Tagarchief: geel

De kracht van gember

Standaard

categorie : gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

Gember. Een waar wondermiddel

 

 

gember

 

 

Aromatisch, scherp en kruidig. Zo wordt de smaak van gember omschreven. Gember geeft een specifieke smaak aan soepen, wokgerechten en fruitsalades. Gember groeit onder de grond. Het is de wortelstok van een gemberplant. Het vlees van de gemberplant kan rood, wit of geel zijn. De huid is bruin en wordt dikker naarmate de plant ouder is. Gember is het hele jaar te koop en is relatief goedkoop.

 

 

Geneeskrachtig

Gember is lekker, maar zeker ook geneeskrachtig. Zo staat het bekend als middel tegen wagenziekte, indigestie, te lage bloeddruk, reumatische klachten en een lage bloeddruk. Hoe is het mogelijk dat een wortelstok zo veel therapeutische mogelijkheden heeft?

De officiële naam van gember is Zingiber Officinale. Gember is rijk aan 17 verschillende soorten etherische oliën, anti-oxidanten, vitaminen B1, B2, B3, B6, C, betacaroteen, calcium, magnesium, fosfor, kalium, selenium en vezels.

 

 

Maag

Gember prikkelt de warmtegevoelige receptoren. Het geeft een verwarmd gevoel. De productie van het maagsap wordt gestimuleerd. Gember heeft een beschermende tegen maagzweren. Gember kan helpen bij:
• Maagpijn
• Ter voorkoming van maagzweren
• Spijsverteringsklachten door verminderde productie maagsap

 

 

Misselijkheid

Misselijk zijn is een naar gevoel. Gember werkt uitstekend tegen alle soorten van misselijkheid. Dus tegen wagenziekte, misselijkheid door chemokuren, misselijkheid als gevolg van alcohol, door zwangerschap of door verkeerde voeding.

Gember stilt de braakneiging. De peristaltiek van de darmen wordt verhoogd, waardoor de passage van voeding sneller zal gaan. De opname van gifstoffen en zuren wordt verbeterd door het gebruik van gember, waardoor klachten zullen verminderen.

 

 

Ontstekingsremmend

De etherische oliën in gember werken antiseptisch. Ongewenste bacteriën worden gedood. Tevens is er een verhoogde opname van gifstoffen en zuren, waardoor gember uitstekend ingezet kan worden bij bestrijding van infecties.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Vlasbekje : Linaria vulgaris

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan 
– de lichtgele bloemen, die lijken op de bloemen van leeuwenbekjes
– en de opvallend lange spoor aan de bloemen gevuld met nectar

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Vlasbekje is zeer algemeen voorkomende overblijvende plant van 30-90 cm hoog, die bloeit vanaf juni tot de herfst. De bloemen staan in dichte trossen aan het einde van de rechtop groeiende stengel. Ze groeit in pollen, meestal in omgewerkte grond op droge tot voedselrijke grond op grazige plaatsen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

De bloemen zijn lichtgeel, uitgezonderd de donkergeel tot oranje gekleurde verdikkingen op de onderlip. De onderlip wordt door een soort gewricht tegen de bovenlip gedrukt, zodat alleen zware insecten, zoals hommels en bijen, toegang hebben tot de bloem.

 

 

 

 

 

Bijzonderheden

 

Vlasbekje heeft wortels die wel een meter diep de grond in gaan. Als de plant verwijderd wordt, blijft er vaak een deel van de wortel achter, waaruit zich een nieuwe plant kan ontwikkelen. Daarnaast produceert een plant een groot aantal zaden. Dat aantal kan oplopen tot 32.000 per plant!

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

In de volksgeneeskunde werd de plant gebruikt als laxeermiddel. In de middeleeuwen werd zij beschouwd als afweer tegen ziekten, die door tovenarij waren veroorzaakt.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– weegbreefamilie (Plantaginaceae)
– overblijvend
– zeer algemeen voorkomend
– 30 tot 90 cm

Bloem
– lichtgeel met geel tot oranje   verdikkingen
– vanaf juni tot de herfst
– aarvormige tros
– gespoorde lipbloem
– 2 tot 3 cm lang
– kroon vergroeid
– kroon langer dan kelk
– 4 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid, onderste kransstandig
– enkelvoudig
– lijn- tot lintvormig
– top spits
– rand gaaf
– voet wigvormig
– 1-nervig

Stengel
– rechtop
– glad of met weinig klierharen
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

Golden healer

Standaard

categorie :  Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

.

 

Algemene informatie

.

Golden healer kristal is een kristal met insluitsels van gele hematiet of limoniet. Naast de eigenschappen van hematiet bevat het zijn eigen specifieke werking. Golden healer is een heldere kwarts met een natuurlijke goudgele laag.

 

 

Kleur : geel doorschijnend

Vindplaats : wordt onder andere in Brazilië gevonden.

 

 

 

.

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

Samenstelling SiO2

hardheid: 7

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Viltganzerik : Potentilla argentea

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– een wijd, rijkbloemig bijscherm
– met gele, 5-tallige, 1 tot 1,5 cm grote bloemen en
– de handvormige samengestelde bladeren, onderkant wit viltig

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Viltganzerik is een overblijvende plant van 15 tot 30 cm hoog. Ze is vrij algemeen voorkomend in de Lage Landen. Ze groeit op min of meer open, droge, meestal kalkarme, vaak omgewerkte zandgrond.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Viltganzerik bloeit in juni en juli met gele, 5-tallige bloemen, die een wijd vertakt, rijkbloemig scherm vormen aan het einde van de stengel en in de oksels van de bladeren. De kroonbladen zijn iets uitgerand, langer dan de kelkbladen en bij een volledig geopende bloem raken ze elkaar niet.

 

 

 

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De bladeren zijn handvormig samengesteld, meestal 5-tallig. Aan de bovenkant zijn ze groen, de onderkant is wit viltig. De deelblaadjes zijn gelobd met hooguit 9 lobjes. Evenals de bladeren zijn ook de kelk- en bijkelkbladen, de bloemstelen en de stengel wit viltig. De wit viltige beharing kan na verloop van tijd wat slijten. De stengel is opstijgend, op betreden terrein liggend.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Het geslacht Potentilla kent ongeveer 500 soorten. In de Lage Landen komen 12 soorten voor, om ze van elkaar te kunnen onderscheiden zie “Sleutel ganzerik“.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– rozenfamilie (Rosaceae)
– overblijvend
– vrij algemeen tot zeer zeldzaam
– 15 tot 30 cm hoog

Bloem
– geel
– juni en juli
– wijd vertakt eindelings bijscherm
– 1 tot 1,5 cm
– stervormig
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 5 bijkelkbladen
– meer dan 20 meeldraden
– meer dan 20 stijlen

Blad
– verspreid
– handvormig samengesteld
– meestal 5-tallig
– top spits
– rand getand of gelobd
– voet wigvormig
– handnervig
– onderkant wit viltig behaard
– bovenkant groen
– bladrand soms iets omlaag gebogen

Stengel
– opstijgend of liggend
– behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Veldlathyrus : Lathyrus pratensis

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de lang gesteelde trossen in de oksels van de bladeren met
– met gele, licht geurende vlinderbloemen en
– de samengestelde bladeren, die bestaan uit 1 paar deelbladeren en eindigen in een vertakte of onvertakte rank

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Veldlathyrus is een overblijvende, klimmende plant van 30 tot 120 cm hoog. Ze is zeer algemeen voorkomend in de Lage Landen. Ze groeit op vochtige, voedselrijke grond in graslanden en bermen, in klei- en leemgroeven, in grazige duinvalleien en aan bosranden.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Veldlathyrus bloeit vanaf juni tot en met augustus met gele vlinderbloemen. De vlag van de bloemen heeft donkere lijntjes.

 

 

 

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De bladeren zijn samengesteld en bestaan uit 2 deelblaadjes en een vertakte of onvertakte rank.
De deelblaadjes zijn langwerpig tot elliptisch, hebben een gave rand en de nerven lopen parallel. De bladeren staan verspreid aan de vierkante ongevleugelde stengel. Zowel bladeren als stengel zijn kort behaard en grijsgroen.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Andere planten met vergelijkbare gele vlinderbloemen zijn gele wikke en de klaversoorten, gewone rolklaver, moerasrolklaver en sikkelklaver.

 

 

gewone rolklaver

 

 

 

moerasrolklaver

 

 

 

sikkelklaver

 

 

 

Algemeen

 

– vlinderbloemenfamilie (Fabaceae)
– overblijvend
– zeer algemeen tot vrij zeldzaam
– 30 tot 120 cm hoog

Bloem
– geel
– vanaf juni t/m augustus
– tros
– 10 tot 16 mm
– vlinderbloem
– 5 kroonbladen, vergroeid
– 5 kelkbladen, vergroeid
– 10 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– samengesteld
– even veervormig
– top rankend
– deelblaadjes :
– langwerpig tot elliptisch
– top spits
– rand gaaf
– voet wigvormig
– parallelnervig

Stengel
– opstijgend of klimmend
– behaard
– scherp vierkant

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wagneriet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

.

.

Algemeen

.

.Wagneriet is een vrij onbekend mineraal. Het komt voor in verschillende tinten geel, bruin, roze, oranje of groen, met her en der glanzende metalige vlakken. Wagneriet is verwant aan apatiet; door verwering verandert wagneriet langzaam in dat mineraal. Wagneriet wordt gevonden in verschillende landen, onder meer Verenigde Staten, Noorwegen, Duitsland, Oostenrijk, Italië, Spanje, Portugal en Rusland.

Het is een fluorfosfaat, waardoor het een belangrijke rol speelt in de edelsteentherapie. Het gaat daarbij vooral om de rozerode variant. We schrijven wagneriet graag voor bij stress en burn-out, omdat deze steen je terugbrengt bij jezelf.

.

.

.

.

Herkomst van de naam

.

Wagneriet is vernoemd naar de Duitse mijndirecteur F.M. von Wagner (1768-1851). De steen was al eerder bekend, maar werd pas erkend als zelfstandig mineraal toen het in 1821 in Duitsland en Oostenrijk werd gevonden. In Noorwegen staat het mineraal bekend als kjerulfin, een vernoeming naar de Noorse geoloog Theodoor Kjerulf (1825-1888).

.

.

.

.

Wagneriet door de eeuwen heen

.

Als fosfaat werd en wordt wagneriet in Scandinavië gebruikt als kunstmest. In de Noorse provincie Telemark ligt de Kjerulfin-mijn, waar vanaf ca 1850 wagneriet (of kjerulfin, zoals de Noren zeggen) wordt gewonnen voor gebruik in de landbouw. Als heelsteen is de wagneriet pas een tiental jaren bekend.

.

.

.

.

Fysische eigenschappen

.

Wagneriet is een fluorhoudend magnesiumfosfaat. De precieze samenstelling varieert per vindplaats. Wagneriet uit de Verenigde Staten bevat mangaan en is daardoor rozerood. Wagneriet uit Noorwegen echter bevat geen mangaan en is daardoor geel-bruin.

.

.

 

Samenstelling: (Mg, Fe2+)2(PO4)F + (OH, Fe, Mn)
Hardheid: 5 – 5,5
Glans: glasachtig tot vettig
Transparantie: doorzichtig, doorschijnend tot
halfdoorschijnend (opaque)
Breuk: schelpvorming, oneffen
Splijtbaarheid: onvolkomen
Dichtheid: 3,07 – 3,14
Kristalstelsel: monoklien

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

Tripmadam : Sedum rupestre

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de helder gele bloemen in een vrij dichte tuil aan het einde van de stengel en
– de (bijna) ronde, grijs- of blauwgroene, dicht bij elkaar staande, spitse bladeren aan niet bloeiende stengels

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Tripmadam is een overblijvende plant van 15 tot 30 cm hoog. Ze is een zeldzame plant in de Lage Landen. Ze wordt ook aangeboden als tuinplant en verwilderd vanuit tuinen naar plaatsen waar je haar niet zou verwachten. Ze staat op de rode lijst als zeldzaam en sterk afgenomen. Ze groeit op open, droge, kalkarme zandgrond, voornamelijk op rivierduinen en zandige dijken, ook op stenige plaatsen, zoals in de spleten van basaltglooiingen.

 

 

Tripmadam

 

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit in juni en juli met helder gele bloemen, die aan het einde van de stengel een vrij dichte tuil vormen. De bloemen hebben 5-8 (meestel 6) duidelijk gekielde kroonbladen, die 2 tot 2½ keer zo lang zijn als de vlezige kelkbladen.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De lijnvormige, (bijna) ronde bladeren zijn grijs- of blauwgroen en staan dicht bij elkaar aan niet bloeiende stengels. Aan de bloeiende stengels staan ze verwijderd. Tripmadam is zoden-vormend. Uit de wortelende, liggende stengels groeien korte, niet bloeiende, liggende tot opstijgende stengels en langere, verticale, bloeiende stengels.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

zacht vetkruid : bloemen kleiner dan 10 mm, de blaadjes hebben geen peperachtige smaak en zijn lijnvormig.

 

 

 

zacht vetkruid

 

 

 

muurpeper : bloemen 10 – 14 mm, alle bloemen 5-tallig, plat driehoekig, schubachtig blad, peperachtige smaak.

 

 

muurpeper

 

 

 

tripmadam : bloemen 14 of 15 mm, schermen met 5- tot 8-tallige bloemen met gekielde kroonbladeren en grijs- of blauwgroene, lijnlancetvormige, halfronde, spitse bladeren.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– vetplantenfamilie (Crassulaceae)
– overblijvend
– zeldzaam voorkomend
– ook als tuinplant
– 15 tot 30 cm

Bloem
– geel
– juni en juli
– tuil
– stervormig
– 14 tot 15 mm
– 5-8 kroonbladen, niet vergroeid
– 5-8 kelkbladen
– 10-16 meeldraden
– 5-8 stijlen

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– lijnlancetvormig, (bijna) rond
– top spits
– rand gaaf
– voet afgerond
– zonder nerven
– vlezig

Stengel
– liggend of rechtop
– kaal
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

Stijve klaverzuring : Oxalis stricta

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de kleine 5-tallige gele bloemen en
– het klaverachtige blad en
– de opgerichte of afstaande (niet teruggeslagen) vruchtstelen

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Stijve klaverzuring is een overblijvende plant van 10 tot 30 cm hoog, oorspronkelijk afkomstig uit Noord-Amerika. Ze is algemeen voorkomend in de Lage Landen. Ze groeit op open, zonnige tot licht beschaduwde, vochtige, voedselrijke grond in akkers, (moes)tuinen, onder heggen, langs bospaden en aan weg- en waterkanten.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Stijve klaverzuring bloeit vanaf juni tot en met oktober met gele 5-tallige bloemen, die alleen bij zonnig weer geopend zijn. Ze staan met 1 tot 6 bij elkaar in losse schermen.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De stengels zijn behaard met witte haren, zowel lange afstaande als korte aanliggende. De bladeren zijn samengesteld en bestaan uit drie deelblaadjes met een gewimperde rand. De deelblaadjes gaan ’s nachts en overdag bij koud weer in de “slaapstand”, dat wil zeggen naar beneden hangen en samen vouwen.

 

 

 

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten met gele bloemen

 

 

knobbelklaverzuring : heeft teruggeslagen vruchtstelen, stengels behaard met alleen korte aanliggende haren.

 

 

knobbelklaverzuring

 

 

 

 

gehoornde klaverzuring : heeft teruggeslagen vruchtstelen, kruipende stengels, bladeren vaak bruingroen, haren op de stengels alle kanten uitwijzend.

 

 

gehoornde klaverzuring

 

 

 

 

stijve klaverzuring : heeft geen teruggeslagen vruchtstelen, stengels behaard met lange afstaande en korte aanliggende haren

 

 

 

 

Algemeen

 

– klaverzuringfamilie (Oxalidaceae)
– overblijvend
– algemeen
– 10 tot 30 cm

Bloem
– geel
– vanaf juni t/m oktober
– bijscherm
– stervormig
– 4 tot 10 mm
– 5 afgeronde kroonbladen
– kroonbladen niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 10 meeldraden
– 5 stijlen

Blad
– verspreid
– handvormig samengesteld
– deelblaadjes hartvormig
– top uitgerand
– rand gaaf, gewimperd
– voet wigvormig
– veernervig

Stengel
– rechtop
– behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Celestien

Standaard

categorie : sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

.

.

Kenmerken van Celestien

.

De zacht grijsblauwe celestien vormt mooie kristallen. Het mineraal wordt meestal als cluster, als bol of in eivorm aangeboden. Andere namen zijn coelestien of celestietCelestien wordt op veel plaatsen ter wereld gevonden, maar die uit Marokko en Madagaskar zijn helder blauw, de meest gewilde kleur. Celestien kan ook andere kleuren hebben: kleurloos, wit, grijs, geel, oranje, zelden rood of groen. Het is een belangrijk strontiumerts. Het strontium uit celestien wordt gebruikt voor de rode kleur van vuurwerk en noodvuurpijlen. In de edelsteentherapie wordt celestien nog niet zo lang gebruikt.

Aan het eind van de 18e eeuw was celestien vooral in gebruik als strontiumerts. De strontium was belangrijk voor de suikerproductie uit suikerbieten. Tegenwoordig wordt celestien vooral toegepast in de staalindustrie. Het is een middel om zwavel en fosfor te verwijderen en staal harder te maken. Daarnaast is celestien belangrijk voor het maken van gekleurd glas, en voor het vervaardigen van elektrobatterijen. In Amerika ligt een plaatsje genaamd Celestine, in de staat Indiana. Deze plaats is vernoemd naar Paus Celestinus V, maar toevallig zijn in de omgeving ook celestienmijnen.

.

.

.

.

 

Herkomst van de naam

.

De naam ‘celestien’ komt uit het Duitsr Zölestin, dat is afgeleid van Latijn coelestis (‘hemels, met de kleur van de hemel’). Dat verklaart ook de alternatieve naam coelestien. Celestien heet in Duitsland ook wel Schätzit, wellicht naar Duits Schatz (‘schat, schatkist, lieveling’).

.

.

Door de eeuwen heen

.

Celestien is gevormd in het geologische tijdperk Tertiair, ongeveer 65 miljoen jaar geleden, in holtes en scheuren in afzettingsgesteente. De Romeinen zouden de naam aqua-aura voor dit kristal gebruikt hebben. Tegenwoordig echter wordt de naam aqua-aura gebruikt voor bergkristal dat door een goudinfusie blauw gekleurd is. In China werd celestien gebruikt bij het maken van vuurwerk. Men wist daar al dat verpulverde celestien in vuur mooi rode vlammen geeft. Dit is een gevolg van het vele strontium in de steen.

De celestien heeft zijn naam pas sinds de 18e eeuw. De Duitse scheikundige Martin Heinrich Klaproth (1743-1817) heeft dit mineraal chemisch geanalyseerd, maar zijn landgenoot mineraloog Abraham Gotlob Werner(1749-1817) beschreef het mineraal in 1798 en gaf het zijn naam. Aan het eind van de 18e eeuw was celestien vooral in ge- bruik als strontiumerts. De strontium was belangrijk voor de suikerproductie uit suikerbieten.

Tegenwoordig wordt celestien vooral toegepast in de staalindustrie. Het is een middel om zwavel en fosfor te verwijderen en staal harder te maken. Daarnaast is celestien belangrijk voor het maken van gekleurd glas, en voor het vervaardigen van elektrobatterijen. In Amerika ligt een plaatsje genaamd Celestine, in de staat Indiana. Deze plaats is vernoemd naar Paus Celestinus V, maar toevallig zijn in de omgeving ook celestienmijnen.

.

.

.

.

Spiritueel

.

* Celestien leert je vertrouwen te hebben, alles komt goed. Het maakt je ervan bewust dat je onderdeel bent van een groter geheel. Regelmatig met celestien werken versnelt je spirituele ontwikkeling, opent je Derde Oog en kruinchakra.

* Dit mineraal is kalmerend, geeft rust, en scherpt je focus. Het maakt tevreden en geeft een goed humeur. Nerveuze spanningen, somberheid en beklemming lossen op als je een celestien cluster in je woonruimte plaatst, bij voorkeur op een spiegel.

*Angsten voor het onbekende, voor de toekomst, voor het volwassen worden en alles wat daarbij komt kijken, zoals zelfstandig wonen en seksualiteit, verminderen beduidend bij het dragen van celestien.

.

.

 

Chemische samenstelling

.

Celestien is een strontiumsulfaat. De geliefde kleur blauw wordt veroorzaakt door een beetje goud. Als de kleur meer naar geel, oranje of bruin neigt, zal de celestien een hoeveelheid barium bevatten. Echt geel wordt door zwavel veroorzaakt. De blauwe kleur kan door röntgenstraling intenser gemaakt worden. Door verhitting verliest celestien haar kleur. In de buurt van celestien worden ook altijd bariet, anhydriet, gips en haliet gevonden. Het is zelfs zo dat barium de strontium in celestien kan vervangen. In sommige celestien kristallen loopt het bariumgehalte op tot wel een kwart van het totaal.

.

.

Samenstelling: SrSO4 + Ba, Ca (+ Au, K). Bariet heeft als formule BaSO4
Hardheid: 3 – 3,5
Glans: glasglans. vetglans, op breukvlakken ook parelmoerglans
Transparantie: transparant, doorzichtig tot doorschijnend
Breuk: onregelmatig
Splijtbaarheid: perfect
Dichtheid: 3,96 – 4,0
Kristalstelsel: rombisch

.

.

 

.

.

witte celestien

.

.

.

.

celestien geode

.

.

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Titaniet, sfeen

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

.

.

Algemeen

.

Het mineraal titaniet of sfeen is een fluor-houdend calciumtitaniumsilicaat met de chemische  formule CaTiSiO5. Zeldzame aardelementen als lanthaniumceriumpraseodymiumsamarium en neodymium komen in kleine hoeveelheden in het mineraal voor. Het mineraal behoort tot de nesosilicaten.

Het grijze, groene, gele, rode of roodbruine titaniet heeft een diamantglans, een rood-witte streepkleur en de splijting van het mineraal is duidelijk volgens het kristalvlak [110] en imperfect volgens [100] en [112]. Het kristalstelsel is monoklien. Het mineraal heeft een gemiddelde dichtheid van 3,48, de hardheid is 5 tot 5,5 en het mineraal is, door de insluitsels van de zeldzame aardelementen, mild radioactief. De gamma ray waarde volgens het American Petroleum Institute is 3805,77.

.

.

.

.

Naamgeving

.

De naam van het mineraal titaniet is afgeleid van de samenstelling; het bevat het element titanium.

.

.

.

.

Voorkomen

.

Het mineraal titaniet is een algemeen voorkomend mineraal in felsische dieptegesteenten, pegmatieten, gneisen, schisten en skarns. De typelocatie is Passau, Beieren, Duitsland. Titaniet komt ook voor in de zandfractie van Nederlandse Kwartaire riviersedimenten. In de zware metaalanalyse, zoals dat in Nederland bij de Rijks Geologische Dienst gedurende de tweede helft van de twintigste eeuw plaats vond, wordt het mineraal ingedeeld bij de zogenoemde instabiele groep. Het wordt daarin tot de vulkanische mineralen gerekend. Er worden verschillende variëteiten onderscheiden waarvan er een karakteristiek voor Maaszanden is.

.

.

.

.

Titaniet
Titanite crystals on Amphibole - Ochtendung, Eifel, Germany.jpg

.

.

Mineraal
Chemische formule CaTiAlFe3+SiO5F
Kleur Grijs, groen, geel, rood of roodbruin
Streepkleur Roodwit
Hardheid 5 – 5,5
Gemiddelde dichtheid 3,48 kg/dm3
Glans Diamantglans
Splijting [110] Duidelijk, [100] Imperfect, [112] Imperfect
Kristaloptiek
Kristalstelsel Monoklien

 

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.