Tagarchief: vijand

Vierde hoofdstuk van Scivias

Standaard

categorie : Hildegard von Bingen

 

 

 

hildegard

 

 

 

OVER HET DERDE DEEL VAN HET BOEK SCIVIAS

 

In het derde deel van Scivias worden twee onderwerpen behandeld. In de eerste tien visioenen wordt de bouw beschreven van de Stad Gods in de loop van heel de heilsgeschiedenis, vanaf de zondeval tot en met de wederkomst van de Heer. In de laatste drie visioenen wordt de gruwel van de antichrist verhaald, het laatste oordeel en tenslotte de gelukzaligheid in de hemel.

 

Deze dertien visioenen worden geïllustreerd met 16 miniaturen. Daarvan zijn er vier bestemd voor de laatste drie visioenen. Zo resten ons dus 12 miniaturen te bespreken die bedoeld zijn als illustratie van de bouw van de Stad Gods. Die Stad Gods heeft een enorme betekenis in de beeldspraak van onze visionaire.

Terwijl Hildegard in het tweede boek van Scivias uitvoerig gesproken heeft over het aandeel van God in onze verlossing, wil zij nu het aandeel van de mens in dit werk laten zien. Zij doet dit onder het beeld van een stadsbouw, een middeleeuwse stad. Het is een stad die vanaf een hooggelegen punt geheel te overzien is, en die volgens een eeuwenoud eenvoudig schema is uitgevoerd.

In Italië treft men nog dergelijke stadjes aan zoals bijvoorbeeld San Gimignano in de buurt van Siëna. Als men daar op de hoge stadhuistoren staat, kan men bijna de hele plattegrond in één blik vangen. Om de betekenis van een stadsbouw te begrijpen zou men zelf in het bouwvak gewerkt moeten hebben in een tijd waarin alles nog handwerk was zonder de moderne hulpmiddelen.

Toen waren samenwerking van velen en een groot geduld de voornaamste vereisten om tot resultaten te komen. Of Hildegard zelf gemetseld heeft is niet bekend maar gezien haar zwakke gestel waarschijnlijk niet. Het is zeker dat zij er wel veel bij betrokken is geweest.

De eerste betrokkenheid van Hildegards bouwwerken was op de Disiboodsberg. Daar heeft zij ongeveer dertig jaar gewoond naast een abdij van benediktijnermonniken die juist in die jaren een grote abdijkerk bouwden. Dan heeft zij de leiding gehad bij de bouw van haar nieuwe klooster op de Rupertusberg bij Bingen, en op het einde van haar leven bij de verbouwing van haar tweede klooster in Eibingen.

De sterkste ervaring welke men opdoet bij de uitvoering van een groot bouwwerk is het scheppen van ruimten door muren langzaamaan hoger op te trekken. Men neemt bezit van ruimten die aangepast zijn aan menselijke maat en die uiteindelijk te verdedigen zijn tegen vijanden en waar men zich meester voelt. Alle leven is strijd, ook het leven van de Kerk. Zelfs God vecht tegen Zijn vijand, de duivel, het kwaad.

Het derde boek van Scivias laat ons de strategie zien van deze strijd, maar dan in middeleeuwse symbolentaal. God houdt Zijn verblijf in het Oosten, de duivel legert steeds in het Noorden. Deze plaatsbepaling in windstreken is een oeroud gegeven dat we uitvoerig terugvinden in de symboliek van de Bijbel.

Dit houdt verband met de geografische ligging van het H. Land. Oostelijk lagen de woestijnen, oneindig groots. Daar ligt de Sinaï waar God woont. Noordelijk lag de weg naar Babylon en vandaar kwamen steeds de vijandige legers. In het zuiden ligt Jeruzalem, de stad van vrede. In het westelijk ligt de zee, de blauwe bron van verkoeling en vruchtbaarheid. Uit deze symbolenwereld put Hildegard haar beelden om de situatie en het grondplan van de te bouwen Stad Gods te beschrijven.

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

Religie is de grootste vijand van God!

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Religie is de grootste vijand van God. God en religie zijn als water en vuur

 

.

Religie doet zich voor als de manier om God te leren kennen, maar niets houdt meer mensen weg van God, als religie. De meeste mensen willen best wel Gods liefde leren kennen, maar ze zijn als de dood voor religie. Hoe komt dat?

 

.

Religies

Religies

 

Het woord religie komt van het Latijnse woord ‘religare’, wat betekent ‘opnieuw binden”. Religie bindt mensen. Het geeft je geen echte vrijheid maar het onderdrukt en controleert je. Religie bindt je vast aan menselijke controle, wetten, tradities, kritiek, schuldgevoelens, prestatiedrang, enz.

Religie staat letterlijk haaks op wat Jezus Christus zei dat Hij voor elk mens wil doen:

‘Als de Zoon van God je vrij gemaakt heeft, zul je werkelijk vrij zijn.’ (Johannes 8:36)

‘Opdat wij werkelijk vrij zouden zijn, heeft Christus ons vrijgemaakt. Houdt dus stand en laat u niet opnieuw een slavenjuk opleggen.’ (Galaten 5:1)

 

 

Jezus is niet gekomen om een religie te stichten.

Hij kwam om vrijheid te geven

.

Hij neemt lasten van je schouders af en breekt de deuren van religie voor je open, zodat je het overvloedige leven met God kunt ontdekken, zonder angst en zonder schuldgevoelens. Jezus neemt de zware jukken van menselijke kritiek, veroordeling, verstikkende tradities en zinloze uiterlijkheden van je af en gaat recht naar je hart.

.

 

h_52202_298791 bijbel

.

 

 

Hij ziet wie je echt bent en geeft je de vrijheid om te zijn wie je echt bent

.

Het enige wat Jezus wil, is dat je zijn liefde ervaart en dat je anderen liefhebt. Het gaat Hem enkel en alleen om liefde. Liefde voor God en liefde voor je naaste. Alle kenmerken van religie, zoals uiterlijkheden, gedragingen, gewoonten, geboden en verboden zijn helemaal niet belangrijk voor God. Ze houden God zelfs weg van de mensen, omdat ze het uiterlijk voorop zetten, in plaats van het hart.

In religie kun je perfect hypocriet zijn. Je uiterlijke vertoning kan overeen stemmen met de eisen van de religie, terwijl je hart nog steeds zelfgericht en oneerlijk is. Daarom noemde Jezus Christus de religieuze leiders van zijn tijd ‘witgekalkte graven vol dorre doodsbeenderen.’ De buitenkant ziet er prachtig uit maar innerlijk is het duister, omdat het ik voorop staat en niet de liefde van God.

.

 

Bij God mag je jezelf zijn, zonder witgekalkte gevels.

Je mag open en bloot voor Hem staan,

want Hij kent je toch door en door. En Hij heeft je lief

.

Omdat religie op het uiterlijk gericht is, beoordeelt het mensen altijd op een verkeerde manier. Religie is dan ook sterk veroordelend. God ontfermt zich over mensen die meestal door religie buitengesloten worden. En God ont-maskert mensen die in religie de hoogste plaatsen innemen.

 

 

God ziet het hart

.

Het beeld dat religie schetst van God, staat in schril contrast met wie God is. Daarom schrikt religie talloze men-sen af van God, in plaats van te laten zie hoe bevrijdend het is om God te kennen, zoals Hij echt is.

.

 

bijbel-en-gouden-hart-17782123 liefde

.

 

 

Religie is misschien wel de voornaamste reden

waarom de meeste mensen niets met God te

maken willen hebben

.

De Bijbel laat zien hoe God echt is. God is liefde, God is goed, God is vrijheid, God is alles waar je blij, gelukkig en gezond van wordt. God is vol creativiteit en maakt mensen vrij om zich creatief te uiten. God is echt en hij maakt je ook echt, zonder alle maskers en harnassen waar religie je in wil stoppen. Mensen die gebonden zijn door religie, ervaren echter Gods vrijheid, vreugde, liefde en goedheid niet ten volle en leven vaak vanuit een houding van kritiek, veroordeling, wetticisme, afwijzing en negatief denken.

 

 

Geen religie maar leven

.

Jezus Christus zei niet: ‘Ik ben gekomen om jullie een nieuwe religie te geven.’ Hij zei:

‘Ik ben gekomen opdat jullie leven zouden hebben en wel leven in overvloed.’ (Johannes 10:10)

.

leven

leven

.

 

Religie drukt neer, maar God maakt je vrij

.

Jezus Christus zei:

Ik ben het licht dat in de wereld gekomen is. Als je Mij volgt, zul je nooit meer in duisternis wandelen. (Johannes 8:12

Wie dorst heeft, laat hij bij mij komen om te drinken. De Schrift zegt over wie in mij gelooft: Zijn hart zal een bron zijn waaruit stromen levend water vloeien. (Johannes 7:38)

.

 

Religie heeft geen echte liefde

.

Jezus was vol liefde en leert ons te leven vanuit Gods liefde, naar elkaar toe. Religie zal wel woorden van liefde hanteren, maar de harten blijven kil en hard. De liefde is niet echt.

.

 

Religie verandert immers alleen de buitenkant,

het uiterlijke gedrag, maar het hart blijft onveranderd

.

De Geest van God verandert je innerlijk. Je wordt werkelijk opnieuw geboren, door de Heilige Geest, die je tot een kind van God maakt. En hoe meer je werkelijk in die vrijheid leeft, hoe meer je vrij wordt van religie, hoe echter je zult worden en hoe meer liefde er in je hart zal stromen.

.

 

Jezus Christus geneest de zieken

.

Een kenmerk van God is dat hij lasten van pijn, verdriet en lijden wegneemt en mensen opricht om te genieten van het leven. Daarom werd de bediening van Jezus Christus gekenmerkt door het genezen van de zieken. Overal waar Jezus Christus kwam, verrichte Hij talloze wonderen van genezing. In het evangelie van Mattheus staat maar liefst zes maal dat Jezus allen genas.

‘Hij genas hen van alle ziekten en kwalen. Ze brachten hem allen die er slecht aan toe waren, mensen met allerlei ziekten en pijnen, bezetenen, lijders aan vallende ziekte en verlamden, en hij maakte hen beter.’ (Matteus 4:23,24)

.

gebedsgenezing-jezus

.

 

 Religie vervolgt Jezus Christus

.

Wie waren de vijanden van Jezus Christus? De godsdienstige leiders, zij die dag en nacht in de tempel en synagoge stonden. Zij vervolgden Jezus ChristusHij paste niet in hun controlesysteem, waar mensen macht hebben over elkaar.

 

 

‘God, de Heer, heeft mij gezalfd:
van zijn geest ben ik vervuld.
Dit is mijn opdracht:
goed nieuws brengen aan de armen,
opbeuren wie alle moed verloren,
gevangenen de vrijheid aanzeggen,
wie opgesloten zitten, loslaten.’
(Jesaja 61:1)

 

de mens in geloof

 

Pasteltekening van John Astria

.

Jezus Christus maakt je volkomen vrij

.

De vrijheid die Jezus Christus ons wil geven is echt een ongekende vrijheid. We denken dat we vrij zijn, maar in werkelijkheid zijn we allemaal in bepaalde opzichten nog gebonden door religie. God heeft een vrijheid voor ons, die we nog niet kennen. Die vrijheid heeft te maken met het ware kennen van het hart van God, dat ons vrijheid, leven, vreugde, ontspanning, rust, liefde en geluk geeft.

.

 

Gods hart

.

Als we Gods vaderhart, Gods vriendelijke hart, Gods warme hart, Gods genadige en ontfermende, geduldige en liefdevolle hart meer en meer leren kennen, worden we meer en meer bevrijd van religie. Religie spreekt wel heel vroom, maar is eigenlijk erg haatdragend en stookt broeders op tegen elkaar, veroorzaakt twisten en conflicten, maakt mensen hoogmoedig en hard, eigenzinnig en niet bereid tot luisteren en leren. De Geest van God maakt je zacht, warm, bewogen, vergevend, bereid tot luisteren, bereid om te leren, altijd zoekend naar het hart van de ander, zoekend naar verzoening en broederschap.

 

 

 God is zo ontzettend anders dan veel mensen

die beweren ‘christen’ te zijn

 

Het is gruwelijk om te horen hoe ijskoud en keihard veroordelend mensen kunnen zijn. Laten we alsjeblieft ons hart heel wijd openen voor de liefde van God. Hij is vol bewogenheid voor mensen. Hij is een echte Vader!

.

 

Religie is dodelijk voor liefde.

Het maakt mensen genadeloos, kil en hard.

Het is door en door duivels

.

Het grootste kenmerk aan de hemel zal zijn, dat mensen daar elkaar in alle oprechtheid van harte zullen liefhebben.  Oordeel niet. Het doet zoveel kwaad en richt zoveel schade aan in de harten van Gods dierbare mensen. Al kennen ze Hem nog niet ten volle, heb ze lief. Want Jezus is gekomen om zondaars te redden. En het zijn de religieuzen die Hem haatten en vermoordden. Wees niet als hen maar heb genade en diepe ontferming. Dan zien mensen wie Jezus is.

.

 

screenshot_348

.

 

 

Gods liefde tonen aan mensen die zoveel geleden hebben

.

God heeft een ander plan voor hen. Gedachten van hoop en niet van onheil, om hen een hoopvolle toekomst te geven. We hebben ook gebeden voor genezing en vertrouwen erop dat de Heer hen volkomen zal vernieuwen, naar geest, ziel en lichaam.

 

 

De ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

De zweep van religie

.

1) Religie wil altijd de mond snoeren van zij die God echt kennen en die vrijheid brengen.

2) Religie gebruikt steeds weer nieuwe vormen en weet zich overal een weg in te banen.

3) Religie is een geestelijke, demonische macht waar elke dienaar van God tegen te strijden heeft.

4) Religie spreekt altijd doorheen gelovigen, en vaak doorheen mensen van wie je het minst verwacht.

5) Religie heeft invloed op ons allemaal. De uitdaging is om nederig genoeg te zijn om te erkennen dat ook jij en ik nog niet ten volle vrij zijn van religie.

6) Religie wordt gekenmerkt door die zweep waar God over sprak. Woorden als een zweep. Het kunnen de juiste woorden zijn, maar de geest die ze spreekt, gebruikt ze om je achteruit te dwingen, met valse beschuldigingen.

7) Religie is de hoofdvijand van God, omdat religie God imiteert. Religie spreekt de woorden van God uit de Bijbel, en doet zich voor als God Zelf. Daarom is dit de meest gevaarlijke vijand van God Zelf.

.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 John Astria

John Astria

Het raadsel van Simson in Richteren: 14

Standaard

categorie: religie

 

 

 

bijbel_open

.

 

Rechters, ook wel Richteren genoemd, is het zevende boek van zowel de joodse Bijbel als de christelijke Bijbel. Het boek vertelt over een aantal Israëlitische rechters die in Israël optraden na de aankomst van de Israëlieten in Kanaän. Deze rechters traden op als leiders en militaire bevelvoerders.

 

In de Hebreeuwse Bijbel valt het boek onder de Profeten. In de christelijke Bijbel maakt het boek deel uit van het Oude Testament en wordt het tot de historische boeken gerekend. De naam ontleent het boek aan het onderwerp. Het behandelt de geschiedenis van het Hebreeuwse volk tijdens de periode van de mensen die de titel “rechter” droegen. Hoewel deze rechters zich ook bezighielden met rechtspraak, heeft het boek vooral aandacht voor hun optreden als militaire leiders die het volk aanvoerden in de strijd tegen onderdrukkers en vijanden.

 

De in het boek Rechters beschreven gebeurtenissen vinden plaats tussen de in Jozua beschreven verovering van Kanaän en het optreden van Samuel, dus ergens in de tweede helft van het 2e milenium voor Christus. Het is Samuel die aan het eind van zijn leven het koningschap instelt. Volgens de Joodse traditie is Samuel ook de auteur van Rechters. Vanaf de instelling van het koningschap spelen rechters geen rol van betekenis meer in de Bijbel en wordt hun rol overgenomen door koningen enerzijds en profeten anderzijds.

 

.

Het raadsel van Simson

.

 

richteren-simson-en-het-raadsel-20-bijbelplaten-voor-het-digibord-kleuteridee-nl-bijbelles-voor-kleuters

.

1Op een keer kwam Simson in Timna en ontmoette daar een Filistijns meisje.
2Hij ging naar huis en zei tegen zijn ouders dat hij met dat meisje wilde trouwen.
3Maar zijn ouders hadden bezwaar tegen dat huwelijk. ‘Waarom trouw je niet met een meisje uit ons eigen volk?’ zeiden ze. ‘Waarom kies je juist een meisje van die heidense en onbesneden Filistijnen? Is er bij het volk Israël niet één meisje met wie je zou willen trouwen?’ Maar Simson zei tegen zijn vader: ‘Ik wil niemand anders dan haar. Ga haar voor mij halen.’
4Zijn ouders wisten echter niet dat de Heredit zo had geleid, want Hij zocht een gelegenheid om iets tegen de Filistijnen te doen, die in die tijd Israël bezet hielden.
5Toen Simson met zijn ouders naar Timna reisde, werd hij bij de wijngaarden aan de rand van de stad aangevallen door een jonge leeuw die brullend op hem afsprong.
6Op dat moment kwam de Geest van deHere over hem en aangezien hij geen wapen bij zich had, greep hij de leeuw bij zijn kaken en scheurde hem in tweeën alsof het een bokje was! Maar hij vertelde het niet aan zijn ouders.
7Nadat hij in Timna was aangekomen, ging hij met het meisje praten en hij mocht haar graag, daarom werden de voorbereidingen voor een huwelijk getroffen.
8Na enige tijd ging hij terug voor de bruiloft. Onderweg keek hij nog even bij de dode leeuw. Er bleek een bijenzwerm in het kadaver te zitten en er was ook honing.
9Hij nam wat honing en liep al etend verder. Hij gaf ook wat aan zijn ouders, maar vertelde hun niet waar het vandaan kwam.
10-11Terwijl zijn vader bezig was met de laatste voorbereidingen voor het huwelijk, gaf Simson een groot feest voor dertig jongemannen uit de stad, zoals in die tijd gebruikelijk was.
12Toen Simson vroeg of zij een raadsel wilden horen, waren zij daar best voor te vinden. ‘Als jullie mijn raadsel kunnen oplossen binnen de zeven dagen van het bruiloftsfeest,’ zei hij, ‘dan zal ik jullie dertig stel bovenkleren en onderkleren geven.
13Maar als jullie de oplossing niet weten, moeten jullie al die kleren aan mij geven!’ ‘Goed,’ zeiden de anderen. ‘Vertel het raadsel maar.’
14En dit was zijn raadsel: ‘Voedsel kwam uit de eter en zoetigheid uit de sterke!’
Drie dagen later hadden ze nog steeds de oplossing niet gevonden.
15Op de vierde dag zeiden ze tegen zijn jonge vrouw: ‘Probeer het antwoord van je man los te krijgen, anders zullen we je vaders huis met jou erin platbranden! Heb je ons soms op dit feest uitgenodigd om ons arm te maken?’
16Toen barstte Simsons vrouw in tranen uit en verweet haar man: ‘Je houdt helemaal niet van me, je geeft niets om me. Want je hebt mijn volk een raadsel opgegeven en mij de oplossing niet eens verteld!’ ‘Ik heb het zelfs niet aan mijn ouders verteld, waarom dan wel aan jou?’ antwoordde hij.
17Maar steeds als zij bij hem was, huilde ze en dat hield ze de rest van het bruiloftsfeest vol. Ten slotte, op de zevende dag, vertelde hij haar het antwoord en zij verklapte het onmiddellijk aan de jongemannen. 18Toen, op de zevende dag, voor het donker werd, vertelden de jongemannen Simson het antwoord. Ze zeiden: ‘Wat is zoeter dan honing, en wie is sterker dan een leeuw?’ Maar Simson antwoordde boos: ‘Jullie hebben mijn vrouw uitgehoord, anders hadden jullie het antwoord nooit kunnen weten!’
19Toen kwam de Geest van de Here over hem. Hij ging naar de stad Askelon, doodde daar dertig mannen en nam hun kleren. Die gaf hij de jongemannen die het antwoord hadden gegeven. Woedend ging hij naar zijn ouders terug en bleef bij hen wonen.
20Zijn vrouw werd toen uitgehuwelijkt aan de man die bij het huwelijk ceremoniemeester was geweest.
.

 

 

SPIJZE GING UIT VAN DE ETER, EN ZOETIGHEID VAN DE STERKE : Richteren 14:14

.

In dit hoofdstuk willen wij nadenken over de bijzondere gevolgen van Christus’ overwinning over de macht van de boze, die nog steeds rondgaat in deze wereld als een brullende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden.

.

.

Sterker dan de leeuw

.

De geschiedenis van Simson’s huwelijk en raadsel leert ons iets over de zegenrijke gevolgen van Christus’ overwinning over de macht van de tegenstander, die volgens Petrus immers rondgaat ‘als een brullende leeuw, op zoek wie hij zou kunnen verslinden’ (1 Petr. 5:8). De verslagen en gedode leeuw is een beeld van de duivel, die in Christus zijn Meerdere heeft ontmoet. De duivel is een ‘eter’, voortdurend op zoek naar een prooi.

Hij is ook de ‘sterke’, die zijn domein bewaakt en die alleen overwonnen kan worden door Iemand die sterker is dan hij. Deze beide kwalificaties gebruikte Simson in zijn raadsel met betrekking tot de leeuw die hij had gedood in de wijnbergen van Timna. De geestelijke betekenis van Simson’s woorden is voor ons niet moeilijk te raden. Wij weten wie de ‘eter’ heeft overwonnen.

 

.

 Simson, verliezer of winnaar?

.

Christus is de Sterkere, die de sterke eter niet slechts heeft gebonden, maar hem ook de doodssteek heeft gegeven (vgl. Matt. 12:29). Eigenlijk is deze laatste uitdrukking niet helemaal correct. Simson had totaal geen wapen bij zich om de leeuw te doden. David had dit vermoedelijk wel toen hij de kudde van zijn vader hoedde en zowel leeuw als beer versloeg, 1 Sam. 17:34-35.

Simson behaalde de overwinning met blote handen. De Geest des Heren greep hem aan, zodat hij de leeuw die hem brullend tegemoet kwam met zijn eigen handen uiteenscheurde, zoals men een bokje uiteenscheurt (14:5-6).

Zo is het ook met de overwinning die Christus op de satan heeft behaald. Christus trad hem tegemoet in de kracht en de waardigheid die Hij persoonlijk bezat, zonder verdere menselijke hulpmiddelen. Hij streed de strijd geheel alléén en geen mens stond Hem terzijde. Hij behaalde echter (eveneens door de kracht van Gods Geest) een plotselinge en definitieve overwinning over de boze, wiens macht nu voorgoed verbroken is.

 

.

Drie belangrijke lessen

.

Ik denk dat dit de voornaamste typologische les is van dit gedeelte, en het is nodig die eerst goed tot ons te laten doordringen. Natuurlijk rijzen er dan ook vragen, omdat Satan nog steeds de overste van deze wereld is en nog steeds rondgaat als een brullende leeuw, maar die zijn van secundair belang. Wij moeten eerst onder de indruk komen van de geweldige en definitieve overwinning die Christus heeft behaald op Zijn tegenstander.

 

.

Het oordeel van Christus op zijn witte troon

Het oordeel van Christus op zijn witte troon

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Het lijkt erop dat de Schrift ons hier wil leren wat :

.

(1) de kern is van het conflict,

(2) wat de definitieve afloop ervan is,

(3) en ook welke zegenrijke gevolgen Christus’ overwinning tot gevolg heeft gehad voor de Zijnen.

(1) Christus was de Rechter en de Verlosser van Zijn volk, de Nazireeër die van Zijn moederschoot af volkomen aan God was toegewijd. Hij kwam oog in oog te staan met Zijn gewelddadige tegenstander die Hem naar het leven stond. Dit begon al bij de verzoeking in de woestijn, toen de duivel Hem probeerde te verleiden maar na verloop van tijd van Hem moest wijken. Christus behaalde de overwinning geheel alleen, doordat Hij streed in Gods kracht. Hij bezat geen menselijke wapens. Zijn enige wapen was het ‘zwaard’ van het Woord van God.

(2) Daarop volgden de jaren van het dienstwerk van de Heer, waarin Hij door Zijn macht telkens weer de ‘sterke’, d.i. de satan, bond en zijn huis beroofde. Dit aspect blijft hier in de geschiedenis van Simson helemaal buiten beschouwing. We vinden hier zoals gezegd alleen de definitieve afloop van de confrontatie tussen de Heer en de vijand van de zielen.

Christus behaalde de totale overwinning op Zijn tegenstander op het kruis van Golgotha. Zoals de Hebreeënbrief het zegt: Christus is Mens geworden en Hij heeft aan bloed en vlees deelgenomen, ‘opdat Hij door de dood te niet zou doen hem die de macht over de dood had, dat is de duivel, en allen zou verlossen die uit vrees voor de dood hun hele leven door aan slavernij onderworpen waren’ (Hebr. 2:14-15).

Hier gebruikte Hij evenmin een menselijk wapen. Hij overwon Zijn tegenstander ‘door de dood’, namelijk door binnen te dringen in het laatste bolwerk van de vijand en hem zijn macht te ontnemen. Deze overwinning is definitief en absoluut, zoals diverse plaatsen in het Nieuwe Testament ons verzekeren (Joh. 12:31; 14:30; 16:11; Kol. 2:14-15).

(3) Deze overwinning heeft in deze tijd echter alleen zegenrijke gevolgen voor degenen die geloven. Dat betekent ook een groot spanningsveld. Want enerzijds is de duivel een verslagen vijand, maar anderzijds gaat hij nog steeds rond als een brullende leeuw, zoekende wie hij kan verslinden. Zijn nederlaag staat vast, maar de uitvoering van het vonnis wacht tot het begin van het Vrederijk.

Aan het begin daarvan zal hij gebonden en in de afgrond worden geworpen, en aan het einde van de duizend jaren zal hij in de poel van vuur en zwavel worden geworpen (Openb. 20:2,10). Daarom is de spijze die uitgaat van de eter, en de zoetigheid die voortkomt uit de sterke, nog niet voor iedereen beschikbaar.

De hele schepping deelt nog niet in de heerlijke gevolgen van de triomf die Christus heeft behaald op Golgotha; dat gebeurt pas bij Zijn wederkomst. Maar ondertussen delen zij die met Hem zijn verbonden wel in de zoete en zegenrijke resultaten van Zijn werk. Zij proeven van de honing die uitgaat van de sterke, zoals Simson zelf al etende verder ging en ook zijn vader en moeder te eten gaf van de honing uit het lichaam van de dode leeuw (14:9).

Alleen de familie van de Overwinnaar deelt op dit moment in de zege. Wij die Hem kennen en toebehoren, die het Woord van God horen en doen, zijn nu Zijn verwanten. Aanvankelijk bestond deze familie alleen uit gelovigen uit Israël, maar later zijn de gelovigen uit de volken er bijgevoegd.

Het geheim van Christus’ kruis en opstanding blijft voor de meeste mensen een groot geheim, zoals ook geïllustreerd wordt in dit verhaal. Zelfs Simson’s ouders, zijn naaste familieleden, wisten niet wat de oorsprong was van de honing die hun zoon hun te eten gaf. Zo is de blijde boodschap van het Evangelie nu nog een verborgenheid voor het Joodse volk, doordat er een bedekking over hun hart ligt (Rom. 11:8; 2 Kor. 3:15).

Voor Filistijnen, de wereldlingen, is het helemaal een raadsel. Het woord van het kruis is zelfs dwaasheid voor hen die verloren gaan (1 Kor. 1:18). Zij begrijpen er helemaal niets van

1: dat het heil alléén te vinden is in Christus, de Gekruisigde;

2: dat Hij door Zijn lijden en sterven en door Zijn glorieuze opstanding uit de dood alle vijandige machten voorgoed heeft tenietgedaan;

3: dat de Zijnen delen in de zoete vruchten van Zijn werk.

Al die dingen zijn een zaak van geloof in Gods Woord, geloof in het volbrachte werk van Christus, en ook in God die Hem uit de doden heeft opgewekt. Anders blijft het allemaal een verborgenheid, een geheim, een raadsel dat niemand kan oplossen, in drie dagen niet en ook in zeven dagen niet (14:14-15).

Alleen via een omweg kwamen de Filistijnen, de vijanden van Gods volk, hier aan de oplossing van het raadsel. Zij presten Simson’s vrouw om het hun mee te delen, maar dit betekende ook het einde van het feest. Het luidde hun eigen ondergang in. Met ons die geloven is het heel anders gesteld. Gods geheimen blijven voor ons géén verborgenheid.

 

De strijd tussen Israel en de Filistijnen in de tijd van de Richteren vond altijd plaats in de vlakte tussen de kust en het bergland van Judea

De strijd tussen Israël en de Filistijnen in de tijd van de Richteren vond altijd plaats in de vlakte tussen de kust en het bergland van Judea

 

Het is de Heilige Geest Zelf die in ons woont, die ze verklaart en die ons inwijdt in de raadselen van Gods wijsheid (1 Kor. 2:6vv.). Daardoor kunnen wij het de Overwinnaar nazeggen: ‘Wat is zoeter dan honing, wat is sterker dan een leeuw?’ Met andere woorden: niets is te vergelijken met de heerlijke gevolgen van het werk van Christus, die de sterke vijand heeft verslagen.

Christus’ liefde was sterker dan de dood. Hij heeft hem die de macht over de dood had tenietgedaan. Wij zijn nu verlost en bevrijd. Wij genieten voedsel, vrede, vrijheid, eeuwig leven. De honing was één van de zegeningen van het beloofde land (Deut. 8:7-9).

Het land Kanaän is een beeld van de hemelse gewesten met hun rijkdom van zegen voor de christen (Ef. 1:3). Christus’ overwinning op het kruis van Golgotha stelt ons in het bezit van alle hemelse zegeningen. De ‘honing’ verlicht onze ogen, ons hart, ons verstand, totdat wij met de Overwinnaar in heerlijkheid zullen worden geopenbaard en het geheim van Zijn overwinning voor aller oog zal worden onthuld.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria

Gods beloften in de Bijbel : deel 1

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

De beloften van God

 

 

Welke zijn voor mij?

.

Zijn er manieren om erachter te komen welke beloften van God voor ons vandaag gelden? Er staan honderden beloften in de Bijbel. Hoe kunnen we weten welke algemene beloften voor ons allemaal gelden, en welke specifieke beloften voor een specifiek persoon zijn?

1 Johannes 1:9 is een geweldig voorbeeld van een algemene belofte: “Maar als we het aan God vertellen als we verkeerd hebben gedaan en Hem om vergeving vragen, dan vergeeft Hij ons. Dan wast Hij ons weer schoon van elke ongehoorzaamheid, zoals Hij heeft beloofd.”

Deze belofte is een algemene belofte aan alle gelovigen. Een voorbeeld van een meer specifieke belofte staat in 1 Koningen 9:5, waar wordt geschreven aan Koning Salomo: “… dan zal Ik ervoor zorgen dat altijd één van jouw zonen koning van Israël zal zijn.”Door de context te bestuderen is het duidelijk dat de belofte gedaan wordt aan koning Salomo.

 

 

 

 

 

Richtlijnen om te onthouden:

 

    • – Bestudeer de context.

 

    • – Is het een voorwaardelijke belofte? Kijk of het woord ‘als’ in de context staat.

 

    • – God geeft ons beloften om ons te helpen ons te onderwerpen aan Zijn wil; niet om Zichzelf te buigen naar onze wil.

 

             – Ga er niet van uit dat je kunt weten wanneer de belofte vervuld zal worden.
    .

Welke zijn er zoal?

 

Hieronder staan enkele beloften die te maken hebben met het dagelijkse leven van een christen:

 

Matteüs 11:28-29 – “Kom naar Mij als je moe bent. Kom naar Mij als je gebogen gaat onder het gewicht van je problemen! Ik zal je rust geven. Doe wat Ik je zeg. Leer van Mij. Want Ik ben vriendelijk en geduldig en bescheiden. Daarom zul je bij Mij innerlijke rust vinden.”

 

 

Filippenzen 4:19 – “Mijn God zal jullie in alles overvloedig geven wat jullie nodig hebben. Want Hij geeft overvloedig omdat Hij Zelf overvloedig bezit. Hij geeft ons in Jezus Christus van zijn rijkdom.”

 

 

Romeinen 10:9 – “Want als je met je mond hardop zegt dat Jezus de Heer is, en met je hart gelooft dat God Hem uit de dood heeft teruggeroepen en levend heeft gemaakt, ben je gered.”

 

 

Romeinen 6:23 – “Het kwaad brengt altijd de dood: het is je loon voor wat je hebt gedaan. Maar de liefdevolle goedheid van God geeft een geschenk: het eeuwige leven, door onze Heer Jezus Christus.”

 

 

1 Korintiërs 10:13 – “Maar als je in de verleiding komt om iets verkeerds te doen, bedenk dan dit. Geen één verleiding is zó groot, dat je er niet tegenop zou kunnen. Want God laat je nooit in de steek. Hij zal niet toestaan dat je het zó moeilijk krijgt, dat je het niet meer aankan. Want Hij zal, als er verleidingen komen, ook voor de oplossing zorgen. Daardoor zul je sterk genoeg zijn om de juiste beslissingen te nemen.”

 

 

Johannes 10:10 – “Maar een dief komt alleen maar om te stelen en te doden en te vernietigen. Ik ben gekomen om leven te geven en overvloed.”

 

 

1 Johannes 1:9 – “Maar als we het aan God vertellen als we verkeerd hebben gedaan en Hem om vergeving vragen, dan vergeeft Hij ons. Dan wast Hij ons weer schoon van elke ongehoorzaamheid, zoals Hij heeft beloofd.”

 

 

 

 

 

Waarom zijn ze belangrijk?

.

De beloften van God zijn een gesproken of geschreven toezegging. Als God zegt dat Hij iets zal doen, dan doet Hij het ook. Als God zegt dat Hij iets niet zal doen, dan houdt Hij zich ook daar aan. Jozua 21:45 zegt: “Alles wat de Heer aan het volk Israël had beloofd, heeft Hij ook gedaan. Er is niets wat Hij niet gedaan heeft.”

 

 

God doet twee soorten beloften

 

De onvoorwaardelijke beloften – Dit zijn beloften die gedaan worden zonder enige voorwaarde.

De voorwaardelijke beloften – Deze soort beloften houden bepaalde kwalificaties of vereisten in. Daarom is het belangrijk om de context van een belofte te begrijpen. Het is niet verstandig om er zomaar een belofte uit te pikken en die ons toe te eigenen. Misschien was dat juist een voorwaardelijke belofte en kunnen we niet aan de eisen voldoen.

 

 

 

 

 

 

1 Gods beloften voor bewaring en bescherming 

 

Ex.23:20 Zie, Ik zend een engel vóór uw aangezicht, om u te bewaren op de weg en om u te brengen naar de plaats, die Ik bereid heb.

 

1 Sam 25:34 Maar zo waar de Here, de God van Israël, leeft, die mij ervoor bewaard heeft u kwaad te doen

 

Ps.20:2 De Here antwoordde u ten dage der benauwdheid, de naam van Jakobs God make u onaantastbaar;

 

Ps.31:21 Gij verbergt hen in het verborgene van uw aanschijn voor de samenscholing der mensen; Gij bergt hen in een hut voor het getwist der tongen.

 

Ps.34: 8 De Engel des Heren legert Zich rondom wie Hem vrezen, en redt hen.

 

Ps.59:10 Mijn sterkte, op U wil ik acht slaan, want God is mijn burcht.

 

Ps.59:17 .. Gij waart mij een burcht, een toevlucht ten dage toen ik benauwd was. 18 Mijn sterkte, U wil ik psalmzingen; want God is mijn burcht.

 

Ps.61:4 Want Gij zijt mij een schuilplaats geweest, een sterke toren tegen de vijand.

 

Ps.62:3 waarlijk, Hij is mijn rots en mijn heil, mijn burcht, ik zal niet te zeer wankelen.7 waarlijk, Hij is mijn rots en mijn heil, mijn burcht, ik zal niet wankelen. 8 Op God rust mijn heil en mijn eer, mijn sterke rots, mijn schuilplaats is in God. 9 Vertrouwt op Hem te allen tijde, o volk, stort uw hart uit voor zijn aangezicht; God is ons een schuilplaats.

 

Ps.91: 1 1 Wie in de schuilplaats des Allerhoogsten is gezeten, vernacht in de schaduw des Almachtigen. 2 Ik zeg tot de Here: Mijn toevlucht en mijn vesting, mijn God, op wie ik vertrouw. 3 Want Hij is het, die u redt van de strik des vogelvangers, van de verderfelijke pest. 4 Met zijn vlerken beschermt Hij u, en onder zijn vleugelen vindt gij een toevlucht; zijn trouw is schild en pantser. 5 Gij hebt niet te vrezen voor de verschrikking van de nacht, voor de pijl, die des daags vliegt; 6 voor de pest, die in het duister rondwaart, voor het verderf, dat op de middag vernielt. 7 Al vallen er duizend aan uw zijde, en tienduizend aan uw rechterhand, tot u zal het niet genaken; 8 slechts zult gij het met uw ogen aanschouwen, en de vergelding aan de goddelozen zien. 9 Want Gij, o Here, zijt mijn toevlucht. De Allerhoogste hebt gij tot uw schutse gesteld; 10 geen onheil zal u treffen, en geen plaag zal uw tent naderen; 11 want Hij zal aangaande u zijn engelen gebieden, dat zij u behoeden op al uw wegen; 12 op de handen zullen zij u dragen, opdat gij uw voet niet aan een steen stoot. 13 Op leeuw en adder zult gij treden, jonge leeuw en slang zult gij vertrappen. 14 Omdat hij Mij zeer bemint, zal Ik hem bevrijden; Ik zal hem beschutten,

 

Ps.116:6 De Here bewaart de éénvoudigen; ik was verzwakt, maar Hij heeft mij verlost.

 

Ps.125:1 Wie op de Here vertrouwen, zijn als de berg Sion, die niet wankelt, maar voor altijd blijft. 2 Rondom Jeruzalem zijn bergen; zo is de Here rondom zijn volk van nu aan tot in eeuwigheid.

 

Ps.145:20 De Here bewaart allen die Hem liefhebben,

 

Ps.121:7 De Here zal u bewaren voor alle kwaad, Hij zal uw ziel bewaren. 8 De Here zal uw uitgang en uw ingang bewaren van nu aan tot in eeuwigheid.

 

Spr.3:26 Want de Here zal uw betrouwen zijn, Hij zal uw voet bewaren, zodat hij niet gegrepen wordt.

 

Spr.12:21 De rechtvaardige zal generlei onheil treffen, maar de goddelozen zijn vol van rampspoed.

 

Spr.18:10 De naam des Heren is een sterke toren; de rechtvaardige ijlt daarheen en is onaantastbaar.

 

Matt.10:29 Worden niet twee mussen te koop aangeboden voor een duit? En niet één daarvan zal ter aarde vallen zonder dat uw Vader het weet. 30 En de haren van uw hoofd zijn ook alle geteld. 31 Weest dan niet bevreesd: gij gaat vele mussen te boven.

 

Joh.10:29 Wat mijn Vader Mij gegeven heeft, gaat alles te boven en niemand kan iets roven uit de hand mijns Vaders.

 

Fil.4:5 De Here is nabij. 6 Weest in geen ding bezorgd, maar laten bij alles uw wensen door gebed en smeking met dankzegging bekend worden bij God. 7 En de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat, zal uw harten en uw gedachten behoeden in Christus Jezus.

 

1 Thess.5:23 En Hij, de God des vredes, heilige u geheel en al, en geheel uw geest, ziel en lichaam moge bij de komst van onze Here Jezus Christus blijken in allen dele onberispelijk bewaard te zijn.

 

Openb.3:10 Omdat gij het bevel bewaard hebt om Mij te blijven verwachten, zal ook Ik u bewaren voor de ure der verzoeking, die over de gehele wereld komen zal, om te verzoeken hen, die op de aarde wonen.

 

Judas 1:24 Denk aan Hem nu, die u voor struikelen kan behoeden en onberispelijk doen staan voor zijn heerlijkheid in grote vreugde,

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Wat is het onderscheid der geesten?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

.

.

 

Het onderscheiden van geesten is een inzicht in de geestelijke wereld over de werking en het functioneren van geesten. Het is een gave om geesten te kunnen herkennen, hun strategieën doorzien en dus adequate tegenmaatregelen te kunnen nemen. In Matteüs 17 vers 14 tot 21 kunnen we lezen hoe Jezus aangeeft hoe een bepaalde boze geest uitgedreven moet worden.

 

.

Waar geestesuitingen zijn zal Satan trachten door imitatie het volk van God te verleiden. Ook de menselijke geest kan op dit terrein zeer actief zijn om – vaak onbewust of door een verkeerde geestelijke opvoeding – de openbaring van de Heilige Geest in de weg te staan.

 

De gave van onderscheiding is gegeven om te onderscheiden door welke geest wordt gesproken of gehandeld. In het bijzonder op het terrein van de profetie is dit belangrijk.

.

In 1 Thessalonicenzen 5:20, 21 volgt na de vermaning om de profetieën niet te verachten, onmiddellijk de opdracht om alle dingen te beproeven en het goede te houden.
Deze tekst wordt veelal misbruikt door hen, die er een vrijbrief in zien om zich op wegen te begeven waar ze als gelovigen niet thuishoren, doch heeft in eerste instantie betrekking op het toetsen van profetische uitingen. Niet alleen de uiting van de geest, doch vooral door welke geest wordt gesproken, dient onderscheiden te worden.

De geschiedenis van Bileam in Numeri 22:34, 35 en 23:1-5 leert ons, dat zelfs valse profeten door Gods Geest geïnspireerd kunnen profeteren. In zo een geval is het belangrijk dat de geest wordt onderscheiden, daar de geestesuiting hier geen houvast biedt. Denk ook aan de vrouw die Paulus en zijn metgezellen nariep, dat zij dienstknechten van God waren. Dit was volkomen juist, doch de geest waardoor zij sprak was een waarzeggende geest – Hand. 16:17.

De duivel openbaart zich als een engel des Lichts, doch de gave van onderscheiden der geesten maakt hem openbaar.

 

We zien deze gave ook in werking treden bij het openbaar komen van personen als Ananias en Saffira (Hand. 5:1-11) en Simon de tovenaar (Hand. 8:23).

In het bijzonder waar de normale onderscheiding op grond van Gods Woord en geestelijke kennis, alsmede natuurlijke mensenkennis tekort schieten, geeft de gave van onderscheiding uitkomst, omdat deze dwars door alle schijn heen ziet.

 

.

 

.

 

 

Beproeft de Geesten

 

 “Geliefden, vertrouwt niet iedere geest, maar beproeft de geesten, of zij uit God zijn; want vele valse profeten zijn in de wereld uitgegaan. Hieraan onderkent gij de Geest Gods: iedere geest, die belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, is uit God; en iedere, die Jezus niet belijdt, is niet uit God.

En dit is de geest van de antichrist, waarvan gij gehoord hebt, dat hij komen zal, en hij is nu reeds in de wereld. Gij zijt uit God, kinderkens, en gij hebt hen overwonnen; want Hij, die in u is, is meerder dan die in de wereld is. Zij zijn uit de wereld; daarom spreken zij uit de wereld en hoort de wereld naar hen. Wij zijn uit God; wie God kent, hoort naar ons; wie uit God niet is, hoort naar ons niet. Hieraan onderkennen wij de Geest der waarheid en de geest der dwaling” (1 Johannes 4:1-6).

.

 

 

Vertrouwt niet iedere geest

.

In deze tekst worden we gewaarschuwd om niet zomaar iedereen te vertrouwen en alles te geloven! “Gelooft niet iedere geest.”

Jezus had al eerder een dergelijke waarschuwing gegeven: “Indien dan iemand tot u zegt: Zie, hier is de Christus, of: Hier, gelooft het niet” (Matteüs 24:23).

.

 

 

Beproeft de geesten, of zij uit God zijn

 

Welke geesten mogen we wel geloven, en welke niet? Hoe kunnen we goede en slechte geesten herkennen?

 1. Paulus schreef: “Toetst alles en behoudt het goede. Onthoudt u van alle soort van kwaad” (1 Tessalonicenzen 5:21,22).

Wel dienen wij open te staan voor iedereen, steeds klaar om iets bij te leren. Maar we mogen niet zomaar alles geloven. We moeten alles toetsen. Het goede moeten we behouden en het overige verwerpen.

2. Waarom staat ‘geesten’ in deze waarschuwing? Hoe kunnen wij een geest op de proef stellen?

Wij mogen niet uitsluitend naar uiterlijkheden kijken. We moeten de vraag stellen: Door welke geest wordt deze persoon bewogen? Door welke kracht gedreven?

De Geest van God waarschuwt ons voor de dwaalgeesten:

“Maar de Geest zegt nadrukkelijk, dat in latere tijden sommigen zullen afvallen van het geloof, doordat zij dwaalgeesten en leringen van boze geesten volgen, door de huichelarij van leugensprekers, die in hun eigen geweten gebrandmerkt zijn” (1 Timoteüs 4:1,2).

.

 

 

De ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

  Vele valse profeten zijn in de wereld uitgegaan

 

De voorspelling van Jezus is wel uitgekomen: “En vele valse profeten zullen opstaan en velen zullen zij verleiden” (Matteüs 24:11).

 

Verschillende soorten dwaalleraars worden in de Schrift genoemd.

 

 1. We lezen over valse christussen.

.

Een valse christus is iemand die valselijk beweert Gods aangestelde Christus of Messias te zijn.

Jezus zei: “Ziet toe, dat niemand u verleide! Want velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik ben de Christus, en zij zullen velen verleiden” (Matteüs 24:5). “Indien dan iemand tot u zegt: Zie, hier is de Christus, of: Hier, gelooft het niet. Want er zullen valse christussen en valse profeten opstaan en zij zullen grote tekenen en wonderen doen, zodat zij, ware het mogelijk, ook de uitverkorenen zouden verleiden. Zie, Ik heb het u voorzegd. Indien men dan tot u zegt: Zie, Hij is in de woestijn, gaat er niet heen; zie, Hij is in de binnenkamer, gelooft het niet. Want gelijk de bliksem komt van het oosten en licht tot het westen, zo zal de komst van de Zoon des mensen zijn” (Matteüs 24:23-27 //Marcus 13:20-23).

 

.

 2. In de brieven van Johannes lezen we over antichristen. ‘Anti’ betekent ‘tegen’. Een ‘antichrist’ is iemand die zich opstelt òf tegen Christus als Zijn vijand, òf tegenover Christus als Zijn plaatsvervanger.

.

“Kinderen, het is de laatste uur; en gelijk gij gehoord hebt, dat er een antichrist komt, zijn er nu ook vele antichristen opgestaan, en daaraan onderkennen wij, dat het de laatste ure is. Zij zijn van ons uitgegaan, maar zij waren uit ons niet; want indien zij uit ons geweest waren, zouden zij bij ons gebleven zijn: maar aan hen moest openbaar worden, dat niet allen uit ons zijn” (1 Johannes 2:18,19).

“Wie is de leugenaar dan wie loochent, dat Jezus de Christus is? Dit is de antichrist, die de Vader en de Zoon loochent. Een ieder, die de Zoon loochent, heeft ook de Vader niet. Wie de Zoon belijdt, heeft ook de Vader. Wat u betreft, wat gij van den beginne gehoord hebt, moet in u blijven. Indien in u blijft, wat gij van den beginne gehoord hebt, dan zult gij ook in de Zoon en in de Vader blijven” (1 Johannes 2:22-24).

“Want er zijn vele misleiders uitgegaan in de wereld, die de komst van Jezus Christus in het vlees niet belijden. Dit is de misleider en de antichrist. Let op uzelf, dat gij niet verliest wat wij verricht hebben, maar uw loon ten volle ontvangt. Een ieder, die verder gaat en niet blijft in de leer van Christus, heeft God niet; wie in die leer blijft, deze heeft zowel de Vader als de Zoon” (2 Johannes 7-9).

 

.

 3. Zoals er valse christussen zijn, zijn er ook valse apostelen. Een apostel is iemand die gezonden is, een gezant. Een valse apostel is iemand die valselijk beweert dat hij door God gezonden is.

.

“Want zulke lieden zijn schijn-apostelen, bedrieglijke arbeiders, die zich voordoen als apostelen van Christus. Geen wonder ook! Immers, de satan zelf doet zich voor als een engel des lichts. Het is dus niets bijzonders, indien ook zijn dienaren zich voordoen als dienaren der gerechtigheid; maar hun einde zal zijn naar hun werken” (2 Korintiërs 11:13-15).

Jezus liet Johannes aan de gemeente te Efeze schrijven: “Ik weet uw werken en inspanning en uw volharding en dat gij de kwaden niet kunt verdragen en hen op de proef gesteld hebt, die zeggen, dat zij apostelen zijn, maar het niet zijn, en dat gij hen leugenaars hebt bevonden” (Openbaring 2:2).

 

.

 4. We worden ook voor valse profeten gewaarschuwd. Een profeet was iemand die sprak door goddelijke inspiratie. Een valse profeet is iemand die valselijk beweert dat God door hem een boodschap heeft gegeven.

.

“Wacht u voor de valse profeten, die in schapevacht tot u komen, maar van binnen zijn zij roofgierige wolven. Aan hun vruchten zult gij hen kennen: men leest toch geen druiven van dorens of vijgen van distels? Zo brengt iedere goede boom goede vruchten voort, maar de slechte boom brengt slechte vruchten voort. Een goede boom kan geen slechte vruchten dragen, of een slechte boom goede vruchten dragen. Iedere boom, die geen goede vrucht voortbrengt, wordt uitgehouwen en in het vuur geworpen. Zo zult gij hen dan aan hun vruchten kennen” (Matteüs 7:15-19).

Evenals de valse apostelen, staan valse profeten in dienst van de satan: “En ik zag uit de bek van de draak en uit de bek van het beest en uit de mond van de valse profeet drie onreine geesten komen, als kikvorsen; want het zijn geesten van duivelen, die tekenen doen, welke uitgaan naar de koningen der gehele wereld, om hen te verzamelen tot de oorlog op de grote dag van de almachtige God” (Openbaring 16:13,14).

 

.

 5. Ook zijn er valse leraars. Een valse leraar hoeft niet te beweren een profeet of apostel te zijn. Hij zal zich gewoon voorstellen als iemand die een boodschap uit de Schrift brengt. Maar eigenlijk brengt hij een menselijke boodschap i.p.v. Gods woord.

.

“Toch zijn er ook valse profeten onder het volk geweest, zoals ook onder u valse leraars zullen komen, die verderfelijke ketterijen zullen doen binnensluipen, zelfs de Heerser, die hen gekocht heeft, verloochende en een schielijk verderf over zich brengend. En velen zullen hun losbandigheden navolgen, zodat door hun schuld de weg der waarheid gelasterd zal worden; en zij zullen uit hebzucht met verzonnen redeneringen u als koopwaar behandelen; maar het oordeel houdt zich reeds lang met hen bezig en hun verderf sluimert niet” (2 Petrus 2:1-3).

 

.

 

De antichrist of de valse profeet

 

Pasteltekening van John Astria

 

.

 

Hoe kunnen wij ons wapenen tegen al deze gevaren?

.

 1. We moeten de waarheid liefhebben, anders worden we bedrogen.

.

“Want het geheimenis der wetteloosheid is reeds in werking; (wacht) slechts totdat hij, die op het ogenblik nog weerhoudt, verwijderd is. Dan zal de wetteloze zich openbaren; hem zal de Here Jezus doden door de adem zijns monds en machteloos maken door zijn verschijning als Hij komt. Daarentegen is diens komst naar de werking des satans met allerlei krachten, tekenen en bedrieglijke wonderen, en met allerlei verlokkende ongerechtigheid, voor hen, die verloren gaan, omdat zij de liefde tot de waarheid niet aanvaard hebben, waardoor zij hadden kunnen behouden worden. En daarom zendt God hun een dwaling, die bewerkt, dat zij de leugen geloven, opdat allen worden geoordeeld, die de waarheid niet geloofd hebben, doch een welgevallen hebben gehad in de ongerechtigheid” (2 Tessalonicenzen 2:7-12).

 

.

 2. God heeft bepaalde mensen aan de gemeente gegeven om ons te helpen.

.

“En Hij heeft zowel apostelen als profeten gegeven, zowel evangelisten als herders en leraars, om de heiligen toe te rusten tot dienstbetoon, tot opbouw van het lichaam van Christus, totdat wij allen de eenheid des geloofs en der volle kennis van de Zoon Gods bereikt hebben, de mannelijke rijpheid, de maat van de wasdom der volheid van Christus. Dan zijn wij niet meer onmondig, op en neder, heen en weder geslingerd onder invloed van allerlei wind van leer, door het valse spel der mensen, in hun sluwheid, die tot dwaling verleidt, maar dan groeien wij, ons aan de waarheid houdende, in liefde in elk opzicht naar Hem toe, die het hoofd is, Christus. En aan Hem ontleent het gehele lichaam als een welsluitend geheel en bijeengehouden door de dienst van al zijn geledingen naar de kracht, die elk lid op zijn wijze oefent, deze groei des lichaams, om zichzelf op te bouwen in de liefde” (Efeziërs 4:11-16).

 

.

 

De strijd tussen goed en kwaad op de laatste dag

 

Pasteltekening van John Astria

 

.

 

 De geesten onderscheiden – Hoe herkent men een sekte?

.

De massa-zelfmoord van 913 volgelingen van Jim Jones in Guyana op 18 november 1978 maakte duidelijk hoe onredelijk en gevaarlijk bepaalde bewegingen kunnen zijn.

Men is het echter lang niet eens over de kenmerken van sekten. Wat is het verschil tussen een onschuldige groep en een gevaarlijke sekte? Mensen geven verschillende antwoorden op deze vraag, afhankelijk van hun eigen uitgangspunt.

Een communist beschouwt alle vormen van godsdienst als bijgeloof en als schadelijk voor de maatschappij. Hij ziet echter niet in dat zijn eigen systeem vele kenmerken heeft van ‘sekten’. Marx en Lenin zijn de grote onfeilbare Leiders. Het dialectisch materialisme (de wereldbeschouwing van het marxisme) is de grote Kracht, die alles in de juiste richting moet leiden. Geweld en dwang worden aangewend om tegenstanders uit te schakelen en om te heersen.

Een Rooms-Katholiek is geneigd alle niet-katholieke kerken toch enigszins als ‘sekten’ te beschouwen, hoewel een onderscheid wordt gemaakt tussen echt gevaarlijke en minder erge groepen. Hij beschouwt ze als opstandelingen tegen de éne ware moederkerk. Maar hij ziet niet in dat vele kenmerken van sekten zeer sterk in de Rooms-Katholieke Kerk zelf aanwezig zijn.

Het valt een niet-katholiek al meteen op dat de ergste sekten dikwijls grote overeenkomsten tonen met de Rooms-Katholieke Kerk! Ze zijn hiërarchisch georganiseerd met één man aan de top. Deze grote man wordt door de leden bijna als een god vereerd. Hij wordt met pracht en praal rondgeleid en rijdt in een imposant voertuig. Uit hoofde van zijn ‘positie’ mag hij in weelde leven, terwijl van zijn volgelingen grote offers worden gevraagd.

Dikwijls wordt hij ‘Vader’ genoemd en als onfeilbaar beschouwd. Men beperkt zich niet tot godsdienstige activiteiten: wereldse macht wordt ook gebruikt. Allerlei middeltjes worden verzonnen om aan geld te komen. Sommige sekten lijken veel op kloosters of, erger nog, op slotkloosters.

 

 

 

Een maatstaf is nodig

 

De enige oplossing is ergens een betrouwbare maatstaf te vinden waarnaar verschillende groeperingen en bewegingen getoetst kunnen worden.

Is grootte een geldige maatstaf? Indien wel, dan is de Rooms-Katholieke Kerk in België geen sekte, maar de Mormoonse wel. In de staat Utah echter (in Amerika), waar er vele Mormonen zijn en slechts weinige Katholieken, zou het net andersom zijn! Neen, grootte is geen geldige maatstaf. Men mag een groep niet als sekte bestempelen alleen omdat die klein is. Evenmin gaat een grote groep zomaar vrijuit.

 

.

 

Jezus, de Messias, de enige weg naar eeuwig leven

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Algemene erkende normen

 

Ongeacht welk geloof men heeft, of welke filosofische of politieke overtuiging, zijn er toch bepaalde algemene normen waarnaar men een beweging kan toetsen. Ondanks de vele afwijkingen, bestaat er onder de mensen toch zo iets als een algemeen besef van goed en kwaad.

Wanneer 900 mensen gezamenlijk zelfmoord plegen, zullen weinigen hun beweging als goed bestempelen. Het eindresultaat in dat geval was duidelijk slecht.

Wanneer een systeem mensen tot gevangenen of slaven maakt, is het een slecht systeem. Mensen mogen niet lichamelijk opgesloten worden, achter een ijzeren gordijn, of in een commune.

Maar geestelijk mogen de mensen ook niet opgesloten worden. Het geestelijk opsluiten of isoleren is soms moeilijker te herkennen. Familiale en sociale druk zijn soms al voldoende om mensen onder een dwang te zetten, zodat ze niet durven weg te gaan. Velen volgen de uiterlijke vormen van een godsdienst, hoewel ze zelf daar niet in geloven, alleen om hun ouders en familie tevreden te stellen.

Door de zogenaamde ‘heilige’ inquisitie gebruikte de Rooms-Katholieke Kerk de staat om mensen te dwingen in die kerk te blijven, of als ze in hun ‘dwaling’ bleven volharden, hen te liquideren. Alle groeperingen die zich van dergelijke middelen bedienen om slaven van mensen te maken, zijn gevaarlijke sekten.

Wanneer een systeem blinde en onvoorwaardelijke gehoorzaamheid opeist, worden de mensen beroofd van hun fundamentele hoedanigheid van vrije wezens. Zij stellen zich dan bloot aan misbruik door hun leiders en zijn in staat ongelooflijk walgelijke dingen te doen.

Gehoorzaamheid aan rechtmatige gezaghebbers (b.v. ouders, leraars, werkgevers en regering) wordt hiermee niet bedoeld. Waar het gevaar schuilt, is in de ‘blinde en onvoorwaardelijke’ gehoorzaamheid. Mensen in verantwoordelijke posities mogen verwachten dat wij hen gehoorzamen, maar niet dat wij hen blind en onvoorwaardelijk gehoorzamen.

Groeperingen die dergelijke oneerlijke praktijken toepassen, zijn duidelijk af te keuren. Godsdiensten die mensenoffers brengen, of die aansporen tot moord, tot oorlog, of tot onzedelijkheid kunnen door ieder weldenkend mens afgekeurd worden.

Merk op dat dergelijke misbruiken niet beperkt zijn tot de een of andere godsdienstige of politieke richting. Zowel links als rechts, en onder allerlei soorten godsdiensten kan men voorbeelden van dergelijke misbruiken vinden.

 

 

.

 

 

 

Christelijke normen

 

Naast de algemene waarden van goed en kwaad, heeft een christen andere maatstaven. Hij erkent Jezus als de Zoon van God en hij gelooft dat God door de Heilige Schrift normen heeft bekendgemaakt.

Een christen vraagt zich niet alleen af of de methoden en praktijken van een beweging in het algemeen goed of slecht te noemen zijn. Hij wil ook weten of de praktijken en leerstellingen van een bepaalde groep in overeenstemming zijn met de oorspronkelijke leer van Christus!

Deze vraag is enigszins moeilijker te beantwoorden omdat het hier om waarheid en waarachtigheid gaat. Maar anderzijds heeft een christen het voordeel dat hij een geschreven norm bezit, waarnaar hij alles kan toetsen.

Verschil van mening is er niet in de eerste plaats over wat de Schrift leert, maar over wat de Schrift niet leert. Door te lezen wat de Schrift wel leert, komen er heus wel vele duidelijke normen naar voren, waarnaar men groeperingen kan toetsen.

.

 

De 10 geboden

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 Zaken die in de Schrift zeer concreet en duidelijk worden onderwezen

 

 1. Godsdiensten die Jezus niet erkennen als de Zoon van God, kunnen de mensen niet tot God brengen. Jezus zei: “Ik ben de weg en de waarheid en het leven; niemand komt tot de Vader dan door Mij” [Johannes 14:6].

.

 2. Godsdiensten die Jezus wel erkennen, maar dan slechts als de zoveelste profeet in een reeks gelijksoortige profeten, zijn valse godsdiensten. Volgens Hebreeën, hoofdstuk 1, is Jezus de afdruk van Gods wezen, boven alle mensen en engelen. In Handelingen 4:12 zegt Petrus: “En in niemand anders is de behoudenis; want er is ook onder de hemel geen andere naam onder mensen gegeven waardoor wij behouden moeten worden.”

.

 3. Jezus zelf heeft voorspeld dat vele sekten zouden ontstaan. In Marcus 13:6 spreekt Jezus tot zijn volgelingen: “Kijkt u uit dat niemand u misleidt. Velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik ben het, en zij zullen velen misleiden.” [Zie ook 2 Petrus 2:1-3; 2 Johannes 7-11 en 2 Timoteüs 4:3,4.]

.

 4. Jezus heeft zijn volgelingen tegen valse leraars en profeten gewaarschuwd.

.

 5. Een valse leraar kondigt zich niet aan met een: “Dag, mijnheer, Ik ben een valse leraar.” Uiterlijk stellen valse profeten zich voor als dienaren der gerechtigheid. Trouwens, zo stelt de satan zich ook voor! Daarom moet men verder kijken om een valse leraar als zodanig te kunnen onderscheiden. [Zie Matteüs 7:15-20; Romeinen 16:17,18; 2 Korintiërs 11:13-15.]

.

 6. In Matteüs 7:15-20 zegt Jezus dat wij valse profeten aan hun vruchten kunnen herkennen: “Past u op voor de valse profeten, die tot u komen in schapevachten, maar van binnen zijn zij roofzuchtige wolven. Aan hun vruchten zult u hen kennen.”

.

 7. Wie zich in geestelijke zin ‘vader’ of ‘leermeester’ laat noemen, is geen volgeling van Christus. In Matteüs 23:8-10 zegt Jezus: “U echter, laat u niet rabbi noemen; want één is uw Meester, en u bent allen broeders. En noemt niemand uw vader op de aarde, want één is uw Vader: de Hemelse. Laat u ook niet leermeesters noemen, want één is uw Leermeester: de Christus.” Zowel de Rooms-Katholieke Kerk als vele andere sekten hebben leiders die ‘Vader’ genoemd worden. In vele oosterse godsdiensten heeft men een grote leermeester, van wie al de anderen het moeten hebben. Maar voor een christen is God zijn enige Vader, en Christus zijn enige Leermeester.

.

8. Bedrieglijke wonderen worden door valse profeten verricht [Deuteronomium 13:1-3; Matteüs 7:22,23; Matteüs 24:24; Marcus 13:21-23; 2 Tessalonicenzen 2:5-12].

.

 9. Groeperingen die een gezagsorganisatie hebben, zijn niet van Christus. In Matteüs 20:25,26 zegt Jezus aan zijn volgelingen: “U weet, dat de oversten van de volken over hen heersen en de groten gezag over hen voeren. Zo zal het onder u niet zijn.” De gemeente van Christus mag geen organisatie hebben, waar gezag wordt uitgeoefend zoals bij wereldse regeringen.

.

 10. Wie zegt “De tijd is nabij is een valse profeet. In Lucas 21:8 waarschuwt Jezus: “Kijkt u uit dat u niet wordt misleid. Want velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik ben het; en: De tijd is nabij gekomen. Gaat hen niet achterna.” Vele sekten menen op een of andere wijze te weten dat het einde van de wereld nabij is. Maar Jezus zegt in Matteüs 24:35,36 dat niemand behalve de Vader weet wanneer die dag zal aanbreken. Hij waarschuwt ons voor mensen die beweren dat zij het wel weten: “Gaat hen niet achterna.” In de Openbaring van het Nieuwe Testament zegt Christus wel dat de mens zich moet voorbereiden op het einde en dat er tekenen voor deze tijd zichtbaar zullen zijn als waarschuwing.

.

 11. Wie een voorspelling doet, die niet uitkomt, is een valse profeet [Deuteronomium 18:21,22]. Dit is zo vanzelfsprekend, dat het wonderlijk is, hoe de mensen zich telkens weer kunnen laten misleiden. De Getuigen van Jehova, de Adventisten, Armstrong en Hal Lindsey e.a. hebben voorspellingen gemaakt die kennelijk niet zijn uitgekomen. Maar ze staan dan weer klaar met andere voorwendsels en nieuwe voorspellingen die de oude moeten vervangen.

.

 12. Wie doden of geesten raadpleegt, is niet een dienaar van God [Jesaja 8:19,20].

.

 13. Wie christenen reglementen inzake eten en drinken oplegt is een valse leraar [1 Timoteüs 4:1-7; Kolossenzen 2:16-17; Hebreeën 13:9; Marcus 7:19]. De enige uitzondering hierop is dat christenen geen bloed of gestikt vlees mogen eten [Handelingen 15:19,20; 28,29; 21:25].

.

14. Wie geboden uit het Oude Testament aan christenen oplegt (zoals het houden van de sabbat, of het geven van een tiende, of andere zaken die in het Nieuwe Testament niet vervat zijn) is een valse leraar [Kolossenzen 2:4-19; Titus 3:8-11; Efeziërs 2:14-16].

.

 15. Wie het huwelijk verbiedt, is een valse leraar [1 Timoteüs 4:1-7].

.

 16. Wie het woord van God tegenspreekt, is een valse leraar [Deuteronomium 13:1-3; Jesaja 8:19,20; Romeinen 16:17,18].

.

17. Wie menselijke geboden, leerstellingen en tradities verkondigt, is een valse leraar [Matteüs 15:8,9; Galaten 2:3,4; Kolossenzen 2:4-19; Titus 1:10-16].

.

 18. Wie de Schriften verdraait, is een valse leraar [2 Petrus 3:16-18]. Valse leraars en profeten verdraaien de Schrift. Ze houden zich graag bezig met moeilijke teksten, want die zijn gemakkelijker te verdraaien.

.

Een volgeling van Christus heeft daarom een grote verantwoordelijkheid om zelf met oprechtheid de Schrift ernstig te onderzoeken om schriftmisbruik te kunnen herkennen. Wie de Schrift niet goed kent, wordt gemakkelijk op een dwaalspoor gebracht door iemand die de Schrift op een misleidende wijze interpreteert.

Valse leraars halen Bijbelteksten aan geheel uit hun verband. Wanneer een tekst wordt aangehaald, zoek de tekst op in de bijbel en lees gans het verband.

Het is niet mogelijk in een kort artikel alle aspecten van het probleem te belichten. Als u een volledige gids wenst, waarmee u sekten kunt onderkennen, bestudeer de Heilige Schrift!

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Mogen moslims ongelovigen doden?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

In de koran staan een aantal verzen die lijken te suggeren dat muslims ongelovigen moeten vermoorden. Maar is dat ook wat er staat? We bestuderen een voorbeeld:

 

.

“En bestrijdt op Gods weg hen die jullie bestrijden, maar overtreedt de grenzen niet, God bemint de overtreders [van de grenzen] niet. Doodt hen waar jullie hen aantreffen en verdrijft hen waarvandaan zij jullie verdreven hebben. Verzoeking is erger dan te doden. Strijdt niet tegen hen bij de heilige moskee, zolang zij daarin niet tegen jullie strijden. Als zij tegen jullie strijden, strijdt dan tegen hen; zo is de vergelding voor de ongelovigen. Maar als zij ophouden, dan is God vergevend en barmhartig. Strijd tegen hen tot er geen verzoeking meer is en de godsdienst alleen God toebehoort. Als zij ophouden, dan geen vergelding meer, behalve tegen de onrechtplegers.” (Koran 2:190)
.
.
.
 tumblr_lxszkqJuEF1qmvto5o1_500.
.
.
.
.
.

Hoe moeten we deze verzen begrijpen?

 

.

1. Context van het vers

 

Deze verzen handelen duidelijk niet hoe muslims met niet-muslims moeten omgaan, maar over hoe zij zich moeten gedragen in een oorslogssituatie. Het gaat met andere woorden over wat wij in België of Nederland de krijgswet noemen dewelke in onze landen ook niet van toepassing is op het burgerleven. In de islam geldt hetzelfde onderscheid: de krijgsleer is niet van toepassing op het burgerleven. Deze verzen handelen dus over soldaten in oorlogstijd.

Meerbepaald blijkt uit de sunnah en uit tafsirs dat deze verzen handelen over een situatie waarbij vijanden van de islam de prille, kleine muslimgemeenschap tot de laatste man wilden vermoorden. Het gaat dus om een strijd waarbij de tegenstanders de islam en de muslims wilden uitroeien en vernietigen. De koran gaf muslimsoldaten met dit vers toestemming om zich in zo’n situatie – die zowel het eigen leven als het voortbestaan van de islam bedreigde – gewapenderhand te verweren. Deze vijand die de muslims aanviel bleek toevallig ongelovig te zijn, maar het gaat niet over hun geloofsovertuiging, het gaat erom dat deze vijand de muslims wou uitroeien.

 

 

2. Betekenis

 

Analyseren we nu de verzen:

  • “En bestrijdt op Gods weg hen die jullie bestrijden”
    Hier wordt gesteld dat muslimsoldaten alleen mogen strijden om zich te verdedigen tegen een aanval door anderen, zij mogen alleen strijden tegen diegenen die hen bestrijden. Zij mogen dus niet als eerste aanvallen. Noteer ook dat in de islam alleen door het hoogste en legitiem gezag kan opgeroepen worden tot een gewapende strijd, zoals ook bij ons alleen de regering de oorlog kan verklaren. Extremisten die heden tegen dage geweld plegen overtreden dus de islam gezien zij op eigen houtje handelen tegen de wetten en beslissingen van de eigen overheden in en dus criminele en ontoelaatbare daden plegen, ook volgens de islam.
  • “maar overtreedt de grenzen niet, God bemint de overtreders [van de grenzen] niet.”
    Ook in oorlogstijd, en zelfs in deze context waarbij de vijand muslims tot de laatste man wou vermoorden, krijgen muslimsoldaten hier de opdracht niet in onwettigheid te vervallen maar zich aan hoogstaande morele principes te houden. Zij mogen de grenzen daarvan niet overtreden. De islam schuwt extremismen en veroordeelt onrecht in alle omstandigheden.
  • “Doodt hen waar jullie hen aantreffen en verdrijft hen waarvandaan zij jullie verdreven hebben. Verzoeking is erger dan te doden.”
    Het gaat om een gevecht tegen een vijand die de muslims aanvalt en die alle muslims wil uitroeien. Zoals ook in het krijgsrecht overal ter wereld, mag krachtens deze verzen een muslimsoldaat die vreest voor zijn leven, de tegenstander doden. In andere verzen stelt de koran als algemene regel dat alle leven heilig en onschendbaar is en dat “wie één mens doodt, het ware alsof hij de hele mensheid gedood heeft” (vers 5:32). Middels het vers dat we hier bespreken, wordt op deze algemene regel van onschendbaarheid van het leven een uitzondering gemaakt, omdat muslimsoldaten die aangevallen worden zich anders zouden moeten laten afslachten.
  • “Strijdt niet tegen hen bij de heilige moskee, zolang zij daarin niet tegen jullie strijden. Als zij tegen jullie strijden, strijdt dan tegen hen; zo is de vergelding voor de ongelovigen. Maar als zij ophouden, dan is God vergevend en barmhartig.”
    Middels deze woorden wordt nogmaals gesteld dat muslims niet mogen aanvallen, maar dat ze zich enkel mogen verweren tegen een aanval en in die mate dat wanneer de vijand de gevechten staakt, muslimsoldaten (nieteggenstaande de vijand hen tot de laatste man wou uitmoorden) ook moeten ophouden met vechten.
  • “Strijdt tegen hen tot er geen verzoeking meer is en de godsdienst alleen God toebehoort.”
    Volgens islamgeleerden betekent dit versdeel (in samenhang met andere verzen in de Koran) dat muslims de moordende aanval op hun gemeenschap moeten bestrijden tot op het moment dat zij zelf opnieuw hun geloof vrij kunnen beleven. Het betekent niet dat zij moeten strijden tot wanneer iedereen zich bekeerd heeft (de koran verbiedt bekeringen onder dwang). Het betekent wel dat wanneer de aanvallende vijand zou aanbieden het gevecht te staken op voorwaarde dat muslims het geloof van de vijand aannemen, dat zij daarin niet mochten toestemmen maar moesten strijden tot zij weer hun islam mochten en konden beleven. Wat de andere geloven maakt niet uit en is niet de zaak van muslims gezien de koran godsdienstvrijheid garandeert. Dus zelfs in het geval een vijand de islam aanvalt om die helemaal uit te roeien, mogen muslims zich enkel verweren tot de vijand de oorlog stopt en muslims zelf weer vrij hun geloof mogen beleven.
  • “Als zij ophouden, dan geen vergelding meer, behalve tegen de onrechtplegers.”
    Dit laatste versdeel herhaalt nog eens dat muslims in die omstandigheden moeten stoppen met strijden zodra de vijand die hen wou uitmoorden de vijandigheden staakt, en zegt dat muslims geen vergelding mogen zoeken. Er wordt aan toegevoegd dat de onrechtplegers echter niet vrijuit zullen gaan. Oorlog is geen excuus voor het begaan van immoraliteiten, dus onrechtplegers onder de soldaten zullen voor de rechtbank moeten gebracht worden. Merk dus op hoe sterk zelfs het recht om zich te verdedigen telkenmale beperkt wordt.

 

 

3. Besluit

 

Staat hier, met andere woorden, dat muslims ongelovigen moeten vermoorden?

Zeer zeker niet. Geen enkel vers in de Koran handelt over een gewapende strijd tegen ongelovigen omwille van hun geloof. In bovenstaand vers gaat het om een vijand die de nog prille en kleine muslimgemeenschap volledig wou uitmoorden.  Dat die vijand ongelovig was, doet in deze verzen niets ter zake. Het is geen vers over geloof of ongeloof, het is een vers over krijgsrecht.

 

 

 

 

DE ISLAM IS DE GOEDSCHIKSE

TEGENBEWEGING VAN SATAN,

ALS ENGEL VAN HET LICHT,

TEGEN HET WARE CHRISTENDOM

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 

Theresa van Avilla

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

 

Theresa (ook Theresiavan Avila, Spanje; mystica & kerklerares; † 1582.

Feest 15 oktober.

 

 

Theresa van Avila werd op 28 maart 1515 geboren als dochter van een Spaans edelman. Zij groeide uit tot een knap en ijdel meisje. Zonder veel enthousiasme trad ze toe tot de orde der karmelietessen.

Na ongeveer 20 jaar kreeg ze visioenen waarin ze het lijden van Jezus Christus zo intens mee beleefde dat ze besloot ogenblikkelijk haar leven te veranderen en zich geheel in dienst van God te stellen. Ze oefende zich in stil-zijn en bidden. Ze kon zo verzonken zijn in Gods aanwezigheid dat ze in extase raakte en visioenen zag. Toch werd ze niet levensvreemd. Zelf schrijft ze: “De liefde tot God bestaat niet uit tranen en dierbare gevoelens, maar dat men God dient in gerechtigheid en deemoed.”

Theresa had een actieve natuur en zij gebruikte haar verhouding tot God als een bron voor goede werken. Zij hervormde de orde der karmelietessen ondanks enorme tegenstand en stichtte meer dan 30 nieuwe kloosters die ze met haar groot organisatietalent leidde.

Ze schreef verschillende boeken die voor de theologie zo belangrijk zijn dat zij in 1970 werd benoemd tot kerkleraar. Haar boek ‘Het kasteel der ziel’ leert de lezer bidden op eenvoudige en tegelijk diepzinnige manier. Elke nieuwe ontwikkeling in het gebedsleven wordt voorgesteld als een kamer in een kasteel: overbodig te zeggen dat men tenslotte uitkomt in de schatkamer, waar God woont en daar de bidder met liefde opwacht en ontvangt.

Enkele beroemde uitspraken van haar zijn: “Als je danst, dans dan; als je bidt, bid dan.” Zo was ze eens uitgenodigd bij de rijke weldoener Miguel de Marabès. Bij het eten werd er patrijs opgediend, toen ook al een uiterst verfijnde en luxueuze spijs. Eén van de dienstmeisjes had al de hele tijd moeder Theresa in de gaten gehouden. Nu kon ze zich niet langer bedwingen en zei met iets van afkeuring in haar stem: “Goh, dat een kloostervrouw als u mee-eet van zo’n rijke schotel!” Waarop Theresa antwoordde: “Luister, mijn kind: als men u patrijs voorzet, eet dan patrijs; en als het de tijd van vasten is, houd je dan aan de vasten.”

Eens was ze onderweg met de Heilige Johannes van het Kruis († 1591; feest 14 december), een uiterst sobere monnik, die een scherp oog had voor de tekortkomingen van de mensen en daar ook veel onder leed. Bij het eten werden hun overheerlijke druiven voorgezet. Vader Johannes riep uit: “Als je denkt aan het komende oordeel Gods, zou je er geen één meer door je keel kunnen krijgen.” Waarop Theresa antwoordde: “Dat mag zo zijn, vader Johannes, maar als je denkt aan Gods goedheid, zou je er altijd wel van willen blijven eten!”

Theresa was een uitgesproken aardige vrouw, vrolijk, vriendelijk, open en betrouwbaar. Een verhaal vertelt hoe zij eens per kar op weg was naar een nieuwe kloosterstichting. Het weer was slecht en het pad dat langs een riviertje liep, was een modderpoel geworden. Moeizaam kwam de kar vooruit. Tenslotte bleef ze steken en kantelde. Theresa kwam met bagage en al in het water en de modder terecht. Zij zou toen een stem uit de hemel hebben gehoord: “Zo doet God met al zijn vrienden” (om hun geloof en hart op de proef te stellen?). Theresa had haar antwoord onmiddellijk klaar: “Daarom hebt u er ook zo weinig!”

Andere markante uitspraken van haar: “De mogelijkheid om te bidden onderscheidt een mens van een dier.” Of: “Slechts door genade is het mogelijk om met God te spreken.” Toen een edelman haar eens vol bewondering zei dat hij in haar een groot heilige zag, moet ze geantwoord hebben: ‘Maar u houdt uw mond erover. Want u weet net hoe dat gaat als ze je een groot heilige vinden. Ze gaan wel met je botten slepen, maar ze hebben geen enkele boodschap aan wat je ze voorhoudt.’

Theresa stierf in de nacht van 4 op 15 oktober van het jaar 1582, precies de nacht dat de kalenderhervorming van paus Gregorius XIII († 1585) werd doorgevoerd en er tien dagen werden overgeslagen.

 

 

.

.

.

Verering & Cultuur

 

Zij is onder meer geportretteerd door Rubens, Velasquez en Murillo, meestal als karmelietes in bruin habijt met witte mantel en zwarte sluier. Ze heeft soms een duif boven haar hoofd (symbool van de Heilige Geest); soms een gesel in de hand (om boete te doen) of ook een brandend hart (symbool van liefde).

Haar voorspraak wordt gevraagd bij geestelijke nood, voor een vruchtbaar gebedsleven, bij hartziekten en hoofdpijn.

Zij wordt ‘De Grote Teresia’ genoemd om haar te onderscheiden van ‘De Kleine Theresia” (= Theresia van het Kindje Jezus van Lisieux: † 1897; feest 1 oktober).

 

 

.

Verborgen Geloof en Mystieke Gebedservaring

 

 

Theresa in extase ( Bernini )

 

 

Bernini’s beeld van Theresa’s extase bevindt zich in een zijkapel van de karmelietenkerk Santa Maria della Victoria in Rome. Zonnestralen vallen vanuit een gouden hemel. Met die zonnestralen is een engel afgedaald die met brede glimlach op Theresa neerziet. Het gewaad om zijn benen drukt dynamiek uit. In de rechterhand heeft hij een lange pijl of speer die hij richt op haar hart. De heilige is afgebeeld in volledige overgave, de hand slap langs haar zij, de mond half open.

Haar kloosterkleed is een en al beweging. Prachtig contrast. Wat zich van binnen bij haar afspeelt laat zich aflezen aan de werveling van haar kleed. Het beeld is een illustratie bij een fragment uit Theresa’s Autobiografie. Zij schrijft over zichzelf in de derde persoon, en vertelt hoe de aanwezigheid van de Heer in de stilte van haar gebed een mengeling is van vreugde en intensieve smart tegelijk:

 

‘De pijn doet haar lichaam ineen krimpen. Zij kan noch voeten noch armen bewegen, ja zo zij staat, voelt zij zich als een zak ter aarde zinken, zij kan zelfs niet ademhalen en slaakt slechts enige zuchten, geen zware zuchten, daartoe is zij niet bij machte; zij voelt dat zij zucht.

De Heer wilde dat ik hierbij enige malen het volgende visioen aanschouwde. Ik zag vlak bij mijn linkerzijde een engel en, hetgeen ik anders niet dan bij hoge uitzondering pleegde te doen, ik zag hem onder een lichamelijke gestalte. Ofschoon mij dikwijls engelen verschenen, geschiedde dit altijd, zonder dat ik hen zag, doch steeds in een visioen, zoals ik al eerder beschreef. De Heer wilde dat ik dit visioen op de volgende wijze zag.

De engel was niet groot, eer klein. Hij was zeer schoon en zijn gelaat straalde van zoveel licht, dat hij scheen te behoren tot de hogere engelen, die geheel in vuur ontstoken schijnen. Zij moeten behoren tot hen die men Cherubijnen noemt, doch zij zeiden mij hun naam niet. Duidelijk echter zie ik dat er in de hemel tussen de verschillende engelen en tussen dezelfde engelen onder elkander zulk een groot onderscheid is dat ik het niet zou kunnen uitdrukken.

Ik zag dan, hoe de engel in zijn handen een brede gouden speer droeg, welke boven aan de punt een weinig vuur scheen te houden. Deze scheen hij mij enige malen door het hart te stoten, zodat hij tot in mijn ingewanden doordrong. Toen hij ze terugtrok, was het, of zij mijn ingewanden meenam en mij geheel ontvlamd in vurige liefde tot God achterliet. De pijn was zo hevig, dat zij mij zuchten deed slaken, als ik boven heb beschreven.

De zoetheid echter, waarvan die allerhevigste pijn mij vervulde, was zo buitengewoon groot dat men niet verlangen kan van die pijn verlost te worden noch de ziel bevrediging kan vinden in iets dat God niet is. Het is geen lichamelijke, maar geestelijke pijn, ofschoon het lichaam niet nalaat er enigermate of zelfs in hoge mate in te delen. Het is een verkering tussen de ziel en God, zo zoet dat ik zijne Goedheid smeek die zoetheid te doen smaken aan al wie menen mocht dat ik onwaarheid spreek.’

 

Twee opmerkingen. In tegenstelling tot de tekst plaatst Bernini de engel aan Theresa’s rechterzijde. Theresa’s biechtvader verbeterde de opmerking over de cherubijnen: hij vond het juister daar te spreken van serafs.

Theresa schreef dit fragment enkele jaren na het gebeuren zelf. Haar zogeheten Autobiografie wordt gedateerd uiterlijk 1566. Het is niet een levensbeschrijving in de gebruikelijke zin van het woord. Veeleer een beschrijving van haar gebedsleven, op papier gezet op uitdrukkelijk verzoek van haar biechtvader. Zelf zou zij nooit op de gedachte zijn gekomen om met zulke intimiteiten naar buiten te treden. Maar hij meende dat haar gebedservaringen voor vele bidders dienstig zouden kunnen zijn. En hij was niet de enige in zijn tijd. Zij blijft lang stilstaan bij de verschillende stadia die haar gebedsleven doormaakte en wordt al doende een gids voor ieder die vergelijkbare ervaringen ontvangt. Uiteindelijk is het een oproep om nooit het inwendig gebed achterwege te laten.

In die zin kan men terecht spreken van ‘Verborgen Geloof’. Gebedservaringen behoren tot de intimiteit van het persoonlijke leven. Maar zij zijn niet het uiteindelijke doel van het Godgewijde leven. Immers de een krijgt ze wel, de ander niet, of op geheel andere wijze. Neen, het inwendig gebed heeft – in ieder geval bij Theresa- een apostolische bedoeling. Herhaaldelijk benadrukt zij dat predikanten en geloofsverkondigers mensen van gebed zouden moeten zijn.

Maar de zusters in de door haar gestichte of hervormde slotkloosters drukt ze op het hart te bidden voor de verspreiding van Christus’ goedheid over de hele wereld. Als Spaanse uit de 16e eeuw, die zo getekend wordt door ridderlijke strijd en oorlogvoering, vergelijkt ze dat met goede strategie. Je kunt de vijand het beste bestrijden door je in een hechte versterking terug te trekken en van daaruit uitvallen te doen. Die hechte versterking is het inwendige gebedsleven. Hoe verlangde zijzelf ernaar in de Nieuwe Wereld aan de overkant van de oceaan zielen voor Christus te winnen, al was het er maar één.

Net zoals zij ernaar verlangt zielen van Reformatoren op de – in haar ogen ware manier – tot Christus terug te brengen. Voorbeeld bij uitstek is voor haar het verhaal van de Samaritaanse vrouw in gesprek met Christus (Johannes 4). Gevoed en verlicht door dat gesprek wordt die vrouw geloofsverkondiger, en weet de mensen uit haar omgeving tot Christus te brengen. Dat is des te verrassender, omdat in de ogen van Theresa die vrouw zondares was en niet of nauwelijks deel uitmaakte van haar gemeenschap.

Dat leest ze af uit het feit dat de Samaritaanse in haar eentje midden op de dag water komt putten. Ook Theresa ziet zichzelf als zondares, zeker in het licht van de aanwezigheid van de Heer. Overdreven? Wellicht in onze ogen, maar zijzelf heeft er een prachtige vergelijking voor: ‘In een vertrek waar de zon volop doorheen schijnt, worden alle spinnenwebben zichtbaar.’ Haar extases zijn niet verdiend, maar puur genade.

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Ik, de HEER, vergeet jou niet

Standaard

categorie : religie

 

 

 

De Drievuldigheid

De Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John astria

 

 

 

God vergeet jou niet

 

Psalm 20:1-5

 

Moge de Heer u antwoorden in dagen van nood en de naam van Jakobs God u beschermen, moge hij hulp zenden uit zijn heiligdom, uit Sion u bijstaan. Moge hij al uw gaven gedenken, uw brandoffers welwillend aanvaarden. Moge hij geven wat uw hart verlangt, en al uw plannen doen slagen.

 

Er zijn al veel fasen en seizoenen in je leven voorbijgegaan. Veel dromen en doelen waar je op hoopte zijn gekomen en weer vervlogen. Sommige zijn waargemaakt, terwijl andere aan de kant zijn gezet uit respect voor de hoop en dromen van iemand anders. De vijand van je ziel probeerde om een groot aantal van deze dingen te vernietigen nog voordat je ze had bereikt. Maar toch overkwam je dit. Er waren tijden waarin je een zware strijd moest leveren om te overwinnen; tijden waarin je tot aan het vruchtbare einde standvastig volhield. Maar er worden net zoveel gevechten gestreden in de geestelijke wereld waar jij je niet van bewust bent.

 

 

 

Psalm 35:1-3

 

In deze strijd vocht Ik eenvoudig met mensen die jou tegenwerkten, vanwege jouw recht op je erfenis, een recht dat aan Mijn kinderen werd gegeven . Al die keren dat jij je hoop en je dromen opgaf voor die van een ander, vocht Ik met de vijand voor jouw goed.

 

 

 

Romeinen 8:28

 

Ik ben er, wanneer jij een dag vol problemen hebt. Ik neem die dag en maak er een zegen van.

 

 

 

God spreekt

 

Ik ben tenslotte de Schepper; daarom schep Ik. Mijn scheppende krachten hielden op de zevende dag niet op te bestaan. Zij namen slechts gewoon een pauze om waar te nemen, om te bezinnen, om te rusten en om te zeggen: “Het is goed”.

Ook op dit moment neem Ik alles waar, maar Ik rust niet. Ik bezin Me op al je brandoffers, al de dingen die jij hebt opgeofferd. Brandoffers kunnen bestaan uit de momenten waarop jij je eigen verlangens opgeeft voor die van een ander en zo een plezierige geur voortbrengt die Ik niet kan negeren. Het prettige aroma dat uit jouw offer afkomstig is, heeft Mijn neus als een parfum gevuld en Mijn hart gevuld met een overweldigende liefde die moet worden uitgegoten. Vanuit Mijn herinnering aan jouw offer overspoel Ik je leven vandaag met een verfrissing en bouw Ik een hoge, verheven, sterke brug waar jij overheen kunt lopen. Ik verdedig je en Ik verhef je.

Je moet begrijpen dat Ik de dingen niet vergeet die jij voor anderen hebt gedaan, dingen die je zelf al lang bent vergeten. Al deze dingen hebben zich voor jou opgehoopt en het is tijd voor de oogst. Je rekening is vol, de beloning is weelderig.

 

 

 

Psalm 20:1-9

 

Daarom zeg Ik: Sta op, kind van Zion, want Ik ben je niet vergeten en het verheugt Mij enorm om de verlangens van je hart te vervullen en alle plannen die Ik voor jou had te voltooien.

 

 

 

Lucas 1:37

 

Ik ben de Schepper; met Mij is niets onmogelijk.

 

 

Moge de Heer jou in je moeilijke tijd antwoord geven en al je offergaven en brandoffers gedenken.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

Niet bang zijn voor de dood.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Openbaring hoofdstuk 20 ; de eerste opstanding en de tweede dood

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Niet bang voor de dood

.
“Niet bang voor de dood”, wat is toch wel het geheim dat achter deze woorden schuilt? Is het misschien de terugblik op een “goed” leven, die iemand de moed geeft om niet bang te zijn voor de dood? Of misschien de gedachte, dat met de dood alle leven voorbij is? Zo min het een als het ander.

Waarom strijdt het redeloze dier, dat geen eeuwigheidsbesef heeft zijn doodstrijd dan? Waarom wordt de dood als een vijand der mensen gezien? Omdat de dood onnatuurlijk is en het leven natuurlijk. Het was Gods bedoeling niet, dat de mens sterven zou. Maar door de zonde is de dood. Adam zondigde, en door zijn zonde is de dood in de wereld gekomen. De dood gaat door tot alle mensen.

Daar is doodsvrees in het menselijk hart. De dood wordt beschouwd als een vijand, die een prooi grijpt om hem niet weer los te laten. Er bestaat echter een mogelijkheid om uit de klauwen van de dood te worden gered, omdat er één geweest is, die aan de dood zijn macht ontnomen heeft. Jezus Christus, de Zoon van God, ging vrijwillig in de dood, Hij stierf voor zondaars aan een kruishout, maar Hij stond op en voer ten hemel. Hij kan zeggen:

 

 

“Ik ben de eerste en de laatste, en de levende,
en ik ben dood geweest, en zie, ik ben levend
tot in alle eeuwigheid en ik heb de sleutels
van de dood en van de hades” Openb. 1 : 18.
Op een andere plaats zegt Hij:
“Ik leef, daarom zult ook Gij leven”.

 

 

Zie, dat is het geheim, dat achter de hierboven aangehaalde woorden ligt. Jezus Christus heeft de sleutels! Als u Hem kent als uw verlosser en Heiland, dan hoeft u ook niet bang voor de dood te zijn. Omdat Hij leeft zult ook u leven.

Indien u Hem niet kent, dan zult u toch ook niet in de dood blijven. Christus heeft de sleutels van de dood en zal ze gebruiken. De dood is het eindstadium niet. Eenmaal zal de dood zijn prooi wedergeven. Niet alleen zij, die in Christus geloven, zullen opstaan en het leven ingaan. Neen ook zij, die Hem niet wilden aannemen, zullen uit het graf verrijzen, echter niet om het leven te ontvangen:

 

 

“En de dood en de hades gaven de doden, die in
hen waren. En indien iemand niet gevonden werd geschreven in het boek des
evens, die werd geworpen in de poel des vuurs” Op. 20:15

 

 

Hun laatste plaats zal zijn in de poel des vuurs, ook genoemd de tweede dood. Wie Jezus Christus niet kent als redder en zaligmaker, mag vrezen voor de dood. Zo iemand werd eenmaal geboren, maar zal dan tweemaal sterven.

De eerste maal gaat een ongelovige naar het dodenrijk, de tweede maal naar de poel des vuurs.
Aanvaard Jezus Christus als het zoenoffer voor uw zonden. Dan wordt u twee maal geboren: eenmaal natuurlijk, de tweede maal geestelijk, maar u sterft dan slechts eenmaal, om daarna opgewekt te worden en de heerlijkheid n te gaan.

 

 

” Wel gelukzalig en heilig, die aan de eerste opstanding deel heeft; over deze heeft de tweede dood geen macht”. Openb. 20: 6.

 

 

 

 

 

 

 

Gebeden worden belemmerd.

Standaard

categorie : religie

 

 

Het probleem van belemmerde gebeden

 

De Bijbel is er duidelijk over dat onze gebeden belemmerd kunnen worden. Iedereen heeft wel eens het gevoel gehad dat zijn gebeden niet aankomen bij God.

 

 

praying women1

 

 

 

 De oorzaken

 

De Bijbel noemt verscheidene dingen die onze gebeden kunnen belemmeren. Enkele hiervan zijn:

 

Onbeleden zonde

 

Dit is waarschijnlijk de grootste belemmering in ons gebedsleven.

Psalm 66:18:“Als ik diep in mijn hart zonden zou koesteren, dan had de Heer mij nooit verhoord.”

Het goede nieuws is dat God ons zal vergeven als wij onze zonden belijden. Dan kunnen wij die zonde achter ons laten en met een schone lei opnieuw beginnen.

1 Johannes 1:9 :“Belijden we onze zonden, dan zal hij, die trouw en rechtvaardig is, ons onze zonden vergeven en ons reinigen van alle kwaad.”

 

 

 

Onvergevingsgezindheid

 

Matteüs 6:14-15 :“Want als jullie anderen hun misstappen vergeven, zal jullie hemelse Vader ook jullie vergeven. Maar als je anderen niet vergeeft, zal jullie Vader jullie je misstappen evenmin vergeven.”

Wanneer iemand weigert een ander te vergeven schaadt hij zichzelf, omdat dat uiteindelijk zal uitmonden in bitterheid. Een mens kan niet met een bitter hart bidden en dan een zegen verwachten. Een geest die niet wil vergeven legt grote druk op menselijke relaties, vooral de huwelijksrelatie.

1 Petrus 3:7 :“U, mannen, moet verstandig omgaan met uw vrouw, die brozer is dan u. Behandel haar met respect, want zij deelt samen met u in de genade van het nieuwe leven. Dan staat niets uw gebeden in de weg.”

1 Marcus 11:25 : Jezus zei: “Wanneer je staat te bidden en je hebt een ander iets te verwijten, vergeef hem dan, opdat ook jullie Vader in de hemel jullie je misstappen vergeeft.”

Als jij je vastklampt aan gevoelens van wrevel en onvergevingsgezindheid (zelfs tegenover God), dan zal dat een grote hindernis in je gebedsleven zijn.

 

 

 

Onjuiste motieven

 

Wanneer de motivatie voor onze gebeden niet juist is, hebben onze gebeden geen kracht.

Jakobus 4:3 :“En als u bidt ontvangt u niets, omdat u verkeerd bidt: u wilt alleen uw eigen hartstochten bevredigen.”

Matteüs 6:10 :“Uw koninkrijk kome, uw wil geschiede, op aarde zoals in de hemel.”

Als we weten dat onze gebeden overstemmen met Gods wil, dan kunnen we geloven en erop vertrouwen dat Hij ons zal geven wat wij van Hem vragen.

 

 

het-bidden-voor-australisch-geld-9885220

 

 

 

Afgoden in onze levens

 

Exodus 20:3-6 :“Vereer naast mij geen andere goden. Maak geen godenbeelden, geen enkele afbeelding van iets dat in de hemel hier boven is of van iets beneden op de aarde of in het water onder de aarde. Kniel voor zulke beelden niet neer, vereer ze niet, want ik, de Heer, uw God, duld geen andere goden naast mij. Voor de schuld van de ouders laat ik de kinderen boeten, en ook het derde geslacht en het vierde, wanneer ze mij haten; maar als ze mij liefhebben en doen wat ik gebied, bewijs ik hun mijn liefde tot in het duizendste geslacht.”

 

God wil niet eens aangesproken worden door mensen die zich met afgoderij bezighouden. Maar als we de afgoden uit onze levens verwijderen, dan zijn we klaar voor een persoonlijke geestelijke opwekking. De enige manier om te ontdekken of een bepaald iets in jouw leven een afgod is geworden, is het stellen van de volgende vraag: “Zou ik bereid zijn om het op te geven, als God dat van mij zou vragen?” Kijk eens heel eerlijk naar je carrière, je eigendom, je gezin. Als er dingen zijn die jij niet aan God zou willen afstaan, dan blokkeren zij jouw toegang tot Hem.

 

 

Aanbidding van de Mammon, de geldgod

Aanbidding van de Mammon, de geldgod

 

pasteltekening van John Astria

 

 

 

Twijfels en ongeloof

 

Zonder geloof hebben gebeden geen kracht. Zelfs Jezus kon geen wonderen verrichten in Nazareth omdat de mensen geen geloof hadden (Marcus 6:1-6).

Jakobus 1:6 :“Vraag vol vertrouwen, zonder enige twijfel. Wie twijfelt is als een golf in zee, die door de wind heen en weer wordt bewogen.”

Hebreeën 11:6 :“Zonder geloof is het echter onmogelijk God te behagen. Want wie tot God komt, moet geloven dat Hij is, en dat Hij beloont wie Hem zoeken.”

Matteüs 21:22 : “Alles waarom jullie in je gebeden vragen zullen jullie krijgen, als je maar gelooft” .

 

 

4975923

 

 

 

De verwaarlozing van Gods Woord

 

Spreuken 28:9 : “Van hem die zijn oor afkeert van het luisteren naar de wet, is zelfs zijn gebed een gruwel” .

Hebreeën 4:16 :“Laten wij daarom vrijmoedig naderen tot de troon van Gods genade, om barmhartigheid en genade te vinden en zo hulp te krijgen op de juiste tijd.”

 

 

 

Ongehoorzaamheid

 

Als wij willen groeien in onze relatie met God en effectief willen bidden, dan moeten we leren hoe we gehoorzaam kunnen zijn. Een zondevrij leven is niet genoeg. Geloof is niet genoeg. Gehoorzaamheid zou een natuurlijk gevolg moeten zijn van een geloof in God. De mens die in God gelooft, vertrouwt Hem; de mens die God vertrouwt, is Hem gehoorzaam.

1 Samuël 15:22 :“Gehoorzaamheid is beter dan offers.”

Een voortdurende ongehoorzaamheid is de oogst van een wil die zich niet aan God heeft overgegeven. Een overgave aan God heeft enorme voordelen. Een van deze voordelen is dat God belooft jouw gebeden te verhoren en je verzoeken in te willigen. Een ander voordeel is dat je de kracht van Christus ontvangt via de Heilige Geest. Zijn kracht zal dan door jou heen stromen, je kracht geven en goede vruchten voortbrengen.

 

 

 

Satanische weerstand

 

Wij zijn voortdurend in gevecht met de machten van het duister (Efeziërs 6:10-12). Onze vijand, Satan, haat biddende mensen. Een gebed is meer dan vragen en ontvangen: het is een geestelijke strijd.

We moeten :

 

 

de gevolgen van de keuze tussen goed en kwaad

de gevolgen van de keuze tussen goed en kwaad

 

pasteltekening van John Astria

 

 

 

 De remedie tegen belemmerde gebeden

 

Alle belemmeringen van gebeden kunnen verholpen worden door bekentenis en berouw. God wil niet dat je gebeden belemmerd worden. Hij verlangt naar een intiem samenzijn met Zijn kinderen en naar open communicatielijnen.

1 Johannes 1:9 :“Als wij onze zonden belijden: Hij is getrouw en rechtvaardig om ons de zonden te vergeven en ons te reinigen van alle ongerechtigheid.”

Gebed: Vader, wij vragen U nederig om ons te helpen en alle belemmeringen weg te nemen die een effectief en krachtig gebed tot U in de weg staan. Vergeef ons alstublieft wanneer wij tekort schieten en deze hindernissen in onze levens toelaten. Wij bidden graag. Versterk ons geloof, zodat wij kunnen geloven dat U ons wilt zegenen. Ik bid dit in Jezus’ naam. Amen.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria