Tagarchief: duivel

De wapenuitrusting van God

Standaard

categorie : religie

 

 

 

wapen

 

 

Efeziërs 6:10-18

 

Ten slotte, zoek uw kracht in de Heer, in de kracht van zijn macht. Trek de wapenrusting van God aan om stand te kunnen houden tegen de listen van de duivel. Onze strijd is niet gericht tegen mensen maar tegen hemelse vorsten, de heersers en de machthebbers van de duisternis, tegen de kwade geesten in de hemelsferen.

Neem daarom de wapens van God op om weerstand te kunnen bieden op de dag van het kwaad, om goed voorbereid stand te kunnen houden. Houd stand, met de waarheid als gordel om uw heupen, de gerechtigheid als harnas om uw borst, de inzet voor het evangelie van de vrede als sandalen aan uw voeten, en draag bovenal het geloof als schild waarmee u alle brandende pijlen van hem die het kwaad zelf is kunt doven.

Draag als helm de verlossing en als zwaard de Geest, dat wil zeggen Gods woorden. Laat u bij het bidden leiden door de Geest, iedere keer dat u bidt; blijf waakzaam en bid voortdurend voor alle heiligen.

 

 

alfa en omega

Strijd tegen het kwade

 

pasteltekening van John Astria

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

Satan bestaat echt!

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Het aanbidden van de Mammon, de geldduivel

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 De duivel  bestaat

 

De Bijbel schildert de duivel af als een echte persoon. Alleen kunnen mensen de duivel niet zien, net zomin als ze God kunnen zien. De Bijbel zegt namelijk: „God is een Geest” (Johannes 4: 24). Ook de duivel is een onzichtbare geest. Maar in tegenstelling tot de Schepper heeft de duivel een begin gehad.

 

 

Lang voordat God mensen schiep, had hij een groot aantal geestelijke schepselen gemaakt (Job 38:4, 7). In de bijbel worden deze geesten engelen genoemd (Hebreeën 1:13, 14). God schiep hen allemaal volmaakt, niet één was een duivel of had een slechte eigenschap.

Het woord duivel betekent lasteraar en verwijst dan ook naar iemand die boosaardige leugens over anderen vertelt. Satan betekent tegenstrever of tegenstander. Eén van de volmaakte geestenzonen van God werd Satan de Duivel door toe te geven aan een verkeerd verlangen.

De Bijbel verklaart het proces van ontaarding als volgt: „Een ieder wordt beproefd doordat hij door zijn eigen begeerte meegetrokken en verlokt wordt. Vervolgens baart de begeerte, als ze vruchtbaar is geworden, zonde; de zonde op haar beurt, wanneer volbracht, brengt de dood voort.”  Jakobus 1:14, 15.

Dat is kennelijk wat er gebeurd is. Toen God het eerste mensenpaar, Adam en Eva, schiep, keek de engel die op het punt stond tegen God in opstand te komen oplettend toe. Hij wist dat God Adam en Eva had geboden de aarde te vullen met rechtvaardige mensen, die de Schepper zouden aanbidden (Genesis 1:28).

Deze engel zag zijn kans schoon om eer te behalen en belangrijk te worden. Gedreven door hebzucht hunkerde hij naar wat alleen de Schepper toekomt: de aanbidding van mensen. In plaats van dit onjuiste verlangen te verwerpen, koesterde deze geestenzoon van God het totdat het een leugen en daarna opstand baarde.

De opstandige engel gebruikte een slang om met de eerste vrouw, Eva, te spreken. Hij vroeg aan Eva:

Is het werkelijk zo dat God heeft gezegd dat gij niet van elke boom van de tuin moogt eten?

 

Toen Eva Gods gebod en de straf op het overtreden ervan aanhaalde, zei de slang:

Gij zult volstrekt niet sterven. Want God weet dat nog op de dag dat gij [van de boom die in het midden van de tuin staat] eet, uw ogen stellig geopend zullen worden en gij stellig als God zult zijn, kennend goed en kwaad (Genesis 3:1-5).

 

Met deze woorden beweerde de slang in feite dat God Adam en Eva niet de waarheid had verteld. Door de vrucht van die boom te eten zou Eva zogenaamd net als God worden en het recht hebben om zelf te bepalen wat goed en wat slecht was. Dat was de allereerste leugen. Door te liegen maakte die engel zich tot een lasteraar. Hij werd ook een tegenstander van God. De Bijbel noemt deze vijand van God dan ook de oorspronkelijke slang, die duivel en Satan wordt genoemd. — Openbaring 12:9.

 

 

 

Wees waakzaam

 

De leugen die de duivel Eva vertelde, had precies de beoogde uitwerking. De bijbel zegt:

Dientengevolge zag de vrouw dat de boom goed was tot voedsel en dat hij iets was waarnaar het verlangen der ogen uitging, ja, de boom was begeerlijk om naar te kijken. Zij nam dan van zijn vrucht en ging ervan eten. Daarna gaf zij er ook van aan haar man, toen deze bij haar was, en hij ging ervan eten (Genesis 3:6).

 

Eva geloofde Satan en was God ongehoorzaam. Het lukte haar om ook Adam over te halen Gods wet te overtreden. Zo slaagde de duivel erin het eerste mensenpaar tegen God op te zetten. Van toen af aan heeft Satan een onzichtbare invloed op het doen en laten van mensen uitgeoefend. Met welk doel? Hij wil dat mensen hem gaan aanbidden in plaats van de ware God (Mattheüs 4:8, 9).

De bijbel waarschuwt daarom terecht:

Houdt uw zinnen bij elkaar, weest waakzaam. Uw tegenstander, de duivel, gaat rond als een brullende leeuw, op zoek om iemand te verslinden — 1 Petrus 5:8.

 

De Bijbel schildert de duivel dus heel duidelijk af als een echt bestaand geestelijk wezen — een engel die verdorven en gevaarlijk werd! Om alert te blijven, moeten we om te beginnen erkennen dat hij echt bestaat. Maar onze zinnen bij elkaar houden en waakzaam zijn omvat meer. Het is ook belangrijk dat we niet onwetend zijn van Satans „bedoelingen” en van de manieren waarop hij mensen misleidt (2 Korinthiërs 2:11).

 

 

De duivel als de antichrist of de valse profeet en Christus, de Messias

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De Duivel buit een aangeboren menselijke behoefte uit

 

De duivel observeert mensen al sinds de schepping van de mens. Hij weet hoe de mens in elkaar zit — wat zijn behoeften, interesses en verlangens zijn. Satan beseft heel goed dat de mens geschapen werd met een geestelijke behoefte, en hij heeft die behoefte sluw uitgebuit. Hoe? Door de mensheid te voeden met religieuze onwaarheden (Johannes 8:44).

Veel religieuze leringen over God zijn tegenstrijdig en verwarrend. Veel religieuze leringen zijn specifiek door Satan ontworpen en gebruikt om mensen te misleiden. In feite noemt de Bijbel hem „de god van dit samenstel van dingen”, die de geest van mensen heeft verblind. — 2 Korinthiërs 4:4.

Goddelijke waarheid biedt bescherming tegen religieus bedrog. De Bijbel vergelijkt de waarheid van Gods Woord met de gordel die een soldaat in de oudheid droeg om zijn lendenen te beschermen (Efeziërs 6:14). Als u kennis opdoet van de bijbel en stevig vasthoudt aan de erin vervatte boodschap, alsof die een gordel was, zal Gods Woord u tegen misleiding door religieuze leugens en dwalingen beschermen.

De religiositeit van de mens brengt hem ertoe het onbekende te verkennen. Hierdoor wordt hij blootgesteld aan een andere bedrieglijke list van Satan. De Duivel slaat munt uit de nieuwsgierigheid van mensen naar vreemde en mysterieuze dingen, door spiritisme te gebruiken om velen in zijn macht te krijgen.

Zoals een jager lokaas gebruikt om prooi aan te trekken, werkt Satan met middelen als waarzeggerij, astrologie, hypnotisme, hekserij, handlijnkunde en magie om overal mensen aan te trekken en in de val te lokken. — Leviticus 19:31; Psalm 119:110.

Hoe kunt u zich tegen de valstrik van spiritisme beschermen? Deuteronomium 18:10-12 merkt op:

Er dient onder u niemand te worden gevonden die zijn zoon of zijn dochter door het vuur laat gaan, niemand die aan waarzeggerij doet, geen beoefenaar van magie, noch iemand die voortekens zoekt, noch een tovenaar, noch iemand die anderen door een banspreuk bindt, noch iemand die een geestenmedium of beroepsvoorzegger van gebeurtenissen raadpleegt, noch iemand die de doden ondervraagt. Want iedereen die deze dingen doet, is iets verfoeilijks voor God, en wegens deze verfoeilijkheden verdrijft Jehovah, uw God, hen van voor uw aangezicht.

 

 

 

Satan buit menselijke zwakheden uit

 

Een volmaakte engel werd Satan, de duivel, omdat hij toegaf aan het verlangen naar zelfverheffing. Ook in Eva wekte hij een trots, egoïstisch verlangen op om als God te zijn. Tegenwoordig houdt Satan velen in zijn greep door een gevoel van trots in hen op te wekken. Sommigen voelen zich bijvoorbeeld op grond van hun ras, etnische achtergrond of nationaliteit beter dan anderen. De bijbel verklaart duidelijk:

God heeft uit één mens elke natie van mensen gemaakt. — Handelingen 17:26.

 

Een effectieve verdediging tegen Satans beroep op trots is nederigheid. De Bijbel geeft ons de raad:

Niet meer van onszelf te denken dan nodig is  -(Romeinen 12:3).

God weerstaat de hoogmoedigen, maar hij geeft onverdiende goedheid aan de nederigen  – (Jakobus 4:6).

 

Een andere menselijke zwakheid waar de Duivel maar al te graag misbruik van maakt, is toegeven aan onjuiste zinnelijke verlangens. God wil dat mensen van het leven genieten. Als verlangens binnen de grenzen van Gods wil vervuld worden, leidt dat tot echt geluk.

Satan verlokt mensen ertoe zich op immorele manieren aan hun begeerten over te geven. – (1 Korinthiërs 6:9, 10).

Het is veel beter om onze geest voortdurend te richten op dingen die eerbaar en deugdzaam zijn. – (Filippenzen 4:8).

 

 

De ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Blijf de duivel weerstaan

 

De mens kan de Duivel weerstaan. De Bijbel verzekert ons:

Weerstaat de Duivel en hij zal van u wegvluchten  (Jakobus 4:7).

 

Zelfs als u Satan weerstaat, betekent dat nog niet dat hij het meteen opgeeft en het u, terwijl u kennis van God in u opneemt, nooit meer lastig maakt. Nee, de Duivel zal het nog eens proberen:

Op een andere geschikte tijd   (Lukas 4:13).

 

Maar u hoeft niet bang te zijn voor de Duivel. Als u hem blijft weerstaan, zal het hem niet lukken u van de ware God af te trekken.

Om de Duivel te kunnen weerstaan, moeten we weten wie hij is en hoe hij mensen misleidt, maar ook wat we kunnen doen om ons tegen zijn listen te beschermen. Er is slechts één nauwkeurige bron van die kennis: Gods Woord, de Bijbel.

Besef echter wel dat als u de Bijbel bestudeert, Satan tegenstand of vervolging kan gebruiken om u ervan af te brengen de waarheid uit Gods Woord te leren kennen. Sommigen zouden boos op u kunnen worden omdat u de Bijbel bestudeert, anderen maken u misschien belachelijk.  Zo wil de duivel u ontmoedigen zodat u ermee stopt meer over de ware God te leren.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 

 

De leer van de hel.

Standaard

categorie : religie

 

 

1218128-84455cead62eb36a35cdaa1c9e811740

 

 

Wat is de leer van de hel?

 

De leer van de hel kan als volgt worden samengevat: de hel is de plaats waar de toekomstige bestraffing zal plaatsvinden van de mensen die niet gerechtvaardigd zijn. Het is een plek voor de mensen die Jezus Christus hebben afgewezen. De hel als een plaats van bestraffing wordt vertaald als Gehenna, de Griekse vorm van het Hebreeuwse woord Hinnomdal. In de tijd van Jezus werd het Hinnomdal gebruikt als de vuilstortplaats van Jeruzalem. Al het vuil en afval van de stad werd in het dal gegooid, waaronder ook de dode lichamen van dieren en geëxecuteerde criminelen.

Om dit alles te verwerken, brandde het vuur hier onophoudelijk. Jezus gebruikte deze weerzinwekkende locatie als een symbool voor de hel. Hij zei: ‘Wil jij weten hoe de hel er uitziet? Ga dan maar eens naar de vallei van Gehenna kijken.’ De hel kan dus beschreven worden als Gods kosmische vuilstortplaats. Alles wat niet geschikt is voor de hemel zal in de hel worden gegooid.

Er staan 1850 verzen in het Nieuwe Testament waarin Jezus aan het woord is. In dertien procent van die verzen spreekt Jezus over een eeuwige straf en de hel. Jezus sprak vaker over de hel dan over de hemel! Jezus leert ons dat de hel een werkelijke, letterlijke locatie is. Hij beschrijft het als een plaats waar eeuwig lijden plaatsvindt. Kijk eens naar deze verzen:

 

Matteüs 13:49-50 :

“Zo zal het gaan bij de voltooiing van deze wereld: de engelen zullen erop uittrekken en de kwaadwilligen van de rechtvaardigen scheiden, en ze zullen hen in de vuuroven werpen, waar ze zullen jammeren en knarsetanden.”

 

Lucas 16:22-24:

“Op zekere dag stierf de bedelaar, en hij werd door de engelen weggedragen om aan Abrahams hart te rusten. Ook de rijke stierf en werd begraven. Toen hij in het dodenrijk, waar hij hevig gekweld werd, zijn ogen opsloeg, zag hij in de verte Abraham met Lazarus aan zijn zijde. Hij riep: “Vader Abraham, heb medelijden met mij en stuur Lazarus naar me toe. Laat hem het topje van zijn vinger in water dompelen om mijn tong te verkoelen, want ik lijd pijn in deze vlammen.”

 

2 Tessalonicenzen 1:9 :

“Ze zullen voor eeuwig worden verstoten, ver van de Heer en van zijn kracht en majesteit.”

 

Openbaring 14:10-11:

“Hij zal in vuur en zwavel worden gepijnigd, onder de ogen van de heilige engelen en van het lam. De rook van die pijniging zal opstijgen tot in eeuwigheid. Wie het beest en zijn beeld aanbidden, of wie het merkteken van zijn naam draagt, ze krijgen geen rust, overdag niet en ’s nachts niet.”

 

Openbaring 20:14-15 :

“Toen werden de dood en het dodenrijk in de vuurpoel gegooid. Dit is de tweede dood: de vuurpoel. Wie niet in het boek van het leven bleek te staan werd in de vuurpoel gegooid.”

 

 

image357-300x197

 

 

 

Bestaat de hel echt?

 

 

 De hoofdzaken

 

Mensen over de hele wereld stellen de vraag of de hel echt bestaat. Slechts 31% van alle volwassenen ziet de hel als een werkelijke locatie waar mensen naar toe gestuurd kunnen worden en lichamelijk gepijnigd worden. De leer van de hel is afkomstig uit de Bijbel.

 

 

Waarom werd de hel geschapen?

 

De vraag waarom de hel bestaat, heeft mensen in alle tijdperken al verwonderd. Ontelbare mensen hebben de volgende vraag gesteld: “Als God zo goed is, waarom zou Hij dan een plaats als de hel scheppen?” De hel bestaat omdat sommige mensen er voor kiezen om de verkeerde dingen te doen en daarom gestraft moeten worden.

In het Bijbelse verslag over de schepping, dat in het boek Genesis kan worden gevonden, wordt geen gewag gemaakt van een plaats die de hel wordt genoemd. Alles wat God in deze periode schiep was goed. Maar de Bijbel vertelt ons in Matteüs 25:41 dat de hel later werd voorbereid voor “de duivel en zijn engelen” (zie ook Jesaja 14:12).

God wilde geen hel voor de mens scheppen, het was nooit de bedoeling dat er ook maar één enkele man of vrouw naar de hel zou gaan. In 2 Petrus 3:9 leren we dat God wil dat “iedereen tot inkeer komt en niemand verloren gaat”.

De hel is een werkelijk bestaande plaats. We weten dit uit diverse verzen in de Bijbel, waarvan een aantal door Jezus Zelf werd uitgesproken. En we weten dat de boosaardigen en goddelozen er na hun dood naartoe zullen gaan en dat het leven in de hel vreselijk is. Ook al was de hel oorspronkelijk geschapen voor Satan en zijn gevallen engelen, toch zullen er ook mannen en vrouwen in de hel te vinden zijn.

 

 

Waarom gaan mensen er naartoe?

 

De hel is een plaats die tot in de eeuwigheid van God is afgezonderd. Mensen zullen er na hun dood naartoe gaan, omdat zij er tijdens hun levens op aarde voor gekozen hebben om zichzelf van God af te zonderen. God heeft ons met een vrije wil geschapen zodat wij onze eigen keuzes kunnen maken.

Een leven zonder God is een van die keuzes die wij vrijelijk kunnen maken. Onze vrije wil is een prachtig geschenk van God, omdat Hij ons niet dwingt om van Hem te houden of om Hem te volgen. Zonder onze vrije wil zouden we niets anders zijn dan marionetten of robots, wat God niet zou behagen en onze levens ongetwijfeld niet beter zou maken.

Hoewel God graag wil dat elk mens ervoor kiest om van Hem te houden, kiezen sommige mensen er voor om dit niet te doen. Deze mensen zullen in hun zonden sterven en voor altijd van God afgezonderd worden in de hel. Veel mensen denken dat dit niet eerlijk is en dat een liefdevolle God nooit een dergelijk systeem zou opzetten. Maar juist Gods liefde voor ons en Zijn perfecte rechtvaardigheid vertellen ons waarom de hel bestaat en waarom mannen en vrouwen er voor kiezen om daar naartoe te gaan.

God houdt zo veel van ons dat Hij onze keuzevrijheid respecteert. Als wij ervoor kiezen om niet van Hem te houden, waarom zou Hij ons er dan toe dwingen om eeuwig met Hem in de hemel te leven? Zou een eeuwigheid met iemand waarvan wij niet houden niet ook een hel zijn? God wil de mensen die niet van Hem houden behoeden voor een eeuwig leven met Hem onder Zijn heerschappij.

 

 

Is het een straf voor slechte mensen?

 

Vele mensen geloven dat wij na onze dood niet naar een hemel of een hel gaan, maar gewoon ophouden te bestaan. Dit is een totaal verkeerd beeld van de schepping van God. God laat mensen sterven voor de zonden van de mens maar vernietigt geen enkele ziel.

Gods perfecte rechtvaardigheid vereist dat er een hel is om de boosaardige mensen te straffen die niet tot inkeer zijn gekomen. De mensen maken veel heisa over het feit dat God Liefde is, maar ze vergeten dat Hij – omdat Hij Liefde is – ook Rechtvaardigheid is. Hij eist een oneindige wraak op alle mensen die het dierbare bloed van Christus met voeten treden, het Lam dat werd omgebracht voor alle verloren zondaars sinds het begin van de wereld.

God zou nooit compleet liefdevol zijn als boosdoeners nooit zouden worden gestraft. Hij heeft Zijn Zoon gestuurd om voor onze zonden te sterven. Als wij die verlossing afwijzen en uiteindelijk nooit de boete voor onze overtredingen betalen, is God onrechtvaardig. We hoeven niet van God te verwachten dat Hij mensen, die het vergoten bloed van Christus bespotten, niet zal straffen.

 

 

Worden mensen gedwongen er naartoe te gaan?

 

De hel is een werkelijkheid en God wil graag dat niemand er naartoe gaat. Het is Zijn verlangen dat wij allemaal met Hem in de hemel zullen samenzijn. Maar God kan niet iedereen in de hemel toestaan. De hemel is een perfecte plaats en God is een perfecte God.

Als Hij zondaars in de hemel zou toelaten zonder dat er op de een of andere manier met hun zonden is afgerekend, dan zouden zij door Zijn perfectie worden verteerd. Onze liefdevolle God wenst dat voor geen enkel mens en daarom ontwierp Hij een perfect plan voor de redding van Zijn schepselen.

Hij, de perfecte en heilige God, kwam naar de aarde in de gedaante van een mens, Jezus Christus en stierf als een boetedoening om met onze zonden af te rekenen. Als wij ervoor kiezen om Jezus Christus als de betaling voor onze zonden te aanvaarden kunnen wij de hemel binnengaan zonder verteerd te worden.

Maar als we ervoor kiezen om Jezus Christus niet te aanvaarden, dan zal God ons in Zijn oneindige liefde en genade niet toestaan om de hemel binnen te gaan en daar verteerd te worden. In plaats daarvan heeft Hij een plaats geschapen die van Hem is afgezonderd, waar zondaars naar toe kunnen gaan zonder verteerd te worden. Die plaats is de hel.

God houdt van ons en daarom heeft Hij ons een groot aantal geschenken gegeven. De twee belangrijkste geschenken die Hij ons heeft gegeven zijn ongetwijfeld onze vrije wil en Zijn genadige redding, door middel van Zijn Zoon Jezus Christus. Hij gaf ons een vrije wil zodat we ervoor konden kiezen om van Hem te houden en om niet te zondigen, en vervolgens gaf Hij ons Zijn Zoon om ons te redden toen wij de verkeerde keuze maakten.

Als wij ervoor kiezen om God niet lief te hebben en ook Zijn Zoon afwijzen, die gestuurd was om ons van onze verkeerde keuze te verlossen, dan is een eeuwige afzondering van Hem in de hel het lot.

 

Openbaring 20:15 : “Wie niet in het boek van het leven bleek te staan werd in de vuurpoel gegooid.”

 

Niemand hoeft naar de hel te gaan. God heeft ons een oplossing aangeboden die ons uit de hel kan houden: de verlossing door middel van Zijn Zoon, Jezus Christus. Het enige wat wij hoeven te doen is Zijn goede plan volgen. Dan kan niets ons van Hem afzonderen.

 

 

hoofdstuk 20 ; de eerste opstanding en de tweede dood

hoofdstuk 20 van de Openbaring; de eerste opstanding en de tweede dood

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 Hoe zal de hel eruit zien?

 

In de Bijbel spreekt Jezus verscheidene malen over de realiteit van de hel en zijn uiterste duisternis. Hij beschrijft het als een vuurpoel. Hij zegt ook dat de hel een plaats is waar mensen zullen jammeren en knarsetanden.

Matteüs 8:12 : “Maar de erfgenamen van het koninkrijk zullen worden verbannen naar de uiterste duisternis; daar zullen zij jammeren en knarsetanden.”

Het boek Openbaring beschrijft de hel als een vuurpoel dat met zwavel brandt. Aan het eind der tijden zal de duivel zelf in de hel geworpen worden om zijn straf te ontvangen. Openbaring 20:10 zegt dat de kwelling dag en nacht zal doorgaan, tot in de eeuwigheid.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

De geestelijke ontwikkeling van de mens.

Standaard

categorie : Hildegard von Bingen

 

 

.

 

hildegard von bingen

 

.

 

De geestelijke wereld

.

In het gedachtengoed van Hildegard staat de persoonlijke verantwoordelijkheid van de mens in het middelpunt; het gaat op de weg door dit bestaan om de ontwikkeling van de deugden door een juiste keuze te maken tussen goed en kwaad, met het doel de hemel op aarde te brengen en die ook te bereiken.

.

 

1. Geest, ziel en lichaam

.

Dat er met de mens een verhouding tussen geest, ziel en lichaam samenhangt, wordt wel genoemd, maar niet verder uitgewerkt.
Zie artikel ” de geestelijke wereld “.

.

 

scivias-t-11

.

 

 

2. De geestelijke vermogens

.

De eigenschappen van de geestelijke vermogens worden opgesomd in de tekst bij het visioen Scivias Boek II,2:
Er is namelijk sprake van: licht en warmte (vuur), dat doordringend en doordringbaar is (zelfvormend en vormbaar) wat de eigenschappen van de geestelijke vermogens zijn:

 

.

licht en warmte vermogens voortbrengselen
vormbaar licht
zelfvormend licht
vormbare warmte
zelfvormende warmte
waarnemen
denken
voelen
willen
ervaringsbeelden
denkbeelden
gemoedstoestand
krachtstoestand

 

 

.Dan wordt de betekenis van de Heilige Drievuldigheid besproken:

.
Het allerhelderste licht is ‘zonder smet van bedrog’ (is de waarheid) en duidt de Vader aan.
(Vader – waarheid: denken)
Het allerzoetste rode vuur is ‘zonder smet van sterfelijkheid’ (is de levenskracht) en ‘zonder smet van duisternis’ (is het bewustzijn) en duidt de Heilige Geest aan.
(Heilige Geest – bewuste kracht: waarnemen, willen)
De mensengestalte is ‘zonder smet van verharding’ (is de zachtmoedigheid) en duidt de Zoon aan, uit de Vader geboren.
(Zoon – zachtmoedigheid: voelen)
De Vader en de Heilige Geest worden kenbaar gemaakt door de Zoon.

 

.

Vader
Heilige Geest
Zoon
waarheid
bewustzijn en kracht
zachtmoedigheid
denken
waarnemen en willen
voelen

 

 

.

In het Liber Divinorum Operum bij visioen 1

 

ldo-visioen-1

 

.

 

ldo-visioen-1-b

.

 

“Ik ben de rationalitas (‘berekenen’, denken), die de wind van het klinkende woord bevat, de woorden van de redelijkheid waardoor elk schepsel is gemaakt. Maar ik ben ook officialis (‘dienstvaardigheid’, voelen). Want de levende dingen branden dankzij mij. Ik ben dienaar en toeverlaat.
En ik ben het equalis leven (‘equalis’: a. ‘van het paard’: willen; b. ‘van de ruiter’: waarnemen) in eeuwigheid, dat niet ontstaan is en niet zal eindigen. En datzelfde leven is de zich bewegende en werkende God, en toch is dit leven één in deze drie krachten (de geestelijke vermogens).”

 

.

rationalis
equalis
officialis
denken
waarnemen en willen
voelen

 

 

.

Het Liber Divinorum Operum, visioen 4

 

 

ldo-visioen-4

 

.

Het vierde visioen van het Liber Divinorum Operum is geheel gewijd aan het bezielde schepsel, de mens. Het visioenbeeld geeft in metaforen te kennen, hoe de ziel (geest) in het lichaam werkt. De ziel heeft twee krachten, waardoor zij zowel het werk als de rust van haar ijverig streven met gelijke sterkte beheerst. Met de ene (kracht) stijgt zij omhoog, waar zij God ervaart.

Met de andere (kracht) neemt zij het gehele lichaam waarin zij bestaat, in bezit om daarin te werken.
Want het is de ziel tot vreugde om in het lichaam werkzaam te zijn. Daartoe is het immers door God gemaakt. En door dat werk van het lichaam snelt de ziel (geest) naar haar vervolmaking.

Het menselijke lichaam is als het ware een afspiegeling van de geschapen wereld als geheel, het universum. In haar visioen zag Hildegard de mensengestalte staande in het midden van de cirkels der elementen. Zoals de armen en benen het lichaam van de mens in evenwicht houden temidden van alle natuurkrachten, zo houdt de ziel het innerlijk van de mens in evenwicht.

Maar zoals het lichaam gemaakt is om te bewegen, zo staat ook de ziel niet stil. Zij is voortdurend in beweging, net zoals de winden in het uitspansel, die het wereldgebouw in evenwicht houden. De ziel vliegt in de mens met vier vleugels (bewegen: willen), namelijk met het waarnemingsvermogen(sensualitas), met het verstand (intellectus, denken) en met de kennis van het goede en het kwade (scientia boni en scientia mali, voelen).

Zo werkt de ziel met de zintuiglijke waarneming volgens de smaak van het vlees; door het verstand onderscheidt zij waarlijk haar werken, of die God of de mensen welgevallig zijn. Door de twee vleugels der kennis, namelijk van het goede en kwade, voltooit de mens elk werk in de ziel, waardoor de innerlijke verscheidenheid ervan getoetst wordt: welke werken door de geest verlossing door God verlangen, welke door het vlees het eerbetoon eigenlijk van de mensen begeren.

 

 

.

3. De geestelijke ontwikkeling (en)

.

4. De geestesgesteldheid van onbewuste vereenzelviging,

gehechtheid, eenzijdigheid (en)

.

5. Bewustwording, bevrijding, zelfverwerkelijking

 

.

In de drie visioenen die in Scivias Boek I ( miniaturen T5,T6 en T7) staan beschreven, wordt aan Hildegard de kringloop van de menselijke geest getoond. Deze begint in de algeest (het vierkant dat zich naar alle zijden uitstrekt), van waaruit de menselijke geest (de vurige bol) door zijn moeder heen in een lichaam op aarde wordt geboren.

Daar moet de geest zich staande zien te houden in de druk die van de tijd als stroom van gebeurtenissen uitgaat. Als de mens erin slaagt bij zichzelf te komen en zich geestelijk te ontwikkelen, bereikt hij het doel: zelfverwerkelijking. Bij het overlijden wordt hij opgevangen door geesten met wie hij nu overeenstemt door zijn ontwikkeling; door hen wordt hij naar zijn eigen wereld gevoerd. Is dat een lichte wereld, dan kan hij in het paradijs weer met God worden herenigd.

.

 

 

Sivias T5 : geboorte uit de hemel en de levensweg op aarde

 

.

scivias-t5

 

.

“En nadien zag ik een bijzonder grote en heldere schittering die leek op te vlammen (een kracht), met vele ogen (is alziend, m.a.w. een bewuste kracht), en die vier hoeken had die naar de vier uithoeken van de wereld (alomtegenwoordig) gekeerd waren (m.a.w. de vierhoek is de algeest): in die schittering, die het geheim van de hoogste schepper aanduidde, werd me een heel groot geheim onthuld. En daar binnenin die schittering verscheen ook een andere schittering, gelijkend op die van de ochtendgloed en die de helderheid van een purperen schittering bevatte (en vele, vurige bollen: de wereld van de menselijke geesten in de algeest).”

(De ‘ochtendgloed’ of ‘morgenrood’ is een beeld van Jezus. Het hoofdje dat in de baan te zien is, is de geest van Jezus, de heilige geest, die als volmaakte geest naar de aarde afdaalt.)

“En zo zag ik … een vrouw (op aarde) die in haar buik … de volledige gestalte van een mens droeg. En zie, door een geheim raadsbesluit van de hoogste schepper begon deze gestalte hevige, levengevende bewegingen te maken en wel zo dat een vurige bol (bol van licht en warmte, een menselijke geest uit de geestelijke wereld), die niet de vorm van een menselijk lichaam had, (door de verbinding afdaalde en) het hart van deze gestalte in bezit nam en diens hersenen bedekte, en zich in al zijn ledematen verspreidde (de indaling van de geest in het lichaam).

En daarna kwam diezelfde mensengestalte, die aldus tot leven werd gewekt, uit de schoot van deze vrouw en dit in overeenstemming met de bewegingen welke die bol (de geest) in diezelfde mensengestalte veroorzaakte; en in overeenstemming met die bewegingen veranderde die mensengestalte ook van kleur.

En ik zag dat de vele wervelwinden (zintuiglijke ervaringen) die deze bol binnendrongen – de bol welke nog altijd in dat lichaam bleef – hem naar de aarde deden afbuigen (de onbewuste vereenzelviging); maar deze bol, die weer op krachten was gekomen, richtte zich moedig op en weerstond krachtig die wervelwinden en zei, al klagend: Waar ben ik, ik die verdwaald ben? In de schaduw van de dood.” (de zelfbewustwording).

En zie, ik zag op aarde mensen die in hun kannen melk droegen en daar kazen van maakten (verwerking van ervaringen tot persoonlijkheidstrekken: de ‘kazen’ zijn ‘witte bollen’: de geest); één deel ervan was vet en dik, en daaruit werden sterke kazen (krachtige geest) gemaakt; het andere deel was licht en dun, en daaruit werden zwakke kazen gestremd (zwakke geest); en een deel was vermengd met vies slijm, het was besmet en daaruit werden bittere kazen gemaakt (kwaadaardige geest).”

“En jij nu mens, die dit ziet, sta er ook bij stil, want ‘de vele wervelwinden die deze bol binnendringen – de bol die nog altijd in dat lichaam blijft – doen hem naar de aarde afbuigen’ (maakt de geestesgesteldheid zintuiglijk: de onbewuste vereenzelviging): dit betekent dat de menselijke ziel, wanneer de mens nog in zijn lichaam leeft, door vele onzichtbare verleidingen wordt geboeid, die haar door het genot van de zintuigen vaak doen afbuigen naar de zonden van de aardse genietingen.”

 

.

De rechter helft van de miniatuur, die uit vijf afbeeldingen bestaat, toont de levensweg van de mens. De onderste drie laten de beproevingen zien die de mens op aarde heeft te verduren om zich staande te houden tegenover allerlei verleidingen.
De vierde afbeelding toont de mens die tot bezinning is gekomen en besluit zich weer tot God te richten. De bovenste toont de mens die de geestelijke vermogens (de vleugels) tot ontwikkeling heeft gebracht en zich daardoor niet meer laat afleiden van de rechte weg. Zijn lichaam is een tempel Gods geworden.

 

.

 

Scivias T6 : de beproefde, zich tot God richtende mens bij zijn gang over de aarde

 

.

scivias-t-6

 

.

“Maar met herstelde krachten richt ze zich moedig op en verzet zich er krachtig tegen’: dat is omdat de gelovige en beproefde mens, ook al heeft hij gezondigd, vaak dankzij de gave Gods tot inkeer kan komen en zijn zonden verlaten (zelfbewustwording en zelfverwerkelijking); en omdat hij, door zijn hoop in God te stellen, de misleidende verlokkingen van zich af kan zetten, op voorwaarde dat hij zijn schepper trouw blijft zoeken – net zoals de gelovige mens, die hierboven aan het woord is, in haar klacht over haar beproeving heeft aangetoond.”

Dit visioen toont de mens die op aarde aan verleidingen blootstaat, maar die zich vastberaden tot God wendt (de opgeheven handen beduiden een biddende houding).

 

 

.

Scivias T7 : overlijden en terugkeer naar huis

 

.

scivias-t-7

 

.

“Wat nu het volgende betreft, ‘dat een andere bol (geest) zich losmaakte uit de omtrekken van zijn eigen vorm en haar eigen knopen losmaakte’: dat is omdat die ziel de lichamelijke leden van haar woonplaats (het lichaam) achter zich laat en ook de verbinding tussen deze ledematen verlaat, op het ogenblik dat de ontbinding van deze woonplaats is aangebroken; en ‘dat zij zich ervan losmaakte en haar woonplaats aan ontbinding overliet’: dat is omdat zij, wanneer zij zich uit haar lichaam verwijdert, de plek van haar woonplaats laat instorten, wat haar vrees inboezemt, omdat zij het naderende oordeel van de opperste rechter tegemoet moet zien, omdat zij dan de waarde van haar werken zal inzien, op basis van het rechtvaardige oordeel van God.

En hierom ook is het dat, ‘wanneer de ziel aldus ontbonden is, dat zowel lichtgevende als duistere geesten naderbij treden, die de bol (menselijke geest) vergezeld hadden zolang zij zich nog in die woonplaats bevond’: omdat op het moment van die ontbinding, wanneer de menselijke ziel zijn woonplaats verlaat, engelachtige geesten, zowel goede als slechte, in overeenstemming met de rechtvaardige en juiste beschikking van God, aanwezig zijn; en ‘ze wachten op de losmaking, zodat ze haar, zodra zij volledig ontbonden is, met zich kunnen meevoeren’:

zij wachten immers eveneens op het oordeel van de rechtvaardige rechter over deze ziel op het ogenblik van de scheiding van de ziel van haar lichaam, zodat ze haar, gescheiden van haar lichaam, naar de plek kunnen voeren waar zij zal worden geoordeeld door de opperste rechter volgens de verdiensten van haar eigen werken, net zoals het u, o mens, hierboven waarheidsgetrouw werd getoond.”
(namelijk naar de duistere gebieden, de middelste afbeelding op de miniatuur, of naar de lichte gebieden, de bovenste afbeelding).

 

.

 

Scivias T25 : de vrije keuze van de mens

 

.

scivias-t25

 

.

Een lieflijke, vergulde vrouwenfiguur staat hier omgeven door zes engelen, terwijl rechts van haar zes welwillende gelovigen naderen en links drie personen zich vijandig gedragen. Deze mensen komen vanuit het noordrijk van de duivel en het ongeloof de Stad Gods binnen door de poort die zich bevindt tussen de toren van Gods raadsbesluiten en de zuil van Gods Woord. Hier gebeurt eigenlijk iets heel belangrijks in de geschiedenis van de Verlossing.

Hildegard geeft deze Godskracht of deugd, de naam van Scientia Dei dat is het ‘Weten van God’ of de ‘Godskennis’. Maar dit begrip van kennen wordt in dubbele zin gebruikt. Op de eerste plaats het kennen of het weten van God, wie aan Zijn uitnodiging gehoor geeft en geloof schenkt aan de openbaring. Op de tweede plaats betekent dit het weten van de mens over God. Het antwoord van de mens, die uit vrije wil geloof schenkt aan de openbaring van het Woord Gods.

Hier komt de scheiding der geesten: zij die goed willen, ontvangen als bij het bruiloftsmaal het feestkleed, maar zij die zonder kleed binnendringen, worden teruggedreven. Het is waar dat de Heer de armen van de straat, de ongelukkigen door zijn dienaars liet ophalen, opdat zijn feestzaal vol zou raken. Van ieder wordt echter verwacht dat hij komt in een feestkleed. De uitnodiging is een genadegeschenk, maar men moet er wel gevolg aan willen geven.

Nog een ander belangrijk aspect van de roeping tot het koninkrijk Gods komt hier naar voren: Velen zijn geroepen maar weinigen uitverkoren om deel te nemen aan de uitvoering van Gods plannen. God heeft enkelen uitverkoren om zijn medewerkers te worden in de verwerkelijking van het grote bouwplan. Als God in zijn goddelijke ijver om de ongelovigen te bekeren, samen met de gelovigen gaat beginnen de drie gemetselde muren op te trekken, dan heeft Hij bijzondere medewerkers nodig. Aanvankelijk roept hij het joodse volk en oefent het door strenge discipline (de ‘Wetten van Mozes’).

 

.

 

6. Gebed als godsbezinning, de hereniging

.

In het gedachtengoed van Hildegard staat de persoonlijke verantwoordelijkheid van de mens in het middelpunt; het gaat op de weg door dit bestaan om de ontwikkeling van de deugden door een juiste keuze te maken tussen goed en kwaad, met het doel de hemel te bereiken.
Heel Scivias en Liber Divinorum Operum zijn doordrongen van de raad zich altijd in gebed tot God te richten.

 

 

 

.

3d-gouden-pijl-5271528

 

.

voorpagina openbaring a4

 

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 

JOHN ASTRIA

Het gnostische evangelie van Judas Iskariot

Standaard

categorie : religie

 

 

 

judas_iskariot_LR (01)

 

 

Is het verloren evangelie feit of fictie?

 

De National Geographic Society heeft een ontdekking gesponsord en gepubliceerd die bekend is geworden als het verloren evangelie van Judas. Dit was slechts een deel van een codex (gebonden boek uit de late oudheid of middeleeuwen) die vele verschillende geschriften uit uiteenlopende ideologieën bevatte. De kopie van dit evan-gelie is het meest spraakmakende onderdeel van een codex (boek), die in Egypte is gevonden en waarschijnlijk rond 350 na Christus gedateerd moet worden. Het is geschreven in hetzelfde koptische dialect als de beroemde Nag-Hammadigeschriften, die in 1945 werden ontdekt in een kruik in Egypte. Circa vijfenzeventig procent van de codex is leesbaar.

 

 

 Het evangelie van Judas

 

Het eerste wat men moet doen met een zogenaamd “verloren evangelie” is het zelf lezen. Wanneer men er in slaagt om je door het verloren evangelie van Judas te worstelen, zal men beamen dat het moeilijk is om er ook maar iets van te geloven. In slechts zeven pagina’s aarzelt het geschrift over de vraag of Judas de 12e of de 13e discipel was. Het schrift zegt dat Christus in andere vormen verschenen is, en vertrok om Zich naar andere, niet-menselijke “generaties” te begeven.

De tekst stelt dat Christus “uit het onsterfelijke rijk van Barbelo” afkomstig was en dat Hij de reïncarnatie van Seth was. De tekst bedoelt niet Seth, de derde zoon van Adam en Eva, maar Set, de Egyptische god van het kwaad. In de wereld van de 2de-eeuwse gnostiek, een vorm van mystiek vroeg christendom, is Barbelo de goddelijke ‘Moeder’. Zij is het eerste voortbrengsel van de ‘Ene Ware God’. Haar rijk is dus een van de allerhoogste hemelen.

Ook zegt de tekst dat Christus niet gestorven is voor onze zonden of om ons te redden, maar dat Hij in wezen zelfmoord pleegde om Zijn geest te bevrijden, die blijkbaar gevangen zat in Zijn lichaam. Verder staat er dat wij geleid worden door sterren, en dat God niet bestaat. Er is wel een soort kwaadaardige wolk die “God” baarde welke men de engel die Zelfveroorzaakt noemt. Vervolgens er zijn andere engelen en wezens die verder nergens in de Schrift genoemd worden, maar gemeengoed zijn in het Gnosticisme ( de leer van geheime, verborgen kennis )

Dit verloren Evangelie moet absoluut niet serieus genomen worden. Dit had met een gulle lach afgedaan moeten worden, maar in plaats daarvan wordt het breed uitgemeten op de National Geographic website, op televisie en in twee boeken als zou het een grote openbaring zijn. Het verloren evangelie laat ons zien wat voor troep terzijde geworpen is en geen deel mocht uitmaken van onze Bijbel. Dit soort rommel is wat de vroege Kerkleiders verwierpen tijdens bijeenkomsten zoals het concilie van Nicea en de Oecumenische Concilies.

 

 Het nep-evangelie van het Gnosticisme

 

Boeken zoals dit “Evangelie van Judas” zijn afkomstig van de Alexandrijnen. Het was Arius van Alexandrië die beweerde dat Jezus niet God.Dit was de aanleiding voor het eerste concilie van Nicea en de geloofsbelijdenis van Nicea. Rond 100 na Christus ontstond er onrust onder een groep Alexandrijnen over de snelle en onverklaarbare verspreiding van het christendom door de hele bekende wereld. Zij besloten om het christendom te vernietigen door het volk te overspoelen met nep-evangeliën die het christendom verdraaiden en vervormden totdat het niets meer voorstelde. Zij waren Gnostici, die geloofden in mystiek en kosmologie. Hun pogingen mislukten, want God is sterk. Hij is machtig genoeg om ons Zijn Woord te geven en het in stand te houden, volledig en heilig. Zijn Woord zegt:

 

 

(1 Korintiërs 15:1-2)“…het Evangelie dat ik u verkondigd heb…is uw redding. Anders bent u tevergeefs tot geloof gekomen”

 

(2 Timoteüs 3:16) “Elke Schrifttekst is door God geïnspireerd”

 

( Openbaring 22: 18-19) waarschuwt ons dat wij niets mogen toevoegen aan of weglaten uit de Schrift

 

( 1 Tessalonicenzen 5: 21)  “Onderzoek alles, behoud het goede”

 

 ( 1 Johannes 4:1) “Geliefde broeders en zusters, vertrouw niet elke geest. Onderzoek altijd of een geest van God komt, want er zijn veel valse profeten in de wereld verschenen” 

 

 

Het motief voor het verraad van Judas

 

Er is ook een duidelijke ontwikkeling in de verhalen over Judas’ motief om Christus te verraden. In het oudste evangelie, dat van Markus (ca 65 na Chr.), is er eigenlijk nog geen motief. In dat van Mattheüs (ca. 85) doet Judas het om het geld en in het evangelie van Lucas verraadt Judas Christus omdat hij door de duivel bezeten is. In het vrij late evangelie van Johannes (ca. 100-120 na Chr.) wordt Judas vrijwel gelijkgesteld aan de duivel zelf. Het nu gevonden Judas-evangelie vormt een geheel nieuwe fase in de christelijke speculaties over Judas’ motief, maar het verraad zelf blijft staan.

 

 

Judas' verraad voor 30 zilverstukken

Judas’ verraad voor 30 zilverstukken

 

 

 

Judas kan de test niet doorstaan

 

Zelfs als je het maar vluchtig doorleest, is het duidelijk dat dit “verloren evangelie van Judas” de test niet kan doorstaan. Het is incorrect, niet goed geschreven, en bevat geen enkele verwijzing, aanhaling of citaat naar een ander deel van de Schrift. Feitelijk is het in strijd met de hele Schrift, en komt het met niets uit de Bijbel overeen. Het is duidelijk een schaamteloze Gnostische tekst die bedacht is om het Gnosticisme te promoten door de echte gebeurtenissen uit de Bijbel naar de eigen vervalste visie op de wereld te verbuigen. Dit “verloren evangelie” is een fictief verhaal, geschreven als een mislukte poging om het vroege christendom te benadelen. Het is een verzonnen onderzoek naar de laatste dagen van Judas die met het christendom bekend was maar er niet in geloofde. Hoe dan ook, het is niets méér dan Gnostische fictie.

 

 

Een fragment uit het evangelie van Judas

 

Op een dag was hij met zijn discipelen in Judea, en vond hen zittend bij elkaar allen in vrome ceremonie. Toen hij zijn discipelen naderde, deze zaten bij elkaar in een dankgebed voor het brood, lachte hij. De discipelen zeiden tot hem, “Meester waarom lacht u om ons gebed van dankbetuiging? We hebben gedaan wat juist is. ”Hij antwoordde en zei tot hen, “ik lach niet om jullie. Jullie doen dit niet vanwege je eigen wil, maar omdat het door dit is dat jullie god geprezen zal worden.” Zij zeiden,”Meester, u bent de zoon van onze God.” Jezus zei tot hen, ”Hoe kent u mij? Waarlijk ik zeg u, geen generatie van de mensen te midden van u zal mij kennen.

 

 

De discipelen worden boos.

 

Toen de discipelen dit hoorden, werden zij geïrriteerd en boos en begonnen in hun hart godslasterlijk tegen hem te spreken. Wanneer Jezus hun gebrek aan begrip bemerkte, zei hij tot hen, “waarom heeft deze opschudding je geleid tot boosheid? Uw god welke in u is heeft u opgehitst tot boosheid in uw zielen. Laat iemand van u die moedig genoeg is tussen menselijke wezens de perfecte mens bekend maken en voor mijn aangezicht staan. Zij allen zeiden, “We hebben de kracht.” Maar hun geesten durfden niet voor hem te gaan staan, behalve Judas Iskariot. Hij was in staat om voor hem te staan, maar kon hem niet in de ogen kijken, en draaide zijn gezicht weg. Judas zei tot hem, “Ik weet wie u bent en waar u vandaan bent gekomen. U bent van het onsterfelijke koninkrijk Barbelo. En ik ben niet waardig uw naam uit te spreken of van de gene die u heeft gezonden.”

 

 

Jezus spreekt privé tot Judas

 

Wetende dat Judas bewogen was door iets van grote betekenis, zei Jezus tot hem, “verwijder u van de anderen en ik zal u van het mysterie van het koninkrijk vertellen. Het is mogelijk voor u om dit te bereiken, maar u zult er veel verdriet van hebben. Want iemand anders zal uw plaats innemen, zo dat de twaalf discipelen mogelijk weer tot vereniging komen met God. Judas zei tegen hem, “Wanneer zal u mij deze dingen vertellen, en wanneer is de grote dag dat dit ontwakende licht verschijnt voor de generatie”? Maar toen hij dit had gezegd, verliet Jezus hem.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

John Astria

Wanneer komt de antichrist en wie is hij?

Standaard

categorie : religie

.

.

Wie is de antichrist en waar blijft hij? Door de eeuwen heen hebben bijbellezers zich over profetieën gebogen waarin zich de contouren aftekenen van deze duivelse figuur, die in de eindtijd zal opstaan. Ook in onze tijd houden christenen rekening met zijn ‘mogelijk spoedige’ komst.

.

Een van hen is de emeritus predikant en publicist J.W. Embregts. 

.

.

de ware- en de valse Drievuldigheid

Pasteltekening van John Astria

.

.

Eindtijdkoning

.

Op de vraag of dit onderwerp volgens hem wel zo leeft onder christenen, reageert Embregts: “Jazeker! Ik ben jarenlang leraar eschatologie (leer van de laatste dingen, red.) geweest en bovendien was ik ruim veertig jaar voor-ganger. Al die jaren werden in bijbel studies onophoudelijk vragen over dit onderwerp gesteld. Mijn boek Geen uitstel meer, is een herdruk van een boek dat ruim vijfentwintig jaar geleden is verschenen – de vraag ernaar bleef. Er is dus nog steeds belangstelling voor.”

.

.

Hoever zijn we nog verwijderd van de openbaring van deze ‘antigoddelijke eindtijdkoning’, zoals de ‘Studiebijbel’ hem typeert?

.

“Geen idee! Maar het is natuurlijk wél zo dat wat we nu zien, verschrikkelijk veel lijkt op het beeld dat de Bijbel schetst. Ik zou er zelf nooit één of andere profetische uitspraak over willen doen – dan ga je geheid op je neus – maar alles lijkt erop te wijzen dat het binnenkort gebeuren kán.”

.

.

Is de antichrist volgens u een persoon, of – zoals oudere theologen als dr. S. Greijdanus en ds. A. Ringnalda stelden – een macht?

.

“Een persoon. Als je Daniël 7 naast Openbaring 12, 13 en 17 legt, zie je dat het om een méns gaat die woorden spreekt tegen de Allerhoogste en de strijd aanbindt met de gelovigen. Ik zie een satanische tegenhanger van de Drie-eenheid, met de draak (Openbaring 12, red.) als anti-God de Vader, het beest uit de zee (Openbaring 13, red.) als de anti-Christus en het beest uit de aarde (idem, red.) als de anti-Heilige Geest.”

.

.

Een onder uitleggers omstreden kwestie: is de antichrist een Jood, of een niet-Jood?

.

“Niemand weet het precies. Mijns inziens kan het bijna niemand anders dan een Jood zijn. De Joden wachten op het herstel van de tempeldienst. In Daniël 9 lees je dat er iemand zal komen die toestemming geeft om de offerdienst te hervatten. Als er iemand komt die toestemming geeft om de tempel te herbouwen, dan zullen de Joden hem waarschijnlijk zien als de Messias Die komen zal, dus per definitie een Jood.”

.

.

De Bijbel tekent de antichrist als een figuur die óók niet-Joden aantrekt. Hoe doet hij dat?

.

“Zijn grootste troef is dat hij een oplossing heeft voor de problemen in het Midden-Oosten. Als zo’n figuur op-staat, zal hij door vriend en vijand met open armen worden ontvangen.” ‘De antichrist kan zich uitermate christelijk voordoen’

.

.

666, het teken van het beest

Pasteltekening van John Astria

.

.

Merkteken

.

Ook de Hoogeveense publicist Jaap Spaans  ziet ontwikkelingen die erop wijzen dat de openbaring van de anti-christ dichterbij komt. “We worden in toenemende mate geconfronteerd met problemen die een grensoverschrijdend karakter hebben,” legt hij uit. “Geen enkel land, zelfs de machtige Verenigde Staten niet, is in staat die op te lossen. Denk aan vraagstukken als terreur, dreigende grondstoffenschaarste, vluchtelingenstromen, milieuproblemen en klimaatverandering, criminaliteit, besmettelijke ziekten, het Midden-Oosten en Israël, enzovoort. De terreuraanslagen op Amerika van 11 september 2001 vormden een belangrijk omslagpunt in de wereld.

Iedereen kan zich voorstellen wat er gebeurt als er bijvoorbeeld een aanslag met een vuile of nucleaire bom zal plaatsvinden. Alles raakt dan in een stroomversnelling. De wereld schreeuwt om een oplossing voor deze problemen en om vrede. Deze ontwikkeling vereist een krachtig centraal gezag op mondiaal niveau, en sterk leiderschap. nEr is dus een voedingsbodem voor de komst van de antichrist.” Spaans verwijst naar Matteüs 24, Lucas 21, Markus 13, Zacharia 12 en 14 en Daniël 12.

.

.

Hoe typeert u de komende antichrist?

.

“Hij is de tegenstander van God – de duivel – in het vlees. Een charismatisch leider, die in staat is grote dingen te doen. Wel iemand met een organisatie of infrastructuur op mondiaal niveau achter zich. Want wil je al de machtsmiddelen inzetten en controle op die schaal uitoefenen, dan heb je een apparaat nodig dat je beleid uitvoert.”

.

.

In Openbaring 13 wordt gesproken over het ‘merkteken van het beest’. Gelooft u dat dit een letterlijk teken zal zijn, bijvoorbeeld in de vorm van chips die geïmplanteerd worden ?

.

“Ik neem het inderdaad letterlijk, maar met dien verstande dat er sprake is van een complexe infrastructuur, waarbij identificatie een sleutelrol vervult.”

.

.

Kunt u die identificatie toelichten?

.

Het merkteken zal volgens mij drie belangrijke aspecten omvatten, namelijk bio<00AD>metrie (identificatie op basis van unieke lichaamskenmerken), chipimplantatie (een chip kan informatie bevatten, zoals een medisch dos-sier) en een uniek nummer, zoals het Burger Service Nummer of het Euronummer in de toekomst. Dit nummer is dan de zoeksleutel waarmee informatie over wereldburgers kan worden verzameld, verwerkt en opgeslagen. Hierdoor is totale controle van de mens mogelijk. Uiteraard kan de vorm door verbetering van technieken nog wijzigen. Maar voor het eerst in de geschiedenis van de mensheid is de vervulling van Openbaring 13 technisch realiseerbaar.

.

.

De antichrist of de valse profeet

Pasteltekening van John Astria

.

.

Matteüs 24

.

Jezus vertelt wat er in de toekomst gaat gebeuren

.

1 Jezus vertrok uit de tempel. Zijn leerlingen zeiden Hem hoe mooi ze de gebouwen van de tempel vonden. 2 Hij antwoordde: “Kijk nog maar eens goed. Geloof Mij, er zal geen steen van op de andere blijven staan. Alles zal tot de grond worden afgebroken.”

3 Ze gingen op de Olijfberg zitten. Zijn leerlingen kwamen Hem vragen: “Wanneer zal dat gebeuren? En waaraan kunnen we zien wanneer U komt en het einde van de wereld eraan komt?” 4 Jezus antwoordde: “Let goed op dat jullie je door niemand laten bedriegen. 5 Want heel veel mensen zullen beweren dat ze Mij zijn. Ze zullen zeggen: ‘Ik ben de Messias.’ En heel veel mensen zullen dat geloven.

6 Ook zullen jullie horen over oorlogen en over berichten van oorlogen. Maar laat je daardoor niet bang maken. Die dingen moeten gebeuren. Maar het is nog niet het einde. 7 Want allerlei landen en volken zullen met elkaar oorlog voeren. En er zullen op allerlei plaatsen hongersnoden, gevaarlijke ziekten en aardbevingen zijn. 8 Maar dat is pas het begin van het einde.

9 Dan zullen de mensen jullie gevangen nemen, mishandelen en doden. Iedereen zal jullie haten omdat jullie in Mij geloven. 10 Veel mensen zullen hun geloof verliezen. Ze zullen elkaar verraden en elkaar haten. 11 Er zullen allerlei mensen komen die beweren dat ze mijn profeten zijn. Ze zullen zeggen dat ze namens Mij spreken, terwijl dat helemaal niet zo is. Ze zullen daarmee heel veel mensen bedriegen.

12 En de mensen zullen zich steeds minder van God aantrekken. Daardoor zullen ze ook steeds minder liefde voor elkaar hebben. 13 Maar de mensen die volhouden tot het einde, zullen worden gered. 14 En het goede nieuws van het Koninkrijk moet aan de hele wereld worden verteld. Alle volken moeten weten wat Ik heb gedaan. Pas dan zal het einde komen.

15 Er zal iets afschuwelijks op de plaats van de tempel staan, iets afschuwelijks dat verwoesting veroorzaakt. De profeet Daniël heeft daar al over gesproken  – Let goed op als je dit leest en denk er over na! – 16 De bewoners van Judea moeten dan naar de bergen vluchten. 17 Als je op het dak van je huis bent, ga dan niet naar beneden om iets uit je huis mee te nemen.

Je moet onmiddellijk vluchten. 18 Als je in het veld aan het werk bent, ga dan niet eerst naar huis om kleren op te halen. Je moet onmiddellijk vluchten. 19 Het zal een vreselijke tijd zijn voor de vrouwen die in verwachting zijn of net een baby hebben gekregen! 20 Bid dat het geen winter zal zijn als jullie moeten vluchten, of een heilige rustdag. 21 Want het zal een vreselijke tijd worden.

Zo’n verschrikkelijke tijd is er nog nooit eerder geweest en zal er ook nooit meer komen. 22 Als de Heer die tijd niet korter zou maken, zou geen mens worden gered. Maar God zal die tijd korter maken om de mensen die in Hem geloven te helpen.

23 Geloof het niet als iemand tegen jullie zegt: ‘Kijk, hier is de Messias! Kijk, daar is Hij!’ 24 Want er zullen men-sen komen die beweren dat ze de Messias zijn of dat ze zijn profeten zijn, terwijl dat helemaal niet waar is. Ze zullen zelfs grote wonderen doen. Daardoor zal het hun bijna lukken om ook de gelovigen te bedriegen. 25 Ik waarschuw jullie hier nu alvast voor. Pas dus goed op.

26 Dus als de mensen tegen jullie zeggen: ‘Kijk, Hij is in de woestijn,’ ga er dan niet heen. En als ze zeggen: ‘Kijk, Hij is in dat huis,’ geloof het dan niet. 27 Want net zoals de bliksem de hele hemel van oost tot west verlicht, zo zal de komst van de Mensenzoon zijn. 28 Let op: Waar een dood dier ligt, daar zullen de gieren zich verzamelen.

29 Onmiddellijk na die vreselijke tijd zal de zon donker worden. De maan zal geen licht meer geven. De sterren zullen uit de hemel vallen. En de machten van de geestelijke wereld zullen schudden. 30En dan zal het teken van de Mensenzoon zichtbaar worden aan de lucht.

Alle volken van de aarde zullen de Mensenzoon op de wolken zien komen in zijn stralende hemelse macht en majesteit. En ze zullen huilen van spijt31 Onder luid trompetgeschal zal Hij zijn engelen uitsturen. Ze zullen de ge-lovigen verzamelen uit het noorden, oosten, zuiden en westen, van over de hele wereld.

32 Van de vijgenboom kun je dit leren: als het hout zacht wordt en er blaadjes aan komen, weet je dat de zomer eraan komt. 33 Zo kunnen jullie ook weten dat als al deze dingen gebeuren, het einde eraan komt. Het is dan bijna tijd. 34 Luister goed! Ik zeg jullie dat dit volk niet zal ophouden te bestaan vóór al deze dingen zijn gebeurd. 35 De hemel en de aarde zullen ophouden te bestaan. Maar mijn woorden zullen altijd blijven.

36 Maar niemand weet wanneer die dag en dat moment zullen zijn. Ook de hemelse engelen weten dat niet. Ook de Zoon weet dat niet. Alleen mijn Vader weet het. 37 Zoals het ging in de tijd van Noach, zo zal het ook gaan als de Mensenzoon terugkomt. 38 Want in die tijd, vóór de grote overstroming, gingen de mensen gewoon hun gang. Ze aten en dronken en trouwden, tot op de dag dat Noach aan boord van zijn boot ging.

39 Ze hadden niets in de gaten. Toen kwam de grote overstroming en ze verdronken allemaal. Zo zal het ook gaan als de Mensenzoon komt. 40 Twee mensen zullen in het veld aan het werk zijn. De één zal plotseling meegenomen worden, de ander niet. 41 Twee vrouwen zullen graan aan het malen zijn. De één zal plotseling meegenomen worden, de ander niet. 42 Let daarom goed op. Want jullie weten niet op welke dag jullie Heer komt.

43 Als de bewoner van een huis had geweten hoe laat de dief zou komen, zou hij opgebleven zijn. Hij zou niet in zijn huis hebben laten inbreken. Onthoud dat goed! 44 Daarom moeten jullie ook goed opletten. Want de Mensenzoon zal onverwachts komen.

45 Een trouwe en verstandige dienaar krijgt van zijn heer de leiding over de andere dienaren. Hij moet voor hen zorgen. Wie van jullie zal net zo doen als hij? 46 Wat is het heerlijk voor die dienaar als hij met zijn werk bezig is als zijn heer terugkomt. 47 Luister goed! Ik zeg jullie dat zijn heer hem de leiding zal geven over alles wat hij bezit.

48 Maar stel dat hij een slechte dienaar is. Stel dat hij bij zichzelf zou zeggen: ‘Mijn heer blijft nog wel een poosje weg.’ 49 En hij zou de andere dienaren mishandelen en met dronkenlappen gaan zitten drinken. 50 Dan komt zijn heer onverwachts terug, op een moment dat de dienaar hem niet verwacht. 51 En zijn heer zal hem gevangen zetten. Hij zal hem dezelfde straf geven als de schijnheilige mensen. Dan zal die dienaar huilen en met zijn tanden knarsen van spijt.”

.

.

De eindstrijd tussen goed en kwaad op de laatste dag

Pasteltekening van John Astria

.

.

Lucas 21

.

Jezus vertelt wat er in de toekomst gaat gebeuren

.

5 Jezus hoorde de mensen zeggen dat de tempel zo mooi was en dat hij met mooie stenen en geschenken versierd was. 6 Maar Hij zei: “Er zal een tijd komen dat alles wat jullie daar zien, zal worden afgebroken. Er zal geen steen van op de andere blijven staan.” 7 Toen vroegen ze Hem: “Meester, wanneer zal dat gebeuren? En waar-aan zullen we kunnen zien dat het zover is?”

8 Jezus zei: “Let op dat jullie je door niemand laten bedriegen! Want heel veel mensen zullen beweren dat ze Mij zijn. Ze zullen zeggen: ‘Ik ben het.’ En: ‘Het is zover!’ Geloof hen niet. 9 Ook zullen jullie horen over oorlogen en onrust. Word daar niet ongerust over. Die dingen moeten eerst gebeuren. Maar dat is nog niet meteen het einde.”

10 Toen zei Hij tegen hen: “Allerlei landen en volken zullen met elkaar oorlog voeren. 11 Er zullen op allerlei plaatsen zware aardbevingen zijn. Er zullen nu hier, dan daar gevaarlijke ziekten en hongersnoden zijn. Ook aan de lucht zullen vreselijke dingen te zien zijn. 12 Maar vóórdat dit allemaal gebeurt, zullen de mensen jullie mishandelen, vervolgen en gevangen zetten in de synagogen en gevangenissen.

Omdat jullie in Mij geloven, zullen ze jullie voor koningen en bestuurders slepen. Zij zullen over jullie rechtspreken. 13 Dat zal gebeuren zodat jullie hun over Mij kunnen vertellen. 14 Besluit nu alvast dat jullie niet van te-voren gaan bedenken wat jullie dan moeten zeggen. 15 Want Ik zal jullie de woorden en de wijsheid geven. Daar zullen jullie vijanden niets op weten te antwoorden.

16 Jullie zullen zelfs door je ouders en broers en familieleden en vrienden worden verraden. En ze zullen sommigen van jullie doden. 17 Iedereen zal jullie haten omdat jullie in Mij geloven. 18 Maar er zal nog geen haar van jullie hoofd verloren gaan. 19 Heb geduld en houd vol.

20 Jullie zullen zien dat Jeruzalem door het leger van de vijand zal worden omsingeld. Besef dan dat de stad verwoest gaat worden. 21 De bewoners van Judea moeten naar de bergen vluchten. De bewoners van de stad moeten uit de stad wegvluchten. De mensen op het land moeten de stad niet binnengaan. 22 Want het zal de tijd zijn van de straf van God. Dan zal alles wat in de Boeken staat, gaan gebeuren.

23 Het zal een vreselijke tijd zijn voor de vrouwen die in verwachting zijn of net een baby hebben gekregen! Want er zal een grote ramp over dit volk komen. 24 De mensen zullen door het zwaard worden gedood. Ze zullen gevangen meegenomen worden naar andere volken. En Jeruzalem zal door een ander volk worden vertrapt, totdat ook de tijd van dat volk om is.

25 En er zullen vreemde dingen te zien zijn aan de zon, de maan en de sterren. De volken zullen radeloos van angst zijn door het bulderen van de zee. 26 De mensen zullen doodsbang zijn door de dingen die er met de wereld gebeuren. Want de machten van de geestelijke wereld zullen wankelen. 27 En daarna zullen de mensen de Mensenzoon in zijn stralende hemelse macht en majesteit zien komen in een wolk. 28 Wanneer deze dingen beginnen te gebeuren, ga dan rechtop staan en hef je hoofd op, want je redding komt eraan.”

29 En Hij legde het hun uit met een voorbeeld: “Kijk eens naar de vijgenbomen en de andere bomen. 30 Zodra je ziet dat er blaadjes aan beginnen te komen, weet je dat de zomer eraan komt. 31 Zo kunnen jullie ook weten dat als al deze dingen gebeuren, het Koninkrijk van God eraan komt. 32 Luister goed! Ik zeg jullie dat de mensen van deze tijd dit nog zullen meemaken. 33 De hemel en de aarde zullen ophouden te bestaan, maar mijn woorden zullen altijd blijven.

34 Jullie moeten die dag elk moment verwachten. Laat je niet afleiden door altijd maar te feesten, of door je steeds zorgen te maken over de dagelijkse dingen. Want dan overkomt die dag jullie onverwachts, als een val die plotseling dichtklapt. 35 Want die dag zal plotseling komen voor alle bewoners van de aarde. 36 Let goed op. Bid dat jullie zullen mogen ontkomen aan alles wat er nog gaat gebeuren en dat jullie bij de Mensenzoon zullen mogen komen.”

.

.

Markus 13

.

Jezus vertelt wat er in de toekomst gaat gebeuren

.

1 Jezus vertrok uit de tempel. Eén van zijn leerlingen zei tegen Hem: “Kijk eens Meester, wat zijn het toch prachtige gebouwen!” 2 Jezus zei tegen hem: “Kijk nog maar eens goed naar die grote gebouwen. Er zal geen steen van op de andere blijven staan. Alles zal tot de grond worden afgebroken.”

3 Ze gingen op de helling van de Olijfberg zitten, tegenover de tempel. Petrus, Jakobus, Johannes en Andreas namen Hem apart en vroegen: 4 “Wanneer zal dat gebeuren? En waaraan zullen we het kunnen zien dat het zover is?”

5 Jezus antwoordde: “Let goed op dat jullie je door niemand laten bedriegen! 6 Want heel veel mensen zullen beweren dat ze Mij zijn. Ze zullen zeggen: ‘Ik ben de Messias.’ En heel veel mensen zullen dat geloven. 7 Ook zullen jullie horen over oorlogen en over berichten van oorlogen.

Word daar niet ongerust over. Die dingen moeten gebeuren. Maar het is nog niet het einde. 8 Want allerlei landen en volken zullen met elkaar oorlog voeren. En er zullen op allerlei plaatsen aardbevingen en hongersnoden zijn. Maar dat is pas het begin van het einde.

9 Maar jullie moeten goed op jezelf passen. De mensen zullen jullie gevangen nemen en voor de rechter brengen. En in de synagogen zullen jullie mishandeld worden. Omdat jullie in Mij geloven, zullen bestuurders van pro-vincies en landen over jullie rechtspreken. En jullie zullen aan hen over Mij vertellen. 10 Want eerst moet aan alle volken het goede nieuws worden verteld.

11 En als de mensen jullie gevangen nemen, maak je dan niet van tevoren zorgen over wat je moet zeggen. Want op het juiste moment zullen jullie weten wat jullie moeten zeggen. En dát zullen jullie zeggen. Want het zullen niet jullie eigen woorden zijn, maar woorden die de Heilige Geest jullie geeft.

12 En een man zal zijn broer gevangen laten nemen en ter dood laten brengen. En een vader zal dat met zijn zoon doen. En kinderen zullen zich tegen hun ouders verzetten en hen doden. 13 En iedereen zal jullie haten omdat jullie in Mij geloven. Maar iedereen die volhoudt tot het einde, zal worden gered.

14 Er zal iets afschuwelijks staan op een plek waar het niet hoort, namelijk in de tempel. De profeet Daniël heeft daar al over gesproken  – Let goed op als je dit leest en denk er over na! – De bewoners van Judea moeten dan naar de bergen vluchten. 15 Als je op het dak van je huis bent, ga dan niet naar beneden om iets uit je huis mee te nemen. Je moet onmiddellijk vluchten.

16 En als je op het veld bent, ga dan niet eerst naar huis om kleren op te halen. Je moet onmiddellijk vluchten. 17 Het zal een vreselijke tijd zijn voor de vrouwen die in die tijd in verwachting zijn of net een baby hebben ge-kregen! 18 Bid dat het geen winter zal zijn als jullie moeten vluchten. 19 Want het zal een vreselijke tijd worden. Zo’n verschrikkelijke tijd is er nog nooit eerder geweest en zal er ook nooit meer komen.

20En als de Heer die tijd niet korter zou maken, zou geen mens worden gered. Maar God zal die tijd korter maken om de mensen die in Hem geloven te helpen.

21 Geloof het niet als iemand tegen jullie zegt: ‘Kijk, hier is de Messias!’ Of: ‘Kijk, daar is Hij!’ 22 Want er zullen heel veel mensen komen die beweren dat ze de Messias zijn of dat ze zijn profeten zijn, terwijl dat helemaal niet waar is. Ze zullen zelfs wonderen doen. Daardoor zal het hun bijna lukken om ook de gelovigen te bedriegen. 23 Ik waarschuw jullie hier nu alvast voor. Pas dus goed op.

24 Maar na die verschrikkelijke tijd zal de zon donker worden. De maan zal geen licht meer geven. 25 De sterren zullen uit de hemel vallen. En de machten van de geestelijke wereld zullen schudden. 26 En dan zullen ze op de wolken de Mensenzoon zien komen in zijn stralende hemelse macht en majesteit. 27 Hij zal zijn engelen uit-sturen. Ze zullen de mensen die in Hem geloven, verzamelen uit de vier windstreken, van over de hele wereld.

28 Van de vijgenboom kun je dit leren: als het hout zacht wordt en er blaadjes aan komen, weet je dat de zomer eraan komt. 29 Zo kunnen jullie ook weten dat als al deze dingen gebeuren, het einde eraan komt. 30 Luister goed! Ik zeg jullie dat de mensen van deze tijd dit nog zullen meemaken. 31De hemel en de aarde zullen op-houden te bestaan. Maar mijn woorden zullen altijd blijven. 32 Maar niemand weet wanneer die dag en dat moment zullen zijn. Ook de engelen in de hemel weten dat niet. Ook de Zoon weet het niet. Alleen de Vader weet het.

33 Blijf goed opletten! Blijf bidden! Want jullie weten niet wanneer het tijd is. 34 Je kan het vergelijken met een man die naar het buitenland ging. Hij zei tegen zijn dienaren dat ze goed voor zijn huis moesten zorgen. De dienaren moesten hun werk doen en de deurwachter moest het huis goed bewaken.

35 Let goed op, want jullie weten niet wanneer de Heer van het huis terugkomt: laat in de avond of om middernacht, ’s morgens vroeg als de haan kraait of later op de ochtend. 36 Want als Hij plotseling komt, mag Hij jullie niet in slaap vinden. 37 Ik zeg niet alleen tegen jullie, maar tegen iedereen: blijf goed opletten!”

.

.

Het einde van de draak (666) door het kruis

Pasteltekening van John Astria

.

.

Zacharia 12

.

Jeruzalem zal worden aangevallen, maar wordt door de Heer gered

.

1 Dit is wat Zacharia van de Heer moest zeggen over Israël. “Dit zegt de Heer die de hemel als een tent over de aarde heeft gezet, die de aarde heeft gemaakt en die de geest in het binnenste van de mens heeft gemaakt. 2 Let op, Ik maak Jeruzalem tot een wijnbeker voor de volken rondom. En niet alleen Jeruzalem, maar ook Juda. Dat zal zijn wanneer Jeruzalem wordt aangevallen. 3 Alle volken zullen hun legers verzamelen bij Jeruzalem.

Ze zullen proberen om de stad te veroveren. Maar ze zullen zelf vernietigd worden. Jeruzalem zal voor hen zijn als een steen die te zwaar is om op te tillen: wie hem toch optilt, breekt zijn rug. 4 In die tijd zal Ik de paarden van de vijand in paniek brengen. Ik zal hun ruiters gek van angst maken. De legers van de volken zal Ik blind maken. Maar Juda zal Ik beschermen: mijn ogen zullen erop gericht zijn.

5 Dan zullen de leiders van Juda bij zichzelf zeggen: ‘Dankzij de Heer van de hemelse legers zijn de bewoners van Jeruzalem zo machtig.’ 6 In die tijd zal Ik de leiders van Juda maken als een vuurtje onder droog hout, als een brandende fakkel onder een bos graan. Alle buurlanden, links en rechts, zullen verbranden. Maar de bewoners van Jeruzalem zullen veilig zijn in hun eigen stad. 7 Maar Ik zal eerst de steden van Juda redden, en dan pas Jeruzalem, zodat de koning uit de familie van David en de bewoners van Jeruzalem niet trots worden tegenover Juda.

8 In die tijd zal Ik de bewoners van Jeruzalem beschermen. Mensen die zwak zijn, zal Ik zo sterk maken als David. De mensen die afstammen van David zullen zo machtig zijn als engelen, ja, zo machtig als de Engel van de Heer die hen leidt.

9 In die tijd zal Ik elk volk dat Jeruzalem aanvalt, vernietigen. 10 Over de afstammelingen van David en over de bewoners van Jeruzalem zal Ik mijn Geest uitstorten. Dat is de Geest van mijn goedheid en van gebed. De mensen zullen Mij zien die zij doorstoken hebben. Ze zullen diep bedroefd zijn. Ze zullen over zijn dood treuren als over de dood van hun enige zoon. 11 In die tijd zal iedereen in Jeruzalem diep bedroefd zijn.

Net zo bedroefd als vroeger over koning Josafat die werd gedood in Hadad-Rimmon in het Megiddo-dal. 12 Het hele land zal treuren. Alle families zullen diep bedroefd zijn: de families die afstammen van David, de families die afstammen van de profeet Natan, 13 de families die afstammen van Levi, de families die afstammen van Simeï 14 en alle andere families. Mannen en vrouwen zullen treuren.”

.

.

 

Daniël 12

.

De toekomst 

.

1 In die tijd zal de engel Michaël komen, de machtige beschermer van je volk. Hij zal je volk helpen in de vreselijke tijd die komt. Want zulke verschrikkelijke tijden zijn er nog nooit geweest sinds er mensen bestaan. Maar iedereen van jouw volk wiens naam in het Boek van het Leven is bijgeschreven, zal worden gered. 2 Veel van de mensen die allang dood zijn, zullen opstaan.

Sommigen zullen het eeuwige leven krijgen, anderen de eeuwige, vreselijke straf. 3 De wijze mensen zullen stralen als de sterren aan de hemel. Zij die andere mensen hebben geleerd hoe ze God moeten dienen, zullen schit-teren als de sterren, voor altijd en eeuwig.”

4 De Man zei tegen mij: “Daniël, schrijf dit allemaal op. Maar verberg de betekenis ervan, zodat alles verborgen blijft tot aan het eind van de tijd. Veel mensen zullen proberen het te begrijpen en zullen het onderzoeken. Ze zullen er steeds meer van gaan begrijpen.”

5 Toen zag ik plotseling nog twee andere mannen staan: de één aan deze kant van de rivier, de ander aan de overkant. 6 Eén van hen zei tegen de Man in de linnen kleren die hogerop langs het water van de rivier stond: “Hoelang duurt het nog tot deze wonderlijke dingen gebeurd zullen zijn?”

7 De Man in de linnen kleren die hogerop langs het water van de rivier stond, hief zijn handen op naar de hemel en zwoer bij de God die eeuwig leeft: “Een tijd, tijden en een halve tijd. Wanneer Hij zijn volk niet langer uit elkaar zal jagen, zullen al deze dingen gebeurd zijn.”

8 Ik hoorde wel alles wat Hij zei, maar ik begreep het niet. Ik vroeg: “Mijn Heer, wat gaat er nu toch precies ge-beuren?” 9 Maar Hij zei: “Ga nu, Daniël. Want dat zal verborgen blijven tot aan het eind van de tijd. 10 Veel mensen zullen zich laten schoonwassen en bij God willen horen. Maar de mensen die zich niets van God aantrekken, zullen gewoon slechte dingen blijven doen.

Zij zullen hier niets van begrijpen. Maar de wijze en verstandige mensen zullen deze dingen begrijpen. 11 Vanaf de tijd dat het dagelijks offer niet meer zal worden gebracht en het afgodsbeeld dat vernietiging brengt in de tempel staat, zullen er 1290 dagen (ongeveer 3 jaar en 7 maanden) voorbij gaan.

12 Het zal heerlijk voor de mensen zijn die hierop zelfs 1335 dagen (ongeveer 3 jaar en 8 ½ maand) blijven wachten. 13 Jij mag rustig sterven. Maar aan het eind van de tijd zul je opstaan uit de dood. Dan zul je je beloning krijgen.”

.

.

Een bekeerde ziel wordt gered van de hel (666) door Christus (999)

Pasteltekening van John Astria

.

.

Nero/paus/Hitler?

.

“Ik zie de antichrist niet als één bepaalde, historische persoonlijkheid,” merkt de hervormde theoloog en hoogleraar dr. J. Hoek op. “Het is vaak voorgekomen dat mensen bijvoorbeeld Nero of de paus of Hitler als de antichrist hebben geïdentificeerd. Ik denk echter dat we de antichrist als de benaming voor de manifestatie van de satan in menselijke figuren moeten zien. Johannes spreekt immers ook over ‘vele antichristen’ (1 Johannes 2:18).

Ik geloof dat er niet alleen door de geschiedenis heen mensen zijn die als antichristen zijn opgetreden – die dus echt principieel en over de hele linie gekant zijn tegen Christus en Zijn gemeente – maar dat er ook in het laatste der dagen nog bij uitstek zo’n figuur komt.

.

.

Is dat dezelfde als ‘de mens der wetteloosheid’ uit 1 Tessalonicenzen 2:4?

.

“Inderdaad. Er is dus een soort opklimmende reeks; hij staat aan het eind en zal al zijn voorgangers overtreffen. Dat is de escalatie van het laatste der dagen, waarover ook Openbaring spreekt – wat vuil is, zal vuiler worden en wat rechtvaardig is, zal rechtvaardiger worden (Openbaring 22:11, red.).”

.

.

Welke antichristen uit het verleden kunt u bijvoorbeeld noemen?

.

“Dan denk ik aan Romeinse keizers als Nero en Domitianus, die christenen vreselijk hebben vervolgd. Maar ook aan bepaalde pausen die nota bene onder de pretentie Christus’ plaatsvervanger op aarde te zijn, vreselijke machtspolitiek hebben bedreven en daarbij ook talloze mensen hebben vermoord.”

.

.

Wat is het meest recente voorbeeld?

.

“Adolf Hitler, die Gods oogappel, Israël, heeft aangerand. Het brandpunt richt zich zowel op het volk van Israël als op de christelijke gemeente en het Joodse volk. Iemand als Pol Pot, hoe erg het ook was wat hij deed, moeten we wat dit betreft dus buiten beschouwing laten.”

.

.

Zal die laatste antichrist een Jood zijn, zoals sommige uitleggers denken?

.

“Daar zijn de Bijbelse aanwijzigingen te gering voor. Voorstanders van die visie wijzen er onder meer op dat Paulus stelt dat hij zich in de tempel van God zal zetten. Die tekst, 2 Tessalonicenzen 2:4, lees ik niet zó dat daarvoor de herbouw van de tempel in Jeruzalem nodig is. Over de tempel wordt in het Nieuwe Testament namelijk ook gesproken als een aanduiding voor het huis van God, Zijn gemeente (bijvoorbeeld in 1 Korinte 3:16, red.).”

.

.

Wat is de relevantie hiervan voor ons, vandaag?

.

“De Bijbel waarschuwt ons dat de antichrist zich uitermate christelijk kan voordoen. Daarin lijkt hij op de duivel, die zich als een engel des lichts vertoont. We moeten dus waakzaam zijn!”

.

.

Onderhuidse chip voor tbs’ers op verlof

.

Tbs’ers op proefverlof zouden een onderhuidse chip moeten krijgen, zodat altijd duidelijk is waar zij zijn. Deze digitale brandmerking moet voorkomen dat zij opnieuw slachtoffers maken. Dat advies geeft hoogleraar forensische psychiatrie en tbs-deskundige Hjalmar van Marle in het AD.

Dit bericht las Yvette Lont, ChristenUnie-raadslid in Amsterdam Zuid-Oost, op 10 oktober in Elsevier. Ze zag een link met de Bijbelse profetieën over de antichrist en het getal van het beest (Openbaring 13) en klom direct in de pen om christelijke media te waarschuwen.

Honden en katten worden al voorzien van de chip en de volgende stap is volgens de Bijbel de mens die het merk-teken op de rechterhand of het voorhoofd zal krijgen.  Wat gaan wij als christenen doen als ons deze chip wordt opgelegd, als je geen boodschappen meer kunt doen, als je niet meer kunt reizen?

Wat gaan de kerken doen om de leden in- en voor te lichten en te waarschuwen voor de gevolgen van deze ontwikkelingen op geestelijk, materieel en financieel gebied? Wij zitten in een geestelijke roes van apathie omdat geen – de uitzonderingen daar gelaten – geestelijk leider, noch christelijke gemeente of organisatie, noch de christelijke media, noch de christelijke politiek hier adequaat op reageert.

.

.

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

Is humanisme van de duivel?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

 

God, de grote weldoener

 

In de Bijbel lezen wij dat er in de eindtijd een grote afval zal plaatsvinden onder de kinderen Gods. Velen laten zich of zullen zich nog laten misleiden door leringen van boze geesten, leringen die aangenaam klinken omdat zij de mens in het middelpunt plaatsen.

Een middelpunt waar omheen die goede God zich mag opstellen als de grote weldoener, die het de mens als een hemelse Sinterklaas in alles naar de zin mag maken. Omdat de satan precies weet waarmee hij de mens kan ver-leiden tot een egocentrische instelling was het te verwachten dat massa’s halfslachtige kinderen Gods in deze val zouden trappen.

Want een feit is dat door één van de sluwste en best gecamoufleerde leringen van boze geesten (die rechtstreeks vanuit de diepten van de hel is uitgebraakt over het “christendom”) al tientallen jaren een geestelijke slachting is aangericht onder kinderen Gods. Deze lering kennen wij als het humanisme: een goddeloze levensfilosofie die de mens in het middelpunt zet en óf van God een mythe maakt óf van Hem een weldoener maakt die uitsluitend bestaat om de mens op zijn wenken te bedienen.

Onder diverse namen en in de vorm van telkens weer aangepaste methoden en programma’s is dit humanisme de kerk en gemeente binnengedrongen, als de stank uit een beerput die alles doordringt. In dit geval gaat het echter om een stank uit de beerput van de hel.

Gods Geest geeft waarschuwing aan de kinderen Gods voor misleidingen van de duivel, in het bijzonder aan hen die zich hebben laten meeslepen door dit binnengedrongen humanisme. Het is opmerkelijk dat sinds deze waar-schuwing van God dit satanische humanisme zich als een kankergezwel heeft uitgebreid binnen het christendom. Met als gevolg dat er sindsdien meerdere varianten van dit “christelijke” humanisme zijn bijgekomen. De satan had en heeft er duidelijk haast mee om nog een zo groot mogelijke slachting aan te richten onder de kinderen Gods.

 

 

 

 

 

 

Enkele hedendaagse varianten

 

Er zijn bekende namen die staan voor enkele van de hedendaagse varianten van het “christelijke” humanisme. Het betreft (onder vele anderen):

 

 

Rick Warren

 

Zijn filosofie/methode is op iets heel anders gericht dan waar het evangelie werkelijk over gaat. Zijn methode om het de “zoekende” buitenstaanders zoveel mogelijk naar de zin te maken is puur humanisme. Zijn omgang met de “groten der aarde” verraadt dan ook, niet geheel onverwacht, dat hij een andere heer dient dan de God van he-mel en aarde. Wij lezen namelijk in Jakobus 4:4:

“Overspeligen, weet gij niet, dat de vriendschap met de wereld vijandschap tegen God is? Wie dus een vriend der wereld wil zijn, wordt metterdaad een vijand van God.”

 

 

 

 

 

 

Bill Hybels

 

Van hetzelfde laken een pak. Een collega van Rick Warren en dus in dienst van dezelfde werkgever (de satan). Ook zijn methoden om zo veel mogelijk mensen tot kerkgang te verleiden zijn van humanistische oorsprong.

 

 

 

 

 

 

Robert Schuller

 

De inmiddels overleden dominee was wel degelijk een Vrijmetselaar, wat kortweg betekent dat satan zijn God was. Het evangelie dat hij jarenlang bracht in zijn ‘hour of power’ televisie programma’s was 100% humanisme en 0% evangelie. De informatie over meneer Schuller, bij elkaar gezocht door prof. Walter Veith, zegt genoeg over de zeer duistere achtergrond van deze duivelse evangelievervalser.

 

 

 

 

 

 

Joel Osteen

 

Meneer Osteen heeft zo zijn eigen variaties op hetzelfde thema bedacht om zijn toehoorders in de watten te kunnen leggen. Hij belooft hun een hemel op aarde. Over zijn gebrek aan Bijbelkennis en geestelijk inzicht blijkt hij zich niet zo druk te kunnen maken. God heeft nooit het welvaartsevangelie verkondigd. Het is een lepe zet om zo zijn verrijking met prediken te verrechtvaardigen. Bijbel verzen worden voortdurend verkeerd geciteerd en uit hun verband gerukt.

 

 

 

 

 

 

Joseph Prince

 

De Aziatische versie van Joel Osteen, met een overeenkomende boodschap waarin God als de grote Sinterklaas met genade en welvaart mag blijven strooien om het al die lieverdjes op deze aarde naar de zin te maken. Hun overeenkomende boodschap blijkt verder uit het feit dat beide heren het duidelijk erg goed met elkaar kunnen vinden. Meneer Prince heeft overigens nog meer Sinterklazen achter de hand. In de preken van meneer Prince blijkt duidelijk dat hij in dienst staat van andere opdrachtgevers dan de allerhoogste God.

Hij is ook een verdediger van de Rothschild bankiersfamilie, een verzameling criminelen met ongezond veel geld op zak en die daarmee destijds o.a. de oorlogsmachine van Nazi-Duitsland hebben gefinancierd. Hij doet het voorkomen alsof deze occulte geldverzamelaars door God werden gezegend sinds zij zich inzetten voor het Zio-nisme en daarmee voor het ontstaan van de huidige staat Israël. Een Israël dat overigens met het Koninkrijk Gods niets van doen heeft maar slechts zal dienen om de antichrist een dak boven het hoofd te geven (de derde “tempel”). Meneer Prince doet hier dus duidelijk dienst als oppoetser van het valse evangelie.

 

 

 

 

 

 

Creflo Dollar

 

Zoals zijn achternaam al doet vermoeden heeft hij nooit lang hoeven nadenken over het onderwerp van zijn preken. Het betreft hier dan ook een op en top Amerikaanse versie van het welvaartsevangelie, waarin zoveel mogelijk dollars zijn gezegende toehoorders ten deel zouden vallen als ze maar gehoorzaam het evangelie van (de) Dollar omhelzen.

 

 

 

 

 

Duurt Sikkens

 

Zeer waarschijnlijk voor de lezer niet zo bekend als de hierboven genoemde humanisten. Hij door velen in die kringen op handen gedragen, omdat hij precies predikt wat hun verwende oortjes graag willen horen. Ook deze Nederlandse misleider heeft nooit anders gedaan dan een Nederlandse versie van het “verchristelijkte huma-nisme”, aangepast aan zijn “volle evangelie” publiek. Telkens gaf hij lucht aan zijn minachting voor het Woord van God.

 

 

 

 

Deze korte opsomming laat zien dat het christelijke humanisme zonder moeite meerdere vormen en varianten kan aannemen, zodat voor vrijwel iedere christelijke stroming wel een versie van deze lering van boze geesten op de kelderplanken van de hel klaarligt. Eenmaal opgehesen naar het aardoppervlak wordt al dit geestelijke vergif via een uitgebreid distributiesysteem verder verspreid.

De gruwelijke realiteit is dan ook dat het christelijk humanisme, en de daaruit voortgekomen New Age beweging, al vele tientallen jaren de aanval heeft ingezet op de uitbreiding van het Koninkrijk Gods op aarde. Hun wapen is om de grote massa binnen het christendom te laten geloven dat zij het middelpunt van het universum zijn. Het humanisme komt daarom ook voor in de piramidestructuur van de Vrijmetselarij. Massa’s kerken en gemeenten worden zodoende van binnenuit uitgehold.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De zegen van het vasten

Standaard

Categorie : Religie

 

 

 

 

 

De zegen van het vasten

 

In Handelingen 13:2 en 3 en 14:23 wordt over het vasten geschreven. Wordt van ons ook verwacht dat we als christenen regelmatig vasten? Wat leert de Bijbel ons hierover? 

 

Antwoord:

 

Matteüs 6:16-18

 

16 En als jullie een dag niets eten om je op God te richten, laat dat dan niet aan de mensen merken. De schijnheilige mensen laten dat wél aan iedereen zien. Ze zetten een heel somber gezicht op, kammen hun haar niet en wassen hun gezicht niet, zodat iedereen het weet. Luister goed! Ik zeg jullie dat ze hun hele beloning al hebben gekregen. 17 Maar jullie zeg Ik: als jullie niets eten om je op God te richten, kam dan gewoon je haar en was gewoon je gezicht. 18 Dan weten de mensen het niet, maar alleen jullie Vader weet het, want Hij ziet de verborgen dingen. En Hij zal jullie er openlijk voor belonen.”

 

 

Matteüs 9:14-17

 

14 Toen kwamen de leerlingen van Johannes naar Hem toe. Ze vroegen: “Wij en de Farizeeërs slaan op sommige dagen het eten over. Waarom doen úw leerlingen dat niet?” 15 Jezus zei tegen hen: “Hoe kunnen de gasten op een bruiloftsfeest verdrietig zijn? Ze zijn gekomen om met de bruidegom feest te vieren! Maar er zal een tijd komen dat de Bruidegom niet meer bij hen is. Dán zullen ze niets eten.”16 Hij vertelde hun een voorbeeld om het uit te leggen: “Niemand gebruikt een nieuwe lap om een oud kledingstuk te repareren. Want de opgenaaide lap zal krimpen en een scheur trekken in het kledingstuk. Dan is het gat nog groter geworden. 17 Ook doe je nieuwe wijn niet in oude wijnzakken. Want de wijnzakken zullen barsten door het gisten van de wijn. Dan loopt de wijn weg en de zakken zijn kapot. Maar nieuwe wijn doe je in nieuwe wijnzakken. Dan blijft de wijn bewaard en de zakken blijven heel.”

 

 

Jesaja 58:1-9

 

1 De Heer zei tegen mij: “Roep zo hard als je kan. Houd je niet in. Roep met een stem zo luid als een trompet naar mijn volk Israël wat ze allemaal voor slechte dingen doen. Vertel hun hoe slecht ze zijn. 2 Elke dag komen ze bij Mij. Ze lijken ernaar te verlangen Mij te kennen. Ze vragen Mij om goed voor hen te zijn omdat ze vinden dat ze daar recht op hebben. Ze lijken graag bij Mij te willen zijn. 3 En ze zeggen verbaasd: ‘We slaan op vaste dagen het eten over, maar U ziet het niet eens. We doen moeite voor U, maar U let er niet op!’

Maar Ik zeg tegen mijn volk: Op de dagen dat jullie het eten overslaan, doen jullie gewoon waar jullie zin in hebben in plaats van dat jullie spijt hebben van jullie slechtheid. Ook zetten jullie je arbeiders gewoon aan het werk in plaats van dat jullie hun vrij geven zoals de wet zegt. 4 In de tijd dat jullie niet eten, maken jullie ruzie met elkaar en vechten jullie. Zo heb Ik het niet bedoeld. Daarom luister Ik niet naar jullie gebeden. 5 Heb Ík soms tegen jullie gezegd dat jullie de hele dag je hoofd moeten laten hangen? Dat jullie rouwkleren moeten dragen en op as moeten slapen? Moet Ik dáár blij mee zijn?

6 Als jullie Mij werkelijk willen dienen, zorg dan voor rechtvaardigheid in het land. Haal het juk waaronder de mensen gebukt gaan, van hun schouders af. Laat de verdrukte mensen vrij. Verbreek elk juk. 7 Geef eten aan de mensen die honger hebben. Geef onderdak aan vluchtelingen. Geef kleren aan de mensen die geen kleren hebben. Wees goed voor je volksgenoten. 8 Dán zal het goed met jullie gaan. Dan zal de zon weer in jullie leven opgaan. Dan zal alle ellende snel voorbij zijn. Mijn goedheid zal voor jullie uit gaan. Mijn macht en majesteit zal jullie beschermen. 9 Als jullie Mij dán roepen, zal Ik jullie antwoorden. Als jullie om hulp schreeuwen, zal Ik zeggen: ‘Kijk, IK BEN!’ Stop met elkaar te verdrukken, te beschuldigen en leugens over elkaar te vertellen.

 

 

 

 

In Matteüs 6:16-18, 9:14-17 en Jesaja 58:1-9 vinden we enkele gedeelten die ook over het vasten gaan. Deze gedeelten laten ons zien, dat het vasten niet uit een plichtsgevoel moet voortkomen, maar veel meer vanuit het hart. Het vasten komt trouwens niet alleen bij het Joodse volk en onder christenen voor. Ook heidense volkeren kennen het vasten (bijvoorbeeld Ninevé, Jona 3:5-10). Het ‘vasten’ wordt in het Oude Testament ook wel ‘verootmoedigen’ genoemd. Er zijn voor Israël twee momenten van vasten ingesteld, namelijk:
– het vasten op de Grote Verzoendag (Leviticus 16:29-31 en 23:27);
– het vasten v.a. 28 juli/augustus ter gelegenheid van de verwoesting van de tempel.

Alle andere momenten van vasten zijn op vrijwilligheid gebaseerd. Hieronder volgen enkele voorbeelden.

 

 

In het Oude Testament:

 

-Rouwbedrijven (1 Samuël 31:11-13)

 

11 De bewoners van Jabes in Gilead hoorden wat de Filistijnen met Saul hadden gedaan. 12 Toen gingen alle mannen die met wapens konden omgaan naar Bet-San. Ze liepen de hele nacht door en haalden de lichamen van Saul en zijn zonen van de muur af. Daarna gingen ze naar Jabes terug en verbrandden de lichamen daar. 13 Daarna begroeven ze de botten onder de boom van Jabes. Zeven dagen lang aten ze niets omdat ze over hen treurden.

 

– God ernstig zoeken (2 Samuël 12:16-23)

 

16 David bad alle dagen tot God voor het jongetje. Hij at niets en sliep op de grond. 17 Zijn dienaren probeerden hem over te halen om van de grond op te staan. Maar hij wilde niet en wilde ook niet met hen eten. 18 Na zeven dagen stierf het kind. De dienaren durfden het niet aan David te vertellen. Ze zeiden: “Toen het kind nog leefde, wilde David niet naar ons luisteren. Hoe kunnen wij hem dan nu zeggen dat het kind dood is? Hij zou zich iets kunnen aandoen.” 19 David zag dat zijn dienaren met elkaar liepen te fluisteren. Daardoor begreep hij dat het kind was gestorven. Hij vroeg aan zijn dienaren: “Is het kind gestorven?” Ze zeiden: “Ja, heer.” 20 Toen stond David op van de grond, waste zich, verzorgde zich en deed andere kleren aan. Daarna ging hij het heiligdom van de Heer binnen en boog zich neer. Toen ging hij naar huis terug. Hij vroeg om een maaltijd en ging eten.21 Zijn dienaren vroegen hem: “Waarom doet u dit zo? Toen het kind nog leefde, heeft u gehuild en wilde u niet eten. Maar nu het kind is gestorven, staat u op en eet u weer!” 22 Hij antwoordde: “Toen het kind nog leefde, heb ik gehuild en niet gegeten omdat ik hoopte dat de Heer medelijden zou hebben. Ik hoopte dat Hij het kind zou laten leven. 23 Maar nu is het gestorven. Waarom zou ik hier dan nog mee doorgaan? Ik kan het kind er toch niet mee uit de dood terug krijgen. Ik zal wel naar hem toe gaan, maar het kind komt niet meer naar mij.”

 

 

– Gods redding, hulp zoeken (2 Kronieken 20:1-4)

 

1 Op een keer werd het land aangevallen door de Moabieten, Ammonieten en nog anderen. 2 Josafat kreeg het bericht: “We worden aangevallen door een heel groot leger van de overkant van de zee, uit Aram. Ze zijn al in Hazezon Tamar (dat is Engedi).” 3 Josafat werd bang en besloot de Heer om raad te vragen. Hij zei dat de hele bevolking niet mocht eten, totdat de Heer geantwoord had. 4 Uit alle steden in heel Juda kwamen mensen naar de tempel om de Heer om hulp te vragen. 5 Ze verzamelden zich op het nieuwe buitenplein van de tempel van de Heer.

 

– Gods bescherming zoeken (Esther 4:15-17)

 

15 Ester liet Hatach het volgende antwoord aan Mordechai overbrengen: 16 “Verzamel alle Judeeërs die in de stad Susan wonen. Eet en drink drie dagen en nachten niet. Ook ik en mijn dienaressen zullen drie dagen en nachten niet eten en drinken. Daarna zal ik naar de koning gaan, ook al heeft hij dat verboden. Sterf ik, dan is het niet anders.”17 Mordechai vertrok en deed wat Ester hem had gevraagd.

 

 

– Gods vergeving zoeken (Daniël 9:1-4)

 

1 Darius, de zoon van koning Ahasveros uit Medië, werd koning van de Babyloniërs gemaakt. 2 Toen hij nog maar pas koning was, begreep ik op een dag uit de Boeken dat de Heer tegen de profeet Jeremia gezegd had, dat Jeruzalem 70 jaar lang in puin zou liggen. En ik zag dat die 70 jaren nu bijna voorbij waren. 3 Ik begon daarover tot de Heer te bidden en te smeken. Ik at niet en droeg rouwkleren. 4 Ik bad tot mijn Heer God en ik vertelde Hem over de schuld van mijn volk. Ik zei: “Heer, grote en machtige God, U bent trouw aan uw verbond. U bent goed voor de mensen die van U houden en die leven zoals U het wil.

 

 

 

 

In het Nieuwe Testament:

 

– Als voorbereiding op de bediening (Matteüs 4:1-2)

 

1 Daarna stuurde de Heilige Geest Jezus naar de woestijn. Daar moest Jezus door de duivel op de proef worden gesteld. 2 Hij bleef 40 dagen in de woestijn. Al die tijd at Jezus niets. Tenslotte kreeg Hij honger.

 

 

– Goddelijke kracht zoeken (Matteüs 17:19-21)

 

19 Toen de leerlingen met Jezus alleen waren, vroegen ze Hem: “Waarom konden wij die duivelse geest niet uit hem wegjagen?” 20 Hij zei tegen hen: “Doordat jullie geen geloof hadden. Want luister goed! Ik zeg jullie: je geloof hoeft maar zo groot te zijn als een mosterdzaadje. Als je dan tegen deze berg zou zeggen: ‘Ga van hier naar daar,’ dan zal hij daarheen gaan. En niets zal onmogelijk voor je zijn. 21 Maar deze soort wordt alleen verjaagd door mensen die bidden en niets eten om zich op God te richten.”

 

 

– Gods wil zoeken (Handelingen 13:1-3)

 

 

1 In de gemeente in Antiochië waren een paar profeten en leraren. Dat waren Barnabas, Simeon Niger, Lucius van Cyrene, Manaän (Manaän was samen met koning Herodes opgegroeid) en Saulus. 2 Op een dag, toen zij zonder te eten de hele dag aan het bidden waren, zei de Heilige Geest tegen hen: “Ik heb een speciale taak voor Barnabas en Saulus.” 3 Ze baden de hele dag en legden hun daarna de handen op om hen te zegenen voor het werk dat ze gingen doen. Daarna lieten ze hen gaan.

 

 

– Gods zegen zoeken (Handelingen 14:21-23)

 

21 Ook in Derbe vertelden ze het goede nieuws. Ze maakten er een groot aantal leerlingen. Daarna gingen ze terug naar Lystra, Ikonium en Antiochië in Pisidië. 22 Want ze wilden de leerlingen daar aanmoedigen om het geloof vast te houden. En ze vertelden hun dat we allemaal veel moeilijkheden zullen meemaken als we het Koninkrijk van God willen binnengaan. 23 Daarna wezen ze in elke gemeente leiders aan. Ze baden de hele dag, zonder te eten, en vertrouwden hen daarna toe aan de Heer in wie ze geloofden.

 

 

Bij het vasten gaat het niet zozeer om uiterlijke verschijningsvormen, maar veel meer om een innerlijke houding, die in overeenstemming is met onze levenswandel. Er werd in Israël twee keer per week gevast en wel op maandag en donderdag. Er werden op deze dagen openbare Godsdienstoefeningen op straat gehouden. De Farizeeër in Lucas 18:12 was er trots op dat hij tweemaal per week vastte! Het kwam voor dat bij het vasten geen schoenen gedragen werden, de kleren gescheurd werden en dat men as over het hoofd strooide. Een Griekse woordspeling luidde: ‘Onverschijnbaar verschijnt men om te kunnen schijnen’.

Er werd van zonsopgang tot zonsondergang gevast. Bij één dag vasten werd geheel gevast en bij meerdere dagen at men alleen het hoogstnodige. Het vasten en bidden wordt in de Bijbel vaak aan elkaar gekoppeld. Zo lezen we bijvoorbeeld van Hanna dat ze voortdurend in de tempel God diende met vasten en bidden (Lucas 2:37). In het vasten onthoudt men zich onder andere van eten, drinken, alcohol, vermaak en seksuele gemeenschap (1 Korintiërs 7:4-5), kortom, alles wat ons van God af zou kunnen leiden. Gods Woord verplicht christenen dus niet om te vasten, maar wijst ons wel op de zegen om op bepaalde momenten, op vrijwillige basis en wanneer het hart ons dringt, te vasten.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Wie gaat naar de hel?

Standaard

categorie : religie

 

 

Wie gaat naar de hel?

 

Dit is een vraag die heimelijk in de gedachten van veel mensen sluimert, ook al zullen sommigen dat nooit toe-geven. Uiterlijk wordt het idee van de hel door veel mensen belachelijk gemaakt, maar innerlijk worstelen zij nog steeds met de vraag: “Maar wat als er echt een hel zou zijn?” Als er echt een hel is en als dit een werkelijke plaats is, dan moet ook de volgende vraag gesteld worden: “Wie zal er naar de hel gaan?”

 

 

b8f2817473284fc88043729a1e12f51a

 

 

De hel is een plaats van leed en foltering. Deze waarheid wordt door het Oude- en het Nieuwe Testament van de Bijbel duidelijk gemaakt.

 

“De banden van het dodenrijk omklemden mij…” (Psalm 18:6).

“Toen hij in het dodenrijk, waar hij hevig gekweld werd, zijn ogen opsloeg…” (Lucas 16:23).

 

Veel mensen vinden het moeilijk om het bestaan van een plaats als de hel te verzoenen met een goede en lief-devolle God. Velen nemen hier aanstoot aan en gebruiken het als een excuus om God niet te aanbidden. Ze willen niet geloven dat God werkelijk mensen naar de hel zou kunnen laten gaan. Maar een nader en eerlijk onderzoek van de Bijbel zal ons laten zien dat de hel voor ongelovige, onbekeerde mensen en de aartsvijand van God, Satan (de duivel), werd geschapen.

 

“Daarop zal hij ook de groep aan zijn linkerzijde toespreken: “Jullie zijn vervloekt, verdwijn uit mijn ogen naar het eeuwige vuur dat bestemd is voor de duivel en zijn engelen.”(Matteüs 25:41).

 

Helaas is Satan, als aartsvijand van God, tijdens zijn hele bestaan al bezig geweest met pogingen om mensen van God af te leiden. Toen Adam en Eva in de hof van Eden in zonde vervielen, nadat zij hiertoe door Satan werden aangezet (Genesis 3), verviel de hele mensheid in een toestand waarin mensen geestelijk dood waren. Ook al wa-ren zij lichamelijk in leven, zij waren dood voor de Heilige God voor wie zij werden geschapen. Zij waren dood voor de God met wie zij zouden moeten samenzijn.

Hierdoor moest God Zijn Zoon, Jezus Christus, naar de aarde sturen om de zonden van de mens weg te nemen en hem weer met God te verzoenen. De volkomen weerzin van God ten opzichte van de zonde en Zijn volledige haat voor het kwaad werd op Golgotha op de schouders van Zijn Zoon gelegd. Jezus werd gekruisigd, de mens werd die toorn bespaard.

 

Het enige wat God van ons vraagt is de aanvaarding van Jezus en Zijn vreselijke offergave. Dit is een handeling die uit geloof voortkomt. Deze handeling erkent dat wij zondaars zijn en dat Jezus’ offergave onze enige weg is naar een verzoening met God.

 

Wanneer een mens deze offergave afwijst, dan sluit hij zich in wezen aan bij de vijand van God. God zegt in Zijn Woord dat Satan en zijn volgelingen hun uiteindelijke bestemming de hel zal zijn.

 

 

8ba8c2fd46c719c301b047b5b28c3633

 

 

“O morgenster, zoon van de dageraad, hoe diep ben je uit de hemel gevallen. Overwinnaar van alle volken, hoe smadelijk lig je daar geveld. Je zei bij jezelf: Ik stijg op naar de hemel, boven Gods sterren plaats ik mijn troon. Ik zetel op de toppen van de Safon, de berg waar de goden bijeenkomen. Ik stijg op tot boven de wolken, ik evenaar de Allerhoogste. Nee! Je daalt af in het dodenrijk, in de allerdiepste put.” (Jesaja 14:12-15)

 

Wie zal er naar de hel gaan? Satan, ongetwijfeld. Maar net zoals Satan God afwees en Hem tegenwerkte, en daar-om naar die plaats van foltering wordt gestuurd, zo zal ook een mens die weigert om Christus te aanvaarden dit lot delen en zo aan de toorn van God worden blootgesteld.

 

“Laten de goddelozen weggaan naar het dodenrijk, alle volken die God zijn vergeten” (Psalm 9:18).

 

Tegengesteld aan wat velen geloven en ook anderen willen laten geloven, heeft dit niets te maken met het be-gaan van de een of andere zonde. Een mens eindigt alleen maar in de hel omdat hij of zij de Zoon van God heeft afgewezen. Nadat God toestond dat Zijn Zoon door middel van een kruisiging werd vermoord en Zijn grootse macht toonde door Hem uit de dood op te wekken, nadat Hij dit alles gedaan had om ons tot Hem terug te bren-gen, zullen wij ongetwijfeld verloren gaan als we niet bereid zijn om in Christus te geloven.

 

“Over wie in hem gelooft wordt geen oordeel uitgesproken, maar wie niet in hem gelooft is al veroordeeld, omdat hij niet wilde geloven in de naam van Gods enige Zoon.” (Johannes 3:18)

 

 

Zie hieronder getuigenis van Bill Wiese die 23 minuten in de hel is geweest :

 

 

 https://www.youtube.com/watch?v=AYxKRoONrfY

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

Van wie komt genezing en gezondheid?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

God is geïnteresseerd in onze gezondheid

 

Johannes schrijft: ‘Geliefde, ik bid dat het u in alle opzichten goed gaat en dat u gezond bent, zoals het uw ziel goed gaat’ (3 Joh. 2). En Paulus: ‘Moge de God van de vrede zelf uw leven in alle opzichten heiligen, en mogen heel uw geest, ziel en lichaam zuiver bewaard zijn bij de komst van onze Heer Jezus Christus. Hij die u roept is trouw en doet zijn belofte gestand’ (1 Tess. 2:23-24). En Jakobus: ‘Het gelovige gebed zal de zieke redden, en de Heer zal hem laten opstaan’ (Jak. 5:15). De eerste keer dat God zich aan zijn complete volk in de woestijn voorstelde was als heelmeester: “Ik, de HEER, ben het die jullie geneest” (Ex. 15:26). En Jezus ‘trok rond door het land als weldoener en genas iedereen die in de macht van de duivel was, want God stond hem bij’ (Hand. 10:38).

 

 

gebedsgenezing-bijbel

 

 

‘De Zoon van God is gekomen om de daden van de duivel teniet te doen.’
(1 Johannes 3:8)

 

Het past bij Gods almacht om te genezen, maar ook bij zijn heiligheid, waarin hij zich van al het kwaad afkeert en zich honderd procent naar mensen richt. God is liefde, zegt de Bijbel. Hij heeft zijn goedheid en genade bewezen door Jezus te geven, die stierf voor de zonde én alle gevolgen, ziekte incluis. Wij moeten ons daarom niet laten intimideren door de wereld of ons laten ontmoedigen door onze eigen twijfelachtigheid.

‘Wij hebben niet de geest van de wereld ontvangen, maar de Geest die van God komt, opdat we zouden weten wat God ons in zijn goedheid heeft geschonken’ (1 Kor. 2:12).

 

 

Gods gezichtspunt

 

Praten over ziekte en genezing is altijd spannend en riskant. Spannend omdat iedereen met ziekte te maken heeft en niets liever wil dan dat er genezing optreedt. Riskant omdat er tal van voorbeelden zijn waarbij genezing uit-bleef, ook nadat er vurig werd gebeden. Jawel, er zijn voorbeelden van wonderen, maar die worden meestal ge-zien als incidentele ingrepen van God en niet als een bereikbare mogelijkheid waar je als christen aanspraak op mag maken.

Als onze ervaring ons vertrekpunt en onze limiet zou zijn, zouden we niet al te hoopvol gestemd zijn. Toch willen we ons niet laten leiden door wat we zien, maar door het Woord van God. We willen God kennen zoals hij zichzelf presenteert in de Bijbel en zoals dat bevestigd wordt in ons hart door zijn Geest. Want ons geloof moet niet op menselijke wijsheid steunen, maar op de kracht van God, schrijft Paulus.

‘Wat het oog niet heeft gezien en het oor niet heeft gehoord, wat in geen mensenhart is opgekomen, dat heeft God bestemd voor wie hem liefhebben. God heeft ons dit geopenbaard door de Geest, want de Geest doorgrondt alles, ook de diepten van God’ (1 Kor. 2:5, 9, 10).

God heeft een plan met mensen. Toen God de mens schiep, zag hij dat het zeer goed was (Gen. 1:31). De mens had het in alle opzichten geweldig: er was rust, overvloed, gezondheid en geen zonde. Zo wilde God dat. Die situ-atie veranderde toen de duivel er in slaagde de mens tot zonde te verleiden.

Jezus noemt de duivel de mensenmoordenaar vanaf het begin (Joh. 8:44).

De gevolgen zijn bekend: de dood deed zijn intrede en als gevolg daarvan werd ziekte deel van ons sterfelijke bestaan. Uit de wordingsgeschiedenis van de mens weten we dus dat ziekte niet bij God maar bij de duivel van-daan komt. Het is een gevolg van de zonde en absoluut niet door God gewenst. Ziekte maakt deel uit van de vloek die de zonde veroorzaakt heeft. Om die reden liet God in de tijd van het Oude Testament ziekte toe als mid-del tegen zijn vijanden (zoals tegen de Egyptenaren tijdens het optreden van Mozes).

Voor zijn volk was er juist gezondheid en voorspoed; tenminste, wanneer het God volgde. Dat was tegelijkertijd een enorm getuigenis voor de omringende volken. Dit blijkt bijvoorbeeld uit Exodus 15:26:

‘Als jullie de woorden van de Heer, jullie God, ter harte nemen, als jullie doen wat goed is in zijn ogen en al zijn geboden en wetten gehoorzamen, zal ik jullie met geen van de kwalen treffen waarmee ik Egypte heb gestraft. Ik, de Heer, ben het die jullie geneest.’

Israël ondervond aan den lijve dat God een hekel heeft aan ziekte toen hij bitter water gezond maakte nadat Mo-zes er een stuk hout in had gegooid. De profeten voorspelden dat er een tijd zal komen dat God definitief met zonde en ziekte zal afrekenen, namelijk wanneer de Messias zal komen. Bijvoorbeeld Jesaja in hoofdstuk 53:4-5:

‘Hij was het die onze ziekten droeg, die ons lijden op zich nam. Wij echter zagen hem als een verstoteling, door God geslagen en vernederd.

Om onze zonden werd hij doorboord, om onze wandaden gebroken. Voor ons welzijn werd hij gestraft, zijn strie-men brachten ons genezing.’ We zullen zien dat deze profetie 500 jaar later wordt aangehaald, maar dan om te vertellen dat hij in vervulling is gegaan. God heeft genezing gebracht!

 

 

4dd0daaa2e0d4955dd713ed88ca55be6

 

 

Jezus de geneesheer

 

Toen Jezus aan zijn optreden begon, vertelde hij direct dat hij degene was waarover Jesaja sprak. In Lucas 4:18-19 betrekt hij de woorden van Jesaja 61:1-2 op zichzelf:

“De Geest van de Heer rust op mij, want hij heeft mij gezalfd. Om aan armen het goede nieuws te brengen heeft hij mij gezonden, om aan gevangenen hun vrijlating bekend te maken en aan blinden het herstel van hun zicht, om onderdrukten hun vrijheid te geven, om een genadejaar van de Heer uit te roepen.”

Jezus maakt vanaf de start van zijn optreden duidelijk dat hij de volmacht heeft om in te grijpen in de wereld die gebukt gaat onder zonde en ziekte. Hij presenteert manifestaties van overwinning over de duisternis die zijn pre-diking van het koninkrijk van God onderstrepen. Gods heerschappij wordt zichtbaar in genezing en bevrijding. Matteüs vat aan het begin van zijn evangelie Jezus’ werk dan ook als volgt samen (4:23-25):

‘Hij trok rond in heel Galilea; hij gaf er onderricht in de synagogen, verkondigde het goede nieuws van het koninkrijk en genas iedere ziekte en elke kwaal onder het volk.’

Jezus’ optreden bestond dus uit drie elementen: verkondiging, onderricht en genezing. Na het onderricht (de Bergrede in de hoofdstukken 5-7) beschrijft Matteüs dan ook tien genezingen:

  • de lepralijder die buiten de samenleving stond (8:2),
  • de verlamde slaaf van een centurio, iemand die voor de Joden als heiden gold (8:5),
  • de schoonmoeder van Petrus (8:14),
  • twee bezetenen die bevrijd worden van demonen (8:28),
  • een verlamde (9:2),
  • een bloedvloeiende vrouw (9:20),
  • het dode dochtertje van de godsdienstleider Jaïrus (9:23),
  • twee blinden (9:27) en een doofstomme man (9:32),

 

nummer tien is een speciaal geval, namelijk de evangelieschrijver Matteüs zelf, die genezen wordt van geldzucht en van wie Jezus zegt: “Gezonde mensen hebben geen dokter nodig, maar zieken wel” (9:9-12).

Middenin de beschrijving van Jezus’ optreden verwijst Matteüs naar de vervulling van de profetie die we al eerder aanhaalden (Matt. 8:16-17):

‘Bij het vallen van de avond brachten ze vele bezetenen bij hem. Met een enkel bevel dreef hij de geesten uit, en allen die ziek waren genas hij, opdat in vervulling ging wat gezegd is door de profeet Jesaja.

Vervolgens legt hij het motief bloot waar vanuit Jezus werkte:

‘Toen hij de mensenmenigte zag, voelde hij medelijden met hen, omdat ze er uitgeput en hopeloos uitzagen, als schapen zonder herder.’

Daarna stuurt Jezus zijn volgelingen eropuit om met zijn volmacht hetzelfde te doen: het evangelie van het ko-ninkrijk verkondigen, onderrichten én genezen.

 

 

hij-geneest

 

 

Jezus’ volgelingen doen hetzelfde

 

Zoals gezegd, stuurt Jezus zijn discipelen eropuit om hetzelfde te doen als hij:

Daarop riep hij zijn twaalf leerlingen bij zich en gaf hun macht om onreine geesten uit te drijven en iedere ziekte en elke kwaal te genezen’ (Matt. 10:1).

Die taak kreeg een definitief vervolg, die voortduurt tot op de dag van vandaag.

Vlak voordat Jezus teruggaat naar de Vader, onderstreept hij dat dit geen tijdelijke opdracht is, maar de basis-uitrusting waarmee God zijn kinderen op weg stuurt. In Marcus 16:15-18 zegt hij:

“Trek heel de wereld rond en maak aan ieder schepsel het goede nieuws bekend. Wie gelooft en gedoopt is, zal worden gered, maar wie niet gelooft, zal worden veroordeeld. Degenen die tot geloof zijn gekomen, zullen her-kenbaar zijn aan de volgende tekenen: in mijn naam zullen ze demonen uitdrijven, ze zullen spreken in onbeken-de talen, met hun handen zullen ze slangen oppakken en als ze een dodelijk gif drinken zal dat hun niet deren, en ze zullen zieken weer gezond maken door hun de handen op te leggen.”

Zo wordt in de Nieuwtestamentische gemeente de heerschappij van God niet alleen verkondigd en onderwezen, maar ook gedemonstreerd, precies volgens Jezus’ bedoeling. Hieruit blijkt hoe betrouwbaar en consistent God is. In het paradijs wil hij al geen ziekte. Aan zijn volk openbaart hij zich als de geneesheer. In de Here Jezus worden zijn beloften vervuld en door de heilige Geest mogen wij delen in zijn volmaakte offer, want Hebreeën 13:8 zegt:

‘Jezus Christus is gisteren en heden dezelfde en tot in eeuwigheid.’

 

 

media_xl_1238473

 

 

Christus’ triomf

 

Jezus heeft Gods koninkrijk binnen bereik gebracht. Met zijn komst (als de laatste Adam, 1 Kor. 15:45) werd het probleem van de zonde definitief opgelost.

‘God heeft zich ontdaan van de machten en krachten, hij heeft hen openlijk te schande gemaakt en in Christus over hen getriomfeerd’ (Kol. 2:15).

Wij zijn door hem bevrijd uit de macht van de duisternis en ontvangen eeuwig leven. ‘Maar u bent nu verlost van de zonde en dienaars van God geworden. Het gevolg daarvan is dat u nu bij God hoort en eeuwig leven krijgt’ (Rom. 6:22).

Eeuwig leven is niet alleen een leven zonder einde, maar ook een leven zonder ziekte en in voorspoed. Dat leven kwam Jezus ons brengen. Jezus wijst de duivel aan als de oorzaak van kwaad, ellende en ziekte en zichzelf als de oplossing daarvoor: “De dief komt alleen om te roven, te slachten en te vernietigen, maar ik ben gekomen om hun het leven te geven in al zijn volheid” (Joh. 10:10).

Jezus geeft ons dus volheid van leven, hoewel we dat niet verdiend hebben en ook nooit zullen kunnen verdie-nen, hoe goed we er ons best ook voor doen. Het is een genadegift. Maar geen goedkope genade, het kostte God zijn Zoon. God is rechtvaardig. Hij moest onze zonden daarom ook rechtvaardig straffen. Dat heeft hij ge-daan door zijn Zoon in onze plaats zonde te laten worden, zodat wij in zijn plaats rechtvaardig zouden worden (2 Kor. 5:21).

De Bijbel laat er geen misverstand over bestaan dat Jezus zowel voor onze zonden als voor onze ziekten stierf. Zoals een aardse vader graag de ziekte van een kind wil overnemen, zo deed onze hemelse Vader dat, aan het kruis. Het werd een complete ruil. Jezus ontving wat hij niet bezat: onze schuld, zonde en ziekte, zodat wij zouden ontvangen wat wij niet bezaten: zijn rechtvaardigheid en leven. God wilde die ruil, omdat hij het goede voor zijn kinderen wil.

 

 

jezus-christus-lam-gods

 

 

Behoud is ook genezing

 

Toen Jezus uitriep (Joh. 19:30) “Het is volbracht”, betekende dat letterlijk ook: ‘het is betaald’. Jezus heeft betaald voor onze zonden en voor de gevolgen daarvan. Door hem zijn wij behouden. Om te ontdekken wat de gewel-dige consequenties van zijn overwinning zijn, is het belangrijk om de rijkdom van het woord ‘behoud’ te begrijpen.

Paulus schrijft in Romeinen 1:16:

‘Voor dit evangelie schaam ik mij niet, want het is Gods reddende kracht voor allen die geloven, voor Joden in de eerste plaats, maar ook voor andere volken.’

Letterlijk betekent behoud zowel redding, verlossing en bevrijding als genezing en heelmaking. Het is een woord dat de complete verlossing van de mens op alle levensterreinen aanduidt. Als Jezus zegt dat hij gekomen is om ons volheid van leven te geven, bedoelt hij een compleet en volmaakt leven.

Dit woord behoud wordt soms gebruikt in specifieke situaties van genezing. Bijvoorbeeld in Handelingen 4, waar Petrus en Johannes door de Joodse leiders worden ondervraagd nadat ze een verlamde hadden genezen. Ze vra-gen hen (vers 7): “Door welke kracht of in wiens naam hebt u dit gedaan?” Waarop Petrus uitlegt dat dit door de naam van Jezus is gebeurd en hij vervolgt zijn verklaring over de genezing met (vers 12):

“En de behoudenis  is in niemand anders, want er is ook onder de hemel geen andere naam aan de mensen gegeven, waardoor wij moeten behouden worden.”

Teksten waarin het over ‘behoud’ of ‘redding’ gaat bedoelen dus een volledige begrip. Bijvoorbeeld Hebreeën 7:25, waar Jezus als onze grote Hogepriester wordt beschreven, door wie wij God vrijmoedig mogen naderen:

‘Zo kan hij ieder die door hem tot God komt volkomen redden, omdat hij voor altijd leeft en zo voor hen kan pleiten.’  Jezus kan dus volkomen genezen wie door hem tot God komt.

 

 

4234137

 

 

De sleutel tot genezing

 

Het staat dus vast dat wij in Christus niet alleen vergeving voor onze zonden maar ook genezing hebben ont-vangen. Er is geen enkele Bijbelse aanleiding om de vergeving al wel te aanvaarden en de genezing te plaatsen na Jezus’ wederkomst. Dat is een dualisme gebaseerd op de praktijk van onze beperkte ervaring en niet op de prak-tijk van Gods Woord.

Het is waar dat we deze realiteit van God helaas maar beperkt zien functioneren. Maar het is onterecht om de realiteit zoals die zich aandient te laten voor wat ze is wanneer we Gods Woord serieus willen nemen. De duivel kan ons lastig vallen of misleiden, maar als God ons door zijn Woord aanspreekt hebben we uitsluitend met hem te maken.

De genezing die we in Christus ontvangen hebben kan daadwerkelijk zichtbaar worden door geloof. Jezus zegt (Matt. 21:21-22):

“Ik verzeker jullie: als jullie geloven zonder te twijfelen, zul je niet alleen teweeg kunnen brengen wat er gebeurde met de vijgenboom, maar zul je zelfs tegen die berg kunnen zeggen: ‘Kom van je plaats en stort je in zee,’ en het zal gebeuren. Alles waarom jullie in je gebeden vragen zullen jullie krijgen, als je maar gelooft.”

Het is goed om hier een misverstand uit de weg te ruimen. Bij ‘geloof’ denken wij al gauw aan iets dat we in ons-zelf moeten vinden. Maar Jezus zegt juist (Marc. 11:22): “Heb geloof in God.” Het gaat hier dus niet om een ge-voel of zekerheid in onszelf maar om het besef van wie God is en wat hij in Jezus voor ons heeft gedaan. Geloof komt van God, hij wekt het in ons op als we ons richten op Jezus. Door Gods waarheid in Jezus te zien gaat geloof (bijvoorbeeld in genezing) vanzelf functioneren.

Christenen denken al gauw aan pijnlijke situaties waarin iemand verweten wordt te weinig geloof te hebben door-dat genezing na gebed uitbleef. Dat is allerminst Gods weg en bedoeling. Inderdaad, hij roept ons op om de ge-nezing die hij voor ons aan het kruis heeft gekocht in geloof te aanvaarden. Maar hij vraagt geen prestatie van onze kant.

Dat we genezing vaak niet zien functioneren heeft dus te maken met ongeloof, dat we niet weten wat ons in Christus is geschonken en dat we de praktijk als maatstaf hanteren en zelfs geen genezing verwachten. Maar onze maatstaf is het volmaakte offer van het Lam, dat onze Hogepriester is. In hem staan wij volmaakt voor God en hebben zowel veroordeling als ziekte geen recht meer op ons leven. Wij hoeven onszelf niet meer te kwalificeren voor genezing, want Christus is in onze plaats gekwalificeerd. Hij heeft aan Gods eis voldaan.

 

 

4dd0daaa2e0d4955dd713ed88ca55be6

 

 

Manieren waarop God geneest

 

Er zijn verschillende middelen die God gebruikt om genezing die hij aan het kruis heeft bewerkstelligd in ons leven te laten doorbreken.

 

 

1. Het Woord

 

De basis voor genezing is Gods Woord. Wanneer de waarheid over genezing wordt geopenbaard zullen mensen geloven en genezen. Daarom is het ook zo belangrijk om de Bijbelse waarheid over genezing in de gemeente te onderwijzen en te belijden.

In Spreuken 4 vers 20-22 wordt Gods woord een medicijn voor het lichaam genoemd. ‘Mijn zoon, heb aandacht voor mijn woorden, geef aan mijn uitspraken gehoor. Houd ze steeds voor ogen, bewaar ze in het diepste van je hart. Ze zijn het leven voor wie ze aanvaarden, sterken heel je lichaam als een medicijn.’

Als dat medicijn achterwege blijft en in de verkondiging genezing wordt overgeslagen kan ziekte welig blijven tieren. Er zijn voorbeelden van mensen die door bijbels onderwijs over genezing plotsklaps of langzamerhand gezond werden.

 

 

bijbel-mooi

 

 

2. Avondmaal

 

Doordat wij deelhebben aan Jezus’ opstanding, is het avondmaal een niet te onderschatten middel als belijdenis van ons geloof. Jezus stelde het avondmaal persoonlijk in door het brood aan te reiken met de woorden:

“Neem, eet, dit is mijn lichaam,” en de beker met wijn: “Drink allen hieruit, dit is mijn bloed, het bloed van het verbond, dat voor velen wordt vergoten tot vergeving van zonden” (Matt.26:26-30).

Daarmee werd het een vast en krachtig onderdeel van het gemeenteleven.

Tijdens het avondmaal denken we aan twee dingen. Het bloed van Jezus, dat tijdens het avondmaal gebruikt wordt, staat voor de vergeving van onze zonden (Kol. 1:14, Ef. 1:7). Er wordt tijdens het avondmaal vaak aan gere-fereerd dat we het bloed van het nieuwe verbond drinken, waar we geweldig dankbaar voor mogen zijn. Maar wat betekent het brood? Het brood staat voor onze genezing, want het representeert Jezus’ lichaam. We weten uit de evangeliën dat het aanraken van Jezus’ lichaam genezing bracht.  Dat impliceert alles wat hij met zijn dood bewerkstelligd heeft, inclusief genezing.

Het omgekeerde is ook waar. In Korinte leidde misstanden tijdens het avondmaal tot ziekte. Sommigen maakten van het avondmaal voor zichzelf een braspartij, terwijl zij anderen niets gunden. Hierdoor kon het genezende werk van het avondmaal geen doorgang vinden. Paulus waarschuwt in 1 Korintiërs 11:30:

‘Daarom zijn er onder u veel zwakke en zieke mensen en zijn er al velen onder u gestorven.’

 

 

holy-supper

 

 

3. Gaven van genezing

 

God heeft aan de gemeente gaven van genezingen gegeven; mensen die, als antwoord op gebeden, namens God genezing uitspreken. In 1 Korintiërs 12: 7, 9 lezen we:

‘In iedereen is de Geest zichtbaar aan het werk, ten bate van de gemeente. De een ontvangt van de Geest een groot geloof, de ander de gave om te genezen.’

Waar de kracht van het Woord altijd en door iedereen kan worden ervaren en toegepast (ook m.b.t. genezing), gaat het hier om door de Geest geleide momenten in de gemeente van Christus. De heilige Geest leidt in een samenkomst van gelovigen (groot of klein) tot specifieke gebedsverhoring en schakelt anderen in als transport-kanaal van zijn genezing door hen gaven toe te vertrouwen van onderscheid, genezing, bevrijding. Sommigen krijgen van hem daartoe zelfs een specifieke taak, die in de gemeente herkend en bevestigd kan worden.

 

 

gave van genezing

 

 

4. Oudsten in de gemeente

 

De praktijk van genezing hoort thuis in de gemeente  omdat genezing alles te maken heeft met gezonde relaties. Het gaat in de gemeente om de totale mens in gemeenschap met broeders en zusters. Jakobus schrijft in 5:14 en 15:

‘Laat iemand die ziek is de oudsten van de gemeente bij zich roepen; laten ze voor hem bidden en hem met olie zalven in de naam van de Heer. Het gelovige gebed zal de zieke redden, en de Heer zal hem laten opstaan. Wan-neer hij gezondigd heeft, zal het hem vergeven worden.’

In het Nieuwe Testament wordt ziekte in de gemeente als een onwenselijke uitzondering gezien. Onderlinge zon-de houdt ziekte in stand. Daarom werkt concrete zonde opruimen genezend en schrijft Jakobus (in 5:16):

‘Beken elkaar uw zonden en bid voor elkaar, dan zult u genezen. Want het gebed van een rechtvaardige is krach-tig en mist zijn uitwerking niet.’

Bedenk wel dat het hier gaat om een situatie waarin de eerste drie genezingsmiddelen (bijbelse verkondiging over genezing, genezend gebruik van het avondmaal en ruimte voor gaven van genezingen) in de gemeente verondersteld worden. Wanneer christenen zich voor het eerst met genezing bezighouden, beginnen ze vaak bij Jakobus 5, met als gevolg dat het fundament (goed zicht op de waarheid) ontbreekt en er geloof in het ritueel in plaats van in God zelf ontstaat.

Ziekenzalving is geheel bijbels, maar niet de eerste weg die God wijst. Het is de weg die we mogen gaan wanneer de hoofdweg en de parallelweg nog geen doorbraak geven. God laat hierin opnieuw zien hoe belangrijk hij het vindt dat zijn kinderen gezond zijn. Hij voorziet ons van allerlei middelen om zijn zegen te ontvangen.

 

 

slide_49

 

 

5. Gelovige vrienden

 

Zoals gezegd, is geloof essentieel in het ontvangen van genezing. Maar iemand die ziek is, kan soms niet geloven. Gelukkig kan het geloof van anderen zo iemand er bovenop helpen. We zien dat bijvoorbeeld in Matteüs 9:1-8, waar een paar mensen een verlamde vriend bij Jezus brengen.

‘Bij het zien van hun geloof zei Jezus tegen de verlamde: “Wees gerust, uw zonden worden u vergeven. Sta op, pak uw bed en ga naar huis.” En hij stond op en ging naar huis.’

Deze man werd genezen op grond van het geloof van zijn vrienden, die hem bij Jezus brachten. Dit is een enorme bemoediging voor een biddende gemeente. Want het gezamenlijke gebed van medegelovigen is zeker niet krachteloos. Vandaar ook dat er voorbeelden zijn van mensen voor wie ’s zondags in de dienst voorbede wordt gedaan en die dan daadwerkelijk hulp en genezing ontvangen.

Maar wat zijn volgens de bijbel oorzaken van het uitblijven van genezing. De ideale voedingsbodem van zowel ongeloof als zonde is wetticisme. Zodra we onszelf of elkaar langs de meetlat van de wet leggen, voldoet nie-mand en verliezen we ons geloof in Gods genade. Het is dan ook niet zo vreemd dat Paulus bij het fundamenten leggen van het gemeenteleven daar in zijn brieven zo vaak en fel voor waarschuwt.

Onze verlossing is volledig gebaseerd op Gods gerechtigheid, die hij ons heeft toegerekend. Wij hoeven niets meer te verdienen of met hem in orde te maken. De Farizeeën en schriftgeleerden wilden door de wet in acht te nemen hun heil verdienen. Nadat de discipelen zich tot discussie hadden laten verleiden (Marc. 9:14) en zo weer waren gaan twijfelen aan de macht van Jezus’ genade, konden ze die bezeten jongen niet bevrijden. Jezus verwijt hun dan ‘ongeloof’ (vers 19). Vandaar ook dat hij hen nadrukkelijk waarschuwt:

‘Wees terdege op je hoede voor de zuurdesem van de Farizeeën en Sadduceeën’ (Matt. 16:6).

Een veelgebruikte wettische truc van de duivel is om ons met een gevoel van geestelijkheid op onszelf en niet op de Here Jezus terug te werpen. “God zal mij vast niet genezen, want ik ben zo zondig en ik heb zo weinig ge-loof…” Gelukkig dat God niet onze zonden en ons geloof in onze situatie, maar onze rechtvaardige positie in hem en ons vertrouwen in het volmaakte offer van Jezus als sleutel tot genezing heeft gegeven, zodat deze smoesjes bij goed onderwijs geen stand houden.

 

 

leer-methodes

 

 

Genezing in de praktijk

 

Hier zijn een paar richtlijnen voor het omgaan met genezing in het gemeenteleven.

 

 

1. Gods Woord hoogachten

 

Belangrijker nog dan het aanvaarden van Gods waarheid over genezing is dat die waarheid door iedere christen daarna ook herkauwd en uitgediept wordt en een blijvende plaats krijgt in het gemeenteleven. God wil heel graag zijn volledige genezingsperspectief laten zien en laten functioneren, maar hij geeft ons ook de tijd om dit met anderen te delen, zodat we op dezelfde lijn komen. Het liefst heeft hij dat iedereen instemt en bij de kudde blijft. Maar hij wil vooral dat er een goed bijbels fundament wordt gelegd, zodat het geloof van de gemeente niet ge-baseerd is op een boekje, een studie of een voorganger, maar op God en op wat hij in zijn Woord openbaart.

 

 

2. Bewogenheid

 

Geen genezing zonder ontferming. Ook voor Jezus was bewogenheid de aansteker voor zijn genezende kracht. In Matteüs 9 lezen we dat hij het goede nieuws over het koninkrijk verkondigde en dat ondersteunde met onder-richt en genezingen.

Maar we lezen ook het motief van waaruit hij dit deed:

‘Toen hij de mensenmenigte zag, voelde hij medelijden met hen, omdat ze er uitgeput en hulpeloos uitzagen, als schapen zonder herder’ (Matt. 9:35-36). En in Matteüs 14:14 lezen we: ‘Toen hij uit de boot stapte en de grote menigte zag, voelde hij medelijden met hen en genas hun zieken.’

Liefdeloosheid en gebrek aan werkelijke gemeenschap zijn belangrijke oorzaken van een gebrek aan bewogen-heid en dus van een gebrek aan kracht. Bij genezing is daarom (naast gebed om geloof in het volbrachte werk van Christus) gebed om een bewogen hart essentieel.

 

 

3. Moed

 

Wanneer je de boodschap dat we van God genezing hebben ontvangen gaat verkondigen en uitoefenen, word je onherroepelijk geconfronteerd met tegenstand. Het is noodzakelijk dat we moedig en waardig de koninklijke weg bewandelen door mensen in liefde te woord te staan en hen op Gods Woord te beproeven. Titus kreeg in dit ver-band van Paulus de volgende aanmoediging (2:11, 15):

‘Gods genade is openbaar geworden tot redding van alle mensen. Gebruik je gezag om dit te verkondigen, moedig aan en wijs terecht. Laat niemand op je neerkijken.’

 

 

4. Geduld

 

Paulus noemt zichzelf een kundig bouwmeester (1 Kor. 3:10). God heeft kundige bouwmeesters nodig om een goed fundament van de overwinning van Jezus te kunnen leggen. Bouwen kost tijd. Het integreren van Gods genezende liefde ook. Gelukkig heeft God ook tijd. Wij mogen in alle rust ontdekken wat wijsheid is. Niet om aan dit belangrijke thema af te doen, wel omdat rust Gods manier van werken is. Die rust mogen we van hem over-nemen.

Verschillende brieven in het Nieuwe Testament beginnen met de zegen:

‘Genade zij u en vrede…’

Genade is alles wat God ons heeft gegeven in het offer van zijn Zoon, waaronder genezing. Vrede is de rust die dat in ons leven brengt. Wanneer verkondiging van de boodschap van genade (genezing) de vrede verstoort vanwege ons ongeduld of onze onwijsheid, belemmeren we het werk van de Geest. Dus: moedig rechtop blijven staan en volharden, maar niet gaan rennen; God werkt, wij rusten in zijn volbrachte werk.

 

 

7136f4cc768dcde89a4735433549ec17

 

 

Knellende vragen

 

Is genezing niet alleen geestelijk bedoeld; de rest komt na de wederkomst van Christus?

 

Dat is westers dualisme en geen Bijbelse theologie. De profetie is vervuld, zoals we lezen in Matteüs 8:16 en 17:

‘Bij het vallen van de avond brachten ze vele bezetenen bij hem. Met een enkel bevel dreef hij de geesten uit, en allen die ziek waren genas hij, opdat in vervulling ging wat gezegd is door de profeet Jesaja: Hij was het die onze ziekten wegnam en onze kwalen op zich genomen heeft.’

 

 

Heeft God voor alle ziekten betaald?

 

In Matteüs 9:35 staat:

‘Waar hij ook kwam, genas hij iedere ziekte en elke kwaal.’

Johannes zegt in zijn evangelie (Joh. 3:16) dat iedereen die in hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft. Wat is eeuwig leven?

“Het eeuwige leven, dat is dat zij u kennen, de enige ware God, en hem die u gezonden hebt, Jezus Christus,” zegt Jezus in Johannes 17:3.

Je ontvangt genezend leven wanneer je de ware God gaat leren kennen, die zich onder andere bekend maakt als… geneesheer!

 

 

In Betesda genas Jezus toch niet alle zieken? Hoe zit dat dan?

 

Het is een voorbeeld van ‘postmodern Bijbel lezen’ om Johannes 5 als ‘bewijs’ te gebruiken dat Jezus toch niet iedereen genas. Er zijn natuurlijk nog veel meer mensen die hij niet heeft genezen. Dat kwam eenvoudigweg doordat hij toen hij op aarde was lang niet overal geweest is. Bovendien blijkt steeds weer dat hij alle mensen genas die op hem af kwamen. Dat waren dus mensen die graag genezen wilden worden. Ze geloofden in hem en aanvaardden zo wat hen wilde geven.

Johannes 5 vormt daarop een uitzondering, omdat Jezus daar zelf (‘ongevraagd’) in dat badhuis op iemand afstapt, mogelijk omdat hij met ontferming bewogen werd over de man die daar al 38 jaar volkomen kansloos leek te liggen. Wat precies de reden is dat Jezus juist hem uitkiest, wordt echter niet vermeld. Ook wordt niet vermeld dat die anderen (later) niet genezen werden.

 

 

Maar hoe zit het dan met het lijden dat wij in deze wereld meemaken?

 

Dat is zonder meer een realiteit. Daarom zien we ook zo uit naar de wederkomst van de Here Jezus. Want al zijn wij verlost, om ons heen zucht de schepping. Wij zijn geen burgers van deze (zieke, verdorven) wereld, maar (gezonde, vergeven) hemelburgers (Fil. 3:20). Als hemelburger leef je natuurlijk het liefst thuis, in een volmaakte omgeving, zonder pijn en ellende om Christus’ wil en zelfs zonder dat je nog hoeft te geloven, omdat je alles direct kunt zien.

 

 

En wat moet je in dit kader dan met ‘de vervolging om Christus’ wil’?

 

De Here Jezus zei tegen vier van zijn discipelen: “Wat jullie zelf betreft: pas goed op. Jullie zullen voor het gerecht worden gesleept en in synagogen worden gegeseld, en jullie zullen voor gouverneurs en koningen moeten ver-schijnen om voor hen van mij te getuigen.” (Marc. 13:9). Tegen de gemeente zegt hij:

“Wees niet bang voor wat u nog te wachten staat. Sommigen van u zullen door de duivel in de gevangenis worden gegooid, en zo op de proef worden gesteld; tien dagen lang zult u het zwaar te verduren hebben” (Op. 2:10).

Let op: de vervolging waar het in dit verband om gaat wordt niet veroorzaakt door ongelovigen, maar door reli-gieuze mensen, zogenaamde gelovigen, dwaalleraars die de gelovigen die van genade leven weer onder de wet willen brengen. Over hen zegt Jezus (Matt. 16:6):

“Wees terdege op je hoede voor de zuurdesem van de Farizeeën en de Sadduceeën” en (Joh. 15:20): “Een slaaf is niet meer dan zijn meester. Ze hebben mij vervolgd, dus zullen ze ook jullie vervolgen.”

 

 

Als gezondheid een gevolg is van je rechtvaardige positie in Christus, hoe kan het dan dat hij ook ongelovigen genas?

 

Dat zijn twee verschillende dingen. Gelovigen zijn gezond op basis van hun rechtvaardige positie. Ongelovigen ontvangen genezing met als doel dat ze ook de andere elementen van ‘behoud’ (vergeving, verlossing, bevrij-ding) gaan zien en zullen aanvaarden. Het is altijd Gods doel dat we hem als Heer van ons leven aanvaarden.

Hij gebruikt genezing om mensen te helpen om in hem te geloven, ook al lijkt de uitwerking in de bijbel soms anders te zijn. Voor ons is geloof niet alleen een gift, maar doordat we Jezus als Heer van ons leven hebben aan-vaard ook een recht. Als kind van God mag je er aanspraak op maken (je hebt het al ontvangen), ongelovigen mogen er om bidden. Als zij hun vertrouwen op Jezus stellen wil God ook hen gezond maken.

 

 

Is het niet meedogenloos om te zeggen dat iedereen kan genezen?

 

Nee, het is eerder meedogenloos om mensen te zeggen dat er geen oplossing is voor hun ziekte, terwijl Jezus daarvoor betaald heeft. Het is een ontkenning van de volheid van Christus’ werk, die helaas eeuwenlang bestaat en wereldwijd aanvaard is.

 

 

God kan mijn ziekte toch gebruiken om mij afhankelijk van hem te houden?

 

Nee, dat is een leugen van de duivel. Afhankelijkheid is volgens de Bijbel juist dat je afhankelijk bent van het ge-nezende offer van Jezus Christus.

 

 

Gebruikt God ook dokters om te genezen?

 

Zeker, God laat alle dingen meewerken ten goede. Dokters zijn een zegen van God. Elke genezing die via een dokter plaatsvindt, is net zo goed een wonder van God. Het is alleen niet primair de weg die hij in de Bijbel wijst. Wij gaan vaak eerst naar een dokter en als er geen uitzicht is naar dokter Jezus. God wil het graag andersom: dat we in alles (eerst) bij hem komen. Dan kan hij hetzelfde genezingsproces, maar dan zonder tussenkomst van een dokter en vele malen grondiger en sneller, laten plaatsvinden.

 

 

Wat doe je als genezing uitblijft?

 

Wanneer je voor wat genezing betreft geworteld bent in Gods Woord, is de volgende stap om zijn volmaakte of-fer te gaan belijden. Je gaat dus niet langer ‘bidden om genezing’, maar in de wetenschap dat je die genezing al ontvangen hebt ‘belijden dat je door zijn striemen genezen bent’, ook als je dan nog niet direct ziet dat de gene-zing in je lichaam zichtbaar wordt. In feite is dat een vergelijkbaar proces als bij schuldgevoel: je belijdt dat je vergeven bent en gaat vanzelf zien dat dit in je denken en gevoel doorwerkt.

Een voorbeeld uit het optreden van Jezus illustreert dit proces. In Marcus 11 vervloekt Jezus een vijgenboom. Op dat moment gebeurt er niets zichtbaars, maar later wel:

‘Toen ze ’s morgens vroeg weer langs de vijgenboom kwamen, zagen ze dat hij tot aan de wortels verdord was’ (vers 20). Het krachtwoord van de Here Jezus liet ter plekke de wortels sterven; het resultaat was de volgende dag pas goed zichtbaar.

Wanneer in de naam van Jezus genezing over je wordt uitgesproken, sterft de ziekte onmiddellijk aan de wortel. Gods Woord is namelijk betrouwbaar. De uitwerking kan echter nog even op zich laten wachten. Dan is het zaak om in geloof vast te blijven houden aan Gods volbrachte werk en de uitwerking daarvan op jouw leven. Laat het niet roven door ongeloof, gebaseerd op wat je ziet en niet op wat je gelooft.

 

 

Is het niet wijs om ‘God wil het (nu) niet’ als mogelijkheid te blijven zien?

 

Deze gedachte ligt zeer voor de hand en komt vaak voort uit een diepe betrokkenheid bij mensen die ziek blijven nadat met hen gebeden is. Maar juist dan moeten we niet aan Gods Woord gaan twijfelen. Niet onze praktijk (hoe kwetsbaar en pijnlijk ook) maar Gods realiteit is ons onwrikbare fundament.

Wel moet je er alles aan doen om te voorkomen dat er in zulke situaties veroordeling ontstaat, zowel van de kant van de zieke (‘Ik genees niet, want ik heb zo weinig geloof’), als van de kant van de bidder (‘Hij of zij geneest niet omdat ik niet in geloof bid’).

De constatering dat iemand (nog) niet genezen is moet altijd gepaard gaan met het basisprincipe dat er geen veroordeling meer is voor hen die in Christus Jezus zijn (Rom. 8:1).

Dat wij bepaalde situaties in Gods hand leggen kan wijs zijn, maar moeten we niet tot norm verheffen. God gunt ons de tijd om te zoeken en te groeien; daar is hij onze hemelse Vader voor. Laten we die ruimte echter niet ge-bruiken als aanleiding voor het vlees, door vanuit bepaalde ervaringen iets van zijn (en onze!) overwinning af te doen.

‘De Zoon van God is gekomen om de daden van de duivel teniet te doen’ (1 Joh. 3:8).

 

 

hoofdstuk 22 ; de Alfa en de Omega

 

pasteltekening van John Astria:  ” eeuwig leven “

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria

John Astria