Tagarchief: roze

Gyrasol opaal

Standaard

categorie :  Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

Algemene informatie

 

Een opaal kan kleurloos, wit, zwart, roze, oranje en sterk iriserend zijn. De steen is doorzichtig tot doorschijnend en heeft een glas- tot harsachtige glans. Er bestaan verschillende soorten vaak afhankelijk van kleur, bijvoorbeeld:

 

 

 

hyaliet (kleurloos)

.

 

 

 

 

cacholong (wit)

.

 

 

 

 

vuuropaal (oranje met parelmoerglans)

.

 

 

 

 

edelopaal (sterk iriserend)

.

 

 

 

 

Andes opaal

.

 

 

 

 

gyrasol opaal

.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

chrysopaal

.

 

 

 

 

Dendriet opaal heeft insluitsels en wordt ook wel merliniet genoemd

.

 

 

 

 

Opaliet of opaline is synthetische opaal

.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Duizendblad : Achillea millefolium

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de brede, platte schermen, die bestaan uit talrijke witte of roze bloemhoofdjes met 5 straalbloemen en kleiner dan 7 mm en
– de dubbel geveerde, donkergroene, geurende bladeren

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Duizendblad is een zeer algemeen voorkomende, overblijvende plant van 15 tot 50 cm hoog. Ze heeft ondergrondse uitlopers en kan zo hele grote bestanden vormen. Ze groeit op vochtige tot droge, omgewerkte, grazige grond. Maaien wordt goed verdragen, want uit de ondergrondse wortels schieten voortdurend nieuwe bloeiende en niet bloeiende stengels omhoog.

 

 

 

 

 

 

Bloem

 

Duizendblad bloeit vanaf juni tot en met november met veel kleine witte, soms roze bloemhoofdjes, die bestaan uit (meestal) 5 straalbloemen en in het midden een aantal buisbloemen. De bloemhoofdjes staan samen in een brede, volle, platte, schermachtige bloeiwijze aan het einde van de stengel of zijstengels.

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

De bovengrondse delen bevatten vluchtige olie, bitterstof, looistoffen en flavonoïde. Duizendblad bevordert de spijsvertering en heeft een krampstillende en ontstekingsremmende werking. In de volksgeneeskunde wordt ze uitwendig toegepast bij huidaandoeningen en verwondingen, vanwege de bloedstelpende werking. Voordat hop werd gebruikt bij de bierbereiding, gebruikte men duizendblad. Ook werden vroeger de blaadjes als groente gegeten of in de soep gedaan. Haar naam heeft duizendblad natuurlijk gekregen vanwege de in veel kleine slippen verdeelde bladeren.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soort

 

Wilde bertram is het makkelijkst te onderscheiden van duizendblad door de bladvorm. Duizendblad heeft dubbel geveerde bladeren, terwijl wilde bertram ongedeelde bladeren heeft. Daarnaast zijn de bloemhoofdjes van wilde bertram groter en minder talrijk per scherm en hebben ze meer witte straalbloemen. Duizendblad heeft per hoofdje meestal maar 5 straalbloemen.

 

 

wilde bertram

 

 

 

Algemeen

 

composietenfamilie (Asteraceae)
– overblijvend
– zeer algemeen voorkomend
– 15 tot 50 cm

Bloem
– witte, soms roze, straalbloemen
– geel of grijswitte buisbloemen
– vanaf juni t/m november
– scherm
– 3 tot 6 mm

Blad
– verspreid
– samengesteld
– dubbel geveerd
– top spits
– rand gezaagd of getand
– voet gevleugeld
– veernervig
– bovenkant behaard
– onderste bladeren gesteeld
– bovenste bladeren enigszins   stengelomvattend

Stengel
– rechtop
– wollig behaard
– alleen bovenaan vertakt
– rolrond of meerkantig

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Steenlegging en meditatie Atlantis met rozenkwarts

Standaard

categorie : yoga en meditatie

 

 

 

 

Steenlegging en meditatie Atlantis met rozenkwarts

 

 

Rozenkwarts is een van de belangrijkste kristallen van deze tijd. Het is de steen van allesomvattende liefde: liefde voor jezelf, je partner, kinderen, familie, maar ook de mensheid, de aarde, de kosmos.

 

Door te mediteren met deze steen, wordt je omgeven door een bel van liefdesenergie. Je opent, activeert en stimuleert het hartchakra, waardoor je in resonantie komt met de frequentie van mededogen en de liefde die je van oorsprong bezit. Wil je de prachtige energie van onvoorwaardelijke liefde van rozenkwarts ervaren dan is de volgende steenlegging met meditatie beslist een aanrader.

 

 

rozenkwarts bewerkt

 

 

 

Nodig: 12 rozenkwarts stenen

 

  • Leg 8 rozenkwarts stenen om je heen.
  • Leg 1 rozenkwarts op je hartcentrum, 1 op je keelcentrum, 1 op je derde oog. (voor de verbinding hart-derde oog en liefdevolle communicatie)
  • Houdt 1 rozenkwarts in je ontvangende hand (als je rechts bent is dit je linker hand) en plaats de andere hand op je hart.

 

 

 

Sluit je ogen

 

  • Maak contact met alle rozenkwarts stenen, maak een hartverbinding en vraag hun in je hoogste goed te werken.
  • Visualiseer dat je op een grote rozenkwarts ligt.
  • Zie hoe vanuit de rozenkwarts waarop je ligt energie stroomt in de vorm van roze licht.
  • Het roze licht stroomt in je kruin en vanuit je kruin je lichaam in, door je lichtkanaal naar beneden, naar je aardecentrum. Je aardecentrum wordt gevuld tot een bal van stralend roze licht.
  • Vanuit je aardecentrum stroomt het roze licht als een fontein naar buiten en je aura wordt langzaam gevuld met roze licht.
  • Zie hoe vanuit de rozenkwarts waarop je ligt, energie in de vorm van roze licht stroomt en in je heiligbeencentrum stroomt. Je heiligbeencentrum wordt gevuld tot een bal van stralend roze licht.
  • Vanuit je heiligbeencentrum stroomt het roze licht als een fontein naar buiten en je aura wordt langzaam gevuld met roze licht.
  • Herhaal dit voor de centra 3 t/m 6.
  • Zie hoe roze licht in je aardecentrum stroomt door je lichtkanaal heen naar boven, naar je kruincentrum. Je kruincentrum wordt gevuld tot een bal van stralend roze licht.
  • Vanuit je kruincentrum stroomt het roze licht als een fontein naar buiten en je aura wordt langzaam gevuld met roze licht.
  • Zie hoe het roze licht stroomt om je heen en door je heen, helemaal omhuld en gevuld met het roze licht.
  • Doe dit zo lang als het goed voelt.

 

Als het genoeg voor je is, grond je stevig en kom langzaam in je eigen tempo terug naar het hier en nu.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Peen : Daucus carota

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– het roodpaarse bloemetje in het midden van (volgroeide)
– en de omwindselbladen met lijnvormige slippen

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Peen is een stijf behaarde, overblijvende plant van 30 tot 90 cm hoog. Ze is zeer algemeen voorkomend in de Lage Landen. Ze groeit in vrije droge graslanden, in bermen, op dijken en in de duinen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Peen bloeit vanaf juni tot de herfst met witte, soms roze, platte schermen, die bestaan uit 20 tot 40 kleinere schermen. Op de plaats van het middelste kleine scherm staan meestal 1 of meer rood-paarse bloemetjes. Hierdoor is peen makkelijk te onderscheiden van de andere witte schermbloemigen.

De schermen bestaan uit kleine witte bloemetjes met 5 uitgerande kroonbladen. De buitenste bloemetjes zijn stralend en hebben ongelijke kroonbladen. Na de bloei gaan de buitenste stralen zich buigen en ontstaat een “vogelnestje”.

 

 

 

 

 

Bijzonderheden

 

De vruchtjes blijven hangen in de vacht van dieren en kunnen daardoor over grote afstanden verspreid worden. Peen is een belangrijke waardplant voor de rupsen van de koninginnenpage. De gekweekte vorm van peen heeft een vlezige oranje wortel, is minder behaard en heeft iets anders gevormde bladeren.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten met witte bloemschermen

 

Er zijn veel planten met witte bloemschermen. Zie voor vergelijking en herkenning van de (zeer) algemeen voorkomende soorten, die groeien in graslanden, akkers, bermen, langs heggen en bosranden de pagina “Sleutel algemene witte schermbloemigen“.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

schermbloemenfamilie (Apiaceae)
– overblijvend
– zeer algemeen of vrij zeldzaam
– 30 tot 90 cm hoog

Bloem
– wit (soms roze)
– vanaf juni tot de herfst
– meervoudig scherm
– stervormig
– 1,5 tot 2 mm
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 5 meeldraden
– 2 stijlen

Blad
– verspreid
– samengesteld
– 2- tot 3-voudig geveerd
– top spits
– rand gaaf of gezaagd
– voet wigvormig of gevleugeld
– veernervig
– behaard

Stengel
– rechtop
– behaard

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

Moeraswespenorchis : Epipactis palustris

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de orchideebloemen met grote witte lob, die 2 dooiergele strepen heeft, een gekartelde, golvende rand en stompe of uitgerande top

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Moeraswespenorchis is een overblijvende plant van 20 tot 65 cm hoog. Ze is wettelijk beschermd en staat op de rode lijst als zeldzaam en matig afgenomen.  Ze groeit op natte, kalkhoudende zand- en leemgrond in duinvalleien en blauwgraslanden.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Moeraswespenorchis bloeit vanaf juni t/m augustus. De bloemen staan in een tros van 8 tot 15 hangende bloemen. De tros is eerst knikkend, maar gaat later rechtop staan en verlengt zich tijdens de bloei. De bloemen bestaan uit 6 bloemdekbladen. De buitenste 3 zijn aan de buitenkant groenig bruin en aan de binnenkant groenig paarsrood met lichte rand.

Van de drie binnenste bloemdekbladen zijn de 2 bovenste kleiner dan de buitenste bloemdekbladen, wit en aan de basis roze of roze geaderd. Het onderste bloemdekblad bestaat uit 2 gedeeltes. Het binnenste (bovenste) deel is wit en roze geaderd en scheidt de nectar af. Het onderste gedeelte is geheel wit, rond van vorm met gekartelde, golvende rand, stompe of iets uitgerande top en twee dooiergele strepen.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De bladeren zijn grijsgroen, onbehaard en wat gootvormig. De bovenste bladeren zijn kleiner dan de onderste. Het bovenste gedeelte van de stengel, de bloemstelen en de vruchtbeginsels zijn behaard. Omdat moeraswespenorchis een kruipende wortel met uitlopers heeft, kan ze massaal voorkomen op goeie standplaatsen.

 

 

 

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Van alle wespenorchideeën is de moeraswespenorchis de enige met een grote witte eindlob aan het onderste bloemdekblad en daardoor makkelijk te herkennen.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

orchideeënfamilie (Orchidaceae)
– overblijvend
– vrij tot zeer zeldzaam
– rode lijst en wettelijk beschermd
– 20 tot 65 cm hoog

Bloem
– wit, rood, groen, roze
– vanaf juni t/m augustus
– tros
– orchideebloem

– 2 tot 2,5 cm
– 6 bloemdekbladen
– 1 stempelzuil

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– eirond, langwerpig tot lancetvormig
– top spits
– rand gaaf
– (half) stengelomvattend
– parallelnervig

Stengel
– rechtop
– bovenaan behaard
– vierkantig

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Phosphosideriet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

Phosphosideriet

 

De naam Phosphosideriet, ook wel `Steen van Heling en Hoop` genoemd, is afgeleid van de elementen fosfor en ijzer, waarvan deze fascinerende edelsteen een combinatie is. Het is een niet veel voorkomende en vrij kostbare steen. Phosphosideriet is een ijzerhoudend mineraal en kan paars, roze, bruin, groen of kleurloos zijn.

 

 

ruw

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Koekruid : Vaccaria hispanica

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de roze -anjerachtige bloemetjes met buikige, op de hoeken gevleugelde, groene kelk en
– de aan de voet vergroeide grijsgroene bladeren

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Koekruid is een eenjarige, onbehaarde plant, waarschijnlijk oorspronkelijk afkomstig uit Zuidoost-Europa. In de Lage Landen kan je haar vinden in ingezaaide bermen. Ze zit ook in zaadmengsels voor de tuin.

 

 

 

 

 

Bloem

 

De bloeitijd is juni en juli. Ze bloeit met anjerachtige, roze bloemen, die in ijle schermen staan. De bloemen hebben 5 hartvormige, meestal aan de top getande, donker geaderde kroonbladen en een 5-kantige, buikige, groene kelk, die op de hoeken breed gevleugeld is.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De bladeren zijn langwerpig tot eirond en 2 aan 2 aan de voet vergroeid. Net als de vertakte stengels zijn ze bedauwd grijsgroen.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

anjerfamilie (Caryophyllaceae)
– eenjarig
– zeldzaam, incidenteel
– tuinplant uit Zuid-Europa
– 30 tot 60 cm

Bloem
– roze, zelden wit
– juni en juli
– bijscherm
– stervormig
– 1 tot 1,5 cm
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen, hoekig vergroeid
– 10 meeldraden
– 2 stijlen

Blad
– tegenoverstaand
– enkelvoudig
– langwerpig tot eirond
– top spits
– rand gaaf
– voet half stengelomvattend
– 1-nervig
– bedauwd grijsgroen

 

 

 

 

 

 

 

Klimopbremraap : Orobanche hederae

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de stevige, onvertakte bloeistengel met gelig, roomwitte, roze bloemen groeiend tussen klimop

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Klimopbremraap is een overblijvende, slanke plant van 10 tot 60 cm hoog. De hele plant is behaard met klierharen. Ze is zeer zeldzaam en staat op de rode lijst als gevoelig. Je vindt klimopbremraap op beschaduwde, stenige plaatsen, ook in parken en plantsoenen. Ze parasiteert volledig op klimop. Ze heeft geen bladgroen en is daarom voor alle voedingsstoffen afhankelijk van de gastplant.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Klimopbremraap bloeit vanaf juni tot en met augustus; de bloeiwijze is een slanke, lange, ijle, aarvormige tros met tientallen bloemen. Van bovenaf is goed te zien dat de bloemen spiraalsgewijs langs de stengel staan en niet in rijen zoals bij klavervreter. Ze staan in de oksel van een smal, bruin schutblad, dat langer is dan de bloem. De kleur van de bloemen loopt van roomwit naar lichtgeel en rozerood. Ze zijn bovenop donkerrood geaderd.

Aan beide zijden van de bloem zit een kelkblad, dat uitloopt in 1 of 2 (ongelijke) smalle, spitse punten. De kroonbuis is vrij smal en licht gebogen. De geaderde bloemzoom is ongelijk gekarteld en bestaat uit een onder- en een bovenlip. De onderlip is 3-lobbig. Het middelste lob is het grootst. Klimopbremraap is de enige bremraap, waarvan de meeldraden bij volgroeide bloemen buiten de kroon steken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De stevige stengel is niet vertakt, onderaan verdikt en roodbruin. Aan het onderste gedeelte staan schubvormige, puntige, roodbruine bladeren.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Er zijn 9 soorten bremraap, het makkelijkst te onderscheiden door te kijken naar de gastplant. Mocht dat niet helemaal duidelijk zijn, kijk dan ook naar de stempelkleur.

 

 

 

blauwe bremraap

 

 

 

bitterkruidbremraap

 

 

 

centauriebremraap

 

 

 

distelbremraap

 

 

 

grote bremraap

 

 

 

klavervreter

 

 

 

rode bremraap

 

 

 

walstrobremraap

 

 

 

Algemeen

 

bremraapfamilie (Orobanchaceae)
– overblijvend
– zeer zeldzaam
– 10 tot 60 cm hoog

Bloem
– roomwit/gelig/roze
– vanaf juni t/m augustus
– aarvormige bloeiwijze
– 3 tot 4 cm
– lipbloem
– 10 tot 22 mm
– 4 of 5 kroonbladen, vergroeid
– 2 kelkbladen
– 4 meeldraden
– 1 stijl
– stempel geel

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– schubvormig
– top spits
– rand gaaf
– voet afgerond

Stengel
– rechtop
– behaard met klierharen

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

Eudialiet

Standaard

categorie :  Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

Algemene informatie

 

Eudialiet kan geel tot bruin en roze tot paars zijn. De steen is doorschijnend tot doorzichtig met een glasachtige glans.

 

 

 

.

.

Vindplaats 

 

Het mineraal Eudialiet komt met name voor in nefelien-syenieten. De typelocatie is het Julianehåb district in Groenland. Het mineraal wordt ook gevonden in Quebec, Canada.

 

 

 

.

.

Chemische eigenschappen 

 

Samenstelling Na4(Ca,Ce)2(Fe2+,Mn,Y)ZrSi8O22(OH,Cl)2
Hardheid 5,5
Dichtheid 2,9
Kristalstelsel trigonaal

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kattendoorn : Ononis repens subsp. spinosa

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– struikvormige plant met roze vlinderbloemen
– scherp gedoornde korte zijtakjes
– onaangename geur

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Kattendoorn is een onaangenaam ruikende, 30 tot 60 cm hoge struikachtige overblijvende plant met doorns. Ze komt vrij algemeen voor in in de Lage Landen. Kattendoorn groeit op zonnige, droge tot vochtige plaatsen, zoals langs schorren en kwelders, in de uiterwaarden en zandige graslanden.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit vanaf juni tot en met september met talrijke helder roze, gesteelde vlinderbloemen, die afzonderlijk of met 2 of 3 in de bovenste bladoksels staan. De vlag van de bloemen is donker geaderd. De punt van de kiel steekt voorbij de zwaarden. De vrucht is een eivormige peul, net zo lang of iets langer dan de kelk.

 

 

 

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De onderste bladeren van kattendoorn zijn samengesteld en bestaan uit drie weinig behaarde deelblaadjes met een gezaagde rand en spitse punt. Het eivormige eindblaadje van een blad is gesteeld, de andere twee zijn met elkaar vergroeid. De bovenste bladeren, waar de bloemen staan, zijn enkelvoudig. Jonge takken zijn bezet met verspreid staande haren en met twee rijen haren, die per stengeldeel verspringen. Hoewel de stengels deel verhouten sterft de plant in de winter toch tot de grond toe af.

 

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soort is kruipend stalkruid.

 

 

  kattendoorn
– stekelig gedoornd
– vrucht is net zo lang of iets langer dan de kelk
– jonge takken behaard met twee rijen haren, verspringend
– weinig behaarde blaadjes met spitse punt
  kruipend stalkruid
– doorns zwak of afwezig
– vrucht is kleiner dan de kelk
– jonge takken rondom behaard
– bladeren dicht bezet met klierharen, (meestal) een stompe   punt

 

 

 

 

 

 

 

kruipend stalkruid

 

 

 

Algemeen

 

vlinderbloemenfamilie (Fabaceae)
– overblijvend
– vrij algemeen tot zeer zeldzaam
– 30 tot 60 cm

Bloem
– helder roze, zelden wit
– vanaf juni t/m september
– gesteeld alleenstaand of tros
– vlinderbloem
– 1 tot 2 cm
– 5 kroonbladen, vergroeid
– 5 kelkbladen
– 10 meeldraden, vergroeid met elkaar
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– bovenste enkelvoudig
– onderste 3-tallig
– eivormig
– top spits
– rand getand
– veernervig
– met weinig klierharen

Stengel
– rechtop of opstijgend
– deels verhout

zie wilde bloemen