Tagarchief: vader

Profetische woorden van Jezus en God aan een vrouw

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Woorden van Jezus

 

Mijn zeer geliefde dochter, de tijd is aangebroken voor Mijn Eeuwige Vader om de blaam die duisternis over de zielen van de mens brengt weg te vagen van de aarde. Hij zal de goddelozen straffen en degenen in Zijn Heilige Armen nemen die het Ware Woord van God hoog houden. Zijn engelen zullen aanzwellen in een grote storm, en met machtige zeisen zullen ze de wortels van de ziekte die de zielen van de mens verwoest weghakken zodat de wereld terug rein wordt.

 

WEES BANG VOOR DE TOORN VAN GOD WANT WANNEER HIJ VOORTGESTUWD WORDT IN ZULK EEN WOEDE, ZULLEN DE MENSEN BEVEN VAN SCHRIK. DEGENEN DIE GELOVEN DAT GOD DE GODDELOZEN NIET STRAFT KENNEN HEM NIET.

 

Hun stemmen, luid en trots, die de aarde met valsheden vervuld hebben en degenen die zich waard achten van grote gunsten in Mijn Vaders Ogen, maar die de zachtmoedigen onder Mijn volk vervloeken zullen van de bodem geplukt worden en zullen geconfronteerd worden met de grootste kastijding die over de mensheid komt sinds de zondvloed.

 

DE ENGELEN VAN GOD ZULLEN NEERDALEN EN MET EEN ZEIS IN HUN RECHTERHAND HET KAF VAN HET KOREN SCHEIDEN.

 

Degenen die God vervloeken zullen tot zwijgen gebracht worden; degenen die de Mensenzoon ontheiligen zullen tot zwijgen gebracht worden; degenen die Zijn Lichaam bezoedelen zullen dwalen in verwarring, verloren en verbijsterd, voor ze ondergedompeld worden in de wildernis.

 

DE LIEFDE VAN GOD IS NOG NIET BEANTWOORD EN ZIJN BARMHARTIGHEID IS REEDS GEDAALD.

 

Ondankbare zielen, wiens ogen stevig gericht zijn op hun eigen pleziertjes – en hun vastberadenheid om handelingen uit te voeren in directe confrontatie met de Wil van de Heer – zullen de pijn van Gods bestraffing voelen. Zoals een gordijn van neerkomende bliksem zich uitstort, zal het zoals een grote storm, een grote omwenteling van de aarde zijn dat zal gevoeld worden in elk deel van de wereld.

Degenen die de Waarheid kennen zullen geen angst hebben want ze zullen de gewillige getuigen zijn van de beloften die neergelegd zijn in de Heilige Schrift, wat betreft de komende Grote Beproeving. Degenen die God uit hun leven gebannen hebben – zoals ze een ledemaat afsneden van hun eigen lichamen – zullen de gevolgen van God te vervloeken niet kennen tot het te laat is.

Jullie, die Mij verraden hebben zullen het meest lijden. Jullie, die stenen geslingerd hebben naar anderen, in de onjuiste overtuiging dat jullie Mij vertegenwoordigen, zullen niemand hebben tot wie zich te wenden. Want overal waar jullie proberen jullie te verbergen, zullen jullie naakt gevonden worden met niets om jullie schaamte te verbergen.

Ik zeg jullie dit want het geduld van Mijn Vader is uitgeput en op het slagveld zullen twee legers voortkomen – degenen die voor Mij zijn en degenen die tegen Mij zijn. Bid voor Gods Barmhartigheid. En aan degenen die Mijn Lichaam geselen weet dit. Jullie kunnen geloven dat Ik kan weggeveegd worden van Mijn Huis maar dat zou een ernstige fout zijn van jullie kant. Ga weg van Mij, want jullie behoren niet tot Mij. Jullie goddeloosheid zal jullie nederlaag zijn en door jullie toewijding aan de boze, hebben jullie je afgesneden van Mijn Glorierijke Koninkrijk.

 

 

Geloof

Pasteltekening van John Astria

 

 

Mijn zeer geliefde dochter, het Boek Openbaring is geopend en elke laag wordt onthuld aan de wereld. Elke kerk op aarde die God vereert worstelt vanbinnen om zijn geloof in God te behouden. Elke kerk wordt aangevallen en is ten schande gebracht door degenen die verschrikkelijke zonden plegen, van binnenuit en die dan hun daden door de vingers zien door te beweren dat ze de Wil van God zijn. Niet één kerk, die de Wil van God verdedigt is onaangetast gelaten. Het is een kerk waar goddeloosheid in het rond grijpt en waar de Waarheid vervangen wordt met elk excuus om God te ontkennen in al Zijn Glorie.

 

EENS VERWARRING DE KERK BINNENSLUIPT CREEERT ZE ONENIGHEID. WEET DAT DIT NIET VAN GOD KOMT. EENS VERSCHILLENDE INTERPRETATIES VAN DE WAARHEID WORDEN GEINTRODUCEERD ZAL HET PAD DAT LEIDT NAAR MIJN HEMELSE VADER BEZAAID WORDEN MET ONKRUID DAT SNEL VERMENIGVULDIGT. WANNEER DIT GEBEURT RESULTEERT DIT IN EEN MODDERIGE WEG, DIE ONOVERKOOMBAAR IS.

 

Het pad naar Mijn Hemelse Koninkrijk is aan de mens kenbaar gemaakt. Het is een eenvoudig pad en het is vrij van elke hinderpaal, eens je het bewandelt met vertrouwen in je hart. Mijn vijanden zullen altijd proberen je weg te blokkeren, en als je luistert naar hun bespottingen en je inlaat met hun leugens en toelaat dat twijfels je oordeel verduisteren, dan zullen jullie deze tocht een martelende tocht vinden.

Het Woord van God blijft nu zoals het altijd was, en de Tien Geboden zijn duidelijk – ze zullen nooit veranderen. De weg naar God is stevig vast te houden aan wat Hij heeft onderwezen. God sluit geen compromissen, noch ziet Hij elke poging van de mens om de Waarheid te veranderen, door de vingers.

Als je in God gelooft zul je Zijn Geboden volgen, het Woord aanvaarden zoals het in de Heilige Bijbel staat en op het ene ware pad naar Zijn Koninkrijk blijven. Gezegend is de mens die rechtvaardig is want hij zal door zijn onderdanigheid aan God de Sleutels naar het Paradijs ontvangen.

 

IEDER DIE PROBEERT JE OM TE PRATEN IN ALLES DAN DE WAARHEID KAN NIET VERTROUWD WORDEN. VERTROUW ENKEL IN GOD EN KOM NOOIT IN DE VERLEIDING OM VAN ZIJN WOORD AF TE WIJKEN, WANT ALS JE ONDER DEZE DRUK BEZWIJKT DAN ZUL JE VERLOREN ZIJN VOOR MIJ.

 

 

gevolg van het laatste oordeel

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Mijn zeer geliefde dochter, euthanasie is een doodzonde en kan niet vergeven worden. Hij die helpt, assisteert of beslist zijn of haar leven te beëindigen, om welke reden ook, begaat een verschrikkelijke zonde in de Ogen van God. Het is een van de grootste zonden van al om een leven te nemen en dan te verklaren dat de weloverwogen dood van enige persoon een goede zaak is.

Onder de vele zorgvuldig geplande handelingen tegen God, die opzettelijk gepresenteerd worden aan de wereld momenteel, is door de zonde van euthanasie. Maak niet de fout: euthanasie is een afschuwelijke zonde in Mijn Ogen, en het draagt met zich ernstige gevolgen mee voor degenen die participeren in de daad.

 

HET IS EEN DOODZONDE OM EEN ZIEL TE DODEN EN DIT MET INBEGRIP VAN ZIELEN VAN HET MOMENT VAN HUN CONCEPTIE, TOT DEGENEN DIE LEVEN IN HUN LAATSTE MAANDEN OP AARDE.

 

Niets kan het nemen van een mensenleven rechtvaardigen, wanneer het uitgevoerd wordt in de volle wetenschap dat de dood zal intreden op een gegeven tijdstip. Wie de dood veroorzaakt aan een andere levende ziel ontkent het bestaan van God. Wanneer degenen die schuldig zijn aan deze dood het bestaan van God erkennen zullen ze door het uitvoeren van dergelijke daad het 5de gebod overtreden.

 

ER IS EEN PLAN OP DIT MOMENT OM MILJOENEN AAN TE MOEDIGEN HET LEVEN VAN DE MENS IN TE KORTEN – ZOWEL HET LEVEN VAN HET LICHAAM ALS HET LEVEN VAN DE ZIEL.

 

Wanneer jullie een gewillige deelnemer worden in een daad die de heiligheid van menselijk leven ontwijdt, dan zullen jullie geen leven hebben – geen Eeuwig Leven – en zal je niet kunnen gered worden.

 

 

De antichrist of de valse profeet

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Mijn zeer geliefde dochter, Ik verlang dat jullie allen, Mijn dierbare volgelingen, in alles vertrouwen dat Ik jullie onderwezen heb. Ik ben alles dat Ik jullie nu vertel, want al Mijn Plannen zijn volgens de Wil van Mijn Eeuwige Vader. Jullie mogen nooit bang zijn voor de toekomst want alles ligt in Zijn Heilige Handen.

Heb vertrouwen en jullie zullen vrede vinden. Mijn Plan zal uiteindelijk gerealiseerd worden en alle lijden zal vernietigd worden en er komt een einde aan alle kwaad. Het is tijd om de Waarheid te aanvaarden, hoewel het beangstigend kan zijn. Wanneer jullie al jullie vertrouwen in Mij stellen zal Ik jullie last verlichten en Mijn Genaden zullen jullie met Mijn Liefde vullen, wat jullie grote troost zal brengen in deze schrijnende tijden.

Ik zal komen op een tijdstip wanneer jullie het minst verwachten en tot dan moeten jullie bidden, bidden, bidden voor degenen die Mij niet kennen evenals degenen die Mij wel kennen maar weigeren te erkennen Wie Ik Ben. Ik blijf over jullie de Gave van de Parakleet (Heilige Geest) storten om ervoor te zorgen dat jullie niet van Mij weglopen. Elke Gave zal verleend worden aan degenen die Mij liefhebben met nederige en berouwvolle harten.

Mijn Liefde zal echter niet de zielen bereiken die ervoor kiezen Mij te vereren op hun gebrekkige manier. Noch zal het de harten van koppige zielen raken die geloven dat ze Mij kennen, maar wiens hoogmoed hen verblind voor de Waarheid, aan hen gegeven van in het begin.

De Waarheid komt van God. De Waarheid zal bestaan tot het einde der tijden. De Waarheid zal spoedig onthuld worden in zijn geheel, en dan zal het snijden door de harten van degenen die Mijn bemiddelende Hand hebben geweigerd. Dan zal Mijn Leger samen opstaan in de Glorie van God om het Ware Woord van God te verkondigen tot de laatste dag.

Ze zullen de zielen van heidenen met zich meebrengen die zullen beseffen dat er maar één God is. Het zullen niet de heidenen zijn die Mij niet zullen aanvaarden. In plaats daarvan zullen het de zielen van christenen zijn die de Waarheid hebben ontvangen maar die in ernstige fout zullen vallen. Het is naar deze christelijke zielen dat Ik het meest smacht en het is voor hen dat Ik vraag aan jullie om voor te bidden, elk uur van de dag.

 

 

De 10 geboden

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Mijn zeer geliefde dochter, let op voor degenen die de Goddelijkheid van Mijn Vader ontkennen.

 

HIJ, EN ENKEL HIJ, SCHIEP DE WERELD – ALLES KWAM VAN HEM. NIETS KAN UIT NIETS KOMEN. ALLES WAT IS, EN ZAL ZIJN KOMT VAN MIJN EEUWIGE VADER.

 

Het Woord kan niet verbroken worden. Aanvaard niets dat tegengesteld is aan de Waarheid. Jullie leven in een tijd dat alle bewijs van het bestaan van God, en alles dat Hij heeft geschapen, zal ontkend worden. Alles dat Hem dierbaar is zal vernietigd worden. Zijn Schepping wordt verscheurd door hen die Hem ontkennen. Leven, dat van Hem komt, wordt vernietigd en de Waarheid, die Hij aan Zijn kinderen gaf door Zijn Heilig Boek, die het Oude en Nieuwe Testament bevat, wordt nu in vraag gesteld.

Hoe weinig houden jullie van Hem die jullie Eeuwige Vader is en hoe weinig waarde hechten jullie aan jullie eigen lotsbestemming, want het pad dat je kiest is zorgvuldig uitgekozen om jullie eigen arrogantie en zelfbevrediging te voldoen. De mens die geobsedeerd is door zijn eigen intellect, kennis en ijdelheid zullen blijven een pad zoeken naar God, maar op hun eigen manier.

Dit zal hem op een dwaalspoor brengen en hij zal eindigen met een leugen te leven. Wanneer jullie dit leven leiden in een zoektocht naar de betekenis van jullie bestaan, dan zullen jullie het nooit vinden tenzij jullie de Waarheid van de Schepping erkennen.

 

GOD, MIJN EEUWIGE VADER, SCHIEP JULLIE. TENZIJ JULLIE DIT ERKENNEN ZULLEN JULLIE BLIJVEN VALSE GODEN VEREREN EN JULLIE HEIDENDOM ZAL JULLIE OP JULLIE KNIEEN BRENGEN IN WANHOOP.

 

De tijd is gekomen dat jullie alles zullen aanvaarden wat bewijst dat Mijn Vader niet bestaat. Jullie hebben de Waarheid ontvangen. Aanvaard het. Laat Me jullie bij de hand nemen en jullie naar Mijn Vader leiden zodat Ik jullie Eeuwige Redding kan brengen.

 

ALLES ANDERS DAN DE WAARHEID ZAL JULLIE LEIDEN OP DE WEG NAAR DE HEL.

 

 

de ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Mijn zeer geliefde dochter, Mijn Wil is in steen gebeiteld en al degenen die Mij werkelijk liefhebben zullen verstrengeld worden binnen de Goddelijke Wil van de Heer. Ontken Mijn Wil en jullie kunnen niet de Mijne worden. Ga tegen Mij in en Ik zal jullie niet toelaten Mijn Koninkrijk binnen te gaan, want enkel degenen die tot Mij komen, in uiteindelijke overgave van hun eigen vrije wil, kunnen werkelijk zeggen dat ze van Mij zijn.

Als je niet van Mij bent, hoe kan Ik dan jullie ondankbare harten overhalen? Degenen onder jullie die Mij vervloeken, degenen die Mijn Woord niet hoog houden of degenen die proberen de Heilige Wil van God te verstoren, zullen in de afgrond geworpen worden wanneer elke inspanning om jullie te redden uitgeput is.

Wanneer Ik geboren werd, maakten velen van Mijn vijanden wiens zielen geteisterd werden door boze geesten, het leven van Mijn Moeder zeer moeilijk. Degenen die haar vervolgden gedurende Mijn Tijd op aarde waren zich niet bewust, in vele gevallen, waarom ze dergelijke haat tegen haar voelden.

Maar ze leed, in Mijn Naam. Degenen die tegen Mijn Eerste Komst waren weigerden de Wil van God te aanvaarden, die hen gegeven was om hen te bevrijden van de ketenen die rond hun enkels hingen en daar geplaatst werden door demonen.

 

IK BRACHT VEEL VAN MIJN MISSIE OP AARDE DOOR MET HET UITDRIJVEN VAN BOZE GEESTEN IN DE ZIELEN VAN DE GEKWELDEN, TERWIJL IK OOK DEGENEN VERLICHTE DIE ONWETEND WAREN VAN GODS WIL. ALS IK MIJ NU VOORBEREID OM OPNIEUW TE KOMEN ZAL MIJN MISSIE ZELFS NOG MOEILIJKER ZIJN DEZE KEER.

 

Aan jullie allen met verharde harten die weigeren te luisteren naar Mij, zeg Ik dit. Tenzij jullie werkelijk toegewijd zijn aan mij, door een leven van gebed en toewijding, zullen jullie deze tocht naar het Eeuwig Leven niet voltooien door jullie geloof alleen. Jullie zijn niet gezegend met genoeg inzicht, of kennis van Mijn Woord, om Mijn Waarschuwing opzij te zetten op dit moment. Waarom minachten jullie Mij nu?

Wat denken jullie dat jullie waardig zal maken om voor Mij te staan, wanneer jullie Mij vragen voor eeuwig leven? Ik zeg jullie dat jullie koppigheid jullie verblindt voor de waarheid van de Goddelijke Openbaring, waarvan jullie getuige zijn door deze, Mijn Heilige Boodschappen voor de wereld.

Ondankbare zielen, jullie ontbreken in kennis die nauwgezet aan jullie werd gegeven in de Allerheiligste Bijbel. Van elke les die jullie onderwezen werd, hebben jullie niets geleerd.  Jullie hoogmoed en jullie jacht naar zelfvoldoening, frustreert Mij. Jullie ogen kunnen niet zien en jullie zullen als resultaat onvoorbereid voor Mij staan. Voor elke kleinering die jullie uitspreken tegen degenen die de Waarheid spreken, en die Mijn Heilig Woord hoog houden – ondanks tegenkanting van jullie – zullen jullie met Mij geconfronteerd worden.

Ik zal jullie dan vragen jullie woorden, jullie daden en jullie handelingen tegen Mij te rechtvaardigen. Je kunt nooit zeggen dat jullie voor Mij zijn wanneer jullie tegen Mij vechten door Mijn Woord, aan jullie gegeven uit de Barmhartigheid van God, Die nooit vermoeid is in Zijn Zoektocht om jullie zielen te redden.

 

WANNEER JULLIE DE GAVE VAN PRIVATE OPENBARING WERD GEGEVEN HEBBEN JULLIE HET RECHT OM DEZE TE ONDERSCHEIDEN. MAAR JULLIE HEBBEN NIET DE BEVOEGDHEID OM ANDEREN TE OORDELEN OF HEN SCHADE TE BEROKKENEN, ZELFS AL KOMEN ZE NIET VAN MIJ. IK, JEZUS CHRISTUS, HEB HET KENBAAR GEMAAKT DAT DE MENS NIET HET RECHT HEEFT ENIG ANDERE ZIEL TE OORDELEN.

ALS JULLIE MIJ TARTEN, EN ZELFS ALS JE WROK KOESTERT TEGEN VALSE PROFETEN, ZAL IK JULLIE OORDELEN EN JULLIE STRAFFEN, NET ALS JULLIE DEGENEN STRAFTEN DIE JULLIE HAATTEN. JULLIE KUNNEN GEEN ANDERE PERSOON HATEN IN MIJN NAAM. ALS JULLIE EEN ANDERE PERSOON HATEN DAN DOEN JULLIE DIT IN DE NAAM VAN SATAN.

IK ZAL JULLIE ONGERECHTIGHEDEN WEGWASSEN ENKEL WANNEER JULLIE KOMEN EN MIJ SMEKEN OM JULLIE TE VERLOSSEN VAN DERGELIJKE ZONDE. MAAR VELEN ONDER JULLIE ZULLEN DIT NOOIT DOEN WANT JULLIE HEBBEN JEZELF BOVEN MIJ GEPLAATST, EN DAARVOOR ZULLEN JULLIE LIJDEN.

LAAT NIET EEN PERSOON ONDER JULLIE VERKLAREN DAT EEN ANDERE ZIEL VAN DE BOZE KOMT, WANT HIJ, SATAN SCHEPT PLEZIER IN DEGENEN DIE ZICH SCHULDIG MAKEN AAN DEZE FOUT. NIET EEN ONDER JULLIE IS ZO VRIJ VAN ZONDE DAT JULLIE DERGELIJK OORDEEL KUNT VELLEN.

 

Hij die van Mij is en die Mij werkelijk kent, zou nooit een andere ziel minachten in Mijn Naam.

 

Jullie Jezus

 

 

De eindstrijd tussen goed en kwaad

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Woorden van God de Vader 

 

Mijn zeer geliefde dochter, houd van Mij en weet dat Ik al Mijn kinderen liefheb en koester. Weet echter ook dat Mijn Gerechtigheid moet gevreesd worden. Laat niet een mens onder jullie onwetend zijn van Mijn Gerechtigheid want het zal ontketend worden als een in angstaanjagende storm en het zal degenen die Mijn Barmhartigheid weigeren wegvagen.

 

MIJN WOEDE IS ONGEKEND DOOR VELEN, MAAR WEET DIT. ALS EEN MENS DIE MIJ KENT DE HEILIGE GEEST BELASTERT ZAL IK  HEM NOOIT VERGEVEN. NIETS KAN OF ZAL DIT FEIT VERANDEREN, WANT ZO’N MENS HEEFT ZIJN EIGEN LOT GEKOZEN EN ER KAN GEEN VERZOENING ZIJN. AAN DE MENS DIE TEGEN MIJ OPKOMT EN HET NEMEN VAN LEVEN RECHTVAARDIGT, WEET DAT ZIJN EIGEN LEVEN ZAL GENOMEN WORDEN DOOR MIJ.

ALS EEN MENS ZIJN ZIEL VERKOOPT AAN SATAN, KAN IK HET NIET TERUGNEMEN WANT HIJ WORDT EEN MET DE BOZE. WANNEER EEN MENS, DIE SPREEKT IN DE NAAM VAN MIJN ZOON JEZUS CHRISTUS, DE ZIELEN VAN DEGENEN DIE VAN MIJ ZIJN VERNIETIGT, ZAL HIJ DOOR MIJ VOOR EEUWIG VERWORPEN WORDEN. VREES NU MIJN TOORN, WANT IK ZAL ELKE ZIEL STRAFFEN DIE MIJN WIL TOT HET EINDE TART.

 

Jullie moeten niet de Tweede Komst van Mijn Zoon vrezen want dit is een Geschenk. Jullie moeten ook geen lijden vrezen dat jullie kunnen te doorstaan krijgen voor die dag want dit zal een kort leven beschoren zijn. Vrees enkel voor de zielen van degenen die Ik niet kan redden en die geen verlangen hebben om zich te redden. Zij zijn de zielen die weten dat Ik besta maar die in de plaats Mijn vijand over Mij kiezen. Ik zal tussen komen op vele manieren om degenen te redden die Mij helemaal niet kennen.

 

IK ZAL DE ZIELEN VAN DEGENEN UITKLEDEN DIE ELKE WET DIE IK INGESTELD HEB TARTEN EN ZE ZULLEN DE PIJN VAN DE HEL EN HET VAGEVUUR MOETEN VERDRAGEN OP DEZE AARDE.

 

Daardoor zullen ze gezuiverd worden en ze zullen Mij dankbaar zijn om hen nu deze Barmhartigheid te betonen. Ze kunnen dit veel beter nu te verdragen krijgen dan voor eeuwig te lijden in vereniging met de boze. Jullie moeten nooit Mijn Wegen in vraag stellen, omdat al wat Ik doe voor het goed van Mijn kinderen is, zodat ze bij Mij kunnen zijn voor een leven van Eeuwige Glorie.

Mijn straf die ik op de mens doe neerkomen, doet Mij pijn. Het breekt Mijn Hart maar het is noodzakelijk. Al deze pijn zal vergeten zijn en licht zal de duisternis vernietigen. De duisternis zal niet langer zijn vreselijke vloek op Mijn kinderen richten. Ik zeg jullie dit want jullie worden in een vreselijke duisternis geleid door het bedrog van de duivel. Tenzij Ik jullie informeer over de gevolgen zullen jullie geen toekomst hebben in Mijn Paradijs. Hoe vlug is alle herinnering aan Mijn Geboden vergeten. Hoe vlug valt de mens uit Genade wanneer hij Mijn Woord niet hoog houd.

 

 

Jullie geliefde Vader

 

God de Allerhoogste

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

De eeuwige moederliefde van God

Standaard

categorie : Hildegard von Bingen

.

.

hildegard

.

.

.

Een psalm van Hildegard: Laus Trinitati:

.

Geloofd zij de Drieëenheid, die klank en leven geeft

.

in het bestaan van alle schepselen 

.

.

scivias-t-11

.

.

Het mooiste visioen uit de Scivias is dat van de Drieëenheid (T 11 II,2): een mensengestalte omgeven door een cirkel van rood trillend vuur met daar omheen een cirkel van helder licht.

Hildegard heeft zelf geen titel aan dit visioen gegeven. Wel beschrijft ze in de tekst de Moederliefde van God: de ‘materna dilectio amplexionis Dei’ (de moederlijke liefde van Gods omhelzing).
Ze duidt de Vader aan door het zilver (trillend, levend licht), de Heilige Geest door goud (trillende, levende warmte) en het Mensgeworden Woord door saffierblauw, de Zoon (daaruit voortgekomen).

Hildegard ervaart in het visioen van de drie-enige God een levend licht. Dit levende licht komt naar haar toe en opent voor haar de geheimen van God. In dit visioen wordt voor haar een verborgen werkelijkheid getoond. Ze wordt betrokken in een diepte die alomvattend is en waarin de hele werkelijkheid ligt besloten.

Ze moet dit opschrijven: “Zoals het overeenkomt met de wil van degene, die alles weet, alles ziet en alles in de verborgenheid van zijn geheimenissen ordent.” (God, de algeest, alwetend, alwijs, alliefhebbend, almachtig) God werkt. God openbaart zich in haar visioenen, die zichtbaar worden door een goddelijke kracht. Ze ziet een volheid, die een dynamiek in zich heeft en die alles uit zichzelf tevoorschijn brengt en het een eigen bestaan geeft.

In dit visioen geeft de levende God aan zich te ervaren als oerkracht. God openbaart zich als een volheid die met een scherpe kracht overal ‘stroompjes van kracht’ (L. ‘rivulos fortium’: stroom van kracht, krachtstroom; van ‘rivus’ stromen) heeft geplant.

Deze ‘volheid’ verwijst naar de geheimen van God, de grond van alle dingen, waarin ‘al wat is’ leeft, beweegt en is. Alle schepselen zijn in hun oorsprong geplant door de levende God. In ieder mens, dier en ding bevindt zich een stroompje, een klein beekje (een stromende krachtbron, de geest) dat door Gods kracht is aangelegd.

.

.

Het stroompje van kracht

.

Dat betekent, dat al het geschapene niet in zichzelf bestaat. De oorsprong van alles ligt in de hand van de schepper, die de schepping ontworpen en geordend heeft. In hun oorsprong zijn alle schepselen verbonden met hun schepper. Ieder schepsel heeft een geheim in zich, dat in zijn oorsprong verwijst naar de levende God.

Dit geheim duidt Hildegard aan als ‘het beekje van kracht’ (de geest als stromende bron). Ieder schepsel heeft daardoor de mogelijkheid ontvankelijk te zijn voor de levende God. Ieder beekje is verbonden met de volheid, die de grote stroom van Gods leven is.

Deze ‘beekjes van kracht’ zijn altijd aanwezig en gaan aan alles vooraf. Door dit beekje ondergaat ieder schepsel de werking van Gods geheimen, ook de mens. De mens kan er niet over beschikken. Het geheim is er altijd, ook als de mens zich ervan afkeert, ervan vervreemd is en in zonden leeft.

.

.

.

levenskracht

levenskracht

Pasteltekening van John Astria

.

.

De moederliefde van God

.

De levende God wil werkzaam zijn als scheppende kracht. Zolang de beekjes onder stenen bedolven zijn en met ijs bedekt (de toestand van onbewuste vereenzelviging), kan de volheid niet naar het beekje toestromen. Zolang de mens in zichzelf besloten is (de stroom voor zichzelf houdt), kan de levende God de mens niet herscheppen en vernieuwen.

Hildegard beschrijft in dit visioen, hoe wij weer in verbinding met dit beekje van kracht kunnen komen. Daarvoor is het belangrijk dat dit beekje van kracht bevrijd wordt. In dit visioen beschrijft Hildegard hoe zij ziet, hoe God zichzelf opent en zich aan ons geeft (als Jezus, Gods Zoon). Dit aanbod krijgt gestalte in moederliefde. Deze moederliefde beschrijft Hildegard als natuurlijk, gevoelsmatig en opvoedend.

Als moederliefde stelt God zich geheel beschikbaar als voedende en behoedende. Als opvoedster leert de moederliefde van God de mens boetvaardigheid, opdat de band met de levende God wordt hersteld. De moederliefde van God opent de mens, waardoor hij deze liefde kan ontvangen en bevrijd wordt van de zonde.

Het is de moederliefde van God die ons weer in contact brengt met het beekje van kracht, waardoor wij ons kunnen openen voor de werking van Gods geheimen.  Dit proces beschrijft Hildegard in dit visioen. Hildegard ziet in dit visioen dat God werkt als een scheppende kracht in drie Personen: de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Deze dynamiek openbaart zich door met ons iets te doen en door ons om te vormen.

Deze omvorming heeft als doel dat wij weer contact krijgen met het oorspronkelijke leven dat ons is ingeschapen, namelijk het beekje van kracht, het geheim dat verbonden is met de geheimen Gods. Deze omvorming wordt door de moederliefde Gods in gang gezet. Hildegard gebruikt het moederbeeld om de verlossing te beschrijven.

.

.

.

Het visioen vanuit de spiritualiteit benaderd

.

Onder spiritualiteit wordt verstaan de voortgaande omvorming van een persoon, betrokken op een onvoorwaardelijke aanspraak. Er is sprake van spiritualiteit waar iemand antwoord geeft op de uitnodiging en het appèl, die de Eeuwige onontwijkbaar op hem of haar richt. Aan Mozes openbaarde deze Aanspraak zich als ‘Ik ben er’. Voor Jezus droeg zij de naam Abba, Vader.

Voor Hildegard van Bingen draagt zij de naam: het Levende Licht. Zij wordt door dat licht persoonlijk geroepen. Haar antwoord hierop krijgt vorm in haar leven, werk en haar geschriften. In het visioen van de Drieëenheid ontstaat er een betrokkenheid tussen de drie goddelijke personen, die zich als één licht en één kracht wil geven aan Hildegard.

Deze betrokkenheid is een uitnodiging aan Hildegard om zich te laten betrekken in Gods levende licht, dat aan haar de geheimen Gods openbaart. Het visioen is een mystieke ervaring. Mystiek betekent de ervaring van een verborgen zin of onzichtbare werkelijkheid, waarin iemand binnengevoerd wordt. De betekenis van de geheimen wordt aan haar getoond, doordat zij in deze verborgen werkelijkheid betrokken wordt.

Deze ervaring zet een proces in gang en brengt een verandering teweeg. Dit proces wordt vanuit de spiritualiteit een omvorming genoemd. Dit proces houdt in: loskomen uit de oude vorm (de oude mens) en ingaan in de nieuwe vorm (de nieuwe mens). Deze omvorming voltrekt zich als een geestelijk proces. De oude mens is een mens die nog ongevormd is ten aanzien van de vorm die als mogelijkheid aanwezig is (het beekje van kracht) en ongeordend voor zover hij hiervan afwijkt.

In dit visioen is het de moederliefde Gods die de oude mens bevrijdt en hem in contact brengt met het ‘stroompje’ van goddelijk leven (de menselijke geest), opdat de ‘volheid’ van Gods kracht (de algeest) de mens kan herscheppen naar Gods beeld en gelijkenis. Er is een voortdurende werking van de goddelijke kracht die de mens omvormt van ‘onvolmaaktheid’ naar ‘volmaaktheid’.

De goddelijke kracht duidt Hildegard in haar visioen aan als ‘volheid waaraan niets ontbreekt’ (de algeest). Deze werkt en ontvouwt zich in de ervarende persoon, opdat ‘al wat leeft’ tot ontwikkeling en voltooiing komt. Dit proces is daarom niet alleen dynamisch, maar ook structurerend, wat zich verwerkelijkt in de ervarende persoon.

In deze omvorming zijn de goddelijke dynamiek en de menselijke ervaring op elkaar betrokken. Als schering en inslag zijn ze voortdurend met elkaar verweven. Dit is een nooit eindigend proces. In het eerst visioen ‘De Verlosser’ heeft Hildegard gezien dat de schepping geschied door de drie goddelijke personen. De Vader ziet ze als een hellicht vuur, de Zoon als een hemelsblauwe vlam die in de zachte adem van de heilige Geest brandt.

Van deze goddelijke personen gaat een neerdalende beweging uit naar de mensheid op aarde. Deze beweging zet de geschiedenis in gang vanaf de schepping ‘in den beginne’ tot aan de menswording van de Zoon van God. De menswording van de Zoon van God is de openbaring van dit visioen: God deelt zichzelf mee.

In het visioen van de drie-enige God is er geen neerdalende beweging te zien van God uit naar de mensheid, maar een innerlijke beweging tussen de drie personen. Er is een levende dynamiek tussen hen. De personen van de goddelijke Drieëenheid werken op elkaar in, om zichzelf te openen als drie-enige God voor de mens.

Hildegard ziet dit als een dynamisch proces tussen het heldere licht en het rode vuur. Ze stromen door elkaar heen. ‘Dit heldere licht doorstroomt het hele rode vuur en dit rode vuur doorstroomt weer heel het heldere licht. En dit heldere licht en dit rode vuur stromen door heel deze mensengestalte zodat het één licht en één kracht van mogelijkheden vormt’.

Verder valt op dat er in het visioen van de drie-eenheid van God gesproken wordt over ‘een allerhelderst licht’ en een ‘allerzoetst rood vuur’. In dit visioen hebben het licht en het vuur een intensiteit in de hoogste mate. Ook valt op dat de hemelsblauwe vlam zich ontwikkeld heeft tot een ‘mensengestalte’ in de kleur van saffierblauw.

.

.

de ware en de valse Drievuldigheid

de ware en de valse Drievuldigheid

Pasteltekening van John Astria

.

.

.De tekst van het visioen over de drie personen :

Daarom zie je een allerhelderst licht, dat zonder smet van begoocheling (misleiding, onwaarheid), zonder smet van verduistering (gebrek aan inzicht) en zonder smet van bedrog (onwaarheid) de Vader aanduidt. (‘Vader’, licht, komt overeen met: denken).

En daarin de mensengestalte in de kleur van saffierblauw, die zonder smet van verharding (harteloosheid), zonder smet van (gevoelens van) afgunst en zonder smet van onrechtvaardigheid de Zoon openbaart, die voor de tijden als God uit de Vader is geboren en in de tijd als mens is geïncarneerd. (‘Zoon’, komt overeen met: voelen)

Datgene wat geheel brandt met een allerzoetst rood vuur, een vuur zonder smet van dorheid (levenloosheid), zonder smet van sterfelijkheid (levenskracht) en zonder smet van duisternis (bewustzijn) wijst op de heilige geest (‘Heilige Geest’, komt overeen met: bewuste kracht, waarnemen en willen), waaruit dezelfde eniggeborene van God, naar het vlees ontvangen en uit de maagd in de tijd geboren, een licht van ware helderheid in de wereld uitgoot.

Maar dat dit heldere licht geheel dit rode vuur doorstroomt en ditzelfde heldere licht en rode vuur weer samen de hele mensengestalte doorstromen, zodat het één licht in één kracht van mogelijkheden vormt. Dat betekent dat de Vader, die de rechtvaardigste gelijkheid is, niet zonder de Zoon en niet zonder de heilige Geest bestaat de goddelijke eenheid is onafscheidelijk in deze drie personen van kracht .

.

Waar dit Woord (Jezus) al het goede tot stand bracht, hen (de mensen) door zijn zachtmoedigheid naar het leven terugvoerde, die door de onreinheid van zonde (door de onbewuste vereenzelviging) verworpen waren en die niet meer in de heiligheid, die zij verloren hadden, in staat waren terug te keren (Jezus, komt overeen met voelen).

Want door deze levensbron (Jezus) kwam de moederliefde van Gods omhelzing tot ons die ons tot leven voedde en die onze helpster (parakleitos) in gevaren is en die de diepste en allerzoetste liefde is, door ons boetvaardigheid te leren (Jezus, komt overeen met voelen).

.

.

.

Gods krachtstroom in de mens

.

Hildegard wordt betrokken in een diepte, die alomvattend is en waarin de hele werkelijkheid ligt besloten. In deze diepte doorschouwt ze de grond van alle dingen. Hildegard ziet dat de geheimen van God de absolute oorsprong zijn van alle schepselen. In de diepte ziet ze een oerkracht die al het geschapene heeft geplant: ‘Deze volheid heeft met een scherpe kracht stroompjes van kracht geplant’. De volheid van Gods levenskracht heeft beekjes geplant.

Ieder schepsel heeft een ‘beekje van kracht’, dat ontspringt aan de volheid van Gods levensstroom. In dit visioen ziet ze dat de schepping niet is ontstaan uit een niets of uit een oerknal. Ze schouwt de geheimen van God als een levensbron, als een volheid waar al wat leeft uit voortkomt. Hildegard schouwt dat de oorsprong van de dingen niet in de dingen zelf ligt. De schepping bestaat niet in zichzelf. God is de bron van al wat bestaat.

Het stroompje van kracht (de geest als bron) bevindt zich in ieder schepsel. Daar bevindt zich de levenskracht. Door dit stroompje is ieder schepsel met de volheid van Gods geheimen verbonden. Door dit stroompje kan God naar het geschapene stromen. Ieder heeft de mogelijkheid om ontvankelijk te zijn voor en om deel te nemen aan de volheid van Leven. Iedereen kan deelnemen aan deze goddelijke levenskracht. God is een stuwende kracht, die zich wil openen om naar de stroompjes toe te stromen.

Hildegard schouwt in haar visioen, dat er een relatie is tussen God en heel Gods schepping. De relatie tussen God en al wat geschapen is, is wezenlijk, opdat God zich kan ontvouwen in de schepselen. Goddelijk leven is overal aanwezig als een stroompje van kracht, waardoor Gods levenskracht in alle schepselen werkzaam kan zijn. God verhoudt zich tot heel de schepping als een volheid tot alle stroompjes van kracht, die in al het zichtbare en onzichtbare leven aanwezig zijn.

.

.

God in drie personen

.

Het goddelijke leven laat zich zien als een allerhelderst licht, als rood vuur (warmte) en een mensengestalte in de kleur van saffierblauw. Het rode vuur duidt op de Heilige Geest. Het is een vuur zonder smet van dorheid. Dit lijkt een tegenstrijdigheid, omdat vuur immers door hitte alles verdort. Het voorafgaande visioen over de verlosser werpt een licht op deze tegenstrijdigheid. Daar wordt dit rode vuur in verband gebracht met de plaats, waar het goddelijke woord kan incarneren.

Deze plaats wordt aangeduid als ‘morgenrood’, het vuur, waarin God zijn ‘Woord vol verlangen’ zond. God gaf dit woord als een ‘vruchtbrengende vrucht’ en liet het ‘als een geweldige bron tevoorschijn komen. Wie van deze bron drinkt, zal nooit meer van dorst vergaan. In dit licht van het morgenrood ontbrandde een buitengewone wil. Want in de glans van het rode licht toonde zich de groene kracht (viriditas, levenskracht, de Heilige Geest komt overeen met: willen) van het grote oude raadsbesluit.

.

.

De oneindigheid van de Drievulkdigheid

De oneindigheid van de Drievulkdigheid

Pasteltekening van John Astria

.

.

Samengebundelde kracht van goddelijk leven

.

Nu gaat er iets nieuws gebeuren. In het visioen ontstaat beweging. Het heldere licht en het rode vuur (de ongevormde oertoestand) stromen door elkaar heen en worden één om samen de gehele mensengestalte te doorstromen (de gevormde toestand). In het goddelijke leven is beweging zichtbaar. Het licht en het vuur en de mensengestalte stromen zo door elkaar heen, dat ze worden tot één krachtbundel: ‘Dit heldere licht doorstroomt het hele rode vuur en dit rode vuur stroomt weer door heel het heldere licht.

En dit heldere licht en en dit rode vuur stromen door geheel deze mensengestalte, zodat het één licht in een kracht van mogelijkheden vormt’. Deze samengebundelde kracht van goddelijk leven is een beginsel, een concentratie van mogelijkheden. Dit beginsel is een stuwende kracht die in beweging zet; een krachtbron voor al wat leeft (door de geestelijke vermogens). Deze kracht heeft een rijkdom aan mogelijkheden.

.

.

God werkt in drie personen

.

God is werkzaam als een dynamische kracht in drie personen (drie vormen). De Vader is werkzaam als ‘rechtvaardigste gelijkheid’. Rechtvaardig staat in verband met trouw en goedheid. Als ‘rechtvaardigste gelijkheid’ laat de Vader ieder schepsel tot zijn recht komen op ‘gelijke’ wijze. Ieder schepsel heeft eenzelfde ‘krachtstroom’.

De Heilige Geest maakt een beweging naar de gelovigen. Zij worden aangeraakt en in vuur en vlam gezet door de Geest. De Zoon is de ‘volheid van de vruchtbaarheid’. Hij draagt de mogelijkheid in zich heel de schepping vruchtbaar te doen zijn: ‘alles is door hem geworden en zonder hem is niets geworden wat geworden is’. Deze volheid van vruchtbaarheid is in alle dingen.

Het is een alomvattende kracht die met heel de schepping is verbonden en die ‘al wat is’ leven geeft. Alles is met de Zoon in de oorsprong verbonden. De hele schepping draagt een kiem van deze volheid. De Vader als de rechtvaardigste gelijkheid, de Heilige Geest als de ontsteker van de harten van de gelovigen en de Zoon als de volheid van de vruchtbaarheid, bestaan niet zonder elkaar.

Ze werken samen. De drie goddelijke personen vormen een eenheid en zijn als personen met elkaar verweven en op elkaar betrokken. In de goddelijke natuur zijn ze met elkaar verbonden. De drie personen van de Drieëenheid zijn tot een eenheid samengevoegd. De ene persoon staat niet boven de ander, ‘ze zijn één God in een onverdeelde majesteit’.

Ze zijn niet verdeeld, maar werken wel afzonderlijk als personen (de geestelijke vermogens). Als personen staan ze met elkaar in relatie. De Vader wordt kenbaar gemaakt door de Zoon. De Zoon weerspiegelt het allerhelderste licht dat de Vader is. ‘De Zoon wordt kenbaar gemaakt door de oorsprong van de schepselen’.

De volheid van de vruchtbaarheid van de Zoon is aanwezig in alle schepselen. ‘De heilige Geest wordt kenbaar gemaakt door dezelfde menswording van de Zoon’. De Vader bracht zijn Zoon voort in eeuwigheid. Dit is niet aan tijd gebonden: de Vader schept in eeuwigheid. Bij de Zoon begint de schepping. Door hem worden alle schepselen geboren uit de Vader.

Alle dingen hebben hun oorsprong in de Zoon. In de Zoon komen alle schepselen aan het licht (de gevormde toestand). De volheid van de vruchtbaarheid van de Zoon kan zich in alle schepselen openbaren. Ieder schepsel is vruchtbaar en kan tot voltooiing komen, dat is: worden zoals de Vader het in zijn allerhelderste licht heeft bedoeld. De Heilige Geest wordt kenbaar gemaakt door de menswording van Gods Zoon. De Heilige Geest, die zichtbaar werd als een duif bij de doop in de Jordaan, maakt Jezus Mensenzoon.

.

.

God verlangt naar de mens

.

God verbindt zich tot één licht en één kracht, als de ene God in drie personen, die verlangt naar een relatie met de mensen. De ene God wil zich openen en de mensen uitnodigen zich te laten betrekken in Gods leven: ‘De mens mag nooit vergeten, mij, de ene God in deze drie personen, aan te roepen’.
God wordt persoonlijk en verlangt naar een relatie met de mens: de mens mag mij aanroepen.

In het Latijn staat ‘invocare’, wat zowel aanroepen als inroepen betekent. De ene God aanroepen is vragen om contact en zich toewenden (het streven naar de hereniging). God inroepen is zich openen om God binnen te laten komen. God neemt er geen genoegen mee verzonken te zijn in zichzelf en wil betrokken zijn op mensen. God wil zichzelf te buiten gaan.

God wil zich niet opsluiten in zijn eigen wezen, in tegendeel, deze ene God in drie personen wil bestaan in een onbegrensde openheid naar de mensen toe, ‘want daartoe heb ik hen aan de mens geopenbaard, opdat de mens des te heviger aangeraakt in liefde tot mij ontbrande’. De bedoeling van Gods openbaring is dat de mens aangeraakt wordt in liefde en dat er een verlangen wakker wordt gemaakt, waardoor onze liefde tot God ontwaakt.

De mens is als schepsel in aanleg geschapen om de volle diepte van Gods liefde te ontvangen en van daaruit te leven. Daarnaar verlangt God en daartoe openbaart God zichzelf in de drie personen … opdat zij beseffen, dat de diepste beweging tussen God en mens er een is van liefde.

.

.

Eer aan God in de Hoge

Eer aan God in de Hoge

Pasteltekening van John Astria

.

.

Gods initiatief

.

Het initiatief van de liefde ligt niet bij de mensen, maar bij God. Deze liefde duidt Hildegard aan met ‘caritas’ (liefdadigheid), de liefde die in God woont. Deze liefde openbaart zich, doordat God zijn eniggeboren Zoon aan de mensheid schenkt. Het doel hiervan is, dat wij zullen leven. De zelfgave van God in zijn Zoon betekent leven voor ons. God deelt zichzelf mee en schenkt liefde aan de mensheid door de menswording van zijn Zoon, die hij heeft gezonden ‘tot verzoening van onze zonden’.

Christus is mens geworden opdat wij wegtrekken uit de duisternis van de zonde. De zonde is dat de mensen zich hebben afgewend van God (door de onbewuste vereenzelviging met de stof). Zij hebben geen contact meer met ‘het stroompje dat God zelf in hen heeft geplant’. Zij zijn hiervan vervreemd (ze zijn onbewust geworden, vervreemd van zichzelf als geest) en hebben dit goddelijke bewustzijn verloren. God wil deze relatie herstellen door zichzelf te geven in zijn Zoon, om zo de oorspronkelijke verbinding te herstellen.

Deze liefde duidt Hildegard aan met het woord ‘dilectio’. Deze liefde leidt tot het schenken van genade (‘genade’: welwillendheid). Het woord dilectio komt van ‘diligere’, dat uitkiezen en liefhebben betekent. God kiest ons uit door ons te beminnen en zo aan ons onze oorspronkelijke waarde terug te geven. Doordat God ons heeft bemind ‘is een ander heil ontstaan, dan wat wij bij onze eerste oorsprong bezaten’.

Onze eerste oorsprong duidt op de schepping van de eerste mensen in het paradijs, die leefden in verbondenheid met hun goddelijke oorsprong en die de erfgenamen waren van onschuld en heiligheid.
De eerste mensen konden nog geen onderscheid maken tussen goed en kwaad. Daarom kon het niet anders dan dat onze onschuld en heiligheid beproefd werden (op de aarde als leerschool).

Deze beproevingen zijn een kans om te groeien. Want in de beproevingen heeft de hemelse Vader aan ons zijn liefde laten zien, zegt Hildegard. Deze liefde duidt Hildegard aan met ‘caritas’. De liefde van God ervaren wij als een beproeving. Over deze beproevingen schrijft ze in het visioen van de oorsprong van het kwaad: ‘De grote heerlijkheid en eer, die aan de mensen gegeven is, kan niet zonder beproeving blijven, anders zou de mens nietig en ijdel zijn.

Goud moet in het vuur gelouterd worden, kostbare stenen moeten gereinigd en geslepen worden. Ook de mens, die volgens beeld en gelijkenis van God is geschapen, moet, om te kunnen bestaan, beproefd worden. Meer dan ieder wezen moet de mens beproefd worden en zijn toetsstenen zijn (zijn omgang met) de schepselen.

De geest toetst zich aan de geest (in de ontmoeting met medemensen), het vlees aan het vlees. Zo wordt de mens door ieder schepsel beproefd in het paradijs, op aarde en in de onderwereld. Willen wij groeien naar Gods beeld en gelijkenis, dan is het noodzakelijk dat wij (onze zelfstandigheid en vermogen de juiste keuzes te maken) worden beproefd, anders zouden wij nietig en ijdel blijven.

.

.

In de ban van de zonde

.

God laat zijn liefde zien als een beweging naar de mensen toe: Hij openbaart zijn ene Woord voor de mensenkinderen als een mogelijkheid voor hen om zich te laten betrekken in het goddelijke leven (de hereniging). Ze blijven ontvankelijk voor dit Woord, ondanks hun duisternis: ‘En het licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet aangenomen’ (Joh. 1:5).

De mensen kunnen niet zelf uit hun duisternis (onbewustheid) breken. Toch wil God hen openen om opnieuw met hen de relatie aan te gaan. Dat kan enkel gebeuren ‘door een hemelse kracht’ die de Vader naar de wereld zendt, in zijn ene Woord, namelijk door de menswording van het ene Woord in Jezus Christus: ‘Het ware licht, dat ieder mens verlicht, kwam in de wereld’ (Joh. 1:9).

Dit mensgeworden Woord werkt al het goede uit: ‘door zijn zachtmoedigheid voert het Woord de mens terug tot het leven’. Niet door hardheid, niet door de macht, maar door zachtheid en mildheid wordt de mens teruggevoerd naar het leven.

Ondanks hun duisternis (onbewustheid) blijven de mensen de mogelijkheid behouden om open te staan voor deze hemelse kracht. Door de zonde zijn zij ervan af gekeerd en vervreemd, en kunnen niet op eigen kracht terugkeren, omdat de macht van de zonde hen in de ban heeft (door de onbewuste vereenzelviging met de stof).

.

.

Vader liefde en moeder liefde

Vader liefde en moeder liefde

Pasteltekening van John Astria

.

.

De moederliefde van God

.

De levensbron van God ontsluit zich als moederliefde, die als een omhelzing tot ons komt. De levensbron opent zich voor ons, opdat wij open worden voor God. De liefde, die uit deze levensbron stroomt, biedt een opening voor ons. Gods liefde maakt zich kenbaar als moederliefde. Deze liefde maakt een verbinding naar ons, opdat er tussen God en ons een relatie kan ontstaan.

Zoals een moeder zichzelf beschikbaar stelt met lichaam en ziel, opdat haar kind zal leven, zo voedt de moederliefde van God de mens ten leven. Zoals de moeder haar kind behoedt, zo is de moederliefde van God onze helpster (parakleitos, de heilige Geest) in gevaren. Hildegard duidt deze aspecten van moederliefde aan met het woord ‘dilectio’: de liefde, die de mens bevrijdt uit de duisternis, de liefde die werkt als een genade.

Waar de mens geopend is, kan Gods liefde naar de mens toestromen. Waar de mens kan ontvangen, kan God geven. Dit is één gebeuren. Dit wordt ervaren als ‘de diepste en allerzoetste liefde’. De moederliefde van God is er voor de mensen en nodigt hen uit tot leven. In deze relatie kan de mens bij zichzelf en bij God komen.

In deze aanwezigheid van God kan het besef doorbreken van zondig zijn, dat wil zeggen: van vervreemd zijn van God, afgesneden en niet zichzelf. Dit besef zet de mens op de weg naar terugkeer en herstel (bekering), ‘zo leert God ons te leven in boetvaardigheid’.

.

.

De innerlijke bewogenheid van God met de mens

.

God wil de relatie met de mens herstellen en dat gebeurt doordat God zich de mens herinnert. God heeft immers de mens geschapen uit liefde. Het beeld van de mens ligt onuitwisbaar in het geheugen van God getekend. Het is de herinnering aan het grote werk van God, die de mens geboetseerd heeft uit het slijk der aarde. God heeft de mens geschapen uit goddelijke kracht als ‘zijn kostbaarste parel’. De schoonheid van de mens ligt als een parel in het binnenste van God getekend.

De mens is geschapen als een parel én de parel ligt in de herinnering van God. Hier raken God en mens elkaar (het streven naar de hereniging). God heeft de mens tot leven gewekt door hem levensadem in te blazen. Zo werd de mens bezield met goddelijke geest. God heeft de mens gewekt, maar hij is nog niet tot voltooiing gekomen. Het krachtstroompje ligt nog bedolven. De kostbare parel, die in de diepte verborgen ligt, is nog niet aan het licht gekomen (door de onbewuste vereenzelviging).

Een parel groeit in de zee als parelmoerstof in het lichaam van een pareloester. Door onze(!) stroompjes zijn we verbonden met de ‘zee’, met de volheid (de goddelijke algeest), waaraan onze ‘stroompjes’ ontspringen. Door middel van onze stroompjes kunnen we op zoek gaan naar de parel (jezelf als geest) die daar in de diepte (van de ziel) verborgen ligt.

Gods herinnering aan de mens is vol barmhartigheid. God is bewogen met de mens, die hij tot leven heeft gewekt. Zoals een moeder de vrucht draagt tot haar dagen vervuld zijn, zo draagt God de mens in zijn innerlijk tot de vruchten voldragen zijn. God zet met zijn scheppende liefde een proces in gang en gaat een verbintenis aan met het leven, dat verwekt is. Gods barmhartigheid, die gestalte krijgt als moederliefde van God, voedt en behoedt als een zwangere vrouw dit komende leven opdat deze verbintenis tot voltooiing komt.

God verlangt naar ons en is met ons begaan. Deze bewogenheid is een stuwende kracht van verlangen, die naar ons kan toestromen als we worden bevrijd (van onze toestand van vereenzelving met de stof). Dan kan de volheid, waar alle leven uit voortkomt, naar onze stroompjes toestromen en ons herscheppen.

.

.

In de spiegel van Gods barmhartigheid

.

Gods moederliefde stelt zich beschikbaar voor ons en nodigt ons uit tot leven. Gods liefdevolle aanwezigheid betekent niet dat alles wordt toegedekt. We mogen onszelf tegenkomen in heel ons doen en laten (bewustworden door zelf ervaringen op te doen en te verwerken met onze vermogens). Gods barmhartigheid houdt ons een spiegel voor en confronteert.

In deze spiegel beseffen we onze zelfgenoegzaamheid, onze zelfzuchtigheid (door de onbewuste vereenzelviging met de stof). Deze houding noemt Hildegard hoogmoed en deze schrijft zij toe aan de duivel. Hier staan God en duivel tegenover elkaar. God die de mens wil verlossen en de duivel die hoogmoedig is en de mens in zijn ban heeft.

In aanwezigheid van Gods moederliefde kunnen we uit deze ban worden bevrijd en afdalen, opdat we nederig worden. In de Latijnse tekst van Hildegard staat ‘humilitas’, nederigheid. Dit woord is afkomstig van ‘humus’ en ‘humilis’. Humus betekent ‘grond’. Humilis betekent ‘laag bij de grond’, eenvoudig, deemoedig, nederig.

Nederigheid betekent: bij de grond zijn, buigen naar de aarde. Nederigheid maakt ontvankelijk (de geest is daardoor een ‘leegte’ en staat open voor God). Iemand die nederig is, vervult zichzelf niet met alles wat hij heeft en is. De duivel kent geen nederigheid. Die wil zelf op de plaats van God zitten. Dit zijn de hoogmoedige verzinsels van de listige slang.

Hoogmoed staat tegenover nederigheid. Hoogmoed verbeeldt zichzelf heel wat, terwijl nederigheid zichzelf ontledigt. Hoogmoed vervult zichzelf en is gericht op zichzelf (zelfgerichtheid), nederigheid is een houding van louter ontvangen in verbondenheid met de grond van het bestaan, waar onze stroompjes van kracht ontspringen.

.

.

Herschepping door liefde

.

Het initiatief tot onze verlossing neemt God als moederliefde die naar ons toekomt en ons bevrijdt. Barmhartigheid raakt de naam van God in het hart: Ik ben er. Barmhartigheid is teder én houdt ons een spiegel voor. Barmhartigheid omvat zowel de tedere kant als de confronterende kant van God. Deze twee aanzichten heeft de moederliefde van God. Gods moederliefde is een bron van genade, die uitnodigend is, opdat wij leven én houdt ons een spiegel voor, waarin wij onszelf kunnen tegenkomen (en zo tot zelfkennis kunnen komen).

Gods liefde is nabij én schept afstand. Zo komen wij in aanraking met ons stroompje van kracht en kunnen naar binnen keren om de diepte in te gaan, waar het diepste leven gewekt kan worden: de parel (geest) die vanaf onze oorsprong in ons aanwezig is (die wij vanaf onze oorsprong zelf zijn, maar onbewust).

Als barmhartige keert God zijn hart naar ons toe en verlangt ernaar ons te betrekken in zijn scheppende liefde, opdat wij worden tot wie wij zijn: schepsel naar het beeld van de ene God. God noemt Hildegard hier Schepper en Heer. De Zoon duidt Hildegard aan als Hoofd en Verlosser. Zijn levenskracht is van eeuwigheid werkzaam in alles wat leeft en omvat hemel en aarde.

Christus is een Verlosser, die onze zonden heeft afgewassen. Hij is onze zielverzorger, die ons verpleegt en verzorgt (voelen). Hij maakt onze wonden schoon. De Zoon van God is werkzaam als een verpleegkundige, een arts, die de mens geneest. Uit Christus komt het geneesmiddel voort, waardoor wij geheeld worden.

Deze werkzaamheid van het goddelijke leven is er altijd, zegt Hildegard. De geheimen van God zijn van eeuwigheid werkzaam. God kan ons ieder moment herscheppen. De mens heeft de mogelijkheid om door het krachtstroompje (de menselijke geest) deel te nemen aan de volheid, die oneindig diep is en waaraan niets ontbreekt (de goddelijke algeest). Deze kan zich ontvouwen in ieder schepsel en het voltooien (door geestelijke ontwikkeling).

De stroompjes blijven altijd aanwezig, ondanks het feit dat wij aan tegenslagen en veranderlijkheid onderhevig zijn. Door de stroompjes kunnen wij steeds weer opnieuw in contact komen met de geheimen van God waarin de drie goddelijke personen bewegen en die ‘ondeelbaar levend in de eenheid van de goddelijkheid’ zijn.

.

.

Slotbeschouwing

.

Als zwangere gaat Gods moederliefde een verbintenis aan met de mens, opdat het leven, dat gewekt is, voldragen wordt. Als zwangere draagt God het vruchtwater in zich, waarin mensen gedragen worden tot de tijden zijn vervuld, opdat zij opnieuw geboren worden (zelfverwerkelijking en hereniging).
Ook heel de schepping wacht op voltooiing: ‘De hele natuur kreunt en lijdt in barensweeën, altijd door’ (Rom. 8:23).

Waar God ons herschept, ervaren we dat we niet zelf de oorsprong en ontwerper zijn van het leven. Ons leven kent een dieper geheim. Betrokken op dit levensgeheim beseffen we dat we verbonden zijn met een alomvattende kracht die in heel de schepping aanwezig is en die ‘al wat is’ leven geeft (de goddelijke algeest). In ons zit dit geheim als een parel verborgen (wijzelf als de menselijke geest), die de belofte is van een nieuwe schepping.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

.

voorpagina openbaring a4

.

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

.

JOHN ASTRIA

Jozef, de vader van Jezus

Standaard

Categorie: religie

.

.

Jozef, de vader van Jezus

.

Wat we weten over Jozef, de aardse en wettelijke vader van Jezus, komt uit de evangelies van Matteüs en Lukas. De volledige genealogie van Jozef is te vinden in Matteüs 1:1-24. Mensen die de Bijbel voor het eerst lezen, vragen zich vaak af waarom deze lange genealogie wordt beschreven, maar het belang van deze lijst wordt al snel duidelijk. Genealogieën waren bijzonder belangrijk voor de Joden, en deze verzen laten zien dat de familielijn van Jezus helemaal teruggaat naar Abraham. Hierin kunnen wij een vervulling herkennen van een van de vele profetieën over de komende Messias uit het Oude Testament.

.

.

.

.

Matteüs 1: 1-24

.

De voorouders van Jezus

.

1 Dit is de lijst van voorouders van Jezus Christus. Hij is de zoon van koning David, die uit de familie van Abraham is. 2 Abraham kreeg een zoon: Izaäk. Izaäk kreeg een zoon: Jakob. Jakob kreeg zonen: Juda en zijn broers. 3 Juda kreeg twee zonen: Perez en Zera. Hun moeder was Tamar. Perez kreeg een zoon: Hezron. Hezron kreeg een zoon: Aram. 4 Aram kreeg een zoon: Aminadab. Aminadab kreeg een zoon: Nahesson. Nahesson kreeg een zoon: Salmon. 5 Salmon kreeg een zoon: Boaz. Boaz’ moeder was Rachab. Boaz kreeg een zoon: Obed. Obeds moeder was Ruth. Obed kreeg een zoon: Isaï. 6 Isaï kreeg een zoon: David, die later koning werd.

Koning David kreeg een zoon: Salomo. De moeder van Salomo was de vrouw van Uria. 7 Salomo kreeg een zoon: Rehabeam. Rehabeam kreeg een zoon: Abia. Abia kreeg een zoon: Asa. 8 Asa kreeg een zoon: Josafat. Josafat kreeg een zoon: Joram. 9 Joram kreeg een zoon: Uzzia. Uzzia kreeg een zoon: Jotam. Jotam kreeg een zoon: Achaz. 10 Achaz kreeg een zoon: Hizkia. Hizkia kreeg een zoon: Manasse. Manasse kreeg een zoon: Amon. Amon kreeg een zoon: Josia. 11 Josia kreeg zonen: Joahaz en zijn broers, toen de bewoners van het koninkrijk Juda gevangen meegenomen werden naar het land Babylonië .

12 Nadat ze gevangen meegenomen waren naar Babylonië, kreeg Joahaz een zoon: Sealtiël. Sealtiël kreeg een zoon: Zerubbabel . 13 Zerubbabel kreeg een zoon: Abiud. Abiud kreeg een zoon: Eljakim. Eljakim kreeg een zoon: Azor. 14 Azor kreeg een zoon: Zadok. Zadok kreeg een zoon: Achim. 15 Achim kreeg een zoon: Eliud. Eliud kreeg een zoon: Eleazar. Eleazar kreeg een zoon: Mattan. 16 Mattan kreeg een zoon: Jakob. Jakob kreeg een zoon: Jozef, die later met Maria trouwde. En uit Maria is Jezus geboren. Hij wordt de Christus genoemd.

17 Van Abraham tot David zijn 14 voorvaders. En van David tot het moment dat het volk van Juda gevangen werd meegenomen naar Babylonië zijn 14 voorvaders. En vanaf het moment dat het volk van Juda gevangen werd meegenomen naar Babylonië tot aan Christus zijn ook 14 voorvaders.

.

De geboorte van Jezus

.

18 Dit is het verhaal van de geboorte van Jezus Christus. Maria was verloofd met Jozef. Omdat ze nog niet getrouwd waren, waren ze nog nooit met elkaar naar bed geweest. Maar op een dag wist Maria dat ze in verwachting was. Dat was ze door de kracht van de Heilige Geest. 19 Maar Jozef dacht dat Maria van een andere man in verwachting was geraakt. Daarom was hij van plan om de verloving met Maria uit te maken. Maar hij wilde niemand zeggen dat dat was omdat ze in verwachting was. Want hij was een goed mens. 20 Toen hij dat besloten had, kwam er in een droom een engel van de Heer God naar hem toe. De engel zei: “Jozef, zoon van David, trouw gerust met Maria. Want haar kind is ontstaan door de Heilige Geest. 21 Maria zal een zoon krijgen. Je moet Hem Jezus (= ‘God redt’) noemen. Want Hij zal zijn volk bevrijden van hun ongehoorzaamheid aan God en daarmee van Gods straf. 22 Dit is gebeurd zodat zou uitkomen wat de Heer God van tevoren door de profeet Jesaja heeft gezegd: 23 ‘Het meisje dat nog maagd is zal in verwachting raken en een zoon krijgen. De mensen zullen Hem Immanuël noemen. Dat betekent: ‘God is met ons.’ “24 Toen werd Jozef wakker. Hij deed wat de engel tegen hem had gezegd en trouwde met Maria. 25 Hij ging niet met haar naar bed totdat het kind was geboren. En hij noemde Hem Jezus.

.

.

.

.

Jozef was een rechtstreekse nakomeling van David. Hij was een genadige en gerespecteerde man die zich hield aan de wetten van het Jodendom. Hij had een mager inkomen, maar toch was hij een eerwaardige en trouwe man. Jozef verdiende zijn brood als timmerman in het kleine dorp Nazaret. Jozef leerde zijn zoon de knepen van het vak. Jezus was zelf een timmerman tot Hij Zijn openbare bediening begon (Markus 6:1-6).

Jozef onderwees Hem ook op geestelijk vlak. Jozef hield zich met zijn gezin aan de heilige dagen en de Joodse feesten.

.

Marcus 6 : 1-6

.

De bewoners van Nazaret geloven niet in Jezus

.

1 Jezus vertrok weer en ging naar zijn eigen stad, Nazaret. Zijn leerlingen gingen met Hem mee. 2 Op de heilige rustdag ging Hij les geven in de synagoge. Veel van de mensen die Hem hoorden, waren heel verbaasd. Ze zeiden: “Waar heeft Hij die dingen vandaan? Hoe komt Hij aan die wijsheid? Hoe kan Hij zulke wonderen doen? 3 Hij is toch de timmerman, de zoon van Maria, en de broer van Jakobus, Joses, Judas en Simon? En zijn zussen wonen toch ook hier?” En ze geloofden Hem niet. 4 Jezus zei tegen hen: “Alleen in zijn eigen stad en in zijn eigen familie hebben de mensen geen respect voor een profeet.” 5 En Hij kon daar geen grote wonderen doen. Alleen maakte Hij een paar zieke mensen gezond door hun de handen op te leggen. 6 En Hij was verbaasd over hun ongeloof.

.

.

.

.

Lukas 2 : 41-42 

.

Jezus’ ouders reisden elk jaar naar Jeruzalem om daar het Paasfeest te vieren. Toen Jezus twaalf jaar oud was, reisden zijn ouders weer zoals elk jaar naar Jeruzalem.” 

We weten ook dat Jozef de rol innam van voogd en beschermer van Jezus, omdat hij naar God luisterde en Hem gehoorzaamde. In elk opzicht vervulde hij zijn vadersrol op een bewonderenswaardige manier. De evangelies geven ons weinig details over Jozef. Omdat Jezus de zorg voor Maria aan Johannes overdroeg, wordt gespeculeerd dat Jozef mogelijk een natuurlijke dood is gestorven tussen het bezoek aan de tempel toen Jezus pas twaalf was (Lukas 2:41-51) en de doop van Jezus toen Hij dertig was (Markus 1:9-11).

.

ucas 2 : 41-51

.

Jezus in de tempel

.

41 Jezus’ ouders reisden elk jaar naar Jeruzalem om daar het Paasfeest te vieren. 42 Toen Jezus twaalf jaar oud was, reisden zijn ouders weer zoals elk jaar naar Jeruzalem. 43 Na de feestdagen gingen zijn ouders weer naar huis. Maar Jezus bleef in Jeruzalem achter. Zijn ouders hadden dat niet gemerkt. 44 Ze dachten dat Hij meeliep met de andere mensen die ook naar huis terugreisden. Zo reisden ze één dag en zochten Hem intussen bij familie en kennissen. 45 Maar toen ze Hem niet vonden, gingen ze terug om Hem in Jeruzalem te zoeken.

46 Na drie dagen vonden ze Hem in de tempel. Hij zat daar tussen de wetgeleerden . Hij luisterde naar hen en stelde vragen. 47 De mensen die Hem hoorden, waren verbaasd hoe verstandig Hij was. Ook verbaasden ze zich over de antwoorden die Hij gaf. 48 Toen zijn ouders Hem daar vonden, waren ze boos. Zijn moeder zei tegen Hem: “Kind, hoe kun je zoiets doen? Je vader en ik zijn zó ongerust geweest! We hebben overal naar je gezocht!” 49 Maar Hij zei tegen hen: “Waarom heeft u naar Mij gezocht? Wist u dan niet dat Ik bezig moet zijn met de dingen van mijn Vader?” 50 Maar ze begrepen niet wat Hij bedoelde. 51 Hij ging met hen mee terug naar Nazaret en was gehoorzaam aan zijn ouders. Zijn moeder onthield alles wat er gebeurd en gezegd was en dacht er over na in haar hart.52 Terwijl Jezus opgroeide, werd Hij steeds wijzer. En God en de mensen hielden van Hem.

.

.

.

.

Marcus 1 : 9-13

.

Jezus wordt in de woestijn door de duivel uitgedaagd

.

9 In die tijd kwam ook Jezus uit Nazaret in Galilea naar Johannes toe. Hij liet Zich door hem dopen in de Jordaan. 10 Op het moment dat Hij uit het water opstond, zag Jezus de hemel opengaan. En de Geest daalde als een duif op Hem neer. 11 En een stem zei uit de hemel: “Jij bent mijn Zoon. Ik houd heel veel van jou. Ik geniet van jou.”12 Onmiddellijk daarna stuurde de Geest Jezus naar de woestijn.13 Daar werd Hij 40 dagen lang door de duivel op de proef gesteld. Hij leefde bij de wilde dieren, en de engelen dienden Hem.

.

.

.

.

Het is duidelijk dat andere mensen Jozef erkenden als de wettelijke vader van Jezus. Dat zien we in verzen als Johannes 1:46. Jozef moet in die vroege jaren een ongelooflijke invloed op Jezus hebben gehad. Wanneer Jezus sprak over God als een liefdevolle Vader, kon Hij terugvallen op het soort liefde dat Hij als kind van Jozef had ontvangen. Jozef is een groot voorbeeld van de waarde van integriteit, gehoorzaamheid en trouw, maar vooral ook van de eervolle invulling van de hem toevertrouwde rol van het vaderschap.

.

Johannes 1 : 46

.

46 Filippus ging naar Natanaël en zei tegen hem: “We hebben de Man gevonden over wie Mozes en de profeten hebben geschreven! Hij heet Jezus en Hij is de zoon van Jozef uit Nazaret!”

.

.

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 

Henry Ford

Standaard

categorie : beroemde mensen 

.

.

Betaalbare auto’s van Henry Ford

.

Henry Ford veranderde de manier van leven van een groot aantal mensen. Hij vond de bewegende assemblagelijn en de massaproductie uit in het begin van de 20ste eeuw. Zo kwam er een wereldwijde nieuwe industrie tot stand. 

.

.

.

.Henry Ford wordt als eerste zoon van zes kinderen  geboren op 30 juli 1863 op een kleine boerderij in Michigan. Zijn ouders zijn William Ford en Mary Litogot Ford. De boer hoopt dat Henry later het familiebedrijf over zou nemen, maar die heeft een grondige hekel aan het boerenbestaan. Op 12 jarige leeftijd kent de jonge Henry direct zijn grote passie als hij een wagen voorbij ziet komen aangedreven op stoomkracht.

.

.

liefde voor techniek

.

Henry Ford is vroeg bezeten door de microbe van de techniek. Als 12-jarige brengt hij zijn vrije tijd grotendeels door in een zelf uitgeruste machinewerkplaats. Hier bouwt hij in 1878 op 15 jarige leeftijd zijn eerste stoommachine. Het volgende jaar verlaat hij zijn ouderlijke woning met de bedoeling om techniek te studeren. Hij verhuist naar  Detroit om er als leerling-monteur te werken bij een smid.

De smid betaalt de jonge man 2,50 dollar in de week. Om rond te komen heeft hij nog een bijverdienste als hersteller van horloges. Uit geldnood besluit Ford na verloop terug te keren naar de boerderij van zijn vader.

In 1888 trouwt Ford met Clara Bryant en besluit om een zagerij uit te baten wat hij kan combineren met de reparaties van de landbouwmachines op de boerderij.

Zijn vader biedt Henry een flink stuk grond aan, in ruil voor de belofte dat hij zijn voorliefde voor techniek zou laten varen. De boerenzoon weigert dit voorstel en treedt in 1891 in dienst bij de Edison Illuminating Company als ingenieur.

Twee jaar later, na zijn bevordering tot hoofdingenieur, heeft Ford voldoende tijd en geld om aandacht te besteden aan experimenten op verbrandingsmotoren.

.

.

de Quadricycle

.

Hij wil zijn eigen voertuig bouwen. Op 4 juli 1896 wordt zijn droom werkelijkheid. Hij maakt een succesvolle testrit met een auto van 225 kilo voorzien van een tweetaktmotor. Het wagentje krijgt de naam de Quadricycle omdat de banden van het voertuig simpelweg bestonden uit vier fietswielen. Ford verkoopt zijn Quadricycle voor 200 dollar wat zijn eerste opbrengst is als autoproducent.

.

.

.

.

.

.

doorzetten na mislukkingen

.

In 1899 start Ford zijn eerste bedrijf, de Detroit Automobile Company. De opstartkosten zijn echter zo hoog dat hij niet kan concurreren met de goedkopere Oldsmobiles. Het gevolg is een snelle opdoeking van de onderneming.

Twee jaar zet Ford de Henry Ford Company op touwen wat een succes wordt. Hij moet echter in 1902 onder druk van de aandeelhouders zich terug trekken uit het bedrijf, dat vervolgens  de Cadillac Company wordt.

.

.

de Ford Motor Company

.

In 1903 besluit Ford een laatste poging te ondernemen om toe te treden tot de automarkt. Hij richt de Ford Motor Company op. Zijn eerste gefabriceerde auto die hij op de markt brengt is een ‘Model A’ dat per stuk 750 dollar kost. Ford neemt deel aan racewedstrijden om zijn auto’s te promoten.

Op 12 januari 1904 vestigt hij een nieuw wereldsnelheidsrecord door 147 km per uur te rijden met de ‘ Ford 999 Racer ’. Ford vecht met succes het patent op de productie van automotoren aan, aangezien hij zijn eigen motoren zelf ontwikkelde. Dit beschouwde hij als één van de grootste prestaties in zijn carrière.

.

.

Model T

.

.Volgens velen is de grootste prestatie van Ford de introductie van de ‘Ford Model T’ in 1908. In het begin wordt de auto verkocht  voor een prijs van 950 dollar. Dan laat de Amerikaanse autoproducent zijn auto’s bouwen volgens een nieuw concept. Hij voert de lopende band in. Iedere werknemer verrichte één specifieke werkzaamheid aan vele auto’s en specialiseert zich daarin. Zo daalt de prijs spoedig naar 490 dollar per auto.

.

.

.

.

.

.

Five dollar day

.

Door de massaproductie kan Ford de rendabiliteit verhogen en zijn personeelskosten drukken. Als tegenprestatie voor het eentonige werk betaalt hij zijn werknemers volgens het principe van de ‘5 dollar workday’, het dubbele van het gemiddelde dagloon van 2,34 dollar. Door dergelijke ingrepen wordt de Ford-T een groot commercieel succes. Anno 1927 bouwt Ford bijna 16 miljoen exemplaren en wordt een groot miljonair.

.

.

.

.

Controverse

.

Ford gaat in de jaren ’30 met veel ophef de strijd aan met de vakbonden. Verder staat hij  bekend als een fel antisemiet. In de jaren 20 financiert hij ‘ The Dearborn Independent ‘, een krant die anti-Joodse columns publiceert. Henry Ford overleed op 7 april 1947 op 83 jarige leeftijd.

.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Jezus over de heidenen.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

De gevolgen van de keuze tussen goed en kwaad

 

Pasteltekening van John Astria

 

Matteüs 10 : 5 – 25

 

 

1 Daarna riep Jezus zijn twaalf leerlingen bij Zich. Hij gaf hun de macht om duivelse geesten uit de mensen weg te jagen en om alle ziekten en kwalen te genezen. 2 Dit zijn de namen van die twaalf leerlingen, die Hij ook apostelen noemde: allereerst Simon, die ook Petrus wordt genoemd, en zijn broer Andreas. Jakobus de zoon van Zebedeüs, en zijn broer Johannes. 3 Verder Filippus, Bartolomeüs (= Natanaël), Tomas en de belasting-ontvanger Matteüs. Verder Jakobus de zoon van Alfeüs, en Lebbeüs die ook Taddeüs wordt genoemd. 4 Verder Simon de Zeloot en Judas Iskariot, die Hem later heeft verraden.

5 Dit zijn de twaalf leerlingen die Jezus op pad stuurde. Hij beval hun: “Ga niet naar niet-Joodse mensen (heidenen). 6 Ga ook niet naar de steden in Samaria . Ga alleen naar de verdwaalde schapen van het volk Israël. 7 Vertel overal dat het Koninkrijk van God eraan komt. 8 Genees de zieken, maak doden weer levend, verjaag duivelse geesten. Jullie hebben niets voor deze macht hoeven betalen. Vraag er dus ook nooit een beloning voor. 9 Neem geen geld mee. 10 Ook geen reistas voor onderweg. Neem geen extra hemd, extra sandalen of een staf mee. Want een arbeider wordt altijd beloond voor zijn werk. Je zal krijgen wat je nodig hebt.

11 Als je een stad of een dorp binnenkomt, bekijk dan wie het daar waard is dat je bij hem logeert. Blijf bij hem tot je weer uit die stad vertrekt. 12 Als je zijn huis binnengaat, wens de mensen die er wonen dan vrede toe. 13 Als die mensen het waard zijn, zal je vrede over hen komen.

 

Maar als ze (heidenen) die vrede niet waard zijn, zal je vrede bij je terugkomen. 14 Als mensen niet naar je willen luisteren, ga dan weg uit dat huis of die stad. Klop het stof van je voeten af om hen te waarschuwen. 15 Luister goed! Ik zeg jullie dat het voor de streek van Sodom en Gomorra minder erg zal zijn op de dag van het oordeel dan voor die stad.

 

16 Ik stuur jullie als schapen onder de wolven. Wees daarom net zo voorzichtig en slim als slangen, en net zo onschuldig als duiven. 17 Maar pas op voor de mensen. Want ze zullen jullie gevangen nemen en voor de rechter slepen. En ze zullen jullie zweepslagen geven in hun synagogen. 18 Jullie zullen ook voor bestuurders van provincies en voor koningen en keizers terecht staan omdat jullie in Mij geloven. Jullie zullen hun en de volken over Mij vertellen. 19 Als ze jullie gevangen nemen, maak je dan geen zorgen wat jullie moeten zeggen. Want jullie zullen de woorden krijgen op het moment dat jullie ze nodig hebben. 20 Want jullie zullen niet zelf spreken. Maar de Geest van jullie Vader zal door jullie heen spreken.

21 En een man zal zijn eigen broer laten doden. Een vader zal zijn eigen zoon laten doden. Kinderen zullen hun ouders laten doden. 22 Iedereen zal jullie haten omdat jullie in Mij geloven. Maar jullie moeten tot het einde volhouden. Dan zullen jullie worden gered. 23 Als de mensen jullie in de ene stad vervolgen, vlucht dan naar een andere stad. Want luister goed! Jullie zullen niet in alle steden van Israël zijn geweest, voordat de Mensenzoon komt.

24 Een leerling is niet beter dan zijn leermeester. En een slaaf is niet belangrijker dan zijn heer. 25 Voor een leerling is het genoeg om net zo goed te worden als zijn leermeester. En voor een slaaf is het genoeg om gelijk te worden aan zijn heer. Als de mensen de heer van het huis ‘Beëlzebul’ (= de leider van de duivelse geesten) noemen, dan zullen ze de dienaren die in zijn huis wonen, ook zo noemen!

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Jezus over de ziel en het lichaam.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

keuze tussen eeuwig leven of de eeuwige verdoemenis

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Matteüs 10 : 26-42

 

“Wees dus niet bang voor hen. Want niets is verborgen dat niet onthuld zal worden en niets is geheim dat niet bekend zal worden. Wat ik jullie in het duister zeg, spreek dat uit in het volle licht, en wat jullie in het oor gefluisterd wordt, schreeuw dat van de daken.

 

Wees niet bang voor hen die wel het lichaam maar niet de ziel kunnen doden. Wees liever bang voor hem die in staat is én ziel én lichaam om te laten komen in de Gehenna.

 

Wat kosten twee mussen? Zo goed als niets. Maar er valt er niet één dood neer als jullie Vader het niet wil. Bij jullie zijn zelfs alle haren op je hoofd geteld. Wees dus niet bang, jullie zijn meer waard dan een hele zwerm mussen. Iedereen die mij zal erkennen bij de mensen, zal ook ik erkennen bij mijn Vader in de hemel. Maar wie mij verloochent bij de mensen, zal ook ik verloochenen bij mijn Vader in de hemel.

 

Denk niet dat ik gekomen ben om op aarde vrede te brengen. Ik ben niet gekomen om vrede te brengen, maar het zwaard.

 

Want ik kom een wig drijven tussen een man en zijn vader, tussen een dochter en haar moeder en tussen een schoondochter en haar schoonmoeder; de vijanden van de mensen zijn hun eigen huisgenoten! Wie meer van zijn vader of moeder houdt dan van mij, is mij niet waard, en wie meer houdt van zijn zoon of dochter dan van mij, is mij niet waard.

Wie niet zijn kruis op zich neemt en mij volgt, is mij niet waard. Wie zijn leven probeert te behouden zal het verliezen, maar wie zijn leven verliest omwille van mij, die zal het behouden. Wie jullie ontvangt ontvangt mij, en wie mij ontvangt ontvangt hem die mij gezonden heeft.

Wie een profeet ontvangt omdat het een profeet is, zal als een profeet beloond worden, en wie een rechtvaardige ontvangt omdat het een rechtvaardige is, zal als een rechtvaardige beloond worden. En wie een van deze geringe mensen een beker koel water te drinken geeft alleen omdat het een leerling van mij is, ik verzeker jullie: die zal zeker beloond worden.’

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Jezus bidt!

Standaard

categorie : religie

 

 

 

bijbel-duif-biddende-handen

 

 

 

 Waar bad Hij?

 

Eén van de meest mysterieuze en intrigerende aspecten van Jezus is de manier waarop Hij bad. We hebben slechts de beschikking over kleine gedeelten van Zijn gebeden, zoals deze in de Evangelies zijn vastgelegd.

Het staat geschreven dat Hij soms de hele nacht lang bad. De Bijbel vertelt ons dat Hij in de hof van Getsemane bloed zweette, zo groots was Zijn gesprek met Zijn Vader.

Zijn laatste vastgelegde gebed zijn de bekende woorden: “Maar laat het niet gebeuren zoals ik het wil, maar zoals u het wilt.” Deze uitdrukking van volkomen onderwerping aan wat er zou gaan gebeuren staat in schril contrast met onze menselijke neiging om confrontaties en de dood te ontwijken.

Er is niet vastgelegd dat Jezus ooit in het openbaar bad. Hij leerde Zijn volgelingen om hun geestelijkheid niet te gebruiken om de aandacht op zichzelf te vestigen, zoals de priesters in die tijd gewoonlijk deden.

Hij bad in afzondering. Om precies te zijn, Hij trok zich op een eenzame plek terug zodat hij niet door anderen zou worden afgeleid. We kunnen Zijn voorbeeld volgen door een stille plek voor onszelf te reserveren en ons gebed op een dusdanig tijdstip te plannen dat we minder snel door familie, vrienden of andere afleidingen worden gestoord. Je op God concentreren is de voornaamste gedachte, zodat we Zijn antwoord kunnen horen.

De Bijbel leert ons dat we ten alle tijde een “biddende houding” moeten aannemen. Eén van de prachtigste aspecten van bidden is dat we zelfs kunnen bidden als we aan het werk zijn, als we thuis zijn, of op andere plaatsen. We kunnen zelfs bidden als we in de auto rijden. Een biddende houding betekent dat we ons steeds bewust moeten zijn van de aanwezigheid van God en dat Hij altijd luistert.

“Het gebed van een rechtvaardige is krachtig en mist zijn uitwerking niet” (Jakobus 5:16). Dit betekent dat de kleinste vurige verzoeken met dezelfde kracht door God worden ontvangen als een lang gebed: “Ik geloof” heeft de macht om jouw leven te veranderen.

 

 

 

Hoe bad Hij?

 

Toen Zijn discipelen Hem vroegen om hen te leren bidden, leerde Hij hen het “Onze Vader”. Dit gebed leerde hen om God te eren, om Zijn perfecte wil voor hun levens na te streven, om Hem te vragen in hun behoeften te voorzien, om Zijn voorzieningen te verwachten en om zichzelf in dienstbaarheid op te offeren.

Een aardige manier om te onthouden welke dingen jij in je gebed kunt opnemen is :

 

God prijzen,

vreugdevol zijn,

vraag wat je zou willen, en

geef je aan Hem over.

 

Deze vier eenvoudige dingen vormen een geweldige fundering waar jij je gebeden op kunt bouwen.

 

 

 

 Wat kunnen wij leren?

 

Bidden is tweerichtingsverkeer. Onze vader in de Hemel verlangt ernaar om met ons te communiceren. Wij hebben deze wonderbaarlijke mogelijkheid gekregen om “tweerichtingsgesprekken” met onze Schepper te voeren. Hij kent onze harten en gedachten al, maar als we deze aan Hem verwoorden, dan laten we onze lasten en onze verlangens los.

Wanneer wij God in vertrouwen nemen, dan maakt Hij Zijn antwoorden aan ons bekend. We bidden niet alleen om onszelf te horen denken of praten. Bidden bouwt aan de relatie die we met Hem hebben. Bidden bouwt aan ons geloof.

God reageert op ons geloof, niet op onze behoeften. Bidden is de handeling waarmee ons geloof wordt uitgezonden. Ook wij kunnen bidden zoals Jezus dat deed.

 

Ieder van ons verlangt naar een verbinding met iemand die zich kan identificeren met onze omstandigheden en met wie we ons dagelijkse leven kunnen delen. En dat is precies wat een gebed is: een persoonlijke ervaring en een intieme verbinding met onze liefdevolle Hemelse Vader.

 

 

 1 Johannes 5:14-15

 

“Wij kunnen ons vol vertrouwen tot God wenden, in de zekerheid dat hij naar ons luistert als we hem iets vragen dat in overeenstemming is met zijn wil. En omdat we weten dat hij naar ons luistert, wat we hem ook vragen, weten we ook dat we alles al hebben gekregen wat we hem gevraagd hebben.”

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

John Astria

Vader of Moeder God?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

god-strenght1

 

 

 

Wie beweert God dat hij is ?

 

God wordt op vele manieren beschreven: van een onpersoonlijke levenskracht tot een welwillende, persoonlijke, almachtige Schepper. Hij is ook al bij vele namen genoemd, zoals “Zeus”, “Jupiter”, “Brahma”, “Allah”, “Ra”, “Odin”, “Ashur”, “Izanagi”, “Viracocha”, “Ahura Mazda” en “de Grote Geest”. Hij wordt door sommigen gezien als “Moeder Natuur”, door anderen als “Vader God”. Maar wie beweert Hij zelf te zijn?

 

 

 

Vader God of Moeder Natuur?

 

Wat heeft God over Zichzelf aan ons geopenbaard? Allereerst noemt Hij zichzelf “Vader”, nooit “Moeder”, wanneer Hij over Zichzelf spreekt in de context van ouderschap. Hij noemt Zichzelf “een Vader voor Israël” en in één geval, toen zijn “kinderen” bijzonder oneerbiedig tegen Hem waren, zei Hij tegen hen:

 

“Een zoon eert zijn vader, een dienaar zijn heer. Als ik jullie vader ben, waar is dan je eerbied voor mij; als ik jullie heer ben – zegt de Heer  van de hemelse machten –, waar is dan je ontzag voor mij?”

 

Zijn profeten erkenden Hem als Vader door te zeggen: “Toch, Heer, bent u onze vader, wij zijn de klei, door u gevormd, wij zijn het werk van uw handen.”

En: “Hebben wij niet allemaal dezelfde vader, heeft niet een en dezelfde God ons geschapen?” Nooit noemt God Zichzelf “Moeder” en nooit wordt Hij zo door de profeten beschouwd. God “Moeder Natuur” noemen is vergelijkbaar met je aardse vader “mama” noemen.

 

 

Alleen geloof redt de mens van de vuurpoel

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Wat vindt God belangrijk?

 

Wie is God wat betreft Zijn morele eigenschappen? Hij zegt dat Hij geniet van rechtvaardigheid en oprechtheid:

 

“… De wijze moet zich niet beroemen op zijn wijsheid, de sterke niet op zijn kracht, de rijke niet op zijn rijkdom. Wil iemand zich op iets beroemen, laat hij zich erop beroemen dat hij mij kent, inziet dat ik, de Heer, dit land liefde schenk, rechtvaardigheid en recht, want daar schep ik behagen in.”

 “Want ik, de Heer, heb het recht lief, ik haat offers van roofgoed…”

 

Rechtvaardigheid en onpartijdigheid zijn erg belangrijk voor God. Maar net zozeer erbarmen en genade. Dus terwijl God iedereen verantwoordelijk houdt, ieder voor zijn eigen leven, reikt Hij met Zijn genade uit naar de berouwvolle zondaar. Hij belooft:

 

“Wie goddeloos leeft, maar zich afkeert van de zonden die hij heeft begaan, zich houdt aan al mijn geboden, mij trouw is en het goede doet, zal zeker in leven blijven en niet sterven. De misdaden die hij heeft begaan zullen hem niet worden aangerekend; door zijn rechtvaardige daden zal hij in leven blijven. Denken jullie dat ik het toejuich als een slecht mens sterven moet?  Nee, ik wil dat hij tot inkeer komt en in leven blijft. Want de dood van een mens geeft me geen vreugde. Kom tot inkeer en leef!”

 

Met dood bedoelt God niet echt de lichamelijke dood, waar wij meteen aan zouden denken. In plaats daarvan verwijst God naar een gebeurtenis in de eeuwigheid, na onze lichamelijke dood. De Schriftteksten verwijzen naar deze gebeurtenis als de “tweede dood”.

De eerste dood scheidt ons van onze lichamen en verwijdert ons uit deze wereld. De tweede dood is anders. Deze is ook een scheiding, maar in dit geval de scheiding van de éne groep mensen van de andere: mensen die gerechtvaardigd en vergeven zijn aan de ene kant, en mensen die boosaardig en zonder berouw zijn aan de andere kant. Over deze twee groepen zal afzonderlijk worden geoordeeld.

De ene groep zal beloond worden op basis van de goede dingen die zij gedaan hebben. Hun slechte daden zullen hierin niet in beschouwing worden genomen, maar door God vergeven worden. De andere groep zal beoordeeld worden op basis van het kwaad dat zij hebben gedaan, en hun goede daden zullen hen niet redden van hun straf.

God zegt:

“Iemand die rechtvaardig was maar dat niet langer is en onrecht begaat, sterft omdat hij onrecht heeft begaan. Iemand die goddeloos leefde maar dat niet langer doet, mij trouw is en het goede doet, zal in leven blijven. Als hij tot inzicht en inkeer is gekomen en niet langer misdaden begaat, zal hij zeker blijven leven en niet hoeven sterven. Kom tot inkeer en leef!”

 

Op deze manier ziet God er op toe dat gerechtigheid uiteindelijk zegeviert, maar dat genade wordt verleend aan mensen die nederig en berouwvol zijn.

God heeft een voorziening gemaakt voor mensen die berouw willen tonen. Het is een voorziening die mensen redt van hun zonden, als zij op goede voet met Hem willen staan. Hij stuurde een Messias, een Dienaar die vrijwillig leed en een plaatsvervangende dood stierf om de prijs te betalen voor de zonden van de mensen die tot inkeer willen komen en op Hem willen vertrouwen.

De Bijbel zegt:

“Wie kan geloven wat wij hebben gehoord? Aan wie is de macht van de Heer geopenbaard? Maar Hij was het die onze ziekten droeg, die ons lijden op zich nam. Om onze zonden werd Hij doorboord, om onze wandaden gebroken. Voor ons welzijn werd Hij getuchtigd, Zijn striemen brachten ons genezing. Wij dwaalden rond als schapen, ieder zocht zijn eigen weg; maar de wandaden van ons allen liet de Heer op zich neerkomen. 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

 

De geestelijke ontwikkeling van de mens.

Standaard

categorie : Hildegard von Bingen

 

 

.

 

hildegard von bingen

 

.

 

De geestelijke wereld

.

In het gedachtengoed van Hildegard staat de persoonlijke verantwoordelijkheid van de mens in het middelpunt; het gaat op de weg door dit bestaan om de ontwikkeling van de deugden door een juiste keuze te maken tussen goed en kwaad, met het doel de hemel op aarde te brengen en die ook te bereiken.

.

 

1. Geest, ziel en lichaam

.

Dat er met de mens een verhouding tussen geest, ziel en lichaam samenhangt, wordt wel genoemd, maar niet verder uitgewerkt.
Zie artikel ” de geestelijke wereld “.

.

 

scivias-t-11

.

 

 

2. De geestelijke vermogens

.

De eigenschappen van de geestelijke vermogens worden opgesomd in de tekst bij het visioen Scivias Boek II,2:
Er is namelijk sprake van: licht en warmte (vuur), dat doordringend en doordringbaar is (zelfvormend en vormbaar) wat de eigenschappen van de geestelijke vermogens zijn:

 

.

licht en warmte vermogens voortbrengselen
vormbaar licht
zelfvormend licht
vormbare warmte
zelfvormende warmte
waarnemen
denken
voelen
willen
ervaringsbeelden
denkbeelden
gemoedstoestand
krachtstoestand

 

 

.Dan wordt de betekenis van de Heilige Drievuldigheid besproken:

.
Het allerhelderste licht is ‘zonder smet van bedrog’ (is de waarheid) en duidt de Vader aan.
(Vader – waarheid: denken)
Het allerzoetste rode vuur is ‘zonder smet van sterfelijkheid’ (is de levenskracht) en ‘zonder smet van duisternis’ (is het bewustzijn) en duidt de Heilige Geest aan.
(Heilige Geest – bewuste kracht: waarnemen, willen)
De mensengestalte is ‘zonder smet van verharding’ (is de zachtmoedigheid) en duidt de Zoon aan, uit de Vader geboren.
(Zoon – zachtmoedigheid: voelen)
De Vader en de Heilige Geest worden kenbaar gemaakt door de Zoon.

 

.

Vader
Heilige Geest
Zoon
waarheid
bewustzijn en kracht
zachtmoedigheid
denken
waarnemen en willen
voelen

 

 

.

In het Liber Divinorum Operum bij visioen 1

 

ldo-visioen-1

 

.

 

ldo-visioen-1-b

.

 

“Ik ben de rationalitas (‘berekenen’, denken), die de wind van het klinkende woord bevat, de woorden van de redelijkheid waardoor elk schepsel is gemaakt. Maar ik ben ook officialis (‘dienstvaardigheid’, voelen). Want de levende dingen branden dankzij mij. Ik ben dienaar en toeverlaat.
En ik ben het equalis leven (‘equalis’: a. ‘van het paard’: willen; b. ‘van de ruiter’: waarnemen) in eeuwigheid, dat niet ontstaan is en niet zal eindigen. En datzelfde leven is de zich bewegende en werkende God, en toch is dit leven één in deze drie krachten (de geestelijke vermogens).”

 

.

rationalis
equalis
officialis
denken
waarnemen en willen
voelen

 

 

.

Het Liber Divinorum Operum, visioen 4

 

 

ldo-visioen-4

 

.

Het vierde visioen van het Liber Divinorum Operum is geheel gewijd aan het bezielde schepsel, de mens. Het visioenbeeld geeft in metaforen te kennen, hoe de ziel (geest) in het lichaam werkt. De ziel heeft twee krachten, waardoor zij zowel het werk als de rust van haar ijverig streven met gelijke sterkte beheerst. Met de ene (kracht) stijgt zij omhoog, waar zij God ervaart.

Met de andere (kracht) neemt zij het gehele lichaam waarin zij bestaat, in bezit om daarin te werken.
Want het is de ziel tot vreugde om in het lichaam werkzaam te zijn. Daartoe is het immers door God gemaakt. En door dat werk van het lichaam snelt de ziel (geest) naar haar vervolmaking.

Het menselijke lichaam is als het ware een afspiegeling van de geschapen wereld als geheel, het universum. In haar visioen zag Hildegard de mensengestalte staande in het midden van de cirkels der elementen. Zoals de armen en benen het lichaam van de mens in evenwicht houden temidden van alle natuurkrachten, zo houdt de ziel het innerlijk van de mens in evenwicht.

Maar zoals het lichaam gemaakt is om te bewegen, zo staat ook de ziel niet stil. Zij is voortdurend in beweging, net zoals de winden in het uitspansel, die het wereldgebouw in evenwicht houden. De ziel vliegt in de mens met vier vleugels (bewegen: willen), namelijk met het waarnemingsvermogen(sensualitas), met het verstand (intellectus, denken) en met de kennis van het goede en het kwade (scientia boni en scientia mali, voelen).

Zo werkt de ziel met de zintuiglijke waarneming volgens de smaak van het vlees; door het verstand onderscheidt zij waarlijk haar werken, of die God of de mensen welgevallig zijn. Door de twee vleugels der kennis, namelijk van het goede en kwade, voltooit de mens elk werk in de ziel, waardoor de innerlijke verscheidenheid ervan getoetst wordt: welke werken door de geest verlossing door God verlangen, welke door het vlees het eerbetoon eigenlijk van de mensen begeren.

 

 

.

3. De geestelijke ontwikkeling (en)

.

4. De geestesgesteldheid van onbewuste vereenzelviging,

gehechtheid, eenzijdigheid (en)

.

5. Bewustwording, bevrijding, zelfverwerkelijking

 

.

In de drie visioenen die in Scivias Boek I ( miniaturen T5,T6 en T7) staan beschreven, wordt aan Hildegard de kringloop van de menselijke geest getoond. Deze begint in de algeest (het vierkant dat zich naar alle zijden uitstrekt), van waaruit de menselijke geest (de vurige bol) door zijn moeder heen in een lichaam op aarde wordt geboren.

Daar moet de geest zich staande zien te houden in de druk die van de tijd als stroom van gebeurtenissen uitgaat. Als de mens erin slaagt bij zichzelf te komen en zich geestelijk te ontwikkelen, bereikt hij het doel: zelfverwerkelijking. Bij het overlijden wordt hij opgevangen door geesten met wie hij nu overeenstemt door zijn ontwikkeling; door hen wordt hij naar zijn eigen wereld gevoerd. Is dat een lichte wereld, dan kan hij in het paradijs weer met God worden herenigd.

.

 

 

Sivias T5 : geboorte uit de hemel en de levensweg op aarde

 

.

scivias-t5

 

.

“En nadien zag ik een bijzonder grote en heldere schittering die leek op te vlammen (een kracht), met vele ogen (is alziend, m.a.w. een bewuste kracht), en die vier hoeken had die naar de vier uithoeken van de wereld (alomtegenwoordig) gekeerd waren (m.a.w. de vierhoek is de algeest): in die schittering, die het geheim van de hoogste schepper aanduidde, werd me een heel groot geheim onthuld. En daar binnenin die schittering verscheen ook een andere schittering, gelijkend op die van de ochtendgloed en die de helderheid van een purperen schittering bevatte (en vele, vurige bollen: de wereld van de menselijke geesten in de algeest).”

(De ‘ochtendgloed’ of ‘morgenrood’ is een beeld van Jezus. Het hoofdje dat in de baan te zien is, is de geest van Jezus, de heilige geest, die als volmaakte geest naar de aarde afdaalt.)

“En zo zag ik … een vrouw (op aarde) die in haar buik … de volledige gestalte van een mens droeg. En zie, door een geheim raadsbesluit van de hoogste schepper begon deze gestalte hevige, levengevende bewegingen te maken en wel zo dat een vurige bol (bol van licht en warmte, een menselijke geest uit de geestelijke wereld), die niet de vorm van een menselijk lichaam had, (door de verbinding afdaalde en) het hart van deze gestalte in bezit nam en diens hersenen bedekte, en zich in al zijn ledematen verspreidde (de indaling van de geest in het lichaam).

En daarna kwam diezelfde mensengestalte, die aldus tot leven werd gewekt, uit de schoot van deze vrouw en dit in overeenstemming met de bewegingen welke die bol (de geest) in diezelfde mensengestalte veroorzaakte; en in overeenstemming met die bewegingen veranderde die mensengestalte ook van kleur.

En ik zag dat de vele wervelwinden (zintuiglijke ervaringen) die deze bol binnendrongen – de bol welke nog altijd in dat lichaam bleef – hem naar de aarde deden afbuigen (de onbewuste vereenzelviging); maar deze bol, die weer op krachten was gekomen, richtte zich moedig op en weerstond krachtig die wervelwinden en zei, al klagend: Waar ben ik, ik die verdwaald ben? In de schaduw van de dood.” (de zelfbewustwording).

En zie, ik zag op aarde mensen die in hun kannen melk droegen en daar kazen van maakten (verwerking van ervaringen tot persoonlijkheidstrekken: de ‘kazen’ zijn ‘witte bollen’: de geest); één deel ervan was vet en dik, en daaruit werden sterke kazen (krachtige geest) gemaakt; het andere deel was licht en dun, en daaruit werden zwakke kazen gestremd (zwakke geest); en een deel was vermengd met vies slijm, het was besmet en daaruit werden bittere kazen gemaakt (kwaadaardige geest).”

“En jij nu mens, die dit ziet, sta er ook bij stil, want ‘de vele wervelwinden die deze bol binnendringen – de bol die nog altijd in dat lichaam blijft – doen hem naar de aarde afbuigen’ (maakt de geestesgesteldheid zintuiglijk: de onbewuste vereenzelviging): dit betekent dat de menselijke ziel, wanneer de mens nog in zijn lichaam leeft, door vele onzichtbare verleidingen wordt geboeid, die haar door het genot van de zintuigen vaak doen afbuigen naar de zonden van de aardse genietingen.”

 

.

De rechter helft van de miniatuur, die uit vijf afbeeldingen bestaat, toont de levensweg van de mens. De onderste drie laten de beproevingen zien die de mens op aarde heeft te verduren om zich staande te houden tegenover allerlei verleidingen.
De vierde afbeelding toont de mens die tot bezinning is gekomen en besluit zich weer tot God te richten. De bovenste toont de mens die de geestelijke vermogens (de vleugels) tot ontwikkeling heeft gebracht en zich daardoor niet meer laat afleiden van de rechte weg. Zijn lichaam is een tempel Gods geworden.

 

.

 

Scivias T6 : de beproefde, zich tot God richtende mens bij zijn gang over de aarde

 

.

scivias-t-6

 

.

“Maar met herstelde krachten richt ze zich moedig op en verzet zich er krachtig tegen’: dat is omdat de gelovige en beproefde mens, ook al heeft hij gezondigd, vaak dankzij de gave Gods tot inkeer kan komen en zijn zonden verlaten (zelfbewustwording en zelfverwerkelijking); en omdat hij, door zijn hoop in God te stellen, de misleidende verlokkingen van zich af kan zetten, op voorwaarde dat hij zijn schepper trouw blijft zoeken – net zoals de gelovige mens, die hierboven aan het woord is, in haar klacht over haar beproeving heeft aangetoond.”

Dit visioen toont de mens die op aarde aan verleidingen blootstaat, maar die zich vastberaden tot God wendt (de opgeheven handen beduiden een biddende houding).

 

 

.

Scivias T7 : overlijden en terugkeer naar huis

 

.

scivias-t-7

 

.

“Wat nu het volgende betreft, ‘dat een andere bol (geest) zich losmaakte uit de omtrekken van zijn eigen vorm en haar eigen knopen losmaakte’: dat is omdat die ziel de lichamelijke leden van haar woonplaats (het lichaam) achter zich laat en ook de verbinding tussen deze ledematen verlaat, op het ogenblik dat de ontbinding van deze woonplaats is aangebroken; en ‘dat zij zich ervan losmaakte en haar woonplaats aan ontbinding overliet’: dat is omdat zij, wanneer zij zich uit haar lichaam verwijdert, de plek van haar woonplaats laat instorten, wat haar vrees inboezemt, omdat zij het naderende oordeel van de opperste rechter tegemoet moet zien, omdat zij dan de waarde van haar werken zal inzien, op basis van het rechtvaardige oordeel van God.

En hierom ook is het dat, ‘wanneer de ziel aldus ontbonden is, dat zowel lichtgevende als duistere geesten naderbij treden, die de bol (menselijke geest) vergezeld hadden zolang zij zich nog in die woonplaats bevond’: omdat op het moment van die ontbinding, wanneer de menselijke ziel zijn woonplaats verlaat, engelachtige geesten, zowel goede als slechte, in overeenstemming met de rechtvaardige en juiste beschikking van God, aanwezig zijn; en ‘ze wachten op de losmaking, zodat ze haar, zodra zij volledig ontbonden is, met zich kunnen meevoeren’:

zij wachten immers eveneens op het oordeel van de rechtvaardige rechter over deze ziel op het ogenblik van de scheiding van de ziel van haar lichaam, zodat ze haar, gescheiden van haar lichaam, naar de plek kunnen voeren waar zij zal worden geoordeeld door de opperste rechter volgens de verdiensten van haar eigen werken, net zoals het u, o mens, hierboven waarheidsgetrouw werd getoond.”
(namelijk naar de duistere gebieden, de middelste afbeelding op de miniatuur, of naar de lichte gebieden, de bovenste afbeelding).

 

.

 

Scivias T25 : de vrije keuze van de mens

 

.

scivias-t25

 

.

Een lieflijke, vergulde vrouwenfiguur staat hier omgeven door zes engelen, terwijl rechts van haar zes welwillende gelovigen naderen en links drie personen zich vijandig gedragen. Deze mensen komen vanuit het noordrijk van de duivel en het ongeloof de Stad Gods binnen door de poort die zich bevindt tussen de toren van Gods raadsbesluiten en de zuil van Gods Woord. Hier gebeurt eigenlijk iets heel belangrijks in de geschiedenis van de Verlossing.

Hildegard geeft deze Godskracht of deugd, de naam van Scientia Dei dat is het ‘Weten van God’ of de ‘Godskennis’. Maar dit begrip van kennen wordt in dubbele zin gebruikt. Op de eerste plaats het kennen of het weten van God, wie aan Zijn uitnodiging gehoor geeft en geloof schenkt aan de openbaring. Op de tweede plaats betekent dit het weten van de mens over God. Het antwoord van de mens, die uit vrije wil geloof schenkt aan de openbaring van het Woord Gods.

Hier komt de scheiding der geesten: zij die goed willen, ontvangen als bij het bruiloftsmaal het feestkleed, maar zij die zonder kleed binnendringen, worden teruggedreven. Het is waar dat de Heer de armen van de straat, de ongelukkigen door zijn dienaars liet ophalen, opdat zijn feestzaal vol zou raken. Van ieder wordt echter verwacht dat hij komt in een feestkleed. De uitnodiging is een genadegeschenk, maar men moet er wel gevolg aan willen geven.

Nog een ander belangrijk aspect van de roeping tot het koninkrijk Gods komt hier naar voren: Velen zijn geroepen maar weinigen uitverkoren om deel te nemen aan de uitvoering van Gods plannen. God heeft enkelen uitverkoren om zijn medewerkers te worden in de verwerkelijking van het grote bouwplan. Als God in zijn goddelijke ijver om de ongelovigen te bekeren, samen met de gelovigen gaat beginnen de drie gemetselde muren op te trekken, dan heeft Hij bijzondere medewerkers nodig. Aanvankelijk roept hij het joodse volk en oefent het door strenge discipline (de ‘Wetten van Mozes’).

 

.

 

6. Gebed als godsbezinning, de hereniging

.

In het gedachtengoed van Hildegard staat de persoonlijke verantwoordelijkheid van de mens in het middelpunt; het gaat op de weg door dit bestaan om de ontwikkeling van de deugden door een juiste keuze te maken tussen goed en kwaad, met het doel de hemel te bereiken.
Heel Scivias en Liber Divinorum Operum zijn doordrongen van de raad zich altijd in gebed tot God te richten.

 

 

 

.

3d-gouden-pijl-5271528

 

.

voorpagina openbaring a4

 

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 

JOHN ASTRIA

Jezus bidt!

Standaard

categorie : religie

 

 

 

bijbel-duif-biddende-handen

 

 

 

 Waar bad Hij?

 

Eén van de meest mysterieuze en intrigerende aspecten van Jezus is de manier waarop Hij bad. We hebben slechts de beschikking over kleine gedeelten van Zijn gebeden, zoals deze in de Evangelies zijn vastgelegd.

Het staat geschreven dat Hij soms de hele nacht lang bad. De Bijbel vertelt ons dat Hij in de hof van Getsemane bloed zweette, zo groots was Zijn gesprek met Zijn Vader.

Zijn laatste vastgelegde gebed zijn de bekende woorden: “Maar laat het niet gebeuren zoals ik het wil, maar zoals u het wilt.” Deze uitdrukking van volkomen onderwerping aan wat er zou gaan gebeuren staat in schril contrast met onze menselijke neiging om confrontaties en de dood te ontwijken.

Er is niet vastgelegd dat Jezus ooit in het openbaar bad. Hij leerde Zijn volgelingen om hun geestelijkheid niet te gebruiken om de aandacht op zichzelf te vestigen, zoals de priesters in die tijd gewoonlijk deden.

Hij bad in afzondering. Om precies te zijn, Hij trok zich op een eenzame plek terug zodat hij niet door anderen zou worden afgeleid. We kunnen Zijn voorbeeld volgen door een stille plek voor onszelf te reserveren en ons gebed op een dusdanig tijdstip te plannen dat we minder snel door familie, vrienden of andere afleidingen worden gestoord. Je op God concentreren is de voornaamste gedachte, zodat we Zijn antwoord kunnen horen.

De Bijbel leert ons dat we ten alle tijde een “biddende houding” moeten aannemen. Eén van de prachtigste aspecten van bidden is dat we zelfs kunnen bidden als we aan het werk zijn, als we thuis zijn, of op andere plaatsen. We kunnen zelfs bidden als we in de auto rijden. Een biddende houding betekent dat we ons steeds bewust moeten zijn van de aanwezigheid van God en dat Hij altijd luistert.

“Het gebed van een rechtvaardige is krachtig en mist zijn uitwerking niet” (Jakobus 5:16). Dit betekent dat de kleinste vurige verzoeken met dezelfde kracht door God worden ontvangen als een lang gebed: “Ik geloof” heeft de macht om jouw leven te veranderen.

 

 

 

Hoe bad Hij?

 

Toen Zijn discipelen Hem vroegen om hen te leren bidden, leerde Hij hen het “Onze Vader”. Dit gebed leerde hen om God te eren, om Zijn perfecte wil voor hun levens na te streven, om Hem te vragen in hun behoeften te voorzien, om Zijn voorzieningen te verwachten en om zichzelf in dienstbaarheid op te offeren.

Een aardige manier om te onthouden welke dingen jij in je gebed kunt opnemen is :

 

God prijzen,

vreugdevol zijn,

vraag wat je zou willen, en

geef je aan Hem over.

 

Deze vier eenvoudige dingen vormen een geweldige fundering waar jij je gebeden op kunt bouwen.

 

 

 

 Wat kunnen wij leren?

 

Bidden is tweerichtingsverkeer. Onze vader in de Hemel verlangt ernaar om met ons te communiceren. Wij hebben deze wonderbaarlijke mogelijkheid gekregen om “tweerichtingsgesprekken” met onze Schepper te voeren. Hij kent onze harten en gedachten al, maar als we deze aan Hem verwoorden, dan laten we onze lasten en onze verlangens los.

Wanneer wij God in vertrouwen nemen, dan maakt Hij Zijn antwoorden aan ons bekend. We bidden niet alleen om onszelf te horen denken of praten. Bidden bouwt aan de relatie die we met Hem hebben. Bidden bouwt aan ons geloof.

God reageert op ons geloof, niet op onze behoeften. Bidden is de handeling waarmee ons geloof wordt uitgezonden. Ook wij kunnen bidden zoals Jezus dat deed.

 

Ieder van ons verlangt naar een verbinding met iemand die zich kan identificeren met onze omstandigheden en met wie we ons dagelijkse leven kunnen delen. En dat is precies wat een gebed is: een persoonlijke ervaring en een intieme verbinding met onze liefdevolle Hemelse Vader.

 

 

 1 Johannes 5:14-15

 

“Wij kunnen ons vol vertrouwen tot God wenden, in de zekerheid dat hij naar ons luistert als we hem iets vragen dat in overeenstemming is met zijn wil. En omdat we weten dat hij naar ons luistert, wat we hem ook vragen, weten we ook dat we alles al hebben gekregen wat we hem gevraagd hebben.”

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

John Astria