Categorie: video/religie
Eindtijd conferentie deel 3 – Feike ter Velde

preview en aankoop boek “De Openbaring “:
http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget



.
.
.
.Er is een stappenplan om mediteren in zes weken onder de knie te krijgen. Maak een paar afspraken met jezelf om te voorkomen dat je stopt in de beginfase. Mediteer dagelijks gedurende een 15 tal minuten. Meditatie is een techniek voor het leven. Na zes weken heb je een goede basis gelegd om je meditatiediscipline vast te houden.
.
.
.
.
.
1) Draag gemakkelijke kleding
2) Zoek een rustig plek om te mediteren
3) bepaal de lengte van de meditatie af
4) Ga rechtop zitten op een stoel of kussen
5) Sluit de ogen en leg de handen op de knieën of dijen, adem indien mogelijk door de neus
6) Begin met de meditatie
7) Als je klaar bent neem enkele minuten de tijd om terug in het normale leven te komen.
.
.
.
Probeer elke dag 5 tot 15 minuten een concentratie meditatie te doen. Kies zelf het tijdstip en de locatie en probeer om een regelmaat te vinden. We raden je aan om met de ademhalingstellen meditatie te beginnen. De vlam- of mantra meditatie mag ook. Probeer vooral gemakkelijk te zitten zodat je pijntjes vermijdt. Voer tijdens de eerste 2 weken ook een paar keer de bodyscan meditatie uit.
Probeer in het dagelijks leven ook oplettender en bewuster te zijn. Experimenteer met het tellen van de ademhalingmeditatie gedurende een hele dag. Hou eventueel een meditatiedagboek bij. Als je een keertje een meditatiesessie mist, pak dan de volgende dag de draad weer op.
.
.
.
Je bent goed bezig. Probeer je meditaties uit te breiden naar een kwartier tot twintig minuten en probeer twee keer per dag te mediteren. Als je met de hulp van cd’s mediteert, probeer dan het een keer zonder. Wissel af en toe af met de bodyscan meditatie. Experimenteer met tellen. Tel niet meer alle in- en uitademhalingen, maar kies ervoor om enkel de in- of uit ademhalingen te tellen.
Begin meer aandacht aan je meditatiehouding te besteden. Probeer in een houding te zitten die ervoor zorgt dat je maximaal wakker en alert kan blijven tijdens de oefening. Tracht je eigen gedachten in het dagelijks leven net zo waar te nemen als in de meditatie.
Let op of je oordeelt, niet accepteert en hoe je reageert op bepaalde gedachten. Experimenteer eventueel met een ademhalingtellen loopmeditatie. Hou eventueel een meditatiedagboek bij en evalueer je aantekeningen. Pas op met fanatisme en resultaatgerichtheid!
.
.
.
.
Wissel de basismeditatie af en toe af met meer gevorderde meditaties. Mediteer bijvoorbeeld ’s morgens op de ademhaling en ’s avonds op de geest of andersom. Probeer de gedachten tellen meditatie eens, of doe de ademhalen sturen meditatie. Door de meditaties af te wisselen wordt meditatie leuker. Experimenteer eventueel met een bewustzijn loopmeditatie.
.
.
.
Houd de focus scherp en probeer de oefeningen nog aandachtiger uit te voeren. Pas op dat je niet terugvalt op gewoontes. Mediteren is geen verplichting, wel verlichting. Wissel de basismeditatie af en toe af met meer gevorderde meditaties. Doe hetzelfde als in week 4 maar intenser.
.
.
.
In de zesde week word je al steeds meer een meester van je eigen geest. Wissel langere met korte basismeditaties af. Je gaat steeds beter je lichaam en geest leren kennen en je wordt je steeds makkelijk bewust van je gedachten. Waarschijnlijk kom je ook in de meditaties tot een diepere ontspanning. Probeer een inzichtmeditatie. Als je het fijn vindt ga door met visualisaties of andere doelgerichte meditaties. Vergeet ook niet de bodyscan of ademhaling sturen af en toe te passen.
.
.
.
Probeer elke dag te mediteren. Als je een eigen schema volgt dan is dat ook prima. Als je een dag geen tijd hebt, probeer dan toch een korte meditatie van een tot drie minuten te doen. Wissel de meditatie regelmatig af op de ademhaling, de geest en gevoelens. Blijf wel aan de basis werken en voorkom dat je straks alleen nog maar visualiseert of met inzichtmeditaties in de weer bent. Let op je houding en probeer steeds meer naar de klassieke meditatiehoudingen toe te werken.
.
.
.
.
.
.

Deze miniatuur van de Zelus Dei, de ijver Gods, blijft een van de merkwaardigste voorstellingen van heel de co-dex. Ook de uitleg van het visioen kunnen wij niet gemakkelijk plaatsen in het beeld van het verlossingswerk dat we thans hebben en dat sterk bepaald is door het Tweede Vaticaans Concilie.De goddelijke actie tegen de duivel ziet Hildegard als een vurig hoofd met een wel zeer bijzondere vorm. Met een kleur als vuur richt dit hoofd, dat geen haren heeft of sluier draagt, vreselijke blikken naar het Noorden.
Hildegard zegt in haar uitleg dat het hoofd zonder haren is als een mannenhoofd en zonder sluier zoals vrouwen die gewoon zijn te dragen. De ijver Gods is meer mannelijk dan vrouwelijk, want de Kracht Gods toont zich meer in de mannelijke agressie dan in de zachtmoedigheid van de vrouw. Hier conformeert Hildegard zich aan de gangbare mening over man en vrouw, ofschoon zij zelf meer dan eens tegenover de groten der aarde blijk heeft gegeven van mannelijke moed.
Drie schrikwekkende vleugels proberen de duivelse heerscharen op de vlucht te jagen. Het zijn drie vleugels om-dat Hildegard hier spreekt van de macht van de drie goddelijke Personen. In de uitleg van het visioen gaat Hilde-gard uitvoerig in op de betekenis van de drie vleugels en hoe God in zijn drievoudige macht het kwaad en het ongeloof bestrijdt. Artistiek gezien is deze miniatuur zeer suggestief, zij heeft iets angstwekkend. De mens voelt zijn kleinheid als God zijn macht ten toon spreidt. Dit is een voorspel op hetgeen Hildegard ons wil leren over de openbaring van de Joodse Wet, de wet van de Vreze des Heren.
Pasteltekening van John Astria
De Openbaring is het laatste boek van het Nieuwe Testament en de Bijbel. Het werd geschreven door de apostel Johannes op het eiland Patmos, een eiland in de Egeïsche Zee vlakbij Turkije. Het boek is gedateerd in 96 NC, alhoewel er ook argumenten zijn voor een vroegere datum. Omdat de teksten in het Grieks geschreven zijn, noemt men het boek ook de Apocalyps.
Hedendaags gebruikt men dit woord wanneer men de klemtoon wil leggen op een grote ramp. Het is een profetisch boek en bevat 22 hoofdstukken. God openbaart Johannes via een visioen geheimen over de eindtijden, gebeurtenissen die de mens zijn verstand te boven gaan.
.
Dit zijn citaten uit de Bijbel waarin God de mens aanmaant kennis in zich op te nemen over zichzelf en Jezus Christus. Wie God zoekt zal hem vinden. Het is aan de mens om de eerste stap te zetten. Wanneer we God om inzichten vragen zal de Heilige Geest ons geestelijk denken verlichten.
Het onbegrijpelijke wordt plots of op het gepaste moment verstaanbaar. In het eerste en het laatste hoofdstuk van de Openbaring zegt Christus tot twee maal toe dat het lezen ervan een zegening geeft. Het woord van God, de Bijbel, is meer dan de traditionele preken en parabels die we al jaren kennen.
Kennis opnemen van God is niet alleen bestemd voor theologen, maar voor iedereen. Door die opname van kennis krijgen we inzichten in het verleden en heden waardoor we met een gerust hart en vertrouwen de toekomst tegemoet kunnen gaan.
-zijn doel met deze wereld
-de toekomst van Israël en de wereld
-het mysterie van het goede en het kwade
-de bestraffing van het goede en de bestraffing van het kwade
-de toekomstige natuurrampen en oorlogen
-de wederkomst van de Messias
-de dag des oordeel
-het uitzicht in de hemel en zijn troon
-de nieuwe hemel en de nieuwe aarde
De Openbaring is moeilijk te begrijpen door de vele mystieke symbolen in de teksten en de verwijzingen naar het Oude Testament. De geschiedenis van Israël is een leidraad doorheen de 22 hoofdstukken. Jeruzalem wordt het centrum van Goddelijke theocratie voor gans de wereld.
.
.
Pasteltekening van John Astria
.
.
.
.
.
.
.
.
.
Een van de schriftgeleerden die naar hen geluisterd had terwijl ze discussieerden, en gemerkt had dat hij hun correct had geantwoord, kwam dichterbij en vroeg: ‘Wat is van alle geboden het belangrijkste gebod?’ Jezus antwoordde: ‘Het voornaamste is: “Luister, Israël! De Heer, onze God, is de enige Heer; heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht.” Het op een na belangrijkste is dit: “Heb uw naaste lief als uzelf.” Er zijn geen geboden belangrijker dan deze.’
De schriftgeleerde zei tegen hem: ‘Inderdaad, meester, wat u zegt is waar: hij alleen is God en er is geen andere god dan hij, en hem liefhebben met heel ons hart en met heel ons inzicht en met heel onze kracht, en onze naaste liefhebben als onszelf betekent veel meer dan alle brandoffers en andere offers.’ Jezus vond dat hij verstandig had geantwoord en zei tegen hem: ‘U bent niet ver van het koninkrijk van God.’ En niemand durfde hem nog een vraag te stellen.
.
.
.
.
.
.
.
.
Het doorzichtig tot doorschijnend kleurloze, witte, grijze of geel tot geelgroene prehniet heeft een glas- tot parelglans, een witte streepkleur en de splijting is duidelijk volgens het kristalvlak [001]. Prehniet heeft een gemiddelde dichtheid van 2,87 en de hardheid is 6 tot 6,5. Het kristalstelsel is orthorombisch en het mineraal is niet radioactief.
.
Het mineraal prehniet is genoemd naar de Nederlandse kolonel Hendrik van Prehn (1733 – 1785), die het mineraal in Zuid-Afrika ontdekte. Prehniet was het eerste mineraal, dat naar een persoon genoemd werd.
.
.
Prehniet is een mineraal, dat vrij algemeen voorkomt in hydrothermaal verweerde gesteenten. Hoewel het geen zeoliet is, wordt het vaak in de buurt van zeolieten gevonden. Het wordt onder meer gevonden in granieten, in syenieten en gneisen. De typelocatie is Haslach, Harzburg en Oberstein, Duitsland.
samenstelling: Ca2Al2Si3O10(OH)2
hardheid: 6-6,5
dichtheid: 2,8-3
|
Prehniet
|
||
| Mineraal | ||
| Chemische formule | Ca2Al2Si3O10(OH) | |
| Kleur | Kleurloos, wit, grijs, geel tot geelgroen | |
| Streepkleur | Wit | |
| Hardheid | 6 – 6,5 | |
| Gemiddelde dichtheid | 2,87 kg/dm3 | |
| Glans | Glas- tot parelglans | |
| Opaciteit | Doorzichtig tot doorschijnend | |
| Splijting | [001] Duidelijk | |
Vochtig houden
De grond van een Ficus dient altijd licht vochtig te zijn, zonder dat de plant met zijn wortels in het water staat. Het is daarom verstandig om kleine hoeveelheden water per keer te geven. Geef pas opnieuw water op het moment dat de grond droger begint aan te voelen. Vooral bij een nieuwe kamerplant is het van belang om op het begin regelmatig de vochtigheid te controleren zodat het beter in is het schatten of de kamerplant de juiste hoeveelheid vocht krijgt.
Is de grond na 6 dagen nog steeds erg nat, dan krijgt de plant teveel water. Is de grond na 2 dagen al droog, geef dan iets meer water. De hoeveelheid water is afhankelijk van onder andere de temperatuur, grootte van de plant en lichtintensiteit. Er mag absoluut geen laagje water onderin de pot komen te staan, de grond moet al het vocht kunnen absorberen. Bij twijfel kan er beter minder water worden gegeven. Een Ficus verbruikt in de winter ongeveer de helft van de hoeveelheid water ten opzichte van de zomer.
Sproei een Ficus regelmatig om stof te verwijderen en ter preventie van spint. Een zomerse regenbui werkt nog veel effectiever. Compenseer de droogte wanneer de kachel aangaat in de winter door 2x per week te sproeien.
.
.

.
Zonnig
Ficussen hebben behoefte aan veel licht. Het liefst minimaal 5 uur direct zonlicht per dag. Dit kan door de plant 2-3 meter voor een raam op het zuiden te plaatsen of direct voor het raam op het noorden, westen of oosten. Wanneer deze kamerplant verder van het raam afstaat zal de groei stagneren en zal vallend blad minder snel vervangen worden.
Ficussen worden gekweekt onder gecontroleerd licht. Een overgang naar direct zonlicht kan daarom het blad verbranden. Plaats deze planten daarom geleidelijk dichterbij het raam zodat de plant kan wennen aan direct zonlicht.
.
Overdag: +/- 18 °C
‘S nachts: +/- 15 °C
.
.
.
Verpot een Ficus in de lente of direct na aanschaf. De lente heeft de voorkeur omdat eventueel beschadigde wortels dan sneller herstellen. Herhaal dit proces om de 2 jaar. Doe dit eerder als de pot te klein wordt. Een Ficus groeit meestal sneller na het verpotten. Stel het verpotten een jaar uit indien de kamerplant te groot wordt.
Plaats deze huiskamerplant in een pot die minimaal 20% breder is en gebruik normale potgrond. Gebruik geen hydrokorrels op de bodem. Het stilstaande water wat zich tussen de hydrokorrels verzameld kan minder gemakkelijk door de wortels worden bereikt en gaat rotten. Bij hoge plantenbakken is het om dezelfde reden verstandig om een inzethoes te gebruiken.
Het is belangrijk om in de periode na het verpotten een Ficus niet teveel water te geven. Daardoor gaan de wortels sneller opzoek naar water. Een groter wortelstelsel zorgt voor een gezondere palm. Een grotere pot stimuleert de groei, verhoogd de gezondheid van de plant en creëert een grotere waterbuffer omdat de grond meer vocht kan opnemen.
Geef nooit voeding in de herfst of winter. Begin pas met voeden wanneer de voedingstoffen uit de potgrond zijn verbruikt. Dit is bij de meeste merken potgrond na ongeveer 6 tot 8 weken. Bekijk voor het bemesten op de verpakking voor een juiste dosering. Gebruik nooit meer dan aangegeven. Overvoeding zal de kamerplant niet ten goede doen.
Een Ficus kan zijn blad laten vallen na verplaatsing of door tocht. Geef in dit geval dan geen extra water meer. Teveel water kan er ook toe leiden dat een Ficus blad verliest. Een paar vallende blaadjes per maand kan geen kwaad, zeker niet in de winter. Plaats de woonplant in de winter eventueel iets dichterbij het raam bij veel bladval. Het zelfde geld voor gele blaadjes. Een enkel geel blaadje is geen reden tot zorgen.
Vertoont de Ficus na een langere periode met dezelfde verzorging opeens geel blad, dan kan de voeding weleens uitgeput zijn. Bruine bladeren zijn vaak het gevolg van teveel of te weinig water. De reactie van de plant zal het zelfde zijn, omdat de wortels ‘dicht slaan’ bij teveel water. Hierdoor zal het blad verdrogen. Grijzen bladeren kunnen een teken van spint zijn.
Snoei de Ficus elk najaar, of als de plant te groot wordt. Dit heeft als voordeel dat de kamerplant mooi compact blijft, zonder lelijke uitlopers. Daarnaast bereikt meer licht gedurende de winter de kern van de Ficus. Een gesnoeide stam zal in de lente meerdere uitlopers vormen.
Het vertakken levert een mooie volle kamerplant. Het snoeien gaat eenvoudig met een snoeischaar. De wond kun je het beste afdekken met sigaretten as, om het bloeden te laten stoppen. Let erop dat een gesnoeide Ficus minder water zal verbruiken, indien er veel blad is verwijderd.
Vermeerderen kan eenvoudig door stekken. Neem een kopstek in de lente. Spoel het sap van de wond en doop het stekje in stekpoeder. Vervolgens bij een minimale temperatuur van 22 graden laten wortelen in vochtige turf en zand.
De bloei van een Ficus is niet opvallend. Bloemen kunnen het beste worden verwijderd zodat de huiskamerplant meer energie aan het blad kan geven.
Ficussen zijn giftig. Het melk witte sap dat vrijkomt na het snoeien is irriterend op een droge huid. Het eten van blaadjes door huisdieren en kinderen kan leiden tot bultjes op de huid.
.
Plakt de vloer onder een Ficus, dan zijn waarschijnlijk ook de bladeren van de Ficus kleverig. Verschillende soorten luis scheiden een kleverige substantie af. Hoe eerder het ongedierte wordt bestreden, hoe groter de kans dat de kamerplant het zal overleven.
Het is daarom belangrijk elke 3 maanden eens goed onder en tussen de blaadjes te zoeken naar beestjes die er niet horen. Plaats de Ficus in de zomer, bij minimale temperaturen van 18 graden, in de tuin om zo preventief op te treden tegen luist en spint. Pas echter op voor direct zonlicht.
Het geslacht Ficus kent ruim 800 soorten; Amstel King, Alii, Anastracia, Australis, Benjamina (Waringin), Cyathistipula, Danielle, Elastica (Rubberboom), Robusta, de Gantel, Green Gold, Golden King, Lyrata Bambino, Lyrata (Vioolbladplant, Tabaksplant), Lingua, Microcarpa Compacta, Ginseng, Nitida, Panda en Repens.
.
.
.
.
.
.
De meeste christenen zijn bekend met de zinsnede: “Jezus komt terug als een dief in de nacht“. Dat wil zeggen dat hij onverwachts zal komen. Maar daar hoort wel wat achteraan:
Als de mensen zeggen dat er vrede en veiligheid is, worden ze plotseling getroffen door de ondergang, zoals een zwangere vrouw door barensweeën. Vluchten is dan onmogelijk. Maar u, broeders en zusters, u leeft niet in de duisternis, zodat de dag van de Heer u zou kunnen overvallen als een dief, want u bent allen kinderen van het licht en van de dag… (1 Tessalonicenzen 5:3-5).
De Eindtijd wordt afgesloten met de Wederkomst van Jezus. De Eindtijd is de dramatische slotfase van de menselijke heerschappij, die onder de verderfelijke heerschappij staat van satan, die de heerser of god van deze wereld wordt genoemd(Johannes 14:30 en 2 Korinthiërs 4:4). Voor degenen die Jezus volgen en verwachten, zal de dag van de Heer niet onverwachts komen! Jezus zal bij zijn terugkomst een einde maken aan de alle wereldse macht en vervolgens zijn Rijk van vrede en gerechtigheid stichten. Wat zijn de tekenen van het naderen van de eindtijd?
De Apostel Paulus waarschuwt de gelovigen dat er mensen zullen zijn in de laatste dagen die het geloof zullen verlaten, doordat ze luisteren naar dwaalgeesten en naar wat demonen hun leren (1 Timoteüs 4:1). Deze toekomstige afval van het geloof komt voort uit dwaalleringen van binnen de gemeente (vgl. Handelingen 20:30; 2 Petrus 2:1; 1 Johannes 2:19).
Ook komt er volgens Paulus een tijd dat de mensen de heilzame leer niet meer verdragen, maar leraren om zich heen verzamelen die aan hun verlangens tegemoet komen en hun naar de mond praten. Ze zullen niet meer naar de waarheid luisteren, maar naar verzinsels (2 Timoteüs 4:3-4). Ook houdt Paulus ons voor dat de laatste dagen zwaar zullen zijn, vanwege de toenemende negatieve karaktertrekken van de mensen (2 Timoteüs 3:1-9; zie ook 2 Tessalonicenzen 2:3).
Ze zullen niet meer naar de waarheid luisteren, maar naar verzinsels…
.
.
In Matteüs 24:3 vragen de leerlingen aan Jezus: ‘Vertel ons, wanneer zal dat allemaal gebeuren en aan welk teken kunnen we uw komst en de voltooiing van deze wereld herkennen?’ Jezus somt zes tekenen op die wijzen op het einde der tijden.
.
Matteüs 24:3-14
3 Op de Olijfberg ging hij zitten met zijn leerlingen om zich heen, en nu ze onder elkaar waren vroegen ze: ‘Vertel ons, wanneer zal dat allemaal gebeuren en aan welk teken kunnen we uw komst en de voltooiing van deze wereld herkennen?’ 4 Jezus antwoordde hun: ‘Pas op dat niemand jullie misleidt. 5 Want er zullen velen komen die mijn naam gebruiken en zeggen: “Ik ben de messias,” en ze zullen veel mensen misleiden. 6 Jullie zullen berichten horen over oorlogen en oorlogsdreiging. Laat dat je dan niet verontrusten, die dingen moeten namelijk gebeuren, al is daarmee het einde nog niet gekomen. 7 Het ene volk zal tegen het andere ten strijde trekken en het ene koninkrijk tegen het andere, en overal zullen er hongersnoden uitbreken en zal de aarde beven: 8 dat alles is het begin van de weeën. 9 Dan zal men jullie onderdrukken en doden, en jullie zullen door alle volken worden gehaat omwille van mijn naam. 10 Velen zullen dan ten val komen, ze zullen elkaar verraden en elkaar haten. 11 Er zullen talrijke valse profeten komen die velen zullen misleiden. 12 En doordat de wetteloosheid toeneemt, zal bij velen de liefde bekoelen. 13 Maar wie standhoudt tot het einde, zal worden gered. 14 Pas als het goede nieuws over het koninkrijk in de hele wereld wordt verkondigd als getuigenis voor alle volken, zal het einde komen.
1. Valse profeten en messiassen
Christus waarschuwde voor de schijn-messiassen. Het woord Messias betekent ‘Gezalfde’, dat is de naam die is gegeven aan de beloofde Verlosser, die op een dag zal komen om Israël te verlossen. Hij is de gezalfde Koning van Israël. Een valse Messias of Christus doet zich voor als de Messias, maar is het niet. Het zijn pseudochristussen en veel mensen zullen door deze valse messiassen misleid worden.
Een profeet is een echte man van God, maar een valse profeet is een valse man van God. Hij is een religieuze bedrieger, een charlatan, die velen van de juiste weg aftrekt. Zijn boodschap gaat in tegen het Woord van God (de Bijbel) en de Heer Jezus Christus. Maar let op: veel valse profeten spreken positief over Christus. We zullen dus moeten bepalen of een boodschap of lering vanuit de geestelijke wereld van God of satan komt. Dit vereist een scherp onderscheidingsvermogen, wat in de Bijbel onderscheiding van geesten wordt genoemd (1 Korintiërs 12:10). Geen enkele christen moet een verkondiging voor zoete koek slikken.
Valse profeten zijn mensen die beweren een profeet van God te zijn, maar in werkelijkheid zijn ze niet door God gezonden. Ze komen voort uit de wereld en niet uit God.
Er zijn ook veel valse profeten in het lichaam van Christus actief. Veel gelovigen worden vandaag de dag misleid door zeer getalenteerde ‘christelijke’ valse profeten. Dat er valse profeten binnen de kerk actief zijn behoeft ons niet te verbazen: “Want niemand minder dan Satan vermomt zich als een engel van het licht. Het ligt dus voor de hand dat ook zijn dienaren zich voordoen als dienaren van de gerechtigheid” (2 Korintiërs 11:14-15).
Voorbeelden van zulke figuren zijn sommige gebedsgenezer. Zij strooien mensen zand in de ogen en houden ze af van de weg die ten leven leidt. Deze dwaalleraren komen met verderfelijke ketterijen en loochenen zelfs de meester die hen heeft vrijgekocht (2 Petrus 2:1).
.
Pasteltekening van John Astria
.
2. Oorlogen en oorlogsdreiging
Jullie zullen berichten horen over oorlogen en oorlogsdreiging. Laat dat je dan niet verontrusten, die dingen moeten namelijk gebeuren, al is daarmee het einde nog niet gekomen. (Matteüs 24:6)
Er zijn veel conflicthaarden in de wereld en met alle moderne media- en communicatietechnieken van tegenwoordig kan een oorlog zich niet aan het oog van het publiek onttrekken. Ook zijn er vaak wel beelden voorhanden. Zelfs al wordt in een land waar een conflict is de persvrijheid aan banden gelegd en worden buitenlandse journalisten de toegang tot het land geweigerd, dan is er altijd wel enige vorm van filmapparatuur aanwezig, al is het maar een mobieltje met camera, om de gebeurtenissen vast te leggen.[
Het ene volk zal tegen het andere ten strijde trekken en het ene koninkrijk tegen het andere… (Matteüs 24:7).
Er waren in de gehele geschiedenis van het mensdom vele conflicten en oorlogen, maar het staat buiten kijf dat er in de twintigste eeuw meer mensen zijn gedood in oorlogen en conflicten dan op enig ander moment in de geschiedenis. In de voorbije eeuwen droegen oorlogen een meer lokaal karakter. De laatste beide grote wereldoorlogen in de vorige eeuw voerden het tot een dramatisch hoogtepunt van wereldomvattende betekenis. Telde de Eerste Wereldoorlog nog ongeveer 35 miljoen slachtoffers, de verliezen in mensenlevens als gevolg van de Tweede-Wereldoorlog wordt geschat op ongeveer 72 miljoen, waaronder ongeveer 47 miljoen burgerslachtoffers. De vermaarde historicus Johan Huizinga noemde in 1945 de 20e eeuw de ‘bitterste aller eeuwen’.
In de 32e Huizinga-lezing van 2003 zei prof. dr. A. de Swaan : “Randolph J. Rummel heeft het precies uitgerekend. Honderdzeventig miljoen mensen werden er in de vorige eeuw vermoord in opdracht van een staat.” Dat is maar liefst vijf keer meer dan het dodental door oorlogshandelingen tegen gewapende tegenstanders, welke 34 miljoen mensen bedraagt. Vier regiems spannen de kroon met elk meer dan tien miljoen moorden op burgers:
De aantallen slachtoffers onder weerloze burgers in de twintigste eeuw is ongeëvenaard.
.
.
3. Hongersnoden
En overal zullen er hongersnoden uitbreken… (Matteüs 24:7)
Hongersnoden zijn aan de orde van de dag. Een groot deel van de wereldbevolking lijdt dagelijks honger. Julian Cribb, een wetenschapsjournalist uit Australië, waarschuwt voor een wereldwijde voedselcrisis in zijn boek The Coming Famine, The Global Food Crisis and What We Can Do to Avoid It. Er zijn volgens hem twee hoofdproblemen, de groei van de wereldbevolking en overconsumptie.
Sinds 2005 stijgen de prijzen van basisvoedsel, zoals rijst, tarwe en maïs. Dit hangt onder meer samen met de toenemende welvaart in China en India, welke een grotere vleesconsumptie tot gevolg heeft. Veel mensen weten niet dat voor één kilo vlees tien kilo graan nodig is. Graan is het basisbestanddeel voor veevoeder. Door een grotere vraag naar vlees stijgt de vraag naar graan en dit doet de prijzen stijgen.
Klimaatsverandering speelt ook een rol. Door toenemende droogtes en overstromingen die oogsten vernietigen, slinken de graanvoorraden. Dit drijft de voedselprijzen op. De prijzen worden voorts de hoogte in gestuwd door de alsmaar stijgende vraag naar biobrandstof, waar men onder meer de plantaardige gewassen maïs en suiker voor gebruikt.
.
.
4. Aardbevingen
En overal … zal de aarde beven. (Matteüs 24:7)
De aardbevingen die Jezus noemt zijn een teken van het begin van de eindtijd, want in vers 8 staat: “Dat alles is het begin van de weeën.” Dat overal de wereld zal beven, is een aankondiging van Jezus’ terugkomst. Er wordt door Jezus een vergelijking gemaakt met weeën. De bevalling kan zich op verschillende manieren aankondigen en één ervan is het begin van de weeën. De weeën nemen voorafgaande de geboorte in aantal en in heftigheid toe. Evenzo zullen aan de wederkomst aardbevingen voorafgaan die in aantal en heftigheid zullen toenemen.
.
.
De zwaarste geregistreerde aardbevingen in de geschiedenis zijn tot dusverre:
Op de website Christipedia wordt het volgende hierover opgemerkt:
Het lijkt erop dat het aantal grote aardbevingen (6 of hoger op de schaal van Richter) beduidend toeneemt. In de jaren negentig waren er 37% meer aardbevingen met een kracht van 6 of hoger dan in de jaren tachtig. In 1995 was er een piek: 203 bevingen met een kracht van 6.0 of hoger, in 2009 was dat aantal 158. In het eerste decennium (2000-2009) van deze eeuw waren er 46% meer grote aardbevingen dan in de jaren tachtig. Deze stijging kan een fluctuatie zijn in een langere periode, maar ook een voorbode zijn van de geboorteweeën van de eindtijd.
.
5. Beproevingen
Dat alles is het begin van de weeën. Dan zal men jullie onderdrukken en doden, en jullie zullen door alle volken worden gehaat omwille van mijn naam. Velen zullen dan ten val komen, ze zullen elkaar verraden en elkaar haten. (Matteüs 24:8-10)
In het Westen kunnen christenen nog steeds genieten van de vrijheid om God te aanbidden zonder vervolgd, bespot, gehaat of gediscrimineerd te worden, thuis, op werk en op school. Maar in veel andere landen, zoals China, Soedan, Saoedi-Arabië, Eritrea, Pakistan, Iran, Noord-Korea en talloze andere landen, lijden christenen onder vervolging en velen moeten het met de dood bekopen. De vervolging van christenen zal mettertijd toenemen in intensiteit en ernst, net als de barensweeën van een zwangere vrouw verergeren als de bevalling naderbij komt.
.
.
6. Het evangelie zal over de hele wereld worden gepredikt
Pas als het goede nieuws over het koninkrijk in de hele wereld wordt verkondigd als getuigenis voor alle volken, zal het einde komen. (Mattheüs 24:14)
Dit woord gaat voor onze ogen in vervulling. Tot in alle uithoeken van de wereld wordt het evangelie van Christus verkondigd. Mensen over de hele wereld horen de boodschap van Christus van zendelingen ter plaatse, maar ook via mediums als radio, televisie en internet. Op de wereld worden om en nabij 6500 talen gesproken. Uit cijfers van de United Bible Societies blijkt dat in 459 talen een complete Bijbelvertaling voorhanden is en het aantal gedeeltelijke Bijbelvertalingen bedraagt 2049.
.
Een aantal tekenen die Jezus aanhaalt werden reeds in het Oude Testament voorzegd:
.
.
De terugkeer van de Joden naar Israël
Maar, bergen van Israël, jullie bomen zullen weer uitlopen en vrucht dragen voor mijn volk Israël, want dat zal spoedig terugkeren. Ik zal mij naar jullie toewenden, en jullie zullen weer worden bewerkt en ingezaaid. Ik zal veel mensen op je laten wonen, heel het volk van Israël, en de steden zullen weer worden bewoond, de puinhopen weer worden opgebouwd. Er zullen veel mensen en dieren op je wonen, ze zullen talrijk en vruchtbaar zijn, en jullie zullen weer even dichtbevolkt zijn als in het verleden. Ik zal zorgen dat het jullie beter gaat dan vroeger, en jullie zullen beseffen dat ik de HEER ben. Er zullen weer mensen over je paden gaan: mijn volk Israël zal jullie weer in bezit nemen, jullie worden voorgoed hun eigendom en jullie zullen hen nooit meer van hun kinderen beroven. (Ezechiël 36:8-12).
Dit zegt God, de HEER: Ik haal de Israëlieten weg bij de volken waar ze terechtgekomen zijn, ik zal ze overal vandaan bijeenbrengen en ze naar hun land laten terugkeren. (Ezechiël 37:21).
Ofschoon Ezechiël deze woorden schreef terwijl de Israëlieten in Babylon waren, werden ze niet vervuld door de terugkeer uit de Babylonische ballingschap. Ezechiël sprak over de tweede en definitieve terugkeer. In 1948 vond na bijna 2000 jaar verstrooiing van de Joden over de wereld, de wedergeboorte van de natie van Israël plaats. De terugkeer van Israël is de belangrijkste Bijbels voorspelde gebeurtenis van de laatste 2000 jaar. Jezus zei: “Ik verzeker jullie: deze generatie zal zeker nog niet verdwenen zijn wanneer al die dingen gebeuren” (Matteüs 24:34). Nog in deze generatie, rekenend vanaf de terugkeer van de Joden naar het beloofde land in 1948, zullen al die dingen gebeuren die in Matteüs 24 staan vermeld en hierboven zijn besproken. Een Bijbelse generatie telt honderd jaar.
Zacharia voorspelde dat de Joden ‘in den vreemde’ in God bleven geloven, voorspoed zouden hebben en vervolgens zouden terugkeren. “Ik zal hen bij Mij fluiten en hen samenbrengen, want ik heb hen vrijgekocht. Ze zullen weer even talrijk worden als vroeger. In den vreemde zal Ik hen vrucht laten dragen, in verre streken zullen ze Mij gedenken en hun kinderen grootbrengen, en dan zullen ze terugkeren” (Zacharia 10:8-9).
.
.
Jeruzalem zal weer in Joodse handen komen
De inwoners zullen omkomen door het zwaard of in gevangenschap worden weggevoerd en onder alle volken worden verstrooid, terwijl Jeruzalem vertrapt zal worden door heidenen, tot de tijd van de heidenen voorbij is. (Lucas 21:24)
Ook deze eindtijd profetie is deels werkelijkheid geworden door de bevrijding van de oude stad van Jeruzalem in juni 1967. Jeruzalem is de ondeelbare en eeuwige hoofdstad van Israël. Veel (seculiere) wereldleiders denken daar anders over en willen dat Israël Jeruzalem opsplitst en een deel aan de Palestijnse Arabieren afstaat waar ze dan de hoofdstad van hun toekomstige staat Palestina van kunnen maken. In Openbaring 11:2 staat dat de heidenen ‘de heilige stad tweeënveertig maanden lang zullen vertrappen’. Desalniettemin is het feit dat Jeruzalem weer in Joodse handen is, een teken dat de wederkomst van Jezus nabij is.
.
.
In de toekomst zal heel Israël worden gered
Het wordt steeds duidelijker dat Jezus’ terugkomst naderbij komt. We leven in profetische tijden. Voor onze ogen zien we de vervulling van Bijbelse profetie en in een sneller tempo dan ooit tevoren.
Gods heilsplan kent twee opeenvolgende fasen. Wanneer de woorden van Jezus uit Matteüs 24:14 vervuld zijn en het goede nieuws over het koninkrijk in de hele wereld wordt verkondigd als getuigenis voor alle volken, zal het einde komen. Als de tijd van de heidenen is voltooid, zal God zijn aandacht volledig richten op het overblijfsel van Israël en zich aan hen openbaren. Deze openbaring van de Heer aan Israël wordt profetisch voorzegd in Zacharia 12:10:
Het huis van David en de inwoners van Jeruzalem echter zal ik vervullen met een geest van mededogen en inkeer. Ze zullen zich weer naar mij wenden, en over degene die ze hebben doorstoken, zullen ze weeklagen als bij de rouw om een enig kind; hun verdriet zal zo bitter zijn als het verdriet om een oudste zoon.
God heeft niet afgedaan met de Joden, zoals in het verleden door een deel van de christenheid werd verkondigd. God heeft ook niet afgedaan met de Joden die Jezus niet aanvaarden als hun Messias. ‘God blijft hen liefhebben’ (Romeinen 11:28)! ‘Want de genade die God schenkt neemt Hij nooit terug, wanneer Hij iemand roept maakt Hij dat niet ongedaan’ (Romeinen 11:29).
.
.
.
.
.
.
Ik ben mening dat eenieder die de Bijbel serieus wil nemen wel gedwongen is de evolutietheorie af te wijzen. Het is niet de eerste poging schepping en evolutie met elkaar te verbinden en het zal ook zeker niet de laatste zijn. Voor christenen die willen vasthouden aan het gezag van de Schrift is dit echter een doodlopende weg.
Er is niets nieuws onder de zon. De afgelopen anderhalve eeuw is op verschillende manieren geprobeerd Genesis 1 te harmoniseren met de evolutietheorie. Een van de bekendste is wel de opvatting dat het Hebreeuwse woord voor dag niet een dag van 24 uur zou zijn, maar vertaald dient te worden met tijdperk.
Een dergelijk tijdperk zou dan overeenkomen met een geologisch tijdperk van lange duur, waarbinnen de evolutie heeft plaatsgevonden. Immers, als bij God een dag als duizend jaar is, waarom kan een dag dan ook niet miljoenen jaren duren?
.
.
.
Een variant van dit voorstel is de opvatting dat het in Genesis 1 wel om dagen van 24 uur gaat, maar dat deze dagen van de schepping niet aaneensluitend zijn. Ze zijn van elkaar gescheiden door perioden van lange duur. De zes dagen van de schepping zouden dan niet de dagen van de scheppingsarbeid van God zijn geweest, als wel van de scheppingsopenbaring. Mozes zou bijvoorbeeld in een visioen, dat in totaal zes dagen heeft geduurd, hebben gezien hoe God de hemel en de aarde heeft geschapen. Genesis 1 zegt dus niets over de duur van de schepping.
Volgens weer een totaal andere opvatting is Genesis 1 slechts een beschrijving van de scheppingswerken die volgens literaire principes kunstmatig over zes dagen zijn verdeeld. De joden die na de verwoesting van de tempel in Jeruzalem in ballingschap aan de stromen van Babel zaten, werden geconfronteerd met Babylonische scheppingsverhalen.
Als reactie daarop zouden de joodse priesters een eigen versie hebben bedacht. De aarde is niet ontstaan uit het lichaam van een dode godheid, zoals de Babyloniërs aannemen, maar is geschapen door de God van Israël. Of dit in de juiste volgorde van de schepping is gebeurd en hoe lang deze ”dagen” duurden, is niet van belang. Het gaat slechts om de boodschap.
Hoe aantrekkelijk deze opvattingen ook mogen klinken, ze hebben één groot manco. Wanneer je onbevooroordeeld Genesis 1 leest, kun je niet anders dan concluderen dat God de hemel en de aarde in zes letterlijke dagen heeft geschapen.
Er wordt gesproken over dag en nacht en over „en het was avond, en het was morgen…”
Het Hebreeuwse woord voor dag (jom), als losstaand woord, is in alle gevallen ”dag” in de gewone betekenis van het woord (zie onder meer Genesis 8:22 en 29:7, als tegenstelling tot ”nacht”).
.
.
.
Hoelang zo’n dag precies heeft geduurd, valt natuurlijk niet meer na te gaan. Wij weten niet of de tijdsduur van de draaiing van de aarde ten tijde van de schepping verschilde van die heden ten dage. Maar daaruit mag niet de conclusie worden getrokken dat de duur van zo’n dag dan wel gelijk moet zijn geweest aan die van een tijdperk. Evenmin kun je uit Genesis 1 opmaken dat het de beschrijving van een visioen is.
Volgens Zijn Woord heeft God de hemel en de aarde in zes dagen geschapen. Hij had dat (bij wijze van spreken) ook in een vingerknip kunnen doen, maar Hij heeft ervoor gekozen het in zes dagen te doen. Dat is een kwestie van geloof: je gelooft het of je gelooft het niet!
.
.
.
.
.
.
.