Categorie archief: Religie

Gods beloften in de Bijbel : deel 14 en 15

Standaard

categorie : religie

.

.

.

De beloften van God

 

Welke zijn voor mij?

 

Zijn er manieren om erachter te komen welke beloften van God voor ons vandaag gelden? Er staan honderden beloften in de Bijbel. Hoe kunnen we weten welke algemene beloften voor ons allemaal gelden, en welke specifieke beloften voor een specifiek persoon zijn?

 

1 Johannes 1:9 is een geweldig voorbeeld van een algemene belofte: “Maar als we het aan God vertellen als we verkeerd hebben gedaan en Hem om vergeving vragen, dan vergeeft Hij ons. Dan wast Hij ons weer schoon van elke ongehoorzaamheid, zoals Hij heeft beloofd.”

 

Deze belofte is een algemene belofte aan alle gelovigen. Een voorbeeld van een meer specifieke belofte staat in 1 Koningen 9:5, waar wordt geschreven aan Koning Salomo: “… dan zal Ik ervoor zorgen dat altijd één van jouw zonen koning van Israël zal zijn.”Door de context te bestuderen is het duidelijk dat de belofte gedaan wordt aan koning Salomo.

 

 

 

 

Richtlijnen om te onthouden:

 

    • – Bestudeer de context.

 

    • – Is het een voorwaardelijke belofte? Kijk of het woord ‘als’ in de context staat.

 

    • – God geeft ons beloften om ons te helpen ons te onderwerpen aan Zijn wil; niet om Zichzelf te buigen naar onze wil.

 

             – Ga er niet van uit dat je kunt weten wanneer de belofte vervuld zal worden.

 

Welke zijn er zoal?

 

Hieronder staan enkele beloften die te maken hebben met het dagelijkse leven van een christen:

 

Matteüs 11:28-29 – “Kom naar Mij als je moe bent. Kom naar Mij als je gebogen gaat onder het gewicht van je problemen! Ik zal je rust geven. Doe wat Ik je zeg. Leer van Mij. Want Ik ben vriendelijk en geduldig en bescheiden. Daarom zul je bij Mij innerlijke rust vinden.”

 

 

Filippenzen 4:19 – “Mijn God zal jullie in alles overvloedig geven wat jullie nodig hebben. Want Hij geeft overvloedig omdat Hij Zelf overvloedig bezit. Hij geeft ons in Jezus Christus van zijn rijkdom.”

 

 

Romeinen 10:9 – “Want als je met je mond hardop zegt dat Jezus de Heer is, en met je hart gelooft dat God Hem uit de dood heeft teruggeroepen en levend heeft gemaakt, ben je gered.”

 

 

Romeinen 6:23 – “Het kwaad brengt altijd de dood: het is je loon voor wat je hebt gedaan. Maar de liefdevolle goedheid van God geeft een geschenk: het eeuwige leven, door onze Heer Jezus Christus.”

 

 

1 Korintiërs 10:13 – “Maar als je in de verleiding komt om iets verkeerds te doen, bedenk dan dit. Geen één verleiding is zó groot, dat je er niet tegenop zou kunnen. Want God laat je nooit in de steek. Hij zal niet toestaan dat je het zó moeilijk krijgt, dat je het niet meer aankan. Want Hij zal, als er verleidingen komen, ook voor de oplossing zorgen. Daardoor zul je sterk genoeg zijn om de juiste beslissingen te nemen.”

 

 

Johannes 10:10 – “Maar een dief komt alleen maar om te stelen en te doden en te vernietigen. Ik ben gekomen om leven te geven en overvloed.”

 

 

1 Johannes 1:9 – “Maar als we het aan God vertellen als we verkeerd hebben gedaan en Hem om vergeving vragen, dan vergeeft Hij ons. Dan wast Hij ons weer schoon van elke ongehoorzaamheid, zoals Hij heeft beloofd.”

 

 

 

 

Waarom zijn ze belangrijk?

 

De beloften van God zijn een gesproken of geschreven toezegging. Als God zegt dat Hij iets zal doen, dan doet Hij het ook. Als God zegt dat Hij iets niet zal doen, dan houdt Hij zich ook daar aan. Jozua 21:45 zegt: “Alles wat de Heer aan het volk Israël had beloofd, heeft Hij ook gedaan. Er is niets wat Hij niet gedaan heeft.”

 

 

 

God doet twee soorten beloften

 

De onvoorwaardelijke beloften – Dit zijn beloften die gedaan worden zonder enige voorwaarde.

De voorwaardelijke beloften – Deze soort beloften houden bepaalde kwalificaties of vereisten in. Daarom is het belangrijk om de context van een belofte te begrijpen. Het is niet verstandig om er zomaar een belofte uit te pikken en die ons toe te eigenen. Misschien was dat juist een voorwaardelijke belofte en kunnen we niet aan de eisen voldoen.

 

 

 

 

 

 

14 Gods beloften voor zegeningen en voorspoed 

 

Gen.39:3 Toen zijn heer zag, dat de Here met hem was, en dat de Here alles wat hij ondernam onder zijn hand deed gelukken.

 

Joz.1:7 Alleen, wees zeer sterk en moedig en handel nauwgezet overeenkomstig de gehele wet die mijn knecht Mozes u geboden heeft; wijk daarvan niet af naar rechts noch naar links, opdat gij voorspoedig zijt, overal waar gij gaat. 8 Dit wetboek mag niet wijken uit uw mond, maar overpeins het dag en nacht, opdat gij nauwgezet handelt overeenkomstig alles wat daarin geschreven is, want dan zult gij op uw wegen uw doel bereiken en zult gij voorspoedig zijn.

 

 

1 Kron.22:13 Dan zult gij voorspoed hebben, indien gij stipt onderhoudt de inzettingen en de verordeningen, die de Here Mozes geboden heeft Israël op te leggen. Wees sterk en moedig; vrees niet en wees niet verschrikt.

 

 

Psalm 1:3 hij is als een boom, geplant aan waterstromen, die zijn vrucht geeft op zijn tijd, welks loof niet verwelkt; – al wat hij onderneemt, gelukt. 12 Wie is de man die de Here vreest? .…13 Hij zelf zal in voorspoed vertoeven.

 

 

Ps.75:7 Want het verhogen komt niet van oost of van west, noch uit de woestijn – 8 maar God is rechter, Hij vernedert deze en verhoogt gene.

 

 

Ps.32:10 maar wie op de Here vertrouwt, die omringt Hij met goedertierenheid.

 

 

Ps.112:1 Halleluja. Welzalig de man, die de Here vreest, die van harte lust heeft in zijn geboden. ..3 overvloed en rijkdom zijn in zijn huis, ..5 Voorspoedig is de man die zich ontfermt en uitleent, die zijn zaken recht behartigt.

 

 

Spr.28:13 Wie zijn overtredingen bedekt, zal niet voorspoedig zijn; maar wie ze belijdt en nalaat, die vindt ontferming. 20 Een betrouwbaar man heeft veel zegen, maar wie naar rijkdom jaagt, blijft niet ongestraft.

 

 

Mal.3:10 Breng de gehele tiende naar de voorraadkamer, opdat er spijze zij in mijn huis; beproeft Mij toch daarmede, zegt de Here der heerscharen, of Ik dan niet voor u de vensters van de hemel zal openen en zegen in overvloed over u uitgieten.

 

 

Matt.5:7 Zalig de barmhartigen, want hun zal barmhartigheid geschieden.

 

 

Luc.6:36 Weest barmhartig, gelijk uw Vader barmhartig is. 37 En oordeelt niet en gij zult niet geoordeeld worden. En veroordeelt niet en gij zult niet veroordeeld worden; laat los en gij zult losgelaten worden. 38 Geeft en u zal gegeven worden: een goede, gedrukte, geschudde, overlopende maat zal men in uw schoot geven. Want met de maat, waarmede gij meet, zal u wedergemeten worden.

 

 

3 Joh.1:2 Geliefde, ik bid, dat het u in alles wèl ga en gij gezond zijt, gelijk het uw ziel wèl gaat.

 

 

Efeze.6:1 Kinderen, weest uw ouders gehoorzaam in de Here, want dat is recht. 2 Eer uw vader en uw moeder – dit is immers het eerste gebod, met een belofte – 3 opdat het u welga en gij lang leeft op aarde.

 

 

 

15 Gods beloften in tijd van vrees

 

gen.15:1 Vrees niet, Abram, Ik ben uw schild; uw loon zal zeer groot zijn.

 

 

Gen.21:19 Wat deert u, Hagar? Vrees niet, want God heeft naar de stem van de jongen gehoord, daar waar hij is.

 

 

Ex.14:13 Maar Mozes zeide tot het volk: Vreest niet, houdt stand, dan zult gij de verlossing des Heren zien, die Hij u heden bereiden zal.

 

 

Deut.3:22 gij zult voor hen niet vrezen, want de Here, uw God, is het, die voor u strijdt.

 

 

20:3 en zeggen: Hoor, Israël! Gij staat thans vlak voor de strijd tegen uw vijanden; laat uw hart niet week worden, vreest niet, wordt niet angstig en siddert niet voor hen.

 

 

Joz.1:9 Heb Ik u niet geboden: wees sterk en moedig? Sidder niet en word niet verschrikt, want de Here, uw God, is met u, overal waar gij gaat.

 

 

Joz.10:25 Toen zeide Jozua tot hen: Vreest niet en weest niet verslagen, weest sterk en moedig, want aldus zal de Here doen aan al uw vijanden, tegen wie gij strijdt.

 

 

Kon.6:16 Maar hij zeide: Vrees niet, want zij, die bij ons zijn, zijn talrijker dan zij, die bij hen zijn.

 

 

1 Kron.28:20 Toen zeide David tot zijn zoon Salomo: Wees sterk en moedig, en doe het: vrees niet en wees niet verschrikt, want de Here God, mijn God, is met u. Hij zal u niet begeven en u niet verlaten, totdat al het werk voor de dienst van het huis des Heren gereed is.

 

 

Ps 23:4 Zelfs al ga ik door een dal van diepe duisternis (schaduwen des doods), ik vrees geen kwaad, want Gij zijt bij mij.

 

 

Ps 27:1 De Here is mijn licht en mijn heil, voor wie zou ik vrezen? De Here is mijns levens veste, voor wie zou ik vervaard zijn? 3 Al legert zich een leger tegen mij, mijn hart vreest niet; al verheft zich een krijg tegen mij, noch- tans blijf ik vertrouwen.

 

 

Ps.34: 5  Ik heb den Here gezocht, en Hij heeft mij geantwoord, en mij uit al mijn vrezen gered.

 

 

Jes.41:13 Want Ik, de Here, uw God, grijp uw rechterhand vast; die tot u zeg: Vrees niet, Ik help u.

 

 

Ps.46:2 God is ons een toevlucht en sterkte, een zeer bevonden een hulp in benauwdheden. 3 Daarom zullen wij niet vrezen, al verplaatste zich de aarde, al wankelden de bergen in het hart van de zee. 4 Laat bruisen, laat schuimen haar wateren, laat de bergen beven door haar onstuimigheid.

 

 

Jes.51:7 Vreest niet voor de smaad van stervelingen, wordt niet verschrikt vanwege hun beschimpingen.

 

 

Ps:56:4 Ten dage dat ik vrees, vertrouw ik op U; 5 op God, wiens woord ik prijs. Op God vertrouw ik, ik vrees niet; wat zou vlees mij aandoen? …12 op God vertrouw ik, ik vrees niet; wat zou een mens mij aandoen?

 

 

Ps.91:5 Gij hebt niet te vrezen voor de verschrikking van de nacht.

 

 

Ps.107:19 Toen riepen zij tot de Here in hun benauwdheid, en Hij verloste hen uit hun angsten; Ps.112:7 Voor een kwaad gerucht zal hij niet vrezen, zijn hart is gerust, vol vertrouwen op de Here; 8 zijn hart is standvastig, hij vreest niet.

 

 

Ps.118:6 De Here is met mij, ik zal niet vrezen; wat zou een mens mij doen?

 

 

Spr.3:24 Indien gij u nederlegt, zult gij niet opschrikken, maar gij zult u nederleggen en uw slaap zal zoet zijn. 25 Vrees niet voor plotselinge schrik.

 

 

Jes.41:10 vrees niet, want Ik ben met u; zie niet angstig rond, want Ik ben uw God. Ik sterk u, ook help Ik u, ook ondersteun Ik u met mijn heilrijke rechterhand.

 

 

Ezech.3:9 Als diamant, harder dan steen, maak Ik uw voorhoofd; vrees hen dan niet en wees niet beangst voor hun blik, want zij zijn een weerspannig geslacht.

 

 

Matt.10:24 Indien men aan de heer des huizes de naam Beëlzebul heeft gegeven, hoeveel te meer aan zijn huis-genoten! 26 Vreest hen dan niet.

 

 

 

29 Worden niet twee mussen te koop aangeboden voor een duit? En niet één daarvan zal ter aarde vallen zonder uw Vader. 30 En de haren van uw hoofd zijn ook alle geteld. 31 Weest dan niet bevreesd: gij gaat vele mussen te boven.

 

 

Luc.12:4 Ik zeg u, mijn vrienden, vreest hen niet, die het lichaam doden en daarna niets meer kunnen doen.

 

 

2 Tim.1:7 Want God heeft ons niet gegeven een geest der vreesachtigheid, maar der kracht, en der liefde, en der gematigdheid.

 

 

Hebr.13:5 Want Hij heeft gezegd: Ik zal u geenszins begeven, Ik zal u geenszins verlaten. 6 Daarom kunnen wij met vertrouwen zeggen: De Here is mij een helper, ik zal niet vrezen; wat zou een mens mij doen?

 

 

1 Petr.3:14 Al moest gij lijden om de gerechtigheid, toch zijt gij zalig. Doch vreest niet voor hun dreiging, en laat u niet verschrikken.

 

 

1 Joh.4:18 Er is in de liefde geen vrees, maar de volmaakte liefde drijft de vrees uit; want de vrees houdt verband met straf en wie vreest, is niet volmaakt in de liefde.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Welke invloed hebben geesten op de mens?

Standaard

Categorie : religie

 

 

 

Satan, de leider van de demonen

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Welke invloed hebben geesten op ons?

 

  • Helpen engelen mensen?

  • Hoe hebben boze geesten mensen beïnvloed?

  • Moeten we bang zijn voor boze geesten?

 

 

1. Waarom dienen we meer over engelen te willen weten?

 

Als we iemand echt willen leren kennen, moeten we meestal ook iets over zijn familie weten. Zo is het ook met God. Om hem te leren kennen, moeten we meer weten over zijn gezin van engelen. De Bijbel noemt de engelen „zonen Gods” (Job 38:7). Welke rol spelen ze eigenlijk in Gods voornemen? Hebben ze ook een rol gespeeld in de geschiedenis van de mensheid? Hebben engelen invloed op uw leven? En hoe dan wel?

 

 

 

2. Waar zijn de engelen vandaan gekomen, en hoeveel zijn het er?

 

In de Bijbel wordt honderden keren over engelen gesproken. We zullen een paar van die vermeldingen bekijken om meer over engelen te weten te komen. Waar zijn de engelen vandaan gekomen? Kolossenzen 1:16 zegt: „Door bemiddeling van hem [Jezus Christus] werden alle andere dingen in de hemelen en op de aarde geschapen.” Alle geestelijke schepselen die engelen worden genoemd, werden dus afzonderlijk door God geschapen door tussenkomst van zijn eerstgeboren Zoon. Hoeveel engelen zijn er? Uit de bijbel blijkt dat er honderden miljoenen engelen werden geschapen, die allemaal heel machtig zijn. — Psalm 103:20.*

 

 

 

3. Wat leren we uit Job 38:4-7 over engelen?

 

Gods Woord, de Bijbel, vertelt ons dat toen het fundament voor de aarde gelegd werd, „alle zonen Gods voorts juichend hun instemming betuigden” (Job 38:4-7). De engelen bestonden dus lang voordat de mensen geschapen werden en zelfs voordat de aarde gemaakt werd. Uit dit Bijbelgedeelte blijkt ook dat engelen gevoelens hebben, want er staat dat ze „te zamen een vreugdegeroep aanhieven”. Merk op dat „alle zonen Gods” zich samen verheugden. In die tijd maakten alle engelen deel uit van één groot gezin dat  God verenigd diende.

 

 

demon in de mens

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

STEUN EN BESCHERMING VAN ENGELEN

 

4. Hoe laat de Bijbel zien dat getrouwe engelen zich voor de activiteiten van mensen interesseren?

 

Getrouwe geestelijke schepselen hebben vanaf het moment dat ze zagen hoe de eerste mensen geschapen werden, veel belangstelling getoond voor de groeiende menselijke familie en voor de vervulling van Gods voornemen (Spreuken 8:30, 31; 1 Petrus 1:11, 12). Maar de engelen zagen dat na verloop van tijd het grootste deel van de menselijke familie hun liefdevolle Schepper niet meer diende. Daar waren de getrouwe engelen ongetwijfeld bedroefd over. Als er daarentegen ook maar één mens tot God terugkeert, „ontstaat er vreugde bij de engelen” (Lukas 15:10). Engelen zijn heel bezorgd voor het welzijn van mensen die God dienen, dus is het geen wonder dat God vaak engelen gebruikt heeft om zijn getrouwe aanbidders op aarde aan te moedigen en te beschermen (Hebreeën 1:7, 14). We zullen daar een paar voorbeelden van bekijken.

 

 

Een engel beschermt Daniël in de leeuwenkuil

„Mijn eigen God heeft zijn engel gezonden en de muil der leeuwen gesloten.” — Daniël 6:22

 

 

5. Welke voorbeelden van hulp van engelen vinden we in de Bijbel?

 

Twee engelen hielpen de rechtvaardige man Lot en zijn dochters om de verwoesting van de verdorven steden Sodom en Gomorra te overleven door hen uit dat gebied te leiden (Genesis 19:15, 16). Eeuwen later werd de profeet Daniël in een leeuwenkuil geworpen, maar hij bleef ongedeerd. Hij zei daarover: „Mijn eigen God heeft zijn engel gezonden en de muil der leeuwen gesloten” (Daniël 6:22). In de eerste eeuw bevrijdde een engel de apostel Petrus uit de gevangenis (Handelingen 12:6-11). Engelen steunden ook Jezus aan het begin van zijn bediening op aarde (Markus 1:13). En kort voor Jezus’ dood verscheen er een engel „die hem sterkte” (Lukas 22:43). Wat moet dat Jezus goed hebben gedaan op die cruciale momenten in zijn leven!

 

 

 

6.  Hoe beschermen engelen Gods aanbidders in deze tijd? (b) Welke vragen gaan we nu bespreken?

 

Gods machtige engelen beschermen zijn volk nog steeds, vooral tegen dingen die in geestelijk opzicht schadelijk kunnen zijn. De Bijbel zegt: „De engel van God legert zich rondom degenen die hem vrezen, en hij verlost hen” (Psalm 34:7). Waarom is dat zo’n geruststellende gedachte? Omdat er gevaarlijke, slechte geesten zijn die op onze ondergang uit zijn! Wie zijn dat? Waar komen ze vandaan? En hoe proberen ze ons kwaad te doen? Om daarachter te komen, gaan we het kort hebben over iets dat aan het begin van de menselijke geschiedenis is gebeurd.

 

 

de ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

GEESTEN DIE VIJANDEN VAN ONS ZIJN

 

7. Hoeveel mensen wist Satan van God af te keren?

 

Éen engel kreeg het verlangen om over anderen te heersen en keerde zich daarom tegen God. Later kwam deze engel bekend te staan als Satan de Duivel (Openbaring 12:9). Nadat Satan Eva bedrogen had, lukte het hem 1600 jaar lang om bijna iedereen van God af te keren, met uitzondering van een paar getrouwe personen zoals Abel, Henoch en Noach. — Hebreeën 11:4, 5, 7.

 

8.  Hoe werden sommige engelen demonen en wat moesten de demonen

doen om de zondvloed te overleven?

 

In Noachs tijd kwamen nog meer engelen tegen God in opstand. Ze verlieten hun plaats in Gods hemelse gezin, kwamen naar de aarde en namen een menselijk lichaam aan. Waarom? In Genesis 6:2 staat „dat de zonen van de ware God de dochters der mensen gingen gadeslaan en bemerkten dat zij mooi waren; en zij gingen zich vrouwen nemen, namelijk allen die zij verkozen.” Maar God liet deze engelen niet hun gang gaan, zodat ze de mensheid niet nog verder konden verderven. Hij bracht een wereldomvattende vloed over de aarde, waardoor alle slechte mensen vernietigd werden. Alleen degenen die hem trouw dienden, bleven in leven (Genesis 7:17, 23). Op die manier werden de opstandige engelen, de demonen, gedwongen hun menselijke lichaam af te leggen en als geest naar de hemel terug te keren. Ze hadden de kant van de Duivel gekozen, die daardoor „de heerser der demonen” werd. — Mattheüs 9:34.

 

 

9. Wat gebeurde er met de demonen toen ze naar de hemel terugkeerden

en wat zullen we nu bespreken?

 

Toen de ongehoorzame engelen naar de hemel terugkeerden, werden ze verstoten, net als hun heerser, Satan (2 Petrus 2:4). Ze kunnen geen menselijk lichaam meer aannemen, maar ze hebben toch nog steeds een buitengewoon slechte invloed op mensen. Het is zelfs zo dat Satan met de hulp van deze demonen „de gehele bewoonde aarde misleidt” (Openbaring 12:9; 1 Johannes 5:19). Hoe? De demonen maken daarvoor gebruik van allerlei methoden die erop gericht zijn mensen op een dwaalspoor te brengen (2 Korinthiërs 2:11). We zullen nu enkele van die methoden bespreken.

 

 

Wie Christus erkent wordt gered uit de klauwen van Satan

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

HOE DEMONEN MENSEN MISLEIDEN

 

10. Wat is spiritisme?

 

De demonen gebruiken spiritisme om mensen te misleiden. Spiritisme is contact met de demonen, rechtstreeks of via een medium. De bijbel veroordeelt spiritisme en waarschuwt ons er niets mee te maken te hebben (Galaten 5:19-21). Spiritisme is te vergelijken met het aas van een visser. Een visser gebruikt verschillende soorten aas om verschillende soorten vis te vangen. Zo gebruiken boze geesten verschillende vormen van spiritisme om allerlei soorten mensen in hun macht te krijgen.

 

 

11. Wat is waarzeggerij, en waarom moeten we ons er niet mee bezighouden?

 

De demonen gebruiken bijvoorbeeld waarzeggerij als lokmiddel, omdat mensen graag de toekomst willen weten. Enkele vormen van waarzeggerij zijn astrologie, tarotkaarten, kristallen bollen, handlijnkunde en droomuitlegging. Veel mensen denken dat waarzeggerij geen kwaad kan, maar de Bijbel laat zien dat waarzeggers met boze geesten samenwerken. Zo staat in Handelingen 16:16-18 dat „een waarzeggende demon” een meisje in staat stelde „de kunst van het voorspellen te beoefenen”. Maar toen de demon uitgeworpen was, kon ze dat niet meer.

 

 

1) De dierenriem; 2) Een handlezer bestudeert de hand van een vrouw; 3) Een man gebruikt tarotkaarten; 4) Een kristallen bol

De demonen gebruiken allerlei manieren om mensen te bedriegen

 

12. Waarom is het gevaarlijk om contact te zoeken met de doden?

 

Nog een manier waarop de demonen mensen misleiden, is door hen aan te moedigen contact te zoeken met de doden. Mensen die treuren over iemand die ze in de dood verloren hebben, worden vaak misleid door verkeerde ideeën over degenen die gestorven zijn. Een medium vermeldt misschien specifieke details of spreekt met een stem die lijkt op die van de overledene. Als gevolg hiervan raken veel mensen ervan overtuigd dat de doden eigenlijk nog leven en dat contact met hen een hulp zal zijn om hun verdriet te verwerken. Maar dat is geen echte troost; het is bedrog en bovendien gevaarlijk. Waarom? Omdat de demonen de stem van een overledene kunnen nadoen en een medium informatie over hem of haar kunnen geven (1 Samuël 28:3-19). Bovendien zijn de doden, opgehouden te bestaan (Psalm 115:17). „Iemand die de doden ondervraagt” is dus door boze geesten misleid en doet iets wat tegen Gods wil is (Deuteronomium 18:10, 11; Jesaja 8:19). Dit gevaarlijke lokaas dat de demonen gebruiken, moeten we dan ook resoluut verwerpen.

 

 

 

13. Wat is velen die eens bang waren voor de demonen gelukt?

 

Boze geesten misleiden mensen niet alleen, maar ze proberen hen ook bang te maken. Satan en zijn demonen weten dat ze nu nog maar „een korte tijdsperiode” hebben voordat ze uitgeschakeld worden, en ze zijn dan ook wreder dan ooit (Openbaring 12:12, 17). Maar toch hebben duizenden mensen die eens dagelijks in angst voor zulke boze geesten leefden, zich daarvan weten los te maken. Hoe hebben ze dat gedaan? Wat kan iemand doen die zich al bezighoudt met spiritisme?

 

 

HOE WE BOZE GEESTEN KUNNEN WEERSTAAN

 

14. Hoe kunnen we ons net als de eerste-eeuwse christenen

in Efeze van boze geesten bevrijden?

 

De Bijbel vertelt ons hoe we boze geesten kunnen weerstaan en hoe we ons ervan kunnen bevrijden. Laten we het voorbeeld van de eerste-eeuwse christenen in de stad Efeze eens bekijken. Sommigen van hen hadden zich beziggehouden met spiritisme voordat ze christenen werden. Wat deden ze toen ze besloten met het spiritisme te breken? De Bijbel zegt: „Vrij velen van hen die magische kunsten hadden beoefend, brachten hun boeken bijeen en verbrandden ze ten aanschouwen van iedereen” (Handelingen 19:19). Door hun boeken over magie te vernietigen, gaven deze nieuwe christenen een voorbeeld aan degenen die in deze tijd boze geesten willen weerstaan. Mensen die God willen dienen, moeten alles wegdoen wat met spiritisme te maken heeft. Het zou kunnen gaan om boeken, tijdschriften, films, posters en muziek die tot spiritisme aanzetten en het aantrekkelijk en opwindend doen lijken. Ook amuletten en andere dingen die als bescherming tegen het kwaad worden gedragen, moeten worden weggedaan. — 1 Korinthiërs 10:21.

 

 

15. Wat moeten we doen om goddeloze geestenkrachten te weerstaan?

 

Enkele jaren nadat de christenen in Efeze hun boeken over magie hadden vernietigd, schreef de apostel Paulus hun dat ze nog steeds strijd moesten voeren „tegen de goddeloze geestenkrachten” (Efeziërs 6:12). De demonen hadden het niet opgegeven. Ze probeerden hen nog steeds in hun macht te krijgen. Wat moesten die christenen dus nog meer doen? Paulus zei: „Neemt bovenal het grote schild des geloofs op, waarmee gij alle brandende projectielen van de goddeloze [Satan] zult kunnen blussen” (Efeziërs 6:16). Hoe sterker ons „schild des geloofs” is, hoe beter we weerstand kunnen bieden aan boze geesten. — Mattheüs 17:20.

 

 

De wapenuitrusting van God tegen Satan

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

16. Hoe kunnen we ons geloof versterken?

 

Hoe kunnen we ons geloof dan versterken? Door de Bijbel te bestuderen. Hoe sterk een muur is, hangt vooral af van de stevigheid van het fundament. Zo is ook de kracht van ons geloof afhankelijk van de stevigheid van de basis ervan, namelijk nauwkeurige kennis van Gods Woord, de Bijbel. Als we elke dag de Bijbel lezen en bestuderen, zal ons geloof sterk worden. Zo’n geloof zal ons als een sterke muur beschermen tegen de invloed van boze geesten. — 1 Johannes 5:5.

 

 

17. Wat moeten we nog meer doen om boze geesten te weerstaan?

 

Wat moesten die christenen in Efeze nog meer doen? Ze hadden verdere bescherming nodig omdat ze in een stad woonden waar veel demonisme was. Daarom moedigde Paulus hen aan om ’met elke vorm van gebed en smeking bij elke gelegenheid in geest te blijven bidden’ (Efeziërs 6:18). Ook wij leven in een wereld vol demonisme, dus is het heel belangrijk dat we God dringend om zijn bescherming vragen zodat we boze geesten kunnen weerstaan. Natuurlijk moeten we in onze gebeden God’s naam gebruiken (Spreuken 18:10). We moeten God dus blijven vragen of hij ons wil ’bevrijden van de goddeloze’, Satan de Duivel (Mattheüs 6:13). God zal zulke dringende gebeden verhoren. — Psalm 145:19.

 

 

18 Waarom kunnen we zeker zijn van de overwinning in onze strijd tegen boze geesten?

 

Boze geesten zijn gevaarlijk, maar we hoeven niet bang voor ze te zijn zolang we de Duivel weerstaan en dicht tot God naderen door Zijn wil te doen (Jakobus 4:7, 8). De macht van boze geesten is beperkt. In Noachs tijd werden ze gestraft, en in de toekomst zullen ze hun uiteindelijke oordeel krijgen (Judas 6). Denk er ook aan dat we de bescherming hebben van God’s machtige engelen (2 Koningen 6:15-17). Deze engelen willen heel graag dat het ons lukt om boze geesten te weerstaan. De rechtvaardige engelen staan ons als het ware aan te moedigen. Laten we dus dicht bij God en zijn gezin van getrouwe geestelijke schepselen blijven. Laten we ook alle vormen van spiritisme vermijden en altijd de raad uit Gods Woord toepassen (1 Petrus 5:6, 7; 2 Petrus 2:9). Dan kunnen we zeker zijn van de overwinning in onze strijd tegen boze geesten.

.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Boodschap van de Lady Master Maria Magdalena

Standaard

categorie : religie

.

.

ladyportia172

.

Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,

.
voel Mijn armen om u allen heen. Voel Mijn liefde, voel wie Ik Ben. Want voelen en ervaren is belangrijker dan denken en overdenken. Wanneer Ik u vraag: “Wat is liefde?”, proberen velen dit vanuit hun verstand te omschrijven of te benaderen. Maar liefde kunt u niet met uw verstand benaderen. Liefde kunt u zelfs niet met uw verstand omschrijven. Liefde is een gevoel. Alles, totaal, onvoorwaardelijk, een gevoel. En ware liefde is zelfs, wat u noemt, een hoger gevoel.

Want liefde is onvoorwaardelijk. Liefde is vrede. Liefde is vreugde. Liefde is respect. Liefde is harmonie. Liefde is evenwicht. Liefde is mannelijk. Liefde is vrouwelijk. Liefde is alles wat is. Het universum is één en al liefde. Maar veel mensen ervaren deze liefde niet omdat ze juist met hun eigen emoties, hun gedachten en gevoelens overhoop liggen. Omdat ze de ware kracht van liefde dikwijls niet durven ervaren. Want ze is zo hemels mooi dat men op aarde dikwijls bang is dat het te mooi is om waar te zijn. Dat het niet zo kan zijn.

Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,

.
Ik vraag u allen om even terug te gaan naar het moment dat u uw grootste liefde in uw leven voor het eerst in uw armen hield. Voor sommigen is dit een partner, een vriend(in), ouders… Maar velen krijgen dit gevoel vooral wanneer ze hun kind in hun armen houden. Het gevoel dat ouders op dat moment voor dit kindje hebben, is onvoorwaardelijk. Het is zelfs overheersend, als het ware. Het mooiste wat er is. Het is pure liefde van ziel tot ziel.

Het is pure liefde van mens tot mens. Maar dit gevoel blijft dikwijls niet duren. Waarom? Omdat angst komt binnensluipen. Op aarde en vanuit het mens-zijn is men dikwijls zo bang om te lijden, bang om te verliezen, bang voor verdriet, bang voor teleurstelling… En geloof Mij, Mijn geliefde zusters en broeders, angst is de grootste sluipende emotie die er is want ze tast zelfs deze prachtige onvoorwaardelijke liefde van ziel tot ziel, van meester-zijn tot meester-zijn in het mensenleven aan.

Want de ouders worden bang dat hun kindje iets zal overkomen. Ouders worden bang dat hun kind niet gelukkig zal zijn, dat ze het niet goed genoeg doen en zo verder. En zo bouwt men om iets wat zo mooi en onvoorwaardelijk is een web dat zoveel lijden teweegbrengt.

Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,

.
om het lijden te stoppen, is het belangrijk dat men oorzaak en gevolg durft zien. Dat men de eigen angst dus onder ogen durft zien. Want het is dikwijls de angst die een raadgever speelt in het leven maar u juist de grootste illusies voor ogen houdt. Het is dikwijls de angst om te leven, de angst om te verliezen die mensen enorm tegenhoudt in het mooiste geschenk wat er op aarde aanwezig is, namelijk liefde. Dit gevoel, dit allesoverheersende gevoel van liefde. Toch zijn er zeer vele mensen die zichzelf dit gevoel ontzeggen. Het niet kunnen vasthouden, juist omwille van de angst en de emoties en gedachten die angst voortbrengt.

Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,

.
al zolang de mensheid en de aarde bestaan, al zolang andere planeten en leven bestaan, bestaat het uit de zoektocht terug naar huis. De zoektocht naar het meester-zijn. De zoektocht naar het eigen licht. De zoektocht naar de eigen tweelingziel. En deze zoektocht is belangrijk. En om deze zoektocht te helpen voltooien, schenk Ik u allen de volgende energieën. Want het is belangrijk dat u in uzelf op zoek durft te gaan. Maar ook dat u liefdevol bent naar uzelf toe want hier ontbreekt het dikwijls aan. Aan voldoende zelfliefde. Er is egoïsme, er is zelfzucht.

Maar zelfliefde komt slechts weinig in een evenwichtige vorm voor. Toch is dit belangrijk. Ik ga u vragen om uw schuld- en schaamtegevoelens los te laten want ze brengen u zoveel verdriet. Ze maken dat u werkelijk lijdt in het leven. Ze maken dat er zoveel op aarde bestaat dat er niet hoeft te bestaan. Want wanneer u beseft dat u allen als het ware een onrustige heen-en-weer springende geest hebt, wordt het voor u eenvoudiger om te begrijpen dat u dikwijls in het leven van de ene tak naar de andere zult springen.

Dat u werkelijk van de hak op de tak springt. Dat er zoveel aanwezig is in het leven. Het is belangrijk om dit alles tot rust te brengen. Want wanneer u in de oase van rust komt, krijgt u een objectief overzicht. Want in de oase van rust in uw leven komt u in een sterk intuïtief contact met uw eigen ziel. En hoe sterker dit intuïtief contact, hoe sterker ook de verbinding met uw eigen Hoger-Zijn, het meester-zijn dat u allen werkelijk bent.

Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,

.
veel van de angsten die de mensheid belemmeren, komen voort uit zaken die men zelf niet in de hand denkt te hebben. Maar eigenlijk komt het ook vooral voort uit het feit dat men bepaalde zaken zo moeilijk kan aanvaarden. Ziekte, ouderdom, dood. Het zijn dikwijls zaken die men vanuit het mens-zijn moeilijk kan begrijpen of kan aanvaarden. En het is dit niet aanvaarden van bepaalde zaken die de lijdensweg nog groter maken. Want in het universum vanuit het leven van de Meester en het bewustzijn van de Meester is alles in evenwicht, is alles perfect.

Maar het Meesterlijk Zijn durft ook aanvaarden dat bepaalde zaken zich zullen voordoen in het leven. Dit om juist een nieuwe weg te tonen, dit om nieuwe kansen te creëren. Want een mens wiens leven goed gaat, heeft geen behoefte aan verandering. Zelfs niet als het een verbetering zou zijn. Men heeft dan de neiging om stil te blijven zitten en als het ware ter plaatse te blijven staan of in slaap te vallen. Maar dit is niet de bedoeling van de evolutie. Vandaar dan ook dat men regelmatig eens wakker wordt geschud.

Maar u gaat merken dat wanneer u bepaalde zaken durft aanvaarden in uw leven dat u vandaar uit weer kunt opbouwen. Er zijn vele ziektes die genezen kunnen worden. Sommigen niet. Maar in deze tijd zijn er werkelijk zeer veel mogelijkheden. Wanneer men durft zien en aanvaarden dat dood enkel intreedt wanneer de ziel ervoor kiest, is het verdriet omwille van het gemis nog aanwezig maar niet meer zozeer de strijd met het leven zelf. Want het hoort bij elkaar. Wanneer men vecht tegen ouderdom, zal men des te meer lijden onder ouderdom.

Want het hoort bij het leven. Maar wanneer men dit aanvaardt, wanneer men de mooie herinneringen koestert, wanneer men trots is op de eerste lijntjes en rimpels omdat het juist levensvreugde en levenservaring uitstraalt, zult u merken dat het lichaam en de geest hier anders op reageren. Wanneer u hierin een andere visie durft aannemen, wanneer u bepaalde zaken durft loslaten en anders durft te bekijken, zult u merken dat het eenvoudiger wordt. Want weet dat wat op aarde aanwezig is, is aanwezig om iedereen naar een staat van meesterlijk bewustzijn te brengen.

Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,

.
het jaar, het legendarische jaar 2012  is het einde van een cyclus en tezelfdertijd een nieuw begin. Wees hierover in vreugde want velen voelen in deze tijd een groot verdriet. Maar dit verdriet is niet nodig. Ik vraag u om het lijden voor uzelf te beëindigen. En Ik zal een sluier oplichten zodanig dat het voor u makkelijker wordt om de energieën in deze tijd te begrijpen. U kent Mij dikwijls in Mijn eigenheid en in Mijn Zijn als Maria Magdalena. Wij waren een grote familie. Wij waren werkelijk een grote gemeenschap met vele leraren, met vele leerlingen maar vooral met vele zielen die elkaar werkelijk liefhebben.

Vele zielen die deze staat van vrede, vreugde, harmonie en het meesterlijk bewustzijn konden voelen en konden ervaren. Door de tijd heen zijn er nog vele gemeenschappen in kleinere vorm bijeen geweest, hebben samengeleefd, samen opgebouwd. Maar in deze tijd waarin vele zielen aan het ontwaken zijn, voelen ook velen het verlangen. Het verlangen dat soms pijn doet. Het verlangen dat het gemis aan die oude tijd, aan die oude vrienden, aan die oude gemeenschappen weer naar boven laat komen. U zou het kunnen ervaren als een gemis en een verdriet van de ziel, hoewel dit niet helemaal waar is.

Maar zo ervaren zeer vele zielen en mensen dit. Maar weet, Mijn geliefde broeders en zusters, dit verdriet, dit gemis maakt deze mensen die dit sterk voelen ook juist bijzonder sterk. Want zij gaan op zoek. Zij gaan op zoek naar hun zielenbroeders, zielenzusters. Ze gaan op zoek naar hun zielsverwanten, maar ook, ze gaan op zoek naar Ons. Ze leren Ons weer kennen in de hoedanigheid van Ascended Masters, als Lichtwezens. Ze leren Ons kennen in de hoedanigheid van Broeders en Zusters. Ze leren Ons kennen in de hoedanigheid van wie Wij zijn.

Maar weet dan ook dat het belangrijk is, zeker naar de toekomst toe, dat men terug beseft dat gemeenschappen weer samen kunnen komen. Dat Onze dimensie niet veraf is. Dat Wij geen buitenaardse dimensie zijn. Wij zijn zeer, zeer dichtbij. Dicht bij u allemaal. En hoe meer u allen ontwaakt in dit verlangen, hoe meer u allemaal bewust wordt van dit verlangen dat bij sommigen werkelijk verdriet of gemis kan veroorzaken. Weet dat het gemis en het verdriet zal verdwijnen op de dag dat u zich werkelijk overgeeft aan Onze energieën.

Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,

.
deze uitnodiging richten Wij naar u allen en Wij weten dat u Ons ook uitnodigt op de aarde en dit is belangrijk want deze uitnodigingen worden aanvaard, ze worden geaccepteerd. En Ik vraag u om niet in een onrealistisch sprookje te stappen maar blijf goed in uw eigen leven aanwezig. Want weet dat velen bepaalde verwachtingen hebben die de eerstkomende jaren nog niet ingevuld zullen worden. Er dient nog zeer veel te gebeuren op aarde en er staan nog zeer turbulente tijden voor de deur.

Want de aarde gaat werkelijk zeer snel in haar trilling, de energie wordt enorm snel verhoogd en bepaalde zaken dienen werkelijk eerst terug te worden afgebroken alvorens ze weer volledig opnieuw worden opgebouwd. Maar Mijn geliefde broeders en zusters, de deur naar het eigen meesterschap staat in deze tijd werkelijk wagenwijd open. In de energieën die er nu zijn, is het veel eenvoudiger om uw eigen meester te ontmoeten.

Niet enkel de Meester die u begeleidt, niet enkel de gids die u begeleidt maar wel wie u bent. Wie u bent in werkelijkheid, in uw waarheid. U mag het verlangen, het gemis gaan invullen en op die manier deel uitmaken van Onze wereld. Werelden die samen horen, samen zullen zijn omdat zij altijd samen hebben bestaan.

Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,

.
de mensheid komt uit een tijd van individualisatie en mag nu terug groeien naar een tijd van eenheid. Maar het terug op aarde brengen van de eenheid vraagt soms werkelijk barensweeën. Maar denk aan de moeder die haar kind baart. Denk aan de vader die voor het kind zorgt. Zij hebben dit kind werkelijk onvoorwaardelijk lief. Het is een nieuw leven, het is een nieuw geluk. Het zijn nieuwe kansen. Het is de hoop voor de toekomst. Het is de hoop van het heden.

Ook in uw wereld is dit op dit moment aan het gebeuren. De aarde raakt zwanger, ze baart als het ware nieuw leven, nieuw leven in eenheid en het is belangrijk om in vertrouwen te zijn, niet in de angst dat de liefde of het liefdevolle gevoel niet blijft duren. Maar ga juist in het vertrouwen. Ontvang dit nieuwe leven, het nieuwe leven in eenheid.

Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,

.
een van de grootste uitdagingen voor de mensheid in deze tijd vraagt juist flexibiliteit. Velen zijn als het ware vastgeroest in gewoonten. Maar hier en nu zal gevraagd worden dat gewoonten worden veranderd. Want bepaalde gewoonten waren goed tot op heden maar mogen naar de toekomst toe werkelijk veranderen. Het zal van de mensheid als geheel en als individu zeer veel flexibiliteit vragen. Maar wanneer u klaar bent om zoals eerder vermeld bepaalde angsten los te laten, om voor uzelf de lijdensweg te stoppen en om te zeggen: “Ik aanvaard de dingen zoals ze zijn, het is goed”, dan kunt u van hieruit opnieuw opbouwen.

Dan kunt u zelf uw leven gaan sturen en creëren en zult u merken dat zeer vele energieën juist in balans komen. Want zij die flexibel in het leven staan, zij die durven loslaten wat losgelaten mag worden, zij die durven vasthouden wat belangrijk is om voor te vechten, zullen ook langer in de vorm flexibeler kunnen zijn. Het één hangt samen met het andere. Maar weet, het is juist een boeiende en een zeer mooie tijd. Verheug u in deze tijd. Kijk voor uzelf, wanneer u uw blik naar het verleden richt en u zegt: “Dat zou ik nooit meer doen, daar zou ik nooit meer aan willen beginnen”, kijk dan hier en nu waarom u het hier en nu toch nog zo dikwijls doet.

Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,

.
u zult merken dat de energieën van zowel de herfst- als de lente-equinox zeer bijzondere energieën zijn. Het zijn energieën die u de kans geven om oude gewoonten werkelijk achter u te laten. Maak voor uzelf de keuze. Kom in uw daadkracht.

Mijn geliefde zusters, Mijn geliefde broeders,

.
u gaat zich meer en meer realiseren waartoe de mensheid in staat is. Hierover zal steeds meer geschreven worden. Hierover zal steeds meer naar voor worden gebracht. Niet als sprookjes. Niet als sciencefiction verhalen,  hoewel het voor sommigen soms moeilijk te begrijpen is. De verhalen over Mijn geliefde tweelingbroeder, over Mijn geliefde tweelingziel Jesus zijn in de Bijbel opgetekend. Vele van deze verhalen zijn werkelijk waar, dit met name de handelingen waartoe Hij in staat was. Maar deze handelingen waren niet enkel voor Mijn geliefde tweelingbroeder bestemd.

Velen van Ons konden deze handelingen stellen. Velen van ons konden de geest zodanig beheersen dat zij in staat waren tot grootse dingen. Dat wat vanuit mensenogen groots wordt genoemd. Het helen, bepaalde zaken tot stand brengen, het manifesteren en het precipiteren: het zijn allemaal zaken die tot de eigenheid van de mensheid behoren en dit vanuit eigen meesterschap. Men zal hier meer en meer naartoe gaan groeien. Maar u begrijpt dat vooraleer de mensheid deze sleutel krijgt men eerst in het eigen meester-zijn dient te komen.

Dat men in het eigen leven de emoties en gedachten leert controleren, dat men de geest leert beheersen en dat men de eigen geesteskracht leert manifesteren. Zo begint men met kleine stukjes het eigen leven te manifesteren. Verander uw gevoelens en gedachten. Verander uw visie en u zult merken dat u in een opener bewustzijn komt, een bewustzijn waarin alles mogelijk is maar vooral een bewustzijn dat uit liefde bestaat.

Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,

.
liefde uitdrukken in woorden Is onmogelijk. Liefde uitdrukken met het verstand is onmogelijk. Liefde uitdrukken vanuit kennis is onmogelijk. Liefde kunt u enkel laten zien, voelen en ervaren vanuit uw hart. Liefde ervaart men vanuit het eigen Hoger-Zijn in de vorm. Liefde ervaart men, liefde is wat men is. Liefde is werkelijk zijn. Het is een meesterlijke staat van zijn en liefde is onvoorwaardelijk.

Mijn geliefde zusters, Mijn geliefde broeders,

.
voel Mijn armen om u allen heen. Voel Mijn liefde voor u allen. Weet dat velen van u zullen ontwaken vanuit hun ziel. Dat ze Mij weer zullen herkennen in de hoedanigheid van wie Ik Ben, in de hoedanigheid van wie Ik was want velen van u kennen Mij werkelijk. Velen van u kennen Mijn eigenheid maar vooral ook velen van u verlangen naar Mij, missen Onze liefde. Maar weet dat dit verlangen en dit gemis opgelost mag worden want u komt dichter en dichter bij uw eigen kern van zijn en in uw eigen kern van zijn bestaan wij allemaal in eenheid.

Mijn geliefde broeders, Mijn geliefde zusters,

.
voel Mij werkelijk naast u staan als uw aller Zuster in onvoorwaardelijke liefde Maria Magdalena.

.

.

voorpagina openbaring a4

.

3d-gouden-pijl-5271528

preview en aankoop boek “De Openbaring “:

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

De 5 oordelen over Lucifer

Standaard

categorie : religie

.

.

Lucifer, de satan met symbool 666. Deels reeds geïncarneerd in de antichrist

Lucifer, de satan met symbool 666. Deels reeds geïncarneerd in de antichrist.

Pasteltekening van John Astria

.

.

1. Opstand en val van Lucifer

.

Jesaja 14: 5-15

De Here heeft de stok der goddelozen verbroken, de scepter der heersers, die in verbolgenheid zonder ophouden natiën sloeg, die in toorn volken vertrad in meedogenloze vervolging. De gehele aarde heeft rust, is stil; men breekt uit in gejubel; zelfs de cypressen verheugen zich over u, de ceders van de Libanon: Sinds gij neerligt, klimt niemand naar ons op om ons te vellen.
Het dodenrijk beneden is over u in beroering om u bij uw komst te ontmoeten; het wekt de schimmen voor u op, al de bokken der aarde; het doet alle koningen der volken van hun tronen opstaan. 10 Zij allen vangen aan tot u te zeggen: Ook gij zijt krachteloos geworden als wij, gij zijt aan ons gelijk geworden; 11 uw trots is in het dodenrijk neergeworpen, de klank uwer harpen; het gewormte ligt onder u gespreid en maden zijn uw bedekking.
12 Hoe zijt gij uit de hemel gevallen, gij morgenster, zoon des dageraads; hoe zijt gij ter aarde geveld, overweldiger der volken! 13 En gij overlegdet nog wel: Ik zal ten hemel opstijgen, boven de sterren Gods mijn troon oprichten en zetelen op de berg der samenkomst ver in het noorden; 14 ik wil opstijgen boven de hoogten der wolken, mij aan de Allerhoogste gelijkstellen. 15 Integendeel, in het dodenrijk wordt gij neergeworpen, in het diepste der groeve.
.
.
Ezechiël 28
Het woord des Heren kwam tot mij: Mensenkind, zeg tot de vorst van Tyrus ( Lucifer ): zo zegt de Here Here: omdat uw hart hoogmoedig geworden is en gij zegt: ik ben een god, een godenwoning bewoon ik midden in zee, – terwijl gij een mens zijt en geen god – en gij in uw hart uzelf gelijkstelt met een god; voorzeker, gij zijt wijzer dan Daniël, geen geheim is voor u verborgen;
door uw wijsheid en uw inzicht hebt gij u een vermogen verworven en goud en zilver verzameld in uw schatkamers; door uw wijs beleid bij de handel hebt gij uw vermogen vermeerderd, en uw hart is trots geworden op uw vermogen. Daarom, zo zegt de Here Here, omdat gij in uw hart uzelf gelijkgesteld hebt met een god, daarom, zie, Ik breng vreemdelingen over u, de gewelddadigste der volken; die zullen hun zwaarden trekken tegen de luister van uw wijsheid en uw glans ontwijden. 
In de groeve zullen zij u doen neerdalen, gij zult de bittere dood der gesneuvelden sterven, midden in zee. Zult gij dan nog zeggen: ik ben een god – terwijl gij een mens zijt en geen god – als gij staat tegenover hem die u doodt en in de macht zijt van wie u neerslaan? 10 De dood der onbesnedenen zult gij sterven door de hand van vreemdelingen, want Ik heb het gesproken, luidt het woord van de Here Here.
.
.

2. Lucifer verslagen door het kruis

.

Kolossenzen 2: 13-15

13 Eerst waren jullie geestelijk dood. Dat kwam doordat jullie ongehoorzaam aan God waren en niet bij zijn volk hoorden. Maar nu heeft Hij jullie samen met Christus geestelijk levend gemaakt, toen Hij al jullie schuld vergaf. 14 Hoe vergaf Hij onze schuld? Door het bewijsmateriaal uit te wissen! Hij heeft namelijk de wet van Mozes, die bewees dat we schuldig waren, aan het kruis gespijkerd. 15 We waren ongehoorzaam doordat het kwaad macht over ons had. Maar nu heeft Hij aan het kruis het kwaad ontwapend, overwonnen en voor iedereen te kijk gezet.

.

.

Het einde van de draak (666) door het kruis

Pasteltekening van John Astria

.

3. Lucifer naar de aarde geworpen

.

Openbaring 12: 9-10

9 En de grote draak is geworpen, namelijk de oude slang, welke genaamd wordt duivel en satanas, die de gehele wereld verleidt, hij is, zeg ik, geworpen op de aarde; en zijn engelen zijn met hem geworpen.
10 En ik hoorde een grote stem, zeggende in den hemel: Nu is de zaligheid, en de kracht, en het koninkrijk geworden onzes Gods; en de macht van Zijn Christus; want de verklager onzer broederen, die hen verklaagde voor onzen God dag en nacht is nedergeworpen.
.
.

4. Lucifer verbannen voor 1000 jaar

.

 Openbaring 20: 1-3

“En ik zag een Engel neerdalen uit de hemel met de sleutel van de afgrond en een grote ketting in zijn hand. En Hij greep de draak, de oude slang, dat is de duivel en de satan, en bond hem voor 1000 jaar, en wierp hem in de afgrond, en sloot hem daarin op en verzegelde die boven hem, opdat hij de volken niet meer zou misleiden, totdat de 1000 jaar tot een einde gekomen zouden zijn. En daarna moet hij een korte tijd worden losgelaten.”

.

.5. Lucifer in de vuurpoel

.

Openbaring 20: 10

10 En de duivel, die hen verleidde, werd geworpen in den poel des vuurs en sulfers, alwaar het beest en de valse profeet zijn; en zij zullen gepijnigd worden dag en nacht in alle eeuwigheid.

.

.

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

voorpagina openbaring a4

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

JOHN ASTRIA

HEBREEËN 9:27-28

Standaard

Categorie: religie

 

 

De mens in geloof

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

HEBREEËN 9: 27-28

 

27 De mensen sterven éénmaal, en worden dan geoordeeld. 28 Zo is ook Christus éénmaal gestorven. Hij heeft Zichzelf éénmaal geofferd om de straf voor de ongehoorzaamheid van de mensen op Zich te nemen. Als Hij voor de tweede keer komt, komt Hij niet meer om Zichzelf voor onze ongehoorzaamheid te offeren. Dan komt Hij om de mensen die op Hem vertrouwen voor hun redding, helemaal te bevrijden.

 

Het is algemeen bekend dat ieder mens eens moet sterven. Maar weet u ook dat alleen de Bijbel ons vertelt (namelijk in Romeinen 5) waarom alle mensen moeten sterven? De Bijbel zegt ons dat de zonde van de eerste mens de dood in de wereld heeft gebracht.  Dus geen enkele mens kan aan de dood ontkomen.

Na de dood volgt het oordeel van God! Het heeft geen enkele zin dit te ontkennen. Ook al laten mensen zich verbranden in de veronderstelling van oosterse leringen, dat ze daarna weer een ander lichaam krijgen – geen mens kan van nature ontkomen aan het oordeel van God. Zijn Woord is de waarheid, en elke mens zal slechts éénmaal sterven, dus niet meer dan eens. En daarna komt het oordeel.

God heeft een grote afkeer van de zonde, en Hij zal Zijn oordeel over de zonde uitoefenen in overeenstemming met Zijn eigen heiligheid. Het is onmogelijk God om te kopen. Maar als het dus waar is dat niemand ontkomt aan de dood – is er dan geen mogelijkheid te ontkomen aan het oordeel van God? Ja, God zij dank! Dat is mogelijk door de Heer Jezus Christus, de Redder van zondaren. Wanneer iemand zijn zonden voor God belijdt en vervolgens gelooft dat de Heer Jezus ook voor hem het oordeel heeft gedragen, dan komt hij of zij niet in het oordeel. Want de Bijbel zegt:

“Die in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld, maar die niet gelooft, is alreeds veroordeeld, omdat hij niet heeft geloofd in de Naam van de eniggeboren Zoon van God” (Johannes 3:18).

 

We moeten vooral ook niet vergeten wat er ná vers 27 staat:

Christus is eenmaal geofferd. Zijn offer is eenmalig en uniek, net zoals het sterven van mensen eenmalig is. Dit offer kan en zal nooit herhaald worden, omdat God, Die heilig is, eens en voor altijd genoegdoening heeft gekregen door dit offer. God heeft dat bevestigd door Christus op te wekken uit de doden. Christus is geofferd om de zonden van velen weg te nemen. Wie zijn deze “velen”? Het zijn die mensen die Hem in hun leven hun zonden hebben beleden en hebben geloofd dat Hij in hun plaats voor hen heeft geleden en is gestorven.

Deze ‘velen’ zijn dus de kinderen van God. Het oordeel dat zij evenals alle anderen verdiend hadden, heeft Christus gedragen. Daarom kunnen christenen Hem nu met een gelukkig hart verwachten. Christus komt nog een keer. Dan zullen de Zijnen Hem zien. Hij verschijnt dan “zonder zonde”, dat wil zeggen dat deze komst niets meer met de zonde te maken heeft. Bij Zijn eerste komst heeft Christus de zonden van de Zijnen gedragen en daarmee de vraag van de zonde opgelost tot volle tevredenheid van God. Daarom komt deze vraag niet meer ter sprake bij Zijn tweede komst.

Het verschil tussen de mensen uit vers 27 en de gelovigen uit vers 28 is dus heel diepgaand. De ene groep staat het oordeel te wachten, de anderen verwachten Christus, hun Heiland. We hopen dat u bij de laatste groep hoort en blij naar uw Redder uitziet.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Gods beloften in de Bijbel : deel 12 en 13

Standaard

categorie : religie

 

 

De beloften van God

 

Welke zijn voor mij?

 

Zijn er manieren om erachter te komen welke beloften van God voor ons vandaag gelden? Er staan honderden beloften in de Bijbel. Hoe kunnen we weten welke algemene beloften voor ons allemaal gelden, en welke specifieke beloften voor een specifiek persoon zijn?

 

1 Johannes 1:9 is een geweldig voorbeeld van een algemene belofte: “Maar als we het aan God vertellen als we verkeerd hebben gedaan en Hem om vergeving vragen, dan vergeeft Hij ons. Dan wast Hij ons weer schoon van elke ongehoorzaamheid, zoals Hij heeft beloofd.”

 

Deze belofte is een algemene belofte aan alle gelovigen. Een voorbeeld van een meer specifieke belofte staat in 1 Koningen 9:5, waar wordt geschreven aan Koning Salomo: “… dan zal Ik ervoor zorgen dat altijd één van jouw zonen koning van Israël zal zijn.”Door de context te bestuderen is het duidelijk dat de belofte gedaan wordt aan koning Salomo.

 

 

 

 

Richtlijnen om te onthouden:

 

    • – Bestudeer de context.

 

    • – Is het een voorwaardelijke belofte? Kijk of het woord ‘als’ in de context staat.

 

    • – God geeft ons beloften om ons te helpen ons te onderwerpen aan Zijn wil; niet om Zichzelf te buigen naar onze wil.

 

             – Ga er niet van uit dat je kunt weten wanneer de belofte vervuld zal worden.

 

.

Welke zijn er zoal?

 

Hieronder staan enkele beloften die te maken hebben met het dagelijkse leven van een christen:

 

Matteüs 11:28-29 – “Kom naar Mij als je moe bent. Kom naar Mij als je gebogen gaat onder het gewicht van je problemen! Ik zal je rust geven. Doe wat Ik je zeg. Leer van Mij. Want Ik ben vriendelijk en geduldig en bescheiden. Daarom zul je bij Mij innerlijke rust vinden.”

 

 

Filippenzen 4:19 – “Mijn God zal jullie in alles overvloedig geven wat jullie nodig hebben. Want Hij geeft overvloedig omdat Hij Zelf overvloedig bezit. Hij geeft ons in Jezus Christus van zijn rijkdom.”

 

 

Romeinen 10:9 – “Want als je met je mond hardop zegt dat Jezus de Heer is, en met je hart gelooft dat God Hem uit de dood heeft teruggeroepen en levend heeft gemaakt, ben je gered.”

 

 

Romeinen 6:23 – “Het kwaad brengt altijd de dood: het is je loon voor wat je hebt gedaan. Maar de liefdevolle goedheid van God geeft een geschenk: het eeuwige leven, door onze Heer Jezus Christus.”

 

 

1 Korintiërs 10:13 – “Maar als je in de verleiding komt om iets verkeerds te doen, bedenk dan dit. Geen één verleiding is zó groot, dat je er niet tegenop zou kunnen. Want God laat je nooit in de steek. Hij zal niet toestaan dat je het zó moeilijk krijgt, dat je het niet meer aankan. Want Hij zal, als er verleidingen komen, ook voor de oplossing zorgen. Daardoor zul je sterk genoeg zijn om de juiste beslissingen te nemen.”

 

 

Johannes 10:10 – “Maar een dief komt alleen maar om te stelen en te doden en te vernietigen. Ik ben gekomen om leven te geven en overvloed.”

 

 

1 Johannes 1:9 – “Maar als we het aan God vertellen als we verkeerd hebben gedaan en Hem om vergeving vragen, dan vergeeft Hij ons. Dan wast Hij ons weer schoon van elke ongehoorzaamheid, zoals Hij heeft beloofd.”

 

 

 

 

 

Waarom zijn ze belangrijk?

 

De beloften van God zijn een gesproken of geschreven toezegging. Als God zegt dat Hij iets zal doen, dan doet Hij het ook. Als God zegt dat Hij iets niet zal doen, dan houdt Hij zich ook daar aan. Jozua 21:45 zegt: “Alles wat de Heer aan het volk Israël had beloofd, heeft Hij ook gedaan. Er is niets wat Hij niet gedaan heeft.”

 

 

God doet twee soorten beloften

 

De onvoorwaardelijke beloften – Dit zijn beloften die gedaan worden zonder enige voorwaarde.

De voorwaardelijke beloften – Deze soort beloften houden bepaalde kwalificaties of vereisten in. Daarom is het belangrijk om de context van een belofte te begrijpen. Het is niet verstandig om er zomaar een belofte uit te pikken en die ons toe te eigenen. Misschien was dat juist een voorwaardelijke belofte en kunnen we niet aan de eisen voldoen.

 

 

 

 

 

 

12 Gods beloften voor redding en bevrijding 

 

 

Psalm 7: 11 Mijn schild is bij God, die de oprechten van hart verlost.

 

 

Ps.20:3 De Here antwoorde u ten dage der benauwdheid, de naam van Jakobs God make u onaantastbaar.

 

 

Ps.34:18 Roepen zij, dan hoort de Here, en Hij redt hen uit al hun benauwdheden. 19 De Here is nabij de gebrokenen van hart en Hij verlost de verslagenen van geest. 20 Talrijk zijn de rampen van de rechtvaardige, maar uit die alle redt hem de Here.

 

 

Ps.50:15 roep Mij aan ten dage der benauwdheid, Ik zal u redden en gij zult Mij eren.

 

 

Ps.49:16 Maar God zal mijn leven verlossen uit de macht van het dodenrijk, want Hij zal mij opnemen.

 

 

Ps.54:6 Zie, God is mij een helper, de Here is het, die mij schraagt omdat Hij mij gered heeft uit alle benauwdheid, zodat mijn oog met vreugde op mijn vijanden zag.

 

 

Ps.68:20 Geprezen zij de Here. Dag aan dag draagt Hij ons; die God is ons heil. God is een God van reddingen, bij de Here Here zijn uitkomsten tegen de dood.

 

 

Ps.120:1 In mijn angst heb ik tot de Here geroepen en Hij heeft mij geantwoord.  Here, red mij van de leugenlippen, van de bedrieglijke tong.

 

 

Ps.85:10 Waarlijk, zijn heil is nabij hen die Hem vrezen.

 

 

Ps.130:7 Israël hope op de Here, want bij de Here is goedertierenheid, bij Hem is veel verlossing.

 

 

Ps.145:19 Hij vervult de wens van wie Hem vrezen, Hij hoort hun hulpgeroep en verlost hen.

 

 

Luc.21:34 Ziet toe op uzelf, dat uw hart nimmer bezwaard worde door roes en dronkenschap en zorgen voor levensonderhoud, en die dag niet plotseling over u kome, als een strik. 35 Want hij zal komen over allen, die gezeten zijn op het oppervlak der ganse aarde. 36 Waakt te allen tijde, biddende, dat gij in staat moogt wezen te ontkomen aan alles wat geschieden zal, en gesteld te worden voor het aangezicht van de Zoon des mensen.

 

 

Joh.8:32 en gij zult de waarheid verstaan, en de waarheid zal u vrijmaken. Jezus antwoordde hun: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, een ieder, die de zonde doet, is een slaaf der zonde. En de slaaf blijft niet eeuwig in het huis, de zoon blijft er eeuwig. 36 Wanneer dan de Zoon u vrijgemaakt heeft, zult gij werkelijk vrij zijn.

 

 

2 Kor.1:10 En Hij heeft ons uit zulk een groot doodsgevaar verlost en zal ons verlossen: op Hem hebben wij onze hoop gevestigd, dat Hij ons ook verder verlossen zal.

 

 

Tim.3:11 vervolgingen en lijden, zoals mij getroffen hebben te Antiochië, te Ikonium en te Lystra. Al die vervol- gingen heb ik doorstaan en de Here heeft mij uit alle gered.

 

 

2 Tim.4:18 En de Here zal mij verlossen van alle boos werk, en bewaren tot Zijn hemels Koninkrijk; De welken zij de heerlijkheid in alle eeuwigheid. Amen.

 

 

Titus 2:14 die Zich voor ons heeft gegeven om ons vrij te maken van alle ongerechtigheid, en voor Zich te reinigen een eigen volk, volijverig in goede werken.

 

 

 

13 Gods beloften voor leiding op onze weg 

 

Ps. 25:9 Ootmoedigen doet Hij wandelen in het recht, en Hij leert ootmoedigen zijn weg. 12 Wie is de man die de Here vreest? Hij onderwijst hem aangaande de weg die hij moet kiezen.

 

 

Ps.32:8 Ik leer en onderwijs u aangaande de weg die gij gaan moet; Ik raad u; mijn oog is op u.

 

 

Ps.119:105 Uw woord is een lamp voor mijn voet en een licht op mijn pad.

 

 

Spr.3:5 Vertrouw op de Here met uw ganse hart en steun op uw eigen inzicht niet. 6 Ken Hem in al uw wegen, dan zal Hij uw paden recht  maken.

 

 

Joh.16:13 doch wanneer Hij komt, de Geest der waarheid, zal Hij u de weg wijzen tot de volle waarheid.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

De oorsprong van demonen

Standaard

Categorie : religie

 

 

Satan, de opperbevelhebber van de demonen

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

De oorsprong van demonen

 

In Genesis 6:2 wordt gesproken over de ‘zonen Gods’. De Septuaginta vertaalt hier in het Hebreeuws voor ‘zonen Gods’ met het Griekse woord voor engelen. De Hebreeuwse term ‘zonen Gods’ komt zes maal in het Oude Testament voor:

* 2x in Genesis – Hs. 6: 2 en 4;
* 3x in het boek Job – Hs. 1:6, 2:1 en 38:7, waar het heel duidelijk betrekking heeft op engelen;
* 1x in Daniel – Hs. 3:25 in het enkelvoud, waar koning Nebukadnezar tot zijn ontzetting constateert, dat er geen drie, maar vier mannen wandelen in de brandende oven. Het uiterlijk van de vierde geleek op dat van een zoon der goden.

Dat de zonen Gods van Genesis 6:2 engelen waren, wordt in het Nieuwe Testament bevestigd door 1 Pet. 2:4-5 en Judas, vers 6:

“…en dat Hij engelen, die aan hun oorsprong ontrouw werden en hun eigen woning verlieten, voor het oordeel van de grote dag met eeuwige banden onder donkerheid heeft bewaard gehouden; zoals Sodom en Gomorra en de steden in hun nabijheid, die op gelijke wijze als genen haar hoererij hebben botgevierd en ander vlees achternagelopen zijn, daar liggen als voorbeeld, onder een straf van eeuwig vuur.”

 

Judas laat in zijn brief (geheel in lijn met Gen. 6:1-4) zien, dat de engelen hun oorsprong ontrouw werden en dat zij ander (menselijk) vlees achterna liepen. Zij vierden hun hoererij bot op dezelfde wijze als Sodom en Gomorra. Deze engelen werden hun oorsprong ontrouw, ja, zij verlieten hun eigen woning. Het woord voor ‘woning’ komt slechts twee keer in de Bijbel voor. Hier in Judas, vers 6 en in 2 Korinthe 5, vers 2:

“Want wij weten, dat, indien de aardse tent, waarin wij wonen, wordt afgebroken, wij een gebouw van God hebben, in de hemelen, niet met handen gemaakt; een eeuwig huis. Want hierom zuchten wij: wij haken ernaar met onze woonstede uit de hemel overkleed te worden, als wij maar bekleed, en niet naakt, zullen bevonden worden.”

 

Deze tekst leert ons, wat Judas precies bedoelde. Deze ‘eigen woning’ was geen gebouwd huis ergens in de hemel, maar een woonstede in de betekenis van 2 Korinthe 5:2. Het was een geestelijk lichaam, behorende tot lichamen van een hogere orde dan de aardse lichamen, die Paulus hier vergelijkt met een aardse tent. Paulus verlangt hier in 2 Korinthe 5:2-3 met zo’n geestelijk lichaam overkleed te worden.

Het was Bullinger die aantoonde dat de engelen, en dus ook de zonen Gods van Genesis 6, hun geestelijke woning, hun lichaam, verlieten. Zij materialiseerden zich op aarde, werden aards, om zo seksuele omgang met de dochters der mensen te kunnen hebben. Vrijwillig verlieten deze engelachtige wezens hun geestelijk lichaam en gaven al de privileges en kenmerken op die aan deze hogere lichamen verbonden zijn. Zij gebruikten hun intrinsieke macht om te materialiseren en zich hierna op ongerijmde wijze te verenigen met de vrouwen op aarde.

Uit de verbintenis tussen deze engelen en de dochters der mensen kwamen de Gibbor, de geweldigen, de machtigen, voort: ‘mannen van naam’. Het was een geslacht van reuzen, van half-goden: half engel, half mens.
De Griekse mythologie vertelt uitvoerig, hoe de ‘zonen Gods’ Zeus en de goden van de Olympus zich op aarde gedroegen. Zij worden afgeschilderd als wezens belust op seks en genot. Met name Zeus gaat de andere goden hierin voor . Zijn seksuele avonturen en uitspattingen zijn talrijk, evenals die van zijn mede-goden.

De beroemde Griekse schrijvers, Sophocles, Plutarchus, Euripides, Homerus, enz., informeren ons uitvoerig over welke intriges, moord, overspel tussen de goden van de Olympus en hun nakomelingen de ‘halfgoden’ voorkwamen. De wereld van de voortijd, de wereld van Noach, was zo boos en zo verdorven (Gen. 6:5, 11-13), dat God die wereld oordeelde door de zondvloed. Petrus maakt hier melding van en laat ons zien, dat God de engelen (2 Pet. 2:4) en de mensen (vers 5) niet spaarde:

“Want indien God engelen, die gezondigd hadden, niet gespaard heeft, maar hen, door hen in de afgrond te werpen, aan krochten der duisternis heeft overgegeven om hen tot het oordeel te bewaren; en de wereld van de voortijd niet gespaard heeft, maar Noach, de prediker der gerechtigheid, met zeven anderen bewaard heeft, toen Hij de zondvloed over de wereld der goddelozen bracht…”

 

Dit houdt in dat alle mensen de dood vonden, behalve de acht mensen in de ark. De engelen, die hun oorsprong ontrouw geworden waren, werden volgens Petrus en Judas niet gedood! Hun nakomelingen, de Gibbor, de geweldige mannen van naam (half engel, half mens) vonden de dood evenals de (gewone) mensen, maar zij niet. De Griekse mythologie vertelt ons, dat deze nakomelingen sterfelijk waren, maar de goden van de Olympus zelf waren onsterfelijk. Dat engelen inderdaad onsterfelijk zijn, laat ook de Here Jezus zien in Lukas 20, waar Hij in een gesprek is met de Sadduceeën over de opstanding:

“…maar die waardig gekeurd zijn deel te verkrijgen aan die eeuwen aan de opstanding uit de doden, huwen niet en worden niet ten huwelijk genomen. Want zij kunnen niet meer sterven; immers, zij zijn aan de engelen gelijk…”

 

 

 

 

De engelen die geheel vrijwillig hun geestelijke lichaam verlaten hadden stierven niet bij de zondvloed. Er is niets in de tekst van 2 Petrus 2:4 dat daarop wijst. Petrus laat ons zien dat God hen niet spaarde, maar zij vonden niet de dood. Petrus zegt in hoofdstuk 2:4 dat zij verwezen werden naar de afgrond.

Het normale woord voor ‘afgrond’ is in het Grieks: ‘Abyss’. Het komt vele malen voor in de Bijbel. Het woord dat hier echter gebruikt wordt is: ‘Tartarus’. Dit woord komt maar één keer in de Bijbel voor en wel hier in 2 Petrus 2:4.
In de Griekse mythologie is de Tartarus de gevangenis van Cronos en de Titanen. Het is een verschrikkelijke, duistere afgrond.

Volgens theologen duidt het woord Tartarus op de laagste delen in de atmosfeer, die de aardbol omhult, namelijk de lucht. De engelen, die hun oorsprong ontrouw waren geworden en die hun geestelijk lichaam uit eigen beweging verlaten hadden (vermoedelijk verleid door satan, dat zij door verbintenis met de mens ‘de boom des levens’ op de cherubs konden veroveren), zaten nu voortaan gekluisterd op aarde.

Hun geestelijk lichaam hadden zij eens zelf verlaten door zich aards te materialiseren, en hun vernederd lichaam waar zij nu in verbleven, verloren zij door de zondvloed, hoewel zij niet – zoals de mens – konden sterven. Het gevolg was dat zij nu als geesten, demonen (Grieks: Daimonion, Hebreeuws: Seirim en Shedhim) gekluisterd waren in de tartarus, waar er voor hen geen ontkomen is.

In de tartarus, de lucht om deze aarde, wachten deze gevallen engelen, deze Nephilim, nu ontlichaamd, als geesten, boze geesten, demonen, op het oordeel van de grote Dag. Als gevolg van het verlies van hun lichaam zoeken zij belichaming, zoals de Here Jezus o.a. in Mattheüs 12:43-45 laat zien en in al die gevallen waarin Hij demonen uitdrijft.

De demonen vormen met elkaar de boze geesten in de lucht, de wereldbeheersers dezer duisternis (Efe. 6:12). Hun overste is satan, die hen aanvoert als de overste van de macht der lucht (Efe. 2:2). Zij bezetten de lucht en verontreinigen als demonen de nederste delen van de atmosfeer rond de aarde. Hun aantal is onbekend. In de dagen van de rondwandeling van Christus op aarde zien wij herhaaldelijk hoe Christus hun werken verbreekt en hen uitwerpt als zij belichaming in mensen hebben gezocht. Zij zijn zich ervan bewust dat hen het oordeel wacht op de grote Dag, maar desondanks zullen zij in de toekomst onder aanvoering van hun overste zich verenigen in Babylon (Openb. 18:2) en tegen het Lam oorlog voeren.

 

 

demon in de mens

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De Geesten in de Gevangenis

 

In verband met het oordeel t.a.v. de gevallen engelen en t.a.v. het verdorven menselijk ras, is het goed om stil te staan bij de moeilijke vraag, wie toch de geesten in de gevangenis zijn, waarover Petrus spreekt in 1 Petrus 3, vers 19 en 20:

“Want ook Christus is eenmaal om de zonden gestorven als rechtvaardige voor onrechtvaardigen, opdat Hij u tot God zou brengen: Hij, Die gedood is naar het vlees, maar levend gemaakt naar de geest, in welke Hij ook heengegaan is en gepredikt heeft aan de geesten in de gevangenis, die eertijds ongehoorzaam geweest waren, toen de lankmoedigheid Gods bleef afwachten, in de dagen van Noach, terwijl de ark in gereedheid werd gebracht, waarin weinigen, dat is acht zielen, door het water heen gered werden.”

De verklaring die gewoonlijk gegeven wordt van 1 Petrus 3:18-20 is dat de Geest van Christus na Zijn sterven het Evangelie in het dodenrijk gepredikt heeft aan de geesten van mensen uit Noachs dagen, die eertijds het Evangelie ongehoorzaam waren. Deze verklaring is gebaseerd op de veronderstelling, dat de geest van vers 18 de Geest van Christus is in het graf en dat de geesten in de gevangenis van vers 19 de geesten van mensen zijn uit de dagen van Noach. Dit dit is niet correct.

In de eerste plaats is het duidelijk in de tekst dat het woord geest tegenover het woord ‘vlees’ wordt gebruikt. Christus kwam in het vlees als het vleesgeworden Woord met het doel om te sterven voor de zonde. En Hij stierf ook in het vlees. Echter Hij werd opgewekt uit de dood en verrees in een geestelijk lichaam en Hij is nu een levendmakende Geest (1 Kor. 15:44-45). De geest van vers 18 slaat niet op de Geest van Christus in het graf, maar op de levendmakende Geest, waarin Hij opstond.
Uit de tekst van 1 Petrus 3:18-19 wordt dus duidelijk dat Christus niet, toen Hij in de dood was, ‘in het graf’ gepredikt heeft, maar dat Hij gepredikt heeft nadat Hij levend gemaakt is in een geestelijk lichaam, “in welke Hij ook heengegaan is” naar de hemel. Uit de tekst blijkt dat onze Heiland werkelijk “heenging” naar een andere plaats.

 

In de tweede plaats lijkt niets te staven dat de geesten in de gevangenis (vers 19) geesten van mensen zijn. Het woord pneuma wordt gebruikt voor demonen (zie Matt. 8:16; Luk. 10:20; 11:18) en engelen (Hebr. 1:7,14), maar nooit voor de geesten van mensen, als dit er niet uitdrukkelijk bij wordt vermeld. En er is geen enkele aanwijzing dat dit het geval is in 1 Petrus 3:19. Wij hebben hier niet te maken met geesten van mensen uit de dagen van Noach, maar met de gevallen engelen uit de dagen van Noach, die nu als “geesten in hun gevangenis” begrensd zijn tot de lagere delen in de atmosfeer rond de aarde.

 

In de derde plaats wordt hier in 1 Petrus 3:18-20 niet gezegd, dat Christus een Evangelie (een blijde boodschap van verlossing) predikte. De boodschap, die de opgestane Heer richtte tot de gedetineerde geesten, die wegens hun ongehoorzaamheid gestraft waren, was niet een boodschap van genade en vergeving, maar één van berisping en oordeel. Satanisch geïnspireerde engelen hadden een misdaad begaan van zo’n enorme omvang in Gods ogen, dat zij als geesten (demonen) gekluisterd werden in de laagste delen van onze atmosfeer.

 

 

Aanbidding van de geldgod, de mammon

 

 

De Gevangenis gevangen genomen

 

Aan deze geesten, aldus gevangen in onze atmosfeer, wordt ook gerefereerd in Efeziërs 4, vers 8-10:

“Daarom heet het: opgevaren naar den hoge voerde Hij krijgsgevangenen mede, gaven gaf Hij aan de mensen. Wat betekent dit: Hij is opgevaren, anders dan dat Hij ook nedergedaald is naar de lagere, aardse gewesten? Hij, die nedergedaald is, Hij is het ook, die is opgevaren ver boven alle hemelen, om alles tot volheid te brengen.”

 

Ook dit is een tekst, waar vaak vragen over zijn. Meestal leert men dat Christus in het dodenrijk is nedergedaald en dat hij bij Zijn opstanding zielen heeft vrijgemaakt uit de banden des doods en deze heeft meegevoerd naar den hoge. Met de uitdrukking ‘de lagere aardse gewesten’ (NBG) of ‘de nederste delen der aarde’(SV) wordt niet het dodenrijk, maar de aarde bedoeld.

Verder is er niets in deze tekst of in Psalm 68:19, waaruit deze tekst geciteerd is, om aan te nemen dat de krijgsgevangenen verloste zielen zijn die vastzaten in het dodenrijk. Deze krijgsgevangenen zijn vijanden van Christus. Zij zijn door Christus gevangen genomen, net zoals zij in de psalm gevangen genomen waren door de God van Israël. De Statenvertaling heeft: “Daarom zegt Hij: Als Hij opgevaren is in de hoogte, heeft Hij de gevangenis gevangen genomen, en heeft den mensen gaven gegeven.” Dit staat veel dichter bij de grondtekst.

Christus is op aarde gekomen om het werk, dat de Vader Hem te doen had gegeven, te volbrengen. Hij kwam niet alleen om de zonde weg te doen op het kruishout, maar Hij kwam ook om de dood te overwinnen, de werken des duivels te verbreken en de duivel teniet te doen. Christus heeft met Zijn opstanding bewezen, dat de dood Hem niet kon houden en dat Hij de zonde en de dood overwonnen had. Hij bracht onvergankelijk leven aan het licht.

Met Zijn hemelvaart toonde Hij aan dat Hem alle macht gegeven was in de hemelen en op aarde, en dat de duivel en zijn werken absoluut teniet gedaan zullen worden. Dit was de boodschap, die Hij proclameerde aan “de geesten in de gevangenis”, de demonen die gevangen en gekluisterd zijn aan deze aarde ( 1 Pet. 3:19). Christus overwon en Hij heeft hun gevangenis gevangen genomen, wat zeggen wil in het licht van Kolossenzen 2:15 “Hij heeft de overheden en machten ontwapend en openlijk tentoongesteld en zo over hen gezegevierd.”

Christus heeft bij Zijn opstanding en bij Zijn hemelvaart laten zien dat niet satan alle macht heeft, maar dat Hij alle macht bezit in de hemelen en op aarde. Hij bezit de sleutels van de dood en het dodenrijk, en de overheden en de machten der duisternis zullen hun oordeel niet ontlopen. De “Meesters der Wijsheid” waar Satanisten, Kabbalisten, Gnostici, Mystici, New Agers, enz., zo lovend over spreken, zijn niets anders dan gevallen engelen, die als boze geesten, demonen, op aarde gekluisterd, wachten op hun oordeel.

Bij de hemelvaart van Christus konden ze de Here Jezus niets doen. Hij zegevierde openlijk over hen toen Hij de vijandelijke linies doorging. Zij doen zich voor als “Verhoogde Meesters”, maar er is niets verhogends aan. Zij zijn geworpen op de grond, op de aardbodem en wachten op hun definitief oordeel op de grote oordeelsdag. Dit oordeel zullen zij niet kunnen ontlopen.

 

 

Het einde van de draak (666) door het kruis

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De realiteit van demonen

 

De hogere geestelijke wereld, waar New Agers over spreken, is in werkelijkheid een demonische wereld, die zich dicht om ons heen bevindt. Deze demonische wereld is een realiteit. De invloed van demonen door middel van valse leer en met behulp van geestesmanifestaties in de New Age Beweging, de Oecumenische Beweging en Charismatische kringen is enorm. De realiteit van demonen kan men niet zomaar wegredeneren, zoals sommigen doen.

Demonen zijn boze geesten die in feite achter elke vorm van afgoderij staan. De afgod is van zichzelf niets. Die is gemaakt van hout, steen of edelmetaal. Maar achter de aanbidding van deze beelden staan wel degelijk demonen, die mensen tot afgoderij verleiden met als uiteindelijk doel: de aanbidding van hun overste, satan (1 Kor. 10:19-21; Openb. 9:20; Deut. 32:17).

Waar de NBG ‘boze geesten’ vertaalt in 1 Korinthe 10, daar staat letterlijk ‘demonen’:

“Wat wil ik hiermede dan zeggen? Dat een afgodenoffer iets is, of dat een afgod iets is? Integendeel, dat hun offeren een offeren is aan demonen en niet aan God en ik wil niet, dat gij in gemeenschap komt met de demonen. Gij kunt niet de beker des Heren drinken en de beker der demonen, gij kunt niet aan de tafel des Heren deel hebben en aan de tafel der demonen.”

 

Deze demonen zijn een realiteit achter de afgodendienst. Als zij niet zouden bestaan, dan had de apostel Paulus dit hier ongetwijfeld aan de Korintiërs gezegd. Maar hij waarschuwt met nadruk voor het gevaar, dat gelovigen in gemeenschap met de demonen kunnen komen, als zij niet oppassen. De Schrift verbiedt het de demonen te raadplegen (Lev. 19:31; 20:6; Deut. 18:9-14). Onder Israël stond daar de doodstraf op (Lev. 20:27). Demonen sidderen voor God (Jak. 2:19): “Gij gelooft, dat God één is? Daaraan doet gij wel, maar dat geloven de demonen ook en zij sidderen.”

Zij erkennen Christus als Heer en zien Hem als hun toekomstige Rechter: “Van velen voeren ook demonen uit, roepende en zeggende: Gij zijt de Zoon van God. En Hij bestrafte hen en liet hun niet toe te spreken, omdat zij wisten, dat Hij de Christus was.” (Luk. 4:41) “En zie, zij schreeuwden, zeggende: Wat hebt Gij met ons te maken, Zoon van God? Zijt Gij hier gekomen om ons voor de tijd te pijnigen?” (Matt. 8:29)

Deze demonen zijn reëel en hun bestaan berust niet op fictie. De wereld om ons heen is een demonische wereld, die wij niet kunnen waarnemen. God heeft die aan ons oog onttrokken na de zondeval, maar dat wil nog niet zeggen dat die wereld niet bestaat. Helaas kan de mens die wereld wel binnentreden, ook al heeft God dit verboden (Exod. 20:3-5; Lev. 19:31; 20:6,27; Jes. 8:19-22; 2 Kron. 33:6).

In de Schrift maken demonen deel uit van het rijk der duisternis. Er is sprake van een hiërarchie binnen dit rijk bestaande uit: demonen, engelen, en luchtvorsten. Satan staat aan het hoofd als de ‘overste van de macht der lucht” (Efe. 2:2; Matt. 25:41; Openb. 12:7). Satan is dus overste van een luchtmacht. Alle aardse overheden, machten en koninkrijken worden door deze luchtmacht gecontroleerd.

Het rijk der duisternis is in hoge mate georganiseerd (Matt. 12:26; Joh. 18:36; Matt. 4:8-11; Luk. 4:5-8; Joh. 14:30). Het staat achter de aardse overheden en beïnvloedt die (2 Sam. 24: 1; 1 Kron. 21: 11; 1 Kon. 22:19-23; Job 1:6-7; 2:1-2). Dit is Satans engelen- en demonenwereld. De apostel Paulus spreekt hen gezamenlijk aan als: ‘de overheden, de machten, de wereldbeheersers dezer duisternis, de boze geesten in de hemelse gewesten’. (Efe. 6) Hun machtsgebied is de duisternis. De wereld bevindt zich in die duisternis en satan is “de overste van deze wereld.” Alleen God kan de mens uit deze macht der duisternis verlossen en hem overbrengen in het Koninkrijk van de Zoon Zijner liefde (Hand 26:18, Kol. 1:13).

 

 

De wapenuitrusting van God

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De geestelijke strijd

 

De vijanden waartegen wij hebben te worstelen zijn niet van bloed en vlees, maar geestelijk:

“…want wij hebben niet te worstelen tegen bloed en vlees, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers dezer duisternis, tegen de boze geesten in de hemelse gewesten.” (Efe. 6:12)

 

Deze worsteling is een geestelijke strijd. Het is de goede strijd des geloofs. De inzet is hierbij altijd de verkondiging van het Evangelie (Efe. 6:19-20), de gezonde leer (2 Tim. 4:3-5), het Woord der Waarheid (2 Tim. 2:15-26), waarin Christus overwint en satan teniet gedaan wordt:

“En Ik zal vijandschap zetten tussen u en de vrouw, en tussen uw zaad en haar zaad, dit zal u de kop vermorzelen en gij zult het de hiel vermorzelen.” (Gen. 3:15)

 

Tegen deze boodschap brengen de boze geesten, de demonen, altijd hun valse leringen in. Zij verspreiden dwalingen onder de mensen en trachten de gelovigen te verleiden met valse leringen over God en Zijn Woord, over satan en het kwaad, over de mens en de dood, over Christus en Zijn verlossing, enzovoort (1 Tim. 4:1-2).

“Maar de Geest zegt nadrukkelijk, dat in latere tijden sommigen zullen afvallen van het geloof, doordat zij dwaalgeesten en leringen van demonen volgen,  door de huichelarij van leugensprekers, die in hun eigen geweten gebrandmerkt zijn.” (1 Tim. 4)

 

De demonen vinden altijd leugensprekers door wie zij heen kunnen spreken. Als wij niet blijven staan in de volle wapenrusting Gods met o.a. het zwaard des Geestes in de hand (dat is het Woord van God, Efe. 6:17), dan lijden wij de nederlaag. Dan raken wij verstrikt in valse leer. Dan raken wij het spoor des geloofs bijster. Ons geloof kan daardoor zelfs schipbreuk lijden (1 Tim. 1:19). Maar wij hoeven niet te vrezen. Wij mogen de wapenrusting Gods aandoen om te kunnen standhouden tegen de verleidingen des duivels. En wij mogen er verzekerd van zijn, dat noch dood, noch leven, noch engelen, noch machten, noch krachten, noch enig ander schepsel, ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods, welke is in Christus Jezus, onze Here.” (Rom. 8:38-39)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Waarom doopte God Christus niet zelf ?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Antwoord : om Satan te vernederen 

.

.

Provincie_Antwerpen_Validatoren_DuivelAlleen

.

.

Lucifer kwam in de onzichtbare wereld in opstand tegen God omdat hij de mens op aarde niet wilde dienen. Hij was de hoogste entiteit in de hemel die moest waken over het uitvoeren van Gods plannen. Zijn naam betekende ” de morgenster ” wat  zijn uitzonderlijke positie benadrukte.

Door de mens te doen geloven dat zij als God konden zijn door controle te hebben over goed en kwaad, bracht Lucifer de eerste zonde in de wereld. De hoogmoed van Lucifer maakte van hem de Satan, wat tegenstrever van God betekent.

God verdoemde Satan en de engelen die Gods soevereiniteit in twijfel brachten door Christus, zijn enig geboren zoon, naar de wereld te sturen om de losprijs te betalen voor de zonden van de mens. Christus werd door Satan meerdere keren op de proef gesteld tijdens zijn leven maar bleef God trouw tot op het kruis. Vanaf toen wisten de duivel en zijn demonen dat zij ooit, op de laatste dag van dit samenstel der dingen, in de vuurpoel zouden geworpen worden voor eeuwig.

 

.

De mens is voor God de bekroning van de schepping tot in de eeuwigheid. Hij liet en zal Satan meerdere keren vernederen door de mens zelf:

.

1 : Christus zwichtte niet voor de duivel tijdens zijn 40 dagen van vasten in de woestijn. Satan bood hem alle koninkrijken ter wereld aan indien hij naar hem luisterde, maar Christus bezweek niet en bleef God trouw.

2 : Christus liet zich dopen door Johannes de Doper waardoor hij de Heilige Geest ontving om                           zijn missie als de messias te beginnen. God gaf dus aan een mens de macht om zijn zoon de Heilige Geest te geven, die hem zou bijstaan tot de dood toe bij het vervullen van zijn taak op aarde.

3 : God nam de moeder van Jezus op in de hemel en kroonde haar tot de moeder Gods. Maria kreeg                daardoor alle macht over elke entiteit in de hemel en op aarde. Wat een vernedering moet dat niet geweest zijn voor de duivel. Maria die uit een zondige vrouw geboren werd, vervolgens door God de titel kreeg van Onbevlekte Ontvangenis met daarop als bekroning de heerseres over alles wat leeft in de zichtbare en onzichtbare wereld.

4 : Christus heeft Satan overwonnen. Bij zijn terugkomst op de laatste dag zal Maria, de moeder Gods, hem en zijn demonen letterlijk verpletteren en haar doen aanbidden alvorens zij zullen geworpen worden in de eeuwige vuurpoel samen met de zondige mens die het zoenoffer van Christus niet hebben aanvaard. Wat huivering- wekkend moet dat niet voor Satan zijn om door Maria, die ooit mens was, vernietigd te worden.

 

.

Maria Domina Animarum

Pasteltekening van John Astria

 

 

Conclusie : God gebruikt de mens in zijn plan om de duivel en zijn demonen zo erg mogelijk te vernederen voor de tijd dat hun nog geven wordt. Wanneer iemand de naam van God, Christus of de Moeder Gods uitspreekt in een gebed om de verzoeking van Satan te kunnen weerstaan, dan zal de duivel onmiddellijk wijken.

 

.

..

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

.

 

 John Astria

John Astria

Jezus en Maria volgens de Islam

Standaard

categorie : religie

.

.

In deze bijdrage overlopen we hoe de drie monotheïstische godsdiensten (dwz de drie godsdiensten die in de Ene God geloven – het jodendom, chirstendom en de islam) denken over Jezus.

.

.

MariaIcoon

.

.

Islam

Volgens de islam is Jezus een machtig profeet van God. De islam leert dat er duizenden profeten geweest die allemaal hetzelfde geloof brachten, voor de noden van hun specifieke gemeenschap. Zo waren er bijvoorbeeld de profeten Abraham, Mozes, David en Jezus. Daarna kwam er volgens de islam nog één en meteen de laatste profeet, met name de profeet Mohammed. Met hem werden de openbaringen van God (in het Arabisch: Allah) aan de hele mensheid voltooid. Volgens de meeste moslims kunnen nu geen Profeten meer komen.

.

Eén van de geloofsartikelen van de islam, is het geloof in alle profeten van God en in de aan hen geopenbaarde Heilige Boeken. Dit betekent dat iemand die niet in het profeetschap van Jezus gelooft, dus ook geen moslim kan zijn. Moslims beschouwen Jezus echter niet als (zoon van) God. Volgens de islam is het onmogelijk dat een mens God kan zijn. Dat gaat in tegen het centrale geloofspunt dat er geen god is dan God.

.

Zeg: “Hij is God, als enige. God de bestendige. Hij heeft niet verwekt en is niet verwekt en nieti is aan Hem gelijkwaardig.” (Koran 112:1-4)
.

Net zoals de christenen, geloven moslims in de maagdelijke verwekking van Jezus. Beiden delen ook het geloof dat Jezus levend in de hemel is en van daar zal weerkeren. Volgens moslims is Jezus echter niet gekruisigd en is hij dus ook geen drie dagen dood geweest. Moslims geloven dat God ervoor gezorgd heeft dat iemand die op Jezus leek gekruisigd werd. Later is Jezus levend ten hemel opgenomen.

.

Zoals uit volgende voorbeelden blijkt, worden Jezus (Arabisch: Isa) en zijn Moeder Maria (Arabisch: Maryam, Mariam, Meriam) in de Koran vele malen eervol vermeld. Een hoofdstuk van de Koran draagt zelfs als titel de naam ‘Maryam’. En sommige moslims aanzien ook Maria als een Profeet.

.

“En toen de engelen zeiden: ‘ O Maria, God heeft jou uitverkoren en jou rein gemaakt en Hij heeft jou uitverkoren boven de vrouwen van de wereldbewoners. O Maria, wees jouw Heer onderdanig en buig je eerbiedig voor Hem neer (in gebed) en buig met de buigenden’ … Toen de engelen zeiden:
.
‘O Maria, God kondigt jou een woord van Hem aan, wiens naam zal zijn de Messias, Jezus zoon van Maria. Hij zal in het tegenwoordige leven en in het hiernamaals in hoog aanzien staan en behoren tot hen die in de nabijheid [van God] zijn. Als kind en als volwassene zal hij tot de mensen spreken en hij zal een van de rechtschapenen zijn’.
.
Zij zei ‘Mijn Heer, hoe zou ik een kind krijgen, terwijl geen mens mij aangeraakt heeft.’ Hij zei: ‘Zo is het. God schept wat Hij wil. Wanneer Hij iets beslist, dan zegt Hij er slechts tegen: “Wees! en het is.” En God zal hem het Boek, de Wijsheid, de Taura (de Wet) en de Bijbel onderwijzen. ‘ (Koran 3:42-48)
.
“En God zal hem als een gezant tot de Israëlieten zenden, om te zeggen: “Ik ben tot jullie gekomen met een teken van jullie Heer: dat ik voor jullie uit klei iets als de vorm van een vogel zal scheppen, er dan in zal blazen en dat het dan met Gods toestemming een vogel zal zijn. Dat ik blindgeborenen en melaatsen zal genezen en doden levend maak, met Gods toestemming…” (Koran 3:49)
.
“… Wij hebben Jezus, de zoon van Maria, de duidelijke bewijzen gegeven en hem gesterkt met de heilige geest. Maar telkens als er een gezant tot jullie komt met iets wat jullie niet zint, zijn jullie dan niet hoogmoedig? Dan betichten jullie sommigen van leugens en anderen doden jullie”(Koran 2:87)
.
“Zeg: ‘Wij geloven in God, in wat naar ons is neer gezonden en in wat naar Abraham, Ismaïl, Isaac, Jacob en de stammen is neer gezonden en in wat aan Mozes en Jezus is gegeven en in wat aan de profeten door hun Heer is gegeven. Wij maken geen verschil tussen één van hen, en wij hebben ons aan Hem overgegeven.'” (Koran 2:136)
.
.
.

Jodendom

Joden erkennen Jezus niet als zoon van God. Ze erkennen ook het Jezus als profeet niet. Volgens hen was Jezus ook geen Messias. Joden wachten nog altijd op de komst van de messias. Sommige Joden menen dat ze door eigen handelingen de komst van de messias kunnen bespoedigen, anderen menen dat dit niet het geval is.

.

.

Christendom

Na het leven van Jezus ontstonden er verschillende strekkingen in het christendom. In het jaar 325 na Christus behaalde de strekking van Paulus het overwicht en werd op het Concilie van Nicea beslist dat Jezus zelf God en Zoon van God was. Het Concilie vestigde meteen ook de doctrine van de Heilige Drievuldigheid. Het christendom vereerde Jezus voortaan tegelijk als God en Zoon van God. Maria wordt vereerd als de Moeder van Jezus, de Moeder van God.

.

.

DE ISLAM IS DE 

TEGENBEWEGING

TEGEN HET WARE CHRISTENDOM

.

.

voorpagina openbaring a4

.

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Jeremia 31:35-37 ; Israël blijft het beloofde land

Standaard

categorie : religie

 

 

.

Gods profetie in het Oude Testament dat Israël, ondanks wat het heeft misdaan, altijd het uitverkoren volk zal blijven. Wat God heeft beslist in het begin der tijden is voor eeuwig.

 

.

 

mozes

.

 

 

Dit zegt de HEER,
die de zon heeft gemaakt als het licht voor de dag,
de maan en sterren als de lichten voor de nacht,
die de zee opzweept, zodat de golven bruisen,
wiens naam is HEER van de hemelse machten:
Pas als deze orde ophoudt te bestaan
– spreekt de HEER –
bestaat ook Israël niet meer,
is het niet meer voor altijd mijn volk.
Dit zegt de HEER:
Zoals de hoogte van de hemel niet gemeten wordt,
de diepte van het fundament der aarde niet gepeild,
zo verwerp ik niet het nageslacht van Israël
om alles wat het heeft misdaan
– spreekt de HEER.

 

.

.

.

voorpagina openbaring a4

.

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

  

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA