Tagarchief: roze

Fluoriet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Fluoriet wordt al eeuwen gebruikt als vloeimiddel om metalen gemakkelijker uit erts los te smelten en de slakken beter te laten afvloeien. Om die reden wordt fluoriet ook wel vloeispaat genoemd.

 

.

Algemeen

 

Fluoriet kan allerlei kleuren hebben: wit, geel, oranje, roze, bruin, groen, blauw, paars en doorzichtig. De kristalvorm is duidelijk zichtbaar: meestal een regelmatig achtvlak (octaëder). Deze feiten maken het mineraal aantrekkelijk voor verzamelaars.

Het verschijnsel fluorescentie is genoemd naar deze edelsteen. Men ontdekte bij het bewerken van metaal dat fluoriet oplicht in het donker, als het eerder in daglicht heeft gelegen. Ook het element fluor, ontdekt in 1886, ontleent zijn naam aan fluoriet.

Fluoriet is een echte studie- en denksteen. Het helpt grote lijnen te zien in de studiestof, en verbanden te leggen met reeds aanwezige kennis. Daardoor is de informatie gemakkelijker te ordenen en kan de stof beter opgenomen worden.

Dit mineraal brengt je op een zachte, maar toch snelle manier bij je kern. Het haalt het beste in je naar boven, zowel fysiek als geestelijk. Omdat fluoriet in zoveel kleuren voorkomt, werd en wordt het vaak gebruikt om andere edelstenen te imiteren.

 

 

 

.

 

fluoriet

 

.

.

Herkomst van de naam

.

De naam fluoriet is afgeleid van het Latijnse werkwoord fluere, dat ‘stromen, vloeien’ betekent.

In China is de fluoriet al eeuwenlang een geliefde steen om beeldjes en gebruiksvoorwerpen van te maken. Dit omdat het een zacht gesteente is, dat gemakkelijk is te snijden. De Chinezen beschouwden de groene fluoriet – net als alle andere groene stenen – als een krachtige talisman en amulet. Het mineraal zou vooral goede bescherming bieden tegen hekserij en duivelskunsten.

De Oude Grieken en Romeinen waren verzot op fluoriet. Ze vervaardigden er prachtige kommen en schalen in allerlei kleuren van. In die tijd was fluoriet zo populair, dat het zelfs werd nagemaakt om aan de vraag te kunnen voldoen. Vooral de blauwe fluoriet, die onder meer in Engeland gevonden werd, was zeer in trek. De namaakfluoriet was vooral van glas. Ook nu wordt nepfluoriet van glas op de markt aangeboden.

Vanaf het midden van de achttiende eeuw werd fluoriet gebruikt als vloeispaat bij de verwerking van metaal en glas, en bij de vervaardiging van allerlei kleuren email. Tegenwoordig wordt het ook gebruikt voor het bereiden van waterstoffluoride. Dit product wordt gebruikt in antiaanbakcoatings en als desinfecterend middel.

 

 

 

.

 

fluoriet_paars_3

 

.

 

Spiritueel

.

* Fluoriet absorbeert negatieve emoties en emotionele verstoringen, en brengt emoties in balans. Dat maakt dit mineraal een geschikte steen voor kinderen met ADHD en andere (geestelijke) groeistoornissen.
* Fluoriet beschermt tegen en helpt bij angstgevoelens. Het werpt een energetisch schild op, waarachter je beschermd bent tegen energetisch vampirisme en andere negatieve energieën.

 

* Fluoriet helpt om orde en structuur in chaos te scheppen. Fluoriet is een goede steen voor denkprocessen, bevordert de concentratie, helpt nieuwe toepassingen van reeds aanwezige kennis te vinden.

* Fluoriet geeft inzicht in patronen, en de moed en de kracht om die patronen te doorbreken als dat nodig is. Fluoriet helpt je het heft in eigen hand te nemen en je eigen weg te gaan, onafhankelijk en zelfstandig. Het ondersteunt de vrije wil en laat zien dat er altijd een keuze is.
* Witte fluoriet op het kruinchakra reinigt de aura.
* Paarse fluoriet op het voorhoofdchakra stimuleert de spirituele groei en de intuïtie, beschermt tegen energetisch vampirisme. Een goede beschermsteen voor overgevoelige mensen.
* Blauwe fluoriet op het keelchakra stimuleert creativiteit en communicatie.
* Groene fluoriet is kalmerend en ontspannend.
* Roze fluoriet op thymus of hartchakra verzacht een verhard gemoed, maakt je liever voor jezelf en je omgeving.
* Gele fluoriet en oranje fluoriet maken tevreden en blij.
* Rode, bruine en zwarte fluoriet op het basischakra beschermt tegen negatieve emoties en situaties.
* Regenboogfluoriet (vertoont alle kleuren samen) is een geweldige beschermsteen en heeft alle werkingen hierboven bij de verschillende kleuren genoemd.

 

 

 

.

 

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

.

.

 

Chemische samenstelling

.

Fluoriet hoort bij de familie der halogenen, die gemakkelijk zouten vormen. Fluoriet bestaat grotendeels uit calciumfluoride, belangrijk voor de vorming van botten en tanden.

Samenstelling: CaF2 + (C, Ce, Cl, Fe, Mn, Y, Sm, Eu).

Soms kan fluoriet een alexandriet-effect vertonen: bij daglicht groen en bij kaars- of kunstlicht rood. Dat komt door ingesloten sporen cerium (Ce), yttrium (Y), samarium (Sm) en europium (Eu). De meeste fluoriet bestaat voor ruim de helft uit calcium. Indien de fluoriet relatief veel yttrium bevat, is de kleur violet, grijs of roodbruin.

 

 

Hardheid: 4, bros
Transparantie: doorzichtig, half doorschijnend
Breuk: glad tot schelpvormig, bros
Splijtbaarheid: goed
Dichtheid: 3,18 – 3,25
Kristalstelsel: kubisch

 

 

Fluoriet-schijf

.

 

 

 

 

.

 

voorpagina openbaring a4

.

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 John Astria

John Astria

 

 

 

Granaat.

Standaard

categorie : sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

.

.

Bij granaat denken de meeste mensen aan een kostbare bloedrode steen, vergelijkbaar met robijn. Maar granaat is in de mineralogie de verzamelnaam van een grote familie zeer harde kristallen. Granaat kan allerlei kleuren hebben: rood, oranje, roze, groen, bruin, zwart. En zelfs kleurloos, wit. De enige kleur die natuurlijke granaat zelden heeft, is blauw.

.

Algemeen

.

Hier behandelen we vooral de rode granaat. Deze kleur komt het meest voor, wordt het meest verwerkt tot sieraden, en wordt ook het meest gebruikt in de edelsteentherapie. De populairste varianten rode granaat zijn de rood-violette almandien en de helderrode pyroop. Ze zijn echter lastig te onderscheiden. Pyroop ontstaat dieper in de aarde dan almandien, en is daarom harder. De meeste rode granaat is een mengvorm van deze twee varianten. Een granaat die bestaat uit 50% almandien en 50% pyroop heet rhodoliet.

De granaat is een van de hardste edelstenen. Granaten worden diep in de aarde gevormd, in de binnenste aardmantel of de overgang naar de buitenste aardmantel. Granaten zijn vaak bestanddeel van dieptegesteentes. Granaten kunnen piepklein zijn, maar ook heel groot. Ze zijn harder dan het gesteente dat hen omringt, en komen door verwering vrij. Ze kunnen door rivieren mee gespoeld worden. Je vindt ze dan ook in klei en zand.

Granaat van edelsteenkwaliteit wordt graag gebruikt in sieraden. De meeste granaten zijn echter niet geschikt voor sieraden; zij worden verwerkt tot schuurpoeder. De kleurloze variant is geslepen zó fraai, dat hij voor diamant aangezien kan worden. De witte granaat wordt dan ook vaak als imitatiediamant gebruikt. Almandien werd ooit aangezien voor robijn.

Rode granaat is de steen van de Amerikaanse staten Connecticut en New York. Granaat wordt daar veel gevonden, vaak in grote brokken. In de edelsteentherapie wordt de rode granaat vooral gebruikt voor het verbeteren van de bloedsomloop en de bloedsamenstelling, en bij oververmoeidheid en uitputting.

.

.

.

.

Door de eeuwen heen

.

Al sinds de oudheid is de granaat een geliefde en gezochte edelsteen. Van alle granaatsoorten zijn pyroop en almandien het langst en best bekend. Je vindt deze soorten dan ook in veel kronen en andere symbolen van macht (regalia). In de Oudheid was de almandien de meest gewaardeerde variant, omdat deze ‘de kleur van duivenbloed’ had. De steen werd destijds in Klein-Azië gedolven.

De oudste grafvondsten van sieraden met granaat zijn 3500 jaar uit en stammen uit het Oude Egypte. De Egyptenaren beschouwden de granaat als bloed van Isis, godin van vruchtbaarheid, leven en dood. In graven zijn fraaie oorbellen en kettingen gevonden die versierd zijn met bloedrode granaat. Granaat werd ook graag in het gevest van wapens verwerkt. Granaat zou een krachtig amulet tegen het boze oog zijn, en de gezondheid van de drager beschermen.

In de Oudheid, en ook nog in de Middeleeuwen, werden heel veel rode stenen carbunculus of karbonkel genoemd. Dat geldt onder meer voor rode toermalijn, robijn en granaat. Dergelijke stenen lijken op het oog erg op elkaar. De karbonkelsteen is vanaf de oudheid een mythisch kristal. Volgens sagen en legenden licht de karbonkelsteen als een kooltje vuur op in het donker.

Bij archeologische opgravingen in Klein-Azië werden gebruiksvoorwerpen, kettingen, oorbellen en ringen met schitterende rode granaten uit de 6e tot 4e eeuw v.Chr. gevonden. Ze werden gebruikt door de Scythen, een volk dat toen in die streek leefde.

De Oude Grieken droegen granaat ook in spelden voor mantels, en verwerkten ze in lauwerkransen. Volgens de Grieken zou granaat helpen de liefde in stand te houden van geliefden die elkaar lange tijd niet zien. Na een weerzien zou de liefde snel weer opbloeien.

Tijdens de late Romeinse tijd en de Grote Volksverhuizing (4e tot 6e eeuw n.Chr.) werd granaat graag in goud ingelegd. Er zijn fraai versierde zwaarden, sieraden, boekomslagen en andere voorwerpen gevonden die op deze manier waren bewerkt. Zo’n met goud omrande granaat wordt wel cloisonné granaat genoemd.

Veel voorwerpen versierd met granaat en ingelegd volgens de cloisonné-techniek werden aangetroffen in de schat van Staffordshire (midden-Engeland), gevonden in 2009 en later. Deze schat bestaat uit zo’n 3500 sieraden en wapens van goud en zilver uit de Angelsaksische tijd (7e en 8e eeuw). Opvallend is dat de sieraden allemaal bedoeld waren voor hooggeboren mannen.

In de Middeleeuwen werd de karbonkelsteen al in overdrachtelijke betekenis opgevat: de steen die kennis, licht en hoop brengt als het leven uitzichtloos lijkt. Een mens is als een granaat, met een ruw uiterlijk dat pas na slijpen en polijsten (lees: ouder en ervarener wordt) gaat schitteren. Het leven is een slijpproces voor het karakter van de mens.

De middeleeuwse ridders hielden van granaten als opsmuk voor zwaarden, dolken, schilden en kleding. Dit zou hen beschermen tegen verwondingen, en zou herstel van verwondingen bespoedigen. In de 16e eeuw werden veel edelstenen vermalen ingenomen. Zo zou gemalen granaat in water of wijn goed zijn voor allerlei hartkwalen en de vitaliteit versterken.

In de 19e eeuw waren granaten, vooral pyroop uit Bohemen, zo populair, dat ze massaal naar Amerika geëxporteerd werden. De Boheemse pyroop was en is van zeer hoge kwaliteit. In de tijd van koningin Victoria (1819-1901) werd veel granaat in sieraden verwerkt. Niet alleen de geliefde pyroop, maar ook rhodoliet en almandien. Koningin Victoria was een trendsetter. Veel van haar sieraden bevatten granaat, en haar onderdanen volgden haar in die voorkeur.

In de Indiase opstand tegen de koloniale machthebbers in Brits-Indië in 1857, werden granaten gebruikt als kogels! Granaat activeert en versterkt het overlevingsinstinct. Na zware tijden, zoals de Eerste en Tweede Wereldoorlog, was de granaat dan ook in de mode. Veel van onze Nederlandse klederdrachten kennen kettingen van granaat.

.

.

.

.

.

.

 

.

.

Chemische samenstelling

.

Granaat is een verbinding van silicaat (SiO4) met twee metalen, zoals ijzer, aluminium, mangaan, calcium, chroom. De meest voorkomende varianten zijn: almandien, pyroop, spessartiet, grossulaar, uvaroviet en andradiet. Mengvormen zijn gebruikelijk. De verschillende soorten granaat kunnen naadloos in elkaar overgaan. Dat geldt vooral voor almandien en pyroop. IJzerhoudende granaat vertoont vooral rode, roze, oranje en bruine tot zwarte tinten. Dit soort granaat wordt het meest gebruikt in de edelsteentherapie.

.

.

.

.

.

.

.

.

 

 

Samenstelling: Me2+3 Me3+2(SiO4)3 (Me=een metaal)
Samenstelling almandien: Fe3Al2(SiO4)3
Samenstelling pyroop: Mg3Al2(SiO4)3
Hardheid: 6,5 – 7,5
Glans: glasglans
Transparantie: ondoorzichtig, doorzichtig, doorschijnend
Breuk: schelpvormig, onregelmatig, splinterig
Splijtbaarheid: onduidelijk
Dichtheid: almandien 3,95 – 4,30; pyroop 3,79 – 3,89;
Kristalstelsel: kubisch, meestal met 12 of 24 vlakken

.

.

.

.

.

.

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Toermalijn

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

.

.

Kenmerken van toermalijn

.

Toermalijn is eigenlijk niet één steen, maar een hele familie van langgerekte mineralen met uiteenlopende kleuren. Opvallend is dat een toermalijnkristal meestal twee of meer kleuren heeft. De meest voorkomende soort is de zwarte toermalijn, de meest geliefde soort is de watermeloentoermalijn (groen-roze). Bijzondere exemplaren zijn het turkenkopje (toermalijn met rood topje) en het moorkopje (toermalijn met een zwart topje).

.

.

Min1369

.

.

Voor de edelsteentherapie zijn de stenen met effen kleuren het belangrijkst, zoals rode, groene en zwarte toermalijn. Daarnaast is de groen-roze toermalijn van belang. Tegenwoordig heten de verschillende variëteiten van toermalijn vooral naar hun kleur. Vroeger was het gebruikelijk de stenen te noemen naar vindplaats of vinder. Dat leidde tot een verwarrende hoeveelheid namen.

Bijvoorbeeld: tot de verzamelnaam blauwe toermalijn (ook wel: indigoliet) behoren de veelvoorkomende stenen elbaïet (naar het Italiaanse eilandje Elba) en liddicoatiet (naar een Amerikaanse edelsteenkundige). Beide stenen kunnen echter ook andere kleuren hebben of zelfs kleurloos zijn. Iedere kleurvariant heeft weer zijn eigen naam.Toermalijn is door zijn veelkleurigheid zeer geliefd bij sieradenmakers.
De edelsteen is kalmerend en rustgevend. Hij helpt om lichaam, geest en ziel te verbinden tot één geheel. Vanuit dit geheel ontwikkelen zich wijsheid en creativiteit. De steen stimuleert het geheugen en de concentratie, en neemt allerlei blokkades weg.
.
.
.
.
.
.

Herkomst van de naam

.

De toermalijn raakte in Europa bekend nadat Nederlandse zeelui de steen meenamen uit Sri Lanka. De naam is ontleend aan het Singalees, een van de talen op Sri Lanka. Maar het is niet precies bekend naar welk Singalees woord de naam verwijst. De meeste bronnen houden het op turamali, ‘steen die as aantrekt’. De Hollanders gebruikten de toermalijn namelijk om as te verwijderen uit hun meerschuimen pijpjes. Anderen denken dat de naam ontleend is aan turmali, dat ‘edelsteen met verschillende kleuren’ betekent.

.

.

.

.

Door de eeuwen heen

.

Toermalijn was vanwege zijn vele kleurvariaties al in de oudheid bekend in het Middellandse Zeegebied. Vooral de helderrode en heldergroene toermalijnen werden zeer gewaardeerd als juweel.
Volgens een Arabische overlevering is de toermalijn een steen van de zon, die het hart versterkt en die beschermt tegen onheil en nachtmerries.

In de Middeleeuwen werd toermalijn in Europa amper meer gebruikt in sieraden, omdat de handel in toermalijnen in die tijd stil lag. De steen raakte in de vergetelheid.

In de 18e eeuw werd de toermalijn als edelsteen herontdekt. De Nederlandse Verenigde Oost-Indische Compagnie handelde in specerijen, ivoor en edelstenen (zoals parels, spinel, granaat, robijn, saffier en toermalijn) die in de Oost – en vooral op Ceylon (nu Sri Lanka) – werden ingekocht. Zo kwam de toermalijn weer in Europa terecht.

De rode variant werd vaak aangezien voor granaat of robijn; en de groene voor smaragd. De dunne kristallen werden gebruikt als pijpenrager. Toermalijn is daarvoor geschikt omdat de steen as en kleine rommeltjes kan aantrekken als hij statisch geladen is. Sieraden uit die tijd bevatten cabochons en kralen van toermalijn. Sindsdien is toermalijn een geliefde steen bij edelsmeden gebleven.

.

.

e14996_-_paraiba_toermalijn_1154_cts_261x208 (1)

.

.

De verschillende kleuren toermalijn hebben naast de algemene werking ook nog een specifieke werking vanwege de kleur. De kleur bepaalt welk chakra bij de steen hoort.

.

* Kleurloos (achroïet): hoort bij hartchakra en kruinchakra. Versterkt het immuunsysteem, de lymfe en de waterhuishouding. Heeft een sterke werking op de epifyse, voor een harmonieuze groei en een gezond beendergestel. Helpt bij rugklachten en snel herstel bij botbreuken.

*Donker: geschikt bij opvliegendheid, overmatige transpiratie, gebrek aan concentratievermogen. Verlicht neurosen, versterkt reukvermogen.

*Licht: bij verdriet, huidaandoeningen, evenwichtstoornissen. Hartversterkend.

* Blauw (indigoliet): hoort bij voorhoofdchakra en kruinchakra. Helpt bij keelklachten en stembandproblemen. Versterkt vriendschap en loyaliteit. Maakt tolerant en gemoedelijk. Helpt andermans fouten te accepteren. Werkt op de waterhuishouding, versterkt nieren en blaas.

* Groen (verdeliet): hoort bij hartchakra. Normaliseert bloeddruk, heft blokkades in hartchakra op. Helpt bij chronische uitputting en vermoeidheid, hoofdpijn, griep, ontstekingen, zweren, epilepsie, tering. Preventief tegen kanker. Geeft levensvreugde en een goed humeur. Ondersteunt de lever en de gal, helpt het lichaam te ontgiften. Versterkt en harmoniseert de werking van de dunne en dikke darm.

* Groen-roze (watermeloentoermalijn): hoort bij hartchakra en basischakra. Preventief tegen kanker, heft blokkades in hartchakra op. Regeneratie van zenuwen en zenuwprikkeloverdracht, ook bij multiple sclerose.

* Geel: hoort bij zonnevlechtchakra. Stimuleert de spijsvertering, versterkt de werking van de lever.

* Roze (rubelliet): hoort bij hartchakra, heiligbeenchakra en basischakra. Geschikt bij overgevoeligheid, geen realiteitszin, onevenwichtigheid, nervositeit. Heft blokkeringen in hartchakra op. Helpt tegen angsten en zorgen, chronische uitputting en vermoeidheid.

* Rood (rubelliet): hoort bij heiligbeenchakra en basischakra. Helpt bij verminderd libido, twijfel en matheid. Maakt charmant, dynamisch en flexibel, versterkt mannelijke kant. Voor een goede doorbloeding.

* Bruin: hoort bij basischakra. Is aardend, helpt bij lage rugklachten.

* Zwart (schörl): hoort bij basischakra. Geeft energie en voert ongewenste energieën af. Verandert negatief in positief, helpt de positieve kanten van situaties in te zien. Is ontspannend en verlicht pijnen. Beschermt tegen allerlei soorten straling (bijv. ultraviolet, röntgen).

.

.

toermalijn-1

.

.

.

.

.

.

Spiritueel

.

* Toermalijn maakt van lichaam, geest en ziel één geheel.
* Toermalijn maakt wijs en creatief.
* Het laatnegatieve energieën afvloeien naar de aarde. Blokkades worden verwijderd, zowel uit de aura als uit het fysieke lichaam.
* Toermalijn is kalmerenden helpt om een gegeven situatie te accepteren zoals die is.

.

.

Chemische samenstelling

.

Toermalijn is een hele familie verwante mineralen. Het gaat steeds om zeer complexe silicaten met tal van wisselende chemische elementen. Kristallen raken door opwrijven elektrisch geladen.

De kristalvorm is een tetraëder (een viervlak van gelijkzijdige driehoeken). Deze viervlakken vormen ringen; daaraan danken de kristallen hun kenmerkende langwerpigheid.

Samenstelling: de algemene formule is X Y3 Z6 [(OH,O, F)4 (BO3)2 Si6O18]
X = natrium (Na), kalium (K), lithium (Li)of calcium (Ca).
Y = ijzer (Fe), mangaan (Mn), lithium (Li), aluminium (Al), koper (Cu) of magnesium (Mg).
Z = aluminium (Al), ijzer (Fe), chroom (Cr), mangaan (Mn), titaan (Ti) of vanadium (V).
Deze elementen komen bovendien voor als ingesloten sporen; dan zijn ze vaak verantwoordelijk voor de kleur.

.

.

Kleur Veroorzaakt door Naam Elementen X, Y3, Z6 + sporen
Kleurloos Achroiet Na(Li,Al)3 Al6
Blauw Fe (ijzer), Ti (titaan) en Cu (koper) Indigoliet (Ca,Na)(Li,Al,Fe)3 (Fe,Al)6 + Ti, Fe, Cu
Roze, rood Li (lithium) en
Mn (mangaan)
Rubelliet (Ca,Na)(Li,Al,Mn)3 (Al,Mn)6 + Ca, F, Fe, K, Li, Mg, Mn
Groen Cr (chroom),
V (vanadium) en
Cu (koper)
Verdeliet (Ca,Na)(Li,Al,Fe)3 (Al,Cr,V)6 + Fe, Cu, V
Groen van buiten, rood van binnen
(of andersom)
Watermeloen- toermalijn (Ca,Na)(Li, Al, Mn, Fe)3 (Al,Cr,Mn,V)6 + Ti, Fe, Mn, Mg, Cu
Geel, bruin Fe (ijzer),
Mn (mangaan) en Mg (magnesium)
Elbaïet, draviet, liddicoatiet (Ca,Na)(Li,Al, Fe, Mn, Mg)3 (Al, Mg)6 + Fe, Ca, Cr, K, Li, Mn, Ma, Ti, Cu, V
Zwart Fe (ijzer) Schörl NaFe3Al6 + Fe,Ca,Cr,Li,Mg,Mn,Ti

.

.

 

Hardheid: 7 – 8
Glans: glasglans
Transparantie: doorzichtig tot ondoorzichtig
Breuk: ruw, onregelmatig en schelpvormig
Splijtbaarheid: onduidelijk
Dichtheid: 3,02 – 3,41 varieert met de chemische samenstelling (ingesloten ijzer maakt zwaarder)
Kristalstelsel: trigonaal

.

.

 

 

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

JOHN ASTRIA

 

 

De 10 duurste colliers over de hele wereld

Standaard

categorie : sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Een mooie halsketting is altijd iets wat iemand een beetje meer speciaal kan maken. Toch is het zo dat er veel diverse prijzen in deze halskettingen zijn. Voor die personen die iets heel speciaal willen, kan je hier even de 10 duurste halskettingen bekijken. Misschien zit er wel één tussen voor jou, nu, als je ze kan betalen dan.

 

.

 

10. Bulgari Sapphire and Diamond Necklace

 

Deze ketting is de eerste in de top tien. De halsketting bevat meer dan 950 diamanten en talloze saffieren. Alles samen bevat deze ketting meer dan 66 karaat aan diamanten en safieren. Voor 1 miljoen dollar is ze helemaal van jou.

 

 

 

 

 

9. Leviev Fancy Pink and White Diamond Necklace

.

Het middelpunt van deze ketting is een zeldzame roze en witte diamant van bijna 98 karaat. Dit maakt dus ook dat deze ketting zo duur is. Voor 2 miljoen dollar kan je deze om je nek dragen.

 

 

 

 

 

8. William Goldberg Fancy Colored Diamond Necklace

.

Dit ‘William Goldberg halssnoer’ bevat 45kt gekleurde diamanten en bestaat voor de rest helemaal uit platina, gekleurd met 19kt geel goud. De prijs voor deze halsketting bedraagt dan ook 2 miljoen dollar, net zoals de Leviev Fancy Pink and White Diamand Necklace.

 

 

 

 

 

7. Tiffany & Co. Majestic Diamond Necklace

 

Deze heel fijne halsketting van Tiffany & Co. bestaat helemaal uit platina en het hangertje van dit halssnoer bestaat uit een diamant die in een 41kt sterretje geslepen is. De ketting kost dan ook 2,5 miljoen dollar.

 

 

 

 

 

 

6. H. Stern’s Venus Necklace

.

Dit is zonder twijfel een echte schoonheid om te zien. De halsketting bezit over 110kt diamanten en is gemaakt uit 18kt goud. De prijs voor deze schoonheid bedraagt dan ook 3 miljoen dollar.

 

 

 

 

5. Chopard Magnificent Diamond and Emerald Necklace

.

Persoonlijk niet één van mijn favorieten, is deze Chopard Magnificent Diamond and Emerald Necklace. De prijs voor deze ketting bedraagt zo veel wegens de 191kt groene smaragden die verbonden zijn met 16kt diamanten. De prijs? Een kleine 3 miljoen dollar. Veel geld voor dit ding als je het mij vraagt. Let wel op dat je de juiste outfit aan hebt vooraleer je deze ketting aandoet. Het zou zonde van het geld zijn als ze er niet bij past.

 

 

 

 

 

4. Titanic Heart of the Ocean Diamond

.

De “Titanic Heart”-halsketting die Kate Winslett, de hoofdrolspeler in de Titanic, draagt, is eigenlijk geen echte diamant. Het is eigenlijk een blauwe Zirkonia die gemaakt werd door de juwelier Asprey & Garrad. Deze juwelier heeft later een reproductie van deze halsketting gemaakt, maar dan met echte edelstenen waaronder een hartvormige 170kt Ceylon saffier. De prijs voor deze halsketting met echte edelstenen bedraagt maar liefst 3,5 miljoen dollar.

 

 

 

 

 

3. De Beers’ Marie Antoinette Necklace

.

De Beers’ Marie Antoinette-ketting behoort zeker tot één van de duurste halssnoeren over de hele wereld, en terecht als je het mij vraagt. Dit halssnoer is voorzien van meer dan 181kt diamanten, met een monterlijke 8kt witte diamant in het midden. Alles zit dan ook goed vast in een platina-ketting. De prijs is 3,7 miljoen dollar.

 

 

 

 

 

2. Neil Lane’s Diamond Necklace

.

Van deze Neil Lane Diamand-halsketting is er maar één op de hele wereld. Deze halsketting is voorzien van 140kt peervormige en druppelvormige diamanten, alles gezet in een platina-halssnoer. De prijs is een ongelooflijke 4 miljoen dollar.

 

 

 

 

 

1. Garrard: Heart of the Kingdom Ruby

.

Deze ‘Garrard: Heart of the Kingdom Ruby’-ketting is veruit de meest dure ketting over de hele wereld. De edelsteen die je hier in het midden van de ketting ziet is een 41kt, ongelooflijk zeldzame, hartvormige Birmarobijn. Deze wondermooie steen wordt omringd met meer dan 150 diamanten.

 

 

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

John Astria

John Astria

 

Haliet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Het mineraal haliet is  ontstaan door indamping van (zee)water. In de loop der eeuwen is de neergeslagen zoutlaag ineengeperst tot een dik pak steen. Haliet wordt daarom ook wel steenzout genoemd. Het mineraal kan ook ontstaan als korstachtige neerslag van zeewater.

 

.

Algemeen

 

Haliet bestaat uit zout plus veel extra mineralen en sporenelementen. Het is goed in water oplosbaar en je kunt het prima als smaakmaker in de keuken gebruiken. Normaal keukenzout bestaat uit zuiver zout. Haliet zonder ingesloten stoffen – erg zeldzaam – is kleurloos of wit. Door die ingesloten stoffen kan haliet allerlei kleuren hebben: lichtgrijs, geel, oranje, roze, rood, roodbruin, bruin, blauw, zwart.

Nederland kent zijn eigen haliet soorten. Deze worden door Akzo Nobel gewonnen bij Boekelo en Hengelo. De ondergrondse haliet wordt in heet water opgelost, opgepompt en verder verwerkt. Een bijzondere soort haliet is Himalayazout. Dit is ongeveer 500 miljoen jaar geleden ontstaan, en is het oudste zout ter wereld. Het een na oudste zout is Dode Zeezout. Dat is ongeveer 450 miljoen jaar geleden ontstaan.

 

Himalayazout wordt in het Himalayagebergte gevonden. Na winning wordt het gewassen in water waarin steenzout is opgelost. Daardoor blijven alle mineralen en sporenelementen behouden. Van alle soorten zout bevelen wij Himalayazout aan, omdat dit het minst verontreinigd is en de meeste mineralen bevat.

Himalayazout en andere steenzouten kun je op veel manieren gebruiken, bijvoorbeeld als geneesmiddel, als schoonheidsmiddel en als verzamelobject. Haliet heeft een zuiverende, beschermende werking. Het helpt ongewenste gewoonten en vastgeroeste patronen te doorbreken. Blokkades kunnen letterlijk ‘oplossen’ dankzij meditatie met een brok haliet of een positieve gedachte (affirmatie) op een papiertje onder een brok haliet.

 

 

$_84

 

 

 

 

haliet-brok

 

.

 

Door de eeuwen heen

 

Het gebruik van haliet is al eeuwen oud. Reeds 3000 v. Chr. (in de Bronstijd) werd steenzout gewonnen in zoutmijnen.De rustgevende en helende werking van zout water op huidklachten was al 2000 v. Chr. bekend. In bijbelse tijden werd de Dode Zee al gebruikt als kuuroord. Aan de westkant van de Dode Zee staat een grote formatie haliet van 210 meter hoog. Deze formatie wordt Berg Sodom genoemd. Waarschijnlijk heeft het bijbelse verhaal van de vrouw van Lot zijn oorsprong in deze pilaar.

Toen Lot met zijn vrouw en kinderen uit Sodom vluchtten, mochten ze niet omkijken. Zijn vrouw kon het toch niet nalaten, wierp een blik over haar schouder en veranderde in een zoutpilaar. Waarschijnlijk lag Sodom aan de westkust van de Dode Zee.

Bij de Romeinen was zout een kostbaar goed, haast kostbaarder dan goud. Zij gebruikten veel zeezout, maar importeerden ook steenzout, onder meer uit Midden-Europa. Het werd gebruikt om bederfelijke waren te conserveren en het was natuurlijk (net als nu) een belangrijke smaakmaker. Er waren ook andere toepassingen, zoals het kleurecht maken van verfstoffen en mummificeren. Zout was tevens in gebruik als schoonheidsmiddel, cosmetica en kunstmest.

Het Oostenrijkse plaatsje Hallstatt – dat zou letterlijk ‘zoutstad’ betekenen – heeft zijn naam aan een hele periode en cultuur gegeven. De Hallstatt-cultuur beleefde zijn hoogtepunt tussen 800 en 500 v. Chr. en was te danken aan de aanwezigheid van winbaar zout.

De Hallstatt-cultuur was verspreid over een zeer groot gebied in Centraal Europa. Uit deze tijd stammen de diepe zoutputten in de buurt van Salzburg – dat letterlijk ‘zoutburcht’ betekent. Sommige van die zoutmijnen zijn tot in de 18e eeuw in gebruik gebleven.

In de Middeleeuwen werd zout vooral gewonnen in Duitsland en Polen. Het werd toen het witte goud genoemd, het was schaars en daardoor duur. Voor de invoering van muntgeld speelde zout een belangrijke rol als betalingsmiddel. Wie zich zout kon veroorloven, moest er belasting over betalen. In Nederland bestond die zoutbelasting tot in de negentiende eeuw. Dit leidde tot spreekwoorden als ‘hij verdient het zout in zijn pap niet’ (hij verdient bijna niets).

In de Middeleeuwen was zout belangrijk voor het conserveren van voedsel (door het te ‘pekelen’). Zout werd gebruikt bij het looien van leer, om het lekker zacht en soepel te maken. Zout was ook een belangrijke component in verfstoffen en medicijnen, schoonmaakmiddelen en buskruit.

In Europa speelde en speelt zout nog steeds een belangrijke rol in allerlei rituelen, feesten en (bij)geloof. Bijvoorbeeld: schenk pasgeboren baby’s een zakje zout om hen te beschermen tegen onheil. Of: zout in jas of broekzak beschermt tegen hekserij en onheil.

Zout is een vrij zacht gesteente, waaruit gemakkelijk voorwerpen of vormen gesneden kunnen worden. Van deze eigenschap is gebruikgemaakt bij de Zout Kathedraal in Zipaquirá, Colombia. Deze kerk ligt 200 meter onder de grond, uitgehakt in een voormalige zoutmijn. De iconen en ornamenten zijn uitgehakt in haliet.

Zout wordt al zeer lang heelkundig gebruikt. Baden in zout water was een universeel middel tegen uiteenlopende klachten als onvruchtbaarheid, impotentie, hysterie, darmklachten en ademhalingsproblemen. Haliet is ook al eeuwen beschermer tegen negatieve invloeden, energetisch vampirisme en entiteiten (geesten).

 

 

.

 

 

blauwe haliet

.

 

 

Chemische samenstelling

.

Tussen zout en haliet is chemisch geen verschil. In de natuur- en scheikunde spreekt men over natriumchloride, in de biologie over keukenzout of natriumchloride, in de geologie over steenzout en in de mineralogie over haliet. Toch praten we steeds over hetzelfde goedje, namelijk natriumchloride. Kristalzout is een handelsnaam voor hoogwaardige steenzout, zoals bijvoorbeeld Himalayazout. Handelsnamen zijn vaak misleidend; zout is een kristallijne materie en dus is elk soort zout eigenlijk kristalzout.

Haliet bevat naast natriumchloride veel extra mineralen en sporenelementen. Vooral het ijzer is kleurbepalend; haliet is meestal rozig door het ingesloten ijzer. Blauwe tinten worden veroorzaakt door stralingsschade aan het kristalrooster. Resten van ooit levende organismen geven een bruine tot zwarte verkleuring.

 

 

.

 

.

Himalayazout bevat maar liefst 84 elementen.

.

actinium, aluminium, antimoon, arsenicum, astaat, barium, beryllium, bismut, boor, broom, cadmium, calcium, cerium, cesium, chloride, chroom, dysprosium, erbium, europium, fluor, fosfor, francium, gadolinium, gallium, germanium, goud, hafnium, holmium, ijzer, indium, iridium, jodium, kobalt, koolstof, koper, kwik, lanthaan, lithium, lood, lutetium, magnesium, mangaan, molybdeen, natrium, neptunium, nikkel, niobium, osmium, palladium, platina, plutonium, polonium, raseodymium, protactinium, radium, renium, rhodium, rubidium, ruthenium, samarium, scandium, seleen, silicium, stikstof, strontium, tantaal, tellurium, terbium, thallium, thorium, thulium, tin, titaan, uranium, vanadium, waterstof, wolfraam, ytterbium, yttrium, zilver, zink, zirkonium, zuurstof en zwavel

 

 

roze haliet

 

.

 

Samenstelling: NaCl + Br, C, Fe, J, K, Mg

Hardheid: 2,5
Glans: glasachtig
Transparantie: doorzichtig tot doorschijnend
Breuk: schelpvormig
Splijtbaarheid: zeer goed
Dichtheid: 2,16 (zuivere NaCl)
Kristalstelsel: kubisch

 

.

 

 

 

 

witte haliet

 

 

groene haliet

 

 

lamp van haliet

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

.

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

Wilgenroosje : Chamerion angustifolium

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de aarvormige bloeiwijze met grote 4-tallige helder roze
(zelden witte) bloemen en
– de donker bruinrode kelkbladen, die tussen de kroonbladen
naar voren buigen

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Wilgenroosje is een overblijvende plant van 30 tot 150 cm hoog. Ze komt zeer algemeen en groeit op zonnige tot half beschaduwde plaatsen met vochtige tot droge, omgewerkte zandgrond op kapvlakten, brandplekken en aan bos- en struikgewasranden. Op kap-, brand- en door storm geteisterde plaatsen kan wilgenroosje plotseling massaal voorkomen.

 

 

 

 

 

 

Bloem

 

Wilgenroosje bloeit vanaf juni tot en met september met lange aarvormige trossen. De helder roze bloemen zijn 4-tallig en hebben donker bruinrode kelkbladen. De meeldraden en de stijl steken duidelijk buiten de bloem en gaan later hangen.

De vier kroonbladen zijn niet gelijk. De bovenste twee zijn iets groter dan de onderste, waardoor de kroonbladen wat weg lijken te hebben van de vleugels van een vlinder.

De bloemen lijken op lange stengels te staan, maar die “stengel” is het vruchtbeginsel, dat zich na de bloei ontwikkelt tot een doosvrucht met talrijke pluizige zaden, die door de wind makkelijk verspreid worden.

Naast uitbreiding door middel van zaden, breidt wilgenroosje zich ook uit door middel van de kruipende wortelstok. Op die manier kan de plant grote bestanden vormen, waarin andere planten geen kans krijgen.

 

 

 

 

 

Blad

 

Wilgenroosje draagt smalle lancetvormige bladeren, die verspreid langs de stengel staan. De bladeren lijken op de bladeren van de wilg, vandaar de naam.

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

De bladeren van wilgenroosje kunnen gedroogd worden in de zon om er daarna thee van te trekken. Werkt goed bij darmproblemen. Jonge bladeren en jonge scheuten kunnen als groente gegeten worden of in soep gebruikt worden.

 

 

harig wilgenroosje

 

 

 

Algemeen

 

– teunisbloemfamilie (Onagraceae)
– overblijvend
– zeer algemeen voorkomend
– 0,3 tot 1,5 m

Bloem
– helder roze (zelden wit)
– vanaf juni t/m september
– aarvormige, zeer lange tros
– stervormig
– 2 tot 3 cm
– 4 kroonbladen, iets uitgerand
– niet vergroeid
– 4 donker bruinrode kelkbladen
– 8 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– lijn- lancetvormig
– zittend
– top spits
– rand gaaf of iets getand
– voet afgerond of wigvormig
– onderkant blauw/groen

Stengel
– rechtop
– niet vertakt
– kaal
– rolrond
– vaak roodachtig aangelopen

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wilde weit : Melampyrum arvense

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de prachtige helder roze aarvormige bloeiwijzen met paars/gele bloemen

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Wilde weit is een eenjarig plantje, dat helaas zeer sterk in aantal is afgenomen en op de rode lijst staat als ernstig bedreigd. Ze groeit op droge, enigszins omgewerkte kalkrijke grond. Wilde weit is een halfparasiet net als de ratelaars. Ze is voor water en mineralen afhankelijk van andere planten. Daardoor kan ze in een paar weken volledig uitgroeien en zich handhaven in droge milieus.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit vanaf juni tot en met augustus met prachtige bloemen die schuin omhoog gericht in dichte trossen bij elkaar staan en ze wordt 15 tot 50 cm hoog. De bloemen zijn aan de top paars met daar onder een geel of geel/witte rand.

 

 

 

 

 

Blad

 

De bladeren zijn lancetvormig, de bovenste bladeren hebben priemvormige tanden. De helder roze schutbladen hebben lijnvormige tanden en donkere klierpuntjes aan de onderkant. Ze verkleuren naar groen.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– bremraapfamilie (Orobanchaceae)
– eenjarig
– zeer zeldzaam
– 15 tot 50 cm

Bloem
– helder roze met geel/wit
– vanaf juni t/m augustus
– aarvormige tros
– lipbloem
– 4 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– kruisgewijs tegenoverstaand
– enkelvoudig
– lijnlancetvormig
– top spits
– rand gaaf
– voet afgerond
– veernervig
– kort behaard

Stengel
– rechtop
– vierkant
– behaard

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wilde kamperfoelie : Lonicera periclymenum

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de trossen lange, smalle bloemen met ver uitstekende meeldraden,
– roze, (room)wit en geel gekleurd (of een combinatie hiervan),
– aan een klimmende plant

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Wilde kamperfoelie is een overblijvende plant, die algemeen voorkomt in de Lage Landen. Ze groeit op natte tot droge, vrij zure, matig voedselrijke grond in bossen, struikgewas, moerassen en aan slootwallen, in de duinen vaak op de grond liggend. Ze is ook te koop als tuinplant.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Wilde kamperfoelie bloeit vanaf juni tot en met oktober. De bloemen vormen een gesteelde, hoofdjes-achtige bloeiwijze; het zijn een aantal kransen dicht op elkaar, gescheiden door kleine schutbladen. Vooral in de avond verspreiden de bloemen een heerlijke, zoete geur. Jonge bloemen zijn (room)wit, oudere bloemen worden geel. Bloemen en knoppen in de zon lopen vaak rozerood aan.

De bloemen hebben een lange kroonbuis, waarin zich de nectar bevindt. De ongedeelde onderlip en de bredere, 4-spletige bovenlip krommen zich ver achterwaarts, waardoor de bloemen een landingsplaats voor insecten missen. Ze worden daarom voornamelijk bezocht door nachtvlinders, die voor de bloem in de lucht blijven hangen en met hun lange tong de nectar uit de kroonbuis opzuigen.,De kelkbladen, de schutbladen, de jonge takken en de buitenkant van de bloemen zijn met klierharen behaard.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De bladeren zijn eirond en kortgesteeld, bovenzijde groen, onderzijde grijs-groen. De stengel windt zich om de takken van struiken als meidoorn en duinroosje of draaien om elkaar. Bij gebrek aan steun liggen de stengels op de grond. Ze kunnen tot 10 meter lang worden. Vaak zijn ze rood-paars verkleurd. Jonge bladeren en takken hebben een lichte beharing, die na verloop van tijd verdwijnt.

 

 

 

 

 

Vrucht

 

De bessen verkleuren van groen naar prachtig, mat glanzend rood. Ze dragen de resten van de kelk als een donker kroontje.

 

 

 

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

 

Tartaarse kamperfoelie : 2 bloemen op 1 steel in de bladoksels, bloemen roze, rood of wit, buitenkant bloemkroon kaal.

 

 

 

 

 

 

Rode kamperfoelie : 2 bloemen op 1 steel in de bladoksels, bloemen geelwit, buitenkant bloemkroon viltig behaard.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Tuinkamperfoelie : ongesteelde bloeiwijze, bladeren van bloeiende takken aan de voet tot een schoteltje vergroeid, geurend, zelden verwilderd.

 

 

 

 

 

 

Wilde kamperfoelie : gesteelde bloeiwijze, bladeren van bloeiende takken aan de voet niet vergroeid, geurend.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– kamperfoeliefamilie (Caprifoliaceae)
– overblijvend
– zeer algemeen tot zeldzaam
– tot 3,00 meter

Bloem
– wit, geel, roze, rood
– vanaf juni t/m oktober
– gesteeld hoofdje
– 4 tot 5 cm
– buisvormig
– 5 kroonbladen, vergroeid
– 5 kelkbladen
– 5 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– tegenoverstaand
– enkelvoudig
– eirond
– top spits
– rand gaaf
– voet wigvormig
– veernervig

Stengel
– neer- of overhangend, windend
– glad en kaal

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

Wagneriet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

.

.

Algemeen

.

.Wagneriet is een vrij onbekend mineraal. Het komt voor in verschillende tinten geel, bruin, roze, oranje of groen, met her en der glanzende metalige vlakken. Wagneriet is verwant aan apatiet; door verwering verandert wagneriet langzaam in dat mineraal. Wagneriet wordt gevonden in verschillende landen, onder meer Verenigde Staten, Noorwegen, Duitsland, Oostenrijk, Italië, Spanje, Portugal en Rusland.

Het is een fluorfosfaat, waardoor het een belangrijke rol speelt in de edelsteentherapie. Het gaat daarbij vooral om de rozerode variant. We schrijven wagneriet graag voor bij stress en burn-out, omdat deze steen je terugbrengt bij jezelf.

.

.

.

.

Herkomst van de naam

.

Wagneriet is vernoemd naar de Duitse mijndirecteur F.M. von Wagner (1768-1851). De steen was al eerder bekend, maar werd pas erkend als zelfstandig mineraal toen het in 1821 in Duitsland en Oostenrijk werd gevonden. In Noorwegen staat het mineraal bekend als kjerulfin, een vernoeming naar de Noorse geoloog Theodoor Kjerulf (1825-1888).

.

.

.

.

Wagneriet door de eeuwen heen

.

Als fosfaat werd en wordt wagneriet in Scandinavië gebruikt als kunstmest. In de Noorse provincie Telemark ligt de Kjerulfin-mijn, waar vanaf ca 1850 wagneriet (of kjerulfin, zoals de Noren zeggen) wordt gewonnen voor gebruik in de landbouw. Als heelsteen is de wagneriet pas een tiental jaren bekend.

.

.

.

.

Fysische eigenschappen

.

Wagneriet is een fluorhoudend magnesiumfosfaat. De precieze samenstelling varieert per vindplaats. Wagneriet uit de Verenigde Staten bevat mangaan en is daardoor rozerood. Wagneriet uit Noorwegen echter bevat geen mangaan en is daardoor geel-bruin.

.

.

 

Samenstelling: (Mg, Fe2+)2(PO4)F + (OH, Fe, Mn)
Hardheid: 5 – 5,5
Glans: glasachtig tot vettig
Transparantie: doorzichtig, doorschijnend tot
halfdoorschijnend (opaque)
Breuk: schelpvorming, oneffen
Splijtbaarheid: onvolkomen
Dichtheid: 3,07 – 3,14
Kristalstelsel: monoklien

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

Teer guichelheil : Anagallis tenella

Standaard

kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de tere, zachtroze tot bijna witte bloemetjes, met 5 donker geaderde kroonbladen tussen lage vegetatie op natte plekken

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Teer guichelheil is een overblijvend, laag, kruipend plantje, dat groeit op open plaatsen met natte tot vochtige, al of niet kalkhoudende grond in duinvalleien, in moerassige heiden en lage graslanden. Het zijn plaatsen die in de zomer nat tot vochtig blijven en in de winter meestal onder water staan. De bescherming van het water helpt teer guichelheil de winter door en voorkomt dat ze bevriest. Naast de vochtigheid is ook de hoogte van de overige vegetatie van belang; teer guichelheil heeft open ruimte nodig. Ze is zeer zeldzaam in de Lage Landen en ze staat op de rode lijst als zeer zeldzaam en matig afgenomen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Teer guichelheil bloeit vanaf juni tot en met augustus met zachtroze tot bijna witte bloemetjes. De 5 kroonbladen zijn donker geaderd en 2 tot 3 keer zo lang als de kelkbladen. De bloemen staan op vrij lange, slanke, draad- vormige stelen in de bladoksels. En profiel tonen ze wat klokvormig. De helmdraden zijn dicht en lang wit behaard en aan de voet vergroeid tot een kokertje.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De kruipende stengels wortelen op de knopen. Teer guichelheil kan onder de juiste omstandigheden snel uitgroeien, ze is dan zodenvormend. De bladeren zijn kort gesteeld, rond tot eirond, staan tegenover elkaar en hebben geen klierpuntjes zoals de bladeren van rood en blauw guichelheil.

 

 

 

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Naast teer guichelheil zijn er in ook blauw- en rood guichelheil, door hun kleur makkelijk te onderscheiden van teer guichelheil. Een ander laag blijvend, zoden vormend plantje met roze/witte bloemetjes is melkkruid. De bloemetjes van melkkruid zijn compacter, zien er steviger uit en hebben geen steel. Melkkruid groeit voornamelijk op brakke tot zilte plaatsen.

 

 

blauw guichelheil

 

 

rood guichelheil

 

 

melkkruid

 

 

 

Algemeen

 

– sleutelbloemfamilie (Primulaceae)
– overblijvend
– zeer zeldzaam, rode lijst
– 5 tot 20 cm

Bloem
– roze tot bijna wit
– vanaf juni t/m augustus
– alleenstaand
– stervormig
– 0,5 tot 1 cm
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 5 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– tegenoverstaand, zelden verspreid
– enkelvoudig
– rond tot eirond
– top stomp
– rand gaaf
– voet afgerond
– netnervig

Stengel
– kruipend
– kaal
– wortelend op de knopen
– rolrond

zie wilde bloemen