Categorie archief: Religie

De leer van Boeddha : deel 2

Standaard

categorie : religie

.

.

De leer van de Boeddha is geen godsdienstige leer maar is in wezen een levensleer of religie. Het boeddhisme is geen godsdienst omdat de vraag of God of een hogere macht bestaat niet relevant is in het boeddhisme. Het boeddhisme is met andere woorden ‘non-theïstisch’. Het kan wel een religie worden genoemd omdat er naast een aantal praktische levensadviezen sprake is van metafysische en mystieke elementen. In dit document zijn een aantal begrippen van de leer van de Boeddha, de Boeddha Dharma, uitgelegd. Van de Vier Edele Waarheden is zowel een verkorte versie als een verdieping gegeven

.

.

boeddha-supertherapeut-en-levenskunstenaar-5-638

.

.

De Vier Edele Waarheden

.

De kern van de Boeddha Dharma is uitgedrukt in de Vier Edele Waarheden. Het doel van deze waarheden is om een antwoord te geven op een concreet menselijk probleem: het lijden. Het leven bestaat immers uit allerlei vormen van lijden: pijn, verdriet, afgunst, haat, noem maar op. Zoals alle psychische fenomenen wordt ook het lijden verklaard door de wetten van de Dharma. Het proces van het voortdurend ontstaan en verdwijnen van gebeurtenissen heeft geen externe oorzaak, zoals een hogere macht, maar komt voort uit de opeenvolging der gebeurtenissen. De oorzaken van het lijden liggen vooral in de mens zelf. Dat betekent ook dat de mens er zich van kan bevrijden. De vier waarheden geven dit inzicht stapsgewijs weer.

.

1. De Edele Waarheid van lijden


1. Met ‘lijden’ (dukkha) wordt niet alleen lichamelijke en geestelijke pijn bedoeld. De term wordt eerder gebruikt voor de existentiële ervaring van levenspijn die ons kan overkomen vanwege de  vergankelijkheid van het aardse bestaan.  Ook vreugde en genot schenken ons geen blijvend geluk omdat ze van voorbijgaande aard zijn. Het leven is al met al een aaneenschakeling van onbevredigende ervaringen vol leed, zoals ontevredenheid, frustratie, onrust, angsten en fysiek lijden. Zowel de prettige, aangename als de pijnlijke, onaangename omstandigheden zijn vergankelijk (anicca).

.

.

2. De Edele Waarheid van de oorzaak van lijden

.

De tweede Edele Waarheid bestaat uit het besef dat het lijden wordt veroorzaakt door onze begeerten of verlangens (tanha), ofwel door hunkering. 

Deze hunkering kent drie vormen

1.Het verlangen naar zintuiglijke ervaringen
2. Manifestatiedrang
3. Vernietigingsdrang

De kern van dit verlangen (tanha) is dat we onszelf willen bevrijden van het lijden. Er ontstaat een soort paradijselijk verlangen naar een leven zonder angst en pijn. Dit hunkeren naar genot leidt tot een vicieuze cirkel waar we niet uit komen en tot een eeuwigdurende kring van wedergeboorten (samsara). Zo blijven we gebonden aan het rad van het leven, aan het geconditioneerde, afhankelijke bestaan.

De diepere oorzaak van het niet goed omgaan met onze begeerten, hunkeringen, verlangens is geworteld in onwetendheid (avijja): het niet of verkeerd begrijpen van de realiteit.

.

.

3. De Edele Waarheid van het ophouden van lijden


De derde Edele Waarheid is het besef dat we alleen verlost kunnen worden van het lijden wanneer we onze begeerten kunnen loslaten. Wanneer we door hebben dat ons begeren leidt tot een keten van gebondenheid aan en afhankelijkheid van een ego-zijnswijze, dan doorzien we dat ons begeren een valkuil is die ons ongeluk brengt in plaats van geluk. Wanneer we de illusie van onze egostrevingen begrijpen doorzien we dat het volgen van onze begeerten een verkeerde weg is. Dit inzicht kan ons vrij maken van begeerte. De vlam van de hartstocht zal uitgaan wegens gebrek aan brandstof. V
erlossing van het lijden leidt tot verlichting (nirvana).

.

.

4. De Edele Waarheid van het pad dat leidt tot het ophouden van lijden


Het Achtvoudige Pad is het middel dat leidt tot het ophouden van al het leed. Het zijn acht levensadviezen die samen de vierde Edele Waarheid vormen.

Dit pad omvat een breed scala van raadgevingen en oefeningen:

1.de juiste inzichten   (overeenkomstig de vier waarheden)
2.de juiste bedoelingen   (het juiste denken: zonder bezitsdrang, wreedheid of boosheid)
3.de juiste woorden  (het juiste spreken:geen leugens, roddels, laster of ruwe taal)
4.het juiste handelen   (geen geweld jegens mensen of dieren, niet stelen, niet genieten ten koste van anderen)
5.de juiste levenswijze   (een eerlijk en heilzaam beroep)
6.de juiste inspanning   (inzet om het heilzame te bevorderen)
7.de juiste aandacht   (alert zijn voor het hier en nu)
8.de juiste concentratie   (op het hier en nu, of op een heilzaam object)

.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Wat is het onderscheid der geesten?

Standaard

categorie : religie

.

.

.

.

Het onderscheiden van geesten is een inzicht in de geestelijke wereld over de werking en het functioneren van geesten. Het is een gave om geesten te kunnen herkennen, hun strategieën doorzien en dus adequate tegenmaatregelen te kunnen nemen. In Matteüs 17 vers 14 tot 21 kunnen we lezen hoe Jezus aangeeft hoe een bepaalde boze geest uitgedreven moet worden.

.

Waar geestesuitingen zijn zal Satan trachten door imitatie het volk van God te verleiden. Ook de menselijke geest kan op dit terrein zeer actief zijn om – vaak onbewust of door een verkeerde geestelijke opvoeding – de openbaring van de Heilige Geest in de weg te staan.

De gave van onderscheiding is gegeven om te onderscheiden door welke geest wordt gesproken of gehandeld. In het bijzonder op het terrein van de profetie is dit belangrijk.

.

In 1 Thessalonicenzen 5:20, 21 volgt na de vermaning om de profetieën niet te verachten, onmiddellijk de opdracht om alle dingen te beproeven en het goede te houden.
Deze tekst wordt veelal misbruikt door hen, die er een vrijbrief in zien om zich op wegen te begeven waar ze als gelovigen niet thuishoren, doch heeft in eerste instantie betrekking op het toetsen van profetische uitingen. Niet alleen de uiting van de geest, doch vooral door welke geest wordt gesproken, dient onderscheiden te worden.

De geschiedenis van Bileam in Numeri 22:34, 35 en 23:1-5 leert ons, dat zelfs valse profeten door Gods Geest geïnspireerd kunnen profeteren. In zo een geval is het belangrijk dat de geest wordt onderscheiden, daar de geestesuiting hier geen houvast biedt. Denk ook aan de vrouw die Paulus en zijn metgezellen nariep, dat zij dienstknechten van God waren. Dit was volkomen juist, doch de geest waardoor zij sprak was een waarzeggende geest – Hand. 16:17.

De duivel openbaart zich als een engel des Lichts, doch de gave van onderscheiden der geesten maakt hem openbaar.

We zien deze gave ook in werking treden bij het openbaar komen van personen als Ananias en Saffira (Hand. 5:1-11) en Simon de tovenaar (Hand. 8:23).

In het bijzonder waar de normale onderscheiding op grond van Gods Woord en geestelijke kennis, alsmede natuurlijke mensenkennis tekort schieten, geeft de gave van onderscheiding uitkomst, omdat deze dwars door alle schijn heen ziet.

.

.

.

.

Beproeft de Geesten

.

 “Geliefden, vertrouwt niet iedere geest, maar beproeft de geesten, of zij uit God zijn; want vele valse profeten zijn in de wereld uitgegaan. Hieraan onderkent gij de Geest Gods: iedere geest, die belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, is uit God; en iedere, die Jezus niet belijdt, is niet uit God.

En dit is de geest van de antichrist, waarvan gij gehoord hebt, dat hij komen zal, en hij is nu reeds in de wereld. Gij zijt uit God, kinderkens, en gij hebt hen overwonnen; want Hij, die in u is, is meerder dan die in de wereld is. Zij zijn uit de wereld; daarom spreken zij uit de wereld en hoort de wereld naar hen. Wij zijn uit God; wie God kent, hoort naar ons; wie uit God niet is, hoort naar ons niet. Hieraan onderkennen wij de Geest der waarheid en de geest der dwaling” (1 Johannes 4:1-6).

.

.

Vertrouwt niet iedere geest

.

In deze tekst worden we gewaarschuwd om niet zomaar iedereen te vertrouwen en alles te geloven! “Gelooft niet iedere geest.”

Jezus had al eerder een dergelijke waarschuwing gegeven: “Indien dan iemand tot u zegt: Zie, hier is de Christus, of: Hier, gelooft het niet” (Matteüs 24:23).

.

.

Beproeft de geesten, of zij uit God zijn

.

Welke geesten mogen we wel geloven, en welke niet? Hoe kunnen we goede en slechte geesten herkennen?

 1. Paulus schreef: “Toetst alles en behoudt het goede. Onthoudt u van alle soort van kwaad” (1 Tessalonicenzen 5:21,22).

Wel dienen wij open te staan voor iedereen, steeds klaar om iets bij te leren. Maar we mogen niet zomaar alles geloven. We moeten alles toetsen. Het goede moeten we behouden en het overige verwerpen.

2. Waarom staat ‘geesten’ in deze waarschuwing? Hoe kunnen wij een geest op de proef stellen?

Wij mogen niet uitsluitend naar uiterlijkheden kijken. We moeten de vraag stellen: Door welke geest wordt deze persoon bewogen? Door welke kracht gedreven?

De Geest van God waarschuwt ons voor de dwaalgeesten:

“Maar de Geest zegt nadrukkelijk, dat in latere tijden sommigen zullen afvallen van het geloof, doordat zij dwaalgeesten en leringen van boze geesten volgen, door de huichelarij van leugensprekers, die in hun eigen geweten gebrandmerkt zijn” (1 Timoteüs 4:1,2).

.

.

De ware- en de valse Drievuldigheid

Pasteltekening van John Astria

.

.

  Vele valse profeten zijn in de wereld uitgegaan

.

De voorspelling van Jezus is wel uitgekomen: “En vele valse profeten zullen opstaan en velen zullen zij verleiden” (Matteüs 24:11).

Verschillende soorten dwaalleraars worden in de Schrift genoemd.

 1. We lezen over valse christussen.

.

Een valse christus is iemand die valselijk beweert Gods aangestelde Christus of Messias te zijn.

Jezus zei: “Ziet toe, dat niemand u verleide! Want velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik ben de Christus, en zij zullen velen verleiden” (Matteüs 24:5). “Indien dan iemand tot u zegt: Zie, hier is de Christus, of: Hier, gelooft het niet. Want er zullen valse christussen en valse profeten opstaan en zij zullen grote tekenen en wonderen doen, zodat zij, ware het mogelijk, ook de uitverkorenen zouden verleiden. Zie, Ik heb het u voorzegd. Indien men dan tot u zegt: Zie, Hij is in de woestijn, gaat er niet heen; zie, Hij is in de binnenkamer, gelooft het niet. Want gelijk de bliksem komt van het oosten en licht tot het westen, zo zal de komst van de Zoon des mensen zijn” (Matteüs 24:23-27 //Marcus 13:20-23).

.

 2. In de brieven van Johannes lezen we over antichristen. ‘Anti’ betekent ‘tegen’. Een ‘antichrist’ is iemand die zich opstelt òf tegen Christus als Zijn vijand, òf tegenover Christus als Zijn plaatsvervanger.

.

“Kinderen, het is de laatste uur; en gelijk gij gehoord hebt, dat er een antichrist komt, zijn er nu ook vele antichristen opgestaan, en daaraan onderkennen wij, dat het de laatste ure is. Zij zijn van ons uitgegaan, maar zij waren uit ons niet; want indien zij uit ons geweest waren, zouden zij bij ons gebleven zijn: maar aan hen moest openbaar worden, dat niet allen uit ons zijn” (1 Johannes 2:18,19).

“Wie is de leugenaar dan wie loochent, dat Jezus de Christus is? Dit is de antichrist, die de Vader en de Zoon loochent. Een ieder, die de Zoon loochent, heeft ook de Vader niet. Wie de Zoon belijdt, heeft ook de Vader. Wat u betreft, wat gij van den beginne gehoord hebt, moet in u blijven. Indien in u blijft, wat gij van den beginne gehoord hebt, dan zult gij ook in de Zoon en in de Vader blijven” (1 Johannes 2:22-24).

“Want er zijn vele misleiders uitgegaan in de wereld, die de komst van Jezus Christus in het vlees niet belijden. Dit is de misleider en de antichrist. Let op uzelf, dat gij niet verliest wat wij verricht hebben, maar uw loon ten volle ontvangt. Een ieder, die verder gaat en niet blijft in de leer van Christus, heeft God niet; wie in die leer blijft, deze heeft zowel de Vader als de Zoon” (2 Johannes 7-9).

.

 3. Zoals er valse christussen zijn, zijn er ook valse apostelen. Een apostel is iemand die gezonden is, een gezant. Een valse apostel is iemand die valselijk beweert dat hij door God gezonden is.

.

“Want zulke lieden zijn schijn-apostelen, bedrieglijke arbeiders, die zich voordoen als apostelen van Christus. Geen wonder ook! Immers, de satan zelf doet zich voor als een engel des lichts. Het is dus niets bijzonders, indien ook zijn dienaren zich voordoen als dienaren der gerechtigheid; maar hun einde zal zijn naar hun werken” (2 Korintiërs 11:13-15).

Jezus liet Johannes aan de gemeente te Efeze schrijven: “Ik weet uw werken en inspanning en uw volharding en dat gij de kwaden niet kunt verdragen en hen op de proef gesteld hebt, die zeggen, dat zij apostelen zijn, maar het niet zijn, en dat gij hen leugenaars hebt bevonden” (Openbaring 2:2).

.

 4. We worden ook voor valse profeten gewaarschuwd. Een profeet was iemand die sprak door goddelijke inspiratie. Een valse profeet is iemand die valselijk beweert dat God door hem een boodschap heeft gegeven.

.

“Wacht u voor de valse profeten, die in schapevacht tot u komen, maar van binnen zijn zij roofgierige wolven. Aan hun vruchten zult gij hen kennen: men leest toch geen druiven van dorens of vijgen van distels? Zo brengt iedere goede boom goede vruchten voort, maar de slechte boom brengt slechte vruchten voort. Een goede boom kan geen slechte vruchten dragen, of een slechte boom goede vruchten dragen. Iedere boom, die geen goede vrucht voortbrengt, wordt uitgehouwen en in het vuur geworpen. Zo zult gij hen dan aan hun vruchten kennen” (Matteüs 7:15-19).

Evenals de valse apostelen, staan valse profeten in dienst van de satan: “En ik zag uit de bek van de draak en uit de bek van het beest en uit de mond van de valse profeet drie onreine geesten komen, als kikvorsen; want het zijn geesten van duivelen, die tekenen doen, welke uitgaan naar de koningen der gehele wereld, om hen te verzamelen tot de oorlog op de grote dag van de almachtige God” (Openbaring 16:13,14).

.

 5. Ook zijn er valse leraars. Een valse leraar hoeft niet te beweren een profeet of apostel te zijn. Hij zal zich gewoon voorstellen als iemand die een boodschap uit de Schrift brengt. Maar eigenlijk brengt hij een menselijke boodschap i.p.v. Gods woord.

.

“Toch zijn er ook valse profeten onder het volk geweest, zoals ook onder u valse leraars zullen komen, die verderfelijke ketterijen zullen doen binnensluipen, zelfs de Heerser, die hen gekocht heeft, verloochende en een schielijk verderf over zich brengend. En velen zullen hun losbandigheden navolgen, zodat door hun schuld de weg der waarheid gelasterd zal worden; en zij zullen uit hebzucht met verzonnen redeneringen u als koopwaar behandelen; maar het oordeel houdt zich reeds lang met hen bezig en hun verderf sluimert niet” (2 Petrus 2:1-3).

.

.

De antichrist of de valse profeet

Pasteltekening van John Astria

.

.

Hoe kunnen wij ons wapenen tegen al deze gevaren?

.

 1. We moeten de waarheid liefhebben, anders worden we bedrogen.

.

“Want het geheimenis der wetteloosheid is reeds in werking; (wacht) slechts totdat hij, die op het ogenblik nog weerhoudt, verwijderd is. Dan zal de wetteloze zich openbaren; hem zal de Here Jezus doden door de adem zijns monds en machteloos maken door zijn verschijning als Hij komt. Daarentegen is diens komst naar de werking des satans met allerlei krachten, tekenen en bedrieglijke wonderen, en met allerlei verlokkende ongerechtigheid, voor hen, die verloren gaan, omdat zij de liefde tot de waarheid niet aanvaard hebben, waardoor zij hadden kunnen behouden worden. En daarom zendt God hun een dwaling, die bewerkt, dat zij de leugen geloven, opdat allen worden geoordeeld, die de waarheid niet geloofd hebben, doch een welgevallen hebben gehad in de ongerechtigheid” (2 Tessalonicenzen 2:7-12).

.

 2. God heeft bepaalde mensen aan de gemeente gegeven om ons te helpen.

.

“En Hij heeft zowel apostelen als profeten gegeven, zowel evangelisten als herders en leraars, om de heiligen toe te rusten tot dienstbetoon, tot opbouw van het lichaam van Christus, totdat wij allen de eenheid des geloofs en der volle kennis van de Zoon Gods bereikt hebben, de mannelijke rijpheid, de maat van de wasdom der volheid van Christus. Dan zijn wij niet meer onmondig, op en neder, heen en weder geslingerd onder invloed van allerlei wind van leer, door het valse spel der mensen, in hun sluwheid, die tot dwaling verleidt, maar dan groeien wij, ons aan de waarheid houdende, in liefde in elk opzicht naar Hem toe, die het hoofd is, Christus. En aan Hem ontleent het gehele lichaam als een welsluitend geheel en bijeengehouden door de dienst van al zijn geledingen naar de kracht, die elk lid op zijn wijze oefent, deze groei des lichaams, om zichzelf op te bouwen in de liefde” (Efeziërs 4:11-16).

.

.

De strijd tussen goed en kwaad op de laatste dag

Pasteltekening van John Astria

.

.

 De geesten onderscheiden – Hoe herkent men een sekte?

.

De massa-zelfmoord van 913 volgelingen van Jim Jones in Guyana op 18 november 1978 maakte duidelijk hoe onredelijk en gevaarlijk bepaalde bewegingen kunnen zijn.

Men is het echter lang niet eens over de kenmerken van sekten. Wat is het verschil tussen een onschuldige groep en een gevaarlijke sekte? Mensen geven verschillende antwoorden op deze vraag, afhankelijk van hun eigen uitgangspunt.

Een communist beschouwt alle vormen van godsdienst als bijgeloof en als schadelijk voor de maatschappij. Hij ziet echter niet in dat zijn eigen systeem vele kenmerken heeft van ‘sekten’. Marx en Lenin zijn de grote onfeilbare Leiders. Het dialectisch materialisme (de wereldbeschouwing van het marxisme) is de grote Kracht, die alles in de juiste richting moet leiden. Geweld en dwang worden aangewend om tegenstanders uit te schakelen en om te heersen.

Een Rooms-Katholiek is geneigd alle niet-katholieke kerken toch enigszins als ‘sekten’ te beschouwen, hoewel een onderscheid wordt gemaakt tussen echt gevaarlijke en minder erge groepen. Hij beschouwt ze als opstandelingen tegen de éne ware moederkerk. Maar hij ziet niet in dat vele kenmerken van sekten zeer sterk in de Rooms-Katholieke Kerk zelf aanwezig zijn.

Het valt een niet-katholiek al meteen op dat de ergste sekten dikwijls grote overeenkomsten tonen met de Rooms-Katholieke Kerk! Ze zijn hiërarchisch georganiseerd met één man aan de top. Deze grote man wordt door de leden bijna als een god vereerd. Hij wordt met pracht en praal rondgeleid en rijdt in een imposant voertuig. Uit hoofde van zijn ‘positie’ mag hij in weelde leven, terwijl van zijn volgelingen grote offers worden gevraagd.

Dikwijls wordt hij ‘Vader’ genoemd en als onfeilbaar beschouwd. Men beperkt zich niet tot godsdienstige activiteiten: wereldse macht wordt ook gebruikt. Allerlei middeltjes worden verzonnen om aan geld te komen. Sommige sekten lijken veel op kloosters of, erger nog, op slotkloosters.

.

.

Een maatstaf is nodig

.

De enige oplossing is ergens een betrouwbare maatstaf te vinden waarnaar verschillende groeperingen en bewegingen getoetst kunnen worden.

Is grootte een geldige maatstaf? Indien wel, dan is de Rooms-Katholieke Kerk in België geen sekte, maar de Mormoonse wel. In de staat Utah echter (in Amerika), waar er vele Mormonen zijn en slechts weinige Katholieken, zou het net andersom zijn! Neen, grootte is geen geldige maatstaf. Men mag een groep niet als sekte bestempelen alleen omdat die klein is. Evenmin gaat een grote groep zomaar vrijuit.

.

.

Jezus, de Messias, de enige weg naar eeuwig leven

Pasteltekening van John Astria

.

.

Algemene erkende normen

.

Ongeacht welk geloof men heeft, of welke filosofische of politieke overtuiging, zijn er toch bepaalde algemene normen waarnaar men een beweging kan toetsen. Ondanks de vele afwijkingen, bestaat er onder de mensen toch zo iets als een algemeen besef van goed en kwaad.

Wanneer 900 mensen gezamenlijk zelfmoord plegen, zullen weinigen hun beweging als goed bestempelen. Het eindresultaat in dat geval was duidelijk slecht.

Wanneer een systeem mensen tot gevangenen of slaven maakt, is het een slecht systeem. Mensen mogen niet lichamelijk opgesloten worden, achter een ijzeren gordijn, of in een commune.

Maar geestelijk mogen de mensen ook niet opgesloten worden. Het geestelijk opsluiten of isoleren is soms moeilijker te herkennen. Familiale en sociale druk zijn soms al voldoende om mensen onder een dwang te zetten, zodat ze niet durven weg te gaan. Velen volgen de uiterlijke vormen van een godsdienst, hoewel ze zelf daar niet in geloven, alleen om hun ouders en familie tevreden te stellen.

Door de zogenaamde ‘heilige’ inquisitie gebruikte de Rooms-Katholieke Kerk de staat om mensen te dwingen in die kerk te blijven, of als ze in hun ‘dwaling’ bleven volharden, hen te liquideren. Alle groeperingen die zich van dergelijke middelen bedienen om slaven van mensen te maken, zijn gevaarlijke sekten.

Wanneer een systeem blinde en onvoorwaardelijke gehoorzaamheid opeist, worden de mensen beroofd van hun fundamentele hoedanigheid van vrije wezens. Zij stellen zich dan bloot aan misbruik door hun leiders en zijn in staat ongelooflijk walgelijke dingen te doen.

Gehoorzaamheid aan rechtmatige gezaghebbers (b.v. ouders, leraars, werkgevers en regering) wordt hiermee niet bedoeld. Waar het gevaar schuilt, is in de ‘blinde en onvoorwaardelijke’ gehoorzaamheid. Mensen in verantwoordelijke posities mogen verwachten dat wij hen gehoorzamen, maar niet dat wij hen blind en onvoorwaardelijk gehoorzamen.

Groeperingen die dergelijke oneerlijke praktijken toepassen, zijn duidelijk af te keuren. Godsdiensten die mensenoffers brengen, of die aansporen tot moord, tot oorlog, of tot onzedelijkheid kunnen door ieder weldenkend mens afgekeurd worden.

Merk op dat dergelijke misbruiken niet beperkt zijn tot de een of andere godsdienstige of politieke richting. Zowel links als rechts, en onder allerlei soorten godsdiensten kan men voorbeelden van dergelijke misbruiken vinden.

.

.

.

.

.

Christelijke normen

.

Naast de algemene waarden van goed en kwaad, heeft een christen andere maatstaven. Hij erkent Jezus als de Zoon van God en hij gelooft dat God door de Heilige Schrift normen heeft bekendgemaakt.

Een christen vraagt zich niet alleen af of de methoden en praktijken van een beweging in het algemeen goed of slecht te noemen zijn. Hij wil ook weten of de praktijken en leerstellingen van een bepaalde groep in overeenstemming zijn met de oorspronkelijke leer van Christus!

Deze vraag is enigszins moeilijker te beantwoorden omdat het hier om waarheid en waarachtigheid gaat. Maar anderzijds heeft een christen het voordeel dat hij een geschreven norm bezit, waarnaar hij alles kan toetsen.

Verschil van mening is er niet in de eerste plaats over wat de Schrift leert, maar over wat de Schrift niet leert. Door te lezen wat de Schrift wel leert, komen er heus wel vele duidelijke normen naar voren, waarnaar men groeperingen kan toetsen.

.

.

De 10 geboden

Pasteltekening van John Astria

.

.

 Zaken die in de Schrift zeer concreet en duidelijk worden onderwezen

.

 1. Godsdiensten die Jezus niet erkennen als de Zoon van God, kunnen de mensen niet tot God brengen. Jezus zei: “Ik ben de weg en de waarheid en het leven; niemand komt tot de Vader dan door Mij” [Johannes 14:6].

.

 2. Godsdiensten die Jezus wel erkennen, maar dan slechts als de zoveelste profeet in een reeks gelijksoortige profeten, zijn valse godsdiensten. Volgens Hebreeën, hoofdstuk 1, is Jezus de afdruk van Gods wezen, boven alle mensen en engelen. In Handelingen 4:12 zegt Petrus: “En in niemand anders is de behoudenis; want er is ook onder de hemel geen andere naam onder mensen gegeven waardoor wij behouden moeten worden.”

.

 3. Jezus zelf heeft voorspeld dat vele sekten zouden ontstaan. In Marcus 13:6 spreekt Jezus tot zijn volgelingen: “Kijkt u uit dat niemand u misleidt. Velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik ben het, en zij zullen velen misleiden.” [Zie ook 2 Petrus 2:1-3; 2 Johannes 7-11 en 2 Timoteüs 4:3,4.]

.

 4. Jezus heeft zijn volgelingen tegen valse leraars en profeten gewaarschuwd.

.

 5. Een valse leraar kondigt zich niet aan met een: “Dag, mijnheer, Ik ben een valse leraar.” Uiterlijk stellen valse profeten zich voor als dienaren der gerechtigheid. Trouwens, zo stelt de satan zich ook voor! Daarom moet men verder kijken om een valse leraar als zodanig te kunnen onderscheiden. [Zie Matteüs 7:15-20; Romeinen 16:17,18; 2 Korintiërs 11:13-15.]

.

 6. In Matteüs 7:15-20 zegt Jezus dat wij valse profeten aan hun vruchten kunnen herkennen: “Past u op voor de valse profeten, die tot u komen in schapevachten, maar van binnen zijn zij roofzuchtige wolven. Aan hun vruchten zult u hen kennen.”

.

 7. Wie zich in geestelijke zin ‘vader’ of ‘leermeester’ laat noemen, is geen volgeling van Christus. In Matteüs 23:8-10 zegt Jezus: “U echter, laat u niet rabbi noemen; want één is uw Meester, en u bent allen broeders. En noemt niemand uw vader op de aarde, want één is uw Vader: de Hemelse. Laat u ook niet leermeesters noemen, want één is uw Leermeester: de Christus.” Zowel de Rooms-Katholieke Kerk als vele andere sekten hebben leiders die ‘Vader’ genoemd worden. In vele oosterse godsdiensten heeft men een grote leermeester, van wie al de anderen het moeten hebben. Maar voor een christen is God zijn enige Vader, en Christus zijn enige Leermeester.

.

8. Bedrieglijke wonderen worden door valse profeten verricht [Deuteronomium 13:1-3; Matteüs 7:22,23; Matteüs 24:24; Marcus 13:21-23; 2 Tessalonicenzen 2:5-12].

.

 9. Groeperingen die een gezagsorganisatie hebben, zijn niet van Christus. In Matteüs 20:25,26 zegt Jezus aan zijn volgelingen: “U weet, dat de oversten van de volken over hen heersen en de groten gezag over hen voeren. Zo zal het onder u niet zijn.” De gemeente van Christus mag geen organisatie hebben, waar gezag wordt uitgeoefend zoals bij wereldse regeringen.

.

 10. Wie zegt “De tijd is nabij is een valse profeet. In Lucas 21:8 waarschuwt Jezus: “Kijkt u uit dat u niet wordt misleid. Want velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik ben het; en: De tijd is nabij gekomen. Gaat hen niet achterna.” Vele sekten menen op een of andere wijze te weten dat het einde van de wereld nabij is. Maar Jezus zegt in Matteüs 24:35,36 dat niemand behalve de Vader weet wanneer die dag zal aanbreken. Hij waarschuwt ons voor mensen die beweren dat zij het wel weten: “Gaat hen niet achterna.” In de Openbaring van het Nieuwe Testament zegt Christus wel dat de mens zich moet voorbereiden op het einde en dat er tekenen voor deze tijd zichtbaar zullen zijn als waarschuwing.

.

 11. Wie een voorspelling doet, die niet uitkomt, is een valse profeet [Deuteronomium 18:21,22]. Dit is zo vanzelfsprekend, dat het wonderlijk is, hoe de mensen zich telkens weer kunnen laten misleiden. De Getuigen van Jehova, de Adventisten, Armstrong en Hal Lindsey e.a. hebben voorspellingen gemaakt die kennelijk niet zijn uitgekomen. Maar ze staan dan weer klaar met andere voorwendsels en nieuwe voorspellingen die de oude moeten vervangen.

.

 12. Wie doden of geesten raadpleegt, is niet een dienaar van God [Jesaja 8:19,20].

.

 13. Wie christenen reglementen inzake eten en drinken oplegt is een valse leraar [1 Timoteüs 4:1-7; Kolossenzen 2:16-17; Hebreeën 13:9; Marcus 7:19]. De enige uitzondering hierop is dat christenen geen bloed of gestikt vlees mogen eten [Handelingen 15:19,20; 28,29; 21:25].

.

14. Wie geboden uit het Oude Testament aan christenen oplegt (zoals het houden van de sabbat, of het geven van een tiende, of andere zaken die in het Nieuwe Testament niet vervat zijn) is een valse leraar [Kolossenzen 2:4-19; Titus 3:8-11; Efeziërs 2:14-16].

.

 15. Wie het huwelijk verbiedt, is een valse leraar [1 Timoteüs 4:1-7].

.

 16. Wie het woord van God tegenspreekt, is een valse leraar [Deuteronomium 13:1-3; Jesaja 8:19,20; Romeinen 16:17,18].

.

17. Wie menselijke geboden, leerstellingen en tradities verkondigt, is een valse leraar [Matteüs 15:8,9; Galaten 2:3,4; Kolossenzen 2:4-19; Titus 1:10-16].

.

 18. Wie de Schriften verdraait, is een valse leraar [2 Petrus 3:16-18]. Valse leraars en profeten verdraaien de Schrift. Ze houden zich graag bezig met moeilijke teksten, want die zijn gemakkelijker te verdraaien.

.

Een volgeling van Christus heeft daarom een grote verantwoordelijkheid om zelf met oprechtheid de Schrift ernstig te onderzoeken om schriftmisbruik te kunnen herkennen. Wie de Schrift niet goed kent, wordt gemakkelijk op een dwaalspoor gebracht door iemand die de Schrift op een misleidende wijze interpreteert.

Valse leraars halen Bijbelteksten aan geheel uit hun verband. Wanneer een tekst wordt aangehaald, zoek de tekst op in de bijbel en lees gans het verband.

Het is niet mogelijk in een kort artikel alle aspecten van het probleem te belichten. Als u een volledige gids wenst, waarmee u sekten kunt onderkennen, bestudeer de Heilige Schrift!

.

.

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

Wees altijd verheugd

Standaard

categorie : religie

.

.

Het staat er echt: “Wees altijd verheugd, ik zeg u nogmaals: wees altijd verheugd”. Hier klinkt Paulus wel erg enthousiast. Bestaan er mensen die dit voor mekaar krijgen? Natuurlijk niet. Maar wat moet je dan met die tekst?

.

Je kent  ongetwijfeld de momenten waarop je blij bent en enthousiast. Maar altijd is wel erg veel. Toch kun je de indruk krijgen dat dit de bedoeling is als je deze tekst leest:

.

Laat de Heer uw vreugde blijven; ik zeg u nogmaals: wees altijd verheugd. Filippenzen 4:4

.

.

.

.

Overenthousiast

.

Is Paulus hier overenthousiast? Of wil hij christenen wakker schudden en gebruikt hij daarom superlatieven? Wat nou als hij meent wat hij zegt? Hoe moet je zijn woorden dan begrijpen en toepassen? Na het lezen van de teksten er om heen, vallen een aantal dingen op:

.

Ontdekking 1: Vreugde van de Heer

.

In de brief aan de Filippenzen blijkt het een steeds terugkerende boodschap: Jezus ís het middelpunt van je leven, in én ondanks alle omstandigheden. De brief is een oproep van Paulus om vanuit dit besef te leven. Het vreugde-vers uit hoofdstuk 4, is hier een voorbeeld van.

  • Het betekent dat je omstandigheden niet allesbepalend zijn. Er is meer. Bij God. Het gaat dus niet over jou, of dat jij altijd blij en vrolijk moet zijn en hier je best voor moet doen. Paulus zegt: Laat de Heer uw vreugde blijven.”
  • De vreugde waar Paulus het over heeft, is dan ook niet ‘onze eigen blijdschap’, zoals je die kent als je een nieuwe jurk of telefoon hebt. Het is vrede en blijdschap van God Zelf. God geeft het. Door zijn Geest.

Het koninkrijk van God is geen zaak van eten en drinken, maar van gerechtigheid, vrede en vreugde door de heilige Geest.
Romeinen 14:17

.

Ontdekking 2: Een bemoediging

.

God wijst niemand af. Alles wat zijn kinderen meemaken en voelen is voor hem belangrijk. Je hoeft je dan ook echt niet blijer voor te doen dan je bent. Daarbij mag je dus weten dat het ‘de vreugde van de Heer‘ is die God je aanbiedt. Wat een bemoediging!

  • Juist als je situatie verdrietig of pijnlijk is, mag je je rust vinden bij God. Zijn eeuwige armen zijn om je leven. In zijn liefde en genade, hebben vrede en blijdschap een plek. Dit besef en gevoel kan geen mens, product of theorie je geven, alleen God.
  • In dezelfde FIlippenzenbrief noemt Paulus dat het delen van je hart met God – en het zien wie Hij is en wat Hij geeft, je hart en gedachten beschermt.

.

Wees over niets bezorgd, maar vraag God wat u nodig hebt en dank hem in al uw gebeden. Dan zal de vrede van God, die alle verstand te boven gaat, uw hart en gedachten in Christus Jezus bewaren.
Filippenzen 4:7

.

.

.

.

Ontdekking 3: Toekomst met Jezus

.

In de eerste brief aan de Thessalonicenzen staat een soortgelijke tekst:

Wees altijd verheugd, bid onophoudelijk, dank God onder alle omstandigheden, want dat is wat hij van u, die één bent met Christus Jezus, verlangt.  1 Thessalonicenzen 5:16-18

Wees altijd verheugd. Bid onophoudelijk. Dank God onder alle omstandigheden. Betekent dat zelfs dat je blij moet zijn als een familielid ziek wordt? Als je ontslagen bent en geen uitzicht hebt op werk? Nee! Daar hoef je niet voor te danken. De oproep is om God te danken, niet voor je omstandigheden. Hoe breng je dit in praktijk?

.

.

Oog op de toekomst

.

De tekst wordt duidelijker als je naar de rest van de brief kijkt. Paulus heeft het over het groeien in geloof en liefde, met het oog op de wederkomst van Jezus. Hoe die hoop voor de toekomst je leven verlicht. Dat is het grotere geheel waarin deze tekst geschreven is. Jezus is gekomen om herstel en liefde te brengen. Nu gedeeltelijk zichtbaar, straks, in de toekomst, ten volle.

Paulus roept op om nu alvast een levenshouding van vreugde, gebed en dankbaarheid aan te nemen. Dat kan, door de Heilige Geest die je helpt om het zicht te houden op Jezus en wat komen gaat.

.

.

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 

.

.

De leer gevestigd op de boom des levens

Standaard

categorie : religie

.

.

Naar de levensboom

Pasteltekening van John Astria

.

.

Vervangingsleer of door Jezus geënt op de boom des levens

.

De filosoof Jean-Jacques Rousseau zei ooit dat er voor alles een vervanging is. Dat is niet juist, want niet voor alles is er een gelijkwaardige vervanging. Zo is er bijvoorbeeld voor het leven geen enkele vervanging. Daarom is vervanging veelal een surrogaat en kan het niet het echte vervangen.

.

.

Zo kan ook het volk dat door God uitgekozen is, niet worden vervangen door andere volken. De HERE Zelf verklaart:

.

“Want u bent een volk dat aan de HERE, uw God, is
gewijd. U bent door Hem uitgekozen om, anders dan
alle andere volken op aarde, zijn kostbaar bezit te zijn.”
Deuteronomium 7:6

.

Izaäk is de vader van Jakob, die later van de HERE de naam Israël (strijder van God) kreeg. Zo wordt het verbond dat God in Genesis 15:18 met Abraham gesloten heeft, overgedragen aan Jakob / Israël. Dit verbond is een onverbrekelijk en eeuwig verbond, want

.

“Net zo min als Ik van plan ben de natuurwetten te
veranderen, zal Ik ook mijn volk Israël niet verstoten!”

Jeremia 31:36-37

.

Met andere woorden, Gods verbond met Israël blijft geldig en is eeuwigdurend, ook als Israël faalt in Gods bedoeling. Dat bekrachtigt de apostel Paulus:

.

“De Israëlieten zijn door God aangenomen als Zijn zonen.
Zij hebben gezien hoe groot en machtig Hij is. Zij weten
welk verbond Hij met hen heeft gesloten. God heeft hun
verteld hoe zij moeten leven en Hem kunnen dienen. Zij
weten welke beloften Hij aan hun voorouders heeft gedaan.
En het grootste van al: Christus is, naar de mens gesproken,
uit hen voortgekomen. Christus, Die boven alles staat.
Alle lof en eer is daarom voor God, voor altijd! Amen.”

Romeinen 9:4-5

.

.

Vervangingsleer

.

Maar de vervangingstheologie die zich in de 2000 jaar van de kerkgeschiedenis door het christendom heeft verspreidt, is het hier uitermate mee oneens. Deze vervangingsleer gaat terug op niet-Joodse kerkvaders, die een uit Rome stammende theologie vertegenwoordig(d)en. Deze theologie stelt dat het verbond niet meer geld, noch langer ter zake doet in Gods heilplan.

.

In het jaar 70 werd Jeruzalem door de Romeinen verwoest. In de kerk werd de val van de stad en tempel (terecht) beschouwd als vervulling van de woorden van Jezus, waarin hij de ondergang van de stad had voorzegd. Daarnaast zocht men naar een verklaring voor deze val en al gauw werd het als teken van straf voor het volk van Israël gezien.

.

Voor wat werd het gestraft? Voor haar aandeel in de kruisiging van Jezus? Israël had tenslotte haar Messias verworpen. En daaruit volgend waren de beloften “logischerwijze” niet langer meer voor het Joodse volk, en “moesten de beloften wel overgegaan zijn op de heidenen”.

Dat dit geenszins het geval is, maar veeleer een aanvulling op Gods heilsplan.

Maar de volgende (en blijkens fatale) stap was de conclusie die daaruit getrokken werd: als Israël Jezus als Messias verworpen had, dan moest God op zijn beurt nu Israël “wel definitief verworpen hebben”. Maar Israël was toch het volk van het verbond? Zeker! Wat had God dan met het verbond gedaan als het eeuwigdurend zou zijn? Het zou als nieuw verbond op de kerk ‘uit de volken’ “moeten” zijn overgegaan. De kerk was ‘het nieuwe geestelijke Israël’ geworden.

.

De kerk had, volgens haar leer, dus de plaats van Israël als verbondsvolk ingenomen. Dat dit, volgens Gods heilsplan, overduidelijk niet het geval is, deed (en nog steeds doet) schijnbaar aan de beleving niets af. In plaats van dankbaar te zijn voor het plan dat God met ons heidenen voor had, claimde de kerk het alleen- en erfrecht van dit plan op.

Zo is de onzalige onheils brengende vervangingstheologie ontstaan. Onder meer om die reden wordt Israël vandaag ook door vele kerkelijke stromingen politiek bestreden en geboycot. Want de Joodse staat wordt niet erkend, mag niet bestaan, omdat met de wederopstanding van het oude Israël de vervangingstheologie zijn bestaansrecht verliest. Immers, het voor eeuwig verworpen Joodse volk kan toch nooit meer naar Sion terugkeren!? Laat staan op instigatie van de HERE zelf!

Pas na de Tweede Wereldoorlog, toen Israël weer een soevereine staat werd, ging men binnen de kerken, langzaamaan, anders denken over het Joodse volk. Overigens maakten lang niet alle kerken zich schuldig aan deze gedachtegang. Met name binnen de meer ‘evangelisch’ gerichte kringen werd al reeds ruim vóór de stichting van de staat Israël anders gedacht over deze zaken. Een bekend voorbeeld hiervan, in Nederland, is de evangelist Johannes de Heer. Maar ook anderen hingen, op basis van hun interpretatie van de Bijbel deze gedachte aan.

.

Niet de Holocaust was de oorzaak voor de wedergeboorte van Israël als staat, zoals telkens opnieuw wordt beweerd, maar het onverbrekelijke verbond dat God onder ede met zijn volk Israël heeft gesloten. Exact zoals de Here zijn volk beloofd heeft in Zijn woord:

.

Zo zegt de HERE HERE: Zie, Ik zal mijn hand opheffen
tot de volken en mijn banier omhoog heffen voor de natiën;
in hun armen zullen zij uw zonen brengen, en uw dochters
zullen op de schouder gedragen worden.

Jesaja 49: 22

dan zal de HERE, uw God, u uit uw gevangenschap redden.
Hij zal u genade schenken, naar u toekomen en u bijeen-
brengen uit alle volken waaronder Hij u heeft verspreid.
Ook al zou u zich in de verste uithoeken van het heelal
bevinden, Hij zal u vinden en terugbrengen naar het land
van uw voorouders!

Deuteronomium 30:3-4

Ikzelf zal het overblijfsel van mijn kudde bijeenhalen uit al de
landen waarheen Ik het heb gestuurd en het laten terugkeren
naar zijn weiden, waar het vruchtbaar zal zijn en uitgroeien.

Jeremia 23:3

Zo waar de HERE leeft, Die de Israëlieten naar hun eigen
land terugbracht vanuit alle landen waarheen Hij
hen had verbannen.
Jeremia 23:8

.

Nazatenschap Abraham

.

Door geloof kan iedereen een geestelijk nazaat van Abraham worden, maar dat sluit het fysieke zoonschap van het Joodse volk niet uit. Israël, dat wil zeggen de nakomelingen van Abraham, Izaäk en Jakob hadden, hebben en zullen een belangrijke plaats innemen in het historische plan van God. Waarom? Omdat de HERE zelf Zijn naam aan het volk van Israël verbonden heeft.

Het is zodoende niet zo dat elke Israëliet behouden is of behouden zal worden.

.

In tegenstelling tot alle andere volkeren heeft God het volk van Israël aangewezen en uitgekozen voor Zijn heilsplan.

Vanuit dit volk is de Messias, Jezus van Nazareth, op de wereld gekomen; in hun gebied, dat wil zeggen binnen de grenzen van het land Kanaän, vond de eerste komst van Jezus plaats en zal ook zijn tweede komst plaatsvinden.

.

Gods plan met Israël

.

Gods plan met Israël is altijd afhankelijk geweest van Zijn initiatief en verkiezing en van Israëls respons als een rechtvaardig volk (Deuteronomium 7). Als Israël een rechtvaardige relatie heeft met God, belooft Hij dat Hij het overvloedig zal zegenen (Leviticus 26:1-13; Deuteronomium 28:15-68). Maar als het volk opstandig is, belooft God het tucht (dit is niet hetzelfde als afwijzing) (Leviticus 26:1-13; Deuteronomium 28:1-14).

.

De uiterste tuchtmaatregel was het verstrooien van het volk over verschillende volken, met de belofte dat het volk eenmaal weer samengebracht zal worden, zodat God uiteindelijk tot zijn doel komt. Deuteronomium 30.

Door Ezechiël bevestigt God zijn doel met Israël. Alleen al in hoofdstuk 36, waarin verwezen wordt naar het herstel van Israël, wordt God veertien keer beschreven als de “HERE HERE”, die twee en twintig maal “zegt” dat Hij het zal doen. De God van Israël geeft duidelijk aan hoe Hij zal handelen:

.

.

Hij zal de volken veroordelen, omdat
ze Israël slecht behandeld hebben.

Ezechiël 36:3-7

Hij zal het volk Israël terugbrengen naar het beloofde
land, dat weer zal bloeien en opgebouwd worden.
Het zal in veiligheid wonen.
Ezechiël 36:8-15

Hij zal Israël veroordelen, omdat het bloed vergoten
heeft in het land, de voorkeur heeft gegeven aan
afgoden en Gods naam ontheiligd heeft onder de volken.
Ezechiël 36:16-21

Hij zal Israël rechtvaardigen om Zijn
heilige naam, niet om Israël.
(Ez.36:22)

Door de rechtvaardigheid van Israël zal God
aan de volken laten zien dat Hij de Heer is.
Ezechiël 36:23-28

.


Conclusie

.

Heel Gods handelen met Israël is mysterieus en met een duidelijke bedoeling geweest, evenals Zijn plan met de kerk. Tot net na het begin van onze jaartelling was niemand van dit plan op de hoogte, zo zegt Paulus in Efeziërs 3:5-6:

.

Vroeger is dat altijd voor de mensen verborgen gebleven,
maar nu heeft God het door de Heilige Geest aan Zijn
apostelen en profeten bekendgemaakt. Het komt hierop
neer: Door het goede nieuws te geloven, worden niet-Joden
gelijk aan de Joden. Zij delen mee in de rijke erfenis.
Zij horen bij hetzelfde lichaam, de Gemeente; en voor hen
geldt dezelfde belofte in Christus Jezus.

.

.

Als de leiders van Israël Jezus niet verworpen hadden, als Jezus niet was gestorven, zou er geen verzoening zijn, en, hypothetisch gezien, geen verlossing, noch voor de Jood noch voor de niet-Jood. Zowel de blindheid van Israël als de corruptie van Pilatus waren nodig om Gods verlossing van de mensheid teweeg te brengen.

Is het verbazingwekkend dat God het herstel van de staat Israël bevolen heeft, of dat er tegenwoordig zo veel groepen “Messiaanse Joden” zijn, of Joden die in Jezus geloven?

.

Zowel de staat Israël als de opkomst van Joodse gemeenten laten gelovigen duidelijk zien dat Gods plannen uitkomen, en dat spannende, maar moeilijke tijden in het verschiet liggen voor de kerk en Israël. We moeten zeker ons hoofd gaan opheffen voor de Verlossing die naderbij komt!

.

.

voorpagina openbaring a4

.

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

  

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

De zes zegels uit Openbaring 6

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

De zes zegels uit Openbaring 6 van het Nieuwe Testament

 

Vanaf Openbaring 6 begint in de Apocalyps de oordeelstijd. Dan breekt er een periode aan waarin Christus deze aarde zal gaan terugvorderen, om deze publiekelijk in bezit te gaan nemen. Hoewel de overwinning op de wereld reeds door Christus is behaald (Johannes 3:16; 16:11), ziet men dit nu nog niet. Dat zal pas openbaar worden bij Zijn Openbaring in de toekomst, wanneer de Here Jezus wederkomt.

 

 

 

Openbaring hoofdstuk 6 ; bet breken van zegel 1 tot zegel 5

 

Pasteltekening van John astria

 

 

 

 

Openbaring hoofdstuk 7 ; het breken van zegel 6

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Het eerste zegel: de ruiter op het witte paard

 

Sommigen denken dat de eerste ruiter Christus is, maar het is de antichrist. Het Lam opent het eerste zegel en kan daarom niet op het witte paard zitten. Eén van de vier wezen geeft bevel aan de ruiter op het witte paard. Zou Christus zich door iemand laten bevelen?  Hem werd een kroon gegeven. In hoofdstuk 19 zien wij dat Christus vele kronen heeft. De antichrist draagt een boog en een zegekrans, hij verovert de wereld. Velen zullen hem volgen en als hun leider goedkeuren. Eens hij veel macht bezit zal hij zich aansluiten bij de duivel.

 

 

 

Het tweede zegel: de ruiter op het rode paard

 

Deze ruiter heeft een groot zwaard in zijn hand, dat staat voor: afslachtingen, terreur en bloedvergieten. Hij kreeg opdracht om de vrede op aarde weg te nemen (Matteüs 24:6). Dit is een duidelijk bewijs dat de antichrist eerst komt met schijnvrede. Het rode paard staat voor de bloedige doden, het zwaard voor wat goed en kwaad scheidt.

 

 

 

Het derde zegel: de ruiter op het zwarte paard

 

Daarna zag de ziener een ruiter op een zwart paard met een weegschaal in zijn hand. Zwart is de kleur van rouw. Waarschijnlijk zal er een voedselschaarste door oorlogen en economische problemen komen. Een gezin zal dan moeten leven van het voedsel voor 1 persoon per dag (Openbaring 6:6 en Matteüs 20:2). De ontberingen die er op de wereld zullen komen zijn het gevolg van hebzucht. De weegschaal is de balans die volledig overhelt naar de machtigen der aarde.

 

 

 

Het vierde zegel: de ruiter op een vaal paard

 

De ruiter van dit lijkkleurig paard (‘chloros’ is vaalgroen) zal een vierde deel van de aarde doden (dat zou in de huidige tijd om ongeveer 1,5 miljard mensen gaan). Dan zal de aarde geteisterd worden met oorlogen, hongersnoden, de pest en wilde dieren. De ruiter met de zeis in zijn handen is de dood. Hij krijgt de macht om fysieke levens te nemen maar niet de ziel van de mens. Het paard brengt verschrikkelijke ziektes, ook door chemische- en biologische wapens.

 

 

 

Het vijfde zegel: de zielen onder het altaar

 

De aardse tabernakel was een afschaduwing van het hemelse. Zo zag Johannes bij de ingang van de hemel onder het altaar zielen. Zij zijn aan het de beginperiode van de oordeelstijd tot bekering gekomen en omgebracht vanwege hun getuigenis. Het zijn de martelaren die om wille van hun trouw aan God en Christus het leven gelaten hebben.

 

 

 

Het zesde zegel: een hevige natuurramp

 

Het Griekse woord ‘seismos’ betekent aardschudding. Het gaat hier om een krachtige schok die de gehele planeet treft. Niet onwaarschijnlijk is dat de stand van de aarde gewijzigd zal worden. Jesaja profeteerde: ‘De aarde waggelt zeer als een beschonkene’ (24:19-20). Dan zullen alle bergen en eiland van hun plaats worden gerukt. Grote kosmische brokstukken (meteorieten) zullen de aarde treffen. De gehele aarde zal bang zijn als de planeet waggelt!”

Bij Christus’ wederkomst zal iedereen zich tevergeefs proberen te verbergen. De mensen die trouw zijn aan Christus zullen de dag des oordeels doorstaan.  Anderen, die hardnekkig vasthouden aan aardse systemen, worden niet gered.

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Herkennen van een valse leer

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Hoe valse leren herkennen?

 

 

De ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John

 

Hoe ethisch of moreel hoogstaand een leer ook mag zijn, hoe liefdevol, mooi en aantrekkelijk deze mag lijken, hoe vredevol, logisch, vol van goede bedoelingen hij overkomt: als ze Jezus Christus niet brengt als dé goddelijke Zoon van de Vader die als mens op aarde kwam, voor onze zonden aan het kruis stierf en zo Zijn heilige bloed vergoot voor de vergeving van onze zonden en lichamelijk uit de doden is opgestaan en ten hemel is gevaren, kun je er zeker van zijn dat je te maken hebt met een valse leer.

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

Waarom de Openbaring lezen ?

 

Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus ‘’.

Openbaring 1 : 3 > ‘’ gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij ‘’.

Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt : ‘’ ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt ‘’.

 

Dit zijn enkele citaten uit de Bijbel waarin God de mens aanmaant kennis in zich op te nemen over zichzelf en Jezus Christus. Wie God zoekt zal hem vinden. Het is aan de mens om de eerste stap te zetten. Wanneer we God om inzichten vragen zal de Heilige Geest ons geestelijk denken verlichten. Het onbegrijpelijke wordt plots of op het gepaste moment verstaanbaar. In het eerste en het laatste hoofdstuk  van de Openbaring zegt Christus tot twee maal toe dat het lezen ervan een zegening geeft. Het woord van God, de Bijbel, is meer dan de traditionele preken en parabels die we al jaren kennen. Kennis opnemen van God is niet alleen bestemd voor theologen, maar voor iedereen. Door die opname van kennis krijgen we inzichten in het verleden en heden waardoor we met een gerust hart en vertrouwen de toekomst tegemoet kunnen gaan.

 

 

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Dierenrechten volgens de Islam

Standaard

 categorie : religie

.

.

Volgens de wetenschap en de evolutietheorie is de mens niet superieur aan de andere soorten, maar is de mens slechts een soort tussen de soorten. Ook de Koran is deze mening toegedaan en beklemtoont de absurditeit en onwenselijkheid van het antropocentrisme:

“De schepping van de hemel en van de aarde is groter dan de schepping van de mens, maar de meeste mensen weten het niet.” (Koran 40:57)

.

.

hond

.

.In de Koran Notities “”Dierenrechten in de Islam” wordt  een uitgebreide analyse gemaakt van de dierenrechten op grond van de Koran en de Sunna. Daaruit citeren we volgende besluiten :

.

Islam over de plaats van de dieren en hun rechten

.

  • Dieren aanbidden en verheerlijken God.
  • Zoals de mensen een gemeenschap vormen, vormen ook dieren gemeenschappen op zich, en hebben zij dus alle daarmee geassocieerde rechten (recht op gezonde voeding, op beschutting tegen slecht weer, op sociaal leven, op recreatiemogelijkheden, op het zelf grootbrengen van de eigen kinderen, enz).
  • Dieren hebben een bewustzijn (geest en verstand), handelen intelligent en doelgericht en hebben gevoelens; hun gevoelens mogen niet gekwetst worden.
  • Dieren hebben een waardigheid en een schoonheidsgevoel. Zij moeten daarin gerespecteerd worden.
  • Dieren hebben een geboorterecht op hun deel van de natuurlijke rijkdommen, zelfs als er onder de mensen schaarste heerst aan voedsel en water.
  • Dieren hebben recht op waardig fysisch, psychisch en sociaal leven.
  • Dieren hebben recht op aandacht en op een zorgzame behandeling.
  • Goede daden tegenover een dier worden beloond, voor slechte daden tegenover een dier zal men op Oordeelsdag verantwoording moeten afleggen en mogelijks gestraft worden, mogelijks zelfs met eeuwige verbanning naar de hel.

.

.

Islam staat volgende zaken NIET toe

.

  • het slaan van een dier in het aangezicht;
  • het brandmerken van een dier op gevoelige plaatsen zoals het gezicht;
  • het overbelasten van een lastdier;
  • het doden van een dier in het bijzijn van een ander dier (om de gevoelens van het ander dier niet te kwetsen);
  • het doden van een dier op een wrede manier of voor het plezier;
  • het doodmartelen of nodeloos doen lijden van dieren (zelfs al gaat het om de meest schadelijk geachte soorten, zoals schorpioenen enz);
  • het klaarmaken van slachtgerief (scherpen van mes) in bijzijn van het te slachten dier;
  • een dier laten wachten om gedood te worden;
  • een dier vastbinden en dan doden;
  • het versnijden van een voor voedsel gedood dier alvorens lijkstijfheid is ingetreden (door de verplichting zolang te wachten, verzekert Islam dat een dier dat dood lijkt maar waar nog een sprankeltje leven in zit, zeker geen pijn zou toegebracht worden);
  • het tegen elkaar opzetten van dieren en dierengevechten (hanengevechten, stieren- gevechten, …);
  • jachtsporten (vossenjacht,…);
  • het verminken van dieren en verwijderen van een deel van een dier terwijl het in leven is (met als uitzondering wanneer het nodig is om het leven van een dier in nood te redden – vb amputatie is toegestaan en is zelfs een goede daad wanneer dit het leven van een dier in nood kan redden);
  • het vangen van vogels en hen in kooien stoppen zonder enig speciaal doel (dit wordt aanzien als abominabel);
  • het opsluiten van dieren zonder voedsel;
  • het toebrengen van lichamelijke of emotionele schade aan een dier tijdens leven of gedurende de slacht;
  • het begaan van lichamelijke of geestelijke wreedheden tegenover dieren;
  • factory farming (dwz het grootschalig kweken van dieren volgens industriëe veehouderijmethodes)
  • experimenten op dieren;
  • afmaken van dieren voor hun vacht (Islam laat enkel gebruik toe van huiden of pels van gedomesticeerde dieren die een natuurlijke dood stierven of van dieren die gedood werden voor voedsel);
  • het doden van een dier zonder rechtvaardigbare reden (dit is zelfs één van de hoofdzonden);
  • verspilling in het algemeen, en in het bijzonder van producten waarvoor dieren gedood werden;
  • het doden van dieren tijdens oorlog behalve wanneer dit nodig is voor voedsel;
  • het doden van dieren voor voedsel zonder “In de Naam van God” te zeggen (en dit om de mens er nogmaals aan te herinneren dat het leven heilig is en men geen andere reden  mag hebben om het leven van het dier te beëindigen, dan de nood om voedsel;
  • het consumeren van producten van dieren die niet correct geslacht  of tijdens het leven mishandeld werden, vermits die producten daardoor onwettig werden voor consumptie. Dit laatste zou men kunnen aanzien als een preventieve maatregel die er voor zorgt dat muslimboeren hun dieren goed behandelen.

.

.

DE ISLAM IS DE 

TEGENBEWEGING

TEGEN HET WARE CHRISTENDOM

.

.

voorpagina openbaring a4

.

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Heilige Woorden van Maria aan een zieneres

Standaard

categorie : religie

.

.

Maagd Maria: ” Niemand zal verhinderen dat het

Boek der Waarheid aan de wereld

geopenbaard wordt “

.

20.15 u

.

Mary-Mother-of-the-Divine-Love

.

.

Mijn kind, wanneer je werkt voor Mijn Zoon, Jezus Christus, moet je te allen tijde gehoorzaamheid betonen.

Trek Zijn heilig woord nooit in twijfel want hij spreekt de waarheid en niets dan de waarheid.

Vanaf het begin trekken zo veel van Mijn kinderen elk woord dat Hij zegt in twijfel. Voor eenieder die Zijn heilig woord gehoorzaamt, zoals vervat in Mijn Vaders Boek, is er altijd een ander die Zijn woord op een andere manier interpreteert.

Jij moet onder de leiding van Mijn Zoon alles doen wat van jou gevraagd wordt. Zwicht nooit voor diegenen die verlangen dat Zijn woorden aangepast worden aan hun interpretatie.

Mijn kind, ga nu met spoed te werk om de boodschappen over te brengen die door Mijn Zoon aan de wereld gegeven worden om de zondaars, die verdwaald zijn, te redden.

Mijn Zoon heeft maar één bedoeling en dat is zielen redden.

Heb geen angst, Mijn kind, want alles wat Mijn Zoon jou vertelt, is niet strijdig met de Leer van Zijn Allerheiligste Kerk op aarde.

Zijn geschenken aan Mijn kinderen zijn zeer bijzonder en worden in deze tijd, de eindtijd, gegeven voor alle zielen.

Mijn Zoon is zo edelmoedig en barmhartig dat Hij de zondaars wil overspoelen met bijzondere genaden om hun redding te verzekeren.

Iedereen die probeert Mijn Zoon te stoppen in Zijn missie om de wereld voor te bereiden op Zijn Tweede Komst, zal door de hand van Mijn Eeuwige Vader tegengehouden worden.

Dit werk, om het Boek der Waarheid te onthullen zodra de zegels verbroken worden, is voor Mijn Vader één van de belangrijkste missies op aarde.

De waarheid werd aan de wereld beloofd in deze tijd.

De waarheid moet aan alle zielen, gelovigen en niet-gelovigen, verteld worden want zij zijn zo ver verwijderd van de Kerk dat het hen op deze manier gegeven moet worden.

Alle engelen werden naar de aarde gestuurd om de mensheid te beschermen tegen de Bedrieger en de leugens die hij over de waarheid van de eeuwige redding verspreid.

De mensheid wil de waarheid misschien niet horen en er zullen veel hindernissen op je weg gelegd worden, Mijn kind, maar het zal nutteloos zijn.

Niemand zal verhinderen dat het Boek der Waarheid aan de wereld geopenbaard wordt want als zij zouden proberen om dit te doen, zal de kracht van Mijn Vader ontketend worden als vlammen van vuur die uit de Hemel stromen.

Mijn kind, twijfel nooit aan deze boodschappen zoals ze jou gegeven worden.

Verander nooit één woord om ze te schikken naar diegenen die proberen ervoor te zorgen dat jij het woord van God wijzigt.

Er kan slechts één meester zijn en dat is God, in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.

Ga nu voort met de zekerheden die je nodig hebt.

Denk eraan dat deze boodschappen van Mijn Zoon voor al de kinderen van God zijn en niet enkel voor Zijn Katholieke Kerk of voor Zijn uitverkoren volk, de Joden. Zij zijn voor iedereen!

Elke ziel wordt door Mijn Vader evenzeer bemind. Geen enkele ziel wordt belangrijker geacht dan een andere.

Jullie Hemelse Moeder

Moeder van de Verlossing

.

Maria spreekt over het boek der Openbaring in het Nieuwe testament waarin de eindtijden worden verkondigd. Zij bevestigt dat deze zeer nabij zijn

.

.

voorpagina openbaring a4

 

.


3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 John Astria

John Astria

De leer van Boeddha : deel 1

Standaard

categorie : religie

.

.

Pasteltekening van John Astria

.

.

Boeddha Dharma

.

De leer van de Boeddha is geen godsdienstige leer maar is in wezen een levensleer of religie. Het boeddhisme is geen godsdienst omdat de vraag of God of een hogere macht bestaat niet relevant is in het boeddhisme. Het boeddhisme is met andere woorden ‘non-theïstisch’. Het kan wel een religie worden genoemd omdat er naast een aantal praktische levensadviezen sprake is van metafysische en mystieke elementen. In dit document zijn een aantal begrippen van de leer van de Boeddha, de Boeddha Dharma, uitgelegd.

.

.

Ter inleiding

.

Het spirituele pad van het boeddhisme gaat heel concreet over het hier en nu. De staat van verlichting wordt in het boeddhisme wel omschreven als een ‘non-conceptuele’ staat van zijn, d.w.z. niet gebonden aan concepten, overtuigingen of geloof. Verlichting (Nirvãna) is de staat waarin de begeerten zijn uitgedoofd en men vrij is van gehechtheid aan illusies. Het houdt een totale onbevangenheid ten opzichte van ons denken in. Samsãra is de onverlichte staat, waarin we ons laten leiden door onze denkbeelden van wat ‘geluk’ is. Onze denkbeelden van geluk staan echter ons werkelijke geluk in de weg. Velen zoeken houvast in opvattingen (dogma’s) en geloofszekerheden. Het boeddhisme wijst ons echter op het belang van het volledig gewaar-zijn in het Hier-en-Nu. Het gaat er om bewust te leven, zodat we in het dagelijks leven ons elk moment gewaar zijn van het onderscheid tussen illusie (onze concepten waarmee we de werkelijkheid interpreteren) en werkelijkheid (het concrete zijn in het hier en nu). Het middel bij uitstek om ons te oefenen in het met aandacht aanwezig zijn in het ‘hier-en-nu’ is meditatie.

.

.

Dharma

.

Dharma (Pali: dhamma) is een centraal begrip in het boeddhisme; het wordt in verschillende betekenissen gebruikt.

  1. De kosmische wet die ten grondslag ligt aan onze wereld; vooral de wet van karmisch bepaalde wedergeboorte. Het leven bestaat uit een continu proces van veranderingen. Wij mensen zijn opgenomen in dit proces van verdwijnen en ontstaan. Een gebeurtenis vindt onvermijdelijk plaats als alle voorwaarden voor het ontstaan ervan aanwezig zijn. Iedere gebeurtenis is op deze manier het resultaat van een veelheid van voorwaarden. Zo’n voorwaarde wordt ook wel dharma genoemd. Zo’n dharma werkt (in combinatie met andere voorwaarden) mee aan het ontstaan van een ander dharma, dat op zijn beurt ook weer als voorwaarde dient. Zo is er sprake van een voortdurend proces van onophoudelijk opeenvolgende dharma’s. Dit proces betreft zowel de materiële wereld als ook alle psychische processen en gebeurtenissen en zelfs de ziel. Alle psychische fenomenen worden verklaard in termen van het proces van het voortdurend ontstaan en verdwijnen van psychische gebeurtenissen of dharma’s.  Dit veranderingsproces heeft geen externe oorzaak, maar komt voort uit de dharma’s zelf. Vergankelijkheid is dus een essentieel onderdeel van dharma’s. Alle nieuwe dingen dragen vanaf het moment van hun ontstaan de oorzaak van hun vernietiging in zich en verdwijnen dus weer onmiddellijk.
  2. De leer die de Boeddha formuleerde. De Boeddha herkende de kosmische wetten, die ‘universele waarheid’ bevatten, en heeft deze geformuleerd in zijn leer, de Boeddha Dharma. De dharma bestond dus al vanaf het begin der wereld, de Boeddha is de ontdekker ervan en heeft ze toegankelijk gemaakt voor zijn volgelingen. Bij zijn sterven zei de Boeddha dan ook tegen zijn trouwe volgeling Ananda: ‘Hoe zou wat geboren wordt niet sterven? Als de Gezegende is heengegaan denk je misschien dat je leermeester verdwenen is, dat je geen leermeester meer hebt. Dat is niet zo. De Dharma, de discipline en de beoefening die ik jullie heb onderricht zal je leermeester zijn als ik ben heengegaan. De dharma is volledig geopenbaard. Neem je toevlucht tot de Dharma. Elk van jullie moet de Dharma maken tot zijn eiland en geen andere toevlucht zoeken.’ (uit: De Boeddha, het verhaal van zijn leven). Een boeddhist neemt zijn toevlucht tot deze door de Boeddha geformuleerde leer. Dharma in deze betekenis wordt vaak met een hoofdletter geschreven uit eerbied voor de door de Boeddha geformuleerde leer.
  3. Gedragsnormen en ethische regels, bestaande uit shila en vinaya. Shila’s zijn de voorschriften (ethische richtlijnen) voor monniken en nonnen.
    De tien shila’s zijn:
    (1) zich onthouden van doden, (2) niet nemen wat niet gegeven is, (3) zich onthouden van verboden seksuele daden, (4) zich onthouden van onjuiste spraak, (5) afzien van het gebruik van bedwelmende middelen, (6) afzien van vast voedsel na 12 uur ’s middags, (7) vermijden van muziek, dans, toneel en ander vermaak, (8) afzien van het gebruik van parfum en sieraden, (9) zich onthouden van slapen in hoge, zachte bedden en (10) zich onthouden van omgaan met geld of andere waardevolle artikelen.
    De eerste vijf shila’s gelden ook voor boeddhistische leken; op bepaalde, bijzondere dagen houden zij zich aan de eerste acht shila’s.
    Vinaya is één van de drie delen van de tripitaka en bevat de regels en richtlijnen voor het gemeenschapsleven van monniken en nonnen.
  • Manifestatie van de werkelijkheid; elk voorwerp of verschijnsel is een manifestatie van de werkelijkheid en maakt als zodanig deel uit van de dharma.
  • Mentale inhoud, voorwerp van gedachte, idee. Hier worden weerspiegelingen van de realiteit in de menselijke geest bedoeld. Zo kan een voorwerp dat zich buiten ons bevindt in onze geest weerspiegeld worden als voorstelling of gedachte. Deze gedachteninhouden zijn tot ons gekomen via de zintuigen (zien, horen, ruiken, proeven en tasten) en door onze mentale bron. Uit deze laatste bron welt de stroom van mentale verschijnselen op, zoals gedachten, concepten, emoties, herinneringen, plannen, fantasieën, enz. Ze bevatten de zogenaamde mentale dharma’s, onze gedachtenstroom.

Wanneer we onze geest observeren, dan kunnen we zien dat de zintuigelijke waarnemingen èn de mentale dharma’s zich tegelijk en in combinatie op elk moment in onze mentale stroom bevinden. We horen geluiden, zien voorwerpen of mensen, ruiken de geur van de ruimte waar we ons in bevinden, proeven de smaak die zich op onze tong bevindt, ervaren de onderlaag waarop we staan of zitten, nemen onze mentale inhouden waar (gedachten, gevoelens, oordelen, enz).

Wanneer we meegezogen worden door (aspecten van) de mentale gedachtenstroom bevinden we ons in . Observatie kan ons echter bewust maken van dit alles. We kunnen er voor kiezen om de totaliteit van de mentale stroom met enige distantie te observeren en ons er niet mee te identificeren. Het kan dan gebeuren dat we de percepties en de mentale verschijnselen niet goed van elkaar kunnen onderscheiden. Er is dan een mengvorm van bewust-zijn en niet-bewust-zijn.

Onze waarneming van de werkelijkheid wordt daarbij gekleurd of vervormd door ons denken, door onze mentale inhouden. Met andere woorden: onze denkbeelden vermengen zich met zintuiglijke waarnemingen. Onze waarneming is dan niet helder, is gedeformeerd, gekleurd, ons ervaringsveld is mistig, de wolken van ons denken verhinderen het waarnemen van de heldere zonneschijn. Soms zien we de zon even door de wolken schijnen.

Door veel oefening (meditatie) kan een omvattend helder bewustzijn ontstaan, dat functioneert als ‘panoramisch bewust zijn’. Dan bevind je je in en is er helderheid van geest.

.
 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

De scheppingsverhalen in Genesis 1 en 2

Standaard

categorie : religie

.

.

Vraag: “Waarom zijn er twee verschillende

Scheppingsverhalen hoofdstukken 1 en 2 van

het boek Genesis?”

.

.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

.

.

Antwoord

.

Genesis 1:1 zegt: “In het begin schiep God de hemel en de aarde.” Verderop in Genesis 2:4 lijkt er een tweede, afwijkend verhaal over de schepping verteld te worden. Het idee dat er twee verschillende scheppingsverhalen zijn is een veelgehoorde foutieve interpretatie van deze twee passages die in werkelijkheid dezelfde schepping beschrijven. Ze zijn het niet met elkaar oneens wat betreft de volgorde waarin dingen geschapen werden en spreken elkaar niet tegen.

Genesis 1 beschrijft “zes scheppingsdagen” (en een zevende rustdag) terwijl Genesis 2 slechts één dag van die scheppingsweek beslaat — de zesde dag— en er is geen tegenstrijdigheid.

In Genesis 2 grijpt de schrijver terug op de temporele volgorde van de zesde dag, toen God de mens schiep. In het eerste hoofdstuk zet de schrijver van Genesis de schepping van de mens op de zesde dag neer als het hoogtepunt van de schepping. Daarna geeft de schrijver in het tweede hoofdstuk meer details over de schepping van de mens.

In hoofdlijnen zijn er twee zienswijzen die tegenstrijdigheid veronderstellen tussen Genesis 1 en 2. De eerste betreft het plantenleven. In Genesis 1:11 staat opgetekend dat God het groen op de derde dag schiep. Volgens Genesis 2:5 groeide er vóór de schepping van de mens “op de aarde nog geen enkele struik en was er geen enkele plant opgeschoten, want God, de HEER, had het nog niet laten regenen op de aarde, en er waren geen mensen om het land te bewerken.” Dus, hoe zit het nu? Schiep God de flora op de derde dag voordat Hij de mens schiep (Genesis 1) of nadat Hij de mens schiep (Genesis 2)?

De Hebreeuwse woorden voor “vegetatie” verschillen in de beide tekstdelen. Genesis 1:11 gebruikt een term die slaat op vegetatie in het algemeen. Genesis 2:5 gebruikt een meer specifieke term die refereert aan vegetatie ten behoeve waarvan landbouwactiviteiten uitgevoerd moeten worden, dat wil zeggen er is iemand die er voor zorgt, een tuinman. De passages spreken elkaar niet tegen. Genesis 1:11 heeft het er over dat God vegetatie maakt, en Genesis 2:5 zegt dat God pas “agrarische” vegetatie liet groeien nadat Hij de mens gemaakt had.

De tweede veronderstelde tegenstrijdigheid betreft het dierlijke leven. In Genesis 1:24-25 staat opgetekend dat God de fauna op de zesde dag creëerde, voordat Hij de mens maakte. In sommige vertalingen lijkt Genesis 2:19 te zeggen dat God de dieren maakte nadat hij de mens geschapen had. Een goede en aannemelijke vertaling van Genesis 2:19-20 luidt echter:

“Uit aarde vormde Hij alle dieren op het land en alle vogels in de lucht. Hij bracht ze bij de mens om te zien hoe die ze zou noemen; elk dier zou de naam krijgen die de mens hem gaf. Toen gaf de mens namen aan alle tamme dieren, alle vogels en alle wilde dieren.”

Deze tekst uit de Groot Nieuws Bijbel zegt niet dat God eerst de mens schiep, daarna de dieren schiep en deze vervolgens bij de mens bracht, maar dat de Heer “uit aarde alle dieren op het land en alle vogels in de lucht” (al) gevormd had. Er is geen tegenstrijdigheid. Op de zesde dag schiep God de dieren, daarna de mens en daarna bracht hij de dieren bij de mens zodat de mens ze kon benoemen.

Door de twee scheppingsverhalen individueel te beoordelen en ze daarna met elkaar in overeenstemming te brengen, zien we dat God de volgorde van de schepping in Genesis 1 beschrijft, en dan de belangrijkste details, in het bijzonder die van de zesde dag, nader toelicht in Genesis 2. Er is geen sprake van een tegenstrijdigheid, maar van een vaak gebruikte literaire wijze om een gebeurtenis eerst in zijn algemeenheid en dan specifiek te beschrijven.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA