Mensen maken de samenleving en nemen daarin een positie in. Deze website geeft toegang tot een diversiteit aan artikelen die gaan over 'samenleven', belicht vanuit verschillende perspectieven. De artikelen hebben gemeen dat er gezocht wordt naar wat 'mensen bindt, in plaats van wat hen scheidt'.
Misschien kamp jij wel met een aandoening of een dodelijke ziekte en ben je op zoek naar genezende gebeden. Je wil naar God uitroepen en Hem om genezing vragen! Meestal worden wij er door onze hopeloosheid toe aangezet om een bovennatuurlijke bron aan te tappen om een ernstige aandoening of ziekte te verlichten. De meesten onder ons volgen een patroon waarin we eerst op onszelf vertrouwen, dan op de medische wetenschappen en uiteindelijk tot God uitroepen en Hem om een wonderbaarlijke genezing vragen.
God geneest, omdat dat Zijn patroon is voor de openbaring van Zijn aard, door middel van Zijn Zoon. Jezus koos er vol erbarmen voor om de rijpe zweren van de melaatse aan te raken (Matteüs 8:3). Hij toonde genade, toen Hij de met korsten omgeven oogleden van de blinden aanraakte (Matteüs 9:29). Om genezing van God te ontvangen moeten wij er oprecht naar streven om ook Hem aan te raken.
“De mensen daar herkenden hem en maakten zijn komst overal in de omgeving bekend, en men bracht allen die ziek waren bij hem. Die smeekten hem alleen maar de zoom van zijn kleed te mogen aanraken. En iedereen die dat deed werd genezen en was volkomen gezond”(Matteüs 14:35-36).
.
.
.
.
Kan ik genezing van God ontvangen als mijn geloof sterk genoeg is?
.
Elk mens heeft het vermogen om, door te bidden om genezing, zijn of haar geloof of vertrouwen uit te drukken; het geloof in de waarheid of de betrouwbaarheid van een mens, idee of ding. Je toont je vertrouwen in de autofabrikant die je remmen installeert, vertrouwen in de architect die je kantoorgebouw ontwerpt en vertrouwen in onzichtbare zaken zoals zwaartekracht, zonnewarmte of een belofte.
“Het geloof legt de grondslag voor alles waarop we hopen, het overtuigt ons van de waarheid van wat we niet zien” (Hebreeën 11:1).
Bijbels vertrouwen en geloof worden bepaald door:
1) een vertrouwen op God in plaats van de mens, en
2) een vertrouwen op de onzichtbare macht van God.
Het uitoefenen van je geloof op het gebied van genezing kan om onconventioneel gedrag vragen. De Bijbel verhaalt over een vrouw die al twaalf jaar lang bloedingen had (Marcus 5:25-34). Zij wist dat haar aandoening Jezus volgens de Joodse wet onrein zou maken, als ze Hem zou aanraken. Maar toch strekte zij haar hand naar Hem uit en werd ze onmiddellijk genezen, toen “Jezus zich ervan bewust werd dat er kracht uit hem was weggestroomd” (Marcus 5:30).
Een oprecht geloof vereist daadkracht. Maar het is niet zo dat God ons zal genezen als we maar genoeg geloof “te voorschijn toveren”. Uiteindelijk is God Degene die ervoor kiest of we genezen zullen worden of niet.
Wanneer mensen oog in oog staan met pijn, of mogelijk zelfs de dood, dan worden hun levens hierdoor drastisch veranderd. Voor sommigen betekent dit dat hun dromen aan duigen zijn gevallen, dat hun relaties verbroken zijn en dat wanhoop hun harten verteert. Voor anderen betekent dit dat nieuwe dromen zich aandienen, dat relaties worden versterkt en dat hoop een plaats vindt in hun harten.
Een rouwende en smekende vader viel aan de voeten van Jezus neer. De twaalfjarige dochter van Jaïrus was zojuist overleden. Waarom Jezus nu nog lastig vallen? Jezus zegt tegen de vader dat hij niet bang moet zijn, maar dat hij alleen maar hoeft te geloven. Met mededogen houdt Jezus de hand van het dode meisje vast en hij brengt haar weer tot leven (Marcus 5:35-43). We moeten ons geloof en ons vertrouwen in de Jezus stellen. Hij is de bron van alle hoop en Hij heeft ons het eeuwige leven beloofd. God weet het echt het beste.
.
.
.
.
Kan ik herhaaldelijk genezing van God ontvangen?
.
Het antwoord op deze vraag is ongetwijfeld “Ja!”. God kan elke ziekte genezen die uiteindelijk tot onze dood zou leiden. Maar kiest God er altijd voor om ons te genezen? Nee. Het is mogelijk dat Hij ons naar aanleiding van onze gebeden geneest. Het is mogelijk dat Hij ons met behulp van kleine ingrepen geneest of met behulp van de deskundige handen van een chirurg, maar Hij kan ons ook op een manier genezen die wij medisch gesproken niet kunnen verklaren.
Gods genezing in onze levens is boven ons tijdelijke perspectief van pijn en dood verheven. Zijn wil, of Goddelijke plan, voor onze levens bestaat eruit dat wij deze aardse tent zullen inruilen voor een hemels onderkomen dat nooit te lijden zal hebben onder de gevolgen van het verval, dat het gevolg is van de zonden (2 Korintiërs 5:1-2). Voor ieder van ons, kinderen van God, zal er uiteindelijk een genezing plaatsvinden.
Als kinderen van God, kunnen we op de volgende manier om genezing bidden:
“Hemelse Vader, U bent nauw betrokken bij het gevecht dat ik op dit moment strijd. U kent de pijn en de wanhoop. U kent het verlangen van mijn hart om van deze ziekte genezen te worden. Ik vraag U nu om Uw genezende aanraking. Ik weet dat U in staat bent om mij te genezen, net als in de Bijbelse tijden.
Ik begrijp ook dat U zal kiezen wat voor mij het beste is. Ik bid dat ik door deze beproeving dichter tot U zal komen; dat U mijn troost en mijn kracht zal zijn. Ik bid dat U uiteindelijk, wat er ook gebeurt, geëerd zult worden door wat er met mij gebeurt. Ik bid dit in de naam van Jezus. Amen.”
1 Daarna ging Jezus naar Jeruzalem voor één van de Joodse feesten. 2 In Jeruzalem is bij de Schaapspoort een vijver om te baden. Die plek wordt in het Hebreeuws ‘Betesda’ (= ‘huis van medelijden’) genoemd. Er zijn vijf zuilengangen omheen gebouwd. 3 In die gangen lagen allerlei zieke, blinde, kreupele en verlamde mensen. Ze lagen daar te wachten tot het water zou gaan bewegen. 4 Want af en toe daalde er een engel in de vijver neer. Dan bewoog het water. Wie daarna het eerst in het water kwam, werd genezen. Het maakte niet uit wat voor ziekte hij had.
5 Er was daar een man die al 38 jaar lang ziek was. 6 Jezus zag hem liggen. Hij wist dat hij daar al heel lang was. Hij vroeg hem: “Wil je gezond worden?” 7 De zieke man antwoordde Hem: “Heer, ik heb niemand om me in de vijver te gooien als het water beweegt. En als ik probeer om bij de vijver te komen, is iemand anders er altijd eerder dan ik.” 8 Jezus zei tegen hem: “Sta op, pak je matras op en loop.” 9 Onmiddellijk werd de man gezond. Hij pakte zijn matras op en liep.
Nu was het die dag de heilige rustdag. 10 Daarom zeiden de Joden tegen de man die net genezen was: “Het is vandaag de heilige rustdag. Dus je mag je matras niet dragen.” 11 Maar hij zei tegen hen: “Maar de Man die mij heeft genezen, zei tegen me: ‘Pak je matras op en loop.’ ” 12 Toen vroegen ze: “Wie heeft dat dan tegen je gezegd?” 13 Maar de man wist niet wie Hij was. Want Jezus was weer weggegaan, omdat er daar heel veel mensen waren.
14 Maar later zocht Jezus hem op in de tempel. Hij zei tegen hem: “Kijk, je bent nu gezond geworden. Wees vanaf nu niet meer ongehoorzaam aan God, want anders kan je nog iets veel ergers overkomen.” 15 De man ging weg en zei tegen de Joden dat het Jezus was geweest die hem genezen had. 16 Toen wilden de Joden Jezus gevangen nemen en doden. Dat wilden ze omdat Hij deze dingen op de heilige rustdag had gedaan. 17 Maar Hij antwoordde hun: “Mijn Vader werkt altijd, en Ik dus ook.” 18 Toen hadden de Joden nog méér reden om Hem te willen doden. Want Hij hield Zich dus niet aan de heilige rustdag, en beweerde óók nog dat God zijn eigen Vader was. Daarmee zei Hij eigenlijk dat Hij gelijk was aan God.
Waarom geneest Jezus niet iedereen?
De laatste tijd is er in diverse kerken een stroming ontstaan die zich in navolging van de evangelische- en pinkstergemeenten ook richt op wonderen. Wonderen van genezing, van spreken in tongen en nog veel meer. Vroeger werd er vaak gezegd: die wonderen horen in de jonge kerk thuis. Wonderen waren bestemd voor lang geleden, de beginjaren. Dat klonk logisch en we slikten dat allemaal als zoete koek.
Maar is dat zo logisch? Kijk eens naar wat Paulus zegt in 1 Korintiërs 12: daar heeft hij het over de gaven van de Geest die royaal aan de kerk worden uitgedeeld. In dat hoofdstuk wordt nergens gezegd dat die gaven alleen maar voor de begintijd van de kerk bedoeld zijn. Er wordt alleen maar gezegd dat niet iedereen dezelfde gaven krijgt en dat niet iedereen alle gaven ontvangt, maar dat er juist een mooie eenheid ontstaat als iedereen een eigen gave krijgt. Paulus gebruikt daarvoor het beeld van het ene lichaam dat vele verschillende ledematen heeft. En alleen zo kan functioneren.
Je kunt toch niet zeggen dat de Heer Jezus nu minder macht heeft dan vroeger? Wonderen kunnen gebeuren. Ook in onze eigen tijd. En ze gebeuren inderdaad en niet eens ver weg. Maar waar gaat het Jezus nu om, als hij zieken geneest? Uiteindelijk zal iedereen sterven, of je nu wonderlijk genezen bent of dat je tot je dood gehandicapt blijft.
Ja en dat is nu precies waarover het in onze tekst gaat. Er is feest in Jeruzalem en Jezus is ter plaatse. Het is sabbat en dan moet je goed uitkijken wat je doet, of liever wat je niet doet. Want er zijn farizeeën die een heleboel sabbatswetten gemaakt hebben om de sabbat naar hun idee te heiligen. Je mocht geen eten kopen of klaarmaken, je mocht geen huisraad bij je hebben op je sabbatswandeling en zo was er nog veel meer, een loodzware last voor het volk van God. Een last die God nooit opgelegd had, maar die zogenaamd ‘vrome’ voorgangers hadden verzonnen om God welgevallig te zijn.
Jezus loopt bij de Schaapspoort met zijn leerlingen. Hij gaat een heel groot gebouw binnen, laten we zeggen een groot zwembad, met wel vijf zuilengangen erom heen. In die gangen ligt een groot aantal zieken, gehandicapten, blinden, kreupelen en misvormden. Eén grote hoop ellende. Maar er is een heel kleine hoop om beter te worden. Want op ongezette tijden komt er uit de hemel een engel bij dat water en dan raakte hij dat aan. En, o wonder, dan was er voor één zieke genezing, degene die het eerst in het water wist te komen. Het was dus maar niet gewoon een verzamelplaats van zieken en gehandicapten, maar het was een plaats waar van tijd tot tijd genezing was, dat was het.
Wat doet Jezus? Gaat hij in één klap in dat grote bad Bethesda iedereen gezond maken? Dat kan hij toch? Maar nee, na even zoeken gaat hij op één man af en hij stelt hem de vraag: wilt u gezond worden? Jezus weet wat hij doet. Hij kent die man die al 38 jaar lang ziek is, zijn benen niet gebruiken kan en dus nooit bij het water kan komen als de engel daar verschijnt. Een hopeloos geval… geen wonder voor hem, altijd is er wel iemand eerder dan hij. En hij, hij heeft ook niemand om hem in het water te gooien als het weer eens beweegt.
Dan zegt Jezus tegen hem: Sta op, pak je mat op en loop. Wat een kracht heeft zijn woord. Net als bij de schepping in Genesis 1. Zijn Vader sprak – en het gebeurde. Hier is de Zoon. Hij spreekt en het gebeurt! De patiënt is beter, niet maar een beetje, maar helemaal. Daar staat hij, daar gaat hij, daar draagt hij zijn slaapmat op zijn rug. De mensen om hem heen, ook de zieken, ze staan allemaal verstomd. Maar een paar farizeeën weten alleen maar te zeggen: man, het is vandaag sabbat. Dan is het niet toegestaan om met een slaapmat over de straat te lopen.
Later komt hij in de tempel Jezus weer tegen. Dan begrijpt hij wie hem beter gemaakt heeft en kan hij dat aan de farizeeën gaan vertellen. Jezus, het is Jezus die mij gezond gemaakt heeft! Maar de farizeeën kunnen alleen maar zeggen: Jezus moet dood, want hij geneest mensen op sabbat, vreselijk, wat een minachting van Gods heilige dag.
Ja, dan ontdekken we opeens dat het niet zozeer om een wonderlijke genezing gaat, maar om de vraag wat Jezus mag doen, ook op sabbat. En dat is dan ook de spits van deze historie. Jezus zegt: Mijn Vader werkt aan één stuk door, en daarom doe ik dat ook. Dat is een veelzeggend woord. Want in Genesis staat dat God op de sabbat rust en geniet van zijn schepping. Dat was voor de zondeval. Maar nu, nu heel de wereld in zonde is gevallen, en zeker wanneer Jezus hier op aarde zijn werk doet, is er voor zijn Vader geen rust meer. En ook voor Jezus niet.
God neemt geen rust meer totdat hij heel zijn schepping heeft bevrijd van zonde en dood. Daarom geneest Jezus deze man, juist op sabbat. Tegelijk laat Jezus duidelijk zien, dat hij dus niet gekomen is om zoveel mogelijk mensen van hun aardse ziekten en ongemakken af te helpen. Hij heeft een veel grotere taak. Hij komt ten diepste om ons te verlossen van onze zonden.
Want, waar zonde is, is schuld. En voor zondige mensen is er op geen enkele manier een weg naar God de Vader. Dat is de grote narigheid voor ieder in deze wereld. Niet maar dat je allerlei ziekten en rampen kunnen treffen, maar dat je het eeuwige leven misloopt. Het leven zoals God dat in het begin heeft bedoeld.
Jezus geneest. Nou en of. Maar het is maar de vraag of je ziet met welke genezing de Heer naar ons toekomt. Blijven we stilstaan bij de tekenen die hij doet, of worden we daardoor juist nieuwsgierig naar de grote verlossing die hij geeft aan ieder die in hem gelooft.
Kijk, het is prachtig als onze Heer Jezus tekenen doet, ook in onze tijd. Er zijn kerken die dat heel erg vergeten zijn. Er zijn kerkleden die het gewoonweg ontkennen: er zijn geen wonderen van Jezus meer, zoals die er vroeger waren. Maar Jezus is machtig en hij blijft machtig. Ook in onze tijd. Als hij tekenen geeft van zijn majesteit, van zijn priesterlijke ontferming in deze wereld, dan is dat geweldig. Maar we moeten niet bij die tekenen blijven staan.
Hij geeft ze om ons door die tekens te laten zien dat hij een veel grotere verlossing op het oog heeft. Wie een wonder heeft ervaren in zijn of haar leven weet toch zeker dat hij eens zal sterven, een wondergenezing helpt daar echt niet tegen. Maar iedereen weet hoeveel macht hij heeft en iedereen in de omgeving te Bethesda was daar getuige van. Ze hebben Jezus gezien in dat wonder.
En dan is de vraag: hoeveel van die mensen in Bethesda hebben zich door dat wonder laten overtuigen van die grote verlossing die bij Jezus te vinden is? Dat geldt net zo goed voor ons. Als je van zo’n wondergenezing getuige mag zijn, zeg dan niet: waarom worden er niet meer mensen genezen, waarom mijn gehandicapte moeder niet, waarom mijn verlamde vader niet, waarom mijn blinde kind niet?
Maar prijs luidkeels en met vreugde de Heer dat hij ook in onze tijd nog zichtbare tekenen en wonderen bij enkelingen doet om ons allemaalte overtuigen van het onzichtbare wonder van het eeuwige leven dat hij geven wil aan ieder die gelooft en daarom van harte Jezus eert en hem dankbaar als zijn Verlosser aanneemt.
Prijs Jezus hartelijk nu en tot in eeuwigheid om zijn grote en onvoorstelbare genade
10 Verder, mijn broeders, word gesterkt in de Heere en in de sterkte van Zijn macht.
11 Bekleed u met de hele wapenrusting van God, opdat u stand kunt houden tegen de listige verleidingen van de duivel.
12 Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van de duisternis van dit tijdperk, tegen de geestelijke machten van het kwaad in de hemelse gewesten.
13 Neem daarom de hele wapenrusting van God aan, opdat u weerstand kunt bieden op de dag van het kwaad, en na alles gedaan te hebben, stand kunt houden.
14 Houd dan stand, uw middel omgord met de waarheid, en bekleed met het borstharnas van de gerechtigheid,
15 en de voeten geschoeid met bereidheid van het Evangelie van de vrede.
16 Neem bovenal het schild van het geloof op, waarmee u alle vurige pijlen van de boze zult kunnen uitblussen.
17 En neem de helm van de zaligheid en het zwaard van de Geest, dat is Gods Woord,
18 terwijl u bij elke gelegenheid met alle gebed en smeking bidt in de Geest en daarin waakzaam bent met alle volharding en smeking voor alle heiligen.
19 Bid ook voor mij, opdat mij het woord gegeven wordt bij het openen van mijn mond, om met vrijmoedigheid het geheimenis van het Evangelie bekend te maken,
20 waarvan ik een gezant ben in ketenen, opdat ik daarin vrijmoedig mag spreken, zoals ik moet spreken.
.
.
Er is een grote strijd aan de gang, een onzichtbare strijd in de hemelse gewesten. Een strijd tussen Satan en God, een strijd tussen engelen en demonen, een strijd om de gelovigen, een strijd om de gemeente, een strijd tussen licht en duisternis. Het is een strijd om de glorie van God, om de vervulling van het heilsplan van God. God zet Zijn engelen in om Zijn glorie te bewerken.
God wil ook ons gebruiken om Zijn glorie te weerspiegelen. God wil ons gebruiken om de boodschap van redding aan de wereld te verkondigen. Ook wij worden opgeroepen als gelovigen om te strijden, om te strijden voor de glorie van God (2 Tim. 2:3-4).
Beseffen we wel de enorme opdracht die we hebben? De strijd in de hemelse gewesten is niet zomaar een strijd ver van ons af. Neen, God wil ons gebruiken als soldaten in de strijd. Hij heeft ons uitgekozen om te strijden voor Zijn koninkrijk en Zijn boodschap van redding te verkondigen.
Wat een enorme waarheid komen we hier tegen in Efeze 6 vers 12:
“Wij hebben niet te worstelen tegen vlees en bloed”.
.
.
We hebben niet te strijden tegen mensen, we hebben te strijden tegen de boze. Wanneer mensen ons pijn doen, wanneer ruzie, twist, verdeeldheid in de gemeente komt. Wanneer ruzie en twist in ons huwelijk komt, wanneer ons geloof begint te wankelen en we aan God gaan twijfelen, vecht dan niet tegen mensen.
De Satan probeert er alles aan te doen om ons van God af te trekken, hij probeert er alles aan te doen om verdeeldheid en ruzie te zaaien. Hij probeert er alles aan te doen om ons in leugens te doen geloven. We leven in een wereld die beheerst wordt door de boze. De Satan is nog steeds de overste der wereld. Wanneer we tot bekering komen worden we overgeplaatst van het koninkrijk van de duisternis, naar het koninkrijk van het licht.
God wil als een Vader voor ons zorgen, onze zonden worden vergeven, we hebben eeuwig leven. Maar de duisternis zal er alles aan doen om ons terug te trekken naar de duisternis.
De grootste leugen die de duisternis ons wil aanpraten is dat hij niet bestaat, en als hij al bestaat, dat hij geen macht heeft, maar de bijbel leert ons in 1 Petrus 5:8 het volgende:
“Uw tegenstander de duivel gaat rond als een brullende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden.”
De Satan is geen poesje dat even grauw, grauw zegt, de Satan is een brullende leeuw, zoekende wie hij kan verslinden.
.
Efeze 6:12-13, Neem daarom de wapenrusting Gods aan
.
Wat een geweldig en liefdevol God hebben we toch. God laat ons niet aan ons lot over, God wil ons helpen in de strijd tegen de boze. Toen Jezus aan het kruis stierf en na de derde dag weer uit de doden op stond, heeft Hij de macht van de duisternis gebroken. Hij heeft de macht van de dood en de macht van de zonde overwonnen. Jezus is overwinnaar. Hij heeft de duisternis overwonnen. En met diezelfde kracht waarmee Hij de duisternis heeft overwonnen en is opgestaan uit de dood, met die kracht wil Hij naast ons staan, wil Hij met ons strijden.
Paulus zegt het als volgt: “Gelovigen, neem de wapenuitrusting van God ter hand. God heeft u alles gegeven om in Jezus de overwinning op de duisternis te halen”.
Wanneer je dus aangevallen wordt, neem Gods wapens ter hand. Laat u niet doen, maar strijdt in Gods kracht tegen de duisternis. De Bijbel geeft een hele mooie belofte ( Jac. 4:7 ) :
“Biedt weerstand aan de duivel, en hij zal van u vlieden.”
Wat moeten we doen wanneer de duisternis ons probeert aan te vallen? We moeten een actieve houding aannemen. We moeten niet vechten tegen mensen, situaties of tegen onszelf, we moeten weerstand bieden aan de duivel. Paulus zegt ons: “Doet de wapenen van God aan en gij zult door Jezus overwinnen”.
.
.
De onzichtbare strijd van Satan
.
Sta je op scherp? Elke gelovige bevindt zich namelijk midden in een oorlog. Paulus zegt namelijk aan het einde van zijn brief aan de gemeente van Efeze dat we in de strijd zijn. En het is noodzakelijk om eens even heel bewust hierbij stil te staan. Juist omdat dit de realiteit is van het geloofsleven en dat het je wellicht helpt om alles in het juist licht te zien.
Wij kunnen soms heel erg bang zijn voor alles dat ons overkomt of als we zien wat er in de wereld om ons heen gebeurt. Maar ook kunnen we zomaar een gevoel tegen mensen hebben die ons iets aandoen, waardoor het voor ons soms heel erg moeilijk kan zijn om met die mensen om te gaan. Maar Paulus wil ons in Efeze 6 iets anders leren. Iets dat wij heel vaak vergeten. Paulus zegt ons namelijk dat wij niet de strijd tegen vlees en bloed hebben. Dat gevoel hebben we vaak wel, want het zijn meestal mensen die iets doen, waardoor wij het gevoel hebben dat er een soort onderlinge strijd is.
Paulus zegt echter dat we niet de strijd hebben tegen vlees en bloed. Het zijn niet de mensen, die ten diepste hier op aarde de strijd voeren. Paulus wil ons iets anders leren, hij wil ons dieper laten kijken dan dat wat wij voor ogen zien. Hij zegt dat we de strijd hebben tegen de overheden, machten en wereldbeheersers van de duisternis. En nog duidelijker: we hebben de strijd tegen de geestelijke machten in de hemelse gewesten.
De Bijbel gaat uit van meerdere hemelen. Waar Paulus het hier over heeft is de atmosfeer waar de duivel met zijn demonen de strijd aangaat met de engelen van God. Het is de plaats waar de strijd plaatsvindt tegen het Koninkrijk van God. En dat is niet een plaats die ver van ons afstaat, maar wij zijn er eigenlijk in betrokken. We zien die geestelijke wereld niet, maar we zien wel de uitwerking er van en soms kun je die strijd ook voelen. Dan merk je dat er een geestelijke strijd is, die er alles aan doet om Gods Koninkrijk te verstoren. Dat kan te maken hebben met je persoonlijke geloof, maar deze strijd is ook veel breder. Het raakt ten diepste het hele wereldgebeuren.
Op het moment dat we dit gaan inzien, merken we dat er achter alles dat we zien, er veel meer aan de hand is. Het is oorlog om ons heen. Dan is de strijd in het Midden Oosten, geen strijd van mensen, maar ten diepste de strijd waar de wereldbeheersers van het rijk van de duisternis leiding aan geven. Maar dat komt ook veel dichterbij. Het gebeurt ook als Gods werk in onze omgeving wordt tegengewerkt.
En satan wil heel graag dat zijn strijd liever niet op die manier gezien wordt. Veel liever ziet hij dat wij denken dat het de mensen zijn tegen wie wij moeten strijden. Want dan loopt de strijd stuk op mensen onderling. En degene die echt de oorzaak achter al deze strijd is, kan gewoon doorgaan.
.
.
Maar Gods Woord zegt ons vandaag dat we een laag dieper moeten kijken. We moeten zien wat er werkelijk gebeurt. En tegen die strijd moeten we ons wapenen zodat we beschermd zijn. Anders worden we persoonlijk geraakt en raken we verwond. Elke aanval van satan is af te keren met de verdedigingswapens die Paulus noemt. Elke aanval is te keren als we de vijand die verdedigingswapens voorhouden: de Waarheid tegen over de leugens die satan wil dat jij gelooft.
De gerechtigheid die je in het geloof hebt gekregen tegenover de ongerechtigheid waar satan je mee beschuldigt. De bereidheid van vrede tegenover onvergevingsgezindheid en haat. Het schild van het geloof tegenover elke aanval waarmee satan je laat geloven dat je geen heil hebt. Een schild werd vroeger bekleed met een lap die nat werd gemaakt met water, zodat brandende pijlen werden geblust. Het geloof is het schild dat is gedompeld in het bloed van Jezus.
Dat blust elke vurige pijl van satan. En tenslotte de helm van de hoop op de zaligheid. Het is je uitzien dat terwijl je nog midden in de strijd bent, dat de overwinning je al is gegeven. Je bent in Christus, meer dan overwinnaar! En naast al deze verdedigingswapens is er ook een heel belangrijk aanvalswapen. Het is niet de bedoeling van Paulus om te zeggen dat omdat er zoveel verdedigingswapens zijn, dat je de strijd maar over je heen moet laten komen. Paulus zegt dat we in deze strijd rechtop moeten staan! Strijdend dus. En voor die strijd heeft elke gelovige het zwaard van het Woord gekregen.
Daarmee zal satan altijd het onderspit gaan delven. Waar hij je aanvalt mag jij je verdedigen met de Waarheid en met geloof. Maar je wordt opgeroepen om de strijd aan te gaan zodat Gods Koninkrijk meer en meer de overwinning zal krijgen. En het zwaard van het Woord is dodelijk voor satan. Jezus sloeg Zelf, tijdens de verzoeking in de woestijn ook op die manier terug.
En het woord dat Paulus hier gebruikt is niet het woord waarmee hij het geschreven of gelezen Woord bedoeld. Hier gebruikt hij een ander woord. Het gaat hier om het gesproken, of nog beter, het geproclameerde Woord van God. Je moet het Woord van God, hardop uitspreken in de aanval tegen de machten van de duisternis.
De strijd is gewonnen door Jezus. Wij mogen nu, in het geloof, de overwinning opeisen en tegen alle machten van de duisternis weerstand bieden in de Naam van Jezus. Dan is de overwinning zeker. Heb goede moed, zegt Jezus, want Ik heb de wereld overwonnen.
.
De wapenuitrusting!
.
.
Wapens die we al aanhebben:
.
De eerste drie delen van onze wapenuitrusting hebben we al van God gekregen toen we tot bekering kwamen. Wanneer we God aannemen als onze redder en verlosser worden we kinderen van Hem. Maar we worden ook strijders, soldaten in Gods koninkrijk. Het eerste wat God doet is ons als soldaten kleden. We krijgen een gordel, een pantser en schoenen. De werkwoorden die genoemd worden staan in de verleden tijd: we zijn al omgord, bekleed en geschoeid. Maar wat hebben we eigenlijk van God gekregen?
.
1) Uw lendenen omgord met de waarheid
.
Een gordel is een ontzettend nuttig kledingstuk. Een gordel dient om onze klederen bij elkaar te houden, zodat we ons vrij kunnen bewegen. Zo is ook de gordel van onze wapenuitrusting heel belangrijk. De gordel van de waarheid is Jezus Zelf en Zijn woord. Toch is het niet altijd gemakkelijk om in de waarheid te wandelen, onze tegenstander is namelijk de vader van de leugen. Hij zal er alles aan proberen te doen om ons in de leugen te doen geloven.
Om vast in de waarheid te staan moeten we alles wat we doen en denken aan de waarheid toetsen. Jezus bidt voor ons in Joh. 17:17: “Heilig hen in Uw waarheid, Uw woord is de waarheid.”. Alleen in het licht van de Gods waarheid, de Bijbel kunnen we de satan verjagen.
> Steek uw Bijbel in de lucht om te getuigen dat u Gods waarheid wilt volgen.
.
2) Pantser der gerechtigheid
.
De Bijbel leert ons dat God ons gerechtvaardigd heeft. Doordat Jezus voor onze zonden gestorven is zijn wij heil en rein. Het pantser der gerechtigheid is de vergeving van onze zonden. God wil al onze zonden vergeven, hoe groot die ook zijn, hoe vaak we die ook gedaan hebben. Wanneer we onze zonden belijden, zal God onze zonden vergeven! Onze zonden belijden is ze eerlijk en oprecht uitspreken naar God toe.
> 1 Joh. 1:9 luidop lezen.
.
3) Voeten geschoeid met de bereidvaardigheid van het evangelie des vredes
.
Dit wil zeggen dat we de kracht gekregen hebben om Gods boodschap van vrede uit te dragen in het leven van elke dag. Wat is deze boodschap? “Heb God lief boven alles en uw naaste als uzelf.” We staan in de liefde. God heeft Zijn liefde in onze harten uitgestort. Laten we als de duisternis ons of onze gemeente aanvalt staan in de liefde. Laten we niet ophouden om elkaar lief te hebben, te dienen, de ander hoger te achten dan onszelf.
> Laten we naar elkaar kijken in liefde.
.
Verdedigingswapens die we moeten aantrekken:
.
4) Het schild des geloofs
.
In het nieuwe testament komt het woord schild maar eenmaal voor en dat is in Efeze 6:16. In het oude testament komt het woord schild verschillende keren voor: de eerste keer komen we het tegen in Gen 15, waar God tot Abraham zegt: “Vrees niet Abraham, Ik ben uw schild”. Wat een heerlijke belofte is het niet, God is onze schild, Hij wil ons beschermen tegen de brandende pijlen van de vijand. “onze ziel verwacht de Here, Hij is onze hulp en ons schild” Ps.33:20.
Het schild van het geloof is ons vertrouwen in God. Hoe meer we God leren kennen, hoe zekerder, vaster ons vertrouwen en geloof in Hem worden. Persoonlijke studie in de bijbel, preek, Bijbelstudie, enz. vergroot onze kennis over God en dus ook ons vertrouwen op God. Wanneer de duisternis ons aanvalt, laten we opzien naar Christus. Hij is altijd bij ons. Hij geeft ons wat we nodig hebben!
> Samen zeggen “Ik wil Christus vertrouwen.”
.
5) De helm des heils
.
De helm des heils is onze positie in Christus. Toen we kinderen van God werden hebben we verschillende beloften van God gekregen: we zijn Gods kinderen, we zijn heilig en rein door de vergeving, we zijn het zout der aarde.
Het is belangrijk dat we beseffen welke positie we hebben in Christus. Om in de positie van Christus te wandelen moeten we ons laten leiden door Gods Geest. De helm beschermt ons meest kwetsbare deel van ons lichaam, ons hoofd, onze gedachten. Laten we er ons steeds van bewust zijn wie we zijn in Christus, laten we ons laten leiden door Gods Geest!
> Samen Rom 8:38 lezen.
.
Aanvalswapens die we moeten aantrekken:
.
6) Het zwaard des Geestes, dat is het Woord van God
.
Het zwaard is het middel waar we de duisternis met aanvallen. Wat is het zwaard des Geestes? Het Woord van God! Het gebruikelijke woord dat in het Grieks gebruikt wordt voor “woord” is Logos. Maar in deze context staat het woord “RHEMA” Dit woord kan het best vertaald worden door: ‘luidop proclameren’. Het woord van God is het luidop proclameren van Gods waarheid. Om de duisternis te verslaan moeten we weerstand bieden, dit kunnen we door hem openlijk te verwerpen en luidop weg te sturen in Jezus’ naam. Waarom? De duisternis kan onze gedachten niet lezen.
> Ik bied weerstand in Jezus’ naam.
.
7) Ten alle tijden bidden
.
Het belangrijkste wapen dat wij hebben is het gebed. Door het gebed is de christensoldaat in voortdurend contact met zijn aanvoerder, de Here Jezus Christus. Daar de vijand zijn tegenstand nooit opgeeft, mogen ook wij niet verslappen in het gebed. God roept ons op om ten alle tijden te bidden.Tevens moeten we bidden in overeenstemming met de Heilige Geest die ons in ons gebed zal leiden wanneer we ons voor Hem open zetten.
Jezus zegt tegen Zijn discipelen in de tuin van Getsemane: “Waakt en bidt opdat gij niet in verzoeking komt.” Mat.25:41. We zijn als leden van een lichaam, de gemeente, met elkaar verbondenen vormen we een doelwit voor de aanvallen van de vijand, daarom moeten we elkaar voor de troon der genade opdragen. Zo moeten we in ons gebed niet alleen gericht zijn op onze eigen noden, maar ook op de noden van de gemeente en op de noden van alle heiligen en ongelovigen. Laten we daarom nooit ophouden voor elkaar en de mensen rondom ons te bidden.
10 Verder, mijn broeders, word gesterkt in de Heere en in de sterkte van Zijn macht.
11 Bekleed u met de hele wapenrusting van God, opdat u stand kunt houden tegen de listige verleidingen van de duivel.
12 Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van de duisternis van dit tijdperk, tegen de geestelijke machten van het kwaad in de hemelse gewesten.
13 Neem daarom de hele wapenrusting van God aan, opdat u weerstand kunt bieden op de dag van het kwaad, en na alles gedaan te hebben, stand kunt houden.
14 Houd dan stand, uw middel omgord met de waarheid, en bekleed met het borstharnas van de gerechtigheid,
15 en de voeten geschoeid met bereidheid van het Evangelie van de vrede.
16 Neem bovenal het schild van het geloof op, waarmee u alle vurige pijlen van de boze zult kunnen uitblussen.
17 En neem de helm van de zaligheid en het zwaard van de Geest, dat is Gods Woord,
18 terwijl u bij elke gelegenheid met alle gebed en smeking bidt in de Geest en daarin waakzaam bent met alle volharding en smeking voor alle heiligen.
19 Bid ook voor mij, opdat mij het woord gegeven wordt bij het openen van mijn mond, om met vrijmoedigheid het geheimenis van het Evangelie bekend te maken,
20 waarvan ik een gezant ben in ketenen, opdat ik daarin vrijmoedig mag spreken, zoals ik moet spreken.
.
.
Er is een grote strijd aan de gang, een onzichtbare strijd in de hemelse gewesten. Een strijd tussen Satan en God, een strijd tussen engelen en demonen, een strijd om de gelovigen, een strijd om de gemeente, een strijd tussen licht en duisternis. Het is een strijd om de glorie van God, om de vervulling van het heilsplan van God. God zet Zijn engelen in om Zijn glorie te bewerken.
God wil ook ons gebruiken om Zijn glorie te weerspiegelen. God wil ons gebruiken om de boodschap van redding aan de wereld te verkondigen. Ook wij worden opgeroepen als gelovigen om te strijden, om te strijden voor de glorie van God (2 Tim. 2:3-4).
Beseffen we wel de enorme opdracht die we hebben? De strijd in de hemelse gewesten is niet zomaar een strijd ver van ons af. Neen, God wil ons gebruiken als soldaten in de strijd. Hij heeft ons uitgekozen om te strijden voor Zijn koninkrijk en Zijn boodschap van redding te verkondigen.
Wat een enorme waarheid komen we hier tegen in Efeze 6 vers 12:
“Wij hebben niet te worstelen tegen vlees en bloed”.
.
.
We hebben niet te strijden tegen mensen, we hebben te strijden tegen de boze. Wanneer mensen ons pijn doen, wanneer ruzie, twist, verdeeldheid in de gemeente komt. Wanneer ruzie en twist in ons huwelijk komt, wanneer ons geloof begint te wankelen en we aan God gaan twijfelen, vecht dan niet tegen mensen.
De Satan probeert er alles aan te doen om ons van God af te trekken, hij probeert er alles aan te doen om verdeeldheid en ruzie te zaaien. Hij probeert er alles aan te doen om ons in leugens te doen geloven. We leven in een wereld die beheerst wordt door de boze. De Satan is nog steeds de overste der wereld. Wanneer we tot bekering komen worden we overgeplaatst van het koninkrijk van de duisternis, naar het koninkrijk van het licht.
God wil als een Vader voor ons zorgen, onze zonden worden vergeven, we hebben eeuwig leven. Maar de duisternis zal er alles aan doen om ons terug te trekken naar de duisternis.
De grootste leugen die de duisternis ons wil aanpraten is dat hij niet bestaat, en als hij al bestaat, dat hij geen macht heeft, maar de bijbel leert ons in 1 Petrus 5:8 het volgende:
“Uw tegenstander de duivel gaat rond als een brullende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden.”
De Satan is geen poesje dat even grauw, grauw zegt, de Satan is een brullende leeuw, zoekende wie hij kan verslinden.
.
Efeze 6:12-13, Neem daarom de wapenrusting Gods aan
.
Wat een geweldig en liefdevol God hebben we toch. God laat ons niet aan ons lot over, God wil ons helpen in de strijd tegen de boze. Toen Jezus aan het kruis stierf en na de derde dag weer uit de doden op stond, heeft Hij de macht van de duisternis gebroken. Hij heeft de macht van de dood en de macht van de zonde overwonnen. Jezus is overwinnaar. Hij heeft de duisternis overwonnen. En met diezelfde kracht waarmee Hij de duisternis heeft overwonnen en is opgestaan uit de dood, met die kracht wil Hij naast ons staan, wil Hij met ons strijden.
Paulus zegt het als volgt: “Gelovigen, neem de wapenuitrusting van God ter hand. God heeft u alles gegeven om in Jezus de overwinning op de duisternis te halen”.
Wanneer je dus aangevallen wordt, neem Gods wapens ter hand. Laat u niet doen, maar strijdt in Gods kracht tegen de duisternis. De Bijbel geeft een hele mooie belofte ( Jac. 4:7 ) :
“Biedt weerstand aan de duivel, en hij zal van u vlieden.”
Wat moeten we doen wanneer de duisternis ons probeert aan te vallen? We moeten een actieve houding aannemen. We moeten niet vechten tegen mensen, situaties of tegen onszelf, we moeten weerstand bieden aan de duivel. Paulus zegt ons: “Doet de wapenen van God aan en gij zult door Jezus overwinnen”.
.
.
De onzichtbare strijd van Satan
.
Sta je op scherp? Elke gelovige bevindt zich namelijk midden in een oorlog. Paulus zegt namelijk aan het einde van zijn brief aan de gemeente van Efeze dat we in de strijd zijn. En het is noodzakelijk om eens even heel bewust hierbij stil te staan. Juist omdat dit de realiteit is van het geloofsleven en dat het je wellicht helpt om alles in het juist licht te zien.
Wij kunnen soms heel erg bang zijn voor alles dat ons overkomt of als we zien wat er in de wereld om ons heen gebeurt. Maar ook kunnen we zomaar een gevoel tegen mensen hebben die ons iets aandoen, waardoor het voor ons soms heel erg moeilijk kan zijn om met die mensen om te gaan. Maar Paulus wil ons in Efeze 6 iets anders leren. Iets dat wij heel vaak vergeten. Paulus zegt ons namelijk dat wij niet de strijd tegen vlees en bloed hebben. Dat gevoel hebben we vaak wel, want het zijn meestal mensen die iets doen, waardoor wij het gevoel hebben dat er een soort onderlinge strijd is.
Paulus zegt echter dat we niet de strijd hebben tegen vlees en bloed. Het zijn niet de mensen, die ten diepste hier op aarde de strijd voeren. Paulus wil ons iets anders leren, hij wil ons dieper laten kijken dan dat wat wij voor ogen zien. Hij zegt dat we de strijd hebben tegen de overheden, machten en wereldbeheersers van de duisternis. En nog duidelijker: we hebben de strijd tegen de geestelijke machten in de hemelse gewesten.
De Bijbel gaat uit van meerdere hemelen. Waar Paulus het hier over heeft is de atmosfeer waar de duivel met zijn demonen de strijd aangaat met de engelen van God. Het is de plaats waar de strijd plaatsvindt tegen het Koninkrijk van God. En dat is niet een plaats die ver van ons afstaat, maar wij zijn er eigenlijk in betrokken. We zien die geestelijke wereld niet, maar we zien wel de uitwerking er van en soms kun je die strijd ook voelen. Dan merk je dat er een geestelijke strijd is, die er alles aan doet om Gods Koninkrijk te verstoren. Dat kan te maken hebben met je persoonlijke geloof, maar deze strijd is ook veel breder. Het raakt ten diepste het hele wereldgebeuren.
Op het moment dat we dit gaan inzien, merken we dat er achter alles dat we zien, er veel meer aan de hand is. Het is oorlog om ons heen. Dan is de strijd in het Midden Oosten, geen strijd van mensen, maar ten diepste de strijd waar de wereldbeheersers van het rijk van de duisternis leiding aan geven. Maar dat komt ook veel dichterbij. Het gebeurt ook als Gods werk in onze omgeving wordt tegengewerkt.
En satan wil heel graag dat zijn strijd liever niet op die manier gezien wordt. Veel liever ziet hij dat wij denken dat het de mensen zijn tegen wie wij moeten strijden. Want dan loopt de strijd stuk op mensen onderling. En degene die echt de oorzaak achter al deze strijd is, kan gewoon doorgaan.
.
.
Maar Gods Woord zegt ons vandaag dat we een laag dieper moeten kijken. We moeten zien wat er werkelijk gebeurt. En tegen die strijd moeten we ons wapenen zodat we beschermd zijn. Anders worden we persoonlijk geraakt en raken we verwond. Elke aanval van satan is af te keren met de verdedigingswapens die Paulus noemt. Elke aanval is te keren als we de vijand die verdedigingswapens voorhouden: de Waarheid tegen over de leugens die satan wil dat jij gelooft.
De gerechtigheid die je in het geloof hebt gekregen tegenover de ongerechtigheid waar satan je mee beschuldigt. De bereidheid van vrede tegenover onvergevingsgezindheid en haat. Het schild van het geloof tegenover elke aanval waarmee satan je laat geloven dat je geen heil hebt. Een schild werd vroeger bekleed met een lap die nat werd gemaakt met water, zodat brandende pijlen werden geblust. Het geloof is het schild dat is gedompeld in het bloed van Jezus.
Dat blust elke vurige pijl van satan. En tenslotte de helm van de hoop op de zaligheid. Het is je uitzien dat terwijl je nog midden in de strijd bent, dat de overwinning je al is gegeven. Je bent in Christus, meer dan overwinnaar! En naast al deze verdedigingswapens is er ook een heel belangrijk aanvalswapen. Het is niet de bedoeling van Paulus om te zeggen dat omdat er zoveel verdedigingswapens zijn, dat je de strijd maar over je heen moet laten komen. Paulus zegt dat we in deze strijd rechtop moeten staan! Strijdend dus. En voor die strijd heeft elke gelovige het zwaard van het Woord gekregen.
Daarmee zal satan altijd het onderspit gaan delven. Waar hij je aanvalt mag jij je verdedigen met de Waarheid en met geloof. Maar je wordt opgeroepen om de strijd aan te gaan zodat Gods Koninkrijk meer en meer de overwinning zal krijgen. En het zwaard van het Woord is dodelijk voor satan. Jezus sloeg Zelf, tijdens de verzoeking in de woestijn ook op die manier terug.
En het woord dat Paulus hier gebruikt is niet het woord waarmee hij het geschreven of gelezen Woord bedoeld. Hier gebruikt hij een ander woord. Het gaat hier om het gesproken, of nog beter, het geproclameerde Woord van God. Je moet het Woord van God, hardop uitspreken in de aanval tegen de machten van de duisternis.
De strijd is gewonnen door Jezus. Wij mogen nu, in het geloof, de overwinning opeisen en tegen alle machten van de duisternis weerstand bieden in de Naam van Jezus. Dan is de overwinning zeker. Heb goede moed, zegt Jezus, want Ik heb de wereld overwonnen.
.
De wapenuitrusting!
.
.
Wapens die we al aanhebben:
.
De eerste drie delen van onze wapenuitrusting hebben we al van God gekregen toen we tot bekering kwamen. Wanneer we God aannemen als onze redder en verlosser worden we kinderen van Hem. Maar we worden ook strijders, soldaten in Gods koninkrijk. Het eerste wat God doet is ons als soldaten kleden. We krijgen een gordel, een pantser en schoenen. De werkwoorden die genoemd worden staan in de verleden tijd: we zijn al omgord, bekleed en geschoeid. Maar wat hebben we eigenlijk van God gekregen?
.
1) Uw lendenen omgord met de waarheid
.
Een gordel is een ontzettend nuttig kledingstuk. Een gordel dient om onze klederen bij elkaar te houden, zodat we ons vrij kunnen bewegen. Zo is ook de gordel van onze wapenuitrusting heel belangrijk. De gordel van de waarheid is Jezus Zelf en Zijn woord. Toch is het niet altijd gemakkelijk om in de waarheid te wandelen, onze tegenstander is namelijk de vader van de leugen. Hij zal er alles aan proberen te doen om ons in de leugen te doen geloven.
Om vast in de waarheid te staan moeten we alles wat we doen en denken aan de waarheid toetsen. Jezus bidt voor ons in Joh. 17:17: “Heilig hen in Uw waarheid, Uw woord is de waarheid.”. Alleen in het licht van de Gods waarheid, de Bijbel kunnen we de satan verjagen.
> Steek uw Bijbel in de lucht om te getuigen dat u Gods waarheid wilt volgen.
.
2) Pantser der gerechtigheid
.
De Bijbel leert ons dat God ons gerechtvaardigd heeft. Doordat Jezus voor onze zonden gestorven is zijn wij heil en rein. Het pantser der gerechtigheid is de vergeving van onze zonden. God wil al onze zonden vergeven, hoe groot die ook zijn, hoe vaak we die ook gedaan hebben. Wanneer we onze zonden belijden, zal God onze zonden vergeven! Onze zonden belijden is ze eerlijk en oprecht uitspreken naar God toe.
> 1 Joh. 1:9 luidop lezen.
.
3) Voeten geschoeid met de bereidvaardigheid van het evangelie des vredes
.
Dit wil zeggen dat we de kracht gekregen hebben om Gods boodschap van vrede uit te dragen in het leven van elke dag. Wat is deze boodschap? “Heb God lief boven alles en uw naaste als uzelf.” We staan in de liefde. God heeft Zijn liefde in onze harten uitgestort. Laten we als de duisternis ons of onze gemeente aanvalt staan in de liefde. Laten we niet ophouden om elkaar lief te hebben, te dienen, de ander hoger te achten dan onszelf.
> Laten we naar elkaar kijken in liefde.
.
Verdedigingswapens die we moeten aantrekken:
.
4) Het schild des geloofs
.
In het nieuwe testament komt het woord schild maar eenmaal voor en dat is in Efeze 6:16. In het oude testament komt het woord schild verschillende keren voor: de eerste keer komen we het tegen in Gen 15, waar God tot Abraham zegt: “Vrees niet Abraham, Ik ben uw schild”. Wat een heerlijke belofte is het niet, God is onze schild, Hij wil ons beschermen tegen de brandende pijlen van de vijand. “onze ziel verwacht de Here, Hij is onze hulp en ons schild” Ps.33:20.
Het schild van het geloof is ons vertrouwen in God. Hoe meer we God leren kennen, hoe zekerder, vaster ons vertrouwen en geloof in Hem worden. Persoonlijke studie in de bijbel, preek, Bijbelstudie, enz. vergroot onze kennis over God en dus ook ons vertrouwen op God. Wanneer de duisternis ons aanvalt, laten we opzien naar Christus. Hij is altijd bij ons. Hij geeft ons wat we nodig hebben!
> Samen zeggen “Ik wil Christus vertrouwen.”
.
5) De helm des heils
.
De helm des heils is onze positie in Christus. Toen we kinderen van God werden hebben we verschillende beloften van God gekregen: we zijn Gods kinderen, we zijn heilig en rein door de vergeving, we zijn het zout der aarde.
Het is belangrijk dat we beseffen welke positie we hebben in Christus. Om in de positie van Christus te wandelen moeten we ons laten leiden door Gods Geest. De helm beschermt ons meest kwetsbare deel van ons lichaam, ons hoofd, onze gedachten. Laten we er ons steeds van bewust zijn wie we zijn in Christus, laten we ons laten leiden door Gods Geest!
> Samen Rom 8:38 lezen.
.
Aanvalswapens die we moeten aantrekken:
.
6) Het zwaard des Geestes, dat is het Woord van God
.
Het zwaard is het middel waar we de duisternis met aanvallen. Wat is het zwaard des Geestes? Het Woord van God! Het gebruikelijke woord dat in het Grieks gebruikt wordt voor “woord” is Logos. Maar in deze context staat het woord “RHEMA” Dit woord kan het best vertaald worden door: ‘luidop proclameren’. Het woord van God is het luidop proclameren van Gods waarheid. Om de duisternis te verslaan moeten we weerstand bieden, dit kunnen we door hem openlijk te verwerpen en luidop weg te sturen in Jezus’ naam. Waarom? De duisternis kan onze gedachten niet lezen.
> Ik bied weerstand in Jezus’ naam.
.
7) Ten alle tijden bidden
.
Het belangrijkste wapen dat wij hebben is het gebed. Door het gebed is de christensoldaat in voortdurend contact met zijn aanvoerder, de Here Jezus Christus. Daar de vijand zijn tegenstand nooit opgeeft, mogen ook wij niet verslappen in het gebed. God roept ons op om ten alle tijden te bidden.Tevens moeten we bidden in overeenstemming met de Heilige Geest die ons in ons gebed zal leiden wanneer we ons voor Hem open zetten.
Jezus zegt tegen Zijn discipelen in de tuin van Getsemane: “Waakt en bidt opdat gij niet in verzoeking komt.” Mat.25:41. We zijn als leden van een lichaam, de gemeente, met elkaar verbondenen vormen we een doelwit voor de aanvallen van de vijand, daarom moeten we elkaar voor de troon der genade opdragen. Zo moeten we in ons gebed niet alleen gericht zijn op onze eigen noden, maar ook op de noden van de gemeente en op de noden van alle heiligen en ongelovigen. Laten we daarom nooit ophouden voor elkaar en de mensen rondom ons te bidden.
Mystieke roos, of Rosa Mystica is een eretitel van Onze Lieve Vrouw. Het is één van de vele eretitels in de Litanie van Loreto ook de Litanie tot de heilige Maagd Maria genoemd. De litanie wordt na het Rozenhoedje gebeden. De tekst werd in 1601 door paus Clemens vastgelegd.
Heer, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.
Christus, aanhoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelse Vader, ontferm U over ons.
God, Zoon, Verlosser van de wereld, ontferm U over ons.
God, heilige Geest, ontferm U over ons.
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons.
Heilige Maria, bid voor ons.
Heilige Moeder van God, bid voor ons.
Heilige Maagd der maagden, bid voor ons.
Moeder van Christus, bid voor ons.
Moeder van de Kerk, bid voor ons.
Moeder van de goddelijke Genade, bid voor ons.
Allerreinste Moeder, bid voor ons.
Zeer kuise Moeder, bid voor ons.
Maagdelijke Moeder, bid voor ons.
Onbevlekte Moeder, bid voor ons.
Beminnelijke Moeder, bid voor ons.
Bewonderenswaardige Moeder, bid voor ons.
Moeder van goede raad, bid voor ons.
Moeder van de Schepper, bid voor ons.
Moeder van de Zaligmaker, bid voor ons.
Allervoorzichtigste Maagd, bid voor ons.
Eerwaardige Maagd, bid voor ons.
Lofwaardige Maagd, bid voor ons.
Machtige Maagd, bid voor ons.
Goedertieren Maagd, bid voor ons.
Getrouwe Maagd, bid voor ons.
Spiegel van gerechtigheid, bid voor ons.
Zetel van Wijsheid, bid voor ons.
Oorzaak van onze blijdschap, bid voor ons.
Geestelijk vat, bid voor ons.
Eerwaardig vat, bid voor ons.
Heerlijk vat van godsvrucht, bid voor ons.
Mystieke roos, bid voor ons.
Toren van David, bid voor ons.
Ivoren toren, bid voor ons.
Gouden huis, bid voor ons.
Ark van het verbond, bid voor ons.
Deur van de hemel, bid voor ons.
Morgenster, bid voor ons.
Heil van de zieken, bid voor ons.
Toevlucht van de zondaren, bid voor ons.
Troosteres van de bedroefden, bid voor ons.
Hulp van de christenen, bid voor ons.
Koningin van de engelen, bid voor ons.
Koningin van de aartsvaders, bid voor ons.
Koningin van de profeten, bid voor ons.
Koningin van de apostelen, bid voor ons.
Koningin van de martelaren, bid voor ons.
Koningin van de belijders, bid voor ons.
Koningin van de maagden, bid voor ons.
Koningin van alle heiligen, bid voor ons.
Koningin zonder erfsmet ontvangen, bid voor ons.
Koningin in de hemel opgenomen, bid voor ons.
Koningin van de heilige rozenkrans, bid voor ons.
Koningin van het gezin, bid voor ons.
Koningin van de vrede, bid voor ons.
Lam Gods, dat de zonden van de wereld wegneemt, spaar ons Heer.
Lam Gods, dat de zonden van de wereld wegneemt, verhoor ons Heer.
Lam Gods, dat de zonden van de wereld wegneemt, ontferm U over ons.
Bid voor ons, Moeder van God,
opdat wij de beloften van Christus waardig worden.
Laat ons bidden
Heer God, wij bidden U: geef ons, uw dienaren, dat wij ons mogen verheugen in een bestendige gezondheid van ziel en lichaam; mogen wij door de verheven voorspraak van de heilige Maria, die altijd maagd is gebleven, verlost worden van de tegenwoordige droefheid en de eeuwige vreugde genieten. Door Christus, onze Heer. Amen.
In hun (priesters) dwaling zullen ze hun geloften breken. Het Boek des Levens bevat een lijst van namen die het hart verscheurt.
Door het weinig respect die ze hebben voor de apostelen van God wordt de kudde zorgeloos en houdt het op de geboden te volgen. De priester zelf is verantwoordelijk voor het gebrek aan respect omdat hij niet genoeg respect opbrengt voor zijn heilige bediening en de plaats die hij bekleedt in zijn gezegende functie. De kudde treedt in de voetsporen van zijn pastoors; dit is een grote tragedie.
De geestelijkheid zal streng gestraft worden omwille van hun onvoorstelbare wispelturigheid en grote lafheid dat niet verenigbaar is met hun functie.
Een verschrikkelijke kastijding wacht degenen die elke morgen de trappen van het Heilig Offer (h. Mis) bestijgen. Ik ben niet op jullie altaren gekomen om gemarteld te worden. Ik lijd honderdvoudig meer van dergelijke harten dan van iemand anders. Ik vergeef jullie van jullie grote zonden, Mijn kinderen, maar Ik kan geen vergiffenis schenken aan deze priesters.
De nieuwe Mis
Ik waarschuw jullie. De discipelen die niet tot Mijn Evangelie behoren werken hard om de Mis te veranderen volgens hun ideeën en onder de invloed van de vijand van zielen. Een Mis die woorden bevat die afschuwelijk zijn in mijn ogen. Wanneer het fatale uur komt wanneer het geloof van mijn priesters op de proef wordt gesteld zullen het deze teksten zijn die gevierd zullen worden in deze tweede periode.
De eerste periode is degene van Mijn Priesterschap dat bestaat sinds Mij. De tweede periode is degene van de vervolging, wanneer de vijanden van het Geloof en van de Heilige Religie hun formules zullen opdringen in het boek van de tweede viering (van de H. Mis). Vele van Mijn heilige priesters zullen dit boek weigeren omdat het de woorden van de afgrond bevat. Spijtig genoeg zullen onder hen ook priesters zijn die het zullen aanvaarden.
Ze zullen niet stoppen op dit hatelijke en heiligschennend pad. Ze zullen verdergaan om alles in een keer te compromitteren. In een ruk, de Heilige Kerk, de geestelijkheid en het geloof van mijn kinderen te bezoedelen.
De Heerschappij en Triomf van het Kwaad
Lucifer : Ik zal de Kerk aanvallen. Ik zal het Kruis omverwerpen. Ik zal het volk op grote schaal afslachten, Ik zal een grote zwakheid van geloof in de harten zaaien. Er zal ook een grote verloochening zijn van religie. Voor een tijd zal ik meester zijn van alle dingen, alles zal onder mijn controle vallen, zelfs Jullie tempel en al Jullie mensen.
Sint Michaël zegt dat Satan alles in bezit zal hebben voor enige tijd en dat hij volledig zal heersen over alles; dat alle goedheid, geloof, religie zal begraven worden in het graf. Satan en de zijne zullen triomferen met vreugde, maar na deze triomf zal de Heer op Zijn beurt de Zijne verzamelen en Hij zal regeren en triomferen over het kwaad en zal herrijzen uit het graf samen met de begraven Kerk en het neerliggende Kruis.
Er zal geen restje meer overblijven van het Heilig Misoffer, geen spoor van geloof. Verwarring zal overal heersen. Alle werken die goedgekeurd zijn door de onfeilbare Kerk zullen ophouden te bestaan zoals ze nu bestaan voor een tijd. In deze smartelijke teloorgang zullen briljante tekenen zich manifesteren op aarde. Omwille van de goddeloosheid van de mensen zal de Heilige Kerk in duisternis dwalen. De Heer zal ook duisternis zenden dat de goddelozen zal stoppen op hun zoektocht naar goddeloosheid.
.
De drie dagen van duisternis
De crisis zal plotseling toeslaan; de straffen zullen door allen gevoeld worden en zullen opeen volgen zonder onderbreking. De drie dagen van duisternis zullen vallen op een donderdag, vrijdag en zaterdag. De aarde zal bedekt worden door duisternis en de hel zal losgelaten worden op aarde.
Gedurende deze drie dagen van verschrikkelijke duisternis mogen geen ramen geopend worden opdat niemand in staat zou zijn de aarde te zien en de verschrikkelijke kleur die het zal hebben in die dagen van straf zonder ineens dood te vallen.
De lucht zal vol vuur zijn, de aarde zal splitten. Gedurende deze drie dagen van duisternis zal enkel gewijde kaarsen voor licht zorgen, niets anders zal schijnen. Niemand buiten een schuilplaats zal overleven. De aarde zal schudden zoals bij het oordeel en de angst zal groot zijn. Ja, we zullen luisteren naar de gebeden van onze vrienden; niet een van hen zal verloren gaan. We zullen hen nodig hebben om de glorie van het Kruis te verkondigen. Alleen de kaarsen van gezegend was zullen licht geven gedurende deze afschuwelijke duisternis. Een kaars alleen zal genoeg zijn voor de duurtijd van deze helse nacht. In de huizen van de goddelozen en vervloekers zullen deze kaarsen geen licht geven. Alles zal schudden behalve de kandelaar waarin de gezegende kaars brandt. Jullie zullen errond verzameld zijn met de crucifix en mijn gezegende afbeelding. Dit is wat deze terreur zal weghouden.
Gedurende deze duisternis zullen de duivels en de goddelozen de meest afschuwelijke vormen aannemen, rode wolken zoals bloed zullen door de lucht voorbijtrekken. De donderslagen zullen de aarde doen beven en ongure bliksem zal de hemelen treffen. De aarde zal op zijn grondvesten daveren. De zee zal stijgen, zijn bulderende golven zullen over het continent zich verspreiden… De aarde zal als een grote begraafplaats zijn. De lichamen van de goddelozen en de rechtvaardigen zullen de grond bedekken. Drie vierden van de bevolking van de aardbol zal verdwijnen. De helft van de Franse bevolking zal vernietigd worden.
Woorden van de Heilige Maagd en Jezus over de driedaagse duisternis
De Heilige Maagd : Wees niet bevreesd voor de drie dagen van duisternis, die over de aarde zullen komen. Degenen, die leven volgens mijn boodschappen en wiens inwendig leven er een van gebed is, zullen door een inwendige stem worden gewaarschuwd, een week of drie dagen voordat dit alles zal geschieden. Broeder David Lopez, 15 augustus 1987.
Onze Heer: De zon zal verdwijnen om plaats te maken voor de duisternis, die drie dagen en drie nachten zal duren. Dat allen in staat van genade zijn, en dat zij na een volmaakt berouw, bevrijd van hun zonden door de biecht, met eerbied en deemoed de Heilige Eucharistie ontvangen, volgens de traditie van de Kerk. Een zienster uit de streek van Brussel, 22 juli 1974.
Jezus spreekt: Uit een massa vuurrode wolken zullen vernietigende bliksemstralen heen en weer schieten daarbij alles in brand zettend en tot as terugbrengend. De dampkring zal worden gevuld met giftige gassen en dodelijke dampen. Wervelstormen zullen alle werken, bouwsels van hoogmoed, van dwaasheid en van de wil tot macht in puin leggen. Het menselijk geslacht zal moeten erkennen dat er boven haar een Wil bestaat, die de eerzuchtige plannen van haar streven als een kaartenhuis in elkaar zal smijten. Marie-Julie Jahenny, Blain, West-Frankrijk, 1850-1941.
Jezus spreekt: Ik wil u beschermen, beminde gelovigen, en u de tekenen meedelen, die u het begin zullen aangeven van het oordeel. Wanneer tijdens een koude winternacht de donder zal dreunen, zodanig, dat de bergen ervan schudden, sluit dan snel ramen en deuren. Uw ogen mogen niet door nieuwsgierige blikken de verschrikkelijke gebeurtenissen ontwijden. Verenig u in gebed voor het kruisbeeld. Stel u onder de bescherming van Mijn Heilige Moeder. Laat geen enkele twijfel zich in u vast zetten. Brandt gewijde kaarsen en bid de Rozenkrans. Volhard drie dagen en twee nachten. De volgende nacht zal het schrikbewind langzamerhand minder worden. Marie-Julie Jahenny, Blain, West-Frankrijk, 1850-1941.
Uit vurige wolken zullen bliksemstralen neerdalen, en een vreselijke orkaan, bezwangerd met een vurige gloed, zal over de aarde razen. Allerwegen zal een verwoestende regen van stenen grote gebieden vernietigen. Deze gesel zal de ergste zijn, welke de mensheid ooit heeft doorgemaakt. Zuster Ajello, gestigmatiseerd, 16 april 1954.
De Heilige Maagd: Sluit deuren en ramen en luister naar niemand, die buiten zou kunnen staan roepen. Alstublieft, laat uw aandacht daar niet door trekken, want het zijn niet degenen, die u liefhebt, maar wel de duivels, die zullen proberen u naar buiten te doen gaan. Broeder David Lopez, 15 augustus 1987.
De indrukken, die ik heb opgedaan terwijl de Heilige Maagd tot mij sprak zijn de volgende: tijdens de driedaagse duisternis zullen er geen duivels meer in de hel zijn, allen zullen zij zich op de aarde bevinden. Deze drie dagen zullen zo donker zijn, dat niemand zijn eigen handen zal kunnen zien. Degenen, die niet in staat van genade zijn, zullen in de loop van die drie dagen sterven van afgrijzen, opgewekt door het zien van de afschuwelijkste demonen, of zij zullen sterven na krankzinnig te zijn geworden. De grootste verleiding zal erin bestaan, dat de duivels de stemmen zullen nadoen van degenen, die wij liefhebben. Mocht dit alles in die tijd voorvallen dan zal het zo koud zijn, daar er geen normale of kunstmatige warmte zal zijn. Broeder David Lopez, 15 augustus 1987.
De Heilige Maagd zei mij: De driedaagse duisternis zal precies 72 uur duren. De enige wijze om te weten of zij voorbij is, zal zijn door op een mechanische klok te kijken, want er zal geen elektriciteit beschikbaar zijn. De duister dagen zullen heel moeilijk zijn voor degenen, die alleen zijn, en voor de ouders, vooral voor die ouders, waarvan de kinderen volwassen zijn, want zij zullen de stemmen van hun kinderen buitenshuis horen. Gedurende de dagen van duisternis zullen de gebeden van kinderen wonderen kunnen bewerken. Broeder David Lopez, 15 augustus 1987.
Het zal donker worden op zekere dag tijdens de oorlog. Dan komt de hagel neer onder bliksem en donder, en aardbevingen doen de aarde schudden. Ga dan niet uit huis, niet naar buiten! Lampen branden niet, behalve kaarsen, de stroom valt uit. Wie het stof buiten opsnuift, krijgt krampen en sterft. Maak de vensters niet open, bedek ze met zwart papier. Al het open water wordt vergiftigd, en ook alle niet afgedekte spijzen, en eten, dat niet in afgesloten dozen zit. Evenmin voedsel in glazen potten; die weerhouden het gif niet. Buiten waart de dood door het stof rond. Er zullen zeer veel mensen sterven. Na 72 uur is alles weer voorbij. Echter nogmaals zeg ik: Ga niet naar buiten, kijk niet door het raam naar buiten, laat een gewijde kaars of waskaars branden. En bid. In die nachten zullen er meer mensen sterven dan in twee wereldoorlogen. Alois Irlmaier, Beieren, voorjaar 1959.
.
Wat moeten de mensen doem om de grote duisternis
en het kosmische stof te doorstaan?
.
.
Antwoord Irlmaier: koop enkel gesoldeerde blikken dozen (conserven) met rijst en peulvruchten. Brood en meel (in een afsluitbare verpakking) blijven goed, alles wat vochtig is bederft, zoals bijv. vlees, behalve in blikken bewaardozen. Water uit de leiding is wel te genieten, dit geldt echter niet voor melk. Erg veel honger zullen de mensen niet lijden tijdens de [kosmische] ramp en de duisternis. Maak gedurende de 72 uur niet het raam open. De rivieren zullen zo weinig water bevatten, dat men er gemakkelijk doorheen zal kunnen gaan. Het vee valt om, het gras wordt geel en verdort, de dode mensen worden helemaal geel en zwart. De wind zal de dodelijke wolken verdrijven. Alois Irlmaier, Beieren, voorjaar 1959.
.
.
rozenkrans
Slechts de gewijde waskaarsen zullen licht kunnen geven gedurende de 3 dagen en 2 nachten van algehele duisternis over de gehele wereld. In elk huis zal een enkele kaars volstaan voor de drie dagen van duisternis, maar in het huis van de goddelozen en de godslasteraars zal de gewijde kaars geen enkel lichtstraal geven. Marie-Julie Jahenny, Blain, 23 februari 1928.
gewijde kaars
Het Heilig Hart van Jezus over vuur uit de aarde en uit de hemel: de hitte zal verschrikkelijk zijn. Een kruisteken gemaakt met wijwater, zal de warmte doen verminderen en de vonken terug drijven. Gij moet 5 kussen geven aan de kruisjes waaraan een aflaat is verbonden. Kruisjes [met vinger of duim] getekend op de 5 wonden van een afbeelding van de gekruisigde Jezus, zullen hetzelfde gevolg hebben. Marie-Julie Jahenny, Blain, 23 februari 1928.
Heer, aan Pater Pio hebt u aangekondigd, dat een harde tuchtiging plaats zou hebben in de winter. De Heer: de zielen die Mij steeds hebben bemind, moeten niet vrezen. Zolang als de tuchtiging duurt, moeten zij bidden en ons aanroepen. Ze mogen niet naar buiten kijken, maar zij moeten de ogen gericht houden op Onze beeltenis en het vertrouwen in Onze Harten bewaren. Zij moeten ervoor zorgen in staat van genade te zijn, en zij moeten trouw blijven aan het dagelijks rozenkransgebed. Een zienster uit de streek van Brussel, 20 augustus 1973.
Onze Heer: Ziehier onze laatste onderrichtingen: bid zonder ophouden en overweegt de 20 geheimen van de Rozenkrans, bid gedurende de straf de Litanie van het Heilig Hart van Jezus, van de Allerheiligste Maagd Maria en die van de Heilige Jozef, patroon van de christengezinnen en van een goede dood. Slechts de gewijde kaarsen zullen tijdens de donkere dagen licht geven. Draag om de hals de Wonderdadige Medaille, het scapulier van de berg Carmel (het Bruine Scapulier) of bij gebrek daaraan de Scapuliermedaille. Draag steeds uw Rozenkrans bij u, want deze sacramentaliën zullen u beschermen wanneer de machten der hel losbreken.
De wonderbare medaille
Wie niet in het bezit is van Gewijde Zakdoekjes van San Damiano, en van het miraculeuze water van deze uitverkoren plaats zal gebruik kunnen maken van een bronwater, dat afkomstig is van een van de verschijningsplaatsen van Mijn Allerheiligste Moeder of bij gebrek daaraan van gewijd water. Laat door een priester witte zakdoeken zegenen, doordrenk ze met voornoemd water en leg ze op het aangezicht, ze zullen het beschermen. Verlaat onder geen enkele voorwaarde uw huis. Kijkt niet naar buiten. Houd de vensters dicht en sluit de gordijnen. Aanroep voortdurend Onze Barmhartige Harten en blijf op Ons vertrouwen. Een zienster uit de streek van Brussel, 22 juli 1974.
Is het nodig dat wij onze zonden belijden aan God, nadat Jezus voor onze zonden gestorven is? In het Onze Vader wordt hierover gesproken maar toen woonde Jezus nog op de aarde. Het is nuttig eerst iets dieper in te gaan op de begrippen verlossing en vergiffenis. De eis die eigenlijk aan ons wordt gesteld, is dat wij in het geheel niet zondigen. Alleen absolute volmaaktheid maakt ons aanvaardbaar voor God. Helaas is alleen Jezus er in geslaagd die volmaaktheid te tonen. De overige mensen slagen daar niet in, en hebben daarom verlossing nodig.
De openbaring van Gods verlossingsplan maakt duidelijk dat wij op bepaalde voorwaarden toch kunnen worden aangenomen, en zo ontkomen aan de dood die wij eigenlijk zouden verdienen. En dat het verlossingswerk van Christus daar een grote rol bij speelt. Maar het basisprincipe is en blijft dat zonde onacceptabel is voor God. Met andere woorden: van ons wordt gevraagd dat wij ons uiterste best doen die volmaaktheid van Jezus, op zijn minst zo goed mogelijk, te benaderen.
Maar wanneer wij daarin tekort schieten, is het niet een kwestie van ‘game over’, zoals onder de wet van Mozes strikt genomen het geval was, maar kunnen we vergiffenis vragen en verder gaan. De bedoeling is dan uiteraard wel dat wij van onze fouten leren, en wel degelijk naar dat voorbeeld van Christus toegroeien.
Uiteraard kan het niet de bedoeling zijn dat wij gewoon ons eigen leven leiden, en de rekening daarvoor door Christus laten betalen. Zijn verlossingswerk is geen vrijbrief om onze eigen gang te gaan. Waar wij tekort schieten, mogen we ons beroepen op de verlossing die Hij tot stand bracht, maar dat is geen verkregen recht. Christus betaalt als het ware onze schulden, maar dit betekent wel dat wij niet de vrijheid hebben om bewust nieuwe schulden te maken,omdat de rekening toch al zou zijn voldaan.
Dit houdt in dat wij, wanneer we toch weer in de fout zijn gegaan, in elk geval bereid moeten zijn te erkennen dat het fout was. En dat kunnen we alleen maar doen door onze zonde te belijden. En de tweede eis is, dat wij onze uiterste best moeten doen om herhaling te voorkomen. En dit op zijn beurt vergt dat wij ons bewust zijn van onze fouten. En niets maakt je zo goed bewust van je fouten als de noodzaak ze te belijden.
Anders gaan we maar denken dat het allemaal wel meevalt. Jacobus raadt ons zelfs aan die fouten te belijden tegenover elkaar (Jac.5:16), hoeveel temeer aan God. De Schrift vertelt ons dat we radicaal moeten veranderen. We moeten al onze menselijke neigingen achter ons laten, en ons zo volledig mogelijk richten op het voorbeeld van Jezus.
En die verandering moet zo radicaal zijn, dat het ons wordt voorgesteld als het worden van ‘een nieuwe mens’ (Efez. 4:22-24), of van een opnieuw geboren worden (Joh. 3:3). Dat kan alleen wanneer we ons voortdurend bewust zijn van wat we nog verkeerd doen, waar we nog tekort schieten, en wat er dus beter moet. En zelfs wanneer we in dit leven nooit die volmaaktheid van Jezus zelf zullen bereiken, dan moeten we er wel steeds dichter in de buurt komen.
In dit leerproces leren we het snelst van onze fouten. We herkennen onze fouten alleen wanneer we gedwongen worden die te erkennen, niet in de laatste plaats tegenover onszelf. Maar wanneer we al niet bereid zijn die toe te geven tegenover God, dan hebben we smoezen genoeg om ze te ontkennen tegenover onszelf.
Maar we hebben geen carte blanche om zo maar onze gang te gaan, we kunnen niet op pad gaan met Jezus’ creditcard op zak. We zullen voor elke nieuwe schuld weer met het schuldbriefje bij God langs moeten gaan, en nederig vragen of dat misschien weer afgeboekt mag worden. Op zijn minst leren we ons dan te schamen voor ons gedrag.
Dat klinkt misschien allemaal erg negatief, en in werkelijkheid zal het effect ook veel positiever zijn want we bouwen een relatie op met God, die we anders niet zouden hebben. Maar we moeten nooit de vergissing maken dat zonde sinds Christus’ kruisdood niet serieus meer is. In Gods ogen is zonde nog steeds bloedserieus. En het belijden daarvan maakt ons daar beter dan wat dan ook van bewust.
Nog een laatste opmerking over het feit dat Jezus Zijn discipelen het ‘Onze Vader’ leerde, toen Hij ‘nog op aarde’ was. Uit zijn woorden blijkt dat Hij hier was om de zijnen voor te bereiden op het nieuwe Verbond en het nieuwe tijdperk dat komen ging. Het lijkt daarom niet logisch te verwachten dat Hij Zijn discipelen een ‘nieuw gebed’ zou leren, dat enkele jaren later alweer achterhaald zou zijn. We mogen er daarom van uitgaan dat dit gebed een patroon bevat, dat door alle eeuwen heen van belang blijft.
Leviticus 14: twee vogels-wet op de melaatsheid, huidvraat
.
In de reinigingswet voor de melaatse zoals beschreven in het Bijbelboek Leviticus, zien we een type of verwijzing naar de dood en de opstanding van Christus. De twee vogels verwijzen naar de dood en de opstanding van de Heer Jezus Christus, gelijk er staat geschreven in Romeinen 4:25: “Hij heeft Jezus voor onze zonden laten sterven en Hem uit de dood laten terugkomen om ons rechtvaardig te verklaren.”
.
.
.
.
Zoals beschreven in de Tenach, het Oude Testament, is de wet op de melaatsheid een verwijzing naar de dood en de opstanding van Christus
.
Leviticus 14:1-7
.
De Here gaf Mozes de volgende voorschriften voor iemand die van zijn melaatsheid genezen is verklaard: “De priester zal het kamp verlaten om hem te onderzoeken. Als hij ziet dat de melaatsheid is verdwenen, zal hij vragen om twee levende vogels die mogen worden gegeten, cederhout, scharlaken en hysop om die te gebruiken bij de reinigingsceremonie van de genezene.
De priester zal dan opdracht geven één van de vogels te slachten boven een raderwerken pot waarin zich fris bronwater bevindt. De andere vogel zal, samen met het cederhout, scharlaken en hysop in het bloed van de gedode vogel worden gedoopt. Vervolgens zal de priester zevenmaal bloed sprenkelen over de man die is genezen. Daarna zal hij hem rein verklaren. De levende vogel zal hij in het open veld laten vliegen.
In deze wet schuilt een metaforische verwijzing naar de opstanding en verheerlijking van Christus. Juist dit specifieke element,in het zoenoffer van Christus, is minder duidelijk aanwezig in de offerdienst van het Oude Testament, die zoals we weten vooruitwijst naar het ultieme offer dat Christus bracht aan het kruis. Dat maakt deze verwijzing zo bijzonder. Door het zoenoffer van Christus worden de zonden verzoend en worden mensen verzoend met God.
.
Het ritueel
.
Voor het reinigingsritueel zijn twee levende vogels nodig. Water heeft een helende, genezende en reinigende kracht. Cederhout staat voor duurzaamheid. Hysop die in scheuren van een muur groeit (1 Koningen 4 :33), is een soort huislook waarvan men een kwast kan maken en kan sprenkelen (Exodus 12:12). Met scharlaken wordt de hysop gebundeld, en herinnert aan het bloed (Numeri 19:6).
De ene vogel wordt geslacht boven een pot met levend water, waar vervolgens het bloed invalt. Hiermee verkrijgt men reinigingswater, waarin de andere vogel gedoopt wordt die daarna de onreinheid weg zal dragen. De vogel laat men in het open veld wegvliegen als symbool van de ontkoming aan de dood.
.
Melaatsheid staat voor zonde
.
Melaatsheid is in de Bijbel een type voor zonde, zoals tot uitdrukking komt in het reinigingsritueel door de priester en doordat er een schuldoffer gebracht moet worden (Leviticus 14:12,21). Zonde is het kwaad dat in de mens aanwezig is en zich uit door middel van boze daden. Het afschuwelijke van melaatsheid of huidvraat, beeldde aan Gods volk de door Hem gehate, verfoeilijke zonde uit. De melaatse wordt door het bloed van het offerdier als het ware gereinigd, net zoals de zondaar wordt gereinigd door het bloed van Christus (1 Johannes 1:7).
.
.
Helend bloed aan het kruis
Pasteltekening van John Astria
.
De twee vogels
.
Net zoals de twee bokken op Grote Verzoendag tezamen wijzen op twee aspecten van het ene offer van Christus, zo wijzen de twee vogels in de wet op de melaatsheid ook op het ene offer van Christus, maar op een geheel andere wijze. De twee vogels verwijzen naar de dood en de opstanding van de Heer Jezus Christus, gelijk er staat geschreven in Romeinen 4:25: “Hij heeft Jezus voor onze zonden laten sterven en Hem uit de dood laten terugkomen om ons rechtvaardig te verklaren.”
De vogel die geslacht wordt verwijst naar de plaatsvervangende dood van Christus die voor onze zonden stierf. De tweede vogel die is bedekt met het bloed van de eerste vogel, mag vervolgens in het open veld wegvliegen. Dit verwijst naar de Heer die is opgestaan uit de doden.
De zondige mens is gereinigd door het bloed van Christus, die plaatsvervangend voor ons aan het kruis stierf en opstond uit de dood. Als Jezus niet zou zijn gestorven, dan zou zijn werk niet volbracht zijn en als Hij niet zou zijn opgestaan uit de doden, dan zou het geloof geen betekenis hebben en zouden onze zonden niet vergeven zijn (1 Korintiërs 15:17).
.
.
Het volkomen offer van Christus
.
In Leviticus 14 vers 7 kunnen we lezen dat de priester zevenmaal bloed sprenkelt over de man die is genezen. Zeven is het getal van de volheid. Het wijst daarmee vooruit op het volkomen offer dat Christus bracht. Het bloed van Christus reinigt ons en heeft de weg tot God de Vader die door de zonde was versperd, weer vrijgemaakt.
Heb je ooit gedroomd om eens te kunnen vliegen? Niet enkel uit een vliegtuig maar uit eigen kracht. Gedroomd om te zweven door de lucht net zoals een zwemmer glijdt door het water. God belooft ons dat de dag zal komen waar deze droom van vliegen voor jou werkelijkheid wordt.
Keuze tussen eeuwig leven of de vuurpoel
Pasteltekening van John Astria
Volgens de bijbel komt de zoon van God, Jezus Christus, spoedig terug naar de aarde om gerechtigheid te doen geschieden. Iedereen zal Hem op de laatste dag in de wolken zien met grote kracht en glorie om de wereld van de ondergang te redden ( Mat 24: 31). Vanaf dat moment zullen de kinderen van God hun lichamen onmiddellijk transformeren.
Zij krijgen superlichamen die naar Christus kunnen vliegen om Hem in de wolken te ontmoeten (1Thessa 4: 16-17). De dood bestaat plots niet meer. De mens komt onder andere Goddelijke natuurwetten te staan. Alles zal perfect worden zoals het ooit was bedoeld in het begin van de schepping.
Wij, die Jezus Christus kennen en beminnen, zullen zijn zoals Hem na zijn verrijzenis ( Fil 3: 31 en 1 Joh 3: 2 ). Christus was in staat om te komen en plots te verdwijnen. Hij kon door muren wandelen, gesloten deuren openen en zich voort bewegen met de snelheid van gedachten ( Luc 24: 30,31,51 en Joh 20:26 ). Wij zullen dat ook kunnen.
Desondanks wij onsterfelijke superlichamen zullen krijgen, blijven er gelijkenissen met onze hedendaagse vergankelijke lichamen. De bovennatuurlijke lichamen zullen blijven eten en drinken. De mens zal net zoals nu huwen, plezier maken, de liefde bedrijven en genieten van het leven. De ervaringen zullen gewoon veel intenser zijn.
Na de wederkomst van Christus daalt het nieuwe Jeruzalem vanuit de hemel naar de aarde neer. Iedereen zal zien dat God in Jeruzalem bij de mensen komt wonen ( Openb 21: 1-3 ). De Bijbel geeft een gedetailleerde beschrijving van de neerdalende stad. Ze is kubusvormig met een lengte, breedte en hoogte van 12000 stadie wat overeenkomt met 2304 km. Wie in Jeruzalem woont krijgt een woning door Christus zelf toebereid.
De volledige aarde zal gezuiverd en hersteld worden zoals ze was ten tijde van het begin met Eeuwig leven( Openb 21: 1). De vloek die op de mens kwam door de zonde zal God volledig verwijderen. De vroegere dingen zijn voorbij. Zij worden niet opgeroepen en komen nooit meer terug in de harten van de mens. Er zal geen geklaag en geschrei meer zijn. Wie niet in Jeruzalem woont zal een huis bouwen en het zelf bewonen.
Men zal zijn eigen vruchten eten. Er zal nooit meer gezwoegd worden. De mensen en de dieren leven in harmonie met elkaar. De wolf en het lam weiden samen en de leeuw eet stro als de stier. Er zal nooit geen kwaad meer geschieden op de heilige berg van God.
Wil jij deel uitmaken van de nieuwe geweldloze wereld waar alles berust op liefde en rechtvaardigheid onder leiding van Jezus Christus, bid dan dit simpele gebed. Jezus Christus zal dan onmiddellijk in je hart komen.
“ Heer Jezus Christus, vergeef me al mijn zonden. Ik geloof dat u de zoon van God bent en dat u voor mij op het kruis stierf. Ik open nu de deur van mijn hart en vraag u om erin te komen wonen waardoor ik eeuwig leven bekom. Help me van u te houden en anderen over u en uw liefde te vertellen. In Christus naam bid ik . Amen”.
God zegene u met zijn liefde in de eeuwigheid. Amen
Het is interessant om te ontdekken dat er meer Bijbelverzen over de hel gaan dan over de hemel. Hier zijn een paar verzen uit het Oude Testament die over de hel gaan.
Daniël 12:2 : “Velen van hen die slapen in de aarde, in het stof, zullen ontwaken, sommigen om eeuwig te leven, anderen om voor eeuwig te worden veracht en verafschuwd.”
De hel wordt hier als eeuwig beschreven.
Jesaja 66:24 : “Bij het verlaten van de stad zien ze de lijken van hen die tegen mij in opstand kwamen: de worm die aan hen knaagt zal niet sterven, en het vuur waarin ze branden zal niet doven; ze worden verafschuwd door alles wat leeft.”
In deze passage wordt de hel beschreven als een plaats waar het vuur niet zal worden gedoofd.
Deuteronomium 32:22: “Als het vuur van mijn toorn is ontstoken zal het branden tot in het diepste dodenrijk; het zal de aarde verschroeien en alles wat daar groeit, het zal de grondvesten van de bergen verteren.”
Hier is de hel een plaats waar God zijn toorn zal uitgieten
Psalmen 55:16 : “Laat de dood hen onverhoeds treffen, laat hen levend neerdalen in het dodenrijk, want bij hen huist het kwaad, het heerst in hun hart.”
De hel is het rijk van de zondaars
Wat zegt het Nieuwe Testament?
Bestaat de hel? Als de duidelijke taal van het Oude Testament nog niet genoeg is, dan heeft ook het Nieuwe Testament hier genoeg over te zeggen.
2 Tessalonicenzen 1:9 : “Ze zullen voor eeuwig worden verstoten, ver van de Heer en van zijn kracht en majesteit.”
Openbaring 14:11 : “De rook van die pijniging zal opstijgen tot in eeuwigheid. Wie het beest en zijn beeld aanbidden, of wie het merkteken van zijn naam draagt, ze krijgen geen rust, overdag niet en ’s nachts niet.”
Openbaring 20:14-15 : “Toen werden de dood en het dodenrijk in de vuurpoel gegooid. Dit is de tweede dood: de vuurpoel. Wie niet in het boek van het leven bleek te staan werd in de vuurpoel gegooid.”
De Openbaring: de eerste opstanding en de tweede dood na het oordeel
pasteltekening van John Astria
Wat zei Jezus erover?
Sommige mensen die beweren dat de hel niet bestaat, doen dit op basis van hun geloof dat Jezus liefde, vrede, en vergeving predikte en dat Hij ons niet onderwees over een eeuwige, vurige plaats waar ongelovigen gestraft zouden worden. Het tegenovergestelde is juist waar. In Gods Woord onderwees niemand méér over de hel dan Jezus.
Hoe kan een eeuwigheid in de hel rechtvaardig zijn?
Als de hel bestaat, hoe kan die dan rechtvaardig zijn? Waarom zou een liefdevolle God een mens eeuwig straffen, als zijn zonde slechts over een periode van zo’n 70-80 jaar plaatsvond? Het antwoord is dat uiteindelijk alle zonden tegen God zijn gekeerd. God is oneindig (Psalmen 51:4). Omdat God een eeuwig en oneindig Wezen is, is dus elke zonde een oneindige bestraffing waard.
God houdt van ons (Johannes 3:16) en Hij wil dat alle mensen gered worden (2 Petrus 3:9). Maar God is ook rechtvaardig en oprecht; Hij zal niet toestaan dat zonde onbestraft wordt gelaten. Dit is de reden dat God Jezus stuurde om de prijs voor onze zonden te betalen. De dood van Jezus Christus was een eeuwige dood. Het was de betaling van onze schuld die het gevolg was van onze oneindige zonde, zodat wij hier niet tot in de eeuwigheid in de hel voor zouden hoeven te boeten (2 Korintiërs 5:21).
Het enige dat wij hoeven te doen is ons vertrouwen op Hem te stellen. Onze zonden zijn daarmee vergeven en ons wordt daarvoor een eeuwig thuis in de hemel beloofd. God hield zo veel van ons dat Hij voorzag in onze redding.
Als we Zijn geschenk van eeuwig leven door de Heer Jezus Christus afwijzen, dan zullen we de eeuwige gevolgen van die beslissing onder ogen moeten zien: een eeuwigheid in een brandende hel.
Als jij vandaag zou sterven, zou je dan met 100% zekerheid weten dat je naar de hemel gaat? Zorg er vandaag voor dat je het zeker weet!