Categorie archief: Religie

Bestaat Satan echt?

Standaard

categorie : religie

.

.

Problemen waar we mee te maken hebben
.
.
.

Wie is Satan? Bestaat hij echt?

.

Sommige moderne wetenschappers zeggen dat Satan niet echt bestaat. Ze beweren dat hij gewoon aan de fantasie van mensen is ontsproten. Deze controverse is niet nieuw. „De sluwste streek van de Duivel”, schreef de negentiende-eeuwse dichter Charles Baudelaire, „is dat hij ons ervan probeert te overtuigen dat hij niet bestaat.”

Bestaat Satan echt? En zo ja, wat is dan zijn oorsprong? Is hij de onzichtbare kracht achter de problemen die onze wereld teisteren? Hoe kunnen we zijn slechte invloed vermijden? Is Satan de onzichtbare kracht achter de problemen die onze wereld teisteren?

.

Wat de Bijbel zegt

.

De Bijbel beschrijft Satan als een bestaand persoon die zich in het onzichtbare geestenrijk bevindt ( Job 1: 6 ). Er wordt in verteld over zijn kwaadaardige en meedogenloze eigenschappen en zijn slechte daden ( Job 1: 13-19 ;  Job 2: 7 en 8 ; 2 Timotheüs 2 : 26 ). Er staan zelfs gesprekken in die Satan met God en met Jezus heeft gevoerd. (  Job 1 : 7 – 12 ; Mattheüs 4: 1 – 11 ).

Wat is de oorsprong van dit slechte wezen? Lang voordat de mens bestond, schiep God zijn ’eerstgeboren’ Zoon, die ten slotte bekend kwam te staan als Jezus ( Kolossenzen 1: 15 ). Na verloop van tijd volgde de schepping van andere „zonen Gods”, engelen genoemd ( Job 38: 4 – 7 ). Die waren allemaal volmaakt en integer. Maar een van die engelen werd later Satan.

De naam Satan kreeg hij niet toen hij werd geschapen. Het is een beschrijvende naam die  „Tegenstander, Vijand of Beschuldiger” betekent. Hij werd pas later Satan genoemd omdat hij een levenswijze koos waarmee hij tegen God in opstand kwam.

In het hart van dit geestelijke schepsel ontwikkelden zich gevoelens van trots en wedijver tegenover God. Hij wilde dat anderen hem gingen aanbidden. Toen Gods eerstgeboren Zoon, Jezus, op aarde was, probeerde Satan hem zelfs zover te krijgen dat hij „een daad van aanbidding” voor hem verrichtte ( Mattheüs 4: 9 ).

Satan „stond niet vast in de waarheid” ( Johannes 8: 44 ). Hij suggereerde dat God een leugenaar was, terwijl hij in feite zelf de leugenaar was. Hij zei tegen Eva dat ze als God kon zijn, terwijl hij zelf als God wilde zijn. En door zijn leugenachtige gedrag verwezenlijkte hij zijn zelfzuchtige verlangen. Voor Eva werd hij iemand die hoger was dan God. Door Satan te gehoorzamen, aanvaardde Eva Satan als haar god ( Genesis 3: 1 – 7 ).

Door tot opstand aan te zetten maakte deze engel, in wie ooit vertrouwen werd gesteld, zichzelf tot een tegenstander en vijand van God en de mens. Ook de naam „Duivel”, die „Lasteraar” betekent, werd aan de beschrijving van dit goddeloze wezen toegevoegd.

Deze aanstichter van de zonde beïnvloedde ten slotte andere engelen op zo’n manier dat ze God ongehoorzaam werden en zich bij hem aansloten in zijn opstand ( Genesis 6: 1 en 2 ; 1 Petrus 3: 19 en 20 ). Die engelen maakten de situatie van de mensheid er niet beter op. Omdat ze Satans zelfzuchtige gedrag navolgden, werd de aarde „met geweldpleging vervuld” ( Genesis 6: 11 ; Mattheüs 12 : 24 ).

.

.

Satan in de sport

Pasteltekening van John Astria

.

Hoe krachtig is Satans invloed?

.

Een misdadiger zal op de plaats van een misdrijf misschien zijn vingerafdrukken verwijderen in een poging geen sporen van zijn identiteit achter te laten. Maar als de politie arriveert, weten ze dat als er een misdaad is gepleegd, er ook een misdadiger moet zijn. Satan, de oorspronkelijke „doodslager”, probeert te voorkomen dat hij sporen van zijn identiteit achterlaat ( Johannes 8: 44 ; Hebreeën 2: 14 ).

Toen hij met Eva sprak, verborg hij zijn identiteit achter een slang. In deze tijd probeert hij zich nog steeds te verbergen. Hij heeft ’de geest van de ongelovigen verblind’, zodat de reikwijdte van zijn krachtige invloed wordt verhuld ( 2 Korintiërs 4: 4 ).

Maar Jezus zei dat Satan het criminele meesterbrein is achter de corrupte wereld waarin we leven. Hij noemde hem „de heerser van deze wereld” ( Johannes 12: 31 en 16: 11 ). „De gehele wereld ligt in de macht van de goddeloze”, schreef de apostel Johannes ( 1 Johannes 5: 19 ).

Satan ’misleidt de gehele bewoonde aarde’ en maakt daarbij een doeltreffend gebruik van „de begeerte van het vlees en de begeerte der ogen en het opzichtige geuren met de middelen voor levensonderhoud die men heeft” ( 1 Johannes 2: 16 ; Openbaring 12: 9 ). Hij is degene die door de mensheid in het algemeen wordt gehoorzaamd.

Net als Eva maken degenen die Satan gehoorzamen, hem eigenlijk tot hun god. Daarom is Satan „de god van dit samenstel van dingen” ( 2 Korintiërs 4: 4 ). De gevolgen van zijn overheersing omvatten huichelarij en leugens; oorlog, marteling en vernieling; misdaad, hebzucht en corruptie.

.

.

Satan, de tegenstrever

Pasteltekening van John Astria

.

Hoe we zijn invloed kunnen vermijden

.

De Bijbel waarschuwt: „Houdt uw zinnen bij elkaar, weest waakzaam, omdat ’uw tegenstander, de Duivel, rondgaat als een brullende leeuw, op zoek om iemand te verslinden ” ( 1 Petrus 5: 8 ). Hoewel dit een ernstig stemmende Schriftplaats is, is het geruststellend te weten dat alleen degenen die niet hun zinnen bij elkaar houden — zij die niet waakzaam blijven — „door Satan zullen worden overmeesterd” ( 2 Korintiërs 2 : 11 ).

Het is van levensbelang dat we erkennen dat Satan echt bestaat en dat we ons door God ’standvastig en sterk laten maken’. Op die manier kunnen we ons standpunt tegen Satan innemen en ons aan Gods kant opstellen ( 1 Petrus 5: 9 en 10 ).

.

.

.

.

Door wie is de Bijbel geïnspireerd?

Standaard

categorie : religie

.

.

bijbellezen_38432584-1-575x333

.

.

Dat de zesenzestig boeken van de Bijbel één geheel vormen is te danken

.aan het feit, dat de schrijvers door de Geest van God werden geïnspireerd.

.

Hoe dat gebeurde weten we niet, dan zouden we namelijk zelf de werking van de inspiratie hebben moeten meemaken. Toch weten we wel wat van inspiratie, doordat namelijk de Schrift zelf er iets over onthult. We moeten er dan wel aan denken dat het Bijbels begrip ‘inspiratie’ of ‘ingeving’ iets anders is dan wat we in gewoon spraakgebruik eronder verstaan.

Zo zegt men bijvoorbeeld dat een schilder door een bepaald voorval geïnspireerd werd tot het maken van een schilderij. Bij het bedenken van spelletjes kan je soms een goede ingeving krijgen. Het Bijbels begrip ‘inspiratie’ gaat echter veel verder.

01. De profetie is tot stand gekomen doordat mensen door de Heilige Geest gedreven werden (2 Petrus 1 vers 21).

02. Een ander getuigenis over de werking van de Heilige Geest lezen we in Johannes 14: 26 : ‘u te binnen brengen al wat Ik u gezegd heb’. De Geest van God zou de discipelen nauwkeurig in herinnering brengen wat de Heer gezegd had. De schriftelijke neerslag daarvan vinden we in het Nieuwe Testament in de vier evangeliën?

03. Vervolgens zou de Geest der waarheid getuigen van Christus (Johannes 15: 26). De discipelen zouden ook getuigen en door de Geest gebruikt worden (Johannes 15: 27).  Het verslag hiervan vinden we in het boek de Handelingen der apostelen.

04. Daarna lezen we dat de Heilige Geest de discipelen de weg zou wijzen tot de volle waarheid. (Johannes 16:13 ). Deze leer treffen we aan in de brieven van Paulus, Petrus, enz.

05. Tenslotte wordt er in Johannes 16:13 genoemd dat ‘de toekomst zal Hij u verkondigen’. We denken dan vooral aan het Bijbelboek ‘De Openbaring’.

.

.

d19f4e1e7751cd5a994811334eaca72f

.

.

06. Een schriftgedeelte dat in dit verband uitvoerig over het werk van de Geest spreekt, is 1 Korinthe 2: 7-16. In vers 7 zegt Paulus dat wat hij spreekt is als een geheimenis, de verborgen wijsheid Gods, die God reeds van eeuwigheid voorbeschikt heeft tot onze heerlijkheid. Deze wijsheid van God is niet langs natuurlijke weg te verkrijgen. Je kunt ze niet waarnemen: ‘Wat geen oog heeft gezien’. Je kunt ze ook niet van anderen vernemen, het voorgeslacht weet er ook niets van: ‘Wat geen oor heeft gehoord ‘. De menselijke wijsbegeerte heeft er niet van kunnen dromen, je kunt ze niet uitdenken: ‘Wat in geen mensenhart is opgekomen ‘.

07. Hoe weet Paulus er dan toch wat van? Wel, omdat God het geopenbaard heeft door de Geest  (vers 10). Paulus zelf zou in de gedachten van God niet kunnen doordringen, maar zoals de menselijke geest weet wat in de mens is, zo weet de Geest van God wat in God is.

08. Het is echter niet alleen nodig dat Paulus en de andere apostelen de gedachten van God kennen, ook alle andere gelovigen moeten ze kennen. Welnu, Paulus en de anderen hebben wat God hen openbaarde niet voor zichzelf gehouden, maar er over gesproken.
Hoe die mededeling in zijn werk is gegaan zegt vers 13, namelijk met woorden ‘die niet door menselijke wijsheid, maar die door de Geest geleerd zijn: Wat Paulus spreekt beantwoordt dus nauwkeurig aan wat God hem heeft geopenbaard! Met andere woorden: het water dat door het kanaal vloeit, is even zuiver als het water van de bron!

09. Daar komt nu nog wat bij. Zij, die het woord horen of lezen, moeten het verstaan. Wie aanvaardt echter niet hetgeen van de Geest van God is? ‘Een ongeestelijk mens’. En wie beoordeelt wel alle dingen in de goede gezindheid? ‘De geestelijke mens’. Dit gedeelte behandelt dus:
a. het onvermogen van de mens om de plannen en gedachten van God te kennen en mee te delen; wetenschap (waarnemen), historie (vernemen) en filosofie (opkomen in het hart) waren daartoe niet in staat;
b. de openbaring van die plannen aan de apostelen;
c. de weergave van de openbaring onder de leiding van de Geest, inspiratie;
d. het vermogen van de geestelijke mens om de meegedeelde openbaring te verstaan, ook wel verlichting genoemd.

10. Niet alleen van de schrijvers wordt gezegd dat ze geïnspireerd werden, maar volgens 2 Timotheüs 3:16 geldt dit ook van wat ze geschreven hebben. Bij deze inspiratie werd de persoonlijkheid van de schrijver niet uitgeschakeld. De schrijvers waren geen ‘schrijfstiften van de Heilige Geest. Zo is er duidelijk verschil in stijl e.d. tussen de profetie van Jesaja en die van Amos, evenals tussen de brieven van Paulus en die van Petrus. De volgende illustratie helpt om dat te begrijpen:

Veronderstel dat een veelzijdig musicus diverse instrumenten gaat bespelen. Elk instrument geeft de muziek weer, die de musicus speelt, en zoals hij die speelt. Maar de piano geeft geen orgelklank en de trompet niet het geluid van de fluit.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

John Astria

Waarom laat God de duivel mensen kwellen?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Het einde van de draak (666) door het kruis

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Als u het lijden van een ander kon verlichten, dan zou u dat vast doen. Reddingswerkers haasten zich vaak naar de plaats van een natuurramp om lijden te verlichten en het leven van volslagen onbekenden te redden. Iemand zou zich daarom kunnen afvragen: waarom bevrijdt God ons eigenlijk niet van de Duivel, die verantwoordelijk is voor onnoemelijk veel menselijk leed?

Die vraag zou beantwoord kunnen worden aan de hand van een illustratie over een belangrijke rechtszaak. De moordenaar, die wanhopig probeert het proces stil te leggen, beweert dat de rechter zijn gezag in de rechtbank op een oneerlijke manier uitoefent. Hij zegt zelfs dat de rechter getuigen heeft omgekocht. Daarom worden er talloze extra getuigen aan het woord gelaten.

De rechter weet dat de uitgebreide procedures veel moeite gaan kosten en hij wil graag dat de zaak zonder onnodig uitstel afgehandeld wordt. Tegelijkertijd beseft hij dat als hij tot een oordeel wil komen dat een precedent schept voor mogelijke toekomstige zaken, beide partijen voldoende tijd moeten krijgen om hun kant van het geschil te laten horen.

Om tot een oordeel te komen dat een moreel precedent schept, moeten beide partijen voldoende tijd krijgen om hun kant van het geschil te laten horen.

Wat heeft deze illustratie te maken met een beschuldiging die de Duivel, ook „draak”, „slang” en „Satan” genoemd, inbracht tegen God, ’de Allerhoogste over heel de aarde’? (Openbaring 12:9 ; Psalm 83:18) Wie is de Duivel eigenlijk? Waarvan heeft hij God beschuldigd? En wanneer zal God zich van hem ontdoen?

 

 

De Alfa en de Omega : strijd met de duivel

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Er wordt een moreel precedent geschapen

 

Oorspronkelijk was degene die de Duivel werd een volmaakt geestelijk schepsel, een van Gods engelen (Job 1:6, 7). Hij maakte zichzelf tot de Duivel toen hij geobsedeerd raakte door een egoïstisch verlangen naar aanbidding door mensen. Daarom trok hij Gods recht om te regeren in twijfel en insinueerde hij zelfs dat God het niet verdient gehoorzaamd te worden. Hij beweerde dat mensen God alleen dienen wanneer ze met zegeningen omgekocht worden. Volgens Satan zouden alle mensen hun Schepper „vervloeken” als ze te maken kregen met moeilijkheden (Job 1:8-11; 2:4, 5).

Om die beschuldigingen van Satan te weerleggen, was een simpel machtsvertoon niet voldoende. Als Satan meteen was terechtgesteld, zou dat voor sommigen misschien zelfs een aanwijzing zijn geweest dat hij gelijk had. Daarom ondernam God, die absolute autoriteit bezit, gerechtelijke stappen om die kwesties in de geest van alle toeschouwers op te lossen.

God gaf aan dat er, in overeenstemming met zijn beginselen en met volmaakte gerechtigheid, door beide partijen getuigen zouden worden opgeroepen om een ondersteunende verklaring af te leggen van hun kant van de controverse. In de toegestane tijd hebben Adams nakomelingen de gelegenheid gekregen te leven en bij te dragen aan dit getuigenis ten gunste van God door hem uit liefde trouw te blijven ondanks moeilijkheden.

 

 

 

Hoe lang duurt het nog?

 

God is zich er sterk van bewust dat het lijden van mensen voortduurt terwijl deze gerechtelijke stappen plaatsvinden. Maar hij is vastbesloten de zaak zo snel mogelijk af te handelen. De Bijbel beschrijft hem als „de Vader der tedere barmhartigheden en de God van alle vertroosting” (2 Korinthiërs 1:3).

Het is duidelijk dat „de God van alle vertroosting” de Duivel niet langer zal laten leven dan nodig is, en ook niet zal toelaten dat de gevolgen van zijn invloed blijven bestaan. Aan de andere kant zal Hij de Duivel niet vroegtijdig vernietigen, dus niet voordat de universele rechtszaak volledig ten einde is.

Wanneer de kwesties ten slotte opgelost zijn, zal Gods recht om te regeren volledig gerechtvaardigd zijn. Het rechtsgeding tegen Satan zal tot in alle eeuwigheid als toetssteen dienen. Als iemand dat recht om te regeren ooit weer zou aanvechten, kan er naar Satans voorbeeld verwezen worden als een precedent dat niet herhaald hoeft te worden.

Te zijner tijd zal God zijn Zoon Jezus opdracht geven de Duivel te verwijderen en alles wat hij veroorzaakt heeft ongedaan te maken. De Bijbel heeft het over een tijd waarin Jezus „het koninkrijk aan zijn God en Vader overdraagt, wanneer hij alle regering en alle autoriteit en kracht heeft tenietgedaan. Want hij moet als koning regeren totdat God alle vijanden onder zijn voeten heeft gelegd. Als laatste vijand wordt de dood tenietgedaan” (1 Korinthiërs 15:24-26).

Gelukkig belooft de Bijbel dat er wereldwijd paradijselijke omstandigheden zullen zijn. In overeenstemming met Gods oorspronkelijke bedoeling zullen mensen in een vredig paradijs leven! Psalm 37:11 zegt: „De zachtmoedigen  zullen de aarde bezitten, en zij zullen inderdaad hun heerlijke verrukking vinden in de overvloed van vrede.” En in vers 29 staat: „De rechtvaardigen, die zullen de aarde bezitten, en zij zullen er eeuwig op verblijven.”

Sta eens stil bij het prachtige vooruitzicht dat de Bijbel schetst voor Gods aanbidders: „Zie! De tent van God is bij de mensen, en hij zal bij hen verblijven, en zij zullen zijn volken zijn. En God zelf zal bij hen zijn. En hij zal elke traan uit hun ogen wegwissen, en de dood zal niet meer zijn, noch rouw, noch geschreeuw, noch pijn zal er meer zijn. De vroegere dingen zijn voorbijgegaan” (Openbaring 21:3, 4).

 

 

 

 

 

 

De levitatie van Pater Pio

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Men zou de levitatie kunnen definiëren als een fenomeen waardoor een lichaam of eender welke massa zich van de grond losmaakt en zweeft in de lucht, zonder mechanische hulp, voor een onbepaalde tijd. Enkele heiligen hebben kunnen gebruikmaken van dit fenomeen, toegekend door God, zoals bijvoorbeeld de Heilige Joseph van Copertino en ook Pater Pio van Pietrelcina.

 

 

padre_pio_stigmata_mass460

 

 

 

Tijdens de tweede wereldoorlog werd in Bari het algemeen Commando van de geallieerde luchtmachten opgericht. Verschillende officieren hebben bevestigd gered te zijn door Pater Pio tijdens luchtoperaties. De commandant zelf heeft getuigd van een spectaculair voorval. Inderdaad, op een dag moest hij een escadrille bommenwerpers leiden, die als missie hadden een depot met oorlogsmateriaal van het Duitse leger te vernietigen, dat zich bevond in San Giovanni Rotondo.

De generaal heeft verteld dat op het moment dat ze hun doel naderden, hij en zijn manschappen aan de hemel een monnik zagen verschijnen, de handen opgeheven. De bommen werden automatisch afgeleid naar de bossen en de vliegtuigen maakten rechtsomkeer, verschillende zonder enig manoeuvre van de piloot. Iemand vertelde aan de commandant dat hij had horen vertellen van een monnik die in San Giovanni Rotondo leefde.

Hij besloot om, zodra het land bevrijd zou zijn, te gaan kijken of het om dezelfde monnik ging die ze aan de hemel hadden gezien. Na de oorlog ging de generaal, vergezeld van enkele piloten, naar het convent van de kapucijnen. In de sacristie zaten verschillende monniken, waaronder ze onmiddellijk de monnik herkenden die de bommen en de vliegtuigen had laten terugkeren.

Pater Pio legde een hand op de schouder van de generaal en zei: “jij bent dus diegene die ons allemaal wou doden”. Geslagen door de blik en de woorden van de priester, knielde de generaal voor hem. Vreemd detail: Pater Pio sprak in het dialect van zijn streek, maar de generaal was overtuigd dat de monnik Engels sprak. Ze werden vrienden en de generaal, die protestant was, bekeerde zich tot het katholicisme.’

 

 

Abt Ascanio vertelde: ‘ We wachtten op pater Pio die zou komen om te biechten. De sacristie was overvol en alle blikken waren gericht naar de deur. Maar, zonder dat de deur openging, zag ik Pater Pio wandelend boven zijn getrouwen. Hij begaf zich naar de biechtstoel, ging zitten en begon met het afnemen van de biecht. Ik dacht dat ik gedroomd had en sprak met geen woord over wat ik had gezien. Nochtans, later, vroeg ik aan Pater Pio: “Pater Pio, hoe doet men dat om in de lucht te wandelen?” Niet zonder humor, antwoordde hij mij: “ik verzeker je, mijn zoon, op dezelfde manier als op de grond”.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

 

Fatima en de eindtijden.

Standaard

categorie : religie

.

.

“De eindstrijd tussen God en satan gaat over het gezin en het leven”

.Belangrijkste openbaringen van zuster Lucia,

.de zienster van Fatima in een brief aan kardinaal Caffara Aleteia.

.

.

Fatima_-_drie_kinderen

.

.

God tegen satan: het laatste slagveld, de laatste schok, zal die van het gezin en het leven zijn. Zo luidt de profetie van zuster Lucia dos Santos, de zienster van Fatima, wiens proces van zaligverklaring in februari 2015 begon.

.

De brief aan Lucia

.

In een interview met het maandblad La Voce di Padre Pio, van maart 2015, vertelt de kardinaal, dat hij naar zuster Lucia geschreven had om haar gebed te vragen.

Hij ontving enkele dagen later een lange brief, door haar ondertekend waarin zuster Lucia het volgende schrijft:

“De eindstrijd tussen de Heer en het rijk van satan zal over huwelijk en gezin gaan. Wees niet bang”, schrijft zij ook, “want allen, die zich zullen inzetten voor het sacrale karakter van huwelijk en gezin, zullen altijd op alle manieren bestreden en gehaat worden, want het is het doorslaggevend punt”. Tot slot, schreef zij nog: “Onze-Lieve-Vrouw heeft zijn kop echter reeds verpletterd”.

.

De zuil die de schepping ondersteunt

.

De religieuze van Fatima zegt dus, dat Onze-Lieve-Vrouw de kop van satan reeds verpletterd heeft. En Caffara besluit: “In haar gesprek met Johannes Paulus II waarschuwde zij ook reeds, dat dit het centrale punt is, want er wordt geraakt aan de zuil, die heel de schepping ondersteunt, de waarheid over de relatie tussen man en vrouw en tussen de generaties. Wanneer men aan de centrale zuil raakt, stort heel het gebouw in en dat is wat wij op dit moment zien en wij weten het”. Maria heeft het over het laatste slagveld, de eindtijden en de verplettering van de kop van de duivel. Zij verkondigt de mensheid daardoor dat wij in de eindtijden leven.

.

.

Maria Domina Animarum

Pasteltekening van John Astria

.

.

Uitleg over de eindtijden door John Astria

Uitleg over de eindtijden
door John Astria

.

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Het vleesgeworden Woord en het geschreven Woord

Standaard

categorie : religie

.

.

De mens in de Drievuldigheid

De mens in de Drievuldigheid

Pasteltekening van John Astria

.

.

De term Schriften over de Bijbel wijst naar de veelheid van schrijvers en legt dus ook nadruk op de menselijke kant van de Bijbel. Deze laatste uitdrukking kan gemakkelijk aanleiding geven tot misverstand. In onze tijd wordt meestal over het menselijke element in de Bijbel gesproken om aan te geven dat de Bijbel niet in alles gezaghebbend en betrouwbaar zou zijn.

Zo zien sommigen de Bijbel als een gemengde verzameling van Goddelijke en menselijke uitspraken, waarbij we de Goddelijke er als het ware uit te ziften hebben. Anderen beschouwen de boodschap van de Bijbel als het Goddelijke element dat verpakt zit in menselijke bewoordingen.

.

In deze beschouwingen wordt er een tegenstelling gemaakt tussen het menselijke en het Goddelijke element. Men ziet de Bijbel als een menselijk getuigenis met alle gebreken daarvan.

Zo is het echter niet.

.

We kunnen in dit verband een vergelijking trekken tussen:

  • De Heer Jezus——-het vleesgeworden Woord, en
  • De Bijbel————–het geschreven Woord.

.

.

maxresdefaulwoord is vlles gewoorden

.

.

1.12-schrijven-met-veer

.

.

De Heer Jezus is de Zoon van God, maar tevens is Hij waarachtig Mens. Zo is de Bijbel van Goddelijke afkomst en tevens een echt menselijk boek, maar zonder het onvolkomene van het menselijke. 

.

01. Jezus Christus is in de wereld gekomen zoals ieder mens. Galaten 4: 4 zegt dat God Zijn Zoon uitgezonden heeft, geboren uit een vrouw. De Bijbel is niet uit de hemel komen vallen, zoals de Efeziërs beweerden van het beeld van de godin Artemis (Handelingen 19: 35), maar is ontstaan net als alle andere boeken. Mensen namen schrijfmateriaal en legden wat ze te zeggen hadden schriftelijk vast.
Hier hebben we in beide gevallen het menselijke element.

 

02. Jezus van Nazareth is op volkomen natuurlijke wijze geboren, maar werd op een bovennatuurlijke wijze bij de maagd Maria verwekt. Hij is namelijk verwekt door de Heilige Geest (Mattheüs 1:18; Lukas 1: 35).
Zo is de Bijbel geschreven door mensen, maar niet voortgebracht door de wil van de mens. 2 Petrus 1: 21 zegt in dit verband dat de profetie nooit is voortgekomen uit de wil van een mens maar dat deze mensen ‘door de Heilige Geest gedreven’ werden. David zegt in 2 Samuël 23: 2  >De geest des Heren spreekt door mij, zijn woord is op mijn tong. Heel duidelijk zien we hier in beide teksten het Goddelijke element.

 

03. Jezus Christus is geboren uit het volk Israël? (Romeinen 9: 4, 5) In vers 5 wordt de menselijke kant aangegeven met de woorden: wat het vlees betreft. Die menselijke afkomst in Hebreeën 7:14 vermeldt dat onze Heer uit Juda is gesproten. Ook de Bijbel hebben we aan het volk Israël te danken als het gaat om de menselijke kant van zijn ontstaan.

 

04. Christus kwam dus niet als volwassen mens in deze wereld, maar als kind en groeide op of nam toe. Hij nam volgens Lukas 2: 52  toe in wijsheid en grootte en genade bij God en mensen. Ook de Bijbel kwam niet als compleet boek onder de mensen, maar werd in de loop van ongeveer 1500 jaar samengesteld. Ook de Bijbel groeide op om zo te zeggen. Dit is ook een menselijk element.

 

05. Toch was Christus reeds in Zijn jeugd volmaakt voor God en als 12 – jarige jongen wijzer dan zijn leermeesters. Men ontzette zich (verbaasde zich) over zijn verstand, zoals Lukas 2 vers 47 (slotverzen) laat zien (vgl. Psalm 119: 99). De eerste vijf boeken van de Bijbel, die je de Bijbel als kind zou kunnen noemen, bevatten reeds alle Goddelijke beginselen en vormen een bron van Goddelijk onderricht. Dit is weer de Goddelijke kant bij beide.

 

06. De Joden hebben in hun ongeloof de Here Jezus niet anders gezien dan als Jezus, de zoon van de timmerman (Mattheüs 13 slot). Ze hebben Hem zelf ook ‘de timmerman’ genoemd, zoals blijkt uit Marcus 6 vers. Daarbij stelden ze Hem op één lijn met Zijn broers en zussen. Een oprecht zoeker als Nathanaël kwam echter na één ontmoeting met Jezus tot de erkenning: Rabbi, Gij zijt de Zoon van God, Gij zijt de koning van Israël (Johannes 1). Zo beschouwt het ongeloof de Bijbel slechts als een verzameling menselijke geschriften, die men op één lijn stelt met alle andere literatuur. Daarentegen neemt ieder die gelooft de Bijbel aan, zoals de Thessalonikers het gepredikte woord van Paulus aannamen, namelijk ‘niet als een woord van mensen, maar als een woord van God (Thessalonika 2:13).

 

07. Slechts als ‘de man van smarten, veracht door het volk’ kon de Heer de heilaanbrenger worden voor elk die gelooft. Zo kan ook de zondaar alleen behouden worden door ‘het woord des kruis’, dat voor hen die verloren gaan ‘een dwaasheid’ is (1 Korinthe 1).

 

08. Hoe weinig de mensen van de afkomst van Jezus Christus en dus van Zijn Goddelijke zending wisten, blijkt uit Johannes 7:41 en 42. Ze wisten namelijk niet, dat Jezus van Nazareth te Bethlehem geboren was. Zo staren velen zich wat de Bijbel betreft blind op het menselijke en zien niet zijn koninklijke afkomst.

 

09. Christus is in alle dingen aan de mensen gelijk geworden, met één uitzondering dat hij niet zondigde (Hebreeën 4:15). Letterlijk staat daar ‘zonder zonde’, dat wil zeggen dat Hij de inwonende zonde niet kende. In Lukas 1: 35 wordt Hij dan ook het Heilige genoemd. Zo komt de Bijbel tot ons in menselijke bewoordingen, echter zonder fouten of ongerechtigheden. Spreuken 30: 5 zegt daarvan: ‘Alle woord Gods is gelouterd ‘ en Psalm 12 vers 7 noemt de woorden des Heren zuivere woorden en vergelijkt ze met gedegen zilver dat zevenvoudig gelouterd is.

.

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

John Astria

 

 

Wat is wedergeboorte?

Standaard

categorie : religie

.

.

Uit God geboren zijn heeft verschillende termen. Dit is vaak verschillend per Bijbelschrijver. Enkele omschrijvingen zijn: wedergeboren zijn, een nieuwe schepping, de nieuwe mens, in Christus zijn, naar de Geest zijn, besneden van hart, een nieuw hart. Het gebeuren is een centraal thema in het Nieuwe Testament. De vernieuwing van de mens is iets dat noodzakelijk en verlossend is!

.

.

jezus-christus-wedergeboorte

.

.

De noodzaak van wedergeboorte

.

In Johannes 3 heeft Jezus een gesprek met Nicodemus, een Farizeeër. Deze man begint met een opmerking dat de Farizeeën erkennen dat Jezus van God gekomen is (vers 2). Jezus’antwoord in vers 3 lijkt wel heel bot. “Voorwaar, voorwaar, ik zeg u, tenzij iemand wederom geboren is, kan hij het Koninkrijk Gods niet zien”.

Jezus geeft hem te kennen dat Nicodemus bitter weinig kan zien of kennen tenzij hij opnieuw geboren is! Weten wie Hij is, is dan welhaast onmogelijk. In vers 5 versterkt Jezus dit nog eens: “Voorwaar, voorwaar, ik zeg u, tenzij iemand geboren wordt uit water en Geest, kan hij het Koninkrijk Gods niet binnengaan.” Om iets van Gods wereld te kunnen begrijpen, kennen en om deel te krijgen aan het heil van God is het noodzaak om opnieuw geboren te worden.

.

Wat is opnieuw geboren worden?

.

Dat is ook de vraag die Nicodemus stelt! Jezus legt het uit met “uit water en Geest geboren worden.” De verdere uitleg van Hem is “wat uit vlees geboren is, is vlees en wat uit de Geest geboren is, is geest”. Naast de natuurlijke geboorte moet een mens ook uit de Geest geboren worden. In het vlees, ons natuurlijk bestaan, kunnen we God niet kennen of dienen. Later, in Joh. 6:63, zal Jezus zeggen: “De Geest is het die levend maakt, het vlees doet geen nut.”

Paulus leert ons in Rom.8: 7 – 8 ; “De gezindheid van het vlees is vijandschap tegen God; want het onderwerpt zich niet aan de wet van God; trouwens het kan dat ook niet: zij, die in het vlees zijn, kunnen God niet behagen”.

Door de zonde kan een mens uit zijn natuurlijke vermogens God niet dienen en Hem gehoorzamen. Daarom doet het vlees geen nut. Daarom geeft God de mogelijkheid van een nieuwe geboorte. Deze geboorte is uit Gods Geest, leert Jezus. Gods Geest schept nieuw leven in ons, leven uit God zelf! We zijn dan uit God geboren. Dit leven is eeuwig leven, onvergankelijk leven, staat in Johannes 3 vers 16.

Wedergeboorte is dus een geestelijke geboorte uit de Heilige Geest van God. In Joh.1:12 en 13 vind je dit uitgewerkt. We worden letterlijk kinderen van God. Paulus schrijft in Galaten 4:6 ; En dat gij zonen zijt – God heeft de Geest van zijn Zoon uitgezonden in onze harten, die roept Abba, Vader”.

Gods natuur is in ons en we kunnen gaan lijken op onze Vader. Gods weten is in ons zodat we kunnen gaan begrijpen. Gods kracht is in ons zodat we kunnen overwinnen. Gods mogelijkheden zijn in ons zodat we kunnen wat onmogelijk leek.

Jezus leert dat we geboren moeten worden uit water en Geest. Waarom water? Jezus doelt hierbij op de doop. Paulus legt later uit in Titus 3:5 dat God “naar Zijn ontferming ons gered heeft door het bad (water) van de wedergeboorte en van de vernieuwing door de Heilige Geest”.

.

.

a0cea4c2ab02a3596640844991b9eb35

.

.

Hoe gebeurt dat, wedergeboren worden?

.

Wat er precies wetenschappelijk gebeurt weten wij niet. Jezus legt in vers 8 uit dat het een ongrijpbaar gebeuren is. Hoe het kan gebeuren is wel duidelijk. Door de prediking en het aanvaarden van het woord van God wordt zaad van geloven in ons hart gelegd. Daarom schrijft Petrus in 1 Petrus 1:23 dat we zijn “wedergeboren, en niet uit vergankelijk maar uit onvergankelijk zaad, door het levende en blijvende woord van God”.

Doordat we gaan geloven in Jezus schenkt God ons vergeving van zonden waardoor we levend gemaakt worden. Daarom staat in Colossenzen 2:13  ;“Ook u heeft hij, hoewel gij doos waart door uw overtredingen en onbesnedenheid naar het vlees, levend gemaakt met Hem, toen Hij ons al onze overtredingen kwijtschold.” Hierop doelt Jezus in Joh. 3:14-16 waar Hij het beeld van de slang gebuikt.

De slang was de vloek over Israël, het oordeel over hun zonden. Jezus die stierf aan het kruis wordt, door geloof, voor ons de oorzaak van redding! Dit in geloof aannemen van Jezus, geeft ons de macht om kinderen van God te worden, staat in Joh.1:12 en 13.

In 1 Joh. 5:1 schrijft Johannes “Een ieder die gelooft dat Jezus de Christus is, is uit God geboren”. Dit leven is in Gods Zoon. Daarom staat iets verder in vers 12 ” Wie de zoon heeft, heeft het leven, wie de zoon van God niet heeft, heeft het leven niet”.

Nadat we kind van God geworden zijn, komen we in een proces. We zijn niet meteen geweldig geestelijke mensen maar gaan leven in een proces van heiliging en groei. Paulus doelt hierop in 1 Cor.3:1 en 2. Dit proces van heiliging en groei is niet zozeer een proces van onszelf verbeteren maar van het afleggen van de oude mens en het aandoen van de nieuwe mens.

Zie bijvoorbeeld Efeze 4:22-24. De mogelijkheden van ons liggen in het Nieuwe Leven. Een illustratie vind je in 1 Petrus 1:22 t/m 3:1. Wij moeten onze zielen door gehoorzaamheid aan de waarheid reinigen tot echte onvervalste broederliefde. Deze liefde komt voort uit de wedergeboorte. Om de kracht van deze liefde te ervaren moeten wij alle kwaadwilligheid, bedrog, huichelarij, afgunst en kwaadsprekerij afleggen. De liefde is er al!

Dat is namelijk een vrucht van de Geest. Niet ons werk, maar iets dat er al is uit onze nieuwe natuur. Onze actie is ons vlees afleggen, laten sterven en ons keren naar de nieuwe mens. Dan groeien wij! Onze opdracht is volgens Galaten 5:16, “wandel naar de Geest en voldoet niet aan het begeren van het vlees”. De basis van levensverandering en heiliging is de nieuwe mens op basis van opnieuw geboren zijn.

Johannes schrijft in 1 Johannes 5:4, “Want al wat uit God geboren is, overwint de wereld”.
De Geest van Jezus die in ons woont heiligt en verandert ons leven dus van binnen uit. Hij overwint in ons het kwaad en leert ons anders leven en denken. Als je ergens niet vanaf kunt komen, richt je geloof op God en zeg: Vader ik heb een probleem! Maar ik weet dat U het in mij kunt overwinnen. Uw Geest kan het onmogelijke waarmaken.

.

.

Wedergeboorte 1

.

.

In Christus

.

Door het geloof worden wij één gemaakt met Christus. “In Christus “noemt Paulus dat. Zijn leven is ons leven, Zijn lijden is ons lijden, zijn kruisiging is onze kruisiging, zijn dood is onze dood, zijn opstanding is onze opstanding, zijn heerlijkheid is onze heerlijkheid, zijn koningschap is ons koningschap.

In Christus zijn we een nieuwe schepping, zegt Paulus in 2 Cor.5:17. Deze eenheid met Hem heeft voor ons een hele praktische uitwerking. Wij beschouwen ons leven hier als gestorven voor de wereld en de wereld is voor ons gestorven Gal.6: 14. Wij leven nu voor God, voor Jezus en willen dat Zijn leven in ons openbaar wordt Gal. 2:20. Door de Geest van God worden wij dan ook in navolging van Jezus geleid.

.

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

John Astria

De verschijning van Maria in Tre Fontane

Standaard

categorie : religie

.

.

Tre Fontane, Rome, Italië

.

.

.

.

Enkele eeuwen geleden is buiten Rome een beroemde Cisterciënzerabdij ontstaan. Zij heet nu San Paolo Tre Fontane, ‘St-Paulus van de drie bronnen.’ De grote Apostel Paulus werd er volgens een oude overlevering onthoofd en toen zijn hoofd driemaal op de grond viel ontsprongen er drie bronnen, die er nog steeds zijn. De abdij met haar oude donkere romaanse kerk zonder opschik, was vroeger een oase van rust buiten de stad.Nu heeft Rome zich uitgebreid om haar heen. Niet ver van de kortste weg die toegang tot de abdij biedt is in 1947 een bedevaartsoord ontstaan. Het terrein voor de grot is nu tot een open plein gemaakt. In de grot staat een Mariabeeld en talrijke ex-voto’s hangen er in het rond. In deze grot is aan drie kleine kinderen en hun vader op 12 april 1947 de H. Maagd verschenen en op 6 en 23 mei aan de vader alleen.

.

.

.
Waarom Maria weent

Waarom Maria weent

Pasteltekening van John Astria

.

.

Het ging als volgt:

.

Op 9 mei 1913 werd te Rome, uit arme en weinig voorbeeldige ouders Bruno Cornacchiola geboren. Hij had twee broers en twee zusters en werd in een niet gelukkige jeugd onkerkelijk opgevoed. Op 7 maart 1936 huwde hij Iolanda Lo Gatto. Hij was eerst katholiek, maar “bekeerde” zich tijdens zijn verblijf in Spanje tot het protestantisme. Hij sloot zich aan bij de adventisten en begon het katholieke geloof te bestrijden.

Van 1936-1939 was hij als vrijwilliger actief in Spanje en keerde daarna terug naar Rome. Hij ging verder met het bestrijden van de Katholieke Kerk, in het bijzonder de leer over de H. Maagd Maria. Hij was tramconducteur en kreeg drie kinderen. In zijn huisgezin gingen de zaken niet al te best, tot de H. Maagd plots een omkeer teweeg bracht.

Op 12 april 1947, de zaterdag na Pasen, was Bruno met zijn drie kinderen, Isola (10), Carlo (7) en Gianfrancesco (4) een uitstapje gaan maken buiten Rome. Hij had naar het strand van Ostia willen gaan, maar had de trein gemist. Dan maar naar Tre Fontane, dat was niet ver buiten de stad. Hij was op dat moment bezig met het opstellen van een preek tegen de Heilige Maagd. Daar, te Tre Fontane speelden de kinderen met een bal, die op zeker ogenblik in het struikgewas was verdwenen bij een kleine, ondiepe grot.

Toen gingen Bruno en zijn jongste zoon de bal zoeken. Het was kort na 4 uur in de namiddag. Toen de vader hem na enige tijd riep en hij niet antwoordde, ging hij hem halen. Hij vond het kleine kind op de knieën voor de grot, de handen gevouwen (wat hij nooit had geleerd) en in een bewegingloze extase voortdurend herhalend: “Bella Signora! Bella Signora! (Mooie Dame!). Bruno was versteld en riep Isola en Carlo. Toen die bij hun kleine broertje kwamen vielen zij ook op hun knieën en herhaalden: “Bella Signora!…”

Bruno was volkomen verbaasd toen hij zijn drie kinderen in extase zag en bad vol schrik: ‘O signore, salvaci tu! (O Heer, wil Gij ons redden!). Wat er toen gebeurde wordt door Bruno zelf als volgt verhaald.

“Nauwelijks had ik “O Heer, red Gij ons” gezegd of ik zag plotseling twee zeer witte doorschijnende handen, die zich naar me toe bewogen. Daarop voelde ik dat deze twee handen, licht als de vleugels van een vogel, mijn ogen aanraakten en er als het ware een sluier van afnamen, die mij eerst had belet te zien. Toen werden mijn ogen door zulk een licht overstroomd, dat alles voor mij enkele ogenblikken verdween, kinderen en grot, en ik mij licht, etherisch voelde, als was mijn geest bevrijd van de stof.

In die toestand van vervoering hoorde ik mijn kinderen niet meer de woorden spreken ‘Bella Signora’. Toen ik na enkele ogenblikken van verblinding het gezicht terugkreeg, zag ik op de meest lichte plaats van de grot, omgeven door een krans van erg verblindend gouden licht – o verbijstering en ontroering voor onze arme menselijke natuur! – de gestalte van een paradijselijke vrouw, wier trekken en hemelse schoonheid diep in mijn ogen gegrift blijven, maar niet in menselijke woorden kunnen worden uitgedrukt.

De gestalte van deze hemelse Vrouw had zwarte haren, samengehouden op het hoofd en een weinig naar voor komend, voor zover de mantel van grasgroene kleur, die van het hoofd tot de voeten langs de zijden van haar afhing, het toelieten. Onder de groene mantel droeg zij een lichtend wit kleed en om de lendenen een roze gordel. De hemelse Vrouw droeg geen schoeisel en haar blote voeten stonden op de tufsteen.

Het gezicht van de mooie Dame had een uitdrukking van moederlijke welwillendheid, vermengd met serene droefheid; in de rechterhand droeg zij een niet al te groot boek van asgrijze kleur, dat zij tegen de borst hield, terwijl de linkerhand op het boek rustte.”

“Mijn eerste instinctieve aandrang was te spreken, een kreet te slaken, maar omdat ik voelde dat ik niet kon beschikken over mijn lichamelijke vermogens, stokte mijn stem in mijn keel. Ondertussen had zich in heel de geheimzinnige grot een heerlijke bloemengeur verspreid. Ook merkte ik dat ik naast mijn lieve kinderen op de knieën zat met gevouwen handen. Plotseling klonk een paradijselijke stem in mijn arme oren en ving een lang gesprek aan.”

.

.

Zij sprak:

.

“Ik ben diegene die in de Goddelijke Drie-eenheid is. ik ben de Maagd der Openbaring. Gij vervolgt mij, nu is het genoeg! Ga binnen in de heilige schaapskooi, het hemels hof op aarde. De belofte van God is en blijft onveranderlijk: de negen eerste vrijdagen die gij gevierd hebt om uw trouwe echtgenote plezier te doen alvorens de weg van de dwaling te volgen, hebben u gered!”

Ze vermaande hem dus om weer terug te keren tot de Katholieke Kerk. Zijn hart werd aanstonds geraakt en hij bekeerde zich. Ze vertelde enkele woorden die voor de paus bestemd waren (Paus Pius XII) en sprak verder over al haar zorgen voor de zondige mensheid en dat ze graag zou zien dat alle zondaars zouden gered worden.

.

.

Maria Domina Animarum

Maria Domina Animarum

Pasteltekening van John Astria

.

.

Als middel tot bekering beval zij aan:

.

“Men moet veel bidden en dagelijks het rozenhoedje zeggen voor de bekering der zondaars en de ongelovigen en voor de eenheid der christenen De Weesgegroeten die ge met geloof en liefde zegt, zijn evenveel pijlen die het Hart van Jezus raken.”

Ook beloofde de H. Maagd op de plaats waar zij verscheen wonderen te zullen doen. Ze zei ook dat haar lichaam na haar dood niet had kunnen vergaan, maar door haar Zoon en de Engelen van de aarde is weggenomen. Hiermee werd de leer van Maria’s Tenhemelopneming aangeduid, die drie jaar later als dogma plechtig aan heel de wereld zou worden voorgehouden (1950).

Tot slot voorspelde de H. Maagd aan Bruno harde beproevingen en vervolging, hem voorzeggende dat hij niet zou geloofd worden. Om eventuele twijfels bij hem te voorkomen gaf zij hem een teken: na veertien dagen zou hij een hem onbekende priester ontmoeten op een wijze die zij hem voorspelde. Dit gebeurde inderdaad, op 28 april. Alvorens naar huis te gaan bevestigde Bruno een papier in de grot met de mededeling:

»Op 12 april 1947 is hier in deze grot aan de protestant Bruno Cornacchiola en zijn kinderen de Maagd der Openbaring verschenen, en hij heeft zich bekeerd.«

Onderweg naar huis vroegen de kinderen om een beloofde reep chocola. Bruno zei:

»De schone dame in de grot heeft ons gezegd dat Jezus bij ons is. Ik heb jullie altijd geleerd niet daarin te geloven en jullie verboden om te bidden. Nu zeg ik jullie: laten we bidden, laten we de Heer aanbidden.«

Isola: »Welk gebed?« Bruno: »Mijn dochter, ik weet het niet.« Isola: »Ik wel. Ik heb het op school geleerd.« Zij baden Bruno herhaalde de woorden van het Weesgegroet. Bruno bad en weende.

Thuisgekomen konden de kinderen zich niet inhouden en de hele buurt wist binnen de kortst mogelijke tijd wat er gebeurd was. Toen de kinderen hadden gegeten en in bed lagen viel Bruno voor zijn vrouw op de knieën neer en vertelde haar alles. Hij vroeg haar om vergeving. Iolanda geloofde onmiddellijk in het wonder. Tot dusver was zij het, die op haar knieën lag voor haar man om hem te smeken haar niet meer te slaan. Bij zijn thuiskomst had Iolanda hem gevraagd waar de heerlijke geur vandaan kwam die haar van zijn kleren tegemoet stroomde. Tot in de vroege ochtend bleven zij samen, ontroerd, in gebed, in vreugde en in vrede.

»De priester is de brug tussen de zondaar en God, met de hulp van Maria.«

Op deze woorden van Maria ging Bruno biechten en verzoende zich met de Kerk. Hij deed dat bij de zijn parochiepriester, Ognissanti, die hij een aantal jaren daarvoor van zijn deur had gejaagd.

Op 6 mei 1947 ontving Bruno een tweede verschijning van Maria, terwijl hij alleen was. Maria zweeg en glimlachte slechts. Het was de vreugde van Maria om zijn bekering.

Op 23 mei volgde de derde verschijning in aanwezigheid van de priester don Mario Sfoggi, die Bruno later bij de paus zou brengen.

Op 30 mei vond de vierde verschijning plaats voor de zusters Maestre Pie Filippini, die in de buurt een kloostergemeenschap vormen. Zij ontvingen de opdracht om te bidden voor de wijk.

Tijdens de audiëntie van 1949 gaf Bruno de dolk waarmee hij hem had willen vermoorden aan paus Pius XII. De grot werd voorafgaand aan de verschijningen gebruikt als plaats van zonde. Het stonk er naar ontucht! Door de aanwezigheid van Maria werd de grot gezuiverd en geheiligd:

»Met deze aarde van de zonde zal ik machtige wonderen bewerken voor de bekering van de ongelovigen.«

En inderdaad zijn er reeds vele wonderen geschied door het vertrouwensvol gebruik van de aarde uit de grot. Enige weken na de eerste verschijningen ontdekte Bruno tot zijn ontgoocheling, aan de hand van enkele sporen, dat de grot opnieuw gebruikt was als plaats van ontucht. Bedroefd schreef hij op een vel papier de volgende oproep, die hem door Maria werd ingegeven:

»Ontwijd deze grot niet met de zonde van de onreinheid. Wie in de wereld van de zonde een ongelukkig schepsel is geweest werpe zijn last voor de voeten van de Maagd der Openbaring, bekenne zijn zonden en drinke aan deze bron van barmhartigheid. Maria is de tedere Moeder van alle zondaars. Zie, wat zij gedaan heeft voor mij, die als zondaar streed in het leger van de satan, een protestantse adventistensekte aanhing en een vijand van de Kerk en van de H. Maagd was.

Hier is mij en mijn kinderen op 12 april 1947 de Maagd der Openbaring verschenen. Zij heeft mij uitgenodigd tot de Rooms Katholieke Kerk terug te keren. Zij heeft mij boodschappen toevertrouwd en mij tekenen gegeven. De oneindige barmhartigheid van God heeft deze vijand overwonnen, die nu aan haar voeten om vergiffenis smeekt. Bemin Maria, zij is onze tedere Moeder. Bemin de Kerk met al haar kinderen. Zij is de mantel, die ons bedekt in deze wereld waarin de demonen woeden. Bid veel en vermijd de zonden van het vlees.«

Deze boodschap van Bruno, door vele kranten gepubliceerd, veroorzaakte een golf van verontwaardiging. De politie beloofde twee agenten naar Tre Fontane te sturen voor een dagelijkse ordedienst.

De Kerk erkende de facto de verschijningen en boodschappen van Tre Fontane en vertrouwde de zorg van de bedevaartplaats toe aan de paters Franciscanen Conventuelen. Burgemeester Salvatore rebecchini zorgde voor de civilisatie van het park rondom. Hij was zelf een pelgrim. Ook paus Johannes Paulus II ging er bidden.

.

.

de-perfecte-adam-en-eva

Pasteltekening van John Astria

.

.

Op 23 februari 1982 gaf Maria aan Bruno de volgende boodschap:

.

»Hier wil ik een huisheiligdom met de nieuwe titel Maagd der Openbaring – Moeder van de Kerk. Mijn huis moet voor allen openstaan, opdat allen het Huis van de Redding betreden en zich er bekeren. Zij die dorst lijden en verdwaald zijn zullen hierheen komen om te bidden. Hier zullen zij liefde, begrip en troost vinden: de ware zin van het leven.

Hier, op deze plaats van de grot, waar ik meermalen ben verschenen, zal het Heiligdom van de Verzoening zijn als een vagevuur op aarde. Daar zal een poort met de betreffende naam ‘Poort van de Vrede’ zijn. Allen zullen door deze poort moeten binnentreden om met de groet van de vrede en van de eenheid te groeten: “God zegen ons, Maagd Maria bescherm ons”.«

Op 12 april 1980 en op 12 april 1982 deden er zich in Tre Fontane zonnewonderen voor die door respectievelijk 3000 en 10.000 mensen werden waargenomen en die ruim een half uur aanhielden. Door talrijke mensen werden in de zon vele tekenen waargenomen, voor ieder verschillend. Het zijn symbolen die betrekking hebben op de geloofswaarheden: de H. Hostie, de Allerheiligste Drievuldigheid, Maria, een duif, de Vader op de troon, Maria gekroond met twaalf sterren, het Onbevlekt Hart van Maria, de letter ‘M’, de letters ‘IHS’, de letter ‘J’ enz.

.

.

.

.

JOHN ASTRIA

 

De osmogenese van Pater Pio

Standaard

categorie : religie

 

 

De osmogenese is een bijzondere gave die aan enkele uitverkorenen werd verleend. Het is wel zo dat hun aanwezigheid en habijt, eenvoudigweg hun uitstraling werd opgemerkt door een bepaalde geur, die wij kennen als de ‘geur van heiligheid’. Pater Pio was daarvoor bekend. Dit kwam zo dikwijls voor, dat men niet aarzelde het de ‘geuren van Pater Pio’ te noemen. Vaak ging het rechtstreeks van zijn persoon uit, soms had het te maken met zijn habijt of voorwerpen die hij had aangeraakt. Op andere momenten bleef de geur hangen op plaatsen waar hij was voorbijgekomen.

 

 

paterpiobrief

 

 

 

 

Op een dag verwijderde een befaamde arts een windsel dat met bloed van zijn zijde was doordrenkt. Vervolgens bracht hij het in een flesje om hiervan een analyse te laten maken in zijn labo in Rome. Tijdens de reis – waarvan niemand op de hoogte was van wat de arts bij zich droeg – begonnen een officier en andere medereizigers de geur op te merken, die geleek op wat van Pater Pio uitging. De arts bewaarde het recipiënt in zijn bureel en gedurende lange tijd bleef die geur daar hangen, waarover meerdere mensen zich bevraagden.

 

 

Aldus getuigt E.H. Modestino: “ Toen ik mijn vakantie eens nam in San Giovanni Rotondo gebeurde dit. ’s Morgens begaf ik mij naar de sacristie om de mis te dienen van Pater Pio Maar ook anderen eisten die eer op. Om de knoop door te hakken, zegde Pater Pio hen dat er slechts één misdienaar nodig was en dat ik het was. Iedereen zweeg. Ik vergezelde Pater Pio naar het altaar van St.Franciscus. Zodra het hek gesloten was, begon ik de mis te dienen in de diepste concentratie.

Bij het ‘Sanctus’ kwam in mij het verlangen op om opnieuw die fijne geur op te vangen, die ik reeds had bemerkt bij het kussen van zijn hand. Ineens overviel mij een wolk parfum; deze omgaf mij en groeide zo aan dat ik buiten adem geraakte. Vrezend dat ik bewusteloos zou vallen, hield ik mij aan de leuning vast. Inwendig bad ik Pater Pio om te voorkomen dat ik zou vallen, want dit zou de gelovigen hebben doen opschrikken.

Op datzelfde ogenblik hield de geur op. ’s Avonds vergezelde ik Pater Pio naar zijn cel en ik vroeg hem mij dit fenomeen te verklaren. Hij gaf me dit antwoord: “Mijn zoon, daar weet ik helemaal niets van af. Het is de Heer die handelt. Hij verleent zijn geur aan wie Hij zelf wil en wanneer Hij wil. Alles verloopt naar zijn genade”.

 

 

“Ik bevond mij achter het raampje van de biechtstoel. Vandaar zag ik Pater Pio luisteren om achter een ander raampje de biecht af te nemen van een dame. Onder de indruk van de gedachte dat ik me tot een heilige zou richten, ving ik een sterke leliegeur op. Dat raakte me des te meer, daar ik nooit had geloofd wat mensen hierover vertelden, nl. dat de aanwezigheid van Pater Pio te merken was aan geuren. Sindsdien heb ik er niet langer aan getwijfeld”.

 

 

In Bologna had een jonge dame van 24 jaar haar rechterarm gebroken. Drie jaar voordien was zij er al aan geopereerd geweest na een zwaar ongeval. Na een tweede behandeling en vele pijnlijke en lange nazorgen, liet de chirurg aan haar vader weten dat zij die arm niet meer zou kunnen gebruiken. Na de mislukking om de beenderen aan mekaar te zetten, waarbij een deel van het schouderblad was weggenomen, was de arm helemaal stijf geworden. Ontmoedigd trokken vader en dochter naar San Giovanni Rotondo om Pater Pio te ontmoeten.

Deze zegende hen en verzekerde: “Wees niet moedeloos! Vertrouw op de Heer en de arm zal genezen!” Dit gebeurde einde 1930. De zieke keerde naar Bologna terug. Niets was eraan verbeterd. Zou Pater Pio zich vergist hebben? Na enige tijd was de zaak zowat vergeten geraakt. Op 17 september, de verjaardag van Franciscus’ kruiswonden, werd de verblijfplaats van de familie omgeven door een buitengewone geur van rozen en tijloos.

Dit duurde ongeveer een kwartier. De andere huurders waren verwonderd en vroegen zich af waar dit vandaan kwam. Diezelfde dag kreeg de jonge vrouw het gebruik van haar arm terug. Een radiografie, die zij voortaan met zorg bewaarde, wees uit dat been en kraakbeen zich beiden hersteld hadden.

 

 

Een man vertelde: “ Op een dag gaf ik toe aan de wens van mijn echtgenote om Pater Pio te gaan opzoeken. Ik voeg eraan toe dat ik sinds de dag van ons huwelijk geen voet meer in de kerk had gezet. De behoefte kwam bij mij op om te biechten. Maar zodra ik mij tegenover Pater Pio bevond, zei hij zonder mij te bekijken: “Ga weg!” Ik reageerde: “Maar ik ben gekomen om te biechten. Wilt u mijn biecht afnemen?” Maar hij opnieuw: “Ik zeg u: ga weg!”

Holderdebolder verliet ik het kerkje en ging terug naar het hotel. Mijn vrouw had me zien lopen en was me naar de kamer gevolgd. Ze vroeg me: “Wat scheelt er? Wat doe je daar?” Ik gaf haar ten antwoord: “Ik maak terug mijn koffers klaar om van hier te vertrekken”. Ineens kwam daar een dikke walm over me met heerlijke geuren. Ik stond hoogst verbaasd. Stilaan vond ik mijn kalmte terug. Tegelijkertijd kwam in mij het verlangen op om terug naar Pater Pio te gaan. Dit deed ik ’s anderendaags na een nauwkeurig gewetensonderzoek. Ditmaal ontving Pater Pio mij welwillend en gaf me de absolutie.

 

 

Een dame vertelde: “Na een ongeluk werd mijn man, zwevend tussen leven en dood, opgenomen in een hospitaal in Taranto. De dokters vreesden dat zij hem niet meer zouden kunnen redden. Iedere dag als ik hem ging bezoeken, bleef ik bidden voor een beeld van Pater Pio daar in het hospitaal. Op een dag kreeg ik een teken van de heilige: een heerlijke leliegeur. Sindsdien is de toestand van mijn man altijd maar gaan verbeteren tot hij helemaal weer gezond was”.

 

 

Een man uit Toronto vertelde: “ In 1947 werd mijn vrouw dringend in een kliniek in Rome opgenomen om een delicate ingreep te ondergaan. Ik begaf me naar San Giovanni Rotondo en ging biechten bij Pater Pio. Na de absolutie deelde ik hem mee dat mijn vrouw erg ziek was en voegde eraan toe: “Padre, wil je met mij bidden?” Op hetzelfde ogenblik werd ik verrast door een doordringende geur.

Later op de avond thuisgekomen, had ik nauwelijks de drempel overschreden of ik rook opnieuw wat ik bij Pater Pio had opgemerkt en ik vond mijn vertrouwen weer. De chirurgische ingreep werd succesvol. Ik vertelde mijn vrouw welke wondere ervaring ik had opgedaan en beiden zijn we erkentelijk naar Pater Pio toegegaan om hem te danken.

 

 

Een jong Pools echtpaar woonde in Engeland en moest een belangrijke beslissing nemen. In hun situatie waren ze ten einde raad. Wat doen? Iemand sprak hen over Pater Pio. Ze schreven hem aan , maar het antwoord bleef uit. Dan beslisten ze maar naar San Giovanni Rotondo af te reizen om rechtstreeks hulp en raad te krijgen. De reis van Engeland naar Puglia was zeer lang. In Bern stapten ze uit en vroegen zich angstig af of ze nog zouden doorgaan. Wat doen als P.P. zou weigeren hen te ontvangen?

Op een avond zaten ze in een bescheiden hotelkamer en waren terneergedrukt in gesprek met elkaar. Uit besparing hadden ze een zolderkamer afgehuurd. Het was midden de winter en het sneeuwde. De bittere koude drukte nog meer op hun ontmoedigde stemming.

Bijna hadden ze beslist om terug te keren, als ze eensklaps een zo doordringende en aangename geur opvingen die hen nieuwe moed gaf. De jonge echtgenote opende de linnenkast en de kleerkast in de mening dat een verstrooide gast een flesje parfum had achtergelaten. Ze vond echter niets. Kort nadien verdween de geur en kwam de gewone onaangename reuk van stof en schimmel terug.

Nu wendde het jonge paar zich tot de hotelbaas en ondervroeg hem over die parfum, maar die bleek het niet te verstaan. Het was wel de eerste keer dat klanten in zijn hotel, dat zeker niet gekend was voor zoete geuren, teken gaven dat ze hier een heerlijke parfumgeur hadden opgevangen.

Wat er ook van weze, het voorval gaf hen terug moed en ondersteunde hun voornemen om ten allen prijze door te reizen. Aangekomen in San Giovanni Rotondo werden ze door Pater Pio met open armen ontvangen. Het jonge paar kende slechts enkele woorden Italiaans en stuntelde wat over een brief aan Pater Pio waarop nooit een antwoord kwam.

Verbaasd antwoordde Pater Pio: “ Wat zeg je daar? Dat ik niet geantwoord heb? Heb ik jullie dan niet geantwoord in jullie Zwitsers hotel?” Met weinig woorden gaf Pater Pio hen goede raad. Ze verlieten hem vol blijdschap en dankbaar, nog onder de indruk van de eigenaardige wijze waarop de geestelijke communiceerde met hen die op zijn raad beroep deden.

 

 

Het was een vreemde samenloop van omstandigheden toen een man hoorde spreken van Pater Pio. Hij vertelde: “ik hoorde voor de eerste keer de naam van Pater Pio, na de oorlog, van een vriend, journalist zoals ikzelf, die vaak over hem sprak. Hij kende Pater Pio goed en sprak met een enthousiasme dat ik eigenlijk wat overdreven vond. Mijn eerste reactie was ongeloof en onverschilligheid, vooral omdat mijn vriend me vertelde over verschillende fenomenen, zoals geuren, die de aanwezigheid of tussenkomst van Pater Pio aangaven, vaak op verre afstand.

Maar ondertussen stelde ik zelf op mijn beurt diverse vreemde feiten vast. Zoals bijvoorbeeld die dag dat ik een intens parfum van viooltjes waarnam, op een plaats waar er absoluut geen viooltjes waren. Ik dacht onmiddellijk aan Pater Pio, en geloofde dat het een vorm van autosuggestie was. Enige tijd later, toen ik op vakantie was met mijn echtgenote, gingen we naar het station om een brief te posten. En daar werd ik opnieuw, sterker dan voorheen, het onvergetelijke parfum gewaar van de viooltjes.

Terwijl ik wegzonk in gedachten hierover, vroeg mijn echtgenote: ‘ruik je dat parfum? Ik vraag me af waar het vandaan komt…’ Geschrokken antwoordde ik haar dat dit parfum een teken was van Pater Pio en dat de laatste tijd een doordringende geur van viooltjes me zowat overal achtervolgde. Mijn echtgenote antwoordde: ‘als ik in jouw plaats was, zou ik een bezoek brengen aan San Giovanni Rotondo.

’s Anderendaags begaven wij ons daarheen. Toen we daar aankwamen en pater Pio ontmoetten, zei hij: ‘ha, daar zijn onze helden; men zou kunnen zeggen dat het tijd gevraagd heeft om ze te overtuigen.’ Ik had een lang gesprek met hem en sinds die dag is mijn leven veranderd.’

 

 

Een man vertelde: ‘sinds enkele jaren had ik last van een hartinfarct. Mijn dokter had me een operatie aangeraden. Het was in juni 1991. Tijdens de operatie kreeg ik vier overbruggingen van de aorta. Bij het ontwaken uit de verdoving, had ik een verlamming aan arm en been langs de rechterzijde. Het was een zware beproeving maar eens de oorspronkelijke ontmoediging overwonnen was kwam het geloof terug en begon ik tot Pater Pio te bidden.

Ik bad de noveen voor hopeloze gevallen, die mijn lieve moeder me aanraadde en dezelfde ochtend dat ik de noveen beëindigde – omringd door enkele andere zieken – rook ik een intens parfum van meiklokjes. Toen verdween de geur en een tinteling in mijn rechtse voet vertelde me dat mijn gebeden verhoord werden.’

 

 

Een dame vertelde: ‘ik had zware problemen met mijn ogen, van die aard dat ik veel pijn leed en amper kon zien. Ik consulteerde verschillende dokters en na veel onderzoekingen stelde men een onomkeerbare schade aan het oog vast en een tumor, waarschijnlijk aan de hypofyse. Ik had zeer veel angst toen ik hoorde dat de dokters mijn ziekte als ongeneesbaar beschouwden. Toen ik langs de stad Bénévent kwam, wou ik me naar Pietrelcina begeven, waar ik de kans zou hebben om de plaatsen te bezoeken waar Pater Pio uitgenodigd was.

Tijdens het bezoek aan Pietrelcina overviel me een uitermate diepe emotie en terwijl ik bad voor mijn familieleden, nam ik een intense geur van wierook waar. In de trein die me terugbracht naar Rome, mediteerde ik over alles wat gebeurd was en kreeg ik spijt over het feit dat ik niet tot Pater Pio gebeden had voor mijn zieke ogen. Daarom vroeg ik alsnog met overtuiging zijn tussenkomst.

De hulp van de Pater liet niet op zich wachten: mijn toestand verbeterde van dag tot dag en na een korte tijd was ik helemaal genezen. De specialist die ik nadien raadpleegde kon alleen maar met verbazing vaststellen dat mijn zicht zich volledig hersteld had.’

 

 

Een man uit Canicatti vertelde: ‘ in het begin van het jaar 1953 werd mijn echtgenote, die in de eerste maanden van haar zwangerschap was, getroffen door een zware ziekte die, volgens de dokters, haar leven in gevaar bracht evenals dat van haar kind. Geen enkele remedie bleek doeltreffend te zijn. De 3e mei schreef ik totaal hopeloos een brief naar Pater Pio om zijn gebed te vragen.

Enkele dagen later werden zowel mijn echtgenote als ikzelf een mysterieus parfum van rozen gewaar, terwijl we nochtans in twee verschillende plaatsen vertoefden. Op hetzelfde moment klopte de postbode op de deur en gaf ons een brief van het convent van San Giovanni Rotondo waarin stond dat Pater Pio gebeden had voor mijn echtgenote en voor het ongeboren kind. De volgende morgen was mijn echtgenote volledig genezen.’

 

 

Een gewaardeerd advocaat en vertrouweling van Pater Pio vertelde: ‘op een dag bevond ik mij in de oude kapel van het convent om deel te nemen aan de uitgebreide mis opgedragen door Pater Pio.  Even niet aandachtig op het moment van de consecratie, bleef ik rechtstaan terwijl de andere gelovigen knielden. Er was een doordringende geur van viooltjes die me terugbracht naar de realiteit.

Ik knielde zonder verder veel aandacht te schenken aan het parfum dat ik geroken had. Zoals altijd ging ik na de mis Pater Pio groeten, die me onthaalde met volgende zin: “was jij niet een beetje verstrooid vandaag?” Ik antwoordde: “gelukkig heeft uw parfum me uit mijn overpeinzingen gehaald.” Pater Pio antwoordde: “parfum? Jij verdient een paar oorvegen!”

 

 

Een Siciliaanse ambtenaar wilde na zijn bekering biechten bij pater Pio. Deze hield diens rechterhand stevig tussen de zijne. De ambtenaar vertelt dat toen hij in Foggia aankwam, hij merkte dat zijn rechterhand een geur had die zijn linker niet had. Het was dezelfde geur die hij rook toen hij bij pater Pio was. De geur verdween niet, ook niet als hij zijn handen waste.

Pater Pio had hem een penitentie van twee maand gegeven en in heel deze periode steeg er een identieke geur van zijn borst naar zijn neus. Die geur was zó aangenaam dat hij zich als in een roes voelde. Soms verdween de geur en dan probeerde hij toch de geur gewaar te worden maar zonder resultaat. Eens de penitentie voorbij was, verdween de geur.

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA