Tagarchief: God

Het duizendjarig vrederijk

Standaard

Categorie: religie

 

 

 

de ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

Het duizendjarig vrederijk

 

Inleiding

 

Jezus Christus neemt 7 jaar voor de grote verdrukking, met de eindstrijd ‘Armageddon ‘ als gevolg, de gemeente op in de hemel. De gelovige, bekeerde doden staan op uit hun graf en gaan samen met de levende gelovigen Hem tegemoet in de wolken. Men noemt dit de eerste opstanding. God bespaart de gelovige gemeente de gruwel van de grote verdrukking. Na 7 jaar van geweldige miserie daalt Jezus met zijn gemeente af uit de hemel en vestigt zijn wereldwijd Koninkrijk met als centrum Jeruzalem. Satan, zijn demonen en ongelovigen worden opgesloten in de hel.

Een nieuwe tijd breekt aan door het wederkomen van Jezus Christus en zijn overwinnen op de antichrist. Jezus gaat alom als Koning en Heer regeren, vanuit zijn positie op Gods troon. Samen met zijn verheerlijkte gemeente, die naast Hem plaatsneemt op zijn troon (Op.20:4, BS 58/11), begint de wederoprichting aller dingen.

Deze periode duurt ‘duizend jaar’ (Op.20:6). Het NBG zet boven deze perikoop in Openbaring 20: Het duizendjarig rijk. Jesaja en Micha profeteren ook over deze heilstijd. Boven die Bijbelgedeelten staat in het NBG: het komende vrederijk (Jes.2, Mic.4), de Messias en het vrederijk (Jes.11).

 

 

Het einde van de draak (666) door het kruis

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Nieuwe wereld

 

Na ‘Harmagedon’ verandert de wereld. De mensen op aarde die de grote verdrukking overleven, komen in totaal andere levensomstandigheden terecht. Zij ontmoeten de verheerlijkte mensen van de gemeente die met Christus uit de hemel neerdaalden. Zij zijn vol van liefde en goedheid, genade en waarheid, bekleed met goddelijk gezag en werkend met hemelse kracht. Zij zien deze koningen als priesters rondgaan: dienend, verzoenend, genezend. In volmaakte eenheid en verbondenheid. Zij ontmoeten het hoofd van deze verheerlijkte gemeente: Jezus Christus, de grote Priester- Koning in hemel en op aarde. Zien Hem alom heil en vrede teweeg brengen.

Doordat het rijk der duisternis van Satan zich niet of nauwelijks meer kan manifesteren, verdwijnen wetteloosheid en verderf, onrecht en geweld, onrust en verdriet uit het wereldbeeld. De duivel wordt voor 1000 jaar geketend. Recht en gerechtigheid, vrede en vreugde treden hiervoor in de plaats. Door het werk van Jezus Christus en zijn gemeente ontstaat een nieuwe wereld. Met een geheel andere wereldorde en een ongekend leefklimaat. Op dit moment nog nauwelijks voor te stellen.

 

 

Theocratie

 

Vanuit zijn positie op Gods troon stelt Jezus op aarde de theocratie in: de orde waarin God centraal staat en regeert, zijn wil geschiedt en zijn gerechtigheid openbaart komt, de wetten van zijn Koninkrijk het leven bepalen, zijn klimaat alles omhult en allen vervult.

Op alle niveaus van besturen en regeren pakken leden van Jezus’ verheerlijkte gemeente taken op. Zij functioneren hierin op volkomen ‘nieuwe’ wijze. Zodoende komt er een einde aan alle ‘oude’ orden en staatsvormen. Republieken, monarchieën, dictaturen, democratieën verdwijnen uit het wereldbeeld. En daarmee alle verdeeldheid, apartheid, isolatie, discriminatie, etc. Alle vormen van bezetting, onderdrukking, geweld en oorlog. Alle tegenstellingen tussen mensen, stammen, rassen, naties en volken.

Jezus laat deze wereldomvattende omwenteling zonder enig geweld plaatsvinden. Hij volvoert Gods raadsbesluit in volle vrede. Samen met zijn gemeente. Een ongekende ervaring voor allen die op aarde leven. Een verademing voor mens en schepping.

 

 

Reddend bloed van Christus op het kruis te Golgotha

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Van den beginne

 

Theocratie kenmerkt Gods Koninkrijk van den beginne. Alle (trouwe) engelen geven er mee gestalte aan. Serafs en cherubs. Eenieder op zijn eigen, door God gegeven plaats, harmonieus passend in het grote geheel. Eenieder behartigt zijn eigen, door God bedoelde taak, met inzet van al zijn vermogens. In staat alles te doen waartoe God hem roept. Niemand heerst, iedereen dient. De groteren dragen de kleineren. De grootste is het meest tot dienen in staat: hij is aller dienaar (zie Mar.10: 44-45). Alles vindt plaats in volmaakte harmonie, eenheid en saamhorigheid, onderlinge erkenning en waardering. Zonder verwarring, onduidelijkheid, afgunst of eigenbelang. Theocratie functioneert in vrede, blijdschap en gerechtigheid (naar Rom.14:17).

 

 

Gemeente

 

Jezus geeft op aarde mee vorm en inhoud aan deze theocratische orde. Hij neemt als Christus en Heer de plaats in die God Hem geeft. Als Lam van God behartigt Hij het werk dat God Hem opdraagt. Als bouwer van zijn gemeente brengt Hij deze orde ook aan in allen die Hem aannemen en volgen. Er ontstaat een welsluitend geheel, een lichaam onder één hoofd. Op verheerlijkte wijze geeft dit met Jezus gestalte aan Gods Koninkrijk in hemel en op aarde. In staat te doen waartoe God roept: de hele aarde vol maken van de kennis van des Heren heerlijkheid, gelijk de wateren die de bodem der zee bedekken (Hab.2:14). Dit gebeurt in het duizendjarig vrederijk: de theocratische orde krijgt alom zijn beslag. Met alle heerlijke gevolgen van dien.

 

 

Voorzien

 

Jesaja voorziet het functioneren van Jezus en zijn gemeente in die komende heilstijd: Zie, een koning zal regeren in gerechtigheid en vorsten zullen heersen naar het recht; en ieder van hen zal zijn als een beschutting tegen de wind en als een toevlucht tegen de stortbui, als waterstromen in een dorre streek, als de schaduw van een machtige rots in een dorstig land. Dan zullen de ogen der zienden niet meer verblind zijn en de oren der horenden zullen opmerken; het hart der onbezonnenen zal inzicht en kennis verkrijgen, en de tong der stamelaars zal in staat zijn tot duidelijk spreken. Dan zal een dwaas niet meer edel genoemd worden en de bedrieger niet meer aanzienlijk heten (Jes.32:1-5).

 

 

Uitnodigen

 

De gemeente van Jezus gaat opnieuw op aarde rond om het evangelie te verkondigen aan de overblijvers van de strijd te Armageddon en aan de mensen die Christus niet kennen. In alle volheid en heerlijkheid. Nu zonder tegenspreken of tegenwerken door de antichrist en de zijnen. Met de onbeperkte mogelijkheden die bij haar verheerlijkte bestaansvorm horen. Ieder mens op aarde kan zien wat Gods woord in het leven van mensen vermag. Mensen gaan beseffen wat Jezus ook in hem of haar wil bewerken.

De gemeente nodigt alle mensen op aarde uit tot Jezus te komen en zich voor Hem te openen. Deel te nemen aan het bruiloftsmaal van het Lam (naar Op.19:9). Het feestmaal dat de Heer van de hemelse machten voor alle volken aanricht: uitgelezen gerechten en belegen wijnen, een feestmaal rijk aan merg en vet, met pure, rijpe wijnen (Jes.25:6 NBV).

 

 

 

Bruiloft van het Lam

 

Dit bruiloftsmaal omvat de hele periode van het vrederijk. Duurt ‘duizend’ jaar. Lang genoeg om ieder mens op aarde te bereiken en uit te nodigen. Iedereen tijd en ruimte te geven op deze uitnodiging in te gaan, zich met Jezus te verbinden, bij zijn gemeente te voegen. Opdat eenieder volledig deel krijgt aan al het goede dat God voor hem bedoelt.

Dit bruiloftsfeest leidt tot het huwelijk van Jahweh (bruidegom) met de partner (bruid) die Hij reeds van den beginne wenst: de mensheid onder één hoofd samengevat, Christus (Ef.1: 10). De gemeente van Jezus Christus. De vrouw van Lam, één met het Lam, en samen mét Jezus de bruid van Jahweh. Opdat God alles in allen wordt (1Cor.15:28).

 

 

Jeruzalem: woonplaats van God en centrum van het Vredesrijk

 

 

 

Jesaja

 

Jesaja spreekt over deze heilstijd: Eens zal de dag komen dat de berg met de tempel van de Heer rotsvast zal staan, verheven boven de heuvels, hoger dan alle bergen. Alle volken zullen daar samenstromen, machtige naties zullen zeggen: Laten we optrekken naar de berg van de Heer, naar de tempel van Jakobs God. Hij zal ons onderrichten, ons de weg wijzen, en wij zullen zijn paden bewandelen. Vanaf de Sion klinkt zijn onderricht, vanuit Jeruzalem spreekt de Heer. Hij zal rechtspreken tussen de volken, over machtige naties een oordeel vellen. Zij zullen hun zwaarden omsmeden tot ploegijzers en hun speren tot snoeimessen. Geen volk zal nog het zwaard trekken tegen een ander volk, geen mens zal meer weten wat oorlog is (Jes.2:2-4 NBV).

 

 

Vrede en harmonie in het Vredesrijk

 

 

 

Zacharia

 

Zacharia sluit bij deze woorden aan. Dit zegt de Heer van de hemelse machten: Er zullen opnieuw mensen komen uit allerlei landen en steden. De inwoners van de ene stad zullen naar de volgende stad gaan en zeggen: Ga met ons mee. Wij zijn op weg om eer te bewijzen aan de Heer van de hemelse machten en zijn gunst af te smeken. Grote en machtige volken zullen naar Jeruzalem komen om daar de Heer van de hemelse machten te vereren en zijn gunst af te smeken. En dit zegt de Heer van de hemelse machten: Als die tijd is gekomen, zullen tien mannen uit volken met verschillende talen een Joodse man bij de slip van zijn mantel grijpen met de woorden: Wij willen ons bij u aansluiten, want we hebben gehoord dat God bij u is (Zac.8:20-23 NBV).

 

 

Sefanja

 

Sefanja ziet in de geest mensen op afstand staan: bedroefd, beangst, gekweld. Nog niet gelovend dat ook zij tot dit bruiloftsfeest mogen ingaan, ook bij Jezus’ gemeente mogen horen. Hij verzekert hen van Gods heil. Dit zegt de Heer: Wie bedroefd zijn, ver van de feestvergadering, zal Ik samenbrengen; zij behoren toch bij u. Als een last drukt de smaad op hen. Zie, Ik zal te dien tijde afrekenen met al uw verdrukkers, maar Ik zal het hinkende verlossen en het verstrooide zal Ik verzamelen; Ik zal tot een lof en tot een naam stellen hen, wier schande was over de gehele aarde (Sef.3:18-19).

 

 

Kom!

 

De gemeente benadert de wereldbevolking in volle liefde. Zonder aanzien des persoons. Kom tot Jezus, geef je aan Hem. Hij vergeeft je zonden, verzoent je met God. Breek met je oude leven in duisternis en dood. Krijg door Jezus deel aan het nieuwe leven, vol van licht en heerlijkheid. Hij verlost je van de machten der duisternis, vervult je met Gods Geest. Je mag toetreden tot zijn gemeente, mee vorm gaan geven aan de theocratische orde die God bedoelt. En mét alle heiligen de liefde van Christus leren kennen, opdat ook jij zult volstromen met Gods volkomenheid (naar Ef.3:18-19 NBV).

 

 

Duidelijkheid

 

Ieder mens op aarde krijgt gelegenheid zich van zijn situatie bewust te worden en op deze nieuwe mogelijkheden in te gaan. Iedereen krijgt zicht op de werkelijkheid. Klaarheid over geestelijke sluiers, bedekkingen en bindingen. Duidelijkheid over de boze geesten die dit bewerken. Iedereen wordt geroepen tot Gods heerlijkheid en macht.

Onder leiding van Jezus spoort de gemeente alle resterende machten der duisternis op. Zij kunnen zich lange tijd in mensen schuilhouden, maar blijven geen duizend jaar verborgen. Als zij zich in mensen manifesteren, worden ze gearresteerd en afgevoerd. Uiteindelijk allemaal.

 

 

Keuze

 

Voor ieder mens op aarde breekt dan het beslissende moment aan. Wat wil ik? Waar kies ik voor? Ga ik op de uitnodiging van Jezus in of sla ik die af? Breek ik met de duisternis en kies ik voor een leven in het licht? Of volhard ik in mijn zonden, heb ik de duisternis liever dan het licht? Iedereen mag ten overstaan van Jezus Christus en zijn gemeente in alle vrijheid kiezen.

 

 

Keuze tussen goed en kwaad en de eeuwige gevolgen

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Positief

 

Velen bekeren zich tot Jezus, sluiten zich aan bij zijn gemeente. Zij zijn zalig omdat zij deel krijgen aan het bruiloftsmaal van het Lam (naar Op.19:9). Zij worden wederom geboren, door Jezus gedoopt in heilige Geest. De gemeente maakt hen los van al hun vijanden. Verwijst deze machten in de naam van Jezus naar de afgrond.

Het zoonsleven begint in hen. Het herstel naar geest, ziel en lichaam komt op gang. In een louter positieve omgeving. Zonder strijd of achtervolging. Zonder lijden of verdrukking. Met een verheerlijkte gemeente rondom hen. Met Jezus Christus als Heer en Koning in hemel en op aarde. Een ‘zalige’ situatie.

Deze mensen groeien naar geestelijke volwassenheid in een gezond, natuurlijk lichaam. Zij leren werken met de krachten van Gods Koninkrijk. Ziekten krijgen geen vat meer op hen. Bij het ouder worden takelen zij niet af, sterven zij niet. Zij blijven gedurende deze hele heilsperiode vol van Gods kracht leven. Met hun nageslacht vormen zij een volk dat de Heer zegent (Jes.65:23b NBV).

 

 

Negatief

 

Als iemand op zo’n beslissende moment Jezus Christus bij volle bewustzijn afwijst en de machten der duisternis die in hem werken vasthoudt, treft hem de vloek. Hij sterft op hetzelfde moment en deelt in het lot van de geesten waarmee hij verbonden wil blijven. Deze machten kunnen na hun confrontatie met Jezus en zijn gemeente niet werkzaam blijven. De Heer verwijst ze naar de afgrond, de hel. De mens die de duisternis liever heeft dan het licht, komt daar dan ook. Op grond van zijn eigen keuze.

 

 

Honderd jaar

 

Jesaja voorzegt het bovenstaande: Daar zal niet langer een zuigeling zijn, die slechts weinige dagen leeft, noch een grijsaard, die zijn dagen niet voleindigt, want de jongeling zal als honderdjarige sterven, zelfs de zondaar zal eerst als honderdjarige door de vloek getroffen worden (Jes.65:20).

Niemand wordt tegen zijn wil door de vloek getroffen. Dat ‘overkomt’ de mensen op aarde niet. En zeker geen kleine kinderen of (nog) onvolwassen jongelingen. De profeet spreekt over honderd jaar: ruim voldoende om volledig de geestelijke situatie te beseffen en bij vol bewustzijn te kiezen. Vóór of tégen Jezus. Voor licht of duisternis. Voor leven of dood.

 

 

Onbekwaam

 

Ook in die heilstijd leven er mensen op aarde die door ziekten, geestelijke beperkingen of afwijkingen niet in staat zijn zo’n bewuste keuze te maken. Zij hebben in de ontmoeting met Jezus allereerst genezing nodig. Met zijn gemeente treedt de Heer deze mensen vol ontferming tegemoet. Hij bevrijdt ze van hun geestelijke belagers en herstelt de schade die de boze geesten hebben aangebracht. Christus bewerkt een situatie waarin ook zij besef krijgen van de nieuwe werkelijkheid, zij kunnen dan ingaan op de uitnodiging die ‘in goede orde’ tot hen komt. En persoonlijk kiezen voor Jezus Christus en zijn evangelie. Wat een vreugde voor deze mensen: een nieuwe tijd breekt aan. Vol geloof en blijdschap gaan zij Gods Koninkrijk binnen.

 

 

Christus bevrijdt bekeerde van de eeuwige hel

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Vrij!

 

Gedurende het vrederijk komt de mensheid vrij van zijn eeuwenoude belagers, van alle werkingen van de boze geesten uit het rijk van Satan en van iedere claim van de doodsmachten uit het rijk van Dood. Ieder mens mag gaan leven in het volle licht voor Gods aangezicht. Hem leren dienen in heiligheid en gerechtigheid. Zonder vrees, uit de hand van zijn vijanden verlost (zie Luc.1:74-75). Daarin geestelijk volwassen worden.

 

 

Kinderen

 

Tijdens het duizendjarig vrederijk gaat het natuurlijke leven op aarde gewoon door. Er worden kinderen geboren die de ‘oude’ wereld niet kennen. Deze jongeren groeien op in aanwezigheid van Jezus en zijn gemeente, in afwezigheid van machten der duisternis. Zij worden opgevoed met het evangelie. Bekend gemaakt met de werkelijkheid van Christus. Zij beleven van jongs af aan het klimaat van Gods Koninkrijk.

Ook deze nieuwe generatie dient Jezus Christus aan te nemen, door een persoonlijke keuze zich bewust toe te wijden aan Jezus en God. Waarna ook zij – samen met alle andere mensen die daarvoor kiezen – kunnen uitgroeien tot geestelijke volwassenheid. Wat dat inhoudt en teweegbrengt zien zij concreet voor zich: in de verheerlijkte zonen Gods. In Jezus Christus, de Heer van hemel en aarde.

 

 

Onderricht

 

De gemeente onderwijst de mensen die in Jezus gaan geloven in alle dingen die Gods Koninkrijk betreffen (vgl. Hand.1:3). Eenieder krijgt zicht op Gods plan met mensen, op de weg die tot verheerlijking leidt, op wat God wil bewerken en op wat Satan en Dood aan het einde van het duizendjarig vrederijk daar tegenoverstellen. Op het laatste oordeel en de voleinding aller dingen.

Aan het einde van deze heilstijd geldt: Allen zullen Mij kennen, van de kleinste tot de grootste onder hen, luidt het woord des Heren (Jer.33:34). Men zal geen kwaad doen noch verderf stichten op gans mijn heilige berg, want de aarde zal vol zijn van kennis des Heren, zoals de wateren de bodem der zee bedekken (Jes.11:9). Een paradijselijke situatie!

 

 

Goddelijk redding van de duivel na bekering der zonden

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Dieren

 

Ook in de natuur komt het ‘paradijselijke’ naar voren. De demonische beïnvloeding van dieren houdt op. Al het verscheurende, roofzuchtige en angstaanjagende verdwijnt uit hun karakter en hun gedrag. Evenzo het wanstaltige en afzichtelijke uit hun gestalte. De oorspronkelijke aard en originele vorm keert terug. Alle dieren zullen het groene kruid weer tot spijze hebben­. Zo schept God hen in den beginne (Gen.1:30). Tot die orde herschept Jezus hen in het duizendjarig vrederijk. Wolf en lam zullen samen weiden, een leeuw en een rund eten beide stro en een slang zal zich voeden met stof. Niemand doet kwaad, niemand sticht onheil op heel mijn heilige berg, zegt de Heer (Jes.65:25 NBV).

 

 

Planten

 

Voor de plantenwereld geldt hetzelfde: Doornstruiken maken plaats voor cipressen, distels voor mirtestruiken. Zo zal de Heer Zich roem verwerven, het is een eeuwig en onvergankelijk teken (Jes.55: 13 NBV). De oorspronkelijke glorie van het paradijs en de wereld vóór de zondvloed keert terug. Ongezonde mutanten van planten en dieren sterven uit. Genetisch gemanipuleerde soorten eveneens. Ziekteverwekkers verdwijnen uit de atmosfeer. Hetzelfde geldt voor alle gedegenereerde vormen van leven, zoals virussen. De hele levende natuur gaat weer beantwoorden aan de goddelijke normen.

 

 

Levenloze natuur

 

Jezus herschept niet alleen de levende natuur. Ook de levenloze natuur ondergaat de heilzame werking vanuit Gods Koninkrijk. Al eerder spraken we over het terugzetten van de aarde in zijn oorspronkelijke stand en het herstel van het uitspansel, waardoor het oorspronkelijke, paradijselijke klimaat op aarde terugkeert. Jezus herstelt alle verwoestingen en vervormingen die de machten der duisternis tijdens de zondvloed op aarde aanbrengen, laat de goddelijke orde en regelmaat terugkeren in alle delen van de schepping en brengt het hele milieu op orde zonder moeizame klimaatconferenties en actievoerende milieugroeperingen.

Extreme weersomstandigheden blijven voortaan uit. Hitte en droogte komen niet meer voor. Evenals stormen, orkanen, stortregens, overstromingen, aard- en zeebevingen, vloedgolven, vulkaanuitbarstingen en elk ander natuurgeweld. Poolkappen en ijsvlakten smelten. Onvruchtbare woestijnen en ondoordringbare oerwouden verdwijnen. Evenals de woeste berggebieden met hun hoge bergtoppen en de ‘eindeloze’ oceanen met hun diepe troggen. De hele aarde wordt weer bewoonbaar gemaakt, geschikt gemaakt voor het realiseren van Gods plan met mensen.

 

 

Perfecte natuur in het Vredesrijk

 

 

 

Vernieuwen

 

Jezus maakt alle dingen nieuw (Op.21:7) samen met zijn gemeente. Naar het woord van de profeet: Zie, Ik schep een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Wat er vroeger was raakt in vergetelheid, het komt niemand ooit nog voor de geest. Er zal alleen maar blijdschap zijn en groot gejuich om wat Ik schep. Ik herschep Jeruzalem in een jubelende stad en schenk haar bevolking vreugde. Geen geween of geweeklaag wordt daar nog gehoord. Zij zullen, met heel hun nageslacht, een volk zijn dat door de Heer is gezegend. Ik zal hun antwoorden nog voor ze Mij roepen, Ik zal hen verhoren terwijl ze nog spreken. Wolf en lam zullen samen weiden, een leeuw en een rund eten beide stro en een slang zal zich voeden met stof. Niemand doet kwaad, niemand sticht onheil op heel mijn heilige berg (uit Jes 65:17-25 NBV).

De eerste hemel en de eerste aarde gaan voorbij. De nieuwe hemel en de nieuwe aarde komen te voorschijn (Op.21:1-2). Jezus geeft de aarde een nieuw gelaat (Ps.104:30 NBV). Hij maakt haar vol van kennis des Heren (Jes.11:9).

 

 

Motivatie

 

Laat je motiveren door dit heerlijke toekomstbeeld. Geef Jezus gelegenheid om hier en nu zijn werk in jou te doen. Om zijn gemeente toe te rusten voor de tijd die komt. Beleef nu reeds het doorgaande herstel in eigen leven, opdat de wederoprichting aller dingen gestalte krijgt. Vertrouw je aan Hem toe. Volg Hem, waar Hij ook heen gaat. Hij is onze leidsman en de voleinder van het geloof. Glorie voor Jezus Christus, onze Heer!

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Vierendertigste miniatuur : dertiende visioen van het eerste boek

Standaard

categorie : Hildegard von Bingen

.

.

Museum – Hildegard von Bingen

.

Vierendertigste miniatuur: Dertiende visioen van het eerste boek

.

Scivias%20T%2034_Boek%20III,12

.

Miniatuur 34 toont ons de glorieuze hiërarchie der zaligen, als God Zijn uiteindelijke overwinning openbaart. Alle onderdelen kennen we terug uit de vorige miniaturen; de kunstenaar heeft hier voor de laatste maal zijn gave tot het componeren van figuren en kleuren kunnen uitvieren.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

JOHN ASTRIA

Gods beloften in de Bijbel : deel 30, 31, 32 en 33

Standaard

categorie : religie

.

De beloften van God

.

Welke zijn voor mij?

.

Zijn er manieren om erachter te komen welke beloften van God voor ons vandaag gelden? Er staan honderden beloften in de Bijbel. Hoe kunnen we weten welke algemene beloften voor ons allemaal gelden, en welke specifieke beloften voor een specifiek persoon zijn?

1 Johannes 1:9 is een geweldig voorbeeld van een algemene belofte: “Maar als we het aan God vertellen als we verkeerd hebben gedaan en Hem om vergeving vragen, dan vergeeft Hij ons. Dan wast Hij ons weer schoon van elke ongehoorzaamheid, zoals Hij heeft beloofd.”

Deze belofte is een algemene belofte aan alle gelovigen. Een voorbeeld van een meer specifieke belofte staat in 1 Koningen 9:5, waar wordt geschreven aan Koning Salomo: “… dan zal Ik ervoor zorgen dat altijd één van jouw zonen koning van Israël zal zijn.”Door de context te bestuderen is het duidelijk dat de belofte gedaan wordt aan koning Salomo.

.

.

.

.

Richtlijnen om te onthouden:

    • – Bestudeer de context.
    • – Is het een voorwaardelijke belofte? Kijk of het woord ‘als’ in de context staat.
    • – God geeft ons beloften om ons te helpen ons te onderwerpen aan Zijn wil; niet om Zichzelf te buigen naar onze wil.
             – Ga er niet van uit dat je kunt weten wanneer de belofte vervuld zal worden.

.

Welke zijn er zoal?

.

Hieronder staan enkele beloften die te maken hebben met het dagelijkse leven van een christen:

Matteüs 11:28-29 – “Kom naar Mij als je moe bent. Kom naar Mij als je gebogen gaat onder het gewicht van je problemen! Ik zal je rust geven. Doe wat Ik je zeg. Leer van Mij. Want Ik ben vriendelijk en geduldig en bescheiden. Daarom zul je bij Mij innerlijke rust vinden.”

Filippenzen 4:19 – “Mijn God zal jullie in alles overvloedig geven wat jullie nodig hebben. Want Hij geeft overvloedig omdat Hij Zelf overvloedig bezit. Hij geeft ons in Jezus Christus van zijn rijkdom.”

Romeinen 10:9 – “Want als je met je mond hardop zegt dat Jezus de Heer is, en met je hart gelooft dat God Hem uit de dood heeft teruggeroepen en levend heeft gemaakt, ben je gered.”

Romeinen 6:23 – “Het kwaad brengt altijd de dood: het is je loon voor wat je hebt gedaan. Maar de liefdevolle goedheid van God geeft een geschenk: het eeuwige leven, door onze Heer Jezus Christus.”

1 Korintiërs 10:13 – “Maar als je in de verleiding komt om iets verkeerds te doen, bedenk dan dit. Geen één verleiding is zó groot, dat je er niet tegenop zou kunnen. Want God laat je nooit in de steek. Hij zal niet toestaan dat je het zó moeilijk krijgt, dat je het niet meer aankan. Want Hij zal, als er verleidingen komen, ook voor de oplossing zorgen. Daardoor zul je sterk genoeg zijn om de juiste beslissingen te nemen.”

Johannes 10:10 – “Maar een dief komt alleen maar om te stelen en te doden en te vernietigen. Ik ben gekomen om leven te geven en overvloed.”

1 Johannes 1:9 – “Maar als we het aan God vertellen als we verkeerd hebben gedaan en Hem om vergeving vragen, dan vergeeft Hij ons. Dan wast Hij ons weer schoon van elke ongehoorzaamheid, zoals Hij heeft beloofd.”

.

.

.

.

Waarom zijn ze belangrijk?

.

De beloften van God zijn een gesproken of geschreven toezegging. Als God zegt dat Hij iets zal doen, dan doet Hij het ook. Als God zegt dat Hij iets niet zal doen, dan houdt Hij zich ook daar aan. Jozua 21:45 zegt: “Alles wat de Heer aan het volk Israël had beloofd, heeft Hij ook gedaan. Er is niets wat Hij niet gedaan heeft.”

.

.

God doet twee soorten beloften

.

De onvoorwaardelijke beloften – Dit zijn beloften die gedaan worden zonder enige voorwaarde.

De voorwaardelijke beloften – Deze soort beloften houden bepaalde kwalificaties of vereisten in. Daarom is het belangrijk om de context van een belofte te begrijpen. Het is niet verstandig om er zomaar een belofte uit te pikken en die ons toe te eigenen. Misschien was dat juist een voorwaardelijke belofte en kunnen we niet aan de eisen voldoen.

.

.

.

.

30 Gods beloften om door God geleerd te worden 

.

Ps 25:99 Ootmoedigen doet Hij wandelen in het recht, en Hij leert ootmoedigen zijn weg.

Ps.32:8 Ik leer en onderwijs u aangaande de weg die gij gaan moet; Ik raad u; mijn oog is op u.

Ps.86:11 Leer mij, Here, uw weg, opdat ik in uw waarheid wandele; verenig mijn hart om uw naam te vrezen.

Ps.143:10 Leer mij uw wil te doen, want Gij zijt mijn God, uw goede Geest geleide mij in een effen land.

Ezech.36:25 Ik zal rein water over u sprengen, en gij zult rein worden; van al uw onreinheden en van al uw afgoden zal Ik u reinigen; 26 een nieuw hart zal Ik u geven en een nieuwe geest in uw binnenste; het hart van steen zal Ik uit uw lichaam verwijderen en Ik zal u een hart van vlees geven. 27 Mijn Geest zal Ik in uw binnenste geven en maken, dat gij naar mijn inzettingen wandelt en naarstig mijn verordeningen onderhoudt.

Matt.11:29 neemt mijn juk op u en leert van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart, en gij zult rust vinden voor uw zielen.

Joh.6:45 Er is geschreven in de profeten: En zij zullen allen door God geleerd zijn. Een ieder, die het van de Vader gehoord en geleerd heeft, komt tot Mij.

Joh.14:26 maar de Trooster, de Heilige Geest, die de Vader zenden zal in mijn naam, die zal u alles leren en u te binnen brengen al wat Ik u gezegd heb.

1 Thess.4:9 Over de broederliefde is het niet nodig u te schrijven; immers, gij hebt zelf van God geleerd elkander lief te hebben.

1 Joh.2:27 En wat u betreft, de zalving, die gij van Hem ontvangen hebt, blijft op u, en gij hebt niet van node, dat iemand u lere; maar, gelijk zijn zalving u leert over alle dingen, en waarachtig is en geen leugen, blijft in Hem, gelijk zij u geleerd heeft.

.

.

31 Gods beloften in benauwdheid, moeite en verdrukking 

.

Rom.8:35 Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus? Verdrukking of benauwdheid, of vervolging of honger, of naaktheid, of gevaar, of het zwaard? 36 Gelijk geschreven staat: Om Uwentwil worden wij de ganse dag gedood, wij zijn gerekend als slachtschapen. 37 Maar in dit alles zijn wij meer dan overwinnaars door Hem, die ons heeft liefgehad. 38 Want ik ben verzekerd, dat noch dood noch leven, noch engelen noch machten, noch heden noch toekomst, noch krachten, 39 noch hoogte noch diepte, noch enig ander schepsel ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods, welke is in Christus Jezus, onze Here.

.

.

32 Gods beloften van volkomenheid 

.

1 Petr.5:10 Doch de God van alle genade, die u in Christus geroepen heeft tot zijn eeuwige heerlijkheid, Hij zal u, na een korte tijd van lijden, volmaken, bevestigen, sterken en grondvesten.

.

.

33 Gods beloften voor openbaring 

.

Jer.33:2 Zo zegt de Here, die dat doet, de Here, die dat formeert, om het in vervulling te doen gaan, wiens naam Here is: 3 Roep tot Mij en Ik zal u antwoorden en u grote, ondoorgrondelijke dingen verkondigen, waarvan gij niet weet.

Dan.10:12 En hij zeide tot mij: Vrees niet, Daniël, want van de eerste dag af, dat gij uw hart erop gezet hadt om inzicht te verkrijgen en om u voor uw God te verootmoedigen, zijn uw woorden gehoord, en ik ben gekomen op uw woorden.

1 Kor.2:9 Maar, gelijk geschreven staat: Wat geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en wat in geen mensenhart is opgekomen, al wat God heeft bereid voor degenen, die Hem liefhebben. 10 Want óns heeft God het geopenbaard door de Geest.

Matt.5:8 Zalig de reinen van hart, want zij zullen God zien.

Efeze 1:17 opdat de God van onze Here Jezus Christus, de Vader der heerlijkheid, u geve de Geest van wijsheid en van openbaring om Hem recht te kennen: 18 verlichte ogen [uws] harten, zodat gij weet, welke hoop zijn roeping wekt, hoe rijk de heerlijkheid is zijner erfenis bij de heiligen.

.

.

.

.

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

De celestijnse belofte ; 2de inzicht

Standaard

categorie : reiki en de aura

.

.

De celestijnse belofte is een boek  van James Redfield. Op een eenvoudige manier en in een pakkende verhaallijn weet hij de basis van energiewerk zoals reiki uit te leggen. Als je het verhaal eraf haalt blijft een zeer overzichtelijke opbouw over hoe energie zich laat opbouwen en hoe je hiermee kunt werken. Het geheel beslaat 11 inzichten.

.

.

slide_29

.

.

1 – toeval
2 – kerk en wetenschap
3 – energiegericht denken
4 – de strijd om energie
5 – ontvankelijk worden voor de universele energie
6 – karakterstructuren
7 – transformatie
8 – intuïtie
9 – de toekomst
10 – het reïncarnatieproces
11 – alles is energie

Alle inzichten moet je begrijpen, maar ook voelen en ervaren. Het is geen theoretisch aanneembaar stuk, het moet echt gevoelsmatig binnenkomen. De verdere inzichten kan je pas ten volle begrijpen als je de voorgaande inzichten begrijpt, voelt en ervaart.

.

2e inzicht – kerk en wetenschap

.

Als we kijken naar deze geschiedenis, dan moeten we terug naar de middeleeuwse kerk. Deze kerk was de samenvoeging van spiritualiteit, macht, wetenschap en de rechtelijke macht. Dit gaf de mens duidelijkheid. Er werd verteld dat er een opperwezen was die voor iedereen zorgde en dat was genoeg wetenschap voor de burger.

Maar de combinatie spiritualiteit en wetenschap werd hoe langer hoe meer een onhoudbare combinatie. De Kerk had namelijk statements over de aarde als middelpunt van het heelal die wetenschappelijk onhoudbaar waren.

Aan het begin van de renaissance ontstond er een langzame splitsing tussen kerk en wetenschap met dien verstande dat deze wetenschap geen onderzoek zou doen naar de relatie tussen mens en God, engelen, wonderen, paranormale verschijnselen en andere aspecten die als domein van de godsdienst en dus de kerk golden.

De vroege wetenschap ging zich zodoende toeleggen op de materiële wereld. De ontdekkingen kwamen snel en werden toegelegd op natuurkunde, scheikunde, wiskunde en andere abstracte deelgebieden. Nieuwe technologieën werden gevonden en energiebronnen ontdekt. De industriële revolutie kwam op gang en de mens werd in kaart gebracht en kon beter gemaakt worden door medicijnen.

De kerk moest geleidelijk inboeten en de oude afspraak tussen kerk en wetenschap begon scheuren te vertonen. Vooral de medische wetenschap had hier een sterke invloed op. De mens raakte zijn zekerheid in zijn herkomst en zijn ware aard kwijt en kreeg daar een wetenschappelijke zekerheid voor terug. De spiritualiteit van de kerk is teruggebracht tot een eenmalig zondagse bijeenkomst wat binnen de christelijke kringen meer een moeten dan een willen is.

.

wetenschappelijke (on)zekerheid

.

Deze wetenschappelijke zekerheid werd geleidelijk obsessief. Het weten werd, en is nu nog steeds, belangrijker dan het voelen. Alles moet bewijsbaar en meetbaar en herhaalbaar zijn. Dezelfde wetenschap, die eerst voor een nieuwe zekerheid zorgde, was midden de  20e eeuw tevens de bron van een grote onzekerheid.

De natuurkunde (Einstein) kwam terug op eerdere uitspraken dat  het universum materialistisch is. Er waren bewijzen en ideeën van ingewikkelde energievelden en -patronen, tijd en ruimte waren niet meer lineair, en eenzelfde elementair deeltje kon op 2 plaatsen tegelijk zijn.

Tegelijkertijd werden atoomwapens uitgevonden en begon de wapenwedloop. Ook kwamen de eerste berichten dat de industriële revolutie ook zijn nadelen had op mens en milieu. De zekerheid die de mens eerst bij de kerk had en later bij de wetenschap bleek een schijnwerkelijkheid.

.

terugkeer naar het spirituele

.

Deze schijnwerkelijkheid resulteerde dat de mens opnieuw op zoek ging naar een nieuwe werkelijkheid. De ervaring leerde dat deze niet gevonden kon worden in de dogmatische kerk en ook niet in de wetenschap. En zo ontstond er in de jaren ’60 en ’70 van de 20e eeuw een variatie van stromingen welke ‘new-age’ en ‘alternatief’ genoemd werd.

Het accent dat bij het 1e inzicht genoemd werd “kritische massa” is ook hier van belang. Pas als een bepaalde groepsgrootte met spiritualiteit bezig is zal het kunnen evalueren. Het 2e inzicht legt dus de nadruk op de terugkeer naar het spirituele. Dat kunnen we nu ook plaatsen omdat de toevalligheden uit het 1e inzicht geen toevalligheden meer zijn maar intuïties die lessen herbergen.

Nu we ons open stellen voor deze intuïtie en ook kennis hebben dat we ons niet kunnen vertrouwen op datgene  wat anderen beweren (kerk, dogma’s en wetenschap) moeten we wel in onszelf gaan zoeken naar de antwoorden.

Dit klinkt logisch, maar is moeilijk. We zijn enorm gebonden aan fundamentele overtuigingen, verwachtingspatronen, structuren, rationele argumentatie, weten in plaats van voelen, regels en orde. Vanuit dat besef leven en handelen we voornamelijk en dit blokkeert de intuïtie. Het loslaten van deze blokkades is het werkterrein van het 2e inzicht.

.

aandachtspunten bij het 2e inzicht

.

wat ik graag wil veranderen is…
ik zou graag meer…
ik blijf maar denken aan…
over een jaar zou ik graag…
ik zou het heerlijk vinden als ik…
waarom zie ik het dan niet ?

.

.

.

voorpagina openbaring a4

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

God schiep de Maya’s

Standaard

categorie : religie

.

.

ec819cccc0130b5adeceea1b20c3e592 (1)

.

.

Met arendsogen speuren wij naar wat onze voorouders geloofden en wat ons tot op vandaag met hen verbindt.


Darío Caal Xi

.

De Maya’s zijn Gods eigen schepping. Als volk, als man en vrouw zijn wij door hem geschapen. Wij zijn deel van zijn lichaam, de tenen van zijn voeten, de vingers van zijn handen. God heeft ons gemaakt, hij is de Schepper en Vormgever. Als mannen en vrouwen werken wij met God mee; samen vervolmaken wij de schepping.

Ons leven is beweging en actie. Samen met anderen spannen wij ons in. Ons zweet valt op de aarde. Wij bewerken de grond tot we blaren op onze handen hebben. Ons werk, onze gedachten en woorden vormen een eenheid. Ons leven is zinvol en gelukkig wanneer er harmonie bestaat tussen de beweging van onze handen en ons hart.

De aarde is onze moeder. Zij voedt ons, beschermt ons en houdt ons in leven. Op de aarde is onze hoop gesteld. Talloze broeders en zusters, oude mannen en kinderen, volwassenen en jongeren hebben de aarde bewerkt, haar liefgehad en verdedigd. Hun inspanningen, hun zweet en bloed hebben de aarde tot onze aarde gemaakt.

Ons leven en onze spiritualiteit vinden hun oorsprong in de blijdschap. Blijdschap bij het zaaien van de maïs, wanneer de eerste plantjes opkomen, bij de oogst en bij het eten van de jonge maïs. Blijdschap wanneer een kind geboren wordt of wanneer een kind opgroeit en zelf aan het werk gaat. Blijdschap wanneer we nieuwe grond ontginnen of een nieuw huis bouwen. De blijdschap die we beleven aan onze dieren. De vreugde die we ondervinden bij het gemeenschappelijk werk voor ons dorp of ons volk.

Wij zijn een volk met een eigen geschiedenis. Wij zijn de vrucht van de ervaringen en inspanningen van onze voorouders. Wij geloven in onze eigen scheppende kracht, die zijn wortels heeft in onze eeuwenoude Maya-cultuur.

Onze cultuur is een cultuur van het leven. Wij voelen ons verbonden met de hemel en de aarde, met alle mannen en vrouwen, met God die Vader en Moeder is. Door ons werk herscheppen wij het aangezicht van Moeder Aarde. Door middel van symbolen zoeken wij gemeenschap met alles wat bestaat. Wij ervaren God op onze eigen Maya-wijze.

Onze cultuur vormt ons en voedt ons op. Onze cultuur verschaft ons medicijnen voor onze gezondheid. Wij leven in gemeenschap. Door te delen zijn wij rijk, door onze eenheid staan wij sterk bij conflicten.

Wij geloven in de God van het leven die recht zal verschaffen. Hij zal een einde maken aan honger en ellende, aan onrecht en ongelijkheid, aan bedrog, discriminatie en uitbuiting. Voor de Maya’s bestaat de zonde erin dat wij de Schepper en Vormgever beledigen, dat wil zeggen, dat wij ons afsluiten voor Hart van de Hemel, Hart van de Aarde. Elke scheiding tussen woord en daad, tussen gedachte en werk is bedrog en verbreekt het evenwicht. Onze idealen zijn goedheid, vrede, geluk, blijdschap, gemeenschapszin en vrijheid.

Voor ons is politiek dienst aan de gemeenschap. Wie dient, heeft gezag. De dienst bestaat in concrete actie tegen alles wat ons als persoon of als volk bedreigt. Wie dient, is trouw en houdt zich aan zijn woord. De wijze oude mannen en vrouwen zijn onze gids, omdat zij zijn gevormd in de harde leerschool van het leven. Dienstbaarheid van mannen en vrouwen en van heel ons volk hoort tot het wezen van ons bestaan.

Het juiste evenwicht in de wereld en in het leven van ieder mens is de vrucht van onze gezamenlijk inspanning. Harmonie kenmerkt ook het leven van God zelf. Al onze menselijke verlangens stemmen wij af op Gods eigen hart.

.

.

Afbeelding (15)

éénheid van man en vrouw

pasteltekening van John Astria

.

.

Een mens is nooit alleen, wij zijn altijd een paar. Omdat wij een paar zijn is er nieuw leven mogelijk, is er geschiedenis, vindt er verandering plaats, zijn wij gemeenschap en volk. Als paar, als man en vrouw, hebben wij eerbied voor elkaar en beminnen wij elkaar.

Personen, families en volken kunnen alleen maar bestaan wanneer er wederkerigheid is tussen man en vrouw, tussen hemel en aarde, de mens en de schepping. Wederkerigheid tussen God en mens, tussen vaders en moeders, grootouders en kleinkinderen, ouders en kinderen, tussen water en vuur, zon en maan, wind en bergen, maïs en regen, tussen zaaien en oogsten.

Man en vrouw zijn samen als een boom die leven geeft. “Ik kijk naar jou en jij kijkt naar mij; ik zorg voor jou en jij zorgt voor mij, zodat wij samen groeien. Ik geef jou schaduw en jij geeft mij schaduw. Alleen samen zijn wij compleet. Samen zijn wij een boom; wij hebben hetzelfde vlees en bloed, dezelfde wortels, dezelfde tronk, dezelfde takken en bladeren. Alleen samen brengen wij bloesem en vruchten voort.”

Wij zijn deel van de schepping, van de wereld, van de kosmos. Vader Zon beschermt ons, geeft ons licht, warmte en gezondheid. Grootmoeder Maan ontvangt ons wanneer wij geboren worden en ons eigen licht ontstoken wordt. De maan is het symbool van de oude mannen en vrouwen die ons met wijsheid richting geven. Onze Vader Regen verwekt het leven door Moeder Aarde te bevruchten. De regen is een zegen van God.

Moeder Aarde is het symbool van de vruchtbaarheid en van het heilige karakter van iedere vrouw. In haar schoot worden wij gevormd; zij voedt ons, zij geeft ons beschutting. Op de aarde lopen wij, zij is onze woonplaats. Moeder Aarde is heilig omdat zij ons leven geeft. Wanneer wij sterven, keren wij naar haar terug. Als maïskorrels worden wij in Moeder Aarde gezaaid. Liefdevol neemt zij ons op, in haar rusten wij. Moeder Aarde is Gods eigen gezicht.

Moeder Water zuivert ons, geeft ons leven en gezondheid. Het water is het bloed van Moeder Aarde. Vader Vuur is het symbool van verbondenheid en eenheid binnen de gemeenschap. Vuur nodigt uit onze ervaringen met elkaar te delen. Vuur brengt ons samen en wijst ons de weg. Vader Wind geeft ons levenskracht. Wind is beweging en adem. In de wind klinkt ons lachen en ons schreien. Wind is kracht en actie; wind bemiddelt tussen God en mens.

Moeder Maïs is ons voedsel, het leven dat door onze aders stroomt. De maïs is heilig; zij is als een moeder die haar leven geeft voor haar kinderen. Onze vaders en moeders de bergen zijn de plek waar God aanwezig is, daar treden wij met hem in contact. De bergen zijn het aangezicht van de aarde; op de bergen ervaren wij Gods eigen vrede en rust. De bergen beschermen ons; bij alles wat wij ondernemen zijn zij onze getuigen.

Wij mensen horen bij elkaar, hoe verschillend wij ook zijn. Alleen samen zijn wij vruchtbaar. In gemeenschap werken wij, vieren wij feest, beleven wij ons geloof. Samen vormen wij de tijd, samen trekken wij voort tot de dageraad aanbreekt.

Wij zijn zonen en dochters van God, die Vader en Moeder is. God is het Hart van de Hemel, het Hart van de Aarde. Aan God behoren de dag en de nacht, de bergen en de dalen, alle dieren en ook wijzelf. God is het hart van het water, van de zee en van de rivieren. God is onze oorsprong, de eigenaar van alles wat dichtbij en veraf is. God is een heilige Vader en een heilige Moeder, het middelpunt van de gemeenschap en van de vier hoeken van de wereld. God leeft en waakt zonder ophouden over ons. God is de bron van alle leven.

Onze gebeden richten zich spontaan tot God wanneer wij de dageraad aanschouwen of de ondergang van de zon, wanneer wij een berg bestijgen of de aarde bewerken, bij het zien van de bloemen en de vruchten die de aarde voortbrengt. God eren wij met muziek en zang, met dansen en met feesten. Tot God bidden wij om maïs, grond en water. Hem vragen wij kracht om als volk te groeien en onze cultuur te verdedigen. Onze Maya-priesters en zieners, onze ouderen en vroedvrouwen gaan ons daarbij voor

De vier hoeken van de wereld zijn het huis dat wij bewonen. Daar groeien wij op en bewegen wij ons; het is de ruimte waar wij lachen en huilen. Op de wereld worden wij geboren, op de wereld sterven wij. De wereld is heilig, want hij is doordrongen van het leven van God. De wereld is het middelpunt, het begin van de weg die ons naar God zelf voert.

Wij zijn verbonden met alle volken, in het oosten en het westen, in het noorden en het zuiden. Wij zijn het leven van wie reeds gestorven zijn, wij zijn de dood van wie na ons komen. Wij verenigen in ons verleden, heden en toekomst. De dood is een deel van ons leven; door de dood worden de levenden en de voorouders met elkaar verbonden.

Ook al sterven wij, wij leven voort in onze kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen. De doden zijn vertrokken, maar zij zijn niet weg; wij zetten hun bestaan voort. In de dood ervaren wij de eenheid van levenden en doden. Daarom verandert ons verdriet om de dood in vreugde. Wij huilen om het leven omdat het ons zo dierbaar is.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 John Astria

John Astria

Hoe is de Kabbala ontstaan?

Standaard

categorie : religie

 

 

.

Met de tweeëntwintig letters van het alfabet heeft God de wereld gecreëerd. Elke combinatie van letters is een formule. Zoals chemische symbolen de samenstelling van een stof uitdrukken. Of het nu om concrete voorwerpen of onbenoembare krachten gaat.
– uit: De Kabbalist

 

kabbala-1

.

 

De Legende

.

Volgens de legende begint de geschiedenis van de Kabbala bij Adam. God zou Adam alle geheimen van de Schepping en het universum onthuld hebben. Deze onthullingen gingen verloren door de zondeval van Adam en Eva.

De tweede keer dat God zijn geheimen onthulde was aan Abraham die ze mondeling doorgaf aan zijn zoon Isaac. Isaac gaf ze door aan zijn zoon Jacob en die gaf ze weer door aan zijn zoon Jozef. Maar Jozef verzuimde de kennis door te geven en nam de geheimen mee in zijn graf.

God onthulde voor een derde keer zijn geheimen aan Mozes op de berg Sinaai. Behalve de geschreven wet (de Thora, waaronder ook de tien geboden) gaf God ook de mondelinge onthullingen aan Mozes, uitsluitend bestemd voor ingewijden.

De kabbalistische kennis is gebaseerd op de geheime leer die Mozes mondeling ontving. Mozes wordt dan ook als de eerste kabbalist beschouwd.

 

.

De vroegste sporen

.

Tussen de derde en zesde eeuw voor Christus circuleert er een manuscript, Sefer Yetzirah (Het boek van de Creatie), waarvan de auteur onbekend is. Het is slechts enkele bladzijden lang maar wordt als één van de oudste en belangwekkendste kabbala teksten beschouwd. De auteur onthult de diepere lagen van het Bijbelboek Genesis. Hij stelt dat de schepping op twee verschillende niveaus heeft plaatsgevonden.

Op het niveau van ‘een concept’ en het niveau van ‘de fysieke manifestatie van dat concept’. God had een idee en toen maakte hij dat idee tot realiteit. Het proces om van idee tot realiteit te komen onthult alle basisprincipes zoals die in het hele universum in elk leven werken.

Dit manuscript beschrijft voor het eerst de kabbala basisbegrippen zoals Sefirot (de tien eigenschappen of krachten van God) en de diepere betekenis van het Hebreeuwse alfabet. In de interactie tussen die tien eigenschappen en de tweeëntwintig letters werd alles in het universum gecreëerd. Het zijn de bouwstenen van het heelal. Het boek legt uit dat wie deze 32 elementen werkelijk kent en hun proces begrijpt, de formules kan creëren om te scheppen zoals God.

 

.

sefirot

sefirot

 

.

Pythagoras

.

Deze theorie is nauw verwant met de ideeën van de filosoof en wiskundige Pythagoras. Niet zo verwonderlijk; van Pythagoras is bekend dat hij tijdens zijn jeugdige rondreizen in Babylon les kreeg van de Joodse profeten Daniël en Ezechiël.

Pythagoras ging er van uit dat het universum kon terug gebracht worden tot wiskundige formules. De genetische code en de nummering van de chemische elementen zijn verwant aan de numerologische opvattingen die de Kabbala bestudeert.

 

.

pythagoras-and-the-pythagorean-theorem-1-728

 

 

Akiva

.

Rond het jaar 40 staat een nieuwe grote kabbalist op. Akiva, een extreem nederige man, die tot zijn 30ste niet schrijven kon en daarom les ging volgen te midden van schooljongetjes. Hij studeerde twaalf jaar lang en vond de code die in de Bijbel verborgen zat. Elk woord, elke letter, zelfs de vorm van de letters verborg een geheime, diepere betekenis, ontdekte hij.

In de eeuwen die volgden leefde de kabbala een sluimerend bestaan. De nieuwe ontdekte geheimen werden van generatie op generatie mondeling doorgegeven door de aller wijste rabbijnen. Het duurde tot de Middeleeuwen voor de Kabbala tot volledige bloei kwam.

 

akiva

 

.

Isaac de Blinde

 

Rond 1150 dook er in Frankrijk een manuscript op, Sefer Ha Bahir (Het boek der Glans), dat beschouwd wordt als de eerste officiële kabbalistische tekst. Het boek geeft een mystieke interpretatie van de Bijbel. Dit boek werd nauwgezet bestudeerd door Isaac de blinde, de eerste man die de naam ‘kabbala’ verbond aan de mystieke leer.

Hij ontwikkelde een theorie, gebaseerd op het boek Genesis, hoe de tien eigenschappen van God het universum creëerden. Het is verbazingwekkend hoe deze theorie bijna als een blauwdruk geldt voor de huidige, wetenschappelijke big bang theorie.

Isaac de Blinde toont ook aan hoe de mens een manifestatie is van goddelijke energie in de fysieke wereld. De Thora, stelde hij, was de sleutel tot de ontraadseling van deze geheimen. In de Thora had God een boodschap voor de mens verborgen over de aard en het wezen van het leven en het universum. De ideeën van Isaac de Blinde verspreidden zich over Europa en vooral in Spanje.

.

de-jose-ribera-der-blinde-isaak-segnet-jacob-08388

 

.

De Zohar

.

In 1280 wordt uiteindelijk de Bijbel van de kabbalisten gepubliceerd, de Zohar, Het boek der Schittering. Daar waar de Bijbel een fysiek beeld schetst van hoe de wereld gecreëerd werd, gluurt de Zohar tussen de kieren van het theatergordijn om ‘de grote tovenaar’ in actie te zien.

“Het boek der schittering” of ‘Pracht’. Het is een commentaar op de Thora geschreven in Aramees en Hebreeuws. Het beschrijft de wandeltochten van vier rabbijnen (waarvan Sjimon bar Jochaj de belangrijkste is) die onderweg inzichten aan elkaar onthullen over de geheimen van de Thora.

Het boek bevat mystieke discussies over de schepping van de mens, de aard van goed en kwaad en hoe onze daden de bestemming van onze ziel beïnvloeden. Andere onderwerpen zijn de natuur van God, het ontstaan en de structuur van het universum, de eigenschappen van zielen, zonde, berouw, verlossing enzovoort.

Het eerste deel van het boek bestaat uit allegorieën over de natuur en het zielenleven. Het tweede deel onderzoekt de eigenschappen van God, de wereld en de ziel. In het laatste deel heeft bar Jochaj een conversatie met Mozes over de geheimen van de tien geboden.

De basisgedachte is dat alles met alles verband houdt. Niets gebeurt toevallig. Alles is oorzaak en gevolg en er is voortdurend een immense interactie tussen alle onderdelen van het universum. De schepping is een ononderbroken proces in plaats van een eenmalige gebeurtenis in het verleden.

 

 

200px-zohar

 

.

De auteur van de Zohar

.

Zoals bij vele kabbalistische werken is ook van de Zohar het auteurschap omstreden. De persoon die men als auteur beschouwde, Moshe de Leon, ontkende dat hij het boek geschreven had. De Leon beweerde dat het boek in de 2de eeuw na Christus geschreven werd door het hoofdpersonage van de Zohar, Sjimon bar Jochaj.

De Leon beweerde dat het manuscript eeuwenlang verborgen was in een grot in de buurt van Tsfat waar het uiteindelijk door een kabbalist gevonden werd en zo na omzwervingen bij De Leon in Spanje was terecht gekomen. Maar de man van wie De Leon het manuscript gekregen zou hebben, was dood, en kon dus niet om bevestiging worden gevraagd.

Een leerling van deze kabbalist ontkende dat zijn meester dit manuscript ooit in zijn bezit had. De Leon inviteerde de leerling om bij hem thuis naar het manuscript te komen kijken. Maar nog voor ze zijn huis bereikten, stierf De Leon. De weduwe van De Leon ontkende dat haar man een dergelijk oud manuscript in huis zou hebben gehad. Ze zei dat hij het zélf geschreven had, jarenlang, nacht na nacht. Volgens haar had hij het verhaal van Sjimon bar Jochaj verzonnen om zijn werk meer gezag te geven.

Tot op heden is dit raadsel niet opgelost al gaan de meeste geleerden ervan uit dat De Leon de vermoedelijke auteur en samensteller is van de Zohar. Diverse kabbala centra werken aan een integrale vertaling van dit omvangrijke werk.

 

moshe-de-leon

 

.

Tsfat

.

Deze generatie was uitverkoren om de schijnbaar mystieke Kabbala te vertalen, begrijpbaar en concreet te maken. Daarna zou dit krachtige extract nog enkele honderden jaren rijpen vooraleer het grote massa’s in vervoering zou brengen. Pas in de eenentwintigste eeuw van hun jaartelling had Sjimon Bar Jochaj geschreven, zou de Kabbala de zielen van miljoenen mensen in vuur en vlam zetten.

Rond de helft van de 16de eeuw kwam de Kabbala tot grote bloei. Het brandpunt van alle ontwikkeling was een onooglijk bergstadje in Noord Galilea, vlakbij het meer van Tiberias; Tsfat.

Tsfat werd bevolkt door kabbalisten die gevlucht waren uit alle streken van Europa waar Joden vervolgd werden, vooral uit Spanje. Al snel ontstonden er maar liefst 21 synagogen en 18 kabbalascholen in Tsfat.

Algemeen werd Cordovero erkend als de grootste kabbalist van Tsfat. Cordovero had zich omringd met een kring van mannen die de hoogste morele eisen aan zichzelf stelden. Ze brachten hun dagen door in contemplatie en het interpreteren van kabbalistische teksten, vooral de Zohar. Cordovero had een feilloos instinct om uit alle kabbalistische geschriften die bestonden het kaf van het koren te scheiden.

Daaruit distilleerde hij de zuivere grondbeginselen van de kabbala. Hij stierf op 48 jarige leeftijd en de legende wil dat bij zijn begrafenis een zuil van vuur van zijn graf naar de hemel steeg. Cordovero werd opgevolgd door Itschak Luria. Luria verdiepte de inzichten van Cordovero, verklaarde ze en had een kennis die, naar men zei, het goddelijke benaderde.

Hij was de eerste die de kabbala praktisch toepasbaar maakte in het leven van alledag. Luria zelf schreef bijna niets gedurende zijn leven. Hij gaf de exclusieve toestemming aan Chaim Vital om zijn geheime leer op te schrijven.

 

tsfatisrael

 

.

Newton

.

Hij wilde de auteur van de Bijbel naar de kroon steken.
Hij wilde God worden.
Maar God had zijn boek al geschreven.

.

Honderd jaar na de dood van Itschak Luria kwamen de geschriften van Chaim Vital in het bezit van Knorr van Rosenroth en Francis van Helmont. Zij besloten deze teksten, alsook grote gedeeltes van de Zohar, te vertalen.

De Vlaming Francis van Helmont, een arts, werd door de Engelse gravin Anne Finch uitgenodigd op haar landgoed om haar te genezen van migraine. Van Helmont zou vijftien jaar lang op haar kasteel, Ragley Hall, blijven wonen.

De gravin was immers de spil van het Onzichtbare College, een netwerk van Europese kabbalisten en alchemisten, die elkaar ontmoetten op het landgoed. In Ragley Hall werkte Van Helmont verder aan de vertaling van wat het boek “Kabbala Denudata” zou worden; “De Kabbala Ontsluierd”. Het zou een werk van groot gezag worden dat een brug probeerde te slaan tussen de Joodse mystiek en het christendom.

Isaac Newton, ook lid van het Onzichtbare College en regelmatige bezoeker van Ragley Hall, kwam op deze manier in contact met de kabbala. Isaac Newton was een groot bewonderaar van het boek en had uiteraard een exemplaar in zijn bibliotheek.

Zijn exemplaar is bewaard gebleven in de bibliotheek van de universiteit van Cambridge. Dr Seth Pancoast schreef: “Newton ontdekte de wet van de aantrekking en afstoting dankzij zijn studie van de kabbala”.

Van Helmont bleef tot Finch’s dood op haar landgoed Ragley Hall wonen. Hij schreef verder onder meer het boek The Alphabet of Nature waarin hij aantoonde dat het Hebreeuws de oertaal van de mensheid was omdat de letters precies correspondeerden met de natuurlijke positie van de spreekorganen.

 

newton

 

 

 

Vandaag de dag

.

De theorieën van Luria, opgeschreven door Chaim Vital, vormen de basis en inspiratie van de kabbala zoals die vandaag bestudeerd wordt. Maar de Kabbala ontwikkelt zich nog elke dag. De Kabbala onthult zichzelf iedere keer weer opnieuw met nieuwe inzichten in elk tijdperk.

Zo onthulde het boek “De Bijbelcode” uit 1997 de code die de Joodse hoogleraar in de wiskunde, Eliyahu Rips, ontdekt had. Hij plaatste de 5 boeken van de Thora in een computerprogramma en ontdekte dat alle grote gebeurtenissen uit de menselijke geschiedenis als in een cryptogram verborgen zaten in de code. Van de moord op Rabin, tot de aanslagen van 11 september, tot en met alle belangrijke personen die ooit geleefd hebben met hun belangrijkste werken.

Ook Isaac Newton onderzocht trouwens op zijn manier deze code die de wereldgeschiedenis voorspelde. Hij deed dit aan de hand van het bouwplan in het Bijbelboek Ezechiel van de Tempel van Salomo.

De voorspelling dat de kabbala in deze tijd grote groepen mensen zou raken, is in elk geval uitgekomen. Pionierswerk is hierin verricht door het Amerikaanse Kabbalah Center die een manier ontwikkelden om de hermetische kabbala toegankelijk en begrijpelijk te maken voor iedereen.

Maar werkelijk bekend werd de kabbala pas toen Madonna deze eeuwenoude mystieke leer ging bestuderen. Miljoenen mensen over de hele wereld bestuderen inmiddels de kabbala. Op Madonna’s vorige CD Confessions on a dancefloor, zong zij het lied Isaac.

 

.

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

 

Wat is het Christendom?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

het-symbool-van-het-christendom-11209247

 

.

 

Ontstaan

.

Het christendom is ontstaan binnen de Joodse geloofsgemeenschap als een opwekkingsbeweging die zich verzette tegen het al te wettische karakter van het toenmalige Jodendom. De Essenen zochten het eerder in de afzondering, zoals ook Johannes de Doper dit deed. Het is waarschijnlijk dat er bepaalde lijnen liepen van de Essenen via Johannes de Doper naar de eerste Christengemeenschap. De bezetting door de Romeinen was een andere reden dat het erg gistte in de toenmalige Joodse gemeenschap en de roep om de komst van de Messias sterk gevoeld werd.

 

 

.

Stichter

.

Jezus werd geboren uit betrekkelijk arme ouders, bleef ongehuwd en zocht op zijn dertigste levensjaar de openbaarheid op om zijn opvattingen over de Joodse leer duidelijk te maken. Reeds na drie jaar kwam er een einde aan zijn actieve leven en werd hij bewust vernederend ter dood gebracht. Met Jezus van Nazareth treedt een man naar voren die zich enerzijds zeer aan de Joodse gebruiken wilde houden maar anderzijds nadrukkelijk en soms zelfs provocerend de vrijheid nam daar ter wille van de naaste van af te wijken.

 

 

Jezus Christus, de Verlosser

 

Pasteltekening van John Astria

 

.

 

Maria Domina Animarum

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Zijn volgelingen (waarvan hij er een twaalftal tot apostel had benoemd) meldden na zijn dood de verschijning van hun Heer en kwamen daarbij tot het besef dat Hij met hen voortleefde. Na een enerverende bijeenkomst (Pinksteren) waarbij ook zijn moeder Maria aanwezig was, trad de groep voor het eerst zelfbewust naar buiten. Vanaf dat moment is er sprake van Jezus als de Christus (= de Messias in het Hebreeuws).

.

 

 

God en goden

.

Er is één God, sinds het voorbeeldgebed van Jezus (het ‘Onze Vader’) ook ‘de Vader’ genoemd. God de Vader, Gods Zoon (Jezus) en de Heilige Geest vormen theologisch gesproken een Drie-eenheid. De Zoon wordt ook aangesproken als ‘de Messias’ en ‘de Heer’. Jezus kan worden opgevat als de incarnatie van God (de Vader), vandaar de ‘mensgeworden Zoon’.

.

 

De Drieëenheid

De Drieëenheid

 

 

 

De schriften

.

Het christendom erkent dezelfde boeken als het Jodendom als geopenbaard (het Oude testament) maar heeft daarnaast een eigen deel (het Nieuwe Testament), bestaande uit de vier Evangeliën, de Handelingen der Apostelen, de Brieven en de Apocalyps (of het Boek der Openbaring). De Handelingen en de brieven zijn de oudste delen van het Nieuwe testament en werden ca 60 jaar na de dood van Jezus geschreven. Drie van de vier evangeliën (Markus, Matheus en Lukas) gaan terug op eenzelfde bron, het evangelie van Johannus is wat later ontstaan en staat wat apart.

 

.

038596c0-ff0c-012d-2d67-0050569428b1testament

.

 

De door de kerk erkende boeken staan bekend als de ‘Canon’. Vooral in de begintijd is er veel discussie geweest over welke boeken er nu wel en niet bij hoorden en zijn er grote kerkvergaderingen (concilies) aan te pas moeten komen om knopen door te hakken. Mede naar aanleiding van de ontdekking van de Dode Zee rollen is er vrij recent is er een nieuwe belangstelling ontstaan voor de niet-canonieke boeken (als het Thomas-evangelie).

 

 

Leer

.

Terwijl de gelovige Jood nog uitziet naar de Messias is Hij voor de christen al gekomen in de persoon van Jezus van Nazareth. De (vele) voorschriften van de Joodse wet zoals de reinheidsvoorschriften en de besnijdenis zijn niet overgenomen. De leer wijkt op hoofdpunten verder niet sterk af van de Joodse leer.

Er ligt minder nadruk op beloning en straf (zeker in de Reformatorische richtingen waar het ‘Alléén uit genade’ geldt) en er is meer aandacht voor de Wederopstanding dan in het Jodendom.
Het heil staat principieel voor alle mensen en volkeren open en moet tot aan het einde der aarde verkondigd worden.

 

 

Leefregels

.

Net als in het Jodendom vormen de Tien Geboden de basisregels maar ligt er een groter accent op het principe ‘Bemin God en je naaste zoals je zelf’. Het ‘Oog om oog, tand om tand’ heeft niet het laatste woord. De actieve naastenliefde krijgt een grotere plaats. De Bergrede van Jezus met de twaalf zaligsprekingen (Zalig zij die …) plaatst het ideaal op een hoger niveau.

.

 

De 10 geboden maken de kerk met de mens

 

Pasteltekening van John Astria

.

 

 

Richtingen

.

Reeds vanaf het eerste begin kende de christenen bepaalde stromingen. Zo was er al direct het verschil van mening of de uit de heidenen afkomstige christenen zich nu wel of niet aan de joodse wet dienden te houden. Toen de groep zich eenmaal als kerk gevormd had, deden zich allerlei nieuwe geschilpunten voor (Gnostici, Katharen, Arianen waren ooit belangrijke minderheidsgroepen binnen het christendom maar deze namen hebben nu nog slechts een historische betekenis).

De scheuring van de Kerk in 1051 in een westers Katholiek en een oosters Orthodox gedeelte was eerder politiek dan leerstellig van aard. Hetzelfde geldt voor de afscheiding van de Anglicaanse kerk in 1538 (een gevolg van een huwelijkskwestie van de al getrouwde koning Hendrik VIII).

Heel anders lag de situatie rond de Reformatie, die in eerste instantie een reactie was op de mistoestanden in de r.k.kerk maar die tevens op aantal punten een duidelijk breuk betekende met de moederkerk (afwijzing van een aantal sacramenten als biecht en priesterschap, afwijzing van de éénhoofdige leiding). De oecumenische beweging tracht de kerken en groeperingen weer dichter bij elkaar te brengen. De nationale en niet-r.k.kerken hebben zich sinds 1948 verenigd in de Wereldraad van Kerken.

 

 

Feesten en eredienst

.

Pasen, het centrale feest van de Christenheid, de opstanding van de Heer. Aangezien Jezus aan de vooravond van het Joodse Paasfeest (Pesach) werd gekruisigd, zijn beide feesten historisch met elkaar verbonden.
Pinksteren valt 40 dagen na Pasen en is de herdenking van het eerste openbare optreden van de leerlingen (en daarmee in zeker opzicht het begin van de christelijke kerk).
Kerstmis (in de westelijke kerken) en Epifanie= ‘Drie Koningen’ (in de Orthodoxe kerken) gedenken beide de symbolische bekendmaking van de geboorte (aan respectievelijk de herders en de wijzen uit het oosten).
Hemelvaart, de laatste verschijning van de Heer.
Allerheiligen (1 nov.) een feest dat in veel kerken wordt gevierd (niet in de protestante kerken).
Hervormingsdag (31 okt.) in een aantal protestante kerken.

In de eredienst van de orthodoxe en katholieke kerken ligt de nadruk veelal op de eucharistie (viering laatste avondmaal, vroeger ook ‘de Mis’ geheten). In de protestantse kerken ligt de nadruk op de woorddienst en is een avondmaalsviering eerder uitzondering dan regel.

 

.

Pasen

Pasen

 

 

Pinksteren

Pinksteren

 

 

Kerstmis

Kerstmis

 

 

Hemelvaart

Hemelvaart

 

 

Hervormingsdag

Hervormingsdag

 

 

Allerheiligen

Allerheiligen

 

 

 

Enkele teksten uit het Nieuwe testament

.

  • Bij het zien van al die mensen ging Hij de berg op. Toen Hij gezeten was, kwamen zijn leerlingen bij hem. Hij nam het woord en en begon hen in zijn leer te onderrichten: Zalig zijn de armen van geest, want aan hen behoort het Koninkrijk der hemelen. Zalig die treuren want zij zullen getroost worden. Zalig de zachtmoedigen want zij zullen het land bezitten. Zalig zij die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid want zij zullen verzadigd worden. Zalig zij de barmhartigen, want zij zullen barmhartigheid ondervinden. Zalig zij de zuiveren van hart want zij zullen God zien” (uit het Evangelie volgens Matheus).
  • Als gij bidt, gebruik dan geen omhaal van woorden zoals de heidenen doen…Gij moet daarom zo bidden: ‘Onze Vader in de hemel. Uw naam worde geheiligd. Uw koninkrijk kome. Uw wil geschiedde op aarde zoals in de hemel. Geef ons heden ons dagelijks brood. En vergeef ons onze schuld zoals ook wij aan anderen hun schuld vergeven. En leidt ons niet in bekoring maar verlos ons van het kwaad”(idem uit Matheus).
  • Is God soms alleen een God van de Joden en niet van de heidenen? Nee, ook van de Heidenen want er is slechts één God, die zowel de joden als de niet-joden zal rechtvaardigen door het geloof. Betekent dit dat ik mij van het geloof bedien om de (joodse) wet buiten werking te stellen? Integendeel, ik laat de wet juist tot haar recht komen” (brief Paulus aan de Romeinen).

 

.

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 John Astria

John Astria

De diepere betekenis van cijfers in de Bijbel

Standaard

Categorie: religie

 

 

 

 

 

De symbolische betekenis van getallen in de Bijbel

 

In de verhalen van de Bijbel komen cijfers en getallen voor. Er wordt in veel verhalen geteld. De getallen en cijfers in het Oude en Nieuwe Testament van de Bijbel hebben soms een heel letterlijke en concrete betekenis, maar tegelijkertijd kunnen deze cijfers ook een symbolische, diepere betekenis hebben. Door het gebruik van getallen en cijfers hebben de Bijbelschrijvers een boodschap uit willen dragen. Tellen in de Bijbel heeft te maken met geloven. Getallen die veel gebruikt worden door de Bijbelschrijvers hebben hun eigen diepere betekenis voor de gelovigen.

 

 

De diepere betekenis van cijfers in de Bijbel

 

Veel getallen en cijfers die in de Bijbel voorkomen hebben een symbolische betekenis. Ze verwijzen naar een diepere geloofswerkelijkheid. Elk getal heeft zijn eigen betekenis.

 

 

Het getal één – 1

 

Het getal één is een kernwoord uit de geloofsbelijdenis van het volk van Israël: ‘Luister, Israël! De HEERE, onze God, de HEERE is één!’ (Deutoronomium 6: 4). In het getal één wordt de volmaaktheid en uniciteit van God benadrukt. Ook voor de apostel Paulus is het duidelijk dat God één is. Bij hem krijgt de eenheid van God ook gestalte in Jezus Christus. In de brief die hij schrijft aan Timoteüs staat: ‘Want er is één God. Er is ook één Middelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus’ (1 Timoteüs 2:5). In de brief aan de gemeente van Efeze schrijft Paulus: ‘één lichaam en één Geest, zoals u ook geroepen bent tot één hoop van uw roeping, één Heere, één geloof, één doop, één God en Vader van allen’ (Efeze 4: 4-6).

 

 

Het getal twee – 2

 

Het getal twee duidt op gemeenschap. Het is een aanduiding van het paarsgewijs voorkomen. Het getal twee is het symbool van de eenheid tussen twee mensen. Deze eenheid is te zien in het huwelijk, waarin in twee tot één worden: ‘Daarom zal een man zijn vader en zijn moeder verlaten en zich aan zijn vrouw hechten; en die twee zullen tot één vlees zijn, zodat zij niet meer twee zijn, maar één vlees’ (Marcus 10: 7-8). Twee is dan het getal van het contrast en de aanvulling: zon en maan, man en vrouw, dag en nacht, de dieren in de ark twee aan twee. Jezus zendt zijn leerlingen er paarsgewijs op uit om het Koninkrijk van God te verkondigen: ‘En Hij riep de twaalf bij Zich en begon hen twee aan twee uit te zenden’ (Marcus 6:7). Het getal twee komt ongeveer 564 keer voor in de Bijbel. Dat is het aantal verzen waarin het getal twee wordt genoemd. Het kan zijn dat dit getal hoger uitkomt, omdat bijvoorbeeld het getal twee meerdere malen gebruikt wordt in een Bijbelvers. Twee duidt ook in de Bijbel op getuigenis!

 

 

Het twee maal noemen van de naam

 

Op verscheidene plaatsen in de Bijbel wordt de naam van een persoon twee keer achter elkaar genoemd. Als dat gebeurt duidt dat een bijzondere roeping op een cruciaal moment aan. Toen Abraham zijn hand uitstrekte om zijn zoon met het mes te doden om hem zo te offeren, greep God in door het twee maal noemen van zijn naam: ‘Maar de Engel van de HEERE riep tot hem vanuit de hemel en zei: Abraham, Abraham!’ (Genesis 22:11). Mozes werd geroepen bij de brandende doornstruik: ‘Toen de HEERE zag dat hij ging kijken, riep God tot hem uit het midden van de doornstruik en zei: Mozes, Mozes!’ (Exodus 3: 6). Zo werd de naam geroepen van Samuël (1 Samuel 3:10), Martha (Lucas 10:41), Simon (Lucas 22:31) en Saul: ‘Saul, Saul, waarom vervolgt u Mij?’ (Handelingen 22:7).

 

 

 

Het getal drie – 3

 

Het getal drie wordt in de Bijbel op drie verschillende manieren gebruikt: als telwoord, als tijdsaanduiding en in de drievoudige herhaling als stijlfiguur. Als telwoord komt het getal drie het meest voor. Drie is het getal dat verwijst naar de drie personen die in God te onderscheiden zijn: de Drie-eenheid. Deze drie personen, Vader, Zoon en Heilige Geest noemt Jezus als hij zijn leerlingen uitzendt: ‘Ga dan heen, onderwijs al de volken, hen dopend in de Naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest’ (Matteüs 28:19). Het getal drie komt 305 keer voor in de Bijbel.

 

 

De kracht van de drievoud

 

In Prediker 4:12 staat: ‘En als iemand de één overweldigt, zullen die twee tegen hem standhouden. Een drievoudig snoer wordt niet snel gebroken’. Deze kracht van het drievoudige wordt in de Bijbel veelvuldig toegepast: ‘En nu blijven geloof, hoop en liefde, deze drie’ (1 Korinthe 13: 13). ‘Want drie zijn er die getuigen in de hemel: de Vader, het Woord en de Heilige Geest; en deze drie zijn één. En drie zijn er die getuigen op de aarde: de Geest, het water en het bloed; en deze drie zijn één’ (1 Johannes 5: 7,8). Met enige regelmaat komen er in de Bijbel groepen van drie personen genoemd: de drie zonen van Noach, de drie goddelijke bezoekers bij Abraham, de drie vrienden van Job, de drie vrienden in de brandende oven (Daniël 3).

 

 

 

De derde dag

 

In de derde dag wordt het getal drie gebruikt als tijdsaanduiding. De derde dag is in de Bijbel de dag van de ommekeer. Het is een bijzondere dag. Een dag waarop ‘het’ gaat gebeuren. De derde scheppingsdag was de enige scheppingsdag waarop God tweemaal zag dat het goed was (Genesis 1: 9-12). De derde dag is de dag waarop Abraham aankomt op de plaats om zijn zoon te offeren (Genesis 22:4). De derde dag is in de Bijbel de dag van het definitieve. Dan wordt een periode van wachten afgerond. Alles wordt dan ten goede gekeerd. De derde dag is de dag van de opstanding. ‘Na twee dagen zal Hij ons levend maken, op de derde dag zal Hij ons doen opstaan. Dan zullen wij voor Zijn aangezicht leven´ (Hosea 6:2). Jezus is op de derde dag opgestaan uit de dood. ‘Hij is ten derde dage opgewekt naar de Schriften’ (1 Korinthe 15:4).

Jezus heeft het zelf veelvuldig over die derde dag gehad (Matteüs 16:21, Matteüs 17:23, Matteüs 20:19, Lucas 9:22, Lucas 18:33). Hij verwijst daarin bijvoorbeeld naar de profeet Jona (Matteüs 12:39). ‘Jona was drie dagen en drie nachten in het binnenste van de vis’ (Jona 1: 17)’. Verder was het de derde dag dat Jezus in Kana van water wijn maakte (Johannes 2:1). Jezus zei: ´en op de derde dag word Ik voleindigd´ (Lucas 13:32). Paulus vast nadat Jezus hem verscheen toen op weg naar Damascus was. ‘En gedurende drie dagen kon hij niet zien, en at en dronk hij niet’ (Handelingen 9:9). Op de derde dag komt de voltooiing, de vervulling. De derde dag is in de Bijbel de dag der dagen.

 

 

 

De drievoudige herhaling als stijlfiguur

 

In de Bijbel komen vaak herhalingen voor. Herhalingen komen in de Bijbel vaker voor dan in moderne literatuur. Deze herhalingen kunnen soms wel eens saai overkomen, maar ze zijn wel van betekenis. In het verhaal van de roeping van Samuël wordt de jonge Samuël drie keer door God geroepen. De eerste twee keer gaat Samuël naar Eli. De derde keer luistert Samuël naar God (1 Samuël 3). Een ander voorbeeld is Bileam. Hij is op reis om het volk Israël te vervloeken. De ezelin waarop hij rijdt wil niet naar hem luisteren omdat zij een engel op de weg ziet. De eerste twee keer slaat Bileam de ezelin zodat zij verder gaat. De derde keer gaat het anders: ‘Toen opende de HEERE de mond van de ezelin en ze zei tegen Bileam: Wat heb ik u misdaan, dat u mij nu driemaal geslagen hebt?’ (Numeri 22:28).

Net als bij de derde dag is het bij de drievoudige herhaling de derde keer dat de omslag komt. Na drie keer Jezus te hebben verzocht in de woestijn laat de duivel hem met rust (Matteüs 4: 1-11, Lucas 4: 1-13). Jezus bad in de tuin Gethsemané drie keer of het lijden aan hem voorbij mocht gaan, daarna wist hij zeker welke weg God met hem wilde gaan (Matteüs 26:30, 36-46, Marcus 14:26, 32-42, Lucas 22:39-46). Nadat Petrus Jezus drie maal verloochende, kraaide de haan (Johannes 13:38; 18:26, 27). De stadhouder Pontius Pilatus verklaart drie keer dat Jezus onschuldig is (Johannes 18:38, 19: 4, 6). Jezus vraagt na zijn opstanding drie keer aan Petrus of hij van Hem houdt (Johannes 21:15 en verder). Petrus krijgt drie maal het zelfde visioen (Handelingen 10:9-16).

 

 

Het getal vier – 4

 

Vier is het getal dat verwijst naar volkomenheid en wereldwijde boodschap. In de joodse traditie wordt de naam van God met vier letters weergegeven, het tetragram ‘JHWH’. Vier wijst naar de vier windrichtingen, de vier evangeliën. In het Bijbelboek Daniël komen vier dieren voor die verwijzen naar vier perioden in de wereldgeschiedenis. ‘Die grote dieren, die vier in getal zijn, zijn vier koningen’ (Daniël 7:17). Deze vier dieren zijn door de vroege kerk ook verbonden met de vier evangelisten, Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes. Het getal vier wordt door de Bijbelschrijvers 177 keer gebruikt.

 

 

Het getal vijf – 5

 

Het getal vijf zou kunnen verwijzen naar de vijf boeken van Mozes, de Thora. De vijf broden en twee vissen (Johannes 6:1-15) die bij de wonderbaarlijke spijziging de mensen tot voedsel is, kan verwijzen naar de vijf boeken van Mozes en de twee stenen tafelen waar de Wet op geschreven staat. Het getal vijf wordt in de oudheid in verbinding gebracht met het huwelijk. De bruid en de bruidegom namen elk vijf vrienden mee naar het feest. Wellicht verwijst deze symboliek ook naar de gelijkenis van de vijf wijze en de vijf dwaze meisjes (Matteüs 25: 1-13). Het getal vijf komt in de Bijbel 131 keer voor.

 

 

Het getal zes – 6

 

Het getal zes staat symbool voor de mens als een onvolmaaktheid wezen. Zes staat in de Bijbel ook voor moeite en arbeid. God schiep de aarde in zes dagen (Genesis 1). In de tien geboden krijgt de mens de opdracht op zes dagen te werken. ‘Zes dagen zult u arbeiden en al uw werk doen’ (Exodus 20: 9). Of zoals in het evangelie van Lucas staat: ‘Er zijn zes dagen waarop men moet werken’ (Lucas 13: 14). De onvolmaaktheid van de mens in het getal zes komt ten volle tot uitdrukking in het Bijbelboek Openbaring. Daar krijgt Johannes een visioen waar in het gaat over het beest: ‘Wie verstand heeft, laat hij het getal van het beest berekenen, want het is een getal van een mens, en zijn getal is zeshonderdzesenzestig’ (Openbaring 13:18). Het getal van het beest is drie zessen naast elkaar: 666. Het getal zes komt in de Bijbel 92 keer voor.

 

 

 

 

 

Het getal zeven – 7

 

Het getal zeven speelt een belangrijke rol in de Bijbel. Het getal zeven is een heilig getal. Het staat voor de volmaaktheid van Gods handelen: de zeven dagen van scheppingsweek (Genesis 1-2:3), de zeven dagen die er in een week zijn (Exodus 20: 15, Leviticus 23: 8). De zevende dag is heilig. Het is een dag voor gewijd aan God. Het zevende jaar is heilig en na zeven maal zeven jaar is er een jubeljaar (Leviticus 25: 7-13). Het feest van de ongezuurde broden duurt zeven dagen: ‘Eet zeven dagen lang ongedesemd brood, en vier op de zevende dag feest ter ere van de HEER’ (Exodus 13:6). Zeven is het aantal van de reine dieren die in de ark van Noach meegaan (Genesis 7: 2-9).

Simson de richter had zeven vlechten en hij liet zich boeien met zeven pezen (Rechters 16). Johannes krijgt als hij op Patmos is van Jezus de opdracht om zeven zendbrieven te schrijven (Openbaring 2-3). In datzelfde boek wordt gesproken over ‘de zeven Geesten, Die voor Zijn troon zijn’ (Openbaring 1: 4). Het getal zeven komt veelvuldig voor in het boek Openbaring. Zo schrijft Johannes over zeven engelen, zeven zegels, zeven bazuinen, zeven schalen, zeven plagen. Johannes ziet Jezus als het lam van God met zeven horens en zeven ogen (Openbaring 5:6-10) Veel van wat in de Bijbel zevenvoudig wordt voorgesteld is heilig en heeft een bijzondere betekenis. Het getal zeven komt vaak voor in de Bijbel: 294 keer.

 

 

Het getal acht – 8

 

In het licht van het voorgaande getal zeven, heeft het getal acht vaak een letterlijke betekenis. In het bijzonder als de dag na een belangrijke periode van zeven dagen is de achtste dag, de dag van de overgang tussen de geheiligde tijd en het normale gewone leven, de dagelijkse realiteit. Op de achtste dag na de geboorte moet een zoon besneden worden: ‘Elk kind bij u van acht dagen oud, al wie mannelijk is, moet besneden worden, al uw generaties door’ (Genesis 17: 12). Voor runderen en kleinvee geldt dat ze zeven dagen bij hun moeder mogen blijven. ‘Op de achtste dag moet u ze Mij geven’ (Exodus 22: 10). In de wetten voor de reiniging van de melaatsheid moet er op de achtste dag een offer worden gebracht (Leviticus 14: 10, 23). De achtste dag is een dag van heiliging: ‘Zij begonnen met het heiligen op de eerste dag van de eerste maand; op de achtste dag van de maand kwamen zij in de voorhal van de HEERE. Zij heiligden het huis van de HEERE in acht dagen, en op de zestiende dag van de eerste maand waren zij klaar’ (2 Kronieken 29: 17). Het getal acht wordt in de Bijbel 155 keer gebruikt.

 

 

Het getal negen – 9

 

Het getal negen heeft in de Bijbel nauwelijks een symbolische betekenis. Het komt in de hele Bijbel maar vijftien keer voor.

 

 

Het getal tien – 10

 

Het getal tien neem in de Bijbel een bijzondere plek in. Het is de som van drie en zeven, beide bijzondere getallen in de Bijbel. Het getal tien staat voor wet, veelheid, compleetheid en perfectie. God gaf tien geboden, de decaloog (Exodus 20:1-17, Deuteronomium 5: 6-21). Egypte kreeg tien plagen te verduren (Exodus 7 – 12). Verder zijn er verhalen over de tien maagden (Matteüs 25:1-13), de tien melaatsen (Lucas 17: 11-19), de vrouw met de tien penningen (Lucas 15: 8-10) of de herder met de tien keer tien, honderd schapen (Lucas 15: 4). Het getal tien komt 146 keer voor in de Bijbel.

 

 

Het getal elf – 11

 

Elf is twaalf min een. Elf staat voor het tekort. Het Bijbelse ideaal is twaalf. De elf zijn de leerlingen van Jezus als Judas, die Jezus verraden had, ontbreekt (Matteüs 28: 16, Lucas 24: 9, 33, Handelingen 1: 13). Het getal elf komt maar 19 keer voor in de Bijbel.

 

 

Het getal twaalf – 12

 

Het getal twaalf staat veelvuldig in de Bijbel en staat voor perfect bestuur onder de leiding van God. Het volk van God, Israël, is verdeeld in twaalf stammen. Als er in de Bijbel een twaalftal voorkomt, dan verwijst dit vaak naar de twaalf stammen van Israël. Bijvoorbeeld de twaalf opgerichte stenen (Jozua 4: 8), de twaalf stenen op het borstschild van de hogepriester (Exodus 28: 21), twaalf runderen (Numeri 7: 3). De twaalf stammen worden weerspiegeld in de twaalf discipelen van Jezus. Jezus kon beschikken over twaalf legioenen engelen (Matteüs 26: 53). Na de wonderbaarlijke spijziging raapten ze ‘het overschot van de stukken brood op, twaalf manden vol’ (Matteüs 14: 20).

In de toekomstige nieuwe wereld, beschreven in het Bijbelboek Openbaring, is het getal twaalf ook veel aanwezig: twaalf poorten van het nieuwe Jeruzalem met de twaalf namen van de twaalf stammen (Openbaring 21: 12), twaalf fundamenten met de namen van de twaalf apostelen (Openbaring 21: 14), de boom des levens die twaalf maal per jaar vrucht draag (Openbaring 22: 2). In het Bijbelboek Openbaring wordt het getal twaalf ook gebruikt om de volmaakte voltalligheid aan te duiden: twaalf maal twaalf maal duizend. Dit getal 144000 komt twee keer voor in Openbaring. In Openbaringen 7 vers 3 tot 8 worden deze 144000 genoemd als de twaalf stammen van Israël, uit elke stam twaalfduizend. Het getal twaalf komt 149 keer voor in de Bijbel.

 

 

 

 

 

Het getal vijftien – 15

 

Vijftien is product van drie en vijf. Het getal vijftien verwijst in de Bijbel vaak naar handelingen van God die Hij doet door zijn genade. God beschermde Noach en de zijnen door de ark werd door de zondvloed vijftien el hoger dan de bergen te brengen (Genesis 7:20). Koning Hizkia kreeg vijftien jaar uitstel van dood (2 Koningen 20: 6). Door het kloeke optreden van koningin Ester werden de joden op de vijftiende dag van de maand van de dood verlost (Ester 9: 18, 21). Op de vijftiende dag van de eerste maand werd het feest van de ongezuurde broden gevierd (Leviticus 23: 6). Op de vijftiende dag van de zevende maand vieren de joden het Loofhuttenfeest (Leviticus 23: 34). Het getal vijftien komt in de Bijbel 15 keer voor.

 

 

Het getal veertig – 40

 

Het getal veertig heeft voornamelijk een symbolische betekenis als het gebruikt wordt als tijdsaanduiding. Bij het verhaal over de zondvloed regent het veertig dagen en veertig nachten (Genesis 7: 4, 12, 17). Veertig jaar zwerft het volk van God door de woestijn (Deuteronomium 29: 5, Handelingen 7: 23-36). Veertig dagen, veertig jaar, is een aanduiding voor een crisis, een tijd van boetedoening, een tijd van bezinning, vasten of beproeving. De Filistijn Goliath daagt veertig dagen lang het leger van koning Saul uit (1 Samuël 17: 16). De boodschap van de profeet Jona aan de goddeloze stad Nineve was kort maar krachtig: ‘Nog veertig dagen, dan wordt Nineve weggevaagd!’ (Jona 3:4). Jezus verbleef veertig dagen in de woestijn (Marcus 1: 13; Matteüs 4: 2; Lucas 4: 1). In 83 verzen van de Bijbel komt het getal veertig voor. In sommige verzen, waarin het gaat over ‘veertig dagen en veertig nachten’, wordt veertig wel twee keer per vers gebruikt.

 

 

Het getal tweeënveertig – 42

 

Tweeënveertig is het product van zeven en zes. Zeven staat voor de heiligheid en volmaaktheid van God en zes voor de onvolmaaktheid van de mens. Tweeënveertig wordt in de Bijbel gebruikt waar deze twee elkaar raken, in elkaar overgaan of als straf als God of zijn profeet niet eervol worden behandeld. Tweeënveertig geslachten zijn er van de mens Abraham tot Jezus de zoon van God (Matteüs 1: 17). In de getallensymboliek van het geslachtsregister van Jezus presenteert Matteüs de tweeënveertig geslachten als drie keer veertien (twee keer zeven).

 

 

Tweeënveertig en de strijd om de eer van God

 

Het Beest, de Antichrist, de mens die god wil zijn, heerst tweeënveertig maanden over de aarde (Openbaring 13: 5). Slechts een korte tijd duurt zijn heerschappij. Als God overwint is alle eer voor Hem. In de brief van Jacobus staat dat het volk Israël ten tijde van koning Achab op het gebed van Elia drie en een half jaar (= 42 maanden) droogte heeft gekend omdat het volk de Baal diende (Jakobus 5:17 en 1 Koningen 17 en 18). Vanwege deze afgoderij beval Jehu de broers van Achazja te grijpen en te doden. Het ging om tweeënveertig man, en niet één bleef in leven (2 Koningen 10:14). Tweeënveertig staat dan voor de straf voor afgoderij omdat God niet de eer krijgt die Hem toekomt. In het Bijbelboek 2 Koningen 2: 23-25 staat nog een afschuwelijk voorbeeld van straf. Tweeënveertig jonge mannen maken de profeet van God, Elisa, uit voor kaalkop. Elisa vervloekt deze jonge mannen. Vervolgens worden ze allen door twee beren verscheurd. Waarschijnlijk moet hun aantal symbolisch worden geduid. Het getal tweeënveertig komt zes keer in de Bijbel voor.

 

 

Het getal vijftig – 50

 

Het getal vijftig staat voor het jubeljaar. Het jubeljaar was een bijzonder jaar in het Oude Testament. Dit heilige jaar moest de Israëlieten eraan herinneren het land waarin zij woonden en de opbrengst ervan van God zelf was. Het jubeljaar werd na 49 jaar (zeven maal zeven) jaar gevierd ( Leviticus 25 ). Elk vijftigste jaar is een jubel jaar. Het getal vijftig komt 76 keer voor in de Bijbel.

 

 

Vijftig jaar en Abraham zien

 

In het Nieuwe Testament staat dat veel tijdgenoten niet geloofde wat Jezus zei. Als Jezus spreekt over Abraham zeggen ze tegen Hem: ‘U bent nog geen vijftig jaar en hebt U Abraham gezien?’ (Johannes 8: 57). Aan deze tekst is onze traditie van vijftig worden en Abraham (of Sara voor de dames) zien ontleed.

 

 

Het getal vierentachtig – 84

 

Vierentachtig is het product van zeven en twaalf. Beide getallen verwijzen naar volheid en veelvuldigheid. De evangelist schrijft over de kleine Jezus die in de tempel wordt gebracht. Er was daar ook een profetes, Hanna. ‘Ze was hoogbejaard; vanaf haar huwbare leeftijd had ze zeven jaar met haar man geleefd, en ze was nu al vierentachtig jaar weduwe’ (Lucas 2: 36b-37, NBV). Vierentachtig jaar weduwe geeft aan dat ze een zeer lange tijd weduwe was.

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget