Tagarchief: christenen

Reïncarnatie en Christendom

Standaard

Categorie: religie

 

 

Het ware geloof

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Is Reïncarnatie verenigbaar met Christendom?

 

Meer dan ooit accepteren de mensen in het Westen het idee van reïncarnatie, namelijk dat de ziel bij de dood het lichaam verlaat en in een nieuw geboren lichaam terechtkomt. Onderzoek toont aan dat bijna 60% van de Amerikanen geloven dat incarnatie mogelijk waar is. De brede acceptatie van de reïncarnatieleer kan toegeschreven worden aan verscheidene factoren. Men probeert ‘wetenschappelijke’ bewijzen aan te wenden; getuigenissen aan te voeren van prominente mensen, zoals Shirley MacLaine en acteur Glenn Ford, die over hun “voormalige levens” vertellen; er zijn bestsellers (zoals MacLaines Out on a Limb) die het leven hierna en de cirkel van de wedergeboorte beschrijven; en dan zijn er ook zulke ‘christelijke’ reïncarnatiegelovigen zoals Jeanne Dixon en wijlen Edgar Cayce.

Sensatiebladen, zoals de National Enquirer hebben ook bijgedragen tot de verspreiding van het reïncarnatie geloof door hun constante aandacht aan het onderwerp. In de late jaren 1960 en vroege 1970 werden boeken zoals ‘Jonathan Livingston Seagull’ (Richard Bach) en ‘A World Beyond’ (Ruth Montgomery) erg populair, en ze plantten in de geesten van lezers de zaden van de Hindoeïstische en occulte filosofie, waarvan de reïncarnatieleer afstamt. Tegen de late jaren 1970 werden de ideeën van Bach en Montgomery grotendeels vervangen door die van Elisabeth KublerRoss, schrijfster van boeken als ‘On death and Dying’ en ‘Questions and Answers on Death and Dying’, en Raymond Moody, schrijver van ‘Life After Life’ en ‘Reflections of Life After Life’.

Deze twee schrijvers brengen naar voor dat de fysische dood het begin is van een ander, geestelijk leven, en dat alle mensen rust en vrede vinden in dat nieuwe leven. Zowel Kubler-Ross als Moody verwerpen het christelijke begrip van een oordeel door God. Zij geloven ook beiden in reïncarnatie. Alhoewel sommige christenen een kritische reactie hebben geboden op de filosofie van reïncarnatie, blijven vele christenen onwetend over de implicaties ervan. Geconfronteerd met het algemene stilzwijgen van de Kerk en de schijnbaar overtuigende incarnatieleer, zijn vele christenen gaan concluderen dat reïncarnatie een werkelijkheid is, of dat ze tenminste de mogelijkheid ervan niet kunnen afwijzen.

 

 

de ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Wat is Reïncarnatie?

 

Reïncarnatie, de leer dat een ziel overgaat van lichaam tot lichaam door een geboorte-dood-wedergeboorte cyclus, is een voortvloeisel uit de Hindoe-Boeddhistische-leer van ziel-transmigratie. Transmigratie houdt de mogelijkheid in dat een ziel kan geboren worden in het lichaam van een dier. De status van het opnieuw geboren lichaam varieert van de huisvlieg tot een goed functionerend persoon, en geeft een indicatie van de levenskwaliteit van de ziel in zijn vorige lichaam. Een goed leven brengt wedergeboorte naar een hogere vorm; een slecht leven brengt wedergeboorte naar een lagere vorm. Deze opwaartse of neerwaartse promotie vervult de Wet van Karma, een centraal dogma van het Hindoeïsme.

Karma leert dat goede daden worden beloond en de slechte bestraft. Het Hindoeïstische doel van de ziel is om uit de karmacyclus te breken en één te worden met het universum. De westerse geest, die blijkbaar niet houdt van het idee dat men wedergeboren kan worden als een muskiet of slak, heeft de dieren uit de cyclus geweerd. Reïncarnationisten geloven ook dat zielen een eeuwig voorbestaan hadden. ‘A World Beyond’ van Ruth Montgomery, is een boek waarvan zij beweert dat het ontstond door ‘automatisch schrijven’ en dat het ingegeven werd door Arthur Ford, een medium, die in de geestelijke wereld wachtte om in een ander lichaam
te treden.

In dat boek staat blz. 7: “Laat ons beginnen met de premisse dat elk persoon een continuerende entiteit is doorheen alle eeuwigheid. Geen begin en geen einde, ondanks wat sommige moralisten zeggen over ons levensbegin in de fysische geboorte als baby en eindigend met het Laatste Oordeel. Onzin! Er is nooit een tijd geweest dat wij er niet waren, en wij zullen er altijd zijn, alhoewel in voortdurend veranderende levensvormen en niveaus, omdat wij net zoveel God zijn als dat God een deel is van ons”.

 

 

Satan, de tegenstrever

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Wat is haar aantrekkingskracht?

 

De klaarblijkelijke aantrekkingskracht die reïncarnatie uitoefent bij westerlingen is de belofte dat het leven verder gaat, en dat we zoveel kansen krijgen die we nodig hebben om alles in orde te brengen. Indien reïncarnatie juist is, dan voelt de mens geen dwingende behoefte om in dit leven vrede te maken met een rechtvaardige God, of zelfs om zijn naaste met liefde en respect te behandelen. Als een mens zoveel levens krijgt die hij nodig heeft om de perfectie te bereiken, zou hij wel eens kunnen denken: “Waarom niet vrijuit leven en de goede werken en vrede met God overlaten aan een volgend leven?”

De behoefte om met God vrede te maken zou eigenlijk nooit voorkomen bij échte reïncarnationisten, want die geloven niet in een persoonlijke God. Reïncarnatie gaat hand in hand met pantheïsme, het geloof dat alles God is en God alles is, elk mens inbegrepen. De doctrines van pantheïsme en reïncarnatie zijn de hoekstenen van het Hindoeïsme en occultisme, die erg populair geworden zijn in de westerse wereld. Op de pagina’s 84-85 van zijn boek “Mirakels”, zegt C.S. Lewis het volgende over de aantrekkingskracht van pantheïsme en reïncarnatie:
“Pantheïsme is verwant met onze geesten, niet omdat het het finale stadium is in een traag proces van verlichting, maar omdat het haast zo oud is als de mens. Het kan zelfs de meest primitieve van alle religies zijn … Pantheïsme is in feite de permanente, natuurlijke menselijke denkwijze; het permanente simpele niveau waarin de mens soms zinkt … en waarboven hij het op eigen kracht niet lang kan uithouden”.

 

Demon in de mens

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Wat zijn de bewijzen?

 

Maar de moderne mens neemt niet aan dat zijn denken gezonken is tot deze kleinste gemene deler, en dus zoekt hij bewijzen om zijn geloof te rechtvaardigen. Zijn inspanningen hebben vele ‘bewijzen’ opgeleverd die de leer van reïncarnatie ondersteunen. De meest aangevoerde verdediging van de reïncarnatiegedachte is het fenomeen van “verleden-leven herinnering”: de bekwaamheid om zich details te herinneren van schijnbaar vroegere levens. Dit kan bereikt worden door hypnose en spontane of intuïtieve herinnering, dat soms ook “deja-vu” genoemd wordt. Sommige verledenleven verslagen die door personen onder hypnose opgedist worden, kunnen toegeschreven worden aan fantasie, of aan suggesties van de hypnotiseur. Maar en zijn ook twee andere verklaringen.

Het ene kan het “Bridey Murphy Effect” genoemd worden, dat besproken werd in het boek “The Search for Bridey Murphy”. Het boek spreekt van het verhaal van een vrouw die, wanneer onder hypnose gebracht, details kon geven van Ierland en zelfs Gaelic kon spreken, een taal waarmee zij niet vertrouwd was. Dit werd toegeschreven aan haar vorig leven in Ierland. Maar onderzoek bracht aan het licht dat zij opgevoed was door een Gaelic-sprekende grootmoeder die haar verhaaltjes vertelde over het oude Ierland. De ‘verleden-leven herinneringen’ bleken vergeten ervaringen te zijn uit de kinderjaren die naar boven gebracht werden door hypnose.

Sommige herinneringen echter doorstaan elke toetsing en zijn blijkbaar echt. Om deze te verstaan moeten wij ons realiseren dat een mens, die onder hypnose is, de controle van zijn of haar geest overgeeft aan iemand anders. De hypnotiseur zou de teugels kunnen overnemen. Hij of een andere entiteit zou suggesties in de geest kunnen planten. In zijn boek “Reincarnations and Christianity” zegt Dr. Robert Morey: “een hypnotische trance is de exacte mentale toestand die mediums en heksen al eeuwenlang bij zichzelf tot stand brengen, om zich open te stellen voor de invloed van geesten of demonen”.

Als zoiets gebeurt, dan is het niet moeilijk om te denken aan een demonische ‘taking over’ (overname) van de
wil van het gehypnotiseerde subject en dat er door hem of haar heen gesproken wordt. De demon, die de beschikking heeft over allerlei kennis uit het verleden, kan herinneringen aaneenrijgen en ze het gehypnotiseerde subject inplanten en laten uitspreken, en zo verleden-levens suggereren. Gezien de natuur van demonen, kunnen die plausibele verhalen inprenten die niet te weerleggen of te verifiëren zijn. Hoeveel plezier moeten die wel hebben wanneer ze goedgelovige mensen duperen met geschiedenissen van een dozijn verschillende personen die allemaal beweren dat zij eens Cleopatra waren!

Deja vu, het gevoel dat een persoon krijgt wanneer hij een vreemde plaats of omstandigheid komt, die hij nooit eerder gezien heeft, wordt dikwijls gebruikt als steunbeer voor de reïncarnatiegedachte. Haast iedereen kan zich zo’n ervaring herinneren. Dr. Walter Martin, citeert in een opgenomen toespraak “Het raadsel van reïncarnatie”, een ervaring die hij had terwijl hij in Zwitserland een berg zag. Hij wist dat hij dit bepaalde gezicht reeds eerder had gezien, alhoewel hij nog nooit in Zwitserland was geweest. In het naar huis gaan ontdekte Martin de oorzaak van zijn ervaring: een postkaart van dezelfde berg die hij had gezien. Een mens gebruikt slechts 10% van zijn hersenen, die voortdurend informatie opstapelen die nooit herinnerd worden tenzij men er plots mee geconfronteerd wordt door een ervaring zoals die van Martin.

Deja-vu-ervaringen kunnen ook geïnspireerd worden door de demonenwereld, en niet enkel door toedoen van menselijke oorzaken. De “god van deze wereld” (2 Kor 4:4), “de overste van de macht der lucht, de geest, die nu werkt in de kinderen der ongehoorzaamheid” (Ef 2:2), tracht de mensen te bedriegen en te misleiden. Sommige mensen zijn ontvankelijker dan anderen voor de spirituele infiltraties van de geestenwereld. 2 Joh. 9:1-3: “En in het voorbijgaan zag Hij een mens die blind was van de geboorte af. En Zijn discipelen vroegen Hem: Rabbi, wie heeft er gezondigd, hij of zijn ouders, dat hij blind geboren zou worden? Jezus antwoordde: Hij heeft niet gezondigd en zijn ouders ook niet …” – de blinde was blind geboren en dus kon zonde-in-dit-leven niet de oorzaak zijn van zijn blindheid, maar sommigen hielden rekening met de valse karma-leer. SV kantt. 3 zegt: “Het schijnt dat de discipelen in deze dwaling waren, welke toen bij sommige Joden was, dat als de mens sterft, zijne ziel dan weder zou gaan in een ander lichaam, en dat derhalve de ziel des blindgeborenen in een ander lichaam zou gezondigd hebben”.

 

 

2 KORINTIËRS 4: 3-4

 

Toch zijn er altijd mensen bij wie er dan een ‘doek’ over hun hart blijft liggen. Daardoor kunnen ze het goede nieuws niet begrijpen. Maar dat gebeurt alleen bij de mensen die verloren gaan. 4 Dat zijn de ongelovige mensen. Zij zijn door de god van deze wereld  (Satan) blind gemaakt in hun denken. Daardoor kunnen ze het licht niet zien van het goede nieuws van Christus. Terwijl juist aan Christus precies te zien is wie God is. Hij is de afbeelding van God.

 

 

Keuze tussen goed en kwaad

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Leert de Bijbel reïncarnatie?

 

Mensen die in reïncarnatie geloven citeren soms de Schrift om hun geloof te ondersteunen. De 4 schriftplaatsen die zij het meest aanhalen zijn Johannes 3:3, Mattheüs 11:14, Hebreeën 7:2-3 en Johannes 9:2.

  • 1. In Johannes 3:3 zegt Jezus tot Nicodemus dat om het Koninkrijk van God te zien men opnieuw moet geboren worden. Jezus, de zo gezegde reïncarnationist, leert dat een reeks wedergeboorten noodzakelijk zijn om de volmaaktheid te bereiken. Deze interpretatie houdt echter geen steek. Nicodemus drukte zijn verwarring uit en sprak van een tweede fysische geboorte (niet exact hetzelfde als die waarvan men spreekt in de reïncarnatieleer, maar gelijkend). Jezus corrigeerde Nicodemus onmiddellijk en zei dat de wedergeboorte waarvan Hij sprak een geestelijke was (Johannes 3:4-6). Dus, Jezus verklaarde niet de Wet van Karma, maar weerlegde haar juist.

 

  • 2. Reïncarnationisten wijzen ook op Jezus’ verklaring in Mattheüs 11:14 dat Johannes de Doper Elia was. Maar men moet verder in de Schrift lezen. Lukas 1:17 zegt dat Johannes voor Christus zou heengaan “in de geest en de kracht van Elia”. Johannes de Doper, een man die vervuld was met de Heilige Geest van in de moederbuik, ontkende zelf dat hij Elia was (Johannes 1:21). De Schrift zegt ook dat Elia nooit de fysieke dood ondergaan heeft (Hebreeën 11:5) en tijdens de aardse bediening van Christus nog steeds bestond als Elia, zoals aangetoond werd door zijn verschijning, samen met Mozes op de berg van de transfiguratie (Mattheüs 17:3).

 

  • 3. Een andere geliefde Bijbelse passage bij reïncarnationisten is Hebreeën 7:2-3. Deze tekst, zo zeggen zij, leert ons dat Jezus in een vroegere incarnatie Melchizedek was. Maar men hoeft de geciteerde verzen maar te lezen om direct in te zien dat de oudtestamentische Melchizedek “de Zoon van God gelijk geworden” is als type, niet dat hij letterlijk Jezus (de Zoon van God) was. De schrijver van Hebreeën zegt enkel dat er geen verslag bestaat van Melchizedeks geboorte, dood of familie. Bovendien, Melchizedeks priesterschap was hierin uniek dat het niet werd overgedragen op een ander. Melchizedek was enkel gelijkend op Christus en wordt nooit een vroegere incarnatie van Hem genoemd.

 

  • 4. De vierde schriftplaats die dikwijls wordt geciteerd is Johannes 9:1-3, die gaat over een blind geboren man en de vraag van de discipelen wiens zonde deze blindheid veroorzaakt had. Deze vraag lijkt, oppervlakkig gezien, in overeenstemming te zijn met de Wet van Karma. Maar Christus’ antwoord dat de blindheid van deze man geenszins iets met zonde te maken had, maakt het standpunt van de reïncarnationisten onverdedigbaar. Nu we gezien hebben wat de Bijbel NIET zegt ter ondersteuning van de reïncarnatieleer, gaan wij ons nu richten tot wat de Bijbel WEL leert tegen reïncarnatie.
    De enige kans van de mens Met slechts één vers verwoest de Bijbel het concept van reïncarnatie.

Hebreeën 9:27 zegt: “En gelijk het de mensen gezet is, eenmaal te sterven, en daarna het oordeel …”

 

Meer schriftplaatsen:

Jakobus 4:14: “Gij, die niet weet, wat morgen geschieden zal, want hoedanig is uw leven? Want het is een damp, die voor een weinig tijd gezien wordt, en daarna verdwijnt”.

De Psalmen staan vol met referenties naar de tijdelijke natuur van het mensenleven. Psalmen 39:6, 103:15 en 144:4 zijn slechts enkele voorbeelden. Deze verzen weerleggen ook de theorie dat zielen eerder of eeuwig hebben bestaan, zoals ook het verslag in Genesis 2 over het ontstaan van de mens.

 

Psalm 39: 6: Mijn leven duurt voor U maar een ogenblik. Een mensenleven is voor U als één enkele zucht. Elk mens, hoe goed het ook met hem gaat, is uiteindelijk niets.

 

Psalm 103: 15/16: Ons leven duurt maar éven. Een mens lijkt op een bloem in het gras: 16 één windvlaag en hij is er niet meer, er is niets meer van hem over.

 

Psalm 144: 4: De mens is maar één zucht. Zijn leven is als een schaduw die voorbij glijdt.

 

 

Goddelijke bescherming

 

 

 

Het probleem van het kwaad

 

Alhoewel de Wet van Karma de kwestie van het kwaad lijkt te behandelen, met haar systeem van beloningen en straffen, blijft, op een bredere schaal, het probleem onopgelost. In zijn boek “Reincarnation: A Christian Appraisal”, schrijft Mark Albrect op blz. 119: “De eindeloze cycli van de reïncarnatie lossen nooit het probleem van het kwaad op; het kwaad is eeuwig, het idee dat het kwaad voor altijd voortduurt is ondenkbaar in het christendom. Het kwaad is overwonnen door de dood en opstanding van Jezus Christus, en het zal voor altijd
weggedaan worden wanneer Hij wederkomt om de wereld te oordelen”.

 

 

 

Reïncarnatie en spiritisme

 

Reïncarnatie-aanhangers overtreden ook dikwijls de Bijbelse bevelen tegen spiritisme. De Bijbel is erg duidelijk in zijn verbod contacten te leggen met de geesten van de doden, wat vele reïncarnationisten trachten te doen wanneer een ziel, naar bewering, zich “tussen” incarnaties in bevindt. Leviticus 20:6, 27, Deuteronomium 18:11, Jesaja 8:19 en 1 Kronieken 10:13 maken duidelijk dat God niet wil dat Zijn volk in zulke activiteiten betrokken is. Geen enkele nieuwtestamentische schrijver heeft ooit gezegd dat dit verbod werd opgeheven. Beroemde reïncarnationisten, zoals Ford, Cayce, Dixon, Montgomery en Kubler-Ross, geven openlijk hun spiritistische en mediamieke praktijken toe. Erger nog, sommige van deze auteurs, in het bijzonder Cayce en Dixon, beweren dat hun geloof in overeenstemming is met het christendom.

 

Leviticus 20: 6+27

Als iemand aan de geesten van gestorven mensen om raad vraagt, of naar waarzeggende geesten gaat en daarmee ontrouw aan Mij is, dan zal Ik zijn vijand zijn en hem doden. 7 Leef dus heilig, want Ik ben jullie Heer God. 8 Doe alles precies zoals Ik het jullie bevolen heb. Ik ben de Heer en Ik wil dat jullie alleen Mij dienen.

Als iemand de geest van een dode of een waarzeggende geest door zich heen laat spreken, moet hij worden gedood. Hij moet met stenen doodgegooid worden. Hij verdient de doodstraf.”

 

 

Deuteronomium 18:11

Jullie mogen ook geen geesten oproepen, met geesten praten of de geesten van gestorven mensen om raad vragen. 12 Want de Heer vindt het verschrikkelijk als jullie dat doen. De volken die nu in het land wonen, doen deze verschrikkelijke dingen wel. Juist daarom jaagt de Heer God hen voor jullie weg.

 

 

Jesaja 8:19-22

Mensen zullen aan jullie vragen: ‘Willen jullie voor ons aan waarzeggende geesten en aan de geesten van doden om raad vragen?’ Maar die mompelen en piepen alleen maar wat! We moeten toch alleen aan onze God om raad vragen? Waarom zou je aan de doden om raad vragen voor de levenden? 20 Luister naar wat de wet van God zegt. En luister naar wat ik namens God heb gezegd! Als mensen andere dingen zeggen, is er geen hoop meer voor hen. 21 Hopeloos en hongerig zullen ze door het land trekken. Ze zullen razend van de honger zijn. Woedend zullen ze hun koning vervloeken. Ze zullen omhoog kijken en hun God vervloeken. 22 Overal waar ze kijken, zullen ze alleen maar ellende zien. Ze zullen doodsbang en opgejaagd zijn. Het zal een donkere tijd zijn.

 

 

1 Kronieken 10:13

Zo stierf Saul, omdat hij ontrouw aan de Heer was geworden. Want hij had de Heer niet gehoorzaamd. Hij had zelfs een waarzegster om raad gevraagd, in plaats van aan de Heer. 14 Daarom doodde Hij hem en maakte David, de zoon van Isaï, koning in de plaats van Saul.

 

 

In Mattheüs 7 waarschuwde Christus Zijn volgelingen dat valse profeten zullen komen als wolven in schapenvacht. Deze zelfbenoemde ‘christenen’ vervullen Christus’ waarschuwing. Reïncarnatie is in geen enkel opzicht in overeenstemming met het christelijke geloof. De Bijbel leert dat het loon van de zonde de dood is (Romeinen 6:23).

 

De reïncarnatieleer is dezelfde leugen die Satan aan Eva vertelde in de Hof van Eden: “Gij zult de dood niet sterven” (Genesis 3:4).

 

De Bijbel leert dat redding van de zonde, en zijn eeuwige consequenties, een gave is die God vrijelijk geeft (Efeziërs 2:8-9); reïncarnatie leert dat redding er pas komt wanneer een mens zichzelf vervolmaakt. Christus, die ons schiep, weet dat wij slechts één leven hebben en Hij heeft gezien wat wij doen met deze enige kans. Daarom offerde Hij Zichzelf als een afbetaling voor onze zonden. Onze Redder nam onze ‘slechte Karma’ op Zichzelf. “Mijn juk is zacht, en Mijn last is licht” zei Hij in Mattheüs 11:30. Zelfs indien wij zouden kunnen terugkomen, opnieuw en opnieuw, zou daar geen enkele zinnige reden voor kunnen zijn, vermits al onze schulden en tekortkomingen door Hem afbetaald werden. Laat ons u dan helpen om een nieuw leven te ontdekken, in gemeenschap met de Heer Jezus Christus!

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Landen met een overwegend islamitische bevolking

Standaard

categorie : religie

 

 

 

51XynHo7mQL._SX258_BO1,204,203,200_ cia

 

 

Het overzicht hierna, waarvan de gegevens afkomstig zijn van het CIA World Factbook, toont aan dat in veruit de meeste landen met een overwegend islamitische bevolking, de wettelijke basis bestaat uit:

  • ofwel een burgerlijke wet
  • ofwel een gemengd stelsel van burgerlijk recht met koloniale wetten en met aspecten uit de islamitische wet.
  • Het handvol landen waar een plaatselijke versie van de shariahgeldt zijn geen theocratiën. Zo is bijvoorbeeld Iran een theocratische republiek – dwz dat ook daar de staatsleider (i.c. president) verkozen wordt.

 

Noteer dat een‘islamitische staat”niet een staat is waarin de shariah geldt omdat het concept ‘islamitische staat’ immers niet bestaat in de islam. Iran of Saoedi-Arabië is dan ook niet minder of niet meer een islamitische staat dan bv Turkije of Maleisië.

Deshariahis een theoretisch model. Wanneer men dat in een wet wil gieten, seculariseert men dus de shari’ah die daardoor ook een door mensen gemaakte wet is. Niets in de islam verplicht moslims echter tot het invoeren van de shariah vermits de islam geen blauwdruk bevat van een staatsvorm (met dien verstande dat de koran een dictatuur en een theocratie uitsluit).

Moslims hebben de opdracht een rechtvaardige samenleving tot stand te brengen voor iedereen, moslims en niet-moslims. Het staat hen vrij de staatsvorm te kiezen die zij daarvoor best passend achten.

.

 

 

Bron van onderstaande informatie: CIA World Factbook

 

.

 

World_Muslim_Population_Map

 

.

 

Afghanistan (Islamitische Republiek van Afghanistan)

  • onafhankelijkheid: 1919 (van controle van Verenigd Koninkrijk over buitenlandse zaken)
  • regeringstype: islamitische republiek
  • wettelijk stelsel: gemengd system van burgerlijk recht, gewoonterecht en islamitisch recht
  • religies: soenni moslim 80%, shia muslim 19%, andere 1%

 

 

Albanië

  • onafhankelijkheid: 1912 (van het Ottomaans Rijk)
  • staatsvorm: parlementaire democratie
  • wettelijk stelsel: burgerlijk recht behalve in noordelijke rurale gebieden waar gewoonterecht geldt
  • religies: moslim 70%, Albaans orthodox 20%, Rooms Katholiek 10%

 

 

Algerije

  • onafhankelijkheid: 1962 (van Frankrijk)
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van Frans burgerlijk recht en islamitisch recht
  • religies: soenni moslims (staatsgodsdienst) 99%, christenen en joden 1%

 

 

Azerbeidzjan

  • onafhankelijkheid: 1991 (van de Sovjetunie)
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: burgerlijk recht
  • religies: (nominaal) moslim 94.3%, russisch orthodox 2.5%, armeens orthodox 2.3%, andere (1.8%)

 

 

 

Bahrein

  • onafhankelijkheid: 1971 (van het Verenigd Koninkrijk)
  • staatsvorm: grondwettelijke monarchie
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van islamitisch recht, Engels gewoonterecht, Egyptische burgerlijke, criminele en commericiële wetten, gewoonterecht
  • religies: (shia en soenni) moslim 81.2%, christenen 9%, andere 9.8% (2001)

 

 

 

Bangladesh

  • onafhankelijkheid: 1971 (van West-Pakistan)
  • staatsvorm: parlementaire democratie
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van grotendeels Engels gewoonterecht en islamitisch recht
  • religies: moslim 89.5%, hindoe 9.6%, ander 0.9% (2004)

 

 

 

Comoren

  • onafhankelijkheid: 1975 (van Frankrijk)
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van islamitisch religieus recht, Frans burgerlijk recht van 1975 en gewoonterecht
  • religies: soenni moslim 98%, Rooms katholiek 2%

 

 

 

Djibouti

  • onafhankelijkheid: 1977 (van Frankrijk)
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel hoofdzakelijk gebaseerd op Frans burgerlijk recht, islamitisch religieus recht (voor familierecht en successierecht) en gewoonterecht
  • religies: moslim 94%, christelijk 6%

 

 

 

Egypte

  • onafhankelijkheid: 1922 (van het Verenigd Koninkrijk)
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel gebaseerd op Napoleontisch burgerlijk recht en islamitisch religieus recht
  • religies: moslim (grotendeels soenni) 90%, 9% koptisch, 1% andere christenen

 

 

 

Eritrea

  • onafhankelijkheid: 1993 (van Ethiopië)
  • staatsvorm: overgangsregering
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel an burgerlijk recht, gewoonterecht en islamitisch religieus recht
  • religies: moslim, Koptische christenen, Rooms katholiek, protestant

 

 

 

Gambia

  • onafhankelijkheid: 1965 (van het Verenigd Koninkrijk)
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van Engels gewoonterecht, islamitisch recht en gewoonterecht
  • religies: moslim 90%, Christian 8%, indigenous beliefs 2%

 

 

 

Guinea

  • onafhankelijkheid: 1958 (van Frankrijk)
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: burgerlijk recht gebaseerd op het Frans model
  • religies: moslim 85%, christenen 8%, inheemse religies 7%

 

 

 

Indonesië

  • onafhankelijkheid: 1945
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: brugerlijk recht gebaseerd op het Rooms (‘Roman’)-Nederlands model, beïnvloed door gewoonterecht
  • religies: moslim 86.1%, protestant 5.7%, rooms katholiek 3%, hindoe 1.8%, ander of onbepaald 3.4% (2000 census)

 

 

 

Iran

  • onafhankelijkheid: 1979
  • staatsvorm: theocratische republiek
  • wettelijk stelsel: religieuze wet gebaseerd op de shari’a
  • religies: moslim (officieel) 98% (shia 89%, soenni 9%), andere (waaronder zoroaster, joods, christelijk en baha’i) 2%

 

 

 

Irak

  • onafhankelijkheid: 1932 (van Brits mandaatgebied)
  • staatsvorm: parlementaire democratie
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel an burgerlijk recht en islamitisch recht
  • religies: moslim (officieel) 97% (shia 60%-65%, soenni 32%-37%), christen en anderen 3%

 

 

 

Jemen

  • onafhankelijkheid: 1990
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: gemengd wettelijk stelsel van islamitisch recht, engels gewoonterecht en gewoonterecht
  • religies: moslim (islam – officieel) waaronder shaf’i (soenni) en Zaydi (shia), kleine aantalen joden, christenen en hindoes

 

 

 

Jordanië

  • onafhankelijkheid: 1946 (van Brits mandaatgebied)
  • staatsvorm: grondwettelijke monarchie
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van burgerlijk recht en islamitisch religieus recht
  • religies: soenni moslim 92% (officieel), christenen 6% (overwegend Grieks-orthodox, maar ook een aantal Griekse en Rooms katholieken, Syrisch orthodox, Koptisch orthodox, Armeens orthodox en protestantse denominaties), ander 2% (kleine shia moslim en druzen populaties)(2001)

 

 

 

Kirgizië

  • onafhankelijkheid: 1991 (van Sovjetunie)
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: burgerlijk recht dat aspecten van Frans burgerijk recht en Russisch federaal recht bevat
  • religies: moslim 75%, Russisch orthodox 20%, ander 5%

 

 

 

Koeweit

  • onafhankelijkheid: 1961 (van het Verenigd Koninkrijk)
  • staatsvorm: grondwettelijk emiraat
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van Engels gewoonterecht, Frans burgerlijk recht en islamitisch religieus recht
  • religies: moslim (officieel) 85% (soenni 70%, shia 30%), andere (waaronder christen, hindoe, parsi) 15%

 

 

 

Libië

  • onafhankelijkheid: 1951 (van VN trusteeship)
  • staatsvorm: overgangsregering
  • wettelijk stelsel: post-revolutionair systeem in beweging, gedreven door statelijke en niet-statelijke entiteiten
  • religies:soenni moslim (officieel) 97%, andere 3%

 

 

 

Libanon

  • onafhankelijkheid: 1943 (van Frans mandaatgebied)
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van burgerlijk recht gebaseerd op Frans burgerrecht, Ottomaanse wettelijke traditie en religieus recht mbt persoonlijke status, huwelijk, echtscheiding en andere familiale relaties van de joodse, islamitische en christelijke gemeenschappen
  • religies: moslim 59.7% (shia, sunni, druze, isma’iliet, alawiet of nusayriet), christen 39% (maroniet katholiek, grieks-orthodox, melkiet katholiek, armeens katholiek, syrisch orthodox, rooms-katholiek, chaldeens, assyrisch, coptisch, protestant), ander 1.3% (Opm: 17 religies erkend)

 

 

 

Malaisië

  • onafhankelijkheid: 1957 (van het Verenigd Koninkrijk)
  • staatsvorm: grondwettelijke monarchie
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van Engels gewoonterecht, islamitische wet en gewoonterecht
  • religies: moslim (of islam – officieel) 60.4%, boeddhist 19.2%, christen 9.1%, hindoe 6.3%, confucianisme, Taoïsme en andere traditionele chinese religies 2.6%, andere en onbekend 1.5%, geen 0.8% (2000 census)

 

 

 

Mali

  • onafhankelijkheid: 1960 (van Frankrijk)
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: burgerlijk recht gebaseerd op Frans burgerrecht, beïvloed door gewoonterecht
  • religies: moslim 94.8%, christen 2.4%, animist 2%, geen 0.5%, niet-gespecificeerd 0.3% (2009 Census)

 

 

 

Marokko

  • onafhankelijkheid: 1956 (van Frankrijk)
  • staatsvorm: grondwettelijke monarchie
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van burgerrecht gebaseerd op Frans en islamitisch recht
  • religies: moslim 99% (officieel), christen 1%, ongeveer 6000 joden

 

 

 

Mauretanië

  • onafhankelijkheid: 1960 (van Frankrijk)
  • staatsvorm: militaire junta
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel an islamitisch en Frans burgerrecht
  • religies: mosilm (officieel) 100%

 

 

 

Niger

  • onafhankelijkheid: 1960 (van Frankrijk)
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel an burgerlijk recht (gebaseerd op Frans burgerrecht), islamitisch recht en gewoonterecht
  • religies: moslim 80%, ander (waaronder inheemse geloven en christenen) 20%

 

 

 

Nigeria

  • onafhankelijkheid: 1960 (van het Verenigd Koninkrijk)
  • staatsvorm: federale republiek
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel an Engels gewoonterecht, islamitisch recht (in 12 noordelijke staten) en traditioneel recht
  • religies: moslim 50%, christen 40%, inheemse geloven 10%

 

 

 

Oman

  • onafhankelijkheid: 1650 (verdrijven van de Portugezen)
  • staatsvorm: monarchie
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van anglo-saksische wet en islamitische wet
  • religies: Ibadhi moslim (officieel) 75%, ander (waaronder soenni muslim, shia muslim en hindoe) 25%

 

 

 

Pakistan

  • onafhankelijkheid: in 1947 (van Brits Indië)
  • staatsvorm: federale republiek
  • wettelijk stelsel: gewoonterecht (common law) met invloeden uit islamitisch recht
  • religies: moslim (officieel) 96,4%; andere (o.a. christenen en hindoes) 3,6%

 

 

 

Qatar (Katar)

  • onafhankelijkheid: 1971 (van het Verenigd Koninkrijk)
  • staatsvorm: emiraat
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel an burgerlijk recht en islamitisch recht (in familiale en persoonlijke aangelegenheden)
  • religies: moslim 77.5%, christen 8.5%, ander 14% (2004 census)

 

 

 

Saoedi-Arabië

  • onafhankelijkheid: 1932 (eenmaking van het koninkrijk)
  • staatsvorm: monarchie
  • wettelijk stelsel: islamitisch (sharia) wettelijk stelsel met sommige elemente van Egyptisch, Frans en gewoonterecht – meerdere seculiere wetten werden ingevoerd, commerciëe geschillen worden door speciale committees behandeld
  • religies: moslim (officieel) 100%

 

 

 

Sierra Leone

  • onafhankelijkheid: 1961 (van het Verenigd Koninkrijk)
  • staatsvorm: grondwettelijke democratie
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van Engels gewoonterecht en gewoonterecht
  • religies: moslim 60%, christen 10%, inheemse geloven 30%

 

 

 

Soedan

  • onafhankelijkheid: 1956 (van Egypte en het Verenigd Koninkrijk)
  • staatsvorm: federale republiek
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van islamitisch recht en Engels gewoonterecht
  • religies: soenni moslim, met een kleine christelijke minderheid

 

 

 

Somalië

  • onafhankelijkheid: 1960 (van voormalig Brits en Italiaans Somaliland
  • staatsvorm: bezig met het opbouwen van een gefedereerde parlementaire democratie
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van burgerlijk recht, islamitisch recht en gewoontrecht
  • religies: Soenni moslim (officieel)

 

 

 

Syrië

  • onafhankelijkheid: 1946 (van Frans mandaatgebied)
  • staatsvorm: republiek onder autoritair regime
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van burgerlijk en islamtisch recht (voor familierechtbanken)
  • religies: soenni moslim (islam – officieel) 74%, andere muslims (o.a. alawieten en druzen) 16%, christen (meerdere denominaties) 10%, joods (kleine gemeenschappen in in Damascus, Al Qamishli, and Aleppo)

 

 

 

Tadzjikistan

  • onafhankelijkheid: 1991 (van de Sovjetunie)
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: burgerlijk recht
  • religies: soenni moslim 85%, shia moslim 5%, andere 10% (2003 schatting)

 

 

 

Tanzania

  • onafhankelijkheid: 1964 (van eerder mandaatgebied van het Verenigd Koninkrijk)
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: Engels gewoonterecht
  • religies: vasteland – christen 30%, moslim 35%, inheemse geloven 35%; Zanzibar – meer dan 99% moslim

 

 

 

Tunesië

  • onafhankelijkheid: 1956 (van Frankrijk)
  • staatsvorm: republiek
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van burgerlijk recht gebaseerd op Frans burgerrecht en islamitisch recht
  • religies: moslim (islam – officieel) 98%, christien 1%, joods en ander 1%

 

 

 

Turkije

  • onafhankelijkheid: 1923 (opvolgstaat van het Ottomaans Rijk)
  • staatsvorm: republikeinse parlementaire democratie
  • wettelijk stelsel: burgerlijk recht gebaseerd op diverse europese rechtssystemen, oa het Zwitsers burgerrecht
  • religies: moslim 99.8% (meestendeels soenni), ander 0.2% (grotendeels christelijk en joods)

 

 

 

Turkmenistan

  • onafhankelijkheid: 1991 (van de Sovjet Unie)
  • staatsvorm: noemt zichzelf een seculiere democratie en presidentiële republiek, maar vertoont in werkelijkheid een autoritair presidentieel bewind waarbij de macht geconcentreerd is in de presidentiële administratie)
  • wettelijk stelsel: burgerlijk recht met islamitische invloeden
  • religies:moslim 89%, oosters-orthodox 9%, onbekend 2%

 

 

 

Verenigde Arabische Emiraten

  • onafhankelijkheid: 1971 (van het Verenigd Koninkrijk)
  • staatsvorm: federatie met delegatie van bepaalde machten aan de federale regering en andere machten gereserveerd voor de leden emiraten
  • wettelijk stelsel: gemengd stelsel van islamitisch recht en burgerlijk recht
  • religies: moslim (islam – officieel) 96% (shia 16%), ander (waaronder christen en hindoe) 4%

 

 

 

Oezbekistan

  • onafhankelijkheid: 1991 (van de Sovjet Unie)
  • staatsvorm: republiek, autoritair presidentieel bewind met weinig macht buiten de uitvoerende tak
  • wettelijk stelsel: burgerlijk recht
  • religies: moslim 88% (meestal Soenni), oosters-orthodox 9%, ander 3%

 

 

DE ISLAM IS DE GOEDSCHIKSE

TEGENBEWEGING

TEGEN HET WARE CHRISTENDOM

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 John Astria

John Astria

Waarom worden mensen ziek?

Standaard

categorie : religie

 

 

 Er zijn drie hoofdredenen waarom mensen ziek worden

 

 

Zonde

 

Eén daarvan is zonde. Jezus zei in Johannes 5:14, nadat Hij de man bij het bad Betesda had genezen: ‘Zie, gij zijt gezond geworden; zondig niet meer, opdat u niet iets ergers overkome.’ Hij maakte het hier dus heel duidelijk dat deze ziekte en het terugkeren van deze ziekte of zelfs iets nog ergers dan de verlamming die deze man had, hem kon overkomen als hij zondigde. Jezus verbond hier dus ziekte aan zonde. Dat is niet de enige reden dat mensen ziek worden, maar het is één reden.

Als iemand bijvoorbeeld alcoholist is en hij drinkt zich een leverziekte, dan heeft Hij zichzelf dat aangedaan. Ik bedoel dat satan zijn handelingen gebruikte om zich toegang tot hem te verschaffen. Hij heeft een leverziekte, niet omdat God hem dat heeft aangedaan, of doordat de duivel dat rechtstreeks deed, maar het is gewoon zonde. Hij oogst de vruchten van zijn zonde; druggebruikers lopen hersenbeschadigingen op, en ziekten die door gedeelde naalden worden overgebracht. Seksueel actieve personen krijgen seksueel overdraagbare ziekten. Dat komt niet doordat satan hen oordeelt of aanvalt. Zij doen het zichzelf aan. Zij zetten de deur open door zonde.

 

 

 

 

 

Oorlog met de duivel

 

De tweede hoofdreden dat mensen ziek worden, komt doordat wij in een oorlog zijn met de duivel. Sommige mensen zijn zich dat niet bewust, maar niet alles wat er gebeurt is maar fysiek. Er woedt een geestelijke oorlog. Er zijn goddelijke engelen die Gods wil uitvoeren en er zijn demonische geesten die satans wil uitvoeren. Er is een veldslag gaande. Je kunt op een bepaalde manier wel stellen dat het op zonde is gebaseerd, omdat satan door zonde op deze aarde is losgelaten, maar dat is niet per se jouw individuele zonde.

Dit is waar Jezus het over had in het 9e hoofdstuk van Johannes toen er een man aan de poort van de tempel zat. Hij was blind vanaf zijn moeders schoot. En de discipelen vroegen: ‘Wie heeft gezondigd, deze man of zijn ouders dat hij blind geboren is.’ En Jezus zei: ‘Geen van beide.’ Je weet heus wel dat Hij niet zegt dat deze man of zijn ouders niet gezondigd hadden. Want de Schrift zegt in Romeinen 3:23: ‘Want allen hebben gezondigd en derven de heerlijkheid Gods.’

Er was dus wel degelijk zonde in hun leven, maar hier zegt Hij dat het niet hun zonde was die de oorzaak was dat deze jongen blind werd geboren. Dat gebeurde gewoon. Er is een geestelijke oorlog gaande en satan gaat rond, zoekende wie hij kan verslinden. Zonde is dus één reden dat mensen ziek worden. En een andere reden is dat het niet een zonde is, maar dat je gewoon leeft in een gevallen wereld, dat er geestelijke veldslagen zijn en satan je soms gewoon met dingen aanvalt.

 

 

 

 

Door natuurlijke processen

 

De derde hoofdoorzaak dat mensen ziek worden, is de gewoon natuurlijke dingen. Dat is iets waar veel christenen geen rekening mee houden. Zij erkennen wel dat zonde een toegang is van satan in ons leven, en dat dit hem in staat stelt dingen aan te richten. Ze erkennen ook dat we in een geestelijke oorlog zijn en dat satan ons aanvalt. Maar soms vergeestelijken christenen alles zozeer dat ze niet beseffen dat er ook dingen zijn die gewoon natuurlijk gebeuren.

Bijvoorbeeld, als jij gewoon niet oplet en van de trap afloopt en struikelt en valt, kun je een been breken. Je kunt je sleutelbeen breken, je kunt je nek breken. Allerlei dingen kunnen je overkomen en het is niet de duivel, het is niet zonde, het is gewoon een natuurproces, je hebt jezelf bezeerd. Je kunt ook bepaalde ziekten oplopen, een infectie, een zwelling en allerlei dingen. Als mensen van een klip in een waterplas zijn gedoken en een rotsblok hebben geraakt en hun rug hebben gebroken en nu verlamd zijn, is het helemaal niet noodzakelijk de duivel was die hen dat aandeed.

De duivel heeft hen misschien verleid om iets te doen wat niet verstandig was. Of ze hebben iets tegen beter weten in gedaan, maar het is een natuurlijk verschijnsel. Als je bij een auto-ongeluk betrokken raakt en je arm wordt eraf gerukt, dan kun je niet zeggen dat het per se de duivel is. Het is gewoon iets natuurlijks. Vanaf de zondeval zijn er allerlei dingen, bacteriën, virussen, schimmels, dingen die nu verdorven zijn, maar die van oorsprong niet verdorven waren. En die vallen het menselijke lichaam aan. En sommige dingen zijn gewoon natuurlijk. Mensen zijn niet volmaakt en maken fouten.

 

 

 

Conclusie

 

Dit zijn dus drie hoofdgebieden. Je kunt een ingang voor ziekte geven door zonde. En je kunt door satan aangevallen worden wat niet jouw schuld is. Vaak is het feit dat satan je aanvalt en je dingen aandoet het bewijs dat je met iets goeds bezig bent. Satan probeert mensen die gevoelig voor God zijn te belemmeren, evenals mensen die hem bestrijden. Je weet pas dat je in het beloofde land loopt als je de reuzen tegenkomt.

Als er reuzen zijn, als je tegen problemen aanloopt, is dat vaak een indicatie dat je de dingen goed doet in plaats van verkeerd. En ten derde gebeuren er soms dingen die natuurlijk zijn. Als je van het dak valt, kun je jezelf bezeren, je kunt iets breken of beschadigen. Maar dat is niet noodzakelijk demonisch, dat is geen zonde, dat is gewoon iets natuurlijks dat plaatsvindt.

Maar er is altijd iets wat wij eraan kunnen doen. Omdat wij zijn verlost van ziekte en gebrek, kunnen wij onze autoriteit nemen en ons geloof gebruiken en een genezing bewerken of het nu een demonische aanval is, of iets wat gewoon natuurlijk is gebeurd. En zelfs als het onze eigen zonde is die het heeft veroorzaakt, kunnen wij ons daarvan bekeren, ons ervan afkeren en de vergeving van God in ons leven vrijzetten. Ongeacht hoe deze ziekten en gebreken zijn veroorzaakt, er is altijd iets dat wij er aan kunnen doen.

 

 

 

 

Waarom geneest niet iedereen?

 

Jezus ging dus verder, nadat Hij in vers 17 zijn discipelen had bestraft. Vers 18: ‘En Jezus bestrafte hem en de boze geest ging van hem uit, en de knaap was genezen van dat ogenblik af. 19 Toen kwamen de discipelen bij Jezus en zeiden, toen zij met Hem alleen waren: Waarom hebben wij hem niet kunnen uitdrijven?’

Dit is de vraag waar wij ons nu mee bezig houden. Als het Gods wil was om hem te genezen en Jezus genas deze jongen, waarom konden de discipelen deze jongen dan niet genezen? Als wij geloven dat het Gods wil is dat iedereen geneest, hoe komt het dat wij niet altijd iedereen zien genezen? Wat zijn de oorzaken waarom iemand niet geneest?

Je moet begrijpen dat deze discipelen die deze vraag stelden, ‘waarom konden wij hem niet uitdrijven’, geloofden dat het Gods wil was, én geloofden dat zij de macht van God in hun leven hadden ontvangen om deze demonen uit te drijven. Zij hadden al macht en autoriteit ontvangen om demonen uit te drijven. In het tiende hoofdstuk van Matteüs, en ook in Lukas 9 en andere plaatsen, staat dat Jezus hen macht gaf over alle onreine geesten, over alle ziekte en gebreken. En zij gingen er op uit en ze kwamen terug en verheugden zich dat de demonen zich aan hen onderwierpen in de naam van Jezus.

Ze hadden toen geen enkele vraag. Dit betekent dat nu de discipelen die deze vraag stelden, ‘waarom konden wij hem niet uitdrijven?’ dit niet deden omdat ze niet geloofden. Zij geloofden wel degelijk en ze hadden die macht al uitgeoefend. En ze hadden ook resultaten geboekt. Maar dát was juist de reden waarom ze in de war waren. Als deze discipelen hadden gezegd: ‘Nou, wij geloven niet dat je een maanzieke jongen, iemand met toevallen, kunt genezen,’ dan hadden zij deze vraag nooit gesteld. Het feit alleen al dat zij deze vraag stelden, toont aan dat zij wel degelijk geloofden, maar toch niet de resultaten verkregen die zij verlangden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De duur van de scheppingsdagen

Standaard

categorie : religie

.

.

De zes scheppingsdagen waren dagen

.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

.

.

Ik ben mening dat eenieder die de Bijbel serieus wil nemen wel gedwongen is de evolutietheorie af te wijzen. Het is niet de eerste poging schepping en evolutie met elkaar te verbinden en het zal ook zeker niet de laatste zijn. Voor christenen die willen vasthouden aan het gezag van de Schrift is dit echter een doodlopende weg.

Er is niets nieuws onder de zon. De afgelopen anderhalve eeuw is op verschillende manieren geprobeerd Genesis 1 te harmoniseren met de evolutietheorie. Een van de bekendste is wel de opvatting dat het Hebreeuwse woord voor dag niet een dag van 24 uur zou zijn, maar vertaald dient te worden met tijdperk.

Een dergelijk tijdperk zou dan overeenkomen met een geologisch tijdperk van lange duur, waarbinnen de evolutie heeft plaatsgevonden. Immers, als bij God een dag als duizend jaar is, waarom kan een dag dan ook niet miljoenen jaren duren?

.

.

Aaneensluiten

.

Een variant van dit voorstel is de opvatting dat het in Genesis 1 wel om dagen van 24 uur gaat, maar dat deze dagen van de schepping niet aaneensluitend zijn. Ze zijn van elkaar gescheiden door perioden van lange duur. De zes dagen van de schepping zouden dan niet de dagen van de scheppingsarbeid van God zijn geweest, als wel van de scheppingsopenbaring. Mozes zou bijvoorbeeld in een visioen, dat in totaal zes dagen heeft geduurd, hebben gezien hoe God de hemel en de aarde heeft geschapen. Genesis 1 zegt dus niets over de duur van de schepping.

Volgens weer een totaal andere opvatting is Genesis 1 slechts een beschrijving van de scheppingswerken die volgens literaire principes kunstmatig over zes dagen zijn verdeeld. De joden die na de verwoesting van de tempel in Jeruzalem in ballingschap aan de stromen van Babel zaten, werden geconfronteerd met Babylonische scheppingsverhalen.

Als reactie daarop zouden de joodse priesters een eigen versie hebben bedacht. De aarde is niet ontstaan uit het lichaam van een dode godheid, zoals de Babyloniërs aannemen, maar is geschapen door de God van Israël. Of dit in de juiste volgorde van de schepping is gebeurd en hoe lang deze ”dagen” duurden, is niet van belang. Het gaat slechts om de boodschap.

Hoe aantrekkelijk deze opvattingen ook mogen klinken, ze hebben één groot manco. Wanneer je onbevooroordeeld Genesis 1 leest, kun je niet anders dan concluderen dat God de hemel en de aarde in zes letterlijke dagen heeft geschapen.

Er wordt gesproken over dag en nacht en over „en het was avond, en het was morgen…”

Het Hebreeuwse woord voor dag (jom), als losstaand woord, is in alle gevallen ”dag” in de gewone betekenis van het woord (zie onder meer Genesis 8:22 en 29:7, als tegenstelling tot ”nacht”).

.

.

Draaiing

.

Hoelang zo’n dag precies heeft geduurd, valt natuurlijk niet meer na te gaan. Wij weten niet of de tijdsduur van de draaiing van de aarde ten tijde van de schepping verschilde van die heden ten dage. Maar daaruit mag niet de conclusie worden getrokken dat de duur van zo’n dag dan wel gelijk moet zijn geweest aan die van een tijdperk. Evenmin kun je uit Genesis 1 opmaken dat het de beschrijving van een visioen is.

Velen zitten met het vraagstuk van schepping en evolutie. Maar voor mij is de keuze niet zo moeilijk, ook al betekent het dat je ingaat tegen een meerderheid van het volk (en helaas ook van een groeiend aantal christenen).

Volgens Zijn Woord heeft God de hemel en de aarde in zes dagen geschapen. Hij had dat (bij wijze van spreken) ook in een vingerknip kunnen doen, maar Hij heeft ervoor gekozen het in zes dagen te doen. Dat is een kwestie van geloof: je gelooft het of je gelooft het niet!

.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 John Astria

John Astria

De Bijbel leren begrijpen

Standaard

categorie : religie

.

.

.

 Het begrijpen van de Bijbel kan een uitdaging zijn

.

.

slide_3

.

.

.Het vinden van antwoorden over vragen in de Bijbel kan soms moeilijk zijn. De boeken van de Bijbel werden over een periode van 1500 jaar geschreven en werden ongeveer 1900 jaar geleden voltooid. De Bijbel werd in een compleet andere tijd en cultuur geschreven dan die waarin wij leven. De Bijbel werd oorspronkelijk in het Hebreeuws, Aramees en Grieks geschreven.

Hoewel we tegenwoordig uitstekende vertalingen van de Bijbel hebben, kan een vertaling nooit de betekenis van de oorspronkelijke taal exact weergeven. Deze en andere factoren kunnen het moeilijk maken om alle nuances van de Bijbel correct te begrijpen. God is niet beledigd wanneer we vragen over de Bijbel hebben. God wil nog meer dan wijzelf dat we de antwoorden op onze vragen in de Bijbel vinden.

.

.

God wil dat we de Bijbel begrijpen

.

God wil dat we de antwoorden vinden op onze vragen over de Bijbel. De Heilige Geest, die in alle christenen leeft, belooft ons dat Hij ons zal helpen bij het begrijpen van Gods Woord.

Johannes 14:26 verkondigt: “Later zal de pleitbezorger, de heilige Geest die de Vader jullie namens mij zal zenden, jullie alles duidelijk maken en alles in herinnering brengen wat ik tegen jullie gezegd heb”.

2 Timoteüs 3:16-17 vertelt ons: “Elke schrifttekst is door God geïnspireerd en kan gebruikt worden om onderricht te geven, om dwalingen en fouten te weerleggen, en om op te voeden tot een deugdzaam leven, zodat een dienaar van God voor zijn taak berekend is en voor elk goed doel volledig is toegerust”.

Vergeet niet dat God de uiteindelijke auteur van de Bijbel is. De beste manier om een boek te begrijpen is door de auteur vragen te stellen. God belooft dat Hij wijsheid zal geven aan ieder die Hem daar om vraagt.

Jakobus 1:5 verkondigt: “Komt één van u wijsheid tekort? Vraag God erom en hij, die aan iedereen geeft, zonder voorbehoud en zonder verwijt, zal u wijsheid geven”.

.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 John Astria

John Astria

Waarom vasten christenen niet op dezelfde manier als moslims?

Standaard

categorie : religie

.

.

.

.

.Waarom vasten christenen niet op

dezelfde manier als moslims?

.

.

Antwoord

.

Zowel moslims als christenen vasten, maar hun doelen voor het vasten verschillen. Een moslim is verplicht om tijdens de Ramadan te vasten, om de Vijf Zuilen te onderhouden. Veel moslims streven tijdens hun vastentijd oprecht naar de zegen en vergeving van Allah.

.

.

.

.

Voor christenen is vasten geen plicht, maar een genot. Het overslaan van maaltijden geeft hen de gelegenheid om hun voldoening in God uit te drukken, in plaats van in voedsel. Hoewel met vasten noch Gods genade noch een plaats in het paradijs kan worden verdiend, vasten veel christenen toch en wel om de volgende redenen:

• om hun tevredenheid in God alleen uit te drukken (Lucas 4:4)
• om zichzelf voor God te vernederen (Daniël 9:310:12)
• om God om hulp te vragen (2 Samuël 12:16Ester 4:16Ezra 8:23)
• om naar Gods wil op zoek te gaan (Handelingen 13:2-3)
• om zich van de zonde af te keren (Jona 3:5-101 Koningen 21:25-29)
• om God zonder afleidingen te aanbidden (Lucas 2:36-38)

.

.

.

.

.Hoewel Jezus (Isa) het vasten aanmoedigde, zei Hij niet wanneer of hoe lang gevast moest worden. De religieuze leiders uit de tijd van Isa waren er trots op dat zij twee keer per week vastten, maar Jezus twijfelde aan hun oprechtheid. Christenen volgen Zijn voorbeeld.

.

.

Isa’s voorbeeld van het vasten

.

Aan het begin van Isa’s openbare bediening, vóór Zijn grote wonderen en onderricht, vastte Hij veertig dagen lang. Daarna stelde de duivel Jezus op de proef, toen Hij hongerig en zwak was:

“Nadat hij veertig dagen en veertig nachten had gevast, had hij grote honger… De duivel nam hem opnieuw mee, nu naar een zeer hoge berg. Hij toonde hem alle koninkrijken van de wereld in al hun pracht en zei: ‘Dit alles zal ik u geven als u voor mij neervalt en mij aanbidt.’ Daarop zei Jezus tegen hem: ‘Ga weg, Satan! Want er staat geschreven: “Aanbid de Heer, uw God, vereer alleen hem.”’ Daarna liet de duivel hem met rust, en meteen kwamen er engelen om voor hem te zorgen.” (Matteüs 4:28-11)

Satan probeerde Jezus tot de zonde te verleiden, maar Jezus bleef perfect – in tegenstelling tot alle andere mensen in de geschiedenis.

.

.

.

.

.

Isa’s waarschuwing tegen hoogmoedig vasten 

.

Vast niet om godsdienstig te lijken in de ogen van andere mensen

.
“Wanneer jullie vasten, zet dan niet zo’n somber gezicht als de huichelaars, want zij doen dat om iedereen te laten zien dat ze aan het vasten zijn. Ik verzeker jullie: zij hebben hun loon al ontvangen. Maar als jullie vasten, was dan je gezicht en wrijf je hoofd in met olie, zodat niemand ziet dat je aan het vasten bent, alleen je Vader, die in het verborgene is. En jullie Vader, die in het verborgene ziet, zal je ervoor belonen.” (Matteüs 6:16-18)

.

.

Vast niet om vergeving van je zonden te verdienen

.
(Farizeeër = iemand die bij een zekere religieuze, fundamentele Joodse sekte behoorde) 
“De farizeeër stond daar rechtop en bad bij zichzelf:

‘God, ik dank u dat ik niet ben als de andere mensen, die roofzuchtig of onrechtvaardig of overspelig zijn, en dat ik ook niet ben als die tollenaar. Ik vast tweemaal per week en draag een tiende van al mijn inkomsten af.’ De tollenaar echter bleef op een afstand staan en durfde niet eens zijn blik naar de hemel te richten. In plaats daarvan sloeg hij zich op de borst en zei: ‘God, wees mij zondaar genadig.’ Ik zeg jullie, hij ging naar huis als iemand die rechtvaardig is in de ogen van God, maar die ander niet. Want wie zichzelf verhoogt zal vernederd worden, maar wie zichzelf vernedert zal verhoogd worden” (Lucas 18:11-14).

Jezus leerde ons dat we met vasten geen toegang tot de hemel kunnen verdienen. Onze zonden maken onze beste religieuze daden onwaardig.

.

.

.

.

Isa’s transformatie van het vasten (Marcus 2:18-22)

.
Jezus onderwees dat het volgen van Gods heilige wil meer voldoening zal brengen dan eten:

“Intussen zeiden de leerlingen tegen Jezus: ‘Rabbi, u moet iets eten.’ Maar hij zei: ‘Ik heb voedsel dat jullie niet kennen.’ ‘Zou iemand hem iets te eten gebracht hebben?’ zeiden ze tegen elkaar. Maar Jezus zei: ‘Mijn voedsel is: de wil doen van hem die mij gezonden heeft en zijn werk voltooien’.” (Johannes 4:31-34)

.

.

Wat zijn Gods wil en werk dan?

.

“‘Ik ben het brood dat leven geeft,’ zei Jezus. ‘Wie bij mij komt zal geen honger meer hebben, en wie in mij gelooft zal nooit meer dorst hebben. Maar ik heb u al gezegd dat u niet gelooft, ook al hebt u me gezien. Iedereen die de Vader mij geeft zal bij mij komen, en wie bij mij komt zal ik niet wegsturen, want ik ben niet uit de hemel neergedaald om te doen wat ik wil, maar om te doen wat hij wil die mij gezonden heeft. Dit is de wil van hem die mij gezonden heeft: dat ik niemand van wie hij mij gegeven heeft verloren laat gaan, maar dat ik hen allen laat opstaan op de laatste dag. Dit wil mijn Vader: dat iedereen die de Zoon ziet en in hem gelooft, eeuwig leven heeft, en dat ik hen op de laatste dag uit de dood zal opwekken.’” (Johannes 6:35-40)

Net zoals we zullen sterven als we niet eten, zo zullen we ook geestelijk sterven (dat wil zeggen: eeuwig van God afgescheiden worden in de hel) als we Jezus niet ontvangen. Hij is het Brood van het Leven. Omdat Hij “uit de hemel neerdaalde” en uit een maagd geboren werd, noemde Jezus God Zijn Vader. Jezus bewees met Zijn perfecte leven, dood en opstanding dat Hij Goddelijk is; Hij is Gods Zoon. Jezus Christus voerde de wil van Zijn Vader uit: Hij redde zondaars door hun straf aan het kruis op Zich te nemen. Door Jezus uit de dood op te wekken toonde God dat de offergave van Jezus aanvaard werd.

Heb jij het Brood van het Leven ontvangen? Jij moet je van je zonden afkeren en op de dood en de opstanding van Jezus vertrouwen om je te redden – niet op je eigen goedheid en daden, zoals vasten.

Nadat Hij je van jouw zonden verlost, geeft Jezus jou het verlangen en de kracht om God door middel van goede daden te eren:

“Maar nu, bevrijd van de zonde en in dienst van God, oogst u toewijding aan hem en zelfs het eeuwige leven. Het loon van de zonde is de dood, maar het geschenk van God is het eeuwige leven in Christus Jezus, onze Heer.” (Romeinen 6:22-23)

.

.

Helend bloed

 

Pasteltekening van John Astria

.

.

.

.

Waar haalde Kaïn zijn vrouw vandaan?

Standaard

categorie : religie

.

Waar haalde Kaïn zijn vrouw vandaan ?

.

adamevaparadijsrnd

.

Sceptici hebben telkens weer de vrouw gebruikt om het boek Genesis in discrediet te brengen als waargebeurde historische gebeurtenis. Triest genoeg waren de meeste christenen niet in staat om een adequaat antwoord te geven op deze vraag. Met als gevolg, dat de wereld denkt, dat christenen de autoriteit van de Bijbel niet kunnen aantonen, net zo min als van het christelijke geloof. En toch is er een antwoord op te geven. Maar aangezien de meeste kerken geen apologetiek leren, (dat is de leer van de geloofsverdediging) speciaal met het oog op Genesis, zijn veel kerkgangers niet “bereid tot verantwoording aan al wie u rekenschap vraagt van de hoop, die in u is.” (1 Petr. 3:15). 

.

Waarom is het belangrijk?

.

Verdedigers van het evangelie moeten kunnen aantonen, dat alle mensen afstammen van één man en één vrouw (Adam en Eva), want alleen afstammelingen van Adam en Eva kunnen gered worden. Dus moeten gelovigen ervan overtuigd zijn, dat Kaïns vrouw een nakomelinge van Adam was. ( Het Bijbelgedeelte dat hier op slaat is Genesis 4:1-5:5 ).

.

.

De eerste mens

.

Daarom, gelijk door één mens de zonde de wereld is binnengekomen en door de zonde de dood, zo is ook de dood tot alle mensen doorgegaan, omdat allen gezondigd hebben (Rom. 5:12). We lezen in 1 Kor. 15:45 dat Adam de eerste mens was.De Bijbel stelt heel duidelijk, dat alleen de nakomelingen van Adam gered kunnen worden. Rom. 5 leert ons, dat we zondaars zijn, omdat Adam zondigde. De doodstraf, die Adam kreeg als oordeel over zijn opstandigheid, ging over op al zijn nakomelingen. Omdat één mens zonde en dood in de wereld bracht, hebben alle nakomelingen van Adam een zondeloos mens nodig om de straf te betalen voor de zonde en het oordeel van de dood te ondergaan.

.

.

De laatste Adam

.

God voorzag in een oplossing. Hij opende een weg om de mens te bevrijden uit zijn verloren staat. De zoon van God nam de menselijke natuur aan, toegevoegd aan zijn volle goddelijkheid. Hij wordt “de laatste Adam” genoemd (1 Kor. 15:45), omdat Hij de plaats innam van de eerste Adam. Hij werd het nieuwe hoofd en omdat hij zonder zonde was, was Hij in staat te prijs te betalen voor de zonde:

Want, dewijl de dood er is door één mens, is ook de opstanding der doden door één mens. Want evenals in Adam allen sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden. (1 Kor. 15:21-22).

Christus stierf op het kruis. Hij stortte zijn bloed want “zonder bloedstorting is er geen vergeving.” Hebr. 9:22. Daardoor kunnen degenen die spijt hebben van hun zonde en hun vertrouwen in zijn werk aan het kruis stellen, verzoend worden met God.

Zodoende kunnen slechts nakomelingen van Adam gered worden.

.

.

Allen verwant

.

Zodoende was er slechts een man aan het begin—gemaakt uit het stof der aarde (Genesis 2:7).

Dit betekent ook, dat Kaïns vrouw een nakomelinge was van Adam.

.

.

De eerste vrouw

.

In Genesis 3:20 lezen we, “En Adam noemde zijn vrouw Eva, omdat ze de moeder was van alle levenden.”

Eva werd gemaakt uit een rib van Adam (of zijde) (Genesis 2:21-24).

Ook lezen we in Genesis 2:20, dat toen Adam naar de dieren keek, hij geen hulp voor zichzelf kon vinden—er was er geen een van zijn soort.

Dit alles maakt het duidelijk dat er in het begin maar één vrouw was, Adams vrouw. Er waren geen andere vrouwen aanwezig, die niet van Eva afstamden.

.

.

Kaïns broers en zusters

.

Kaïn was het eerste kind van Adam en Eva, dat staat in (Genesis 4:1). Zijn broers, Abel (Genesis 4:2) en Set (Genesis 4:25), waren een gedeelte van de eerste generatie kinderen, die ooit op aarde geboren waren.

Hoewel slechts deze drie bij name vermeld staan, hadden Adam en Eva meer kinderen. In Genesis 5:4 staat dat Adam zonen en dochteren verwierf—”En de dagen van Adam, nadat hij Set verwekt had, waren achthonderd jaar, en hij verwekte zonen en dochteren.”

De Bijbel vertelt ons niet hoeveel kinderen Adam en Eva kregen. Het lijkt ons redelijk om aan te nemen, dat het er velen waren! Denk er wel aan, God had hen het bevel gegeven: “Weest vruchtbaar en wordt talrijk” (Genesis 1:28).

.

.

De vrouw

.

Als we nu echt puur afgaan op wat de Bijbel zegt, dan moesten in het begin broers met zusters trouwen, of er zou geen volgende generatie meer zijn geweest!

Er wordt ons niet gezegd wanneer Kaïn trouwde, maar het ding staat vast dat enkele broers bij de aanvang der geschiedenis met hun zusters zijn getrouwd.

De bedoeling van God was dat één man met één vrouw zou trouwen voor het leven (gebaseerd op Genesis 1 en 2). Het was in die begintijd geen ongehoorzaamheid aan God als naaste verwanten met elkaar huwden (zelfs broers en zusters).

Lang geleden huwde Abraham zijn halfzuster huwde. (Genesis 20:12). God zegende deze verbinding, want door Isaäk en Jakob werd het hele Joodse volk geboren. Pas 400 jaar later gaf God aan Mozes wetten, die zulke huwelijken verbood.

.

.

Biologische Afwijkingen

.

Vandaag de dag is het volgens de wet voor broers en zusters (en halfbroers en halfzusters) niet toegestaan om te trouwen, omdat de kinderen uit deze verbintenis een onacceptabel risico lopen om mismaakt te worden. Hoe meer de ouders aan elkaar verwant zijn, hoe groter het risico dat hun nageslacht afwijkingen zal krijgen.

Adam and Eva hadden geen opeenstapeling van afwijkingen. Toen de eerste twee mensen werden geformeerd, waren ze lichamelijk perfect. Alles wat God maakte was erg goed (Genesis 1:31). Maar toen de zonde in de wereld kwam (vanwege Adam—Genesis 3:6, Rom. 5:12), vervloekte God de wereld. zodat de perfecte creatie begon te degenereren.

Kaïn behoorde bij de eerste generatie kinderen. Hij, zowel als zijn broers en zusters, hebben geen imperfecte genen van Adam en Eva overgeërfd en de vloek op de schepping was nog maar minimaal doorgedrongen. In dat geval kunnen broers en zusters wel met elkaar huwen met Gods toestemming, zonder dat mogelijke afwijkingen in het nageslacht ontstaan.

In de tijd van Mozes, een paar duizend jaar later, zouden degeneratie fouten zich al hebben opgebouwd in het menselijke ras. Daardoor vond God het nodig om het broeder-zuster huwelijk ter verbieden (en tussen nauw verwanten) (Leviticus 18-20). Er waren destijds ook genoeg mensen op de aarde en er was dus geen dringende reden meer om binnen het gezin met elkaar te trouwen.

.

.

.

De afstammelingen van Kaïn en Abel

.

De nakomelingen van Kaïn en Abel waren erg intelligente mensen. Jubal maakte muziekinstrumenten zoals de harp en het orgel (Genesis 4:21), en Tubal-Kaïn werkte met koper en ijzer (Genesis 4:22).

Omdat men erg beïnvloed is door het evolutiedenken menen veel mensen vandaag de dag dat onze generatie de intelligentste is die ooit bestaan heeft op deze planeet. Moderne technologie is het resultaat van een opeenstapeling van kennis uit vroegere tijden. We staan op de schouders van hen die ons voorgegaan zijn.

Onze hersens hebben geleden van het 6.000 jaar ondergaan van de vloek sinds Adam. We zijn flink gedegenereerd vergeleken met mensen uit vele generaties voor ons. Aan de intelligentie van Adam en Eva en de inventiviteit van hun kinderen, kunnen we bij lange na niet tippen.

.

.

Conclusie

.

Vele Christenen proberen Genesis te interpreteren vanuit onze huidige situatie, veel meer dan de Bijbelse waarheid te aanvaarden van de veranderingen die ontstaan zijn door de zonde. Omdat ze hun wereldvisie niet bouwen op de Schrift, maar een seculiere manier van denken hebben aangenomen ten aanzien van de Bijbel, zijn ze blind voor simpele antwoorden.

Genesis geeft een verslag van God, die er was toen de geschiedenis een aanvang nam. Het is het woord van die Ene, die alles weet en Die een getrouwe getuige is van het verleden. Als we dus Genesis nemen als basis voor ons historische begrip, dan kunnen we de zingeving ontdekken van zaken die anders een mysterie voor ons zouden blijven.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Galaten 3: het geloof en de wet.

Standaard

categorie : religie

.

.

Het geloof en de wet

.

.

De Ark van het Verbond

Pasteltekening van john Astria

.

 

1 O, domme Galaten! Wie heeft jullie betoverd? Hoe kan het dat jullie het goede nieuws niet langer gehoorzamen? Ik heb jullie toch zó duidelijk de gekruisigde Christus beschreven!

2 Laat mij jullie deze ene vraag stellen: hebben jullie de Geest gekregen doordat jullie je aan de wet van Mozes hielden? Of kregen jullie Hem doordat jullie het goede nieuws hebben gehoord en geloofd?

3 Zijn jullie dan zó dom? Jullie zijn je nieuwe leven begonnen met de Geest. Eindigen jullie dan nu met het houden van regels?

4 Is alle ellende die jullie vanwege het geloof overkomen is, dan helemaal voor niets geweest? Als jullie je nu weer aan de wet gaan houden, is het inderdaad helemaal voor niets geweest.

5 God heeft jullie zijn Geest gegeven en doet wonderen bij jullie. Doet Hij dat omdat jullie je zo goed aan de wet van Mozes houden? Of doet Hij dat omdat jullie geloven wat ik jullie heb verteld?

6 Ook Abraham heeft God geloofd. Daarom zei God dat Abraham leefde zoals Hij het wil.

7 Jullie moeten begrijpen dat alleen de mensen die in Jezus geloven kinderen van Abraham zijn.

8 De Boeken wisten van tevoren dat God de niet-Joodse volken door hun geloof zou vrijspreken van schuld. Daarom hebben de Boeken van tevoren aan Abraham het goede nieuws verteld: “Door de zegen die op jou is, zullen alle volken gezegend worden.”

9 De mensen die hetzelfde geloof hebben als Abraham, ontvangen dus samen met Abraham Gods zegen.

10 Veel mensen willen leven zoals God het wil en daarmee vrij zijn van schuld. Daarom proberen ze zich precies aan de wet van Mozes te houden. Ze vertrouwen er op dat dat hen zal redden. Maar zij zijn vervloekt! Want er staat in de Boeken: “Iedereen die zich níet precies houdt aan alles wat er in het boek van de wet van Mozes geschreven staat, is vervloekt.”

11 En er staat ook: “Maar mensen die leven zoals Ik het wil, leven door hun geloof in Mij.” Het is dus duidelijk: niemand kan ervoor zorgen dat hij geen enkele schuld heeft tegenover God, door zich aan de wet van Mozes te houden. 

12 Want bij de wet van Mozes gaat het niet om geloof, maar om het doen van de wet. Want er staat in de Boeken: “Als je alles doet wat de wet van Mozes zegt, zul je leven.”

13 Maar Christus heeft ons bevrijd van de vervloeking van de wet van Mozes. Hoe? Door Zelf die vervloeking op Zich te nemen. Want er staat in de Boeken: “Vervloekt is iedereen die aan een hout hangt.”

14 Zo kon God de zegen die Hij aan Abraham had gegeven, ook aan niet-Joodse volken geven. Namelijk als ze in Jezus Christus geloven. En door dat geloof konden we de Heilige Geest ontvangen die God had beloofd.

15 Broeders en zusters, ik zal dit uitleggen met een voorbeeld. Als je met iemand een verbond sluit, zetten jullie er allebei je handtekening onder. Daarna kan niemand dat verbond nog veranderen. Gods belofte aan Abraham is een verbond.

16 Nu is het zo, dat God zijn belofte deed aan Abraham en aan zijn kind. God zei niet: ‘kinderen,’ in het meervoud. Maar: ‘kind’, in het enkelvoud. Met dat kind bedoelde Hij Christus.

17 Ik bedoel dit: God sloot met Abraham een verbond dat over Christus ging. Pas 430 jaar later werd de wet van Mozes gegeven. Dan kan die wet dat verbond niet veranderen. Dus de belofte is er nog steeds.

18 Stel dat we Gods erfenis (= onze redding) zouden kunnen krijgen door ons aan de wet van Mozes te houden. Dan zou die erfenis niets te maken hebben met Gods belofte aan Abraham. Maar juist door zijn belofte aan Abraham liet God zien dat Hij hem wilde zegenen.

.

.

.

.

Het doel van de wet

.

19 Waarom gaf God dan de wet? Om aan de mensen te laten zien dat ze schuldig waren. Want ze konden zich niet aan de wet houden. Maar ze moesten zich aan de wet van Mozes houden tót het Kind was gekomen dat God aan Abraham had beloofd. Engelen hebben op bevel van God de wet gegeven aan iemand die tussen God en de mensen in stond, namelijk Mozes.

20 Zo iemand is er niet als er maar één partij is. Hij is er alleen als er meer partijen zijn. God is Eén en Hij was de enige partij toen Hij zijn belofte aan Abraham gaf. Maar de wet is een verbond tussen twee partijen: God en Israël.

21 Botst de wet van Mozes dan met de belofte van God? Helemaal niet! Want als de wet de mensen had kunnen redden, dan zouden de mensen inderdaad vrij van schuld zijn geweest als ze zich precies aan die wet hielden. 

22 Maar dat konden ze niet. Dus door de wet gingen de mensen juist zien hoe slecht ze zijn. Zo zouden ze gaan begrijpen dat ze alleen door geloof in Jezus Christus hun deel van de belofte zouden krijgen en niet door zich aan de wet van Mozes te houden.

23 Maar voordat dit geloof er kwam, beschermde de wet ons. De wet hield ons op het rechte pad. Pas later zouden we begrijpen dat we geloof nodig hebben.

24 De wet van Mozes was dus bedoeld om ons te leiden en op te voeden totdat Christus zou komen. En door in Christus te gaan geloven, zouden we kunnen worden vrijgesproken van schuld.

25 En nu het geloof is gekomen, hoeven we niet meer door de wet van Mozes geleid en opgevoed te worden.

26 Want door jullie geloof in Jezus Christus zijn jullie allemaal kinderen van God geworden.

27 Want alle mensen die in Christus zijn gedoopt, worden met Christus bedekt. Hij bedekt je zoals een kledingstuk je bedekt.

28 Hierbij maakt het niet uit of je Jood of geen Jood bent, slaaf of vrij mens, man of vrouw. Jullie zijn namelijk allemaal één in Jezus Christus.

29 En als jullie van Christus zijn, zijn jullie kinderen van Abraham. Daarom erven jullie zijn belofte. Zo is de belofte die God vroeger aan Abraham deed, nu ook voor jullie.

.

.

.

.

Paulus eindigt het tweede hoofdstuk met te zeggen: 21 Ik doe de genade van God niet teniet; want als er gerechtigheid door de wet zou zijn, dan was Christus tevergeefs gestorven.
Hij haalt dit zo uit het gebied waarvan iedereen kan denken dat het maar een mening of een zienswijze is. Hij zegt dat als je door de werken van de wet gerechtvaardigd zou zijn, dan is Christus tevergeefs gestorven.

En dat zou hen zelfs buiten het gebied van het christendom plaatsen. Ze konden zichzelf geen christenen blijven noemen en ze konden God niet aan het dienen zijn. Hij maakte dit zo tot een onderwerp waarover niet onderhandeld kon worden. Hij maakte er een prioriteit van.

Er zijn dingen die het niet waard zijn om strijd over te voeren, en andere dingen juist wel. En Paulus vond duidelijk dat het verschil tussen gerechtvaardigd worden uit genade of gerechtvaardigd door werken als een kwestie van de hemel of de hel, waarover hij niet bereid was ook maar een duimbreed toe te geven.

Het gaat erom dat je echt de boodschap van het kruis begrijpt, niet vanuit een historisch standpunt, maar echt begrijpt dat God letterlijk is gekomen en voor ons is gestorven. Hij heeft niet slechts een deel van de verzoening gedaan, maar het kruis laat zien dat Jezus ALLES betaald heeft. Hij stierf en droeg onze zonden.

Hij heeft echt letterlijk onze zonden in zijn eigen lichaam genomen en aan het hout gebracht. Dat staat in 1 Petrus 2:24. Als iemand een echt begrip van het kruis krijgt, dat Jezus deze enorme prijs voor ons heeft betaald, zou dat onmiddellijk moeten leiden tot een relatie met God op basis van genade.

Welke boete kunnen wij nog betalen? Wat kunnen wij mogelijk nog toevoegen aan de verzoening die Jezus al voor ons heeft betaald? Gaat iemand dan nog prediken van ‘je haar moet een bepaalde lengte hebben, je mag géén make-up gebruiken, je mag geen juwelen dragen’? Iemand die dat soort dingen predikt, dat is allemaal zó futiel, zo klein in vergelijking met wat Jezus al voor ons heeft betaald, zo iemand heeft de boodschap van het kruis gemist.

Die hebben niet begrepen dat Jezus ALLES betaald heeft. Want Hij moest het allemaal betalen. Wij konden onze eigen schuld niet betalen. Jouw eigen maat van heiligheid, jouw leven volgens de normen van een of ander religieus gedrag kunnen nooit jouw zonden compenseren en jou voor God aanvaardbaar maken. Dat is wat Paulus hier dus zegt.

Hoe kan zoiets nu gebeuren met iemand die de boodschap van het kruis heeft begrepen? Je wist dat Jezus kwam en stierf, en deed wat Hij deed, omdat jij totaal onmachtig was, want je was voor geen meter in staat jezelf te redden. Dat is de reden dat Jezus deed wat hij deed.

.

.

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

Welvaartspredikers misbruiken 10 Bijbelverzen

Standaard

categorie : religie

 

 

Het welvaartsevangelie verkondigt dat God persoonlijk geluk, financiële rijkdom en een goede, lichamelijke gezondheid belooft aan hen die veel geloof hebben. Bijbel-teksten waarin wordt vermeld dat het christenleven gepaard gaat met vervolging, lijden en zelfverloochening blijven achterwege. Hier worden tien Bijbelverzen op een rij vermeld die welvaartspredikers vaak citeren.

 

 

 

 

 

1. ‘De dief komt alleen maar om te stelen, te slachten en verloren te laten gaan; Ik ben gekomen, opdat zij leven hebben en overvloed hebben’ (Johannes 10:10)


Dit vers wordt gebruikt om te suggereren dat God in alles het geluk voor ogen heeft voor Zijn volgelingen. Maar daarmee wordt de context rondom dit vers verwaarloosd. De overvloed waar dit vers over spreekt, heeft te maken met het kennen en gekend worden door Jezus. Dat zijn niet-materiële zaken.

 

 

2. ‘U krijgt niet, omdat u niet bidt’ (Jakobus 4:2)


Dit vers wordt binnen het welvaartsevangelie gebruikt om biddend te claimen wat je zelf niet bezit. Wanneer je niets hebt, komt dat omdat je niet genoeg gebeden hebt. Maar deze interpretatie negeert het vers dat volgt: ‘U bidt wel, maar u ontvangt niet, omdat u verkeerd bidt met het doel het in uw hartstochten door te brengen.’

Het gebed is cruciaal in het leven van een christen. Dit als middel gebruiken om eigen verlangens af te dwingen bij God gaat ook in tegen het gebed dat Jezus bad aan de vooravond van Zijn kruisiging: ‘Laat niet Mijn wil, maar de Uwe geschieden’ (Lukas 22:42).

 

 

3. ‘Er is niemand die huis of broers of zusters of vader of moeder of vrouw of kinderen of akkers verlaten heeft omwille van Mij en om het Evangelie, of hij ontvangt honderdvoudig, nu in deze tijd.’


Welvaartspredikers leggen graag de nadruk op geven, zodat hun visie op het eerste gezicht in lijn lijkt met de Schrift. Maar de motivatie die erachter zit verstoort de Bijbelse boodschap. De predikers denken door financiële donaties te geven dit 100 maal terug te ontvangen.

Dit is uiteraard niet de juiste uitleg van het desbetreffende vers. Het volgende vers geeft duidelijkheid: ‘Maar veel eersten zullen de laatsten zijn, en veel laatsten de eersten.’ Hier wordt gehoorzaamheid en discipelschap aangemoedigd in plaats van persoonlijk gewin.

 

 

 

 

 

4. ‘De zegen van Abraham is in Christus Jezus tot de heidenen gekomen, opdat wij de belofte van de Geest zouden ontvangen door het geloof’ (Galaten 3:14)


Welvaartspredikers gebruiken dit vers om te verwijzen naar het in Genesis gesloten verbond met Abraham en concluderen daaruit dat God de nakomelingen van Abraham financiële zegeningen heeft beloofd. Opnieuw wordt een Bijbelgedeelte verwaarloosd.

In hetzelfde gedeelte staat vermeld dat Jezus is geofferd, zodat wij door het geloof de belofte van de Geest ontvangen. Paulus herinnert de Galaten hier aan de geestelijke zegeningen als gevolg van Jezus’ redding – wat niets te maken heeft met aardse rijkdom.

 

 

5. ‘Want u kent de genade van onze Heer Jezus Christus, dat Hij omwille van u arm is geworden, terwijl Hij rijk was, opdat u door Zijn armoede rijk zou worden’ (2 Korinthiërs 8:9)


Welvaartspredikers suggereren aan de hand van dit vers dat Jezus’ dood ons rijkdom geeft. De meeste christenen zijn het erover eens dat wanneer Paulus zegt dat Jezus ‘rijk’ werd, hij verwijst naar Zijn status als de Zoon van God. En Zijn armoede is een verwijzing naar Zijn vrijwillige daad om mens te worden. Paulus maakte de vroege christenen duidelijk dat Zijn doel gelijkheid was.

 

 

6. ‘Geliefde, ik wens dat het u in alles goed gaat en dat u gezond bent, zoals het uw ziel goed gaat’ (1 Johannes 3:2)


Binnen het welvaartsevangelie wordt naar aanleiding van dit vers beweerd dat lichamelijke gezondheid onlosmakelijk verbonden is met geestelijke groei. Wanneer iemand voldoende geloof bezit, zal hij of zij lichamelijke zegeningen ontvangen. Maar dit vers is ‘gewoon’ het begin van een brief aan Johannes door middel van een groet.

Dit zou je kunnen vergelijken met iemand die uit beleefdheid aan het begin van een brief de ander het goede toewenst. Het gaat hier niet om een belofte en dit mag zeker niet worden opgevat als de belofte dat Gods kinderen niet ziek kunnen worden.

 

 

7. ‘Breng al de tienden naar het voorraadhuis, zodat er voedsel in Mijn huis is. Beproef Mij toch hierin, zegt de Heer van de legermachten, of Ik niet de vensters van de hemel voor u zal openen, en zegen over u zal uitgieten, zodat er geen schuren genoeg zullen zijn’ (Maleachi 3:10)


Dit vers wordt vaak als krachtig hulpmiddel gebruikt bij fondsenwerving onder welvaartspredikers. Gelovigen worden zo gemanipuleerd om tienden te geven, waarna ze er veel meer voor zullen terugkrijgen. Maar dit vers is niet van toepassing op individuele rijkdom. Integendeel, het komt voort uit de historische situatie van het volk Israël.

De Israëlieten waren ongehoorzaam aan God door onvoldoende voedsel te geven aan de nationale opslagplaats, dat werd gebruikt door de priesters. God vermaande Zijn volk en riep op tot gehoorzaamheid. Als zij zouden gehoorzamen, zou beloning volgen.

 

 

 

 

8. ‘De straf die ons de vrede aanbrengt, was op Hem, en door Zijn striemen is er voor ons genezing gekomen’ (Jesaja 53:5)


De meeste christelijke geleerden lezen dit vers als een profetie waarin de overwinning op onze zonden wordt vermeld, dankzij het verzoenende werk van de Heer Jezus. Maar welvaartspredikers gebruiken dit vers om duidelijk te maken dat geloof zal leiden tot lichamelijke genezing.

Eén van de oprichters van het welvaartsevangelie schreef: “Het plan van onze Vader is, dat Hij in Zijn grote liefde en barmhartigheid, geen enkele gelovige ooit nog ziek wordt. Iedere gelovige zal zijn volledige levensduur in gezondheid op aarde zijn.”

 

 

9. ‘Ik immers, Ik ken de gedachten die Ik over u koester, spreekt de Heer. Het zijn gedachten van vrede en niet van kwaad, namelijk om u toekomst en hoop te geven’ (Jeremia 29:11)


Dit is één van de meest onbegrepen Bijbelverzen onder christenen. Jeremia 29:11 wordt gebruikt om anderen goed nieuws te beloven en suggereert dat God iedere slechte situatie in ons voordeel gebruikt. Dit vers is niet bedoeld voor hedendaagse christenen die hun baan hebben verloren. Het was een door God gegeven belofte aan het volk van Israël, waaruit blijkt dat God op Zijn eigen tijd het volk zou herstellen.

 

 


10. ‘Als u iets vragen zult in Mijn Naam, Ik zal het doen’ (Johannes 14:14)

 

Dit is vergelijkbaar met het misbruiken van Jakobus 4:2 door welvaartspredikers. Alsof God alle gebeden van gelovigen zou beantwoorden. Christenen die bidden voor financiële rijkdom doen er verstandig aan om Mattheüs 19:24 te lezen: ‘Het is gemakkelijker dat een kameel door het oog van een naald gaat, dan dat een rijke het Koninkrijk van God binnengaat.’

In Johannes 14:14 moedigt Jezus zijn discipelen aan om het Evangelie te verspreiden. Dit vers moet dan ook worden gelezen in de context van de verzen die erop volgen: ‘Wie in Mij gelooft, zal de werken doen die Ik doe’ (vers 12) en ‘Als u Mij liefhebt, neem dan Mijn geboden in acht’ (vers 15).

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

De opname.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

De opname

 

 

De Openbaring hoofdstuk 19 : De opname van de bruid in de hemel en Christus’ oordeel

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Wat is de opname?

 

De opname is een gebeurtenis in de eindtijd (een “eschatologische” gebeurtenis). Het is het moment waarop Jezus Christus voor Zijn Kerk terugkeert en waarop gelovigen “die nog in leven zijn, samen met hen worden weggevoerd op de wolken en de Heer in de lucht tegemoet gaan” (1 Tessalonicenzen 4:16-17).

Dit is de tijd van de opstanding, waarin elke christen zijn of haar verheerlijkte lichaam ontvangt. De eersten die hun nieuwe lichaam ontvangen zijn de mensen die als christenen gestorven zijn, daarna volgen de mensen die nog in leven zijn.

1 Korintiërs 15 : 51-52 > “Ik zal u een geheim onthullen: wij zullen niet allemaal eerst sterven – toch zullen wij allemaal veranderd worden, in een ondeelbaar ogenblik, in een oogwenk, wanneer de bazuin het einde inluidt. Wanneer de bazuin weerklinkt, zullen de doden worden opgewekt met een onvergankelijk lichaam en zullen ook wij veranderen.” 

 

 

 

 

 

Wanneer zal deze plaatsvinden?

 

De timing van de opname heeft binnen het christendom een groot debat op gang gezet. Zal deze vóór, tijdens of na de verdrukking plaatsvinden? De verdrukking is een periode van zeven jaar die meteen voorafgaat aan de terugkeer van Christus en de stichting van Zijn koninkrijk, het millennium, dat dus 1000 jaar zal duren.

De eerste 3½ jaar van de verdrukking zal een tijd van vrede en samenwerking zijn, en de tweede 3½ jaar van de verdrukking zal een tijd van oorlog en rampspoed zijn. Halverwege de verdrukking zal de antichrist zichzelf tot god uitroepen en eisen dat alle mensen van de wereld hem aanbidden. Velen zullen voor de antichrist neerbuigen en hem aanbidden, en als onderdeel hiervan ook zijn merkteken dragen (een soort wereldwijde registratie).

Sommigen zullen weigeren om de antichrist te aanbidden en zijn merkteken te ontvangen en velen zullen voor deze daad van ongehoorzaamheid worden gedood. De tweede helft van de verdrukking wordt de Grote Verdrukking genoemd. Er zullen in deze periode over de hele wereld uitzonderlijke catastrofen plaatsvinden (voor ondersteuning hiervan in de Bijbel, zie Openbaring 3:10Matteüs 24Marcus 13 en Lucas 17).

Het voornaamste debat over de opname gaat dus niet over wat deze is, maar wanneer deze zal plaatsvinden ten opzichte van de verdrukking.

Samengevat:

het pretribulationisme houdt in dat de opname zal plaatsvinden vóór de periode van de verdrukking; het midtribulationisme stelt dat de opname halverwege de verdrukking zal plaatsvinden; en het posttribulationisme zegt dat de opname zal plaatsvinden aan het einde van de verdrukking.

 

 

 

 

 

 Maakt het voor gelovigen uit wanneer deze zal plaatsvinden?

 

De pretribulationistische opname is een prachtige hoop voor mensen die in Jezus Christus geloven. Maar het maakt eigenlijk niet uit of we lang genoeg zullen leven om de opname mee te maken, en het maakt ook niet uit of het een opname is vóór, tijdens of na de verdrukking is. De enige sleutel tot de eeuwige redding is in al deze gevallen ons geloof in en vertrouwen op Jezus Christus. Zorg dat je veilig bent in je relatie met Christus, en dan maken alle andere dingen werkelijk geen verschil uit.

 

Johannes 14 : 2-3 > “…In het huis van mijn Vader zijn veel kamers; zou ik anders gezegd hebben dat ik een plaats voor jullie gereed zal maken? Wanneer ik een plaats voor jullie gereedgemaakt heb, kom ik terug. Dan zal ik jullie met me meenemen, en dan zullen jullie zijn waar ik ben”

1 Tessalonicenzen 4 : 16-17 > “Wanneer het signaal gegeven wordt, de aartsengel zijn stem verheft en de bazuin van God weerklinkt, zal de Heer zelf uit de hemel neerdalen. Dan zullen eerst de doden die Christus toebehoren opstaan, en daarna zullen wij, die nog in leven zijn, samen met hen worden weggevoerd op de wolken en gaan we de Heer in de lucht tegemoet. Dan zullen we altijd bij hem zijn”

 

 

 

 

 

 WAT DENK JIJ?

Wij hebben allemaal gezondigd en verdienen allemaal Gods oordeel. God, de Vader, stuurde Zijn eniggeboren Zoon om dat oordeel op Zich te nemen voor iedereen die in Hem gelooft. Jezus, de Schepper en eeuwige Zoon van God, die Zelf een zondeloos leven leidde, hield zo veel van ons dat Hij voor onze zonden stierf om zo de straf op Zich te nemen die wij verdienen. Volgens de Bijbel werd Hij begraven en stond Hij op uit de dood. Als jij dit werkelijk gelooft, er in je hart op vertrouwt en alleen Jezus als je Redder aanvaardt door te zeggen: “Jezus is de Heer”, dan zul je van het oordeel gered worden en de eeuwigheid met God in de hemel doorbrengen.

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget