Tagarchief: wit

Waterpunge : Samolus valerandi

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan 
– de kleine, witte, 5-tallige, onopvallende bloemetjes en
– de bladeren in rozet én verspreid en
– natte, liefst brakke standplaatsen

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Waterpunge is een onbehaard, tweejarig of overblijvend, geelgroen plantje van 5 tot 50 cm hoog. Ze groeit op open plaatsen met matig voedselrijke, natte, liefst brakke grond in duinvalleien, laagveenmoerassen, aan greppelranden en op drassige kapvlakten. Het zijn plekken, die vaak ’s winters onder water staan en zomers droogvallen. Ze is plaatselijk vrij algemeen voor komend in de Lage Landen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Waterpunge bloeit vanaf juni tot in de herfst met weinig opvallende, kleine, witte bloemetjes, die 5 vergroeide, soms licht uitgerande kroonbladen hebben. De bloemen staan in een eindelingse tros, die zich tijdens de bloei verlengd. De bloemstelen zijn licht geknikt en hebben bij de knik een klein steelblaadje. De kelkbladen zijn vergroeid en ze omsluiten en groeien mee met de ronde doosvrucht.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De onderste bladeren vormen een rozet. Vaak hebben ze een iets omgerolde rand. In dichte vegetatie verdwijnt het rozet meestal; op meer open plekken blijft het aanwezig. Langs de stengel staan verspreid een aantal stengelbladeren. Zowel rozet- als stengelbladeren zijn spatelvormig, iets vlezig met een wasachtig laagje en hebben een in een steel aflopende voet. De steel van van de onderste bladeren is langer dan van de bovenste. De stengels zijn niet of weinig vertakt.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

De niet bloeiende rozetten lijken op de rozetten van madeliefje. De bladrand van de bladeren van madeliefje is gekarteld, die van waterpunge is gaaf. En de bladeren van waterpunge zijn wat vlezig, die van madeliefje niet.

Verder zijn er vele planten met kleine witte bloemetjes, zoals herderstasjevroegeling, verschillende soorten muur,  hoornbloemen en kleine- en bosveldkers. Van deze soorten is waterpunge eenvoudig te onderscheiden door haar standplaats en door het iets vlezige uiterlijk.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– sleutelbloemfamilie (Primulaceae)
– tweejarig of overblijvend
– plaatselijk vrij algemeen tot zeer
zeldzaam
– 5 tot 50 cm

Bloem
– wit
– vanaf juni tot in de herfst
– pluimvormige tros
– stervormig
– 3 mm
– 5 kroonbladen, vergroeid
– 5 kelkbladen, vergroeid
– 5 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid en rozet
– enkelvoudig
– spatelvormig
– top stomp, soms met spitsje
– rand gaaf
– veernervig
– iets vlezig met wasachtig laagje

Stengel
– rechtop
– glad en kaal

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

Watermuur : Myosoton aquaticum

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– 5 bijna geheel gespleten witte kroonbladen (het lijken er 10) en
– 5 stijlen (andere muursoorten hebben 3 stijlen) en
– slappe stengels, die bovenaan kleverig zijn door klierharen en
– haar vochtige standplaats

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Watermuur is een overblijvende (soms eenjarige) plant op natte tot vrij vochtige plaatsen aan waterkanten, in lichte loofbossen en langs heggen. Ze is algemeen voor komend in de rivierengebieden van de Lage Landen, met uitzondering van de stedelijke- en de duingebieden.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Watermuur bloeit vanaf juni t/m augustus. In een zachte herfst kan ze doorbloeien tot in oktober. Ze bloeit met witte bloemen, vergelijkbaar met de bloemen van vogelmuur, maar dan groter. De bloemen lijken 10 kroon- bladen te hebben, maar het zijn er 5 die bijna geheel gespleten zijn en duidelijk langer dan de kelkbladen. In tegenstelling tot de andere muursoorten heeft watermuur 5 stijlen en niet 3.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De stengels zijn slap; ze liggen of steunen op andere planten. De stengelbladeren, kelkbladeren en de bovenste delen van de stengels zijn behaard met klierharen.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten 

 

zie hiervoor de pagina “Sleutel muursoorten“.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– anjerfamilie (Caryophyllaceae)
– overblijvend, soms eenjarig
– algemeen tot zeer zeldzaam
– 30 tot 120 cm

Bloem
– wit
– vanaf juni t/m augustus (oktober)
– los bijscherm
– stervormig
– 15 mm
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 10 meeldraden
– 5 stijlen

Blad
– kruisgewijs tegenoverstaand
– enkelvoudig
– eirond tot langwerpig eirond
– top spits
– rand gaaf
– voet hartvormig of afgerond
– veernervig
– behaard met klierharen

Stengel
– liggend
– kaal
– vierkantig
– behaard met klierharen

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De kracht van gember

Standaard

categorie : gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

Gember. Een waar wondermiddel

 

 

gember

 

 

Aromatisch, scherp en kruidig. Zo wordt de smaak van gember omschreven. Gember geeft een specifieke smaak aan soepen, wokgerechten en fruitsalades. Gember groeit onder de grond. Het is de wortelstok van een gemberplant. Het vlees van de gemberplant kan rood, wit of geel zijn. De huid is bruin en wordt dikker naarmate de plant ouder is. Gember is het hele jaar te koop en is relatief goedkoop.

 

 

Geneeskrachtig

Gember is lekker, maar zeker ook geneeskrachtig. Zo staat het bekend als middel tegen wagenziekte, indigestie, te lage bloeddruk, reumatische klachten en een lage bloeddruk. Hoe is het mogelijk dat een wortelstok zo veel therapeutische mogelijkheden heeft?

De officiële naam van gember is Zingiber Officinale. Gember is rijk aan 17 verschillende soorten etherische oliën, anti-oxidanten, vitaminen B1, B2, B3, B6, C, betacaroteen, calcium, magnesium, fosfor, kalium, selenium en vezels.

 

 

Maag

Gember prikkelt de warmtegevoelige receptoren. Het geeft een verwarmd gevoel. De productie van het maagsap wordt gestimuleerd. Gember heeft een beschermende tegen maagzweren. Gember kan helpen bij:
• Maagpijn
• Ter voorkoming van maagzweren
• Spijsverteringsklachten door verminderde productie maagsap

 

 

Misselijkheid

Misselijk zijn is een naar gevoel. Gember werkt uitstekend tegen alle soorten van misselijkheid. Dus tegen wagenziekte, misselijkheid door chemokuren, misselijkheid als gevolg van alcohol, door zwangerschap of door verkeerde voeding.

Gember stilt de braakneiging. De peristaltiek van de darmen wordt verhoogd, waardoor de passage van voeding sneller zal gaan. De opname van gifstoffen en zuren wordt verbeterd door het gebruik van gember, waardoor klachten zullen verminderen.

 

 

Ontstekingsremmend

De etherische oliën in gember werken antiseptisch. Ongewenste bacteriën worden gedood. Tevens is er een verhoogde opname van gifstoffen en zuren, waardoor gember uitstekend ingezet kan worden bij bestrijding van infecties.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Teer guichelheil : Anagallis tenella

Standaard

kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de tere, zachtroze tot bijna witte bloemetjes, met 5 donker geaderde kroonbladen tussen lage vegetatie op natte plekken

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Teer guichelheil is een overblijvend, laag, kruipend plantje, dat groeit op open plaatsen met natte tot vochtige, al of niet kalkhoudende grond in duinvalleien, in moerassige heiden en lage graslanden. Het zijn plaatsen die in de zomer nat tot vochtig blijven en in de winter meestal onder water staan. De bescherming van het water helpt teer guichelheil de winter door en voorkomt dat ze bevriest. Naast de vochtigheid is ook de hoogte van de overige vegetatie van belang; teer guichelheil heeft open ruimte nodig. Ze is zeer zeldzaam in de Lage Landen en ze staat op de rode lijst als zeer zeldzaam en matig afgenomen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Teer guichelheil bloeit vanaf juni tot en met augustus met zachtroze tot bijna witte bloemetjes. De 5 kroonbladen zijn donker geaderd en 2 tot 3 keer zo lang als de kelkbladen. De bloemen staan op vrij lange, slanke, draad- vormige stelen in de bladoksels. En profiel tonen ze wat klokvormig. De helmdraden zijn dicht en lang wit behaard en aan de voet vergroeid tot een kokertje.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De kruipende stengels wortelen op de knopen. Teer guichelheil kan onder de juiste omstandigheden snel uitgroeien, ze is dan zodenvormend. De bladeren zijn kort gesteeld, rond tot eirond, staan tegenover elkaar en hebben geen klierpuntjes zoals de bladeren van rood en blauw guichelheil.

 

 

 

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Naast teer guichelheil zijn er in ook blauw- en rood guichelheil, door hun kleur makkelijk te onderscheiden van teer guichelheil. Een ander laag blijvend, zoden vormend plantje met roze/witte bloemetjes is melkkruid. De bloemetjes van melkkruid zijn compacter, zien er steviger uit en hebben geen steel. Melkkruid groeit voornamelijk op brakke tot zilte plaatsen.

 

 

blauw guichelheil

 

 

rood guichelheil

 

 

melkkruid

 

 

 

Algemeen

 

– sleutelbloemfamilie (Primulaceae)
– overblijvend
– zeer zeldzaam, rode lijst
– 5 tot 20 cm

Bloem
– roze tot bijna wit
– vanaf juni t/m augustus
– alleenstaand
– stervormig
– 0,5 tot 1 cm
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 5 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– tegenoverstaand, zelden verspreid
– enkelvoudig
– rond tot eirond
– top stomp
– rand gaaf
– voet afgerond
– netnervig

Stengel
– kruipend
– kaal
– wortelend op de knopen
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Celestien

Standaard

categorie : sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

.

.

Kenmerken van Celestien

.

De zacht grijsblauwe celestien vormt mooie kristallen. Het mineraal wordt meestal als cluster, als bol of in eivorm aangeboden. Andere namen zijn coelestien of celestietCelestien wordt op veel plaatsen ter wereld gevonden, maar die uit Marokko en Madagaskar zijn helder blauw, de meest gewilde kleur. Celestien kan ook andere kleuren hebben: kleurloos, wit, grijs, geel, oranje, zelden rood of groen. Het is een belangrijk strontiumerts. Het strontium uit celestien wordt gebruikt voor de rode kleur van vuurwerk en noodvuurpijlen. In de edelsteentherapie wordt celestien nog niet zo lang gebruikt.

Aan het eind van de 18e eeuw was celestien vooral in gebruik als strontiumerts. De strontium was belangrijk voor de suikerproductie uit suikerbieten. Tegenwoordig wordt celestien vooral toegepast in de staalindustrie. Het is een middel om zwavel en fosfor te verwijderen en staal harder te maken. Daarnaast is celestien belangrijk voor het maken van gekleurd glas, en voor het vervaardigen van elektrobatterijen. In Amerika ligt een plaatsje genaamd Celestine, in de staat Indiana. Deze plaats is vernoemd naar Paus Celestinus V, maar toevallig zijn in de omgeving ook celestienmijnen.

.

.

.

.

 

Herkomst van de naam

.

De naam ‘celestien’ komt uit het Duitsr Zölestin, dat is afgeleid van Latijn coelestis (‘hemels, met de kleur van de hemel’). Dat verklaart ook de alternatieve naam coelestien. Celestien heet in Duitsland ook wel Schätzit, wellicht naar Duits Schatz (‘schat, schatkist, lieveling’).

.

.

Door de eeuwen heen

.

Celestien is gevormd in het geologische tijdperk Tertiair, ongeveer 65 miljoen jaar geleden, in holtes en scheuren in afzettingsgesteente. De Romeinen zouden de naam aqua-aura voor dit kristal gebruikt hebben. Tegenwoordig echter wordt de naam aqua-aura gebruikt voor bergkristal dat door een goudinfusie blauw gekleurd is. In China werd celestien gebruikt bij het maken van vuurwerk. Men wist daar al dat verpulverde celestien in vuur mooi rode vlammen geeft. Dit is een gevolg van het vele strontium in de steen.

De celestien heeft zijn naam pas sinds de 18e eeuw. De Duitse scheikundige Martin Heinrich Klaproth (1743-1817) heeft dit mineraal chemisch geanalyseerd, maar zijn landgenoot mineraloog Abraham Gotlob Werner(1749-1817) beschreef het mineraal in 1798 en gaf het zijn naam. Aan het eind van de 18e eeuw was celestien vooral in ge- bruik als strontiumerts. De strontium was belangrijk voor de suikerproductie uit suikerbieten.

Tegenwoordig wordt celestien vooral toegepast in de staalindustrie. Het is een middel om zwavel en fosfor te verwijderen en staal harder te maken. Daarnaast is celestien belangrijk voor het maken van gekleurd glas, en voor het vervaardigen van elektrobatterijen. In Amerika ligt een plaatsje genaamd Celestine, in de staat Indiana. Deze plaats is vernoemd naar Paus Celestinus V, maar toevallig zijn in de omgeving ook celestienmijnen.

.

.

.

.

Spiritueel

.

* Celestien leert je vertrouwen te hebben, alles komt goed. Het maakt je ervan bewust dat je onderdeel bent van een groter geheel. Regelmatig met celestien werken versnelt je spirituele ontwikkeling, opent je Derde Oog en kruinchakra.

* Dit mineraal is kalmerend, geeft rust, en scherpt je focus. Het maakt tevreden en geeft een goed humeur. Nerveuze spanningen, somberheid en beklemming lossen op als je een celestien cluster in je woonruimte plaatst, bij voorkeur op een spiegel.

*Angsten voor het onbekende, voor de toekomst, voor het volwassen worden en alles wat daarbij komt kijken, zoals zelfstandig wonen en seksualiteit, verminderen beduidend bij het dragen van celestien.

.

.

 

Chemische samenstelling

.

Celestien is een strontiumsulfaat. De geliefde kleur blauw wordt veroorzaakt door een beetje goud. Als de kleur meer naar geel, oranje of bruin neigt, zal de celestien een hoeveelheid barium bevatten. Echt geel wordt door zwavel veroorzaakt. De blauwe kleur kan door röntgenstraling intenser gemaakt worden. Door verhitting verliest celestien haar kleur. In de buurt van celestien worden ook altijd bariet, anhydriet, gips en haliet gevonden. Het is zelfs zo dat barium de strontium in celestien kan vervangen. In sommige celestien kristallen loopt het bariumgehalte op tot wel een kwart van het totaal.

.

.

Samenstelling: SrSO4 + Ba, Ca (+ Au, K). Bariet heeft als formule BaSO4
Hardheid: 3 – 3,5
Glans: glasglans. vetglans, op breukvlakken ook parelmoerglans
Transparantie: transparant, doorzichtig tot doorschijnend
Breuk: onregelmatig
Splijtbaarheid: perfect
Dichtheid: 3,96 – 4,0
Kristalstelsel: rombisch

.

.

 

.

.

witte celestien

.

.

.

.

celestien geode

.

.

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Gyrasol opaal

Standaard

categorie :  Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

Algemene informatie

 

Een opaal kan kleurloos, wit, zwart, roze, oranje en sterk iriserend zijn. De steen is doorzichtig tot doorschijnend en heeft een glas- tot harsachtige glans. Er bestaan verschillende soorten vaak afhankelijk van kleur, bijvoorbeeld:

 

 

 

hyaliet (kleurloos)

.

 

 

 

 

cacholong (wit)

.

 

 

 

 

vuuropaal (oranje met parelmoerglans)

.

 

 

 

 

edelopaal (sterk iriserend)

.

 

 

 

 

Andes opaal

.

 

 

 

 

gyrasol opaal

.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

chrysopaal

.

 

 

 

 

Dendriet opaal heeft insluitsels en wordt ook wel merliniet genoemd

.

 

 

 

 

Opaliet of opaline is synthetische opaal

.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Gedriet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

Algemene informatie

 

Gedriet, ook wel gedritiet, is een mineraal dat tot de amfibool (hoornblende) groep hoort van de inosilicaten. Het mineraal kan wit, grijs, groen, bruin en zwart van kleur zijn, die in verschillende waaiervormige tekeningen op de steen voorkomen.

 

 

 

Etymologie

 

Gedriet is vernoemd naar het de plaats Gèdres, in de Héas Vallei in Frankrijk.

 

 

 

 

Vindplaats

 

Gedriet wordt onder andere gevonden in Frankrijk, Scandinavië, Australië en de VS.

 

 

 

.

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: Mg2(Mg3Al2)(Si6Al2)O22(OH)2

hardheid: 5,5 – 6

dichtheid: 3,25

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De chacra’s

Standaard

categorie : reiki en de aura

 

 

 

Chacra’s draaikolken van energie

 

Het woord chacra, een therm afkomstig uit India, komt uit het Sanskriet en betekent wiel of circel. Het is een draaikolk van energie die een wisselwerking heeft tussen de aura ( het energieveld rond het lichaam) en het lichaam. De religieuze en filosofische begrippen van chacra’s als energiecentra stammen uit India. In Oosterse filosofieën worden chacra’s beschouwd als niveaus van bewustzijn. Ze hebben invloed op fysieke, emotionele, mentale en spirituele aspecten van een persoon.

 

 

 

 

 

 

    De werking van het metafysisch stelsel

 

 

Wat is metafysica

 

Metafysica is de leer die op zoek gaat naar het wezen van de werkelijkheid. Ze kan met zintuigeijke waarheid, de fysica, niet bewezen worden. Eén van die metafysische stelsels is het chacrasysteem. Het gaat hierbij om een theorie, niet om een religie.

 

 

De uitgangspunten van het chacrastelsel

 

1:er zijn zeven hoofdchacra’s die vertikaal liggen op de ruggengraat. Ze komen overeen met zeven zenuwknopen in het lichaam en hebben invloed op de mentale en lichamelijke gezondheid van de mens.

2: er zijn talrijke nevenchacra’s die met elkaar verbonden zijn door energiebanen, ook nadi’s genoemd.

3: de noodzakelijke, onzichtbare energie (prana) komt via de kruin van het hoofd het lichaam binnen, gaat langs de ruggengraat naar beneden en geeft zo zijn energie af aan elke chacra. De overtollige energie wordt afgevoerd naar de aarde via de voeten.

4: de zeven hoofdchacra’s hebben invloed op fysieke eigenschappen van het lichaam en op de bewustzijnsniveaus.

5: Hoe hoger de chacra in het lichaam, hoe groter het corresponderende bewustzijnsniveau.

6: de onderste chacra’s zijn op hun ontwikkelingsniveau even belangrijk dan de bovenste.

7: de chacra’s worden in stand gehouden door twee verticale stromen die elkaar kruisen in elke hoofdchacra.

8: elke chacra correspondeert met een kleur, toon en dimensie.

9: de chacra’s staan voortdurend met elkaar in wisselwerking en kunnen slechts theoretisch van elkaar gescheiden worden.

10: de chacra’s kunnen door meditatie, acupunctuur, yoga  en spirituele ontwikkeling ruimer geopend worden met als resultaat verandering van bewustzijn.

 

 

 

 

 

   De zeven hoofdchacra’s

 

Chacra één

 

-naam: de Muladhara of het wortelchacra.

-is gelegen aan de onderkant van de ruggengraat en wordt in verband gebracht met  overleven. Het corresponderende element is aarde.

-de kleur is rood.

-het zenuwknooppunt is de plexus coccygeus.

-endocriene stelsel: de testikels en de geslachtsorganen.

-de corresponderende lichaamsdelen: de benen, botten en dikke darm.

-bij slecht functioneren: zwaarlijvigheid, aambeien en constipatie.

-klinkerklank: o als in boot.

 

 

 

 

Chacra twee

 

-naam: de Swadhistana of het heiligbeenchacra.

-is gelegen in de onderbuik en wordt in verband gebracht met emoties en seksualiteit. Het corresponderende element is water.

-de kleur is oranje.

-het zenuwknooppunt is de ganglion spinale, ook sacrale chacra genoemd.

-endocriene stelsel: de eierstokken, prostaat en testikels.

-de corresponderende lichaamsdelen: de baarmoeder, genitaliën, nieren en de blaas.

-bij slecht functioneren: impotentie, frigiditeit, problemen met blaas en baarmoeder.

-klinkerklank: oe als in doe.

 

 

 

 

 

Chacra drie

 

-naam: de Manipura of het juweelchacra.

-is gelegen in de buurt van de solar plexus en wordt in verband gebracht met wilskracht. Het corresponderende element is vuur.

-de kleur is geel.

-het zenuwknooppunt is de solar plexus, ook zonnevlecht genoemd.

-endocriene stelsel: de alvleesklier en de bijnieren.

-de corresponderende lichaamsdelen: het spierstelsel en de spijsvertering.

-bij slecht functioneren: maagzweren en diabetes.

-klinkerklank: a als in vader.

 

 

 

Chacra vier

 

-naam: de Anahata of het hartchacra.

-is gelegen in de hartstreek en word in verband gebracht met liefde. Het corresponderende element is lucht.

-de kleur is groen.

-het zenuwknooppunt is de plexus cardiacus.

-endocriene stelsel: de hymusklier.

-de corresponderende lichaamsdelen: de longen, hart , armen en de handen.

-bij slecht functioneren: astma en hoge bloeddruk.

-klinkerklank: ee als in mee.

 

 

 

 

Chacra vijf

 

-naam: de Vishudda of het keelchacra.

-is gelegen in de buurt van het strottenhoofd en staat in verband met communicatie en creativiteit. Het corresponderende element is geluid.

-de kleur is blauw.

-het zenuwknooppunt is de plexus pharingeus.

-endocriene stelsel: de hypothalamus en de schildklier.

-de corresponderende lichaamsdelen: de keel, oren en de mond.

-bij slecht functioneren: nekpijn en de griep.

-klinkerklank: ie als in zie.

 

 

 

 

Chacra zes

 

-naam: de Ajna of het voorhoofdschacra.

-is gelegen in de buurt van het voorhoofd en wordt in verband gebracht met helderziendheid en intuïtie. Het corresponderende element is licht.

-de kleur is indigo.

-het zenuwknooppunt is de plexus caroticus.

-endocriene stelsel: de pijnappelklier.

-de corresponderende lichaamsdelen: de ogen.

-bij slecht functioneren: hoofdpijn, nachtmerries en blindheid.

-klinkerklank: de mmm als in ohm.

 

 

 

 

Chacra zeven

 

-naam: de Sahasrara of het kruinchacra.

-is gelegen in de buurt van de kruin en wordt in verband gebracht met kennis en inzicht. Het corresponderende element zijn gedachten.

-de kleur is violet.

-het zenuwknooppunt is de Cerebrale cortex.

-endocriene stelsel: de hypofyse.

-de corresponderende lichaamsdelen: het centrale zenuwstelsel en de hersenschors.

-bij slecht functioneren: vervreemding, verwarring en depressie.

-klinkerklank: ngng als in zing.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

 

Reuzenberenklauw : Heracleum mantegazzianum

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de enorm grote, witte bloemschermen, soms tot 50 cm in doorsnede

 

 

 

 

 

Algemeen

 

De indrukwekkende reuzenberenklauw, ook wel Perzische berenklauw genoemd, is vanuit Zuidwest-Azie in de 19e eeuw naar Europa gebracht als sierplant. Op veel plaatsen is de plant verwilderd. Het is een overblijvende (vaak tweejarige) plant, die algemeen voorkomend in stedelijke gebieden. Elders is ze zeldzaam. Ze groeit op vochtige, zeer voedselrijke grond in bermen, tuinen, plantsoenen en struikgewas. Afhankelijk van de standplaats kan ze tot 3 meter hoog worden.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Reuzenberenklauw bloeit vanaf juni tot en met september met een variabel aantal schermen witte bloemetjes. De schermen bestaan uit 50 tot 150 deelschermen. De buitenste bloemen in een deelscherm zijn vergroot en asymmetrisch. De bloemen geuren naar anijs en zijn heel aantrekkelijk voor insecten. In de winter gebruiken de insecten de plant om te overwinteren in de holle stengels.

 

 

 

 

 

Bijzonderheden

 

De grote bladeren bevatten furanocumarine, een sterk geurende, vluchtige olie die de huid overgevoelig maakt voor ultraviolette straling, waardoor ontstekingen en brandwonden ontstaan. In het vroege voorjaar, als de zaden ontkiemen, zullen door de omvang en de enorme groeikracht van de plant andere planten geen kans krijgen en ontstaat er al snel een bos. Reuzenberenklauw is nauwelijks te beteugelen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten met witte bloemschermen

 

Er zijn veel planten met witte bloemschermen. Zie voor vergelijking en herkenning van de algemeen voorkomende soorten, die groeien in graslanden, akkers, bermen, langs heggen en bosranden de pagina “Sleutel algemene witte schermbloemigen“.

 

 

 

 

 

Algemeen


– 
schermbloemenfamilie (Apiaceae)

– overblijvend
– algemeen voorkomend
– 2 tot 3 meter

Bloem
– wit
– vanaf juni t/m september
– meervoudig scherm
– stervormig
– 8 tot 20 mm
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 5 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– samengesteld
– veervormig oneven
– top spits
– rand getand
– voet half stengelomvattend
– veernervig
– ruw behaard

Stengel
– rechtop
– ruw behaard
– rood gevlekt
– gegroefd

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 Poelruit : Thalictrum flavum

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de op lange, onvertakte stengels staande lichtgele, geurende pluimen van dicht op elkaar staande bloemen met lange meeldraden

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Poelruit is een overblijvende plant, die groeit op natte, voedselrijke grond aan waterkanten, langs rivieren, in drassige graslanden, in grienden en moerassen. Ze is algemeen voorkomend in de Lage Landen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Poelruit bloeit in juni en juli met lichtgele, geurende pluimen. Bij nader bekijken blijken de bloeiende pluimen voornamelijk te bestaan uit lange meeldraden; die geven de pluimen hun kleur. Elke bloem heeft vier, smalle, groenig witte bloemdekbladen, die vrij snel afvallen. De knoppen zijn lichtgroen. De geurende bloemen bevatten geen nectar. Bezoekende insecten verzamelen stuifmeel en zorgen voor de bestuiving.

 

 

 

 

 

Blad

 

De bladeren zijn langer dan breed, 2- tot 3-voudig oneven geveerd. De deelblaadjes zijn handvormig en aan de onderkant grijsgroen met uitstekende nerven.

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

Poelruit wordt in de kruidengeneeskunde gebruikt als laxeermiddel.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soort

 

Op afstand lijkt de bloeiwijze van moerasspirea op die van poelruit; de pluimen van moerasspirea zijn echter witter en zien er wolliger uit. De bladeren van moerasspirea zijn afgebroken oneven geveerd met langwerpige, onregelmatig gezaagde deelblaadjes. Het bovenste blad is meestal 3- tot 5-lobbig. De bladeren van poelruit zijn oneven 2- tot 3-voudig geveerd met handvormige deelblaadjes

 

 

moerasspirea

 

 

 

blad moerasspirea

 

 

 

Algemeen

 

ranonkelfamilie (Ranunculaceae)
– overblijvend
– algemeen tot zeer zeldzaam
– 45 tot 90 cm

Bloem
– lichtgeel, wit, groen
– juni en juli
– pluim
– stervormig
– 4 bloemdekbladen, niet vergroeid
– 10 tot 20 meeldraden
– 10 tot 20 stijlen

Blad
– verspreid
– samengesteld
– oneven veervormig
– 2- tot 3-voudig geveerd
– top spits
– rand gaaf
– voet wigvormig
– handnervig

Stengel
– rechtop
– kaal
– rond en geribd

zie wilde bloemen