Tagarchief: zonden

Gebed: Het Onze Vader en de vergeving

Standaard

categorie : religie

 

 

Het Onze Vader

 

1.Onze Vader,

2.die in de Hemelen zijt,

3.geheiligd zij Uw Naam,

4.Uw Rijk kome,

5.Uw Wil geschiede op aarde als in de Hemel.

6.Geef ons heden ons dagelijks brood

7.en vergeef ons onze schulden,

8.gelijk ook wij vergeven aan onze schuldenaren

9.En leid ons niet in bekoring

10.maar verlos ons van het kwade.

Amen.

 

 

 

Het Onze Vader is het meest verbreide christelijke gebed en dateert uit de eerste eeuw. Het gebed richt zich tot God en is volgens het evangelie door Jezus Christus zelf aan zijn volgelingen geleerd.

 

Men vindt het gebed in de bijbel in Matteüs 6: 9-13 bij de bergrede en in Lucas 11: 2-4. De oudste teksten van het Onzevader die zijn overgeleverd, zijn geschreven in het Koinè-Grieks. Katholieken in Nederland gebruiken een andere vertaling dan katholieken in Vlaanderen. Het hierboven vertaalde gebed is de versie van Matteüs.

 

 

Waarvoor bidt men?

 

  • De eerste 5 regels gaan over God. Hij is onze Vader, hij woont in de hemel, zijn naam is heilig, er komt een nieuw samenstel van dingen zonder zonden en hij is de soevereine heerser over het zichtbare en onzichtbare.
  • In regel 6 vraagt de bidder God om hem te geven wat hij in het dagelijkse leven nodig heeft.
  • De volgende twee regels gaan over vergeving vragen en vergeving geven.
  • De voorlaatste zin van het gebed is doeltreffend wanneer men in een crisis situatie verkeerd waarbij men de nabijheid van het boze voelt. De duivel zal wijken bij het bidden van het Onze Vader.
  • In de laatste regel geeft de mens toe dat hij onder invloed staat van het  kwade. Hij vestigt zijn hoop op God om ooit definitief van het boze verlost te worden.

 

 

De noodzaak van vergeving

 

In het Onze Vader bidt men om vergeven te worden en vergeving te geven. Het zijn belangrijke voorwaarden om eeuwig leven te bekomen.

 

 

De gelijkenis van de slaaf die niet wilde vergeven (Matteus 18: 21-35)

 

 

 

 

Wat aan de gelijkenis vooraf ging:

 

Jezus had richtlijnen gegeven wat de christen moest doen als zijn broeder zondigt ( Matteus 18: 15-17 ).
De bedoeling hiervan is dat de schuldige door zachtmoedigheid de noodzaak van berouw en bekering zal inzien.

“Toen kwam Petrus bij Hem en zeide: Here, hoeveel maal zal mijn broeder tegen mij zondigen en moet ik hem vergeven? Tot zevenmaal toe? Jezus zeide tot hem: Ik zeg u, niet tot zevenmaal toe, maar tot zeventig maal zevenmaal” ( Matteus 18: 21-22 ).

 

Vergeving vragen en vergeving schenken is één van waardevolste dingen die het leven kent, maar ook één van de moeilijkste.

 

– hoe moeilijk is het niet om vergeving te vragen ( bang voor vernedering en afwijzing )
– hoe moeilijk is het niet om vergeving te schenken ( bang om opnieuw gekwetst te worden )
– mensen zijn vaak in hun eer, gevoel en waarde gekwetst.
– mensen ervaren het geven van vergeving als een teken van zwakte.

 

 

Er zijn steeds 2 partijen, zij die vergeving moeten schenken en zij die vergeving nodig hebben.

 

-Daar waar geen vergeving is, houden relaties op te bestaan.
-Daar waar geen vergeving is, is wrok, verbittering en haat.
-Daar waar geen vergeving is, is verdriet en onverdraagzaamheid.

 

 

De  ‘wanneer’  vragen bij vergeving

 

-Wanneer is de maat vol? Wanneer is de grens bereikt?
-Wanneer moet ik niet meer vergeven omdat diegene die tegen mij zondigt het niet verdient?
-Wanneer moet ik zeggen ‘nu ben je te ver gegaan, mijn grens is bereikt’?
-Wanneer moet ik zeggen ‘ik kan je niet meer vergeven’?
De mens heeft de neiging om wraak te nemen voor het onrecht dat hem wordt aangedaan en noemt het dan rechtvaardigheid. Wat zei Jezus over hen die tegen Hem zondigden? ( Lukas 23: 34 ).

 

 

Hoe mensen soms omgaan met iemand die zondigt

 

– frontale aanval:  ‘gij grote zondaar’
– blij zijn als de persoon die jouw heeft gekwetst, onheil meemaakt
– de persoon negeren
– de zonde negeren
– een roddelcampagne beginnen, plannen maken over hoe je hem/haar terug kan pakken
– vormen van partijschappen

 

 

De gelijkenis

 

Het Koninkrijk der hemelen is te vergelijken met een koning die afrekening wilde houden met zijn slaven.

 

De slaaf en zijn heer

 

Toen hij daarmee begon werd een slaaf voor hem geleid die hem 10.000 talenten schuldig was.
Omdat hij het niet kon betalen, beval zijn heer om hem, zijn gezin en zijn bezit zou worden verkocht opdat er zou kunnen worden betaald. De slaaf wierp zich smekend voor hem en zei ‘Heb geduld met mij en ik zal u alles betalen’. De heer kreeg medelijden met hem en liet hem vrij en schold hem de schuld kwijt.

 

 

De slaaf en zijn medeslaaf

 

De slaaf ging weg en ontmoette een medeslaaf die hem 100 schellingen schuldig was, hij greep hem bij de keel en zei ‘Betaal wat gij schuldig zijt’. De medeslaaf wierp zich voor hem en verzocht hem met aandrang ‘Heb geduld met mij en ik zal u betalen’. Maar hij wilde niet en zette hem gevangen totdat hij het verschuldigde zou hebben betaald.

 

 

De reactie van de heer

 

De medeslaven zagen wat er was gebeurd en werden verdrietig en vertelden hun heer hetgeen er was gebeurd.
De heer ontbood de slaaf en zei ‘Slechte slaaf, al die schuld heb ik u kwijtgescholden, daar gij het mij dringend hadt gevraagd. Hadt ook gij geen medelijden moeten hebben met uw medeslaaf, zoals ook ik medelijden had met u?’ De meester werd toornig en gaf hem in de handen van folteraars, totdat hij het beschuldigde zou hebben betaald.

 

 

Conclusie:

 

“Alzo zal ook mijn hemelse Vader u doen, indien gij niet, een ieder zijn broeder, van harte vergeeft” ( Matteus 18: 35 ). “Komt dan tot berouw en bekering, opdat uw zonden uitgedelgd worden, opdat er tijden van verademing mogen komen van het aangezicht des Heren”( Handelingen 3:19 ).

Vergeving is het middel waarmee we datgene dat kapot is gemaakt, terug in orde kunnen maken. De mens bezit over het vermogen om tegelijk te kwetsen en om te helen. Vergeving geeft je de vrijheid om lief te hebben, terwijl het niet geven van vergeving relaties vernietigd.

Wanneer wij worden gekwetst doen we vaak het tegenovergestelde van wat Jezus beveelt. We keren ons vaak tot haat, wrok, roddel en vergelding. De heer vergaf de schuld van de slaaf volledig, maar hij verwachtte wel dat de slaaf hetzelfde zou doen!

 

 

Lukas 17:3-4.

 

Wanneer wij elkaar vergeven en de houding hebben om te willen vergeven dan ontnemen wij satan zijn macht! Vergeven betekent om de schuld niet tegen de ander te houden, maar om deze van harte kwijt te schelden.

 

 

Efeziërs 4:32-5:1-2

 

“Maar weest jegens elkander vriendelijk, barmhartig, elkander vergevend, zoals God in Christus u vergeving geschonken heeft. Weest dan navolgers Gods, als geliefde kinderen, en wandelt in de liefde, zoals ook Christus u heeft liefgehad en Zich voor ons heeft overgegeven als offergave en slachtoffer, Gode tot een welriekende reuk”.

Wanneer we geconfronteerd worden met moeiten om een broeder of zuster te vergeven, laten we dan kijken naar de vergeving die God jou heeft geschonken. Christus vergeeft veelvoudig! Vergeet daarbij niet dat God een oordeelt velt over hen die niet bereid zijn om te vergeven.

 

 

1 Timoteus 1:12-13

 

“Want indien gij de mensen hun overtredingen vergeeft, zal uw hemelse Vader ook u vergeven; maar indien gij de mensen niet vergeeft, zal ook uw Vader uw overtredingen niet vergeven”.

 

 

Matteus 6:14-15.

 

Hoeveel maal zal mijn broeder tegen mij zondigen en zal ik hem vergeven? ALTIJD!

 

 

Hebreeën 10:17

 

Wat wij van God willen is dat Hij ons altijd vergeeft, God gedenkt onze zonden niet meer.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Openbaring les 1: Johannes ontmoet een bruisende Christus

Standaard

Categorie: religie

 

 

Openbaring les 1: Johannes ontmoet een bruisende Christus

 

 

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

ACHTERGROND

 

Bij het benaderen van het boek Openbaring komen we aan bij het laatste hoofdstuk uit Gods verlossingsverhaal dat ons vertelt hoe alles eindigt. Van in het Oude Testament tot aan dit punt hebben we God Zijn verlossingsplan zien uitwerken doorheen Adam, de aartsvaders, de profeten en uiteindelijk Zijn geliefde Zoon Jezus Christus. Nu dat we aan het einde van dit verlossingsplan zijn geraakt, zien we deze Jezus weer opnieuw. Eigenlijk is het deze Jezus die het centrale thema vormt van het gehele boek. Het boek Openbaring onthult bovenal de majesteit en glorie van de Here Jezus. Doorheen het boek Mattheüs lezen we van Zijn geboorte als de Zoon van David, Zijn onderwijs en onderwijs, terwijl Hij hier op aarde verbleef en evenzeer Zijn dood en opstanding. Al deze dingen bevestigen Zijn goddelijkheid en dat Hij de Messias is. Maar waar het boek Mattheüs Christus presenteerde in Zijn eerste nederige komst, geeft het boek Openbaring Hem nu in Zijn tweede komst hoog en verheven weer. Ieder visioen en beschrijving van Hem in het boek Openbaring is vol van majesteit, macht en glorie. In dit boek worden de hemelen geopend en kunnen de lezers net zoals Stefanus (Hand.7:56) vooruitziende beelden zien van de opgestane verheerlijkte Zoon van God.

De context geeft aan dat we in het jaar 96n.C. zitten, tijdens de regeerperiode van Domitianus van Rome. De Gemeente onderging in deze periode een grote vervolging. Johannes was verbannen naar een eiland dat gekend stond als Patmos (Op.1:9). Ondanks deze vervolging groeide de Gemeente verder en verspreidde ze zich op een snel tempo doorheen de provincie Asia (niet beperkt tot de steden die genoemd worden in Openbaring). Het is aan deze lijdende gemeente in Asia dat het boek Openbaring is geschreven (1:4). Dit getuigenis over de komende heerlijkheid van Jezus Christus werd opgeschreven en de wereld in gestuurd door de apostel Johannes om Zijn lijdende gemeente aan te moedigen om te volharden te midden van deze vervolging. Hun harten en gedachten werden bepaald bij de bevestigende waarheid dat Christus op een dag zal komen en voor eens en altijd zal overwinnen, regeren en de zijnen tot Zichzelf nemen.

 

Christus’ openbaring ingeleid (Openbaring 1:1-3)

 

De discipel Johannes had een speciale plaats in het hart van Jezus. Hij had veel met Hem gewandeld en gepraat hier op aarde en wordt in de Evangeliën verschillende keren beschreven als de discipel die de Here liefhad (Joh.13:23; 20:2; 21:7,20). In het Evangelie van Johannes zien we veel van deze speciale relatie. Vele jaren zijn nu voorbij gegaan sinds de dood en opstanding van de Here Jezus en Johannes blijft trouw zijn Heer volgen (Joh.19:35; 21:24; 1 Joh.1:2; 4:14). Johannes is nu zelfs zijn oudere dagen al lijdend aan het doorbrengen omwille van zijn getuigenis van Christus (1:9). Doordat hij het onderwijs en de wonderen van Jezus van dichtbij had kunnen mee volgen, is Johannes nu een trouwe getuige van Gods Woord en Zijn Zoon Jezus Christus (Op.1:2). Met dit allemaal in gedachten is het haast vanzelfsprekend dat Jezus nu net hem, Zijn geliefde vriend en discipel, verkiest om deze openbaring van de komende dingen bekend te maken.

Johannes begint het weergeven van deze openbaring met een erg informatieve inleiding en vermaning. Deze brief is de openbaring die God heeft gegeven aan Zijn Zoon Jezus betreffende de dingen die in de toekomst nog staan te gebeuren. Christus, die reeds gekruisigd en opgestaan was, zit nu op Zijn plaats bij de Vader in de hemel (Heb.1:3). Het eerste bewijs dat de Vader het gehoorzaam leven van Zijn Zoon behaagde was Zijn opstanding; het tweede de hemelvaart en het derde was het sturen van de Heilige Geest. Doordat Hij Zijn Vader op elk mogelijke manier had behaagd, had God Jezus nu een openbaring gegeven om bekend te maken aan Zijn dienaren op aarde. Jezus had Zijn geliefde vriend Johannes gekozen om deze boodschap aan Zijn volk te delen.

Na deze boodschap door een engel van de Heer te hebben ontvangen, schreef Johannes trouw op wat hij over de verrezen Christus had gehoord en gezien. Omdat de gebeurtenissen die hierin beschreven staan spoedig zullen plaatsvinden, vermaant Johannes anderen die Christus volgen om deze woorden luidop te lezen, er gehoor naar te geven en ze te bewaren tot de wederkomst van Christus. De wetenschap dat de gebeurtenissen die worden weergegeven in het boek Openbaring spoedig zullen plaatsvinden zou iedere christen moeten motiveren (zowel nu als toen) om voor de Heer een heilig en gehoorzaam leven te leiden (2Pet.3:14). Degenen die gehoorzaam zijn aan zulk een waarschuwing worden in de ogen van God als gezegend aanschouwd.

 

 

Christus die verheerlijkt hoort te worden onder de 7 gemeenten te Asia (Openb1: 4-8)

 

Na de verzen 1-3 gaat Johannes verder met het uitbreiden van de inleiding van zijn brief. Het is in deze uitbreiding dat we aanwijzingen vinden over de verdere inhoud van de brief. Dat Johannes zo uitbreidt over de rol van Jezus in 1:5-6 suggereert de centrale plaats die Christus inneemt in dit boek en in de eindtijd. Een deel van die rol zal bestaan uit het meedelen van genade en vrede aan de zeven gemeenten van de Romeinse provincie Asia. Johannes herkende hier de vervolging die die Gemeente destijds meemaakte. Omwille van die vervolging begreep de apostel hoe nodig de zegen van zowel genade als vrede was in moeilijke tijden als deze. Nog interessanter is dat deze zegen van de complete drie-eenheid komt.

Hij “Die is en Die was en Die komt” omkadert de bron van de gehele zegen (1:4, 8). Dit was een punt dat Johannes graag benadrukte door dit gedeelte van het hoofdstuk in te kapselen met deze zin. “De zeven Geesten, Die voor Zijn troon zijn” verwijst mogelijk naar de zevenvoudige Geest uit Jesaja 11:2 of een andere analogie voor de Geest van God. De interpretatie laat ons toe om de “zeven Geesten” hier te zien als de derde persoon van de Drie-eenheid; het werk van de Heilige Geest in de 7 gemeenten!  Als we de zeven Geesten hier lezen als Gods Geest houden de verzen 4 en 5 een zegening in van de Drie-eenheid: Vader, Zoon en Heilige Geest. Ongeacht of Johannes al dan niet hiernaar verwijst, hij sluit op zijn minst af met Jezus omdat Zijn rol het centrale element is. Uiteindelijk is het ook net door hun trouw aan Jezus dat de lezers van Johannes tegenstand ondervinden uit de synagoge en van Rome.

Johannes geeft hier in vers 5 drie benamingen die weer die de persoon van Jezus beschrijven en in verzen 5-6 drie uiteenzettingen over Zijn werk. Iedere benaming van Jezus in vers 5 geeft een speciale bemoediging aan de lijdende Gemeente: Jezus had getuigd, was uit de dood verrezen en regeert nu. Dat Jezus “de Eerstgeborene uit de doden” wordt genoemd wil zeggen dat Hij de eerste was die ooit verrezen is uit de doden, en dat Hij van al degenen die ooit uit de dood zullen zijn verrezen Hij de grootste plaats inneemt. Deze opstanding was vooral relevant voor de christenen die weldra omwille van Zijn Naam de dood tegemoet zouden treden.

Als de “Eerstgeborene was Jezus’ opstanding een garantie dat degenen die Hem volgden in de dood ook verrezen zouden worden (1 Kor.15:20) – daarom hadden ze niets te vrezen, zelfs niet de dood (Op.1:17-18). Dat Christus ook heerst over de koningen van de aarde was ook verfrissend voor de Gemeente. Dit taalgebruik zinspeelt op Psalm 89:27 waar Gods “eerstgeboren zoon” regeert over “de koningen van de aarde.” Voor de gelovigen die leden onder de vertegenwoordigers van de machtige Caesar was deze benaming van Jezus inderdaad een grote bemoediging!

Bij het opsommen van drie benamingen van Jezus somt Johannes ook drie daden van Jezus op in verzen 5-6: Hij heeft ons lief; Hij bevrijdde ons van onze zonden; en Hij maakte ons tot koningen en priesters. Jezus’ liefde voor ons komt tot uiting in Zijn plaatsvervangende dood. Deze zekerheid van de liefde van Christus zou de lijdende gelovigen bemoedigen; Zijn dood geeft ook een voorbeeld aan degenen die geroepen werden om deel te hebben aan het offer van het Lam in dienst voor Gods missie in de wereld (Op.6:9).

In de verklaring dat Jezus ons tot koningen en priesters heeft gemaakt, herinnert Johannes zijn publiek aan wat God voor hen bewaard heeft; dat is om vertegenwoordigers en aanbidders te zijn (1:6). Als priesters zullen de volgelingen van Jezus aanbidden (Op.4:10-11, 5:8-10) en offeren, zowel de geur van gebed (5:8; 8:4) als het offer van hun eigen levens (6:9). Het plaatsvervangend werk van Jezus voor alle gelovigen gaf dat Johannes los barstte in lofzang voor de verrezen Christus. Door Zijn daad aan het kruis hadden Johannes en zijn lezers alle reden om zich te verheugen. Christus’ vergoten bloed had hun uiteindelijk verlost van hun zonden. Nu waren ze door het offer van Christus door God vergeven zondaren, bevrijd van zonden, dood en hel.

Johannes eindigt zijn groet aan de zeven gemeenten met een bemoedigende belofte (1:7), nog een andere bevestiging van Gods karakter (1:8). De belofte, dat Jezus komt! Dat Jezus zou terugkomen op de wolken geeft Daniël 7:13 en dat degenen die Hem doorstoken hebben rouw zullen hebben weerspiegelt Zacharia 12:10. Jezus zal komen om alles terug recht te zetten en de vervolgers van de Gemeente zullen dat moeten erkennen. Deze hoop dat Christus op een dag terug zal keren en de gelovigen mee zal nemen naar de hemel om voor eeuwig in Zijn nabijheid te leven geeft hoop en troost (Joh.14:1-3; Thess.4:18).

Aan het einde bevestigd Johannes nogmaals dat de gehele geschiedenis in de handen van de Heer is – zowel de toekomst als het heden (1:8). Zijn volk moeten dus niet vrezen dat er ook maar iets zal gebeuren dat buiten Gods plan valt. Hun God is “de Alfa en de Omega” een benaming die zinspeelt op het boek Jesaja waar God wordt aangegeven als de Eerste en de Laatste (Jes.41:4; 44:6; 48:12). Net als “Die is en Die was en Die komt”, is voor God de gehele geschiedenis van begin tot aan het einde hetzelfde.

God is niet enkel Heer over de tijd, maar regeert ook over het universum: Hij is “de Almachtige”, in dit boek een gebruikelijke naam voor God (1:8; 4:8; 11:17; 15:3; 16:7, 14; 19:6, 15; 21:22). Voor de christenen die leden onder Caesar, was de wetenschap dat ze “de Almachtige” dienden iets wat hun kracht verleende. Caesar mag dan wel zijn rijk voor een bepaalde periode hier op aarde regeren, maar God regeert zowel de wereld als haar verloop in de geschiedenis.

 

 

 

 

Christus voorzien (Openbaring 1:9-16)

 

Onmiddellijk na zijn groeten aan de zeven gemeenten begint Johannes met het beschrijven van zijn visioen van de verrezen Christus. Hier identificeert de apostel zichzelf nederig als iemand die het lijden van de Gemeente op dat moment deelde. Om wille van de getuigenis van Jezus was het christendom binnen het Romeinse Rijk een gehate en verachte religieuze sekte geworden. Johannes nam deel aan dit lijden is duidelijk omdat hij door de Romeinen verbannen werd op het het eiland Patmos. De leiders uit Johannes’ gemeenschap hadden hem verstoten uit alles wat hem bekend was.

Terwijl hij op de dag des Heren aanbad hoorde Johannes een luide stem hem instrueren: “Wat u ziet, schrijf dat op een boekrol en stuur het aan de zeven gemeenten die in Asia zijn: naar Efeze, naar Smyrna, naar Pergamus, naar Thyatira, naar Sardis, naar Filadelfia en naar Laodicea.” Johannes moest de openbaring van Jezus Christus op een strategische wijze bezorgen aan deze gemeenten, omdat dit zou zorgen voor een snelle en efficiënte verspreiding van de boodschap. Toen Johannes zich omkeerde en een stem “als van een bazuin” hoorde, zag hij ook “zeven gouden kandelaren” (1:12), die in vers 20 benoemt worden als de zeven gemeenten.

Deze kandelaren waren van goud, omdat goud het meest kostbare metaal was. De Gemeente is voor God de meest prachtige en waardevolle entiteit op aarde – zo waardevol dat Jezus bereid was om het te kopen met Zijn eigen bloed (Hand.20:28). Terwijl dit wezenlijke gemeenten waren op echte locaties, staan de zeven kandelaren symbool voor de soorten gemeenten doorheen de gehele kerkgeschiedenis.

In het midden van de gouden kandelaren zag Johannes “Iemand Die op de Zoon des mensen leek” (1:13). Dit is niemand anders dan de verheerlijkte Heer van de Gemeente, Jezus Christus. Wat het meest van belang is hier is dat Jezus verschijnt tussen de kandelaren (1:12-13; 2:1). Omdat Christus deze kandelaren uitlegt als zijnde de Gemeente in haar volheid (1:20), is Zijn verschijning in het visioen tussen de kandelaren een belangrijke bemoediging voor degenen die leden omwille van Zijn Naam. De bemoediging zit in het feit dat Hij hun niet verlaten heeft. Hij is trouw gebleven aan Zijn belofte die Hij maakte in het Evangelie naar Mattheüs: “Ik ben met u al de dagen, tot de voleinding van de wereld” (Matth.28:20; Heb.13:5).

Het eerste wat Johannes meedeelde was dat Christus gekleed was “in een gewaad tot op de voeten, en op de borst omgord met een gouden gordel” (1:13b). Het gewaad en de gordel verwijzen terug naar de hogepriester in de tempel in het Oude Testament (Ex.28:4; 39:29; Lev.8:7) en suggereert dat Jezus de Hogepriester is van Zijn volk (Rom.8:33-34). De wetenschap dat hun Hogepriester zich medelevend begaf in hun midden om hun te beschermen en verzorgen gaf extra hoop en troost aan de vervolgde gemeenten.

De rest van Johannes’ visioen van de Mensenzoon licht de goddelijkheid van de verrezen Christus toe, waarvan veel was voorzegd in het boek Daniël. Daniël 7:13-14 verwijst naar een figuur die lijkt op een “zoon des mensen” die zou regeren als Gods vertegenwoordiger. De haren als wol en vergelijking met witte sneeuw (1:14) zinspeelt op God zelf, de “Oude van Dagen” uit hetzelfde gedeelte in Daniël. De stem “als het geluid van vele wateren” (1:15; 19:6) verwijst naar de stem van God zelf als vele wateren in Ezechiël 1:24; 43:2.

Het punt van Jezus’ vlammende ogen, witte haar en bronzen voeten (1:14-15) was dat Hij licht of vuur straalde – enorm gelijkaardig aan vele andere visioenen van God in de Bijbel (Ez.1:27; Dan.7:9-10; Op.21:33; 22:5). Om die reden kon Johannes zijn gezicht enkel beschrijven “zoals de zon schijnt in haar kracht” (1:16c). Johannes’ visioen van de verheerlijkte Heer van de Gemeente bereikte haar hoogtepunt in deze beschrijving van de stralende heerlijkheid van Zijn gezicht. De verschijning van Jezus in Zijn verheerlijkte staat was van groot belang voor christenen van eender welke afkomst.

De verrezen Heer is machtig, zelfs goddelijk en kan Zijn volk daarom beschermen en kracht geven voor hun vervolgers. Dit is duidelijk in het zwaard dat uit Zijn mond kwam (1:16b) en dat Hij in Zijn rechterhand zeven sterren vasthoudt (of boodschappers/leiders van de Gemeente) (1:16a, 20a). Het doel van Jezus’ omschrijving was niet om aan de gemeenten Zijn voorkomen mee te delen, maar om Zijn macht te verkondigen. Hij was de regerende Heer van het universum, Degene met de macht over leven en dood (1:18). Johannes schreef naar de vervolgde christenen om hen eraan te herinneren dat God groter dan hun verzoekingen was.

 

 

Christus’ boodschap (Openbaring 1:17-20)

 

Terwijl het vooruitzicht van Christus bemoedigend zal zijn geweest voor de gemeenten, was Zijn boodschap van nog groter belang. Op een wijze gelijk aan zijn ervaring met de verheerlijking van Jezus op de berg (cf. Matt.7:6) werd Johannes opnieuw met schrik overweldigd bij de verschijning van Christus’ glorie en viel hij “als dood aan Zijn voeten” (1:17). Jezus “legde Zijn rechterhand op” Johannes en sprak tot de bange apostel de rustgevende woorden “wees niet bevreesd” (1:17). Overweldigd door de glorie en majesteit van Christus kon Johannes rust vinden in de zekerheid van Gods genadevolle liefde en barmhartige vergeving. Deze rustgevende boodschap en zekerheid die Jezus gaf is gebaseerd op zowel wie Hij is en het gezag dat Hij bezit.

Allereerst noemt Jezus Zichzelf “Ik ben” – de verbondsnaam van God (Ex.3:14). Het was met deze naam dat Hij de bevreesde discipelen die Hem op het meer van Galilea zagen lopen geruststelde (Mattheüs. 14:27). Daarna noemt Jezus Zichzelf “de Eerste en de Laatste” wat nog een andere benaming is die in het Oude Testament gebruikt wordt voor God (Jes.44:6; 48:12). Deze benaming bevestigd opnieuw aan Johannes en zijn lezers de goddelijkheid van Christus. Afgeleid van deze naam is het feit dat Jezus al bestond voor alle dingen er waren en zal blijven bestaan tot in de eeuwigheid. Jezus is veel groter en hoger verheven dan eender welke valse god van de omliggende volkeren. Wanneer deze allen zijn gekomen en gegaan, zal enkel Hij nog overblijven.

De hele boodschap van 1:18 heeft ook betrekking op Jezus’ overwinning van de dood. In de Bijbel en Joodse traditie is God de “Levende.” Jezus wordt hier specifiek de “Levende” genoemd omdat Hij, ondanks dat Hij stierf, Hij voor eeuwig leeft. Paulus schreef zelfs dat “Christus, nu Hij is opgewekt uit de doden, niet meer sterft. De dood heerst niet meer over Hem” (Rom.6:9). Door uit de dood op te staan garandeerde Jezus eeuwig leven aan al Zijn volgelingen, ook al zagen ze omwille van Zijn naam de dood in de ogen (20:4). Omdat Christus nu “altijd leeft om voor hen (Zijn volk) te pleiten,” “kan Hij ook volkomen zalig maken wie door Hem tot God gaan” (Heb.7:25). Ondanks zijn zondigheid in de aanwezigheid van de glorieuze hemelse Heer had Johannes (en al degenen die in Hem geloofden) niets te vrezen, omdat diezelfde Heer de straf voor zijn zonden had betaald met Zijn dood en verrezen was om nu voor eeuwig zijn advocaat te zijn.

Door Zijn overwinning over de dood heeft Jezus ook “de sleutels van het rijk van de dood en van de dood zelf” (Op.1:18). Dat Jezus de sleutels van het dodenrijk bezit geeft aan dat Hij alle macht heeft over de dood. Het zien van zulk een visioen van Christus moet voor Johannes en de Gemeente in de eerste eeuw van grote waarde zijn geweest. In de oude paleizen destijds waren degenen die de sleutels in handen hadden voorname gezagsdragers die konden bepalen of mensen al dan niet in de aanwezigheid van de koning mocht vertoeven. Christus heeft op gelijkaardige wijze het gezag om te beslissen wie sterft en wie leeft; Hij regeert over leven en dood. Door dit te bevatten hadden Johannes en al de verlosten niets te vrezen, omdat Christus hun al van de dood en het dodenrijk had bevrijd door Zijn eigen dood. Wetende dat Christus gezag heeft over de dood gaf aan hen die tot de Gemeente behoren rust en zekerheid, omdat gelovigen niets meer te vrezen hebben.

Aan het eind van het visioen wordt aan Johannes een herinnering gegeven van Zijn goddelijkheid. Op het eerdere gebod van Christus om te schrijven (Op.1:11), wordt nu verder gegaan en aan Johannes wordt gevraagd om drie aspecten op te schrijven. Als eerst “wat u (Johannes) hebt gezien”, het visioen dat hij dus net al gezien en opgeschreven had in verzen 10-16. Ten tweede “wat is”, wat een verwijzing is naar de brieven naar de zeven gemeenten die de toestand van de gemeenten weergaf. En als laatst moest Johannes opschrijven “wat hierna zal geschieden”, de profetische openbaring van de toekomstige dingen die zich ontvouwden in komende visioenen. Christus sluit hier het visioen met Zijn geliefde volgeling door hem te herinneren aan zijn plicht, om de waarheid die hij had geleerd door de visioenen, door te geven.

 

 

Conclusie

 

In het boek Openbaring heeft Christus Zijn Gemeente een erg bemoedigende, maar ook ontnuchterende boodschap gegeven. Doordat de apostel Johannes deze openbaring trouw heeft opgeschreven heeft de vervolgde Gemeente uit die tijd veel rust en zekerheid mogen ontvangen in het feit dat Christus, hun Messias, nu verheerlijkt is. Terwijl ze tegenstand ondervonden, of zelfs de dood door de hand van Caesar, werden ze bemoedigd in het feit dat Christus nog steeds leeft en regeert met Zijn Vader. Hij heeft de dood overwonnen door Zijn leven te geven voor de zonden van mensen. Nu de dood verslagen is blijft enkel de uiteindelijke dag over dat Hij voor de zijnen zal terugkeren. “Maar die dag en dat moment is aan niemand bekend” (Mc.13:32- 37; 1 Thess.5:2).

Om die reden roept Christus allen uit die tijd op om op Hem te wachten, wat zelfs de dag zelf kan betekenen. De terugkeer van Jezus zal uiteindelijk een einde brengen aan de rebellie van mensen – een gelukkig einde voor Gods volk, maar een tragisch einde voor allen die er voor kiezen om Hem te verwerpen. Omdat deze specifieke tijd onbekend en dichtbij is, mag niemand zijn bekering uitstellen. Er is nooit een goede gelegenheid voor de christenen om zich te hechten aan wereldse bezittingen of voorkomens, omdat Christus op eender welk moment kan terugkeren om rekenschap te vragen voor onze keuzes.

 

 

BEGELEIDENDE VRAGEN

 

 Wie kiest Christus om Zijn openbaring te geven?

 

Christus had van Zijn Vader een openbaring gekregen om aan de gemeente te geven. De boodschapper die Jezus koos om Zijn openbaring te geven, was niemand minder dan Zijn geliefde apostel Johannes. Hem zou de taak toevertrouwd worden van het brengen van deze openbaring van de dingen die zouden gebeuren aan de kerk. Wie in de toekomst deze openbaring luidop zou lezen, ernaar zou luisteren en het gehoorzaamt, zou in de ogen van God gezegend geacht worden.

 

 

 Wat ervoeren Johannes en de kerkelijke gemeente gedurende deze tijd?

 

Terwijl hij deze openbaring ontving, leed Johannes gevangenschap op een klein eiland, genaamd Patmos. Daar hielde de Romeinse overheid hem, omdat hij getuigenis had gegeven van Jezus Christus. Net als Petrus en Paulus voor hem, leed Johannes voor zijn toewijding aan Christus de Messias. De kerk ervoer een gelijke vervolging. Net als Stefanus jaren daarvoor, bleef de kerk te maken hebben met de tegenstand wegens hun trouw aan de Messias. Over de gehele wereld werden gelovigen gehaat voor het volgen van Jezus Christus.

 

 

 Naar waar stuurt de apostel Johannes de openbaring van Jezus Christus?

 

Terwijl Johannes op de dag des Heren aan het lofprijzen was, hoort Johannes een luide stem die tegen hem zegt: “Schrijf dat op een boekrol en stuur het aan de zeven gemeenten die in Asia zijn: naar Efeze, naar Smyrna, naar Pergamus, naar Thyatira, naar Sardis, naar Filadelfia en naar Laodicea” (1:11). Deze zeven gemeenten waren gekozen, omdat ze in de zeven belangrijkste steden gelegen waren waarin Asia verdeeld was. Johannes moest de Openbaring van Jezus Christus strategisch aan de gemeenten brengen, omdat dit een doeltreffende en snelle manier was om de boodschap te sturen.

 

 

 Met welke boodschap groet Johannes de zeven gemeenten?

 

Aan het begin van de brief stuurt Johannes een zeer bemoedigende groet van God en Jezus zelf. De Heer God almachtig, de Alfa en Omega wilde dat ze wisten dat Hij nog de eeuwige Soevereine was. Hij had alles nog in Zijn hand, ongeacht de situatie. Christus wilde dat ze wisten dat Hij van hen hield, Hij hen van zonde bevrijdt had en hen koningen en priesters voor God maakte. Vanwege Zijn werk aan het kruis, hadden Johannes en zijn lezers de grootste reden om verheugd te zijn. Het gevloeide bloed van Christus had hen tenslotte bevrijd van hun zonden. Zij stonden nu als zondaren vergeven voor God, vrijgemaakt van zonden, dood en hel door het offer van Jezus Christus. Daarbij zou Jezus terugkomen voor Zijn volgelingen. Geen andere zekerheid zou een betere bemoediging geweest zijn voor de lijdende gelovigen, dan de wetenschap dat Jezus zou komen om dingen recht te zetten en dat de verdrukkers van de kerk tot de erkenning zullen komen van het verkeerde dat zij gedaan hebben aan Gods dienaren. Deze hoop, dat Christus op een dag zal terugkeren en gelovigen mee naar de hemel zal nemen om voor altijd in Zijn aanwezigheid te zijn, voorzag hen zowel van hoop als wel troost gedurende hun lijden.

 

 

 Wat zag Johannes toen hij zich naar de stem, die sprak, keerde?

 

Toen Johannes zich keerde naar de stem die was als een bazuin, zag hij een als “de Zoon des mensen” die te midden van zeven gouden kandelaren was. Dit is niemand anders dan de verheerlijkte Heer van de gemeente, Jezus Christus. Wat veelbetekenend hier is, is dat Jezus te midden van de kandelaars verschijnt (1:12-13; 2:1). Aangezien Christus uitlegt dat deze kandelaars zijn als de gemeenten in hun volheid (1:20), is Zijn verschijning te midden van de kandelaren Jezus aanwezigheid bij Zijn kerk (Joh.20:19). Dat Jezus in dit visioen aanwezig was bij de kerken, zou een geweldige bemoediging geweest zijn voor degene die lijden voor Zijn naam. De bemoediging hier is dat Christus hen niet verlaten had. Hij was getrouw geweest aan Zijn belofte die Hij in het evangelie van Mattheüs gemaakt had, “En zie, Ik ben met u al de dagen, tot de voleinding van de wereld” (Matt.28:20; ook Heb.13:5).

 

 

 Hoe zag de Zoon des mensen er uit in het visioen van Johannes?

 

De verschijning van Jezus in Zijn verheerlijkte toestand, zou voor iedere christen van groot belang zijn. De Een die wij dienen is de Een wiens haar als wit wol is en wiens stem is als geluid van vele wateren. Alles van Hem, van Zijn vurige ogen tot Zijn bronzen voeten straalde Zijn heerlijkheid af. Dat zulk een heerlijkheid gezien kon worden, betekende dat de verrezen Heer machtig is, zelfs God zelf en daarom kan Hij zijn kinderen beschermen en in staat stellen te midden van hun verdrukkers. Dit wordt zichtbaar bij het zwaard dat uit Zijn mond kwam (1:16b) en dat Hij de zeven sterren in Zijn rechterhand vasthoudt (of boodschappers/leiders van de kerk) (1:16a, 20a). Het punt van Jezus’ beschrijving hier was niet om de gemeenten van Zijn verschijning te vertellen, maar om Zijn macht te bekent te maken. Hij was de heersende Heer van het heelal, de Een met macht over leven en dood (1:18). Johannes schreef over de vervolgde christenen, hen eraan herinnerende dat God groter was dan hun beproevingen.

 

 

 Hoe reageert de apostel Johannes wanneer hij de Zoon des mensen ziet?

 

Op een manier gelijk aan zijn ervaring met de heerlijkheid van Jezus op de berg van de verheerlijking (cf. Matt.17:6), was Johannes weer overweldigd door angst bij de voorstelling van Gods heerlijkheid. De apostel Johannes schrijft dat hij als dood neerviel voor Zijn magnifieke Verlosser Jezus Christus. En net als Hij lang geleden gedaan had bij de verheerlijking op de berg (Matt.17:7), plaatste Jezus Zijn rechterhand op Johannes en gaf de bange apostel de bemoedigende woorden “Wees niet bevreesd” (1:17). Terwijl hij overweldigd is door de glorie en majesteit van Christus, kreeg Johannes de troost in de zekerheid van Gods genadevolle liefde en barmhartige vergeving.

 

 

 Hoe laat Christus weten wie Hij is, terwijl Hij troost schenkt aan de apostel Johannes?

 

Om Johannes te troosten zegt Jezus, “Ik ben de Eerste en de Laatste, en de Levende, en Ik ben dood geweest en zie, Ik ben levend tot in alle eeuwigheid” (1:17-18). Jezus maakt zichzelf bekend als de Een die de dood heeft overwonnen. Hoewel Hij aan het kruis stierf, kon het graf Hem niet vasthouden. Christus, die uit de doden is opgestaan, zal nooit weer sterven. Dus door op te staan uit de dood heeft Christus niet alleen de dood verslagen, maar garandeerde Hij eeuwig leven aan al Zijn volgelingen, ook al zagen zij de dood tegemoet vanwege Zijn naam. Dus ondanks Zijn zondeloosheid in de aanwezigheid van de glorieuze Heer van de hemel, hoefde Johannes niet bang te zijn, omdat dezelfde Heer de straf voor zijn zonden had gedragen (en voor degene die in Hem geloofden) en opgestaan was om zijn eeuwige Verlosser te zijn.

 

 

 Wat zegt de verheerlijkte Christus nu over wat Hij nu in bezit heeft?

 

Door Zijn overwinning over de dood, houdt Jezus ook de “sleutels van de dood en van het dodenrijk zelf” in handen (1:18). De mensen in die dagen geloofden dat het dodenrijk (Hades) een Griekse god was die heerste over het rijk van de dood, “het huis van Hades.” “Dood en Hades” vertegenwoordigen daarom de macht van de dood over de schepping. Dat Jezus de sleutel van het dodenrijk had, duidt het feit aan dat Hij alle macht en gezag over de dood heeft. Door dit begrepen te hebben, had Johannes geen angst, evenals al de verlosten, aangezien Christus hem al verlost had van de dood en het dodenrijk door Zijn eigen dood. Wetende dat Christus gezag heeft over de dood, voorzag grote zekerheid voor degene van de gemeenten, aangezien gelovigen niet langer een reden hebben om bang te zijn.

 

 

SAMENVATTING

 

Voordat God de Bijbel eindigde, verlangde Hij dat er nog een openbaring gegeven werd over de dingen die in de toekomst zouden plaatsvinden. Voor degenen uit de vroege gemeenten, zou zijn boodschap een grote bemoediging zijn tijdens de vervolging. Ondanks hun moeilijke omstandigheden blijft God over alle dingen de controle houden. Hij is de Almachtige, de Alfa en Omega, het begin en het einde. Zelfs Christus Zijn Zoon is daar om een bemoediging te geven. Hij die Hem liefheeft en hen bevrijdt heeft van zonden, blijft bij hen. Dit wordt gezien in het visioen van Johannes van de Mensenzoon. Christus, in Zijn volle glorie, verschijnt aan de apostel. In deze ontmoeting bevestigd Christus dat Hij de Levende is, die zonde en dood heeft overwonnen. Johannes schrijft alles wat Christus hem openbaart over de toekomst, getrouw en in gehoorzaamheid op. Van groot belang is het feit dat Christus spoedig zal komen om alle dingen nieuw te maken. Wat er nog rest is de openbaring van Jezus Christus zoals we kunnen zien in het laatst vermelde boek van het Nieuwe Testament.

Dat Christus stierf, is opgestaan en nu leeft blijft een wonderbare waarheid voor vele christenen vandaag. Ieder van ons zou dankbaar moeten zijn dat Christus ons heeft vrijgemaakt van onze zonden door Zijn bloed en dat Hij zijn gemeente blijft liefhebben en er zorg voor draagt. Nu dat de dood is verslagen, is de laatste dag dat Hij voor de Zijnen zal terugkomen, alles wat overblijft. Deze tijd komt spoedig en zal onverwacht zijn. Het is om die reden dat Christus degene oproept om gereed te zijn, want het kan vandaag zijn. Voor degene die niet bij Gods familie behoren, raakt het moment, om zich naar God te keren, op. Christus zal komen en snel, wanneer Hij komt terwijl men Hem nog afwijst, zal hun einde tragisch zijn. Omdat die tijd onbekend is en nader, zou niemand berouw moeten uitstellen.

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

JOHN ASTRIA

 

Boodschap 335 van ” Boodschappen uit de kosmos “

Standaard

categorie :  Boodschappen uit de kosmos

.

.

De perfecte Adam en de perfecte Eva

 

Pasteltekening van John Astria

.

.

CHRISTUS WERD ZONDER ZONDEN GEBOREN,

.

MARIA WERD ZONDER ZONDEN ONTVANGEN.

.

.

CHRIST WAS BORN WITHOUT SIN,

.

MARY WAS CONCEPT WITHOUT SIN.

.

.

.

.

 

 

 

 

 

Wat is de voorbede?

Standaard

categorie : religie

.

.

Wat is de voorbede?

.

Een voorbede is een gebed voor anderen, ook wel een “bemiddelend gebed” of “voorspraak” genoemd. Wanneer iemand een voorbede uitvoert, neemt hij de plaats van een ander in of bepleit hij de zaak van een ander. Een bepaalde studiebijbel definieerde de voorbede als “een heilig, gelovig, volhardend gebed waarin iemand ten voorstaan van God opkomt voor een ander of voor anderen, die Gods tussenkomst dringend nodig hebben.”

.

.

gebed_380x213

.

.

De voorbede is het Bijbelse fundament

.

De Bijbelse basis voor het uitvoeren van voorbeden door gelovigen in het Nieuwe Testament is onze roeping om priesters voor God te zijn. Het Woord van God stelt dat :
wij een heilig priesterschap vormen (1 Petrus 2:5).
wij zijn een koninkrijk van priesters zijn (1 Petrus 2:9),
wij priesters voor God zijn (Openbaring 1:5).
De achtergrond die nodig is om deze roeping tot de priesterlijke voorbede te begrijpen, kan in het voorbeeld van het Levitische priesterschap in het Oude Testament worden gevonden. Het was de verantwoordelijkheid van de priester om “ervóór en ertussen” te staan. Hij stond vóór God om Hem te dienen met offers en gaven. De priester stond ook tussen de rechtvaardige God en de zondige mens door hen op de plaats van het bloedoffer samen te brengen.
Hebreeën 7:11-19 legt het verschil uit tussen de bediening van een priester in het Nieuwe Testament en die in het Oude Testament. Het Levitische priesterschap in het Oude Testament werd van generatie op generatie doorgegeven aan de nakomelingen van de stam van Levi. Het “priesterschap van Melchizedek” waarover in deze Schrifttekst wordt gesproken, is de “nieuwe orde” van geestelijke priesters, waarvan Jezus Christus de Hogepriester is. Het priesterschap wordt aan ons doorgegeven via Zijn bloed en onze geestelijke geboorte als nieuwe scheppingen in Christus.
.
.

Ons rolmodel

.

Jezus Christus is ons model voor de voorbede. Jezus staat vóór God en Hij staat tussen God en de zondige mens, net als de priesters in het Oude Testament:
“Want er is maar één God, en maar één bemiddelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus” (1 Timoteüs 2:5).
“Christus Jezus, die gestorven is, meer nog, die is opgewekt en aan de rechterhand van God zit, pleit voor ons” (Romeinen 8:34).
“Zo kan hij ieder die door hem tot God komt volkomen redden, omdat hij voor altijd leeft en zo voor hen kan pleiten” (Hebreeën 7:25).
Jezus brengt de zondige mens en de rechtschapen God samen op de plek van het bloedoffer voor de zonden. Dierenbloed is niet meer noodzakelijk, zoals in het Oude Testament het geval was. We kunnen God nu benaderen op basis van het bloed van Jezus, dat aan het kruis op Golgota werd vergoten voor de vergeving van onze zonden. Door dat bloed van Jezus kunnen wij God ferm en zonder schroom benaderen (Hebreeën 4:14-16).
Toen Jezus hier op aarde was, was Hij een bemiddelaar. Hij bad voor mensen die ziek of door demonen bezeten waren. Hij bad voor Zijn discipelen. Hij bad zelfs voor jou en mij, toen Hij opkwam voor alle mensen die in Hem wilden geloven. Jezus vervolgde Zijn bemiddelende bediening na Zijn dood en opstanding toen Hij naar de Hemel terugkeerde. Hij dient nu als onze bemiddelaar in de Hemel.
.
.
.
De Drievuldigheid van God

De Drievuldigheid van God

pasteltekening van John Astria

.

 Effectieve voorspraak

.

In de voorbede volgen wij de priesterlijke functie uit het Oude Testament en het patroon van Jezus uit het Nieuwe Testament; wij staan vóór God en wij staan tussen God en een zondig mens. Om effectief “tussenbeide” te kunnen staan, moeten we eerst vóór God staan om de intimiteit te ontwikkelen die noodzakelijk is om deze rol te kunnen vervullen.
Numeri 14 is één van de belangrijkste passages over voorbeden in de Bijbel. Mozes kon tussen God en de zondige mens staan, omdat hij eerst “vóór” God had gestaan en een hechte relatie en communicatie met Hem had ontwikkeld.
Numeri 12:8 vertelt ons hoe God met Mozes als een vriend sprak, niet door middel van visioenen en dromen zoals Hij met andere profeten sprak. Als Nieuwtestamentische gelovigen offeren wij geen dieren meer op, zoals dit in het Oude Testament gebeurde. Wij staan voor God om geestelijke offers te brengen: onze aanbidding (Hebreeën 13:15) en onze eigen levens (Romeinen 12:1).
Op basis van deze hechte relatie met God kunnen wij tussen Hem en anderen staan. Zo kunnen wij hun pleitbezorgers en bemiddelaars zijn. Petrus gebruikt twee woorden om zijn priesterlijke taken te beschrijven: Heilig en Koninklijk.
Heiligheid is vereist om voor God te kunnen staan (Hebreeën 12:14).
We zijn alleen in staat om dit te doen dankzij de rechtschapenheid van Christus, niet die van onszelf. Koninklijk is een beschrijving van het koninklijke gezag dat ons als leden van de koninklijke familie is gegeven en ons toegang geeft tot de troonzaal van God.
.
.
.
3d-gouden-pijl-5271528
.
.
.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

John Astria

John Astria

Matteüs hoofdstuk 26 : vers 52

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Matteüs 26 : 52

 

 

WIE HET ZWAARD HANTEERT

ZAL DOOR HET ZWAARD OMKOMEN!

 

 

hoofdstuk 20 ; de eerste opstanding en de tweede dood

Oordeel op de laatste dag

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Openbaring 1 : 16

 

16 En Hij had zeven sterren in Zijn rechterhand en uit Zijn mond kwam een tweesnijdend scherp zwaard; en Zijn gezicht was zoals de zon schijnt in haar kracht.

 

 

Openbaring 19 : 15

 

15 En uit Zijn mond ging een scherp zwaard, opdat Hij daarmede de heidenen slaan zou. En Hij zal hen hoeden met een ijzeren roede; en Hij treedt den wijnpersbak van den wijn des toorns en der gramschap des almachtigen Gods.

 

 

Uitleg

 

Uit Matteüs  26 : 25 leidt men af dat iemand die geweld gebruikt door geweld aan zijn einde zal komen. Het zijn de woorden van Christus zelf. Maar is dat wel zo ? De regel zal ongetwijfeld bij sommigen van toepassing zijn maar zeker niet bij elke geweldenaar. Het lijkt alsof vele geweldenaars ongestraft hun gang kunnen gaan en een heerlijk leventje leiden tot de dood. Wat bedoelde Christus dan in het evangelie van Matteüs?

De woorden die Christus sprak verwijzen naar de eindtijden, geopenbaard aan Johannes op het eiland Patmos. In die dagen wordt het lam, dat zoenoffer werd voor de zonden van de mens, de leeuw van Judea die komt om te oordelen en te voltrekken. Een geweldenaar zal dus omkomen door Christus, het zwaard, op de laatste dag. Christus zal als koning terugkomen in alle heerlijkheid omring door ontelbare engelen. Alle volkeren zullen voor Hem vergaard worden, ook zij die Hem doorstaken aan het kruis!

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

Gebeden worden belemmerd.

Standaard

categorie : religie

 

 

Het probleem van belemmerde gebeden

 

De Bijbel is er duidelijk over dat onze gebeden belemmerd kunnen worden. Iedereen heeft wel eens het gevoel gehad dat zijn gebeden niet aankomen bij God.

 

 

praying women1

 

 

 

 De oorzaken

 

De Bijbel noemt verscheidene dingen die onze gebeden kunnen belemmeren. Enkele hiervan zijn:

 

Onbeleden zonde

 

Dit is waarschijnlijk de grootste belemmering in ons gebedsleven.

Psalm 66:18:“Als ik diep in mijn hart zonden zou koesteren, dan had de Heer mij nooit verhoord.”

Het goede nieuws is dat God ons zal vergeven als wij onze zonden belijden. Dan kunnen wij die zonde achter ons laten en met een schone lei opnieuw beginnen.

1 Johannes 1:9 :“Belijden we onze zonden, dan zal hij, die trouw en rechtvaardig is, ons onze zonden vergeven en ons reinigen van alle kwaad.”

 

 

 

Onvergevingsgezindheid

 

Matteüs 6:14-15 :“Want als jullie anderen hun misstappen vergeven, zal jullie hemelse Vader ook jullie vergeven. Maar als je anderen niet vergeeft, zal jullie Vader jullie je misstappen evenmin vergeven.”

Wanneer iemand weigert een ander te vergeven schaadt hij zichzelf, omdat dat uiteindelijk zal uitmonden in bitterheid. Een mens kan niet met een bitter hart bidden en dan een zegen verwachten. Een geest die niet wil vergeven legt grote druk op menselijke relaties, vooral de huwelijksrelatie.

1 Petrus 3:7 :“U, mannen, moet verstandig omgaan met uw vrouw, die brozer is dan u. Behandel haar met respect, want zij deelt samen met u in de genade van het nieuwe leven. Dan staat niets uw gebeden in de weg.”

1 Marcus 11:25 : Jezus zei: “Wanneer je staat te bidden en je hebt een ander iets te verwijten, vergeef hem dan, opdat ook jullie Vader in de hemel jullie je misstappen vergeeft.”

Als jij je vastklampt aan gevoelens van wrevel en onvergevingsgezindheid (zelfs tegenover God), dan zal dat een grote hindernis in je gebedsleven zijn.

 

 

 

Onjuiste motieven

 

Wanneer de motivatie voor onze gebeden niet juist is, hebben onze gebeden geen kracht.

Jakobus 4:3 :“En als u bidt ontvangt u niets, omdat u verkeerd bidt: u wilt alleen uw eigen hartstochten bevredigen.”

Matteüs 6:10 :“Uw koninkrijk kome, uw wil geschiede, op aarde zoals in de hemel.”

Als we weten dat onze gebeden overstemmen met Gods wil, dan kunnen we geloven en erop vertrouwen dat Hij ons zal geven wat wij van Hem vragen.

 

 

het-bidden-voor-australisch-geld-9885220

 

 

 

Afgoden in onze levens

 

Exodus 20:3-6 :“Vereer naast mij geen andere goden. Maak geen godenbeelden, geen enkele afbeelding van iets dat in de hemel hier boven is of van iets beneden op de aarde of in het water onder de aarde. Kniel voor zulke beelden niet neer, vereer ze niet, want ik, de Heer, uw God, duld geen andere goden naast mij. Voor de schuld van de ouders laat ik de kinderen boeten, en ook het derde geslacht en het vierde, wanneer ze mij haten; maar als ze mij liefhebben en doen wat ik gebied, bewijs ik hun mijn liefde tot in het duizendste geslacht.”

 

God wil niet eens aangesproken worden door mensen die zich met afgoderij bezighouden. Maar als we de afgoden uit onze levens verwijderen, dan zijn we klaar voor een persoonlijke geestelijke opwekking. De enige manier om te ontdekken of een bepaald iets in jouw leven een afgod is geworden, is het stellen van de volgende vraag: “Zou ik bereid zijn om het op te geven, als God dat van mij zou vragen?” Kijk eens heel eerlijk naar je carrière, je eigendom, je gezin. Als er dingen zijn die jij niet aan God zou willen afstaan, dan blokkeren zij jouw toegang tot Hem.

 

 

Aanbidding van de Mammon, de geldgod

Aanbidding van de Mammon, de geldgod

 

pasteltekening van John Astria

 

 

 

Twijfels en ongeloof

 

Zonder geloof hebben gebeden geen kracht. Zelfs Jezus kon geen wonderen verrichten in Nazareth omdat de mensen geen geloof hadden (Marcus 6:1-6).

Jakobus 1:6 :“Vraag vol vertrouwen, zonder enige twijfel. Wie twijfelt is als een golf in zee, die door de wind heen en weer wordt bewogen.”

Hebreeën 11:6 :“Zonder geloof is het echter onmogelijk God te behagen. Want wie tot God komt, moet geloven dat Hij is, en dat Hij beloont wie Hem zoeken.”

Matteüs 21:22 : “Alles waarom jullie in je gebeden vragen zullen jullie krijgen, als je maar gelooft” .

 

 

4975923

 

 

 

De verwaarlozing van Gods Woord

 

Spreuken 28:9 : “Van hem die zijn oor afkeert van het luisteren naar de wet, is zelfs zijn gebed een gruwel” .

Hebreeën 4:16 :“Laten wij daarom vrijmoedig naderen tot de troon van Gods genade, om barmhartigheid en genade te vinden en zo hulp te krijgen op de juiste tijd.”

 

 

 

Ongehoorzaamheid

 

Als wij willen groeien in onze relatie met God en effectief willen bidden, dan moeten we leren hoe we gehoorzaam kunnen zijn. Een zondevrij leven is niet genoeg. Geloof is niet genoeg. Gehoorzaamheid zou een natuurlijk gevolg moeten zijn van een geloof in God. De mens die in God gelooft, vertrouwt Hem; de mens die God vertrouwt, is Hem gehoorzaam.

1 Samuël 15:22 :“Gehoorzaamheid is beter dan offers.”

Een voortdurende ongehoorzaamheid is de oogst van een wil die zich niet aan God heeft overgegeven. Een overgave aan God heeft enorme voordelen. Een van deze voordelen is dat God belooft jouw gebeden te verhoren en je verzoeken in te willigen. Een ander voordeel is dat je de kracht van Christus ontvangt via de Heilige Geest. Zijn kracht zal dan door jou heen stromen, je kracht geven en goede vruchten voortbrengen.

 

 

 

Satanische weerstand

 

Wij zijn voortdurend in gevecht met de machten van het duister (Efeziërs 6:10-12). Onze vijand, Satan, haat biddende mensen. Een gebed is meer dan vragen en ontvangen: het is een geestelijke strijd.

We moeten :

 

 

de gevolgen van de keuze tussen goed en kwaad

de gevolgen van de keuze tussen goed en kwaad

 

pasteltekening van John Astria

 

 

 

 De remedie tegen belemmerde gebeden

 

Alle belemmeringen van gebeden kunnen verholpen worden door bekentenis en berouw. God wil niet dat je gebeden belemmerd worden. Hij verlangt naar een intiem samenzijn met Zijn kinderen en naar open communicatielijnen.

1 Johannes 1:9 :“Als wij onze zonden belijden: Hij is getrouw en rechtvaardig om ons de zonden te vergeven en ons te reinigen van alle ongerechtigheid.”

Gebed: Vader, wij vragen U nederig om ons te helpen en alle belemmeringen weg te nemen die een effectief en krachtig gebed tot U in de weg staan. Vergeef ons alstublieft wanneer wij tekort schieten en deze hindernissen in onze levens toelaten. Wij bidden graag. Versterk ons geloof, zodat wij kunnen geloven dat U ons wilt zegenen. Ik bid dit in Jezus’ naam. Amen.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

Gebed ter bescherming tijdens de zuivering van de aarde

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Onbevlekt Hart van Onze Moeder Maria, bescherm ons en sta niet toe dat paniek zich van ons leven meester maakt, schenk ons vrede en helderheid in deze tijd van beproeving. Wij behoren u toe, lieve Moeder, en vertrouwen erop dat ons niets zal overkomen, want u, lieve Moeder heeft ons bedekt met uw heilige mantel. Word niet moe voor uw kinderen te bemiddelen, zodat wij deze tijd van zuivering kunnen verdragen en alles zal worden vervuld volgens de goddelijke wil. Jezus en Maria, redt de zielen en geleidt hen tot de glorie van de hemel.
Ere zij God, Ere zij God, Ere zij God.

 

 

Maria Domina Animarum

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Bidt driemaal de Geloofsbelijdenis en driemaal het Magnificat

 

 

Geloofsbelijdenis

 

Ik geloof in God, de almachtige Vader,

Schepper van hemel en aarde.

En in Jezus Christus, zijn enige Zoon, onze Heer;

die ontvangen is van de heilige Geest

en geboren uit de maagd Maria;

die geleden heeft onder Pontius Pilatus,

gekruisigd is, gestorven en begraven;

die neergedaald is ter helle,

de derde dag verrezen uit de doden;

die opgevaren is ten hemel

en zit aan de rechterhand van God,

zijn almachtige Vader.

Vandaar zal Hij komen oordelen

de levenden en de doden;

Ik geloof in de heilige Geest;

de heilige katholieke kerk,

de gemeenschap van de heiligen,

de vergiffenis van de zonden,

de verrijzenis van het lichaam

en het eeuwig leven. Amen.

 

 

 

Magnificat- lofzang van Maria

 

Hoog verheft nu mijn ziel de Heer,

verrukt is mijn geest om God, mijn Verlosser,

Zijn keus viel op zijn eenvoudige dienstmaagd,

van nu af prijst ieder geslacht mij zalig.

Wonderbaar is het wat Hij mij deed,

de Machtige, groot is Zijn Naam!

Barmhartig is Hij tot in lengte van dagen

voor ieder die Hem erkent.

Hij doet zich gelden met krachtige arm,

vermetelen drijft hij uiteen,

machtigen haalt Hij omlaag van hun troon,

eenvoudigen brengt Hij tot aanzien;

Behoeftigen schenkt Hij overvloed,

maar rijken gaan heen met lege handen.

Hij trekt zich Zijn dienaar Israël aan,

Zijn milde erbarming indachtig;

zoals Hij de vaderen heeft beloofd,

voor Abraham en zijn geslacht voor altijd.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

De titels van Satan

Standaard

categorie : religie

.

.

DE WARE- EN DE VALSE DRIEVULDIGHEID

Pasteltekening van  John Astria

.

Titel 1 : Overste / heerser van deze wereld

.

Satans 1e titel is heerser van deze wereld. Het Griekse woord voor overste is ‘archon’. De Grieken wisten hun mening precies uit te drukken en waar zij het woord ‘archon’ gebruiken, ligt de nadruk op het feit dat satan de wereld in een ijzeren greep houdt. Letterlijk betekent het een politieke leider en zo wijst het er met een kracht op dat satan grote invloed heeft op de politieke systemen op onze aarde.


De Here Jezus noemt satan ook de heerser van deze wereld: ‘…nu wordt de heerser van deze wereld van zijn troon gestoten’…’want de h
eerser van deze wereld is op komst’…’het oordeel luidt dat de heerser van deze wereld is veroordeeld.’ (Johannes 12: 31, 14: 30 en 16: 11).

.

.

666 en de reïncarnatie van satan in de antichrist

Pasteltekening van John Astria

.

Titel 2 : Overste van de macht der lucht / hoofd van onzichtbare machten

.

Satans 2e titel is hoofd van onzichtbare machten. ‘Ook u was dood door dwalingen en zonden. U richtte u naar deze slechte wereld en liet u verleiden door het hoofd van de onzichtbare machten, door de geest die nu werkt in hen die zich tegen God verzetten.’ (Efeziërs 2: 1 en 2). Wanneer je aan onzichtbare machten denkt of aan macht der lucht, dan denk je aan dynamische krachten, die de gedachten van mensen en het handelen van mensen beïnvloeden en vorm geven.


De ouderwetse macht der lucht is niets anders dan gedachtensfeer of atmosfeer. Ik zeg wel eens: “de atmosfeer in de kamer is drukkend.” Ik bedoel ermee te zeggen dat de kamer niet alleen gevuld is met mensen, de kamer is gevuld naast mensen, door machten.


Als de vorst der lucht beheerst satan de gedachten van het wereldsysteem. Hij heeft het begrip hersenspoeling bedacht ver voor dat de mens dat bij zijn krijgsgevangene toepaste. Satan smokkelt zijn bedrog binnen via bijvoorbeeld de massamedia en filosofie. Hij gebruikt veel waarheden om zijn leugens te maskeren.

.

.

De antichrist of de valse profeet

Pasteltekening van John Astria

.

Titel 3 : De God van deze eeuw

.

Satans 3e titel is god van deze eeuw. Ik meldde al dat de overleden hogepriester en oprichter van de satanskerk, Anton LaVey, zei dat dit de satanische eeuw is! 

In het Grieks is eeuw ‘aion’ en dat betekent vaak de gedachte die in een bepaalde tijdperk voorop staat. Satan verandert telkens de zaken die ‘in’ zijn. Wie dan gelooft dat hij iets bereikt heeft, merkt dat het alweer tot het verleden behoort. Satan voert het tempo zo hoog op dat de wereld het wereldsysteem niet meer kan bijhouden.

.

Het gevolg is dan ook dat mensen in psychische nood verkeren

.

Zeg nou zelf: sinds 1844 (de Industriële Revolutie) tot heden is slechts 154 jaar overheen gegaan. Kijk nou naar de automatisering; het is niet meer bij te houden. Wanneer mijn man ‘bij wil blijven’ moet hij minimaal 1 keer per jaar zijn computer inruilen voor een nog geavanceerdere uitvoering. Je ziet toch dat steeds meer mensen een burn-out-syndroom hebben, wat in de vorige eeuw nog niet eens bestond.

De “god van deze eeuw” houdt van religie en verblindt de geest van de mens zodat wij de waarheid niet meer eigen zijn. Hij is de god voor degenen die Jezus Christus niet volgen. Wie een ‘eredienst’ houdt wat niet voor Jezus Christus bedoeld is, wordt uiteindelijk door Satan bedrogen. Ook mensen die God zoeken, kunnen door hem bedrogen worden.


Misleide mensen zullen zich uiteindelijk van God bewust worden, want Romeinen 1: 18- 20 zegt: “we zien duidelijk, dat God vanuit de Hemel alle goddeloze en slechte mensen straft die door hun slechte leven de waarheid over Hem in de weg staan. Ze kunnen weten wat er over Hem te weten valt; Hij heeft het hun Zelf duidelijk gemaakt. Want sinds Hij de wereld heeft geschapen, kunnen ze met hun verstand Zijn onzichtbare eigenschappen uit de schepping opmaken; zijn eeuwige macht en Zijn God-zijn.”

Wanneer je met heel je hart God wilt kennen, dan zal God Hemel en aarde bewegen om je het licht te geven, zodat jij de kennis krijgt die je in staat stelt om je aan Gods genade over te geven. God heeft gezegd: “wie Mij met hart en ziel zoekt, zal Mij vinden. Ik beloof, dat Ik me zal laten vinden.” (Jeremia 29: 13). Satan kan zulke mensen niet verblinden, maar wel hen die het licht van God kregen hebben, maar het verwerpen. Wie Christus niet volgt, volgt bewust of onbewust de Satan.


2 Korintiërs 4: 3 en 4 zegt: “Als er dan toch nog een sluier ligt over het evangelie dat we verkondigen, is dat alleen het geval voor hen, die verloren gaan. Zij geloven niet omdat de god van deze wereld hun geest heeft verblind. Daardoor kunnen zij de lichtstralen niet opvangen van het evangelie dat handelt over de glorie van Christus, het beeld van God.”

.

.

Michaël verslaat Satan

Pasteltekening van John Astria

.

.

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

Belangrijke Bijbelteksten

Standaard

categorie : religie

.

.

godslove1

.

.

Houdt God echt van mij?

.

‘Telkens wanneer ik je naam noem,
denk ik met tederheid aan je,
met diepe ontroering en wil ik je helpen.
Neem dat van me aan.’
(Jeremia 31:20)

‘Je bent door God uitgekozen,
hem behoor je toe en hij heeft je lief.
(Kolossenzen 3:12)

‘Wie op hem vertrouwen,
omringt hij met liefde.’
(Psalm 32:10)

‘Ik heb van je gehouden met een eeuwigdurende liefde;
liefdevol heb Ik je naar Mij toegetrokken.’
(Jeremia 31:3)

”Bergen zullen wijken, heuvels wankelen,
maar onwrikbaar is mijn liefde voor jou,
onwankelbaar mijn belofte van vrede en vriendschap.’
De Heer heeft gesproken, hij die met jou is begaan.’
(Jesaja 54:10)

.

Ik zie het niet meer zitten

.

‘Wie vertwijfeld zijn, is hij nabij;
hij redt wie alle moed verloren.
De Heer redt wie hem dienen;
wie bij hem schuilen, komen nooit bedrogen uit.’
(Psalm 34:19, 23)

‘De last op je schouders,
draag hem over aan de Heer,
hij zal voor je zorgen;
wie hem trouw is,
laat hij niet bezwijken, nooit.
(Psalm 55:23)

‘Mild is de Heer en rechtvaardig,
onze God is vol medelijden,
hij waakt over de hulpeloze mens.
Hoe zwak was ik niet!
Maar hij heeft mij gered.
(Psalm 116:5)

‘Ik was er ellendig aan toe,
ik riep de Heer te hulp
en hij luisterde naar mij,
verloste mij van al wat mij kwelde.
Als je ontzag hebt voor de Heer
waakt zijn engel over je,
staat je bij en bevrijdt je.
Je zult zien, je zult merken
hoe goed de Heer is:
je bent gelukkig als je bij hem schuilt.
(Psalm 34:7-9)

‘Voor wie trouw zijn aan God,
is hij een licht in het duister;
hij is vol medelijden,
goedgunstig en rechtvaardig.’
(Psalm 112:4)

.

 Help, ik heb weer gezondigd!

.

‘Alle mensen komen bij u, beladen met zonden.
Drukken onze fouten ons terneer, u vergeeft ze. ‘
(Psalm 65:3, 4)

‘Heer, als u acht slaat op onze fouten,
kan niemand zich meer staande houden.
Maar u weet te vergeven,
daarom hebben we ontzag voor u.’
(Psalm 130:3, 4)

‘Jullie zonden zijn rood als karmijn, paars als purper;
toch kunnen ze blank worden als sneeuw,
wit als wol.’
(Jesaja 1:18)

‘In onze verbondenheid met hem
zijn we door zijn bloed bevrijd
en zijn onze overtredingen vergeven’.
(Efeziërs 1:7)

Maar als wij onze zonden bekennen,
dan is God zo trouw en rechtvaardig
dat hij onze zonden vergeeft
en ons rein maakt van alles
wat we verkeerd hebben gedaan.’
(1 Johannes 1:9)

.

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

John Astria

John Astria

Jezus of Mohammed?

Standaard

categorie : religie

.

.

Wat is het verschil tussen Jezus en Mohammed?

.

Wie is Jezus Christus en wie is Mohammed? In welke opzichten zijn ze verschillend en welke overeenkomsten vertonen ze? Wijzen ze beiden op dezelfde God of spreken ze elkaar op veel punten tegen? Naar wie moeten we luisteren, als we God willen leren kennen?

.

.

.

.

In dit artikel vind je antwoord op deze vragen en leer je wie Jezus Christus en Mohammed echt zijn. De vermelde informatie is gebaseerd op de Bijbel en de Koran.

We weten allemaal dat het ontdekken van waarheid soms pijnlijk en confronterend kan zijn.  Er is één heden en er is maar één verleden geweest. Of we nu het Opperwezen God of Allah noemen maakt in feite niets uit. Mohammed was een profeet zoals er vele profeten geweest zijn, Elke profeet is geboren uit een zondig persoon en heeft dus de erfzonde in het bloed.

Daarom waren en zijn de profeten feilbare mensen die door God (Allah) gebruikt werden om de boodschap van heil te verkondigen aan de hele wereld. Christus was profeet maar ook de Messias. Hij is geboren uit God, kwam ter wereld via de onbevlekte ontvangenis en versloeg de Satan. Hij kwam ter wereld als losprijs voor de zonden en zondigde zelf nooit. Wie niet het zoenoffer van Christus aanvaardt is verloren, al gelooft hij in de talloze profeten die ooit hebben geleefd.

.

Als we echt van God houden, zullen we nooit bang zijn voor waarheid, want God is waarheid en leert ons om in waarheid te leven.

.

Weet wie je volgt

.

Het is erg belangrijk te weten welke geestelijke leider je volgt. Je stelt immers je vertrouwen in deze persoon en gaat ervan uit dat hij je waarachtig leidt naar God toe. Als je echter niet accuraat weet wie je leider is, kun je misleid worden en juist weg van God geleid worden. Het is daarom van zeer groot belang goed te weten wie je kiest als je geestelijke leidsman.

.

.

De mens in geloof is één met Christus

Pasteltekening van John Astria

.

Jezus Christus vs Mohammed

.

GENEZING EN BEVRIJDING

.

Jezus Christus genas duizenden zieken van alle denkbare kwalen en dreef ontelbare boze geesten uit. Deze wonderbare genezingen waren zo indrukwekkend, dat men zelfs de zieken en bezetenen uit omringende steden tot Jezus bracht, waarop hij hen allemaal genas. Het genezen van de zieken was een zeer opvallende eigenschap van Jezus Christus. Het was de vervulling van een voorspelling die honderden jaren op voorhand over Jezus was gedaan, door de profeet Jesaja:

‘Hij heeft onze kwalen op zich genomen en onze ziekten gedragen.’ (Jesaja 53:4)

Mohammed genas nooit een zieke en dreef bij niemand een boze geest uit.

.

DODEN OPWEKKEN

.

Jezus Christus heeft diverse doden opgewekt, waaronder het dochtertje van Jairus, Lazarus en de zoon van een weduwe. Zo liet hij zien dat God macht heeft over dood en leven. Dit is een van de voorbeelden van opwekking uit de dood, zoals vermeld in de geschiedschrijving van het evangelie door de arts Lucas:

“Toen hij de poort van de stad naderde, werd er net een dode naar buiten gedragen, de enige zoon van een weduwe. Een groot aantal mensen vergezelde haar. Toen de Heer haar zag, werd hij door medelijden bewogen en zei tegen haar: ‘Weeklaag niet meer.’ Hij kwam dichterbij, raakte de lijkbaar aan – de dragers bleven stilstaan – en zei: ‘Jongeman, ik zeg je: sta op!’ De dode richtte zich op en begon te spreken, en Jezus gaf hem terug aan zijn moeder.” (Lucas 7:12-15)

Mohammed heeft geen enkele dode opgewekt.

.

OPSTANDING UIT DE DOOD

.

Jezus Christus wekte niet alleen doden op, Hij stond zelf ook op uit de dood en verscheen aan honderden getuigen, als bewijs van zijn opstanding. Ze spraken met hem, aten met hem en raakten zijn lichaam aan. Hij was werkelijk opgestaan uit de dood. De opstanding van Jezus uit de dood is een basis voor het geloof dat eenieder die in Jezus gelooft, van Hem het eeuwige leven kan ontvangen, aangezien Jezus de macht van de dood overwonnen heeft. Daarom zei Jezus:

‘Ik ben de opstanding en het leven; wie in Mij gelooft, zal leven, ook al is hij gestorven.’ (Johannes 11:25)

Mohammed is gestorven en zijn lichaam is vergaan.

.

.

2013-03-31-18-36-53.jezus opgestaan 04

.

.

GODDELIJKHEID

.

Jezus Christus zei over zichzelf niet dat hij profeet was, maar noemde zichzelf het exacte evenbeeld van God, de enige weg tot God, de gelijke van God, de Zoon van God, en hij paste zelfs de heilige, unieke naam van God – ‘IK BEN’ – toe op zichzelf, waarmee Jezus duidelijk maakte dat hij God is.. Hij deed uitspraken als:

‘Ik en de Vader zijn één.’ (Johannes 10:30)

‘Wie Mij gezien heeft, die heeft de Vader gezien.’ (Johannes 14:9)

Mohammed noemde zichzelf niet God, maar zei dat hij een profeet was en dus een mens net als iedereen.

.

WONDEREN EN TEKENEN

.

Jezus Christus deed veel wonderen zoals wandelen op water, een hevige storm laten ophouden met een enkel woord, enkele broodjes en visjes vermenigvuldigen tot voedsel voor duizenden mensen (waarbij er vele malen meer voedsel overbleef dan er oorspronkelijk was), water veranderen in de beste wijn die de feestgangers ooit gedronken hadden, een vijgenboom ter plekke laten verdorren, en nog diverse andere wonderen.

Mohammed heeft geen enkel wonder verricht. De koran benadrukt diverse malen dat Mohammed niet in staat was wonderen te verrichten. Sommigen beweren dat de koran zelf een wonder was, maar daar houdt het dan ook bij op.

.

ZELFOPOFFERING

.

Jezus Christus stierf aan het kruis als een offer voor de zonden van de mensheid. Hij vergeleek zichzelf met een lam dat geslacht werd, als verzoeningsoffer voor ons allen. Jezus legde uit dat het afleggen van zijn leven voor ons, het grootste bewijs van liefde is, dat iemand ooit kan geven.

Mohammed gaf zijn leven voor niemand.

.

.

Het helende bloed van Christus

Pasteltekening van John Astria

.

.

GEWELD EN DOOD

.

Jezus Christus verbood het gebruik van geweld en zei dat iemand die het zwaard hanteert, door het zwaard zal omkomen. Hij doodde nooit iemand, maar wekte integendeel mensen op uit de dood. Jezus noemde de duivel de ‘moordenaar van den beginne, die komt om te stelen, vernietigen en vermoorden’. Over zichzelf zei Jezus echter: ‘Ik ben gekomen opdat jullie leven hebben, en wel in overvloed.’

(Johannes 10:10) Het is helaas een treurige waarheid dat zogenaamde christenen anderen hebben vermoord in naam van Jezus tijdens de kruistochten, maar dat staat haaks op de woorden van Jezus Christus. Hijzelf heeft nooit iemand om het leven gebracht, maar gaf mensen juist het leven.

Mensen die de naam van Jezus misbruiken om geweld te rechtvaardigen, gaan regelrecht in tegen de boodschap van Jezus Christus:

‘Gezegend zijn de vredestichters, zij zullen kinderen van God genoemd worden.’ (Matteus 5:9)

Mohammed werd gekenmerkt door geweld en bloedvergieten.  Mohammed gaf ook diverse malen persoonlijk opdracht om iemand te vermoorden. Hij was een profeet die zondigde zoals elk mens dat deed en nog doet.

.

GELOOF OF DWANG

.

Jezus Christus zei dat het de geest van God is die mensen tot overtuiging brengt. Hij gaf nooit bevel om druk op mensen uit te oefenen, opdat ze zich zouden bekeren. Zijn opdracht luidde: ‘Ga naar de mensen, genees hun zieken, wek de doden op, drijf boze geesten uit en zeg tegen hen: het koninkrijk van God is in jullie midden gekomen’ (Lukas 9-10). Jezus gaf dus opdracht om antwoord te geven op de noden van mensen, en zo Gods liefde te laten zien. Dan kunnen mensen zelf kiezen of ze deze liefde willen aanvaarden of dat ze het verwerpen. Als mensen het afwijzen, zei Jezus: ‘Ga dan weg en trek naar de volgende stad.’

Mohammed dwong mensen zich aan de islam te onderwerpen. 

.

VISIOENEN

.

Jezus Christus verschijnt in dromen en visioenen aan duizenden moslims overal ter wereld. Hij vertelt hen dat hij de weg is tot God en dat ze hem moeten volgen. Dit is een wereldwijd fenomeen, waarover bijzondere documentaires werden gemaakt, waaronder de film More than dreams.

Mohammed verschijnt niet in dromen en visioenen aan christenen.

.

.

kevin-basconi-vision

.

.

GENEZINGEN VANDAAG

.

Jezus Christus gaf opdracht aan eenieder die in hem gelooft, om de handen op zieken te leggen opdat ze genezen. Dat gebeurt ook vandaag wereldwijd en er zijn vele getuigenissen van zieken die door de kracht van Jezus Christus worden genezen. Honderden artsen getuigen van deze wonderen, die gebeuren in Jezus’ naam.

In naam van Mohammed wordt nooit een zieke genezen.

.

.

reikiprogram

.

.

PROFETIE

.

De geboorte en het leven van Jezus Christus is tot in de kleinste details voorspeld door vele profeten van het Oude Testament, honderden en zelfs duizenden jaren voor Jezus geboren werd. Er is sprake van meer dan driehonderd voorspellingen die specifiek uitgekomen zijn.

Mohammed werd niet op voorhand aangekondigd en er zijn geen specifieke voorspellingen over hem gedaan, die in zijn leven vervuld werden. Sommige moslims beweren dat bepaalde Bijbelse voorspellingen aangaande Mozes of de heilige Geest op Mohammed van toepassing zijn, maar dat is niet correct.

.

ZONDE

.

Jezus Christus staat erom bekend nooit gezondigd te hebben en altijd onberispelijk geleefd te hebben. Daarom kon hij als volmaakt onschuldige de straf voor anderen op zich nemen.

Mohammed was een zondaar, net als alle mensen. In de koran wordt meerdere malen vermeld dat Mohammed zondigde.

.

.

Her ware geloof

Pasteltekening van John Astria

.

.

HEMEL

.

Jezus Christus stierf voor alle mensen en zei dat zijn opoffering voor hen de weg baande, om vergeving van zonden te ontvangen en voor eeuwig in de hemel bij God te kunnen leven. Jezus gaf dus zijn leven, om mensen in de hemel te brengen.

Mohammed liet mensen zichzelf opofferen in de heilige oorlog en zei dat hun zelfmoord hen toegang tot de hemel zou verlenen. Zelf legde hij zijn leven niet af.

.

WEELDE

.

Jezus Christus waarschuwde voor het gevaar van geldzucht en leerde mensen niet op geld te vertrouwen, maar op God.

Mohammed dreef handel in slaven en vergaarde enorme rijkdommen.

.

VERVLOEKING

.

Jezus Christus leerde de mensen om hun vijanden lief te hebben en om hen die ons vervolgen te vergeven. Toen hij stierf aan het kruis, voor de zonden van de mensheid, sprak Jezus hardop uit dat hij de mensen vergeving schonk.

‘Vader vergeef het hun, want ze weten niet wat ze doen.’ (Lukas 23:34)

Mohammed vervloekte de Joden en christenen, terwijl hij in de armen van zijn kind-bruid stierf aan de gevolgen van vergiftiging.

.

.

DE ISLAM IS DE 

TEGENBEWEGING

TEGEN HET WARE CHRISTENDOM

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

John Astria