
– 12 tot 20 mm
– stervormig
– 6 bloemdekbladen
– 6 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– grondstandig
– enkelvoudig
– lancetvormig
– top spits, iets toegeknepen
– rand gaaf
– voet afgerond of wigvormig
– parallelnervig
– sterke knoflookgeur

Stengel
– rechtop
– kaal
– 3 kantig of halfrond

zie wilde bloemen

 

.

 

 

 

.

 

.

De 7 stralen van het Goddelijke bewustzijn

Standaard

categorie : reiki en de aura

.

.

7 stralen van het Goddelijke bewustzijn

.

De eindeloze stroom van kosmische energie die vanuit de Bron des Levens het hele Universum overspoelt manifesteert zich in de vorm van 7 verschillende stralen. Iedere straal vertegenwoordigt een bepaald aspect van een Goddelijk bewustzijn. Alle 7 stralen bevinden zich op een uniek trillingsniveau van het kleurenspectrum. Dat wil zeggen dat 7 verschillende kleuren de dragers zijn van spirituele informatie over iedere straal. Als je op de juiste manier de kleur van een Goddelijke Straal in je leven gebruikt, activeer je de geestelijke kwaliteiten van de desbetreffende straal.

.

.

.

.

Dit zijn de kleuren en de kwaliteiten van de 7 Goddelijke Stralen:

.

 

De 1ste straal is blauw van kleur en vertegenwoordigt de volgende aspecten van het leven: bescherming, kracht, macht, leiderschap, geloof, missie, Goddelijke plan, blauwdruk, Goddelijke wil, wilskracht, gehoorzaamheid aan de wil van God.

De 2de straal is goud-geel van kleur en vertegenwoordigt de volgende aspecten: verlichting, wijsheid, Goddelijke bewustzijn, zelfkennis, zelfonderzoek, begrip, psychologie, open bewustzijn, persoonlijke overwinning over het massabewustzijn.

De 3de straal is roze van kleur en vertegenwoordigt de volgende aspecten: schoonheid, kunst, Goddelijke liefde, creativiteit, inspiratie, devotie naar de goddelijke kant in het leven, adoratie, liefde en respectnaar alles wat heilig in het leven is.

De 4de straal is wit van kleur, het is de witte vuurkern die binnenin alle stralen te vinden is. De witte straal is het middelpunt van de goddelijke creatie, de kern van het zijn. Witte straal vertegenwoordigt de spirituele vlam van de Goddelijke Moeder, van Kundalini – levensenergie, en de Hemelvaartsvlam, die de ziel terug naar haar spirituele oorsprong brengt. De kwaliteiten van de witte straal zijn: zuiverheid, zelfdiscipline, zelfbeheersing, geduld, perfectie, orde, structuur, respect, balans, harmonie en eer.

De 5de straal is groen van kleur en vertegenwoordigt de volgende aspecten van het leven: wetenschap, analyse, concentratie, onderzoek, genezing, geluid, klank, muziek, natuur, goddelijke waarheid, kristallisatie van de spirituele energie in de materie, Goddelijke visie, overvloed.

De 6de straal is purper met gouden tintellingen, donkerpaars van kleur en vertegenwoordigt de volgende kwaliteiten: vrede, broederschap, dienstbaarheid, goddelijke oordeel, nederigheid, altruïsme, overgave, naastenliefde, praktische spiritualiteit.

7de straal is violet-magenta van kleur. Symbolisch gezien is het de kleur van de samensmelting van de 1ste blauwe straal met de 3de roze straal. De smelting van de energieën van Goddelijke kracht en Goddelijke liefde manifesteert violette straal, de straal van vergeving en bevrijding van de ziel. De kwaliteiten van de violette straal zijn: vrijheid,vergeving, compassie, rechtvaardigheid, genade, transmutatie vanverleden, zuivering van heden, verbetering van de kansen in de toekomst, vernieuwing, verandering, alchemie, geheime leer, magie,priesterschap, mysticisme, ritueel.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Bosveldkers : Cardamine flexuosa

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

.

 

Goed te herkennen aan
– de kleine witte bloemetjes met (meestal) 6 meeldraden en
– de bochtige, behaarde stengel met 6-9 blaadjes en
– de 15 tot 25 mm lange vruchten die niet of nauwelijks boven de bloemen uitkomen

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Bosveldkers is een eenjarige (soms overblijvend) plant, die 5 tot 40 cm hoog kan worden. Ze groeit op vochtige, voedselrijke grond in loofbossen, langs greppels en beekjes. Ze is plaatselijk algemeen voorkomend.

 

 

.

 

 

Bloem

 

Ze bloeit vanaf april tot en met augustus met kleine witte bloemetjes, die aan de top van de stengel in een tros van zes tot vijfentwintig bloemen staan.

 

 

.

 

 

Blad en stengel

 

Bosveldkers vormt meestal veel-stengelige polletjes. De stengels zijn bochtig, behaard en hebben 5 tot 9 verspreid staande oneven geveerde bladeren. De deelblaadjes van de onderste bladeren zijn rond tot eirond, die van de bovenste bladeren zijn smaller.

 

 

 

.

 

Vergelijkbare soorten veldkers

 

bosveldkers : vruchten komen niet of nauwelijks boven de bloemen uit, 6 meeldraden per bloem, bochtige behaarde stengel.

kleine veldkers : vruchten steken ruim boven de bloemen uit, 4 meeldraden per bloem, meestal niet behaarde stengel met 2 tot 4 bladeren.

bittere veldkers : veel grotere bloemen (ongeveer als pinksterbloemen) met paars-rode helmknoppen.

springzaadveldkers : bladstelen met oortjes.

 

.

kleine veldkers

 

 

 

bittere veldkers

 

 

 

springzaadveldkers

 

 

 

Algemeen

 

kruisbloemenfamilie (Brassicaceae)
– eenjarig, soms overblijvend
– plaatselijk algemeen voorkomend
– 5 tot 40 cm

Bloem
– wit
– vanaf april t/m augustus
– tros
– stervormig
– 5 tot 8 mm
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 4 kelkbladen
– 6 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– samengesteld
– oneven veervormig
– top spits of stomp
– rand gekarteld of getand
– voet scheef of afgerond of wigvormig
– veernervig
– bovenkant verspreid behaard

Stengel
– rechtop
– bochtig
– behaard

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

.

.

 

Robertskruid : Geranium robertianum.

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

.

.

img_6473-geranium-robertianum

.

.

Goed te herkennen aan

.
– de drie witte strepen op de rond getopte kroonbladen en
– het donkergeel tot oranje stuifmeel en
– de onaangename geur bij wrijving

.

.

plantengroep-robertskruid

.

.

Algemeen

.

Robertskruid is een een- of tweejarige plant, die weinig licht nodig heeft en daarom te vinden is op schaduwrijke plaatsen met vochtige, voedselrijke grond en op stenige plaatsen. Ze wordt 10 tot 60 cm hoog en is algemeen voorkomend.

.

.

.

.

.

.

Bloem

.

Robertskruid bloeit van mei tot in de herfst met kleine helder roze (zelden witte) bloemen, meestal twee bij elkaar. De kroonbladen hebben een ronde top.

.

.

.

.

.

Blad en stengel

.

De stengel is dichtbehaard en bij de bladaanhechtingen enigszins verdikt. Als de plant gewreven wordt, verspreidt ze een onaangename geur. De stengel kan op droge plaatsen en in de herfst rood verkleuren. De bladeren zijn in omtrek driehoekig en kunnen verschillende kleuren hebben. De bladsteel heeft een scharnier, waarmee de bla-deren optimaal in het licht gehouden kunnen worden. De wortelbladeren zijn lang gesteeld en verdorren vrij snel.

.

.

.

.

.

vergelijkbare soorten

.

: robertskruid : top kroonbladen rond (niet ingesneden), donkergeel tot oranje stuifmeel.

klein robertskruid : heeft kleinere bloemen, geel stuifmeel, wortelbladeren verdorren niet snel, stadsplant en daar zeldzaam.

klein robertskruid

zachte ooievaarsbek : kroonbladen hebben top-insnijding, bladeren zijn rond en tot halverwege ingesneden.

zachte ooievaarsbek

slipbladige ooievaarsbek : bladeren zijn diep gedeeld in lijnvormige slippen, de kroonbladen zijn even lang als de kelkbladen en ingesneden.

slipbladige ooievaarsbek

kleine ooievaarsbek : bloemen zijn bleek blauw-paars met drie donker paarse strepe

kleine ooievaarsbek

glanzige ooievaarsbek : glanzend blad.

glanzige ooievaarsbek

.

.

.

Algemeen

ooievaarsbekfamilie (Geraniaceae)
– een- of tweejarig
– zeer algemeen tot vrij zeldzaam
– 10 tot 60 cm

Bloem
– helder roze (zelden wit)
– vanaf mei tot in de herfst
– gesteeld, met 2 bij elkaar
– stervormig
– 12 tot 15 mm
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen, behaard
– 10 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– samengesteld
– dubbel geveerd
– top toegespitst
– rand gaaf
– veernervig
– behaard

Stengel
– liggend, opstijgend of rechtop
– behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

.

.

.

robertskruid1

.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

JOHN ASTRIA

Zomerfijnstraal : Erigeron annuus

Standaard

categorie : Kamerplanten en bloemen

.

.

.

.

Goed te herkennen aan

.
– de op madeliefjes lijkende bloemhoofdjes
– met zeer veel en zeer smalle witte straalbloemen

.

.

.

.

Algemeen

.

Zomerfijnstraal is een eenjarige, vrij zeldzame plant die bloeit in juli en augustus.  Ze wordt 30 tot 75 cm hoog en groeit op natte tot vochtige, voedselrijke, omgewerkte grond aan rivieroevers, in bermen en op dijken.

.

.

.

.

Bloem

.

De bloemhoofdjes zijn 1,5 tot 2 cm groot, meestal wit, soms iets blauw of lila aangelopen en staan in losse scher-men bij elkaar. De knopjes hangen. Zodra de bloemhoofdjes opgaan, richten ze zich op.

.

.

.

.

Stengel

.

De stengel is rechtopstaand en weinig behaard. Alleen de bovenste helft is vertakt.

.

.

.

.

Algemeen

– composietenfamilie (Asteraceae)
– eenjarig
– vrij zeldzaam in Zuid-Limburg en
het rivierengebied
– 30 tot 75 cm hoog

Bloem
– witte straalbloemen
– gele buisbloemen
– juli en augustus
– hoofdje
– 1,5 tot 2 cm

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– verspreid behaard
– onderste bladeren :
– omgekeerd eirond
– lang gesteeld
– verwijderd gezaagd/getand
– top stomp
– middelste bladeren :
– langwerpig
– kort gesteeld
– iets getand
– top spits
– bovenste bladeren :
– lancetvormig
– zittend
– gaafrandig
– top spits

Stengel
– rechtop
– alleen bovenaan vertakt
– verspreid behaard
– rolrond met lengteribben

zie wildebloemen

.

.

.

.

.

.